Rapport 5/02/2021 Jaarverslag 2020
RAPP-2021-03
Inhoudsopgave 1
Inleiding ...................................................................................................................... 4
1.1
Visie en missie ....................................................................................................................... 4
1.2
Waarden, merkbelofte en doel ............................................................................................. 4
1.3
De VREG zorgde in 2020 voor … ............................................................................................ 5
2
Monitoring evolutie elektriciteits- en gasmarkt ............................................................ 7
2.1
Marktwerking elektriciteits- en gasmarkt ............................................................................. 7
2.2
Energieprijzen en tarieven .................................................................................................... 9
2.3
Sociale openbaredienstverplichtingen ................................................................................ 10
2.4
Enquêtes bij gezinnen en bedrijven .................................................................................... 12
2.5
Certificatenmarkt ................................................................................................................ 12
2.6
Herkomst geleverde energie ............................................................................................... 14
3
Tariefregulering ......................................................................................................... 16
3.1
Goedkeuren distributienettarieven .................................................................................... 16
3.2
Nieuwe tariefmethodologie en tariefstructuur................................................................... 18
4
Technische regulering ................................................................................................ 21
4.1
Technische reglementen ..................................................................................................... 21
4.2
Contracten, reglementen en technische voorschriften van netbeheerders ....................... 22
4.3
Uitrol digitale meters .......................................................................................................... 25
4.4
Flexibiliteit ........................................................................................................................... 26
5
Controleren ............................................................................................................... 28
5.1
Leveranciers......................................................................................................................... 28
5.2
Netbeheerders .................................................................................................................... 29
5.3
Directe lijnen, gesloten distributienetten en privédistributienetten.................................. 32
5.4
Warmte- en koudenetten.................................................................................................... 33
5.5
Garanties van oorsprong ..................................................................................................... 34
6
Adviseren .................................................................................................................. 36
RAPP-2021-03
5/02/2021
2/51
6.1
Actieve afnemers, zelfverbruik en energiegemeenschappen ............................................. 36
6.2
Omzetting 4de elektriciteitsrichtlijn ..................................................................................... 36
6.3
Omzetting richtlijn Energie-efficiëntie ................................................................................ 37
6.4
Actualisatie kosten-batenanalyse digitale meters .............................................................. 37
6.5
Snelle gebruikerspoort (S1) digitale meter ......................................................................... 38
6.6
Ontwerpbesluiten................................................................................................................ 39
7
Overleg en samenwerking .......................................................................................... 40
7.1
Overleg met onze belanghebbenden .................................................................................. 40
7.2
Overleg met de andere Belgische energieregulatoren ....................................................... 41
7.3
Overleg met de marktpartijen ............................................................................................. 42
7.4
Overleg met de ombudsdiensten ........................................................................................ 42
7.5
Overleg met overheidsdiensten en andere regulatoren..................................................... 43
8
Informeren ................................................................................................................ 44
9
Interne werking ......................................................................................................... 47
9.1
Bestuur ................................................................................................................................ 47
9.2
Transparantie, controle en audit......................................................................................... 47
9.3
Personeel en HR .................................................................................................................. 48
9.4
ICT ........................................................................................................................................ 50
9.5
Informatieveiligheid en gegevensbescherming .................................................................. 50
RAPP-2021-03
5/02/2021
3/51
1
Inleiding
1.1 Visie en missie De VREG is de onafhankelijke autoriteit van de energiemarkt in Vlaanderen.
reguleren | controleren | informeren | adviseren
Algemeen belang Energiesysteem
Toekomstbestendig
Efficiënt
Betaalbaar
Betrouwbaar
Duurzaam
1.2 Waarden, merkbelofte en doel
Waarden Verantwoordelijkheid Onafhankelijkheid Deskundigheid Verbetering Openheid
Merkbelofte
Doel
Een efficiënte en betrouwbare energiemarkt
Een toekomstbestendige energiemarkt in Vlaanderen
We maken dit jaarverslag op overeenkomstig artikel 3.1.13, §9, van het Energiedecreet. Dit artikel stelt dat we jaarlijks een rapport opmaken over de uitvoering van het ondernemingsplan van het voorgaande jaar. Dit jaarverslag bevat ook de evolutie van de energiemarkten, evenals de beslissingen die werden genomen inzake de methodologie voor de berekening van de tarieven, de tariefstructuur en het technisch reglement. Het jaarverslag wordt overgemaakt aan het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering. Het wordt ook gepubliceerd op onze website.
RAPP-2021-03
5/02/2021
4/51
1.3 De VREG zorgde in 2020 voor …
25
129
beslissingen
rapporten
A
5
openbare raadplegingen
B
5
behandelde dossiers directe lijnen (buiten eigen site)
18
aangemelde warmtenetten
Certificatendatabank
Certificatendatabank
5.218.906
3.673.156
2.333.819
groene stroom
wkk
toegekende certificaten
groene stroom
RAPP-2021-03
4.440.655 wkk
toegekende garanties van oorsprong
5/02/2021
5/51
Enkele belangrijke realisaties in 2020:
RAPP-2021-03
5/02/2021
6/51
2
Monitoring evolutie elektriciteits- en gasmarkt
2.1 Marktwerking elektriciteits- en gasmarkt Als regulator analyseren wij de energiemarkt en houden we cijfers bij over de evoluties op deze markt: marktaandelen van energieleveranciers, hoeveel gezinnen en bedrijven van leverancier wisselen, evolutie van de prijzen, markt van steuncertificaten en garanties van oorsprong, ... We publiceren maandelijkse statistieken, maar we bundelen ook cijfers in ons jaarlijks marktrapport. Dit rapport geeft een stand van zaken over de elektriciteits- en aardgasmarkt in Vlaanderen: aantal afnemers, aantal gezinnen en bedrijven dat van leverancier wisselde, marktaandelen energieleveranciers, concentratie-indexen, evolutie prijzen, … Voor het jaar 2019 konden we opnieuw een aantal positieve trends waarnemen op de energiemarkt: • • • • •
Hoge, concurrentieversterkende dynamiek aan leverancierswissels; Neerwaartse evolutie van de prijzen; Meer vaste dan variabele contracten; Recordaantal bezoekers van de V-test®; Veel groene elektriciteitscontracten.
Marktrapport 2019 Infografiek Persbericht Leverancierswissels: In 2020 stapten 842.739 elektriciteits- en 645.690 aardgasklanten over naar een andere energieleverancier. De switchgraad voor elektriciteit lag 6% lager in 2020 dan in 2019; voor aardgas 0,4% lager. Leverancierswissels elektriciteit
RAPP-2021-03
Leverancierswissels aardgas
5/02/2021
7/51
Aantal leveranciers:
Marktaandelen: Hieronder geven we de evolutie van de marktaandelen in volumes weer over de voorbije jaren.
Elektriciteit Marktaandelen volumes (evolutie)
Aardgas Marktaandelen volumes (evolutie)
Elektriciteit Marktaandelen volumes (2019)
RAPP-2021-03
Aardgas Marktaandelen volumes (2019)
5/02/2021
8/51
2.2 Energieprijzen en tarieven Evolutie energieprijzen in Vlaams Gewest: Doorheen 2020 daalde de totale elektricteitsfactuur met 1% voor een gezin met een verbruik van 3.500 kWh. De aardgasfactuur daalde met 6% voor een gezin met een verbruik van 23.260 kWh. Totaalfactuur elektriciteit (gezin)
Totaalfactuur aardgas (gezin)
Distributienettarieven elektriciteit
Distributienettarieven aardgas
Vergelijking van de elektriciteits- en aardgasprijzen in België en de ons omringende buurlanden: In mei 2020 publiceerden we, samen met de andere Belgische energieregulatoren, de eerste gezamenlijke studie over de vergelijking van de elektriciteits- en aardgasprijzen voor residentiële, kleinzakelijke en industriële consumenten binnen België en met vier buurlanden: Frankrijk, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. In dit rapport worden de energieprijzen van januari 2020 tussen de drie Belgische regio’s afzonderlijk én met de buurlanden vergeleken voor de verschillende factuurcomponenten. Deze studie wordt in 2021, 2022 en 2023 geactualiseerd. De belangrijkste conclusies van het rapport zijn: • Belgische gezinnen en bedrijven, aangesloten op laagspanning, betalen een hoge elektriciteitsfactuur in vergelijking met de andere landsdelen en buurlanden.
RAPP-2021-03
5/02/2021
9/51
• De elektriciteitsfactuur van niet-elektro-intensieve bedrijven, aangesloten op een hoger spanningsniveau, ligt wel in lijn met de ons omringende buurlanden. • Omdat onze buurlanden (en ook Vlaanderen) vaak grote kortingen toekennen aan bedrijven met elektro-intensieve activiteiten, ondervinden vergelijkbare bedrijven in Brussel en Wallonië een concurrentieel nadeel. • De aardgasfactuur is relatief laag in België. Aardgasverbruikers in België betalen weinig openbaredienstverplichtingen, toeslagen en heffingen in vergelijking met elektriciteitsverbruikers. Aardgas
Elektriciteit
Rapport PWC Persbericht
Bron: Eurostat, 1ste semester 2020
2.3 Sociale openbaredienstverplichtingen De sociale openbaredienstverplichtingen beschermen gezinnen tegen de gevolgen van het opzeggen van hun contract door de energieleverancier en tegen afsluiting door de distributienetbeheerders. Maandelijks publiceren we het aantal actieve budgetmeters voor elektriciteit en aardgas en de evolutie ervan. In juni publiceerden we ons jaarlijks rapport met cijfers rond het sociaal energiebeleid in Vlaanderen. In 2019 evolueerden verschillende indicatoren in de goede richting. De belangrijkste vaststellingen zijn: • Een positieve evolutie in de sociale statistieken in de commerciële markt: een daling van het aantal gezinnen dat minstens één ingebrekestelling kreeg en een daling van het aantal definitieve drops. De stijging in het aantal opgestarte afbetalingsplannen bleek voornamelijk het gevolg van een gewijzigde registratiemethode en een IT-kwestie bij twee leveranciers.
RAPP-2021-03
5/02/2021
10/51
• Ook een positieve evolutie in de sociale statistieken bij de distributienetbeheerder: een daling van het aantal gezinnen beleverd door de distributienetbeheerder, daling van het relatief aantal actieve budgetmeters en daling van het aantal afsluitingen na LAC advies. De prioritering bij Fluvius voor de uitrol van de digitale meter is hierbij wel een belangrijke kanttekening; hierdoor liep de installatie van budgetmeters vertraging op en bleef minder tijd over voor schorsingsopdrachten. • De steekproefcijfers over de digitale budgetmeter tonen nu potentieel om energiearmoede in de toekomst sneller en efficiënter te kunnen opsporen. Dit is belangrijk in het kader van het sociaal energiebeleid in Vlaanderen. Op die manier bouwen gezinnen minder schuld op en kunnen ze beter begeleid worden. Cijfers leveranciers
Cijfers netbeheerders
Sociaal rapport 2019 Infografiek
RAPP-2021-03
5/02/2021
11/51
2.4 Enquêtes bij gezinnen en bedrijven In oktober publiceerden we de Marktmonitor waarin we rapporteerden over onze jaarlijkse enquête bij ongeveer 1000 gezinnen en 1500 bedrijven met vragen over hun gedrag en inzichten op de energiemarkt.
Uit de enquêtes uitgevoerd in 2020 bleek dat gezinnen en bedrijven de dalende energieprijzen in het voorjaar van 2020 goed konden inschatten. Er zijn beduidend meer afnemers dan vorig jaar die een correct beeld hadden van de prijsevoluties op de energiemarkt. Ook gaven meer gezinnen en bedrijven aan afgelopen jaar van energieleverancier te zijn gewisseld. Veel afnemers ondernamen dus actie om van de lage energieprijzen te kunnen genieten. De V-test® was hierbij de meest gebruikte prijsvergelijker, maar opmerkelijk meer afnemers dan het voorbije jaar deden een beroep op de website mijnenergie. Op basis van de enquêtes leidden we verder af dat de eerste coronagolf voorjaar 2020 niet onmiddellijk heeft gezorgd voor toenemende betalingsproblemen bij gezinnen. Minder gezinnen dan vorig jaar vonden de elektriciteits- en verwarmingskost belangrijk in hun gezinsbudget. Ook daalde het aandeel gezinnen dat aangaf soms of regelmatig moeite te hebben om zijn energiefactuur te kunnen betalen. De lagere elektriciteits- en aardgasprijzen spelen ook hier mogelijk een rol. Ten slotte leerden de enquêtes ons dat één jaar na de start van de uitrol van de digitale meter de meeste gezinnen neutraal tot positief staan tegenover de invoering ervan. Marktmonitor 2020 Infografiek Persbericht
2.5 Certificatenmarkt We hebben de decretale taak om de centrale databank te beheren waarin de aan de producenten toegekende groenestroom- (GSC) en warmte-krachtcertificaten (WKC) worden geregistreerd. In de
RAPP-2021-03
5/02/2021
12/51
databank wordt bijgehouden wie de eigenaar is van de betrokken certificaten, worden verkopen van deze certificaten geregistreerd en wordt ook de mogelijkheid geboden aan de eigenaar van de certificaten om deze in te leveren voor de quotumverplichtingen. Op basis van de gegevens in deze databank publiceren we maandelijks statistieken over deze certificatenmarkt en maken we een jaarlijkse update van het Certificatenmarktrapport met een analyse van de evoluties op de markt van de groenestroom- (GSC) en warmte-krachtcertificaten (WKC), het toezicht op de verkopen van GSC en WKC door de netbeheerders en de certificatenverplichtingen. Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten per energiebron en per productiejaar
De belangrijkste vaststellingen voor 2019 zijn: • De overschotten aan GSC en WKC stegen. Bij GSC was de stijging beperkt, bij WKC steeg het overschot verder met 1,5 miljoen WKC. Na de jaarlijkse inlevering van de certificatenverplichting op 31 maart 2020 bedroeg het overschot 4,6 miljoen GSC en 8,8 miljoen WKC. Een groot deel van de overschotten zit in de portefeuilles van certificaatplichtige partijen die tijdig starten met het indekken van hun toekomstige certificaatverplichtingen. • Zowel voor GSC als voor WKC werden er meer certificaten uitgereikt dan er moesten worden ingeleverd voor de certificatenverplichtingen, het verschil was het grootst bij WKC. Zonder opkoopregeling zouden de overschotten dus jaarlijks verder toenemen. • De volumes steuncertificaten overgedragen aan de netbeheerders tegen minimumsteun stegen verder. Vooral bij WKC was de stijging aanzienlijk. • De certificatenverplichtingen daalden onder invloed van de gedaalde totale elektriciteitsafname op het distributie- en transmissienet in Vlaanderen in 2019. De certificatenverplichting GSC daalde met 1,9% door de lagere vrijstellingen op het niveau van de supercap voor elektrointensieve ondernemingen. De certificatenverplichting WKC daalde met 2,3% door de lagere vrijstellingen voor grote afnemers. • De uitgevoerde ingrepen om het evenwicht op de markt te herstellen, hebben een positieve impact op de evolutie van de overschotten. Bij WKC blijft het overschot echter aanzienlijk. Met het oog op de energietransitie is het belangrijk om ook op lange termijn een evenwicht na te
RAPP-2021-03
5/02/2021
13/51
streven tussen uitgereikte en ingeleverde certificaten en te vermijden dat de kosten van het ondersteuningsbeleid blijven wegen op de elektriciteitsfactuur. Evolutie overschotten GSC
Evolutie overschotten WKC
Evolutie GSC: impact op de transactieprijs
Evolutie WKC: impact op de transactieprijs
Certificatenmarktrapport 2019 Vernieuwde statistieken steuncertificaten en garanties van oorsprong
2.6 Herkomst geleverde energie Wat was de oorsprong van de in 2019 geleverde elektriciteit? We gaven met het jaarlijkse Brandstofmixrapport, en de daaraan gekoppelde Herkomstvergelijker voor het bredere publiek, inzicht in wat de oorsprong was van de geleverde stroom in Vlaanderen en welke technologie werd gebruikt. Dit alles op basis van de indiening van Garanties van Oorsprong (GO’s) en de Belgische Residuele Mix, berekend door AIB. In 2019 was 34% van de geleverde elektriciteit in Vlaanderen afkomstig van hernieuwbare energiebronnen. Meer dan de helft hiervan was afkomstig uit waterkracht, gevolgd door windenergie (23%) en biomassa (12%). 30% van de groene elektriciteit kwam uit België, waarvan meer specifiek 14% uit Vlaanderen. Verder waren Noorwegen, Italië en Frankrijk de belangrijkste landen voor import van GO’s.
RAPP-2021-03
5/02/2021
14/51
Naast elektriciteit uit hernieuwbare bronnen was 38% van de geleverde elektriciteit in 2019 afkomstig uit kernenergie en 28% uit fossiele energiebronnen. Brandstofmixrapport 2019
RAPP-2021-03
5/02/2021
15/51
3
Tariefregulering
3.1 Goedkeuren distributienettarieven Doorrekening transmissiekosten in distributienettarieven 2020: In maart beslisten we over de doorrekening van de transmissiekosten in de distributienettarieven vanaf 1 april 2020. De transmissiekosten zijn een vergoeding aan Elia voor het beheer van het transmissienet. Deze worden ook aan de distributienetbeheerders aangerekend volgens modaliteiten die door de federale regulator CREG worden goedgekeurd. Conform onze tariefmethodologie worden ook de historische tarifaire tekorten en overschotten verwerkt in de nieuwe distributienettarieven. Een gemiddeld gezin of bedrijf betaalt in 2020 nagenoeg evenveel voor het beheer van het transmissienet als in 2019. De bijhorende toeslagen en openbaredienstverplichtingen (ODV), die door Elia geïnd moeten worden, werden ook vanaf 1 april aangepast. Hierbij is vooral de toeslag voor de financiering van de groenestroomcertificaten (offshore) sterk gestegen ten opzichte van vorig jaar. Voor een gemiddeld gezin zien we een gemiddelde stijging voor de toeslagen van 6 euro ten opzichte van maart 2019. Voor een gemiddeld bedrijf op middenspanning stijgen deze gemiddeld met 200 euro. De totale netfactuur elektriciteit (kosten voor distributie en transmissie) inclusief federale bijdrage van een gemiddeld gezin daalt in 2020 met 5% ten opzichte van 2019, terwijl deze voor een gemiddeld bedrijf op middenspanning stijgt met 3%. Transmissiekosten Wijziging niet-periodieke distributienettarieven elektriciteit voor 2020: In april beslisten we over een wijziging van de niet-periodieke distributienettarieven elektriciteit van toepassing in 2020. Een niet-periodiek tarief ter vergoeding van de administratieve afhandeling van dossiers voor laattijdige melding van PV-installaties werd toegevoegd. De omschrijving van het tarief ‘ombouw spanning kabel 230V naar 400V’ veranderde naar ‘ter beschikking stellen 400V op aanvraag’. De beslissing trad in werking op 1 juni 2020. Beslissingen BESL-2020-13 t/m BESL-2020-22 Bepaling regulatoire saldi: Begin september bepaalden we de regulatoire saldi van de elektriciteitsen aardgasdistributienetbeheerders in Vlaanderen voor 2019. De vaststelling en verwerking ervan gebeurt volledig in overeenstemming met de tariefmethodologie 2017-2020. We laten volgens de tariefmethode toe dat elke distributienetbeheerder een welbepaald inkomen ontvangt uit zijn distributienettarieven. Na afloop van een jaar ontstaan saldi. Dat zijn tarifaire tekorten of overschotten door verschillen tussen de werkelijke en de vooraf gebudgetteerde kosten
RAPP-2021-03
5/02/2021
16/51
en opbrengsten. Tarifaire overschotten vloeien als korting op het tarief terug naar de klanten, tekorten zorgen voor een tariefstijging. Voor de elektriciteitsdistributienetbeheerders zien we voor 2019 globaal een overschot van 0,4% op een totaal budget van ca. 2,3 miljard euro, voor de aardgasdistributienetbeheerders gaat het globaal eveneens om een overschot van 2,9% op een totaal budget van ca. 0,5 miljard euro. Regulatoire saldi
Elektriciteit (€)
Aardgas (€)
Exogene kosten
- 50.931.932
+ 1.026.322
Volumeverschillen
+ 44.893.839
- 13.292.709
Herindexering
- 3.212.658
- 1.606.355
Vennootschapsbelasting
+ 55.050
- 18.639
+ = tekort en - = overschot Beslissingen: BESL-2020-36 t/m BESL-2020-54 Vaststelling toegelaten inkomen 2021: Begin oktober hebben we voor elke aardgas- en elektriciteitsdistributienetbeheerder in Vlaanderen beslist welk totaalbedrag hij mag ontvangen uit zijn periodieke distributienettarieven in 2021. De periodieke distributienettarieven vormen een vergoeding voor de kosten van de uitbouw en het beheer van het distributienet. Wij bepaalden de inkomsten van de netbeheerders in functie van de kosten van de ondernemingen, voor het eerst volgens de werkwijze zoals bepaald in de nieuwe tariefmethodologie 2021-2024. De inkomsten uit de distributienettarieven elektriciteit (exclusief het deel transmissie) dalen in 2021 globaal met 140 miljoen euro en stijgen voor aardgas met 32 miljoen euro. Rapport Beslissingen: BESL-2020-58 t/m BESL-2020-76 Goedkeuring tariefvoorstellen 2021: Midden december keurden we de tariefvoorstellen 2021 goed. Voor gezinnen dalen de distributienettarieven voor elektriciteit het vierde jaar op rij. De distributienettarieven voor aardgas blijven eerder stabiel. Concreet betaalt een gezin in 2021 gemiddeld 16 euro minder aan distributienettarieven voor elektriciteit dan in 2020 en 2 euro meer aan distributienettarieven voor aardgas. Ten opzichte van 2017 komt dit neer op een daling van 110 euro voor elektriciteit en 27 euro voor aardgas. Het prosumententarief gaat gemiddeld met 5% omhoog. Voor de meeste gezinnen met exclusief nachttarief zet de algemeen dalende trend in de elektriciteitsdistributienettarieven zich niet door in 2021 omwille van de afbouw van de historische korting op het exclusief nachtverbruik. Deze korting wordt wel geleidelijker afgebouwd dan initieel voorzien.
RAPP-2021-03
5/02/2021
17/51
Ook bedrijven zien in 2021 de distributienettarieven verder dalen. Een kmo met een standaardverbruik betaalt ten opzichte van vorig jaar gemiddeld 249 euro minder aan distributienettarieven voor elektriciteit en 41 euro minder aan distributienettarieven voor aardgas. Voor grotere bedrijven op middenspanning dalen de elektriciteitsdistributienettarieven gemiddeld zelfs met 24%. Net als de afnametarieven dalen de injectietarieven. De gemiddelde daling voor de injectieklanten aangesloten op middenspanning bedraagt 19%. Vanaf 2021 stellen we ook een injectietarief voor biomethaan vast. Naast de jaarlijkse distributienettarieven legden we de aansluittarieven voor 2021 vast. Voor een gevraagde vervanging van een bestaande meter door een digitale meter betaalt u 88,5 euro, inclusief btw. De vervanging van een bestaande meter door een digitale meter op initiatief van de distributienetbeheerder blijft gratis. Vanaf 2021 stellen we ook tarieven vast voor derde partijen, zoals energiedienstenleveranciers, om toegang te krijgen tot de meetgegevens van netgebruikers die hiervoor de toestemming hebben gegeven.
Persbericht Overzicht van de nettarieven per distributienetbeheerder
3.2 Nieuwe tariefmethodologie en tariefstructuur Consultatie en beslissing tariefmethodologie 2021-2024: In het voorjaar organiseerden wij een openbare raadpleging over het ontwerp van tariefmethodologie voor de reguleringsperiode 20212024. De tariefmethodologie legt vast hoe de distributienetbeheerders vergoed worden voor hun diensten en aangezet worden tot een efficiënte bedrijfsvoering. Ze omvat de regels, de rapporteringen en de berekeningen die de netbeheerders moeten volgen om te komen tot de tarieven voor elektriciteits- en aardgasdistributie.
RAPP-2021-03
5/02/2021
18/51
Het voorgelegde ontwerp omvatte ook een voorstel tot hervorming van de tariefstructuur voor de periodieke distributienettarieven elektriciteit. De tariefstructuur is een onderdeel van de tariefmethodologie en bepaalt op welke manier het door ons vastgelegde toegelaten inkomen van de distributienetbeheerder wordt aangerekend aan de verschillende netgebruikers. Met het oog op de energietransitie willen wij de tariefstructuur aanpassen zodat die naar de toekomst toe de kosten voor het gebruik van het net beter weerspiegelt en deze kosten evenwichtiger toewijst aan de verschillende netgebruikers. Het voorstel hield rekening met de reacties op eerdere consultaties hierover in 2019, waarvan wij de consultatieverslagen ook publiceerden bij de start van deze nieuwe consultatie. Op 13 augustus besliste de VREG definitief over de Tariefmethodologie 2021-2024, na een uitgebreid proces waarbij via besprekingen en openbare consultaties de inbreng van alle betrokkenen aan bod kon komen. Onderdeel van deze beslissing is de invoering van een capaciteitstarief voor alle netgebruikers in 2022. Vanaf dan worden de ‘netkosten’ – dat zijn de kosten die effectief gerelateerd zijn aan het aanleggen, beheren en onderhouden van de elektriciteitsnetten en het vervoer van elektriciteit – bij gezinnen en kleine bedrijven aangesloten op laagspanning grotendeels op basis van capaciteit aangerekend; bij grote bedrijven volledig. Deze netkosten bedragen voor een gemiddeld gezin ongeveer 21% van de huidige elektriciteitsfactuur, voor een klein bedrijf aangesloten op laagspanning circa 28% en voor grote bedrijven ongeveer 23%.
Consultatie I Consultatieverslag Verslagen eerdere consultaties tariefstructuur: RAPP-2020-06 en RAPP-2020-07 Beslissing incl. tariefmethodologie 2021-2024 Persbericht
RAPP-2021-03
5/02/2021
19/51
Wijziging tariefmethodologie 2021-2024: Op 11 december 2020 beslisten we om de tariefmethodologie 2021-2024 op twee punten te wijzigen. Dit gebeurde na voorafgaand overleg met Fluvius en na een openbare raadpleging van alle belanghebbenden. In de distributienettarieven voor elektriciteit wordt historisch een korting gegeven op de tariefcomponent openbaredienstverplichtingen voor het exclusief nachtverbruik. We beslisten om de geleidelijke vermindering van deze korting over een periode van vier jaar, zoals eerst voorzien, aan te passen naar een periode van acht jaar. Met dit nieuwe, tragere afbouwpad zal de korting voor exclusief nachtklanten verdwijnen vanaf 2028. De regelgeving schrijft voor dat de netbeheerder een stuk van de kosten voor zijn rekening neemt bij een nieuwe aardgasaansluiting. Op basis van nieuwe berekeningen door Fluvius blijkt dat een dergelijke tussenkomst niet meer kan verantwoord worden bij huishoudelijke aansluitingen. Concreet wil dit zeggen dat Fluvius geen korting meer zal geven als er nog geen gasleiding aanwezig is of als er eerst nog aanpassingen moeten gebeuren aan de gasleiding. Voor niet-huishoudelijke aansluitingen wordt de korting voor de klant beperkt tot 19 meter van de gasleiding. We beslisten om deze nieuwe waarden op te nemen in de tariefmethodologie. Consultatie I Consultatieverslag Beslissing incl. actuele tariefmethodologie 21-24
RAPP-2021-03
5/02/2021
20/51
4
Technische regulering
4.1 Technische reglementen Aanpassing Technisch Reglement Distributie Elektriciteit: Einde januari beslisten we over de aanpassing van artikel 2.3.19 in het Technische Reglement Distributie Elektriciteit (TRDE), met oog op het schrappen van de prioritaire toegang. Dit artikel beschrijft het kader waarbinnen de distributienetbeheerder congestiebeheer moet uitvoeren. Het artikel moest aangepast worden door verschillende wijzigingen in het Europees regelgevend kader. Voorafgaand aan deze beslissing organiseerden we hierover in december 2019 een publieke raadpleging. Consultatie I Consultatieverslag Beslissing Herziening Technisch Reglement Plaatselijk vervoernet: In juni beslisten we om het Technisch Reglement Plaatselijk Vervoernet (TRPV) te wijzigen. De wijzigingen hebben betrekking op enerzijds de implementatie van de Europese Netwerkcodes RfG (Requirements for Generators), DCC (Demand Connection Code) en het richtsnoer SO GL (System Operation), en anderzijds het afschaffen van de prioritaire toegang voor kwalitatieve warmte-krachtkoppeling en hernieuwbare energiebronnen, zoals opgelegd door nieuwe Europese regels. Voorafgaand aan deze beslissing organiseerden we hierover in februari een publieke raadpleging. Consultatie I Consultatieverslag Beslissing Belanghebbendenoverleg herziening Technische Reglementen Distributie: We bereidden in 2020 een belangrijke, inhoudelijke herziening van de Technische Reglementen Distributie (TRD) voor die in werking moet treden in de loop van 2021. Deze herziening is nodig ter implementatie van nieuwe Europese regelgeving over o.a. flexibiliteit, energiegemeenschappen en databeheer. Verder denken we na over nieuwe regels voor elektrische voertuigen en opslag, én willen we een aantal verfijningen en verduidelijkingen van bestaande regelgeving mee opnemen. Om een eerste versie van de nieuwe voorstellen en ideeën toe te lichten en feedback van de belanghebbenden te verzamelen, organiseerden we een aantal overlegmomenten. Op basis van de ontvangen feedback zullen we in 2021 de teksten verder ontwerpen en nadien ter consultatie voorleggen. Er gingen in de loop van 2020 6 overlegmomenten door: in april, mei, september, oktober en december. Overleg technische reglementen
RAPP-2021-03
5/02/2021
21/51
4.2 Contracten, reglementen en technische voorschriften van netbeheerders We keurden in 2020 verschillende (wijzigingen aan) contracten en reglementen van de netbeheerder en (wijzigingen aan) technische voorschriften goed. Reglement voor projecten (verkavelingen en bouwprojecten): We keurden in mei het reglement voor projecten van de distributienetbeheerders goed. Dit reglement is van toepassing op de initiatiefnemers van welbepaalde bouwprojecten (zoals onder meer verkavelingen) en bevat regels met betrekking tot de aanleg van nutsinfrastructuur zoals de distributienetten voor elektriciteit, aardgas en openbare verlichting. Beslissing Algemene voorwaarden voor aanleg- en aansluitingswerken: We keurden in mei de algemene voorwaarden voor aanleg- en aansluitingswerken van de distributienetbeheerders goed, althans voor zover deze betrekking hebben op het elektriciteits- en aardgasdistributienet. Deze voorwaarden gelden tussen de distributienetbeheerder en de aanvrager van een aansluiting op het distributienet, een wijziging van een aansluiting, of studie daartoe. De voorwaarden regelen de rechtsverhouding tussen een distributienetbeheerder en zijn klant vóór de realisatie van de werken of de studie. Na de realisatie van de aansluiting wordt de rechtsverhouding immers geregeld door het aansluitingsreglement of -contract. Beslissing
RAPP-2021-03
5/02/2021
22/51
BRP-contract Elia: We verlengden in juni de eerder gegeven voorwaardelijke goedkeuring van de voorwaarden voor balanceringsverantwoordelijken (BRP), zoals voorgesteld door Elia als beheerder van het plaatselijk vervoernet van elektriciteit. In juni 2019 keurden we via beslissing BESL-2019-23 een voorstel van gewijzigde voorwaarden goed. Deze beslissing was echter voorwaardelijk: de voorwaarden moesten bij een volgende wijziging ervan, en dit ten laatste één jaar na onze beslissing, worden aangepast rekening houdend met onze opmerkingen. Op vraag van Elia verlengden we de termijn waarbinnen de voorwaarden voor balanceringsverantwoordelijken moeten worden aangepast tot 5 februari 2021. Het voorstel van gewijzigde voorwaarden moet dus tegen deze datum ter goedkeuring aan ons voorgelegd worden. Beslissing Overeenkomst FSP-DNB: Begin september beslisten we om het nieuwe modelcontract FSP-DNB voorwaardelijk goed te keuren. Dit contract legt de afspraken vast voor de relatie tussen de dienstverlener van flexibiliteit (FSP) en de distributienetbeheerder (DNB). De nieuwe versie van het contract is een samenvoeging van contracten per flexibiliteitsproduct tot 1 modelcontract. Nieuw is ook de openstelling van het flexibiliteitsproduct aFRR/R2 voor deelname van distributienetgebruikers op middenspanning. We schreven een nota samen met de andere regionale regulatoren als bijlage bij de beslissing na een afkeuring van het contract in mei 2020. In de nota roepen we Synergrid, de vereniging van de Belgische netbeheerders, op om tegen het einde van het jaar een visie en stappenplan te maken voor de deelname van netgebruikers op laagspanning aan de flexibiliteitsnetgebruikers in de nabije toekomst. Dat is nodig voor de omzetting van nieuwe, Europese regelgeving. Technisch voorschrift C8-06: We beslisten in september om het technisch voorschrift C8/06 ‘Measurement system and Gateway for an aFRR service delivery point connected to the Distribution Grid’ goed te keuren. Dat document legt meet- en communicatievereisten vast voor de deelname van distributienetgebruikers via een dienstverlener van flexibiliteit aan de flexibiliteitsdienst automatic Frequency Restoration Reserve (aFRR) van de transmissienetbeheerder Elia. In een nota roepen we Elia en Synergrid op om de technische vereisten grondig te analyseren en mogelijk alternatieven te voorzien voor de toekomstige deelname van LS-netgebruikers. Technische vereisten zijn nodig, maar mogen niet leiden tot barrières voor deelname. Door dit debat nemen we ook voorstellen van aanpassing mee in de lopende herziening van het technisch reglement distributie in de meetcode. Beslissingen: BESL-2020-34 I BESL-2020-35 Aanvullende voorschriften bij technisch voorschrift C2/112: We keurden de aanvullende voorschriften van Fluvius bij het technisch voorschrift C2/112 ‘Technische voorschriften voor aansluiting op het hoogspanningsdistributienet’ van Synergrid goed. Het betreffen voorschriften voor aansluiting van installaties op het hoogspanningsdistributienet. De goedgekeurde voorschriften zijn een harmonisatie van de vroeger bestaande, verschillende voorschriften van Eandis en Infrax. Beslissing
RAPP-2021-03
5/02/2021
23/51
Datatoegangscontract en dienstencatalogus: We keurden in juni het datatoegangscontract van de Vlaamse distributienetbeheerders goed. Dit contract, gesloten tussen de distributienetbeheerder en een derde partij, bepaalt de rechten en plichten met betrekking tot geautomatiseerde datatoegang tot de gegevens verzameld uit de digitale, elektronische of analoge meter van een netgebruiker, op voorwaarde dat de netgebruiker toestemming heeft gegeven aan die derde partij, en de betrokken distributienetbeheerder deze derde partij alleen toegang verleent tot de gegevens die strikt noodzakelijk zijn om zijn taak uit te oefenen. In een voorafgaand traject maakten we opmerkingen op eerdere tekstversies van het datatoegangscontract over aan de distributienetbeheerders, wat leidde tot aanpassingen van de tekst. We bevestigen in de beslissing dat het finaal ter goedkeuring voorliggende datatoegangscontract en de bijhorende dienstencatalogus conform de Vlaamse energieregelgeving zijn, en dat de erin vervatte voorwaarden voor datatoegang transparant, niet-discriminerend en evenredig zijn. Binnen twee jaar na deze goedkeuring zullen we de inhoud van het datatoegangscontract evalueren, na consultatie van alle belanghebbenden. In december keurden we door de distributienetbeheerder voorgestelde wijzigingen aan de dienstencatalogus goed. Beslissingen: BESL-2020-27 I BESL-2020-89
Aansluitingsreglement elektriciteit: We keurden in juli een aantal wijzigingen aan het reglement voor aansluitingen op het elektriciteitsdistributienet op laagspanning goed. De wijzigingen betroffen een vormelijke aanpassing naar aanleiding van de fusie van de werkmaatschappijen Eandis en Infrax tot Fluvius System Operator, een aanpassing m.b.t. de termijn waarbinnen productie-installaties gemeld moeten worden, om te conformeren aan het Energiedecreet en aanpassingen m.b.t. het recht van de netbeheerder tot wijziging van het reglement en de melding van opslaginstallaties, beide om in lijn te zijn met het huidig geldend TRDE.
RAPP-2021-03
5/02/2021
24/51
Beslissing SLP’s 2021: We keurden begin december de synthetische lastprofielen (SLP) goed voor de afnemers van aardgas en elektriciteit zonder registratie van het verbruiksprofiel. Hiermee geven we uitvoering aan de Technische Reglementen. Het gaat om voorstellen van de sector. Deze profielen vormen de basis voor de verrekeningsprocessen tussen de marktpartijen. Beslissing elektriciteit Beslissing aardgas
4.3 Uitrol digitale meters In juni 2020 besliste de Vlaamse regering om de uitrol van de digitale meter te versnellen. Met een uitrol van 80% tegen eind 2024, zullen eindgebruikers in lijn met de Europese verplichtingen sneller een actieve rol kunnen opnemen in de energiemarkt en -transitie. Wij volgden in 2020 de uitrol op en hielden er toezicht op dat de baten van de digitale meter zich kunnen realiseren. Actualisatie KBA: Op vraag van de Vlaamse minister van Energie actualiseerden wij in april de kosten-batenanalyse (KBA) over de uitrol van digitale meters. Zie paragraaf 6.2 voor meer informatie hierover.
Bron: Fluvius
Allocatie- en reconciliatiemethodiek: Einde oktober namen wij een beslissing over het voorstel van de distributienetbeheerders over de allocatie- en reconciliatiemethodiek voor elektriciteit. Wij keurden dit voorstel gedeeltelijk goed.
RAPP-2021-03
5/02/2021
25/51
We stelden vast dat het voorstel voor afname én voor afname en injectie samen, voor zover daarvoor dezelfde toegangshouder wordt gekozen (‘beperkt vermarkten’), voldoet aan de vereisten en in lijn ligt met alle bepalingen in het TRDE. Dit deel van het voorstel werd goedgekeurd. We stelden vast dat het voorstel voor wat betreft het vermarkten van injectie bij een andere leverancier dan deze voor afname, strijdig is met bepalingen in het TRDE en dus niet voldoet. Dit deel van het voorstel werd niet goedgekeurd. Bepalingen TRDE
Beslissing
4.4 Flexibiliteit Overeenkomst FSP-DNB en technisch voorschrift C8-06: We keurden in 2020 het nieuwe modelcontract FSP-DNB voorwaardelijk goed. Het technisch voorschrift C8/06 ‘Measurement system and Gateway for an aFRR service delivery point connected to the Distribution Grid’ keurden we goed. Zie paragraaf 4.2 voor meer informatie hierover. Aansluitingen met flexibele toegang: We keurden in december 3 aanvragen voor permanente aansluiting met flexibele toegang goed. Beslissingen: BESL-2020-83 I BESL-2020-84 I BESL-2020-85 Ontwerpdecreet flexibiliteit: We pleegden overleg met de energie-administratie ter voorbereiding van het ontwerpdecreet ter omzetting van de 4de elektriciteitsrichtlijn, en leverden input over de bepalingen uit deze richtlijn m.b.t. de regulering voor vraagbeheer en aggregatoren, het opzetten van een markt voor ondersteunende diensten op het distributienet en een nieuwe aanpak van het investeringsplan.
RAPP-2021-03
5/02/2021
26/51
Zie paragraaf 6.2 voor meer informatie hierover. Flexibiliteit
Opvolging impact capaciteitsremuneratiemechanismen op het distributienet: In het kader van de voorbereiding van het capaciteitsremuneratiemechanisme (CRM) pleegden we overleg met de distributienetbeheerders over de deelname van distributienetgebruikers aan dit steunmechanisme. We onderzochten, in overleg met de andere regulatoren, een voorstel tot aanpassing van het contractueel kader voor de levering van flexibiliteitsdiensten. Ook de bestaande technische voorschriften van Synergrid, die de levering van deze diensten faciliteren en de toegangsmodaliteiten tot het mechanisme vastleggen, hebben we geanalyseerd. De beslissingen hierover werden begin 2021 genomen.
RAPP-2021-03
5/02/2021
27/51
5
Controleren
5.1 Leveranciers Leveringsvergunningen: In 2020 ontvingen we één aanvraag voor een leveringsvergunning voor elektriciteit en één aanvraag voor een leveringsvergunning voor aardgas. Deze aanvragen werden positief beantwoord. Eén leveringsvergunning voor elektriciteit en twee voor aardgas werden opgeheven. Toekenningsbeslissingen: BESL-2020-32 en BESL-2020-33 Opheffingsbeslissingen: BESL-2020-04 en BESL-2020-82 Financiële opvolging leveranciers: Einde januari publiceerden wij voor het eerst een rapport waarin we enkele kerngegevens van de energieleveranciers actief in Vlaanderen op een rij zetten. We baseerden ons hiervoor op informatie uit de opvolgingsdossiers voor de leveringsvergunning van de energieleveranciers in Vlaanderen. We besteedden in het bijzonder aandacht aan de omstandigheden in 2018-2019, toen enkele energieleveranciers de markt (soms noodgedwongen) verlieten. De belangrijkste conclusies van het rapport zijn: • De energieleveranciers actief in Vlaanderen hebben zeer verschillende profielen, met gevolgen voor de financiële structuur en de financiële indicatoren. • Enkele energieleveranciers die relatief slecht scoorden op de financiële ratio’s, hebben de markt verlaten. • Meer dan de helft van de energieleveranciers scoorde in het meest recente boekjaar slechter op enkele kernindicatoren dan in het boekjaar ervoor. • Een aanzienlijke groep energieleveranciers doet voor kerntaken beroep op andere partijen, maar deze groep energieleveranciers vertegenwoordigt slechts een klein volume. Voor sommige van deze taken is er een eerder hoge marktconcentratie. Rapport Noodleveranciersregeling: In het voorjaar van 2020 hielden we, samen met de gewestelijke regulatoren Brugel en CwaPE, een consultatie over een ontwerpadvies m.b.t. een optimale noodleveranciersregeling. Een aantal situaties is namelijk niet afgedekt of onduidelijk binnen het huidige decretale kader. Ook dringt de sector erop aan dat de oplossing in de verschillende gewesten zo veel als mogelijk geharmoniseerd zou worden. De talrijke reacties op het vorige ontwerpadvies (geconsulteerd in 2018) en de lessen uit de noodleveranciersregelingen toegepast in 2018 en 2019 werden verwerkt in dit nieuwe voorstel. Omdat de nieuwe voorgestelde procedure heel sterk afwijkt van het oorspronkelijke voorstel, beslisten we om de belanghebbenden hierover opnieuw te raadplegen.
RAPP-2021-03
5/02/2021
28/51
Consultatie Quotumverplichtingen: We publiceren jaarlijks een Certificatenmarktrapport met een specifieke analyse van de evoluties op de markt van de groenestroom- en warmte-krachtcertificaten in Vlaanderen. We rapporteren via dit rapport over het toezicht op de certificatenmarkten en de quotumverplichting. Verder bevat het rapport ook een verslag van het toezicht op de rol van de netbeheerders inzake de werking van de certificatenmarkten, specifiek hun rol in het opkopen van steuncertificaten aan minimumsteun en het opnieuw op de markt brengen van deze opgekochte certificaten. Zie paragraaf 2.5 voor meer informatie hierover.
5.2 Netbeheerders Verschuivingen netgebieden: Begin 2020 beslisten 4 gemeenten om over te stappen van IVEKA naar Fluvius Antwerpen. Als gevolg daarvan namen we einde januari de beslissing tot aanwijzing van Fluvius Antwerpen als distributienetbeheerder voor elektriciteit en aardgas voor de gemeenten Malle, Ranst, Wommelgem en Zoersel. Tegelijkertijd beslisten we tot beëindiging van de aanwijzing van IVEKA als distributienetbeheerder voor deze gemeenten. Ook stelden we overgangsmaatregelen vast voor de elektriciteitsdistributienettarieven en aardgasdistributienettarieven die van toepassing zijn in deze gemeenten die voorheen tot IVEKA, en vanaf 1 januari 2020 tot Fluvius Antwerpen behoren. Deze overgangsmaatregelen houden in dat in deze gemeenten de nettarieven van (ex-)IVEKA blijven gelden, en dit tot en met 31 december 2020. Beslissingen: BESL-2020-02 I BESL-2020-03 Overgangsmaatregelen tarieven: BESL-2020-07 I BESL-2020-08 De stad Deinze besliste in het najaar om voor zijn grondgebied met postcode 9800 over te stappen van Gaselwest naar Imewo, en dit met ingang van 1 januari 2021. Als gevolg daarvan wezen we in oktober Imewo aan als beheerder van het elektriciteits- en aardgasdistributienet op het grondgebied van de stad Deinze met postcode 9800. Deze aanwijzing geldt vanaf 1 januari 2021. Hierdoor zal, vanaf die datum, Imewo de elektriciteits- en aardgasdistributienetbeheerder zijn voor het gehele grondgebied van de stad Deinze. De stad Deinze doet voor het grondgebied met postcode 9850 (dit is de voormalige gemeente Nevele) namelijk al een beroep op Imewo. De aanwijzing van Gaselwest als beheerder van het elektriciteitsen aardgasdistributienet op het grondgebied van de stad Deinze met postcode 9800 wordt met ingang van 1 januari 2021 beëindigd. Beslissingen: BESL-2020-55 I BESL-2020-56
RAPP-2021-03
5/02/2021
29/51
Kwaliteit dienstverlening netbeheerders: Einde september publiceerden wij de jaarlijkse rapporten over de kwaliteit van dienstverlening van de netbeheerders. Evolutie gemiddelde onderbrekingsduur
De belangrijkste conclusies voor elektriciteit zijn: • Vlaanderen houdt in 2019 een goed kwaliteitsniveau aan van de distributienetten voor elektriciteit (inclusief het plaatselijk vervoernet beheerd door Elia), zowel wat betreft de onderbrekingen als voor de kwaliteit van de geleverde spanning. • Een distributienetgebruiker op het Vlaamse laagspanningsdistributienet had in 2019 gemiddeld 18 minuten en 28 seconden geen elektriciteit als gevolg van incidenten. Dit is een daling ten opzichte van 2018 en is het beste cijfer sinds de start van de rapportering. • Een Vlaamse klant wordt gemiddeld eens in de 2,6 jaar door een ongeplande stroomonderbreking getroffen. • Met deze cijfers behoort Vlaanderen bij de koplopers in Europa inzake kwaliteit van het elektriciteitsdistributienet. • Belangrijkste oorzaken van onbeschikbaarheid zijn defecten op kabels, al dan niet veroorzaakt door derden. • De kwaliteit van de geleverde spanning is over het algemeen goed. Ondanks een lichte stijging van het aantal meldingen over een te hoge spanning is er een significante daling van het aantal terechte meldingen. Met de uitrol van de digitale meter zal de spanningskwaliteit transparanter en in meer detail opgevolgd kunnen worden. De belangrijkste conclusies voor aardgas zijn: • De Vlaamse aardgasdistributienetbeheerders hebben in 2019 het hoge technische kwaliteitsniveau wat betreft de beschikbaarheid, de samenstelling en de druk van het verdeelde aardgas gehandhaafd. • De theoretisch gemiddelde onbeschikbaarheid per afnemer in 2019 was 2 minuten en 4 seconden, wat iets lager is dan het cijfer van 2018. • Over de kwaliteit of samenstelling van het aardgas zijn er in Vlaanderen heel weinig klachten van netgebruikers.
RAPP-2021-03
5/02/2021
30/51
Rapport kwaliteit dienstverlening elektriciteit 2019 Rapport kwaliteit dienstverlening aardgas 2019 Infografiek Investeringsplannen: In december beoordeelden we de investeringsplannen van de elektriciteitsdistributienetbeheerders, de aardgasdistributienetbeheerders en de plaatselijk vervoernetbeheerder voor de periode 2021-2023. Deze plannen geven een idee welke investeringen in de pijplijn zitten voor dit jaar en de volgende twee jaren. We keurden het investeringsplan van de plaatselijke vervoernetbeheerder goed. De investeringsplannen van de elektriciteitsdistributienetbeheerders werden niet goedgekeurd. We hebben aan hen gevraagd om de ingediende investeringsplannen aan te passen en opnieuw in te dienen tegen 30 maart 2021. De gevraagde aanpassingen gaan over: • Een transparante onderbouwing van de belastingsvoorspelling op het middenspanningsnet; • Een technische en economische afweging van het vervangingsbeleid op laagspanning; • Een technisch en economisch onderbouwde afweging van het beleid inzake 230 V-netten. Na het ontvangen van de aanpassingen zullen we hierover in 2021 een syntheserapport publiceren. We keurden de investeringsplannen van de aardgasdistributienetbeheerders goed. De belangrijkste conclusies m.b.t. aardgas zijn: • De volgende jaren wordt er opnieuw een vertraging ingebouwd in de uitbreiding van de netten. • Een aanvraag voor een bijkomende injectie van biomethaan in het aardgasdistributienet werd ingediend in 2020. • De conversie van netten met laagcalorisch gas naar hoogcalorisch gas wordt versneld verdergezet met verwachte einddatum 2024 in de plaats van 2029. Beslissing plaatselijk vervoernet Beslissingen distributienetten elektriciteit: BESL-2020-110 t/m BESL-2030-119 Beslissingen distributienetten aardgas: BESL-2020-120 t/m BESL-2020-128 Rapport investeringsplannen aardgas 2021-2023 Databeheer: Het beheer van de data van de digitale, elektronische en analoge meters en tellers op de toegangspunten van het distributienet is expliciet toegewezen aan de distributienetbeheerder. Wij zien toe op de naleving door de netbeheerder van de voorwaarden die hem inzake databeheer zijn opgelegd in de Vlaamse energieregelgeving. We keurden in juni het datatoegangscontract van de Vlaamse distributienetbeheerders goed. In december keurden we door de distributienetbeheerder voorgestelde wijzigingen aan de dienstencatalogus goed. Zie paragraaf 4.2 voor meer informatie hierover.
RAPP-2021-03
5/02/2021
31/51
Conform het Energiebesluit geven wij op onze website een overzicht van de partijen aan wie de netbeheerder toegang verleent tot de gegevens van de digitale, elektronische of analoge meter, de relevante wettelijke basis, de toegangsprocedures en de toegangsvoorwaarden, de doeleinden van de verwerkingen en de betrokken gegevenscategorieën. We baseren ons op informatie van de netbeheerder en houden dit overzicht up-to-date. Overzicht gegevensuitwisseling Wij gaven gevolg aan de adviesvraag van de Vlaams minister van Energie om het CMS-project van Atrias te evalueren, en de gevolgen van een eventuele uitstap van de Vlaamse distributienetbeheerders uit dit project en uit Atrias in kaart te brengen. Bemiddeling en geschillenbeslechting: Partijen die een klacht hebben met betrekking tot de verplichtingen van een netbeheerder, warmte- of koudenetbeheerder of beheerder van een gesloten distributienet, kunnen het geschil ter bemiddeling of ter beslechting aan ons voorleggen. Enkel geschillen waarin al een bemiddelingspoging door ons of de ombudsdienst voor energie is geweest, kunnen worden voorgelegd ter beslechting, tenzij in geval van hoogdringendheid of wanneer het om de afsluiting van het net gaat. In 2020 ontvingen we 7 geschillen van afnemers tegen netbeheerders, waarin de voorafgaandelijke bemiddeling door de ombudsdienst voor energie geen – of een voor de betrokken afnemers onbevredigend – resultaat opleverde. 2 van deze geschillen werden ongegrond verklaard. Eind december 2020 waren nog 3 geschilprocedures lopende.
5.3 Directe lijnen, gesloten distributienetten en privédistributienetten We ontvingen 11 officiële aanvragen tot toelating van de aanleg van een directe lijn (buiten de eigen site). Dit leidde tot 4 beslissingen tot toelating, en 1 weigering. 2 aanvragen werden door de aanvrager ingetrokken. 2 aanvragen tot toelating bleken na analyse onontvankelijk wegens situering van de directe lijn op eigen site (geen toelating VREG nodig, enkel melding bij DNB). Ten slotte zijn 2 dossiers begin 2021 nog in behandeling. Beslissingen: I BESL-2020-81 I BESL-2020-80 I BESL-2020-79 I BESL-2020-77 I BESL-2020-29 I BESL2020-12 (ingetrokken krachtens BESL-2020-77) Mededeling: In maart publiceerden we een nieuwe mededeling over gesloten distributienetten, privédistributienetten, directe lijnen en directe leidingen. In deze mededeling geven we nadere toelichting over de betrokken regelgeving en de manier waarop deze regelgeving toegepast moet worden volgens de VREG. Deze mededeling vervangt de mededeling van 7 februari 2017 (MEDE-2017-01) met betrekking tot privédistributienetten en directe lijnen, net als de mededeling met betrekking tot laadpunten voor voertuigen (MEDE-2011-05).
RAPP-2021-03
5/02/2021
32/51
We hielden een consultatie over een ontwerpversie van deze mededeling in 2019 (CONS-2019-03). Samen met de definitieve tekst van de mededeling publiceerden we ook een consultatieverslag. Consultatieverslag Mededeling
5.4 Warmte- en koudenetten Warmtenetten hebben een groot potentieel voor verhoogde energie-efficiëntie en het aantal warmtenetten kent een duidelijke groei in Vlaanderen. In 2019 werd een regelgevend kader rond warmtenetten in Vlaanderen ingevoerd. Met dit regelgevend kader kreeg de VREG er een aantal taken en bevoegdheden bij. In 2020 meldden 18 Vlaamse warmtenetten zich bij ons aan. Brochure sociale maatregelen warmtenetten: Wij maakten samen met VEA een brochure over de sociale beschermingsmaatregelen voor huishoudelijke klanten die warmte afnemen van een warmtenet. Het doelpubliek is niet de huishoudelijke klant zelf, maar tussenpersonen of intermediairs zoals warmtenetbedrijven en Lokale Adviescommissies (LAC) binnen de OCMW’s. Het is belangrijk te weten dat gezinnen die wonen in een woning aangesloten op een warmtenet beschermd worden door sociale beschermingsmaatregelen. Het zijn deze maatregelen die we via onze brochure in de kijker willen zetten. Brochure Warmtenetrapport: In juni publiceerden we voor de eerste keer het Warmtenetrapport. Hierin geven we een overzicht van onze taken inzake warmtenetten en de activiteiten die daar in het afgelopen jaar uit zijn voortgekomen. Het rapport bevat een samenvatting van de voornaamste aspecten van de regelgeving rond warmtenetten. We geven inzicht in de op dat moment 56 gemelde warmtenetten: waar ze liggen, welke categorieën we herkennen en wie ze beheert. We geven ook een algemeen overzicht van de geleverde energie per categorie en presenteren de eerste sociale statistieken voor warmtenetten. Aangezien de regelgeving nog maar een jaar van kracht is, en onze activiteiten rond warmtenetten nieuw zijn, hebben we ook veel bijgeleerd. De evaluatie van deze ervaringen leidde tot een aantal aandachtspunten, die we meenemen in onze werking voor het volgende jaar. Warmtenetrapport 2019
RAPP-2021-03
5/02/2021
33/51
Advies omzetting Energie-efficiëntierichtlijn: We publiceerden in juni een advies over de manier waarop een deel van de gewijzigde Energie-efficiëntierichtlijn, kan worden omgezet in Vlaamse regelgeving. De wijzigingen aan deze richtlijn bevatten onder meer een aantal nieuwe verplichtingen voor de meting, verbruiksinformatie en facturatie van aardgas, verwarming, koeling en warm water. Zie paragraaf 6.5 voor meer informatie hierover. Overleg warmtenetten: We organiseerden in juni een overleg warmtenetten voor onze belanghebbenden. Hierin schetsten we een stand van zaken, 1 jaar nadat het regelgevend kader rond warmtenetten in Vlaanderen van kracht werd. We lichtten het eerste Warmtenetrapport toe, net als ons advies inzake de omzetting van de energie-efficiëntierichtlijn. Zie paragraaf 7.1 voor meer informatie hierover.
5.5 Garanties van oorsprong Toekenning van en handel in garanties van oorsprong: We hebben de decretale taak om de centrale databank te beheren met garanties van oorsprong in het Vlaams Gewest. In deze databank registreren we de garanties van oorsprong (GO’s) die we toekenden in het Vlaams Gewest en de eigenaar daarvan. De eigenaars van deze GO’s kunnen deze in de databank inleveren om zo aan te tonen dat ze een hoeveelheid groene stroom hebben geleverd. In de databank worden ook
RAPP-2021-03
5/02/2021
34/51
verkopen van garanties van oorsprong geregistreerd, evenals het verval ervan na afloop van hun geldigheidstermijn. Via een verbinding tussen de certificatendatabank en de HUB van AIB verzekeren we de in- en uitvoer van garanties van oorsprong tussen Vlaanderen en een heel aantal Europese lidstaten. We zorgden er ook in 2020 voor dat de gegevens in de databank veilig, correct en continu ter beschikking stonden van de verbruikers. Toekenning garanties van oorsprong groen gas: In mei kenden we voor het eerst garanties van oorsprong (GO’s) toe voor groen gas. Producenten van groen gas kunnen met GO’s aantonen dat 1 MWh groen gas in het net werd geïnjecteerd. De groen gas GO’s kunnen in het VREG-platform verhandeld worden, waarna ze éénmalig kunnen worden gebruikt om gas, dat op een andere locatie dan die van de productieinstallatie wordt verbruikt, als gas uit hernieuwbare bronnen te claimen. Persbericht Retributie voor verhandelen GO’s groene stroom in VREG-platform: In 2020 inden we voor het eerst een retributie voor het verhandelen van garanties van oorsprong (GO’s) voor groene stroom in het VREG-platform. De in het Vlaams Gewest toegekende en geïmporteerde GO’s voor groene stroom zijn opgenomen in een door ons beheerde databank (‘registry’). Deze databank is geconnecteerd met de HUB van de “Association of Issuing Bodies” (AIB), om de in- en uitvoer van deze GO’s van en naar het Vlaams Gewest mogelijk te maken. De bouw en het beheer van dit platform en de deelname aan de activiteiten van de AIB betekenen een aanzienlijke kost.
RAPP-2021-03
5/02/2021
35/51
6
Adviseren
6.1 Actieve afnemers, zelfverbruik en energiegemeenschappen Einde 2019 lanceerden we een openbare raadpleging m.b.t. een voorstel over de omzetting van de bepalingen in de Vierde Elektriciteitsrichtlijn (artikelen 4,5 en 16) en de herschikte Richtlijn Hernieuwbare Energiebronnen (artikelen 21 en 22), die gaan over actieve afnemers, het zelfverbruik van hernieuwbare energie en energiegemeenschappen. We ontvingen 22 reacties op dit voorstel, die we verwerkten in een consultatieverslag. Rekening houdende met deze consultatiereacties maakten we in maart een advies over aan de Vlaamse regelgever met ons aangepast voorstel over de omzetting van de betreffende richtlijnbepalingen. Consultatieverslag Advies
6.2 Omzetting 4de elektriciteitsrichtlijn In december verleenden wij op vraag van de Vlaamse minister van Energie een advies bij het voorontwerp van decreet, zoals principieel goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 30 oktober 2020. Dit voorontwerp zorgt voor de gedeeltelijke omzetting van de Vierde Elektriciteitsrichtlijn en de Richtlijn Hernieuwbare Energie. Het bevat onder meer bepalingen die betrekking hebben op flexibiliteit, energiegemeenschappen en de kerntaken van de netbeheerder. In ons advies stellen we vast dat het voorgestelde decretaal kader nauw aansluit bij de letter en de geest van de richtlijnen. We uiten dan ook onze tevredenheid dat er een uitgebreid wettelijk kader komt voor commerciële en technische flexibiliteit, energieopslag, energiegemeenschappen, peerto-peer handel, energiedelen,… Afnemers zullen bovendien dynamische prijscontracten kunnen afsluiten en krijgen het recht om op hetzelfde moment over meer dan één elektriciteitsleveringscontract te beschikken. Ook de V-test van de VREG dient mee te evolueren om zo het vergelijkingsinstrument in Vlaanderen te zijn. In ons advies focussen we ook op een aantal knelpunten. Zo vestigen we de aandacht op het “kerntakendebat” waarbij we onze bezorgdheid uiten en waarschuwen voor een uitbreiding van de taken van de distributienetbeheerder naar andere netten en andere activiteiten. Verder wijzen we erop dat onze bevoegdheden, zoals vervat in de Europese richtlijnen, niet altijd volledig gerespecteerd worden. Advies
RAPP-2021-03
5/02/2021
36/51
6.3 Omzetting richtlijn Energie-efficiëntie We publiceerden in juni een advies over de manier waarop een deel van de gewijzigde Energieefficiëntierichtlijn, kan worden omgezet in Vlaamse regelgeving. Deze omzetting moest gebeuren tegen 25 oktober 2020. De wijzigingen aan deze richtlijn bevatten onder meer een aantal nieuwe verplichtingen voor de meting, verbruiksinformatie en facturatie van aardgas, verwarming, koeling en warm water. Deze hebben vooral invloed op appartementsgebouwen met een gemeenschappelijke bron of met een aansluiting op een warmte- of koudenet, en in zeer beperkte mate voor aardgasgebruikers. De bedoeling van nauwkeurigere meting en facturatie is om energiegebruikers bewuster te maken van hun gebruik, waardoor er meer energie bespaard kan worden. In het advies beschrijven we hoe deze nieuwe verplichtingen kunnen worden geïmplementeerd in de Vlaamse Regelgeving. Het advies bevat ook een voorstel van regels voor de verdeling van kosten voor verwarming, koeling en warm water in gebouwen met een gemeenschappelijke bron of met een aansluiting op een warmtenet. Dit voorstel van kostenverdeling houdt, voor zover mogelijk, rekening met het verbruik van de eindgebruiker, zodat iemand die zuiniger is met energie ook minder zal moeten betalen. Advies
6.4 Actualisatie kosten-batenanalyse digitale meters Op vraag van de Vlaamse minister van Energie actualiseerden we in het voorjaar de kostenbatenanalyse (KBA) over de uitrol van digitale meters. We bestudeerden ook een versnelde uitrol van 80% van de digitale meter tegen uiterlijk 2024. We onderzochten voor Vlaanderen als geheel of de positieve effecten van de digitale meteruitrol groter zijn dan de kosten. We analyseerden het verschil tussen de situatie met klassieke meters en de situatie met invoering van digitale meters en dit vanuit het oogpunt van verschillende spelers: verbruikers, overheid, milieu en maatschappij, distributienetbeheerders, energieleveranciers en producenten. Resultaten: Voor een uitrol van 80% van de digitale meters in 2024 zijn de baten voor de maatschappij ruim hoger dan de kosten. Bij een gemiddelde waarde van de installatiekost is de globale baat +888 miljoen €. Dit is een stuk positiever dan een uitrol over 15 jaar, waarvoor we een baat van +768 miljoen € berekenen. De baat voor milieu en maatschappij levert een belangrijke bijdrage aan de KBA. Hierin zit vooral de verminderde CO2- uitstoot. Een deel baten komt door vermeden fraude. Daarnaast is er de energiebesparing bij verbruikers. Impact op de distributienettarieven: Tegenover de algemene baten voor de maatschappij, staat dat de versnelde uitrol van de digitale meter wel tot een verhoogde kost voor de
RAPP-2021-03
5/02/2021
37/51
distributienetbeheerders leidt. Een kost die zij via de distributienettarieven kunnen doorrekenen aan de klant. Bij een uitrol van 80% in 2024 is het effect voor een gemiddeld gezin ongeveer 3,6 €/jaar meer voor elektriciteit en 2,8 €/jaar meer voor aardgas, in vergelijking met de uitrol op 15 jaar (gemiddelde tariefverhoging over 15 jaar). De versnelde uitrol van de digitale meter biedt afnemers echter de mogelijkheid om sneller hun verbruik te controleren en te sturen. Deze voordelen kunnen in de eerste plaats volgen uit een verandering in verbruiksgedrag: energie besparen en verbruiken als de energiekosten laag zijn bijvoorbeeld. Als afnemer met een digitale meter krijgt u dus ook de tools in handen om op termijn te besparen op de energiefactuur en minder te betalen. Daarnaast kunnen mede door de investering in digitale meters de elektriciteitsafnemers beter geïnformeerd hun verbruik gaan beheren, waardoor hoge investeringen in het net op termijn vermeden worden die anders noodzakelijk zouden zijn om nieuwe toepassingen zoals warmtepompen en elektrische voertuigen op brede schaal mogelijk te maken. De digitale meter is zo een deel van de brug naar de energietransitie. In april bundelden we de resultaten en conclusies van de KBA in een advies aan de Vlaamse regering. We adviseerden aan de Vlaamse Regering om in het Energiebesluit de plaatsing van een digitale meter in geval van een kleinverbruiksmeting voor elektriciteit te voorzien, zodat uiterlijk op 31 december 2024, 80% van de kleinverbruiksmeetinrichtingen een digitale meter heeft, waarna een volledige uitrol beoogd wordt tegen 1 juli 2029. De versnelde uitrol voor 80% tegen 2024 zorgt er ook voor dat Vlaanderen zal kunnen voldoen aan de Europese Richtlijn 2019/944. Advies
6.5 Snelle gebruikerspoort (S1) digitale meter Op vraag van de Vlaamse minister van Energie verleenden wij in juli een advies met betrekking tot het gebruik van de snelle gebruikerspoort (S1-poort) en de verplichte integratie ervan op de digitale meter. In ons advies stelden we voor om de functionaliteit van een snelle gebruikerspoort in de digitale meter te behouden, maar enkel indien blijkt dat de kostprijs ervan financieel redelijk is en niet disproportioneel ten opzichte van de kostprijs van de meter zelf. In een nieuwe aanbesteding voor digitale meters zou het kunnen aanbieden van deze functionaliteit moeten behandeld worden als een pluspunt, maar geen verplichting om op die manier een gezonde concurrentiewerking tussen meterleveranciers mogelijk te maken. Advies
RAPP-2021-03
5/02/2021
38/51
6.6 Ontwerpbesluiten We verleenden in juni adviezen in het kader van de goedkeuringsprocedure van 2 ontwerpbesluiten: • Het eerste advies heeft betrekking op het ontwerpbesluit tot invoering van een nieuwe premie voor de installatie van fotovoltaïsche zonnepanelen en wijzigingen met betrekking tot de REGpremies, zoals principieel goedgekeurd door de Vlaamse regering op 5 juni 2020. Ons advies focust zich enerzijds op de regeling inzake de verkoop vanaf 2021 van op het net geïnjecteerde elektriciteit door prosumenten en anderzijds op de tarifaire impact van het ontwerpbesluit. • Het tweede advies handelt over een ontwerpbesluit tot omzetting van Richtlijn 2018/844/EU en betreffende diverse bepalingen inzake de energie-efficiëntie, zoals principieel goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 15 mei 2020. We vinden dat het ontwerp op een correcte wijze omzetting geeft aan de artikelen 9 t.e.m. 11bis en de bijlage VIIbis van de gewijzigde Energieefficiëntierichtlijn. We suggereren nog een aantal aanvullingen van het ontwerpbesluit, met name voorstellen inzake de interpretatie van het begrip “op afstand uitleesbaar”, inzake de vereisten van verbruiksmeters en een voorstel van warmtekostenverdelingsregels. In november verleenden we advies bij het ontwerpbesluit, zoals principieel goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 30 oktober 2020, aangaande bepalingen over aardgasaansluitingen bij grote verkavelingen en appartementsgebouwen, het toepassingsgebied van de supercapregeling, elektromobiliteit, aanpassingen aan premieregelingen, het energielabel, het renovatiekrediet en energieleningen. We hadden geen opmerkingen bij dit ontwerpbesluit. Adviezen: ADV-2020-05 I ADV-2020-06 I ADV 2020-08
RAPP-2021-03
5/02/2021
39/51
7
Overleg en samenwerking
7.1 Overleg met onze belanghebbenden Beleidsplatform: Om onze belanghebbenden te informeren, organiseren we regelmatig een ‘beleidsplatform’. Via dit overlegorgaan geven we toelichting over de stand van zaken van een aantal lopende regulatoire initiatieven. We lichten de belangrijkste inhoudelijke elementen of discussiepunten toe. We geven aan welke stappen we zullen zetten in deze dossiers en meer specifiek wanneer en op welke manier de belanghebbenden input kunnen geven bij de lopende initiatieven (via een openbare consultatie, via deelname aan een overlegvergadering, …). In 2020 organiseerden we 1 fysiek beleidsplatform: op 24 januari (voorstelling Ondernemingsplan). Daarnaast organiseerden we webinars over verschillende specifieke thema’s: • 4 mei: consultatie tariefmethodologie 21-24 en nieuwe tariefstructuur • 28 april – 29 mei – 17 september – 9 oktober – 4 december – 17 december: herziening TRD • 15 juni: warmtenetten Beleidsplatform Overleg herziening TRD Overleg warmtenetten Het beleidsplatform is één instrument om het overleg en de dialoog met onze belanghebbenden te organiseren. Andere instrumenten zijn o.a. onze website, openbare raadplegingen of consultaties, de nieuwsbrief ‘Energiesector’ waarin we informeren over onze regulatoire activiteiten en in het algemeen regelmatige contacten met onze belanghebbenden. Mededeling openbaarheid van bestuur, vertrouwelijkheid van gegevens en publieke consultaties: In het najaar organiseerden we een publieke raadpleging over een ontwerp van mededeling m.b.t. ons beleid inzake de actieve en passieve openbaarheid van bestuur en de vertrouwelijkheid van gegevens, evenals de interne richtlijnen die wij navolgen bij de organisatie van onze publieke consultaties. We publiceerden eerder al twee mededelingen in verband met deze materie: • de mededeling van 18 mei 2010 met betrekking tot ons beleid inzake (actieve en passieve) openbaarheid en het kwalificeren als, en omgaan met, vertrouwelijke gegevens (MEDE-201001); • de mededeling van 19 juni 2014 met betrekking tot interne richtlijnen rond publieke consultaties in het kader van onze taken en bevoegdheden als regulator van de Vlaamse elektriciteits- en gasmarkt (MEDE-2014-04).
RAPP-2021-03
5/02/2021
40/51
Om coherentie te bevorderen, willen we beide mededelingen opheffen en integreren in één nieuwe mededeling. We actualiseren ook de inhoud van de tekst en passen deze daarbij aan de talrijke wijzigingen aan die de relevante regelgeving inmiddels onderging. Consultatie
7.2 Overleg met de andere Belgische energieregulatoren We zijn één van de vier energieregulatoren in België. De informatieverlening en de samenwerking tussen deze regulatoren verloopt via FORBEG, een informeel overlegorgaan samengesteld uit vertegenwoordigers van CREG, VREG, BRUGEL en CWaPE. Het doel van FORBEG is een forum te zijn dat de regulatoren toelaat om adequaat te reageren op verzoeken om studies, analyses en gemeenschappelijke standpunten aan hen gericht door zowel de EU als de federale en regionale overheden, als de energiesector. We bleven ook in 2020 actief deelnemen en samenwerken met de andere Belgische regulatoren binnen FORBEG en zijn werkgroepen. De meeste marktpartijen in de Belgische energiemarkt zijn actief op diverse bevoegdheidsniveaus en binnen diverse gewesten en een aantal problemen en thema’s raken zowel federale als gewestelijke energiebevoegdheden. Daarom is deze informatieuitwisseling en samenwerking nodig. Ook de Belgische standpuntbepaling van de onderwerpen binnen de CEER en ACER-werking die behoren tot de energiebevoegdheden van de gewesten moet via FORBEG blijven verlopen. Binnen FORBEG willen we ook met de andere Belgische regulatoren
RAPP-2021-03
5/02/2021
41/51
bespreken hoe we onze werkzaamheden optimaal op elkaar kunnen afstemmen, en hoe mogelijke problemen met bevoegdheden en ontwikkelingen in de markt kunnen worden opgelost. In 2020 hebben we specifiek nauw samengewerkt rond een gezamenlijke studie naar de energieprijzen in België/Vlaanderen ten opzichte van onze buurlanden en de uitwerking van een noodleveranciersregeling. Zie paragraaf 2.2 en 5.1 voor meer informatie hierover. De vier Belgische energieregulatoren publiceerden ook gezamenlijk een overzicht van de elektriciteits- en aardgasmarkten in België in 2019. Gezamenlijk rapport
7.3 Overleg met de marktpartijen Naast het beleidsplatform hebben we ook geregeld overlegd over actuele topics met de netbeheerders en leveranciers die actief zijn op de Vlaamse energiemarkt. Dit overleg is vaak ad hoc, maar er zijn ook structurele overlegmomenten. Zo namen we deel aan verschillende vergaderingen in het kader van het marktoverleg dat georganiseerd wordt door Atrias, zoals het Marktcomité en de Stuurgroep Market Operations. Eén keer per jaar is er een overleg met de energieleveranciers waarop alle rapporteringsverplichtingen aan de VREG besproken worden. We geven hen in dit overleg ook een stand van zaken mee van een aantal lopende of nieuwe projecten rond marktwerking. Daarnaast werd ook een users’ group georganiseerd met alle gebruikers van het VREG-platform (energieleveranciers, kopers en verkopers van groene- en WKK-certificaten, …). Op deze vergadering werden nieuwe ontwikkelingen besproken en werden toekomstige nieuwe en verbeterde functionaliteiten afgetoetst.
7.4 Overleg met de ombudsdiensten De federale Ombudsdienst voor Energie fungeert als SPOC voor burgers en bedrijven met klachten in verband met de dienstverlening van hun leverancier, conform de vereisten van het Derde Energiepakket. Wij wisselden in 2020 zoals altijd op regelmatige basis informatie en inlichtingen uit met de Ombudsdienst omtrent het aantal ontvangen en behandelde klachten inzake de elektriciteits- en aardgasmarkt en het onderwerp van de ontvangen en behandelde klachten, (facturatie, meteropname, aansluitingen, contractuele aangelegenheden, ...). We hadden in 2020 ook regelmatig contact met de Vlaamse ombudsdienst, onder meer met betrekking tot de klachten die zij ontvingen tegen Fluvius.
RAPP-2021-03
5/02/2021
42/51
7.5 Overleg met overheidsdiensten en andere regulatoren Er werden regelmatig overlegvergaderingen gehouden met de energieadministratie (VEA en departement omgeving) om elkaar te informeren over activiteiten en plannen. Doordat Fluvius meer en meer activiteiten heeft in andere nutssectoren dan elektriciteit en aardgas (o.a. kabel, riolering en water) hielden we overlegvergaderingen met de regulatoren van deze andere nutssectoren, meer bepaald met het BIPT (kabel) en de VMM (water en riolering).
RAPP-2021-03
5/02/2021
43/51
8
Informeren Als onafhankelijke Vlaamse energieautoriteit bieden we correcte, neutrale informatie op maat van de energieverbruikers in Vlaanderen en dit via verschillende communicatiekanalen. Website: Onze website (www.vreg.be) is en blijft het belangrijkste communicatie-instrument, zowel voor de gezinnen en de kleine- en middelgrote bedrijven als voor de sector. Tools: We bieden via one website webtools aan die burgers en bedrijven informatie bieden op maat: de V-test®, de Servicecheck, de Verhuisplanner, de Groencheck, de Herkomstvergelijker en de Simulator digitale meter. De simulator digitale meter werd in juli uitgebreid zodat gebruikers ook een exacte berekening kunnen uitvoeren o.b.v. hun effectieve afname-, productie- en injectiegegevens. Einde december haalden we de simulator offline, omwille van de volgende redenen: • In 2022 voeren we het capaciteitstarief in. De simulator digitale meter houdt hier geen rekening mee. De invoering van het capaciteitstarief heeft een impact op alle netgebruikers. Met het oog hierop bereiden we een brede communicatiecampagne voor. Hiermee willen we gezinnen en kleine bedrijven duidelijk maken wat er vanaf 2022 verandert op hun elektriciteitsfactuur en willen we hen inzicht geven in de impact van deze veranderingen op hun portemonnee. • De simulator werd niet geactualiseerd met de distributienettarieven voor 2021. Hierdoor geeft de simulator prosumenten geen correct beeld meer van de impact van verschillende tariefsystemen op hun elektriciteitsfactuur. • Voor gezinnen en kleine bedrijven die PV-panelen plaatsen in 2021 is de simulator sowieso niet geschikt. We startten in 2020 met de voorbereidingen op de ontwikkeling van een nieuwe V-test®. Zie paragraaf 9.4 voor meer informatie hierover. Nieuwsbrieven: Om geïnteresseerden en belanghebbenden op de hoogte te brengen van belangrijke wijzigingen aan onze website, nieuwe consultaties, veelgestelde vragen, persberichten, tips, … stuurden we in 2020 regelmatig nieuwsbrieven. Overzicht nieuwsbrieven Infovragen: Burgers kunnen ons vragen stellen, zowel per e-mail, telefoon (via 1700) als via sociale media. Parlementaire vragen: In het kader van het toezicht van het Vlaams Parlement op de werking van de VREG, kunnen leden van het Vlaams Parlement ons schriftelijke vragen stellen. In 2020 werden 3 parlementaire vragen gesteld. We publiceerden de antwoorden ook op onze website. Antwoorden op parlementaire vragen
RAPP-2021-03
5/02/2021
44/51
Cijfers 2020 Cijfers 2019
RAPP-2021-03
5/02/2021
45/51
Cijfers 2020
742.502
31.500
17.293
37.583
167.873
149.211
simulaties
simulaties
RAPP-2021-03
simulaties
simulaties
5/02/2021
simulaties
simulaties
46/51
9
Interne werking
9.1 Bestuur De VREG wordt bestuurd door een Raad van Bestuur. Deze bestaat op 31/12/2020 uit volgende personen: Ronnie Belmans, Els Brouwers, Goele Schreurs, Hans Vanhoof, Ellen Valkenborgs en Piet Vanden Abeele. De werking en bevoegdheden van de Raad van Bestuur wordt geregeld in de artikelen 3.1.5 e.v. van het Energiedecreet. De Raad van Bestuur vergaderde 20 keer in 2021. Binnen de Raad van Bestuur is een Auditcomité opgericht, bestaande uit Hans Vanhoof (voorzitter), Piet Vanden Abeele en Ellen Valkenborgs, dat 2 maal vergaderde in 2020. De leden van de huidige Raad van Bestuur worden vergoed overeenkomstig categorie I van het besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de vergoeding van de bestuurders van de publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschappen van de Vlaamse overheid, en van de regeringsafgevaardigden die toezicht uitoefenen bij deze agentschappen (overeenkomstig artikel 3.1.5, §4 van het Energiedecreet). Conform dit besluit wordt een vaste vergoeding op jaarbasis en een presentiegeld per vergadering toegekend voor deelname aan de vergaderingen van de Raad van Bestuur en deze van het Auditcomité. Pieterjan Renier is algemeen directeur. Hij is belast met het dagelijks bestuur. Hij treedt rechtsgeldig op in naam en voor rekening van de VREG en is belast met de leiding van het personeel. De bevoegdheden van de algemeen directeur zijn geregeld in de artikelen 3.1.9 en artikel 3.1.10 van het Energiedecreet. Het Huishoudelijk Reglement regelt de taakverdeling tussen de algemeen directeur en de raad van bestuur.
9.2 Transparantie, controle en audit We publiceerden begin 2020 het Jaarverslag 2019 en het Ondernemingsplan 2020. Jaarverslag 2019 Ondernemingsplan 2020 Eind maart 2020 legden we onze Jaarrekening 2019 neer, na controle hiervan door de bedrijfsrevisor, en publiceerden we deze op de website. De jaarrekening en het verslag van de bedrijfsrevisor werden ook overgemaakt aan het Vlaams Parlement en het Rekenhof. Jaarrekening 2019 Het ontwerp van Ondernemingsplan 2021 werd in november op een hoorzitting besproken in het Vlaams Parlement.
RAPP-2021-03
5/02/2021
47/51
De activiteiten inzake interne audit worden gecoördineerd door het Auditcomité. Het auditcomité boog zich in 2020 over de begroting 2021 en de volgende audits en rapporteringen: • Naast de wettelijk voorgeschreven controleopdrachten inzake de financiële rapportering, heeft de bedrijfsrevisor van de VREG op vraag van het auditcomité een aantal audits uitgevoerd naar de controlemaatregelen binnen de financiële- en begrotingsprocessen. Zo werd in 2020 specifiek het proces inzake de opvolging van juridische geschillen geauditeerd. De bedrijfsrevisor rapporteerde aan het Auditcomité dat zijn controleactiviteiten geen aandachtspunten of onregelmatigheden aan het licht hebben gebracht. • Op vraag van het auditcomité werd een externe audit uitgevoerd van de IT-organisatie en belangrijkste IT-domeinen. Er werd een actieplan uitgewerkt en uitgevoerd om tegemoet te komen aan de aanbevelingen uit deze audit. • De externe functionaris voor gegevensbescherming (DPO) rapporteerde in oktober aan het auditcomité over de uitgevoerde en geplande actiepunten inzake informatieveiligheid en gegevensbescherming. • Het auditcomité volgde ook de interne controlemaatregelen op inzake behandeling van vragen en klachten van burgers en bedrijven, de opvolging van rechtszaken, en de regelgeving van toepassing op de VREG. • Er werd een (nieuwe) bedrijfsrevisor aangesteld voor de periode 2020-2022.
9.3 Personeel en HR Een overzicht van onze personeelsleden, directies en teams op 31 december 2020: Algemeen directeur: Pieterjan Renier is algemeen directeur. Hij is belast met het dagelijks bestuur. Hij treedt rechtsgeldig op in naam en voor rekening van de VREG en is belast met de leiding van het personeel. Team Communicatie: Het team Communicatie staat in voor de interne en externe communicatie en belanghebbendenmanagement. Het team bestaat uit Leen Vandezande, Fanny Schoevaerts, Yolanda Leenen en Shirley Pauwels. Leen Vandezande is woordvoerder. Team Algemene diensten: Het team Algemene diensten staat in voor de financiën, HR, facility en ICT. Het team bestaat uit Ruben Verboven, Ingrid Borrey, Cindy Van Lierde, Lincy De Mey, Karel Vranken en Caroline De Schoenmaeker. Directie Net- en marktregulering: Thierry Van Craenenbroeck is directeur. In de directie Net- en marktregulering zijn er drie domeinexperten: Jo Demeyere voor aardgas, Marc Michiels voor tariefregulering en Bram van der Heijde voor warmte. • Team Nettarieven: Het team Nettarieven staat in voor de tariefregulering, controle van de kosten en budgetten van de distributienetbeheerders en benchmarking van de tarieven. Het team bestaat uit Bert Stockman en Jonas De Smit. • Team Technische regulering net en markt: Het team Technische regulering net en markt staat in voor de technische reglementen, het toezicht op de netontwikkeling en -exploitatie en volgt de
RAPP-2021-03
5/02/2021
48/51
besprekingen op tussen de marktpartijen en de ontwikkeling van nieuwe marktprocessen. Het team bestaat uit Wim Somers, Pauline Ottoy, Frederik Van Goolen en Ivan Lambrechts. Directie Juridische zaken, markttoezicht en data: Sarah Van Kerckhoven is directeur. • Team Juridische zaken: Het team Juridische zaken staat in voor de opvolging van nieuwe (energie)wetgeving en coördinatie van advisering en het toezicht op de naleving van de vereisten opgelegd aan netbeheerders, werkmaatschappij, databeheerder of bij aanleg van directe lijnen en leidingen en gesloten distributienetten. Het team bestaat uit Bregt Leyman, Isabelle Vanden Bon, Kim Verstraeten, Didier Van Overloop en Laura De Deyne. • Team Markttoezicht: Het team Markttoezicht staat in voor de monitoring van de elektriciteits-, aardgas-, warmte- en certificatenmarkt en de controle op de naleving van de energieregelgeving en openbaredienstverplichtingen. Het team bestaat uit Sofie Lauwaert, Mieke Langie, Jana Vynckier en Annelies Vandermeulen. • Team Applicatie- en databeheer: Het team Applicatie- en databeheer staat in voor het beheer en de ontwikkeling van de VREG-applicaties (V-test®, VREG-platform, Groencheck, …) en het ontsluiten van VREG-data intern en extern. Het team bestaat uit Karolien Verhaegen, Els Vanberghen, Hans Berden, Bert Geysen en Justine Soete. Doorheen 2020 verlieten 5 personeelsleden de VREG, waaronder 2 pensioneringen. We wierven 1 nieuw personeelslid aan en publiceerden in het najaar 3 verschillende vacatures om onze teams Markttoezicht, Tarieven en Technische regulering net en markt te versterken. Begin november wijzigde onze organisatiestructuur. We maakten in 2020 werk van een alternatief huisvestingsproject. Begin 2021 nemen we intrek in deze nieuwe kantoren. We hebben een globaal preventieplan, waarvan de opgenomen activiteiten en acties inzake welzijn van ons personeel ook in 2020 werden uitgevoerd. In dat kader werd in het najaar de tweejaarlijkse personeelspeiling georganiseerd. In het kader van groepsvorming en interne communicatie hielden we 7 personeelsvergaderingen. We organiseerden enkele teambuilding activiteiten, fysiek voor zover mogelijk maar ook virtueel. Er vonden verschillende ‘Broodjes VREG’ plaats, waarin collega’s elkaar een toelichting gaven over een actueel project of thema. We hielden een bevraging over onze interne communicatie en gingen met de resultaten hiervan aan de slag. We startten een cultuurtransformatietraject op onder begeleiding van een externe partner met als doel een feedback-cultuur te introduceren en verankeren in onze werking. Met dit traject beogen we meer leerkansen voor onze personeelsleden (persoonlijke ontwikkeling) en een diepgaandere samenwerking (teamontwikkeling). Het traject kadert ook specifiek binnen onze waarden verbetering, openheid en verantwoordelijkheid. In het najaar werd in dit kader een interne bevraging georganiseerd en een 1-daagse workshop rond cultuur en waarden. Omwille van de geldende Covid-19-maatregelen werd de verderzetting van het traject uitgesteld naar 2021.
RAPP-2021-03
5/02/2021
49/51
Onze medewerkers namen deel aan diverse opleidingen en vormingsactiviteiten, zowel intern als extern georganiseerd. In 2020 volgden ze gedurende 428 uren opleiding.
9.4 ICT Nieuwe V-test en productendatabank: Eind 2020 werd de zoektocht afgerond naar een IT-partner voor de ontwikkeling van een nieuwe V-test® en productendatabank (d.m.v. een openbare aanbestedingsprocedure). Doel is tegen eind 2021 een volledige vernieuwde en meer gebruiksvriendelijke V-test te lanceren, die klaar is voor de huidige en toekomstige marktontwikkelingen zoals terugleveringscontracten, dynamische prijscontracten, capaciteitstarief, …. Met de onderliggende nieuwe productendatabank zal ook onze monitoring van de energieproducten en -prijzen die aangeboden worden in het Vlaams Gewest kunnen verbeterd worden. Certificatendatabank: We verbeterden verder het gebruiksgemak van de databank met groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong, in overleg met een gebruikersgroep van leveranciers, producenten en traders. In mei pasten we de databank aan om de toekenning van GO’s voor groen gas en groene warmte mogelijk te maken. IT-audit: zie hoger in hoofdstuk 9.2 IT-security: Er werden penetratietesten uitgevoerd op het netwerk en de WIFI, evenals een security audit op de systemen van de VREG. Op basis van de resultaten hiervan werden projecten gedefinieerd die in 2021-2022 uitgevoerd zullen worden tot verdere beveiliging van de toegang tot netwerken en systemen, “device hardening” en monitoring. De veiligheid van VREG-data op de mobiele telefoons van de medewerkers van de VREG werd versterkt. Data: We maakten een Business Informatie Model op en zetten de eerste stappen naar de bouw van een dataplatform waarin op termijn alle data van de VREG kan worden bewaard, met elkaar gelinkt en geanalyseerd.
9.5 Informatieveiligheid en gegevensbescherming Wat informatieveiligheid en gegevensbescherming betreft, werd in samenwerking met onze externe functionaris voor gegevensbescherming (DPO) ook in 2020 verzekerd dat de verplichtingen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming nageleefd werden (o.a. actueel houden register van verwerkingsactiviteiten, privacyverklaring en cookiebeleid op de website,…). Hierbij werden volgende acties opgezet: • •
In maart en oktober werden infosessies voor de personeelsleden gehouden rond phishing en gegevensbescherming. De personeelsleden werden onderworpen aan phishingtesten, met feedback over de resultaten.
RAPP-2021-03
5/02/2021
50/51
• • •
De bestaande interne afspraken inzake de omgang met IT-systemen en de data hierop werden geactualiseerd, evenals de bestaande BCM-plannen. Hierover werd ook gesensibiliseerd naar de personeelsleden toe. Er werd een controleronde uitgevoerd op de gemaakte afspraken inzake veilig opbergen van documenten, schermbeveiliging,… Er werd specifieke aandacht besteed aan het verzekeren van een maximale informatieveiligheid en IT-security bij en na onze verhuizing begin 2021 naar onze nieuwe kantoren.
RAPP-2021-03
5/02/2021
51/51