Skip to main content

Luchtkwaliteit_Gentse_agglomeratie_kanaalzone_jaarrapport_2018.pdf

Page 1

Vlaanderen is milieu

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone jaarrapport 2018 VLAAMSE MILIEUMAATSCHAPPIJ

www.vmm.be


DOCUMENTBESCHRIJVING Titel Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone – jaarrapport 2018 Samenstellers Afdeling Lucht, Milieu en Communicatie, VMM Dienst Lucht Foto cover Jordy Vercauteren Inhoud Dit rapport beschrijft de resultaten van de metingen in 2018 in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone. De VMM mat er de polluenten stikstofoxides, fijn stof en zwarte koolstof. De meetresultaten van deze polluenten worden getoetst aan de Europese regelgeving. We toetsen de resultaten ook aan de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). Verder bespreekt het rapport de trend van de afgelopen jaren voor de gemeten polluenten en de trend in de uitstoot en worden de voornaamste bronnen van de polluenten besproken. Wijze van refereren Vlaamse Milieumaatschappij (2019), Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone – jaarrapport 2018 Verantwoordelijke uitgever Bernard De Potter, Vlaamse Milieumaatschappij Vragen in verband met dit rapport Vlaamse Milieumaatschappij Dokter De Moorstraat 24-26 9300 Aalst Tel: 053 72 62 10 info@vmm.be Depotnummer D/2019/6871/026

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 2

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


SAMENVATTING Dit rapport werd opgesteld in uitvoering van de samenwerkingsovereenkomst tussen de VMM en de Stad Gent. Het beschrijft de resultaten van de luchtkwaliteitsmetingen in 2018 in de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone, aangevuld met de emissiecijfers verzameld door de Emissie-inventaris Lucht van de VMM. De vermelde emissiedata zijn voor het jaar 2017, dit zijn de meest recent bekende gegevens. De berekening van de verkeersemissies gebeurt op basis van een propagatiemodel1 dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark. De hieronder vermelde emissies door verkeer houden dus geen rekening met de invoering van het circulatieplan.

1. Stikstofdioxide – NO2 Industrie en verkeer zijn de grootste emissiebronnen In 2017 bedroeg de emissie van stikstofoxiden in Gent-centrum, de rest van de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone samen 12241 ton. Dit is 9,6 % van de totale Vlaamse stikstofoxidenemissie. Het grootste deel van de uitstoot vindt plaats in de kanaalzone waar industrie de grootste bron is. In Gentcentrum en de rest van de Gentse agglomeratie is de grootse bron van stikstofoxidenemissies het verkeer. Daarnaast levert de energiesector in de kanaalzone en in Gent-centrum ook een belangrijke bijdrage aan de stikstofoxidenuitstoot . De sterkste daling in de emissies van stikstofoxiden in vergelijking met 2000 komt van de sector energie. Ook de uitstoot van het verkeer is door de jaren heen sterk verminderd. Na 2014 is er echter eerder een stagnatie in de totale stikstofoxidenemissies. Lokale overschrijdingen van de Europese jaargrenswaarde De Europese jaargrenswaarde (40 µg/m³) en de WGO-jaaradvieswaarde (eveneens 40 µg/m³) worden op alle automatische meetplaatsen gerespecteerd. Op 2 van de 20 meetplaatsen in Gent-centrum waar de concentraties met een passieve sampler worden gemeten, werd wel nog een indicatief jaargemiddelde boven de Europese jaargrenswaarde gemeten. In 2017 waren er nog 9 meetplaatsen met een passieve sampler die een concentratie van 40 µg/m³ of meer hadden. Gemeten concentraties blijven dalen Sinds 2008 zijn de NO2-jaargemiddelden, gemeten met automatische monitoren, gedaald met 14 tot 24 %, afhankelijk van de meetplaats. Over heel Vlaanderen zagen we tussen 2008 en 2018 een gemiddelde daling van 17 %. Het hoogste NO2-jaargemiddelde binnen de Gentse regio werd gemeten langs de Gustaaf Callierlaan (34 µg/m³). De indicatieve jaargemiddelden gemeten met passieve samplers lagen in 2018 gemiddeld 10 % lager dan in 2017. In de Antwerpse agglomeratie werd in 2018 een gelijkaardige daling (9 %) waargenomen ten opzichte van 2017.

1

Het propagatiemodel voor verkeersintensiteiten modelleert verkeerstellingen, die op bepaalde wegen en/of bepaalde momenten plaatsvinden, naar wegen waar geen tellingen plaatsvinden en naar een volledig jaar (of andere tijdsperiode). De eventuele invloed van het circulatieplan op de mobiliteit en emissies zit momenteel nog niet vervat in de berekeningen van het model.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

3


2. Fijn stof – PM10 Industrie en op- en overslag bedrijven zijn de grootste emissiebronnen, gevolgd door huishoudens In 2017 bedroeg de primaire PM10-uitstoot in Gent-centrum, de rest van de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone samen 2058 ton. Dit is 10 % van de totale Vlaamse PM10-emissie in 2017. 72 % hiervan komt uit de kanaalzone waar de industrie en de sector op- en overslag de grootse bijdragen leveren. In Gent-centrum en de rest van de Gentse agglomeratie vormen de huishoudens (en meer bepaald gebouwenverwarming door de verbranding van hout in open haarden en kachels) de grootste bron. Tussen 2000 en 2017 zijn de primaire PM10-emissies van vooral de sector energie en die van het wegverkeer gedaald. Europese grenswaarden worden gehaald, met uitzondering van locaties dichtbij industriële puntbronnen. De WGO-advieswaarden worden nergens gehaald In 2018 lagen de gemeten PM10-jaargemiddelden tussen 23 en 29 µg/m³. Het hoogste jaargemiddelde (29 µg/m³) werd gemeten op de meetplaats Gent-Baudelohof. Dit was het hoogst gemeten jaargemiddelde van heel Vlaanderen. De Europese grenswaarde voor het PM10-jaargemiddelde (40 µg/m³) werd gerespecteerd op alle automatische meetplaatsen, luchtkwaliteitsmodellering geeft wel aan dat er in de kanaalzone, nabij enkele industriële bronnen, nog wel overschrijdingen kunnen voorkomen. De WGO-advieswaarde voor het jaargemiddelde (20 µg/m³) wordt op geen enkele meetplaats gehaald. In heel Vlaanderen werd deze advieswaarde in 2018 op slechts 1 van de 36 meetplaatsen gerespecteerd. De EU-grenswaarde voor daggemiddelden wordt op alle meetplaatsen gehaald (maximaal 35 dagen met een daggemiddelde boven de 50 µg/m³), de WGO-advieswaarde (maximaal 3 dagen met een daggemiddelde boven de 50 µg/m³) wordt nergens gehaald. Op de meetplaats in het Baudelohof waren er in 2018 31 dagen met een PM10-concentratie hoger dan 50 µg/m³, wat het hoogste aantal van heel Vlaanderen was. Daling van de gemeten concentraties in de laatste jaren, maar stagnatie in 2018 De PM10-jaargemiddelden nemen af sinds 2008. Ze daalden in 2018 echter niet meer verder, maar stagneren of stijgen zelfs terug iets in vergelijking met de voorgaande jaren. Ook in de rest van Vlaanderen zagen we een gelijkaardige stijging. 2018 was een zeer droog jaar, wat allicht voor minder uitwassing en voor meer heropwaaien van het stof heeft gezorgd.

3. Fijn stof – PM2,5 Industrie en huishoudens zijn de grootste emissiebronnen In 2017 had Gent-centrum , de rest van de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone een primaire PM2,5uitstoot van 1267 ton. Dat is 10 % van de primaire PM2,5-uitstoot van heel Vlaanderen dat jaar. 65 % van deze uitstoot kwam uit de kanaalzone waar industrie de grootste bijdrage had. In de Gentse agglomeratie en Gentcentrum vormen de huishoudens, en meer bepaald de verbranding van hout in open haarden en kachels, de grootste bron. Zoals voor PM10 is de daling in PM2,5-emissies sinds 2000 vooral te danken aan een daling in de uitstoot van de sector energie en aan een daling in emissies van het wegverkeer. De uitstoot van de industrie schommelt doorheen de jaren.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 4

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Europese grenswaarden worden gehaald, de WGO-advieswaarden niet In 2018 lagen de gemeten PM2,5-jaargemiddelden tussen 14 en 16 µg/m³. Het hoogste jaargemiddelde werd gemeten op de meetplaats Gent-Baudelohof. In heel Vlaanderen lagen de gemeten PM2,5-jaargemiddelden tussen 12 en 17 µg/m³. De Europese grenswaarde (jaargemiddelde van 25 µg/m³) wordt op alle automatische meetplaatsen gehaald. De WGO-advieswaarde van 10 µg/m³ voor het jaargemiddelde wordt daarentegen op geen enkele meetplaats gehaald. Dit was ook zo op de overige meetplaatsen in Vlaanderen. De WGO-advieswaarde voor daggemiddelden, die maximaal 3 dagen met een concentratie hoger dan 25 µg/m³ toelaat, wordt op geen enkele meetplaats gehaald. Ook in de rest van Vlaanderen werden er op alle meetplaatsen meer dan drie dagen met een gemiddelde concentratie hoger dan 25 µg/m³ gemeten. Stagnatie van de gemeten concentraties Sinds 2014 is er weinig tot geen verandering meer in de gemeten jaargemiddelden. De jaargemiddelden dalen niet meer verder, maar stagneren of stijgen zelfs terug in vergelijking met de voorgaande jaren.

4. Zwarte koolstof/Elementair koolstof Verkeer is grootste bron, gevolgd door huishoudens De emissies van elementair koolstof in Gent-centrum, de rest van de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone bedroegen in 2017 125 ton. Dit is 7 % van de totale Vlaamse EC-emissies. Het grootste deel (47 %) komt vanuit de zone Gentse agglomeratie waar verkeer de grootste bijdrage levert. Elementair koolstof wordt vooral gevormd wordt door de verbranding van fossiele brandstoffen, met dieseluitstoot als één van de grootste bronnen. Het aandeel van verkeer is bij elementair koolstof veel groter dan bij PM10 of PM2,5. In Gent-centrum vormen de huishoudens de grootste bron en meer bepaald de verbranding van hout in open haarden en kachels. Sinds 2000 daalden de uitlaatemissies door wegverkeer sterk door het invoeren van milieuvriendelijkere voertuigen. De emissie van de huishoudens schommelt van jaar tot jaar door wisselende meteorologische omstandigheden. In de kanaalzone vormt industrie de grootste bron voor de uitstoot van elementair koolstof. Door nieuwe maatregelen in 2017 zijn de EC-emissies van de industrie wel sterk gedaald in vergelijking met 2016. Geen bestaande luchtkwaliteitsnormen De gemeten jaargemiddelden liggen tussen 1,14 en 1,49 µg/m³. De hoogste concentratie werd gemeten op de verkeersgerichte meetplaats aan de Gustaaf Callierlaan. Er bestaan momenteel geen Europese normen of WGO-advieswaarden voor zwarte of elementaire koolstof. Gemeten concentraties dalen De gemeten jaargemiddelden zijn met 27 tot 36 % gedaald sinds de start van de metingen in 2012. Ook in de rest van Vlaanderen is er een dalende trend.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

5


INHOUD 1 2 3 3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.2.1 3.1.2.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.2 3.2.1 3.2.2 4 4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.1.5 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5 4.2.6 4.3 4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4 4.3.5 5

Inleiding.......................................................................................................................................... 9 Het meetnet .................................................................................................................................10 Stikstofoxiden ..............................................................................................................................15 NO2 ...............................................................................................................................................15 Emissie van stikstofoxiden (uitgedrukt als stikstofdioxide) (NOx (NO2))..................................... 15 Gemeten concentraties .............................................................................................................. 18 Automatische meetplaatsen ....................................................................................................... 18 Passieve samplers ....................................................................................................................... 19 Gemodelleerde concentraties .................................................................................................... 22 Toetsing aan de grenswaarden ................................................................................................... 24 Pollutierozen ............................................................................................................................... 24 NO ................................................................................................................................................25 Gemeten concentraties .............................................................................................................. 25 Pollutierozen ............................................................................................................................... 27 Fijn stof.........................................................................................................................................28 PM10 .............................................................................................................................................28 Emissie van PM10 ......................................................................................................................... 28 Gemeten concentraties .............................................................................................................. 31 Gemodelleerde concentraties .................................................................................................... 32 Toetsing aan de grenswaarden ................................................................................................... 35 Pollutierozen ............................................................................................................................... 37 PM2,5 .............................................................................................................................................39 Emissie van PM2,5 ........................................................................................................................ 39 Gemeten concentraties .............................................................................................................. 41 Gemodelleerde concentraties .................................................................................................... 42 Toetsing aan de grenswaarden ................................................................................................... 44 Chemische samenstelling van PM2,5 ........................................................................................... 46 Pollutierozen ............................................................................................................................... 47 Zwarte koolstof/Elementair koolstof ...........................................................................................49 Emissies elementair koolstof ...................................................................................................... 49 Gemeten concentraties .............................................................................................................. 52 Gemodelleerde concentraties .................................................................................................... 53 Toetsing aan de grenswaarden ................................................................................................... 55 Pollutierozen ............................................................................................................................... 55 Besluit...........................................................................................................................................56 Informatie over geaccrediteerde metingen (normen ISO/IEC 17025:2005) ...............................58 Beschrijving van de polluenten ....................................................................................................59 Overzicht luchtkwaliteitsnormen.................................................................................................62 Methodiek ....................................................................................................................................65

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 6

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


LIJST VAN TABELLEN Tabel 1: Overzicht van de automatische meetplaatsen .................................................................................. 12 Tabel 2: Overzicht van de ligging van de NO2-meetplaatsen met passieve samplers in Gent-centrum in 2018 ......................................................................................................................................................................... 13 Tabel 3: NO2 jaargemiddelden (µg/m³) op de automatische meetplaatsen, voor de periode 2008 - 2018 ... 18 Tabel 4: NO-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018 ............................ 26 Tabel 5: PM10-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018 ......................... 31 Tabel 6: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 2018 ................................................................................................................................................................. 35 Tabel 7: PM2,5-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 – 2018 ........................ 41 Tabel 8: Aantal dagen met een PM2,5-concentratie > 25 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 2018 ................................................................................................................................................................. 44 Tabel 9: Jaargemiddelden voor zwarte koolstof (µg/m³) op de meetplaatsen van 2012 - 2018 .................... 52 Tabel 10: Grenswaarden en alarmdrempel voor NO2 en kritiek niveau voor NOx (richtlijn 2008/50/EG)...... 62 Tabel 11: Advieswaarden voor NO2 en kritiek niveau voor NOx (WGO 2000 en 2005) .................................. 62 Tabel 12: Regelgeving voor PM10 (richtlijn 2008/50/EG en WGO 2005) ......................................................... 63 Tabel 13: Europese regelgeving voor PM2,5 (2008/50/EG).............................................................................. 63 Tabel 14: Advieswaarden voor PM2,5 (WGO 2005) ......................................................................................... 64

LIJST VAN FIGUREN Figuur 1: Ligging van de automatische meetplaatsen en afbakening van de zones ....................................... 11 Figuur 2: Ligging van de passieve samplers en automatische meetplaatsen in Gent-centrum ..................... 14 Figuur 3: Aandeel van de verschillende sectoren in de NOx(NO2)-emissies in 2017 (links) en de trend van de NOx(NO2)-emissies voor de periode 2000 - 2017 (rechts), weergegeven per zone ........................................ 17 Figuur 4: NO2-jaargemiddelde (µg/m³) op de automatische meetplaatsen, voor de periode 2008 - 2018 ... 19 Figuur 5: Ligging van de passieve samplers in Gent-centrum, met hun indicatief NO2-jaargemiddelde in 2018 ......................................................................................................................................................................... 21 Figuur 6: Indicatieve NO2-jaargemiddelden gemeten met passieve samplers in Gent-centrum in 2017 en 2018 ................................................................................................................................................................. 22 Figuur 7: Gemodelleerd NO2-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gentcentrum in 2018 .............................................................................................................................................. 23 Figuur 8: Pollutieroos voor NO2, per meetplaats, in 2018 (µg/m³) ................................................................. 25 Figuur 9: NO-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018........................... 26 Figuur 10: Pollutieroos voor NO, per meetplaats, in 2018 (µg/m³) ................................................................ 27 Figuur 11: Aandeel van de verschillende sectoren in de PM10-emissies in 2017 (links) en de trend van de PM10-emissies voor de periode 2000 - 2017 (rechts), weergegeven per zone ............................................... 30 Figuur 12: Trend van de PM10-jaargemiddelden op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018 ............. 32 Figuur 13: Gemodelleerd PM10-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gentcentrum ........................................................................................................................................................... 34 Figuur 14: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 2018 ................................................................................................................................................................. 36 Figuur 15: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 µg/m³ in 2018, per maand .................................. 37 Figuur 16: Pollutieroos voor PM10, per meetplaats, in 2018 (µg/m³) ............................................................. 38

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

7


Figuur 17: Aandeel van de sectoren in de PM2,5-emissies in 2017 (links) en de trend van de PM2,5-emissies voor de periode 2000 - 2017 (rechts), weergegeven per zone ....................................................................... 40 Figuur 18: PM2,5-jaargemiddelden op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018................................... 42 Figuur 19: Gemodelleerd PM2,5-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gentcentrum in 2018 .............................................................................................................................................. 43 Figuur 20: Aantal dagen met een PM2,5 concentratie > 25 µg/m³ op de automatische meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018 ........................................................................................................................................ 45 Figuur 21: Aantal dagen met een PM2,5 concentratie > 25 µg/m³ per meetplaats en per maand in 2018..... 46 Figuur 22: Chemische samenstelling van PM2,5 op meetplaats Gent-Baudelohof (R701), voor de periode 2016 - 2018 (µg/m³) ........................................................................................................................................ 47 Figuur 23: Pollutieroos voor PM2,5 per meetplaats in 2018 ........................................................................... 48 Figuur 24: Aandeel van de sectoren in de emissie van elementair koolstof in 2017 (links) en de trend van de EC-emissies voor de periode 2000 - 2017, weergegeven per zone................................................................. 51 Figuur 25: Jaargemiddelden zwarte koolstof op de meetplaatsen van 2012 - 2018 ...................................... 52 Figuur 26: Gemodelleerd zwarte koolstof-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum .................................................................................................................................................. 54 Figuur 27: Pollutieroos voor zwarte koolstof, per meetplaats, in 2018 .......................................................... 55

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 8

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


1 INLEIDING Dit rapport werd opgemaakt in het kader van de samenwerkingsovereenkomst tussen de stad Gent en de VMM. In dit rapport bespreken we de luchtconcentraties en emissies van een aantal polluenten in de Gentse kanaalzone, de Gentse agglomeratie en Gent-centrum. We toetsen de concentraties van 2018 aan de Europese regelgeving en aan de WGO-advieswaarden. Ook de trend wordt besproken. In dit rapport worden de volgende polluenten besproken: — PM10, — PM2,5, — zwarte koolstof (BC) en — stikstofoxiden (NO2 en NO). De specificaties over de metingen en de meetonzekerheid zijn terug te vinden in bijlage 1. Een algemene beschrijving van de polluenten is bijgevoegd in bijlage 2. De emissiegegevens in dit rapport werden verzameld door de Emissie-inventaris Lucht van de VMM op basis van door de bedrijven gerapporteerde emissies in het Integraal Milieujaarverslag en modelberekeningen. Meer uitleg over de methodiek van de emissie-inventaris is te vinden in bijlage 4. De meest recente data die momenteel beschikbaar zijn, zijn de emissiecijfers voor het jaar 2017.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

9


2 HET MEETNET Tabel 1 geeft een overzicht van de automatische meetplaatsen in de regio Gent, hun ligging en welke van de bovenstaande polluenten er gemeten worden. Op Figuur 1 wordt de ligging van de meetplaatsen weergegeven. De Gentse kanaalzone ligt ten noorden van Gent en wordt gekenmerkt door industriële activiteit langs het kanaal Gent-Terneuzen. Ze omvat naast de kanaaldorpen van de stad Gent tevens de gemeenten Zelzate en Evergem. De afbakening van deze zone komt overeen met de luchtkwaliteitszone zoals ze wordt gerapporteerd aan de Europese Commissie. In de Gentse kanaalzone bevinden zich vier automatische meetplaatsen: — R731 in Evergem, — R740 in Sint-Kruis-Winkel, — R750 in Zelzate, — M702 in Ertvelde. De zone Gentse agglomeratie is eveneens gebaseerd op de zone die werd afgebakend voor rapportering van de luchtkwaliteitsgegevens aan de Europese Commissie. Naast een aantal deelgemeenten van de stad hoort ook Destelbergen tot deze zone. In de zone Gentse agglomeratie bevinden zich vijf automatische meetplaatsen: — R701 in het Baudelohof, — R702 naast de Gustaaf Callierlaan, — R710 in Destelbergen, — R721 in Wondelgem, — E716 in Mariakerke. Voor het ‘Actieplan fijn stof en NO2 voor agglomeratie Gent en Gentse kanaalzone (2016-2020)’2 werd deze zone voor het berekenen van de emissiegegevens nog uitgebreid met Melle (inclusief Gontrode) en Merelbeke (zonder de deelgemeenten) omwille van de aanwezigheid van de E40 en R4. Gent-centrum werd, conform de werkwijze van het actieplan, voor het weergeven van de emissiegegevens als aparte zone afgezonderd van de Gentse agglomeratie omdat dit gebied andere kenmerken heeft het op het vlak van bevolkingsdichtheid en wegdichtheid. Als aanvulling op de meetplaatsen waar er met automatische monitoren wordt gemeten en omwille van de invoering van het circulatieplan (in april 2017), meet de VMM in Gent-centrum op 20 locaties NO2 met behulp van passieve samplers. De samplers bevinden zich op verschillende types locaties zoals in street canyons, langs drukke invalswegen en op stedelijke achtergrondlocaties. De ligging van deze locaties staat in Tabel 2 en wordt getoond op Figuur 2.

2

Het actieplan is terug te vinden op de website https://www.lne.be/luchtkwaliteitsplan-gent

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 10

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 1: Ligging van de automatische meetplaatsen en afbakening van de zones

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

11


Tabel 1: Overzicht van de automatische meetplaatsen

Code

Naam

Adres

Classificatie Meetplaats

Lambertcoördinaten

PM10 PM2,5 BC

NOx

Meetplaats R701

Gent-Baudelohof

Baudelostraat

stedelijk, achtergrond

X 105169

Y 194435

Z 8

✓

✓

✓

✓

R702

Gent-Gustaaf Callierlaan

Gustaaf Callierlaan

stedelijk, verkeer

105540

192476

7

✓

✓

✓

✓

R710

Destelbergen

Admiraaldreef

voorstedelijk, achtergrond

108394

194736

7

✓

✓

R721

Wondelgem

Sint-Sebastiaanstraat

voorstedelijk, industrieel

104275

197850

8

✓

E716

Mariakerke

Driepikkelstraat

voorstedelijk, industrieel

101919

195427

8

✓

R731

Evergem

Doornzeelsestraat

landelijk, industrieel

105947

201811

7

✓

✓

✓

R740

Sint-Kruis-Winkel

Schuitstraat

landelijk, industrieel

110815

204603

5

✓

✓

✓

R750

Zelzate

Burgemeester Jos Chalmetlaan

landelijk, industrieel

111845

209705

6

✓

✓

M702

Ertvelde

Ijsvogelstraat

landelijk, industrieel

107569

206396

5

✓

✓

✓ ✓

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 12

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Tabel 2: Overzicht van de ligging van de NO2-meetplaatsen met passieve samplers in Gent-centrum in 2018

Naam Gent-Begijnhoflaan Gent-Clarissenstraat Gent-Coupure Links 53 Gent-Coupure Links 653 Gent-Dok-Zuid Gent-Hoogstraat Gent-Keizer Karelstraat Gent-Keizervest Gent-Kortrijksepoortstraat Gent-Kraanlei Gent-Lammerstraat Gent-Martelaarslaan Gent-Nieuwewandeling Gent-Palinghuizen Gent-Phoenixstraat Gent-Recollettenlei Gent-Rodetorenkaai Gent-Rooigemlaan Gent-Tolhuislaan Gent-Tweebruggenstraat

Plaats Code GN46 GN43 GN48 GN42 GN38 GN53 GN50 GN40 GN47 GN55 GN52 GN36 GN41 GN37 GN49 GN54 GN45 GN39 GN51 GN44

Straat Begijnhoflaan Clarissenstraat Coupure Links 53 Coupure Links 653 Dok-Zuid Hoogstraat Keizer Karelstraat Keizervest Kortrijksepoortstraat Kraanlei Lammerstraat Martelaarslaan Nieuwewandeling Palinghuizen Phoenixstraat Recollettenlei Rodetorenkaai Rooigemlaan Tolhuislaan Tweebruggenstraat

Lambertcoรถrdinaten X Y 103916 194572 105629 192843 104459 193126 103744 193918 105774 194390 104081 194047 105312 193869 105743 192314 104656 192962 104637 194253 105024 193293 103775 193343 103527 194076 103203 195208 103562 194405 104492 193576 105453 194243 102665 194349 104854 194858 105680 193333

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

13


Figuur 2: Ligging van de passieve samplers en automatische meetplaatsen in Gent-centrum

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 14

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


3 STIKSTOFOXIDEN Stikstofoxiden (NOx) bestaan uit een mengsel van stikstofdioxide (NO2) en stikstofmonoxide (NO). Ze worden uitgestoten tijdens de verbrandingsprocessen van fossiele brandstoffen (steenkool, petroleumproducten en gas) zoals huishoudelijke verwarming, industriële processen en, de belangrijkste bron, de verbrandingsmotoren van verkeer. In tegenstelling tot NO is NO2 een toxisch gas dat irritatie aan de luchtwegen kan veroorzaken. Een kwart van de jaarlijkse astmagevallen bij kinderen zou te wijten zijn aan NO2. Ook voor het milieu is NO2 schadelijk, omdat het via depositie mee kan leiden tot verzuring en vermesting van bodem en water, met negatieve effecten op ecosystemen en de biodiversiteit. NOx kan over grote afstanden getransporteerd worden en dus effecten veroorzaken in ver gelegen gebieden. Meer informatie over NOx is terug te vinden in bijlage 2.

3.1 NO2 3.1.1 Emissie van stikstofoxiden (uitgedrukt als stikstofdioxide) (NOx (NO2)) Voor het jaar 2017 bedroeg de NOx(NO2)-emissie voor de zones Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie Gent-centrum samen 12241 ton. Dit is 9,6 % van de totale NOx(NO2)-uitstoot van heel Vlaanderen. Het overgrote deel (8857 ton) van de NOx(NO2)-emissies kwam uit de kanaalzone, 2945 ton uit de Gentse agglomeratie en 439 ton uit Gent-centrum. Figuur 3 toont in het linkerdeel voor elke zone het aandeel van de verschillende sectoren in de NOx(NO2)emissies en in het rechterdeel de trend van de NOx(NO2)-emissies sinds 2000. Voor een beschrijving van de zones, zie hoofdstuk 2. De meest recente beschikbare emissie-data zijn die van het jaar 2017. Er dient opgemerkt te worden dat de berekening van de verkeersemissies gebeurt op basis van een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark. Bovenstaande emissiegegevens houden dus geen rekening met de invoering van het circulatieplan. In de Gentse kanaalzone komen de NOx(NO2)-emissies voor: — 68 % van de sector industrie, — 16 % van de sector energie, — 14% van het verkeer, waarin scheepvaart iets meer dan de helft uitmaakt, en het autoverkeer één derde. Spoorverkeer en vliegvaart zijn beperkt (zie Figuur 3, links). Het aandeel van de andere sectoren in de Gentse kanaalzone was kleiner dan 1%. De belangrijkste bijdrage aan de emissies van de sector industrie wordt geleverd door ArcelorMittal. In de sector energie zijn de 3 grootste bronnen: Electrabel Centrale Rodenhuize, Electrabel Centrale Knippergroen en EDF Luminus Gent Ringvaart. Sinds 2000 is de totale emissie in de Gentse kanaalzone gedaald met 7487 ton. Dit komt vooral omdat de emissies van de energiesector sterk zijn gedaald (een daling van 5641 ton sinds 2000). In het algemeen daalden de emissies van de energiesector door inspanningen van de elektriciteitscentrales door

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

15


overschakelingen van steenkool en stookolie naar aardgas, verbeterde verbrandingstechnologieën en rookgasreiniging. De uitstoot van de industrie daalde met 1110 ton. De emissies van de andere sectoren zijn minder opvallend veranderd. Na 2014 was er geen verdere daling meer in de totale emissie, er is zelfs terug een zeer lichte stijging zichtbaar. De stijging is hoofdzakelijk toe te schrijven aan een toename van de NOx-emissies bij de elektriciteitscentrales. De elektriciteitsproductie is gestegen vanaf 2015, de centrales hebben dus wellicht meer gedraaid. In de zone Gentse agglomeratie is: — het grootste deel (79 %) afkomstig van het (weg)verkeer, — de huishoudens (gebouwenverwarming) en de sector handel en diensten (eveneens gebouwenverwarming) komen op een gedeelde 2de plaats, maar hun aandeel is veel minder belangrijk (6 % elk). De trend sinds 2000 toont dat de emissies van het verkeer met bijna de helft zijn gedaald (van 4586 ton in 2000 tot 2342 ton in 2017). Dit komt grotendeels door het gebruik van driewegkatalysatoren in benzinewagens en de toepassing van uitlaatgasrecirculatie en selectieve katalytische reductie bij vrachtwagens. In Gent-centrum: — levert het verkeer ook de grootste bijdrage (56 %, zie Figuur 3, links onderaan), — de bijdrage van de sector energie komt op de tweede plaats (21 %), dit door de aanwezigheid van energiebedrijf EDF Luminus Ham, — de huishoudens hebben een aandeel van 13 %. Deze 3 sectoren vertonen alle drie een gelijkaardige daling tussen 31 en 39 % sinds 2000 (zie Figuur 3, rechts onderaan). De luchtkwaliteit in de Gentse regio wordt echter niet enkel bepaald door de emissies in de regio zelf. Ook emissies in de rest van Vlaanderen, andere gewesten en het buitenland dragen bij aan de concentratie van vervuilende stoffen in Gent. In stedelijke gebieden is 65 % van de NO2 die we meten in de omgevingslucht afkomstig van lokale en Vlaamse bronnen. Op verkeersdrukke plaatsen loopt dit op tot 75 %. Een kwart tot een derde van wat we meten in de omgevingslucht in steden is dus afkomstig van niet-Vlaamse bronnen. De relatie tussen de emissies van NOx en de gemeten NO2-concentraties is bovendien niet lineair. Naast directe uitstoot, wordt NO2 ook nog indirect gevormd door chemische reacties in de atmosfeer. Stikstofoxiden door verbrandingsprocessen komen voornamelijk onder de vorm van NO in de lucht terecht. Enerzijds wordt het weinig toxische NO relatief snel omgezet naar het toxisch gas NO2 door reactie met onder andere ozon (O3). Anderzijds neemt NO2 deel aan de fotochemische ozonvorming waarbij O3 wordt gevormd en NO2 wordt omgezet tot NO. De chemie van stikstofcomponenten in de atmosfeer is erg complex.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 16

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 3: Aandeel van de verschillende sectoren in de NOx(NO2)-emissies in 2017 (links) en de trend van de NOx(NO2)-emissies voor de periode 2000 - 2017 (rechts), weergegeven per zone

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

17


3.1.2 Gemeten concentraties 3.1.2.1

Automatische meetplaatsen

Tabel 3 geeft per meetplaats het jaargemiddelde van de gemeten NO2 concentratie, voor de periode 2008 tot en met 2018. NO2-concentraties zijn sterk gelinkt aan verkeersintensiteit. Op de verkeersgerichte meetplaats aan de Gustaaf Callierlaan (R702) worden dan ook de hoogste NO2-jaargemiddelden gemeten. Deze meetplaats ligt naast de B401, dit is de fly-over die de verbinding vormt tussen de E17 Kortrijk-Antwerpen met het centrum van Gent. Meetplaats R750 en meetplaats R701 komen op een gedeelde 2de plaats wat betreft het NO2jaargemiddelde. Meetplaats R701 bevindt zich in het Baudelohof in het centrum van Gent, op ongeveer 500 m van de Gentse binnenring. De meetplaats R750 ligt 1,5 km ten noordoosten van de terreinen van ArcelorMittal. De laagste jaargemiddelden in 2018 werden gemeten op meetplaatsen E716 en R710. Meetplaats E716 bevindt zich aan de parking van het natuurreservaat Bourgoyen-Ossemeersen in Mariakerke. Meetplaats R710 ligt in woongebied in Destelbergen. Sinds 2008 vertonen alle meetplaatsen een geleidelijke lichte daling van 14 tot 24 %, afhankelijk van de meetplaats (zie Figuur 4). Tabel 3: NO2 jaargemiddelden (µg/m³) op de automatische meetplaatsen, voor de periode 2008 - 2018

Naam meetplaats Baudelohof Gustaaf Callierlaan Destelbergen Wondelgem Mariakerke Evergem Sint-Kruis-Winkel Zelzate Ertvelde

Code R701 R702 R710 R721 E716 R731 R740 R750 M702

2008 34 29 24 28 28 31 25

2009 34 27 29 24 28 28 30 25

2010 35 28 31 26 30 29 31 27

2011 33 26 29 24 28 27 30 24

2012 31 24 26 22 27 26 29 23

2013 32 24 27 24 27 26 29 24

2014 29 39 22 25 21 26 23 27 22

2015 28 38 22 23 21 25 23 27 21

2016 29 39 22 24 21 25 24 26 21

2017 27 36 21 22 20 24 23 26 21

2018 26 34 20 23 20 24 22 26 21

Rood: overschrijdingen van de EU-grenswaarde (40 µg/m³) en de WGO-advieswaarde (40 µg/m³)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 18

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 4: NO2-jaargemiddelde (µg/m³) op de automatische meetplaatsen, voor de periode 2008 - 2018

3.1.2.2

Passieve samplers

In het kader van de invoering van het circulatieplan meet de VMM sinds midden 2016, in aanvulling op de metingen met automatische monitoren, ook NO2 met behulp van passieve samplers. Deze hangen op 20 locaties in Gent-centrum (zie Tabel 2 en Figuur 2). De samplers werden telkens in duplo opgehangen gedurende periodes van 2 weken. Een volledig jaar bestaat dus uit 26 meetperiodes. Kalibratie ten opzichte van de automatische referentiemethode De automatische monitoren meten volgens de Europese referentiemethode. Passieve samplers niet, maar ze worden wel gekalibreerd ten opzichte van deze referentiemethode. Omwille van het toenemend belang van samplermetingen met NO2 werd in 2018 een uitgebreide kalibratieoefening uitgevoerd. Daarbij vergeleken we op 24 locaties (verspreid over heel Vlaanderen) samplermetingen met referentiemonitoren van het automatisch meetnet. Zo konden we de resultaten van de passieve samplers met de automatische monitoren vergelijken. Gemiddeld maten de samplers 1,2 µg/m3 minder dan de monitoren. Na statistische analyse werd gekozen voor de volgende kalibratie: Gekalibreerde samplerwaarde = (samplerwaarde + 3,2 µg/m3)/1,075

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

19


De onzekerheid op de samplermeting ten opzichte van de referentiemethode wordt per 2-wekelijks resultaat geschat op 5 µg/m3. Op jaarbasis schatten we de onzekerheid op 4 µg/m3 of 9 % bij de jaargrenswaarde van 40 µg/m3. Wanneer we de onzekerheid op de referentiemethode ook in rekening brengen schatten we de totale onzekerheid van de passieve samplers op jaarbasis op 6 µg/m3. Dit vertaalt zich in een relatieve onzekerheid van 15 % bij de jaargrenswaarde van 40 µg/m3. Dit maakt dat de metingen voldoen aan het criterium voor indicatieve metingen volgens Richtlijn 2008/50/EG. We spreken daarom van ‘indicatieve jaargemiddelden’. Omdat er tijdens 2018 op alle meetplaatsen dezelfde 2 meetperiodes verworpen werden door een analytisch probleem werd er een kleine correctie uitgevoerd op basis van de automatische monitoren. Hiervoor werd aan het gemiddelde van de 24 periodes per meetplaats telkens 0,6 µg/m3 bijgeteld. De onzekerheid op deze bijtelling bleek erg klein en wordt geschat op 0,5 µg/m3 of 2 %. Twee locaties in overschrijding in 2018 Figuur 5 toont de ligging van de passieve samplers met hun indicatieve jaargemiddelde in 2018. Er waren 2 locaties met een gemeten concentratie hoger dan 40 µg/m³, namelijk de meetplaats in de Hoogstraat (GN53) en in Dok Zuid (GN38). De indicatieve NO2-jaargemiddelden voor 2018 waren hier respectievelijk 43 en 42 µg/m³. Deze concentraties zijn lager dan de concentraties gemeten op dezelfde plaats in 2017 (respectievelijk 46 en 45 µg/m³, zie Figuur 6). Drie locaties hebben een gemeten concentratie net onder de grenswaarde van 40 µg/m³: de Tolhuislaan (GN51), Rooigemlaan (GN39) en Palinghuizen (GN37). Gemiddeld 10 % daling ten opzichte van 2017 Figuur 6 toont per locatie de gemeten NO2 concentraties via passieve samplers in 2017 en 2018. Hierop is te zien dat er in 2017 9 locaties waren die een concentratie van 40 µg/m³ of meer hadden en dat alle locaties, behalve één, een daling vertonen in de jaargemiddelde concentratie van 2018 ten opzichte van 2017. Gemiddeld was dit een daling van 2,5 µg/m3 of 10 % ten opzichte van 2017. De locatie in de Kortrijksepoortstraat (GN47) was de enige locatie met een stijging van de concentratie, namelijk van 31 naar 33 µg/m³.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 20

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 5: Ligging van de passieve samplers in Gent-centrum, met hun indicatief NO2-jaargemiddelde in 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

21


Figuur 6: Indicatieve NO2-jaargemiddelden gemeten met passieve samplers in Gent-centrum in 2017 en 2018

3.1.3 Gemodelleerde concentraties Op plaatsen waar er geen meetresultaten beschikbaar zijn, schat de VMM de concentraties in aan de hand van rekenkundige modellen. Voor NO2 gebruikt de VMM het ATMO-Street model. ATMO-Street is de naam voor de modelketen RIO-IFDM-OSPM. Meer uitleg over deze modellen is terug te vinden in bijlage 4. Figuur 7 toont de gemodelleerde NO2-jaargemiddelden in 2018. De autosnelwegen tekenen zich heel duidelijk af van de rest, de gemodelleerde concentraties zijn hier het hoogst. Daarnaast zien we ook in de binnenstad langs drukke straten verhoogde gemodelleerde NO2-concentraties. Daar het ATMO-Street model op dit moment rekent met de verkeersemissies, berekend met een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark, wordt in de modelkaarten geen rekening gehouden met de invoering van het circulatieplan.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 22

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 7: Gemodelleerd NO2-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum in 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

23


3.1.4 Toetsing aan de grenswaarden Toetsing van het jaargemiddelde Een overzicht van de regelgeving van NO2 is terug te vinden in bijlage 3. Op geen enkele locatie met een automatische monitor wordt de EU-jaargrenswaarde van 40 µg/m³ in de periode 2008-2018 overschreden (zie Tabel 3). De advieswaarde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) bedraagt eveneens 40 µg/m³ voor een jaar en wordt dus ook niet overschreden. In tegenstelling tot de automatische metingen, vinden we bij de metingen via passieve samplers wel 2 locaties terug die de grenswaarde van 40 µg/m³ overschrijden. Het ATMO-Street model toont voor NO2 eveneens nog overschrijdingen van de jaargrenswaarde langs belangrijke verkeersassen. Toetsing aan de uurgrenswaarde Alle Gentse automatische meetplaatsen respecteerden in 2018 de EU-uurgrenswaarde (maximaal 18 uren hoger dan 200 µg/m³ NO2, data hier niet getoond). Dit was ook het geval op alle Vlaamse meetplaatsen. De WGO-advieswaarde laat geen enkel uur met een concentratie hoger dan 200 µg/m³ toe. Ook deze waarde werd gerespecteerd. De hoogst gemeten uurwaarde in Gent in 2018 was 168 µg/m³, deze werd gemeten op de verkeersgerichte meetplaats R702 aan de Gustaaf Callierlaan.

3.1.5 Pollutierozen Figuur 8 geeft de pollutierozen voor NO2 voor de verschillende meetplaatsen. Uitleg over de methodiek van pollutierozen is terug te vinden in bijlage 4. Over het algemeen zijn er op alle meetplaatsen hogere concentraties te zien bij oostelijke tot zuidoostelijke wind en lagere concentraties bij westelijke wind. Op de verkeersgerichte meetplaats R702 naast de Gustaaf Callierlaan liggen de concentraties bij zuidoostelijke en noordwestelijke wind een stuk hoger dan op de andere meetplaatsen. Dit is niet zo verwonderlijk gezien zijn ligging tussen de Gustaaf Callierlaan en de fly-over, die in het zuidoosten de R40 kruist, en waar met andere woorden veel verkeer passeert. De meetplaats in Zelzate (R750) vertoont opvallend hogere concentraties bij wind uit zuidwestelijke richting. In deze richting ligt ArcelorMittal. Op de industriële meetplaats in Sint-Kruis-Winkel (R740) brengt wind uit noord-noordwestelijke richting en zuidwestelijke richting hogere NO2-concentraties met zich mee. Ten noorden van dit meetstation ligt de Electrabel Centrale Knippergroen en verder noordelijk ArcelorMittal. Ten zuidwesten van dit meetstation bevinden zich ook verschillende bedrijven in de kanaalzone, waaronder Electrabel Centrale Rodenhuize. Ook de gemeten concentraties op meetplaats R721 in Wondelgem worden waarschijnlijk beïnvloed door industriële activiteiten in de kanaalzone, gezien hier een verhoging wordt waargenomen bij wind vanuit noordoostelijke richting, waar de kanaalzone zich bevindt. Meetplaats R701 in Baudelohof in het centrum van Gent vertoont hogere concentraties bij noordoostelijke wind. In deze richting ligt EDF Luminus.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 24

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 8: Pollutieroos voor NO2, per meetplaats, in 2018 (Âľg/mÂł)

3.2 NO 3.2.1 Gemeten concentraties Tabel 4 en Figuur 9 tonen de NO-jaargemiddelden van alle automatische meetplaatsen in de regio Gent sinds 2008. De meetplaats R702 aan de Gustaaf Callierlaan is de meetplaats met het hoogste NO-jaargemiddelde, hier werd ook het hoogste NO2-jaargemiddelde gemeten. De jaargemiddelden van de andere meetplaatsen liggen een stuk lager. Op alle meetplaatsen is de NO-concentratie gedaald sinds 2008, met 29 % tot 58 %. In 2016 vertoonden alle meetplaatsen terug een stijging in NO-concentratie, waarna de concentraties in 2017 terug daalden. In 2018 zien we op 2/3de van de meetplaatsen een stagnatie en op 1/3de van de meetplaatsen een verdere daling in de gemeten NO-concentraties.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

25


Tabel 4: NO-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Naam meetplaats Baudelohof Gustaaf Callierlaan Destelbergen Wondelgem Mariakerke Evergem Sint-Kruis-Winkel Zelzate Ertvelde

Code R701 R702 R710 R721 E716 R731 R740 R750 M702

2008 11 12 10 8 10 10 14 7

2009 10 10 10 8 10 9 13 7

2010 11 9 10 8 10 9 13 7

2011 10 8 10 7 10 8 13 8

2012 9 7 9 7 9 8 12 7

2013 10 19 8 10 8 9 8 12 7

2014 8 19 6 8 6 8 6 10 6

2015 8 18 6 7 6 7 6 10 5

2016 10 21 7 10 8 10 7 12 7

2017 8 18 5 7 5 7 6 9 5

2018 6 15 5 7 5 7 5 9 5

Figuur 9: NO-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 26

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


3.2.2 Pollutierozen Figuur 10 toont de pollutierozen voor NO voor de verschillende meetplaatsen. Op alle meetplaatsen werden hogere concentraties gemeten bij wind vanuit oostelijke en zuidoostelijke richting, ten gevolge van verhoogde regionale achtergrondconcentraties. De NO-concentraties zijn het hoogst op de meetplaats langs de Gustaaf Callierlaan (R702), waar de aanwezigheid van de fly-over in oostelijke en zuidoostelijke richting en de Gustaaf Callierlaan in westelijke richting zorgt voor een verhoging van de NO vervuiling. Op meetplaats R750 in Zelzate zijn hogere NO concentraties aanwezig bij wind vanuit het zuidwesten, in de richting van de kanaalzone, net als bij de NO2-pollutieroos. Figuur 10: Pollutieroos voor NO, per meetplaats, in 2018 (Âľg/mÂł)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

27


4 FIJN STOF Zwevend stof (PM = Particulate Matter) is een mengsel van vloeibare of vaste deeltjes met uiteenlopende samenstellingen en afmetingen. Zowel de natuur als menselijke activiteiten kunnen een bron zijn van deze deeltjes. PM10 en PM2,5 zijn de stofdeeltjes met een diameter respectievelijk en kleiner dan 10 µm en kleiner dan 2,5 µm. De aanwezigheid van PM in de omgevingslucht heeft een negatieve invloed op de gezondheid zowel op korte als lange termijn. Onder andere luchtweginfecties, astma, verschillende kankers (niet enkel longkanker) en een verminderde levensverwachting zijn in relatie gebracht met de aanwezigheid van fijn stof. Recent onderzoek3 toonde aan dat ook een foetus via de moeder al zeer vroeg in de ontwikkeling in aanraking komt met luchtvervuiling, doordat fijn stof-roetdeeltjes doordringen tot de placenta en zich daar opstapelen, met negatieve invloeden op de ontwikkeling van de foetus. Meer informatie over de gezondheidseffecten, alsook over de oorsprong en classificatie van fijn stof zijn terug te vinden in bijlage 2.

4.1 PM10 4.1.1 Emissie van PM10 De meest recent beschikbare emissiedata zijn deze voor 2017. Onderstaande figuren geven de cijfers weer van het rechtstreeks uitgestoten, primair PM10-stof. In 2017 hadden de 3 zones Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum een primaire PM10-uitstoot van 2058 ton. Dat is 10 % van de Vlaamse primaire PM10-uitstoot dat jaar. De PM10-emissies van de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gentcentrum waren in 2017 respectievelijk 1483, 477 en 99 ton. Er dient opgemerkt te worden dat de berekening van de verkeersemissies gebeurt op basis van een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark. Bovenstaande emissiegegevens houden dus geen rekening met de invoering van het circulatieplan. Figuur 11 toont in het linkerdeel het aandeel van de verschillende sectoren in de emissie van primair PM10 in de Gentse kanaalzone voor het jaar 2017, in het rechterdeel de trend van de uitstoot sinds 2000. — 59 % komt vanuit van de sector industrie. De belangrijkste speler is ArcelorMittal, — 36 % komt van de sector industrie op- en overslag, — Verkeer en huishoudens hebben eenzelfde, beperkt aandeel (5 % elk), o De uitstoot van verkeer is voor bijna driekwart afkomstig van de scheepvaart. Een klein kwart komt van het van wegverkeer en de rest van spoorverkeer. De trendfiguur toont dat door de jaren heen de totale PM10-emissie is gedaald, maar dat er tussen 2010 en 2016 terug een stijging was. Het schommelend verloop is een gevolg van fluctuaties in de emissie van ArcelorMittal. Sinds 2013 wordt ook de invloed van niet-geleide stofemissies van de op- en overslagbedrijven op PM10 in kaart gebracht. De stijging in de emissies van deze sector vanaf 2016 komt zowel door een stijging van de 3

Bové H. et al. 2019. Ambient black carbon particles reach the fetal side of human placenta. Nature Communications 10:3866. https://www.nature.com/articles/s41467-019-11654-3.pdf

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 28

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


emissies als door het feit dat er een aantal bedrijven vanaf dan pas emissies doorgeven. Vóór 2013 is er geen beschikbare informatie over de PM10-emissies van deze sector. De emissies van de sector energie zijn zeer sterk gedaald sinds 2000. De grootste emissie komt van Electrabel Centrale Rodenhuize. In de zone Gentse agglomeratie liggen de emissieverhoudingen anders dan in de kanaalzone. — Net niet de helft van de emissies komt van de huishoudens (49 %), dit aandeel is zo goed als uitsluitend afkomstig van gebouwenverwarming, — Verkeer heeft een aandeel van 29 % (overwegend wegverkeer), — Land- en tuinbouw komt op de derde plaats (9 %), — 8 % komt van de sector op- en overslag. Sinds 2000 zijn de emissies van het verkeer gedaald met 139 ton. De emissies van de huishoudens zijn niet gedaald. In deze zone ligt één op- en overslag bedrijf (Euro-Silo Sifferdok), waarvan de stofemissies sinds 2016 door het bedrijf worden gerapporteerd. In Gent-centrum komt de PM10-uitstoot: — voor 84 % van huishoudens, dit aandeel is ook hier bijna uitsluitend van gebouwenverwarming afkomstig. Bij fijn stof afkomstig van gebouwenverwarming is veruit de grootste bron de particuliere houtverbranding. — 14 % komt van het verkeer, waarbij 11 % van wegverkeer, 2 % van spoorverkeer en 1 % van scheepvaart. De emissies van het verkeer zijn gedaald doorheen de jaren, voornamelijk door de introductie van milieuvriendelijkere en efficiëntere voertuigen. De emissies van de huishoudens zijn niet echt veranderd in vergelijking met 2000, ze fluctueren wel doorheen de jaren, afhankelijk van het gebruik van brandhout als huishoudelijke verwarming, gekoppeld aan strenge winters. Fijn stof in de atmosfeer bestaat niet enkel uit primaire deeltjes die rechtstreeks worden uitgestoten maar ook uit een secundaire fractie. De secundaire fractie bestaat uit deeltjes die in de atmosfeer ontstaan door chemische en fysische reacties. Ook emissies van buiten de agglomeratie (Vlaanderen, de andere gewesten, buitenland), de aard van de emissies (bijvoorbeeld de hoogte), de meteorologische omstandigheden en de topografie bepalen mee de gemeten concentraties. In Vlaanderen is gemiddeld 70 tot 80 % van het fijn stof afkomstig uit het buitenland en de andere gewesten4.

4

Felix Deutsch en Wouter Lefebvre (VITO), 2018, Referentietaak Lokaal Leefmilieu, Deeltaak Import/export balans

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

29


Figuur 11: Aandeel van de verschillende sectoren in de PM10-emissies in 2017 (links) en de trend van de PM10-emissies voor de periode 2000 - 2017 (rechts), weergegeven per zone

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 30

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.1.2 Gemeten concentraties Tabel 5 en Figuur 12 tonen per meetplaats de PM10-jaargemiddelden gemeten tussen 2008 en 2018. In 2018 werd het hoogste PM10-jaargemiddelde gemeten op de meetplaats R701 in het Baudelohof in het centrum van Gent, gevolgd door de meetplaats R731 in Evergem. Dit zijn andere meetplaatsen dan waar de hoogste NO2-concentraties werden gemeten. De concentratie gemeten in het Baudelohof was in 2018 de hoogste concentratie van alle automatische meetplaatsen in heel Vlaanderen. Het laagste jaargemiddelde in de Gentse regio werd gemeten op meetplaats R710 in Destelbergen. In Figuur 12 is te zien dat sinds 2008 de jaargemiddelden een dalend verloop kennen, maar ze tussen individuele jaren sterk schommelen. In 2018 zijn de jaargemiddelden opnieuw hoger ofwel hetzelfde gebleven in vergelijking met 2017 en 2016. Niet enkel in de Gentse agglomeratie en de Gentse kanaalzone zagen we een in 2018 een stijging in het PM10-jaargemiddelde, dit was het geval op 80 % van alle Vlaamse meetplaatsen. Dit is allicht gelinkt aan de weersomstandigheden in 2018: 2018 was warm en droog waardoor er minder vervuiling werd uitgewassen en er meer heropwaaien (resuspensie) van stof was. Tabel 5: PM10-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Naam meetplaats

Code

2008

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

Baudelohof

R701

35

32

33

31

28

30

25

26

28

26

29

Gustaaf Callierlaan

R702

-

-

-

-

-

-

28

24

24

23

24

Destelbergen

R710

29

23

23

26

24

25

22

23

22

21

23

Evergem

R731

34

33

32

33

28

30

26

24

23

24

26

Sint-Kruis-Winkel

R740

35

30

31

34

28

30

26

25

25

25

25

Zelzate

R750

36

31

29

32

29

-

27

26

24

24

25

Groen: overschrijdingen van de WGO-advieswaarde (20 µg/m³) Rood: overschrijdingen van de EU-grenswaarde (40 µg/m³)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

31


Figuur 12: Trend van de PM10-jaargemiddelden op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

4.1.3 Gemodelleerde concentraties Figuur 13 toont de lokale gemodelleerde PM10-jaargemiddelden in 2018. Hiervoor werd het model ATMOStreet gebruikt. Meer uitleg en de beperkingen van dit model zijn te vinden in bijlage 4. Voor de opmaak van deze gemodelleerde kaart voor 2018 werden de meest recent beschikbare emissiedata van 2017 gebruikt. Daar het ATMO-Street model rekent met de verkeersemissies, berekend met een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark, wordt in de modelkaarten geen rekening gehouden met de invoering van het circulatieplan. De gemodelleerde concentraties geven aan dat er in de kanaalzone rond enkele puntbronnen lokaal wel overschrijdingen van de jaargrenswaarde optreden. Het merendeel van de gemodelleerde verhoogde concentraties is een gevolg van niet-geleide, of diffuse emissies, die afkomstig zijn van opslagterreinen en scheepsverladingen. Deze emissiebronnen liggen laag bij de grond en hebben geen warmte-inhoud waardoor de gemodelleerde PM10-emissies op grondniveau zeer hoog zijn. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld ArcelorMittal, waar de directe PM10-emissies zeer hoog zijn, maar op hoge hoogte worden uitgestoten en een warmte-inhoud hebben waardoor deze emissies snel de hoogte ingaan, en de gemodelleerde concentraties op grondniveau lager zijn. De bedrijven die, volgens de emissie-inventaris, aanleiding geven tot hoge PM10-emissies en de oorzaak zijn van de rode en donkerrode kernen op de modelkaart zijn ArcelorMittal, Cargill (en in minder mate ook Electrabel Centrale Rodenhuize), Ghent Coal Terminal , Euro Silo Sifferdok en CBM.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 32

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Het grootste deel van Gent-centrum en de Gentse agglomeratie heeft een gemodelleerde jaargemiddelde concentratie tussen de 21 en 25 Âľg/mÂł, maar bij de E17, de E40, de R4, de Gentse binnenring en meerdere straten in Gent-centrum ligt de gemodelleerde jaarconcentratie hoger.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

33


Figuur 13: Gemodelleerd PM10-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 34

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.1.4 Toetsing aan de grenswaarden Een overzicht van de regelgeving van PM10 is terug te vinden in bijlage 3. Toetsing van het jaargemiddelde De Europese jaargrenswaarde van 40 µg/m³ wordt in 2018 op alle meetplaatsen gehaald, dit was in 2008 ook al zo. Maar nabij enkele industriële puntbronnen in de kanaalzone berekent het ATMO-Street model lokaal nog wel overschrijdingen. De WGO-advieswaarde van 20 µg/m³ wordt op geen enkele meetplaats in de Gentse regio gehaald. In Vlaanderen werd deze advieswaarde in 2018 op slechts 1 van de 36 meetplaatsen gerespecteerd. Trend en toetsing van de daggemiddelden Naast een grenswaarde voor het jaargemiddelde stelt de Europese richtlijn ook een grenswaarde voor het daggemiddelde voorop van 50 µg/m³ die per jaar maximaal 35 keer mag overschreden worden. Tabel 6 geeft per meetplaats het aantal dagen dat er een daggemiddelde hoger dan 50 µg/m³ werd gemeten weer, voor de periode 2008-2018. Sinds 2014 is er geen overschrijding meer gemeten van de EUdaggrenswaarde. Echter, de WGO-advieswaarde voor de daggemiddelden, die maximaal 3 dagen met een concentratie hoger dan 50 µg/m³ toelaat, werd nog nooit gehaald. In 2018 was er in heel Vlaanderen geen enkele meetplaats die voldeed aan de WGO-daggrenswaarde voor PM10. Figuur 14 toont het verloop van het aantal dagen met een daggemiddelde hoger dan 50 µg/m³ voor de periode 2008 – 2018. Dit verloop vertoont globaal genomen een dalende trend, maar de laatste jaren zien we op verschillende meetplaatsen een stagnatie. Op de meetplaats R701 in het Baudelohof is het aantal dagen met een daggemiddelde hoger dan 50 µg/m³ sterk gestegen in vergelijking met 2017. In heel Vlaanderen werd op zo’n 54 % van de meetplaatsen een stijging ten opzichte van 2017 waargenomen. Tabel 6: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Naam meetplaats

Code

2008

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

Baudelohof

R701

50

42

41

52

34

34

22

23

27

24

31

Gustaaf Callierlaan

R702

-

-

-

-

-

-

23

15

15

14

9

Destelbergen

R710

27

21

17

32

24

24

12

11

10

8

8

Evergem

R731

42

46

45

59

38

37

22

11

14

14

15

Sint-Kruis-Winkel

R740

38

34

35

54

32

30

21

13

17

12

12

Zelzate

R750

52

39

28

43

35

-

20

20

13

15

11

Rood: overschrijdingen van de EU-grenswaarde (35 dagen per jaar) Groen: overschrijdingen van de WGO-advieswaarde (3 dagen per jaar)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

35


Figuur 14: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Figuur 15 toont per meetplaats in welke maanden in 2018 dagen met een concentratie van meer dan 50 µg/m³ werden gemeten. In het voorjaar werden meerdere keren verhoogde concentraties gemeten op alle meetplaatsen tegelijk. De maanden maart, april en mei waren veel warmer dan normaal en ook droger. Minder neerslag leidde tot minder uitwassing van de pollutie. De hogere temperaturen in de lente, samen met de uitstoot van ammoniak door de landbouw bij de bemesting van akkers, zijn bevorderlijk voor de vorming van secundair fijn stof. De maand juli springt in het oog, hier werden op meetplaats R701 in Baudelohof 14 keer een daggemiddelde hoger dan 50 µg/m³ gemeten, namelijk van 11 tot en met 24 juli. Deze dagen hangen samen met de dagen vlak vóór, tijdens en vlak na de Gentse feesten (die in 2018 doorgingen van 13 -22 juli). In 2015 en 2017 werden er door de Gentse feesten 6 dagen met een daggemiddelde hoger dan 50 µg/m³ gemeten, in 2016 waren het 12 dagen. Het hogere aantal dagen in 2018 heeft mogelijk te maken met de droogte en het droge zonnige weer in 2018, waardoor er meer resuspensie was. In de maanden augustus, september en oktober zagen we in 2018 geen dagen met concentraties hoger dan 50 µg/m3.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 36

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 15: Aantal dagen met een PM10-concentratie > 50 Âľg/mÂł in 2018, per maand

4.1.5 Pollutierozen Figuur 16 toont de pollutierozen voor PM10 voor de verschillende meetplaatsen. Alle meetplaatsen vertonen hogere concentraties bij oostelijke wind. Het feit dat dit bij alle meetplaatsen wordt waargenomen, wijst erop dat dit niet het gevolg is van lokale bronnen maar eerder aangevoerd werd van verder gelegen gebieden. De meetplaatsen R701 (Baudelohof) en R731 (Evergem) hebben hogere concentraties bij oostelijke wind in vergelijking met de andere meetplaatsen. In de onmiddellijke omgeving ten oosten van meetplaats R731 in Evergem bevinden zich meerdere bedrijven waaronder de elektriciteitscentrale Electrabel Centrale Rodenhuize en een grote kolenopslagplaats (Gent Coal Terminal). De hogere concentraties gemeten bij noordelijke en oostelijke wind in de meetplaats in het Baudelohof (R701) wordt mogelijk verklaard door de ligging in het park, waar activiteiten doorheen het jaar kunnen hebben gezorgd voor verhoging van de PM10-concentraties wanneer de wind net uit deze richtingen kwam. Een noordelijke invloed is eveneens zichtbaar bij de meetplaats R740 in Sint-Kruis-Winkel. Ten noorden hiervan bevindt zich de Gentse kanaalzone met onder meer Electrabel Centrale Knippergroen en ArcelorMittal als belangrijkste emissiebron van primair PM10.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

37


Het zuidwesten is de meest voorkomende windrichting in België. Bij deze wind zijn de concentraties lager in vergelijking met de andere windrichtingen, behalve op de meetplaats R750 in Zelzate waar wel hogere concentraties werden gemeten bij zuidwestenwind. In deze richting bevindt zich de kanaalzone met ArcelorMittal als het dichtstbij gelegen bedrijf. Figuur 16: Pollutieroos voor PM10, per meetplaats, in 2018 (µg/m³)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 38

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.2 PM2,5 4.2.1 Emissie van PM2,5 In 2017 had het hele Gentse gebied een PM2.5-uitstoot van 1267 ton. Dat is 10 % van de primaire PM2,5uitstoot van heel Vlaanderen dat jaar. De emissies van de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gentcentrum waren in 2017 respectievelijk 820, 354 en 93 ton. Figuur 17 toont in het linkerdeel het aandeel van de verschillende sectoren in de emissie van primair PM2,5 voor het jaar 2017, en in het rechterdeel de trend van de uitstoot sinds 2007. Er dient opgemerkt te worden dat de berekening van de verkeersemissies gebeurt op basis van een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark. Bovenstaande emissiegegevens houden dus geen rekening met de invoering van het circulatieplan. In de Gentse kanaalzone komt — 79 % van de emissie van primair PM2,5 van de sector industrie, — de huishoudens hebben de tweede grootste bijdrage, namelijk 8 %, — het aandeel van de sector op- en overslag is, in tegenstelling tot hun aandeel aan PM10, beperkt (4 %), aangezien deze deeltjes veelal een diameter van meer dan 2,5 µm hebben, — verkeer heeft een bijdrage van 7 %. Scheepvaart, wegverkeer en spoorverkeer hebben elk een ongeveer evenredige bijdrage van één derde. In de trendgrafiek van de PM2,5-emissie sinds 2008 zien we eenzelfde beeld als in de trendgrafiek van de PM10-emissies: een schommelend verloop, voornamelijk veroorzaakt door de sector industrie (met name die van ArcelorMittal) en een daling van de emissies van de sector energie en verkeer. In de zone Gentse agglomeratie komt: — 64 % van de PM2,5-uitstoot van de huishoudens. Dit is een grotere bijdrage in vergelijking met de bijdrage van de huishoudens aan de PM10-emissie. De land- en tuinbouw hebben dan weer een kleinere bijdrage aan de PM2,5-emissie in vergelijking met hun bijdrage aan de PM10-emissie (2 % versus 9 % bij PM10). — 27 % van de PM2,5-emissie in deze zone komt van het verkeer. In vergelijking met 2000 is de emissie van de huishoudens onveranderd gebleven, hoewel er in de tussenjaren wel wat schommelingen waren. De emissies van het verkeer zijn, in vergelijking met 2000, gedaald met 184 ton. In Gent-centrum wordt de PM2,5-emissie gedomineerd door de huishoudens (87 %), net als bij PM10. Ook de trend in de tijd is gelijkaardig als bij PM10. De winter van 2010 was kouder dan gemiddeld, waardoor de emissie van de huishoudens (gebouwenverwarming) groter was in vergelijking met de andere jaren. Bij fijn stof afkomstig van gebouwenverwarming is de particuliere houtverbranding veruit de grootste bron.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

39


Figuur 17: Aandeel van de sectoren in de PM2,5-emissies in 2017 (links) en de trend van de PM2,5-emissies voor de periode 2000 2017 (rechts), weergegeven per zone

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 40

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.2.2 Gemeten concentraties Tabel 7 geeft de gemeten PM2,5-jaargemiddelden per meetplaats weer. Meetplaats R701 in Baudelohof heeft het hoogste jaargemiddelde, maar er is niet zo’n groot verschil met de jaargemiddelden gemeten op de andere meetplaatsen. De jaargemiddelden van de twee meetplaatsen waar sinds 2009 PM2,5 wordt gemeten, zijn gedaald met 20-25 %, maar sinds 2014 is er op alle meetplaatsen weinig tot geen verandering meer in de gemeten jaargemiddelden (zie Figuur 18). Tabel 7: PM2,5-jaargemiddelden (µg/m³) op de meetplaatsen voor de periode 2008 – 2018

Naam meetplaats

Code

Baudelohof

R701

-

20

21

20

18

19

16

15

15

15

16

Gustaaf Callierlaan

R702

-

-

-

-

-

-

15

15

15

14

14

Destelbergen

R710

-

-

-

-

-

-

-

14

14

14

14

Evergem

R731

-

20

21

21

18

19

16

14

14

14

15

Sint-Kruis-Winkel

R740

-

-

-

-

-

-

15

15

15

R750

-

-

-

-

-

-

-

15

Zelzate

15

15

15

15

2008 2009 2010 2011

2012

2013 2014 2015 2016 2017 2018

Groen: overschrijdingen van de WGO-advieswaarde (10 µg/m³) Rood: overschrijdingen van de EU-grenswaarde (25 µg/m³)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

41


Figuur 18: PM2,5-jaargemiddelden op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

4.2.3 Gemodelleerde concentraties Figuur 19 toont de gemodelleerde jaargemiddelde PM2,5-concentratie in Gent. Hiervoor werd het model ATMO-Street gebruikt met de meest recent beschikbare emissiedata van 2017. Meer uitleg en de beperkingen van dit model zijn te vinden in bijlage 4. Daar het ATMO-Street model rekent met de verkeersemissies, berekend met een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark, wordt in de modelkaarten geen rekening gehouden met de invoering van het circulatieplan. Het merendeel van Gent heeft een gemiddelde concentratie tussen de 13 en 15 Âľg/mÂł. In de Gentse kanaalzone is een gebied zichtbaar waar de jaarconcentraties hoger liggen maar er zijn geen puntbronnen zichtbaar zoals op de gemodelleerde kaart van PM10. Ook op de omringende snelwegen, de R40 en de belangrijkste verkeersassen in de binnenstad liggen de concentraties hoger.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 42

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 19: Gemodelleerd PM2,5-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum in 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

43


4.2.4 Toetsing aan de grenswaarden De regelgeving voor PM2,5 is opgenomen in bijlage 3. Toetsing van het jaargemiddelde De Europese grenswaarde van 25 µg/m³ voor het PM2,5-jaargemiddelde wordt op alle automatische meetplaatsen gehaald. De indicatieve grenswaarde van 20 µg/m³ die geldt vanaf 2020, wordt gehaald sinds 2012 (zie Tabel 7). De WGO-advieswaarde van 10 µg/m³ voor het jaargemiddelde wordt op geen enkele meetplaats gehaald. Dit is ook zo in de rest van Vlaanderen. Trend en toetsing van de daggemiddelden Tabel 8 en Figuur 20 tonen het aantal dagen dat de PM2,5-dagconcentratie hoger dan 25 µg/m³ was. Europa definieerde geen grenswaarde voor PM2,5-daggemiddelden maar de WGO-advieswaarde definieert een maximum van 3 dagen met een daggemiddelde hoger dan 25 µg/m³. Dit wordt op geen enkele meetplaats gehaald. In de rest van Vlaanderen wordt deze advieswaarden evenmin gehaald. Bij de meetstations met een lange tijdreeks zien we over de periode 2008 - 2018 globaal een daling in het aantal dagen met een PM2,5-daggemiddelde hoger dan 25 µg/m³, maar tussen individuele jaren schommelt de trend hard. In 2018 zien we op het merendeel van de meetplaatsen een (lichte) stijging in het aantal dagen met een PM2,5-concentratie hoger dan 25 µg/m³ tegenover 2017, uitgezonderd op de meetplaats R701 in het Baudelohof. Een gelijkaardig beeld zagen we op de overige meetplaatsen in Vlaanderen: op 82% van de PM2,5locaties zagen we in 2018 een (lichte) stijging van het aantal dagen met een concentratie hoger dan 25 µg/m³. Tabel 8: Aantal dagen met een PM2,5-concentratie > 25 µg/m³ op de meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Naam meetplaats

Code

2008

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

Baudelohof

R701

-

86

89

92

74

41

50

42

42

R702

-

-

-

-

-

82 -

51

Gustaaf Callierlaan

54

42

49

40

51

Destelbergen

R710

-

-

-

-

-

-

44

50

36

49

Evergem

R731

-

81

86

103

65

87

43

47

45

54

Sint-Kruis-Winkel

R740

-

-

-

-

-

-

48 -

44

59

45

54

Zelzate

R750

-

-

-

-

-

-

-

49

59

46

58

Groen: overschrijdingen van de WGO-advieswaarde (3 dagen > 25 µg/m³ toegelaten per jaar)

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 44

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 20: Aantal dagen met een PM2,5 concentratie > 25 µg/m³ op de automatische meetplaatsen voor de periode 2008 - 2018

Figuur 21 toont in welke maanden de dagen met een daggemiddelde van meer dan 25 µg/m³ werden gemeten in 2018. In de 2 zomermaanden juli en augustus zijn er bijna geen dagen met een concentratie hoger dan 25 µg/m³ gemeten, maar in de rest van het jaar wel. Er is minder verschil tussen de meetplaatsen onderling, wat aangeeft dat het eerder regionale verhogingen betreft en geen lokale verhogingen. Uitzondering zijn de 7 dagen in juli op meetplaats R701 in het Baudelohof ten gevolge van de Gentse feesten. De PM10-concentraties liggen wel veel hoger dan de PM2,5-concentraties op deze dagen. Dit toont aan dat het vooral over stof gaat met een grootte tussen 2,5 µm en 10 µm (en groter dan 10 µm). Deze groottefractie is typisch voor resuspensie.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

45


Figuur 21: Aantal dagen met een PM2,5 concentratie > 25 µg/m³ per meetplaats en per maand in 2018

4.2.5 Chemische samenstelling van PM2,5 De VMM bepaalt de chemische samenstelling van PM2,5 op 3 meetlocaties, waaronder sinds 2016 ook de meetlocatie Gent-Baudelohof (R701). Dagelijks wordt de PM2,5-fractie bepaald op filters via de gravimetrische referentiemethode. Om de vier dagen wordt de filter die die dag bemonsterd werd, in het labo geanalyseerd op de samenstelling van het bemonsterde stof. Over een heel jaar gaat dit over 91 geanalyseerde filters. In 2018 bestond de PM2,5-fractie in Gent (R701) gemiddeld uit: — 38 % secundaire anorganische ionen (=som van ammonium, nitraat en niet-zeezout-sulfaat), — 22 % organische massa, — 4 % elementair koolstof, — 2 % zeezout, — 33 % andere (onder meer gebonden water en mineraal stof). In vergelijking met 2017 is er een afname van de fracties zeezout (-25 %) en een toename van de organische massa (+5 %). Beide trends kunnen verklaard worden door het relatief hoger aantal dagen met oostenwind in 2018 waardoor er meer aanvoer was van continentale lucht (met organische massa afkomstig van onder meer gebouwenverwarming) en minder aanvoer van zeelucht en het bijhorende zeezout.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 46

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Dezelfde verschillen tussen 2017 en 2018 zagen we ook bij de resultaten van de chemische samenstelling van PM2,5 op de landelijke locatie in Retie (RT01) en op de stedelijke achtergrondlocatie in Antwerpen (R801). Figuur 22: Chemische samenstelling van PM2,5 op meetplaats Gent-Baudelohof (R701), voor de periode 2016 - 2018 (Âľg/mÂł)

4.2.6 Pollutierozen Figuur 23 geeft de pollutieroos voor PM2,5 voor de verschillende meetplaatsen weer. De pollutierozen hebben eenzelfde vorm als de pollutieroos voor PM10: vooral oostelijke wind zorgt op alle meetplaatsen voor hogere concentraties. De pollutierozen zijn gelijkaardig op alle meetplaatsen wat erop wijst dat de PM2,5concentraties voor een deel bepaald worden door regionale factoren. Op de meetplaatsen in Baudelohof (R701) en in Sint-Kruis-Winkel (R740) zien we zoals bij de pollutieroos van PM10, opnieuw hogere concentraties bij noordelijke wind, weliswaar in mindere mate. Deze verhogingen komen van dezelfde bronnen als PM10. De meetplaats R731 in Evergem heeft, in vergelijking met de andere meetplaatsen en de andere windrichtingen, de hoogste concentraties bij oostelijke wind. Dit is de invloed van de kanaalzone. Op de meetplaats R750 in Zelzate is nog een verhoging bij zuidwestenwind zichtbaar, die eveneens in de PM10 pollutieroos aanwezig is en vanuit de kanaalzone (ArcelorMittal) komt.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

47


Figuur 23: Pollutieroos voor PM2,5 per meetplaats in 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 48

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.3 Zwarte koolstof/Elementair koolstof Zwarte of elementair koolstof vormt een onderdeel van vooral de fijne fractie van het fijn stof. De deeltjes ontstaan bij onvolledige verbranding van fossiele brandstoffen, biomassa en biobrandstof. Het verschil in terminologie tussen elementair koolstof (EC) en zwarte koolstof (BC) heeft te maken met de fysische of chemische eigenschappen van de deeltjes, die tot uiting komen bij het meten van deze polluenten. De meettechniek voor het meten van deze polluent via het automatische meetnet, maakt gebruik van de lichtabsorptiecapaciteiten van de deeltjes, vandaar dat men van zwarte koolstof spreekt. Voor het bepalen van elementair koolstof wordt een thermische analysemethode gebruikt. Het gaat dus om zeer sterk aan elkaar verwante componenten, maar door de verschillen in meetmethode zit er toch een variatie in de gemeten hoeveelheden. De emissiedata betreffen elementair koolstof.

4.3.1 Emissies elementair koolstof De emissies van elementair koolstof zijn rechtstreeks gelinkt aan de PM2,5-emissies. De berekening van EC gebeurt aan de hand van percentages van de hoeveelheid PM2,5 die afkomstig zijn uit de literatuur of uit metingen. Er dient opgemerkt te worden dat de berekening van de verkeersemissies gebeurt op basis van een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark. Bovenstaande emissiegegevens houden dus geen rekening met de invoering van het circulatieplan. De emissies van elementair koolstof in Gent bedroeg in 2017 125 ton. Dit is 7 % van de totale Vlaamse ECemissies. Figuur 24 toont in het linkerdeel het aandeel van de verschillende sectoren in de emissie van elementair koolstof voor het jaar 2017 en in het rechterdeel de trend van de uitstoot sinds 2007, en dit voor elke zone. De Gentse kanaalzone had een uitstoot van 54 ton, de Gentse agglomeratie van 58 ton en Gent-centrum van 13 ton. In tegenstelling tot de andere polluenten besproken in dit rapport, zijn de emissies van EC groter in de Gentse agglomeratie dan in de Gentse kanaalzone. In de Gentse kanaalzone komt: — 61 % van de EC-uitstoot van de industrie — 20 % van het verkeer, waarvan ongeveer de helft afkomstig is van het wegverkeer, en ongeveer de andere helft van de scheepvaart — ook de huishoudens, en meer bepaald gebouwverwarming hebben een belangrijk bijdrage (14 %), — de overige sectoren leveren een veel kleinere bijdrage aan de uitstoot. De emissie van de industrie schommelt doorheen de jaren. In 2016 zat de uitstoot van de industrie terug op eenzelfde hoeveelheid als in 2000. Maar in 2017 is de uitstoot van de sector industrie met 64 % afgenomen in vergelijking met 2016. Daardoor is de hele uitstoot uit deze zone aanzienlijk verminderd. De EC-emissie van de industrie is bijna volledig toe te schrijven aan ArcelorMittal. Door nieuwe maatregelen in 2017 zijn vooral de emissies van de hoogoven, die in hoofdzaak verantwoordelijk waren voor de EC-emissie, sterk gedaald. In de Gentse agglomeratie is het aandeel van verkeer veel groter dan bij PM10 of PM2,5, dit komt doordat EC vooral gevormd wordt door de verbranding van fossiele brandstoffen, met dieseluitstoot als één van de grootste bronnen.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

49


het verkeer is verantwoordelijk voor net iets meer dan de helft van de uitstoot (52 %), met het wegverkeer als belangrijkste bron, — huishoudens vormen de 2de grootste bron (43 %). Het aandeel van de andere sectoren is zeer klein (< 3 %). Sinds 2000 daalden de uitlaatemissies door wegverkeer sterk door het invoeren van milieuvriendelijkere voertuigen. De emissie van de huishoudens schommelt van jaar tot jaar door wisselende meteorologische omstandigheden. Strenge winters zorgen voor een verhoogd verbruik aan brandhout. De overige sectoren kenden een vrij stabiel verloop. —

In Gent-centrum zijn: — de huishoudens de belangrijkste bron (70 %) van EC-emissies, — verkeer komt op de 2de plaats (28 %), — de bijdrages van de andere sectoren zijn kleiner dan 1 %. De trendgrafiek ziet er dezelfde uit als die van de Gentse agglomeratie: een sterke daling in de uitstoot van het wegverkeer en een schommelende uitstoot van de huishoudens. Het aandeel van de huishoudens aan EC is kleiner in vergelijking met hun aandeel aan PM10 en PM2,5, dit doordat er bij de verbranding van hout naast elementair koolstof ook veel organisch materiaal vrijkomt die niet mee omvat zit onder elementair koolstof maar wel onder de PM-fracties. Bij elementair koolstof afkomstig van gebouwenverwarming komt veruit de grootste bijdrage van de particuliere houtverbranding.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 50

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Figuur 24: Aandeel van de sectoren in de emissie van elementair koolstof in 2017 (links) en de trend van de EC-emissies voor de periode 2000 - 2017, weergegeven per zone

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

51


4.3.2 Gemeten concentraties Tabel 9 en Figuur 25 geven per meetplaats de jaargemiddelden zwarte koolstof weer, sinds de start van de metingen in 2012. Zwarte koolstof wordt door de verschillende bronnen onmiddellijk uitgestoten (primaire emissies), het wordt in de atmosfeer niet gevormd uit voorlopercomponenten. Hierdoor worden de concentraties elementair koolstof (of zwarte koolstof) in de omgevingslucht, veel meer dan deze van PM10 en PM2,5, bepaald door lokale bronnen. Het hoogste jaargemiddelde werd gemeten op de verkeersgerichte meetplaats R702 langs de Gustaaf Callierlaan. In vergelijking met PM10 en PM2,5 is er een groter verschil tussen de verkeersgerichte meetplaats R702 en de andere meetplaatsen. Sinds de start van de metingen is er een daling zichtbaar van 27 tot 36 %. Tabel 9: Jaargemiddelden voor zwarte koolstof (Âľg/mÂł) op de meetplaatsen van 2012 - 2018

Naam meetplaats

Code

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

Baudelohof

R701

1,78

1,79

1,63

1,45

1,45

1,35

1,14

Gustaaf Callierlaan

R702

-

2,34

2,22

1,94

1,90

1,62

1,49

Zelzate

R750

1,73

1,74

1,52

1,49

1,49

1,30

1,27

Figuur 25: Jaargemiddelden zwarte koolstof op de meetplaatsen van 2012 - 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 52

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.3.3 Gemodelleerde concentraties Figuur 26 toont de gemodelleerde jaargemiddelde concentraties van zwarte koolstof in Gent. Hiervoor werd het model ATMO-Street gebruikt. Meer uitleg en de beperkingen van dit model zijn te vinden in bijlage 4. Voor de opmaak van deze gemodelleerde kaart werden de meest recent beschikbare emissiedata van 2017 gebruikt. Daar het ATMO-Street model rekent met de verkeersemissies, berekend met een propagatiemodel dat gebruik maakt van de emissies van het totale Vlaamse wagenpark, wordt in de modelkaarten geen rekening gehouden met de invoering van het circulatieplan. De hoogste concentraties zwarte koolstof zien we in Gent centrum en de wijken ten zuiden van het centrum, alsook langs de belangrijkste verkeersassen binnen en buiten het centrum. Hieruit blijkt duidelijk dat verkeer een belangrijke bron is van zwarte koolstof. Voor PM10 en PM2,5 zagen we de hoogste gemodelleerde concentraties in de Gentse kanaalzone.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

53


Figuur 26: Gemodelleerd zwarte koolstof-jaargemiddelde in de Gentse kanaalzone, Gentse agglomeratie en Gent-centrum

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 54

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


4.3.4 Toetsing aan de grenswaarden Voor zwarte koolstof bestaat er geen Vlaamse of Europese wetgeving. Ook de WGO heeft nog geen advieswaarden gepubliceerd voor zwarte koolstof.

4.3.5 Pollutierozen Figuur 27 geeft per meetplaats de pollutierozen voor zwarte koolstof weer in 2018. De pollutierozen hebben op de 3 plaatsen een gelijkaardige vorm, alle locaties tonen verhoogde concentraties vanuit het oosten tot het zuiden. Dit heeft opnieuw te maken met de aanvoer van lucht vanuit het oosten en het feit dat continentale lucht meer vervuild is dan maritieme lucht. Op de verkeersgerichte meetplaats langs de Gustaaf Callierlaan (R702) worden bij alle windrichtingen hogere concentraties aan zwarte koolstof gemeten, behalve bij wind uit zuidwestelijke richting waar de concentratie hoger is op de meetplaats in Zelzate (R750) door de aanwezigheid van ArcelorMittal in het zuidwesten. Figuur 27: Pollutieroos voor zwarte koolstof, per meetplaats, in 2018

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

55


5 BESLUIT Stikstofdioxide − −

Sinds 2008 zijn de NO2-jaargemiddelden, gemeten met automatische monitoren, gedaald met 14 tot 24 %. De Europese jaargrenswaarde voor NO2 (en de WGO-jaaradvieswaarde) werd in 2018 op alle automatische meetplaatsen gerespecteerd, maar op 2 van de 20 meetplaatsen met passieve samplers werd wel een indicatief NO2-jaargemiddelde boven de jaargrenswaarde gemeten. In 2017 hadden nog 9 van deze 20 meetplaatsen een indicatief NO2-jaargemiddelde boven de jaargrenswaarde.

PM10 Jaargemiddelde: − De Europese grenswaarde voor het PM10-jaargemiddelde werd in 2018 gerespecteerd op alle automatische meetplaatsen, maar het ATMO-Street model geeft aan dat er in de kanaalzone nabij enkele industriële bronnen nog wel overschrijdingen kunnen voorkomen. − de WGO-advieswaarde voor het jaargemiddelde wordt op geen enkele meetplaats gehaald. In heel Vlaanderen was er in 2018 maar 1 meetplaats die deze advieswaarde respecteerde. − De meetplaats in het Baudelohof had het hoogste jaargemiddelde van heel Vlaanderen (29 µg/m³). − De jaargemiddelden daalden in 2018 niet meer verder, maar stagneerden of stegen terug licht in vergelijking met de voorgaande jaren. Aantal overschrijdingen van het daggemiddelde: − De EU-grenswaarde werd op alle meetplaatsen gehaald (maximaal 35 dagen met een daggemiddelde boven de 50 µg/m³), maar de WGO-advieswaarde (maximaal 3 dagen met een daggemiddelde boven de 50 µg/m³) werd nergens gehaald. In heel Vlaanderen was er geen enkele meetplaats die voldeed aan deze WGO-advieswaarde. − De meetplaats in het Baudelohof had het hoogste aantal dagen met een gemiddelde concentratie boven de 50 µg/m³ van heel Vlaanderen (31 dagen).

PM2,5 Jaargemiddelde: − De Europese jaargrenswaarde van 25 µg/m³ werd op alle automatische meetplaatsen gehaald. − De WGO-advieswaarde van 10 µg/m³ voor het jaargemiddelde werd op geen enkele meetplaats gehaald, net zoals die op de andere Vlaamse meetplaatsen ook niet werd gehaald. − De jaargemiddelden daalden niet meer verder, maar stagneerden of stegen terug licht in vergelijking met de voorgaande jaren. Aantal overschrijdingen van het daggemiddelde: − De WGO-advieswaarde voor daggemiddelden, die maximaal 3 dagen met een concentratie hoger dan 25 µg/m³ toelaat, werd op geen enkele meetplaats gehaald.

Zwarte koolstof − −

De hoogste concentratie werd gemeten op de verkeersgerichte meetplaats aan de Gustaaf Callierlaan (1,49 µg/m³). De trend over de laatste jaren is dalend, ook in de rest van Vlaanderen.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 56

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


BIJLAGEN

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

57


NO TS 42i

NO2

ja1

nee

-

13 % bij uurgemiddelde van 200 µg/m³; 12 % bij jaargemiddelde van 40 µg/m³

volgens EN14211

ja

MAAP 5012

multihoek-absorptiefotometrie

-

-

-

nee

nee n.v.t.

Magee AE33

lichtabsorptie

-

-

-

nee

nee n.v.t.

zwarte koolstof

1:

nee n.v.t..

16 % bij daggemiddelde van 30 µg/m³ -

µg/m³

ja1

type approval

meetonzekerheid

EN14211

-

volgens EN16450

uitbesteding

volgens norm

chemiluminescentie

PM2,5

onder accreditatie

meetprincipe analyse

14 % bij daggemiddelde van 50 µg/m³

PM10

bepaling meetonzekerheid

toesteltype

optical particle counter + conversion to mass concentration

-

FIDAS200

eenheid

parameter

Informatie over geaccrediteerde metingen (normen ISO/IEC 17025:2005)

BELAC 456-TEST - VMM Dienst Lucht

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 58

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Beschrijving van de polluenten Stikstofoxiden – NO/NO2 Stikstofoxiden (NOx) bestaan uit een mengsel van stikstofdioxide (NO2) en stikstofmonoxide (NO) en worden gevormd door een reactie van stikstof met zuurstof bij verbrandingsprocessen op hoge temperaturen. In eerste instantie ontstaat hierbij vooral NO. NO heeft een korte levensduur in de atmosfeer en is een kleur-, reuk- en smaakloos gas dat op zich weinig toxisch is. Maar NO wordt door reacties met zuurstof en ozon (O3) omgezet tot NO2. NO2 heeft een langere levensduur in de atmosfeer dan NO en is schadelijk voor mens en ecosystemen. Het is een bruinrood gekleurd toxisch gas dat slecht ruikt en irritatie aan de luchtwegen kan veroorzaken. Zowel korte episodes van hoge concentraties, als langdurige blootstelling aan lage concentraties zijn schadelijk voor de gezondheid. NO2 kan ook terug worden omgezet, door fotochemische ozonvorming waarbij O3 wordt gevormd en NO2 wordt omgezet tot NO. De chemie van stikstofcomponenten in de atmosfeer is erg complex en de relatie tussen de emissies van NOx en de gemeten NO2-concentraties is niet lineair. Stikstof heeft verzurende en vermestende effecten NOx dragen bij aan de vorming van fijn stof en spelen ook een belangrijke rol in de milieuverzuring. Samen met de uitstoot van SO2 en NH3, leidt de emissies van NOx tot verzurende depositie en de vermesting van gevoelige habitats, met negatieve effecten op ecosystemen en de biodiversiteit. Verzuring is de toename van de zuurconcentratie in bodem en water. Hierdoor daalt de buffercapaciteit van de bodem en worden op termijn giftige metalen zoals aluminium vrijgesteld. Dit bemoeilijkt de opname door plantenwortels van essentiële voedingsstoffen zoals kalium, calcium en magnesium. Verzuring leidt ook tot waterverontreiniging door het uitspoelen van nitraat en metalen naar het oppervlakte- en grondwater. Verzurende deposities veroorzaken ook corrosie van materialen en een versnelde verwering van gebouwen. De verbrandingsmotoren van (weg)verkeer zijn verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de stikstofoxidenuitstoot. Dieselwagens produceren meer NOx in vergelijking met benzinewagens omdat in dieselmotoren de verbranding gebeurt bij hogere temperatuur, hogere druk en bij een overmaat aan zuurstof, waardoor meer stikstofoxiden ontstaan. Ook ligt, door de oxidatiekatalysatoren, de NO2/NOxverhouding bij dieselwagens gevoelig hoger dan bij benzinewagens. NOx kunnen net als SO2 over grote afstanden getransporteerd worden en kunnen dus effecten veroorzaken in verafgelegen gebieden.

Fijn stof – PM10, PM2,5 en zwarte koolstof Zwevend stof (PM = Particulate Matter) is een mengsel van vloeibare of vaste deeltjes met uiteenlopende samenstellingen en afmetingen. Zowel de natuur als menselijke activiteiten kunnen een bron zijn van deze deeltjes.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

59


Opdeling naar oorsprong: primair en secundair Naargelang hun oorsprong maakt men onderscheid tussen primaire en secundaire deeltjes. Primaire deeltjes ontstaan door rechtstreekse uitstoot in de atmosfeer door verschillende soorten bronnen of door mechanische verkleining van grover materiaal. Secundaire deeltjes ontstaan in de atmosfeer door chemische of fysische reacties uit gasvormige componenten zoals ammoniak, zwaveldioxide, stikstofoxiden of organische verbindingen. Opdeling naar grootte: TSP, PM10, PM2,5 en UFP Stofdeeltjes deelt men vaak in volgens de grootte op basis van de aerodynamische diameter (a.d.). Dit is de diameter van een bolvormig deeltje dat in de omgevingslucht hetzelfde gedrag vertoont als het stofdeeltje: — TSP: Totaal stof. De VMM meet deze fractie niet in de omgevingslucht. Enkel aan deeltjes kleiner dan 10 µm kent men gezondheidsrisico's toe. De VMM rapporteert wel de emissies van TSP. — PM10 en PM2,5: stofdeeltjes met een a.d. kleiner dan 10 respectievelijk 2,5 µm; — ultrafijn stof (UFP): deeltjes met een a.d. kleiner dan 0,1 µm (PM0,1); — zwarte koolstof/elementair koolstof: bevindt zich voornamelijk in de fijne fractie van het fijn stof. Het is een maat voor de roetconcentratie in de omgevingslucht. Deze deeltjes ontstaan bij onvolledige verbranding van fossiele brandstoffen, biomassa en biobrandstof. Wanneer ze met een optische methode gemeten worden, spreken we van zwarte koolstof, anders van elementair koolstof. Grotere deeltjes worden snel nadat ze in de atmosfeer terechtgekomen zijn door de zwaartekracht neergeslagen op de grond of uitgespoeld door regen. Ze kunnen daarna door heropwaaien terug in de lucht terecht komen, dit proces noemt men resuspensie. De fijnere deeltjes kunnen langer, tot enkele dagen of weken in de atmosfeer blijven. Bijgevolg kunnen deze fijnere deeltjes getransporteerd worden over langere afstanden. Geen veilige drempelwaarde Studies hebben verbanden aangetoond tussen de aanwezigheid van PM in de omgevingslucht en gezondheidseffecten op korte en lange termijn. Voor PM is er volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) geen veilige drempelwaarde waaronder nadelige effecten niet voorkomen. Bij korte episodes – 24 uur – van luchtverontreiniging verergeren bestaande gezondheidsproblemen, zoals luchtweginfecties en astma. Verder kan fijn stof bloedvaten doen dichtslibben en hartaanvallen veroorzaken. Bij chronische blootstelling maakt de WGO melding van een vermindering van de longfunctie, een toename van chronische luchtwegaandoeningen en een verminderde levensverwachting. Fijn stof is kankerverwekkend Eind 2013 classificeerde het International Agency for Research on Cancer (IARC), het gespecialiseerde kankeragentschap van de WGO, fijn stof als kankerverwekkend voor de mens5. Belangrijk is dat fijn stof niet enkel kan leiden tot longkanker; een langdurige blootstelling kan ook borstkanker en kankers van het spijsverteringsstelsel veroorzaken6. Midden 2012 classificeerde het IARC ook al dieseluitlaatgassen als kankerverwekkend voor de mens. Dieselwagens stoten – ten opzichte van benzinewagens – veel meer stikstofoxiden en roetdeeltjes uit. Algemeen wordt aangenomen dat ook ultrafijn stof schadelijk is, maar de wetenschappelijke kennis hierover is nog beperkt.

5 6

http://www.iarc.fr/en/media-centre/iarcnews/pdf/pr221_E.pdf Wong C.M. et al. 2016. Cancer mortality risks from long-term exposure to ambient fine particle. Cancer Epidemiol biomarkers prev; 25(5): 839-45

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 60

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Gemiddeld verlies van 9 gezonde maanden De dienst Milieurapportering van de VMM (MIRA) berekende de ziektelast door de verschillende milieupolluenten voor de Vlaamse bevolking7. Omgerekend per inwoner van Vlaanderen bedroeg die in 2015 9 verloren gezonde maanden in een volledig leven bij een levenslange blootstelling aan de huidige fijnstofconcentraties. Dit is een gemiddelde waarde, bij bepaalde gevoelige personen, zoals astmapatiĂŤnten, kinderen en ouderen, zal de impact groter zijn. Fijn stof is veruit de belangrijkste polluent in de gezondheidsimpact door milieufactoren. Het aandeel wordt geschat op 71 %. Hoge concentraties kunnen acuut effect hebben Tijdens een fijnstofepisode doen mensen die bijzonder gevoelig zijn voor luchtverontreiniging best geen grote lichamelijke inspanningen. Tot deze groep behoren jonge kinderen, ouderen, personen met het chronisch obstructief longlijden (COPD8) en personen met hart- en vaatziekten. Tijdens dergelijke fijnstofepisodes raadt men iedereen af om langdurige fysieke inspanningen zoals joggen te doen. Omwille van de kleine afmeting kunnen fijnstofdeeltjes gemakkelijk overal binnendringen en zijn de concentraties ervan binnenshuis niet significant lager dan in de buitenlucht. Ook tal van andere effecten Andere effecten van stofdeeltjes zijn verminderde zichtbaarheid en bevuiling van blootgestelde oppervlakken en materialen. Ze hebben mogelijk een invloed op het klimaat: naargelang de samenstelling kan fijn stof zowel voor afkoeling als voor opwarming zorgen. Bovendien draagt fijn stof bij tot de verzurende en vermestende depositie.

7

MIRA (2018), Totaal verloren gezonde levensjaren (DALY's) door fijn stof. gezondheid/dalys/verloren-gezonde-levensjaren-dalys-door-blootstelling-aan-fijn-stof 8 Chronic Obstructive Pulmonary Disease

https://www.milieurapport.be/milieuthemas/milieu-

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

61


Overzicht luchtkwaliteitsnormen De Europese Commissie definieerde streef- en grenswaarden en alarmdrempels voor diverse polluenten. Deze Europese normen zijn opgenomen in de Vlaamse wetgeving. De Europese regelgeving is vaak gebaseerd op de richtlijnen opgesteld door de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). De WGO definieert advieswaarden voor verschillende polluenten. Die advieswaarden hebben als doel de risico’s van gezondheidsschade door luchtverontreiniging te beperken en zijn meestal strenger dan de Europese grensof streefwaarden. Bij de definiëring van deze Europese grens- of streefwaarden werd er, naast de gezondheidseffecten, rekening gehouden met de technische haalbaarheid. Daarnaast werd een kostenbatenanalyse uitgevoerd om de economische consequenties van de opgelegde concentratieniveaus in te schatten.

Stikstofoxides – NO/NO2 De Europese richtlijn 2008/50/EG legt grenswaarden en een alarmdrempel op voor NO 2. In de richtlijn 2008/50/EG is eveneens een kritiek niveau voor NOx voor de bescherming van de vegetatie opgenomen. De grenswaarden voor NO2 moeten sinds 1 januari 2010 gerespecteerd worden. Tabel 10: Grenswaarden en alarmdrempel voor NO2 en kritiek niveau voor NOx (richtlijn 2008/50/EG)

Polluent

NO2*

NOx

Onderwerp

Middelingstijd

Doelstelling

1 uur

200 µg/m³; max. 18 overschrijdingen per jaar

Jaar

40 µg/m³

Alarmdrempel

Gedurende 3 opeenvolgende uren

400 µg/m³

Kritieke niveau voor de bescherming van de vegetatie

Jaar

30 µg/m³

Grenswaarde voor de bescherming van de menselijke gezondheid

*: sinds 1 januari 2010 moet de grenswaarde voor NO2 gerespecteerd worden.

De Europese regelgeving uit voorgaande tabel is gebaseerd op de richtlijnen opgesteld door de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). De Europese jaargrenswaarde komt overeen met wat de WGO adviseert. In tegenstelling tot de Europese regelgeving definieert de WGO geen alarmdrempel en laat ze geen enkele overschrijding toe van het uurgemiddelde van 200 µg/m³, zie onderstaande tabel. Tabel 11: Advieswaarden voor NO2 en kritiek niveau voor NOx (WGO 2000 en 2005)

Polluent NO2

Onderwerp Advieswaarde voor de bescherming van de menselijke gezondheid

Middelingstijd

Doelstelling

1 uur

200 µg/m³

Jaar

40 µg/m³

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 62

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Kritieke niveau voor de bescherming van de vegetatie

NOx

Jaar

30 µg/m³ uitgedrukt als NO2

Fijn stof – PM10 en PM2,5 Regelgeving PM10 De Europese richtlijn 2008/50/EG definieert grenswaarden voor PM10 op basis van gezondheidsstudies, economische gevolgen en de technische haalbaarheid. De WGO-advieswaarden voor PM10 zijn strenger dan de Europese grenswaarden. De WGO baseert zich enkel op gezondheidsstudies. Tabel 12: Regelgeving voor PM10 (richtlijn 2008/50/EG en WGO 2005)

EU-richtlijn 2008/50/EG*

Onderwerp Grenswaarde voor de bescherming van de menselijke gezondheid

WGO

Middelingstijd 1 dag 1 jaar 1 dag

Advieswaarden 1 jaar

Doelstelling 50 µg/m³; max. 35 overschrijdingen per jaar 40 µg/m³ 50 µg/m³; max. 3 overschrijdingen per jaar 20 µg/m³

*: Sinds 1 januari 2005 moet de grenswaarde voor PM10 gerespecteerd worden.

Regelgeving PM2,5 Richtlijn 2008/50/EG definieert grens- en streefwaarden voor PM2,5. Hierin staat ook de nationale streefwaarde inzake vermindering van de blootstelling tegen 2020 ten opzichte van 2010. Hiertoe wordt een gemiddelde blootstellingsindex (GBI) gedefinieerd: dit is de gemiddelde PM2,5-concentratie op stedelijke achtergrondmeetplaatsen over de laatste 3 jaar binnen een bepaalde lidstaat. De gravimetrische metingen op de stedelijke achtergrondmeetplaatsen in Brugge (BB15), Borgerhout-achtergrond (R801), Schoten (R811) en Gent-Baudelohof (R701) worden gebruikt voor de bepaling van de gewestelijke gemiddelde blootstellingsindex (GGBI) voor Vlaanderen, zoals bepaald in bijlage 2.5.3.14 van VLAREM II.

Tabel 13: Europese regelgeving voor PM2,5 (2008/50/EG)

EU-regelgeving (2008/50/EG)

Middelingstijd Doelstelling

Datum waarop de waarde moet bereikt zijn

Grenswaarde

Jaar

25 µg/m3

1 januari 2015

Indicatieve grenswaarde

Jaar

20 µg/m3

1 januari 2020

Nationale streefwaarde inzake vermindering van de blootstelling ten opzichte van de GBI in 2010

GBI

15,2 µg/m³

2020

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

63


Vlaamse streefwaarde inzake vermindering van de blootstelling ten opzichte van de GBI in 2010 Blootstellingsconcentratieverplichting

GGBI

15,7 µg/m³

2020

GBI

20 µg/m³

2015

De WGO nam in haar Air quality guidelines van 2005 advieswaarden voor PM2,5 op. Tabel 14: Advieswaarden voor PM2,5 (WGO 2005)

WGO-advieswaarden (WGO 2005) Advieswaarde

Middelingstijd

Doelstelling

Jaar Dag

10 µg/m³ 25 µg/m³ - max. 3 overschrijdingen per jaar

Regelgeving zwarte koolstof Momenteel bestaat er op Europees of Vlaams niveau geen regelgeving voor zwarte koolstof. De WGO formuleerde nog geen advieswaarden voor de gezondheid.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 64

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


Methodiek In dit rapport worden verschillende methodieken gebruikt om gegevens weer te geven of te genereren. In deze bijlage worden deze methodieken toegelicht.

Emissie-inventaris De emissie-inventaris inventariseert de uitstoot van de luchtverontreinigende stoffen van alle bronnen en ondersteunt zo het luchtbeleid Om de luchtkwaliteit te verbeteren, moet je de bronnen kennen. De emissie-inventaris inventariseert de Vlaamse uitstoot en duidt het aandeel van de sectoren aan. Zo kan men het beleid evalueren en, waar nodig, aanscherpen: men kan restricties opleggen aan bronnen door de wetgeving aan te passen en/of vergunningen te verlenen of te wijzigen. Integrale milieuverslagen vormen de basis van de emissie-inventaris industrie De bedrijven uit de industrie- en energiesector zijn jaarlijks verplicht om hun emissiegegevens te verstrekken. Voor (kleinere) bedrijven die onder bepaalde drempelwaarden uitstoten, gebeuren collectieve bijschattingen. Daarnaast inventariseert de VMM ook maatschappelijke en andere industriële activiteiten. Dit zijn voornamelijk de gebouwenverwarming van de huishoudens en de tertiaire sector, het verkeer, de offroad activiteiten, de land- en tuinbouw, de natuur en het landgebruik. De emissie-inventaris voert zelf geen emissiemetingen uit De emissies van de verschillende sectoren worden berekend en ingeschat onder meer op basis van statistische gegevens en emissiefactoren uit de wetenschappelijke literatuur en door gebruik te maken van modellen. Bij de opmaak van de emissie-inventaris is het belangrijk om niet alleen de grootte, de ligging en de aard van elke emissiebron te kennen, maar ook de juiste oorzaak van de emissies. Luchtvervuiling is het resultaat van primaire en secundaire emissies De primaire emissies zijn stoffen die rechtstreeks worden uitgestoten. Door chemische of fysische reacties kunnen vervuilende stoffen die eerder in de atmosfeer terecht kwamen, tot nieuwe vervuiling leiden. Dit is de zogenaamde secundaire emissie. Deze fractie zit niet volledig vervat in de emissie-inventaris maar wordt wel volledig gemeten in de omgevingslucht.

Pollutierozen Pollutierozen tonen per windrichting het gemiddelde van de gemeten concentraties volgens de op dat moment heersende windrichting. Potentiële vervuilende bronnen kunnen op die manier geïdentificeerd worden. Wanneer bijvoorbeeld uit een bepaalde windrichting steeds lucht met hogere concentraties wordt aangevoerd omdat daar een bron aanwezig is, zal de gemiddelde waarde hoger zijn in dit segment van de pollutieroos en ‘wijst’ de pollutieroos als het ware de richting van de bron aan door de langere balk. Bij aanvoer van lucht met lage concentraties zal de balk van de pollutieroos korter zijn. Hoe de pollutieroos er uiteindelijk uitziet, hangt niet alleen af van de concentraties maar ook van de windrichting. Als in de beschouwde periode weinig tot geen wind was uit een bepaalde richting, kan dit een bron maskeren.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

65


Wanneer de pollutierozen vrij rond zijn van vorm, wijst dit op een dominante invloed van de achtergrondconcentraties. Uit dergelijke pollutierozen zijn moeilijk de lokale invloeden af te leiden.

ATMO-Street model De VMM meet op heel wat plaatsen de luchtkwaliteit. Op plaatsen zonder metingen gebruikt de VMM modellen die de luchtkwaliteit inschatten. Het model ATMO-Street wordt ingezet voor stoffen met een belangrijke impact op de gezondheid namelijk stikstofdioxide, zwarte koolstof (roet) en fijn stof. ATMO-Street is de naam voor de modelketen RIO-IFDM-OSPM. • RIO: via een ruimtelijk interpolatiemodel wordt de luchtkwaliteit in heel Vlaanderen ingeschat op basis van de luchtkwaliteitsmetingen. • IFDM: berekent de lokale luchtkwaliteit op basis van meteorologische gegevens en de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen. • OSPM: berekent de impact van het streetcanyon-effect. RIO gebruikt meetresultaten en schat daarmee de luchtkwaliteit in heel Vlaanderen op een 'slimme' manier. Slim, omdat RIO ook informatie over landgebruik mee in rekening neemt. Dat is nodig want er bestaat een relatie tussen luchtkwaliteit en landgebruik. Zo is er meer luchtvervuiling in gebieden met veel bewoning en verkeer (zoals steden), dan op plaatsen in bosrijke zones. RIO maakt een inschatting van de 'achtergrondconcentraties' voor gebieden met een oppervlakte van 4x4 km². Binnen zo’n roostercel van 4x4 km² kan RIO geen onderscheid maken tussen bijvoorbeeld kleinere bosgebieden en meer verstedelijkte gebieden of plaatsen met veel verkeer, we krijgen 1 waarde per roostercel. Daarom combineren we dit met het IFDM-model. IFDM berekent de impact van de uitstoot van punt- en lijnbronnen op de luchtkwaliteit in de onmiddellijke omgeving van die puntbronnen (bv. een fabrieksschouw) of lijnbronnen (bv. uitstoot van het verkeer op een weg of een deel van een weg). Het IFDM-model gebruikt ook meteorologische gegevens. Zo beïnvloeden de windsnelheid en windrichting de verspreiding van de luchtvervuiling. Ook de temperatuur heeft een effect op de snelheid waarmee stoffen chemisch veranderen in de atmosfeer, zoals dit het geval is bij stikstofdioxide en ozon. IFDM-berekeningen gebeuren voor meer dan 600.000 punten in gans België. De meeste punten bevinden zich langs wegen en in de buurt van industrie. Via een verdere bewerking (interpolatie)krijgen we een gedetailleerde concentratiekaart met een hogere resolutie van bv. 10 x 10 m² voor visualisatie. Het IFDM dispersiemodel is echter een 'open street' model en houdt geen rekening met obstakels zoals bomen, geluidsschermen, gesloten huizenrijen... Hierdoor onderschat RIO-IFDM de concentraties in street canyons. In deze smalle straten is de natuurlijke ventilatie beperkt waardoor de luchtvervuiling zich opstapelt. Het OSPM-model (Operational Street Pollution Model) komt hieraan tegemoet. Dit model gebruikt zeer gedetailleerde informatie over de straatconfiguratie. Deze berekening wordt toegepast voor alle straten die als street canyon worden beschouwd. Zo kunnen we de slechtere verdunning van de luchtvervuiling in deze straten in rekening brengen en krijgen we een juister beeld van de luchtkwaliteit tot op straatniveau. Ondanks de best beschikbare inschatting op straatniveau, heeft het ATMO-Street model ook enkele beperkingen:

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 66

Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018


− Met tijdelijke verkeerssituaties (bv. omleidingen of files) wordt geen rekening gehouden. − De impact van nieuwe verkeerssituaties (nieuwe wegen, mobiliteitsplannen in uitvoering,...) zijn niet onmiddellijk zichtbaar omdat er gewerkt wordt met emissiedata van het jaar ervoor. − Het herhaaldelijk opwaaien van stof door het verkeer en het effect van de aanwezigheid van groen (zoals bomen in een straat) worden niet in rekening gebracht. − De lokale vervuiling die veroorzaakt wordt door onder andere houtkachels, open haarden en grote veeteeltbedrijven is niet zichtbaar op de kaarten. De vervuiling van deze bronnen wordt wel mee opgenomen in de ‘achtergrondconcentratie’ (met een lagere ruimtelijke resolutie van 4x4 km²). Ondanks deze beperkingen van het model, resulteert het wel in wetenschappelijk onderbouwde kaarten die de verspreiding van de luchtvervuiling in kaart brengen. De controle gebeurde – zoals bij al onze modellen – door te vergelijken met echte metingen en toonde aan dat de modelketen beter presteert door de toevoeging van het OSPM-model.

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in de Gentse agglomeratie en Gentse kanaalzone - jaarrapport 2018

67


Vlaamse Milieumaatschappij Dokter De Moorstraat 24-26 9300 Aalst www.vmm.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Luchtkwaliteit_Gentse_agglomeratie_kanaalzone_jaarrapport_2018.pdf by Vlaanderen-be - Issuu