Skip to main content

fwo_jaarverslag_2019.pdf

Page 1

Jaarverslag 2019 EEN JAAR IN CIJFERS


Inhoudsopgave 01 Voorwoord

3

02 Managementsamenvatting Resultaten oproepen 2019 Doelstellingen beleidsplan 2019-2023

5 5 6

03 Management summary Results of the 2019 calls Objectives Policy Plan 2019-2023

10 10 11

04 Inkomsten Vlaamse en federale overheid Prijzen via mecenaat Schenkingen en erfenissen

14 17 18

05 Analyse van de besteding 19 Mandaten 19 Onderzoeksprojecten 31 Infrastructuur 37 Kredieten aan navorsers 40 Internationale mobiliteit, samenwerking en contacten 41 06 Organisatie 52 Deugdelijk Bestuur 52 Bestuurs- en adviesorganen 53 Administratie 61 Klachtenmanagement 62 07 Beleidsrapportering 66 Toetsing van de stand van de uitvoering van het beleidsplan en de samenwerkingsovereenkomst 66 08 Financieel overzicht

109

09 Bijlage: evoluties doorheen de tijd 2014-2019

113

JAARVERSLAG FWO 2019 - 2


01

Voorwoord Het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO) is een stichting van openbaar nut. We zijn erkend als een extern verzelfstandigd agentschap dat fundamenteel, kennisgrensverleggend en strategisch wetenschappelijk onderzoek ondersteunt. Daarnaast stimuleren we de samenwerking tussen de Vlaamse universiteiten en andere onderzoeksinstellingen. Het onderzoek dat we ondersteunen wordt geselecteerd op basis van de kwaliteit van de onderzoeker en het onderzoeksvoorstel, ongeacht de wetenschappelijke discipline, de onthaalinstelling, gender, politieke of religieuze overtuiging. De selectie gebeurt volgens een bottom-upprincipe en verloopt interuniversitair. Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek richt zich op het uitdiepen van de kennis over de mens en zijn omgeving. Met het kennisniveau van onze samenleving groeit de levenskwaliteit in het algemeen en de kwaliteit van de opleidingen in het bijzonder. Zo krijgen jonge mensen alle kansen om hun talenten te ontplooien in een brede waaier van disciplines. Op korte termijn zal fundamenteel onderzoek zelden tot economische of maatschappelijke valorisatie leiden. Op lange termijn is het essentieel voor onze welvaart en ons welzijn. Daarom is het FWO aangewezen op de financiële steun van de overheid. Een evenwichtige verdeling van de middelen tussen gericht en niet-gericht onderzoek is noodzakelijk. Strategisch basisonderzoek is uitdagend en vernieuwend onderzoek met als doel om op lange termijn economische en/of maatschappelijke toepassingen in Vlaanderen te realiseren. Door het FWO gefinancierd onderzoek, in het bijzonder het strategisch basisonderzoek, vormt ook een belangrijke stap in de aanzet tot en de valorisatie van wetenschappelijke doorbraken. Het FWO schakelt zich ook in in de Europese Onderzoeksruimte. We zijn bijvoorbeeld trots dat Vlaamse onderzoekers zeer goede scores kunnen voorleggen binnen de programma’s aangeboden door de European Research Council (ERC), de Europese tegenhanger van het FWO. Door ERC-opvangprojecten aan te bieden aan een aantal kandidaten van de ERC Starting Grants, spelen we daar ook actief op in. Verder ondersteunen we de deelname van Vlaamse onderzoeksteams aan grote Europese programma’s, zoals ERA-NET en JPI’s. Verder beheren we, in samenwerking met de vijf Vlaamse universitaire associaties, het Vlaams Supercomputer Centrum (VSC), een virtueel centrum voor zowel academici als de industrie. Tot slot staan we in voor de financiering van middelzware, zware en internationale onderzoeksinfrastructuur.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 3


Dit jaarverslag geeft een gedetailleerd overzicht van onze inkomsten in 2019 en hoe we die hebben aangewend. 2019 was een belangrijk jaar voor het FWO. Zo ontvingen we een recurrente opstap van 40 miljoen euro van de Vlaamse overheid. Daardoor steeg de slaagkans binnen de projecten fundamenteel onderzoek tot 22,5%. We voerden ook ingrijpende wijzigingen door in de evaluatieprocedures van de individuele mandaten en de projecten fundamenteel onderzoek. Voor de mandaten werkten we voor het eerst met een tweestapsprocedure: een preselectie gevolgd door een interview. Bij de beurzen voor strategisch basisonderzoek is zo’n interview al langer gebruikelijk. Dat concept werd nu uitgebreid naar de aspiranten fundamenteel onderzoek en de postdoctorale onderzoekers. Binnen die laatste categorie maakten we een opsplitsing in junior en senior mandaten. Bij de fundamentele onderzoeksprojecten werd een soortgelijke opsplitsing gemaakt, om onderzoekers doorheen hun volledige carrière uitzicht te bieden op financiering. De externe referenten selecteerden we niet langer uit een lijst met namen opgegeven door de aanvrager, maar schreven we zelf aan. Wie een fundamenteel onderzoeksproject aanvroeg, kreeg bovendien de kans om via een rebuttal te reageren op de expertenverslagen. Het openstellen van de oproep voor senior postdoctorale onderzoekers voor alle postdoctorale onderzoekers met een bepaalde wetenschappelijke ervaring kon op heel wat interesse rekenen: we ontvingen niet minder dan 300 extra aanvragen. Bij de predoctorale mandaten stelden we dan weer een gevoelige verhoging van de slaagkansen vast. Ook op die veranderingen gaan we in dit verslag dieper in.

Willy Verstraete Voorzitter raad van bestuur

Hans Willems Secretaris-generaal

JAARVERSLAG FWO 2019 - 4


02

Managementsamenvatting Resultaten oproepen 2019 2019 was een belangrijk jaar voor het FWO. De wijzigingen in de evaluatieprocedures van de individuele mandaten en de projecten fundamenteel onderzoek werden succesvol geĂŻmplementeerd. Voor de mandaten werd er voor het eerst met een tweestapsprocedure gewerkt: een preselectie gevolgd door een interview. Het interview, dat al lang bestond bij de beurzen voor strategisch basisonderzoek, werd succesvol uitgebreid naar de aspiranten fundamenteel onderzoek en de postdoctorale onderzoekers. Binnen die laatste categorie werd er een opsplitsing gemaakt tussen junior en senior mandaten. Het openstellen van de oproep voor senior postdoctorale onderzoekers voor alle postdoctorale onderzoekers met een bepaalde wetenschappelijke ervaring zorgde voor een verhoging van de aanvragen binnen dit kanaal (meer dan 300 extra aanvragen). Bij de predoctorale mandaten kon dan weer een gevoelige verhoging van de slaagkansen vastgesteld worden, deels vanwege de genomen maatregelen om de instroom te beperken (bijvoorbeeld door aanvragers te laten kiezen tussen indienen in het kanaal aspirant fundamenteel onderzoek en het kanaal strategisch basisonderzoek). Bij de fundamentele onderzoeksprojecten kwam er een onderscheid tussen junior en senior projecten. De externe referenten werden niet langer geselecteerd uit een lijst met namen opgegeven door de aanvrager, maar werden zelf aangeschreven. Aanvragers van een fundamenteel onderzoeksproject kregen bovendien de kans om via een rebuttal te reageren op de expertenverslagen. Deze wijzigingen werden succesvol geĂŻmplementeerd in 2019.

Kerncijfers oproepen 2019 Mandaten Aanvragen

Toekenningen

Slaagkans

Aspirant fundamenteel onderzoek

931

280

Aspirant strategisch basisonderzoek

534

200

Postdoctoraal onderzoeker (junior)

727

170

Postdoctoraal onderzoeker (senior)

317

86

30 37 23 27

JAARVERSLAG FWO 2019 - 5


Onderzoeksprojecten (fundamenteel, strategisch basisonderzoek, toegepast biomedisch onderzoek) Toe­kenningen

Toegekend bedrag (k€)

Slaagkans (aantal)

Slaagkans (bedrag)

Toegepast biomedisch onderzoek (TBM)

Aangevraagd bedrag (k€)

Fundamenteel onderzoek

Aanvragen

1358

568.579

302

127.562

22,24

22,44

42

39.221.644

13

11.462.486

31

29

Door de aanpassing van de tijdslijn van het programma projecten strategisch basisonderzoek (SBO) werden er in 2019 geen SBO-projecten toegekend. Bilaterale onderzoeksprojecten

Aanvragen

Toekenningen

Toegekend bedrag (k€)

Slaagkans (aantal)

Bilaterale onderzoeksprojecten (Rusland)

90

11

2.599.720

12

Bilaterale onderzoeksprojecten (Zuid-Afrika)

61

6

1.230.780

10

Infrastructuur projecten Toekenningen binnen de programma’s zware en middelzware onderzoeksinfrastructuur vinden om de twee jaar plaats. In 2019 werden er geen infrastructuurprojecten toegekend.

Doelstellingen beleidsplan 2019-2023 Naast de aandacht die in 2019 volop ging naar de implementatie van de gewijzigde evaluatieprocedures voor de mandaten en de fundamentele onderzoeksprojecten besteedde het FWO ook aandacht aan de realisatie van de doelstellingen van het beleidsplan 2019-2023.

Van excellentie tot doorbraak De bijkomende investeringen in de FWO-kanalen (recurrente opstap van 40 miljoen euro), in combinatie met een aantal maatregelen om de instroom te beperken, hebben ertoe geleid dat de slaagkansen in alle kanalen zijn gestegen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 6


Het fundamenteel klinisch mandaat-programma werd hervormd door de goedkeuring van een aangepast reglement en de invoering van scoreroosters voor de evaluatie van zowel eerste mandaten als hernieuwingen. De wijzigingen zullen vanaf 2020 geïmplementeerd worden. Het kanaal voor een wetenschappelijke opdracht (sabbatical) werd hervormd naar een werkingstoelage sabbatsverlof (sabbatical bench fee). Aan het uitrollen van het Tier-1 Supercomputing platform (een Tier-1 compute, cloud en storage infrastructuur) wordt volop verder gewerkt. Een operationeel managementteam werd ingesteld om het project te realiseren. Intussen is voor het ‘compute’-luik de uitbreiding van BrENIAC (huidige Tier-1) gerealiseerd en in productie gegaan. De procedure is ook gestart voor de aankoop van de derde Tier-1 die aan de UGent zal worden gehuisvest. Ook voor het ‘cloud’- en ‘data’luik zijn pilootprojecten lopende. Het ‘cloud’-luik zal naar verwachting in 2020 in productiefase gaan.

Duidelijke en vlotte procedures Het FWO is een organisatie ten dienste van de onderzoekers. In 2020 wordt een nulmeting uitgevoerd door middel van een gebruikersbevraging van alle aanvragers en onderzoekers die steun van het FWO hebben genoten. Alle voorbereidingen hiervoor werden in 2019 getroffen (vragenlijst, oprichting stuurgroep …). De bevindingen van deze nulmeting zullen worden getoetst op toepasbaarheid en worden meegenomen in de administratieve werking t.a.v. de onderzoekers. Het FWO werkt ook aan een regelmatige bevraging van de evaluatoren van zijn processen met het oog op de mogelijke verbetering daarvan. De bevraging van de panelleden vond plaats voor volgende programma’s: aspirant, postdoctorale onderzoekers, TBM-project, SBO-project en fundamenteel onderzoeksproject. De antwoorden van de panelleden werden geanalyseerd. Op basis van de aanbevelingen van de panelleden worden er al een aantal aanpassingen aan de procedures gepland en uitgevoerd. De huidige panelstructuur binnen de kanalen voor fundamenteel onderzoek werd geëvalueerd, met een meting van de werklast voor de verschillende panels. Op basis van deze evaluatie, en op basis van een vergelijking met de aanpak bij andere organisaties, zoals de European Research Council (ERC), zullen voorstellen voor een verlegging van de panelgrenzen worden opgesteld. Een roadmap voor de uitwerking van de panelstructuurhervorming werd voorgesteld. De evaluatie van het EOS-programma (Excellence of Science) via een extern auditbedrijf werd opgestart. Ook het Odysseus-programma wordt geëvalueerd.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 7


In Europa en de wereld Het Seal of Excellence voor de MSCA-mandaten (Marie Skłodowska-Curie Actions) werd ingevoerd. Voor het eerste werd een oproep voor bilaterale onderzoeksprojecten met Rusland georganiseerd. Het FWO volgt actief de evoluties rond de multilaterale Lead Agency-procedure op. Naar verwachting zal de eerste oproepronde in 2021 plaatsvinden. Ter voorbereiding van de opmaak van een Vlaamse roadmap voor internationale onderzoeksinfrastructuur tekent het FWO samen met het Departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) een eerste Vlaamse inventaris uit met als werktitel Actual large scale research infrastructures in Flanders - Flemish participation in international research infrastructures. Publicatie is voorzien voor de eerste helft van 2020. In een vervolgfase zal een grotere oefening opgestart worden om tot een Vlaamse roadmap te komen die uitgaat van een landschapsanalyse en een forecastanalyse.

Open wetenschap Het FWO volgt actief de evoluties rond open wetenschap op.

In de samenleving Het FWO intensiveerde zijn initiatieven rond wetenschapscommunicatie: • Via zijn sociale-mediakanalen (Facebook, Twitter en LinkedIn) communiceert het FWO over resultaten van onderzoekers, kondigt het oproepen aan en deelt het belangrijk nieuws voor zijn onderzoekers. • #FWOVlaanderen: zowel op de startpagina als op de community-pagina #FWOVlaanderen geeft het FWO een overzicht van interessante tweets, foto’s … die zijn onderzoekers posten op sociale media. • Instagram take-overs: sinds 2019 beschikt het FWO ook over een Instagrampagina. Daar toont het op regelmatige tijdstippen een week in het leven van een onderzoeker. • Science Snack: iedere week wordt een onderzoeker in beeld gebracht op Facebook en LinkedIn. • Het FWO bracht een folder uit om het brede publiek uit te leggen hoe wetenschap aansluit bij het dagelijks leven.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 8


He FWO breidde de mogelijkheden voor intersectorale mobiliteit van de onderzoeker uit. Zo is het onder andere mogelijk voor aspiranten en/of postdocs om: • een deel van het onderzoek uit te voeren in het werkveld: een onderneming of (not-for-profit-)organisatie; • een stage uit te voeren; • een lerarenopleiding te volgen naast het doctoraat; • een betaalde functie uit te oefenen naast het doctoraat en buiten de universiteit. Deze extra mogelijkheden werden ook gecommuniceerd naar de onderzoeksgemeenschap. Het FWO introduceerde in 2019 een duurzaam reisbeleid voor de gefinancierde onderzoekers en de eigen administratie.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 9


03

Management summary Results of the 2019 calls For the FWO, 2019 was an important year in which the changes to the evaluation procedures for individual fellowships and fundamental research projects were successfully implemented. For the fellowships, a two-step procedure was introduced: a pre-selection followed by an interview. The interview as used since long in the procedure for grants for strategic basic research, was successfully extended to the PhD fellowships fundamental research and the postdoctoral fellowships. Within this last category, fellowships were split up into junior and senior fellowships. Opening the call for senior postdoctoral researchers to all postdoctoral researchers having a certain level of scientific experience resulted in a significantly increased amount of proposals (more than 300 additional applications). For the predoctoral fellowships, we noticed a marked increase in the success rates, which is due in part to the measures taken to stem the influx, one such measure being the choice that has to be made between submitting the application through the PhD fellowship fundamental research channel or through the strategic basic research channel. For the fundamental research projects, a distinction was made between junior and senior projects. External reviewers were no longer selected from a list of names specified by the applicant, but had to be contacted by the applicants themselves. Applicants of a fundamental research project were also given the opportunity to respond to the experts’ reports via a rebuttal. All these changes were successfully implemented in 2019.

2019 Calls Key Figures Fellowships Applications Allocations

Success Rate

PhD fellowship fundamental research

931

280

30

PhD fellowship strategic basic research

534

200

37

Postdoctoral researcher (junior)

727

170

23

Postdoctoral researcher (senior)

317

86

27

JAARVERSLAG FWO 2019 - 10


Research projects (fundamental, strategic basic research, applied biomedical research) Applications

Requested amount (k€)

Allocations

Allocated amount (k€)

Success rate (number)

Success rate (amount)

1358

568,579

302

127,562

22.24

22.44

42

39,221,644

13

11,462,486

31

29

Fundamental research Applied biomedical research (TBM)

Following the adjustment of the timeline of the projects strategic basic research programme (SBO), no SBO projects were allocated in 2019. Bilateral research projects

Applications Allocations

Allocated Success rate amount (k€) (number)

Bilateral research projects (Russia)

90

11

2,599,720

12

Bilateral research projects (South Africa)

61

6

1,230,780

10

Infrastructure projects Allocations within the large-scale and medium-scale research infrastructure programmes take place every two years. No infrastructure projects were allocated in 2019.

Objectives Policy Plan 2019-2023 While most attention in 2019 was focused on the implementation of the changed evaluation procedures for the fellowships and the fundamental research projects, the FWO also continued work towards the achievement of the objectives of the 2019-2023 policy plan.

From excellence to breakthrough Additional investments in the FWO channels (recurrent step-up of €40 million), in combination with a number of measures to stem the influx, led to an increased success rate in all channels. The senior clinical investigator programme was reformed with the approval of the amended regulations and the introduction of scoring grids for the evaluation of both first fellowships and renewals. The changes will be implemented as from 2020.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 11


The channel for scientific assignments (sabbatical) was reformed to a sabbatical bench fee. The rollout of the Tier-1 Supercomputing platform (a Tier-1 compute, cloud and storage infrastructure) continues at full force. An operational management team was installed to realise the project. In the meantime, the extension of BrENIAC (current Tier-1) for the “compute” section has been completed and gone into production. The procedure for the purchase of the third Tier-1, which will be accommodated at UGent, has also been started up. Pilot projects are also ongoing for the “cloud” and “data” sections. The “cloud” section is expected to go into production in 2020.

Clear and expeditious procedures The FWO is an organisation at the service of researchers. In 2020, a baseline measurement was performed via a user survey of all applicants and researchers having received support from the FWO. All preparations for this were made in 2019 (questionnaire, establishment of a steering group, etc.). The findings from this baseline measurement will be assessed for applicability and incorporated into the administrative operation with regard to the researchers. The FWO is also working on a regular survey of the evaluators in its processes with a view to making improvements where possible. The survey of the panel members was carried out for the following programmes: PhD fellow, postdoctoral researcher, TBM project, SBO project and fundamental research project. The responses from the panel members were analysed. Based on the recommendations from the panel members, a number of procedural amendments are already being planned and implemented. The current panel structure within the channels for fundamental research were evaluated, including a measurement of the workload for the different panels. Based on this evaluation, and based on a comparison with the approach adopted by other organisations such as the European Research Council (ERC), proposals will be drawn up for redefining the boundaries of the panels. A roadmap was presented for the elaboration of the panel structure reform. The evaluation of the EOS (Excellence of Science) programme via an external audit firm was launched. The Odysseus programme is also being evaluated.

In Europe and the world The Seal of Excellence for the MSCA (Marie Skłodowska-Curie Actions) fellowships was introduced. For the first time, a call for bilateral research projects with Russia was organised.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 12


The FWO actively monitors developments related to the multilateral Lead Agency procedure. The first call round is expected to take place in 2021. In preparation for drawing up a Flemish roadmap for international research infrastructure, the FWO, together with the Department of Economy, Science & Innovation (EWI), is mapping a first Flemish inventory with the working title Actual large scale research infrastructures in Flanders - Flemish participation in international research infrastructures. Publication is scheduled for the first half of 2020. In a subsequent phase, a larger exercise will be started up in order to develop a Flemish roadmap based on a landscape analysis and a forecast analysis.

Open science The FWO actively monitors developments in the area of open science.

In society The FWO intensified its initiatives on science communication: • The FWO communicates about the results of its researchers and announces calls and important news for its researchers through its social media channels (Facebook, Twitter and LinkedIn). • #FWOVlaanderen: both on the homepage and on the #FWOVlaanderen community page, the FWO provides an overview of interesting tweets, photos, etc. posted on social media by its researchers. • Instagram take-overs: in 2019 the FWO launched an Instagram page that has ‘A Week in the Life of a Researcher’ as a regular feature. • Science Snack: every week, a researcher is put in the spotlight on Facebook and LinkedIn. • The FWO published a folder for the general public explaining how science has become integrated within our daily lives. The FWO increased the possibilities for intersectoral mobility of researchers. It is, for instance, now possible for PhD fellows and postdocs: • to complete part of their research in the field, e.g. a company or (not-forprofit) organisation; • to take on an internship; • to take up teacher training alongside their PhD; • To carry out a paid activity alongside their PhD and outside of the university. These extra possibilities were also communicated to the research community. In 2019, the FWO introduced a sustainable travel policy for funded researchers and its own administration.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 13


04

Inkomsten Vlaamse en federale overheid De Vlaamse overheid is verantwoordelijk voor het merendeel van de totale inkomsten van het FWO. Sinds 2016 werkt het FWO volgens de financiële regels van de Vlaamse overheid, waarbij een opsplitsing gemaakt wordt tussen vastleggingskredieten enerzijds (het bedrag waarover het FWO beschikt om verbintenissen aan te gaan in een bepaald jaar) en vereffeningskrediet anderzijds (het bedrag dat het FWO effectief kan uitbetalen in een bepaald jaar). De vastleggingskredieten die het FWO krijgt zijn afkomstig van de Vlaamse overheid (Tabel 1). Daarnaast beschikt het FWO over federale, Europese en eigen middelen. De vastleggingskredieten van 2019 voor de verschillende financieringskanalen vormen dan ook het uitgangspunt van dit jaarverslag. Voor een aantal kanalen wordt er niet elk jaar een vastleggingskrediet opgenomen in de begroting (bijvoorbeeld EOS, bilaterale onderzoeksprojecten, Odysseus-programma …). Dat houdt in dat de totale vereffeningskredieten van het FWO doorheen de jaren kunnen fluctueren. In 2019 werd een recurrente opstap van 40 miljoen euro toegekend aan het FWO. Het merendeel van die middelen wordt besteed aan de fundamentele onderzoeksprojecten. Het vereffeningskrediet wordt getoond in Tabel 2. Tabel 1: Vastleggingsmachtigingen Vlaamse overheid (begrotingsaanpassing 2019, bedragen in euro) 1. Fundamenteel onderzoek Projecten Onderzoeksprojecten

136.315.726

Joint Programming Initiatives (JPI) - ERA-NET (European Research Area Networks)

7.300.000

ERC- opvangprojecten

1.484.000

Humanitaire acties: Rode Neuzen Dag

975.000

Humanitaire acties: Kom op Tegen Kanker

800.000

Lead agencies

954.000

Vakantiegeld bij uitdiensttreding personeel projecten

350.000

Born Bunge

179.350

Kredieten aan navorsers

300.000

Wetenschappelijke Onderzoeksgemeenschappen (WOGs)

1.000.000

Wetenschappelijke contacten (m.u.v. WOGs)

4.306.820

Bilaterale onderzoekssamenwerking

6.996.000

Internationale Coördinatie-acties (ICA) Totaal projecten fundamenteel onderzoek

JAARVERSLAG FWO 2019 - 14

715.500 161.676.396


Mandaten Aspiranten fundamenteel onderzoek

38.939.826

Postdoctorale onderzoekers

63.938.337

Bijzondere doctoraatsbeurzen

375.064

Marie Curie-mandaten

352.000

Klinische doctoraatsbeurzen

323.750

Postdoctorale onderzoekers Pegasus² Interuniversitair College voor Managementwetenschappen - FWO fellowships

3.928.105 291.794

min gedeelte gefinancierd federaal/EU/schenkingen

-40.617.459

Totaal mandaten fundamenteel onderzoek

68.271.457

2. Strategisch basisonderzoek Projecten Projecten strategisch basisonderzoek (SBO)

40.329.707

Totaal projecten strategisch basisonderzoek

40.329.707

Mandaten Aspiranten strategisch basisonderzoek

37.241.959

Totaal mandaten strategisch basisonderzoek

37.241.959

3. Klinisch onderzoek Projecten Projecten Toegepast Biomedisch onderzoek met een primair Maatschappelijke finaliteit (TBM)

11.463.396

Totaal projecten klinisch onderzoek

11.463.396

Mandaten Fundamenteel Klinische Mandaten

4.937.500

Totaal mandaten klinisch onderzoek

4.937.500

4. Infrastructuur VSC + internationale onderzoeksinfrastructuur

13.881.000

IRI bijkomende middelen

3.865.000

Flemish Open Science Board (FOSB) (middelen worden herverdeeld)

5.000.000

Totaal infrastructuurprojecten Totale machtiging FWO

JAARVERSLAG FWO 2019 - 15

22.746.000 346.666.415


Tabel 2: Vereffeningskrediet 2019 (bedragen in euro) Fundamenteel onderzoek mandaten

64.771.457,06

projecten

125.331.964,89

Totaal fundamenteel onderzoek

190.103.421,95

Strategisch basisonderzoek mandaten

37.241.959,01

projecten

23.034.860,22

Totaal strategisch basisonderzoek

60.276.819,23

Klinisch onderzoek Fundamenteel klinische mandaten

4.937.500,00

Toegepast biomedisch onderzoek

8.936.151,52

Totaal klinisch onderzoek

13.873.651,52

Onderzoeksinfrastructuur (Middel)zware infrastructuur

13.150.696,70

ESFRI/IRI

11.852.015,85

VSC

6.396.001,00

Totaal onderzoeksinfrastructuur Algemeen totaal FWO

31.398.713,55 295.652.606,25

Ook de winstverdeling van de Nationale Loterij is een bevoegdheid van de Vlaamse overheid. Die toelage bedroeg in 2019 11.463.000 euro. Het FWO moet van die inkomsten 450.000 euro aanwenden voor humanitaire acties. Verder mag het FWO autonoom bepalen hoe de winstverdeling van de Nationale Loterij verdeeld wordt over de actielijnen van het FWO. Het betaalkrediet van 2019, incl. de winstverdeling van de Nationale Loterij, bedroeg 295.652.606 euro. Tabel 3 geeft een overzicht van de federale inkomsten van het FWO. Federale toelagen die aangewend kunnen worden voor de financiering van het FWOonderzoek zijn de toelagen van de POD- Wetenschapsbeleid voor extra onderzoekers, van de FOD Economische Zaken en Energie aan het Interuniversitair Instituut voor Kernwetenschappen (IIKW) (enkel voor onderzoek op het gebied van fundamentele kernwetenschappen of met kernfysische methoden) en van de FOD Volksgezondheid aan het FGWO (voor biomedisch onderzoek). Naast deze specifieke toelagen beschikt het FWO vanuit de federale overheid over bijkomende opbrengsten uit fiscale en parafiscale maatregelen, met name de gedeeltelijke vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing op de lonen van postdoctorale onderzoekers (defiscalisatie) en de recuperatie van de werkgeversbijdrage Sociale Zekerheid. De defiscalisatie levert extra structurele ruimte op aangezien deze opbrengsten voor alle kerntaken kunnen worden ingezet. De recuperatie Sociale Zekerheid kan enkel gebruikt worden voor de tewerkstelling van onderzoekers (mandaten). Het

JAARVERSLAG FWO 2019 - 16


FWO geniet jaarlijks ook van een geïndexeerde toelage, afkomstig van de RSZ: ‘onderzoek aan de universiteiten’, het zogenaamde Wetenschappelijke Maribelplan. Tabel 3: Overzicht federale inkomsten Bron

Bedrag

Federale toelage POD Wetenschapsbeleid werkgelegenheid

1.470.494

IIKW

2.069.650

FGWO*

1.372.800

Bevordering werkgelegenheid met RSZ inbreng (Maribel) Recuperatie van de werkgeversbijdrage voor sociale zekerheid Vrijstelling van de voorheffing van Postdoctorale Onderzoekers

19.347.266 7.164.533,90 10.565.515,08

* deze federale middelen, die ook in de federale begroting 2019 werden ingeschreven, werden nog niet ontvangen door het FWO.

In Tabel 4 wordt de verhouding weergegeven tussen de beheerskosten en de totale vastleggingskredieten van de Vlaamse overheid. De beheerskosten bedragen 4,22% van dat totaal. Omdat de vastleggingskredieten sterk kunnen variëren van jaar tot jaar (bv. EOS, Odysseus, infrastructuurprogramma’s …) fluctueert ook het beheerskostenpercentage. Over de periode 2016 tot en met 2019 bedroeg het beheerskostenpercentage gemiddeld 3,63%. Tabel 4: Beheerskosten van het FWO Begroting Vergaderingen bestuurs- en adviesorganen

2.500.000

Bezoldigingen personeel

5.642.000

Personeelsgebonden kosten

1.054.000

Secretariaat

2.445.500

Informatica

1.825.000

Huisvesting

809.500

Communicatie

340.000

Algemeen totaal

14.616.000

Verhouding beheerskosten t.o.v. totale vastlegginskredieten Vlaamse overheid

4,22%

Prijzen via mecenaat Allerlei bedrijven en instellingen ondersteunen het fundamenteel onderzoek in hun domein met een eigen prijs. Het FWO staat in voor de wetenschappelijke evaluatie en selectie.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 17


Schenkingen en erfenissen Ook individuen schenken geld aan het FWO. Zij kunnen in een schenkingsakte of testament voorwaarden stellen aan het onderzoek, op voorwaarde dat het thema voldoende algemeen blijft. Extra voordeel voor schenker én FWO: het geld gaat bijna volledig naar wetenschappelijk onderzoek dankzij een fiscaal gunstregime. Figuur 1 toont de spreiding van de toelage voor de categorieën ‘mandaten’, ‘projecten’, ‘infrastructuur’ en ‘het administratief beheer van het FWO’. De categorie ‘mandaten’ omvat zowel de predoctorale als postdoctorale mandaten. Onder onderzoeksprojecten worden alle onderzoeksprojecten binnen de fundamentele, strategische en klinische programma’s van het FWO verstaan.

59%

Projecten

31%

Mandaten

6%

Infrastructuur

4%

Apparaatskrediet

Figuur 1: Toelagespreiding over de categorieën mandaten, projecten, infrastructuur en apparaatskrediet De spreiding van de toelage over de verschillende programma’s (fundamenteel onderzoek, strategisch basisonderzoek, klinisch onderzoek, infrastructuur en beheerskosten) wordt getoond in Figuur 2. Doorheen de jaren kan de verdeling tussen de verschillende programma’s wijzigen, omdat niet voor alle kanalen jaarlijks een vastleggingskrediet wordt gevraagd.

64%

Fundamenteel onderzoek

21%

Strategisch basisonderzoek

5%

Klinisch onderzoek

6%

Infrastructuur

4%

Apparaatskrediet

Figuur 2: Toelagespreiding over de verschillende programma’s (fundamenteel onderzoek, strategisch basisonderzoek, klinisch onderzoek, infrastructuur en apparaatskrediet)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 18


05

Analyse van de besteding In dit hoofdstuk worden voor de verschillende financieringsinstrumenten een aantal statistische gegevens van de voorbije oproepen weergegeven. Om het overzicht voor de lezer te bewaren worden enkel de resultaten van de afgelopen oproep weergegeven. Evoluties over een langere periode zijn – indien relevant – in de bijlage bij dit jaarverslag toegevoegd. Enige voorzichtigheid is geboden: budgetten en/of modaliteiten van een programma kunnen immers veranderen doorheen deze periode.

Mandaten Predoctorale mandaten Een belangrijke actielijn van het FWO is het stimuleren van jong onderzoekstalent. Startende onderzoekers krijgen de kans om na vier jaar onderzoek een doctoraat op proefschrift te behalen. Het FWO heeft verschillende financieringskanalen voor jonge beloftevolle onderzoekers. Met een mandaat aspirant fundamenteel onderzoek kunnen jonge onderzoekers zich voorbereiden op het behalen van een doctoraat, en zich zo bekwamen tot onafhankelijke kritische wetenschappers. Met een aspirantsbeurs strategisch basisonderzoek kunnen jonge onderzoekers zich voorbereiden op het behalen van een doctoraat, en zich zo bekwamen tot strategisch denkende en innovatiegerichte wetenschappers. Een overzicht van de toegekende mandaten (aspirant fundamenteel onderzoek, aspirant strategisch basisonderzoek, postdoctorale mandaten) binnen de oproepen van 2019 vindt u op de FWO-website: www.fwo.be/nl/actueel/resultaten/ predoctorale-en-postdoctorale-mandaten. De evaluatieprocedure voor deze kanalen werd in 2019 ingrijpend gewijzigd. De timing voor evaluatie van de kandidaten aspirant fundamenteel onderzoek en strategisch basisonderzoek werd gealigneerd en kandidaten moeten een keuze maken tussen beide kanalen in een bepaald oproepjaar. Bovendien werd de evaluatieprocedure omgevormd naar een tweestapsprocedure: na een preselectiestap worden slechts een deel van de kandidaten uitgenodigd voor een interview met een expertpanel. Voor het eerst werden kandidaten voor een aspirantschap fundamenteel onderzoek geĂŻnterviewd door een expertpanel. Ook onderzoekers werkzaam buiten de universiteit kunnen met een bijzondere doctoraatsbeurs een jaar besteden aan de afwerking van hun doctoraatsproefschrift. Het programma rond klinische doctoraatsbeurzen werd in 2019 stopgezet.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 19


Tabel 5 bevat een globaal overzicht van het aantal predoctorale mandaathouders en van de jaarlijkse instroom van aspiranten fundamenteel en strategisch basisonderzoek. Let op: vanwege het verschuiven van de tijdslijn is het aantal aspiranten strategisch basisonderzoek slechts gedurende een beperkte periode (1 november 2019 tot en met 31 december 2019) groter dan het aantal aspiranten fundamenteel onderzoek. Tabel 5: Predoctorale mandaathouders in functie op 1 november 2019 Instroom aspiranten fundamenteel onderzoek

280

Instroom aspiranten strategisch basisonderzoek

200

Totaal aantal aspiranten fundamenteel onderzoek

904

Totaal aantal aspiranten strategisch basisonderzoek

958

Totaal aantal klinische doctoraatsbeurzen

10

Totaal aantal bijzondere doctoraatsbeurzen

6

Totaal aantal predoctorale mandaathouders

1878

Het mandatenbestand van de aspiranten per universiteit en per wetenschapsgebied wordt weergegeven in Tabel 6 en Tabel 7. Daar waar de procentuele verdeling van de mandaathouders over de verschillende instellingen ongeveer gelijk is voor de aspiranten fundamenteel en strategisch basisonderzoek, zijn er wat de verdeling over de wetenschapsdomeinen betreft wel significante verschillen. Dat heeft te maken met de vereiste om een onderzoeksproject in te dienen dat op middellange tot lange termijn tot economisch toegevoegde waarde kan leiden binnen het strategisch basisonderzoek. Daardoor zijn er veel minder aspiranten strategisch basisonderzoek binnen de cultuur-, gedrags- en maatschappijwetenschappen. Tabel 6: Aspiranten per universiteit op 1 november 2019 (n = aantal) Fundamenteel onderzoek

Strategisch basisonderzoek

n

%

n

%

89

10

85

9

KU Leuven

440

49

476

49

UGent

238

26

275

29

UAntwerpen

115

13

96

10

21

2

26

3

1

0

0

0

VUB

UHasselt Andere Totaal

904

JAARVERSLAG FWO 2019 - 20

958


Tabel 7: Aspiranten per wetenschapsgebied op 1 november 2019 (n = aantal) Fundamenteel onderzoek

Strategisch basisonderzoek

n

%

n

%

Biologische wetenschappen

107

12

170

18

Cultuurwetenschappen

150

17

2

0

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

169

19

18

2

Medische wetenschappen

257

28

250

26

Wetenschap en technologie

197

22

512

53

24

3

6

1

Interdisciplinair Totaal

904

958

Nog steeds neemt het aandeel vrouwen aan de Vlaamse universiteiten bij elke stap op de academische ladder gestaag af. In het kader van die genderproblematiek in het wetenschappelijk onderzoek heeft het FWO altijd een gelijkekansenbeleid gevoerd. Concreet neemt het FWO specifieke maatregelen op in reglementen en beleidsplannen om onderzoekers evenveel kansen en mogelijkheden te bieden, ongeacht hun geslacht. Het FWO laat onderzoekers een hoge mate van flexibiliteit toe in de uitbouw van hun carrière. En in de reglementen worden voldoende garanties ingebouwd om te voorkomen dat familiale omstandigheden (zwangerschapsverlof, ouderschapsverlof, langdurige ziekte …) de onderzoekscarrière zouden belemmeren. De gedetailleerde gendermaatregelen en het gelijkekansenbeleid van het FWO kunt u nalezen in de reglementen van de verschillende financieringskanalen. Tabel 8 toont de M/V-verdeling binnen de predoctorale mandaten respectievelijk binnen de fundamentele en strategische kanalen van het FWO. Bij de aspiranten fundamenteel onderzoek zijn er iets meer vrouwelijke onderzoekers. Bij de aspiranten strategisch basisonderzoek zijn de mannen in de meerderheid (55%). Er waren in bepaalde jaren echter ook beduidend meer mannelijke kandidaten binnen dit kanaal (bijvoorbeeld 2015, 2017, 2018, 2019). De slaagkansen per geslacht worden verderop in dit jaarverslag weergegeven. Tabel 8: M/V-verhouding predoctorale mandaathouders in functie op 1 november 2019

M

V

%V

Aspiranten fundamenteel onderzoek

413

491

54

Aspiranten strategisch basisonderzoek

529

429

45

Klinische doctoraatsbeurs

4

6

60

Bijzondere doctoraatsbeurs

0

6

100

946

932

50

Totaal M = man; V = vrouw; % V = percentage vrouwen

JAARVERSLAG FWO 2019 - 21


Tabel 9 geeft een opsplitsing van het aantal mandaathouders per nationaliteit (Belgisch, EU, niet-EU) weer. Het FWO heeft expliciet inspanningen geleverd om kwaliteitsvolle buitenlandse onderzoekers naar Vlaanderen te brengen. Er werd dan ook een open beleid gevoerd waarbij aan de kandidaten geen enkele nationaliteitsbeperking werd opgelegd. Het percentage buitenlandse mandaathouders bij de aspiranten fundamenteel en strategisch basisonderzoek ligt in dezelfde grootteorde. De slaagkansen per nationaliteit worden verderop in dit jaarverslag weergegeven. Tabel 9: Nationaliteit predoctorale mandaathouders in functie op 1 november 2019

Belg

EU

Niet-EU

TOTAAL

Aspirant fundamenteel onderzoek

706

175

23

904

Aspirant strategisch basisonderzoek

807

127

24

958

Bijzondere doctoraatsbeurs Klinische doctoraatsbeurs Totaal

6

6

10

10

1529

302

47

1878

Slaagkansen In dit hoofdstuk worden de slaagkansen van de verschillende mandaten voor de oproep 2019 toegelicht. Zonder de strenge selectiecriteria uit het oog te verliezen, streeft het FWO naar een slaagkans van 33%, een internationale standaard bij wetenschappelijke selectieprocedures. Dat percentage garandeert een voldoende strenge selectie, maar waakt er tegelijk over dat er geen ontradings- of ontmoedigingseffect optreedt. Aspirant fundamenteel onderzoek Tabel 10 bevat de slaagkansen voor een aspirantschap fundamenteel onderzoek per universiteit, Tabel 11 bevat de slaagkansen per wetenschapsgebied. De slaagkans in 2019 (30%) was gevoelig hoger dan het gemiddelde van 2014 tot en met 2019 (23%). Die stijging kan toegeschreven worden aan het feit dat er meer beurzen uitgereikt konden worden (280 versus gemiddeld 225 voor de periode 2014-2019), maar ook aan het lagere aantal indieningen (931 versus gemiddeld 986 voor de periode 2014-2019). Dat laatste is het gevolg van de maatregelen die werden genomen om de instroom te beperken. Tussen de verschillende wetenschapsgebieden is de slaagkans quasi dezelfde (Tabel 11). Een aantal (streefwaarde 90 %) van de toe te kennen mandaten wordt over de panels verdeeld pro rato van het aantal ontvankelijke kandidaten per expertpanel. Na afloop van alle interviews worden de resterende mandaten – namelijk (streefwaarde) 10% van het totale aantal en eventueel aangevuld met niet rechtstreeks toegekende mandaten – toegekend op basis van een rangschikking van de overblijvende geïnterviewde kandidaten uit alle expertpanels.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 22


Tabel 10: Slaakansen per universiteit voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2019

Gemiddelde 2014-2019

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

VUB

100

24

24

109

25

23

KU Leuven

380

146

38

409

103

25

UGent

262

63

24

275

62

23

UAntwerpen

149

38

26

151

30

19

39

8

21

40

6

14

1

1

100

1

0

17

931

280

30

986

225

23

UHasselt Andere Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 11: Slaagkansen per wetenschapsgebied voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2019 Gemiddelde 2014-2019 A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

99

32

32

110

26

23

Cultuurwetenschappen

145

41

28

163

37

23

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

198

57

29

216

42

19

Medische wetenschappen

296

90

30

269

63

23

Wetenschap en technologie

173

53

31

210

53

25

20

7

35

19

5

28

al

280

30

986

225

23

Biologische wetenschappen

Interdisciplinair Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Aspiranten strategisch basisonderzoek Tabel 12 geeft de slaagkansen voor aspiranten strategisch basisonderzoek per universiteit weer. De slaagkansen voor aspiranten strategisch basisonderzoek liggen hoger dan voor aspiranten (gemiddeld 31% voor de oproepen 2015-2019 voor aspiranten strategisch basisonderzoek versus 23% voor aspiranten). De lagere instroom in 2019 in dit kanaal is vermoedelijk het gevolg van het hertekenen van de tijdslijn, waardoor deze oproep kort na de oproep van 2018 plaatsvond. Een andere mogelijke oorzaak zijn de maatregelen die werden genomen om de instroom te beperken. Daardoor steeg de slaagkans in 2019 tot 37%. Tussen de wetenschapsdomeinen zijn de verschillen in slaagkans voor de oproep van 2019 zeer beperkt (Tabel 13).

JAARVERSLAG FWO 2019 - 23


Tabel 12: Slaagkansen per universiteit voor aspiranten strategisch basisonderzoek

Oproep 2019 A(n)

T(n)

Gemiddelde 2015-2019*

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

VUB

55

23

42

64

18

28

KU Leuven

219

77

35

294

100

34

UGent

162

67

41

185

57

31

UAntwerpen

64

24

38

86

20

24

UHasselt

34

9

26

27

5

19

Totaal

534

200

37

656

201

31

*gegevens zijn pas vanaf 2015 beschikbaar A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 13: Slaagkansen per wetenschapsgebied voor aspiranten strategisch basisonderzoek

Oproep 2019

Gemiddelde 2016-2019*

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

105

38

36

132

43

32

13

5

38

23

5

23

Medische wetenschappen

188

72

38

220

68

31

Wetenschap en technologie

228

85

37

266

84

32

Totaal

534

200

37

640

200

31

Biologische wetenschappen Cultuur en taalwetenschappen + Gedrags- en maatschappijwetenschappen

*gegevens zijn pas vanaf 2016 beschikbaar; A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Gelijke kansen De slaagkansen per geslacht voor de aspiranten (fundamenteel en strategisch basisonderzoek) voor de oproep van 2019 zijn opgenomen in Tabel 15 en Tabel 16. Zowel voor 2019 als over langere termijn zijn er geen grote verschillen in slaagcijfers tussen mannelijke en vrouwelijke kandidaten.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 24


Tabel 14: Slaagkansen per geslacht voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2019

Gemiddelde 2014-2019

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

Man

436

134

31

463

110

24

Vrouw

495

146

29

522

115

22

0

0

0

3

0

0

931

280

30

988

225

23

x Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 15: Slaagkansen per geslacht voor aspiranten strategisch basisonderzoek

2019 A(n)

T(n)

Gemiddelde 2015-2019

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

Man

304

115

38

354

108

31

Vrouw

229

85

37

302

93

31

x

1

0

0

1

0

0

Totaal

534

200

37

656

201

31

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

De slaagkansen per nationaliteit worden getoond in Tabel 16. Terwijl het verschil in slaagkans tussen Belgische kandidaten en kandidaten uit de EU eerder beperkt is, is de slaagkans voor niet-EU kandidaten kleiner. Omdat het aantal niet-EU kandidaten lager ligt, is daarom enige voorzichtigheid geboden bij de vergelijking. Tabel 16: Slaagkansen per nationaliteit voor predoctorale mandaten

Aspirant fundamenteel onderzoek

Aspirant strategisch basisonderzoek

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

Belgisch

689

209

30,3

425

164

38,6

EU

185

60

32,4

78

27

34,6

57

11

19,3

31

9

29,0

931

280

30

534

200

37

Niet-EU Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Postdoctorale mandaten Met een mandaat postdoctoraal onderzoeker kunnen startende onderzoekers die al een doctoraat behaald hebben gedurende drie tot zes jaar voltijds onderzoek uitvoeren op postdoctoraal niveau.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 25


In 2019 werden de financieringsmogelijkheden voor postdoctorale onderzoekers grondig gewijzigd. Er zijn financieringsmogelijkheden voor junior en senior postdoctorale onderzoekers. De termijn voor zowel een junior als senior postdoctoraal mandaat bedraagt drie jaar. In tegenstelling tot de vroegere hernieuwingen voor postdoctorale onderzoekers staat het kanaal voor senior postdocs open voor alle onderzoekers die voldoen aan de ontvankelijkheidscriteria. Tabel 17 geeft een globaal overzicht van alle postdoctorale mandaathouders in dienst op 1 november 2019 en geeft ook de instroom van postdoctorale onderzoekers weer. Om het overzicht te bewaren wordt er geen onderscheid gemaakt tussen junior en senior postdoctorale onderzoekers. Dat onderscheid wordt bij de slaagkansen wel gemaakt. Tabel 17: Postdoctorale mandaathouders in functie op 1 november 2019 2019 Instroom postdoctorale onderzoekers

256

Totaal aantal postdoctoraal onderzoekers*

802

*Excl. Pegasus²: 42 postdocs in dienst

Een overzicht van de postdoctorale onderzoekers per universiteit en per wetenschapsgebied wordt weergegeven in respectievelijk Tabel 18 en Tabel 19. Tabel 18: Postdoctorale onderzoekers per universiteit op 1 november 2019 n

%

72

9

KU Leuven

327

41

UGent

280

35

UAntwerpen

96

12

UHasselt

21

3

6

1

VUB

Andere Totaal

802

Excl. Pegasus²

Tabel 19: Postdoctorale onderzoekers per wetenschapsgebied op 1 november 2019 n

%

Biologische wetenschappen

114

14

Cultuurwetenschappen

138

17

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

114

14

Medische wetenschappen

174

22

Wetenschap en technologie

230

29

32

4

Interdisciplinair Totaal

802

JAARVERSLAG FWO 2019 - 26


De M/V-verdeling bij de postdoctorale mandaathouders is weergegeven in Tabel 20. Het aandeel mannelijke postdoctorale onderzoekers is nog steeds groter dan het aandeel vrouwen. 43% van het postdoctorale mandatenbestand, excl. fundamenteel klinische mandaten, bestaat uit vrouwen. Dat percentage is sinds 2014 constant. Tussen de verschillende wetenschapsdomeinen zijn er opvallende verschillen, met name binnen het domein ‘Wetenschap en technologie’ is het aandeel vrouwen beperkt (25%) versus 63% vrouwelijke postdocs binnen de medische wetenschappen. Tabel 20: M/V-verhouding postdocs in functie op 1 november 2019

M

V

%V

458

343

43

Incoming Pegasus2 MSCA fellows

24

10

29

Outgoing Pegasus2 MSCA fellows

5

3

38

487

356

42

Postdoctoraal onderzoekers

Totaal 1 postdoc in dienst heeft geslacht x

Net zoals bij de predoctorale mandaathouders zet het FWO sterk in op de internationalisering van het mandatenbestand bij de postdoctorale onderzoekers (Tabel 21). 42% van de postdoctorale onderzoekers heeft een andere nationaliteit dan de Belgische. Tabel 21: Nationaliteit postdoctorale mandaathouders in functie op 1 november 2019 Postdoctoraal onderzoeker

Belg

EU

Niet-EU

Totaal

469

222

111

802

1

8

Outgoing Pegasus2

7

Incoming Pegasus2

3

23

8

34

479

245

120

844

Totaal Slaagkansen

Tabel 22 toont de slaagkansen voor een postdoctorale onderzoeker per universiteit, Tabel 23 de slaagkansen per wetenschapsgebied. De slaagkans is hier lager dan het streefcijfer van 33%. Ondanks de significante stijging van het aantal toegekende postdocs in 2019 (256 in 2019 versus gemiddeld 198 in de periode 2014-2019) was het slaagcijfer lager dan gemiddeld. Het openstellen van het senior-kanaal voor alle postdoctorale onderzoekers ongeacht of ze daarvoor al een junior mandaat hadden, draagt daartoe bij. Het FWO ontving meer dan 300 extra aanvragen ten opzichte van 2018. Tussen de verschillende wetenschapsgebieden zijn er – in tegenstelling tot de periode voor 2019 – slechts zeer beperkte verschillen in slaagkansen. De reden is de nieuwe selectiemethodiek. Die methodiek wordt bij de aspiranten beschreven.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 27


Tabel 22: Slaagkansen per universiteit voor postdoctorale onderzoekers (junior en senior kanaal samen)

2019

Gemiddelde 2014-2019

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

VUB

102

21

21

72

16

23

KU Leuven

423

99

23

323

86

27

UGent

354

96

27

257

64

25

UAntwerpen

123

33

27

91

24

27

35

5

14

23

6

26

7

2

29

3

1

30

1044

256

25

768

198

26

UHasselt Andere Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 23: Slaagkansen per wetenschapsgebied voor postdoctorale onderzoekers (junior en senior kanaal samen)

2019 Gemiddelde 2014-2019 A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

Biologische wetenschappen

139

37

27

105

27

25

Cultuurwetenschappen

179

43

24

150

32

21

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

181

40

22

149

31

21

Medische wetenschappen

183

48

26

134

45

33

Wetenschap en technologie

320

77

24

210

57

27

42

11

26

21

7

35

1044

256

25

768

198

26

Interdisciplinair Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

De slaagkansen opgesplitst in junior en senior kanaal worden weergegeven in Tabel 24 en Tabel 25. Tabel 24: slaagkansen per universiteit voor postdoctorale onderzoekers uitgesplitst voor junior en senior kanaal

Junior

Senior

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

74

14

19

28

7

25

KU Leuven

287

63

22

136

36

26

UGent

250

66

26

104

30

29

UAntwerpen

88

23

26

35

10

29

UHasselt

24

3

13

11

2

18

7

1

14

3

1

33

727

170

23

317

86

27

VUB

Andere Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

JAARVERSLAG FWO 2019 - 28


Tabel 25: Slaagkansen per wetenschapsgebied voor postdoctorale onderzoekers uitgesplitst voor junior en senior kanaal

Junior

Senior

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

Biologische wetenschappen

100

22

22

39

15

38

Cultuurwetenschappen

131

30

23

48

13

27

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

142

30

21

39

10

26

Medische wetenschappen

118

29

25

65

19

29

Wetenschap en technologie

208

51

25

112

26

23

28

8

29

14

3

21

727

170

23

317

86

27

Interdisciplinair Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Gelijke kansen De slaagkansen per geslacht voor postdoctorale onderzoekers worden weergegeven in Tabel 26 en Tabel 27 (uitgesplitst voor het junior en senior kanaal). Zowel in 2019 als over langere termijn (periode 2014 tot en met 2019) zijn er geen significante verschillen in slaagcijfers voor mannelijke en vrouwelijke kandidaten. Tabel 26: Slaagkansen per geslacht voor postdoctorale onderzoekers 2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n)

T(n)

S(%)

A (n)

T(n)

S(%)

Man

613

146

24

450

116

26

Vrouw

431

110

26

317

83

26

0

0

0

4

0

0

1044

256

25

768

198

26

X Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 27: Slaagkansen per geslacht voor postdoctorale onderzoekers uitgesplitst voor junior en senior kanaal

Junior

Senior

A (n)

T(n)

S(%)

A (n)

T(n)

S(%)

Man

412

98

201

48

Vrouw

315

72

116

38

0

0

0

0

727

170

24 23 0 23

317

86

24 33 0 27

X Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

De slaagkansen per nationaliteit voor de postdoctorale onderzoekers zijn opgenomen in Tabel 28.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 29


Tabel 28: Slaagkansen per geslacht voor postdoctorale onderzoekers per nationaliteit Postdoctorale Postdoc onderzoekers (junior)

A (n) T (n)

Postdoctorale onderzoekers (senior)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

Belgisch

447

133

29,8

311

90

28,9

136

43

31,6

EU

311

75

24,1

211

49

23,2

100

26

26,0

Niet-EU

286

48

16,8

205

31

15,1

81

17

21,0

1044

256

25

727

170

23

317

86

27

Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Marie Curie Het FWO steunt kandidaten op de reservelijst van de oproepen Marie SkłodowskaCurie Actions Individual Fellowships (Europees Kaderprogramma voor Onderzoek en Innovatie Horizon 2020 (2014-2020)) via een opvangmandaat. Het beperkt zich daarbij tot de types ‘Standard, ‘Reintegration’ en ‘Career Restart’. Het FWO kent aan de acht kandidaten die het hoogst op de reservelijst gerangschikt zijn en over een affiliatie beschikken aan een voor het FWO ontvankelijke Vlaamse hoofdonthaalinstelling een opvangmandaat toe, ongeacht het panel. Elk mandaat wordt voor maximum 24 maanden gefinancierd. Fundamenteel klinische mandaten Het fundamenteel klinisch mandaat ondersteunt artsen en onderzoekers die een volwaardige carrière binnen het translationeel onderzoek nastreven. De mandaten bieden de mogelijkheid om deeltijds te worden vrijgesteld van een klinische functie in functie van het onderzoek. Translationeel onderzoek is de schakel tussen het fundamenteel biomedisch onderzoek (van kapitaal belang voor elke vooruitgang) en het klinisch onderzoek, dat zich op patiënten richt. Met een tot tweemaal hernieuwbaar fundamenteel klinisch mandaat van vijf jaar kunnen zij zich halftijds wijden aan hun onderzoek, naast hun klinische activiteiten. Aan 8 van de 18 kandidaten kon een eerste mandaat worden toegekend in 2019. Aan alle 17 kandidaturen voor een hernieuwing werd een verlenging toegekend. In totaal waren er op 1 november 2019 100 fundamenteel klinische mandaten in dienst (M/V-verhouding 74/26%, nationaliteit Belgisch/EU/niet-EU 91/8/1%).

JAARVERSLAG FWO 2019 - 30


Onderzoeksprojecten Naast de mandaten zijn de onderzoeksprojecten het belangrijkste financieringskanaal van het FWO. Zowel binnen het fundamenteel onderzoek, het strategisch basisonderzoek als het klinisch onderzoek zijn er binnen het FWO financieringsmogelijkheden voor onderzoekers.

Fundamenteel onderzoek De onderzoeksprojecten binnen het kanaal fundamenteel onderzoek komen er op initiatief van de onderzoekers. Projecten worden aangevraagd door een promotor, al dan niet in samenwerking met copromotoren van dezelfde of een andere onthaalinstelling. Een projectaanvraag kan personeel omvatten (zowel wetenschappelijk als technisch), uitrusting en werking. Met de werking- en uitrustingskosten wordt voorzien in ondersteuning van het onderzoek. Het gaat o.a. om uitgaven voor het bijwonen van congressen, de aankoop van grondstoffen, chemicaliën, dierproeven en de aankoop en het onderhoud van onderzoeksapparatuur. De evaluatieprocedures en modaliteiten van dit programma werden in 2019 ingrijpend gewijzigd. Zo kwam er een opsplitsing tussen junior en senior onderzoeksprojecten om onderzoekers doorheen hun ganse carrière uitzicht te bieden op onderzoeksfinanciering. Daarnaast worden mogelijk externe referenten niet langer door de aanvrager gesuggereerd, maar door het FWO zelf aangeschreven. Bovendien kunnen aanvragers reageren op de commentaren van de externe en interne evaluatoren door middel van een rebuttal. Slaagkansen Omdat de missie van het FWO erin bestaat excellente onderzoeksploegen de vereiste kansen te bieden om internationaal competitief te zijn in een brede waaier aan disciplines, is het absoluut noodzakelijk dat een aanvaardbare slaagkans voor onderzoeksprojecten wordt gegarandeerd. Net zoals bij de mandaten wordt ook bij de projecten een norm van 33% vooropgesteld. In 2019 werd er in totaal voor 558 miljoen euro subsidie aangevraagd in 1358 onderzoeksprojecten en werd er voor 127 miljoen euro subsidie toegekend aan 302 onderzoeksprojecten. De slaagkansen per instelling en per wetenschapsgebied zijn opgenomen in Tabel 29 en Tabel 30. De slaagkans bedroeg in 2019 22,4% van het aangevraagde budget. Door de opsplitsing in junior en senior projecten is een vergelijk met de voorgaande jaren niet evident. Mede dankzij de budgettaire opstap in 2019 is de slaagkans gestegen. Het effect van andere maatregelen om de instroom te beperken (bijvoorbeeld een maximum aantal van twee lopende projecten) kan pas binnen enkele jaren beoordeeld worden. Het grootste aantal projecten wordt ingediend binnen de categorieën ‘Medische wetenschappen’ en ‘Wetenschap en technologie’.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 31


Tabel 29: Slaagkansen fundamentele projecten (junior en senior projecten samen) per instelling

A(n)

A(bedrag) (k€)

S%(n)

S%(bedrag)

VUB

177

59.371

37

12.017

20,90

20,24

KU Leuven

558

225.081

134

54.386

24,01

24,16

UGent

423

153.140

101

36.592

23,88

23,89

UAntwerpen

226

80.345

42

15.430

18,58

19,20

UHasselt

81

30.889

12

4.746

14,81

15,36

ITG

17

7.868

4

1.726

23,53

21,94

UAMS

1

20

0

0

0,00

0,00

Vlerick

4

1.030

1

284

25,00

27,57

1358

568.579

302

127.562

22,24

22,44

Totaal

T(n) T(bedrag) (k€)

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Opmerking: in deze tabel zijn ook de Lead Agency-projecten opgenomen, die worden immers in het panelbudget verrekend. Deze projecten worden in het gedeelte ‘Internationale samenwerking’ in meer detail besproken. In één project kunnen meerdere instellingen betrokken zijn. Het totale aantal op de laatste lijn komt daarom niet overeen met de som van de lijnen erboven. Tabel 30: Slaagkansen fundamentele projecten (junior en senior projecten samen) per wetenschapsgebied

A(n)

A(bedrag) (k€)

T(n)

T(bedrag) (k€)

S%(n)

S%(bedrag)

Biologische wetenschappen

182

87.329

44

20.028

24,18

22,93

Cultuur­ wetenschappen

104

31.471

22

6.516

21,15

20,70

Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen

262

77.665

54

17.004

20,61

21,89

Medische wetenschappen

436

214.798

98

47.616

22,48

22,17

Wetenschap en technologie

320

129.320

73

31.194

22,81

24,12

Interdisciplinair

54

27.996

11

5.204

20,37

18,59

1358

568.579

302

127.562

22,24

22,44

Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Opmerking: er wordt een gelijke slaagkans per wetenschapsgebied gehanteerd. De kleine verschillen zijn te wijten aan de gehanteerde selectiemethodiek (verdeling restbudget per panel over reservelijst).

JAARVERSLAG FWO 2019 - 32


De slaagkansen voor de junior en senior onderzoeksprojecten zijn dezelfde en worden per wetenschapsgebied getoond in Tabel 31 en Tabel 32. Ongeveer één derde van de toegekende middelen gaat naar de junior onderzoeksprojecten. Tabel 31: Slaagkansen fundamentele projecten (junior) per wetenschapsgebied A(n)

A(bedrag) (k€)

T(n)

T(bedrag) (k€)

S%(n)

S%(bedrag)

Biologische wetenschappen

45

20.851

11

4.719

24,44

22,63

Cultuur­ wetenschappen

35

10.358

7

2.142

20,00

20,68

Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen

111

31.896

23

6.924

20,72

21,71

Medische wetenschappen

147

70.872

33

15.386

22,45

21,71

Wetenschap en technologie

105

40.979

24

10.343

22,86

25,24

Interdisciplinair

15

7.826

2

967

13,33

12,36

458

182.782

100

40.481

21,83

22,15

Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 32: Slaagkansen fundamentele projecten (senior) per wetenschapsgebied

A(n)

A(bedrag) (k€)

T(n)

T(bedrag) (k€)

S%(n)

S%(bedrag)

66.478

33

15.309

24,09

23,03

69

21.113

15

4.374

21,74

20,72

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

151

45.769

31

10.080

20,53

22,02

Medische wetenschappen

289

143.926

65

32.230

22,49

22,39

Wetenschap en technologie

215

88.341

49

20.851

22,79

23,60

39

20.170

9

4.237

23,08

21,01

900

385.797

202

87.081

22,44

22,57

137

Biologische wetenschappen Cultuurwetenschappen

Interdisciplinair Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

In 73 van de 302 toegekende projecten (24%) was meer dan één instelling betrokken. In dat aantal zitten de Lead Agency-projecten (18 in totaal) vervat. Sinds 2019 kan een niet-Vlaamse onderzoeksinstelling 10% delen in het onderzoeksbudget. Ook die samenwerkingen zitten in deze cijfers vervat (28 in totaal).

JAARVERSLAG FWO 2019 - 33


Een overzicht van de gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www. fwo.be/nl/actueel/resultaten/onderzoeksprojecten-en-kredieten-aan-navorsers/ resultaten-onderzoeksprojecten-2019. Gelijke kansen Tabel 33 toont de man-vrouw-verdeling van de promotor-woordvoerders van aangevraagde en toegekende aanvragen per wetenschapsgebied. Tabel 33: Aangevraagde en toegekende projecten per wetenschapsgebied opgesplitst in man-vrouw-verdeling (junior en senior projecten samen)

A (n) man

A (n) vrouw

A (%V)

T (n) man

T (n) vrouw

T (%V)

Biologische wetenschappen

138

44

24

34

10

23

71

33

32

15

7

32

Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen

168

94

36

39

15

28

Medische wetenschappen

276

160

37

67

31

32

Wetenschap en technologie

259

61

19

58

15

21

42

12

22

7

4

36

954

404

30

220

82

27

Cultuurwetenschappen

Interdisciplinair Totaal ERC runner-up projecten

Om Vlaamse onderzoekers te stimuleren om te participeren in de hoogstaande Europese competitie van de ERC Starting Grants, biedt het FWO naast ondersteuning via de NCP-werking ook een financiële stimulus via ERC runner-upprojecten. Het FWO ondersteunt maximum vijf kandidaten uit Vlaamse instellingen die aan het einde van het evaluatieproces van de ERC Starting Grants een A-score hebben ontvangen, maar die door budgetbeperkingen geen financiering hebben gekregen van de ERC. Het opvangproject bestaat uit de financiering van één wetenschappelijk personeelslid voor vier jaar (60.000 euro) en 10.000 euro werkingsmiddelen. Het onderzoeksproject moet worden uitgevoerd aan een Vlaamse onthaalinstelling. In 2019 werd aan één onderzoeker een runner-upproject toegekend. Humanitaire acties Rode Neuzen Rode Neuzen Dag is een samenwerking tussen VTM, Q-Music en Belfius en vraagt aandacht voor het lichamelijk en mentaal welbevinden van jongeren. Om de opbrengsten van de benefietactie Rode Neuzen Dag te beheren, werd het Rode Neuzen Fonds opgericht bij de Koning Boudewijnstichting. Naar aanleiding van deze dag lanceerde het FWO een oproep, samen met het Rode

JAARVERSLAG FWO 2019 - 34


Neuzen Fonds, om fundamenteel wetenschappelijk onderzoek over de geestelijke gezondheid en het psychisch welzijn van jongeren te ondersteunen, zowel wat betreft hulpverlening als preventie. Ook onderzoek in wetenschapsdomeinen zoals onderwijs, sport en cultuur, dat gerelateerd is aan het psychisch welzijn van jongeren, wordt aangemoedigd. Voor de oproep van 2019 was een budget van 1.000.000 euro beschikbaar. Er werden acht voorstellen voor een tweejarig onderzoeksproject ingediend voor een totaal bedrag van 1.641.370 euro. Aan vier projecten kon een subsidie toegekend worden voor een bedrag van 850.910 euro. De raad van bestuur besliste om het resterende budget van deze oproep (149.090 euro) toe te voegen aan het beschikbare budget voor de oproep voor fundamentele onderzoeksprojecten 2019 en toe te wijzen aan een project dat thematisch aansluit bij het Rode Neuzenthema. Kom op tegen Kanker In 2019 was er 800.000 euro beschikbaar om te besteden aan tweejarige onderzoeksprojecten met een door Kom op tegen Kanker gespecifieerde scope. De scope van de oproep van 2019 was: Innovative treatments for cancers with limited treatment options. Voor deze oproep werden zeven aanvragen ontvangen, voor een totaal aangevraagd bedrag van 1.895.736 euro. In totaal werd 800.000 euro steun toegekend aan drie projecten.

Projecten strategisch basisonderzoek Strategisch basisonderzoek (SBO) is uitdagend en vernieuwend onderzoek met als doel om op lange termijn economische en/of maatschappelijke toepassingen in Vlaanderen te realiseren. Binnen een SBO-project wordt niet alleen verwacht dat de onderzoekers basisonderzoek uitvoeren, maar ook dat ze een duidelijke visie hebben op het potentieel voor valorisatie en dat ze een actieve inspanning leveren met het oog op de effectieve transfer, benutting en valorisatie van de onderzoeksresultaten bij economische of maatschappelijke actoren. Het SBO-programma is opgedeeld in twee finaliteitsdelen: het economisch SBOprogrammadeel (SBO-E) voor de projecten met een primaire economische finaliteit en het maatschappelijk SBO-programmadeel (SBO-M) voor de projecten met een primaire maatschappelijke finaliteit. Onderzoekers kunnen budget voor personeelskosten aanvragen en budget voor overige kosten. De overige kosten omvatten de directe kosten (werking en uitrusting) en de indirecte kosten (soms ‘vaste kosten’ of ‘overhead’ genoemd).

JAARVERSLAG FWO 2019 - 35


Eind 2018 werd de beslissing rond steunverlening genomen. Er werd voor ongeveer 40 miljoen euro steun toegekend aan 18 projecten. Door de verschuiving van de tijdslijn werd de SBO-oproep in oktober 2019 afgesloten met beslissing in mei 2020. De raad van bestuur van het FWO besliste daarom om een aantal hoog gerangschikte projecten uit de oproep van 2018 te steunen in 2019 en om een deel van het budget over te dragen naar de SBO-oproep in 2019. Een overzicht van die gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www.fwo.be/nl/actueel/ resultaten/onderzoeksprojecten-en-kredieten-aan-navorsers/resultaten-sboprojecten-2018.

Toegepast Biomedisch onderzoek met een primair Maatschappelijke finaliteit Het programma Toegepast Biomedisch onderzoek met een primair Maatschappelijke finaliteit (TBM) draagt via financiering van vergevorderd toepassingsgedreven biomedisch onderzoek bij tot de ontwikkeling van nieuwe therapieën, diagnosetechnieken en preventieve maatregelen die, door een gebrek aan industriële interesse, zonder deze overheidsfinanciering niet tot bij de patiënt zouden geraken. Van de aanvragers wordt verwacht dat ze naast het wetenschappelijke gedeelte van een projectaanvraag ook een duidelijke valorisatiestrategie in hun projectaanvraag opnemen. Onderzoekers kunnen budget voor personeelskosten aanvragen en budget voor overige kosten. De overige kosten omvatten de directe kosten (werking en uitrusting) en de indirecte kosten (soms ‘vaste kosten’ of ‘overhead’ genoemd). Gezien de klinische focus van het programma moet er bovendien één Vlaams ziekenhuis opgenomen zijn in het consortium van aanvragers voor minstens 10% van de totale begroting. In 2019 werd binnen het TBM-programma voor ongeveer 11,4 miljoen euro steun toegekend aan 13 projecten. Slaagkansen Er werden 42 projectvoorstellen ingediend binnen de TBM-oproep van 2019 (Tabel 34). In totaal werden 13 projecten gesteund. Het totale aangevraagde budget voor de 42 projectvoorstellen bedroeg 39,2 miljoen euro. De slaagkans bedraagt 31% (aantal) en 29% (budget). Het grootste gedeelte van het aangevraagde en toegekende budget gaat naar de universiteiten en universitaire ziekenhuizen. Vanwege het beperkte aantal toegekende projecten is enige voorzichtigheid geboden bij het vergelijken van de slaagkansen tussen de verschillende instellingen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 36


Tabel 34: Overzicht van de slaagkans van de TBM-oproep in 2019 per aanvrager, bedragen in euro (instellingen die als hoofd- en medeaanvrager optreden in een aanvraag worden meegeteld) Â

A (n)

T (n)

S(n) (%)

A (bedrag)

Anderen

14

2

14

2.778.530

333.920

12

KU Leuven (incl. UZ Leuven)

28

10

36 18.190.855

6.318.314

35

4

0

0

1.941.569

0

0

12

3

25

4.975.666

1.646.650

33

UHasselt

2

0

0

395.007

0

0

UZA

7

1

14

2.537.750

67.800

3

16

5

31

4.733.238

2.145.150

45

6

1

17

3.669.030

950.652

26

42

13

31 39.221.644 11.462.486

29

UAntwerpen UGent

UZGent VUB (incl. UZ Brussel) Totaal

T (bedrag) S (bedrag) (%)

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Een overzicht van de gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www. fwo.be/nl/actueel/resultaten/onderzoeksprojecten-en-kredieten-aan-navorsers/ gesteunde-tbm-projecten-oproep-2019.

Infrastructuur Onderzoeksinfrastructuur Het FWO is ook verantwoordelijk voor het toekennen van onderzoeksinfrastructuur. In dit hoofdstuk komen naast wetenschappelijke infrastructuur ook collecties, natuurlijke habitats, corpora en databanken (inclusief de digitale ontsluiting ervan) aan bod. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen middelzware en zware onderzoeksinfrastructuur. Middelzware onderzoeksinfrastructuur wordt gedefinieerd als onderzoeksinfrastructuur met een totale financieringskost van ten minste 150.000 euro en ten hoogste 1.000.000 euro (inclusief het niet-recupereerbare deel van de btw). De financieringskost voor zware onderzoeksinfrastructuur bedraagt ten minste 1.000.000 euro. Oproepen voor middelzware en zware onderzoeksinfrastructuur worden om de twee jaar georganiseerd, waardoor de investeringsmiddelen van twee begrotingsjaren worden samengevoegd, met in totaal 28 miljoen euro beschikbaar per oproep. De verdeling van de financiering van zware en middelzware infrastructuur werd door de raad van bestuur van het FWO vastgelegd op 30% voor zware en 70% voor middelzware infrastructuur. Voor de verdeling van de beschikbare middelen tussen de verschillende universiteiten binnen het middelzware infrastructuur-kanaal wordt de laatst gekende (op moment van de lancering) verdeelsleutel middelzware infrastructuur gebruikt, het gewogen gemiddelde van de BOF- en IOF-sleutel.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 37


In 2019 werd een nieuwe oproep voor (middel)zware onderzoeksinfrastructuur gelanceerd. Er werden 122 aanvragen ingediend voor een aangevraagd bedrag van 78,5 miljoen euro. Overeenkomstig de beschikbare middelen voor deze oproep middelzware onderzoeksinfrastructuur zal er een algemene slaagkans van 24% van toepassing zijn. De resultaten zullen in het jaarverslag van 2020 opgenomen worden. De verdeling van de middelen voor zware infrastructuur gebeurt volgens een open competitie, waarbij ook de strategische onderzoekscentra en instellingen voor postinitieel onderwijs als aanvrager kunnen optreden. Het FWO ontving elf aanvragen in het kader van de zevende oproep voor zware onderzoeksinfrastructuur, voor een totaal aangevraagd subsidiebedrag van circa 17,8 miljoen euro terwijl er circa 7,9 miljoen euro beschikbaar is. De resultaten zullen in het jaarverslag van 2020 opgenomen worden.

VSC Het Vlaams Supercomputer Centrum (VSC) is een samenwerkingsverband tussen de vijf Vlaamse universiteiten en hun associaties, onder beheer van het FWO. Dit consortium groepeert knowhow in wetenschappelijk en technisch rekenen (scientific/technical computing, met inbegrip van high performance computing, high throughput computing, cloud computing en data processing) in Vlaanderen en huisvest infrastructuur in vier hubs: UAntwerpen, VUB, UGent en KU Leuven. Het VSC stimuleert het gebruik van wetenschappelijk en technisch rekenen in het Vlaamse academische en industriële landschap. Daartoe biedt het infrastructuur, training en dienstverlening aan. Daarnaast fungeert het VSC als hefboom om het belang en de maatschappelijke meerwaarde van wetenschappelijk en technisch rekenen te promoten. De VSC-infrastructuur in Vlaanderen bestaat uit twee lagen. De centrale Tier-1infrastructuur dient in de eerste plaats voor het verwerken van grote parallelle jobs. De Tier-1-infrastructuur bestaat verder uit een kleine testcluster voor toekomstige technologieën. Het kleinere rekenwerk is de taak van de Tier-2-infrastructuur. Die is over een aantal locaties verspreid, staat dichter bij de gebruiker en is sterker ingebed in de campusnetwerken. Ook de clusters zijn onderling verbonden en geïntegreerd. Het VSC blijft waakzaam voor de noden van zijn gebruikers. De uitdagingen in het onderzoekslandschap kunnen niet zonder passende antwoorden blijven. Daarom werd vanaf 2018 een nieuw Vlaams supercomputing-platform ontwikkeld – Supercomputing as a service – waarop een geïntegreerde service wordt aangeboden van Tier-1 computer, data- en cloudinfrastructuur. Het VSC ontving voor de verwezenlijking hiervan een impulsfinanciering van 30 miljoen euro. De VSC-infrastructuur is toegankelijk voor al het wetenschappelijk onderzoek dat aan de Vlaamse universiteiten en publieke kennisinstellingen plaatsvindt. Ook de industrie kan van deze infrastructuur gebruikmaken, mits ze de kosten betaald die daaraan verbonden zijn.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 38


Voor een inzage in de beschikbare infrastructuur, gebruik en diensten aangeboden door het VSC, zie het VSC-jaarverslag.

Internationale onderzoeksinfrastructuur Het besluit van de Vlaamse Regering van 19 januari 2018 tot regeling van de Vlaamse deelname aan en/of subsidiëring van internationale onderzoeksinfrastructuren legt het structurele kader vast waarbinnen het Internationale onderzoeksinfrastructuur-programma (IRI) kan worden georganiseerd. Het IRI-programma, een samenvoeging van de voormalige Big Science- en ESFRI-financiering, heeft tot doel de Vlaamse deelname aan en/ of de subsidiëring van internationale investeringsinitiatieven te ondersteunen die uitgevoerd worden aan grootschalige, internationale of supranationale faciliteiten waaraan de Vlaamse overheid bijdraagt en/of waarvan het strategisch belang voor Vlaanderen kan worden aangetoond. Deze ondersteuning kan betrekking hebben op de beslissing tot deelname van Vlaanderen aan de internationale onderzoeksinfrastructuur, op de betaling van het lidgeld voor de deelname en de subsidiëring van de activiteiten of op de investeringen die deel uitmaken van de deelname. De subsidie wordt aangewend voor de deelname aan en de financiering van onderzoeksinfrastructuur en voor de institutionele, operationele en logistieke kosten van Vlaamse onderzoeksgroepen die eraan deelnemen. Uitgaven voor het uitvoeren van het eigenlijke onderzoek kunnen niet worden begroot op het IRIprogramma, maar kunnen via andere financieringskanalen worden aangevraagd. De eerste oproep voor de Vlaamse deelname aan en/of subsidiëring van internationale onderzoeksinfrastructuren werd opengesteld op 1 maart 2018. Op de deadline van 4 juni 2018 ontving het FWO 25 aanvragen in het kader van de IRIoproep voor een totaal aangevraagd subsidiebedrag van 79,85 miljoen euro voor vier jaar. 16 van die aanvragen zijn voor reeds lopende deelnames aan internationale infrastructuren (voormalige ESFRI- en Big Science-projecten). De indieners vragen gezamenlijk 71,54 miljoen euro aan. Er is dus duidelijk een grote vraag naar financiering van de deelname aan internationale onderzoeksinfrastructuur. In december 2018 kon er dankzij 7,5 miljoen euro extra middelen vanuit het Hermesfonds een bedrag van 28,10 miljoen euro (excl. overhead) aan subsidies verleend worden. Bijkomend werden aan deze IRI-oproep eenmalig middelen toegevoegd die het FWO in 2019 ontving in het kader van de opstap voor O&O , waardoor een bedrag van 7,08 miljoen euro (excl. overhead) aan bijkomende subsidies kon worden toegekend. Ten slotte kende de Vlaamse Regering op 13 december 2019 aan het FWO een extra investeringssubsidie toe die deels aangewend kon worden als bijkomende financiering van het bij de IRI-call excellent geëvalueerde ELIXIR-Vlaanderenproject. Dankzij de bijkomende middelen kan de volledige looptijd van vier jaar gefinancierd worden; het al gealloceerde bedrag voor de eerste twee jaar wordt daarbij vermeerderd met 2.691.996 euro (excl. overhead) voor de volgende twee jaren. JAARVERSLAG FWO 2019 - 39


Samengevat brengt dat het totaal aan subsidies voor deze IRI-oproep op 37,88 miljoen euro, excl. overhead. De gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www.fwo.be/nl/ actueel/resultaten/onderzoeksinfrastructuur/resultaten-internationaleonderzoeksinfrastructuur-oproep-2018.

Kredieten aan navorsers Kredieten aan navorsers vormen een apart financieringskanaal, bedoeld om relatief beperkte extra werkings- en uitrustingsmiddelen toe te kennen aan individuele, voornamelijk startende, onderzoekers ter ondersteuning van lopend onderzoek. Een krediet aan navorsers bedraagt minstens 2500 euro en hoogstens 40.000 euro. Dit is een uitdovend programma. In 2019 vond de laatste oproep plaats voor een beperkte groep welgedefinieerde onderzoekers. In de plaats daarvan kwam er voor de postdoctorale onderzoekers van het FWO een flexibele bench fee, die het mogelijk maakt om samen met de aanvraag voor het onderzoeksmandaat extra onderzoeksmiddelen aan te vragen. De slaagkansen per instelling en per wetenschapsdomein zijn opgenomen in Tabel 35 en Tabel 36. Tabel 35: Slaagkans kredieten aan navorsers per onthaalinstelling

A(n)

Bedrag (k€)

T(n)

Bedrag (k€)

S% (n)

S% (budget)

VUB

18

612

6

140

33

22,9

KU Leuven

58

2060

18

408

31

19,8

UGent

40

1349

14

285

35

21,1

UAntwerpen

14

521

4

105

29

20,2

UHasselt

10

366

4

128

40

35,0

2

80

1

24

50

30,0

142

4988

47

1090

33

21,9

ITG Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 36: Slaagkans kredieten aan navorsers per wetenschapsgebied Biologische wetenschappen

A(n)

Bedrag T(n) (k€)

Bedrag (k€)

S% (n)

S% (budget)

28

1046

8

228

29

22

5

127

3

29

60

23

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

16

401

5

82

31

20

Medische wetenschappen

60

2259

18

495

30

22

Wetenschap en technologie

27

941

11

208

41

22

6

214

2

48

33

22

142

4988

47

1090

33

21,9

Cultuur­wetenschappen

Interdisciplinair Totaal

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

JAARVERSLAG FWO 2019 - 40


Internationale mobiliteit, samenwerking en contacten Onderzoek op hoog niveau is per definitie internationaal. Internationale samenwerking en wetenschappelijke mobiliteit zijn dan ook een prioriteit voor het FWO. Hou er rekening mee dat internationalisering ook is vervat in alle andere actiemiddelen van het FWO; het is dus niet noodzakelijk afhankelijk van deze specifieke actiemiddelen alleen.

Internationale mobiliteit Het FWO wil de mobiliteit van onderzoekers zoveel mogelijk stimuleren. Topwetenschap vind je immers in toenemende mate in internationale samenwerkingen, zodat de onderzoeker genoodzaakt is om steeds mobieler te worden. Om aan deze vraag tegemoet te komen, biedt het FWO een breed internationaal gericht instrumentarium aan. Zo kan een onderzoeker de volgende kredieten aanvragen: kredieten voor deelname aan een congres in het buitenland, kredieten voor een kort verblijf, een workshop of cursus in het buitenland, kredieten voor een lang verblijf in het buitenland en voor een lang verblijf bij een ERC grantee in het buitenland. Merk op dat het FWO niet alleen de internationale mobiliteit van mandaathouders van het FWO stimuleert, maar ook die van alle onderzoekers verbonden aan een Vlaamse of federale wetenschappelijke instelling. De reiskredieten voor congresdeelnames, korte verblijven en workshops in Europa worden niet toegekend aan mandaathouders van het FWO (aspiranten fundamenteel & strategisch basisonderzoek en postdoctorale mandaathouders). Die mandaathouders beschikken immers over een werkingstoelage (bench fee). Het aantal toegekende reiskredieten bleef in 2019 op hetzelfde niveau als in 2018. Congressen en korte studieverblijven De slaagcijfers voor de reiskredieten per wetenschapsgebied, instelling en geslacht zijn opgenomen in respectievelijk Tabel 37, Tabel 38 en Tabel 39 voor de congressen en korte studieverblijven. Tabel 37: Reiskredieten (congressen en korte studieverblijven): verdeling en slaagkans per wetenschapsgebied A(n)

T(n)

S%

Biologische wetenschappen

265

189

71,30

Cultuurwetenschappen

188

117

62,20

Gedrags- & maatschappijwetenschappen

348

222

63,80

71

41

57,70

Medische wetenschappen

522

349

66,90

Wetenschap & technologie

442

288

65,20

1836

1206

65,70

Interdisciplinair

Totaal A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

JAARVERSLAG FWO 2019 - 41


Tabel 38: Reiskredieten (congressen en korte studieverblijven): verdeling en slaagkans per onthaalinstelling A(n)

T(n)

S(%)

KU Leuven

554

363

65,50

UGent

815

518

63,60

VUB

132

95

72,00

UAntwerpen

181

123

68,00

UHasselt

91

63

69,20

Andere

63

44

69,80

1836

1206

65,70

Totaal A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 39: Reiskredieten (congressen en korte studieverblijven): verdeling en slaagkans per geslacht A(n)

T(n)

S(%)

Man

913

620

67,91

Vrouw

923

586

63,49

Totaal

1836

1206

65,70

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 40 toont de nationaliteit van de toegekende houders van een reiskrediet. Tabel 40: Nationaliteit van de toegekende houders van een reiskrediet (congressen en korte studieverblijven) Aantal Belg

848

EU

217

Niet-EU

141

Totaal

1206

JAARVERSLAG FWO 2019 - 42


De top 10 van bestemmingen is weergegeven in Tabel 41. Tabel 41: Reiskredieten (congressen en korte studieverblijven) - landen van bestemming Aantal kredieten Verenigde Staten van Amerika

331

Canada

86

Verenigd Koninkrijk

93

Spanje

58

ItaliĂŤ

53

Frankrijk

51

Duitsland

40

AustraliĂŤ

41

Japan

27

Nederland

23

Lange verblijven in het buitenland De slaagcijfers voor de reiskredieten per wetenschapsgebied, instelling en geslacht zijn opgenomen in Tabel 42, Tabel 43 en Tabel 44. 63% van de lange verblijven in het buitenland werd toegekend aan onderzoekers op predoctoraal niveau en 37% aan onderzoekers op postdoctoraal niveau. Tabel 42: Reiskredieten (lang verblijven): verdeling en slaagkans per wetenschapsgebied A(n)

T(n)

S(%)

Interdisciplinair

19

15

78,90

Biologische wetenschappen

37

35

94,60

Medische wetenschappen

71

56

78,90

119

91

76,50

Cultuurwetenschappen

53

33

62,30

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

99

60

60,60

398

290

72,90

Wetenschap en technologie

Totaal A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

JAARVERSLAG FWO 2019 - 43


Tabel 43: Reiskredieten (lange verblijven): verdeling en slaagkans per onthaalinstelling A(n)

T(n)

S(%)

KU Leuven

170

123

72

UGent

149

105

71

VUB

21

13

62

UAntwerpen

41

33

81

UHasselt

10

9

90

7

7

100

398

290

73

Andere Totaal A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 44: Reiskredieten (lange verblijven): verdeling en slaagkans per geslacht A(n)

T(n)

S(%)

Man

221

164

74,21

Vrouw

177

126

71,19

Totaal

398

290

72,86

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Tabel 45 toont de nationaliteit van de toegekende houders van een reiskrediet. Tabel 45: Nationaliteit van de toegekende houders van een reiskrediet (lange verblijven) Aantal Belg

206

EU

44

Niet-EU

40

Totaal

290

JAARVERSLAG FWO 2019 - 44


De top 10 van bestemmingen is weergegeven in Tabel 46. Tabel 46: Reiskredieten (lange verblijven)- landen van bestemming Aantal Verenigde Staten van Amerika

74

Verenigd Koninkrijk

31

Duitsland

19

Australië

18

Nederland

17

Frankrijk

13

Zwitserland

11

Canada

8

Denemarken

8

Spanje

8

Internationale samenwerking Naast het bevorderen van de wetenschappelijke mobiliteit stimuleert het FWO ook internationale samenwerking. Het FWO doet dat door enerzijds het grotere programma bilaterale onderzoekssamenwerking op te zetten en anderzijds via de qua omvang beperktere samenwerkings- en uitwisselingsakkoorden. Daarnaast neemt het FWO deel aan Europese projecten zoals ERA-NET. Bovendien is uiteraard ook internationale samenwerking mogelijk binnen de andere gesteunde projecten. Bilaterale onderzoeksprojecten Het FWO financiert internationale bilaterale onderzoekssamenwerking met niet-Europese landen of regio’s. Het betreft hier samenwerking op het vlak van fundamenteel onderzoek, waarbij het initiatief door de onderzoeker wordt genomen en waarbij de betrokken partners als gelijkwaardig worden beschouwd. Een aparte commissie, de Commissie Bilaterale Onderzoekssamenwerking (CBOS), beoordeelt de landen voor samenwerkingen en streeft daarbij naar een maximale complementariteit met BOF (Bijzonder Onderzoeksfonds) en VLIR-UOS. Op dit moment heeft het FWO samenwerkingsakkoorden met de volgende landen/regio’s: Zuid-Afrika, Vietnam, Québec, China, Brazilië en Rusland. In 2019 vond er in het kader van deze bilaterale samenwerkingen een oproep plaats met Zuid-Afrika (NRF, National Research Foundation) en Rusland (RSF, Russian Science Foundation). • Oproep Rusland: 90 ontvankelijke projecten, waarvan er 11 gefinancierd werden (slaagkans: 12%) voor een totaalbedrag van 2.599.720 euro. • Oproep Zuid-Afrika: 61 ontvankelijke projecten, waarvan er 6 gefinancierd werden (slaagkans: 10%) voor een totaalbedrag van 1.230.780 euro. Een overzicht van de gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www.fwo. be/nl/actueel/resultaten/internationale-samenwerkingen/resultaten-bilateraleonderzoekssamenwerkingen-en-lead-agency-procedures-2019.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 45


Lead Agency-projecten Naast de bilaterale onderzoekssamenwerking met niet-Europese landen stimuleert het FWO ook samenwerking en contacten met een aantal Europese landen d.m.v. Lead Agency-procedures. In het kader van de Lead Agency-aanpak zijn afspraken gemaakt over de beoordeling en behandeling van aanvragen voor transnationale samenwerkingsprojecten. Daarbij treedt één van de onderzoeksorganisaties op als ‘lead agent’. Die draagt de verantwoordelijkheid voor de coördinatie en uitvoering van de beoordeling en voor het besluit tot honorering (dan wel afwijzing). De financiering blijft gescheiden: de aanvragers worden bij honorering gefinancierd door de eigen onderzoeksorganisatie. In 2019 vonden er Lead Agency-oproepen plaats met Luxemburg (FNR), Zwitsersland (SNSF), Oostenrijk (FWF) en Slovenië (ARRS). • • • •

Luxemburg (FNR): 7 ontvankelijke aanvragen, 1 gefinancierd; Slovenië (ARRS): 22 ontvankelijke aanvragen, 3 gefinancierd; Zwitserland (SNSF): 22 ontvankelijke aanvragen, 6 gefinancierd; Oostenrijk (FWF): 31 ontvankelijke aanvragen, 8 gefinancierd.

Een overzicht van de gesteunde projecten vindt u op de FWO-website: www.fwo. be/nl/actueel/resultaten/internationale-samenwerkingen/resultaten-bilateraleonderzoekssamenwerkingen-en-lead-agency-procedures-2019. Uitwisselings- en samenwerkingsakkoorden In de loop van de jaren werden tal van uitwisselings- en samenwerkingsakkoorden gesloten met partnerorganisaties in het buitenland waarbij, al dan niet op projectmatige basis, de mobiliteit van onderzoekers ondersteund wordt. In 2019 vonden de volgende oproepen voor samenwerkingsprojecten plaats: • • • • • •

Brazilië, Staat São Paulo (FAPESP): 10 ontvankelijke aanvragen, 5 gefinancierd; Japan (JSPS): 12 ontvankelijke aanvragen, 2 gefinancierd; Zuid-Korea (NRF): 8 ontvankelijke aanvragen, 3 gefinancierd; China (NSFC): 38 ontvankelijke aanvragen, 10 gefinancierd; Frankrijk (PHC Tournesol): 18 ontvankelijke aanvragen; 10 gefinancierd; Hongarije (HAS): 2 ontvankelijke aanvragen, 2 gefinancierd.

Wat de uitwisselingsakkoorden betreft, wordt er niet gewerkt met oproepen, maar kan er continu ingediend worden (ten laatste drie maanden vóór het vertrek, tenzij anders vermeld). In 2019 ontvingen we de volgende aanvragen binnen de uitwisselingsakkoorden: • China (CASS): 1 ontvankelijke aanvraag, 1 gefinancierd; • Roemenië (Romanian Academy): 2 ontvankelijke aanvragen, 2 gefinancierd; • Slovakije (CSF): 3 ontvankelijke aanvragen, 3 gefinancierd;

JAARVERSLAG FWO 2019 - 46


Het FWO heeft verder een samenwerkingsovereenkomst met de Japan Society for the Promotion of Science (JSPS). Dat programma steunt jonge en excellente postdoctorale onderzoekers die voor een bepaalde periode aan een door de JSPS erkende Japanse instelling wetenschappelijk onderzoek willen uitvoeren. Het programma staat open voor de cultuurwetenschappen, gedrags- en maatschappijwetenschappen en natuurwetenschappen. Elk jaar biedt de JSPS twee postdoctorale beurzen aan. In 2019 ontving het FWO twee ontvankelijke aanvragen. Die werden allebei toegekend.

Europese projecten ERA-NET werd opgericht als deel van de Kaderprogramma’s van de Europese Commissie om de samenwerking en coördinatie te bevorderen tussen de verschillende financieringsprogramma’s voor onderzoek en innovatie van de Europese lidstaten en geassocieerde landen. Het ERA-NET-schema wordt geïmplementeerd via de publicatie van open oproepen tot voorstellen voor nieuwe netwerken. De voorstellen kunnen ingediend worden door overheidsorganisaties die verantwoordelijk zijn voor de financiering of het beheer van onderzoekprogramma’s op nationaal of regionaal niveau (ministeries, agentschappen ...), door andere nationale organisaties die dergelijke programma’s financieren of beheren (bv. agentschappen voor financiering van wetenschappelijk onderzoek) en door organisaties die op Europees niveau werkzaam zijn en onder meer instaan voor de pan-Europese coördinatie van nationaal gefinancierd onderzoek. EJP cofund (European Joint Programme cofund) heeft als doel om nationale onderzoeks- en innovatieprogramma’s te coördineren door aan schaalvergroting te doen en een aanzienlijke kritische massa te verzamelen om doelstellingen en uitdagingen uit het Horizon 2020-kaderprogramma aan te kunnen pakken, over de grenzen heen. EJP cofunds bestaan uit een brede waaier aan activiteiten die per programma worden vastgelegd, naargelang de wenselijkheid van de implementatiemethode. FWO-deelname aan EJPs beperkt zich tot deelname aan die activiteiten die een duidelijk kader voor externe/open oproepen hebben voor projectfinanciering, geïnitieerd door nationale financiers, en die qua oproepmechanisme vergelijkbaar zijn met de ERA-NETs. In totaal werden er in 2019 17 ERA-NET-projecten en 1 EJP-project toegekend, binnen 9 verschillende netwerken. Binnen het fundamentele kanaal ging het om 16 projecten, waaronder 1 EJP-project. Voor het SBO-financieringskanaal werden 2 projecten toegekend. De financiële details en het toegekende bedrag per instelling zijn opgenomen in Tabel 47 en Tabel 48 voor de deelname met middelen voor fundamenteel onderzoek en in Tabel 49 en Tabel 50 voor de deelname met middelen voor strategisch basisonderzoek.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 47


Tabel 47: ERA-NET/EJP - fundamenteel onderzoek – 2019 in cijfers Beschrijving

Bedrag (in euro)

Gemiddeld toegekend bedrag per project (incl. overhead) Toegekend bedrag FWO-middelen (incl. overhead)

225.335 3.396.339

Toegekend bedrag EC top-up

208.968

Totaal toegekend bedrag (incl. overhead en EC top-up)

3.605.367

Tabel 48: ERA-NET/EJP-budget fundamenteel onderzoek per universiteit/ onderzoeksinstelling Universiteit

Bedrag (in euro) excl./incl. overhead

KU Leuven

1.632.290/1.730.227

ITG

200.000/212.000

UAntwerpen

600.000/636.000

UGent

805.000/853.300

UHasselt

164.000/173.840 3.401.290/3.605.367

Totaal Tabel 49: ERA-NET/EJP - SBO – 2019 in cijfers Beschrijving

Bedrag (in euro)

Gemiddeld toegekend bedrag per project (incl. overhead)

349.900

Toegekend bedrag FWO-middelen (incl. overhead)

574.024

Toegekend bedrag EC top-up

125.775

Totaal toegekend bedrag (incl. overhead en EC top-up)

699.800

Tabel 50: ERA-NET/EJP-budget SBO per universiteit/onderzoeksinstelling in 2019 Universiteit

Bedrag (in euro) incl. overhead

ILVO

267.900

IMEC

36.809

UGent

81.900

UHasselt

313.191 699.800

Totaal Joint Programming Initiatives

Joint Programming Initiatives (JPI) streven naar een coördinatie van onderzoeksprogramma’s van verschillende landen in Europa en zelfs daarbuiten. Het is de bedoeling om Europees onderzoek over de grenzen heen meer op elkaar af te stemmen en onderzoekers samen te laten werken rond welbepaalde thema’s. Joint Programming focust op grote gemeenschappelijke uitdagingen (“grand challenges”) waar Europa, net als de rest van de wereld, mee geconfronteerd wordt.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 48


Het FWO ondersteunt de JPI-calls enkel met top-ups a rato van 10.000 euro per jaar en voor een maximum periode van drie jaar (in totaal dus ten belope van 30.000 euro) voor lopende FWO-projecten die kunnen worden geïntegreerd in een onderzoeksconsortium. Er zijn tien JPIs: • JPND - Neurodegenerative Diseases (Alzheimer): www.neurodegenerationresearch.eu • FACCE - Agriculture, Food security & Climate Change: www.faccejpi.com - Cultural Heritage and Globale Change: www.jpi-culturalheritage.eu • HDHL – A Healthy Diet for a Healthy Life: www.healthydietforhealthylife.eu - AMR – Antimicrobial Resistance: www.jpiamr.eu - Climate: www.jpi-climate.eu/home - More Years, Better Lives - The Potential and Challenges of Demographic Change: www.jp-demographic.eu - Urban Europe: www.jpi-urbaneurope.eu - Water Challenges for a Changing World: www.waterjpi.eu - Oceans - Healthy and Productive Seas and Oceans: www.jpi-oceans.eu - Het zogenaamde ‘elfde JPI’ is het European Strategic Energy Technology Plan (SET-Plan). In 2019 werden geen uitgaven gemaakt in het kader van onze JPI-deelname.

Internationale contacten Wetenschappelijke onderzoeksgemeenschappen Wetenschappelijke Onderzoeksgemeenschappen (WOG) zijn internationale netwerken van onderzoekers. Door het financieren van deze netwerken mikt het FWO op meer coördinatie en structurele samenwerking – zowel nationaal als internationaal – inzake wetenschappelijk onderzoek. Er wordt daarbij gestreefd naar een 60-tal WOGs. Een WOG bestaat uit ten minste drie Vlaamse onderzoeksgroepen van ten minste twee Vlaamse universiteiten en ten minste twee onderzoeksgroepen van Franstalige universiteiten of buitenlandse universiteiten of wetenschappelijke instellingen. Een krediet ter ondersteuning van een WOG bedraagt gedurende vijf jaar 12.500 euro per jaar aan werkingsmiddelen bedoeld voor het financieren van gastcolleges, workshops, symposia en wetenschappelijke samenwerkingsverbanden op postdoctoraal niveau. Deze ondersteuning is na positieve evaluatie verlengbaar. In 2019 waren er 61 WOG’s actief, waarvan 14 eindigden eind 2019. Zes WOG’s vroegen een verlenging aan, naast 25 nieuwe aanvragen. Het gebiedsoverschrijdend panel (GOP) keurde in totaal 14 aanvragen goed, waaronder de 6 aangevraagde verlengingen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 49


Internationale coördinatie-acties Het FWO stelt zich met het financieringskanaal Internationale Coördinatieactie (ICA) tot doel om de verankering van coördinatie-acties van internationale samenwerkingsverbanden in Vlaanderen financieel te ondersteunen. Dit budget is bestemd voor de algemene wetenschappelijke coördinatie en het administratief beheer van het samenwerkingsverband, met uitsluiting van het wetenschappelijk onderzoek zelf. Het gaat om samenwerkingsverbanden die opgericht worden in het kader van multilaterale en supranationale instanties zoals, maar niet beperkt tot, de EU, VN, OESO, UNESCO of WHO. Op voorwaarde dat de instelling of instellingen waaraan de aanvrager verbonden is minimaal 25% van de totale kosten cofinanciert, kan de aanvrager een jaarlijks bedrag van maximum 75.000 euro ontvangen en dat gedurende drie jaar, eventueel verlengbaar. In 2019 werden er zes dossiers voorgelegd aan het gebiedsoverschrijdend panel. Aan drie dossiers werden subsidies toegekend voor een totaalbedrag van 661.500 euro. Vanaf 2020 is de verplichte cofinanciering niet meer van toepassing. Organisatie wetenschappelijke congressen in België Internationale wetenschappelijke congressen zijn een belangrijk middel om het wetenschappelijk debat te stimuleren, kennis te verspreiden en informele netwerken van wetenschappers op te bouwen die het onderzoek ten goede kunnen komen. Daarom voorziet het FWO in de mogelijkheid om financiële steun aan te vragen voor de organisatie van congressen waarbij de internationale en interuniversitaire dimensie centraal staan. Een dergelijk krediet bedraagt maximum 10.000 euro (voor grote internationale referentiecongressen) en kan gebruikt worden om materiële kosten te dekken maar ook voor de reis- en verblijfskosten van buitenlandse sprekers. Tabel 51 geeft een overzicht van het aantal aanvragen en toekenningen en het toegekende bedrag voor de organisatie van congressen per wetenschapsgebied. Tabel 51: Organisatie van wetenschappelijke bijeenkomsten in België : slaagkans per wetenschapsgebied

A(n)

A(Bedrag)

T(n)

T(bedrag)

Wetenschap en technologie

25

137.100

20

108.700

Cultuurwetenschappen

46

192.391

33

85.580

Medische wetenschappen

14

92.000

13

66.650

Interdisciplinair

10

58.232

9

36.800

Gedrags- en maatschappijwetenschappen

17

84.170

12

40.600

5

22.900

5

21.900

117

586.793

92

360.230

Biologische wetenschappen Totaal


Wetenschappelijke opdrachten (sabbatical leaves) Het krediet voor een wetenschappelijke opdracht (sabbatical leave) steunt onderzoekers om zich gedurende drie maanden tot één jaar volledig te wijden aan hun onderzoek. Onderzoekers kunnen de voorziene toelage zowel gebruiken voor de vervanging van de betrokkene als om de beneficiant in zijn onderzoekstaak te ondersteunen. Vanaf 2020 neemt dit kanaal de vorm aan van een werkingstoelage sabbatsverlof die enkel kan worden aangewend voor uitgaven die rechtstreeks in verband staan met onderzoeksactiviteiten uitgevoerd tijdens het sabbatsverlof. De slaagcijfers voor dit kanaal worden getoond in Tabel 52. Tabel 52: Slaagcijfers sabatical leaves per instelling A(n)

T(n)

UGent

12

7

KU Leuven

16

7

UHasselt

0

0

VUB

3

1

UAntwerpen

4

4

35

19

Totaal

Duurzaam reisbeleid Het FWO zet in op internationalisering van wetenschappelijk onderzoek door onderzoekers in Vlaanderen in alle fases van hun carrière mogelijkheden te bieden om internationaal samen te werken en ervaring op te doen in het buitenland. Die internationale dimensie is een rode draad door het FWO, met als drijfveer het behouden en versterken van de competitiviteit van Vlaams onderzoek op wereldschaal. Internationale mobiliteit van onderzoekers heeft echter ook een keerzijde; het beïnvloedt ontegensprekelijk de klimaatverandering. Omdat het FWO op jaarbasis heel wat reizen financiert in het kader van wetenschappelijk onderzoek, wil het actief bijdragen aan de bewustmaking rond deze problematiek. Het FWO implementeert daarom vanaf 1 januari 2020 in al haar financieringskanalen een duurzaam reisbeleid met als doel bij te dragen aan de klimaatdoelstellingen, zonder daarbij extra drempels in te bouwen voor de onderzoekers zelf. Meer info via www.fwo.be/nl/het-fwo/organisatie/duurzaam-reisbeleid.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 51


06

Organisatie Deugdelijk Bestuur Het decreet van 22 november 2013 betreffende deugdelijk bestuur in de Vlaamse publieke sector legde een aantal maatregelen vast over hoe organisaties bestuurd en gecontroleerd worden en op welke manier daarover wordt gecommuniceerd naar externe actoren. Dit decreet werd door de Vlaamse Regering met nog 11 andere decreten gebundeld in het nieuwe Bestuursdecreet, dat in werking trad op 1 januari 2019. Dit jaarverslag zal voortaan dan ook gebaseerd zijn op de nieuwe bepalingen van het Bestuursdecreet.

Onafhankelijke bestuurders Artikel III.40 van het Bestuursdecreet bepaalt dat minimaal een derde van het aantal stemgerechtigde leden van de raad van bestuur een onafhankelijke bestuurder is. Artikel 19 van het gewijzigde decreet van 30 april 2009 betreffende de organisatie en financiering van het wetenschaps- en innovatiebeleid bepaalt dat de leden van de raad van bestuur worden benoemd door de Vlaamse Regering, bepaalt de vereisten waaraan kandidaten voor het mandaat van onafhankelijke bestuurder moeten voldoen en bepaalt dat 4 van de 12 leden van de raad van bestuur onafhankelijke bestuurders moeten zijn. Bijgevolg is daardoor een derde van het aantal stemgerechtigde leden van de raad van bestuur een onafhankelijke bestuurder.

Vergoeding leden raad van bestuur Artikel III.39 van het Bestuursdecreet bepaalt dat het bedrag van de jaarlijkse bezoldiging, opgesplitst in vast en variabel gedeelte, eventuele vertrekpremies, de zitpenningen en vergoedingen van leden van de raad van bestuur openbaar worden gemaakt door publicatie in het jaarverslag van de betrokken entiteit. Dat jaarverslag wordt bovendien bekendgemaakt op de website van de entiteit. De vergoeding van de leden van de raad van bestuur van het FWO is vastgelegd in artikel 20 van de statuten. De leden ontvangen een vaste vergoeding van 1.500 euro op jaarbasis en 150 euro presentiegeld per vergadering, de leden van de raad van bestuur die zich moeten verplaatsen ontvangen ook een vergoeding die hun reis- en verblijfskosten dekt.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 52


In 2019 werden de volgende nettobedragen uitbetaald: Verstraete Willy

Voorzitter

€ 4.581,74

Van de Vel An*

Ondervoorzitter

€ 2.816,80

Aerts Conny**

Lid

€ 3.209,16

Blondé Bruno

Lid

€ 1.845,15

Bury Jo***

Lid

€ 2.638,80

De Knop Paul

Lid

€ 2.382,42

De Paepe Anne

Lid

€ 1.969,12

Even Katrien

Lid

€ 1.453,59

Lauwers Ludo

Lid

€ 2.083,50

Torfs Rik

Lid

Geen vergoeding

Van Bael Marlies

Lid

€ 2.367,45

van Sas Jos

Lid

€ 2.242,65

Bergen Gert

Regeringsafgevaardigde

€ 1.916,92

Van Damme Simon

Regeringsafgevaardigde

Geen vergoeding

(*) bedrag uitbetaald aan Umicore (**) bedrag uitbetaald aan KU Leuven (***) bedrag uitbetaald aan VIB

Vergoeding leidend ambtenaar FWO De secretaris-generaal van het FWO ontvangt een vergoeding die afgestemd is op de rechtspositieregeling van het personeel van de Vlaamse overheid en die opgenomen is in het Vlaams Personeelsstatuut (VPS).

Bestuurs- en adviesorganen Raad van bestuur De raad van bestuur is als volgt samengesteld: Naam

Titel

Voorzitter Verstraete Willy

Emeritus professor - UGent

Ondervoorzitter Van de Vel An

JAARVERSLAG FWO 2019 - 53


Leden Blondé Bruno

Professor - Universiteit Antwerpen

Bury Jo

Algemeen directeur - VIB

De Knop Paul

Prorector - Vrije Universiteit Brussel

De Paepe Anne

Prorector - Universiteit Gent

Delcour Jan

Professor – KU Leuven

Sipido Karin

Professor – KU Leuven

Van Bael Marlies

Professor - Universiteit Hasselt

van Sas Jos

Nokia Bell Labs

Van de Vel An

Umicore

Meulemans Ann

2bridge

Dhaene Leon

N2FINANCE

Lid met raadgevende stem Andries Mark

Leidend ambtenaar Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen

Hanssens Johan

Leidend ambtenaar van het Departement Economie, Wetenschap en Innovatie

Secretaris-generaal Willems Hans

Secretaris-generaal - FWO

Regeringsafgevaardigden Hermans Herwig

Fractiemedewerker algemeen beleid, financiën en begroting, justitie in het Vlaams Parlement

Lauwers Karl

Raadgever Wetenschap en innovatie van viceministerpresident en Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw Hilde Crevits

Verslaggever Huysmans Danny

Directeur operationeel beheer - FWO

JAARVERSLAG FWO 2019 - 54


Auditcomité van de raad van bestuur Het auditcomité van de raad van bestuur is als volgt samengesteld: Naam

Titel

Voorzitter van Sas Jos

Nokia Bell Labs

Leden De Knop Paul

Prorector - Vrije Universiteit Brussel

Dhaene Leon

N2FINANCE

Regeringsafgevaardigden Hermans Herwig

Fractiemedewerker algemeen beleid, financiën en begroting, justitie in het Vlaams Parlement

Lauwers Karl

Raadgever Wetenschap en innovatie van viceminister-president en Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw Hilde Crevits

Raadgevend comité voor de financiën Het raadgevend comité voor de financiën is als volgt samengesteld: Naam

Titel

Voorzitter De Keuleneer Eric

Gedelegeerd Bestuurder Universitaire Stichting

Leden Stienlet Georges

Inspecteur-generaal financiën

Vandewalle Luc

Lid van de Raad van Commissarissen, ING België

Verwilst Herman

Buitengewoon hoogleraar – Universiteit Gent

Secretaris-generaal Willems Hans

Secretaris-generaal - FWO

Waarnemer afgevaardigd door de raad van bestuur Bury Jo

Algemeen directeur - VIB

Benoemings- en remuneratiecomité Naam

Titel

Voorzitter Verstraete Willy

Emeritus professor – Universiteit Gent

Leden De Knop Paul

Prorector - Vrije Universiteit Brussel

Van Bael Marlies

Professor - Universiteit Hasselt

Secretaris-generaal Willems Hans

Secretaris-generaal - FWO

JAARVERSLAG FWO 2019 - 55


Werkgroep onderzoeksbeleid Naam

Titel

Voorzitter Willems Hans

Secretaris-generaal - FWO

Leden Blust Ronny

Vice-rector onderzoek – Universiteit Antwerpen

Boehme Olivier

Coördinator Cel Strategie en Beleid - FWO

Huysmans Danny

Directeur operationeel beheer - FWO

Lemahieu Ignace

Directeur onderzoeksaangelegenheden – Universiteit Gent

Meylaerts Reine

Vice-rector onderzoek - KU Leuven

Rigo Jean-Michel

Vice-rector onderzoek – Universiteit Hasselt

Vanderkerken Karin

Vice-rector onderzoek - Vrije Universiteit Brussel

Van Minnebruggen Geert

Head of Core Facilities - VIB

Verbaeys Isabelle

Hoofd internationale aangelegenheden - FWO

Dagelijks bestuur Naam

Titel

Boehme Olivier

Coördinator cel strategie en beleid - FWO

Huysmans Danny

Directeur operationeel beheer - FWO

Verbaeys Isabelle

Hoofd internationale aangelegenheden - FWO

Willems Hans

Secretaris-generaal - FWO

Expertpanels Fundamenteel Onderzoek Voor de fundamentele kanalen zijn er 30 vakspecifieke panels en 1 interdisciplinair panel. Elk panel is onderverdeeld in een panel voor aspiranten fundamenteel onderzoek, postdoctorale onderzoekers en projecten fundamenteel onderzoek. De meerderheid van de panelleden is niet verbonden aan een Vlaamse universiteit. De 30 expertpanels zijn verdeeld over 5 wetenschapsgebieden: Biologische wetenschappen • • • •

Bio 1: Moleculaire en Cellulaire Biologie Bio2: Functionele Biologie Bio3: Biodiversiteit en Ecologie Bio4: Toegepaste Biologische Wetenschappen

JAARVERSLAG FWO 2019 - 56


Cultuurwetenschappen • • • • •

Cult1: Taal Cult2: Kunsten en Literatuur Cult3: Geschiedenis, Kunstgeschiedenis en Archeologie Cult4: Theologie, Filosofie en Godsdienstwetenschappen Cult5: Filosofie en Ethiek

Gedrags- en maatschappijwetenschappen • • • •

G&M1: Rechtswetenschappen en Criminologie G&M2: Economie, Bedrijfseconomie en Management G&M3: Psychologie, Pedagogiek, Onderwijskunde en Sociaal Werk G&M4: Sociale, Politieke en Communicatiewetenschappen

Medische wetenschappen • Med1: Farmaceutische Wetenschappen en Eiwitchemie • Med2: Genetica, Functioneel Genoomonderzoek, Bio-informatica, Ontwikkelingsbiologie • Med3: Microbiologie en Immunologie • Med4: Kankeronderzoek • Med5: Neurowetenschappen, Klinische Neurologie, Psychiatrie, Musculoskeletaal Onderzoek, Reumatologie, Orthopedie en Dermatologie • Med6: Cardiovasculair Systeem, Ademhalingssysteem, Nefrologie, Hematologie • Med7: Gastro-enterologie, Hepatologie, Endocrinologie, Metabolisme en Voeding, Reproductie, Urogenitaal Systeem • Med8: Gezondheidswetenschappen Wetenschap en technologie • • • • • • • • •

W&T1: Wiskundige Wetenschappen W&T2: Fysica W&T3: Gecondenseerde Materie en Fysische Chemie W&T4: Chemie W&T5: Informatica en Kennistechnologie W&T6: Chemische Ingenieurstechnieken, Materiaalkunde W&T7: Energie, Elektrotechniek, Elektronica en Werktuigkunde W&T8: Wetenschappen van de Aarde en de Ruimte W&T9: Wetenschap en Technologie van Constructies en de Gebouwde Omgeving

Interdisciplinair expertpanel Naast die 30 expertpanels is er een interdisciplinair expertpanel, waar interdisciplinaire onderzoeksprojecten worden voorgelegd. Dat houdt in dat in elk van de betrokken disciplines (die tot een verschillend gebied behoren) vooruitgang kan worden geboekt door de uitvoering van het gezamenlijke project, in elk van de

JAARVERSLAG FWO 2019 - 57


disciplines afzonderlijk en/of op een gezamenlijk gebied. Projecten waarin de ene discipline slechts instrumenteel is voor de andere, waarin vanuit de ene discipline hulpmiddelen worden aangereikt voor een onderwerp uit een andere discipline, komen niet in aanmerking. De samenstelling van de FWO-expertpanels is beschikbaar op de website: www. fwo.be/nl/het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/panels-fundamenteel-onderzoek. Verslag van de werking van de panels Binnen het FWO zijn er in het kanaal van de fundamentele mandaten (FM) (postdoc en aspirant) en in het kanaal van de fundamentele projecten (FP) 30 vakspecifieke panels (in de gebieden Bio, Cult, G&M, Med, W&T) en 1 interdisciplinair panel. In totaal zijn er dus 62 expertpanels voor de fundamentele kanalen. Elk panel heeft in principe 12 leden, onder wie de wetenschappelijke voorzitter (telkens een panellid dat niet verbonden is aan een Vlaamse onderzoeksinstelling). Alle leden worden aangeduid door de raad van bestuur en zijn minimaal van postdoctoraal niveau. Kandidaat-experten worden geĂŤvalueerd op hun wetenschappelijke expertise door het Expertisecentrum O&O Monitoring (ECOOM). Externe kandidaten worden gescreend op basis van de methode goedgekeurd door de raad van bestuur. Panelleden die een projectaanvraag indienen als (co)promotor of die optreden als (co)promotor of als supervisor voor een mandaataanvraag die behandeld zal worden door het panel waarvan ze lid zijn, kunnen tijdens de betreffende aanvraagronde niet in dat panel zetelen. Panels worden dan ook definitief samengesteld na het sluiten van de te evalueren oproepen, zodat panelleden met een belangenconflict vervangen kunnen worden. Er wordt bij de samenstelling van de panels naar gestreefd dat maximum twee derde van de aangestelde leden van hetzelfde geslacht zijn over alle panels heen. Verder wordt ervoor gezorgd dat meer dan de helft van de leden van elk expertpanel niet verbonden is aan een Vlaamse onderzoeksinstelling. Ten slotte wordt er aandacht besteed aan de complementariteit van de expertises en probeert men een concentratie van instellingen waaraan panelleden verbonden zijn te vermijden. De termijn van een lidmaatschap van een FP- en een FM-expertpanel bedraagt in principe drie jaar. Die termijn is eenmaal hernieuwbaar. De evaluatieprocedure voor de aspiranten fundamenteel onderzoek en de postdoctorale onderzoekers, uitgevoerd door de expertpanels FM, bestaat uit twee stappen: een online preselectiemeeting en een interviewmeeting, waarbij de finale score van de kandidaten wordt bepaald. Bij de evaluatie van de aspiranten fundamenteel onderzoek stelt het panel per aanvraag drie interne evaluatierapporten op. In 2019 werden er van de 2700 verwachte evaluatierapporten 2668 effectief ingediend (99%). Bij de interviewmeetings voor de aspiranten fundamenteel onderzoek waren 321 van de 362 aangestelde panelleden aanwezig in Brussel (89%). Bij de evaluatie van de postdoctorale onderzoekers stelt het panel per aanvraagdossier twee interne evaluatierapporten op voor de preselectiemeeting. Daarnaast worden er twee externe evaluatierapporten opgesteld door buitenlandse experten die specialist zijn in het onderwerp van de aanvraag maar niet in het panel zetelen. Ten slotte stelt

JAARVERSLAG FWO 2019 - 58


het panel één syntheserapport per aanvraagdossier op, dat de twee interne en de twee externe evaluatierapporten samenvat. Van de 2008 verwachte interne evaluatierapporten werden er 1980 effectief ingediend (99%). Van de 1004 verwachte syntheserapporten werden er 960 effectief ingediend (96%). Bij de interviewmeetings voor de postdoctorale onderzoekers waren 310 van de 350 aangestelde panelleden aanwezig in Brussel (89%). De evaluatieprocedure voor de projecten fundamenteel onderzoek en kredieten aan navorsers, uitgevoerd door de expertpanels FP, is gebaseerd op interne en externe review en een ‘rebuttal’ geschreven door de aanvrager(s)1. De finale score van de aanvragers wordt bepaald tijdens de jaarlijkse panelmeeting. Van de 2980 verwachte interne evaluatierapporten werden er 2848 effectief ingediend (96%). Van de 1490 verwachte syntheserapporten werden er 1453 effectief ingediend (98%). Bij de panelmeetings waren 322 van de 355 aangestelde panelleden aanwezig in Brussel (91%). Strategisch basisonderzoek De aanvragen voor aspiranten strategisch basisonderzoek worden beoordeeld door 24 thematische panels. Die bestaan voor minstens één derde uit leden met een industriële achtergrond. De meerderheid van de leden is verbonden aan een nietVlaamse instelling. Tijdens de evaluatieprocedure van de projecten Strategisch Basisonderzoek (SBO) worden twee overkoepelende commissies (één commissie per finaliteitsluik: SBO-E en SBO-M) ingeschakeld. Die staan in voor 1) de aanstelling van de (inter)nationale evaluatoren en 2) de formulering van een advies van finale rangschikking en selectie op basis van de resultaten van de afzonderlijke SBO-expertpanels. Op basis van de adviezen van de overkoepelende commissies neemt de raad van bestuur aansluitend de beslissing over de SBO-steunverlening. De samenstelling van deze panels/commissies is beschikbaar op de website: www.fwo.be/nl/het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/panels-strategischbasisonderzoek. Onderzoeksinfrastructuur De evaluatie van de aanvragen voor middelzware onderzoeksinfrastructuur gebeurt op universiteitsniveau. Voor de evaluatie van de tweejaarlijkse aanvragen voor zware onderzoeksinfrastructuur doet het FWO een beroep op de uit internationale experten samengestelde Science Commissie voor de wetenschappelijke evaluatie en de Commissie Invest voor de financiële haalbaarheid. (1) Voor de kredieten aan navorsers werden er geen externe reviewrapporten opgevraagd.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 59


Voor de evaluatie van de aanvragen voor internationale onderzoeksinfrastructuur worden naast externe evaluatoren twee commissies ingesteld: • De Commissie Science evalueert de wetenschappelijke kwaliteit van de aanvragen voor zware en internationale onderzoeksinfrastructuur. • De Commissie Strategie onderzoekt de opbouw, kwaliteit en haalbaarheid van het operationeel en financieel plan en het strategisch belang voor Vlaanderen van aanvragen voor internationale infrastructuur die door de Commissie Science als ‘wetenschappelijk excellent’ of ‘zeer goed’ zijn gecatalogeerd. De samenstelling van deze commissies is beschikbaar op de website: www.fwo.be/ nl/het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/onderzoeksinfrastructuur. Klinisch onderzoek Voor het programma TBM worden bij het sluiten van de oproep de ingediende projectvoorstellen ingedeeld in thematische groepen op basis van hun onderwerp. Voor elke thematische groep wordt een specifiek expertpanel samengesteld. Voor de fundamentele klinische mandaten wordt met een aparte jury gewerkt. De samenstelling van deze panels is beschikbaar op de website: www.fwo.be/nl/ het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/panels-biomedisch-en-klinisch-onderzoek. Internationale Samenwerking Commissie Internationale Wetenschappelijke Contacten De Commissie Internationale Wetenschappelijke Contacten (CIWC) geeft advies over aanvragen inzake de internationale mobiliteit van onderzoekers (d.i. deelname aan congressen/workshops en lange/korte verblijven in het buitenland), de organisatie van wetenschappelijke bijeenkomsten in België, de wetenschappelijke opdrachten (sabbatical leaves) en de internationale uitwisselingsakkoorden en samenwerkingsprojecten. De commissie vergadert maandelijks (m.u.v. de maand augustus) en telt 17 Vlaamse leden, die vandaag deel uitmaken of vroeger lid waren van de fundamentele FWO-expertpanels. De samenstelling van de commissie is beschikbaar op de website: www.fwo. be/nl/het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/panels-fundamenteel-onderzoek/ internationale-samenwerking/commissie-internationale-wetenschappelijkecontacten-ciwc. Gebiedsoverschrijdend panel De raad van bestuur kan een beroep doen op het gebiedsoverschrijdend panel (GOP) bij het beoordelen van aanvragen ingediend over verschillende wetenschappelijke gebieden heen al dan niet met een internationale dimensie. Het gaat onder meer om aanvragen in deze financieringskanalen:

JAARVERSLAG FWO 2019 - 60


• bilaterale onderzoekssamenwerking (als er geen gezamenlijk evaluatiepanel optreedt); • Lead Agency Procedures (LAP), waarbij de partnerorganisatie ook als Lead Agency kan optreden; • Internationale Coördinatie-acties; • Pegasus Marie Curie Fellowships; • Wetenschappelijke onderzoeksgemeenschappen (WOGs); • Bijzonder Doctoraatsbeurzen. In verband met de deelname aan ERA-NET worden de Vlaamse leden van dit panel op voorhand geconsulteerd om advies te verlenen. De samenstelling van de commissie is beschikbaar op de website: www.fwo. be/nl/het-fwo/organisatie/fwo-expertpanels/panels-fundamenteel-onderzoek/ internationale-samenwerking/gebiedsoverschrijdend-panel-gop.

Administratie Contactgegevens van de administratie: www.fwo.be/nl/contact/administratie Contactgegevens voor de onderzoekers: www.fwo.be/nl/contact/voor-de-onderzoeker Organigram van de FWO-administratie

Raad van bestuur

Cel strategie en beleid

Secretaris-generaal

Internationale aangelegenheden Communicatie

Aanvragen en lopende projecten ICT

Directeur operationeel beheer

Personeelsbeheer Boekhouding en begroting Logistiek

• Secretaris-Generaal: dr. Hans Willems • Directeur operationeel beheer: Danny Huysmans • Cel strategie en beleid: dr. Olivier Boehme (Coördinator), dr. Gregory Absillis, dr. Alain Deleener, dr. Inge Geurden, dr. Steven Heylen, dr. ir. Dirk Otte, dr. Tim Thijs, dr. Guy Thoonen, dr. Frederik Van Acker, dr. Tom Van de Putte, dr. Alexandra Vandervelde, dr. ir. Isabelle Verbaeys, Caroline Volckaert • Internationale aangelegenheden: dr.ir. Isabelle Verbaeys (hoofd), dr. Gregory Absillis JAARVERSLAG FWO 2019 - 61


• • • • • •

Communicatie: Kim Barbé & Liesbeth Delvax Aanvragen en lopende projecten: Els De Samblanx ICT: Geert De Pauw Personeelsbeheer: Stephan Duray Boekhouding en begroting: Alain De Dobbeleer & Jochen Collier Logistiek: Cedric Van den Bosch (Operationele planning), Danique Moors (Informatiebeheer) & Werner Coorevits (Logistieke ondersteuning)

Klachtenmanagement Het FWO heeft in het najaar van 2011 een klachtenprocedure opgesteld, die op 16 november 2011 goedgekeurd werd door de raad van bestuur. Deze klachtenprocedure werd uitgewerkt op basis van het decreet van 1 juni 2001 houdende toekenning van een klachtenrecht ten aanzien van bestuursinstellingen, gewijzigd bij decreet van 17 juni 2011 en de omzendbrief van de Vlaamse Regering nummer 20 van 25 april 2014. Ook dit decreet werd geïntegreerd in het nieuwe Bestuursdecreet van de Vlaamse Regering, dat sinds 1 januari 2019 in werking is. In 2019 werd er dus gehandeld conform de bepalingen van het nieuwe Bestuursdecreet. Jaarlijks moet de secretaris-generaal aan de raad van bestuur het aantal geregistreerde klachten en de afhandeling van die klachten rapporteren. Er moet ook jaarlijks worden gerapporteerd in het jaarverslag van het FWO en, via het departement EWI, aan de Vlaamse Ombudsdienst. In 2019 werden een beperkt aantal klachten ontvangen, terwijl het aantal aanvragen bleef toenemen en de hervormde procedures voor de eerste keer toegepast werden. Van de acht ontvangen klachten werden er slechts twee (gedeeltelijk) gegrond verklaard. Het FWO concludeert daaruit dat de dienstverlening t.a.v. de onderzoekers vlot en correct verloopt, wat evenwel niet wegneemt dat de dienstverlening en de klanttevredenheid van de aanvragers voor het FWO een aandachtspunt blijven. Wie niet tevreden is over de werking van het FWO of de wijze waarop een klacht werd behandeld, kan contact opnemen met de Vlaamse Ombudsdienst. In 2019 uitte geen enkele klager zijn ontevredenheid t.a.v. het FWO bij de Vlaamse Ombudsdienst. In het kader van de hervormingen van de procedures en aanvraagkanalen die het FWO uitrolt, zal het FWO ook in 2020 blijven inzetten op het verhogen van de kwaliteit van haar dienstverlening, en dat met het oog op zelfevaluatie. Eind 2019 werd een tevredenheidsbevraging georganiseerd onder de panelleden en in 2020 zal het FWO een bevraging organiseren onder de aanvragers en begunstigden om de kwaliteit van zijn dienstverlening te laten evalueren. Mocht dat in de loop van het jaar nodig blijken, dan zal het FWO de nodige maatregelen nemen om tegemoet te komen aan eventuele tekortkomingen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 62


Dit zijn de klachten die het FWO in 2019 heeft geregistreerd en afgehandeld: Klacht m.b.t. beoordeling FWO-project De klager meende dat bij de toekenning van een FWO-onderzoeksproject de budgetten niet op een correcte manier werden toegekend. Deze klacht werd gegrond verklaard. Klacht m.b.t. beoordeling IRI-project De klager meende dat de beoordeling van zijn projectaanvraag niet correcte gebeurde en stelde de motivatie die gepaard ging met de beoordeling door de betrokken commissie in vraag. Uit onderzoek is evenwel gebleken dat er geen fout kon worden vastgesteld en dat de motivatie van de commissie geen gebreken vertoonde. Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. beoordeling FWO-projectaanvraag De klager uitte zijn ontevredenheid aangaande de beoordeling van zijn projectaanvraag; meer specifiek m.b.t. de argumenten die door een van de interne panelleden gebruikt werden en die volgens de klager hoogst ongewoon en niet aanvaardbaar waren. Aangezien het FWO zich niet in de plaats mag stellen van de beoordeling, kon er enkel worden nagegaan of het betrokken FWO-panel een fout zou hebben begaan bij de beoordeling van de betrokken aanvraag. Uit onderzoek van de betrokken aanvraag bleek echter dat het panel geen inbreuk had begaan op FWOreglementering of de deontologische code van het FWO. Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. beoordeling FWO-project De klager uitte zijn ontevredenheid over het feit dat een onderzoeksproject slechts gedeeltelijk goedgekeurd werd. Meer bepaald heeft de klager zijn ongenoegen geuit over het feit dat slechts een fractie van het aangevraagde budget werd toegekend. Hij meende dat daaruit een zeker gebrek aan professionaliteit van het behandelde panel kon worden afgeleid. De bevoegde FWO-commissies hebben de betrokken aanvraag beoordeeld en geoordeeld dat het gevraagde budget niet (volledig) kon worden toegestaan. De beoordeling van de elementen/argumenten die opgenomen zijn in een aanvraagdossier behoort tot de discretionaire en exclusieve bevoegdheid van het panel of de commissie die een aanvraag beoordeelt.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 63


Aangezien het FWO zich niet in de plaats mag stellen van de beoordeling, kon er enkel worden nagegaan of het betrokken FWO-panel een fout zou hebben begaan bij de beoordeling van de betrokken aanvraag. Uit onderzoek van de betrokken aanvraag bleek echter dat het panel geen inbreuk had begaan op FWOreglementering of de deontologische code van het FWO. Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. de beoordeling van een aanvraag voor een FWO-mandaat aspirant fundamenteel onderzoek De klager uitte zijn ontevredenheid over het feit dat bovenvermelde aanvraag onontvankelijk werd verklaard en dat conform artikel 6 van het algemeen FWOreglement (laattijdige indiening van de aanvraag). De bepalingen van het FWO-reglement zijn duidelijk en werden op een correcte manier toegepast. Uit onderzoek van de betrokken aanvraag blijkt dan ook dat er geen inbreuk werd vastgesteld m.b.t. de FWO-reglementering of de deontologische code van het FWO. Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. de beoordeling van een aanvraag voor een junior postdoctotaal mandaat van het FWO De klager uitte zijn ontevredenheid over het feit dat hij in het kader van zijn vraag om feedback, geen afschrift had mogen ontvangen van de volledige rapporten van de externe peer review. De klager baseerde zich voor zijn klacht op eerdere ervaringen met de procedures van het FWO. De programma’s van het FWO werden recent grondig hervormd met als gevolg dat ook de bijhorende reglementen, de aanvraagprocedure en de wijze waarop de aanvragen beoordeeld worden, gewijzigd zijn. Het reglement van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen tot regeling van het mandaat postdoctoraal onderzoeker en het reglement van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen tot regeling van de interne en externe peer review bepalen hoe je een aanvraag moet indienen en hoe de beoordeling ervan verloopt. Die reglementen zijn voor iedereen beschikbaar op de website van het FWO. De bepalingen van die reglementen werden ook nog eens toegelicht in een afzonderlijke presentatie, die eveneens beschikbaar is op de website van het FWO. Bijgevolg waren de van toepassing zijnde bepalingen voldoende bekend en toegankelijk voor de klager. Het aanleveren van de feedback gebeurde conform de van toepassing zijnde bepalingen, die bekend waren op het moment van het indienen van de aanvraag, zodat er geen fout, onduidelijkheid of onvoorzichtigheid kan weerhouden worden in hoofde van het FWO.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 64


Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. .b.t. de beslissing van het FWO aangaande een verzoek tot schorsing van een postdoctoraal mandaat De klager uitte zijn ontevredenheid over de beslissing die door het FWO genomen werd n.a.v. een verzoek tot schorsing van zijn postdoctoraal mandaat. De klager heeft de secretaris-generaal van het FWO om een schorsing van zijn mandaat verzocht wegens een onderzoeksmandaat in het buitenland. Per brief had het FWO de klager in kennis gesteld van zijn beslissing i.v.m. dit verzoek. De klager meende echter dat deze beslissing niet correct was en diende een klacht in. Hij verwees daarbij naar de toepassing van artikel 23 van het reglement van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen tot regeling van het mandaat postdoctoraal onderzoeker. Op basis van de argumenten die door de klager aangehaald werden in zijn e-mail stond vast dat het FWO geen fout had begaan. Het reglement is ook in klare en begrijpelijke taal opgesteld zodat er evenmin sprake kan zijn van onduidelijkheid of onvoorzichtigheid in hoofde van het FWO. Deze klacht werd ongegrond verklaard. Klacht m.b.t. de beslissing van het FWO die genomen werd naar aanleiding van een verzoek tot terugbetaling van een vliegtuigticket in het kader van de door het FWO toegekende reiskredieten Per e-mail heeft de klager zijn ontevredenheid geuit over de beslissing die door het FWO genomen werd n.a.v. zijn verzoek tot terugbetaling van een vliegtuigticket dat hij had aangekocht voor het bijwonen van een buitenlands congres. Gelet op de specifieke omstandigheden aangaande de aanvraag tot terugbetaling heeft het FWO het nodige gedaan om de kosten van het door de klager aangekochte vliegtuigticket terug te betalen. Deze klacht werd gegrond verklaard.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 65


07

Beleidsrapportering Toetsing van de stand van de uitvoering van het beleidsplan en de samenwerkingsovereenkomst De realisatie van de strategische doelstellingen (SD) die uiteengezet worden in hoofdstuk 3 van het Beleidsplan 2019-2023 worden intern opgevolgd aan de hand van operationele doelstellingen (OD). Die geven aan hoe de strategische opties concreet zullen worden uitgevoerd. De OD’s zijn weergegeven in tabellen die per strategische doelstelling en haar onderdelen aangeven wat concreet zal worden gedaan, door welke actor binnen (of eventueel buiten) het FWO en wanneer. Alle doelstellingen moeten, tenzij anders bepaald, gehaald zijn tegen het einde van de nieuwe beleidsperiode (2023). Als opvolgingstermijn wordt doorgaans 2019-2023 opgegeven, tenzij een bepaalde actie tijdens een welbepaald jaar moet plaatsvinden.

Van excellentie tot doorbraak 1.1. FWO, BOF en EU werken complementair OD 1.1.1.

Wat

Wanneer

Het FWO stemt de complementariteit van zijn steunprogramma’s af met het BOF.

2019-2023

Met de universiteiten werd de procedure voor het DMP en voor ethische adviezen afgestemd. Het DMP-formulier zelf werd ontworpen in nauwe samenwerking met VLIR. Over de ethische adviezen en het DMP wordt zoals altijd overleg gevoerd met VLIR en de universiteiten om een uniforme en gestroomlijnde aanpak te verzekeren. (Zie daarvoor de desbetreffende OD’s.) Met VLIR vond en vindt ook overleg plaats over het statuut van predoctorale mandaathouders (cumulatie van activiteiten) en de opening voor pre- en postdoctorale onderzoekers naar activiteiten en ervaringen buiten de universiteit en opleidingen. Zie OD 5.3.2. Verder kan worden vastgesteld dat zich kandidaten bij het FWO blijven aandienen die al over BOF-financiering beschikken voor hetzelfde of zeer gelijkaardig onderzoek (bv. projectmedewerkers die een mandaat aspirant aanvragen) en die vaak op aangeven van hun onthaalinstelling deze poging moeten ondernemen om externe financiering te krijgen. Misschien ligt hier een mogelijkheid tot verfijning van de afstemming tussen FWO en BOF. 1.2. FWO werkt met zijn partners mee aan het Vlaamse W&I-beleid OD 1.2.1.

Wat

Wanneer

Het FWO gaat in op kansen tot overleg met de Vlaamse W&I-partners en betrekt die partners ook, waar gewenst en vereist, bij het overleg over de eigen werking.

2019-2023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 66


Het FWO voert op regelmatige basis overleg met partners op tal van fora, zoals: • • • • • •

EWI-Managementcomité; Europaplatform: stuurgroep en werkgroepen; Hermes beslissingscomité; structureel overleg met VLAIO over o.m. NCP, SB/SBO, Europese werking; CIS-werkgroepen Belspo; met EWI, BELSPO, FNRS over OESO 2019-2020: Global Science Forum in België over High Risk, Higg Reward; • met EWI over Open Science/FOSB, onderzoeksinfrastuctuur e.a. 1.3. Een volgehouden groeipad voor basisonderzoek OD 1.3.1.

Wat

Wanneer

Afhankelijk van de extra middelen van de Vlaamse overheid stijgen de slaagkansen voor de projecten fundamenteel onderzoek, aspiranten fundamenteel onderzoek en de projecten strategisch basisonderzoek naar 33%.

2019-2023

De bijkomende investeringen in de FWO-kanalen, in combinatie met een aantal maatregelen om de instroom te homogeniseren, hebben ertoe geleid dat de slaagkans in alle kanalen is gestegen en dat in een aantal kanalen het streefcijfer van 1 op 3 al werd bereikt of heel dichtbij is. Door verder in te zetten op deze kanalen zullen de cijfers in positieve zin blijven evolueren. Slaagkansen 2019: • • • • • • •

21,7% SBO-projecten; 22,5% fundamentele projecten; 23,4% postdocs junior; 27,1% postdocs senior; 29,2% TBM-projecten; 30,1% predocs (aspiranten fundamenteel onderzoek); 37,5% predocs (aspiranten strategisch basisonderzoek).

De mogelijkheid bestaat om het kanaal aspiranten strategisch basisonderzoek maatschappelijk te laten activeren door de Vlaamse Regering via het desbetreffende besluit. Dit OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Binnen de verschillende programma’s van het FWO m.b.t. fundamenteel onderzoek en met name mandaten en projecten fundamenteel onderzoek, ERC-opvangmandaten en kredieten aan navorsers, bewaken we de transparantie van het evaluatiekader en we streven naar aanvaardbare slaagkansen in alle programma’s.” (p. 41). OD 1.3.2.

De federale middelen t.b.v. het FWO worden gecontinueerd.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 67


In 2019 ontvangt het FWO van de federale overheid in totaal 40.617.000 euro, bestaande uit 545.000 euro van de FOD Wetenschapsbeleid werkgelegenheid, 2.069.000 euro IIKW, 1.372.000 euro FGWO, 18 miljoen euro RSZ-Maribel, 7.685.000 euro recuperatie werkgeversbijdrage sociale zekerheid en 10.946.000 euro vrijstelling bedrijfsvoorheffing postdocs. Let op: in 2019 ontving het FWO voor de laatste keer middelen van de FOD Wetenschapsbeleid werkgelegenheid. Die maatregel werd de laatste jaren afgebouwd. Ook de middelen FGWO worden niet meer uitbetaald aan het FWO en het F.R.S.-FNRS, maar zijn nog wel ingeschreven in de federale begroting. Het FWO werd gecontacteerd door de FOD Economie m.b.t. de IIKW-middelen. Tijdens dat overleg bleek dat er geen plannen zijn om deze middelen stop te zetten. Wel werd afgesproken dat onderzocht zal worden of deze middelen breed kunnen worden ingezet binnen het FWO. D.w.z. dat deze middelen niet enkel binnen het kanaal fundamenteel onderzoek verdeeld kunnen worden, maar ook binnen de andere pijlers van het FWO. Daarvoor zal begin 2020 een nota met voorstel worden voorgelegd aan de raad van bestuur. 1.4. De eigenheid van fundamenteel en strategisch onderzoek blijft bewaard OD 1.4.1.

Wat

Wanneer

Het FWO monitort de instroom op relevantie van de keuze voor één van beide aspirantenkanalen, rekening houdend met de karakteristieken per aspirantenkanaal. De resultaten van deze monitoring vormen de basis voor het actief sturen van kanaalkeuzes en het scherper aflijnen van de kanalen opdat de juiste voorstellen in het juiste kanaal ingediend worden.

2019-2020

Een gegevensanalyse werd doorgevoerd op de resultaten van beide aspirantenprogramma’s. Instroom, selectiekansen in preselectie en interviewfases, invloed anciënniteit, percentielen/studieresultaten werden geanalyseerd. Gezien de overgangsmaatregelen bij de eerste hervormde oproep en de atypische en lage instroom bij de aspiranten strategisch basisonderzoek (kort na oproep 2018) vallen er nog weinig conclusies te trekken over hoe kandidaten de keuze Fundamenteel Onderzoek (FO)/Strategisch Basisonderzoek (SBO) benaderen. Aangezien de indiendatum voor de aspiranten strategisch basisonderzoek kort na de beslissing van de vorige oproep was, waren er in 2019 veel kandidaten die opnieuw indienden. Een meer gedetailleerde inhoudelijke studie over keuzemotieven FO vs. SB loopt nog. OD 1.4.2.

Het FWO voert een informatieen sensibiliseringsactie uit om complementariteit en synergie tussen fundamenteel en strategisch onderzoek te benadrukken.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 68

2019/20202023


In de regeringsbijdrage van het Vlaams departement EWI en de daaronder ressorterende entiteiten, waaronder het FWO, wordt benadrukt dat het lineaire O&O-model, als een sequentie van stappen in de innovatieketen, beter wordt vervangen door een model dat uitgaat van de voortdurende terugkoppeling en combinatie tussen de verschillende actoren en types van onderzoek. Daarbij kan innovatie net zo goed fundamenteel onderzoek inspireren tot nieuwe vragen als omgekeerd. Meer bepaald wordt de complementariteit tussen de mandaten aspirant en projecten gericht op respectievelijk fundamenteel en strategisch basisonderzoek telkens meegenomen bij infosessies en andere communicatie-initiatieven over de verschillende programma’s. Ook in de infosessies projecten wordt op die complementariteit gewezen. De scoreroosters blijven de specifieke kanalen en hun criteria weerspiegelen en worden op basis van input regelmatig bijgestuurd. OD 1.4.3.

De doctoraatsbeurzen aspirant SB worden uitgebreid met de keuze voor maatschappelijke finaliteit.

2019-2023

Het FWO heeft deze doelstelling opgenomen in zijn memorandum voor 20192023, en onder meer bezorgd aan de politieke partijen. De doelstelling is hernomen in het memorandum van het departement EWI met het oog op de Vlaamse regeringsvorming na 26 mei 2019. Bij de eerstvolgende gelegenheid, bijvoorbeeld de beleidsbrief van de nieuwe Vlaamse minister voor Wetenschapsbeleid, werd op dit punt gewezen. Dit punt zal ook besproken worden met het kabinet van minister Crevits in 2020. OD 1.4.4.

2019-2023

Er wordt voortdurend afgestemd met het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO) voor het beheer van de strategische programma’s.

• Uitwerking en implementatie rond instroombeperking binnen het SBO-programma werd ondernomen i.s.m. VLAIO. FWO-VLAIO liaison werd uitgenodigd om de discussie bij te wonen in de werkgroep onderzoeksbeleid. • De praktische samenwerking met VLAIO m.b.t. de strategische programma’s wordt bestendigd. Voor SBO zal VLAIO de staf strategische programma’s bijstaan in het zoeken naar industriële peer reviewers en VLAIO-adviseurs zullen deel nemen aan de SBO-expertpanels voor de evaluatie van het utilisatieplan van de SBO-aanvragen. Voor de ‘aspirant strategisch basisonderzoek’-beurzen werden in 2019 vijf expertpanels gemodereerd door VLAIO-adviseurs. • Uitwisselingsprocedure m.b.t. projectportfolio en indieningen bij FWO (SBO) en VLAIO (clusters SBO) blijft ongewijzigd. OD 1.4.5.

De ICM-FWO Fellowships worden in lijn gebracht met de modaliteiten van het mandaat aspirant fundamenteel onderzoek. DOELSTELLING BEREIKT

JAARVERSLAG FWO 2019 - 69

OB

2019


Geïntegreerd in respectievelijk aspirant programma’s fundamenteel onderzoek en strategisch basisonderzoek (vanaf oproep 2019: toevoeging van telkens één mandaat aan panel G&M2 en SBGM). Dit doel is dus bereikt. 1.5. Continuering en optimalisering strategisch basisonderzoek Wat OD 1.5.1.

Wie

Het FWO continueert en optimaliseert waar wenselijk en mogelijk het programma SBOprojecten, i.s.m. VLAIO.

Wanneer 2019-2023

• Een instroom-beperkende maatregel werd geïmplementeerd: TBM & SBO-expertpanels brengen een algemene appreciatie van de kwaliteit van de niet-gehonoreerde aanvraag uit. Die kan dan als volgt worden gecatalogeerd: - A: De aanvraag voldoet aan de minimale kwaliteitsvereisten en komt in zijn huidige vorm in aanmerking voor steun, mits er voldoende budget beschikbaar is. Een A-type project kan het volgende jaar opnieuw ingediend worden binnen het betrokken subsidiekanaal. - B: De aanvraag voldoet niet aan de minimale kwaliteitsvereisten en kan in zijn huidige vorm niet gesteund worden. De hiaten in de huidige aanvraag zijn echter relatief eenvoudig te remediëren. De aanvragers moeten ten behoeve van de externe referenten en panelleden bij herindiening uiteenzetten waarom het project nu wel past in het programma en/of op welke wijze het onderzoeks- en/ of valorisatieplan werd herzien om tegemoet te komen aan de kritiek van het voorafgaande jaar, met de nadruk op de criteria waarop hun aanvraag gesneuveld was. Inzicht daarin komt de efficiëntie van het evaluatieproces ten goede. - C: De aanvraag voldoet niet aan de minimale kwaliteitsvereisten en kan niet gesteund worden. Opmerkingen zijn niet eenvoudig te remediëren. Het is niet toegelaten om een project met dezelfde onderzoeksvraag en/ of utilisatiedoelstellingen tijdens de eerstvolgende oproep opnieuw in te dienen. • Bij de SBO-panelleden werd een bevraging uitgevoerd rond de werking van de (nieuwe) SBO-expertpanels. Responsgraad was 94% (74/79 aangeschreven leden). Op basis van deze feedback en de ervaring van de FWO-beleidsmedewerkers Strategische Programma’s worden enkele administratieve verbeterpunten geïmplementeerd en wordt de informatieuitwisseling met de panelleden verfijnd. • Er werd een procedure uitgewerkt die moet toelaten om het evaluatiecriterium ‘duurzame ontwikkeling’ binnen SBO breder te interpreteren dan enkel, zoals nu het geval is, de milieudimensie, maar waarbij het bruikbaar blijft om te differentiëren tussen projectvoorstellen. Deze OD sluit aan bij de doelstellingen in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Ook voor de SBO-programma’s geldt het streven naar een aanvaardbaar slaagkans.”; “We onderzoeken daarom hoe we de betrokkenheid van de Vlaamse ondernemingen bij het strategisch basisonderzoek kunnen versterken.”; “Daarnaast bekijken we ook de versterking van de wisselwerking tussen andere maatschappelijke groepen en SBO-onderzoek, ook in het kader van het missiegericht onderzoeksbeleid.” (p. 43) JAARVERSLAG FWO 2019 - 70


OD 1.5.2.

SBO biedt ruimte voor thematische deelprogramma’s: AI, Cybersecurity en Personalised Medicine.

2019-2023

Personalized Medicine (PM): In 2019 nam het FWO deel aan het overleg ter voorbereiding van het thematisch initiatief rond PM. Op 5 april 2019 werd op basis hiervan het Vlaams Actieprogramma PM door de Vlaamse Regering goedgekeurd. Dit actieprogramma wordt met een budget van 10 miljoen euro uitgerold over een periode van twee jaar ter voorbereiding van een speerpuntcluster rond PM. Het FWO is vertegenwoordigd in de Stuurgroep van dit actieprogramma. Om snel van start te kunnen gaan, zal de eerste oproep (lancering mei 2019) doorgaan op basis van het ICON-model (VLAIO). AI en Cybersecurity: Het FWO heeft de Internationale Wetenschappelijke Adviesraad voor deze thematische deelprogramma’s gevalideerd. De bijdrage van het FWO aan deze initiatieven bleef beperkt. 1.6. Klinische mandaten Wat OD 1.6.1.

Wie

Het FWO zal de programma’s klinische doctoraatsbeurs (KDB) en fundamenteel klinisch mandaat (FKM) evalueren en zo nodig hervormen met het oog op het maximaal bereiken van de vooropgestelde doelstellingen van de programma’s.

Wanneer 2020

Op basis van de evaluatie (via bevraging van de stakeholders) van de KDB- en FKM-programma’s werd in januari 2019 door de raad van bestuur van het FWO een reeks van verbetervoorstellen (onder andere op het vlak van invulling en evaluatie) aan het FKM-programma goedgekeurd. Tegelijkertijd werd besloten om voor het KDB-programma vanaf 2020 geen oproep meer te houden; het budget van KDB zal toegevoegd worden aan het FKM-budget. In juni 2019 werd gestart met de implementatie van de hervorming van het FKM-programma door de goedkeuring van een aangepast reglement en de invoering van scoreroosters voor de evaluatie van zowel eerste mandaten als hernieuwingen. In de tweede helft van 2019 werden de goedgekeurde hervormingen verder geïmplementeerd (IT-processing, website) zodat alles klaar stond voor de opening van de oproep begin december 2019. In het kader van het stopzetten van het KDB-programma werden enkele reglementen aangepast om clinici alternatieven ter vervanging van KDB aan te bieden. Het betreft het reglement voor aspiranten waardoor aspiranten die klinische taken moeten uitvoeren in het kader van hun opleiding tot artsspecialist, op voorwaarde dat ze het akkoord van hun promotor hebben, maximaal 40% van de beschikbare tijd (voor andere aspiranten is dat maximaal 20%) in het kader van hun mandaat aan die klinische taken kunnen besteden, op voorwaarde dat de afwerking van het doctoraatsproefschrift binnen de duur van het mandaat niet in het gedrang komt. Tegelijkertijd werd de bijzondere doctoraatsbeurs toegankelijk gemaakt voor clinici.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 71


1.7. Doorbraakonderzoek door excellente wetenschappers Wat OD 1.7.1.

Wie

Het FWO zal de aanvraagformulieren zodanig opbouwen dat onderzoekers meer aandacht kunnen besteden aan de kwaliteit en impact die voorgaand onderzoek heeft gehad, waarbij impact breder wordt begrepen dan volgens de klassieke bibliometrische e.d. standaarden. (cf. ‘2de as’).

Wanneer 2020

Fundamenteel onderzoek: Nu al zijn de aanvraagformulieren voor fundamenteel onderzoek aangevuld met een veld ‘other scientific output’. Dat veld kan aangevuld worden (in hetzelfde veld of via een nieuw veld) met een vraag naar ‘scientific and other impact beyond publications and obtained research funding’. Om de criteria waarop onderzoek wordt beoordeeld te kunnen verruimen, zal ook moeten worden gekeken naar de evaluatieprocedure, en meer bepaald de scoreroosters. Alleen zo kunnen evaluatoren er daadwerkelijk toe worden aangezet om ook rekening te houden met andere dan de ‘klassieke’ outputindicatoren. De evaluatieprocedures worden in 2020 bijgesteld om een ruimere impact van aanvragers meer systematisch te betrekken bij de evaluatie en te laten meewegen in de eindbeoordeling. Dit thema wordt verder onderzocht en besproken op het FWO-conclaaf van 19 tot 20 februari 2020. Strategisch basisonderzoek en toegepast biomedisch onderzoek: Het spreekt voor zich dat de elementen die in de OD genoemd worden inherent deel uitmaken van de evaluatiecriteria binnen deze kanalen. Dat ligt ook in lijn met doelstellingen van de Beleidsnota van minister H. Crevits van oktober 2019: “Het gebruik van nieuwe kennis stimuleren voor meer impact. Inhoudelijk structuurelement ‘valorisatie onderzoeksresultaten’” (p. 48) en “We stimuleren wetenschappers om op transparante en heldere wijze te communiceren over hun domein” (p.53). Het volgt ook een internationale tendens, met als recent initiatief de position paper van de Nederlandse VSNU, NFU, KNAW, NWO en ZonMw Ruimte voor ieders talent. Naar een nieuwe balans in het erkennen en waarderen van wetenschappers (november 2019). OD 1.7.2.

Het FWO zal haar evaluatoren blijvend informeren over de vereisten om origineel en risicovol onderzoek te steunen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 72

2019-2023


Ook deze doelstelling kan voor een deel worden nagestreefd door de evaluatieroosters aan te passen, gekoppeld aan expliciete communicatie daarover aan de evaluatoren. Over andere impulsen ter bevordering van vernieuwend en risicovol onderzoek (extra mogelijkheden via de bestaande programma’s dan wel een nieuw programma) bestaat nog geen consensus. Naar het doorbraakkarakter van onderzoeksaanvragen wordt nu al gepeild in de scoreroosters, met name bij de descriptoren voor de hoogste scores. Er wordt een evaluatie gemaakt van de effectiviteit van de scoreroosters, waarin de criteria van onderzoeksdoorbraak en -uitdagingen voor de hogere scores vervat zijn. Aan de panelleden wordt ook gevraagd om te evalueren in welke mate de FWO-procedures leiden tot de selectie van het meest originele/baanbrekende onderzoek. Dit thema wordt verder onderzocht, onder meer op het Global Science Forum (GSF) van de OESO met België als gastland, dat plaatsvindt in Brussel op 22 april 2020 met als topic ‘High Risk, High Reward’. Het FWO werkt hiervoor samen met Belspo, EWI en FNRS. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Waar mogelijk kunnen er aanpassingen gebeuren zodat doorbraakonderzoek, interdisciplinair onderzoek en onderzoekssamenwerking meer ruimte krijgen.” (p. 42). 1.8. ‘Team science’: samenwerken over instellingen en wetenschapsdomeinen heen Wat

Wie

OD 1.8.1. Het FWO zal de financiële bovengrenzen van zijn fundamentele onderzoeksprojecten verhogen om zo grotere, meer interdisciplinaire en/of instellingoverschrijdende projecten te stimuleren. Deze verhoging zal nooit ten koste gaan van de algemene slaagkansen.

Wanneer 2020

De raad van bestuur heeft beslist dat dit enkel mogelijk is als de slaagkans van de projecten fundamenteel onderzoek het streefdoel zoals geformuleerd in OD 1.3.1. (33%) benadert. Momenteel bedraagt de slaagkans 22,54 procent (oproep 2019). Bijgevolg zullen er momenteel geen initiatieven genomen worden om deze grenzen te verhogen. OD 1.8.2.

Er zal een selectievoordeel worden toegekend aan fundamentele onderzoeksprojecten waarvan de expertpanels oordelen dat het interdisciplinaire en instellingoverschrijdende karakter een duidelijke meerwaarde is voor alle in het project betrokken disciplines.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 73

2020


Het onderwerp interdisciplinariteit wordt momenteel verder onderzocht. In het kader van dat thema organiseerde het FWO op 9 september 2019 in samenwerking met de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten (KVAB), de Jonge Academie (JA) en het Departement Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI) een colloquium in verband met interdisciplinair onderzoek (‘Building Bridges’), met specifieke aandacht voor de evaluatie van interdisciplinaire onderzoeksprojecten. Momenteel heeft al 27,8% van de aanvragen voor projecten fundamenteel onderzoek een instellingoverschrijdend karakter (dat wil zeggen dat meer dan één onthaalinstelling bij het project betrokken is). Er zal onderzocht worden op welke manier deze instellingoverschrijdende projecten verder gestimuleerd kunnen worden (bijvoorbeeld met behulp van een selectievoordeel of een verhoging van het maximale steunbedrag voor deze projecten). Bij de hervorming van de panelstructuur fundamentele panels zal de werkgroep interdisciplinariteit in overweging nemen om een selectievoordeel voor projecten met sterk interdisciplinair karakter in te voeren. Ook het thema ‘transdisciplinariteit’ wordt verder bekeken. (Zie verder O.D. 2.4.2.) Ook de optie om onderzoek met een instellingoverschrijdende insteek een selectievoordeel te gunnen zal door deze werkgroep verder worden bekeken. In september 2019 werd het reglement projecten FO herzien en daarbij is de mogelijkheid ingevoerd om als partner aan een project deel te nemen zonder budget. In dat geval wordt het project voor die partner niet meegerekend voor het maximum aantal projecten dat hij nog kan aanvragen. Daarnaast is het door de nieuwe manier van budgettering in de expertpanels voor de projecten FO nu ook mogelijk om aangevraagd budget te reduceren om wetenschappelijk-inhoudelijke redenen. De afgetrokken bedragen mogen wel alleen gebruikt worden om projecten op de reservelijst over alle panels heen te financieren. Op die manier wordt de impuls om in budgetten te snoeien onderdrukt, waardoor niet alleen de redelijke omvang van een projectbudget beter gevrijwaard wordt, maar ook grotere projecten met meerdere partners minder risico lopen om de vereiste middelen voor die samenwerking tekort te komen. Om wetenschappelijke samenwerking te meten zijn ook andere indicatoren dan samenwerking tussen instellingen relevant. De mate van samenwerking tussen onderzoekspartners wordt voor de volgende oproepen verder opgevolgd en op basis van een reeks data die voldoende groot is, zullen waar nodig aanpassingen aan het beleid worden voorgesteld. 1.9. Ruimte en tijd creëren voor junior en senior onderzoekers Wat OD 1.9.1.

Wie

Het FWO monitort de aanwending van het krediet voor een wetenschappelijke opdracht om op basis van de resultaten dit instrument beter af te stemmen op de noden van zowel junior als senior onderzoekers. JAARVERSLAG FWO 2019 - 74

Wanneer 2019-2023


Er werd een uitgebreide enquête ontwikkeld om het kanaal ‘krediet voor een wetenschappelijke opdracht’ te evalueren. De vragenlijst werd uitgestuurd naar betrokken aanvragers (toegekend/afgewezen – periode 2013-2018). Van de 174 uitgenodigde onderzoekers vulden 83 de enquête in (response rate 47,70%). De resultaten van de survey werden verwerkt en geanalyseerd. Op basis van de conclusies van de survey werden het opzet en de reglementen van dit kanaal volledig gewijzigd. Het kanaal voor een wetenschappelijke opdracht (sabbatical) werd hervormd naar een werkingstoelage sabbatsverlof (sabbatical bench fee). Voortaan zal de onthaalinstelling de noodzaak van een sabbatical beoordelen en de eventuele institutionele kosten dragen, en zal het FWO instaan voor de onderzoeksgerelateerde kosten van de sabbatical. Op die manier werd het krediet voor een sabbatsverlof in lijn gebracht met de missie van het FWO en zal het voor de onderzoeker ook meteen duidelijk worden wie wat evalueert en wat het FWO verwacht van de onderzoeker bij het indienen van zo’n sabbatical bench fee. OD 1.9.2.

Het FWO past de bestaande regelgeving van korte en lange onderzoeksverblijven en wetenschappelijke opdrachten aan om het mogelijk te maken beide types van ondersteuning te combineren zonder de afzonderlijke aanvraagprocedures apart te moeten doorlopen.

201-2023

Zie OD 1.9.1.: In de opgemaakte vragenlijst werd ook de koppeling tussen korte/ lange onderzoeksverblijven en wetenschappelijke opdracht bevraagd. Het kanaal sabbatical leave werd omgevormd tot een werkingstoelage sabbatsverlof. Daarbij werd de nodige flexibiliteit ingebouwd. De werkingstoelage kan aangewend worden voor één of meerdere korte of lange verblijven. 1.10 Infrastructuur: aandacht voor nieuwe initiatieven Wat

Wanneer

OD 1.10.1. Het FWO continueert en optimaliseert waar nodig en mogelijk de oproepen voor (middel)zware onderzoekinfrastructuur om optimaal te beantwoorden aan de noden van de Vlaamse onderzoeksinstellingen inzake onderzoeksinfrastructuur.

2019-2023

Een nieuwe oproep voor (middel)zware onderzoeksinfrastructuur werd gelanceerd in 2019. T.o.v. de vorige oproepen is de voornaamste aanpassing dat enkel universiteiten (en geen associaties) aanvragen kunnen indienen voor middelzware onderzoeksinfrastructuur. Op basis van de evaluatie van de voorbije oproep werden enkele wijzigingen aan het aanvraagformulier toegepast.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 75


OD 1.10.2. Het VSC bouwt een Tier-1 supercomputing-platform in Vlaanderen uit in de periode 2019-2022 bestaande uit drie gekoppelde omgevingen: een Tier-1 compute-, clouden storage-infrastructuur. Bij de implementatie ervan wordt een beroep gedaan op de kennis, ervaring en hostingcapaciteit van alle partners binnen het VSC.

2019-2023

Aan het uitrollen van het Tier-1 supercomputing-platform wordt volop verder gewerkt. Een operationeel managementteam werd ingesteld om het project te realiseren. Het team rapporteert maandelijks aan de VSC-stuurgroep. Intussen is voor het ‘compute’-luik de uitbreiding van BrENIAC gerealiseerd en in productie gegaan. De procedure is ook gestart voor de aankoop van de derde Tier-1 die aan de UGent gehuisvest zal worden. Ook voor het ‘cloud’- en ‘data’-luik zijn pilootprojecten lopende. Het ‘cloud’-luik zal in Q1 2020 overgaan in productiefase. OD 1.10.3. Het VSC promoot actief het gebruik van wetenschappelijk/technisch rekenen in de Vlaamse bedrijfswereld en bevordert de uitwisseling van ideeën en expertise tussen kennisinstellingen en bedrijven.

2019-2023

De VSC Industrial Board werd opnieuw samengesteld. Naast vertegenwoordigers uit de bedrijfswereld (inl. kmo’s) maken daar ook netwerkorganisaties (Agoria) en andere stakeholders zoals SOC’s deel van uit. Bovendien is sinds 2019 een business developer (deeltijds) in dienst. Die neemt, ondersteund door de Industriële Raad, initiatieven om de meerwaarde van supercomputing voor bedrijven bekend te maken. Zo worden er contacten gelegd en bezoeken gebracht aan bedrijven en wordt er nauw samengewerkt met enkele TTO’s en speerpuntclusters. De VSC is ook aanwezig op events via een beursstand of verspreid via netwerking de mogelijkheden en meerwaarde van supercomputing. De raad van bestuur heeft in september 2019 de VSC-stuurgroep breder samengesteld met naast universiteiten ook vertegenwoordigers van SOC’s, VWI’s, een onafhankelijk vertegenwoordiger van de raad van bestuur, de voorzitter van de Industriële Raad en een onafhankelijke voorzitter. De VSC-stuurgroep kreeg enkel een strategische taakstelling en moet het langetermijnbeleid voor het VSC uitstippelen. Aan de VSC-stuurgroep werd de opdracht gegeven om de operationele structuur verder vorm te geven zodat die in werking kan treden vanaf 2020. 1.11. Rechten en plichten Wat OD 1.11.1.

Wie

Het FWO tekent nieuwe, meer eenvoudige en meer strikte, procedures uit m.b.t. de verslaggeving en werkt aan een strakker opvolgbeleid voor de conclusies van de verslagevaluatie.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 76

Wanneer 2019-2020


Voor de verslagen over de mandaten en de projecten fundamenteel onderzoek werden nieuwe formulieren opgesteld. De panels kunnen nog drie scores geven: ‘goed’, ‘goed met opmerkingen’ en ‘onvoldoende’. De bespreking van de verslagen maakt deel uit van de panelvergaderingen, met voorbereiding door de wetenschappelijk voorzitter en administratief voorzitter of moderator. Voor de aspiranten is het voortgangsverslag als zodanig afgeschaft en is een evaluatie van de eerste termijn geïntegreerd in de aanvraag voor een verlenging. Voor infrastructuur is de verslaggeving gealigneerd met die voor de projecten. De verslaggeving voor Odysseus wordt bekeken. Begin 2020 worden de procedures voor vrijwel alle programma’s systematisch geëvalueerd en worden voorstellen om de verslaggevingsmodaliteiten te wijzigen geformuleerd in een nota aan de raad van bestuur. In die nota worden ook procedures vastgelegd met betrekking tot de consequenties van negatieve evaluaties.

Duidelijke en vlotte procedures 2.1. Administratie en begeleiding ten dienste van de onderzoekers Wat OD 2.1.1.

Wie

In 2020 wordt i.s.m. een externe partner een nulmeting uitgevoerd door middel van een gebruikersbevraging. De bevindingen van die nulmeting worden getoetst op toepasbaarheid en meegenomen in de administratieve werking t.a.v. de onderzoekers.

Wanneer Vanaf 2020

In juni 2019 werd advies gevraagd aan de werkgroep onderzoeksbeleid en goedkeuring van de raad van bestuur van het FWO om de gebruikersbevraging zelf uit te voeren. De raad van bestuur heeft dat voorstel op 26 juni 2019 goedgekeurd en het FWO heeft dit proces intern verder uitgewerkt o.l.v. een stuurgroep waarin ook het departement EWI vertegenwoordigd is en een afgevaardigde van NWO (de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) zetelt als buitenlands lid. Op 26 november 2019 gaf de stuurgroep onderzoekersbevraging advies over de opgestelde vragenlijst. De digitale vragenlijst wordt begin 2020 afgenomen bij aanvragers en begunstigden van FWO-steun. De resultaten worden in de daaropvolgende maanden verwerkt en in een nota aan de raad van bestuur voorgelegd (planning: juni 2020). Dit ligt in lijn met doelstellingen van de Beleidsnota van minister H. Crevits van oktober 2019: “De samenwerkingsovereenkomst met FWO zal in de loop van 2022-2023 geëvalueerd worden. Tussentijds zal er aandacht zijn voor monitoring op basis van tevredenheidsmetingen en de verbetering van procedures en programma’s.” (p. 42)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 77


2.2. Responsieve dienstverlening OD 2.2.1.

Wat

Wanneer

Het FWO werkt aan een regelmatige bevraging van de deelnemers aan zijn processen (evaluatoren, aanvragers, ontvangers van ondersteuning) met het oog op de mogelijke verbetering daarvan.

2019-2023

Deze OD hangt samen met OD 2.1.1. De bevraging van de panelleden vond plaats voor de volgende programma’s: aspirant, postdoc, TBM-project, SBO-project en fundamenteel onderzoeksproject. De antwoorden van de panelleden werden geanalyseerd (voor de kwantitatieve vragen werden histogrammen gemaakt en de kwalitatieve vragen werden samengevat). Op basis van de aanbevelingen van de panelleden werden er ook al een aantal aanpassingen aan de procedures gepland en uitgevoerd. Zo werkt de afdeling Informatica aan een integratie van het e-loket en het extranet. Verder werd voor 2020 de jaarplanning zodanig aangepast dat er minder overlap bestaat tussen de evaluatieperiode voor de postdocs en de aspiranten. Ten slotte wordt de tool om belangenconflicten in te geven meer gebruiksvriendelijk gemaakt. Zoals vermeld bij OD 2.1.1. zal in 2020 een bevraging van de begunstigden en de aanvragers plaatsvinden. OD 2.2.2.

Het FWO continueert en verbetert waar wenselijk en mogelijk zijn klachten- en beroepsprocedures.

2019-2023

Het FWO ontvangt jaarlijks een beperkt aantal klachten en beroepen. Het proces m.b.t. het afhandelen van de klachten, met name via het directiecomitĂŠ, en de beroepen verloopt goed. De opgelegde termijnen uit het Bestuursdecreet m.b.t. het opvolgen en het afhandelen van klachten worden gerespecteerd. Het FWO heeft in 2019 acht klachten en vijf beroepen ontvangen. Daarvan werden twee klachten gegrond bevonden; geen van de beroepen bleek gegrond. 2.3. Homogene aanpak over de panels van een aanvraagprogramma heen OD 2.3.1

Wat

Wanneer

Het FWO voert de nieuwe selectieen aanwervingsprocedure m.b.t. de expertpanels mandaten en projecten fundamenteel onderzoek uit.

2018/20192023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 78


De experts voor de verschillende panels worden via een uniforme procedure geselecteerd. Alle leden worden aangeduid door de raad van bestuur en zijn minimaal van postdoctoraal niveau. Kandidaat-experts worden geëvalueerd op hun wetenschappelijke expertise door het Expertisecentrum O&O Monitoring (ECOOM). Bij ad-hoc-vervangingen voert de FWO-administratie uitzonderlijk een screening uit. Eind augustus 2019 werden van ECOOM de screeningsresultaten ontvangen van alle kandidaten die in het voorjaar solliciteerden voor een expertpanel. Kandidaten die aan de ECOOM-normen voldoen, werden voorgelegd aan de raad van bestuur, en kwamen in een pool terecht die in 2020 kan worden ingezet voor ad-hoc-vervangingen van panelleden. De procedure m.b.t. de samenstelling en goedkeuring door de raad van bestuur van deze pool wordt uitgewerkt en zal na goedkeuring door de raad van bestuur een vast kader bieden om deze taak uit te voeren. Er wordt bij de samenstelling van de panels op toegezien dat maximum twee derde van de aangestelde leden van hetzelfde geslacht zijn over alle panels heen. Ten slotte wordt er aandacht besteed aan de complementariteit van de expertises en aan het vermijden van een concentratie van instellingen waaraan panelleden verbonden zijn. De expertpanels fundamenteel onderzoek worden samengesteld op basis van de leden van de expertenpool, goedgekeurd door de raad van bestuur. De internationale voorzitters adviseren over de selectie van leden uit de pool. Externe kandidaten worden gescreend op basis van de procedure goedgekeurd door de raad van bestuur. In januari 2020 wordt de raad van bestuur geïnformeerd over de samengestelde expertpanels fundamentele mandaten. In april – i.e. na het sluiten van de oproep fundamentele projecten – werd de raad van bestuur geïnformeerd over de definitieve samenstelling van de expertpanels fundamentele projecten. OD 2.3.2

Het FWO voert de nieuwe evaluatieprocedure m.b.t. de expertpanels mandaten en projecten fundamenteel onderzoek uit.

2019-2023

Tijdens de aanvraagronde 2019 voor mandaten en projecten FO gingen de nieuwe reglementen en procedures van kracht. Dat werd mogelijk gemaakt door een verder doorgedreven informatisering, waarbij ook nieuwe instrumenten werden ontwikkeld. De procedures verliepen vlot. Onvoorziene problemen en tekortkomingen worden bijgehouden in een logboek, dat de basis vormt voor de aanpassing van reglementen en procedures waar nodig. Voor de aanvraagronde 2020 zijn het reglement en de aanvraagformulieren al aangepast. Ook de scoreroosters zullen worden herbekeken. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Binnen de verschillende programma’s van het FWO m.b.t. fundamenteel onderzoek en met name mandaten en projecten fundamenteel onderzoek, ERC-opvangmandaten en kredieten aan navorsers, bewaken we de transparantie van het evaluatiekader en we streven naar aanvaardbare slaagkansen in alle programma’s.” (p. 41)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 79


2.4. Permanente evaluatie reviewproces OD 2.4.1

Wat

Wanneer

Het FWO voert een grondige evaluatie uit van de hervormingen van de reviewprocedure voor de mandaten en de projecten fundamenteel onderzoek.

2020

Onvolkomenheden en problemen die opduiken bij de uitvoering van de aanvraagen evaluatieprocedures voor mandaten en projecten FO worden systematisch gelogd en ofwel op administratief ofwel op bestuursniveau opgelost (conform de taakverdeling in het huishoudelijk reglement). Op basis van die bevindingen werd in juni 2019 een nota tot aanpassing van de reglementen m.b.t. mandaten voorgelegd aan en goedgekeurd door de raad van bestuur. Zo’n nota wordt ook voor de projecten voorbereid. Op 9 december 2019 werd met de leden van de RVB en WGOB, de panelleden, de vertegenwoordigers van KVAB en Jonge Academie, maar ook met een selectie van aanvragers van een pre- of postdoctoraal mandaat, een overleg georganiseerd om te peilen hoe de vernieuwde programma’s in de praktijk worden ervaren. Begin 2020 wordt een soortgelijk overleg voor de projecten FO opgezet. Na elke ronde worden ook de panelleden bevraagd over de evaluatieprocedure. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Binnen de verschillende programma’s van het FWO m.b.t. fundamenteel onderzoek en met name mandaten en projecten fundamenteel onderzoek, ERC-opvangmandaten en kredieten aan navorsers, bewaken we de transparantie van het evaluatiekader en we streven naar aanvaardbare slaagkansen in alle programma’s.” (p. 41) OD 2.4.2

Het FWO evalueert en hervormt de panelstructuur voor de mandaten en de projecten fundamenteel onderzoek, met bijzondere aandacht voor een meer interdisciplinaire benadering.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 80

2020-2021


De huidige panelstructuur zal worden geëvalueerd, met een meting van de werklast van de verschillende panels. Op basis van die evaluatie, en op basis van een vergelijking met de aanpak bij andere organisaties zoals de ERC, zullen voorstellen voor een verlegging van de panelgrenzen worden opgesteld. Op de raad van bestuur van november 2019 werd een nota voorgesteld waarin een roadmap voor de panelstructuurhervorming werd voorgesteld. Die roadmap is gebaseerd op een internationale benchmark, een meting van de werklast binnen de verschillende expertpanels en feedback van de panelleden. Probleemzones werden in kaart gebracht en krijtlijnen voor een nieuwe panelstructuur werden voorgesteld. Er werd beslist om vier verschillende werkgroepen op te richten, namelijk life sciences, wetenschap en technologie, humane en sociale wetenschappen en interdisciplinariteit. Binnen de werkgroep interdisciplinariteit zal ook gereflecteerd worden over de positie van transdisciplinaire projecten binnen de evaluatieprocedures van het FWO. In de werkgroepen zullen Vlaamse en internationale experten zetelen. De werkgroepen zullen in 2020 reflecteren over de nieuwe panelstructuur. Ze zullen regelmatig rapporteren aan de raad van bestuur. Een van de (voorlopig geplande) sessies op de genoemde studiedag van GSF (zie OD 1.7.2.) zal overigens gewijd worden aan transdisciplinariteit en hoe die kan bijdragen aan wetenschappelijke doorbraken. Deze OD sluit aan bij de volgende doelstellingen in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “In 2020 zal de evaluatie van de panelstructuur voor de mandaten en projecten fundamenteel onderzoek afgerond worden” en “We realiseren binnen het FWO specifieke aandacht voor transdisciplinaire projecten, waarbij niet vertrokken wordt vanuit een bepaalde discipline, maar vanuit een concreet probleem of fenomeen dat men over disciplines heen wil onderzoeken” (p. 42). 2.5. Permanente evaluatie van de FWO-programma’s OD 2.5.1.

Wat

Wanneer

Het FWO onderzoekt of de programma’s hun vooropgestelde doelen bereiken.

2019-2023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 81


Een aantal programma’s wordt momenteel geëvalueerd: Odysseus werd de afgelopen maanden geëvalueerd door het Rekenhof; momenteel worden de aanbevelingen geformuleerd. Er volgt nog een ‘exitgesprek’ met de betrokken partijen, waaronder het FWO en de universiteiten. Na afloop zal het rapport aan de bevoegde minister worden overgemaakt. De evaluatie van EOS gebeurt via een extern auditbedrijf. Via een gunningsprocedure stelden FNRS en het FWO Idea Consult aan. De evaluatie werd opgestart en zal eindigen in februari/maart 2020. Ook de herwerkte evaluatieprocedures binnen het fundamenteel onderzoek worden bekeken, na de eerste oproep: • Nagaan of het doel (verhogen van de slaagkansen, effect instroom beperkende maatregelen, …) wordt bereikt. • Evaluatie van de vernieuwde procedures met een preselectie en interviews. Via een bevraging van de panelleden wordt daarvoor input verzameld. Op 9 december 2019 stond er ook een stakeholdersevent gepland om de gewijzigde procedures te bespreken. Met een ruime groep betrokkenen werd de eerste mandatenronde na de hervormingen van de evaluatieprocedure besproken. Tot slot worden na iedere evaluatieronde de evaluatoren bevraagd over hun bevindingen. Dat biedt waardevolle info om het evaluatieproces te optimaliseren. OD 2.5.2.

Het FWO probeert een profiel op te stellen van de (on)succesvolle onderzoeker in de verschillende aanvraagkanalen.

2019-2023

De nadruk ligt op de mandatenprogramma’s. Bovendien wordt voorzien dat deze operationele doelstelling over de volledige periode van het beleidsplan loopt. Een aantal bevindingen over de eerste oproep binnen de hervormde programma’s (aspirant fundamenteel onderzoek, aspirant strategisch basisonderzoek, junior en senior postdocs) werd gepresenteerd aan de raad van bestuur van het FWO. Voor de predoctorale mandaten worden deze elementen in het profiel opgenomen: vergelijking slaagkansen kandidaten met en zonder masterdiploma, vergelijking slaagkansen voor kandidaten die voor de eerste dan wel tweede keer kandideren. Bovendien zal geprobeerd worden om de studieresultaten te correleren met de programmakeuze. Voor de postdoctorale mandaten zal bij de senior postdoctorale mandaten de slaagkansen voor de zij-instromers vergeleken worden met die voor de kandidaten die eerder al een FWO-postdocmandaat hadden.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 82


OD 2.5.3.

Het FWO brengt de output en impact van de verschillende gesteunde mandaten en projecten in kaart.

2019-2023

In deze context wordt bekeken hoe het FRIS (Flanders Research Information Space) Onderzoeksportaal gebruikt kan worden. Dat sluit aan bij het principe van éénmalige bevraging (administratieve vereenvoudiging) dat de Vlaamse overheid onderschrijft. Wat het in kaart brengen van de impact (hier breder begrepen dan de klassieke academische output) van door het FWO gesteund onderzoek betreft, zijn er voorlopig nog geen concrete resultaten te melden. Voor de strategische programma’s is het in kaart brengen van de impact zeer relevant. Voor TBM werd een bevraging uitgestuurd en werden de resultaten in kaart gebracht. Het ging over onderzoek dat door IWT werd gesteund. De eerste SBO- en TBM-projecten met FWO-middelen lopen pas af eind 2020. Het FWO heeft een plan van aanpak opgesteld om de informatie van het gesteund onderzoek over te maken aan FRIS. Het departement EWI zal in 2020 werken aan een nieuwe release voor FRIS. Het FWO zal starten met de programmatie om de gegevens over te maken aan de FRIS-databank na de zomer van 2020. Het overmaken van de gegevens aan FRIS en het inlezen van gegevens uit de FRIS-databank naar de FWO-databank kan plaatsvinden nadat de nodige IT-tools ontwikkeld zijn. Daarvoor moeten in 2020 de nodige afspraken met de kennisinstellingen gemaakt worden, zoals het linken van een bepaalde publicatie aan een FWO-project en/of -mandaat.

In Europa en de wereld 3.1. Blijven inzetten op ERA-NET en de FET-Flagships OD 3.1.1.

Wat

Wanneer

Het FWO investeert jaarlijks minimum 7 miljoen euro (4,5 Mio euro voor projecten fundamenteel en 2,5 Mio euro voor projecten strategisch basisonderzoek) in oproepen van ERA-NET, met een gemiddeld projectbudget van 350.000 euro, en langs die weg ook in de FET-Flagships.

2019-2023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 83


In de eerste helft van 2019 werden voor ERA-NET de volgende toekenningen gedaan: • ERAMIN2 (Raw Materials): 200 k € voor één project, zoals voorzien; • Biodiversa, vraag aan RVB om de voorziene 200 k € voor één project op te trekken naar 1 M € voor vijf projecten in de top van de rangschikking. Momenteel is het FWO betrokken in 30 lopende ERA-NETs onder H2020, inclusief de ERA-NETs die de FET-Flagships ondersteunen, namelijk FLAG-ERA en QuantERA. In de tweede helft van 2019 werden in het kader van ERA-NET-oproepen (en ook van het daaraan nauw verwante EJP) de volgende toekenningen gedaan: • EJP Rare Diseases: 348.740 euro voor één project; • Bluebio (mariene en aquatische biotechnologie): 451.000 euro voor twee projecten – door het terugverdieneffect (top-up EC) van 90.200 euro moet 350.800 euro uit eigen middelen worden voorzien; • FACCE (Sustainable and resilient agriculture for food and non-food systems): 357.193 euro voor twee projecten; • FLAG-ERA III (FET-Flagships Human Brain Project en Graphene): 886.360 euro voor drie projecten – door het terugverdieneffect van 159.480 euro moet 726.880 euro uit eigen middelen worden voorzien; • JPCofuND2 (neurodegeneratieve aandoeningen): 333.677 euro voor één project; • ERACOSYSMED (systems medicine): 200.000 euro voor één project; • ERA-CVD (cardiovascular diseases): 400.000 euro voor twee projecten.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 84


Op basis van de gangbare consultatieronde bij de stakeholders, heeft de raad in de novembervergadering beslist om in 2021 en 2022 aan tien Cofund-oproepen deel te nemen. Vastleggingsjaar 2021

Vastleggingsjaar 2022

• Quantum Flagship - ERA-NET Cofund - Cancer Research (Transcan-3) - ERA-NET to support the Joint Programming Initiative on Antimicrobial resistance - Research on brain-related diseases and disorders of the nervous system (NEURON cofund ll)

- Materials, supporting the circular economy and sustainable development goals - Positive Energy Districts and Neighbourhoods for urban energy transitions - Society and innovations: understanding the contexts, processes and consequences

• Conservation and restoration of degraded - ecosystems and their biodiversity, including a focus on aquatic systems. - Enhancing urban transformation capacities. - ERA-NET Cofund action on raw materials (ERA-MIN-3) OD 3.1.2.

De FWO-instrumenten behorend bij de projecten fundamenteel onderzoek en strategisch basisonderzoek worden per oproep flexibel ingezet met het oog op de eigenheid van het onderzoek en de belangen van de geïnteresseerde onderzoekers.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 85

2019-2023


Sinds 2019 bestaat de mogelijkheid om simultaan in ERA-NETs deel te nemen met beide FWO-instrumenten, zijnde fundamenteel onderzoek (FO) en strategisch basisonderzoek (SBO). Dat houdt in dat de Vlaamse onderzoekers een projectvoorstel moeten indienen dat beantwoordt aan de doelstellingen en reglementering van een van die financieringskanalen. In 2019 neemt het FWO deel aan 11 ERA-NET/EJP-oproepen. Het fundamentele kanaal wordt ingeschakeld in alle oproepen, en in 4 oproepen, gelijktijdig met FO, wordt SBO ingeschakeld: • JPcofuND2 (neurodegeneratieve ziekten); • BlueBio (Mariene en aquatische biotechnologie); • Rare Diseases EJP (zeldzame ziekten); • FLAG-ERA lll (Human Brain Project en Graphene). Het gaat telkens om een budget voor één project van 350 k € in FO respectievelijk SBO. De flexibiliteit bestaat ook daarin dat meer of minder van één kanaal middelen dan voorzien kunnen worden ingezet, rekening houdend met de rangschikking. De stand van zaken in verband met toekenningen uit respectievelijk het kanaal FO en SBO in 2019 ziet er als volgt uit: ERA-NET/EJP

Deelname fundamenteel onderzoek

Deelname strategisch basisonderzoek

BiodivERsA (biodiversiteit en ecosystemen)

X

Bluebio (mariene en aquatische biotechnologie)

X

X

EJP Rare Diseases

X

X

ERA-CVD (cardiovascular diseases)

X

ERACOSYSMED (systems medicine)

X

ERAMIN2 (Raw Materials)

X

FACCE SURPLUS (Sustainable and resilient agriculture for food and non-food systems)

X

FLAG-ERA III (FET-Flagships Human Brain Project en Graphene)

X

X

JPCofuND2 (neurodegeneratieve aandoeningen)

X

X

JAARVERSLAG FWO 2019 - 86


Voor JPI-oproepen geldt een andere rationale. Het FWO beschouwt JPI’s vooral als instrumenten voor het coördineren van onderzoek. FWO-deelname beperkt zich hier dan ook tot een top-up ten bedrage van maximaal 10.000 euro per jaar, of 30.000 euro in totaal voor een driejarig project en dat voor lopende FWOprojecten die kunnen worden geïntegreerd in een internationaal consortium. Verschillende JPI’s implementeren weliswaar ERA-NET Cofund-oproepen, waaraan het FWO met de ERA-deelnamemodaliteiten kan participeren. Een bijzonder geval betreft JPI Healthy Diet Healthy Life (HDHL). Het FWO is op basis van voorgaande consultatiesrondes niet toegetreden tot een van de twee ERANETs die uit de JPI-werking zijn voortgekomen. Maar wegens de interesse die bij de Vlaamse onderzoekers voor deze thematiek blijkt te bestaan, heeft de raad van bestuur in een later stadium beslist om uitzonderlijk de JPI-deelnamemodaliteiten in te zetten voor ERA-HDHL- en HDHL-INTIMIC-oproepen, beide ERA-NETs die voortkomen uit JPI HDHL en uit praktische overwegingen het ERA-kader verkiezen voor de opzet van bepaalde JPI-oproepen. OD 3.1.1. en 3.1.2. sluiten aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Het FWO zal de mogelijkheden van de partnerships in het nieuwe EU-Kaderprogramma ‘Horizon Europe’ optimaal benutten (zoals de opvolging van het ERA-NET).” (p. 41) 3.2. Uitbreiding van Seal of Excellence (ERC/Marie Curie): meer beloftevolle jonge onderzoekers opvangen Wat OD 3.2.1.

Wie

OB Het FWO onderzoekt de mogelijkheid om opvangprojecten te creëren voor aanvragen ERC Consolidator en Advanced Grant met een score A na stap 2 in de ERC-evaluatie.

Wanneer 2019-2023

Het Seal of Excellence voor de MSCAmandaten wordt ingevoerd. Deze doelstelling is dus bereikt. Het uitgewerkte voorstel zal in het eerste trimester van 2020 aan de RVB worden voorgelegd. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We maken ook werk van de uitbreiding van het gebruik van het kwaliteitslabel ‘Seal of Excellence’ van de Europese Commissie binnen de FWO-kanalen.” (p. 41)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 87


3.3. National Contact Point (NCP) Europees Kaderprogramma OD 3.3.1.

Wat

Wanneer

De continuïteit van de werking en de verdere opbouw wordt verzekerd op basis van de volgende vastgelegde middellangetermijndoelstellingen:

2019-2023

1. NCP Flanders is de voornaamste gids inzake Horizon2020 voor bedrijven en academische instellingen (universiteiten, hogescholen, onderzoeksinstellingen) in Vlaanderen; 2. de adviseurs van NCP Flanders staan in contact met stakeholders (bedrijven/organisaties/onderzoekers) en leveren aan hen kwalitatieve informatie op frequente basis; 3. NCP Flanders is klaar voor FP9. Er werden interne NCP Flanders-meetings gehouden en in december 2019 vonden er bilaterale meetings plaats tussen de NCP-coördinator en de adviseurs. In 2020 zullen er acties gelanceerd worden om bovenstaande doelstellingen te bereiken; per adviseur werd afgesproken welke acties zullen worden uitgevoerd. OD 3.3.2.

Er wordt voor de NCP-werking gestreefd naar een capaciteit van 8 VTE.

2019-2023

Het aantal VTE NCP-adviseurs in januari 2020 wordt op 6,6 geschat – wijzigingen zijn nog mogelijk na het vastleggen van de taken van enkele NCP-adviseurs van VLAIO. De voorbereidingen voor een nota aan de minister over de vraag van het FWO om versterking van het aantal NCP-adviseurs werden opgestart. OD 3.3.3.

De verantwoordelijkheden van de NCPadviseurs worden aangepast op basis van de nieuwe structuur van het 9de Kaderprogramma.

2019-2023

De FWO-coördinator NCP volgde in mei 2019 een eerste workshop georganiseerd door het netwerk NCP Academy. Daar werd de aanpassing van de NCP-werking aan de nieuwe structuur besproken. Er werd met elke NCP-adviseur in april-mei een bilaterale meeting gehouden om hun ambities en ideeën in kaart te brengen. Binnen het team werden besprekingen opgestart om na te gaan hoe het FWO op de gewijzigde structuur van Horizon Europe t.o.v. Horizon 2020 kan inspelen. Vanaf het moment dat de aanpassingen aan de guidelines en indeling van NCP voor Horizon Europe hun finale vorm krijgen vanuit de Europese Commissie, kunnen we dit finaliseren.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 88


3.4. Evaluatie partnerlanden voor bilaterale samenwerking OD 3.4.1.

Wat

Wanneer

Het FWO continueert de extra-Europese bilaterale onderzoekssamenwerkingen, met de nodige aandacht voor het garanderen van een voldoende hoge slaagkans.

2019-2023

In 2019 werd er zoals gepland een oproep met zowel Zuid-Afrika (NRF) als Rusland (RSF) gelanceerd. Voor die oproepen ontvingen we respectievelijk 61 en 90 ontvankelijke aanvragen. Voor beide werd een budget van ongeveer 1,3 miljoen euro geoormerkt. Binnen de oproep met Zuid-Afrika werden 6 van de 61 ontvankelijke dossiers geselecteerd voor financiering. Dat komt neer op een slaagkans van 10%. Voor de oproep met Rusland werden er 11 van de 90 ontvankelijke dossiers gehonoreerd (slaagkans 12%). Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Nog meer dan vandaag zetten we in op excellente samenwerkingsverbanden en uitwisselingsprogramma’s met de beste onderzoeksinstellingen uit Europa en de wereld.” OD 3.4.2.

Het FWO analyseert jaarlijks de bestaande en potentiele toekomstige partnerlanden opdat de Commissie Bilaterale Onderzoekssamenwerking (CBOS) het aanbod kan afstemmen op de noden van de Vlaamse onderzoeker.

2019-2023

De CBOS vond plaats op 17 december 2019 en nam het internationale samenwerkingsportfolio van het FWO onder de loep. Hun advies werd naar de raad van bestuur gebracht ter bekrachtiging. 3.5. Continuering EOS-programma OD 3.5.1.

Wat

Wanneer

Het FWO zet het EOS-programma verder.

2019-2023

Momenteel wordt er i.s.m. FNRS gewerkt aan het online platform voor de intermediaire projectrapportering van de lopende EOS-projecten. Eind 2020 zal een nieuwe oproep worden gelanceerd met deadline in 2021 en projectstart in januari 2022. In het kader daarvan werd i.s.m. FNRS een tender voor een externe audit van het programma voorbereid. De tender werd intussen afgesloten. Idea Consult werd aangesteld om de externe evaluatie door te voeren. De conclusies van deze oefening worden verwacht tegen eind februari 2020. Op basis hiervan zal bekeken worden hoe we het EOS-programma kunnen optimaliseren. Ondertussen wordt ook gewerkt aan de rapporteringtool voor de lopende EOS-projecten. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “In 2020 wordt de volgende oproep van EOS georganiseerd.” (p. 41)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 89


3.6. Extra ruimte voor Lead Agency Procedures, bi- en multilateraal OD 3.6.1.

Wat

Wanneer

Afhankelijk van de voorwaarden en context die de multilaterale Lead Agency-procedure binnen Europa met zich zal meebrengen, bekijkt het FWO of een deelname aan de Europese multilaterale Lead Agency Procedure kan worden verwezenlijkt, ook hier met aandacht voor een voldoende hoge slaagkans.

2019-2023

In de eerste helft van 2019 woonde het FWO maandelijks de vergaderingen binnen de MLAP-taskforce bij. De onderhandelingen voor de overeenkomst en de richtlijnen werden afgewerkt in november 2019. Nu kunnen de afzonderlijke RFO’s dit intern ter ondertekening voorleggen. De planning blijft ongewijzigd: lancering initiatief wellicht september 2020 met eerste oproepronde in 2021. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Nog meer dan vandaag zetten we in op excellente samenwerkingsverbanden en uitwisselingsprogramma’s met de beste onderzoeksinstellingen uit Europa en de wereld.” (p. 60) OD 3.6.2.

In afwachting van de multilaterale LAP zal het FWO blijven inzetten op bestaande bilaterale LAP-overeenkomsten, met de nodige aandacht voor het garanderen van een voldoende hoge slaagkans.

2019-2023

In 2019 werd een LAP-oproep gesloten met Zwitserland (SNSF), Oostenrijk (FWF), Slovenië (ARRS) en Luxemburg (FNR). Het FWO was in 2019 de lead agency voor alle vier de landen en ontving respectievelijk 22, 31, 21 en 7 aanvragen (totaal: 81). De evaluatie zal in competitie met de reguliere FWO-projecten fundamenteel onderzoek verlopen. Deze bilaterale akkoorden zullen van kracht blijven zolang de MLAP niet concreet wordt geïmplementeerd. De aanvragen werden beoordeeld in de reguliere projecten en zullen daarna geratificeerd worden door de desbetreffende partners om dan in januari 2020 te starten. Momenteel wordt ook bekeken met welke partners er in 2020 een oproep wordt gelanceerd. dat zal wellicht met FNR, ARRS en SFSF zijn. FWF wenst onmiddellijk in 2021 in te stappen in het MLAP-traject.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 90


3.7. Mobiliteit OD 3.7.1.

Wat

Wanneer

Het FWO continueert:

2019-2023

• de mobiliteitskredieten voor congresdeelname en kort/lang verblijf in het buitenland, met oog voor laagdrempeligheid en een voldoende hoge slaagkans; • de versterking van wetenschappelijke netwerken door enerzijds de diverse projectmatige uitwisselingsakkoorden te blijven implementeren (mits optimalisatie bij elke oproep) en het aanbod ervan af te stemmen op de Vlaamse noden, en door anderzijds het kanaal wetenschappelijke onderzoeksgemeenschappen en internationale coördinatieacties verder te zetten. Zoals gebruikelijk werd er een oproep geopend voor WOGs/ICAs. De oproep voor WOGs stond open t.e.m. 1 oktober 2019. De ICA-oproep werd op 30 april 2019 gesloten. Het FWO ontving vijf aanvragen voor ICA’s. Die werden in juni door de GOP geëvalueerd. Drie werden toegekend. Er werden 31 WOGs ingediend die op 10 december door de GOP werden geëvalueerd. Voor de reiskredieten staat de oproep continu open. Maandelijks vindt er een evaluatie plaats door de CIWC. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We stimuleren de mobiliteit van de onderzoeker, zowel intersectoraal als internationaal.” (p. 41) OD 3.7.2

Het FWO continueert het Odysseusprogramma en optimaliseert het.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 91

2019-2023


In juni 2019 werd een nota ter optimalisatie voorgelegd aan de WGOB en de raad van bestuur. Parallel werd er door het Rekenhof een audit gestart. De audit door het Rekenhof zit in de finale fase, met een planning van een exitgesprek in december 2019. Parellel werd op basis van de terugkoppeling van de raad op het eerdere voorstel van optimalisatie (juni 2019) een voorstel tot reglementswijziging aan de raad voorgelegd (november 2019). Deze reglementswijzigingen impliceren ook nog besluitwijzigingen. Pas nadat dit verwezenlijkt is, kunnen we verder met het lanceren van de nieuwe oproep (verwacht ongeveer juni 2020). Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits die stelt dat het aantrekken en verankeren van buitenlands toptalent bijdraagt tot de kwaliteit van grensverleggend innovatief onderzoek en dat dit de internationale concurrentiepositie van Vlaanderen versterkt. OD 3.7.3

Het FWO zet een nieuw laagdrempelig kanaal op voor inkomende mobiliteit voor een onderzoeksverblijf voor zowel junior als senior buitenlandse onderzoekers. Daarbij worden synergieën opgezocht met de bestaande mobiliteitskredieten voor uitgaande mobiliteit.

2020-2021

Ten vroegste ingepland voor 2020. 3.8. Expertise en infrastructuur samenbrengen over de grenzen heen OD 3.8.1.

Wat

Wanneer

Het FWO voorziet in een specifiek programma voor structurele financiering van de Vlaamse deelname aan grootschalige internationale onderzoeksinfrastructuren. Dit nieuwe programma krijgt de naam ‘IRI’ en vervangt (a) het bestaande FWO-programma Big Science voor financiering van exploitatie en logistieke kosten, (b) de investeringen in internationale infrastructuren via het kanaal zware infrastructuur (in de toekomst is het niet meer mogelijk om in dit kanaal financiering aan te vragen voor nietVlaamse infrastructuur), en (c) de ad-hocfinancieringen voor Vlaamse deelnames in ESFRI die door de voormalige Herculesstichting werden toegekend.

2019-2023

Op basis van de resultaten van de evaluatie van de eerste IRI-call, wordt een nieuwe IRI-call voorbereid waarvan de eindbeslissing eind 2020 zal vallen. Op basis van de evaluatie van de vorige oproep werd het aanvraagformulier op enkele plaatsen verduidelijkt.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 92


OD 3.8.2.

Er wordt een strategische mapping gemaakt van prioriteiten inzake deelname aan grootschalige onderzoeksinfrastructuur in Europa en de wereld.

2019-2020

Ter voorbereiding van de opmaak van een Vlaamse roadmap werd samen met het departement EWI een eerste Vlaamse inventaris uitgetekend: Large scale research infrastructure in Flanders - Flemish participation in international research infrastructures 2020. De inventaris werd in mei 2020 gepubliceerd en heeft onder meer als doel om de Vlaamse deelname aan internationale infrastructuren, waaronder de oproep 2020 van het ESFRI-Forum, te ondersteunen. In een vervolgfase zal een grotere oefening opgestart worden om tot een Vlaamse roadmap te komen die uitgaat van een landschapsanalyse en een forecastanalyse. De Europese, Vlaamse en Belgische context zal de leidraad zijn. OD 3.8.3.

Het FWO zal bijdragen aan een sterkere positionering van Vlaanderen door een actieve rol in het management of de coördinatie van internationale infrastructuren te promoten.

2019-2023

Samen met het departement EWI wordt de rol van Vlaanderen in het management van internationale infrastructuren verder opgevolgd. De internationale tendensen worden opgevolgd en de internationale onderzoeksinfrastructuren uit de life sciences waar Vlaanderen aan deelneemt worden samengebracht om op zoek te gaan naar synergieën (bv. in het beheer van data). Op die manier zullen toekomstige aanvragen beter voorbereid kunnen worden. 3.9. Brexit OD 3.9.1.

Wat

Wanneer

Het FWO volgt de gevolgen van het brexit-dossier voor de wetenschap op en neemt waar gewenst en waar mogelijk de gepaste maatregelen om wetenschappelijke samenwerking tussen Vlaanderen en het VK mogelijk te maken.

2019-2023

Het FWO bezorgde na de vorming van de nieuwe Vlaamse Regering zijn standpuntbepaling (samen met VLIR) aan het departement EWI. De Vlaamse administratie houdt het FWO op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen, inclusief de maatregelen waarin de Vlaame Regering voorziet in geval van brexit resp. ‘no deal’. Het FWO wacht verder de resultaten van het overleg VK-EU af. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Brexit opvangen en de nieuwe relatie met het Verenigd Koninkrijk voorbereiden” (p. 60 e.v.)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 93


Open wetenschap 4.1. Open Access: stimuleren en sensibiliseren OD 4.1.1.

Wat

Wanneer

Het FWO volgt de naleving van haar Open Access-regulering meer systematisch op. Daartoe vraagt het FWO aan haar beneficianten om bij een gestructureerde rapportering van hun output per publicatie aan te geven of er aan de Open Accessregulering voldaan is en, zo ja, onder welke vorm.

2020-2023

Deze operationele doelstelling leunt zeer dicht aan bij de operationele doelstelling ‘OD 4.1’ in de samenwerkingsovereenkomst tussen de Vlaamse overheid en het FWO, die verwijst naar monitoring via communicatie met het FRIS-portaal. Om zo weinig mogelijk overlap te genereren, zal de verwezenlijking van OD 4.1.1 ook via het FRIS-portaal verlopen. Momenteel lopen er gesprekken met het departement EWI en met de onthaalinstellingen. Om daar tijdig op in te spelen en om te zorgen dat de betrokken onderzoekers zich ondubbelzinnige kunnen identificeren in de communicatie met het FRIS-portaal, heeft het FWO ondertussen een ORCIDidentificatienummer verplicht gemaakt voor alle aanvragers. De verwezenlijking van deze operationele doelstelling hangt af van de tijdige beschikbaarheid van de nodige, juiste en volledige informatie op het FRISplatform, en van de interface ervan met de IT-infrastructuur van het FWO. Daarom zal er daarnaast ingezet worden op zelfrapportering over de naleving van het Open Access-beleid van het FWO via de hervormde verslaggeving, wat aansluit bij OD 1.11.1. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits rond het uitbouwen van het draagvlak voor wetenschap: “Ook op vlak van communicatie en openheid naar de buitenwereld zien we ruimte voor verbetering.” (p. 18) en “FRIS moet ook een rol kunnen spelen in de rapportering van onderzoeksactoren naar de overheid en zo bijdragen aan administratieve vereenvoudiging en de eenmalige bevraging van gegevens.” (p. 58) OD 4.1.2.

Het FWO sensibiliseert de onderzoekers over relevante aspecten van Open Access, i.s.m. met zijn partners.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 94

2019-2023


Om dubbelzinnigheid uit te sluiten in de door het FWO opgelegde verwachtingen, moet het FWO overwegen om het algemene reglement m.b.t. Open Access aan te scherpen. Concreet betekent een aanscherping dat er duidelijk wordt gemaakt wat er bedoeld wordt met OA publicaties, i.e. publicaties die zo snel mogelijk gratis en online toegankelijk zijn voor eenieder, binnen of buiten de academische context. Daarnaast is het belangrijk om ook in het algemeen reglement te expliciteren dat er met ‘publicaties die voortvloeien uit FWO-toelagen’ publicaties bedoeld worden die zowel geheel als gedeeltelijk voortvloeien uit deze middelen. Een andere manier die momenteel overwogen wordt om onderzoeks te sensibiliseren, is het voorzien van een informatieve webpagina op de website van het FWO die Open Acces en de visie van het FWO daarop in de verf zet. Op infosessies allerhande (bv. infosessies m.b.t. mandaten of projecten) kan Open Acces dan kort vermeld worden als aandachtspunt en kan er naar die webpagina verwezen worden voor meer informatie. Ten slotte is het, volgend op de eerdergenoemde controle op de naleving (zie OD 4.1.1), wellicht raadzaam om onderzoekers die niet aan de FWO-reguleringen blijken te voldoen op een constructieve manier te wijzen op hun verplichtingen, samen met een verwijzing naar de webpagina over Open Access. Dat kan echter pas gebeuren zodra OD 4.1.1 verder uitgewerkt is. Een voorstel ter aanpassing van het algemeen reglement werd voorgelegd aan de raad van bestuur in december 2019. Daarin werd duidelijk gespecificeerd welke definitie van Open Access het FWO hanteert en welke publicaties er bedoeld worden. Bij het afronden van de aanpassing van het algemeen reglement, zullen volgende stappen worden gezet in het voorjaar van 2020 om de onderzoekers erover te sensibiliseren, onder andere via de FWO-nieuwsbrief. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We spelen in op de evolutie naar Open Science, dat ook in Europees verband hoog op de agenda staat.” (p. 44) OD 4.1.3.

Het FWO volgt de internationale evoluties i.v.m. Open Access op en speelt daar gepast op in.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 95

2019-2023


Deze doelstelling neemt het FWO al lang ter harte. Het gaat onder andere om de voordurende opvolging van recente ontwikkelingen, zoals ‘Plan S’ (i.e. de tien principes die in september 2018 vanuit Science Europe, op aangeven van RobertJan Smits in zijn toenmalige functie als Senior Adviseur Open Access bij het European Political Strategy Centre (EPSC) van de Europese Commissie, werden gelanceerd). Nadat de implementatierichtlijnen voor Plan S op 27 november 2018 werden vrijgegeven, bestond de mogelijkheid om feedback te leveren, ook vanuit organisaties die Plan S nog niet onderschreven. Dat was een uitgelezen kans voor het FWO om, samen met andere Vlaamse stakeholders, wensen en bezorgdheden over te maken. Samen met vertegenwoordigers van VLIR en de VLIR-werkgroep Open Science, van de KVAB en van de Jonge Academie werd een gezamenlijk standpunt uitgewerkt. Het FWO bezorgde de feedback in januari 2019 aan de huidige leden van Plan S. In mei 2019 werden binnen de bestuursorganen van het FWO de reactie op die feedback en de gereviseerde implementatierichtlijnen besproken. Er werd besloten om het plan op dit moment niet te onderschrijven en om het verder op te volgen binnen de nog op te richten Flemish Open Science Board (FOSB). Naast de ontwikkelingen rond Plan S volgt het FWO ook andere evoluties op, onder andere via haar participatie in Vlaamse en federale werkgroepen, maar ook door haar aanwezigheid in de Science Europe Open Access-werkgroep. Ook in de toekomst plant het FWO om hier deel van te blijven uitmaken. In het najaar van 2019 volgde het FWO relevante workshops mee op, zoals ‘The future of research: Assessing the impact of Plan S’ en het Science Europe-event ‘Digital Transformation in Scholarly Communication’. Het FWO nam deel aan een panelgesprek over Plan S tijdens ‘Informatie aan zee’, een evenement op initiatief van de Vlaamse Vereniging voor Bibliotheek, Archief & Documentatie (VVBAD). Verder gaat het FWO op federaal initiatief (CIS-CFS) in januari 2020 mee in dialoog met de door cOAlition S aangeduide Open Access Champion, prof. dr. Johan Rooryck. Met de oprichting van de FOSB verwacht het FWO dat Plan S in 2020 opnieuw meer op het voorplan zal treden. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We spelen in op de evolutie naar Open Science, dat ook in Europees verband hoog op de agenda staat. … Om dit Open Science beleid in Vlaanderen vorm te geven zullen we de FOSB (Flemish Open Science Board) oprichten.” (p. 44 – 45)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 96


4.2. Open Data: vertrouwen creëren OD 4.2.1.

Wat

Wanneer

Uiterlijk in juni 2019 worden de Research Data Management Plans (RDMP) m.b.t. de in 2018 toegekende onderzoeksprojecten ingediend. Deze RDMP’s worden bij elke nieuwe toekenning opgevraagd, vanaf 2020 ook voor de toegekende onderzoeksmandaten.

2019-2023

De indiening loopt i.s.m. de hoofdonthaalinstellingen. Voor de mandatenoproep 2019-2020 wordt de DMP-vereiste mee in de formulieren opgenomen. Op 8 november 2019 werd een stand van zaken voor de DMP’s voor alle projecten bij alle onthaalinstellingen opgevraagd bij de DOC’s. Een nieuwe stand van zaken, met de duidelijke doelstelling dat voor elk project een compleet DMP aangeleverd is, wordt opgevraagd voor het einde van 2019. Voor de lopende en komende oproepen mandaten wordt dit DMP voortaan eveneens een vereiste. OD 4.2.2.

Het FWO blijft overleg plegen met VLIR en andere relevante actoren over de modaliteiten van het RDMP en meer bepaald over het beleidskader m.b.t. het delen van data.

2019-2023

Een overleg met de hoofdonthaalinstellingen projecten (DOC’s) m.b.t. afspraken om dit deel van de procedure uit te voeren, vond plaats op 4 juli 2019. Daar werd ook afgesproken dat het DMP-formulier ITG en dat van FWO-VLIR worden gecombineerde tot één aangepaste versie. Op het overleg tussen FWO, VLIR en ITG op 30 september 2019 werd overeengekomen dat het ITG ging evolueren naar een DMP-formulier gebaseerd op het formulier van FWO-VLIR, aangevuld met vragen specifiek voor de instelling. Verder zetelt het FWO in de werkgroep DSSI (Data Sharing & Supporting Infrastructures) van Science Europe. In deze context werkt het FWO in een taskforce specifiek rond de evaluatie van DMP’s. OD 4.2.3.

Het FWO volgt de pilot van de EU m.b.t. EOSC op en bekijkt de rol die het daarbij kan spelen.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 97

2019-2023


De EOSC https://ec.europa.eu/research/openscience/index.cfm?pg=openscience-cloud wordt bestuurd door een Governance Board, bestaande uit vertegenwoordigers van de lidtstaten (België: Bart Dumolyn, EWI), en een Executive Board. https://www.eosc-portal.eu/governance/executive-board Op federaal niveau heeft de CIS/CFS Open Science deze Belgische experten genomineerd voor de Working Groups van de Executive Board van de EOSC: • • • •

FAIR : André Huyghebaert, Belgian Biodiversity Platform; ARCHITECTURE: Frederik Coppens, VIB, ELIXIR; LANDSCAPE : Sadia Van Cauwenberghe, ECOOM / UHasselt / EuroCRIS; RULES OF PARTICIPATION : Rachel Leproult , ULB.

EWI staat in voor de verdere coördinatie met de Vlaamse experten. Binnen CIS/ CFS Open Science co-coördineert het op Belgisch niveau. De Vlaamse aansluiting bij EOSC zal onder meer plaatsvinden via twee nieuwe initiatieven. Na een eerste analyse van open science en Vlaanderen door Technopolis in 2018, deed de VLIR in maart 2019 een voorstel voor de oprichting en structuur van een Flanders Open Science Board (FOSB) en Flanders Research Data Network (FRDN) met vier hubs: een coördinatiehub, data hub, knowledge hub en discovery hub. Hoewel in het oorspronkelijke ontwerp geen vertegenwoordiging voorzien was voor het FWO in de FOSB, is in de samenwerkingsovereenkomst FWO-VO van 2019 (OD 4.3) opgenomen dat het FWO actief zal deelnemen aan de FOSB. Het FWO heeft samen met het departement EWI constructief gewerkt om het pad te effenen voor open science. Met het oog op het beschikbare budget van het EWI - 5 miljoen euro per jaar – adviseert de Technopolis group de Vlaamse Regering om een Flemish Open Science Board op te richten. Het FWO zal actief deelnemen aan deze FOSB. 4.3. Algemene aandacht voor diversiteit OD 4.3.1.

Wat

Wanneer

Het FWO blijft streven naar een transparante en rechtvaardige selectieprocedure waarbij kandidaten beoordeeld worden op hun wetenschappelijke kwaliteiten en op de kwaliteit van hun onderzoeksproject, ongeacht hun achtergrond.

2019-2023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 98


Het FWO verwelkomt onderzoeks- en mandaataanvragen van alle gekwalificeerde onderzoekers en maakt in zijn selectie- en evaluatieprocedures geen onderscheid op basis van geslacht, gender, culturele, etnische of sociale achtergrond. Het FWO voorziet bovendien in de mogelijkheid om de maximumgrenzen voor bepaalde financieringskanalen (bv. postdoctorale mandaten) aan te passen om rekening te houden met periodes van inactiviteit ten gevolge van bv. moederschaps-, ouderschaps- of ziekteverlof en om op die manier een eerlijke competitie tussen de aanvragers mogelijk te maken. Om genderbias tijdens de evaluatie te vermijden, streeft het FWO er bij de samenstelling van de expertpanels naar dat maximum twee derde van de leden van hetzelfde geslacht zijn. Het FWO maakt de panelleden bewust van het bestaan en de gevolgen van zogenaamde onbewuste bias tijdens de briefing van de panelleden om een rechtvaardige selectieprocedure te garanderen. Om genderbias in de evaluatie van de dossiers te vermijden, wordt momenteel de mogelijkheid onderzocht om een training te volgen of te organiseren over onbewuste bias en genderbias. Er werden contacten gelegd met Joanneum Research, coรถrdinator van het GRANTeD-project, dat focust op het bestaan van eventuele genderbias in de toewijzing van onderzoeksgelden door research funding organisations (zie cordis. europa.eu/project/rcn/219058/factsheet/en). Actieve deelname aan dit project wordt momenteel bestudeerd. OD 4.3.2.

Waar mogelijk en zinvol zal het FWO meewerken aan onderzoeksprojecten of beleidsgerichte studies inzake gender en diversiteit in de academische wereld.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 99

2019-2023


Er zijn tot dusver geen verzoeken of opportuniteiten geweest om mee te werken aan onderzoeksprojecten of beleidsgerichte studies. Om contacten te leggen met het oog op mogelijke deelname aan zulke projecten in de toekomst, neem het FWO deel aan meerdere evenementen gerelateerd aan gender en diversiteit: • voorstelling VLIR-JA Charter Gender in Academia 2019 – 26 juni 2019, Brussel; • voorstelling LERU paper over equality, diversity and inclusion at universities – 19 september 2019, Brussel; • European Platform of Women Scientists General Assembly and annual conference, 24-25 september 2019, Brussel; Output: conference report: Alone is not enough: Shared challenges, joint achievements, mutual dialogue for future actions in the fields of Gender Equality and the Gender Dimension in EU Research and Innovation; • European Gender Summit 2019 – 3-4 oktober 2019, Amsterdam; • Congres: Research and Innovation Excellence through gender equality: New pathways and challenges - 23-24 oktober, Helsinki; Output: Helsinki Call for action paper “Recommendations for advancing gender equality in research and innovation in Europe”. De aanwezigheid van het FWO op die evenementen heeft geleid tot contacten met Joanneum Research, coördinator van het GRANTeD-project (zie cordis. europa.eu/project/rcn/219058/factsheet/en), en Science Foundation Ireland, coördinator van het ACT-project (zie cordis.europa.eu/project/rcn/218467/ factsheet/en). Actieve deelname aan beide projecten wordt momenteel overwogen. Daarnaast heeft het FWO meegewerkt aan de volgende enquêtes: • Gender-based violence in academia in EU-28 (Standing Working Group on Gender in Research and Innovation); • Survey on the gender dimension in research and innovation (Swedish secretariat for gender research, University of Gothenburg). OD 4.3.3.

Het HR Excellence in Research-label van de EC blijft behouden en het hr-beleid wordt hierop afgestemd.

2019-2023

Het FWO heeft contact gelegd met de Europese instantie die dit label beheert. Er werd een zelfevaluatie opgestart die in 2020 wordt afgerond. Later volgt een site visit.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 100


4.4. Transparantie geven: van aanvraag tot feedback OD 4.4.1.

Wat

Wanneer

Het FWO bezorgt voor elke aanvraag feedback aan de indiener. Om de consistentie van de feedback te vergroten, wordt voor verschillende kanalen een hoofdevaluator aangeduid die de opmerkingen van de verschillende evaluatoren integreert. Voor de mandatenprogramma’s wordt ook de relatieve positionering van de aanvraag aan de indiener gecommuniceerd.

2019-2023

De transparantie van de vernieuwde procedures wordt geëvalueerd. De feedback aan de postdocs en predocs verliep vlot en de inhoud blijkt goed aan de gestelde normen te beantwoorden. In 2019 werden wel nog enkel de scores gegeven en nog niet de relatieve positionering van de kandidaten. Beging 2020 zullen de aanvragers van projecten FO feedback ontvangen. Daarbij worden zowel de scores als de commentaren van de aanvragen meegedeeld. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Binnen de verschillende programma’s van het FWO m.b.t. fundamenteel onderzoek en met name mandaten en projecten fundamenteel onderzoek, ERC-opvangmandaten en kredieten aan navorsers, bewaken we de transparantie van het evaluatiekader en we streven naar aanvaardbare slaagkansen in alle programma’s.” (p. 41) OD 4.4.2.

Het FWO bouwt structureel stakeholderoverleg in.

2019-2023

Zie voor een eerste voorbeeld van verruimd stakeholderoverleg het initiatief op 9 december 2019 over de hervorming van de mandaatprogramma’s onder OD 2.4.1. De stakeholders worden ook nauw bij de werking van het FWO betrokken bij de programma-evaluaties (FKM, TBM, sabbaticals, Odysseus, EOS …) en bij de panelen klantenbevragingen. Een stakeholderoverleg zoals voor de mandaten op 9 december wordt ook gepland voor de projecten FO. Idem voor klanten- en panelbevraging. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “Binnen de verschillende programma’s van het FWO m.b.t. fundamenteel onderzoek en met name mandaten en projecten fundamenteel onderzoek, ERC-opvangmandaten en kredieten aan navorsers, bewaken we de transparantie van het evaluatiekader en we streven naar aanvaardbare slaagkansen in alle programma’s.” (p. 41)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 101


4.5. Transparantie vragen: blijvende aandacht voor wetenschappelijke integriteit OD 4.5.1.

Wat

Wanneer

Het FWO volgt de ontwikkelingen betreffende wetenschappelijke integriteit in binnen- en buitenland op en stelt waar nodig het beleidskader bij.

2019-2023

Het FWO neemt deel aan de studiedagen, wetenschappelijke congressen en uiteenzettingen op het vlak van wetenschappelijke integriteit. Op 29 april 2019 vond bijvoorbeeld een studienamiddag plaats over vertrouwenspersonen en bemiddeling bij kwesties van wetenschappelijke integriteit o.l.v. de VCWI. Het FWO treedt in overleg met de VCWI over de wijzigingen m.b.t. het beleid op het gebied van wetenschappelijke integriteit; bijvoorbeeld in het kader van de reglementswijziging van het VCWI. Er is voorzien in een intern opvolgingssysteem voor de lopende zaken van de commissies voor wetenschappelijke integriteit aan de Vlaamse universiteiten. Waar wenselijk neemt het FWO het initiatief voor overleg met de Vlaamse universiteiten over de lopende dossiers. Internationale initiatieven worden opgevolgd d.m.v. contact en/of overleg met buitenlandse partners of overkoepelende organisaties. 4.6. Het FWO luistert naar de onderzoekers en de samenleving – Vlaamse Wetenschapsagenda OD 4.6.1.

Wat

Wanneer

Op basis van de resultaten van de bevraging van de Vlaamse Wetenschapsagenda bekijkt het FWO, samen met het departement EWI, hoe ze blijvend het draagvlak voor wetenschap kunnen versterken door initiatieven rond wetenschapscommunicatie te promoten c.q. verbinden, en zo de kloof tussen kennisketen en maatschappij kunnen verkleinen.

2019-2020

JAARVERSLAG FWO 2019 - 102


Deze activiteiten vonden plaats in de eerste helft van 2019: • vertaling introfilmpje naar het Engels voor een breder bereik; • i.s.m. EOS organisatie van 3 Grijze Cellen gelinkt aan de thema’s van de VWA; • aanwezigheid (incl. interactieve installatie) op events: Sound of Science, Netwerkdag Scivil, EWI w[eet]enschap, Hack Belgium …; • ombouw website zodat ook vragen kunnen worden beantwoord; • VWA Nieuwsbrief (2) waarin events van de partnerinstellingen gelinkt aan VWA worden gepromoot; • i.s.m EWI, KVAB/JA organisatie Colloquia Interdisciplinariteit en Wetenschapscommunicatie opgestart; • i.s.m IkHebEenVraag werd het uitwerken van een gezamenlijk vraag-enantwoord-boek opgestart. Daarnaast wordt er met Polis bekeken of er een boek over wetenschapsvoering, de grote uitdagingen uit de VWA … kan worden uitgewerkt; • i.s.m. NWO en Ludwig Boltzmann Gesellschaft werd een sessie rond public engagement/crowdsourcing voor ESOF 2020 (Trieste) ingediend; • Actief gebruik van Facebook- en Twitter-account van VWA. Deze activiteiten vonden plaats in de tweede helft van 2019: • samenvattende Engelse vertaling van de VWA (booklet); • i.s.m. EOS voorgezette organisatie van Grijze Cellen gelinkt aan de thema’s van de VWA; • aanwezigheid (incl. interactieve installatie) op events: EWI w[eet]enschap, Dag van de wetenschap, colloquia, fusieshow UAntwerpen; • verderzetten beantwoorden vragen op de website (al 676); • maandelijkse VWA Nieuwsbrief waarin events van de partnerinstellingen gelinkt aan VWA worden gepromoot; • i.s.m EWI, KVAB/JA-organisatie werden twee colloquia interdisciplinariteit en wetenschapscommunicatie georganiseerd; • i.s.m IkHebEenVraag werd het uitwerken van een gezamenlijk vraag-enantwoord-boek opgestart. • actief gebruik van Facebook- en Twitter-account van VWA; • evaluatieverslag over het participatieve gegeven van de VWA door Sofie Marien; • podcast EOS en publicaties Psyche en Brein gelinkt aan thema van de VWA; • voorstelling initiatief VWA aan Europese councils in kader van de Global Research Council. Dez OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We stimuleren wetenschappers om op transparante en heldere wijze te communiceren over hun domein.” (p. 53) en “We zullen de actieve betrokkenheid van burgers bij het wetenschapsgebeuren [...] versterken.” (p. 54)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 103


In de samenleving 5.1.Het FWO communiceert over de wetenschap aan iedereen Heel deze strategische doelstelling beantwoordt aan wat minister Crevits in haar Beleidsnota van oktober 2019 vooropstelde (p. 53): “We willen de Vlaming warm maken voor wetenschap en innovatie en voor ondernemerschap. Daarom plannen we initiatieven op het vlak van beeldvorming rond ondernemers, technologie en wetenschappers. We werken in het onderwijs aan een ondernemende attitude en maken jongeren warm voor technologie en innovatie. We steunen wetenschappelijke onderzoek dat burgers betrekt en we bekijken hoe we het potentieel van technologische innovaties en wetenschappelijk onderzoek bekend kunnen maken bij de brede bevolking. Het doel is meer draagvlak te creëren en zoveel mogelijk mensen te verleiden om zelf te ondernemen en innovatief te zijn. Wetenschapscommunicatie heeft ook een bredere maatschappelijke impact. Door via communicatie het vertrouwen in wetenschap te verhogen, creëren we vruchtbare grond voor de introductie van innovatieve oplossingen voor een breed scala aan maatschappelijke uitdagingen. We stimuleren wetenschappers om op transparante en heldere wijze te communiceren over hun domein. Door in gesprek te gaan met het brede publiek etaleren we de kansen die wetenschappelijke evoluties met zich mee brengen. De creativiteit en spitsvondigheid van onze ondernemingen en wetenschappers kan bij de Vlamingen angst wegnemen en het vertrouwen in een duurzame en positieve toekomst bewerkstelligen. Of zoals Marie Skłodowska Curie het kernachtig uitdrukte: ‘Niets in het leven hoeft gevreesd te worden. Het hoeft alleen begrepen te worden.’ Het is duidelijk dat wetenschapscommunicatie en het sensibiliseren voor een ondernemende en innoverende cultuur sterk aan belang wint bij de uitbouw van een quadruple helix en missiegericht innovatiebeleid. Het goed betrekken van burgers en het maatschappelijke middenveld wordt een volwaardige pijler in het ecosysteem voor wetenschap en innovatie in Vlaanderen. Over het optimaal betrekken van burgers, middenveld, maar ook kleine bedrijven vragen we een advies aan VARIO en starten we een dialoog op om te komen tot een gedragen visie op een structurele aanpak.” OD 5.1.1.

Wat

Wanneer

Naast de continuering van zijn bestaande communicatiekanalen lanceert het FWO acties die het als kwaliteitsmerk definiëren.

2019-2023

JAARVERSLAG FWO 2019 - 104


• Het FWO-jaarboek 2018 bevat vijf dubbelinterviews waarin telkens een onderzoeker en een beleidsmaker hun deskundige mening geven over één van de strategische doelstellingen uit het FWO-beleidsplan 2019-2023. • De FWO-nieuwsbrief verscheen in april en juni. • Via zijn sociale-mediakanalen (Facebook, Twitter en LinkedIn) communiceert het FWO over resultaten van onderzoekers, aankondigingen van oproepen en belangrijk nieuws voor zijn onderzoekers. • #FWOVlaanderen: zowel op onze startpagina als op de community-pagina. #FWOVlaanderen geeft het FWO een overzicht van interessante tweets, foto’s … die zijn onderzoekers posten op sociale media. • Instagram take-overs: sinds augustus 2019 beschikt het FWO over een Instagrampagina die het als platform gebruikt om op regelmatige tijdstippen een week in het leven van een onderzoeker te tonen. • Science Snack: elke vrijdagnamiddag brengen we een onderzoeker in beeld op Facebook en LinkedIn. We delen een filmpje van Wetenschap Uitgedokterd of een blogpost van ‘Onderzoekers vertellen’. • Aanwezigheid met FWO-stand op het wetenschapsfestival Sound of Science in Mortsel (25 mei 2019) en WOOOW-festival (naar aanleiding van Dag van de Wetenschap – 24 november 2019) in de Krook in Gent. • In november 2019 publiceerde het FWO een folder voor het brede publiek. Die folder toont hoe wetenschap aansluit bij ons dagdagelijks leven. OD 5.1.2.

Het FWO vraagt van zijn onderzoekers meer aandacht voor de communicatie van onderzoeksresultaten buiten het vakgebied, onder meer met het oog op het in kaart brengen van de (ruim begrepen) impact van het door het FWO ondersteunde onderzoek.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 105

2019-2023


• In 2019 vinden er zes edities van Grijze Cellen plaats: - 21 maart: Als algoritmes beslissen – STUK (Leuven); - 30 april: Klimaatmigratie – AMUZ (Antwerpen); - 25 mei (tijdens festival Sound of Science): Ruimtevaart – Fort 4 (Mortsel); - 20 augustus (als onderdeel van de zomerlezingen): De toekomst van ons drinkwater – Paviljon du Zoute (Knokke); - 22 oktober: Hoe herken je een burn-out – STUK (Leuven); - 24 november (tijdens WOOOW-festival op dag van de wetenschap): De voetafdruk van ons voedsel – De Krook (Gent). • Via de reeks ‘Onderzoekers vertellen’ laat het FWO op zijn website onderzoekers aan het woord. • Het FWO is al voor het vierde jaar op rij partner van de Vlaamse PhD Cup. Bij de 73 kandidaturen voor 2019 zijn er 24 FWO-onderzoekers. • Dankzij Wetenschap Uitgedokterd, net als de PhD Cup een initiatief van Scriptie vzw, krijgen FWO-onderzoekers de kans om hun onderzoek in 3 minuten voor de camera te vertellen. • Building Bridges – focusdag over wetenschapscommunicatie: het FWO, de KVAB, de Jonge Academie en het departement EWI organiseerden op maandag 18 november 2019 een focusdag over wetenschapscommunicatie. Deze dag ging dieper in op de opportuniteiten en risico’s met betrekking tot wetenschapscommunicatie. Aansluitend werden ook de Onderscheidingen Wetenschapscommunicatie van de KVAB - Jonge Academie uitgereikt. • FWO-er Jonas Roelens won de Vlaamse Phd Cup 2019. • De acht filmpjes van Wetenschap Uitgedokterd werden opgenomen en zullen in januari 2020 op de website verschijnen. • De focusdag wetenschapscommunicatie was met 200 aanwezigen een succes. Bij de prijsuitreiking ontving FWO-postdoc Jan Trachet de prijs van Jonge belofte. 5.2. Samenwerken over beleidsdomeinen heen OD 5.2.1.

Wat

Wanneer

Het FWO evalueert met verschillende andere beleidsdomeinen (Vlaams of federaal) of het haalbaar is om gezamenlijke oproepen voor onderzoeksfinanciering te organiseren. Als eerste dossier zal de haalbaarheid van een gezamenlijke oproep voor klinische trials (TBM-programma) met KCE geëvalueerd worden.

2020

Er lopen gesprekken voor een gezamenlijke call met KCE voor het trialsprogramma. De complexiteit van de financiering (exclusief Vlaams versus federaal) maakt ook de samenwerking complex. Bovendien zorgt de onzekerheid over de toekomst van het trials-programma ervoor dat een concreet gezamenlijk programma wat wordt afgehouden. De interesse in samenwerking rond het KCE-NWO BeNeFit-programma werd herbevestigd, maar leverde nog geen concrete samenwerkingsmogelijkheden op.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 106


OD 5.2.2.

In de expertpanels voor een aantal fundamentele programma’s (bv. Rode Neuzen, Kom op tegen Kanker) zullen vertegenwoordigers van andere relevante beleidsdomeinen worden opgenomen.

2019

Bij Kom op tegen Kanker worden patiënten bevraagd over de oproep. 5.3. Voorbereiden van onderzoekers op een latere carrière OD 5.3.1.

Wat

Wanneer

Het FWO continueert zijn communicatie over de loopbaanperspectieven voor jonge onderzoekers.

2019-2023

OD 5.3.2 werd uitgewerkt in de vorm van verschillende reglementswijzigingen. Naar aanleiding daarvan werden alle mandaathouders in de maand november persoonlijk aangeschreven en geïnformeerd over de (nieuwe) mogelijkheden tot intersectorale mobiliteit. In de infosessies voor (kandidaat-)aspiranten en postdocs werd ook informatie opgenomen over de loopbaanperspectieven en de mogelijkheden tot het valoriseren van de onderzoeksexpertise buiten de academische context. Op de FWO-website werd een pagina gewijd aan het thema onderzoekscarrières. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We verzorgen een goede communicatie over deze en andere loopbaanperspectieven naar de aanvragers en de mandaathouders. FWO zal de mobiliteit monitoren en er regelmatig over rapporteren.” (p. 41) OD 5.3.2.

De huidige mogelijkheden tot intersectorale FVA mobiliteit worden behouden en zelfs uitgebreid voor zowel pre- als postdoctorale onderzoekers. Deze mogelijkheden worden duidelijker gecommuniceerd naar de aanvragers en de mandaathouders. DOELSTELLING BEREIKT Beleidsnota kabinet 2019-2024: • Intersectorale mobiliteit van de onderzoeker stimuleren. • Mobiliteit monitoren en erover rapporteren.

JAARVERSLAG FWO 2019 - 107

2020


Na een eerste afstemming binnen de FWO-staf werden de belangrijkste academische stakeholders geconsulteerd over dit thema. In juli 2019 werd ook een deel van het werkveld bevraagd. Voor september 2019 werd een nota voorbereid waarin concrete maatregelen werden voorgesteld om uitwisselingen van aspiranten en postdocs met het werkveld te faciliteren. Hieraan is gerelateerd dat het aangepaste reglement voor de werkingstoelage van de FWO-mandaathouders (2019) bepaalt dat alle postdoctorale onderzoekers van het FWO die toelage voortaan kunnen aanwenden ter bevordering van ‘transferable skills’ (art. 6, §2). De aspiranten kunnen daarvoor terecht bij de doctoraatscholen. De raad van bestuur heeft reglementswijzigingen goedgekeurd die het onder andere mogelijk maken voor aspiranten en/of postdocs om: • een deel van het onderzoek uit te voeren in het werkveld: een onderneming of (not-for-profit-)organisatie; • een stage uit te voeren; • een lerarenopleiding te volgen naast het doctoraat; • een betaalde functie uit te oefenen naast het doctoraat en buiten de universiteit. Deze mogelijkheden worden blijvend gecommuniceerd naar de huidige en kandidaat-FWO-mandaathouders, via infosessies en een specifiek hiervoor ontworpen webpagina. Deze OD sluit aan bij de doelstelling in de Beleidsnota van oktober 2019 van minister H. Crevits: “We stimuleren de mobiliteit van de onderzoeker zowel intersectoraal als internationaal. We breiden de mogelijkheden uit voor zowel pre- als postdoctorale onderzoekers. We verzorgen een goede communicatie over deze en andere loopbaanperspectieven naar de aanvragers en de mandaathouders. FWO zal de mobiliteit monitoren en er regelmatig over rapporteren.” (p. 41)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 108


08

Financieel overzicht

De jaarrekening heeft betrekking op het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen en gaat over het boekjaar 2019 (1 januari 2019 t.e.m. 31 december 2019). UITGAVEN (EUR)

2019

2018

143.179.254,71

126.548.790,01

4.826.808,88

4.860.492,01

3.107.295,45

2.861.591,06

203.968.093,22

203.032.611,18

Administratief beheer

6.814.933,03

6.342.951,37

Bezoldigingen

4.182.745,28

3.555.936,27

1.127.291,41

1.013.819,55

1.307.980,36

1.655.715,30

13.432.950,08

12.568.422,49

1.000.734,67

1.006.341,83

726.011,81

1.759.861,28

28.202,57

21.368,44

161.660,67

1.034.317,16

0,00

0,00

0,00

23.685,01

0,00

2.830.300,00

44.590,89

71.403,39

370.475.602,95

356.619.183,86

17.254.688,24

3.453.643,37

17.254.688,24

3.453.643,37

387.730.291,19

360.072.827,23

Mandaten Wetenschappelijke contacten Individuele kredieten en prijzen Onderzoeksprojecten Administratief beheer

Patronale bijdrage RSZ Personeelsgebonden kosten

Afschrijvingen Personeel Toevoeging/Terugneming Voorziening risico’s en kosten Financiële kosten Bedrijfskosten Uitzonderlijke kosten Minderwaarde handelsvorderingen Belastingen Totaal uitgaven Toevoeging aan de vastleggingen Overgedragen resultaat

TOTAAL

JAARVERSLAG FWO 2019 - 109


INKOMSTEN (EUR)

2019

2018

190.103.000,00

175.392.000,00

Strategisch basisonderzoek

60.277.000,00

42.607.000,00

Klinisch wetenschappelijk onderzoek

13.874.000,00

11.983.000,00

Onderzoeksinfrastructuur

31.399.000,00

27.214.000,00

Werkingsmiddelen

14.616.000,00

12.347.000,00

0,00

1.400.850,00

PDO Wetenschapsbeleid

1.470.494,00

2.383.624,00

R.S.Z.

7.164.533,90

6.357.272,81

Voorheffing PDO

10.581.890,98

9.850.107,65

Bevordering werkgelegenheid

19.347.266,00

18.947.039,00

560.398,26

1.848.660,42

797.955,73

0,00

1.826.050,00

1.982.400,00

490.920,00

371.233,00

3.350.500,00

7.666.250,00

355.859.008,87

320.350.436,88

330.819,28

331.333,75

Wetensch. Contacten, diverse

530.875,68

531.090,53

Onderzoeksprojecten

289.378,40

0,00

820.254,08

531.090,53

10.000,00

10.000,00

38.844,68

29.789,65

3.274.118,85

774.157,29

8.649,89

177.645,12

360.341.695,65

322.204.453,22

27.388.595,54

36.735.598,64

0,00

1.132.775,37

387.730.291,19

360.072.827,23

Toelagen Fundamenteel onderzoek

FOD Volksgezondheid

Bedrijven en fondsen Nalatenschappen Toelage Pegasus Toelage EU Hermesfonds

Terugbet. Permanente mandaathouders Niet opgenomen kredieten

Bijdrage Academia Andere opbrengsten Financiële opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Totaal inkomsten Onttrekking aan vastleggingen Over te dragen verlies TOTAAL

JAARVERSLAG FWO 2019 - 110


ACTIVA (EUR) II.

Immateriële vaste activa

Licenties en software

III.

Materiële vaste activa

2019

2018

281.658,95

215.950,20

Terreinen

6.360.238,35

279.383,20

Gebouwen

14.161.571,38

6.984,56

Verbouwingen

481.139,61

549.673,76

Materiëel en meubilair

280.589,46

331.709,76

Informaticamaterieel

957.263,46

1.081.881,83

Kantoormachines

1.380,09

3.767,45

Telefooncentrale

8.797,26

12.340,79

Voertuig

25.799,69

39.933,60

22.276.779,30

2.305.674,95

IV.

Financiële vaste activa

VII.

Vorderingen < 1 jaar

1.272,78

Debiteuren

Diverse vorderingen

Geboekte waardeverminderingen

VIII.

Geldbeleggingen

73.050.561,63

32.413.495,58

3.236.115,46

905.551,66

-2.830.300,00

-2.830.300,00

73.456.377,09

30.488.747,24

Effectenportefeuille

Termijndeposito’s

4.523.176,16

22.017.845,38

59.980.000,00

59.980.000,00

64.503.176,16

81.997.845,38

IX.

Liquide middelen

Banken

Postcheckdienst

Kas

X.

Overlopende rekeningen

1.272,78

22.810.474,84

92.029.891,09

16.394,31

13.559,68

629,78

1.307,54

22.827.498,93

92.044.758,31

387.465,84

TOTAAL

350.777,50

183.734.229,05

PASSIVA (EUR)

2019

I.

Eigen Vermogen

V.

Overgedragen saldi

207.405.026,36 2018

11.464.242,06

11.464.242,06

9.950.113,67

JAARVERSLAG FWO 2019 - 111

6.757.119,86


IV.

Vastleggingen

Bestemde

49.133.222,38

75.958.076,75

Onbestemde

43.768.770,75

30.270.817,49

92.901.993,13

106.228.894,24

VII.

Voorzieningen

VIII.

a. Niet vereffende kredieten

71.800,96

43.598,39

Congressen in België

342.235,17

362.435,76

Personeelskredieten

221.927,61

29.162,45

11.061.612,62

8.101.470,71

11.625.775,40

8.493.068,92

Onderzoeksgem.

Werkingstoelage

IX.

Schulden < 1 jaar Crediteuren Te ontvangen facturen

39.615.713,69

53.094.057,26

449.489,30

179.147,71

0,00

0,00

17.494.573,50

17.656.704,47

57.559.776,49

70.929.909,44

Overige schulden Bezoldiging en Soc. Lasten

X.

Overlopende rekeningen

160.527,34

3.488.193,45

183.734.229,05

207.405.026,36

TOTAAL

JAARVERSLAG FWO 2019 - 112


09

Bijlage: evoluties doorheen de tijd 2014-2019 Evolutie van de slaagkansen per universiteit voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

VUB

124

30

24

109

27

25

112

19

17

114

25

22

95

24

25

100

24

24

109

25

23

KU Leuven

366

82

22

387

91

24

412

95

23

425 105

25

485

97

20

380

146

38

409 103

25

UGent

284

67

24

276

63

23

279

57

20

276

57

21

275

64

23

262

63

24

275

62

23

UAntwerpen

155

27

17

166

32

19

134

24

18

148

27

18

156

30

19

149

38

26

151

30

19

40

6

15

40

5

13

45

8

18

42

7

17

36

1

3

39

8

21

40

6

14

0

0

0

1

0

0

1

0

0

1

0

0

1

0

0

1

1

100

1

0

17

969

212

22

979

218

22

983

203

21

1006 221

22

1048

216

21

931

280

30

986 225

23

UHasselt Andere Totaal

T S (n) (%)

Evolutie van de slaagkansen per wetenschapsgebied voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2014

A (n)

T S (n) (%)

Biologische wetenschappen

119

23

Cultuur­ wetenschappen

154

Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen Medische wetenschappen

2015

2016

2017

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

19

107

26

24

100

23

23

119

25

34

22

166

38

23

159

34

21

188

231

37

16

217

37

17

210

37

18

229

54

24

267

59

22

268

56

21

2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

21

118

25

21

99

32

32

110

26

23

38

20

165

36

22

145

41

28

163

37

23

210

39

19

227

43

19

198

57

29

216

42

19

252

60

24

301

59

20

296

90

30

269

63

23

JAARVERSLAG FWO 2019 - 113

T S (n) (%)

2018

T S (n) (%)


Wetenschap en technologie

226

59

26

210

54

26

226

48

21

216

54

25

209

48

23

173

53

31

210

53

25

Interdisciplinair

10

5

50

12

4

33

20

5

25

21

5

24

28

5

18

20

7

35

19

5

28

969 212

22

979

218

22

983

203

21

1006 221

22

1048

216

21

931

280

30

986 225

23

Gemiddelde

Evolutie van de slaagkansen per universiteit voor aspiranten strategisch basisonderzoek

Oproep 2014

Oproep 2017

Oproep 2018

Oproep 2019

Gemiddelde 2015-2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

T S (n) (%)

VUB

24

81

22

27

69

14

20

55

13

24

60

19

32

55

23

42

64

18

28

KU Leuven

28

297

95

32

304

111

37

329

116

35

322

103

32

219

77

35

294

100

34

UGent

29

205

57

28

177

54

31

185

49

26

195

56

29

162

67

41

185

57

31

UAntwerpen

21

112

23

21

84

17

20

80

19

24

91

19

21

64

24

38

86

20

24

UHasselt

18

26

6

23

28

4

14

23

3

13

24

3

13

34

9

26

27

5

19

26

721

203

28

662

200

30

672

200

30

692

200

29

534

200

37

656

201

31

755

T (n)

Oproep 2016

S (%)

Totaal

A (n)

Oproep 2015

200

Evolutie van de slaagkansen per wetenschapsgebied voor aspiranten strategisch basisonderzoek

Oproep 2016 A (n)

T (n)

S (%)

Oproep 2017 A (n)

T (n)

S (%)

Oproep 2018 A (n)

T (n)

S (%)

Oproep 2019 A (n)

T (n)

Gemiddelde 2016-2019

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

Biologische wetenschappen

161

56

35

132

41

31

129

35

27

105

38

36

132

43

32

Cultuur­ wetenschappen + Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen

41

7

17

25

6

24

11

3

28

13

5

38

23

5

23

Medische wetenschappen

212

60

28

227

67

30

253

73

29

188

72

38

220

68

31

JAARVERSLAG FWO 2019 - 114


Wetenschap en technologie

248

77

31

288

86

30

299

89

30

228

85

37

266

84

32

Gemiddelde

662

200

30

672

200

30

692

200

29

534

200

37

640

200

31

Slaagkansen per geslacht voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

Man

451

114

25

461

115

25

478

94

20

489

103

21

462

99

21

436

134

31

463

110

24

Vrouw

518

98

19

518

104

20

505

109

22

514

118

23

579

117

20

495

146

29

522

115

22

3

0

0

7

0

0

0

0

0

3

0

0

1006

221

22

1048

216

21

931

280

30

988

225

23

x Totaal

969

212

22

979

219

22

983

203

21

T S (n) (%)

Slaagkansen per geslacht voor aspiranten strategisch basisonderzoek

Oproep 2015

Oproep 2016

Oproep 2017

2018

2019

Gemiddelde 20152019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

Man

397

114

29

313

94

30

374

105

28

382

112

29

304

115

38

354

108

31

Vrouw

324

89

27

349

106

30

298

95

32

309

88

28

229

85

37

302

93

31

1

1

0

0

1

0

0

30

692

29

534

200

37

656

201

31

x Totaal

721

203

28

662

200

30

672

200

JAARVERSLAG FWO 2019 - 115

200


Evolutie van de slaagkansen per nationaliteit voor aspiranten fundamenteel onderzoek

2016

2017

2018

2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

Belgisch

750

168

22

728

173

24

755

170

22,5

689

209

30,3

EU

196

30

15

208

38

18

251

39

15,5

185

60

32,4

37

5

14

70

10

14

42

7

16,7

57

11

19,3

983

203

21

1006

221

22

1048

216

21

931

280

30

Niet-EU Totaal

Evolutie van de slaagkansen per nationaliteit voor aspiranten strategisch basisonderzoek

2016

2017

2018

2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

552

170

31

555

167

30

555

165

29,7

425

164

38,6

EU

94

24

26

84

25

30

109

33

30,3

78

27

34,6

Niet-EU

16

6

38

33

8

24

28

2

7,1

31

9

29,0

662

200

30

672

200

30

692

200

29

534

200

37

Belgisch

Totaal

Evolutie van de slaagkans voor postdoctorale onderzoekers

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T S (n) (%)

64

17

27

85

14

16

67

13

19

67

19

28

47

14

30

102

21

21

72

16

23

KU Leuven

277

86

31

329

81

25

270

74

27

313

83

27

325

95

29

423

99

23

323

86

27

UGent

207

49

24

284

66

23

239

47

20

216

66

31

240

61

25

354

96

27

257

64

25

UAntwerpen

78

20

26

98

24

24

75

20

27

88

24

27

81

25

31

123

33

27

91

24

27

UHasselt

23

7

30

24

8

33

21

6

29

19

4

21

14

6

43

35

5

14

23

6

26

0

0

0

2

1

50

0

0

0

6

1

0

5

2

0

7

2

29

3

1

30

649

179

28

822

194

24

672

160

24

709

197

28

712

203

29

1044

256

25

768

198

26

VUB

Andere Totaal

JAARVERSLAG FWO 2019 - 116


Evolutie van de slaagkans voor postdoctorale onderzoekers per wetenschapsgebied

2014

2015

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

Biologische wetenschappen

96

25

26

130

Cultuur­ wetenschappen

134

27

20

Gedrags- en maatschappij­ wetenschappen

112

26

Medische wetenschappen

122

Wetenschap en technologie Interdisciplinair Totaal

2016

2017

2018

2019

Gemiddelde 2014-2019

T S (n) (%)

A (n)

T S (n) (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

28

22

86

17

20

90

27

30

91

26

29

139

37

27

105

27

25

142

32

23

151

24

16

159

29

18

133

34

26

179

43

24

150

32

21

23

163

27

17

136

25

18

149

30

20

151

38

25

181

40

22

149

31

21

43

38

156

48

31

113

40

35

115

48

42

113

40

35

183

48

26

134

45

33

168

51

30

204

51

25

174

47

27

182

57

31

212

60

28

320

77

24

210

57

27

17

7

41

27

8

30

12

7

58

14

6

43

12

5

42

42

11

26

21

7

35

649

179

28

822 194

24

672

160

24

709 197

28

712

203

29

1044

256

25

768 198

26

Slaagkansen per geslacht voor postdoctorale onderzoekers

2014

2015

A (n) T(n) S(%)

A (n) T(n) S(%)

2016 A (n) T(n)

S(%)

2017

2018

A (n) T(n) S(%) A (n) T(n) S(%)

2019

Gemiddelde 2014-2019

A (n) T(n) S(%) A (n) T(n) S(%)

Man

371

98

26

471

106

23

411

103

25

416

122

29

417

118

28

613

146

24

450

116

26

Vrouw

278

81

29

351

88

25

261

57

22

293

75

26

288

85

30

431

110

26

317

83

26

7

0

0

0

0

0

4

0

0

28

712

203

29

1044

256

25

768

198

26

X Totaal

649

179

28

822

194

24

672

160

24

709

197

JAARVERSLAG FWO 2019 - 117


Evolutie van de slaagkansen per nationaliteit voor postdoctorale onderzoekers

2016

2017

2018

2019

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

A (n)

T (n)

S (%)

Belgische

368

100

27

346

104

30

329

119

36,2

447

133

29,8

EU

170

36

21

201

57

28

245

53

21,6

311

75

24,1

Niet-EU

134

24

18

162

36

22

138

31

22,5

286

48

16,8

Totaal

672

160

24

709

197

28

712

203

29

1044

256

25

Evolutie van de slaagkansen projecten fundamenteel onderzoek per instelling 2019

2018

2017

2016

A (n)

A (k€)

T (n)

T (k€)

S% (n)

A (n)

A (k€)

T (n)

T S% (k€) (n)

A (n)

A (k€)

T (n)

T S% (k€) (n)

A (n)

A (k€)

T (n)

VUB

177

59.371

37

12.017

20,9

167

54.279

35

10.379 21

192

61.213

35

10.225 18

179

56.943

29

7.851

16

KU Leuven

558 225.081 134

54.386 24,01

572 218.847 144

47.600 25

605 224.781 150

48.352 25

648 235.978 140

41.487

22

UGent

423

36.592 23,88

420 140.226

94

30.083 22

477 154.502 104

30.672 22

466 146.797

78 22.580

17

UAntwerpen

226

80.345

42

15.430 18,58

227

75.982

43

12.382 19

190

61.691

42

12.394 22

209

63.626

34

10.033

16

UHasselt

81

30.889

12

14,81

74

23.463

9

2.814 12

67

21.549

11

3.780 16

69

21.939

7

2.094

10

ITG

17

7.868

4

1.726 23,53

1

370

0

0

UAMS

1

20

0

0

0

3

692

1

Vlerick

4

1.030

1

284

25

8

3.065

0

19

3.001

4

27

5.251

2

35

6.182

4

396

11

1358 568.579 302 127.562 22,24 1.327 519.925 290 103.878 22 1.367 528.987 305 105.801 22 1.395 531.465 261

84.441

19

Andere Totaal

153.140 101

4.746

T S% (k€) (n)

0

222 33 0

0

398 21

JAARVERSLAG FWO 2019 - 118

378

7


Evolutie van de slaagkansen projecten fundamenteel onderzoek per wetenschapsgebied 2019 A (n)

A (k€)

T (n)

Bio

182

87.329

44

Cult.

104

31.471

22

G&M

262

77.665

Med W&T Int. Dis Totaal

S% (n)

A (n)

A (k€)

T (n)

20.028 24,18

171

76.166

36

14.971

21,15

112

31.521

27

54

17.004 20,61

280

76.004

436 214.798

98

47.616 22,48

320 129.320

73 11

54

27.996

T (k€)

2018

2016

A (n)

A (k€)

T (n)

T S% (k€) (n)

A (n)

A (k€)

T (n)

21

185

80.257

43

16.500 23

164

72.169

31

11.397

19

6.255

24

118

33.373

30

7.211 25

127

37.769

22

5.941

17

60

15.269

21

275

77.762

63

14.969 23

316

86.360

59

13.899

19

393 186.396

85

37.129

22

410

190.617

88

37.958 21

406 189.760

79

30.484

19

31.194 22,81

322

125.715

72

25.386

22

340

129.851

73

25793 21

342 126.856

63

19869

18

5.204 20,37

49

24.123

10

4.868

20

39

17.127

8

3370 21

7

2851

18

22 1.367 528.987 305 105.801 22 1.395 531.465 261

84.441

19

6.516

1358 568.579 302 127.562 22,24 1.327

T S% (k€) (n)

2017

519.925 290 103.878

40

18.551

T S% (k€) (n)

Evolutie van de slaagkansen projecten strategisch basisonderzoek Oproep Jaar

SBO

SBO-E

SBO-M

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

A(n)

T(n)

S(%)

2016

86

20

23

52

13

25

34

7

21

2017

97

18

19

59

12

20

38

6

16

2018

101

18

18

63

11

17

38

7

18

A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans

Evolutie van de slaagkansen projecten toegepast biomedisch onderzoek met basisonderzoek Jaar

A

T

S(%)

n

bedrag

n

bedrag

n

bedrag

2016

44

33.718.873

18

13.747.585

41

41

2017

54

46.735.076

17

13.999.901

31

30

2018

39

36.897.934

13

12.103.767

33

33

2019

42

39.221.644

13

11.462.486

31

29

JAARVERSLAG FWO 2019 - 119


Overzicht aangevraagde en toegekende reiskredieten per wetenschapsgebied

2015

2016

2017

2018

2019

A

T

A

T

A

T

A

T

A

T

A

T

n

n

%

S

n

n

%

S

n

n

%

S

n

n

%

S

n

n

%

S

n

n

%

S

B

326

216

16 66

337

228

15

68

343

253

17

74

340

249

17

73

302

224

15

74

330

234

16

71

C

228

136

10 60

225

135

9

60

236

157

10

67

259

161

11

62

241

150

10

62

238

148

10

62

G

498

238

17 48

480

279

19

58

454

250

17

55

472

302

20

64

447

282

19

63

470

270

18

57

M

485

312

23 64

491

329

22

67

503

357

24

71

500

343

23

69

593

405

27

68

514

349

24

68

W&T

623

423

31 68

651

476

32

73

611

431

29

71

571

402

27

70

561

379

25

68

603

422

29

70

I

104

53

4 51

93

56

4

60

87

45

3

52

91

47

3

52

90

56

4

62

93

51

3

55

2277 1503

100

66

2234 1493

99

67

2233

1504

100

67

2234

1496

100

67

2248

1475

100

66

Totaal

2264 1378 100 61

Gemiddelde 2015-2019

(A = Aangevraagd; T = Toegekend; S = Slaagkans B = Biologische wetenschappen; C = Cultuurwetenschappen; G = Gedrags- en maatschappijwetenschappen; M = Medische wetenschappen; W&T = Wetenschap en Technologie; I = Interdisciplinair.)

JAARVERSLAG FWO 2019 - 120


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
fwo_jaarverslag_2019.pdf by Vlaanderen-be - Issuu