IEDEREEN GELETTERD, IEDEREEN MEE
Advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, Wetstraat 34-36, 1040 Brussel W www.serv.be – T +32 2 209 01 11 – E info@serv.be
Adviesvraag
Advies op eigen initiatief
Decretale opdracht
SERV-decreet 7 mei 2004 art. 11 (overlegfunctie)
Goedkeuring raad
5 september 2022
Contactpersoon
Mieke Valcke
mvalcke@serv.be
2
De heer Ben WEYTS Vlaams minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand Kreupelenstraat 2 B-1000 Brussel
Brief geadresseerde
Iedereen geletterd, iedereen mee Mijnheer de minister De SERV werkt met volle overtuiging mee aan de Week van de Geletterdheid, die als thema geletterdheid in de werkcontext heeft. Een resultaatgericht activeringsbeleid en een inclusieve arbeidsmarkt vereisen aandacht voor geletterdheid. De SERV zet zich mee in voor extra arbeidsmarktkansen voor laaggeletterden en de groep burgers met geletterdheidsnoden, samen met alle geletterdheidspartners. De SERV merkt veel gedrevenheid en goodwill bij de partners van het Plan Geletterdheid. Gezien de hardnekkigheid van de laaggeletterdheid in Vlaanderen dringt de SERV aan op een krachtige verderzetting van het geletterdheidsbeleid en een opschaling van het (volgend) Plan Geletterdheid. Het is van belang de gedeelde verantwoordelijkheid over verschillende beleidsdomeinen te duiden en geletterdheid als een horizontaal thema aan te pakken. Hoogachtend Pieter Kerremans
Hans Maertens
administrateur-generaal
voorzitter
Kopie: minister van Werk dhr. Jo Brouns
Inhoud Krachtlijnen
5
Advies
6
1.
2.
3.
Plan Geletterdheid ‘17-‘24: gemengde resultaten ondanks de vele inspanningen
6
1.1
Ambitieuze strategische doelen
6
1.2
Resultaten streefcijfers zorgwekkend
7
1.3
Gedrevenheid en goodwill in de acties
9
‘Werk’ is een evident thema voor de Week van de Geletterdheid 10 2.1
Geletterdheid en werk: de cijfers
10
2.2
Geletterdheid en werk: iedereen nodig, iedereen mee
11
Aanbevelingen
13
3.1
Garandeer (basis)geletterdheid in het initieel onderwijs
13
3.2
Versterk de inspanningen in opleiding en werk en maak ze zichtbaar
14
3.3
Zet verder in op digitale geletterdheid
16
3.4
Bevorder samenwerking en co-creatie
17
3.5
Ga voor een opschaling van het Plan Geletterdheid
18
Bibliografie
20
4
Krachtlijnen •
Met volle overtuiging meewerken aan de Week van de Geletterdheid
Met de medewerking aan de Week van de Geletterdheid richt de SERV zich op extra arbeidsmarktkansen voor (anderstalige) laaggeletterden en de (grote) groep burgers met geletterdheidsnoden. Een resultaatgericht activeringsbeleid en een inclusieve arbeidsmarkt vereisen aandacht voor geletterdheid. • Hogere geletterdheid zorgt voor een win-win-win Laaggeletterdheid heeft een hoge kost, zeker in een kenniseconomie. Het is afdoende aangetoond dat investeren in geletterdheid een grote meerwaarde heeft voor werkzoekenden/werknemers, ondernemingen en de samenleving. •
Iedereen nodig, iedereen mee
Voor de Vlaamse sociale partners is geletterdheid een belangrijk thema (cfr. VESOC-Akkoord “Iedereen nodig, iedereen mee”’). Kortgeschoolden, laaggeletterden en mensen met specifieke geletterdheidsnoden kunnen bijdragen aan het invullen van de vele vacatures. •
Vijf werven voor geletterdheid in de werkcontext voor het (volgend) Plan Geletterdheid •
Garandeer (basis)geletterdheid in het initieel onderwijs. De SERV vraagt een veel hogere sense of urgency als het gaat over de uitstroom van laaggeletterde jongeren uit het secundair onderwijs.
•
Versterk de inspanningen in opleiding en werk en maak ze zichtbaar. De SERV vraagt een hoog ambitieniveau op het vlak van geletterdheid bij alle werkpartners. De website www.geletterdophetwerk.be moet uitgroeien tot een hub van informatie en voor het delen van goede praktijken.
•
Zet verder in op digitale geletterdheid. De SERV vraagt blijvende ingrepen en investeringen op vlak van digitale geletterdheid. Uit de Barometer Digitale Inclusie blijkt dat belangrijke kloven op basis van inkomens- en opleidingsniveau stand houden.
•
Bevorder samenwerking en co-creatie. De SERV vraagt om barrières voor samenwerking rond geletterdheid in de werkcontext verder in kaart te brengen en snel weg te werken.
•
Ga voor een opschaling van het Plan Geletterdheid. De SERV vraagt een Strategisch Plan Geletterdheid met meer impact en slagkracht. Geletterdheid is een gedeelde verantwoordelijkheid over verschillende beleidsdomeinen en een horizontaal thema.
5
Advies Het oude gezegde ‘met iemand kunnen lezen en schrijven’ betekende onder meer dat je met iemand kon opschieten en samen werken. ‘Kunnen lezen en schrijven’ was een kwaliteit die daarnaast ook betekende dat je tegen alles bestand was. Dit oude gezegde heeft niets aan waarde ingeboet, geletterdheid is meer dan ooit een relevant maatschappelijk thema. Van 5 tot 11 september 2022 is het de Week van de Geletterdheid, waarbij men dit en volgend jaar focust op het thema ‘werk’. De SERV werkt met volle overtuiging mee aan de Week van de Geletterdheid. De SERV ziet de campagneweek als de perfecte aanleiding voor een advies op eigen initiatief. Het SERV-advies: •
gaat kort in op de strategische doelen en resultaten van ‘het plan geletterdheid’;
•
motiveert de deelname van de SERV aan de campagne ‘week van de geletterdheid’;
•
doet een aantal aanbevelingen voor dit (en een volgend) Plan Geletterdheid.
1. Plan Geletterdheid ‘17-‘24: gemengde resultaten ondanks de vele inspanningen De jaarlijkse Week van de Geletterdheid is een actie uit het Strategisch Plan Geletterdheid 20172024. Het Strategisch Plan Geletterdheid zet de lijnen uit voor het geletterdheidsbeleid in Vlaanderen. ‘Geletterdheid omvat de competenties om informatie te verwerven, te verwerken en gericht te gebruiken. Dit betekent met taal, cijfers en grafische gegevens kunnen omgaan en gebruik kunnen maken van ICT. Geletterd zijn is belangrijk om zelfstandig te functioneren en te participeren in de samenleving en nodig om zich persoonlijk te ontwikkelen en bij te leren.’1
1.1 Ambitieuze strategische doelen Het Plan Geletterdheid 2017-2024 is het derde plan geletterdheid op rij. Er zijn vier strategische doelen gericht op een specifieke doelgroep en één algemene doelstelling, die elkaar onderling versterken:
1
Zie Strategisch Plan Geletterdheid 2017-2024
6
De Vlaamse sociale partners misten bij de goedkeuring van het plan in 2017 focus en middelen 2. Het Strategisch Plan Geletterdheid kent diverse vormen van rapportering. Er is 1) een monitoring van de streefcijfers uit het plan met een rapport in 2018 (nulmeting), in 2021 (tussentijdse evaluatie) en in 2023 (eindevaluatie) en van Vlaamse data over het volwassenenonderwijs en 2) een halfjaarlijks verslag over de uitvoering van activiteiten. De SERV stelt vast dat de resultaten van het Plan Geletterdheid een gemengd beeld laten zien.
1.2 Resultaten streefcijfers zorgwekkend De streefcijfers gekoppeld aan de strategische doelen geletterdheid blijven zorgwekkend, de resultaten van nationale en internationale onderzoeken stagneren of vertonen een dalende trend. De SERV geeft de streefcijfers m.b.t. onderwijs en werk uit het plan en de mate waarin deze, volgens de audit van 2021 en andere beschikbare cijfers, gerealiseerd zijn. Deze cijfers tonen voor de SERV de urgentie voor bijkomende acties om de strategische doelstellingen te realiseren.
2
Advies Strategisch Plan Geletterdheid 2017-2024; SERV, 20 november 2017
7
Alle jongeren en een groot deel van de volwassenen zijn geletterd en rekenvaardig tegen 2030; nog 10% van de bevolking tussen 16 en 65 jaar is laaggeletterd (zonder dat het plan afbreuk doet aan de doelstelling van het Pact 2020 dat een daling tot 3% vooropstelde). Ca 800.000 Vlamingen zijn onvoldoende geletterd om goed te kunnen functioneren in een opleiding, op het werk en in het maatschappelijk leven. Vooral laaggeschoolden, volwassenen met een lage sociaaleconomische status, ouderen, eerste generatie migranten, anderstaligen en niet-actieven lopen een risico op laaggeletterdheid. Volgens PIAAC (Programme for the International Assessment of Adult Competencies, 2012) is 15% van de Vlamingen laaggeletterd, 14% laaggecijferd en heeft 19% onvoldoende probleemoplossend vermogen om volwaardig te kunnen participeren. Voor de eerste twee vaardigheden deden we het beter dan het OESO-gemiddelde, voor het laatste significant slechter.
Minder dan 15% van de jongeren op 15-jarige leeftijd scoort minder dan niveau 2 voor leesvaardigheid en wiskundige en wetenschappelijke geletterdheid. Volgens de PISA-resultaten (Programme for International Student Assessment) bedroeg de score voor leesvaardigheid 13% in 2009, 17% in 2015 en 19% in 2018. Voor wiskunde blijft de groep die niveau 2 niet haalt constant 3. Maar voor wiskundige geletterdheid en wetenschappelijke geletterdheid neemt het aandeel laagpresteerders toe. 4
85% van de leerlingen uit het 2de jaar van de 3de graad in BSO haalt in 2024 de eindtermen voor functionele lees-, luister- en rekenvaardigheid. In 2013 was dit respectievelijk 38%, 39% en 39%, in 2021 respectievelijk 34%, 30% en 26% (Peiling Project Algemene Vakken).
De invloed van de socio-economische achtergrond op de prestaties van jongeren vermindert tot 12% voor leesvaardigheid en tot 13% voor wiskundige geletterdheid in 2024. Het aantal jongeren dat vroegtijdig de school verlaat wordt gehalveerd. Volgens de PISA resultaten was de impact van de familiale achtergrond voor beide vaardigheden 15,6% in 2015 en 17% in 2018, wat de kloof met het OESO-gemiddelde van 11,9% doet toenemen. Het aantal vroegtijdige schoolverlaters daalde in het schooljaar 2019-2020 tot 9,4%.
3
Samenvatting tussentijdse evaluatie 2021
4
https://data-onderwijs.vlaanderen.be/onderwijsonderzoek/project/1062 Zie presentatie door de onderzoekers.
8
Bij werkzoekenden en werkenden daalt het percentage laaggeletterden tot 9% in 2022 (volgende PIAAC meting). Bij de nulmeting in 2018 was 12% van de werkenden en werkzoekenden laaggeletterd (deze nulmeting baseert zich op cijfers van PIAAC in 2012).
1.3 Gedrevenheid en goodwill in de acties Het overzicht van de acties toont voor de SERV gedrevenheid en goodwill bij de partners van het Plan Geletterdheid. Enkele partners van het Plan Geletterdheid zijn: •
voor alle doelgroepen: Ligo, de Centra Basiseducatie en de Centra voor Volwassenenonderwijs; de Agentschappen Integratie en Inburgering en onderzoeksinstellingen;
•
voor de jongeren de pedagogische begeleidingsdiensten, de lerarenopleidingen en de onderwijsinspectie;
•
voor de ouders: de ouderkoepels en CLB’s en vanuit welzijn het Agentschap Opgroeien, de Gezinsbond en het Netwerk tegen Armoede;
•
voor werkzoekenden en werkenden de VDAB en de sectoren via de sectorconvenants;
•
voor mensen in armoede: het Netwerk tegen Armoede en Welzijnsschakels;
•
voor digitale geletterdheid: Mediawijs en VVSG;
Enkele acties uit het (jaarlijks) actieplan: •
webmodule voor het personeel van het Agentschap Opgroeien om laaggeletterdheid bij ouders te herkennen;
•
webinar voor ouderwerkingen rond duidelijke taal in communicatie met ouders;
•
voortraject Digibanken rond e-inclusie, project ‘Samen Digit@@l sterk’ gericht op kwetsbare werkzoekenden en werkenden, kwetsbare ouders en volwassenen in armoede;
•
voorbereiding ‘Geletterdheidsbad’ voor VDAB-instructeurs;
•
ontwikkeling website ‘omgaan met armoede en sociale uitsluiting in CBE’;
•
ambtelijk overleg Digitale agenda’s om de verschillende plannen rond digitalisering op elkaar af te stemmen.
9
2. ‘Werk’ is een evident thema voor de Week van de Geletterdheid De Week van de Geletterdheid is een jaarlijkse campagne om (laag)geletterdheid onder de aandacht te brengen, het geletterdheidsbeleid en geletterdheidsacties zichtbaar te maken en aan te zwengelen. De voorbije twee jaar focuste de campagne zich op het thema digitale geletterdheid. In 2022 en 2023 staat geletterdheidsversterking in de werkcontext centraal. Voor de Vlaamse sociale partners is geletterdheid een erg belangrijk thema. Dat blijkt ook uit het recente Vesoc-akkoord “iedereen nodig, iedereen mee”’. Een werkzoekende of een werknemer die geletterdheidsvaardigheden ontbreekt, zal immers moeilijker zijn of haar weg en plaats vinden op een (digi)talige arbeidsmarkt (raadplegen vacaturedatabank, een CV opstellen, een opleiding vinden).
2.1 Geletterdheid en werk: de cijfers Een aantal cijfers m.b.t. geletterdheid in de werkcontext zijn verontrustend en vragen om actie: •
15% van de volwassenen in Vlaanderen is laaggeletterd. Laaggeletterd betekent concreet dat ze lager scoren dan niveau 2 bij PIAAC5. Zij worstelen met zaken als prijzen vergelijken in de supermarkt, rekeningen betalen, kinderen helpen bij hun huiswerk, de bus nemen of formulieren invullen. 30% van de volwassenen haalt maar net het basisniveau. Zij kunnen zich wel uit de slag trekken, maar worden op kantelmomenten in hun leven of loopbaan geconfronteerd met problemen.
•
In 2013 slaagden ca 60% van de jongeren in de derde graad van het beroepsonderwijs niet voor het vak PAV (project algemene vakken). In 2022 was dat opgelopen tot gemiddeld 70% van de leerlingen die de eindtermen voor het vak ‘Project Algemene Vakken’ niet halen. Zij studeren wel af en kunnen aan de slag met hun vakbekwaamheid maar dreigen in de problemen te komen in hun dagelijks functioneren of op kantelmomenten in hun loopbaan6. Zij zijn kwetsbaarder op de arbeidsmarkt in termen van zelfredzaamheid en inzetbaarheid.
•
De cijfers variëren maar ca 1 op 8 (12%) van de werkzoekenden en werkenden kampt met geletterdheidsuitdagingen. Ca 50% van alle laaggeletterden is aan de slag, wat betekent dat er nog heel wat arbeidspotentieel is onder de laaggeletterden.
5
Binnen PIAAC wordt er gewerkt met een geletterdheidsschaal van zes niveaus. Het niveau onder 1 is het laagste niveau van geletterdheid, niveau 5 het hoogste. PIAAC definieert niveau 2 als de benchmark voor functionele geletterdheid. Volwassenen die onder dit niveau presteren, worden beschouwd als laaggeletterd en beschikken niet over de vaardigheden om volwaardig deel te nemen aan de moderne maatschappij. Bron: Geletterdheid in Vlaanderen, gewikt en gewogen’ pag. 14
6
https://weliswaar.be/welzijn-zorg/de-maatschappij-mag-laaggeletterden-niet-de-steek-laten
10
Wat de vraagzijde van de arbeidsmarkt betreft blijkt uit het vacaturebericht van VDAB van
•
juli 2022 dat er in de laatste 12 maanden een toename was van 42% in het aantal vacatures voor kortgeschoolden, dat is de grootste stijging (middengeschoold +26%, hooggeschoold + 36%). Vooral in de sectoren ontspanning, cultuur en sport, overige dienstverlening, horeca en toerisme, primaire sector en de metaalsector zijn veel extra handen nodig.
2.2 Geletterdheid en werk: iedereen nodig, iedereen mee Met de medewerking aan de Week van de Geletterdheid richt de SERV zich op extra arbeidsmarktkansen voor (anderstalige) laaggeletterden en de (grote) groep burgers met geletterdheidsnoden: een resultaatgericht activeringsbeleid vereist aandacht voor geletterdheid. Het gaat meer concreet over het (weer) aan de slag krijgen van laaggeletterde inactieven, werkzoekenden en het duurzaam aan het werk houden van werknemers. Hogere geletterdheid is een win-win-win Laaggeletterdheid heeft een hoge kost, zeker in een economie met een hoog kennisniveau en veel technologische innovatie 7. Het is afdoende aangetoond dat investeren in geletterdheid een grote meerwaarde heeft voor werknemers, ondernemingen en de samenleving: •
lagere maatschappelijke kosten: lagere zorgkosten, meer inkomsten uit werk;
•
een lagere foutenmarge: taalproblemen zijn de oorzaak van één op de tien zware ongelukken in de procesindustrie;
•
de versterking van de leercultuur: werknemers halen sneller certificaten;
•
een hogere werkbaarheid: meer zelfvertrouwen, trots en plezier in het werk.
Voor de SERV is aandacht voor geletterdheid een randvoorwaarde om de afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen en de activeringsinitiatieven te doen slagen. Laaggeletterdheid heeft namelijk een grote impact op loopbanen. Laaggeletterden ontbreken vaker andere sleutelcompetenties en schoolse vaardigheden die verband houden met zelfregulering, zoals probleemoplossend vermogen, aanpassingsvermogen en sociale vaardigheden.8 Door de band genomen zijn zij minder zelfredzaam en missen ze ook de (digi)talige vaardigheden om andere competentieversterking aan vast te haken. Zij nemen ook minder deel aan opleidingen. Het is daarbij van belang om burgers te emanciperen om zichzelf te ontwikkelen zodat zij ook vaker zelf de stap naar opleidingen zetten.
7
https://www.tijd.be/opinie/algemeen/de-factuur-voor-de-toenemende-laaggeletterdheid-betalen-wij-allemaal/10000188.html
8
Schiepers & Van Nuffel, 2017.
11
De SERV stelt dan ook dat: •
extra acties (zie bij 3.) nodig zijn voor een duurzame werkintegratie omdat kortgeschoolden nog oververtegenwoordigd zijn in de werkloosheid; kortgeschoolden, laaggeletterden en mensen met specifieke geletterdheidsnoden kunnen bijdragen aan het invullen van de vele vacatures; een inclusieve arbeidsmarkt betekent dat er geïnvesteerd wordt in geletterdheid op de werkvloer;
•
het versterken van geletterdheidscompetenties op de werkvloer inspanningen en tijd vraagt van de lerende en de mentor/begeleider maar voordelen heeft voor de werknemer én de werkgever: •
wat je als werknemer leert op de werkvloer is direct bruikbaar: vlotter overleggen met collega’s, machines veilig bedienen, technische handelingen sneller begrijpen, wat zorgt voor een hoger welbevinden binnen de job en lager personeelsverloop;
•
werknemers kunnen mee(r), wat ook goed is voor de onderneming: zoals mee zorgen voor efficiëntie, kwaliteit en veiligheid, dat draagt bij aan een verhoogde productiviteit en efficiëntiewinsten voor de werkgever.
•
werken aan geletterdheid in een werkcontext is geen verantwoordelijkheid van ondernemingen alleen en ook werkgevers hebben nood aan ondersteuning (partners, incentives) om hierrond te werken.
Video CV als verfrissend sollicitatiemiddel Een toegankelijk aanwervingsbeleid, laagdrempelige opleiding en goed uitgebouwde ondersteuning op de werkvloer kunnen de duurzame tewerkstelling van een brede en grote groep laaggeletterde burgers verhogen en zodoende de krapte op de arbeidsmarkt tegen gaan. De SERV vindt het video-CV een verfrissende manier en een extra kans voor laaggeletterde werkzoekenden om zich aan te bieden bij een sollicitatie. Het houdt competenties in zoals je zelf presenteren, omgaan met media en digitale tools. In sommige (creatieve) sectoren wordt het al gebruikt. Ook sommige sectorfondsen gaan er mee aan de slag9. Het is positief dat opleidingsinstellingen (vb. Ligo) en toeleiders (vb. VDAB) dit aanbieden en dat sectoren en ondernemingen hier voor open staan, voor alle profielen. Uiteraard blijven ook de andere manieren om zich aan te bieden voor een vacature gelden (een gesprek, een brief met CV, interim, ...).
9
https://vorm-dc.be/tools/cv-clip-make-it/
12
3. Aanbevelingen De SERV ziet voor wat betreft de geletterdheid in een werkcontext vijf ‘werven’ voor het huidige en een volgend plan geletterdheid: het garanderen van basisgeletterdheid in het initieel onderwijs, het versterken van de inspanningen in opleiding en werk, verder inzetten op digitale geletterdheid, samenwerking en co-creatie bevorderen en het opschalen van het Strategisch Plan Geletterdheid.
3.1 Garandeer (basis)geletterdheid in het initieel onderwijs De SERV vraagt een hogere sense of urgency als het gaat over de uitstroom van laaggeletterde jongeren uit het secundair onderwijs. De geletterdheidsproblematiek bij (jong)volwassenen is deels terug te voeren naar het onvoldoende of niet bereiken van de eindtermen basisgeletterdheid in het secundair onderwijs. Er gebeurt héél veel in en voor het onderwijs en er staat nog heel wat in de steigers dat moet bijdragen aan meer geletterdheid waaronder de nieuwe eindtermen, de Vlaamse toetsen en een nieuw Actieplan Vroegtijdig Schoolverlaten. De impact van deze beleidsmaatregelen is afhankelijk van nog te nemen beslissingen omtrent de eindtermen en zal hoe dan ook pas over enige tijd merkbaar zijn. Voor de SERV zijn volgehouden en bijkomende inspanningen en maatregelen nodig voor een vaardighedengarantie10, zoals: •
afdoende en dringende oplossingen voor het lerarentekort (voor wiskunde en Nederlands, digitale en STEM-competenties) zodat het aantal laaggeletterden daadwerkelijk afneemt;
•
de uitbouw van een sterk én kwalitatief beroepsonderwijs zodat alle jongeren geletterd en vakbekwaam starten aan hun zoektocht naar werk;
•
een versterking van het taalonderwijs: taal is de toegangspoort naar de meest essentiële vaardigheden voor de samenleving en de arbeidsmarkt. Het Vlaams Talenplatform wil een verankering van taaluren in het secundair onderwijs, een correcte vertaalslag van de eindtermen naar leerplannen en handboeken, de professionalisering van (vak)leraren en een erkenning van het maatschappelijk belang van taalonderwijs als basis voor geletterdheid, interculturele communicatie en maatschappelijke integratie;
•
het meer benutten van het aanbod basisgeletterdheid van de Pedagogische Begeleidingsdiensten; uit de Onderwijsspiegel 2022 blijkt dat er minder belangstelling is voor het ondersteuningsaanbod rond basisgeletterdheid;
10
‘De transitie naar een digitale samenleving. Aanbevelingen en actie.’, SERV, 4 juli 2018, pag. 22
13
verder werk maken van de acties uit het Leesoffensief, gelanceerd in 202111, de idee achter
•
dit initiatief is dat we het ons niet kunnen veroorloven om de dalende cijfers voor leesvaardigheid en leesmotivatie te negeren. Leesvaardigheid vormt de hoeksteen van de moderne kennis- en informatiemaatschappij, van een economisch bloeiende, gezonde, creatieve, welvarende en democratische samenleving; het behoud van digitale geletterdheid in de (nieuwe) eindtermen en de versterking van di-
•
gitale vaardigheden bij leerkrachten12; het investeren in basisgeletterdheid bij ouders van schoolgaande kinderen, zodat ze hun
•
kinderen de nodige ondersteuning kunnen bieden doorheen de schoolloopbaan het werk maken van een nieuw plan rond vroegtijdig schoolverlaten.
•
3.2 Versterk de inspanningen in opleiding en werk en maak ze zichtbaar De SERV vraagt een hoog ambitieniveau op het vlak van geletterdheid bij alle werkpartners. Domeinen voor actie zijn onder meer sensibilisering en bewustwording alsook toeleiding, ondersteuning en geïntegreerde opleidingen. De ‘Week van de Geletterdheid 2022’ moet een boost geven aan de inspanningen van de werkpartners om het verschil te maken op vlak van toeleiding van laaggeletterde werkzoekenden en op vlak van integratie van geletterdheidstraining op de werkvloer. De website www.geletterdophetwerk.be moet uitgroeien tot een hub van informatie en voor het delen van goede praktijken. Nood aan bewustwording over geletterdheid op de werkvloer Sensibilisering en een groeiende bewustwording op werkvloeren bij werkgevers en collega’s zijn voor de SERV een cruciale eerste stap, geletterdheidsnoden op de werkvloer zijn immers vaak verdoken. Ook de laaggeletterde werknemers zelf kunnen daardoor aangemoedigd worden om zelf de stap naar een geletterdheidstraject te zetten (los van de werkvloer). Vanuit arbeidsmarktperspectief is geletterdheid ook niet meteen een herkenbaar begrip. Geletterdheid is veeleer een onderwijsbegrip in de manier waarop het gemeten wordt, de opdeling in niveaus en het geletterdheidsaanbod. Op de werkvloer wordt laaggeletterdheid niet als dusdanig herkend. De nadruk wordt er gelegd op functionele of jobgerelateerde geletterdheid.13 Het
11
Adviesnota ‘Een Leesoffensief voor Vlaanderen’, 2021, DO&V en DCJM
12
Advies Visienota ‘Digisprong. Van achterstand naar voorsprong’, SERV, 1 februari 2021
13
‘Geletterdheid op de werkvloer. Actiestrategieën en organisatiemodellen voor geletterdheidpraktijken op de werkvloer’, HIVA, 2007
14
knelpunt van herkenbaarheid is wellicht deels een verklaring voor het feit dat laaggeletterdheid geen evident thema is op de werkvloer. Het is zaak voor de SERV om dit bespreekbaar te maken in de onderneming (via de geëigende kanalen) en maximaal beroep te doen op partners uit het brede opleidingslandschap en op incentives: •
een belangrijke rol voor sensibilisering en bewustwording over geletterdheid is de onderneming zelf. Zij kunnen daarin ondersteund worden door de sectorfondsen. Geletterdheid is één van de thema’s in de sectorconvenants14, afgesloten tussen de sectoren en de Vlaamse overheid. Om de werking rond geletterdheid te versterken is het aangewezen dat sectorconsulenten en de medewerkers van Ligo elkaar blijven ontmoeten om samenwerking verder vorm te geven. Het geletterdheidsaanbod mag zich niet enkel richten op talige geletterdheid maar ook op cijfergeletterdheid en digitale vaardigheden;
•
het opsporen van de nood aan opleiding rond geletterdheid in bedrijven stuit op drempels. Het is niet eenvoudig acties op te zetten zonder te stigmatiseren. Leercoaches op de werkvloer kunnen hierop inspelen door een brug te vormen om 1) geletterdheidsnoden te identificeren, 2) ondersteuning te bieden en 3) verder actie te ondernemen, bv. toeleiding en opleiding;
•
de Vlaamse opleidingsincentives zouden meer bekend gemaakt kunnen worden (bij ondernemingen, bij werknemers, bij intermediairen) als een mogelijke ondersteuning voor de versterking van geletterdheid. Ook de competentiecheck voor werkenden zou ingezet kunnen worden voor het identificeren van geletterdheidsnoden bij volwassenen en begeleiding kunnen voorzien bij verdere acties.
Nood aan geïntegreerde ondersteuning en opleiding Naast de sectoren en Ligo heeft uiteraard ook de VDAB een aanzienlijke rol het versterken van laaggeletterden in een werkcontext nl. via de toeleiding van laaggeletterden naar werk via geïntegreerde ondersteuning en opleiding. Het recente talenplan ‘Vijf voor taal’ van VDAB van april 2021 stelt dat kennis van het Nederlands essentieel is om de positie op de arbeidsmarkt van anderstaligen of mensen met een taalachterstand te versterken. De VDAB zal bij werkzoekenden werk maken van een herhaalde taalinschatting, geïntegreerde trajecten beroeps- en taalopleiding voor anderstaligen en ondersteuning van werkgevers, waar mogelijk via kosteloze begeleidingstrajecten. De VDAB neemt ook nog tal van andere initiatieven in hun reguliere werking van arbeidsbemiddelaar15. De SERV vraagt om:
14
https://www.vlaanderen.be/sectorconvenants
15
Zie #Topteam van VDAB Antwerpen, 1 september 2022
15
•
ook te blijven inzetten op cijfergeletterdheid en digitale geletterdheid;
•
het ondersteuningsaanbod aan werkgevers voldoende te ontsluiten en actief te promoten16;
•
in het opleidingsaanbod (bv. IBO-taal) rekening te houden met en in te spelen op de drempels voor laaggeletterden om in te stappen in een beroepsopleiding;
•
de bestaande job- en taalcoaching verder te promoten en een uitbreiding van deze coaching naar andere geletterdheidsnoden te onderzoeken;
•
voldoende ondersteuning te voorzien voor laaggeletterde werkzoekenden om met een video-CV maar ook met andere sollicitatiekanalen aan de slag te kunnen gaan.
3.3 Zet verder in op digitale geletterdheid De SERV vraagt blijvende ingrepen en investeringen op vlak van digitale geletterdheid, de nood blijft immers groot en een minimale digitale geletterdheid is een noodzaak geworden in nagenoeg alle segmenten van de economie en samenleving. Door de coronapandemie is nog maar eens duidelijk geworden hoe groot de noden zijn op vlak van digitale infrastructuur en digitale vaardigheden. Dit heeft geleid tot aanzienlijke en broodnodige investeringen zowel in onderwijs, werk als in andere beleidsdomeinen (Digisprong, Digibanken, versterkt aanbod online opleidingen bij VDAB). Uit de nieuwe Barometer Digitale Inclusie blijkt dat belangrijke kloven op basis van inkomens- en opleidingsniveau in de periode 2019-2021 stand hielden ‘Het opleidingsniveau wordt steeds bepalender voor het gebruik van online dienstverlening en het verwerven van digitale vaardigheden. In een wereld van toenemende digitalisering zijn het de personen die het al goed hadden die ook meer voordeel halen uit de digitalisering.17. De SERV vraagt onder meer: •
de uitbouw van een sterk ICT-onderwijs;
•
blijvende investeringen in de noodzakelijke digitale vaardigheden, flankerend aan het voorzien van digitale infrastructuur; digitale geletterdheid heeft onder meer een invloed op de participatie aan levenslang leren; ‘de digitale vaardigheden die vereist zijn voor online-opleidingen, onlinesollicitaties en het schrijven van cv’s mensen voortdurend onder druk om hun digitale
16
https://werkgevers.vdab.be/nederlands-oefenen; https://www.diversiteitspraktijk.be/over-de-website); https://www.diversiteitspraktijk.be/artikels/hoe-organiseer-ik-een-vakopleiding-met-taalondersteuning-voor-anderstaligen
17
Koning Boudewijn Stichting, Barometer Digitale inclusie, september 2022
16
vaardigheden op peil te houden en ze ook te actualiseren. Dergelijke ervaringen kunnen voor veel mensen zowel uitputtend als stressvol zijn’18; •
extra inspanningen voor die doelgroepen die nog niet bereikt worden, in het bijzonder (laaggeletterde) werkenden, met opleidingen op maat die inzetten op specifieke digitale noden; digitale evoluties gaan snel, waardoor ook structureel moet worden ingezet op het op peil houden van digitale basiscompetenties;
•
een degelijke monitoring die de impact aantoont van alle investeringen en maatregelen op de digitale geletterdheid in Vlaanderen.
3.4 Bevorder samenwerking en co-creatie De SERV vraagt om barrières voor samenwerking rond geletterdheid in de werkcontext weg te werken. Ondanks openheid en goede wil stelt de SERV vast dat samenwerking tussen geletterdheidspartners, zoals de centra voor basiseducatie, en ondernemingen erg beperkt blijft. Oorzaken zijn onder meer de onbekendheid met het aanbod en barrières in de regelgeving en de financiering van het volwassenenonderwijs, in het bijzonder Ligo. De SERV vraagt werk te maken van •
een voldoende en divers aanbod aan geletterdheidsondersteuning en -opleidingen in een divers opleidingslandschap en met aandacht voor de noden van elke stakeholder en belanghebbende;
•
de bekendheid van het aanbod van Ligo en het volwassenenonderwijs en andere partners; uit de regioscans, die de centra Basiseducatie en de centra voor Volwassenenonderwijs dienden op te maken in het kader van Edusprong, kwam immers steeds weer naar voor dat de basiseducatie en het volwassenenonderwijs niet gekend zijn bij ondernemingen;
•
een aangepast regelgevings- en financieringskader, onder meer voor de centra voor basiseducatie, om werken aan geletterdheid op de werkvloer te vergemakkelijken;
•
een connectie met en uitvoering van bestaande agenda’s, zoals het Actieplan Levenslang Leren; het kan dan gaan om concrete maatregelen als de opname van indicatoren rond basisgeletterdheid in het monitoringsinstrument levenslang leren (LLL-dashboard), het inschakelen van brugfiguren voor leren (leercoaches) voor het toeleiden van potentiële doelgroepen naar een versterking van hun geletterdheid en een gecoördineerde aanpak van de digitale kloof.
18
Idem, pag. 63
17
3.5 Ga voor een opschaling van het Plan Geletterdheid De SERV pleit voor een opschaling van het (volgend) Plan Geletterdheid om meer impact en slagkracht te genereren. Het is van belang de gedeelde verantwoordelijkheid over verschillende beleidsdomeinen te duiden en geletterdheid als een horizontaal thema aan te pakken. Laaggeletterdheid is een complexe problematiek, er is niet één strategie of oplossing. Aanbevelingen van het Centrum voor Taal en Onderwijs waar volgens de SERV verder op ingezet kan worden zijn: •
een concrete invulling van het begrip geletterdheid afhankelijk van het doel, de doelgroep en de context en een brede aanpak van geletterdheid met functionele, algemene geletterdheidsprogramma’s;
•
co-creatie met andere levensdomeinen i.f.v. laagdrempelige informele en non-formele opstapmogelijkheden naar levenslang leren;
•
professionalisering van (vak)leerkrachten;
•
effectmeting van acties om een evidence-based beleid te kunnen voeren;
•
identificeren en verspreiden van goede praktijken.
Het Plan Geletterdheid wordt nu uitgevoerd door één personeelslid nl. de projectleider/coördinator van het plan die tewerkgesteld is bij VOCVO (Vlaams Ondersteuningscentrum voor het volwassenenonderwijs). Er is ondersteuning vanwege het Departement Onderwijs & Vorming à rato van 1/5 VTE. Voor de uitvoering van het plan an sich is dus budget voorzien voor personeel (1,2 VTE) en middelen voor de campagne Week van de Geletterdheid. De SERV stelt vast dat er heel wat (kleinschalige) initiatieven worden opgezet en dat de goodwill bij de partners van het Plan Geletterdheid groot is. De directe impact van het plan is echter moeilijk te meten en nog te weinig zichtbaar. De vier strategische doelen van het plan zijn gekoppeld aan nationale en internationale vergelijkende onderzoeken en deze vertonen een dalende trend of stagneren19. Werken aan geletterdheid in Vlaanderen is voor de SERV een mooi voorbeeld van een ecosysteem. Dat ecosysteem verdient volgens de SERV ondersteuning en versterking via een slagkrachtig Plan Geletterdheid dat over voldoende mensen en middelen beschikt om: •
er voor te zorgen dat geletterdheid een horizontaal thema is waarvoor alle beleidsdomeinen geresponsabiliseerd worden en dat er over verschillende sectoren/beleidsdomeinen wordt samengewerkt;
•
dat de er wordt samengewerkt om overlap te vermijden en dwarsverbindingen te leggen met andere initiatieven zoals het Partnerschap Levenslang Leren, het Kenniscentrum
https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/geletterdheid/plan-geletterdheid/wat-is-het-plan-geletterdheid, Zie de verschillende rapportages over het Plan Geletterdheid. 19
18
Digisprong en de STEM-Agenda (‘STEM4all’ waarin ook het geletterdheidsidee rond gecijferdheid en digitale vaardigheden in vervat zit); •
mee te zorgen voor up to date data over geletterdheid, het is een groot nadeel afhankelijk te zijn van oude PIAAC-cijfers en recente cijfers voor Vlaanderen te missen. Voor de opvolging en evaluatie van het plan (en de opmaak van een nieuw plan) moeten er bijkomende cijfers verzameld worden ofwel moet de looptijd van het Plan Geletterdheid afgestemd worden op de PIAAC-timing; ook VDAB speelt daarbij een rol, momenteel vermeldt VDAB via Arvastat cijfers over werkzoekenden zonder werk ‘met‘weinig kennis van het Nederlands’, de andere dimensies worden echter niet vermeld (gecijferdheid en digitale geletterdheid);
•
aan de kar te trekken van bv. een geletterdheidstoets bij nieuwe maatregelen zoals de leeren loopbaanrekening, en die toetsen op hun toegankelijkheid voor laaggeletterden;
•
mee te waken over een groot bereik van geletterdheidsacties en een voldoende groot aanbod alsook het uitbouwen van thematische werkingen, bv. rond geletterdheid en werk;
•
informatie over beleidsmaatregelen, concrete acties op het terrein en ondersteuningsmogelijkheden alsook expertise te ontsluiten voor burgers, organisaties en ondernemingen;
•
de barrières voor samenwerking tussen geletterdheidspartners, zoals Ligo, de Centra voor Basiseducatie, en ondernemingen in kaart te brengen en voorstellen te doen om ze weg te werken en de partners en belanghebbenden aan te spreken, samen te brengen en te ondersteunen.
Een team dat instaat voor het Plan Geletterdheid kan zorgen voor de nodige continuïteit, meer bewustwording en kennis en een verdieping en verankering van het thema geletterdheid.
19
Bibliografie Centrum voor Taal en Onderwijs, Geletterdheid in Vlaanderen gewikt en gewogen. Recepten voor een krachtig geletterdheidsbeleid, 2017 Departement Onderwijs & Vorming en Departement Cultuur Jeugd en Media Adviesnota Een Leesoffensief voor Vlaanderen, 2021 Departement Werk en Sociale Economie, Onderzoeksrapport ‘Customer journeys van participerende en niet-participerende burgers aan levenslang leren’, december 2021 HIVA, ‘Geletterdheid op de werkvloer. Actiestrategieën en organisatiemodellen voor geletterdheidpraktijken op de werkvloer’, 2007 Koning Boudewijn Stichting, Barometer Digitale inclusie, september 2022 Partnerschap Levenslang Leren, Actieplan levenslang leren. Koers zetten naar een lerend Vlaanderen, december 2021 SERV, De transitie naar een digitale samenleving. Aanbevelingen en actie, 4 juli 2018 SERV, Advies Visienota Digisprong. Van achterstand naar voorsprong, SERV, 1 februari 2021 SERV, Advies Strategisch Plan Geletterdheid 2017-2024, 20 november 2017 VDAB, Vacaturebericht juli 2022 VDAB, Vijf voor Taal, 22 april 2021 Vlaamse Regering, Strategisch Plan Geletterdheid 2017-2024, september 2017
20