Skip to main content

dossier 2017-250.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2017/250

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie afdeling openbaarheid van bestuur Boudewijnlaan 30 bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 F : 02 553 57 02 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2017/250

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Gelet op het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur; Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie; Gelet op het oorspronkelijke verzoek van xxx d.d. 28 september 2017 gericht aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten (hierna AGODI), waarbij werd verzocht om afschrift te verlenen van volgende documenten van de instelling GO! atheneum Tongeren (instellingen: 44537): “Doc. RL-1 van xxx, RL-1 van xxx, RL-1 van xxx en RL-1 xxx. Schooljaar 2017-2018”; Gelet op de beslissing van AGODI d.d. 12 oktober 2017 waarbij een afschrift van de gevraagde documenten werd geweigerd; Gelet op het verzoek tot heroverweging van xxx d.d. 12 oktober 2017; Gelet op de beslissing van AGODI d.d. 13 oktober 2017 waarbij de weigeringsbeslissing om een afschrift te verlenen werd herhaald; Gelet op het beroepschrift van xxx d.d. 15 oktober 2017 tegen de voormelde weigeringsbeslissing van AGODI; Gelet op de registratie van het beroepschrift op 16 oktober 2017;

Wat de ontvankelijkheid betreft: Overwegende dat de bestreden beslissingen van AGODI dateren van 12 en 13 oktober 2017 en dat daarbij het in artikel 22 van het openbaarheidsdecreet bepaalde recht van beroep en de te eerbiedigen termijn en modaliteiten niet werden vermeld; dat de termijn om beroep in te stellen door gebrek aan vermelding van

www.vlaanderen.be


beroepsmogelijkheden overeenkomstig artikel 35, tweede lid van het openbaarheidsdecreet een aanvang neemt vier maanden nadat de betrokkene van de beslissing in kennis werd gesteld; dat het beroepschrift d.d. 15 oktober 2017 bijgevolg tijdig werd ingesteld; Overwegende dat het beroepschrift ontvankelijk is;

Wat de gegrondheid betreft: Overwegende dat overeenkomstig artikel 7, tweede lid van het openbaarheidsdecreet het recht op passieve openbaarheid betrekking heeft op bestuursdocumenten; dat op grond van deze bepaling elke instantie in principe verplicht is aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten; Overwegende dat de openbaarmaking slechts geweigerd kan worden, mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen 11 tot en met 15 van voormeld decreet; Overwegende dat verzoeker in zijn oorspronkelijke aanvraag verzocht om afschrift van volgende documenten van de instelling GO! atheneum Tongeren (instellingen: 44537): “Doc. RL-1 van xxx, RL-1 van xxx, RL-1 van xxx, RL-1 van xxx en RL-1 xxx. Schooljaar 2017-2018”; Overwegende dat de beroepsinstantie, om met kennis van zaken te kunnen oordelen, bij mailberichten dd. 16, 25 en 27 oktober 2017 AGODI om toelichting heeft aangeschreven; Overwegende dat AGODI per mails van 20 oktober en 3 november 2017 de beroepsinstantie heeft geïnformeerd en de betrokken documenten heeft overgemaakt; dat het thans aan de beroepsinstantie toekomt om ten gronde te oordelen; Overwegende dat uit de ingewonnen informatie door de beroepsinstantie is gebleken dat AGODI weigert om de gevraagde documenten RL-1 openbaar te maken, in toepassing van artikel 13, 2° van het openbaarheidsdecreet; dat luidens dit artikel de in artikel 4 genoemde instanties een aanvraag tot openbaarmaking, voor zover die geen betrekking heeft op milieu-informatie, moeten afwijzen “als de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, tenzij de betrokken persoon met de openbaarmaking instemt”; Overwegende dat, hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, de in artikel 13, 2° bedoelde uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect vertoont; dat de decreetgever weliswaar van oordeel was dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar er desondanks op wijst dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St., 2002-2003, nr. 1732/1, blz. 25);

////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// www.vlaanderen.be/openbaarheid

uitspraak beroepsinstantie OVB/2017/250

pagina 2 van 4


Overwegende dat artikel 22 van de Grondwet uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven waarborgt; dat de bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel 13, 2° van het openbaarheidsdecreet bedoelde uitzonderingsgrond er precies in bestaat om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op eerbiediging van zijn privéleven te beschermen; Overwegende dat de door xxx gevraagde documenten RL-1 o.a. volgende gegevens bevatten: naam, voornaam, stamboeknummer (d.i. een reeks van 11 cijfers, waarvan het eerste cijfer 1 (man) of 2 (vrouw) is, gevolgd door het geboortejaar, -maand en -dag en tot slot een aantal controlecijfers), reden van dienstonderbreking en door wie en voor welke periode men vervangen wordt; dat deze gegevens ontegensprekelijk behoren tot het privéleven van de betrokkenen; dat het privéleven de kern vormt van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61); dat het openbaar maken van deze gegevens aldus betrekking heeft op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel 13, 2°, van het openbaarheidsdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016); dat de gevraagde documenten RL-1 voor het overige gegevens bevatten over de instelling (nummer instelling, naam, adres en telefoon), alsook het takenpakket van de betrokkenen met daarin o.a. de ingangs- en einddatum van de opdracht, het aantal uren/week, het vak/ambt en de onderwijsvorm; Overwegende dat in casu xxx een afschrift vraagt van het document RL-1 van welbepaalde personen en zelf reeds de namen en voornamen van deze personen aangeeft; dat de openbaarmaking van deze gegevens bijgevolg niet meer geweigerd kan worden omwille van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer; Overwegende dat de beroepsinstantie van oordeel is dat het stamboeknummer en de dienstonderbrekingen en vervangingen inderdaad behoren tot de persoonlijke levenssfeer van natuurlijke personen; dat de vrijgave van deze gegevens in casu afbreuk zou doen aan de persoonlijke levenssfeer van de betrokken natuurlijke personen en derhalve niet voor openbaarmaking in aanmerking komen; dat er voor de overige gegevens in de documenten RL-1 geen van de in het openbaarheidsdecreet voorziene uitzonderingen kunnen worden ingeroepen om de openbaarheid ervan te weigeren; Overwegende dat artikel 13, 2° van het openbaarheidsdecreet evenwel de mogelijkheid voorziet om alsnog de openbaarheid te bekomen, mits toestemming van de betrokkenen wiens gegevens behoren tot zijn of haar persoonlijke levenssfeer; dat het openbaarheidsdecreet eveneens voorziet dat de beroepsinstantie de betrokkene hiervoor contacteert, indien de bestuursinstantie het niet zelf heeft gedaan, wat in casu is gebleken uit het onderzoek; dat het voor de beroepsinstantie niet mogelijk is om de betrokkenen te contacteren aangezien zij niet over hun contactgegevens beschikt; Overwegende dat de beroepsinstantie daarom van oordeel is dat, in toepassing van artikel 13, 2° van het openbaarheidsdecreet, de openbaarmaking van voormelde gegevens niet kan worden toegestaan; dat het in casu wel evenwel perfect mogelijk is om deze gegevens, in toepassing van artikel 9 van het openbaarheidsdecreet af te scheiden van de informatie die wel openbaar gemaakt mag worden;

////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// www.vlaanderen.be/openbaarheid

uitspraak beroepsinstantie OVB/2017/250

pagina 3 van 4


Overwegende dat het beroepsschrift als gedeeltelijk gegrond moet worden beschouwd; Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 15 oktober 2017 tegen de weigeringsbeslissing van AGODI wordt als ontvankelijk en gedeeltelijk gegrond beschouwd. Bijgevolg dienen de documenten RL-1 van xxx voor het schooljaar 2017-2018 openbaar te worden gemaakt door er een afschrift van te verstrekken, met uitzondering van volgende gegevens: - Stamboeknummer; - dienstonderbrekingen en vervangingen. Brussel, 9 november 2017 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// www.vlaanderen.be/openbaarheid

uitspraak beroepsinstantie OVB/2017/250

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2017-250.pdf by Vlaanderen-be - Issuu