De heer Jan Jambon Vlaams Minister-President Martelaarsplein 19 B-100 BRUSSEL
contactpersoon Gunter Naets gnaets@serv.be
ons kenmerk VlaamseRaadWVG_IK_20210916_VSDO4_ADVDEF
Brussel 16 september 2021
Advies over de vierde Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling Mijnheer de minister-president De Vlaamse Raad voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (verder: de raad) ontving op 29 juni 2021 uw vraag om advies te verlenen over de nota 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV'. Deze adviesvraag werd behandeld door de Intersectorale Kamer van de Vlaamse Raad WVG en werd bij consensus goedgekeurd op 16 september 2021. De voorgelegde 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV' is ook van groot belang voor het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (WVG). Daarom vraagt de raad om bij de verdere uitwerking van deze strategie betrokken te worden. De raad verzamelt immers heel wat stakeholders uit het beleidsdomein WVG en is ook vanuit zijn opdracht een gesprekspartner die mee wil denken en werken aan de uitbouw van deze strategie op middellange en lange termijn en wil hiervoor draagvlak creëren. Omwille van het groot aantal adviezen dat de raad vandaag moet behandelen, lukt het de raad niet om vandaag inhoudelijk in te gaan op de 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV'. In de toekomst wenst de raad deze ambitie wel waar te maken. De raad wil vandaag wel het signaal geven dat deze strategie duurzame ontwikkeling belangrijk is voor de actoren en sectoren die actief zijn in het beleidsdomein WVG. Een van de pijlers waarop de 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV' gebouwd wordt, is “Samenwerking met stakeholders, multi-actorpartnerschappen.” Zoals gesteld in de nota is voor de aanpak van complexe uitdagingen de inzet nodig van meerdere actoren en op verschillende schaalniveaus (multi-actorpartnerschappen). Co-creatie en eigenaarschap door alle partners uit de maatschappelijke vijfhoek, meer specifiek de ondernemerswereld, de kennisinstellingen, het maatschappelijke middenveld en de burger, andere overheden en de financiële sector zijn essentiële kenmerken van een geslaagd transitieproces. Een tweede pijler waarop de 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV' werd gebouwd, is “Beleidscoherentie en samenwerking met andere beleidsdomeinen”. Samenwerking en overleg met andere beleidsdomeinen over de transitieprioriteiten heen komt de coherentie van het beleid ten goede. De 'Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling IV' wil samenwerking tussen de
Vlaamse Raad voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Wetstraat 34-36, 1040 Brussel T +32 2 209 01 11 info@vlaamseraadwvg.be www.vlaamseraadwvg.be
beleidsdomeinen en ook tussen de betrokken ministers versterken op het niveau van actiedomeinen/werven en de snijvlakken tussen de transities. De Vlaamse Raad WVG onderschrijft deze beide vormen van samenwerking en wil hierbij een partner zijn. De raad wenst al zeker betrokken te worden bij de verdere invulling en uitwerking van de transitieprioriteiten Samen Leven in 2050, Circulaire economie en Energie en Klimaat. Het is logisch dat de Vlaamse Raad WVG een evidente partner is bij het invullen van de Transitie Gezondheid en welzijn. De mondiale gezondheidscrisis toont aan dat de overheid meer dan ooit innovatief en wendbaar moet zijn om op toekomstige (disruptieve) veranderingen te kunnen inspelen. Er zullen lessen getrokken worden uit de transitiewerking en uit de veranderingen die zich vandaag al manifesteren. De raad verwijst naar zijn uitgebreid advies ‘Lessen trekken uit de Coronacrisis’ van 9 juli 2020 waarin hij meer dan honderd concrete aanbevelingen doet en naar zijn advies over de kwaliteit van zorg en ondersteuning van 15 juni 2021. In het actieveld Zorg en welzijn 4.0 worden bestaande acties verder uitgewerkt. De raad gaat graag in gesprek over deze acties. Het gaat dan onder meer over het ‘Hospital of the Future’, de veilige en accurate gegevensverzameling en -deling tussen zorgactoren en zorgindustrie en de aansluiting bij European Health Data Space alsook met het Vlaamse datanutsbedrijf (cf. relanceplan). Ook wordt een vervolg gegeven aan de internationale studie over ethische aspecten van de zorginnovatie. Het valt wel op dat welzijn in deze tekst weinig aan bod komt. De projecten van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin rond buurtgerichte zorg, voegen hieraan een maatschappelijke component toe. De Vlaamse Raad wil betrokken worden bij een mogelijk horizontaal actiedomein met de focus op buurt-/wijkniveau. Hij is bereid om samen met de beleidsmakers een duurzaam kader te ontwikkelen waarbinnen zorgzame buurten het best meerwaarde creëren. Dit kader moet het mogelijk maken om het concept van zorgzame buurten zo goed mogelijk in de praktijk te brengen. De Vlaamse raad wil eveneens meewerken aan de Speerpuntcluster zorginnovatie. De raad heeft intussen vastgesteld dat de Vlaamse Regering de voorbije weken een speerpuntcluster zorg heeft goedgekeurd en heeft kennis genomen van de visienota “Vlaanderen sterk in onderzoek en innovatie voor gezondheid en zorg”. De raad betreurt dat hij hier niet bij betrokken is. Het is verwonderlijk dat de regering kennis neemt van een visienota m.b.t. innovatie voor gezondheid en zorg, waar haar eigen adviesorgaan over welzijn, volksgezondheid en gezin op generlei wijze betrokken werd bij de opmaak hiervan. De raad merkt op dat hij in de toekomst zelf een advies zal uitbrengen over de innovatie in zorg en ondersteuning. Eveneens is de Vlaamse raad ervan overtuigd dat er bij Energie en Klimaat ook opportuniteiten zijn om de Vlaamse zorg- en welzijnsorganisaties te betrekken. Deze organisaties hebben door hun zorg- en ondersteuningsactiviteiten immers ook impact op energie en klimaat en willen hierover graag in dialoog gaan over hoe initiatiefnemers in zorg en ondersteuning hun rol kunnen opnemen in het verbeteren van de duurzaamheidsgraad op domeinen zoals energie, waterbeleid, klimaat, biodiversiteit,… De raad is ook van mening dat de nodige investeringen betreffende klimaat en duurzaamheid deel uitmaken van dit horizontale beleid en niet alleen door VIPA kunnen worden gedragen. Het is daarom belangrijk dat er een participatief traject wordt opgezet met de betrokkenen in de concretisering van de uitvoering van het Vlaamse energie- en klimaatplan 2021-2030 en de Vlaamse klimaatstrategie 2050.
2
Tot slot heeft de raad vragen bij de timing van de adviesvraag, gezien de rapportering van een integrale monitoring van alle Vizier 2030 indicatoren pas in september 2021 voorzien is. Was het niet beter geweest deze rapportering af te wachten vooraleer de adviesraden om advies te vragen?
Met vriendelijke groet
Gunter Naets
Hendrik Delaruelle
secretaris
voorzitter
Kopie: De heer Wouter Beke, Vlaams minister van welzijn, volksgezondheid, gezin en armoedebestrijding
3