Jaarverslag Werkjaar 2020-2021
Wijs beleid door overleg
De Vlaamse Onderwijsraad is de strategische adviesraad voor het beleidsdomein Onderwijs en Vorming. Vertegenwoordigers uit het hele onderwijslandschap en van de sociaal-economische en sociaal-culturele organisaties overleggen in de Vlor over het onderwijs- en vormingsbeleid. Op basis daarvan geeft de Vlor adviezen aan de Vlaamse Regering en aan het Vlaams Parlement.
Verantwoordelijke uitgever: Mia Douterlungne
Woord vooraf Terwijl het coronavirus in het vorige werkjaar 19-20 nog een onaangekondigde spelbreker was, had het bij het begin van het werkjaar 20-21 jammer genoeg al de status ‘incontournable’. In dit tweede ‘corona-schooljaar’ op rij, ging het onderwijsveld opnieuw tot het uiterste. Schoolteams, directies, hogeronderwijsinstellingen, leerkrachten en docenten, leerlingen en studenten, CLB, ouders, deden er alles aan om het recht op onderwijs voor iedereen te garanderen, ondanks de onvoorspelbaarheid en dikwijls zeer moeilijke omstandigheden. Ook de Vlor bleef koers houden en speelde verder zijn rol als aanspreekpunt voor de minister en het beleid. In 56 adviezen beoordeelden we de beleidsplannen van de Vlaamse Regering voor onderwijs of voor kwesties die het onderwijs beïnvloeden. Naar goede Vlor-gewoonte deden we ook zelf voorstellen voor het onderwijsbeleid. En ook hier drukte de coronacrisis zijn stempel: we gaven advies over de relanceplannen voor onderwijs: over de Digisprong, de Edusprong, het Voorsprongfonds en het beleid voor kwetsbare leerlingen. Maar we bekeken ook de gevolgen van de crisis voor het onderwijsbeleid op (middel-)lange termijn. Tussendoor bleef de Vlor erover waken erover dat alle onderwijspartners betrokken werden in het crisisoverleg met de minister over de dringende coronamaatregelen. Gelukkig was niet alleen de crisis onderwerp van advies en overleg in de Vlor. Afgelopen werkjaar brachten we ook ons advies uit over strategische thema’s zoals eindtermen, centrale proeven, leren en werken, en levenslang leren.
Als gevolg van het gemoderniseerd studieaanbod in het secundair onderwijs, behandelden we een recordaantal programmatie-aanvragen i.v.m. het onderwijsaanbod. Ook aan de beleidsdomeinen buiten Onderwijs gaven we het advies van de onderwijspartners. Die zijn immers ook betrokken partij bij de beleidsontwikkelingen in sectoren zoals de buitenschoolse kinderopvang en de inburgering van nieuwkomers in onze samenleving. Met het project ‘De leraar op school en in de samenleving’ verkenden we nieuwe participatiemethodes om de klassieke Vlor-consultatiemethode aan te vullen. Dat moet zorgen voor een dynamiek met de representatieve organisaties binnen de Vlor en voor een verbreding van het draagvlak. We willen de output van het project ook gebruiken om meer proactief te werken en om onze impact te versterken. Die impactverhoging mochten we ook in de praktijk vaststellen: in de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement verwezen de parlementsleden geregeld naar onze Vlor-adviezen en ook de Vlaamse Regering ging er regelmatig mee aan de slag in haar besluitvorming. We hopen die tendens te kunnen aanhouden en ook in het volgende werkjaar de gemeenschappelijke stempel van de onderwijspartners constructief te kunnen drukken op het onderwijsbeleid. Vooruitblikkend naar dat nieuwe werkjaar, ziet het er nu naar uit dat we dat opnieuw noodgedwongen digitaal zullen moeten aftrappen. Dat is jammer, maar onze ervaring van de startdag 2020 leert ons dat we ook digitaal verbonden kunnen blijven. We sluiten af met een zeer welgemeend woord van dank voor de blijvende inzet van onze leden in de Vlor, ondanks de zeer drukke en moeilijke tijden. Ook in het nieuwe werkjaar stellen we alles in het werk om met alle onderwijspartners volwaardig in overleg te gaan en we kijken uit naar het ogenblik waarop we opnieuw volop kunnen gaan voor ontmoeting en netwerking.
Mia Douterlungne | administrateur-generaal Ann Verreth | algemeen voorzitter
Jaarverslag 2020-2021
Inhoud INLEIDING
7
DEEL 1: EEN JAAR ADVIES EN OVERLEG VOOR HET ONDERWIJSBELEID
9
1
DE STEMPEL VAN DE CORONACRISIS
10
1.1
LESSEN UIT DE CRISIS
10
De organisatie van onderwijs, het personeel en de begeleiding
10
Afstandsonderwijs: kansen en nadelen
10
De noden en rechten van lerenden
11
EEN ONDERWIJSREMONTADA NA CORONA
11
Digisprong
11
Kwetsbaarheid aanpakken via weerbaar onderwijs
11
Investeren in levenslang leren
13
Voorsprongfonds voor het hoger onderwijs
13
2
BELEIDSPRIORITEIT 1: BREDE, AMBITIEUZE EN KWALITEITSVOLLE VORMING
14
2.1
AANGEPASTE EN AMBITIEUZE EINDTERMEN HAALBAAR VOOR ALLE LEERLINGEN
1.2
EN LERARENTEAMS
14
KWALITEIT BASISONDERWIJS VERSTERKEN
15
Taalscreening in het kleuteronderwijs staat niet op zichzelf
15
Nood aan samenhangend langetermijnplan voor het basisonderwijs
16
2.3
GESTANDAARDISEERDE TOETSEN: EERST HET DOEL, DAN HET MIDDEL
16
2.4
ARBEIDSMARKTGERICHT ONDERWIJS
17
Duaal leren: bezorgdheid over doelgroep leren en werken blijft bestaan
17
Duaal leren in andere onderwijsniveaus
18
Werkplekleren in coronatijd
18
Regie arbeidsmarktgericht onderwijs
19
Een toekomstvisie voor de RTC
19
2.2
2.5
TAAL
20
2.6
MODERNISERING SECUNDAIR ONDERWIJS
20
2.7
STUDIEKEUZE VAN SECUNDAIR NAAR HOGER ONDERWIJS
20
2.8
ONGEKWALIFICEERDE UITSTROOM
21
Meer kruisbestuiving tussen wegen naar een diploma secundair onderwijs
21
www.vlor.be
4
Jaarverslag 2020-2021
3
BELEIDSPRIORITEIT 2: VOLDOENDE ONDERWIJSCAPACITEIT EN UITDAGENDE LEEROMGEVINGEN
22
DIGITALE TRANSFORMATIE EN INNOVATIE
22
Meer geld computers leidt niet automatisch tot een Digisprong op school
22
Hoger onderwijs
23
De kracht van innovatie voor arbeidsmarktgerichtonderwijs
23
3.2
NIEUW INVESTERINGSPROGRAMMA SCHOLENBOUW
24
3.3
STE(A)M 22
24
3.4
UITDAGENDE LEEROMGEVINGEN IN HET HOGER ONDERWIJS
24
3.5
DE ADVISERING VAN ONDERWIJSAANBOD EN -ORGANISATIE
25
Buitengewoon onderwijs
25
Gewoon secundair onderwijs
25
Volwassenenonderwijs
26
Deeltijds kunstonderwijs
27
Onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers (OKAN)
27
4
BELEIDSPRIORITEIT 3: LEVENSLANG EN LEVENSBREED LEREN
28
4.1
LEVENSLANG LEREN VERSTERKEN IN HET VOLWASSENENONDERWIJS
28
4.2
LEVENSLANG LEREN STIMULEREN IN HET HOGER ONDERWIJS
30
4.3
HERTEKENING INBURGERINGSTRAJECT
30
5
BELEIDSPRIORITEIT 4: GELIJKE ONDERWIJSKANSEN
32
5.1
RECHT OP LEREN VOOR IEDEREEN, OOK IN CRISISTIJDEN
32
5.2
WACHTEN OP DE NIEUWE REGELING VOOR HET INSCHRIJVINGSRECHT
33
5.3
DIVERSITEIT IN HET HOGER ONDERWIJS
33
6
BELEIDSPRIORITEIT 5: INCLUSIEF ONDERWIJS
35
6.1
HET NIEUWE DECREET LEERSTEUN
35
6.2
ONDERWIJSDOELEN VOOR LEERLINGEN MET SPECIFIEKE NODEN
35
6.3
VINGER AAN DE POLS OVER TOEKOMST BUSO
35
7
BELEIDSPRIORITEIT 6: ONDERWIJSPROFESSIONALS
36
7.1
GEEN INHAALBEWEGING ZONDER LERAREN
36
7.2
IDEEËN OVER HET LERARENBEROEP UIT HET ONDERWIJSVELD
36
7.3
LERAREN PROFESSIONALISEREN VIA TECHNOLOGISCHE INNOVATIE
37
8
BELEIDSPRIORITEIT 7: STERKE EN PARTICIPATIEVE ONDERWIJSINSTELLINGEN
38
8.1
DE SAMENLEVING IN DE KLAS
38
8.2
ONDERWIJSONDERZOEK
39
3.1
www.vlor.be
5
Jaarverslag 2020-2021
9
KRITISCHE VOORWAARDEN
40
9.1
VOORWAARDE 1: FINANCIERING
40
Onderwijsbegroting
40
Financieringsmechanismen
40
9.2
VOORWAARDE 2: SAMEN ONDERWIJSBELEID MAKEN
41
Participatie van alle onderwijspartners, ook in crisistijden
41
Onderwijsdecreet XXXI
41
Verkennen van alternatieve participatiemethoden
41
Internationaal onderwijs- en vormingsbeleid
42
VOORWAARDE 3: PARTNERSCHAPPEN MET ANDERE BELEIDSDOMEINEN
43
Welzijn
43
Jeugd
44
Werk
45
Integratie en Inburgering
45
DEEL 2: HOE WERKT DE VLOR?
46
9.3
1
DE GELEDINGEN VAN DE VLOR
47
2
HET VAST BUREAU
49
3
DE RADEN
50
3.1
DE ALGEMENE RAAD
50
3.2
DE RAAD BASISONDERWIJS
54
3.3
DE RAAD SECUNDAIR ONDERWIJS
56
3.4
DE RAAD HOGER ONDERWIJS
59
3.5
DE RAAD LEVENSLANG EN LEVENSBREED LEREN
61
4
ACTIVITEITEN
64
5
PUBLICATIES
66
6
HET PERMANENT SECRETARIAAT
67
7
BEVOEGDHEDEN VAN DE VLOR
69
7.1
JURIDISCHE BASIS
69
7.2
SPECIFIEKE BEVOEGDHEDEN
69
BIJLAGE: LIJST MET AFKORTINGEN
www.vlor.be
84
6
Jaarverslag 2020-2021
Inleiding Dit jaarverslag beschrijft de werking van de Vlaamse Onderwijsraad in het werkjaar 2020-2021. In deel 1 brengen we verslag uit van het werkjaar aan de hand van onze prioriteiten voor het onderwijsbeleid van de Vlaamse Regering: •
een brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming 2 (BELEIDSPRIORITEIT 1);
•
voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen (BELEIDSPRIORITEIT 2);
•
levenslang en levensbreed leren (BELEIDSPRIORITEIT 3);
•
gelijke onderwijskansen tijdens de hele onderwijsloopbaan (BELEIDSPRIORITEIT 4);
•
inclusief onderwijs (BELEIDSPRIORITEIT 5);
•
onderwijsprofessionals (BELEIDSPRIORITEIT 6);
•
participatieve onderwijsinstellingen (BELEIDSPRIORITEIT 7).
Om al die ambities waar te maken, verwachten de onderwijspartners dat: •
de onderwijsfinanciering wordt verhoogd (VOORWAARDE 1);
•
het onderwijsbeleid het resultaat is van een samen gedragen beleidsproces (VOORWAARDE 2);
•
onderwijs veel meer dan vroeger, kan rekenen op samenwerking en transversaal beleid (VOORWAARDE 3).
Toen de Vlor bovenstaande prioriteiten vastlegde in zijn memorandum in 2019, in de aanloop van de huidige legislatuur, konden we uiteraard niet voorspellen dat onze samenleving vanaf het tweede jaar van de legislatuur zou getroffen door een ongeziene gezondheidscrisis met een enorme impact op de organisatie van onderwijs. Omdat de aanpak van die crisis en de relance erna, ook in het afgelopen werkjaar het leidmotief was van het onderwijsbeleid en het overleg en advieswerk in de Vlor, wijdt het jaarverslag er dan ook een apart hoofdstuk (zie pagina 10) aan. In het werkjaar 2020-21 bracht de Vlor in totaal 59 adviezen uit: •
24 daarvan bracht de raad uit op eigen initiatief;
•
35 van de adviezen kwamen er op vraag van de Vlaamse Regering:
22 adviezen op vraag van Ben Weyts, Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand
6 adviezen op vraag van Hilde Crevits, Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw
2 adviezen op vraag van Matthias Diependaele, Vlaams minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed
1 advies op vraag van Bart Somers, Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Inburgering en Gelijke Kansen
3 adviezen op vraag van Wouter Beke, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding
1 advies op vraag van Benjamin Dalle, Vlaams minister van Brussel, Jeugd en Media
De Vlor ontving dit werkjaar geen adviesvraag vanuit het Vlaams Parlement.
www.vlor.be
7
Jaarverslag 2020-2021
In deel 2 leggen we uit hoe de Vlor werkt. Welke vertegenwoordigers zitten er in de Vlor? Welke adviezen brachten de raden uit afgelopen werkjaar? Wat zijn de bevoegdheden van de Vlor? Hoe werkt het secretariaat van de Vlor? Ook in dit tweede coronajaar verliep het overleg tussen de leden van de Vlor grotendeels via digitale weg. Waar en wanneer mogelijk en noodzakelijk, konden enkele vergaderingen fysiek doorgaan onder strikte veiligheidsmaatregelen.
www.vlor.be
8
DEEL 1 Een jaar advies en overleg voor het onderwijsbeleid www.vlor.be
Jaarverslag 2020-2021
De stempel van de coronacrisis
1 De stempel van de coronacrisis De coronacrisis bracht aan het licht welke essentiële rol onderwijs speelt in de maatschappij. Onderwijs betekent immers veel meer dan leren. Het zorgt ook voor sociale verbondenheid, structuur, veiligheid, zorg, opvang en zo veel meer.
1.1.
Lessen uit de crisis Door zijn unieke samenstelling is de Vlor het uitgelezen forum om na te denken over wat de crisis ons heeft geleerd, als inrichter, deelnemer of andere betrokkene in onderwijs. Als vertegenwoordiger van het brede onderwijsveld, kon de Vlor de gevolgen van de crisis bekijken vanuit een uniek perspectief. Ondanks de enorme inspanningen van iedereen om de gevolgen van de crisis te compenseren en om alle lerenden aan boord te houden, heeft de crisis de structurele problemen waarmee onderwijs kampt, sterk uitvergroot. Dat bracht de Vlor tot een denkoefening over de gevolgen van de crisis voor het onderwijsbeleid op middellange termijn: welke lessen leren we eruit? Welke opportuniteiten kunnen we valoriseren?
De organisatie van onderwijs, het personeel en de begeleiding De Vlor vraagt de Vlaamse overheid dan ook om op middellange termijn sterk te investeren in onderwijsorganisatie, personeel en begeleiding, infrastructuur en uitrusting. Het doel moet zijn om onderwijs meer weerbaar te maken voor de uitdagingen waar het voor staat.
Afstandsonderwijs: kansen en nadelen Vorig schooljaar moesten alle onderwijsniveaus en -vormen van de ene op de andere dag volledig de omslag maken naar afstandsonderwijs. Daar waren ze niet altijd goed op voorzien en er waren dan ook grote problemen bij lesgevers en lerenden. Op de startdag van de Vlor - wegens de epidemiologische omstandigheden ditmaal digitaal – deelde Daniel Muijs, op dat moment vicedirecteur van de Engelse onderwijsinspectie, zijn inzichten over online leren en de rol van de leraar daarbij. Lees het verslag van de startdag 2020 Vanuit de ervaringen met het afstandsonderwijs, hield de vraag of het online leren ook na de crisis een rol kan blijven spelen, de Vlor bezig. Niemand is vragende partij om in de toekomst onderwijs nog voltijds op afstand te organiseren. Maar er is wel degelijk een beweging op gang gekomen die het Vlaamse onderwijs doet nadenken over de mogelijkheden. In het leerplichtonderwijs hebben een aantal scholen alvast aangegeven de mogelijkheden verder te willen verkennen. Het hoger onderwijs wil gecombineerd onderwijs (verder) uitrollen en het volwassenenonderwijs heeft al de traditie om cursussen (gedeeltelijk) op afstand aan te bieden. Naast de voordelen van afstandsonderwijs zijn er ook veel nadelen aan verbonden. Voor bepaalde groepen is het niet evident. Denk aan jonge kinderen, lerenden in een sociaaleconomische achterstandspositie, het kunstonderwijs en andere opleidingsvormen met een praktijkcomponent, anderstalige nieuwkomers enzovoort. Zij hebben nood aan de fysieke context van de school en de nabijheid van hun lesgevers en andere lerenden. Voor iedereen die daar nood aan heeft, moet de mogelijkheid op contactonderwijs gegarandeerd zijn. Lees het advies ‘Voluit voor weerbaar onderwijs’ (26/11/2020) www.vlor.be
10
Jaarverslag 2020-2021
De stempel van de coronacrisis
De noden en rechten van lerenden De crisis heeft een grote impact op de ongelijkheid in onderwijs. Als scholen helemaal of deels sluiten, worden niet alle lerenden bereikt. De overheid moet het recht op maximale kansen voor iedereen blijven garanderen (zie verder pagina 32). Zeker in een crisissituatie vragen de noden en rechten van kwetsbare lerenden extra aandacht. Het recht op leren moet altijd voor iedereen gegarandeerd worden, in elke situatie en ongeacht de vorm waarin onderwijs aangeboden wordt. Zo heeft de Vlor afgelopen werkjaar regelmatig aandacht gevraagd voor digitale inclusie (zie ook pagina 22). Het advies ‘Voluit voor weerbaar onderwijs’ kwam tot stand in een zeer onzekere periode voor het onderwijsveld. Toch slaagt het advies erin de concrete realiteit en problemen te overstijgen en lijnen uit te zetten voor toekomstig onderwijsbeleid. Het was verrijkend om de verschillende perspectieven van de Vlor-partners bij elkaar te leggen en er gemeenschappelijke lijnen uit te destilleren om zo een krachtige boodschap te geven aan de overheid. Het advies is een gemeenschappelijke basis voor verder overleg en beleidsvoorbereiding in de Vlor, o.a. voor de adviezen over de relanceplannen. De minister benoemt het advies expliciet als inspiratiebron voor zijn visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar’.
1.2.
Een onderwijsremontada na corona Om de welvaart en het welzijn van de Vlamingen te helpen versterken na de coronacrisis, maakte de Vlaamse Regering 4,3 miljard euro vrij voor een relanceplan. Binnen dat ‘Vlaamse Veerkracht’- plan voorzag minister Weyts 585 miljoen euro voor een ‘remontada’ voor onderwijs. Doel is om het Vlaamse onderwijs een voorsprong te laten maken en er beter te laten uit komen dan voor de coronacrisis.
Digisprong Het belangrijkste speerpunt van die relanceplannen is de digitalisering van het leerplichtonderwijs. De Vlor vindt het uiteraard zeer positief dat er extra middelen (375 miljoen euro) en beleidsinspanningen komen om ICT in onderwijs te bevorderen, maar vraagt om die ‘Digisprong’ te benaderen vanuit de scholen zelf en hem zeker duurzaam te verankeren (zie verder op pagina 22).
Kwetsbaarheid aanpakken via weerbaar onderwijs De minister wil de verhoogde kwetsbaarheid van leerlingen en studenten als gevolg van de coronacrisis aanpakken door leerachterstand te beperken en het mentaal welzijn te bevorderen.
Het is positief dat ook de andere onderwijspartners in de Vlor expliciet aandacht hebben voor het welbevinden van leerlingen. In de voorbereiding van het advies ‘Kwetsbaarheid aanpakken via weerbaar onderwijs’ hebben we gepleit om het welbevinden beter in kaart te brengen én om scholen en leerkrachten in die rol te versterken. Eva Perremans | scholierenvertegenwoordiger in de Vlor
www.vlor.be
11
De stempel van de coronacrisis
© Felix Verhoustraeten
Jaarverslag 2020-2021
De Vlor vindt het positief dat er daarvoor extra financiële injecties komen, maar pleit voor een lange termijnaanpak, voorbij de relance. De problemen van kwetsbare groepen zijn immers niet nieuw en vragen meer dan investeringen in structuren en (digitale) infrastructuur. Om te komen tot een duurzame aanpak van leervertraging en mentaal welbevinden, moet het reguliere onderwijs structureel worden versterkt. Lees het advies over de visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar – deel 1 – beter leren, beter voelen’ (10/06/2021)
De Vlor gaf extra duiding bij het advies over de structurele verankering van de zomerscholen die in de visienota wordt voorgesteld, aan het kabinet van minister Bart Somers.
Ook het Vlor-overlegplatform Welbevinden en Preventie van Pesten op school, zoomde afgelopen werkjaar in op de specifieke context van de coronacrisis. Het maakte een overzicht van de ervaringen van de onderwijspartners en externe organisaties op vlak van welbevinden van kinderen en jongeren tijdens de crisis.
www.vlor.be
12
Jaarverslag 2020-2021
Investeren in levenslang leren Met een ‘Edusprong’ wil de Vlaamse Regering dan weer het volwassenenonderwijs versterken met een investering van 60 miljoen euro. Die plannen bouwen verder op de vele initiatieven die de centra voor volwassenenonderwijs en basiseducatie nu al nemen. De Vlor deed suggesties voor de uitwerking van de voorstellen en suggereerde extra acties (zie verder op pagina 28).
Voorsprongfonds voor het hoger onderwijs Voor het hoger onderwijs is via een Voorsprongfonds 60 miljoen euro voorzien aan relancemiddelen. Met die extra investeringen erkent de overheid de belangrijke maatschappelijke rol die het hoger onderwijs in Vlaanderen vervult, alsook zijn voortrekkersrol op Europees niveau. Het accent van de relance ligt op een toekomstbestendig en wendbaar opleidingsaanbod (zie pagina 24), levenslang leren in hoger onderwijs (zie pagina 29) en de kwaliteitsvolle verduurzaming van digitale onderwijsvormen. Drie zeer relevante speerpunten voor een versterking van het hoger onderwijs, maar de Vlor zou het nog krachtiger vinden mochten de instellingen kunnen inzetten op meerdere speerpunten tegelijk. In de relanceplannen voor hoger onderwijs missen we ook aandacht voor kansengroepen en voor lerenden die leerachterstand hebben opgelopen in het leerplichtonderwijs omwille van de coronacrisis. In zijn advies over het Voorsprongfonds pleitte de Vlor verder voor een meer effectieve en efficiënte verdeling van de relancemiddelen (zie pagina 40).
De overheid nam heel wat van de bezorgdheden uit het advies mee bij de procedure en voorwaarden voor het indienen van een projectaanvraag in het kader van het Voorsprongfonds (goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 9 juli 2021). Daarin ging bijvoorbeeld meer aandacht naar projecten die inzetten op meer dan één speerpunt en werd het belang van visie-ontwikkeling op lange termijn benadrukt.
www.vlor.be
13
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
2 Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming (Beleidsprioriteit 1) 2.1.
Aangepaste en ambitieuze eindtermen haalbaar voor alle leerlingen en lerarenteams Bij het begin van deze legislatuur was al duidelijk dat de modernisering van de eindtermen zou worden verdergezet. De Vlor bracht afgelopen werkjaar een aantal adviezen uit over de manier waarop die modernisering best gebeurt in het basisonderwijs en het secundair onderwijs. Net voor de start van het schooljaar adviseerden we samen met de SERV het ontwerp van decreet over de nieuwe eindtermen tweede en derde graad secundair onderwijs. Zowel in het Vlaams Parlement als in de scholen waren er heel wat vragen gerezen over de haalbaarheid van die nieuwe eindtermen die vanaf september ‘21 ingaan. De Vlor onderschrijft zeker het belang van ambitieuze doelen, maar toonde zich in zijn advies zeer bezorgd over de balans tussen ambitieuze en haalbare eindtermen. De eindtermen die voorlagen in het ontwerpdecreet, waren geen minimumdoelen zoals eindtermen horen te zijn. De Vlor beval dan ook aan om te zoeken naar valabele en haalbare alternatieven. Lees hier het advies over het voorontwerp van decreet betreffende de onderwijsdoelen voor de tweede en de derde graad van het secundair onderwijs en diverse andere verwante maatregelen (27/08/2020)
De kwestie over de haalbaarheid van de eindtermen bleef na het uitbrengen van het Vlor-advies aanleiding voor veel bezorgdheid. Enkele onderwijspartners stapten naar het Grondwettelijk Hof dat zich nog niet ten gronde heeft uitgesproken over een eventuele vernietiging van de eindtermen wegens niet haalbaar. Maar de eindtermen gaan wel in op 1 september 2021 (graduele uitrol in lijn met de modernisering). Tegelijkertijd wordt een praktijkcommissie opgestart die zich over de haalbaarheid en eventuele noodzakelijke bijsturingen zal buigen.
Omdat de Vlor in de modernisering van onderwijsdoelen de aandacht mist voor leerlingen met specifieke noden, bracht hij in september daarover een advies uit op eigen initiatief (zie pagina 35). We volgden ook nauw de start van het ontwikkelproces van de onderwijsdoelen voor het basisonderwijs op. Vanuit de ongerustheid die daarover groeide in het werkveld, reageerde de Vlor op de conceptnota van de minister. We signaleerden een aantal belangrijke knelpunten die duidelijkere afspraken vragen. De Vlor vroeg aandacht te hebben voor de haalbaarheid van het pakket eindtermen en pleitte voor een algemene ontwikkelcommissie om het helikopterperspectief te bewaken doorheen het proces in de specifieke ontwikkelcommissies. De raad tekende ook stevig verzet aan tegen het concept ‘basisgeletterdheid’ in het basisonderwijs en tegen het voornemen van de minister om de implementatie van de onderwijsdoelen te willen vervroegen naar 1 september 2022. Lees hier het advies over de conceptnota ‘eindtermen en ontwikkelingsdoelen basisonderwijs’ (16/10/2020)
www.vlor.be
14
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
Willen we het basisonderwijs versterken met de nieuwe onderwijsdoelen, moeten de kritische voorwaarden van de Vlor in acht worden genomen. Anne Verhoeven (Katholiek Onderwijs Vlaanderen) | voorzitter van de Raad Basisonderwijs
In navolging van het Vlor-advies was er veelvuldig overleg met de onderwijspartners en kwamen de gedeelde knelpunten aan bod. De Vlor volgt op hoe de krijtlijnen voor de nieuwe onderwijsdoelen nu verder vorm krijgen en wat dat betekent voor de werking van de algemene en specifieke ontwikkelcommissies.
2.2. Kwaliteit basisonderwijs versterken Taalscreening in het kleuteronderwijs staat niet op zichzelf De verlaging van de leerplicht naar vijf jaar was voor de minister een gelegenheid om vanaf volgend schooljaar de taalvaardigheid Nederlands van kleuters te screenen bij de start van de leerplicht en daaraan taalintegratietrajecten te verbinden. De Vlor volgt de minister zeker dat goed Nederlands kunnen spreken, een cruciale rol speelt om alle kinderen de nodige kansen te geven in hun verdere schoolloopbaan. Wel blijft een brede kijk op de taalontwikkeling van kinderen cruciaal. Een taalscreening kan ook nooit op zichzelf staan, maar hoort kwaliteitsvol te zijn en moet ingebed zijn in het schooleigen beleid op vlak van leerlingenbegeleiding. Begin februari vroegen we aan minister Weyts om snel werk te maken van een duidelijke communicatie. Ruim voor de zomervakantie zou iedereen die bij onderwijs betrokken is - scholen, pedagogische begeleiding, CLB, maar ook ouders – zicht moeten krijgen op het doel van de taalscreening en de gevolgen die er al dan niet aan verbonden zijn. We vroegen de minister ook om het schooljaar 20212022 als een overgangsjaar te beschouwen waarin scholen voor de eerste keer de taalscreening afnemen, ervaringen kunnen opdoen met het opvolgen ervan en gestimuleerd worden om een schooleigen beleid uit te werken. Lees hier het advies over taalscreening bij kleuters (03/02/2021) Het advies van de Vlor kreeg een plaats in het maatschappelijk debat over de taalscreening, zowel op sociale media als in de commissie Onderwijs. Op 16 juli 2021 keurde de Vlaamse regering het besluit goed over de taalscreening bij het begin van de leerplicht. In dat besluit werd rekening gehouden met de bezorgdheden van de Vlor over het moment van afname van de screening. De Vlor wacht nog op de vrijgave van het onderzoek over de taalintegratietrajecten, zodat scholen de daarin ontwikkelde praktijkgids als handvat bij de implementatie kunnen hanteren.
www.vlor.be
15
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
© Merel Cottenie
Nood aan samenhangend langetermijnplan voor het basisonderwijs De Vlor ijvert al langer voor een toekomstgericht plan voor het basisonderwijs. Tijdens de vorige legislatuur gebeurde er heel wat voorbereidend werk, zowel in als buiten de Vlor. Via een resolutie vroeg het Vlaams Parlement bij het begin van de legislatuur aan de huidige Vlaamse Regering om een nieuw plan basisonderwijs te initiëren. De Vlor hoopt dat er nu verder werk gemaakt wordt van de versterking van het basisonderwijs via de uitrol van het toekomstplan basisonderwijs. De raad maakte een stand van zaken op van de investeringen die sinds maart 2017 in het basisonderwijs gebeurd zijn en bracht daarover een advies uit bij de start van het werkjaar 2021-2022.
2.3. Gestandaardiseerde toetsen: eerst het doel, dan het middel Bij het begin van de legislatuur had minister Weyts al aangekondigd om in alle scholen van het leerplichtonderwijs gevalideerde, gestandaardiseerde en genormeerde proeven te willen invoeren. Die ‘GGG-proeven’ zijn voor het secundair onderwijs voorzien vanaf het schooljaar 2022-2023. Voor het lager onderwijs zijn ze gepland vanaf het schooljaar 2024-2025. Afgelopen werkjaar werden er al verschillende operationele stappen gezet om die beleidsambitie vorm te geven. Het gaat om een fundamenteel beleidsproces dat snel vorm krijgt zonder dat er draagvlak is. In een advies op eigen initiatief plaatsten we daarom in januari een aantal essentiële strategische voorwaarden op de agenda voor het invoeren van de proeven. Voor de Vlor moet kwaliteitsontwikkeling de focus zijn bij het bepalen van het doel van de proeven. Daar mogen geen rechtstreekse gevolgen aan verbonden zijn voor leerlingen, leraren en scholen. Ook vroeg de Vlor om in alle fasen, van ontwikkeling tot implementatie en evaluatie van de proeven, alle relevante partners in het onderwijsveld te betrekken. De Vlor wil daarin zijn rol opnemen. We vroegen de minister om op korte termijn in gesprek te gaan met alle onderwijspartners en geïnformeerd te worden over de resultaten van de haalbaarheidsstudie die het departement Onderwijs en Vorming liet uitvoeren en begin februari 2021 werd afgerond.
www.vlor.be
16
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
De vrijgave van de haalbaarheidsstudie liet op zich wachten, ondanks het aandringen van de raad op een snelle vrijgave. Op 12 mei 2021 was die beschikbaar. De Vlor nam kennis van de resultaten en ging in dialoog met de onderzoekers. Ook vroeg de Vlor informatie over de stand van zaken van het beleid. Zowel de structuur als de samenstelling van de Vlor maakt van de raad een geschikt forum om dit ambitieuze beleidsproject op te volgen en in dialoog te gaan met de minister. Een tweede advies op eigen initiatief wordt in september 2021 uitgebracht. Lees hier het advies over het beleidsvoornemen om gevalideerde, gestandaardiseerde en genormeerde proeven in te voeren (21/01/2021)
2.4. Arbeidsmarktgericht onderwijs Duaal leren: bezorgdheid over doelgroep leren en werken blijft bestaan Tegen het schooljaar 2025-2026 zal het bestaande stelsel van leren en werken ingekanteld worden in duaal leren en de aanloopfase. Sinds de aankondiging van die inkanteling maakt de Vlor zich sterk zorgen over de doelgroep van leren en werken. De vrees bestaat dat grote groepen leerlingen in de toekomst geen opleiding meer zullen kunnen volgen die aansluit bij hun profiel. De voorbije jaren werd die boodschap in meerdere adviezen gecommuniceerd. Omdat er geen gevolg aan gegeven werd, schreef de raad in december een brief aan minister Weyts. Lees hier de brief aan de minister over de toekomst van leren en werken (02/12/2020)
www.vlor.be
17
Jaarverslag 2020-2021
In de vele adviezen over duaal leren en de toekomst van leren en werken heeft de Vlor steeds de kaart getrokken van de meest kwetsbare doelgroepen. We blijven bezorgdheden signaleren over die jongeren als leren en werken inkantelt en reiken pistes aan om hen perspectief te geven op een gepaste leerweg die leidt naar kwalificatie. Tom Rydant (GO! talent Dendermonde) | vertegenwoordiger van de directeurs in de Raad Secundair Onderwijs
Iets later gaf de minister inkijk in zijn beleidsintenties en het omzettingskalender voor die transitie. In een mededeling aan de Vlaamse Regering nam hij zich expliciet voor om ‘een veilige haven te bieden voor elke leerling’. In diezelfde mededeling moest de Vlor echter vaststellen dat de maatregelen die daarvoor worden voorgesteld, onvoldoende tegemoet komen aan de bezorgdheid om kwetsbare leerlingen uit leren en werken een plaats te geven in het stelsel van duaal leren (inclusief de aanloopfase). We deden daarom enkele voorstellen tot bijsturing, waaronder het schrappen van arbeidsbereidheid als voorwaarde voor de instap in de aanloopfase. Lees hier het advies bij de mededeling van de Vlaamse Regering ‘Van leren en werken naar duaal leren en aanloopfase: een veilige haven voor elke leerling’ (21/01/2021)
Tot op heden blijft het wachten op de decretale vertaling van de beleidsintenties en de mate waarin rekening gehouden werd met de voorgestelde bijsturingen.
Duaal leren in andere onderwijsniveaus Conform het regeerakkoord zetten de ministers van Onderwijs en van Werk stappen om het duaal leren ook ingang te doen vinden in het hoger onderwijs en het volwassenenonderwijs. De Vlor zal bij het begin van het werkjaar 2021-2022 zijn advies uitbrengen over het voorontwerp van decreet van duaal leren in het volwassenenonderwijs. Wanneer de beleidsintenties in het hoger onderwijs zijn geconcretiseerd, zal de Vlor ook daarover advies uitbrengen.
Werkplekleren in coronatijd Ook voor de organisatie van duaal leren was het voorbije ‘coronaschooljaar’ een hele uitdaging. Niet alle lessen op school en opleidingsuren in het bedrijf konden immers normaal doorgaan. In een gemeenschappelijke oproep met de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) maakte de Vlor zich sterk dat de onderwijsverstrekkers en werkgevers daarvoor begrip zullen hebben en dat ze jongeren die in deze ongewone leeromstandigheden afstuderen en verder studeren of beginnen werken, alle kansen zullen geven, o.a. door een intense aanvangsbegeleiding. Lees de gemeenschappelijke verklaring ‘Afstuderen in coronatijd – Hernieuwd engagement voor werkplekleren en duaal leren’ De Vlor vindt het alvast positief dat de Vlaamse Regering afgelopen schooljaar een aanvullende stagebonus lanceerde voor ondernemingen die tijdens de crisis bleven inzetten op leerwerkplekken voor jongeren die alternerend leren. De raad vroeg minister Crevits, bevoegd voor Werk, om die maatregel uit te breiden naar het volgende schooljaar en te differentiëren naargelang de grootte van de onderneming. Hij wijst daarnaast op de noodzaak om ook voor scholen voldoende financiering te voorzien om duaal leren mee op koers te houden. Lees hier het advies over de wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering over de start- en stagebonus - schooljaar 2020-2021 (11 maart 2021)
www.vlor.be
18
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
In antwoord op het advies liet minister Crevits weten dat zij voor het huidige schooljaar geen rekening kon houden met het voorstel om te differentiëren, maar dat zij de mogelijkheid verder zal laten onderzoeken in het licht van een nieuwe maatregel vanaf 2022-2023. Voor 2021-2022 zal zij de tijdelijk verruimde en verhoogde stagebonus zo mogelijk verder aanbieden.
Omwille van de coronacrisis was het in de schooljaren 2019-2020 en 2020-2021 ook niet haalbaar leerlingen in de zorgopleidingen van het lineair deeltijds beroepssecundair onderwijs een minimumaantal uren op de werkplek te laten leren. Minister Weyts volgde het advies van de Vlor om die voorwaarde voorlopig te schrappen uit de opleidingskaarten en leerlingen te screenen en te certificeren op basis van verworven competenties. Lees hier het advies over het minimumaantal uren alternerend werkplekleren in de lineaire dbsoopleidingen van de zorgberoepen – schooljaar 2021-2022 (11 maart 2021)
Regie arbeidsmarktgericht onderwijs De Vlor stelde zich al eerder vragen bij de beslissing om de regie van de leertijd toe te wijzen aan de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) na de opheffing van het Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen. In het kader van de regeling van de leertijd bepaalde de Vlaamse Regering ondertussen ook dat het toezicht op de leertijd zal worden gedeeld door de VDAB, de Vlaamse Sociale inspectie en de Onderwijsinspectie. De Vlor vindt dat een goede zaak. Op die manier kan de Onderwijsinspectie de kwaliteit bewaken met hetzelfde referentiekader en instrumentarium als dat van alle onderwijskwalificerende trajecten. Lees het advies over het voorontwerp van besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de leertijd (27/10/2020)
Een toekomstvisie voor de regionale technologische centra Regionale technologische centra (RTC) zorgen voor een betere afstemming van onderwijs en opleiding met de noden van de arbeidsmarkt. In samenspraak met de centra startte minister Weyts een traject op dat moet leiden tot een verdere optimalisering van hun werking. De Vlor stelde vast dat de minister in zijn visienota daarvoor een erg breed takenpakket voor de RTC voorziet. De onderwijspartners zien liever dat de RTC zich toeleggen op het delen van innovatie en infrastructuur in het arbeidsmarktgericht onderwijs. Lees hier het advies over de visienota ‘Regionaal Technologisch Centrum. Streven naar optimalisering via structurele samenwerking met alle partners’ (11/02/2021)
Na de signalen uit het werkveld in de adviezen van de Vlor en SERV werd de visienota grondig bijgewerkt. Het kabinet Onderwijs ging op 16 juni 2021 ook in gesprek met de commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt van de Vlor, die werd uitgebreid met sectorale vertegenwoordigers om als RTC-klankbordgroep te dienen. Naast een algemene beschrijving van de connecterende rol van de RTC werd er een prioritering in de opdrachten opgenomen: (1) delen van infrastructuur, apparatuur en uitrusting, (2) professionaliseren van leraren en (3) competentieontwikkeling leerlingen 3de graad tso en bso, alle leerlingen dbso en leertijd en groepen leerlingen buso. Verder benoemt de vernieuwde visienota nu ook duidelijk de rol van de RTC als facilitator en bruggenbouwer op het vlak van innovatie en infrastructuur.
www.vlor.be
19
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
2.5. Taal De Vlor deelt de zorg van minister Weyts voor een kwaliteitsverbetering van het Nederlands in het onderwijs. Om daaraan mee te werken, bracht hij een advies uit over de taalscreening voor vijfjarige kleuters en de taalintegratietrajecten.
2.6. Modernisering secundair onderwijs De Vlor volgt de uitrol van de modernisering van het secundair onderwijs van nabij op. In de Raad Secundair Onderwijs delen onderwijsvertrekkers, personeel, leerlingen en ouders hun ervaringen. Als gevolg van de modernisering stelden we afgelopen werkjaar opnieuw een enorme stijging vast in de programmatie-aanvragen voor het secundair onderwijs (zie pagina 25-26). Wanneer het vernieuwde aanbod en de nieuwe eindtermen ook in de tweede en derde graad ingang zullen vinden, verwachten we wijzigende leerlingenstromen, zeker in de studierichtingen van de dubbele finaliteit en de finaliteit arbeidsmarkt.
2.7. Studiekeuze van secundair naar hoger onderwijs De beleidsnota Onderwijs zet in op het versterken van de studie-efficiëntie in het hoger onderwijs. Omdat een vlotte overgang van het secundair naar het hoger onderwijs daarbij cruciaal is, organiseert de Vlor een structureel overleg tussen partners van het secundair en hoger onderwijs. De instrumenten in de overgang van secundair naar hoger onderwijs staan al enkele jaren in de belangstelling. Ze kregen bovendien een centrale plaats in de beleidsnota Onderwijs 2019-2024 en in het Vlaams Regeerakkoord en staan ook hoog op de agenda van het Vlor-overleg over de studiekeuze van secundair naar hoger onderwijs. Als klankbordgroep blijft het overleg verder de ontwikkelingen van het exploratie-instrument Columbus opvolgen. Het draaiboek voor de scholen werd ook dit jaar geactualiseerd op basis van de verdere ontwikkelingen. Het overlegplatform ontwikkelde daarnaast een update van aantal voorbeeldtrajecten voor een structurele inbedding van Columbus in het schooleigen traject. Een corona-update van de voorbeeldtrajecten werd ook ontwikkeld, specifiek voor de coronasituatie. Die geeft aan hoe Columbus kan worden ingevuld bij ‘code geel/oranje/rood’. Lees hier meer over het draaiboek om te werken met Columbus op school (met corona-update). In dat kader organiseerde het overlegplatform Studiekeuze van Secundair naar Hoger Onderwijs in december een seminarie over de positionering en afstemming van verschillende instrumenten en de inbedding ervan in de onderwijsloopbaanbegeleiding. Lees het verslag van het seminarie ‘Instrumenten in de overgang van secundair naar hoger onderwijs’ (01/12/2020)
www.vlor.be
20
Jaarverslag 2020-2021
Brede, ambitieuze en kwaliteitsvolle vorming
Instrumenten krijgen maar ten volle betekenis in het grotere verhaal van de onderwijsloopbaanbegeleiding: het verhaal van elk van onze jongeren en de gesprekken die met hen gevoerd worden door leraren, CLB-medewerkers en trajectbegeleiders in secundair en hoger onderwijs. In het overlegplatform van de Vlor zijn we iedereen het voorbije jaar digitaal blijven samenbrengen om verder aan dat verhaal te schrijven. Niet evident in deze coronatijden, maar met succes. Peter Op ’t Eynde | Katholiek Onderwijs Vlaanderen & Ann De Schepper | vicerector Universiteit Antwerpen, covoorzitters van het overlegplatform SOHO
2.8. Ongekwalificeerde uitstroom Meer kruisbestuiving tussen wegen naar een diploma secundair onderwijs Sinds vorig werkjaar startte de Vlor een overlegproces over de vraag: kan meer samenwerking tussen aanbieders van een traject dat naar een diploma secundair onderwijs leidt, de ongekwalificeerde uitstroom voorkomen en remediëren? Dat voorbereidend werk leidde tot een advies op eigen initiatief over de samenwerking tussen secundair onderwijs, het tweedekansonderwijs en de Examencommissie. Die samenwerking moet worden geïntensifieerd in functie van flexibele trajecten voor de doelgroep die nu ofwel zijn plaats niet meer vindt in het regulier leerplichtonderwijs, ofwel na vroegtijdig schoolverlaten de weg niet meer terugvindt naar een diploma secundair onderwijs via een tweedekansleerweg. Lees het advies over de samenwerking tussen secundair onderwijs, tweedekansonderwijs en de Examencommissie secundair onderwijs om de kansen op een onderwijskwalificatie te verhogen (24/06/2021)
In opvolging van het advies organiseerde de Vlor dit werkjaar drie toelichtingen met data, ervaringen en onderzoeksinzichten in het kader van (voorkomen van) vroegtijdig schoolverlaten (zie verder pagina 64-65). De visienota ‘Edusprong, Van Achterstand naar Voorsprong’ verwijst naar het Vlor-advies als basis voor het speerpunt “Gericht inzetten op kwalificatie”. In zijn advies over die visienota Edusprong (zie pagina 12), sprak de Vlor zich positief uit over de rol voor het volwassenenonderwijs om mee de ongekwalificeerde uitstroom terug te dringen via samenwerking (met o.a. de Examencommissie) en een outreachende aanpak. De raad vroeg wel om meer de link te maken met het secundair onderwijs op het vlak van warme overdracht, uitwisseling van expertise, versterken van de rol van de CLB …
www.vlor.be
21
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
3 Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen (Beleidsprioriteit 2) 3.1.
Digitale transformatie en innovatie Meer geld voor computers leidt niet automatisch tot een Digisprong op school Naar aanleiding van de coronacrisis kwam de beleidsagenda rond digitalisering in onderwijs in een stroomversnelling. De digitalisering van het leerplichtonderwijs is immers een van de pijlers van het relanceplan van de Vlaamse Regering. Via de Digisprong voorzag minister Weyts een forse investering van 375 miljoen euro. Die extra middelen zijn een antwoord op een reële nood in het Vlaams onderwijs. Maar om ICT met succes te integreren in onderwijs, is meer nodig. De Vlor ziet enkele belangrijke voorwaarden om de scholen daadwerkelijk een digitale versnelling te laten maken: vertrekken vanuit de pedagogischdidactische noden in scholen, budgettaire verankering en het betrekken van de pedagogische begeleidingsdiensten. Lees het advies over de visienota ‘Digisprong: van achterstand naar voorsprong’ (21/01/2021)
www.vlor.be
22
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
In mei herhaalde de Vlor zijn advies over de digisprong via een gemeenschappelijke oproep met de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) om de focus van de Digisprong te verruimen. Lees de gezamenlijke brief met de SERV over de digisprong (24/05/2021)
Hoger onderwijs Via het Erasmus+ KA3-project ‘Powerhead’ gaat de Vlor samen met internationale partners op zoek naar manieren om digitalisering en blended learning in het hoger onderwijs duurzaam vorm te geven. De Vlor bereidde het voorbije jaar een ‘background paper’ voor, met een overzicht van enkele recente beleidsdocumenten rond digitalisering in het hoger onderwijs, een definiëring van de term digitaal leren, en enkele kansen en uitdagingen die de digitalisering in het hoger onderwijs biedt. Verder staat er een analyse gepland van de noden om digitaal leren in het hoger onderwijs te verduurzamen, zowel in Vlaanderen als in Letland. Het doel is, na uitwisseling met meerdere Europese landen, richtlijnen te ontwikkelen voor een nationale beleidsstrategie én aanbevelingen te formuleren voor instellingen hoger onderwijs. Lees meer over het Erasmus+ KA3-project Powerhead Als Vlaamse hogeronderwijsinstellingen een voortrekkersrol willen blijven spelen in het ontwikkelen van kennis en als ze hun studenten willen voorbereiden op hun professioneel en persoonlijk functioneren in een steeds meer globale en multiculturele samenleving, moeten zij verder blijven internationaliseren. Eind november 2020 brachten de ministers, verantwoordelijk voor hoger onderwijs, van 48 Europese landen een communiqué uit waarin ze een stand van zaken maken van het Bolognaproces. Ze geven daarin ook hun toekomstvisie, de prioriteiten en werkpunten voor een Europese hoger onderwijsruimte. De Vlor reageerde op het communiqué en paste de nieuwe Europese beleidslijnen rond inclusief, innovatief en verbonden hoger onderwijs toe op het Vlaamse hoger onderwijs. Lees het advies over het Romecommuniqué en aandachtspunten voor Vlaanderen (09/03/2021)
Minister Weyts bevestigde in zijn antwoord op het advies dat Vlaanderen zijn voortrekkersrol in het Bolognaproces wil blijven opnemen en proactief beleid wil voeren. Hij gaf aan dat de aanbevelingen in het Vlor-advies inspirerend zullen zijn bij het verder vormgeven van het Bologna-werkprogramma voor de komende drie jaar.
De kracht van innovatie voor arbeidsmarktgerichtonderwijs Geïnspireerd door de ervaringen met de eerste reeks InnoVET-projecten (zie pagina 37), pleit de Vlor ervoor om meer innovatie binnen te brengen in het arbeidsmarktgericht onderwijs. Om leerlingen innovatieve opleidingen te geven die hen goed voorbereiden op hun toekomstige loopbaan, moeten in de eerste plaats hun leraren vertrouwd zijn met de nieuwste inzichten en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Zij hebben toegang nodig tot die expertise en de nodige infrastructuur, om vervolgens samen met de pedagogische begeleiding de pedagogisch-didactisch vertaling te maken. Er is vooral nood aan een langetermijnvisie op innovatie en professionalisering en een voldoende langdurige financiering om te vermijden dat innovatie stilvalt na projecten als InnoVET. Scholen hebben extra ruimte nodig om de grenzen te verleggen door te kunnen samenwerken met externe partners zoals de RTC en ondernemingen. Lees het advies over duurzame innovatie en professionalisering in arbeidsmarktgericht onderwijs (01/04/2021)
www.vlor.be
23
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
We bezorgden het advies ook aan de minister van Werk. In haar antwoord op het advies sprak minister Crevits haar waardering uit voor de inzet op innovatie vanuit Onderwijs en benadrukte zij het engagement vanuit de sectoren en het bedrijfsleven om samen te werken.
3.2. Nieuw investeringsprogramma scholenbouw In uitvoering van het Masterplan Scholenbouw 2.0 plant de Vlaamse Regering een nieuwe investeringsgolf van 1 miljard euro voor de verbetering van schoolinfrastructuur via een DBFM-vennootschap. Die samenwerking tussen overheid en private partners staan in voor ontwerp (Design), bouw (Build), financiering (Finance) en onderhoud (Maintain) van schoolgebouwen. ‘Scholen van Vlaanderen’ is een van de drie programma’s voor nieuwe bouwprojecten die de Vlaamse Regering zal selecteren na een oproep aan de inrichtende machten. In zijn advies over het voorontwerp van decreet over de DBFM-Scholen van Vlaanderen pleit de Vlor ervoor om het totale beschikbare budget voor scholenbouw optimaal te verdelen tussen DBFM en reguliere financiering, afgestemd op de beslissingen die de inrichtende machten maken om de meest geschikte financieringsmethode voor hun bouwproject te kiezen. De raad vraagt de overheid ook om het deeltijds kunstonderwijs op te nemen in het toepassingsgebied, en formuleert enkele suggesties om de DBFM-programma’s vlot samen te stellen. Lees het advies over het voorontwerp van decreet over de DBFM-Scholen van Vlaanderen (24 juni 2021)
3.3. STE(A)M De Vlor volgt de ontwikkelingen op de voet richting een opvolger van het aflopende actieplan voor het stimuleren van loopbanen in wiskunde, exacte wetenschappen en techniek (STEM). De raad neemt die ontwikkelingen mee in relevante dossiers op de verschillende onderwijsniveaus en blijft zijn rol opnemen in de STEM-stuurgroep. Sinds januari 2020 participeert de Vlor ook aan het drie jaar lopend Erasmus+ project STEAM+. ‘STEAM+’ staat voor ‘Innovating STE(A)M in Higher Education with Interdisciplinary Talent Programs’. Doel van het project is onderwijsstakeholders bewust maken van de nood aan een interdisciplinaire benadering om de zogenaamde ‘grand challenges’ van de 21ste eeuw aan te pakken: klimaatverandering, energietransitie, …. Die uitdagingen hebben vaak een STEM-component, maar hebben andere disciplines nodig. Vandaar de A, die staat voor ‘all other subjects’. De Vlor nam in juni 2021 deel aan een Vlaamse bijeenkomst met als doel een planning op te stellen van het beleidsvoorbereidend werk rond het mainstreamen van transdisciplinair leren voor duurzaamheid in het hoger onderwijs.
3.4. Uitdagende leeromgevingen in het hoger onderwijs Omwille van de coronacrisis hebben ook de instellingen hoger onderwijs bijzonder snel moeten schakelen om het onderwijsaanbod voor hun studenten te blijven garanderen. Ook daarnaast wordt het hoger onderwijs geconfronteerd met tal van uitdagingen, waarop het flexibel en dynamisch moet inspelen. Daarvoor is een hoger onderwijs nodig dat ‘wendbaar’ is. In de Vlor loopt er een denkproces over wendbaar hoger onderwijs. Het bouwt verder op de uitgangspunten in een eerder advies over toekomstgericht hoger onderwijs (2019). Aan het begin van het nieuwe werkjaar 2021-2022 zal de raad daarover een nieuw advies uitbrengen.
www.vlor.be
24
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
3.5. De advisering van onderwijsaanbod en -organisatie Omwille van zijn unieke samenstelling maken onder meer alle onderwijsverstrekkers deel uit van de Vlor. Om die reden gaf de decreetgever de opdracht aan de Vlor om te overleggen en advies te verlenen over nieuw en bijkomend onderwijsaanbod in de verschillende onderwijsniveaus (zie pagina 63-83). De onderwijsverstrekkers overleggen eerst onderling over de oprichting en programmatie van nieuw en bijkomend aanbod. In de uiteindelijke adviesverlening worden ook de andere stakeholders binnen de Vlor betrokken.
Buitengewoon onderwijs Als gevolg van het M-decreet werd de bevoegdheid van de Vlor voor overleg en advies over nieuw en bijkomend onderwijsaanbod uitgebreid met de programmatieaanvragen in het buitengewoon onderwijs. Na het advies van de Vlor, AGODI en de onderwijsinspectie neemt de Vlaamse Regering een beslissing over de aanvragen. Op 13 januari 2021 gaf de raad advies over de programmatieaanvragen voor het buitengewoon basisonderwijs. We drongen er bij minister Weyts op aan om scholen tijdig op de hoogte te brengen van de uiteindelijke beslissing zodat ze voldoende de tijd krijgen om zich voor te bereiden en te communiceren. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen buitengewoon basisonderwijs - schooljaar 2021-2022 (13/01/2021) Die opmerking gaf de Vlor ook bij zijn adviezen over de 102 aanvragen voor het volgende schooljaar in het buitengewoon secundair onderwijs. We vroegen aan minister Weyts ook om het eerste schooljaar te beschouwen als een gedoogjaar: scholen die nog geen leerlingen inschreven in de nieuwe opleidingen moeten geen heraanvraag indienen voor het daaropvolgende schooljaar. In zijn adviezen over de structuuronderdelen in opleidingsvorm 3 (duaal en niet-duaal) formuleerde de raad ook zijn bedenkingen bij de afwijkende procedure voor de aanvragen voor opleidingsvorm 4. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen buitengewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 (21/01/2021) Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen duaal leren in het buitengewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 (21/01/2021) Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen niet-duale opleidingen in het buitengewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 (21/01/2021)
Gewoon secundair onderwijs Dit jaar waren er 62 aanvragen voor de programmatie van nichebasisopties in het tweede leerjaar A of B: Kunst en creatie, Sport, Topsport, Voeding en horeca, en Freinetpedagogie. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen voor nichebasisopties in de eerste graad gewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 (11/02/2021) Voor de tweede graad was dit het eerste jaar waarin scholen de studierichtingen van het gemoderniseerd studieaanbod (matrix) effectief konden aanvragen. Ze hebben dat ook massaal gedaan. Er waren maar liefst 1181 aanvragen voor nieuwe studierichtingen. Enkele richtingen werden opvallend vaak aangevraagd, zoals Moderne talen in het aso, vaak door scholen die in de derde graad al een studierichting aanbieden waarin Moderne talen gecombineerd wordt met een andere pool. We zien ook heel wat aanvragen voor de tso-richtingen Maatschappij en welzijn/Maatschappij- en welzijnswetenschappen, Bedrijf en organisatie/Bedrijfswetenschappen en Biotechnieken/Biotechnische wetenschappen. Het gaat dan vaak om scholen die hun aanbod willen differentiëren naar doorstroom en dubbele finaliteit.
www.vlor.be
25
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen voor de tweede graad gewoon secundair onderwijs- schooljaar 2021-2022 (21/01/2021) De Vlor gaf ook zijn advies over 213 aanvragen voor de programmatie van nieuwe studierichtingen in de derde graad. We vroegen de overheid om de scholen ook in de komende jaren voldoende ruimte te geven om doordachte keuzes te maken en in te spelen op evoluties op school en in de maatschappij. Daarnaast is er nood aan soepelheid voor de scholen als er nog wijzigingen gebeuren aan de matrix, de concordantietabellen en de koppeling met de beroepskwalificaties, aangezien ze zich nu nog gebaseerd hebben op de huidige matrix en concordantietabellen. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen voor de derde graad gewoon secundair onderwijs- schooljaar 2021-2022 (21/01/2021) De transitie van leren en werken naar duaal leren is ingezet. Dat vraagt veel van scholen, zowel op vlak van personeel als van logistiek. Centra voor beroepssecundair onderwijs moeten de omschakeling maken, maar kunnen het aanbod dbso nog niet concorderen naar een duaal aanbod. Concordanties binnen het stelsel voor Leren en Werken volgen een eigen tijdspad dat nog door de Vlaamse Regering moet vastgelegd worden. Dat zal – alvast voor wat de start betreft – afwijken van de concordanties binnen het gewoon voltijds secundair onderwijs. In zijn advies over duaal leren in het gewoon secundair en in het deeltijds beroepssecundair onderwijs pleitte de Vlor er dan ook voor om de concordanties en de omzettingskalender voor die opleidingen af te wachten. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de programmatieaanvragen duaal leren in het gewoon secundair en in het deeltijds beroepssecundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 (21/01/2021)
Volwassenenonderwijs De Vlor bracht ook advies uit over de aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid in de centra voor volwassenenonderwijs (cvo). Die kunnen opleidingen organiseren die behoren tot de studiegebieden van het secundair volwassenenonderwijs. Sinds 1 september 2017 wordt de onderwijsbevoegdheid van een cvo door de Vlaamse overheid niet langer toegekend op het niveau van de opleiding, maar op het niveau van het studiegebied en niet langer op het niveau van het ganse centrum maar op het niveau van de vestigingsplaats. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid - najaar 2020 (10/11/2020) Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid - voorjaar 2021 (30/03/2021) Het decreet Volwassenenonderwijs bepaalt dat de Vlor ook advies geeft over de opleidingsprofielen voor het secundair volwassenenonderwijs. Die opleidingsprofielen omvatten, naast de benaming en het volume van de opleiding, ook de basiscompetenties en de modules en leertrajecten. De voorstellen voor opleidingsprofielen worden opgemaakt door het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs (VOCVO) en de pedagogische begeleidingsdiensten. Lees het advies over de aanvragen voor nieuwe opleidingsprofielen secundair volwassenenonderwijs – najaar 2020 (30/03/2021) Lees het advies over de aanvragen voor nieuwe opleidingsprofielen secundair volwassenenonderwijs – voorjaar 2021 (30/03/2021)
www.vlor.be
26
Jaarverslag 2020-2021
Voldoende onderwijscapaciteit en uitdagende leeromgevingen
Deeltijds kunstonderwijs Zorgnood De Vlor ontving dit werkjaar vanuit het dko een groot aantal aanvragen onderwijsbevoegdheid voor een aanbod op maat voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. Die aanvragen leggen een fundamentele problematiek bloot in verband met de onderwijskansen van die leerlingen in het dko. De Vlor ondersteunt ten volle het signaal (de hulpkreet) van de academies, maar ziet zich in de onmogelijkheid om de ingediende dossiers voor een niet-bestaand aanbod ‘op maat’ te adviseren. Dat omdat we oordelen dat programmaties niet de juiste manier zijn om de prangende problematiek in verband met de onderwijskansen van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften in het dko aan te pakken. De Vlor vraagt om dringend een grondig debat op te starten met alle partners om tot oplossingen te komen voor de zorgnoden in het dko. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid voor dko – voorjaar 2021 (30/03/2021)
De ambtelijke adviescommissie, die bestaat uit experts van AGODI en de Onderwijsinspectie, heeft net als de Vlor geen advies uitgebracht over de 27 aanvragen voor een niet-bestaande optie. De minister mag autonoom beslissen over de reguliere aanvragen, voor de aanvragen voor een niet-bestaande optie is de Vlaamse Regering bevoegd. Die beslissing werd uitgesteld. De minister heeft nog geen antwoord gegeven op de dringende boodschap van de Vlor om actie te ondernemen i.v.m. de zorgnoden in het dko.
Samenwerking met leerplicht- en hoger onderwijs Het dko-decreet voorziet ook in lokale samenwerkingsinitiatieven tussen de academies enerzijds en basisscholen, secundaire scholen en instellingen voor hoger onderwijs anderzijds, doorgaans aangeduid met de projectnaam ‘Kunstkuur’. De Vlor bracht in het begin van het werkjaar op eigen initiatief advies uit over de procedure voor de beoordeling van die samenwerkingsverbanden. We vroegen daarin om ook adviesbevoegdheid te krijgen voor de Kunstkuur-aanvragen. Lees het advies over de beoordeling van aanvragen voor lokale samenwerkingsinitiatieven tussen scholen voor basis- en secundair onderwijs, instellingen voor hoger onderwijs en de academies voor deeltijds kunstonderwijs (22/10/2020)
De minister ging niet in op de vraag van de Vlor om adviesbevoegdheid te krijgen voor de Kunstkuuraanvragen.
Onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers (OKAN) Omdat het voor anderstalige nieuwkomers belangrijk is dat zij vlug terecht kunnen in een school met een onthaalklas, kunnen schoolgemeenschappen secundair onderwijs sinds 1 november 2015 doorheen heel het schooljaar de programmatie van een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers aanvragen. Die aanvragen worden ook geadviseerd door de Vlor via een spoedadviesprocedure van 10 dagen. De raad kreeg afgelopen werkjaar 2 aanvragen voor de programmatie van dergelijk onthaaljaar. Lees de algemene opmerkingen bij het advies over de aanvragen voor programmatie van een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers (OKAN) - schooljaar 2021-2022 (15/06/2021)
www.vlor.be
27
Jaarverslag 2020-2021
Levenslang en levensbreed leren
4 Levenslang en levensbreed leren (Beleidsprioriteit 3) De Vlaamse Regering besloot in haar regeerakkoord de omslag naar levenslang leren voorop te stellen en werk te maken van een echte leercultuur met scholing, omscholing en bijscholing gedurende de hele loopbaan. Met de oprichting van het Partnerschap Levenslang Leren wil de Vlaamse overheid eindelijk een ambitieus beleid inzake levenslang leren in de steigers zetten.
4.1.
Levenslang leren versterken in het volwassenenonderwijs In navolging van de Skills Strategy van de OESO, deed de Vlor een aantal voorstellen om de leercultuur in Vlaanderen te verbeteren. Willen we meer levenslang leren, is er nood aan een mentaliteitswijziging bij de overheid, de opleidingsverstrekkers, het bedrijfsleven en de individuele burger. In Vlaanderen zijn immers nog steeds te weinig volwassenen ervan overtuigd dat leren moet verderlopen na de initiële schoolloopbaan. Naast het leren in functie van de arbeidsmarkt, kan leren ook als doel hebben om zich persoonlijk te ontplooien en sociaal te integreren. Lees het advies met voorstellen om de leercultuur in de volwasseneneducatie in Vlaanderen te verbeteren (08/09/2020) Vanuit een screening van de regelgeving formuleerden we ook enkele handvatten voor het actieplan levenslang leren. De Vlaamse regering wil dat in de loop van 2021 lanceren om een startschot te geven voor een krachtig beleid inzake levenslang leren. Over dat actieplan, dat nog in opmaak is, zal de Vlor advies uitbrengen in het najaar van 2021. Lees het advies over de screening regelgeving levenslang en levensbreed leren in het volwassenenonderwijs (12/01/2021)
Heel wat van die aanbevelingen van de Vlor werden overgenomen in de visienota Edusprong. Zo zal minister Weyts tijdelijk een regelluwe ruimte creëren die mogelijkheden biedt voor verschillende nieuwe initiatieven in de organisatie en uitbouw van het opleidingsaanbod. Parallel daarmee en rekening houdend met de evaluatie van de pilootprojecten, zal hij een traject opstarten in functie van de structurele aanpassing van de regelgeving met het oog op een versoepeling van bepaalde procedures.
www.vlor.be
28
Jaarverslag 2020-2021
Levenslang en levensbreed leren
In zijn advies over de visienota Edusprong, in uitvoering van het relanceplan ‘Vlaamse veerkracht’ (zie pagina 29), hield de Vlor een pleidooi voor leren als een recht. We vroegen ook aandacht voor doelgroepen die niet per se leren in functie van werk, maar een beroep doen op het volwassenenonderwijs om hun horizon te verruimen of om bijvoorbeeld hun kinderen beter te kunnen ondersteunen op school. Lees het advies ‘Kiem voor een sterke relance van het volwassenenonderwijs’ (30/03/2021)
www.vlor.be
29
Jaarverslag 2020-2021
4.2. Levenslang leren stimuleren in het hoger onderwijs De Vlor is ervan overtuigd dat er voor levenslang leren ook een rol is weggelegd voor het hoger onderwijs. Naast de brede waaier aan permanente vormingen, gaat het bijvoorbeeld ook om ba-naba’s, ma-na-ma’s, postgraduaten. Die opleidingen zijn interessant voor lerenden die geen basisdiploma hebben verworven, of voor zij die dit wel verworven hebben maar zich willen om-, bij-, of opscholen, om hun positie op de arbeidsmarkt te versterken of omwille van zelfontplooiing, maatschappelijke participatie, etc. Ter voorbereiding van het hogergenoemde actieplan legden we ook voor het hoger onderwijs enkele drempels voor levenslang leren bloot, zowel voor lerenden, aanbieders als op vlak van organisatiewijze en onderwijsvorm, en reikten we bijhorende handvaten aan. Via dit advies draagt de Vlor ook bij aan de visieontwikkeling rond levenslang leren die voorop wordt gesteld in het Voorsprongfonds. Lees het advies ‘Drempels wegwerken voor het levenslang leren in het hoger onderwijs (09/03/2021)
We bezorgden het advies ook aan de minister van Werk. In haar antwoord op het advies gaf minister Crevits aan dat verschillende voorstellen nauw aansluiten bij initiatieven die momenteel worden ontwikkeld, bijvoorbeeld rond het versterken van de leercultuur, het bevorderen van de samenwerking tussen verschillende actoren, en het uitbouwen van een flexibel aanbod op maat van de lerende. De aanbeveling om de tijdelijke regeling rond digitaal contactleren in functie van Vlaamse opleidingsincentives definitief te verankeren, werd alvast principieel goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 19 maart 2021.
Leerbewijzen die worden verworven op basis van leeractiviteiten met een beperkte omvang, maken steeds vaker deel uit van het aanbod levenslang leren. Dergelijke microcredentials bieden immers mogelijkheden om het levenslang en levensbreed leren te stimuleren via flexibele leertrajecten. Omdat Vlaanderen al heel wat ervaring heeft met het aanbieden en erkennen van kleine leeractiviteiten, deed de Vlor aanbevelingen voor de verdere uitrol van microcredentials in de Europese Unie. De centrale vraag in het advies is hoe microcredentials er een meerwaarde kunnen bieden binnen het levenslang leren, aanvullend op bestaande opleidingen met volledige kwalificaties. Lees het advies ‘Microcredentials in Europees perspectief: Advies voor de openbare raadpleging van de Europese Commissie ‘Microcredentials for lifelong learning and employability’ (01/07/2021)
4.3. Hertekening inburgeringstraject De Vlaamse Regering wil het inburgeringsbeleid grondig hertekenen vanaf 1 januari 2022. In zijn beleidsnota Gelijke Kansen, Integratie en Inburgering gaf bevoegd minister Bart Somers aan dat het daarbij centraal zal staan om ‘nieuwkomers kansen te geven en hen uit te nodigen een actieve bijdrage te leveren aan de samenleving’. De Vlor stelde echter vast dat de maatregelen uit die conceptnota significante drempels opwerpen die de sociale participatie van nieuwkomers net bedreigen. In een advies op eigen initiatief deden we in oktober enkele voorstellen om die drempels weg te werken. De Vlor vroeg de minister o.m. om de samenwerking te versterken tussen de verschillende actoren, betrokken bij het inburgeringsbeleid en bij het ruimere NT2-beleid gericht op sociale participatie. We waarschuwden ook voor de negatieve impact van de bindende gevolgen en verplichtingen van het nieuwe inburgeringstraject. Lees het advies ‘Hertekening inburgeringstraject: drempels wegwerken (06/10/2021)
www.vlor.be
30
Jaarverslag 2020-2021
Levenslang en levensbreed leren
De hervormingen van het integratie- en inburgeringsbeleid hebben grote gevolgen voor het NT2-onderwijs. Op basis van een eerder advies over NT2 en sociale participatie kon de Vlor zowel voor als na de publicatie van het ontwerpdecreet advies uitbrengen. Sanghmitra Bhutani (LEVL) | lid van de Raad Levenslang en Levensbreed Leren
De Vlor stelde later in het voorontwerp voor de decreetswijziging van het Integratie- en inburgeringsdecreet vast dat er niet werd getornd aan de principes die ook al waren vastgelegd in het Vlaams regeerakkoord (zoals de ingevoerde retributie). Wel bevat het ontwerpdecreet duidelijke pogingen om de drempels te verlagen. Zo worden verplichte inburgeraars die voor maatschappelijke oriëntatie en/of NT2 de doelstellingen niet hebben behaald, maar wel regelmatig deelgenomen hebben, niet gesanctioneerd. We vroegen de Vlaamse overheid om de expertise van de NT2-onderwijsverstrekkers te betrekken in de verdere uitwerking van het decreet en werden ook uitgenodigd voor overleg met de kabinetten van minister Somers en Weyts. Lees het advies over het voorontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie-en inburgeringsbeleid (28/01/2021)
De uitgebreide repliek van minister Somers op het Vlor-advies staat opgenomen in de memorie van toelichting bij het ontwerpdecreet (tweede principiële goedkeuring). De minister heeft de Vlor ook om verder advies gevraagd bij het voorontwerp van besluit dat de regelgeving over het Vlaams integratie- en inburgeringsbeleid wijzigt. De raad brengt dat advies uit in het begin van het nieuwe werkjaar.
www.vlor.be
31
Jaarverslag 2020-2021
Gelijke onderwijskansen
5 Gelijke onderwijskansen (Beleidsprioriteit 4) Ambitieus en kwaliteitsvol onderwijs is een beleid dat gelijke onderwijskansen centraal zet. Ze moeten het uitgangspunt zijn waaraan elke beleidsmaatregel wordt afgetoetst.
5.1.
Recht op leren voor iedereen, ook in crisistijden De coronacrisis heeft een grote impact op de ongelijkheid in onderwijs. De (gedeeltelijke) sluiting van de onderwijsinstellingen bracht het recht op leren in het gedrang. De overheid moet blijven garanderen dat iedereen mee is en dat de ongeoorloofde verschillen tussen lerenden in het licht van gelijke onderwijskansen niet groter worden. De gevolgen van de crisis zullen nog lang doorwerken en dat vraagt om structurele investeringen op lange termijn. Een ‘bijsprong’ of zomerscholen volstaan niet om dat op te vangen. Lees het advies over de visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar – deel 1 – beter leren, beter voelen’ (10/06/2021) en het Advies ‘Voluit voor weerbaar onderwijs’ (26/11/2020)
www.vlor.be
32
Jaarverslag 2020-2021
5.2. Wachten op de nieuwe regeling voor het inschrijvingsrecht In het najaar van 2018 werd een nieuw inschrijvingsdecreet voor gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs uitgewerkt. Dat bepaalde dat alle scholen met een capaciteitsprobleem gebruik moesten maken van een digitale inschrijving. De huidige Vlaamse Regering besloot echter om de inwerkingtreding van dat decreet uit te stellen naar het schooljaar 2021-2022. In het afgelopen werkjaar 2020-2021 verwachtte de Vlor dan ook een regelgevend initiatief voor de aanpassingen aan het inschrijvingsdecreet van 17 mei 2019 dat nog niet in werking trad. Die aanpassingen werden aangekondigd in het regeerakkoord en de beleidsnota Onderwijs 2019-2024. De minister kondigde echter aan dat het aangepaste decreet pas zou ingaan op 1 september 2022 voor de inschrijvingen voor schooljaar 2023-2024. Op 16 juli 2021 keurde de Vlaamse Regering drie voorontwerpen van decreet goed die de aangekondigde aanpassingen regelen. De Vlor geeft er in september 2021 advies over. De commissie Diversiteit en Gelijke Onderwijskansen van de Vlor boog zich over de impact van corona op het inschrijvingsrecht voor de inschrijvingen voor schooljaar 2020-2021. Door de algemene lockdown vanaf 12 maart 2020 en het verbod op fysieke inschrijvingen, was er aanvankelijk verwarring over de organisatie van de inschrijvingen die op dat moment aan de gang waren of in de steigers stonden. Het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AGODI) zorgde voor duidelijke richtlijnen en antwoorden op de vele vragen. Samen met de lokale overlegplatformen (LOP) adviseerden zij scholen bij de omschakeling naar een aanmeldingsprocedure, inschrijvingen op afstand organiseren én er daarbij voor zorgen dat iedereen mee was.
5.3. Diversiteit in het hoger onderwijs Het hoger onderwijs van vandaag is nog steeds geen weerspiegeling van de huidige, diverse maatschappij. In het verleden heeft de Vlor diverse adviezen uitgebracht om de diversiteit bij de studentenpopulatie te stimuleren. In dit kader wijst de Vlor al lang op het belang om inzicht te hebben in de deelname van kansengroepen voor het uittekenen van een diversiteitsbeleid. We wezen minister Weyts op het belang van dit dossier en vroegen om het overleg over de registratie van kansengroepen in het hoger onderwijs opnieuw vlot te trekken. Lees de brief aan minister Weyts over registratie van kansengroepen in het hoger onderwijs (01/10/2020) Bovendien is het zo dat de lagere participatie van studenten uit kansengroepen aan cultuur en sport, aan het studentenleven, en aan formele participatieorganen in de hogeronderwijsinstellingen, een onrechtstreeks effect heeft op hun studierendement. De Vlor werkte afgelopen werkjaar verder aan een advies over de sociale inclusie van studenten uit kansengroepen, dat hij in de loop van volgende werkjaar zal uitbrengen. Ondanks de recente acties rond de beheersing en -monitoring van studiekosten, is de financiële drempel voor studenten nog steeds een belangrijke hindernis voor de toegang tot het hoger onderwijs. Naar aanleiding van de resultaten van de studiekostenmonitor die eind 2020 werden gepubliceerd, maakte de Vlor een nieuwe balans op. In een nieuw advies gaven we vijf bouwstenen om de studiekosten te beheersen voor meer betaalbaar hoger onderwijs: informatie en communicatie, ondersteuning, reflectie, monitoring en opvolging, en bijkomend onderzoek. Alle actoren in het hogeronderwijsveld kunnen daartoe bijdragen. De Vlor zal over drie jaar bekijken of er substantiële vooruitgang werd geboekt en of er bijkomende acties nodig zijn. Lees het advies n.a.v. resultaten studiekostenmonitor hoger onderwijs (11/05/2021)
www.vlor.be
33
Jaarverslag 2020-2021
Gelijke onderwijskansen
Minister Weyts uitte in een schriftelijke repliek zijn appreciatie dat de Vlor dit belangrijk onderwerp op de agenda heeft gezet en ook blijvend zal opvolgen. Hij waardeerde dat aan alle actoren wordt gevraagd om bij te dragen tot het beheersbaar maken van de studiekosten, en gaf ook aan dat de overheid faciliterend zal optreden en overkoepelende monitoring mogelijk zal maken.
In het overleg van de Vlor worden de studenten als evenwaardige partner beschouwd. Er wordt écht rekening gehouden met onze inbreng. Dat hebben we bijvoorbeeld mogen ervaren bij de adviezen over studiekosten in het hoger onderwijs of over de drempels voor levenslang leren in het hoger onderwijs, thema’s die de studenten rechtstreeks aanbelangen. Dylan Couck, (VVS) | ondervoorzitter Raad Hoger Onderwijs
www.vlor.be
34
Jaarverslag 2020-2021
Inclusief onderwijs
6 Inclusief onderwijs (Beleidsprioriteit 5) 6.1.
Het nieuwe decreet leersteun Het was even wachten op de conceptnota voor een nieuw decreet leersteun. Omwille van de coronacrisis en de zoektocht naar een brede gedragenheid bij de verschillende stakeholders, liep de conceptnota vertraging op. Het decreet leersteun zal het huidige M-decreet moeten vervangen en zet in op de versterking van het gewoon onderwijs, de leersteun en het buitengewoon onderwijs. Op het einde van het werkjaar deelde minister Weyts zijn conceptnota mee aan de Vlaamse Regering. Die legt de contouren vast van het toekomstig decreet leersteun, met inbegrip van het leersteunmodel. De Vlor brengt zijn advies daarover uit aan het begin van het nieuwe werkjaar 2021-2022.
6.2. Onderwijsdoelen voor leerlingen met specifieke noden Vanuit de vaststelling dat leerlingen met specifieke noden onderbelicht blijven in het beleidsdesign voor de modernisering van onderwijsdoelen, bracht de Vlor daarover op eigen initiatief advies uit. Daarin pleitten we voor dezelfde onderwijsdoelen als die voor alle andere leerlingen. Alleen zo is het mogelijk om een onderwijscontinuüm uit te bouwen waarin leerlingen kunnen overgaan van de ene onderwijscontext naar de andere. Voorwaarde is wel dat die overgang kan gebeuren op maat van de individuele leerling. Lees het advies over onderwijsdoelen voor lerenden met specifieke noden (24/09/2020)
6.3. Vinger aan de pols over toekomst buso Afgelopen werkjaar startte de Vlor ook een overlegproces op over de toekomst van het buitengewoon secundair onderwijs en over de impact van de modernisering van het secundair onderwijs en de nieuwe eindtermen op het buitengewoon secundair onderwijs. Ter voorbereiding daarvan organiseerde de commissie Specifieke Noden van de Vlor in de eerste helft van 2021 een bevraging van het brede onderwijsveld in het buitengewoon secundair onderwijs over de wisselwerking tussen regelgeving en de werkvloer. We luisterden naar de directies, leraren, CLB, ouders en scholieren uit het buso, over de vier opleidingsvormen en de verschillende types heen. Het resultaat van de bevraging zal in het najaar van 2021 uitmonden in een rapport waarmee de Vlor in de eerste plaats aan de slag zal gaan om de knelpunten per opleidingsvorm duidelijk in kaart te brengen en te zoeken naar mogelijke oplossingen om die weg te werken. Daarnaast zal het rapport voeding geven aan toekomstige adviezen waarbij onderwijs aan lerenden met specifieke noden in het secundair onderwijs een rol speelt.
www.vlor.be
35
Jaarverslag 2020-2021
Onderwijsprofessionals
7 Onderwijsprofessionals (Beleidsprioriteit 6) 7.1.
Geen inhaalbeweging zonder leraren Dat de coronacrisis ook voor onderwijsprofessionals een uitdaging was, is een understatement. Op de jaarlijkse startdag lieten we Daniel Muijs, toenmalige vicedirecteur van de Engelse onderwijsinspectie, aan het woord over de rol van de leraar in het online leren (zie pagina 10). Ook in de relanceplannen van minister Weyts zijn onderwijsprofessionals een belangrijk speerpunt. In zijn visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar’ (zie pagina 11-12) kondigde hij aan dat hij naast de aanpak van leerachterstand en het mentale welzijn van de lerende, ook de leraren, lerarenopleiding en schoolleiders wil versterken. Welke maatregelen hij daarvoor voorziet, is echter nog niet duidelijk. In zijn advies over het eerste deel van de relancevisienota vroegen we dan ook om snel zicht te krijgen op de voorstellen van de minister voor het versterken van leraren, lerarenopleidingen en schoolleiders. Dat is immers onlosmakelijk verbonden met de aanpak van leervertraging en mentaal welbevinden. Lees het advies over de visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar – deel 1 – beter leren, beter voelen’ (10/06/2021)
7.2. Ideeën over het lerarenberoep uit het onderwijsveld Zonder sterke leraren, geen sterk en kwaliteitsvol onderwijs. Via een vernieuwend, meerjarig project (zie pagina 41) buigt de Vlor zich over de aantrekkelijkheid van de leer- en werkplek van de leraar, de voorwaarden om professioneel te kunnen functioneren en de rol die de leraar inneemt in onze samenleving. Lees hier meer over het project ‘De leraar’ In het kader van dat project verzamelden we in de maanden april en mei ideeën en voorstellen over het lerarenberoep van de toekomst. Iedereen, leraren en andere onderwijsprofessionals, maar ook andere geïnteresseerden in het lerarenberoep, kon zijn ideeën kwijt op het platform deleraar.vlor.be. In totaal bezochten meer dan 5.500 mensen het platform. 951 daarvan registreerden zich om ideeën te delen of om te reageren op andere ideeën. Die goede resultaten zijn mede te danken aan de goede samenwerking met de ledenorganisaties van de Vlor die het platform bekendmaakten in hun communicatiekanalen naar het brede onderwijsveld.
Onderwijs moet een plaats zijn waar leraren graag blijven en kunnen werken. De leraar was dan ook volop aan zet in het participatieve traject van het project ‘De leraar’. Marianne Coopman (COV) | covoorzitter projectgroep ‘De leraar’.
Volgend werkjaar zal de Vlor een rapport publiceren vanuit het ideeënplatform en dat verder gebruiken in zijn advisering rond het thema ‘de leraar’.
www.vlor.be
36
Jaarverslag 2020-2021
Onderwijsprofessionals
7.3. Leraren professionaliseren via technologische innovatie Op vraag van het Departement Onderwijs & Vorming coördineerde de Vlor de eerste cyclus van het InnoVET-project. Dat zet in op het professionaliseren van leerkrachten in het beroeps- en technisch secundair onderwijs door middel van innovatie. Via een projectoproep ontvingen 13 scholen werkingsmiddelen voor innovatieve projecten. Alle projectresultaten, waaronder heel wat interessante leermiddelen, zijn verzameld via de educatieve portaalsite KlasCement. Lees meer over de 13 innovatieve projecten Geïnspireerd door de ervaringen met de eerste reeks InnoVET-projecten, bracht de Vlor op eigen initiatief een advies uit over professionalisering in innovatief arbeidsmarktgericht onderwijs. Daarin pleiten we voor een goede toegang voor leraren tot de nieuwste inzichten en de nodige infrastructuur. Om leerlingen innovatieve opleidingen te geven die hen goed voorbereiden op hun toekomstige loopbaan, moeten immers hun leraren daar in de eerste plaats mee vertrouwd zijn. Lees het advies over duurzame innovatie en professionalisering in arbeidsmarktgericht onderwijs (01/04/2021)
www.vlor.be
37
Jaarverslag 2020-2021
Sterke en participatieve onderwijsinstellingen
8 Sterke en participatieve onderwijsinstellingen (Beleidsprioriteit 7) 8.1.
De samenleving in de klas De Vlor organiseert een structureel overleg tussen onderwijspartners en andere maatschappelijke actoren over de relevantie van ‘educaties’/maatschappelijke thema’s voor het curriculum. In de commissie Onderwijs en Samenleving komen maatschappelijke thema’s aan bod: van consumenteneducatie en verkeerseducatie over burgerschapseducatie en educatie voor duurzame ontwikkeling tot gezondheidsbevordering. Lees meer over de werkzaamheden van de Commissie Onderwijs en samenleving Binnen dat overleg werd een website ontwikkeld voor de onderwijspraktijk. Die website werd gelanceerd op 1 maart 2021 en geeft scholen inspiratie om in te spelen op maatschappelijke thema’s, passend bij de eigen context en met aandacht voor dwarsverbanden met andere thema’s. Ga naar www.samenlevingindeklas.be
Het samenwerken van de verschillende partners is en blijft een enorme meerwaarde om eenzelfde boodschap naar scholen te brengen. Brigitte Pycke (POV) | voorzitter van de commissie Onderwijs en Samenleving.
In oktober 2020 publiceerde de Vlor de resultaten zijn strategische verkenning over identiteit en waardenbeleving op school en in de klas. Het boek ‘Zonder wrijving geen glans’ bevat naast enkele bijdragen van experten, ook een praktijkwijzer voor het omgaan met verschillen op vlak van culturele, etnische en levensbeschouwelijke identiteit. Om die reden werd de publicatie ook ruim bekendgemaakt in het onderwijsveld. Omwille van de coronamaatregelen kon dat niet gebeuren via de geplande studiedag, maar met een video met enkele casussen uit de praktijk. Lees meer over de publicatie ‘Zonder wrijving geen glans’
www.vlor.be
38
Jaarverslag 2020-2021
Sterke en participatieve onderwijsinstellingen
8.2. Onderwijsonderzoek De verschillende types onderwijsonderzoek (praktijkgericht, beleidsgericht en fundamenteel onderzoek) kunnen relevante inzichten opleveren voor de onderwijspraktijk. Leraren en andere onderwijsprofessionals kunnen uit die brede kennisbasis putten om zich verder te professionaliseren en innoveren in functie van kwaliteitsontwikkeling. Op 8 maart 2021 organiseerde de Vlor samen met het departement Onderwijs en Vorming een tweede (ditmaal digitale) editie van School onderzoek, een inspiratiedag voor leraren en onderzoekers met twee plenaire lezingen, 27 keuzesessies en een digitale beurs. De studiedag had meer dan 800 deelnemers, Lees het verslag van de tweede editie van School
Onderzoek
In de periode 2016-2020 was het Steunpunt Onderwijsonderzoek (SONO) erkend door de Vlaamse Regering als steunpunt voor beleidsrelevant onderzoek. De Vlor evalueerde het steunpunt en besloot dat het een meerwaarde vormde. We adviseerden om het te verlengen en wezen op verbeterpunten. Minister Weyts besliste echter om het steunpunt niet meer te verlengen. Voortaan hanteert de overheid opnieuw het eerdere kader voor Onderwijskundig Beleids- en Praktijkgericht Wetenschappelijk Onderzoek (OBPWO). De minister argumenteert dat dat kader beter mogelijk maakt om met het beleidsgericht onderzoek in te spelen op de timing van de beleidscyclus en op nieuwe, actuele en vaak onverwachte maatschappelijke ontwikkelingen. Ook praktijkgericht onderzoek krijgt meer ruimte in het OBPWO-programma. Volgens de OBPWO-procedure legt de minister een voorstel van prioritaire thema’s voor advies voor aan de Vlor. We konden ons globaal vinden in de voorgestelde thema’s voor 2021, maar detecteerden ook enkele belangrijke leemtes. Bovendien stelden we vast dat dat de themazetting geen rekening hield met de thema’s en kennisvragen die de Vlor voorstelde in een eerder advies over de tweede beleidscyclus van SONO (februari 2020). Lees het advies over de themazetting voor OBPWO 2021 (22/10/2020) Op het einde van het werkjaar droeg de Vlor ook bij aan de eerste inventarisatie van kennisvragen in voorbereiding op de themazetting voor OBPWO 2022. Lees het advies met kennisvragen als input voor OBPWO 2022 (24/06/2021)
www.vlor.be
39
Jaarverslag 2020-2021
Kritische voorwaarden
9 Kritische voorwaarden Om al die ambities waar te maken, moet de overheid ervoor zorgen dat (1) de onderwijsfinanciering wordt verhoogd, (2) het onderwijsbeleid het resultaat is van een samen gedragen beleidsproces en (3) onderwijs veel meer dan vroeger kan rekenen op samenwerking en transversaal beleid. In zijn memorandum formuleerde de Vlor die belangrijke randvoorwaarden als de drie kritische factoren voor een goed onderwijsbeleid.
9.1.
Voorwaarde 1: Financiering Onderwijsbegroting De voorbije 10 jaar werden onderwijsinstellingen geconfronteerd met steeds verder krimpende werkingsbudgetten. Die beperking van de middelen is een rem op de uitrol van de plannen die de overheid heeft voor onderwijs. Vorig jaar riepen we in onze adviezen over de begroting van de Vlaamse Regering dan ook op om een globaal financieringsplan uit te werken voor alle aspecten en sectoren van het onderwijs. In zijn advies over de maatregelen die worden ingevoerd door de programmadecreten bij begroting voor 2021 uitten we meer concreet onze bezorgdheid over de mogelijke gevolgen van de besparingen in het hoger onderwijs en in de aanvullende middelen van de pedagogische begeleidingsdiensten. Lees het advies over het voorontwerp van programmadecreet bij de begrotingsopmaak 2021 (22/10/2020) Lees het advies over het voorontwerp van programmadecreet bij de begrotingsaanpassing 2021 (11/05/2021)
Financieringsmechanismen Momenteel vergelijkt de OESO de financiering van de instellingen hoger onderwijs van verschillende landen en hoe zij met gelijkaardige problemen en financieringsdruk omgaan. Het rapport wordt verwacht in het najaar van 2021. De Vlor hoopt dat dit project inspiratie kan bieden voor het oplossen van een aantal structurele tekortkomingen van het financieringsmechanisme en bij het uitdenken van een nieuw of aangepast mechanisme (2023-2024). In een conceptnota gaf minister Weyts eerder aan de middelen voor de hogeschoolopleidingen gespreid te zullen verhogen met 20 miljoen euro via de aanpassing van de puntengewichten van opleidingen uit de studiegebieden Industriële wetenschappen en technologie en Handelswetenschappen en bedrijfskunde. De Vlor is tevreden dat de overheid daarmee inging op aanbevelingen uit eerdere adviezen, maar wijst op de nood aan proportionaliteit tussen beide studiegebieden en vraagt om voorzichtigheid bij het verschuiven van de studiegebieden. Lees het advies over de conceptnota ‘Onderwijsbelastingseenheden van de hogescholen: evaluatie en groeipad in meerjarig perspectief’ (08/09/2020) Naar aanleiding van het Voorsprongfonds (zie pagina 13) plaatste de Vlor ernstige vraagtekens bij het voorstel om de relancemiddelen in het hoger onderwijs te verdelen op basis van projectaanvragen. Dat zal immers alleen maar leiden tot concurrentie tussen de onderwijsinstellingen.
www.vlor.be
40
Jaarverslag 2020-2021
Kritische voorwaarden
Afgelopen werkjaar was het ook uitkijken naar het aangekondigde nieuwe financieringsmodel voor het secundair onderwijs. Bij Onderwijsdecreet XXXI werd echter beslist om het huidige model voorlopig te behouden. De Vlor zal de verdere evoluties verder opvolgen.
9.2. Voorwaarde 2: Samen onderwijsbeleid maken Participatie van alle onderwijspartners, ook in crisistijden Om de organisatie van het onderwijs te verzekeren, heeft de overheid bij het begin van de coronacrisis op zeer korte termijn maatregelen moeten nemen. Minister Weyts bracht de onderwijsverstrekkers en de vakbonden bijeen in het ‘crisisoverleg’ om te overleggen en om samen een plan van aanpak en draaiboeken uit te tekenen. Ook in het schooljaar 2020-2021 bleef dat crisisoverleg daarvoor aan zet. In dat crisisoverleg nam de Vlor aanvankelijk de rol op om de bezorgdheden in te brengen van de overige onderwijspartners ( studenten, ouders, …) die vertegenwoordigd zijn in de Vlor. Aangezien die partners nu door het beleid in andere gremia beluisterd worden, volgt de Vlor het crisisoverleg op als waarnemer en bekijken we vooral of er vanuit het crisisoverleg thema’s naar voor komen voor advisering op middellange termijn. Het advies over weerbaar onderwijs en de adviezen over de relanceplannen zijn daarvan voorbeelden.
Onderwijsdecreet XXXI De Vlor adviseert jaarlijks het voorontwerp van het verzameldecreet dat zowel dringende maatregelen als meer technische aangelegenheden voor het onderwijs regelt. Naast een aantal van die juridischtechnische correcties om onduidelijkheden en tegenstellingen in de regelgeving uit te klaren, stelden we vast dat het voorontwerp voor Onderwijsdecreet XXXI toch ook een aantal meer ingrijpende wijzigingen bevatte die niet in een verzameldecreet thuishoren. Bijvoorbeeld de decretale basis voor de inzage van persoonsgegevens door de onderwijsinspectie of de taalvereiste Nederlands voor (buitenlands) personeel met een onderwijsopdracht in hoger onderwijs. We vroegen minister Weyts dan ook om die uit het onderwijsdecreet te halen en te onderwerpen aan een grondiger debat en een apart advies van de Vlor. Het voorontwerp van een genummerd decreet is traditioneel onvolledig. De Vlor stelde voor om bijkomend advies te kunnen geven op de maatregelen die nog zouden toegevoegd worden, zoals over de GOK-cyclus in buitengewoon basisonderwijs en secundair onderwijs. Er werd echter geen adviesvraag meer gesteld en op 9 juli werd Onderwijsdecreet XXXI bekrachtigd en afgekondigd door de Vlaamse Regering. In de memorie van toelichting bij de tweede principiële goedkeuring van het decreet werd bij elke maatregel waarover de Vlor advies gaf, een reactie op het advies gegeven. De impact zat vooral in punctuele wijzigingen. Lees het advies bij het voorontwerp van decreet over het onderwijs XXXI (21/01/2021)
Verkennen van alternatieve participatiemethoden In het kader van het project ‘De leraar op school en in de samenleving’ (zie pagina 36) verkent de Vlor verschillende participatiemethodes om de klassieke Vlor-consultatiemethode aan te vullen. Dat moet zorgen voor een dynamiek met de representatieve organisaties binnen de Vlor en voor een verbreding van het draagvlak. De raad wil de output van het project ook gebruiken om zijn impact te versterken en sterker proactief te werken. Het project wordt gedragen door een centraal ‘lerarenpanel’ dat er permanent over waakt dat het dicht bij de leraar en de leefwereld van de leraar staat. Om antwoorden te krijgen op de vragen over het lerarenberoep, organiseerden we afgelopen werkjaar ook enkele (digitale) gesprekstafels met een zeer brede samenstelling van (toekomstige, huidige, ex-)leraren, leerlingen, begeleiders, pedagogen, filosofen, … Ten slotte verzamelden we in de maanden april en mei ideeën uit het brede onderwijs- en maatschappelijke veld via het online participatieplatform Citizenlab.
www.vlor.be
41
Jaarverslag 2020-2021
Kritische voorwaarden
Het project ‘De leraar’ is uitdagend en innovatief, ook qua werkwijze. De projectgroep gaat er ten volle voor, om er zo ook voor de Vlor een leertraject van te maken. Veerle Hendrickx (Karel de Grote Hogeschool) | covoorzitter de projectgroep ‘De leraar’.
Internationaal onderwijs- en vormingsbeleid De Vlor volgt de belangrijke ontwikkelingen in het internationale onderwijsbeleid systematisch en grondig op en stelt zijn leden in de gelegenheid om mee op de hoogte te blijven. De raad verzamelt onderwijsgebonden informatie van de Europese Unie (Raden, Commissie, Parlement) en volgt de agenda op van onder meer de OESO en de Unesco. Op die manier kunnen de Vlaamse stakeholders zich een idee vormen van de impact van Europese beleidslijnen op het Vlaams onderwijsbeleid, van de links tussen beide niveaus of – soms – het ontbreken van die links. Lees het rapport internationaal onderwijsbeleid 2020-2021 Daarnaast adviseren we de Vlaamse overheid ook regelmatig over de uitdagingen van het internationale onderwijsbeleid. Zo bracht de Vlor in het najaar van 2020 een advies uit over de nieuwe Mededeling van de Europese Commissie over de Europese Onderwijsruimte. De Vlor ziet opportuniteiten in nauwere Europese samenwerking op vlak van onderwijs en vorming. In zijn advies over de nieuwe Mededeling drong hij wel aan op waakzaamheid. De verantwoordelijkheid voor het onderwijsbeleid ligt bij de Lidstaten en hun onderwijsveld, de Unie kan hier enkel een ondersteunende rol spelen. We pleiten ook voor meer aandacht voor democratisch burgerschap in onderwijs, die momenteel in de schaduw dreigt te komen door sterke focus van Europa op het economische luik ten gevolge van de coronacrisis. Lees het advies over de Mededeling van de Europese Commissie (17/12/2021)
Met onze adviezen maken we een kritische doorlichting van de Europese plannen voor onderwijs, verhogen we de Vlaamse betrokkenheid en houden we de vinger aan de pols van Europese ontwikkelingen die vroeg of laat doorwegen op het Vlaamse beleid. Jens Vermeersch (GO!) | voorzitter van de commissie Internationaal Onderwijs- en Vormingsbeleid
De Vlor is actief lid van EUNEC, het Europees Netwerk van Onderwijsraden. Het internationaal overleg met andere onderwijsraden, stelt de Vlor in staat om te ‘benchmarken’ met vergelijkbare organisaties in het buitenland, en hieruit lessen te trekken. Op 21 april kwamen de leden van EUNEC digitaal samen om hun ervaringen uit te wisselen over de impact van de pandemie op het onderwijs in hun land, en hoe de onderwijsraden in die context hun rol opnamen. Het overleg vertrok van de resultaten van een online bevraging in september 2020. EUNEC vierde dit jaar zijn twintigjarig bestaan met een publicatie over de geschiedenis, de rol, de relevantie en de toekomst van onderwijsraden in beleidsprocessen. Deze publicatie zal worden voorgesteld op een verjaardagscongres in Nederland, in juni 2022. Lees meer op www.vlor.be/eunec
www.vlor.be
42
Jaarverslag 2020-2021
Kritische voorwaarden
9.3. Voorwaarde 3: Partnerschappen met andere beleidsdomeinen Opdat onderwijs zijn essentiële rol (lerenden vormen) ten volle zou kunnen spelen, is het belangrijk om ook met andere beleidsdomeinen als Onderwijs samen te werken. In zijn advies over lessen uit de coronacrisis (zie pagina 10) hield de Vlor een sterk pleidooi voor een betere samenwerking tussen Onderwijs en andere beleidsdomeinen en sectoren, over de beleidsdomeinen heen, zowel tijdens een crisis, als structureel.
Welzijn Zo is Onderwijs een grote speler in de organisatie van buitenschoolse kinderopvang. We hadden daarom in de vorige legislatuur al gepleit bij de ministers voor Welzijn en Onderwijs om betrokken te worden bij de verdere concretisering van het decreet over buitenschoolse opvang (goedgekeurd voorjaar 2019). De Vlor kon zijn advies formuleren bij de eerste uitvoeringsbesluiten over het decreet en gaf daarbij een aantal bezorgdheden en knelpunten vanuit Onderwijs aan. Lees het advies over het besluit over lokaal beleid en overgangsbepalingen buitenschoolse kinderopvang (09/09/2020)
De Vlor werd ook om advies gevraagd over een kwaliteitslabel voor kleuteropvang. Net voor het zomerreces van 2020 had de Vlaamse Regering daarover een uitvoeringsbesluit bij het decreet goedgekeurd. Dat bepaalde de toekenning van een kwaliteitslabel gebaseerd op het Quality Framework for Early Education and Care (EQF). Lees het advies over het voorontwerp van besluit tot toekenning van een kwaliteitslabel aan organisatoren van kleuteropvang (09/09/2020) We kregen ook de vraag van Welzijnsminister Beke om advies te geven over zijn projectoproep voor een praktijkmodel voor een geïntegreerde werking op vlak van opvang en onderwijs voor kinderen van nul tot zes jaar. De Vlor vroeg in dat advies aan de minister om de onderwijspartners nauwer te betrekken in de verdere uittekening. Lees het advies over de financiering van vernieuwende projecten die inzetten op een doorgaande lijn tussen kinderopvang van baby’s en peuters, kleuteronderwijs en kleuteropvang (31/03/2021) Daarnaast werkt de Vlor ook ruimer rond het thema ‘onderwijs aan het jonge kind’. Het voorbije werkjaar inventariseerden we de belangrijkste uitdagingen en vraagstukken als startpunt voor een strategische verkenning. We lieten ons daarbij inspireren door de recente rapporten van de werkgroep Early Childhood Education and Care van de Europese Commissie. Ook voor inclusief onderwijs (zie pagina 35) is een goede afstemming met de welzijnspartners absoluut noodzakelijk. In de Vlor overleggen de commissies Leerlingenbegeleiding en Specifieke Noden met de welzijnsactoren. In dat verband intensifieerden de commissies afgelopen werkjaar ook de samenwerking met het nieuwe Agentschap Opgroeien. In zijn advies over de conceptnota van minister Weyts voor een nieuw regelgevend kader voor de onderwijsinternaten, pleitte de Vlor voor een goede afstemming tussen Welzijn en Onderwijs in functie van een passende setting voor elke jongere. Lees het advies over de conceptnota ‘Onderwijsinternaten, een plaats binnen de samenleving’ (17/12/2021)
www.vlor.be
43
Kritische voorwaarden
© Louise Vanhouwenhuyse
Jaarverslag 2020-2021
Jeugd Van minister Benjamin Dalle ontving de Vlor een adviesvraag/kennisgeving bij het ontwerp Vlaams Jeugd- en Kinderrechtenbeleidsplan 2020-2024. De Vlor reageerde op die vraag met een brief waarin hij aangaf zich te kunnen vinden in de prioritaire strategische doelstellingen, die complexe uitdagingen waar Vlaanderen voor staat, weerspiegelen en op scherp werden gesteld door de coronacrisis. Die doelstellingen sluiten ook aan bij de doelstellingen van verschillende permanente overlegstructuren in de Vlor. Lees de brief aan minister Dalle als reactie op het ontwerp Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleidsplan 2020-2024 De Vlor ging daarop, samen met adviesraden uit andere beleidsdomeinen, in gesprek met de minister over hoe de aanbevelingen het beleidsplan kunnen versterken.
www.vlor.be
44
Jaarverslag 2020-2021
Werk De Vlor nodigde het dagelijks bestuur van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) uit om via een overlegplatform in dialoog te gaan over dossiers op het snijvlak van Onderwijs en Werk. Doel van het overlegplatform is om naast gezamenlijke beleidsbeïnvloeding en engagementen, samen te werken aan vernieuwingen. Het partnerschap deed afgelopen jaar gemeenschappelijke oproepen aan het beleid over de digitalisering in onderwijs (zie pagina 22) en de gevolgen van de coronacrisis voor het duaal leren (zie pagina 18). De Vlor is betrokken bij de onderhandelingen over de nieuwe sectorconvenants. Daarin worden engagementen opgenomen van de sectoren ten aanzien van de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt. De Vlor vertegenwoordigt het onderwijsveld in de ambtelijke werkgroep die de onderhandelingen voorbereidt vanuit het perspectief van de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt, duaal leren en levenslang leren.
Integratie en Inburgering Ook het beleid over diversiteit en inburgering in de samenleving doorkruist vanzelfsprekend het onderwijsveld. De expertise van de Vlor kan het beleid ondersteunen rond thema’s zoals diversiteit op scholen (leerlingenpubliek en lerarenteams), NT2 en inburgeringstrajecten, gelijke kansen op alle niveaus van het onderwijs, taalachterstand en schooluitval. Bij het begin van de legislatuur startte de Vlor een overleg op met het kabinet van bevoegd minister Bart Somers. Naar aanleiding van onze adviezen bij de hertekening van het inburgeringstraject werd de Vlor uitgenodigd voor verder overleg met het kabinet en ging de minister het engagement aan om de NT2-opleidingsverstrekkers te betrekken bij de verdere uitbouw van zijn beleid. Dat resulteerde onder meer in een nieuwe adviesvraag over het ontwerp van besluit Integratie en inburgering (zie pagina 29).
www.vlor.be
45
DEEL 2 Hoe werkt de Vlor?
Jaarverslag 2020-2021
De geledingen van de Vlor
1 De geledingen van de Vlor Representatieve samenstelling De samenstelling van de Vlor is geregeld bij besluit van de Vlaamse Regering. Iedereen die bij onderwijs betrokken is, heeft een stem in de Vlor. De onderwijsorganisaties, maar ook alle belanghebbenden zijn er vertegenwoordigd. Op die manier kan de Vlor het onderwijsbeleid mee vormgeven vanuit een onderwijskundige, pedagogische en maatschappelijke invalshoek.
De vertegenwoordiging in de Vlor gebeurt per geleding: De inrichters van onderwijs •
het Gemeenschapsonderwijs (GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap)
•
het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen (POV)
•
het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap (OVSG)
•
Katholiek Onderwijs Vlaanderen
•
het Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers (OKO)
Het GO!, POV en OVSG vormen het officieel onderwijs; Katholiek Onderwijs Vlaanderen en OKO staan voor het vrij onderwijs. In alle raden hebben het officieel en het vrij onderwijs evenveel vertegenwoordigers. OKO is een samenwerkingsverband van de Federatie van Onafhankelijke Pluralistische Emancipatorische Methodescholen (FOPEM), de Federatie van Rudolf Steinerscholen in Vlaanderen, het Vlaams Onderwijs Overlegplatform (VOOP), de inrichtende machten van het protestants-christelijk onderwijs (IPCO). Voor het hoger onderwijs vertolken de instellingshoofden, aangeduid door Vlir en Vlaamse Hogescholenraad, de rol van de inrichters van onderwijs. In de Raad Levenslang en Levensbreed Leren zetelen ook vertegenwoordigers van VDAB, SYNTRUM en SOCIUS. Het Vrij CLB Netwerk groepeert de inrichtende machten van de vrije centra voor leerlingenbegeleiding. Het Gemeenschapsonderwijs, OVSG en POV vertegenwoordigen de eigen centra voor leerlingenbegeleiding.
Het personeel De vakbonden vertegenwoordigen het personeel van de onderwijs- en vormingsinstellingen
www.vlor.be
•
Algemene Centrale der Openbare Diensten (ACOD)
•
Christelijke Onderwijscentrale (COC)
•
Christelijk Onderwijzersverbond (COV)
•
Vrij Syndicaat voor het Openbaar Ambt (VSOA)
47
Jaarverslag 2020-2021
De geledingen van de Vlor
De gebruikers De studenten, scholieren en cursisten •
de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) in de Algemene Raad en de Raad Hoger Onderwijs
•
de Vlaamse Scholierenkoepel (VSK) in de Algemene Raad en in de Raad Secundair Onderwijs
•
de cursisten via een algemene oproep in de Raad Levenslang en Levensbreed Leren
De ouders De erkende ouderverenigingen vertegenwoordigen de ouders: •
de Koepel van Ouderverenigingen van het Officieel Gesubsidieerd Onderwijs (KOOGO)
•
de ouders van het Gemeenschapsonderwijs (GO! ouders)
•
de Vlaamse confederatie van ouders en ouderverenigingen (VCOV) vertegenwoordigt de ouders met kinderen in het vrij gesubsidieerd onderwijs
De directeurs In elke raad (behalve in de Raad Hoger Onderwijs) zetelen directeurs van scholen en centra voor volwassenenonderwijs, basiseducatie of deeltijds kunstonderwijs. De directeurs worden gezamenlijk voorgedragen door de representatieve verenigingen van inrichtende machten en het GO! en door de representatieve vakorganisaties.
De sociaal-economische organisaties De vertegenwoordigers van de sociaal-economische organisaties worden aangeduid door de SERV.
De sociaal-culturele organisaties De Verenigde Verenigingen duiden de afgevaardigden aan die de sociaal-culturele organisaties vertegenwoordigen. In het werkjaar 2020-2021 waren dat:
www.vlor.be
•
Het Netwerk tegen armoede
•
De Gezinsbond
•
LEVL (voorheen Het Minderhedenforum)
•
De Federatie sociaal-cultureel werk
•
Welzijnszorg
•
Katholieke Vereniging Gehandicapten (KVG-Vorming)
•
Vijftact vzw
•
Jeugddienst van de Socialistische Mutualiteiten (JOETZ)
48
Het Vast Bureau
Jaarverslag 2020-2021
2 Het Vast Bureau LEDEN OP 31 JUNI 2021
www.vlor.be
Ann Verreth algemeen voorzitter
Mia Douterlungne Algemeen secretaris
Elise Beeckmans VVS
Kurt Berteloot voorzitter Raad Levenslang en Levensbreed Leren
Lieven Boeve Katholiek Onderwijs Vlaanderen
Marianne Coopman COV
Patriek Delbaere OVSG
Veerle Hendrickx voorzitter Raad Hoger Onderwijs
Marnix Heyndrickx VSOA Onderwijs
Hannelore Lambrighs KOOGO
Nancy Libert ACOD-onderwijs
Saskia Lieveyns voorzitter Raad Secundair Onderwijs
Chris Smits Katholiek Onderwijs Vlaanderen
Geert Spiessens GO!
Jos Vaesen VCOV
Raymonda Verdyck GO!
Ann Verhaegen Departement Onderwijs en Vorming
Anne Verhoeven voorzitter Raad Basisonderwijs
Jesse Verleije Vlaamse Scholierenkoepel
Koen Wils COC
49
De raden
Jaarverslag 2020-2021
3
De raden
3.1.
De Algemene Raad
LEDEN OP 30 JUNI 2021 Ann Verreth - voorzitter GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Raymonda Verdyck
Geert Spiessens
Saskia Lieveyns
Luc Vernaillen
Patriek Delbaere - ondervoorzitter
Walentina Cools
Bruno Sagaert
Hildegard Schmidt
POV
Griet Mathieu
Koen Bouve
Katholiek Onderwijs Vlaanderen
Lieven Boeve
Machteld Verhelst
Anne Verhoeven
Willy Claes
Chris Smits
Cindy Lammens
Jan Schokkaert
Kurt Berteloot
Kris Denys
Lieve Vansintjan
Vlir
Ann De Schepper
Jan Eggermont
Vlaamse Hogescholenraad
Koen Goethals
Eric Vermeylen
Off. BO
Gerda Calders
Didier Van De Gucht
Vrij SO
Jan De Boeck
Maité Schiepers
Off. DKO
Johan Jonniaux
Anne-Marie Verbeek
Vrij CVO
Katty Van Camp
Geert Degrande
VCLB
Stefaan Grielens
Jean-Pierre Goor
GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Inrichtende machten GO!
OVSG
OKO Inrichtende machten
Directeurs
www.vlor.be
50
De raden
Jaarverslag 2020-2021
Personeel ACOD
Jean-Luc Barbery
Wendy Thomas
Nancy Libert
Marc Borremans
COV
Marianne Coopman
Isabel Rots
COC
Koen Wils
Koen Van Kerkhoven
COC-COV
Goele Cornelissen
Hilde Lavrysen
VSOA
Marnix Heyndrickx
Wauter Leenknecht
Jos Vaesen
Karolien Bouchet
Kim Bogaerts
Katleen Bodvin
KOOGO
Hannelore Lambrighs
An Ryckmans
GO! ouders
Timothy Van Raemdonck
Veerle Vyverman
Jesse Verleije
Flor Van der Eycken
Jan Van den Broeck
Simon Sterck
Dylan Couck
Elise Beeckmans
Mats Baelus
Levi Bresseleers
Sarah Lambrecht (ABVV)
Sam Coomans (ACV)
Jonas De Raeve (Voka)
Joris Renard (Unizo)
Hilde Timmermans (Gezinsbond)
Waut Hespel (JOETZ)
Sanghmitra Bhutani (LEVL)
Nele Schroyen (Netwerk tegen Armoede)
Ouderverenigingen VCOV
Leerlingen VSK Studenten VVS Sociaal-economische organisaties SERV Sociaal-culturele organisaties Verenigde Verenigingen
www.vlor.be
51
Jaarverslag 2020-2021
De raden
Commissies en langlopende werkgroepen •
commissie Diversiteit en Gelijke Onderwijskansen
•
commissie Internationaal Onderwijs- en Vormingsbeleid
•
commissie Onderwijs en Samenleving
•
commissie Leerlingenbegeleiding
•
commissie Onderwijs aan Lerenden met specifieke noden
•
commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt
•
commissie Onderwijsonderzoek
•
overlegplatform Welbevinden en Preventie van Pesten op School
•
overlegplatform Studiekeuze van secundair naar hoger onderwijs
Uitgebrachte adviezen 24/06/2021
Nieuw investeringsprogramma scholenbouw Advies over het voorontwerp van decreet over de DBFM-Scholen van Vlaanderen 24/06/2021
Kennisvragen van het onderwijsveld Thema’s en vragen voor onderwijskundig beleids- en praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek (OBPWO 2022)* 10/06/2021
Kwetsbaarheid aanpakken via weerbaar onderwijs Advies over de visienota ‘Van kwetsbaar naar weerbaar – deel 1 – beter leren, beter voelen’* 11/05/2021
Programmadecreet bij de begrotingsaanpassing 2021 Advies over het voorontwerp van programmadecreet bij begrotingsaanpassing 2021 21/01/2021
Voorwaarden voor kwaliteitsvolle proeven in onderwijs Advies over het beleidsvoornemen om gevalideerde, gestandaardiseerde en genormeerde proeven in te voeren* 21/01/2021
Onderwijsdecreet XXXI Advies bij het voorontwerp van decreet over het onderwijs XXXI 21/01/2021
Voorwaarden voor succesvolle ICT-integratie in onderwijs Advies over de visienota ‘Digisprong: van achterstand naar voorsprong’*
www.vlor.be
52
Jaarverslag 2020-2021
De raden
17/12/2020
Onderwijsinternaten Advies over de conceptnota ‘Onderwijsinternaten, een plaats binnen de samenleving’ 17/12/2020
Naar een Europese Onderwijsruimte? Advies over de Mededeling van de Europese Commissie* 26/11/2020
Voluit voor weerbaar onderwijs Wat leren we uit de coronacrisis voor onderwijsbeleid?* 22/10/2020
Themazetting OBPWO 2021 Advies over de themazetting voor Onderwijskundig Beleids- en Praktijkgericht Wetenschappelijk Onderzoek 2021 22/10/2020
Programmadecreet bij begrotingsaanpassing 2021 Advies over het voorontwerp van programmadecreet bij de begrotingsaanpassing 2021 22/10/2020
Procedure Kunstkuur Advies over de beoordeling van aanvragen voor lokale samenwerkingsinitiatieven tussen scholen voor basis- en secundair onderwijs, instellingen voor hoger onderwijs en de academies voor deeltijds kunstonderwijs* 24/09/2020
Meer kruisbestuiving tussen wegen naar een diploma secundair onderwijs Advies over samenwerking tussen secundair onderwijs, tweedekansonderwijs en de Examencommissie secundair onderwijs om de kansen op een onderwijskwalificatie te verhogen* 24/09/2020
Onderwijsdoelen voor lerenden met specifieke noden Advies met enkele principes om het onderwijs aan leerlingen met specifieke noden mee te nemen in de modernisering van de onderwijsdoelen* 27/08/2020
Eindtermen tweede en derde graad secundair onderwijs Advies over het voorontwerp van decreet betreffende de onderwijsdoelen voor de tweede en de derde graad van het secundair onderwijs en diverse andere verwante maatregelen * advies op eigen initiatief
www.vlor.be
53
De raden
Jaarverslag 2020-2021
3.2. De Raad Basisonderwijs LEDEN OP 30 JUNI 2021 GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Gorik Van Assche
Els Supply
Lotje De Spiegeleer
Andries Valcke
Bruno Sagaert
Karen Dehaen
Bjorn Desmet
Steven De Laet
Anne Verhoeven - voorzitter
Kris De Ruysscher
Kaat Hendrickx
Annemie Jennes
Lieve Van Lancker
Bart Masquillier
Catherine Devos
Tine Schürg
Vrij
Stijn Schillebeeks
Raf Waumans
Off.
Marleen De Roover
Erik Deyaert
ACOD
Wendy Thomas - ondervoorzitter
Nancy Libert
COV
Marianne Coopman
Hilde Lavrysen
Isabel Rots
Nancy Dewulf
Bert Verhaegen
Eva Tiquet
COC
Filip Vandenberge
Marina De Pauw
VSOA
Pascal Claessens
Sabine Huybrecht
VCOV
Karolien Bouchet
Mark Pauwels
KOOGO - GO! ouders
Hannelore Lambrighs
An Ryckmans
VCLB
Tine Gheysen
Marleen Van den Mooter
CLB off.
Dina Baetens (OVSG)
Inge Van Trimpont (GO!)
Kris Dom (Welzijnszorg)
Koen Trappeniers (Welzijnszorg)
Nele Schroyen (Netwerk tegen Armoede)
Sanghmitra Bhutani (LEVL)
Inrichtende machten GO!
OVSG
Katholiek Onderwijs Vlaanderen
OKO Directeurs
Personeel
Ouderverenigingen
CLB
Sociaal-culturele organisaties Verenigde Verenigingen
www.vlor.be
54
Jaarverslag 2020-2021
De raden
Commissie en langlopende werkgroepen •
technische werkgroep Programmaties Basisonderwijs
Uitgebrachte adviezen 31/03/2021
Vernieuwende projecten voor integratie kinderopvang en onderwijs Advies over de financiering van vernieuwende projecten die inzetten op een doorgaande lijn tussen kinderopvang van baby’s en peuters, kleuteronderwijs en kleuteropvang 03/02/2021
Taalscreening bij kleuters Kritische voorwaarden om de taalscreening in scholen te implementeren* 13/01/2021
Programmatieaanvragen buitengewoon basisonderwijs 2021-2022 Advies 16/10/2020
Eindtermen en ontwikkelingsdoelen basisonderwijs Advies over de conceptnota ‘eindtermen en ontwikkelingsdoelen basisonderwijs’* 09/09/2020
Het kwaliteitslabel kleuteropvang Advies over het besluit over het kwaliteitslabel kleuteropvang 09/09/2020
Lokaal beleid en overgangsbepalingen buitenschoolse kinderopvang Advies over het besluit over lokaal beleid en overgangsbepalingen
* advies op eigen initiatief
www.vlor.be
55
De raden
Jaarverslag 2020-2021
3.3. De Raad Secundair Onderwijs LEDEN OP 30 JUNI 2021 GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Saskia Lieveyns - voorzitter
Luc Vernaillen
Els Supply
Hannes Develter
POV
Koen Bouve
Griet Mathieu
OVSG
Hildegard Schmidt
Johan Vandenbranden
Katholiek Onderwijs Vlaanderen
Dominiek Desmet
Koen Stassen
Katrien Bressers
Joost Laeremans
Cindy Lammens
Ann Van Grieken
OKO
Hans Annoot
Hans Annoot
SYNTRUM/SYNTRA
Sven Brouwers
Bert Van Cauteren
Vrij
Maité Schiepers
Jan De Boeck
Off.
Tom Rydant
Pascal De Rop
ACOD
Wendy Thomas
Nancy Libert
COC
Wim Plas
Dominique Van Overmeire
Goele Cornelissen
Bart De Haes
Filip Vandenberghe
Dina Van Der Kelen
Paul Willekens
Marina De Pauw
Wauter Leenknecht
Dirk Dietrich
KOOGO - GO! ouders
Timothy Van Raemdonck
Veerle Vyverman
VCOV
Franciska Wildenboer
Kim Bogaerts
Flor Van der Eycken
Jesse Verleije
Rania Fahi
Mauro Michielsen
VCLB
Sonja Buts - ondervoorzitter
Kris Van den Bossche
CLB off.
Inge Van Trimpont (GO!)
Barbara Roelandt (OVSG)
Inrichtende machten GO!
Directeurs
Personeel
VSOA Ouderverenigingen
Leerlingen VSK CLB
www.vlor.be
56
De raden
Jaarverslag 2020-2021
Sociaal-culturele organisaties Verenigde Verenigingen
Lief Vanbael (KVG-Vorming)
Greet Firlefyn (Vijftact vzw)
Nele Schroyen (Netwerk tegen Armoede)
Kris Dom (Welzijnszorg)
Commissies en langlopende werkgroepen •
technische werkgroep Programmaties Secundair Onderwijs
•
technische werkgroep Programmaties Duaal Leren
•
technische werkgroep Oprichting Buitengewoon Secundair Onderwijs
Uitgebrachte adviezen 01/07/2021
Programmatie van een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers (OKAN) - schooljaar 20212022 (2) Advies 15/06/2021
Programmatie van een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers (OKAN) - schooljaar 20212022 (1) Advies 01/04/2021
Duurzame innovatie en professionalisering in arbeidsmarktgericht onderwijs Advies naar aanleiding van InnoVET* 11/03/2021
Aanvullende stagebonus voor leerwerkplekken Advies over de wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering over de start- en stagebonus - schooljaar 2020-2021 11/03/2021
Leerlingen screenen en certificeren op competenties in zorgopleidingen dbso Advies over het minimumaantal uren alternerend werkplekleren in de lineaire dbso-opleidingen van de zorgberoepen – schooljaar 2021-2022* 11/02/2021
Toekomstvisie voor de Regionale Technologische Centra (RTC) Advies over de visienota ‘Regionaal Technologisch Centrum. Streven naar optimalisering via structurele samenwerking met alle partners’*
www.vlor.be
57
Jaarverslag 2020-2021
De raden
11/02/2021
Programmaties van nichebasisopties in de eerste graad gewoon secundair onderwijs – schooljaar 2021-2022 Advies 11/02/2021
Programmaties in de tweede graad gewoon secundair onderwijs – schooljaar 2021-2022 Advies 11/02/2021
Programmaties in de derde graad gewoon secundair onderwijs – schooljaar 2021-2022 Advies 21/01/2021
Programmatie van niet-duale opleidingen in het buitengewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 Advies 21/01/2021
Programmatie van duaal leren in het buitengewoon secundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 Advies 21/01/2021
Programmatie van duaal leren in het gewoon secundair en in het deeltijds beroepssecundair onderwijs - schooljaar 2021-2022 Advies 21/01/2021
Bezorgdheden over de omzetting van leren en werken naar duaal leren en aanloopfase Advies bij de mededeling van de Vlaamse Regering ‘Van leren en werken naar duaal leren en aanloopfase: een veilige haven voor elke leerling’ 21/01/2021
Programmatie van een nieuwe school, een nieuwe opleidingsvorm of een nieuw type in het buitengewoon secundair onderwijs – schooljaar 2021-2022 Advies 27/10/2020
Regeling van de leertijd Advies over het voorontwerp van besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de leertijd
* advies op eigen initiatief
www.vlor.be
58
De raden
Jaarverslag 2020-2021
3.4. De Raad Hoger Onderwijs LEDEN OP 30 JUNI 2021 GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Ann De Schepper
Luc Van de Poele
Jan Eggermont
Piet Verhesschen
Mieke Van Herreweghe
Anne Magherman
Jan Danckaert
Wanda Guedens
Veerle Hendrickx - voorzitter
Tomas Legrand
Koen Goethals
Pascale De Groote
Johan Dhondt
Ben Lambrechts
Joris Hindryckx
Marc Vandewalle
Inge Vansweevelt
Marc Borremans
Lorenzo Eecloo
Astrid Van der Haeghen
Els Jacobs
Katrien Steenhaut
Jan Goossens
Tom Vandersteene
Jan Soons
Ann Audenaert
Wauter Leenknecht
Sabine Huybrecht
Dylan Couck - ondervoorzitter
Levi Bresseleers
Nathan Steyaert
/
Sander Vanmaercke
/
Elise Beeckmans
/
Leandro Storme
/
Mats Baelus
/
Sanghmitra Bhutani (LEVL)
/
Hilde Timmermans (Gezinsbond)
/
Instellingshoofden HO Vlir
Vlhora
Personeel ACOD
COC
VSOA Studenten VVS
Sociaal-culturele organisaties Verenigde Verenigingen
www.vlor.be
59
Jaarverslag 2020-2021
De raden
Langlopende werkgroep •
Werkgroep Internationale Tendensen Hogeronderwijsbeleid
•
Werkgroep digitalisering hoger onderwijs: Stuurgroep POWERHEAD
Uitgebrachte adviezen 01/07/2021
Microcredentials in Europees perspectief Advies voor de openbare raadpleging van de Europese Commissie ‘Microcredentials for lifelong learning and employability’* 11/05/2021
Bouwstenen voor een betaalbaar hoger onderwijs Advies n.a.v. resultaten studiekostenmonitor hoger onderwijs* 30/03/2021
Voorwaarden voor een relance van het Vlaamse hoger onderwijs Advies over de visienota ‘Voorsprongfonds hoger onderwijs’* 09/03/2021
Opvolging Bolognaproces over de Europese hogeronderwijsruimte Advies over het Romecommuniqué en aandachtspunten voor Vlaanderen* 09/03/2021
Drempels wegwerken voor het levenslang leren in het hoger onderwijs Advies voor het Vlaams actieplan levenslang leren* 08/09/2020
Onderwijsbelastingseenheden van de hogescholen Advies over de conceptnota ‘Onderwijsbelastingseenheden van de hogescholen: evaluatie en groeipad in meerjarig perspectief’
* advies op eigen initiatief
www.vlor.be
60
De raden
Jaarverslag 2020-2021
3.5. De Raad Levenslang en Levensbreed Leren LEDEN OP 30 JUNI 2021 GELEDING
WERKENDE LEDEN
PLAATSVERVANGERS
Inrichtende machten en opleidingsverstrekkers GO!
Daisy Denolf
Frederik Vanroelen
POV
Griet Mathieu
Greet Van Dender
OVSG
Bernadette Van Kemseke
Johan Vandenbranden
Katholiek Onderwijs Vlaanderen
Kurt Berteloot- voorzitter
Hilde Penneman
Eddy Demeersseman
Carmen Wullaert
Katty Van Camp
Veerle Adams
Basiseducatie
Anne Bogaerts
Joke Drijkoningen
VDAB
Isabel Gaisbauer
Veerle Desutter
Socius
Ronny Leenknegt
Fred Dhont
SYNTRA
Chris Venken
Bert Van Cauteren
Off. DKO
Bartholomeus Remans
Hilde Van Keer
Vrij CVO
Maryse Boufflette
Isabel Laing
Off. CVO
Gunther Degroote
Marleen Mast
Basiseducatie
Leen Adams
Anja Geerdens
Inge Van Sweevelt
Jean-Luc Barbery
Gert Hurkmans
Dany Bollens
Sylvie Vanspeybroeck ondervoorzitter
Katrien Verstraeten
Ingrid Kremer
Bart Kindt
Serge Vermunicht
Gerald Paternoster
Philip Berger
Sabine Huybrecht
Freddy Tack
Didier Bataillie
Ivo Groffils
Katarzyna Marek
Gunther Corthals
/
/
Micheline Van Lokeren
Directeurs
Personeel ACOD
COC
VSOA Cursisten
www.vlor.be
61
De raden
Jaarverslag 2020-2021
Sociaal-culturele organisaties Verenigde Verenigingen
Dirk Verbist (De Federatie)
Barbara Delft (De Federatie)
Sanghmitra Bhutani (LEVL)
Sophia Honggokoesoemo (LEVL)
Commissie en langlopende werkgroepen •
commissie Basiseducatie
•
commissie Deeltijds Kunstonderwijs
•
commissie Volwassenenonderwijs
•
technische Werkgroep Onderwijsbevoegdheid
Uitgebrachte adviezen 30/03/2021
Aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid voor cvo – voorjaar 2021 Advies 30/03/2021
Kiem voor een sterke relance van het volwassenenonderwijs Advies over de visienota Edusprong* 30/03/2021
Aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid voor dko – voorjaar 2021 Advies 30/03/2021
Aanvragen voor nieuwe opleidingsprofielen secundair volwassenenonderwijs – voorjaar 2021 Advies 28/01/2021
Wijziging Integratie- en inburgeringsdecreet Advies over het voorontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie-en inburgeringsbeleid 12/01/2021
Screening regelgeving levenslang en levensbreed leren in het volwassenenonderwijs Advies voor het Vlaams actieplan levenslang leren*
www.vlor.be
62
Jaarverslag 2020-2021
De raden
10/11/2020
Aanvragen voor bijkomende onderwijsbevoegdheid voor cvo - november 2020 Advies 10/11/2020
Opleidingsprofielen voor het secundair volwassenenonderwijs - november 2020 Advies 06/10/2020
Hertekening inburgeringstraject: drempels wegwerken Advies over de conceptnota Hertekening van het inburgeringstraject* 08/09/2020
Leercultuur in de volwasseneneducatie Advies met voorstellen om de leercultuur in de volwasseneneducatie in Vlaanderen te verbeteren*
* advies op eigen initiatief
www.vlor.be
63
Jaarverslag 2020-2021
Activiteiten
4 Activiteiten Studiedagen 16/09/2020 Startdag 2020 - Lessen uit de crisis: de leraar 20/11/2020 Webinar InnoVET 01/12/2020 Seminarie - Instrumenten in de overgang van secundair naar hoger onderwijs 08/03/2021 School
onderzoek. Interactieve inspiratiedag voor leraren en onderzoekers
Interne seminaries en toelichtingen Stand van zaken Vlaanderen in internationaal onderwijsonderzoek, Algemene Raad, 15 september 2020 en 1 juni 2021. Toelichting bij het onderzoek over de taalscreening bij kleuters (Centrum voor Taal en Onderwijs, KU Leuven), Raad Basisonderwijs, Werkgroep Taal kleuters, Commissie Diversiteit en gelijke kansen, 22 september 2020. Voorstelling pilootproject ‘Bewaking op de werkvloer’ i.k.v. Skills Navigator (Stad Gent) commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt, 30 september 2020. Toelichting bij de conceptnota over nieuwe onderwijsdoelen basisonderwijs (AHOVOKS en kabinet Onderwijs), Raad Basisonderwijs, 7 oktober 2021. Voorstelling Onderwijsspiegel 2020, 8 oktober 2020. Introductie in beleidsproject centrale toetsen (Jeroen Backs van het departement Onderwijs en Vorming), Algemene Raad, Raad Basisonderwijs, Raad Secundair Onderwijs, Raad Hoger Onderwijs, werkgroep GGG-proeven, 16 oktober 2020. Toelichting bij het onderzoek over de taalintegratietrajecten (UAntwerpen), Raad Basisonderwijs, Werkgroep Taal kleuters en Commissie Diversiteit en gelijke kansen, 21 oktober 2021. Stand van zaken uitrol EVC-beleid (toelichting door AHOVOKS), commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt, 18 november 2020. Microcredentials: opportuniteiten voor het volwassenenonderwijs (Magalie Soenen van departement Onderwijs en Frederik De Decker van UGent), Raad Levenslang en Levensbreed Leren, 1 december 2020. Voorstelling Studiekostenmonitoren bovenbouw SO, bso en buso, Raad Secundair Onderwijs, 3 december 2020. Voorstelling resultaten studiekostenmonitor hoger onderwijs, Raad Hoger Onderwijs, 8 december 2020. Inzage in de impact van corona op het inschrijvingsrecht voor schooljaar 20-21, commissie Diversiteit, 11 december 2020.
www.vlor.be
64
Jaarverslag 2020-2021
Activiteiten
Duaal leren in het volwassenenonderwijs: mededeling aan de VR (Monika Conkova van departement Onderwijs en Jessie Vandeweyer van departement WSE), Raad Levenslang en Levensbreed Leren en commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt (samen met Commissie Onderwijs van de SERV), 15 december 2020. Voorstelling rapport evaluatie zomerscholen 2020, Algemene Raad, 6 januari 2021. Relanceplannen levenslang leren Vlaamse Regering, vanuit het beleidsdomein Werk (kabinet Crevits), Raad Levenslang en Levensbreed Leren en RHO, 10 februari 2021. Vroegtijdig schoolverlaten: cijfers 2018-2019, Raad Secundair Onderwijs, commissie OnderwijsArbeidsmarkt, Raad Levenslang en Levensbreed Leren, 6 mei 2021. Jaarverslag Examencommissie SO 2020, Raad Secundair Onderwijs, commissie OnderwijsArbeidsmarkt, Raad Levenslang en Levensbreed Leren, 6 mei 2021. Nulmeting in het kader van monitoring en evaluatie van het financieringsdecreet volwassenenonderwijs (AHOVOKS), Raad Levenslang en Levensbreed Leren, 11 mei 2021. Voorstelling resultaten haalbaarheidsstudie naar de invoering van centrale toetsen door de onderzoekers, Algemene Raad, Raad Basisonderwijs, Raad Secundair Onderwijs, Raad Hoger Onderwijs, werkgroep GGG-proeven, 28 mei 2021. Toelichting bij de stand van zaken van het beleidsproject centrale toetsen (door kabinetschef Katrien Bonneux en Jeroen Backs van het departement Onderwijs en Vorming), werkgroep GGG-proeven, 1 juni 2021. Rapport Rekenhof: Vroegtijdig schoolverlaten en leerlingenbegeleiding in (d)bso, Raad Secundair Onderwijs, Raad Levenslang en Levensbreed Leren en commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt, 10 juni 2021. Voorstelling Onderwijsspiegel 2021, Raad Basisonderwijs, 9 juni 2021. Voorstelling Onderwijsspiegel 2021, Raad Secundair Onderwijs, 10 juni 2021. Optimalisatie RTC-werking door kabinet Weyts, commissie Onderwijs-Arbeidsmarkt, 16 juni 2020. Rapport volwassenenonderwijs: Van crisis naar kans? (Onderwijsinspectie), Raad Levenslang en Levensbreed Leren, 29 juni 2021.
www.vlor.be
65
Jaarverslag 2020-2021
Publicaties
5 Publicaties
Tijdens het werkjaar 2019-2020 reflecteerde een werkgroep in de Vlor over het omgaan met verschillen op vlak van culturele, etnische en levensbeschouwelijke identiteit op school en in de klas. Het resultaat daarvan werd in september 2020 gepubliceerd in het boek ‘Zonder wrijving geen glans’. Daarin komen enkele experten aan het woord die telkens vanuit hun invalshoek en expertise een antwoord geven op drie centrale vragen: •
Hoe ga je om met verschillende achtergronden in de klas?
•
In welke situaties is conflict juist nuttig om de dialoog aan te gaan?
•
Wat betekent superdiversiteit voor de toekomst van het onderwijs?
Het tweede deel van het boek bevat de praktijkwijzer om leraren een richting te geven om met die spanningen om te gaan en geeft enkele concrete toepassingen daarop. Lees hier meer over de publicatie ‘Zonder wrijving geen glans’
www.vlor.be
66
Jaarverslag 2020-2021
Het Permanent Secretariaat
6 Het Permanent Secretariaat Het permanent secretariaat van de Vlor staat in voor de praktische organisatie en de inhoudelijke ondersteuning van de onderwijsraad.
6.1.
Personeel In het werkjaar 2020-2021 telde de Vlor 24 medewerkers: 8 mannen, 16 vrouwen. Er werkten 14 statutairen, 7 contractuelen en 3 gedetacheerden.
Mia Douterlungne | administrateur-generaal Staf Marleen Colpin | secundair onderwijs - diversiteit en GOK - onderwijsonderzoek Ann Daenens | communicatie Filip De Bruyne | ICT en financiën Tine Degrande | hoger onderwijs - overgang secundair-hoger onderwijs Martijn De Laender | projectmedewerker InnoVET (tot december 2020) Ewoud De Sadeleer | levenslang en levensbreed leren - aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt Carine De Smet | leerlingenbegeleiding, internationaal onderwijsbeleid, onderwijs & samenleving, welbevinden Eric d’Hooghe | leerzorg, programmaties/onderwijsbevoegdheid Simon Grymonprez | project ‘de leraar’ - STEM – digitalisering Roos Herpelinck | leerzorg en leerlingenbegeleiding (tot 1 mei 2021) Joël Job | personeel en logistiek Katrien Persoons | basisonderwijs – project ‘De Leraar’ Administratie Nancy Tuts | directiesecretariaat Isabelle Berghs | documentatiedienst Piet De Craecker - Nicole Meuleman - Mireille Pauwels - Pascale Vaegenhende - Daniëlle Wouters | administratieve ondersteuning Onthaal | logistiek Wim Antheunis | Ebru Biçer - Viviane Piron - Sigrid Van Laethem
www.vlor.be
67
Jaarverslag 2020-2021
Het Permanent Secretariaat
6.2. Informatie en communicatie De Vlor communiceert in de eerste plaats naar de beleidsactoren en zijn leden. Hij stemt zijn communicatiekanalen zoveel mogelijk af op deze specifieke doelgroepen.
Adviezen De advisering van de Vlor is in eerste instantie gericht naar de beleidsmakers voor Onderwijs en Vorming: de minister (en kabinet) en de administratie. De adviezen worden aan deze prioritaire doelgroep dan ook persoonlijk bezorgd. Ook de leden van de Commissie Onderwijs in het Vlaams Parlement en politieke partijen zijn een belangrijke doelgroep voor de Vlor-adviezen. Zij ontvangen op geregelde tijdstippen een overzicht van de recente adviezen of eerdere adviezen die relevant zijn voor de besprekingen van de Commissie.
Ledencommunicatie Het intranet van de Vlor vormt de ruggengraat van de ledencommunicatie. De leden van de raden en commissies en de deelnemers aan tijdelijke werkgroepen kunnen zich snel en doelgericht informeren over de werkzaamheden waar zij rechtstreeks bij betrokken zijn. Zo kunnen zij de agenda en voorbereidende documenten van vergaderingen raadplegen en een opvolgingsdocument consulteren waarmee zij de weg van een (ontwerp)advies doorheen de organisatie kunnen opvolgen, samen met de eventuele wijzigingen aan de regelgeving die ermee verband houden. De dienst informatica verzorgt een interne helpdesk voor de medewerkers en de leden.
www.vlor.be De Vlor-website is de spil van de communicatie. Hij geeft een actueel overzicht van de uitgebrachte adviezen. Met een uitgebreide zoekfunctie kunnen eerdere Vlor-adviezen thematisch doorzocht worden. Bezoekers kunnen er zich inschrijven voor studiedagen en andere activiteiten of publicaties bestellen. De Vlor-website had afgelopen werkjaar 63.419 bezoekers. De website wordt geraadpleegd om adviezen te bekijken, publicaties te bestellen, in te schrijven voor een activiteit of voor algemene informatie over de Vlor of over zijn projecten. Via de website lopen ook vragen om informatie binnen.
Nieuwsbrief Alle scholen en CLB ontvangen viermaal per jaar In beraad. Deze papieren nieuwsbrief geeft een overzicht van de werkzaamheden en kondigt nieuwe initiatieven aan. De Vlor verstuurt maandelijks een digitale nieuwsbrief. Die houdt abonnees op de hoogte van de recente Vlor-adviezen en van de agenda. Geïnteresseerden kunnen zich abonneren op deze nieuwsbrief via www.vlor.be. In juni 2021 telde de nieuwsbrief 3747 abonnees.
Andere kanalen De leden van de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement ontvangen regelmatig een overzicht van Vlor-adviezen die relevant zijn voor hun besprekingen. De raad kan ook worden uitgenodigd in de Commissie om een advies toe te lichten. Via de kranten en de bewegingspers probeert de Vlor zijn naambekendheid en de weerklank van zijn standpunten en activiteiten bij de publieke opinie te vergroten, om ook langs die weg invloed uit te oefenen op het onderwijsbeleid. De Vlor deelt zijn informatie ook via de sociale media. Af en toe informeert de raad gericht specifieke doelgroepen die belang hebben bij een advies, publicatie, project of activiteit.
www.vlor.be
68
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
7 Bevoegdheden van de Vlor 7.1.
Juridische basis Decreet betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad (2 april 2004) TITEL IV. - De Vlaamse Onderwijsraad TITEL V. – Wijzigingsbepalingen Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de samenstelling van de Vlaamse Onderwijsraad (21 oktober 2005)
Bestuursdecreet (7 december 2018) Afdeling 7. Strategische adviesraden - Onderafdeling 1. Taakomschrijving strategische adviesraden
7.2. Specifieke bevoegdheden Hieronder een actueel overzicht van de decreten en besluiten met desbetreffende artikelen waarin de specifieke adviesbevoegdheden van de Vlor worden aangeduid. De decreten en besluiten staan in volgorde van (eerste) publicatie. De artikelen zijn niet altijd volledig weergegeven. (…) geeft aan dat er tekst voor of na volgt. Achter de titel zit een hyperlink naar de volledige tekst van het decreet of besluit. Besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 1994 tot regeling van de procedure voor de projecten van het onderwijskundig beleids- en praktijkgericht wetenschappelijke onderzoek Art. 4. De door de ad hoc beleidscommissie opgestelde jaarlijkse themazetting en de bijhorende budgettaire verdeling tussen kortlopend en langlopend onderzoek wordt door de minister voor advies voorgelegd aan de Vlaamse Onderwijsraad. Na dit advies bepaalt de Vlaamse Regering de prioritaire onderzoeksthema’s voor de jaarlijkse oproep en de hogervermelde budgettaire verdeling. Decreet van 25 februari 1997 betreffende het basisonderwijs Art. 111. §4 De oprichting vanaf 1 september van een nieuw type kan pas na een gunstige beslissing van de regering. Het schoolbestuur stuurt daartoe uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar een gemotiveerde aanvraag met het oprichtingsdossier aan AGODI, dat de aanvraag voor administratieftechnisch en inhoudelijk advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgt. (…) De regering neemt deze beslissing na advies van de Vlaamse Onderwijsraad over de gegrondheid van de lokale behoefte aan extra aanbod en na advies van AGODI en de onderwijsinspectie. Decreet van 30 april 2004 betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid
www.vlor.be
69
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Art. 6. De procedure tot het bekomen van een titel van beroepsbekwaamheid kan worden opgestart indien de volgende stappen werden voltooid : 1° de Vlaamse Regering bepaalt, na advies van de SERV, de beroepen waarvoor een titel van beroepsbekwaamheid kan worden uitgereikt; 2° de Vlaamse Regering bepaalt per beroep, bedoeld in 1°, na advies van de SERV, de varianten van een titel van beroepsbekwaamheid; 3° [de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding] werkt, op verzoek van de Vlaamse Regering, voor de beroepen, bedoeld in 1°, de [beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen] uit; 4° [[de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding] ontwikkelt op basis van de [beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen], de standaarden. Een standaard wordt afgeleid uit een [beroepscompetentieprofiel of competentieprofiel] en omvat de selectie van competentievereisten die noodzakelijk worden geacht voor de uitoefening van een bepaald beroep. De Vlaamse Regering bepaalt, na advies van [de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding] de standaarden;] 5° de Vlaamse Regering bepaalt, na advies van de SERV en VLOR, de procedure op basis waarvan studiebewijzen van opleidings- en onderwijsprogramma’s die overeenstemmen met de competenties verbonden aan een beroep of deel van een beroep, geïdentificeerd en erkend worden en dus beschouwd worden als een titel van beroepsbekwaamheid. Art. 9. § 1. De Vlaamse Regering richt een beroepscommissie op met als opdracht te beslissen over ingediende bezwaren met betrekking tot de procedure tot het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid, bedoeld in artikel 7, en de procedure tot het bepalen van erkende studiebewijzen, bedoeld in artikel 4, § 2. Het beroep wordt ingediend binnen een vervaltermijn van dertig kalenderdagen die ingaat de dag na deze van de betekening van de beslissing. § 2. De beroepscommissie doet uitspraak nadat de partijen, met name de indiener en de bevoegde instantie, werden gehoord. § 3. De beroepscommissie bestaat uit een voorzitter en twee onafhankelijke bijzitters. De beroepscommissie wordt bijgestaan door één of twee deskundigen inzake beroepscompetenties. § 4. De Vlaamse Regering benoemt de in § 3 bedoelde voorzitter, bijzitters en deskundigen na advies van de SERV en de VLOR. […] Decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs Art. 10. (…) De experimenteel erkende leergebieden of studiegebieden worden uiterlijk na vijf jaar door het Vlaams Parlement aan de leergebieden en studiegebieden, vermeld in artikelen 6 of 7, toegevoegd of jaar na jaar opgeheven. De toevoeging of opheffing gebeurt op basis van een advies van de Vlaamse Onderwijsraad en een evaluatie uitgevoerd door een door de Vlaamse Regering samengestelde commissie. Art. 11. § 1. De eindtermen en de specifieke eindtermen worden vastgelegd door het Vlaams Parlement bij wijze van bekrachtiging van een besluit van de Vlaamse Regering, genomen op advies van de Vlaamse Onderwijsraad. (…)
www.vlor.be
70
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Art. 12 § 3. De basiscompetenties worden vastgelegd per opleiding en zijn van toepassing op: […] 4° de opleiding aanvullende algemene vorming.23] De basiscompetenties worden bepaald door de Vlaamse Regering. [9De basiscompententies voor opleidingen die leiden naar een beroep waarvoor geen erkende beroepskwalificaties bestaan, worden bepaald op basis van door sectoren of door overheidsinstanties erkende referentiekaders en gebruik makend van descriptorelementen en dit zolang er geen erkende beroepskwalificaties zijn. Voor opleidingen die leiden naar een beroep waarvoor geen erkende beroepskwalificaties bestaan, en dit tot zolang er geen erkende beroepskwalificaties bestaan, bepaalt de Vlaamse Regering de referentiekaders waarvan de basiscompetenties voor de opleidingen worden afgeleid. De basiscompetenties worden, zoals bij erkende beroepskwalificaties, vastgelegd gebruikmakend van de descriptorelementen uit het kwalificatieraamwerk en waarborgen de toepassing van eventuele Europese, federale of Vlaamse regelgeving inzake beroepsuitoefening. De VLOR en SERV zullen om advies gevraagd worden bij het besluit dat de referentiekaders, het proces en de actoren om tot deze competenties te komen, zal vastleggen. Art. 24. § 1. Op voordracht van [het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs, vermeld in artikel 43, en de pedagogische begeleidingsdiensten die een subsidie ontvangen op basis van artikel 28 van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs] en na advies van de Vlaamse Onderwijsraad bepaalt de Vlaamse Regering de opleidingsprofielen van de opleidingen van de leergebieden, vermeld in artikel 6, en de studiegebieden, vermeld in artikel 7. (…) Art. 62 bis. In afwijking van artikel 62, kan de Vlaamse Regering aan een Centrum voor Basiseducatie onderwijsbevoegdheid toekennen voor de opleiding Nederlands tweede taal richtgraad 1 van het studiegebied Nederlands tweede taal van het secundair volwassenenonderwijs, op voorwaarde dat de hoofdvestigingsplaats van een Centrum voor Volwassenenonderwijs dat beschikt over een wachtlijst, zoals bedoeld in artikel 37, eerste lid, voor deze opleiding gelegen is in het werkingsgebied waartoe het betrokken Centrum voor Basiseducatie behoort. De Vlaamse Regering zal voorafgaandelijk aan het nemen van een beslissing, het advies van de Vlaamse Onderwijsraad inwinnen. (…) Art. 64. §1. Het bestuur van een centrum voor volwassenenonderwijs kan bij de Vlaamse Regering bijkomende onderwijsbevoegdheid aanvragen voor een studiegebied als vermeld in artikel 7, in een vestigingsplaats. De Vlaamse Regering kan de aangevraagde onderwijsbevoegdheid uitsluitend weigeren of verlenen bij een met redenen omklede beslissing. De Vlaamse Regering zal, voor ze een beslissing neemt, het advies van de Vlaamse Onderwijsraad inwinnen. (…) Art. 64bis. In afwijking van artikel 63, §1, kan de Vlaamse Regering aan een of meer centra voor volwassenenonderwijs, die onderwijsbevoegdheid hebben voor de opleiding Nederlands tweede taal richtgraad 1 van het secundair volwassenenonderwijs, onderwijsbevoegdheid toekennen voor de opleiding Nederlands tweede taal richtgraad 1 van de basiseducatie, op voorwaarde dat de hoofdvestigingsplaatsen van de centra voor volwassenenonderwijs in kwestie in het werkingsgebied liggen van het centrum voor basiseducatie dat voor die opleiding beschikt over een wachtlijst als vermeld in artikel 37, eerste lid. De Vlaamse Regering zal, voor ze een beslissing neemt, het advies van de Vlaamse Onderwijsraad inwinnen. (…). Art. 65.
www.vlor.be
§1. Het bestuur van een centrum voor volwassenenonderwijs kan bij de Vlaamse Regering een overheveling van een structuuronderdeel aanvragen. De Vlaamse Regering kan de aangevraagde overheveling uitsluitend weigeren of verlenen bij een met redenen omklede beslissing. De Vlaamse Regering zal, voor ze een beslissing neemt, het advies van de Vlaamse Onderwijsraad inwinnen. De Vlaamse Regering bepaalt de aanvraagprocedure voor de overheveling van een structuuronderdeel. (…). 71
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Art. 179 bis. In afwijking van artikel 24, § 1, en in afwachting van de installatie van de stuurgroep vermeld in artikel 50, § 1, 2° en 3°, bepaalt de Vlaamse Regering de opleidingsprofielen na advies van de Vlaamse Onderwijsraad. Besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2007 tot vaststelling van de indienings- en adviseringsprocedure voor voorstellen van nieuwe structuuronderdelen in het voltijds secundair onderwijs, wat de eerste graad en de tweede graad van het algemeen, het technisch en het kunstsecundair onderwijs betreft Art. 4. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, legt het oorspronkelijke voorstel en de conclusies van de commissie ter advies voor aan de Vlaamse Onderwijsraad. Art. 6. Over een voorstel dat uiterlijk op 31 januari wordt ingediend, beslist de Vlaamse Regering uiterlijk op 30 juni daaropvolgend na kennisname van enerzijds de conclusies van de commissie en anderzijds het advies van de Vlaamse Onderwijsraad. Als op de uiterste datum geen beslissing is genomen, dan is het voorstel zoals het is ingediend van rechtswege goedgekeurd. Een voorstel wordt al dan niet voorwaardelijk of onder beding van beperkingen goedgekeurd. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 betreffende de organisatie van het opleidingsaanbod in het volwassenenonderwijs Art. 6. De ingediende voorstellen van opleidingsprofielen worden uiterlijk twee weken na de indiening voor advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgd. De Vlaamse Onderwijsraad formuleert een advies binnen de termijn, vermeld in artikel 72, § 1, van het decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad. Art. 11 ter De ingediende aanvragen (voor het toekennen van onderwijsbevoegdheid) worden voor advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgd en beoordeeld door een adviescommissie die bestaat uit vertegenwoordigers van het Departement Onderwijs en Vorming en het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen. (…) Art. 11 sexies De ingediende aanvragen (voor overhevelingen van structuuronderdelen) worden voor advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgd en beoordeeld door de adviescommissie, vermeld in artikel 11ter, eerste en tweede lid. Decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, zoals gewijzigd Art. 20. De Vlaamse Regering bepaalt welke opleidingen vanaf het schooljaar 2021-2022 vrij programmeerbaar, programmeerbaar mits goedkeuring door de Vlaamse Regering of niet programmeerbaar zijn. Een programmatie is noodzakelijk bij de oprichting van een opleiding die niet georganiseerd is op 1 oktober van de twee voorafgaande schooljaren, met de bedoeling om die opleiding in aanmerking te laten komen voor financiering of subsidiëring. Een vrij programmeerbare opleiding wordt door het centrumbestuur schriftelijk gemeld bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap uiterlijk op 1 april van het voorafgaande schooljaar. Een programmatie mits goedkeuring door de Vlaamse Regering wordt door het centrumbestuur schriftelijk aangevraagd bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar. De motivering van de aanvraag houdt rekening met de criteria 1° tot en met 8°, vermeld in artikel 357/8 van de Codex Secundair Onderwijs. De onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap enerzijds en de Vlaamse Onderwijsraad anderzijds brengen een advies uit over de programmatie. De beslissing van de Vlaamse Regering, die ook rekening houdt
www.vlor.be
72
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
met voormelde criteria, wordt genomen uiterlijk 31 maart van het voorafgaande schooljaar. De in dit lid voorziene termijnen zijn vervaltermijnen. Een programmatie die de uiterlijke datum voor melding of aanvraag overschrijdt, is onontvankelijk. Als de Vlaamse Regering niet op de uiterlijke datum heeft beslist, is de programmatie van rechtswege goedgekeurd. Uitsluitend wat het deeltijds beroepssecundair onderwijs betreft gaan bij de melding of aanvraag van een programmatie het protocol van de onderhandeling daarover in het bevoegde lokaal comité en, als het centrum tot een scholengemeenschap behoort, een uittreksel van het proces-verbaal waaruit blijkt dat de programmatie in overeenstemming is met de afspraken die binnen de scholengemeenschap zijn gemaakt. Uitsluitend wat de leertijd betreft komt de voorwaarde met betrekking tot programmatie, vermeld in het tweede lid, als subsidievoorwaarde bovenop de subsidievoorwaarden, bepaald in het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap “Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding” Art. 23. § 2. De screening van de bestaande opleidingen wordt uitgevoerd door een commissie, die bestaat uit: 1° afgevaardigden van [de bevoegde dienst van de Vlaamse Gemeenschap], de onderwijsinspectie, het Agentschap voor Onderwijsdiensten; 2°
deskundigen in de beroepswereld, intern of extern aan de opleidingensector.
De bevoegde dienst van de Vlaamse Gemeenschap] stelt de commissie samen en neemt het voorzitterschap ervan waar. De conclusies van de commissie worden voor het deeltijds beroepssecundair onderwijs ter advies voorgelegd aan de Vlaamse Onderwijsraad en voor de leertijd aan de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen. Op basis van de conclusies van de commissie en het advies van de Vlaamse Onderwijsraad, respectievelijk de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen, neemt de Vlaamse Regering een beslissing. Art. 24. § 2. Een initiatief tot of een voorstel van nieuwe opleiding wordt voorgelegd aan de commissie als vermeld in artikel 23, § 2. De commissie onderzoekt het voorstel ten minste op volledigheid, correctheid en actualiteitswaarde, en formuleert conclusies. Het oorspronkelijke initiatief of voorstel en de conclusies van de commissie worden ter advies voorgelegd aan de Vlaamse Onderwijsraad, aan de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen of aan beide, afhankelijk van waar de opleiding wordt ondergebracht. Op basis van de conclusies van de commissie en het advies van de Vlaamse Onderwijsraad, respectievelijk de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen of beide, neemt de Vlaamse Regering een beslissing. (…) Art. 28. § 1. (…) De Vlaamse Regering ontwikkelt, tezamen met het Gemeenschapsonderwijs en de representatieve verenigingen van inrichtende machten van het gesubsidieerd onderwijs, de opleidingenstructuur. Voorafgaand aan een definitieve beslissing, legt ze het resultaat ter advies aan de Vlaamse Onderwijsraad voor. Art. 30. § 1. [De Vlaamse Regering bepaalt in overleg met de beroepssectoren, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen en de Vlaamse Onderwijsraad, welke door de Vlaamse Regering vóór 1 januari 2014 vastgelegde referentiekaders worden opgeheven en door welke beroepskwalificaties ze worden vervangen. Van deze beroepskwalificaties worden, onverkort, de doelen voor de beroepsgerichte vorming van de opleidingen binnen het deeltijds beroepssecundair onderwijs afgeleid.] [...] De beroepsgerichte vorming kan enkel gerealiseerd worden door middel van het geïntegreerd doorlopen van de component leren en de component werkplekleren.
www.vlor.be
73
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Voor een opleiding die zowel in het deeltijds beroepssecundair onderwijs als in de leertijd voorkomt, geldt hetzelfde referentiekader. Als het deeltijds beroepssecundair onderwijs en de leertijd hetzelfde referentiekader hanteren, dan geldt dat vanaf hetzelfde schooljaar. § 2. De bepalingen van § 1 gelden niet voor opleidingen binnen het deeltijds beroepssecundair onderwijs die door de centra niet-modulair worden georganiseerd in afwachting van het opleidingsaanbod dat tot stand komt na screening als vermeld in artikel 23, § 1. In voorkomend geval worden de door de Vlaamse Regering, na advies van de Vlaamse Onderwijsraad, goedgekeurde opleidingskaarten als referentiekader gehanteerd waarin de minimale leerdoelen en inhouden van de opleiding in kwestie worden beschreven. Decreet van 13 februari 2009 houdende de organisatie van schoolsport Art. 6. De voortgangscontrole van de inhoudelijke werking van de vereniging wordt toevertrouwd aan een opvolgingsgroep die opgericht is door de Vlaamse Regering. […] De opvolgingsgroep brengt advies uit aan de Vlaamse Regering over de ingediende jaarplannen en de jaarverslagen. De opvolgingsgroep is als volgt samengesteld: 1°
een vertegenwoordiger voor de Vlaamse minister bevoegd voor het Onderwijs;
2°
een vertegenwoordiger voor de Vlaamse minister bevoegd voor Sport;
3°
een vertegenwoordiger voor de Vlaamse minister bevoegd voor Begroting;
4° een vertegenwoordiger voor het Departement Onderwijs en Vorming; 5°
een vertegenwoordiger voor het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media;
6°
een vertegenwoordiger voor het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming;
7°
een vertegenwoordiger voor het Agentschap voor de Bevordering van de Lichamelijke Ontwikkeling, de Sport en de Openluchtrecreatie;
8°
een vertegenwoordiger voor de sectorraad Sport van de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media;
9°
een vertegenwoordiger voor de Vlaamse Onderwijsraad;
10° twee vertegenwoordigers voor de vereniging die overeenkomstig dit decreet gesubsidieerd wordt; 11° een expert op vlak van schoolsport die wordt voorgedragen door het Departement Onderwijs en Vorming; 12° een expert op vlak van schoolsport die wordt voorgedragen door het Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media. De opvolgingsgroep kan verder aangevuld worden met experten inzake schoolsport. Decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, zoals gewijzigd Art. 7. De Vlaamse Regering bepaalt na advies van de Vlor en de SERV de procedure voor beschrijving en inschaling van een beroepskwalificatiedossier. Dit besluit bevat ten minste de volgende elementen: 1°
de beschrijving van wat een beroepskwalificatiedossier moet inhouden en hoe dit wordt opgesteld;
2°
de wijze waarop de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering het opstellen ervan coördineert en de validering ervan organiseert;
3°
de wetenschappelijk geijkte methodiek voor inschaling van een beroepskwalificatiedossier. De methodiek bevat eveneens een besluitvormingsproces dat leidt tot een consensus;
4° de verdere samenstelling van de validerings- en inschalingscommissies; 5°
www.vlor.be
de wijze waarop de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering de marginale toetsing van de werkzaamheden van de validerings- en inschalingscommissie uitvoert. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering toetst het proces, het gebruik van de descriptorelementen en van de
74
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
wetenschappelijk geijkte inschalingsmethodiek; 6°
de wijze waarop de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering een voorstel tot inschaling formuleert bij ontstentenis van een consensus van de inschalingscommissie.
Art. 11. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering legt een gevalideerd beroepskwalificatiedossier voor inschaling voor aan een inschalingscommissie. Voor een beroepskwalificatiedossier dat wordt opgesteld volgens paragrafen 2, 3 en 4 van artikel 10 wordt de helft van de deskundigen van de inschalingscommissie aangeduid door de SERV en de andere helft door de Vlor, VDAB en Syntra Vlaanderen. Voor een beroepskwalificatiedossier dat wordt opgesteld volgens paragraaf 5 van artikel 10 wordt de helft van de deskundigen van de inschalingscommissie aangeduid door hetzij een betrokken overheidsinstantie, hetzij een betrokken sector en de andere helft door de Vlor, VDAB en Syntra Vlaanderen. Er worden ten minste twee niet-stemgerechtigde onafhankelijke experten door de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering aan de inschalingscommissie toegevoegd. Art. 15. Met het oog op een actueel en rationeel onderwijsaanbod bepaalt de Vlaamse Regering de criteria voor het uitwerken van de onderwijskwalificaties en voor de situering ervan in de opleidingenstructuur. (…) Ieder voorstel en iedere vraag, al dan niet omgezet in een voorstel, zal door de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering voor advies aan de Vlor worden voorgelegd. De Vlaamse Regering erkent de onderwijskwalificaties op gezamenlijk voorstel van de minister bevoegd voor Vorming en de minister bevoegd voor Onderwijs. Decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs Art. 30. Ten minste eenmaal om de zes jaar, en voor het eerst tijdens het schooljaar 2012-2013, wordt de werking geëvalueerd van de pedagogische begeleidingsdiensten en de permanente ondersteuningscellen. De evaluaties worden uitgevoerd door een door de Vlaamse Regering samengestelde commissie. De Vlaamse Regering richt de commissie op en bepaalt de wijze waarop de leden van de commissie worden vergoed. De commissie bestaat uit vertegenwoordigers van de academische wereld, vertegenwoordigers van de instellingen en ambtenaren van het Ministerie van Onderwijs en Vorming. De commissie wordt aangevuld met externe leden, deskundig op het vlak van kwaliteitszorg. De vertegenwoordigers van de academische wereld en de vertegenwoordigers van de instellingen worden aangeduid op voorstel van de Vlaamse Onderwijsraad. (…) Gecodificeerde decreten betreffende het secundair onderwijs (17 december 2010) Art. 159. § 3. De Vlaamse Regering legt de opleidingenstructuur vast. Onder opleidingenstructuur wordt verstaan: 1°
het geheel van de opleidingen per studiegebied;
2°
de modules per opleiding;
3°
de duurtijd per module uitgedrukt in uren per week en uitgedrukt in weken per schooljaar;
4° de aanduiding dat de modules zich sequentieel of onafhankelijk tot elkaar verhouden; als de modules in een sequentieel verband staan, moeten zij in een eveneens vastgelegde volgorde worden gevolgd; 5°
www.vlor.be
het minimum of de minima inzake aantal uren per week voorbehouden voor gedifferentieerde onderwijsactiviteiten.
75
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Voor zover de opleidingenstructuur afwijkt van die, vastgesteld bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2002 betreffende het experimenteel secundair onderwijs volgens een modulair stelsel, legt de Vlaamse Regering desbetreffende opleidingenstructuur ter advies aan de Vlaamse Onderwijsraad voor. (…) Art. 160. Voor de modulair georganiseerde leerinhouden van een opleiding worden competenties door de Vlaamse Regering bepaald. De Vlaamse Regering leidt de competenties af uit kwalificaties. Als die er niet zijn, leidt de Vlaamse Regering de competenties af uit een referentiekader in nauw overleg met de beroepssectoren. Voor zover de competenties afwijken van die, bepaald bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2002 betreffende het experimenteel secundair onderwijs volgens een modulair stelsel, legt de Vlaamse Regering desbetreffende competenties ter advies aan de Vlaamse Onderwijsraad voor. Competenties kunnen ook door middel van stages worden gerealiseerd. Art. 178. Het schoolbestuur vraagt de programmatie van een structuuronderdeel dat niet onder de toepassing van artikel 177 valt, bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aan uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar en uiterlijk op 30 september van het lopende schooljaar als het een Se-n-Se betreft die van start gaat op 1 februari daaropvolgend. Die termijn geldt als vervaltermijn. De motivering van de aanvraag houdt in elk geval rekening met de criteria, vermeld in het derde lid, 1° tot en met 6°. Bij de aanvraag gaan het protocol van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité en, als de school tot een scholengemeenschap behoort, een uittreksel van het proces-verbaal waaruit blijkt dat de programmatie in overeenstemming is met de afspraken die binnen de scholengemeenschap zijn gemaakt. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de programmatie na advies van: 1°
de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2°
de Vlaamse Onderwijsraad;
3°
in geval van een studierichting met dubbele finaliteit of finaliteit arbeidsmarkt: de SociaalEconomische Raad van Vlaanderen. (…)
Art. 179. Tot en met het schooljaar 2020-2021 kan een structuuronderdeel van de tweede graad dat door de Vlaamse Regering is vastgelegd in uitvoering van artikel 124 en 126 worden geprogrammeerd. Tot en met het schooljaar 2022-2023 kan een structuuronderdeel van de derde graad, met uitzondering van het derde leerjaar, dat door de Vlaamse Regering is vastgelegd in uitvoering van artikel 124 en 126 worden geprogrammeerd. Vanaf het tweede schooljaar dat volgt op het schooljaar waarin de Vlaamse Regering de Se-n-Se opneemt in de matrix en de concordantie naar die Se-n-Se vastlegt en tot en met het schooljaar 2024-2025 kan een structuuronderdeel van het derde leerjaar van de derde graad [, met uitzondering van het naamloos leerjaar BSO49] dat door de Vlaamse Regering is vastgelegd in uitvoering van artikel 124 en 126 worden geprogrammeerd. De programmatie wordt opgevat als een voorbereiding op de lokale invulling van het gemoderniseerd secundair studieaanbod. In de aanvraag vermeldt het schoolbestuur dan ook uitdrukkelijk de wijze waarop ze, met inachtname van de concordantiemogelijkheden zoals bepaald door de Vlaamse Regering in uitvoering van artikel 133/5, het geprogrammeerde structuuronderdeel zal concorderen op het tijdstip dat het leerjaar in kwestie wordt gemoderniseerd. Een eventuele gunstige beslissing van de Vlaamse Regering over de programmatie is onder voorwaarde van desbetreffende concordantie. Per concordantie kan het schoolbestuur voor een school maar één programmatieaanvraag indienen. In voorkomend geval vraagt het schoolbestuur de programmatie bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aan uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar en uiterlijk op 30 september van het lopende schooljaar als het een Se-n-Se betreft die van start gaat op 1 februari daaropvolgend. Die termijn geldt als vervaltermijn. De motivering van de
www.vlor.be
76
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
aanvraag houdt in elk geval rekening met de criteria, vermeld in artikel 178, derde lid, 1° tot en met 6°. Bij de aanvraag gaan het protocol van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité en, als de school tot een scholengemeenschap behoort, een uittreksel van het proces-verbaal waaruit blijkt dat de programmatie in overeenstemming is met de afspraken die binnen de scholengemeenschap zijn gemaakt. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de programmatie na advies van: 1°
de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2°
de Vlaamse Onderwijsraad. (…)
Art. 179/1 Tot en met het schooljaar 2022-2023 kan een structuuronderdeel van de derde graad, met uitzondering van het derde leerjaar, dat door de Vlaamse Regering is vastgelegd in uitvoering van artikel 124 en 126, worden geprogrammeerd. Tot en met het schooljaar 2024-2025 kan een structuuronderdeel van het derde leerjaar van de derde graad bso, [met uitzondering van het naamloos leerjaar], dat door de Vlaamse Regering is vastgelegd in uitvoering van artikel 124 en 126, worden geprogrammeerd. De programmatie wordt opgevat als noodzakelijk om, na verleende programmatie van een structuuronderdeel van de tweede graad of - doch enkel voor het bso - de derde graad, de studiecontinuïteit van de leerlingen te garanderen binnen de school of scholengemeenschap vanaf het schooljaar dat onmiddellijk volgt op de volledige uitbouw van het eerder geprogrammeerd structuuronderdeel. De studiecontinuïteit betreft dan het eerste en tweede leerjaar van de derde graad of - doch enkel voor het bso - het derde leerjaar van de derde graad, met het oog op het verwerven van het diploma van secundair onderwijs. In voorkomend geval vraagt het schoolbestuur de programmatie bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aan uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar. Die termijn geldt als vervaltermijn. Bij de aanvraag gaan het protocol van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité en, als de school tot een scholengemeenschap behoort, een uittreksel van het proces-verbaal waaruit blijkt dat de programmatie in overeenstemming is met de afspraken die binnen de scholengemeenschap zijn gemaakt. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de programmatie na advies van: 1°
de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2°
de Vlaamse Onderwijsraad. (…)
Art. 179/3 Voor de programmatie van het onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers gelden de volgende bepalingen: 1°
de programmatie wordt per scholengemeenschap bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aangevraagd uiterlijk op 1 mei van het voorafgaande schooljaar. Bij die aanvraag wordt het protocol gevoegd van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité van de scholengemeenschap;
2°
na advies binnen tien werkdagen van enerzijds de Vlaamse Onderwijsraad en anderzijds de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap, neemt de Vlaamse Regering een beslissing over de programmatie.]¹
Vanaf 1 november 2015 en tot op een door de Vlaamse Regering te bepalen datum worden de bepalingen van het tweede lid buiten werking gesteld en gelden voor de programmatie van het onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers de volgende bepalingen: 1°
de programmatie wordt per scholengemeenschap voorafgaand bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aangevraagd: a) hetzij per scholengemeenschap; in dat geval wordt bij de aanvraag het protocol gevoegd van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité van de scholengemeenschap;
www.vlor.be
77
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
b) hetzij door het schoolbestuur per school die niet tot een scholengemeenschap behoort; in dat geval wordt bij de aanvraag het protocol gevoegd van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité; 2°
binnen tien werkdagen wordt een advies gegeven enerzijds door de Vlaamse Onderwijsraad en anderzijds door de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
3°
uiterlijk twee maanden na indiening van de aanvraag neemt de Vlaamse Regering een beslissing. Die beslissing is gebaseerd op de verwachte instroom van anderstalige nieuwkomers versus het al dan niet behoeftedekkend bestaande aanbod van onthaalonderwijs. Bij gunstige beslissing wordt tevens bepaald vanaf welk tijdstip het onthaaljaar kan worden opgericht.]
Art. 286 § 6. De oprichting vanaf 1 september van een nieuwe school kan pas na een gunstige beslissing van de Vlaamse Regering. Het schoolbestuur stuurt daartoe uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar een gemotiveerde aanvraag met het oprichtingsdossier aan AGODI, dat de aanvraag voor administratieftechnisch en inhoudelijk advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgt. In afwijking van het voorgaande lid, kunnen voor de oprichting vanaf 1 september 2015 van type 9 gemotiveerde aanvragen bij AGODI ingediend worden tot uiterlijk 1 juli 2014. De Vlaamse Regering neemt deze beslissing na advies van de Vlaamse Onderwijsraad over de gegrondheid van de lokale behoefte aan extra aanbod en na advies van AGODI en de onderwijsinspectie. Art. 289 § 3. Een bestaande school die opleidingsvorm 3 organiseert die aan de rationalisatienorm voldoet, kan een of meer bijkomende opleidingen inrichten. Om een programmatieaanvraag in te dienen voor de oprichting van een of meer bijkomende opleidingen in opleidingsvorm 3, stelt het schoolbestuur een oprichtingsdossier samen, dat ten minste de volgende elementen bevat: (…) De Vlaamse Onderwijsraad, de Onderwijsinspectie en het Agentschap voor Onderwijsdiensten brengen binnen een redelijke termijn en uiterlijk twee maanden na de ontvangst van de aanvragen, vakantieperioden niet inbegrepen, een advies uit aan de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs. (…) § 5. De oprichting vanaf 1 september van één of meer nieuwe opleidingsvormen kan pas na een gunstige beslissing van de Vlaamse Regering. Het schoolbestuur stuurt daartoe uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar een gemotiveerde aanvraag met het oprichtingsdossier aan AGODI, dat de aanvraag voor administratieftechnisch en inhoudelijk advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgt. Dit advies wordt niet gevraagd aan de Vlaamse Onderwijsraad indien het programmatievoorstel valt onder toepassing van paragraaf 2. In afwijking van het voorgaande lid, kunnen voor de oprichting vanaf 1 september 2015 van type 9 gemotiveerde aanvragen bij AGODI ingediend worden tot uiterlijk 1 juli 2014. De Vlaamse Regering neemt deze beslissing na advies van de Vlaamse Onderwijsraad over de gegrondheid van de lokale behoefte aan extra aanbod en na advies van AGODI en de onderwijsinspectie. Het advies van de Vlaamse Onderwijsraad is geen element in deze beslissing indien het programmatievoorstel valt onder toepassing van paragraaf 2. (288) (…) Art. 290/1 § 2. In een school of opleidingsvorm kan een nieuw type worden opgericht als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: (…) 2° de oprichting vanaf 1 september van het nieuwe type kan pas na een gunstige beslissing van de Vlaamse Regering. Het schoolbestuur stuurt daartoe uiterlijk op 30 november van het voorafgaande schooljaar een gemotiveerde aanvraag met het programmatiedossier aan AGODI, dat de aanvraag voor advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgt.
www.vlor.be
78
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
In afwijking van het voorgaande lid, kunnen voor de oprichting vanaf 1 september 2015 van type 9 gemotiveerde aanvragen bij AGODI ingediend worden tot uiterlijk 1 juli 2014. De Vlaamse Regering neemt deze beslissing na advies van de Vlaamse Onderwijsraad over de gegrondheid van de lokale behoefte aan extra aanbod en na advies van AGODI en de onderwijsinspectie. (…) Art. 342. Modulair onderwijs wordt georganiseerd per studiegebied zonder opdeling in fasen of leerjaren. De betrokken studiegebieden zijn : auto, bouw, grafische communicatie en media, handel, hout, koeling en warmte, lichaamsverzorging, mechanica-elektriciteit, personenzorg, textiel, voeding. Elk studiegebied bundelt een reeks opleidingen. Eenzelfde opleiding kan in verschillende studiegebieden voorkomen. (…) Voor zover de opleidingenstructuur afwijkt van die, vastgesteld bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2002 betreffende het experimenteel secundair onderwijs volgens een modulair stelsel, legt de Vlaamse Regering desbetreffende opleidingenstructuur ter advies aan de Vlaamse Onderwijsraad voor. (…) Art. 343. Voor de modulair georganiseerde leerinhouden van een opleiding worden competenties door de Vlaamse Regering bepaald. Die leerinhouden zijn niet onderworpen aan de voorwaarde van door de Vlaamse Regering vastgestelde opleidingsprofielen. De Vlaamse Regering leidt de competenties af uit [9erkende beroepskwalificaties9]. Als die er niet zijn, leidt de Vlaamse Regering de competenties af uit een referentiekader in nauw overleg met de beroepssectoren. Voor zover de competenties afwijken van die bepaald bij het besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2002 betreffende het experimenteel secundair onderwijs volgens een modulair stelsel, legt de Vlaamse Regering desbetreffende competenties ter advies aan de Vlaamse Onderwijsraad voor. (…) Art. 357/8. Voor een voltijds secundaire school met een daaraan verbonden centrum voor deeltijds beroepssecundair onderwijs heeft elke programmatie van een duaal structuuronderdeel betrekking op zowel de school als het centrum, ongeacht waar het duale structuuronderdeel in kwestie of een of meer van de daaraan verbonden aanloopstructuuronderdelen wordt aangeboden. Als noch een duaal structuuronderdeel noch ten minste één van de eraan verbonden aanloopstructuuronderdelen op de eerste lesdag van oktober of, voor Se-n-Se, de eerste lesdag van maart van twee aansluitende schooljaren wordt ingericht, kan heropstart slechts na programmatie. (…) De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de programmatie na advies van: 1°
de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2°
de Vlaamse Onderwijsraad;
3°
de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen.
(…) Art. 357/63. De programmatie van een duaal structuuronderdeel wordt door het bestuur van de aanbieder duaal leren bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk en gemotiveerd aangevraagd uiterlijk op 30 november van het voorafgaand schooljaar. Die termijn geldt als vervaltermijn; aanvragen die later worden ingediend zijn onontvankelijk. De motivering van de aanvraag houdt in elk geval rekening met de criteria, vermeld in het derde lid, 1° tot en met 8°. Bij de aanvraag zitten, in voorkomend geval, het protocol van de onderhandeling ter zake in het bevoegde lokaal comité en, als de school tot een scholengemeenschap behoort, een uittreksel van het proces-verbaal waaruit blijkt dat de programmatie in overeenstemming is met de afspraken die binnen de scholengemeenschap zijn gemaakt.
www.vlor.be
79
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de programmatie na advies van: 1°
de onderwijsinspectie en de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2°
de Vlaamse Onderwijsraad;
3°
de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen.
(…) Besluit van de Vlaamse Regering 11 januari 2013 houdende de uitvoering van het decreet betreffende de kwalificatiestructuur van 30 april 2009 inzake de erkenning van beroepskwalificaties en inzake de erkenning van onderwijskwalificaties voor het secundair na secundair onderwijs Art.11. Een gevalideerd beroepskwalificatiedossier wordt voor inschaling aan een inschalingscommissie voorgelegd. Een inschalingscommissie als vermeld in het eerste lid wordt als volgt samengesteld: 1°
zeven effectieve leden aangewezen door de SERV;
2°
vijf effectieve leden aangewezen door de VLOR;
3°
één effectief lid aangewezen door de VDAB en één effectief lid aangewezen door Syntra Vlaanderen;
4° twee onafhankelijke interne experten uit het agentschap. (…) Art. 17. § 1. Elk voorstel van onderwijskwalificatie van niveau 4 wordt door het agentschap aan de VLOR voor advies voorgelegd. De VLOR brengt advies uit over de elementen, vermeld in artikel 16, 3° en 4° van dit besluit. Dat advies wordt bij het agentschap uitgebracht binnen dertig kalenderdagen. Gecodificeerde decreten betreffende het hoger onderwijs (11 oktober 2013) Art. II.108. § 1. (…) De Vlaamse Regering bepaalt het beroepsprofiel van de leraar op advies van de Vlaamse Onderwijsraad. De Vlaamse Regering dient dit beroepsprofiel ter goedkeuring in bij het Vlaams Parlement. § 2. (…) De Vlaamse Regering bepaalt de basiscompetenties op advies van de Vlaamse Onderwijsraad. Art. V.247. (…) Op verzoek van een verantwoordelijk bestuurslid van een representatieve vakorganisatie, krijgt een vakbondsafgevaardigde dienstvrijstelling om de vergaderingen van de Vlaamse Onderwijsraad bij te wonen. De dienstvrijstelling wordt gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit. Het personeelslid behoudt het recht op een salaris. Besluit van de Vlaamse Regering van 10 januari 2014 houdende de uitvoering van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, wat betreft de erkenning van onderwijskwalificaties van niveau 1 tot en met niveau 4, en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 11 januari 2013 houdende de uitvoering van het decreet betreffende de kwalificatiestructuur van 30 april 2009 inzake de erkenning van onderwijskwalificaties voor het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs Art. 4. Het agentschap werkt voorstellen van onderwijskwalificaties uit op eigen initiatief of op vraag van belanghebbenden. Belanghebbenden kunnen hun vraag tot opmaak van een voorstel van onderwijskwalificatie permanent bij het agentschap indienen. Uiterlijk zes maanden na het ontvangen van een vraag legt het agentschap hetzij de gemotiveerde beslissing tot het niet opmaken van een voorstel hetzij het voorstel van onderwijskwalificatie voor advisering voor aan de VLOR.
www.vlor.be
80
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Art. 7. Elk voorstel van onderwijskwalificatie van niveau 1 tot en met 4 wordt door het agentschap aan de VLOR voor advies voorgelegd. De VLOR brengt advies uit over de elementen, vermeld in artikel 5, 1°, 2° en 4° tot en met 7°. Dat advies wordt bij het agentschap uitgebracht binnen dertig kalenderdagen. Beheersovereenkomst RTC’s 2020-2022 Art. 10 §1. Minstens jaarlijks wordt door de Vlor een vergadering van een klankbordgroep georganiseerd door samenkomst van de Vlor-commissie RTC. In de klankbordgroep zetelen diverse belanghebbenden op centraal niveau met minstens vertegenwoordiging van de onderwijsverstrekkers, sectorale sociale partners, sectorfondsen, VDAB, Syntrum en interprofessionele sociale partners. §2. De taak van klankbordgroep bestaat erin de werking van de RTC’s te toetsen aan het bredere strategische onderwijs- en socio-economische kader en opportuniteiten mee te geven. Art. 11. De samenwerking tussen de RTC’s onderling alsook de werking van de Stuurgroep RTC’s en van de klankbordgroep worden tijdens de looptijd van deze beheersovereenkomst kritisch getoetst en waar nodig bijgestuurd. Art. 18. Projecten in het jaaractieplan die de platformwerking van het RTC concreet gestalte geven, bedoeld onder punt A van artikel 3 §3, dienen te voldoen aan de krijt- en richtlijnen zoals vastgesteld door de Stuurgroep RTC’s, omschreven in artikel 8 §1 van deze beheersovereenkomst. De projecten houden rekening met de opportuniteiten zoals geformuleerd door de Vlor Commissie RTC. Art. 19 §1. Projecten in het jaaractieplan die onderwijsinstellingen ondersteunen in het verwerven van relevante arbeidsmarktgerichte, techn(olog)ische competenties van leerlingen en leraren, bedoeld onder punt B van artikel 3 §3 houden rekening met de opportuniteiten zoals geformuleerd door de Vlor Commissie RTC. Gecodificeerde decreten sommige bepalingen voor het onderwijs (28 oktober 2016) Art. IV.35. Volgens door de Vlaamse Regering per type van buitengewoon onderwijs en per onderwijsniveau, op advies de bevoegde afdelingen voor het buitengewoon onderwijs van de Vlaamse Onderwijsraad vast te stellen regelen, neemt de Vlaamse Regering te zijnen laste de reiskosten van de gehandicapten, die zich van hun verblijfplaats, tehuis of pleeggezin naar de dichtstbijzijnde school of vestigingsplaats voor buitengewoon onderwijs waar onderwijs verstrekt wordt waarvoor zij geschikt werden verklaard, en dit binnen een groepering naar keuze of van hun verblijfplaats naar het tehuis, school of pleeggezin begeven, alsmede de kosten van de terugreis, zulks gedurende de gehele tijd dat zij buitengewoon onderwijs volgen. Onder groepering dient te worden verstaan: een indeling van scholen en vestigingsplaatsen in het buitengewoon basisonderwijs en het buitengewoon secundair onderwijs, naargelang ze behoren tot het gemeenschapsonderwijs, het gesubsidieerd officieel onderwijs, het gesubsidieerd vrij onderwijs naargelang van de onderscheidene godsdiensten, of het gesubsidieerd vrij niet-confessioneel onderwijs. Besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs Art. 56. § 1. [De aanvragen voor het verkrijgen van onderwijsbevoegdheid die zijn ingediend, worden door het Agentschap voor Onderwijsdiensten ontvankelijk verklaard als aan al de volgende voorwaarden voldaan is: 1°
www.vlor.be
bij de aanvraag is een ondertekend protocol van het lokaal comité van het aanvragende schoolbestuur gevoegd;
81
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
2°
de aanvraag is ingediend binnen de aanvraagtermijn, vermeld in artikel 55;
3°
de aanvraag is ingediend conform de voorwaarden, vermeld in artikel 55 tot en met 58 van dit besluit en artikel 130 van het decreet van 9 maart 2018.]
De ontvankelijk verklaarde aanvragen worden voor advies aan de Vlaamse Onderwijsraad bezorgd en vervolgens beoordeeld door een adviescommissie die bestaat uit vertegenwoordigers van het Agentschap voor Onderwijsdiensten, het Departement Onderwijs en Vorming en de onderwijsinspectie. Bij de beoordeling van de aanvragen houdt de adviescommissie rekening met al de volgende criteria: 1°
de nieuw aangevraagde onderwijsbevoegdheid sluit aan bij de visie van het schoolbestuur over vernieuwing en verbreding van het aanbod;
2°
er is een indicatie dat er een potentieel aan leerlingen bestaat voor de nieuw aangevraagde onderwijsbevoegdheid;
3°
de academie beschikt op de ingangsdatum over de nodige infrastructuur en expertise voor de organisatie van de nieuw aangevraagde onderwijsbevoegdheid.
§ 2. Met behoud van de toepassing van paragraaf 1 formuleert het netoverschrijdend samenwerkingsforum deeltijds kunstonderwijs Brussel, vermeld in artikel 27 van het decreet van 9 maart 2018, een advies over de aanvragen die ingediend zijn door een schoolbestuur van een academie waarvan de hoofdvestigingsplaats gevestigd is in het tweetalige gebied Brussel Hoofdstad. Het samenwerkingsforum, vermeld in het eerste lid, bepaalt zelf zijn beoordelingscriteria, rekening houdend met zijn opdracht, conform artikel 27 van het decreet van 9 maart 2018. § 3. De minister neemt [uiterlijk 15 mei] een beslissing op basis van het advies van de Vlaamse Onderwijsraad, de adviescommissie en in voorkomend geval het samenwerkingsforum, vermeld in paragraaf 2. Als het schoolbestuur de gevraagde onderwijsbevoegdheid verkrijgt, is die geldig tot en met 30 september van het [derde] schooljaar dat volgt op de datum van het verkrijgen van de bevoegdheid. Als de goedgekeurde clusters, opties of instrumenten binnen die periode niet georganiseerd worden, vervalt de bevoegdheid. Art. 58. Een schoolbestuur kan onderwijsbevoegdheid aanvragen voor een optie die niet in artikel 3, 5, 7 of 9 voorkomt of een muziekinstrument dat niet in artikel 11 tot en met 14 voorkomt. Het schoolbestuur kan daarbij een voorstel tot een nieuw vak toevoegen. In het geval, vermeld in het eerste lid, dient het schoolbestuur een gemotiveerde aanvraag in bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten, dat de ontvankelijkheid beoordeelt conform artikel 56, §1, eerste lid. Het agentschap legt de vraag vervolgens voor aan de Vlaamse Onderwijsraad en een commissie bestaande uit de Onderwijsinspectie, het Agentschap voor Onderwijsdiensten en het Departement Onderwijs en Vorming. Op basis van dat advies neemt de Vlaamse Regering een beslissing. Bij de beoordeling van de aanvragen houdt de adviescommissie, naast de criteria vermeld in artikel 56 §1 derde lid, rekening met de volgende criteria: 1°
de mate waarin de aangevraagde optie of het aangevraagde vak of muziekinstrument zich onderscheidt van het bestaande aanbod, vermeld in artikel 3 tot en met 15;
2°
de leerbehoefte die werd vastgesteld met het oog op hetzij vervolgonderwijs, hetzij kunstbeoefening in de vrije tijd of op de arbeidsmarkt;
3°
de mate waarin de aangevraagde optie of het aangevraagde vak of muziekinstrument het potentieel heeft om nieuwe doelgroepen te bereiken;
4° de mate waarin de aangevraagde optie of het aangevraagde vak of muziekinstrument inspeelt op een actuele tendens in de kunsten of bijdraagt tot het bewaren van het immaterieel cultureel erfgoed in Vlaanderen door nieuwe restauratietechnieken of inzichten over de uitvoeringspraktijk. Als aan minstens drie van de vier criteria werd voldaan, kan er een gunstig advies gegeven worden. De Vlaamse Onderwijsraad bepaalt zelf zijn beoordelingscriteria, conform zijn opdracht, vermeld in artikel 69 van het decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad.
www.vlor.be
82
Jaarverslag 2020-2021
Bevoegdheden van de Vlor
Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 2018 houdende sommige maatregelen betreffende de modernisering van het secundair onderwijs Art. 3. De bevoegde diensten van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming organiseren, uiterlijk om de vijf schooljaren, een screening van de actualiteitswaarde van de basisopties van het voltijds gewoon secundair onderwijs en het buitengewoon secundair onderwijs, opleidingsvorm 4, en alle structuuronderdelen van de matrix, en doen, als dat nodig is, voorstellen aan de Vlaamse Regering tot bijsturing. Een eerste screening gebeurt in het schooljaar 2025-2026. Bij de screening, vermeld in het eerste lid, wordt alleszins rekening gehouden met: 1°
voor domeinoverschrijdende structuuronderdelen met finaliteit doorstroom: de aansluitingsmogelijkheden op en de slaagcijfers in het hoger onderwijs, bekeken over de studiegebieden in het hoger onderwijs heen;
2°
voor domeingebonden structuuronderdelen met finaliteit doorstroom: de aansluitingsmogelijkheden op en de slaagcijfers in de studiegebieden van het hoger onderwijs die aansluiten op het studiedomein van het secundair onderwijs;
3°
voor structuuronderdelen met finaliteit arbeidsmarkt: de stand van zaken op het vlak van beroepskwalificaties, arbeidsmarkt en tewerkstelling;
4° voor structuuronderdelen met dubbele finaliteit: de aansluitingsmogelijkheden op en de slaagcijfers in de studiegebieden van het hoger onderwijs die aansluiten op het studiedomein van het secundair onderwijs enerzijds en de stand van zaken op het vlak van beroepskwalificaties, arbeidsmarkt en tewerkstelling anderzijds. Uiterlijk op 1 september van het schooljaar dat vooraf gaat aan het schooljaar van de inwerkingtreding ervan, neemt de Vlaamse Regering een beslissing over het eventueel voorstel van bijsturing van het studieaanbod dat uit de screening volgt. De Vlaamse Regering neemt haar beslissing na advies van enerzijds de Vlaamse Onderwijsraad en anderzijds, louter voor structuuronderdelen met dubbele finaliteit of finaliteit arbeidsmarkt, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen en de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen.
www.vlor.be
83
Jaarverslag 2020-2021
BIJLAGE: LIJST MET AFKORTINGEN ACOD
Algemene Centrale der Openbare Diensten
AGODI
Agentschap voor onderwijsdiensten
AHOVOKS
Agentschap voor hoger onderwijs, volwassenenonderwijs, kwalificaties & studietoelagen
aso
algemeen secundair onderwijs
ba-na-ba
bachelor na bachelor
bso
beroepssecundair onderwijs
buso
buitengewoon secundair onderwijs
CLB
centra voor leerlingenbegeleiding
COC
Christelijke Onderwijscentrale
COV
Christelijk Onderwijzersverbond
CVO
centrum voor volwassenenonderwijs
dbso
deeltijds beroepssecundair onderwijs
dko
deeltijds kunstonderwijs
EUNEC
European Network of Education Councils
GOK
gelijke onderwijskansen
ICT
informatie- en communicatietechnologie
JOETZ
Jeugddienst van de Socialistische Mutualiteiten
KOOGO
Koepel van Ouderverenigingen van het Officieel Gesubsidieerd Onderwijs
LOP
lokaal overlegplatform
ma-na-ma
master na master
NT2
Nederlands als tweede taal
OESO
Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
OKAN
onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers
OKO
Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers
OVSG
Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten
POV
Provinciaal Onderwijs Vlaanderen
RTC
Regionaal Technologisch Centrum
www.vlor.be
84
Jaarverslag 2020-2021
SERV
Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen
SO
secundair onderwijs
SOHO
van secundair naar hoger onderwijs
SONO
Steunpunt Onderwijsonderzoek
Socius
Steunpunt voor Sociaal-cultureel volwassenenwerk
STEM
Science, Technology, Engineering, Mathematics
tso
technisch secundair onderwijs
Unesco
United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization
VDAB
Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding
VCLB
Vrije Centra voor Leerlingenbegeleiding
VCOV
Vlaamse Confederatie van ouders en ouderverenigingen
Vlhora
Vlaamse Hogescholenraad
Vlir
Vlaamse Interuniversitaire Raad
VSK
Vlaamse Scholierenkoepel
VSOA
Vrij Syndicaat voor het Openbaar Ambt
VVS
Vlaamse Vereniging van Studenten
www.vlor.be
85