Skip to main content

Vlaams_ODA_rapport_2017.pdf

Page 1

Het Vlaams ODA-rapport 2017 10 grafieken over de ontwikkelingsrelevante bijdragen van de Vlaamse overheid in 2017


Inhoudsopgave Inleiding: wat is Vlaamse ODA? -

Breder internationaal kader: de Duurzame Ontwikkelingsdoelen

-

Digitale ontsluiting: sneller en meer informatie terugvinden

Blz.3

Overzicht van de trends binnen de ODA aan de hand van 10 grafieken 1.

Evolutie totale ODA: verdeling beleid ontwikkelingssamenwerking en overige ODA

blz.4

2.

Bijdragen voor ontwikkelingslanden, Vlaanderen en administratieve kosten

blz.5

3.

Evolutie van de ODA-aanrekenbare klimaatfinanciering in verhouding tot de totale ODA

blz.6

4.

Verdeling van de ODA volgens beleidsdomein

blz.7

5.

Globale samenstelling van de Vlaamse ODA

blz.8

6.

Geografische concentratie van de Vlaamse ODA, opgesplitst volgens beleid ontwikkelingssamenwerking en overige ODA

blz.9

7.

Samenwerking met multilaterale organisaties

blz.10

8.

Beleid ontwikkelingssamenwerking: verklaring voor de dalende trend

blz.12

9.

Sectorale verdeling van de uitgaven beleid ontwikkelingssamenwerking

blz.13

10. Bestedingskanaal van de uitgaven beleid ontwikkelingssamenwerking

blz.15

2


Inleiding: wat is Vlaamse ODA? Het Vlaamse ODA-rapport 2017 biedt een overzicht van alle betalingen van de Vlaamse overheid voor ontwikkelingssamenwerking. ODA is de afkorting voor ‘Official Development Assistance’ – wat staat voor ‘officiële ontwikkelingshulp’. Een uitgave is ODA als ze aan volgende criteria voldoet: 2. Official: het gaat om ontwikkelingshulp, gefinancierd door overheidsinstellingen 3. Development: economische en sociale ontwikkeling is de hoofddoelstelling 4. Assistance: de bijdrage is echte hulp – geen commerciële transactie aan marktvoorwaarden 5. De hulp gaat naar een land of internationale instelling die is opgenomen in de erkende lijst. Het kaderdecreet inzake ontwikkelingssamenwerking beschouwt het jaarlijkse ODA-rapport als een decretaal verplichte rapportering aan het Vlaams Parlement. Het rapport lijst de Vlaamse regeringsmaatregelen op die bijdragen tot de internationale doelstelling om 0,7% van het Bruto Nationaal Inkomen aan ODA te besteden (Kaderdecreet, art. 23, 24).1 De Vlaamse overheid bezorgt dit rapport aan de federale overheid, meer bepaald de Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp (DGD). Die bundelt op zijn beurt alle ODA afkomstig uit het Belgisch grondgebied, en maakt een volledige rapportering over aan de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Breder internationaal kader: de Duurzame Ontwikkelingsdoelen Vlaanderen wil zich actief inzetten voor de 2030 Agenda voor Duurzame Ontwikkeling. De uitgaven opgenomen in dit rapport dragen bij tot het realiseren van duurzame ontwikkeling in ontwikkelingslanden. Op 16 maart 2018 bekrachtigde de Vlaamse Regering het decreet tot wijziging van het Kaderdecreet Ontwikkelingssamenwerking.2 De doelstelling van dit decreet is om het wettelijk kader maximaal af te stemmen op de mondiale 2030 Agenda voor Duurzame Ontwikkeling.

Digitale ontsluiting: sneller en meer informatie terugvinden Dit rapport documenteert de globale trends binnen de Vlaamse ODA in 2017 aan de hand van 10 grafieken. De onderliggende gedetailleerde projectdata zijn online ontsloten via de webpagina van Departement Buitenlandse Zaken over Vlaamse ODA (www.fdfa.be/oda). De webpagina maakt een hyperlink naar de ODA-databank.

1 2

Kaderdecreet van 22 juni 2007 inzake ontwikkelingssamenwerking Meer informatie: http://docs.vlaamsparlement.be/pfile?id=1378548

3


1. Evolutie totale ODA: verdeling beleid ontwikkelingssamenwerking en overige ODA {Gegevensreeks: totale ODA} .

De totale ODA bestaat uit twee grote stromen: 1. Uitgaven in het kader van het beleid voor ontwikkelingssamenwerking, beheerd door het Departement Buitenlandse Zaken van het beleidsdomein internationaal Vlaanderen (IV). Deze uitgaven zijn in 2017 afkomstig uit twee financieringsbronnen: de begroting voor ontwikkelingssamenwerking en het Vlaams Klimaatfonds. 2. Overige ODA: ook overige beleidsdomeinen van de Vlaamse overheid maken middelen vrij voor projecten, programma’s of fondsen die een positieve impact hebben op ontwikkelingslanden. De herkomst per beleidsdomein volgt in grafiek 4. De tekst in accolades boven elke hoofdstuk van dit rapport verduidelijkt op welke gegevensreeks de analyse betrekking heeft. Grafieken met als gegevensreeks de totale ODA kunnen verder een onderverdeling maken tussen ‘beleid ontwikkelingssamenwerking’ en ‘overige ODA’. De legende in elke grafiek verduidelijkt de oorsprong van de weergegeven data. • De totale ODA in 2017 bedraagt 50,2 miljoen euro, wat een daling met 10 % is t.o.v. 2016. • De uitgaven voor beleid ontwikkelingssamenwerking stijgen met 3 miljoen euro t.o.v. 2016. • De overige ODA daalt met 8,5 miljoen euro t.o.v. 2016.

4


2. Bijdragen voor ontwikkelingslanden, Vlaanderen en administratieve kosten {Gegevensreeks: totale ODA}

De Vlaamse ODA in het jaar 2017 bedraagt € 50.206.733 euro. Daarvan komt 28 miljoen euro of 56% tegemoet aan projecten, programma’s en fondsen gericht op ontwikkelingslanden (blauw vlak in de grafiek). Dit is de geografische verdeling van deze uitgaven: - 20,8 miljoen euro naar Zuidelijk Afrika - 5,1 miljoen euro andere regio’s in de wereld - 2,2 miljoen euro is geografisch niet geoormerkt Bijdragen in Vlaanderen (rood vlak in de grafiek) bedragen 20,9 miljoen euro of 42% van de totale ODA in 2017 (rood vlak in de grafiek). Deze bijdragen komen ten goede aan binnenlandse actoren die een belangrijke rol spelen op vlak van ontwikkelingssamenwerking. Het gaat onder meer om draagvlakversterking voor ontwikkelingssamenwerking of ongeoormerkte steun aan NGO’s en voor ontwikkelingslanden relevante wetenschappelijke instellingen. De fondsen verlaten in eerste instantie het land niet, maar kunnen wel indirect een effect hebben op de socio-economische ontwikkeling in ontwikkelingslanden. Ten slotte boekt het Departement Buitenlandse Zaken ook administratieve kosten (groen vlak in de grafiek), noodzakelijk om het beleid en de uitvoering van de ontwikkelingssamenwerking tot stand te brengen. In 2017 beliep deze kost 2,7% van de totale ODA. • In 2017 daalden de ODA-uitgaven aan ontwikkelingslanden met 18 procent t.o.v. 2016. • De ODA-uitgaven in Vlaanderen in absolute cijfers bleven min of meer constant in 2016 en 2017.

5


3. Evolutie van de ODA-aanrekenbare klimaatfinanciering in verhouding tot de totale ODA {Gegevensreeks: totale ODA}3

In 2017 besteedt de Vlaamse overheid 5.657.717 euro in het kader van internationale klimaatfinanciering. Daarvan voldoet 5.072.901 euro aan de internationale criteria voor ODA. Onderstaande tabel biedt meer informatie over de financieringsbron van de ODA-aanrekenbare klimaatfinanciering:

Beleid ontwikkelingssamenwerking Overige ODA Totaal

Totale ODA-aanrekenbare klimaatfinanciering 4.162.989 euro 909.912 euro 5.072.901 euro

Waarvan gefinancierd door het Vlaams Klimaatfonds 750.000 euro 0 euro 750.000 euro

In 2017 is 2,5 miljoen euro internationale klimaatfinanciering vastgelegd op het Vlaamse klimaatfonds. Het gaat om bijkomende middelen, bovenop de begroting voor ontwikkelingssamenwerking. Van dit vastleggingskrediet is in 2017 reeds 750.000 euro omgezet in uitbetalingen. • Het aandeel van klimaatfinanciering in de totale ODA daalde van 33% in 2016 naar 10% in 2017. • De eenmalige bijdrage aan Green Climate Fund en het Adaptatiefonds (samen 12,5 miljoen euro in 2016) biedt een verklaring voor de daling van de totale overige ODA (van 30,6 miljoen euro in 2016 naar 22,1 miljoen euro in 2017).

3

Methodologische voetnoot: Deze vergelijking op basis van uitbetalingen start vanaf 2013, aangezien de klimaatfinanciering tijdens de jaren vóór 2013 werd gerapporteerd op basis van vastleggingen Om geen appelen met citroenen te vergelijken bevat deze grafiek enkel bijdragen die voldoen aan de ODA-criteria Detailgegevens over de samenstelling van de Vlaamse internationale klimaatfinanciering zijn te raadplegen via de webstek http://www.fdfa.be/nl/klimaat

6


4. Verdeling van de ODA volgens beleidsdomein {Gegevensreeks: totale ODA}

Het beleidsdomein Internationaal Vlaanderen (IV) is verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid voor ontwikkelingssamenwerking. Het aandeel van IV nam in 2017 terug toe tot 58%. In absolute cijfer stijgen de uitgaven van IV van 25,5 miljoen euro in 2016 naar 29,1 miljoen euro in 2017. Ook overige beleidsdomeinen van de Vlaamse overheid rapporteerden uitgaven die voldoen aan de ODA-criteria. ➢ Onderwijs en Vorming vertegenwoordigt 26% van de uitgaven. De bijdrage aan het Instituut voor Tropische Geneeskunde, goed voor 10,7 miljoen euro, neemt een groot deel in van deze besteding. ➢ Economie, Wetenschappen en Innovatie investeert in wetenschappelijk onderzoek voor ontwikkelingslanden. Het beleidsdomein werkt onder meer samen met het Instituut voor Tropische Geneeskunde, UNESCO en UNU-CRIS. ➢ Het aandeel van het beleidsdomein Omgeving steeg in 2016 tot 24%, als gevolg van een eenmalige investering in klimaatfondsen, goed voor 12,5 miljoen euro. Het aandeel van dit domein kent in 2017 een terugval tot 2% van de totale ODA. Vier beleidsdomeinen staan in voor 98% van de ODA in 2017: Internationaal Vlaanderen (IV), Onderwijs en Vorming (OV), Economie, Innovatie en Wetenschappen (EWI) en Omgeving.

7


5. Globale samenstelling van de overige ODA {Gegevensreeks: overige ODA}

De financiering van wetenschappelijke instellingen en universiteiten blijft de afgelopen jaren vrij constant rond circa 16 miljoen euro (rode staafdiagram). Deze steun is grotendeels vastgelegd in overeenkomsten die voorzien in een jaarlijkse indexatie, wat leidt tot een meer stabiel verloop van de uitgaven. De subsidies zijn voornamelijk afkomstig uit het beleidsdomein Onderwijs en Vorming (OV) en Economie, Wetenschappen en Innovatie (EWI). In 2017 nam deze uitgavecategorie toe, door een extra investering van EWI in uitbouw van een Outbreak Research Team binnen het Instituut voor Tropische Geneeskunde. Dit team heeft tot doel om onderzoeksverrichtingen uit te voeren in geval van plots snel verspreidende tropische ziektes, zoals de ebola-uitbraak in West-Afrika van 2014. Daarnaast stond ook de eerste ODA-rapportering van de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde Antwerpen en de Plantentuin van Meise in voor een stijging van deze ODA. Het groene staafdiagram verwijst naar de ongeoormerkte steun aan multilaterale organisaties. Deze gegevensbalk flakkert vooral op in de jaren 2014 tot 2016, als gevolg van ongeoormerkte bijdragen aan Green Climate Fund en het Adaptatiefonds. In 2017 ging € 379.945 naar ongeoormerkte steun aan multilaterale milieuverdragen. Studiebeurzen en steun aan NGO’s (paars staafdiagram) stonden in voor 1,6 miljoen euro, wat een lichte stijging is ten opzichte van 2016. Het aandeel concrete projecten en programma’s stijgt in 2017 met 1,7 miljoen euro t.o.v. 2016 (turquoise staafdiagram). De stijging is toe te wijzen aan projecten in kader van de samenwerking met UNESCO (EWI en IV) en de Internationale Arbeidsorganisatie (IV) en projecten in kader van mensenrechten (IV). • De overige ODA in 2017 daalt ten opzichte van 2016. De daling is toe te wijzen aan de daling binnen de uitgaven voor ongeoormerkte steun aan multilaterale organisatie (in casu: de klimaatfondsen) • De overige ODA bestaat grotendeels uit structurele financiering van wetenschappelijke instellingen. • De uitgaven voor studiebeurzen en steun aan NGO’s blijven de afgelopen drie jaar constant • De ODA voor concrete projecten en programma’s in ontwikkelingslanden kennen terug een stijging ten opzichte van 2016, na een lange periode van daling in de periode tussen 2009 en 2016.

8


6. Geografische concentratie van de Vlaamse ODA, opgesplitst volgens beleid ontwikkelingssamenwerking en overige ODA {Gegevensreeks: totale ODA}

• Het beleid op vlak van ontwikkelingssamenwerking is sterk geconcentreerd op Zuidelijk Afrika. Enkel uitgaven voor humanitaire actie stellen zich open voor andere regio’s, zodat kan worden ingespeeld op dringende noden wereldwijd. • De overige ODA bestaat overwegend uit geografisch ongeoormerkte bijdragen, onder meer in de vorm van algemene steun aan wetenschappelijke instellingen en NGO’s.

9


7. Samenwerking met multilaterale organisaties {Gegevensreeks: totale ODA}4

De samenwerking met multilaterale organisaties verloopt deels via ongeoormerkte (multilaterale) en deels via geoormerkte (Bi-Multi) bijdragen. De multilaterale bijdragen – waarbij bijdragen opgaan in de begroting van een multilaterale organisatie – bedraagt 1,6 miljoen euro (groen staafdiagram). Ongeoormerkte hulp laat toe dat de organisaties de Vlaamse bijdragen op een flexibele manier kunnen inzetten in functie van de voortdurend wijzigende noden in de organisatie en in de ontwikkelingslanden. Het verschil in multilaterale financiering tussen 2016 en 2017 komt overeen met de bijdragen aan klimaatfondsen in 2016 (12,5 miljoen euro) De Bi-Multi (14,4 miljoen euro) omvat alle bijdragen aan multilaterale instellingen die ofwel geografisch ofwel thematisch geoormerkt zijn. Geoormerkte bijdragen bestaan zowel uit gerichte financiering van projecten of programma’s (blauw staafdiagram), als uit financiering voor reeds bestaande fondsen beheerd door multilaterale instellingen (rood staafdiagram). De financiering van concrete projecten bedraagt bijna 12 miljoen euro, wat het hoogste bedrag is in de geschiedenis van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. De bijdrage aan de Wereldbank (€ 5 miljoen), die het in Malawi het sectorfonds voor de landbouw beheert, ligt aan de basis van deze stijging. Hieronder volgt een overzicht van de uitgaven aan multilaterale instellingen. Het overzicht is opgesplitst tussen ongeoormerkte en geoormerkte bijdragen. .

4

Meer informatie over de OESO-typologieën van hulp is online beschikbaar: http://www.oecd.org/dac/stats/44479737.pdf

10


Multilaterale samenwerking (ongeoormerkte bijdragen) Central Emergency Response Fund (Ocha) Financiering milieuverdragen (UNFCCC, UNEP, UNECE)

€ 1.629.945 € 600.000 € 293.752

Unicef International

€ 250.000

Joint United Nations Programme on HIV/AIDS (UNAIDS)

€ 250.000

United Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees (UNRWA)

€ 150.000

International Renewable Energy Agency (IRENA)

€ 43.639

World Tourism Organisation

€ 37.615

International Seed Testing Association (ISTA)

€ 4.939

Bi-Multi: in 2017 geoormerkte middelen per internationale organisatie International Bank for Reconstruction and Development (World Bank)

€ 14.434.674 € 5.000.000

Food and Agricultural Organization of the United Nations (FAO)

€ 2.426.539

Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)

€ 1.750.000

United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization (UNESCO)

€ 1.648.482

Internationale Arbeidsorganisatie (IAO)

€ 694.364

One UN Fund Malawi United Nations University Institute on Comparative Regional Integration Studies (UNU-CRIS) Joint United Nations Programme on HIV/AIDS (UNAIDS)

€ 659.666

€ 500.000

Unicef

€ 500.000

€ 599.400

United Nations Population Fund (UNFPA)

€ 329.656

United Nations World Food Programme (WFP)

€ 264.067

Office of the United Nations High Commissioner for Human Rights (OHCHR)

€ 42.500

Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO)

€ 20.000

• 32% van de Vlaamse ODA in 2017 gaat naar multilaterale organisaties. • De ongeoormerkte, multilaterale steun in 2017 kent een sterke terugval ten opzichte van de drie voorgaande jaren. • De Bi-multi steun (geoormerkte steun) bereikt met 11,9 miljoen euro een hoogtepunt.

11


8. Beleid ontwikkelingssamenwerking: evolutie doorheen de tijd {Gegevensreeks: begroting ontwikkelingssamenwerking}5

De begrotingsruimte (vastleggingskredieten) voor ontwikkelingssamenwerking is in 2017 eenmalig toegenomen met 1,7 miljoen euro. Onder andere een bijdrage van 1 miljoen euro aan Consortium 12-12, naar aanleiding van de hongernood in Zuid-Soedan, Nigeria, Somalië en Jemen, is met deze middelen gefinancierd. De totale vereffeningskredieten bedragen 24,5 miljoen euro in 2017. Meer dan 99% van deze kredieten zijn effectief besteed. De totale ODA vanuit het beleid ontwikkelingssamenwerking in 2017 bedraagt 28 miljoen euro – 4 miljoen meer dan het beschikbare krediet. Hieronder volgt een verklaring voor het verschil tussen de ODA en de beschikbare kredieten voor ontwikkelingssamenwerking in 2017: - 1 miljoen apparaatskredieten voor de werking van de dienst voor ontwikkelingssamenwerking is ODAaanrekenbaar, maar is niet terug te vinden in de uitgavenbegroting. - 750.000 euro voor het klimaatproject van Rode Kruis (over het verminderen van klimaatrisico’s bij humanitaire actie in Malawi en Mozambique) is betaald vanuit de begroting van het Vlaams klimaatfonds - 2,5 miljoen euro voor het Malawiaanse sectorfonds voor landbouw (ASWAp) is uitbetaald vanuit de begrotingskredieten voor 2016. Deze betaling is effectief uitgevoerd in januari 2017, waardoor dit binnen de ODA van 2017 valt. • De begroting voor ontwikkelingssamenwerking nam in 2017 eenmalig toe met 1,7 miljoen euro. • In 2016 en 2018 stagneert deze begroting rond 23 miljoen euro.

5

Methodologische voetnoot: De begrotingskredieten voor ontwikkelingssamenwerking zijn exclusief apparaatskredieten (de kosten voor personeel en werking) Het variabel krediet - 50.000 euro op jaarbasis - is omwille van praktische redenen (schaalgrootte grafiek) niet opgenomen. Het gaat om een recurrent bedrag, dat geen evoluties doorheen de jaren doormaakt.

12


9. Sectorale verdeling van de uitgaven beleid ontwikkelingssamenwerking in de Vlaamse partnerlanden {Gegevensreeks: beleid ontwikkelingssamenwerking} .

In de beleidsnota 2014-2019 kiest de minister voor ontwikkelingssamenwerking ervoor om de hulp zoveel mogelijk te concentreren op een beperkt aantal sectoren per partnerland. Bovenstaande grafiek toont aan dat deze sectorale en geografische beleidskeuzes ook zijn af te lezen uit de effectieve bestedingen. De derde landenstrategienota Vlaanderen-Zuid-Afrika (2012-2016) focust op tewerkstellingsbeleid en jobcreatie via het stimuleren van ondernemerschap. De bijdragen in 2017 vloeien voort uit lopende engagementen uit deze landenstrategienota. Drie projecten in de sector overheid en civiele maatschappij focusten op - kennisdeling en participatie van de burger tot het beleid op vlak van klimaatadaptatie. - Participatie van burgers en lokale besturen aan het beleid op nationaal niveau. Gezondheid is de belangrijkste sector binnen de samenwerking met Mozambique. De steun gaat voornamelijk uit naar het sectorfonds voor de gezondheid (SWAp, 2 miljoen euro) en naar technische ondersteuning voor het financieel beheer van dit fonds (444.810 euro). Daarnaast is steun toegekend aan projecten op vlak van seksuele en reproductieve gezondheid en – rechten (€ 1.272.482). Naast gezondheid is € 200.000 vrijgemaakt voor het COSACA Coordination Unit (CU); een coördinatie-unit dat tijdig middelen vrijmaakt bij humanitaire crisissen in Mozambique. Landbouw & voedselzekerheid is de concentratiesector binnen de bilaterale samenwerking met Malawi. Een groot deel van de steun, € 5 miljoen, gaat naar het Multi Donor Trust Fund in de sectorbrede steun voor Landbouw (ASWAp-SP), waar Vlaanderen optreedt als lead donor op het vlak van landbouwvoorlichting. Naast landbouw is een bijdrage van € 159.666 ingezet voor het Malawi Humanitarian Emergency Respond Fund. Dit fonds werkt nauw samen met de overheid en versterkt de coördinatie van humanitaire acties in Malawi. 13


De samenwerking in de brede regio van Zuidelijk Afrika is een afspiegeling van de bilaterale concentratiesectoren. - 1,43 miljoen euro gaat naar FAO voor geïntegreerde adaptatieplanning en –implementatie binnen kleinschalige landbouwsystemen in Malawi, Mozambique en Zambia; - 0,5 miljoen euro is bestemd naar de samenwerking met UNAIDS in 8 landen in Zuidelijk Afrika; - 0,5 miljoen euro wordt ingezet voor de uitvoering van prioriteit 6 van UNICEF rond kinderbescherming in Malawi en Mozambique; - 0,75 miljoen euro gaat naar Rode Kruis Vlaanderen Internationaal voor het terugdringen van de impact van klimaatrisico's (Rampen Risico Vermindering) in Malawi en Mozambique. • Het beleid ontwikkelingssamenwerking is sterk geconcentreerd op een beperkt aantal sectoren per partnerland, in lijn met de prioriteiten die Vlaanderen in onderlinge overeenstemming met de betrokken partnerlanden heeft vastgelegd. • Flankerende initiatieven in de regio van Zuidelijk Afrika sluiten maximaal aan op de bilaterale ontwikkelingsprioriteiten.

14


10. Bestedingskanaal van de uitgaven beleid ontwikkelingssamenwerking in de Vlaamse partnerlanden {Gegevensreeks: beleid ontwikkelingssamenwerking} .

Multilaterale instellingen vertegenwoordigen 47% van de bestedingen vanuit het beleid voor ontwikkelingssamenwerking in 2017. Deze actoren treden op als uitvoerder in alle partnerlanden en de concentratieregio Zuidelijk Afrika. Overheden in Mozambique en Zuid-Afrika maken aanspraak op 14,2% van alle bestedingen uit de begroting voor ontwikkelingssamenwerking in 2017. De steun aan het Multi Donor Trust Fund in de sectorbrede steun voor Landbouw (ASWAp-SP) in Malawi gaat naar de overheid, maar de middelen worden beheerd door de Wereldbank, die staat geboekstaafd als een multilaterale instelling. Wetenschappelijke instellingen dragen bij tot een goed begrip van de publieke gezondheidszorg in Mozambique en goede bewijsvoering rond effectieve strategieÍn voor sociaal ondernemerschap in ZuidAfrika. NGO’s in binnen- en buitenland nemen samen ongeveer 30,5% in van de totale besteding. Naast uitvoerder in de partnerlanden en de concentratieregio ontvingen NGO’s ook subsidies voor noodhulprojecten, algemene steun en subsidies voor de uitvoering van sensibilisatieprojecten in Vlaanderen. Administratieve kosten (4,7%) zijn weergegeven in de categorie andere. Het beleid van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking hanteert de portefeuillebenadering, waarbij verschillende actoren een rol vervullen bij de uitvoering van de prioritaire ontwikkelingsdoelen in de partnerlanden en de focusregio.

15


Verantwoordelijke uitgever Koen Verlaeckt, secretaris-generaal, Departement Buitenlandse Zaken Boudewijnlaan 30, 1000 Brussel Redactie Simon Calcoen, Departement Buitenlandse Zaken Depotnummer D/2018/3241/064 Uitgave Maart 2018 16


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook