Skip to main content

Mobiliteitsbrief_216.pdf

Page 1

Mobiliteitsbrief voor een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid

nr 216 · februari 2021

verschijnt maandelijks behalve in juli en augustus P 309279 Afgiftekantoor Gent

Masterplan Toegankelijkheid

DE LIJN

Op 20 november 2020 lanceerde minister Lydia Peeters het Masterplan Toegankelijkheid. Dat is een actieplan om de halte-infrastructuur van het openbaar vervoer tegen 2030 meer toegankelijk te maken. Het plan kadert in de nieuwe Vlaamse mobiliteitsvisie van basisbereikbaarheid.

interview

50% van de haltes van het kern- en aanvullend net toegankelijk tegen 2030 Wat staat er in het Masterplan Toegankelijkheid? “Kort samengevat: tegen 2030 moet de helft van de haltes van het kernnet en aanvullend net toegankelijk zijn. Alle haltes die opgenomen zijn in een Hoppinpunt (vervoersknooppunt) moeten tegen diezelfde deadline autonoom toegankelijk zijn voor personen met een motorische en visuele beperking. De uitrol van het plan wordt afgestemd op de vastlegging van de haltes van het kern- en aanvullend net in het nieuw openbaarvervoernetwerk. Deze doelstellingen willen we bereiken door haltes langs gewestwegen versneld toegankelijk te maken, maar ook door de lokale besturen te stimuleren en te ondersteunen om de haltes langs gemeentewegen aan te pakken. Daarom werd het masterplan uitgewerkt door een werkgroep met vertegenwoordigers van VVSG, AWV, Inter (het Vlaams expertisecentrum voor toegankelijkheid en Universal Design), het Departement MOW en De Lijn.” Hoeveel haltes zijn nu al toegankelijk? “Slechts 13,2% van de haltes zijn autonoom toegankelijk voor personen met een

motorische beperking. 6,6% is uitgerust met tactiele geleiding voor personen met een visuele beperking. De grootste uitdaging ligt bij de vele gemeentelijke wegbeheerders. Zij hebben vandaag het grootste aandeel van de haltes in beheer, waarvan een kleiner aandeel toegankelijk is aangelegd. Ongeveer een derde van de haltes ligt langs gewestwegen. Daarvan is 17,3% toegankelijk voor personen met een motorische beperking. Ongeveer twee derde van de haltes ligt langs gemeentewegen. Daarvan is 10,4% toegankelijk voor personen met een motorische beperking. Uit de cijfers blijken wel regionale verschillen. Zo beschikken stedelijke gebieden over een groter aandeel toegankelijke haltes.” Welke inspanningen deed De Lijn zelf al om de toegankelijkheid te verbeteren? “De Lijn investeert al jaren systematisch in toegankelijke voertuigen. Eind 2020 was 99% van onze eigen bussen en 88% van de bussen van onze exploitanten toegankelijk. Van de trams was eind 2020 56% toegankelijk. Conform de beheersovereenkomst zal 85% toegankelijk zijn tegen 2025. Daarnaast

DE LIJN

De Lijn monitort al vier jaar de toegankelijkheidsstatus van de haltes via een haltebeheertool. “Daaruit blijkt dat er weinig vooruitgang is, en dat er extra maatregelen nodig zijn”, zegt Eddy Gielis van De Lijn. “Met het Masterplan Toegankelijkheid, dat in de beleidsnota Mobiliteit en Openbare werken werd vooropgesteld, kunnen we dat probleem nu versneld aanpakken.”

Eddy Gielis, toegankelijkheidsmanager De Lijn: “Eind 2020 was 99 % van onze eigen bussen en 56 % van onze trams toegankelijk.”

monitort De Lijn sinds 2017 de toegankelijkheidsstatus van haltes. De toegankelijkheidsstatus van elke halte wordt berekend op basis van zes indicatoren die de halteploegen ter plaatse meten via een haltebeheertool. Op basis van die input krijgt de halte automatisch een toegankelijkheidsstatus. Daarin maken we een onderscheid tussen: (1) toegankelijk voor personen met een motorische beperking, (2) toegankelijk voor personen met een motorische beperking mits assistentie van begeleider en (3) toegankelijk voor personen met een visuele beperking. Deze informatie is ook gelinkt met de reizigersinformatie. De routeplanner op de website en de app van De Lijn toont vandaag al of de halte toegankelijk is met symbolen, die ook op de halteborden staan. Ook de mobiliteitscentrale zal, als toekomstige bron van reisinformatie, de toegankelijkheidsinfo meegeven. Zo kunnen reizigers de informatie gebruiken tijdens hun reis of bij de voorbereiding van hun verplaatsing.” Een samenvatting van de doelstellingen van het Masterplan Toegankelijkheid vind je op pagina 2.


Inter

Drie goede redenen om meer haltes toegankelijk te maken

Doelstellingen van het Masterplan Toegankelijkheid

Basisbereikbaarheid geldt voor iedereen. Dat stelt het Vlaamse regeerakkoord. Iedereen wil zeggen voor mensen van elke leeftijd, in alle omstandigheden, met of zonder een handicap. Marcel Wijnker van Inter, het Vlaams expertisecentrum voor toegankelijkheid en Universal Design, benadrukt het belang van toegankelijke haltes voor iedereen. Hij geeft drie goede redenen om zo veel mogelijk haltes toegankelijk te maken.

■ 100% van de haltes bij een Hoppinpunt (vervoersknooppunt) zijn autonoom toegankelijk voor personen met een motorische en visuele beperking tegen 2030. ■ Nieuwe haltes bij een Hoppinpunt worden meteen toegankelijk aangelegd.

INTER

■ 50% van de haltes van het kernnet en aanvullend net moet toegankelijk zijn tegen 2030. Zo kunnen ongeveer 70% van de reizigers gebruik maken van een toegankelijke rit. ■ Bestaande haltes zijn minimaal toegankelijk mits assistentie. ■ Nieuw (her)aangelegde haltes zijn autonoom toegankelijk voor personen met een motorische en visuele beperking.

1

Marcel Wijnker, Inter: “Een halte toegankelijk maken biedt voordelen voor iedereen.”

Iedereen heeft baat bij toegankelijk openbaar vervoer.

“Want mensen willen elkaar kunnen ontmoeten en naar het school en het werk gaan. Vaak zijn daar verplaatsingen voor nodig die je liefst zelfstandig kan ondernemen, zonder afhankelijk te zijn van anderen. Dat wordt moeilijker als je ouder wordt of als je een handicap hebt. Dankzij toegankelijk openbaar vervoer blijven ouderen zich zo lang mogelijk zelfstandig verplaatsen en doe je ook met een beperking gewoon mee aan het dagelijkse leven. Een toegankelijke omgeving is ook belangrijk in bepaalde omstandigheden. Als je bijvoorbeeld kleine kinderen mee hebt, kom je vaak ogen en armen te kort. Met een kinderwagen erbij is de uitdaging nog groter. Iedereen kan nood hebben aan een toegankelijke openbaar vervoer. Bijvoorbeeld als je tijdelijk met krukken moet lopen en je niet meer naar school kan fietsen of naar je werk kan rijden met je auto. Toegankelijk openbaar vervoer is dus voor iedereen belangrijk. Is het niet vandaag dan misschien wel morgen.”

2

Toegankelijke haltes vervolledigen de verplaatsingsketen.

3

Toegankelijkheid geeft ademruimte aan het doelgroepenvervoer.

“En die keten is zo sterk als de zwakste schakel. De voertuigen heeft De Lijn al bijna allemaal toegankelijk gemaakt. Het Departement MOW bundelt met de mobiliteitscentrale alle informatie, boeking en betaling van ritten. Maar daarnaast zijn ook toegankelijke haltes nodig om meer mensen zelfstandig het openbaar vervoer te laten gebruiken. Want als er één schakel in de verplaatsingsketen de behoeften niet kan inlossen, dan kan niet iedereen de verplaatsing maken. Toegankelijke haltes zijn dus een belangrijke schakel in de verplaatsingsketen.”

“Hoe meer mensen met een (tijdelijke) beperking zich zelfstandig met het openbaar vervoer kunnen verplaatsen, hoe meer ademruimte er vrijkomt voor het doelgroepenvervoer. Het doelgroepenvervoer kan zich dan focussen op de mensen die assistentie en begeleiding nodig blijven hebben voor hun verplaatsing. Wie investeert in toegankelijke haltes die een brede maatschappelijke meerwaarde hebben, kan dus in principe efficiënter en vaak dus ook goedkoper doelgroepenvervoer organiseren.”

DE LIJN

Als één onderdeel in de verplaatsingsketen niet toegankelijk is, wordt de keten onderbroken en sluit je mensen uit. De samenhang bepaalt de kwaliteit.

Toegankelijk openbaar vervoer is voor veel mensen in verschillende omstandigheden belangrijk om zonder hulp deel te kunnen nemen aan het sociale leven. Toegankelijke mobiliteit betekent vrijheid! Noot: deze foto dateert van voor de coronamaatregelen.

Inter: samen werken aan toegankelijkheid Lokale besturen kunnen rekenen op inhoudelijke ondersteuning en coaching bij de uitvoering van het Masterplan Toegankelijkheid (zie ‘Aanpak op gemeente- en gewestwegen’). Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken werkt daarvoor samen met Inter. Het Vlaams expertisecentrum voor toegankelijkheid en Universal Design is de aangewezen partner om de Vlaamse ambities met betrekking tot toegankelijkheid te ondersteunen. Inter heeft als missie bouwen aan een samenleving waarin iedereen gewoon kan meedoen. Jong en oud, onder alle omstandigheden, met of zonder beperking. Iedereen overal. Meer info over Inter, inclusief contactgegevens per regio vind je op https://inter.vlaanderen/mobiliteit.


Haltes toegankelijk maken

Wanneer is een halte toegankelijk? Een toegankelijke bushalte is makkelijk te herkennen aan deze kenmerken: 1. Een verhoogd perron, aangelegd met een aanrijdbare boordsteen. 2. Een brede doorgang op het perron, zonder obstakels. 3. Een perron met een effen en slipvrije verharding. 4. Een perron dat zonder drempels bereikbaar is. 5. Een opstapvlak met rubbertegels en een aansluitende geleidelijn met ribbelmarkering. 6. Indien aanwezig, een correct aangelegd fietspad ter hoogte van het perron. Meer info vind je in de brochure Toegankelijke haltes van De Lijn op www.delijn.be/ brochuretoegankelijkehaltes. Deze bevat een checklist en meer technische details.

2

1 3

5 6

4

Aanpak op gemeente- én gewestwegen Coaching, award en subsidies voor lokale overheden 62% van de huidige haltes liggen langs gemeentewegen. Om het toegankelijk maken van die haltes te versnellen, voorziet de Vlaamse overheid stimulerende maatregelen voor lokale overheden, waaronder subsidies. Ook voor de overige haltes die op de gewestwegen liggen, heeft het Agentschap Wegen en Verkeer een plan en investeringen klaar om te versnellen. Elk lokaal bestuur kan het charter ‘Masterplan Toegankelijke Haltes’ ondertekenen. Een stad of gemeente engageert zich zo om op een proactieve manier de doelstellingen van het Masterplan Toegankelijkheid te realiseren en bij investeringen in het openbaar domein deze te toetsen aan de toegankelijkheidsvereisten. Het Masterplan Toegankelijkheid voorziet deze ondersteuning vanuit Vlaanderen: ■ Een subsidie van 5.000 euro per halte die toegankelijk aangelegd wordt. Deze subsidie kan je vanaf volgende maand aanvragen. Lokale besturen zullen via een mailing op de hoogte worden gebracht. Meer informatie over de procedure zal ook beschikbaar worden op www.vlaanderen.be/basisbereikbaarheid/ masterplan-toegankelijkheid.

■ Een coachingtraject ‘Masterplan Toegankelijke Haltes’ waarbij lokale besturen ondersteuning krijgen bij de opmaak van een actieplan. In een coachingtraject van één jaar begeleidt Inter de stad of gemeente bij de opmaak van een actieplan ‘Masterplan Toegankelijke Haltes’. Vlaanderen ondersteunt 30 gemeenten per jaar, 6 gemeenten per provincie, 2 per categorie: ■ 2 grote gemeenten (>50.000 inw.); ■ 2 middelgrote gemeenten (20.000-50.000 inw.); ■ 2 kleinere gemeenten (<20.000 inw.). Kandidaten die in het jaar van aanvraag niet kunnen worden geholpen, schuiven door naar het volgende jaar. Het project loopt tot 2025. Het coachingtraject ‘Masterplan Toegankelijke Haltes’ kan je aanvragen via www.inter.vlaanderen/coachingtraject. ■ Een tweejaarlijkse award ‘Meer Mobiele Gemeente’ voor gemeenten of steden die verdienstelijke inspanningen hebben geleverd voor het toegankelijk maken van haltes.

AWV zet mee de schouders onder het Masterplan Toegankelijkheid Alle vervoerregio’s hebben een nieuw openbaarvervoerplan uitgewerkt. Daarmee gaat het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) de komende jaren aan de slag om de haltes langs gewestwegen beter toegankelijk te maken. Dit is maatwerk: voor sommige haltes zijn slechts beperkte aanpassingen nodig, andere moeten volledig heraangelegd worden. Voor het toegankelijk maken van haltes langs gewestwegen reserveert de Vlaamse overheid via het geïntegreerd investeringsprogramma ‘GIP’ 3,8 miljoen euro voor 2021. Ook voor de volgende jaren geeft de Vlaamse overheid een gelijkaardig budgettair engagement. Het Agentschap Wegen en Verkeer past momenteel ook haar dienstorder MOW/AWV/ 2012/5 met richtlijnen voor de inplanting en inrichting van bushaltes langs gewestwegen aan. Een van de grote wijzigingen is de opname van maatregelen zodat de haltes ook toegankelijk worden voor mensen met een visuele beperking. De aanpassing gebeurt in samenwerking met De Lijn, Inter, het Departement MOW en VVSG. Eens afgerond zal dit nieuwe dienstorder raadpleegbaar zijn voor andere wegbeheerders.


Meer weten over het Masterplan Toegankelijkheid? n  Ga naar het lerend netwerk

mobiliteitsnieuws

Via www.vlaanderen.be/basisbereikbaarheid/masterplantoegankelijkheid vind je alle actuele informatie over het Masterplan Toegankelijkheid. In de loop van volgende maand wordt hier een ‘lerend netwerk’-platform toegevoegd. Op dat platform zal je onder meer goede voorbeelden, praktische tips en aandachtspunten voor lokale besturen terugvinden maar ook praktische instrumenten. De Vlaamse overheid werkt daarvoor samen met Inter.

Volg het Vlaams Congres Verkeersveiligheid gratis online op 16 maart

Niemand is alleen maar passagier, automobilist, fietser of voetganger. Hoe je ook op pad bent, een veilige omgeving verdien je altijd. En daar zorgen we samen voor op 16 maart tijdens het Vlaams Congres Verkeersveiligheid. Stel zelf je programma samen, laat je verrassen door fietsprofessor Marco te Brömmelstroet, motivatiepsycholoog Maarten Vansteenkiste en andere sprekers. Ga (coronaproof) mee op fiets- of wandeltocht en ontdek wie de Vlaamse Verkeersveiligheidsprijs dit jaar wint. Het grootste verkeersveiligheidscongres van Europa is dit jaar online en uitzonderlijk gratis. Vooraf inschrijven is nodig om een login te ontvangen.

 Meer info: www.vlaamscongresverkeersveiligheid.be.

3de BENEFIC-projectoproep: subsidies voor oplaadinfrastructuur en walstroom

Het Europees project BENEFIC heeft een derde projectoproep gelanceerd voor infrastructuur voor milieuvriendelijke voer- en vaartuigen. Overheden en privébedrijven kunnen subsidies krijgen voor de aanleg van normale, snel en ultra snelladers voor elektrische voertuigen en walstroominstallaties voor de binnenvaart. Voor deze projectoproep is een maximaal subsidiebudget van € 1,6 miljoen beschikbaar. Tot 20% van de in aanmerking komende investeringskosten kunnen gesubsidieerd worden. De projecten moeten langsheen het TEN-T kernnetwerk in Vlaanderen en/of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest liggen of in de onmiddellijke omgeving ervan. Projectvoorstellen kunnen ingediend worden t.e.m. maandag 12 april 2021.

 Meer info: www.benefic.eu.

Rapport: Gezonder naar school door de schoolstraat

Een schoolstraat kan bijdragen aan een aangenamere leefomgeving en gezondheidswinst bieden voor de schoolkinderen. Dat blijkt uit een studie van Partnerorganisatie Milieugezondheidszorg in opdracht van Zorg en Gezondheid. De specifieke schoolomgeving bepaalt mee hoe sterk de luchtkwaliteit verbetert door een schoolstraat. Daarmee is een schoolstraat, ingebed in een ruimer mobiliteitsplan, een van de mogelijkheden voor lokale besturen om via de publieke ruimte in te zetten op gezondheid.

 Bekijk het rapport op www.zorg-en-gezondheid.be/studies-en-rapportengezonde-publieke-ruimte.

Nieuw GIPOD-platform

Sinds 21 januari is er een nieuwe versie van het Generiek Informatieplatform Openbaar Domein (GIPOD) dat wil zorgen voor minder hinder

n  Schrijf je in voor de Mobibaden Het Masterplan Toegankelijkheid komt aan bod op de Mobibaden die de Vlaamse overheid op 25 februari en 2 maart samen met de Vlaamse Stichting Verkeerskunde (VSV) organiseert. Onder meer de subsidieregeling en het coachingtraject worden er toegelicht. De Mobibaden zijn gratis en digitaal. Kijk op www.mobibad.be voor meer info.

op de weg. Gemeenten, domeinbeheerders en nutsbedrijven kunnen informatie over werken, evenementen en andere activiteiten op het openbaar domein nu nog makkelijker ingeven, beheren en met elkaar afstemmen. Alle functionaliteiten van het oude platform blijven voorlopig behouden. In de loop van het jaar worden er geleidelijk aan nieuwe functionaliteiten toegevoegd. Die functionaliteiten werden uitgewerkt in samenspraak met de doelgroepen. Het gaat bijvoorbeeld om het ingeven van kleine werken, het aanvragen van signalisatie door aannemers of het automatisch toekennen van een hinderpremie aan bedrijven die verlies lijden door werken voor hun deur. De GIPOD-data werden gestandaardiseerd. Zo kunnen ze vlot ontsloten worden als open data en is het makkelijker om integraties met andere applicaties te bouwen.

 Meer info: https://overheid.vlaanderen.be/informatie-vlaanderen/productendiensten/generiek-informatieplatform-openbaar-domein-gipod.

Vragen stuur je naar digitaal.vlaanderen@vlaanderen.be.

Kijk Uit vraagt input van lokale besturen

Het verkeersveiligheidsprogramma Kijk Uit is altijd op zoek naar relevante onderwerpen en staat open voor voorstellen van lokale besturen. Heb jij een idee, suggestie of feedback over een uitzending? Stuur dan een mail naar Sofie.Lenaerts@police.belgium.eu.

Agenda

Deze data zijn afhankelijk van de coronamaatregelen. Check online voor de laatste stand van zaken.

maart 2  Mobibad (voor lokale mandatarissen) 3, 4  Shared Mobility Rocks 11  VLOCAtraject Mobiliteit en Hoppin 15  De basisprincipes van de verkeerskunde (online) 16  Vlaams Congres Verkeersveiligheid 23  Opfrissing van de wegcode (lente)

april 8  VLOCAtraject Mobiliteit en Hoppin 22  Opstellen advies bij wegenwerken en evenementen 28  Studiedag Buitenspelen

mei 6  VLOCAtraject Mobiliteit en Hoppin 27  Verkeerstekens en signalisatieplannen 11, 18 en 25 mei en 1 juni  Congres en Forum Publieke Ruimte

juni 1  Beter communiceren over politieacties 8  AVOS: Aanpak VerkeersOnveilige Situaties

 Zie ook de agenda op www.mobielvlaanderen.be/overheden.

Mobiliteitsbrief is er ook als e-zine. Abonnees op het e-zine krijgen de Mobiliteitsbrief digitaal in hun persoonlijke mailbox. Je kunt voor de papieren en/of digitale versie gratis in- en uitschrijven via www.mobielvlaanderen.be/overheden/mobbrief-inschrijving.php. Op deze website vind je ook alle Mobiliteitsbrieven terug en meer informatie over het lokaal mobiliteitsbeleid. Voor suggesties en vragen over deze publicatie of je abonnement kun je mailen naar info@mobiliteitsbrief.be. Voor meer informatie over privacy verwijzen wij naar de privacy policy van de Vlaamse overheid: https://departement-mow.vlaanderen.be/nl/privacyverklaring Mobiliteitsbrief biedt lokale overheden informatie over hoe een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid uitgewerkt kan worden in samenwerking met andere partners en overheden. Alle Vlaamse burgemeesters, schepenen voor mobiliteit, mobiliteitsambtenaren en andere geïnteresseerde mobiliteitsprofessionals krijgen een exemplaar. Redactie en vormgeving: Wolters Kluwer. Redactieadres: info@mobiliteitsbrief.be. Redactieraad: Vertegenwoordigers van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken, het kabinet van de Vlaamse minister bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, het Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn, Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten, Vlaamse Stichting Verkeerskunde, Vias Institute. Verantwoordelijke uitgever: Filip Boelaert, Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW), Koning Albert II-laan 20 bus 2, 1000 Brussel. © 2021 Vlaamse overheid – Departement Mobiliteit en Openbare Werken.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Mobiliteitsbrief_216.pdf by Vlaanderen-be - Issuu