Skip to main content

VlaamseRaadWVG_KG_20200708_SWA gegevensverwerking Sciensano_ADV DEF.pdf

Page 1

Advies Over het voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek Brussel, 8 juli 2020

Vlaamse Raad voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin  Wetstraat 34-36, 1040 Brussel  T +32 2 209 01 11 info@vlaamseraadwvg.be  www.vlaamseraadwvg.be


Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek

Adviesvraag: Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord van … tussen de Federale staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking door Sciensano en de door de bevoegde regionale overheden of door de bevoegde agentschappen aangeduide contactcentra, gezondheidsinspecties en mobiele teams in het kader van een contactonderzoek bij personen die (vermoedelijk) met het coronavirus COVID-19 besmet zijn op basis van een gegevensbank bij Sciensano. Adviesvrager: Wouter Beke - Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding Ontvangst adviesvraag: 26 juni 2020 Adviestermijn: 10 werkdagen Decretale opdracht: adviesfunctie Goedkeuring kamer: Sectorale kamer Gezondheid - 8 juli 2020 - bij consensus Contactpersoon: Annemie Nys – anys@serv.be Annick De Donder – addonder@serv.be

2


Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek

Inhoud Advies ................................................................................................................................ 4 1

Vragen naar verduidelijking .................................................................................. 4

2

Een duurzaam partnerschap met de burger ........................................................ 4

3

Omzichtig omgaan met het beroepsgeheim ........................................................ 5

4

Betrokkenheid van de lokale besturen................................................................. 5

5

Wetenschappelijke opvolging............................................................................... 6

3


Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek

Advies De Vlaamse Raad WVG is met spoed om advies gevraagd over het voorontwerp van decreet dat de instemming regelt met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van contactonderzoek bij personen die (vermoedelijk) met het coronavirus COVID-19 besmet zijn. De adviesvraag werd behandeld door de sectorale kamer gezondheid van de Vlaamse Raad WVG, die het voorliggende het advies bij consensus goedkeurde op 8 juli 2020. De raad is tevreden dat met het voorgenoemde instemmingsdecreet en samenwerkingsakkoord een kader wordt gecreëerd dat toelaat om de exclusieve bevoegdheden gezamenlijk uit te oefenen en op gecoördineerde wijze een goed georganiseerd contactonderzoek op te zetten. Wel formuleert de raad in dit advies een aantal belangrijke aanbevelingen voor de verdere uitvoering van het samenwerkingsakkoord.

1

Vragen naar verduidelijking

De beëindiging van het samenwerkingsakkoord gebeurt volgens artikel 19 door middel van een nieuw samenwerkingsakkoord. Het is voor de raad onduidelijk wat de gevolgen zijn indien een nieuw samenwerkingsakkoord uitblijft. Daarnaast wenst de raad verduidelijking over hoe het voorstel van de Gegevensbeschermingsautoriteit betreffende de te onderscheiden databanken zal worden opgevolgd. De logica voor het werken met één centrale databank dan wel met te onderscheiden databanken, is nog niet voldoende duidelijk.

2

Een duurzaam partnerschap met de burger

In de strijd tegen de Covid-19 crisis staan we allen achter het primaire doel om de volksgezondheid te beschermen. Desalniettemin is het – zelfs in deze bijzondere periode – belangrijk om te waken over het juiste evenwicht tussen ingrijpen in het privéleven enerzijds en de proportionaliteit van maatregelen om de pandemie te beheersen anderzijds. Om contactonderzoek en -opsporing uit te bouwen tot een succesvolle preventieve strategie is de aanhoudende medewerking van de burger cruciaal. Blijvende garanties inzake bescherming van zijn persoonsgegevens zijn dan ook noodzakelijk om een duurzaam partnerschap uit te bouwen. De verschillende gegevensbanken die middels dit samenwerkingsakkoord worden opgericht in functie van het contactonderzoek zullen voorzien in de uitwisseling van gevoelige persoonsgegevens. De raad onderschrijft dat de te registreren gegevens relevant en niet buitensporig mogen zijn in verhouding tot de doeleinden waarvoor zij worden verzameld, zoals ook beschreven in artikel 3 van het samenwerkingsakkoord. Alle opvolging en meldingen in het contactonderzoek dienen bovendien buiten de werkgever om te gaan ter bescherming van de privacy van de werknemer. Het is voor de raad niet duidelijk hoe de Wet op de patiëntenrechten zich verhoudt ten aanzien van de persoonsgegevens die uit het patiëntendossier worden gedeeld met Gegevensbank I (bv. resultaten van CT-scans). De raad wenst daarom verduidelijking over de toegankelijkheid van de persoonlijke informatie die wordt opgeslagen in de centrale gegevensbank.

4


Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek

In het samenwerkingsakkoord wordt ook een kader voorzien om het digitale contactonderzoek via een digitale contactopsporingsapplicatie mogelijk te maken. De raad dringt er op aan dat de invoering van deze applicatie degelijk wordt voorbereid, met respect voor de privacy van de burgers. Verder is het van groot belang om burgers op een duidelijke en transparante manier informatie te geven over welke gegevens worden bijgehouden, hoelang en waar deze bewaard worden, voor welke doeleinden, wie toegang heeft, binnen welk (onderzoeks)kader de gegevens gebruikt kunnen worden etc. Het is voor de raad niet duidelijk wie deze brugfunctie ten aanzien van de burger ter harte zal nemen en de raad wenst hieromtrent dan ook verduidelijking. Er moet tevens werk worden gemaakt van een duidelijk aanspreekpunt waar mensen met klachten of vragen terechtkunnen. Uiteraard dienen ook alle nodige technische en organisatorische maatregelen genomen te worden om mogelijk datamisbruik te voorkomen.

3

Omzichtig omgaan met het beroepsgeheim

Het samenwerkingsakkoord voorziet in art.1§6 een afwijking op het beroepsgeheim voor zowel gezondheidszorgverleners als alle personen die het beroepsgeheim moeten bewaren. De raad vraagt zich af of de bepaling rond de opheffing van het beroepsgeheim juridisch correct geregeld is door middel van het samenwerkingsakkoord en dringt erop aan dat er afdoende rekening wordt gehouden met het advies van de Raad van State hieromtrent. Daarnaast is het voor de raad onduidelijk of dit samenwerkingsakkoord een juridische verplichting oplegt om mee te werken aan het contactonderzoek, en zo ja welke actoren in zorg en ondersteuning dan allemaal gevat zouden zijn. De raad vraagt hieromtrent verduidelijking. Een formulering in art.1§6 die duidelijk maakt welke gegevens moeten en mogen worden meegedeeld in uitzondering op het beroepsgeheim, en die duidelijker het onderscheid maakt tussen de gezondheidszorgverleners die besmettingsgegevens moeten meedelen om Gegevensbank I te voeden en andere geheimplichtigen die kunnen bevraagd worden als vermoedelijk besmette persoon, zou onduidelijkheid en vermijdbaar wantrouwen kunnen wegwerken.

4

Betrokkenheid van de lokale besturen

De raad vindt het wenselijk om de opvolging van de zgn. collectiviteiten1 in voldoende overleg en samenspraak met het betrokken lokaal bestuur te verrichten, onder de voorwaarden gesteld in de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Lokale besturen organiseren namelijk reeds diverse activiteiten die gericht zijn op de doelgroepen van deze collectiviteiten en kunnen in deze crisis dan ook een zeer belangrijke meerwaarde betekenen. De ontsluiting van de gegevens die via contactonderzoek en -opsporing verzameld worden (bv. tijdstip van besmetting), kunnen lokale besturen helpen om snel de nodige maatregelen te nemen in functie van de openbare gezondheid en veiligheid op hun grondgebied. De raad wenst daarom dat in de toekomst een eenvoudige gegevensdeling met de lokale besturen voorzien wordt. Het gaat om de mededeling van geaggregeerde en geanonimiseerde gegevens die de opvolging en 1

Art. 1§1, 3° van het samenwerkingsakkoord definieert een collectiviteit als een gemeenschap van personen met betrekking tot dewelke de bevoegde gezondheidsinspecties oordelen dat er een verhoogd risico op de verspreiding van het coronavirus COVID-19 bestaat.

5


Voorontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking in het kader van een contactonderzoek

de bijsturing van het beleid op lokaal niveau moeten mogelijk maken en dus niet om individualiseerbare persoonsgegevens.

5

Wetenschappelijke opvolging

De aanpak van de crisis werd gestuurd door een synergie tussen wetenschappers en beleidsmakers. Wetenschappelijke dataverzameling en analyse zijn noodzakelijk gebleken voor een adequate aanpak. Ook wanneer de eerste golf bezworen is, is het zinvol die synergie vast te houden. Wetenschappelijke inzichten, voorspellingen en waarschuwingen moeten blijvend naar waarde geschat worden en meegenomen worden in het beleidsproces. De raad is tevreden dat die mogelijkheid wordt gecreëerd door gegevens uit Gegevensbank I, op een gepseudonimiseerde manier, over te maken aan Gegevensbank II voor wetenschappelijk onderzoek. Het samenwerkingsakkoord blijft echter erg vaag in de specificaties van die overdracht. De raad vraagt naast inhoudelijke verduidelijking over de dataverzameling ‘die in al zijn facetten mee [moet kunnen] evolueren met het voortschrijdend wetenschappelijk inzicht’, eveneens verheldering over de duurtijd waarmee de gegevens bewaard worden in Gegevensbank II. Tot slot verwacht de raad dat ook in het kader van verder onderzoek een duidelijke en transparante communicatie richting de burger gevoerd wordt.

6


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook