Skip to main content

STUDIE 84 OPLEIDINGSPROFIEL. podologie.pdf

Page 1

STUDIE 84 OPLEIDINGSPROFIEL podologie


OPLEIDINGSPROFIEL podologie

studiegebied opleiding optie sector

: : : :

gezondheidszorg orthopedie fysische behandelingen gezondheidszorg

Werkgroep opleidingsprofielen van de Vlaamse Hogescholen in opdracht van de Vlaamse Onderwijsraad D/1998/6356/24 De leden van de werkgroep opleidingsprofielen zijn inhoudelijk verantwoordelijk voor het opleidingsprofiel. De Vlor heeft enkel ingestaan voor een uniforme en toegankelijke lay-out.


INHOUD OP LEIDI NGSP RO FIEL P OD OLOGIE

INHOUD

HOOFDRUBRIEK 1 INLEIDING

1

HOOFDRUBRIEK 2: SITUERING VAN DE OPTIE C.Q. OPLEIDING

2

2.1

Gegevens uit de beroepenwereld

2

2.2

Gegevens uit de onderwijswereld

2

2.3

Verantwoording van de opleiding

3

HOOFDRUBRIEK 3: HET OPLEIDINGSPROFIEL

4

3.1

Benaming

4

3.2

Globale omschrijving

4

3.3

Het beroepsgericht opleidingsprofiel 3.3.1 Vertaalslag

4 4

3.4

Sleutelkwalificaties

13

3.5

De kern van het opleidingsprofiel

13

HOOFDRUBRIEK 4: DOELGROEPEN VAN HET AFGEWERKTE OPLEIDINGSPROFIEL

14


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

1

HOOFDRUBRIEK 1 INLEIDING

Na het afleveren van het beroepsprofiel Podologie werd Richard De Grez door de Vlor aangesteld om uit het beroepsprofiel een opleidingsprofiel te distilleren. Onder leiding van R. De Grez kwamen vertegenwoordigers uit het onderwijs (en -werkveld) in de periode maart - oktober ‘97 enkele malen bijeen om het opleidingsprofiel uit te schrijven conform de handleiding van de DVO


2

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

HOOFDRUBRIEK 2 SITUERING VAN DE OPLEIDING

2.1

Gegevens uit de beroepenwereld De podologie is een paramedisch beroep, waarvan het ontwerp van statuut reeds werd uitgewerkt en binnenkort aan de technische commissie in de N.R.V.P.B. wordt voorgelegd ter erkenning.

2.2

Gegevens uit de onderwijswereld De podologie behoort tot het studiegebied van de gezondheidszorg en is een optie binnen de opleiding ‘fysische behandelingen’. De opleiding podologie maakt deel uit van het HOBU en is een driejarige ééncyclusopleiding, die gehonoreerd wordt met het diploma van ‘Gegradueerde in de Podologie’. De opleiding aan de Katholieke Hogeschool voor Gezondheidszorg te Gent is (voorlopig) de enige wettelijk erkende podologieopleiding en werd voor het eerst ingericht in september 1992. In juni 95’ promoveerden de eerste 14 ‘officiële’ podologen, in juni 96’ de tweede lichting van 21. Gedeeltelijk inhoudelijk- aanverwante opleidingen zijn de gegradueerde in de orthopedie, de pedicure, de bandagist-prothesist, orthopedisch schoenmaker en de kinesitherapeut. Enkel de orthopedie en kinesitherapie worden ook (minstens) op hogeschoolniveau georganiseerd. De orthopedie is voornamelijk technisch van inslag, de podologie voornamelijk therapeutisch. De kinesitherapie is niet uitsluitend gericht op voetgerelateerde pathologie en gebruikt duidelijk andere onderzoeksmethodes en therapeutische middelen (oefeningen, massage, elektrotherapie...). De pedicure biedt voetverzorging bij afwezigheid van pathologie (dus geen behandeling). De bandagist-prothesist en orthopedisch schoenmaker zijn vervaardigers van orthese- en prothesemateriaal en schoeisel, op voorschrift van een arts; deze opleidingen situeren zich in het T.S.O. of middenstandsopleiding of via kwalificatieproef. Analoge podologieopleidingen bestaan ook in de ons omringende landen, maar een gelijk(w)aardige hogeschoolopleiding treft men voorlopig alleen aan in Frankrijk (pédicure-podologue), Groot-Brittannië (podiatry), Nederland (podotherapie) en Spanje (podologia). De opleidingsinhoud is grotendeels analoog en omvat hoofdzakelijk medische wetenschappen, technische vakken, stage en eindwerk.


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

2.3

3

Verantwoording van de opleiding Gezien de veelheid aan voetklachten, de veelal stiefmoederlijke behandeling en het (tot dan toe) ontbreken van gekwalificeerde paramedici beantwoordt de opleiding ongetwijfeld aan een behoefte en werd als dusdanig ook ten volle gesteund vanuit de ons omringende landen.


4

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

HOOFDRUBRIEK 3 HET OPLEIDINGSPROFIEL

3.1

Benaming Opleiding “fysische behandelingen”, optie “podologie”, binnen het studiegebied “gezondheidszorg”.

3.2

Globale omschrijving Binnen deze opleiding verwerft men startcompetentie om personen te kunnen onderzoeken en behandelen met voetgerelateerde aandoeningen - op voorschrift van een arts -, en dit zowel in dienstverband als op zelfstandige basis.

3.3

Het beroepsgericht opleidingsprofiel Het OP is gebaseerd op het BP, opgemaakt door de Vlor-werkgroep “podologie” op 20 mei 1996 o.l.v. R. De Grez.

3.3.1

Vertaalslag ♦ Stap 1 Het BP bevat taken die geclusterd zijn volgens het hiërarchisch systeem van typefunctie/deelfunctie/taak (Type A) ♦ Stap 2 Toetsing van de taken uit het beroepsprofiel a.d.h.v. de criteria: − haalbaarheid voor een beginnend podoloog − frequentie van de uitvoering van de taak − belangrijkheid van de taak in het geheel van het arbeidsproces − transferwaarde van de taak − haalbaarheid voor het onderwijs Opmerking Het criterium “relevantie voor het onderwijs” wordt niet opgenomen omdat we menen dat onderwijs geen eigen relevantie te formuleren heeft en deze alleen door het beroepsveld wordt bepaald.


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

5

(*) 1 = lage relevantie, 2 = gemiddelde relevantie, 3 = hoge relevantie

Algemene relevantietoetsing (*) Taken Preventieve en curatieve zorg Onderzoek Informatieverwerking

– Voert een anamnese uit. – Schat de diagnostische gegevens van de verwijzende arts correct in en wendt ze eveneens correct aan. – Verzamelt, analyseert en interpreteert op een correcte wijze alle relevante en noodzakelijke gegevens van andere deskundigen. – Verricht - d.m.v. inspectie, palpatie, functieonderzoek, metingen, afdruktechnieken, houdings- en bewegingsanalyseonderzoek naar de aard en de oorzaak van de klachten en de symptomen met het oog op de podologische behandeling. – Formuleert de preventieve en/of curatieve behandelingsdoelen op korte en lange termijn. – Stelt een verantwoord preventief en/of curatief behandelingsplan op, bepaalt de preventieve en/of curatieve podologische behandelingsmogelijkheden en maakt een verantwoorde keuze m.b.t. symptomatische en causale therapie. – Voert noodzakelijke opperhuid- en nagelverzorging uit.

3 3

Ontwerpen, ver– Voert therapieën uit met vilt, tampons, verbanden, tapes, vaardiging en aansiliconen... passing van thera- – Vervolledigt, vervangt, corrigeert, en/of beschermt nagel peutische hulpmiden/of voetdelen (onychoplastie, orthoplastie, orthonyxie). delen – Ontwerpt, maakt podologische orthesen (functionele zolen Materiaalbewerking e.a. en past ze aan. – Maakt schoenmodificaties. Informatieverstrek- – Informeert de patiënt op passende wijze over alle aspecten king van het podologisch onderzoek. Advies – Informeert de patiënt op passende wijze over alle aspecten Voorlichting van de podologische behandeling of over alle aspecten van de preventieve maatregelen. – Geeft de patiënt advies en informatie over preventie van voetklachten, over voetverzorging en -hygiëne, en geeft schoenadvies. – Geeft informatie en voorlichting aan andere gezondheidswerkers over de bijdragen van de podologie aan preventie en behandeling van voetklachten en andere klachten die gerelateerd zijn aan de voetfunctie. – Geeft informatie en voorlichting aan ouders, begeleiders, verzorgers en leraars over preventieve maatregelen en therapeutische mogelijkheden van de podologie. – Geeft informatie en voorlichting aan doelgroepen en patiëntenpopulaties omtrent zelfzorg, preventieve maatregelen en therapeutische mogelijkheden van de podologie. Rapportering, over- – Rapporteert op passende wijze tijdens en na de behandeling leg, samenwerking aan de verwijzende arts en de andere deskundigen. – Overlegt eventueel met arts en andere zorgverleners. – Verwijst indien nodig de patiënt naar arts en andere zorgverleners. – Participeert volwaardig aan interdisciplinair overleg. Evaluatie – Evalueert de behandeling (het preventieplan) op elk moment op een juiste wijze en stuurt de behandeling indien nodig bij. – Maakt bij de patiënten op gesystematiseerde wijze een tussen en eindbalans op betreffende het eigen therapeutisch optreden en het functioneren van de patiënt.

3 2

Planning

Verzorging

2 3

3 3

2

3 1 2 2 2 1 1 1

2 2 2 1


6

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

Algemene relevantietoetsing (*) Management

– Plant en coördineert de afspraken met patiënten. – Verzamelt de verwijs-, onderzoeks- en behandelingsgegevens in een patiëntendossier. – Organiseert de uitstroom van aanwijzingen, onderzoeks- en behandelingsgegevens naar anderen. – Regelt de eigen financiële administratie. – Verzorgt het eigen materiaalgebruik, de instrumenten en de praktijkruimte- inrichting, met inachtneming van de voorschriften omtrent hygiëne en veiligheid.


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

7

Besluit De taken die bij de relevantietoetsing 2 of 3 scoren worden zeker behouden. De taken met score 1 worden verder opgesplitst naargelang het criterium “belangrijkheid”. De taken met score 1 én een lage “belangrijkheid” worden niet behouden om in de opleiding te worden uitgewerkt. Aldus worden volgende taken niet behouden − Geeft informatie en voorlichting aan andere gezondheidswerkers over de bijdragen van de podologie aan preventie en behandeling van voet- en andere klachten die gerelateerd zijn aan de voetfunctie. − Geeft informatie en voorlichting aan ouders, begeleiders, verzorgers en leraars over preventieve maatregelen en therapeutische mogelijkheden van de podologie. − Geeft informatie en voorlichting aan doelgroepen en patiëntenpopulaties omtrent zelfzorg, preventieve maatregelen en therapeutische mogelijkheden van de podologie. − Plant en coördineert de afspraken met patiënten. − Regelt de eigen financiële administratie. De taken die het hoogst scoren en dus in de opleiding een centrale positie zullen moeten innemen, zijn − Verricht - d.m.v. inspectie, palpatie, functieonderzoek, metingen, afdruktechnieken, houdings- en bewegingsanalyse - onderzoek naar de aard en de oorzaak van de klachten en de symptomen met het oog op de podologische behandeling − Ontwerpt, maakt podologische orthesen (functionele zolen e.a.) en past ze aan ♦ Stap 3: Clustering van de taken tot functionele gehelen − Podologisch onderzoek (m.i.v. tussen- en eindevaluatie) uitvoeren en een behandelingsplanning opmaken − Podologische verzorgingstechnieken uitvoeren − Ontwerpen, vervaardigen en aanpassen van podologische hulpmiddelen − Podologisch materiaal bewerken − Aan informatieverstrekking en voorlichting doen - Advies geven − Rapporteren - Overleggen - Samenwerken − Organiseren van de beroepspraktijk ♦ Stap 4: Formulering van de basiscompetenties verwerkingsniveau: (1)weten (2)inzien (3)toepassen (4)integreren

Functioneel Onderdeel Vaardigheid geheel 1 Podologisch 1.1Onder- 1.1.1Voert een onderzoek zoek anamnese uit. (m.i.v. tusInforma- 1.1.2Schat de sen- en tieverdiagnostische eindwerking gegevens van evaluatie) de verwijzenuitvoeren en de arts coreen behanrect in en delingswendt ze planning eveneens coropmaken. rect aan.

Basiscompetentie Kennis Algemeenondersteunend – algemene en topografische anatomie van het ganse lichaam.(2) – specifieke anatomie van de onderste ledematen.(4)

Attitude – accuratesse (4) – contactbereidheid (4) – dienstverlenende ingesteldheid (3) – empathie (4) – gericht zijn op hygiënisch werken (3) – kritische inge-

Contextgegevens Werkomstandigheden Vrijwel alle deelfuncties worden uitgevoerd in de volgende werkomstandigheden: – onderzoeken behan-


8

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

1.2Planning

1.1.4Verzamelt, analyseert en interpreteert op een correcte wijze alle relevante en noodzakelijke gegevens van andere deskundigen. 1.1.5Verricht d.m.v. inspectie, palpatie, functieonderzoek, metingen, afdruktechnieken, houdings- en bewegingsanalyse – onderzoek naar de aard en de oorzaak van de klachten en de symptomen met het oog op de podologische behandeling. 1.1.6Relateert de klacht en de symptomen aan de ruimere context van het gzondheidsfunctioneren van de persoon. 1.2.1Formuleert de preventieve en/of curatieve behandelingsdoelen op korte en lange termijn. 1.2.2Stelt een verantwoord preventief en/of curatief behandelingsplan op, bepaalt de preventieve en/of curatieve podolo-

– algemene fysiologie en biochemie (2) – algemene kinesiologie (3) – algemene biomechanica (3) – algemene ziekteleer(2) – algemene orthopedie rheumatologie - traumatologie (2) – neurologie (2) – dermatologie (2) – pediatrie (2) – interne geneeskunde (2) – algemene psychologie (2) – medische deontologie (4) – farmacologie (2) – toegepaste informatica en elektronica (3) – medische en paramedische behandelingsstrategieën (methodologie) (3) Specifiek – verbale en non-verbale gesprekstechnieken (3) – biomechanica van de onderste ledematen (4) – onderzoeksmethodologie (3) – observatie (4) – podologische onderzoekstechnieken (3) – podologisch onderzoeksin-

steldheid (4) – resultaatgerichtheid (3) – zelfstandigheid (4)

delkabinet – atelier – ten huize van de patient – ziekenhuiskamer

– bewonersverblijf: kamer in home, RVT – ten velde bij sportieve manifestaties, in industrie, in scholen, in begeleidingscentra (zelfhulpgroepen) e.a. – in hogescholen, technischen beroepsonderwijs, vormingscentra e.a.

Hulpmiddelen – onderzoekstafel – podologische meetinstrumenten – orthopedische spiegel – podoscoop – blauwdrukapparaat – gips - gipstafel – stereometrisch meetapparatuur – elektrodynamische


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

1.3Evaluatie

2 Podologische vezorgingstechnieken uitvoeren

9

gische bestrumentarium handelings(3) mogelijkhe– medische den en maakt beeldvorming een verant(1) woorde keuze – psychosomam.b.t. symptiek (2) tomatische en – specifieke causale theorthopedie rapie. rheumatologie - traumatologie (3) – specifieke neurologie (3) 1.3.1Evalueert de – specifieke behandeling dermatologie (het preven(3) tieplan) op – specifieke elk moment pediatrie (3) op een juiste – specifieke wijze en interne gestuurt de beneeskunde (3) handeling in- – alle podologidien nodig sche behandebij. lingstechnie1.3.2Maakt bij de ken (3) patiënten op – niet-podologesystematigische behanseerde wijze delingstecheen tussennieken (kineen eindbalans sitherapeuop, betreffentisch, chirurde het eigen gisch, meditherapeutisch camenteus, optreden en enz…) (2) het functioneren van de patiënt. 2.1.1Voert nood- Algemeenzakelijke op- ondersteunend perhuid- en – specifieke nagelverzorpathologie ging uit. (zoals opgesomd bij 1) (3) – hygiëneleer (4) – fysiologie (3) – specifieke anatomie van de onderste ledematen (4)

Specifiek – instrumentenleer (3) – podologische instrumentele verzorgings-

computersysteem – elektronisch krachtenplatform – loopband

– fietsrollen – videoapparaat – dopplerapparaat – glucosemeter – negatoscoop e.a.

– accuratesse (4) – contactbereidheid (3) – dienstverlenende ingesteldheid (4) – empathie (3) – flexibiliteit (3) – gericht zijn op hygiënisch werken (4) – kritische ingesteldheid (3)

– resultaatgerichtheid (3) – zelfstandigheid (4)

– patiëntenstoel – persoonlijke werkstoel – loupelamp – freesapparatuur – klein verzorgingsinstrumentarium (o.a. scalpel, beitels, tangen,…) – desinfectiemateriaal – sterilisator, autoclave – uitwendige farmaceutische producten e.a.


10

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

3 Ontwerpen, vervaardigen en aanpassen van podologische hulpmiddelen Podologisch materiaal bewerken.

4 Aan informatieverstrekking en voorlichting doen Advies geven.

technieken (3) – specifieke farmacologie (3) – verbandleer (3) 3.1.1Voert thera- Algemeenpieën uit met ondersteunend vilt, tampons, – specifieke verbanden, anatomie van tapes, silicode onderste ne… ledematen (4) 3.1.2Vervolledigt, – fysiologie en vervangt, biochemie (3) corrigeert, – hygiëneleer en/of be(3) schermt nagel – biomechanica en/of voetvan de onderdelen (onyste ledematen choplastie, (4) orthoplastie, – algemene en orthonyxie). specifieke pa3.1.3Ontwerpt, thologie (3) maakt podologische ort- Specifiek hesen (func- – specifieke tionele zolen materiaale.a.) en past kennis en ze aan. bewerking (3) 3.1.4Maakt – podologische schoenmodiorthesen en ficaties. prothesen (3) – schoenkennis (3)

4.1Infor4.1.1Informeert matiede patiënt op verstrekpassende king wijze over Advies alle aspecten Voorvan het polichting dologisch onderzoek. 4.1.2Informeert de patiënt op passende

Algemeenondersteunend – Communicatieleer (3) – psychologie (3) – algemene en specifieke pathologie (3) – specifieke pathologie (3)

– accuratesse (4) – gericht zijn op hygiënisch werken (3) – kritische ingesteldheid (4) – resultaatgerichtheid (4) – veiligheids- en milieubewustzijn (4) – zelfstandigheid (4)

– accuratesse (3) – contactbereidheid (4) – dienstverlenende ingesteldheid (4) – empathie (4) – kritische ingesteldheid (3) – zelfstandigheid (3)

Grondstoffen en instrumentarium ter vervaardiging van orthesen en prothesen: zoals o.a.: – gips, leder, kurk, silicone, kunststoffen, thermoplastische materialen, lijm e.a. – silicone(orthoplastie) – inoxdraad (orthonyxi) – acryliek, opvulmateriaal(onychoplastie) – verbanden, vilt, tampons, tapes – gipstafel, werkbank e.a. – oven – persen – slijp- en polierapparatuur – snij- en zaagapparatuur: scharen, messen, zagen… – didactisch materiaal – folders – GVO materiaal


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

5 Rapporteren Overleggen Samenwerken

6 Organiseren van de beroepspraktijk

11

wijze over alle aspecten van de podologische behandeling of over alle aspecten van de preventieve maatregelen. 4.1.3Geeft de patiënt advies en informatie over preventie van voetklachten over voetverzorging en hygiëne, en geeft schoenadvies. 5.1.1Rapporteert op passende wijze tijdens en na de behandeling aan de verwijzende arts en de andere deskundigen. 5.1.2Overlegt eventueel met arts en andere zorgverleners. 5.1.3Verwijst indien nodig de patiënt naar arts. 5.1.4Participeert volwaardig aan interdisciplinair overleg. 6.1.1Verzamelt de verwijs-, onderzoeks- en behandelingsgegevens in een patiëntendossier.

– medische deontologie (4)

6.1.2Organiseert de in- en uitstroom van aanwijzingen, onderzoeks- en behandelings-

– gericht zijn op Specifiek hygiënisch – informatica (3) werken (3) – recht- en – kritische ingewetgeving (3) steldheid (3) – boekhouding – organisatiever(2) mogen (4)

Specifiek – alle podologische en nietpodologische onderzoeksen behandelingstechnieken (2) – schoenkennis (2) – GVO - technieken (3) – organisatie van de gezondheidszorg (2) Algemeenondersteunend – communicatieleer (2)

– accuratesse (3) – tekst- en – contactbereidgegevensheid (4) verwer– empathie (3) kingsappa– flexibiliteit (3) ratuur Specifiek – kritische inge– toegepaste steldheid (4) informatica (3) – leergierigheid – vergadertech(3) niek (3) – loyauteit (3) – schriftelijke en – resultaatgemondelinge richtheid (3) rapportering – zin voor sa(3) menwerking (4) – organisatie van de gezondheidszorg (2) – nietpodologische behandelingstechnieken (2) Algemeenondersteunend – (bedrijfs) organisatieleer (3) – hygiëneleer (4) – veiligheidsleer (4)

– accuratesse (4) – contactbereidheid (3) – dienstverlenende ingesteldheid (4) – empathie (3)

– tekst- en gegevensverwerkingsapparatuur

–


12

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

gegevens van – beroepsdeonen naar andetologie (4) ren. 6.1.3Verzorgt het eigen materiaalgebruik, de instrumenten en de praktijkruimteinrichting, met inachtneming van de voorschriften omtrent hygiëne en veiligheid.

– resultaatgerichtheid (3) – veiligheids- en milieubewustzijn (3) – zelfstandigheid (4) – zin voor initiatief (3)

♦ Stap 5: Aanvullende gegevens met betrekking tot de opleiding Verhoudingen die in de opleiding best gerespecteerd worden: − Biomedische wetenschappen: 30% − Psychosociale en existentiële wetenschappen: 10% − Theorie van de podologie: 30% − Praktijk van de podologie: 30% Deze verhoudingen zijn niet bindend maar louter indicatief; ze zijn aangegeven vanuit de bezorgdheid om de opleiding niet onevenwichtig of eenzijdig uit te bouwen. De ondersteunende vakken zijn geen op zichzelf staande entiteiten, maar worden onderwijskundig uitgewerkt “ten behoeve van de podologie”. Er is een eindwerk voorzien dat voldoende praktijkgericht is én met theoretische omkadering (bronnenstudie), met een studiebelasting van minimum 12 studiepunten. Stage is minimaal 400 u. De opleiding podologie kadert op dit ogenblik als optie binnen de fysische behandelingen en behoort tot het ééncyclusonderwijs (HOBU). Ze duurt derhalve 3 jaar. Deze gegevens lopen analoog met de situaties in het buitenland (behalve USA) en kunnen derhalve zo blijven; weliswaar is de koppeling aan de andere opties (kine, orthopedie, ergo) niet relevant meer en kan derhalve losgelaten worden; podologie profileert zich meer en meer als een zelfstandige discipline. Niveau opleiding: 5


OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

3.4

Sleutelkwalificaties

Abstract denken Accuratesse Assertiviteit Beslissingsvermogen Commercieel inzicht Contactbereidheid Creativiteit Dienstverlenende ingesteldheid Een werkplan kunnen maken Empathie Flexibiliteit Imagobewustzijn Kritische ingesteldheid Kunnen omgaan met informatie Kwaliteitsbewustzijn Leerbekwaamheid Leergierigheid Loyauteit Planmatig denken Problemen onderkennen en oplossen Resultaatgerichtheid Veiligheids- en milieubewustzijn Zelfstandigheid Zelfvertrouwen Zin voor initiatief Zin voor samenwerking Zin voor esthetiek

3.5

13

frequentie van voorkomen 2 5 1 4 2 4 3 4 2 4 3 2 3 3 4 1 1 2 2 3 4 3 5 3 2 5 2

De kern van het opleidingsprofiel De kern van het opleidingsprofiel ligt in het vermogen om op basis van gegevens van de verwijzende arts en van eigen specifiek en nauwgezet onderzoek te kunnen kiezen voor advies, symptomatische of causale behandeling De podoloog moet daartoe over voldoende medisch-wetenschappelijke kennis beschikken maar ook over technische vaardigheid, moet kwaliteitsbewust, kritisch en resultaatgericht zijn, zelfstandig maar met zin voor samenwerking. Als dienstverlener (zorgenverstrekker) moet hij contactbereid zijn en blijk geven van empathie, flexibiliteit maar ook verantwoordelijkheidszin.


14

OPLEIDINGSPROFIEL PODOLOGIE

HOOFDRUBRIEK 4 DOELGROEPEN VAN HET AFGEWERKTE OPLEIDINGSPROFIEL

Het opleidingsprofiel is een basisdocument − voor de hogescholen bij de formulering van hun basisprogramma − voor de werkgroep die de bestaande kwalificatiestructuur moet herijken Verder is het opleidingsprofiel een onmisbaar instrument voor − − − −

de visitatiecommissies Hoger Onderwijs hogescholen en docenten de navorming studenten en toekomstige studenten

Ook informatie- en begeleidingsdiensten(bv. PMS-centra) kunnen er gebruik van maken. Vervolgens kan het opleidingsprofiel aan personeelsverantwoordelijken in organisaties een beter zicht geven op de professionele en algemene vorming van (kandidaat-) werknemers en een inspirerend document zijn voor het ontwerpen van bedrijfsopleidingen.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
STUDIE 84 OPLEIDINGSPROFIEL. podologie.pdf by Vlaanderen-be - Issuu