L E F A T S D U O H N I
15. Korstmossen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . MAURICE HOFFMANN - Soortenaantal en veranderingen in status – Vlaanderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . - Ecoregio’s en hot spots . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . - Wettelijke bescherming en soorten van internationaal belang. . . . . . . . . . . . . . . .
93 93 94 94
15. Korstmossen met de Kempen. Doordat het Brabants district gedeeltelijk in Wallonië ligt (tot aan de as Samber-Maas), is het aantal soorten in de Leemstreek vermoedelijk hoger geschat dan werkelijk het geval is. Uitspraken over trends zijn alleen te geven op basis van drie case-studies, waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen de toestand van de op schors groeiende korstmossen in de jaren '60 en in 1985 in de Denderstreek (CAEKEBEKE 1986), Midden-Limburg (QUANTEN 1986) en de Gentse Kanaalzone (VAN DER GUCHT & HOFFMANN 1990). Bij gebrek aan gegevens kunnen geen uitspraken worden gedaan over trends in op stenen groeiende en terrestrische korstmossen.
15. Korstmossen MAURICE HOFFMANN
De beschrijving van de toestand van de korstmossen in Vlaanderen vertrekt van de checklist van DIEDERICH et al. (in voorbereiding). Dit is de enige recente bron, die voor alle in Vlaanderen voorkomende soorten een indicatie geeft van de zeldzaamheid. Deze checkist is gebaseerd op waarnemingen, herbariummateriaal en literatuurgegevens. Voor onderstaande bespreking werden de gegevens in deze checklist aangevuld met soorten en/of verbeterd op hun zeldzaamheidsgraad aan de hand van een groot aantal ongepubliceerde licentiaatsverhandelingen van de Universiteit Gent (Laboratorium Plantkunde), de excursieverslagen (gepubliceerd in het tijdschrift Muscillanea) en gegevens van de Vlaamse Werkgroep Bryologie, en door eigen veldwaarnemingen en determinatie van herbariummateriaal in het herbarium van de Universiteit Gent. DIEDERICH et al. (in voorbereiding) geven voor elke soort een indicatie van de zeldzaamheid op basis van het aantal waarnemingen van de soort in één van de fytogeografische districten. Deze districten komen niet perfect overeen met de in dit natuurrapport gehanteerde ecoregio's, maar vertonen hiermee een vrij grote overeenkomst. Het Maritiem district omvat de ecoregio's Duinen en Polders, het Vlaams district komt grotendeels overeen met de Vlaamse Zand- en Zandleemstreek, het Brabants district omvat de Leemstreek en het Kempens district valt samen
Soortenaantal en veranderingen in status - Vlaanderen In Vlaanderen werden maximaal 338 soorten korstmossen waargenomen waarvan er 50 als uitgestorven moeten worden beschouwd. Het merendeel van de uitgestorven soorten wordt al sinds het begin van deze eeuw niet meer waargenomen. Wanneer men dit maximaal aantal vermindert met het aantal soorten dat uitsluitend in het Brabants district werd waargenomen en waarvan het onbekend is of ze in het Vlaamse deel van dat district (de Leemstreek) werden waargenomen, dan komt het aantal soorten dat ooit met zekerheid werd aangetroffen in Vlaanderen op 308. Hiervan zijn er inmiddels 35 uitgestorven, waardoor het huidig aantal soorten in Vlaanderen met zekerheid minstens 273 bedraagt (Tabel 15.1).
Tabel 15.1: Aantal soorten korstmossen per zeldzaamheidsklasse in Vlaanderen en in de fytogeografische districten. min. = zonder de soorten die alleen in het Brabants district werden waargenomen, max. = inclusief alle soorten in het Brabants district. Zeldzaamheidklasse
Vlaanderen
Maritiem
Vlaams
Brabants
Kempen
min
max
duin/polder
zantd/zandleem
Leem
Kempisch
Uitgestorven Uiterst zeldzaam (1-4 uurhokken) Zeer zeldzaam (5-9 uurhokken) Zeldzaam (20-73 uurhokken) Vrij zeldzaam (74-245 uurhokken) Vrij algemeen (246-491 uurhokken) Algemeen (492-736 uurhokken) Zeer algemeen (737-982 uurhokken) Niet gekwantificeerd
35 104 51 59 24 13 14 8 -
50 117 53 59 24 13 14 8 -
10 52 29 21 14 6 10 21 10
27 56 31 12 18 5 12 18 5
32 64 31 20 26 9 11 9 5
9 31 39 14 16 15 8 9 26
Aantal bedreigde soorten Totaal aantal exclusieve soorten Totaal aantal soorten
155 308
170 338
81 41 173
87 26 184
95 41 207
70 34 167
Instituut voor Natuurbehoud Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid
93
15. Korstmossen Aangezien nog geen Rode Lijst voor de kortsmossen bestaat, wordt de verdeling van het aantal soorten korstmossen alleen per zeldzaamheidsklasse (Figuur 15.1) gegeven. Deze categorieën komen dus niet overeen met de reguliere Rode-Lijstcategorieën. Desalniettemin kan globaal en in afwachting van een betere definitie na het opstellen van een Rode Lijst, gesteld worden dat de categorieën uiterst zeldzaam en zeer zeldzaam in ieder geval tot de in meer of mindere mate bedreigde soorten behoren en dus als Rode-Lijstsoorten te interpreteren zijn. Iets meer dan 10% van de korstmossen in Vlaanderen is uitgestorven en ongeveer de helft is uiterst tot zeer zeldzaam. Slechts 11% van de soorten kan als algemeen of zeer algemeen worden beschouwd. Van de epifytische korstmossen moet uit de vergelijkende studies tussen jaren zestig en jaren tachtig (zie boven) worden vastgesteld dat een sterke tot zeer sterke achteruitgang is opgetreden. Zeer recent lijkt zich echter, vooral in jonge habitats zoals recent ontwikkelde wilgenbroekbossen, een verbetering in de epifytische korstmosflora voor te doen.
Ecoregio's en hot spots In de vier vermelde fytogeografische districten is het aantal waargenomen korstmossen onderling erg vergelijkbaar (Tabel 15.1). Het aantal exclusieve soorten per district vertoont wel enige verschillen. Uit de gegevens blijken vooral het Maritiem en Brabants district een groot aandeel eigen soorten te vertonen, wat aangeeft dat deze districten habitats omvatten, die enkele specifieke korstmossen herbergen. Epifytische korstmossoorten zijn relatief slecht vertegenwoordigd in de Kempen, terwijl hier bodembegroeiende soorten dan weer sterk vertegenwoordigd zijn. Het Kempisch gedeelte van Vlaanderen is dan ook de Cladonia-rijkste (Rendier- en Bekermossenrijkste) regio. Algemene vereiste voor korstmos hot-spots is voedselarmoede. Korstmossen zijn zeer weinig competitieve organismen, die bij lage voedsel-, vocht- of ruimtestress het onderspit delven ten opzichte van mossen en vooral hogere planten. Vandaar dat schrale habitats, zoals droge kalkgraslanden, kalkrijke droge mosduinen en duingraslanden, maar vooral ook droge heiden, heischraalgraslanden en open, schrale bossen belangrijke korstmosbiotopen zijn. Die moeten vooral worden gezocht in de Vlaamse kustduinen (met nadruk op de oppervlakkig verzuurde duinen) en in het Kempisch gedeelte van Vlaanderen. Epifytische korstmossoorten zijn vooral gediend met een lage luchtvervuilingsgraad (kuststreek, zuidelijk deel van de leemstreek) en een permanent hoge relatieve luchtvochtigheid (zelfde regio's). Hot spots voor deze groep van korstmossen zijn de kustduinen, de maritieme polders en de grote boscomplexen in de leemstreek. Met name de boomkruinen in deze bossen kunnen een vaak verborgen
blijvende rijke korstmosflora herbergen. Belangrijke nieuwe korstmosrefugia betreffende epifyten zijn onder meer recente wilgenbroekbossen, geschikt omwille van hun relatief korte vervuilingshistoriek (korte periode van blootstelling aan luchtvervuiling) en hun hoge luchtvochtigheid. Hot spots voor steenbewonende korstmossen zijn vooral oude kunstmatige steensubstraten (vaak in het stedelijk milieu), zoals voorkomend op oude kerkhoven (Brugs kerkhof te Steenbrugge, Dieweg te Ukkel, enz.), oude gebouwen, zoals kerken (Damme), kapellen (Vlaamse Ardennen) en stadsmuren (Menenpoort, Ieper). Hoewel dit soort substraten vaak in sterk luchtvervuilde, stedelijke gebieden voorkomt, hebben steenbewonende korstmossen soorten, door de bufferende werking van het substraat ten opzichte van het verzurend effect van de luchtvervuiling, hiervan minder te lijden dan schorsbewonende.
Wettelijke bescherming en soorten van internationaal belang Van de korstmossen zijn in Vlaanderen alleen de soorten van het genus Cladonia subgen. Cladina (Rendiermossen) beschermd tegen oogsten, vervoeren of uitvoeren voor commerciële doeleinden. Geen van de in Vlaanderen voorkomende korstmossen is beschermd door de Habitatrichtlijn.
Instituut voor Natuurbehoud 94
Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid