Advies Visienota en actieplan ‘Digisprong' Brussel, 1 februari 2021
SERV_20210201_Visienota_Actieplan_Digisprong_ADV Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen Wetstraat 34-36, 1040 Brussel T +32 2 209 01 11 info@serv.be www.serv.be
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Adviesvraag: Advies op eigen initiatief Decretale opdracht: SERV-decreet 7 mei 2004 art. 11 (overlegfunctie) Goedkeuring raad: 1 februari 2021
Contactpersoon: Mieke Valcke - mvalcke@serv.be
2
De heer Ben WEYTS Vlaams minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand Kreupelenstraat 2 1000 Brussel
contactpersoon Mieke Valcke mvalcke@serv.be
ons kenmerk SERV_BR_20210201_Digisprong
Brussel 1 februari 2021
Advies op eigen initiatief Visienota ‘Digisprong. Van Achterstand naar Voorsprong.’ Geachte mijnheer de minister, De coronapandemie heeft de gekende pijnpunten op vlak van digitalisering in het Vlaamse onderwijs op scherp gesteld. De Vlaamse Regering schakelt met het actieplan voor ICT snel en grondig. In juli 2018 publiceerde de SERV noodzakelijke acties en aanbevelingen voor de transitie naar een digitale samenleving met daarin aandacht voor onderwijs en vorming. De SERV vindt het dan ook bijzonder positief dat Vlaanderen de kaart trekt van digitalisering in het onderwijs. De SERV mist een financieringstabel die duidelijk maakt hoeveel middelen naar welke speerpunten en acties gaan. Een strikte monitoring moet er op toezien dat de middelen worden ingezet voor de doelen waarvoor ze voorzien zijn. De scholen kunnen ondersteuning bij de besteding van de middelen en de keuzes inzake hard- en software goed gebruiken. De oprichting van het kenniscentrum Digisprong is daarom prioritair. De SERV doet een oproep aan de Vlaamse Regering om te garanderen dat de investeringen in het kader van het actieplan terecht komen in de Vlaamse economie en in het bijzonder bij Vlaamse KMO’s. De verschillende mogelijkheden die de wet op overheidsopdrachten biedt, moeten in overweging genomen worden. E-inclusie moet voor de SERV een prominentere plek krijgen in de visienota, bij voorkeur als rode draad doorheen het actieplan. Om de stap van achterstand naar voorsprong te zetten, zijn meer en andere inspanningen nodig richting kwetsbare kinderen en hun families.
SERV_20210201_Visienota_Actieplan_Digisprong_ADV Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen Wetstraat 34-36, 1040 Brussel T +32 2 209 01 11 info@serv.be www.serv.be
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Nog een belangrijk thema voor het kenniscentrum en een algemene bezorgdheid van de SERV is de ontwikkeling van een visie door scholen op het optimaal gebruik van ICT, cybersecurity en het mentaal digitaal welzijn van leerlingen en leraren. Het kenniscentrum dient ook leerlingen en jongeren expliciet een stem te geven in de vormgeving van gedigitaliseerd onderwijs. De SERV vraagt omwille van multiplicatoreffecten dwarsverbanden te leggen o.a. met het Kenniscentrum Data en Maatschappij, het STEM-Actieplan 2020-2030, de beleidsinitiatieven en de organisaties die werken rond (digitale) geletterdheid van volwassenen, de uitbouw van een gespecialiseerde ICT-AI aanbod in het hoger onderwijs en met de Taskforce e-inclusie. Hoogachtend
Pieter Kerremans
Ann Vermorgen
administrateur-generaal
voorzitter
4
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Inhoud Inhoud ................................................................................................................................ 5 Krachtlijnen ......................................................................................................................... 6 Advies ................................................................................................................................ 7 1
Digitaliseringsagenda voor onderwijs & vorming ............................................... 7
2
De digisprong: visienota / actieplan ..................................................................... 7
2.1
Huizenhoog springen, maar ook duidelijkheid over de financiering .......................... 7
2.2
In het oog springend: de speerpunten...................................................................... 8
3
De dans niet ontspringen: dwarsverbindingen ................................................... 10
Bibliografie .......................................................................................................................... 12
5
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Krachtlijnen De coronapandemie heeft de gekende pijnpunten op vlak van digitalisering in het Vlaamse onderwijs op scherp gesteld. De Vlaamse Regering schakelt met het actieplan voor ICT snel en grondig. In juli 2018 publiceerde de SERV acties en aanbevelingen voor de transitie naar een digitale samenleving met daarin aandacht voor onderwijs en vorming. De SERV vindt het dan ook bijzonder positief dat Vlaanderen de kaart trekt van digitalisering in het onderwijs. De visienota geeft redenen om huizenhoog te springen. De coronacrisis wordt aangegrepen om de toekomst te veranderen en dat met een aanzienlijke budgettaire inspanning. De SERV mist een financieringstabel die duidelijk maakt hoeveel middelen naar welke speerpunten en acties gaan. Voor de SERV is het belangrijk dat er een strikte monitoring is dat de middelen worden ingezet voor de doelen waarvoor ze voorzien zijn. De scholen kunnen ondersteuning bij de besteding van de middelen en de keuzes inzake de aankoop van hard- en software goed gebruiken. De oprichting van het kenniscentrum is daarom prioritair. De SERV doet een oproep aan de Vlaamse Regering om te garanderen dat de investeringen in het kader van het actieplan terecht komen in de Vlaamse economie en in het bijzonder bij Vlaamse KMO’s. Op die manier komen deze overheidsmiddelen ten goede van de relance in Vlaanderen. De verschillende mogelijkheden die de wet op overheidsopdrachten biedt, moeten in overweging genomen worden. De SERV mist de link naar de directies van scholen, zowel als het gaat over schoolbeleid als over competente leraren. De directie zal zonder twijfel gevat worden onder de noemer ‘schoolteam’ maar dient volgens de SERV expliciet benoemd en benaderd te worden. E-inclusie moet voor de SERV een prominentere plek krijgen in de visienota, bij voorkeur als rode draad doorheen het actieplan. Om de stap van achterstand naar voorsprong te zetten, zijn meer en andere inspanningen nodig richting kwetsbare kinderen en hun families. Naast het ter beschikking stellen van individuele digitale tools is de begeleiding die thuis geboden kan worden van groot belang, net als een goede connectiviteit thuis en betaalbaar internet. De oprichting van een kennis- en adviescentrum rond digitalisering is één van de aanbevelingen uit de digitaliseringsagenda van de SERV. Er is op heel korte tijd veel veranderd in hoe onderwijs verstrekt wordt maar onderwijs en vorming zijn permanent in evolutie. Een kenniscentrum moet een proactieve netwerkorganisatie zijn waar zeker ook de actoren van de educatieve technologie bij betrokken worden met het oog op innovatie. Een belangrijk thema voor het kenniscentrum en een algemene bezorgdheid van de SERV is de ontwikkeling van een visie door scholen op het optimaal gebruik van ICT, cybersecurity en het mentaal digitaal welzijn van leerlingen en leraren. Het kenniscentrum dient ook leerlingen en jongeren expliciet een stem te geven in de vormgeving van gedigitaliseerd onderwijs. Of het actieplan zal volstaan om van achterstand naar voorsprong te gaan, is voer voor verdere bespreking en zal ook blijken uit de concretisering en uitvoering van het actieplan. De SERV vraagt alleszins om omwille van multiplicatoreffecten dwarsverbanden te leggen o.a. met het Kenniscentrum Data en Maatschappij, het STEM-Actieplan 2020-2030, de beleidsinitiatieven en de organisaties die werken rond (digitale) geletterdheid van volwassenen, de uitbouw van een gespecialiseerde ICT-AI aanbod in het hoger onderwijs en met de Taskforce e-inclusie.
6
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Advies 1
Digitaliseringsagenda SERV
De coronapandemie heeft de gekende pijnpunten op vlak van digitalisering in het Vlaamse onderwijs op scherp gesteld. Het is de verdienste van de Vlaamse Regering dat ze met het actieplan voor ICT nu wel snel en grondig schakelt. In juli 2018 publiceerde de SERV zijn acties en aanbevelingen voor de transitie naar een digitale samenleving met daarin onder meer aandacht voor de onderwijs, vorming en loopbanen1. De Vlor en de SERV lanceerden in maart 2019 een oproep aan de Vlaamse regering voor een digitaliseringsagenda voor onderwijs & vorming2. Een digitaliseringsagenda is volgens de raden meer dan nodig om stappen vooruit te kunnen zetten op vlak van het gebruik van nieuwe digitale leervormen in de klas, de instroom van leerlingen en studenten in STEM- en ICT-opleidingen, de doelmatigheid van de lessen ICT in het leerplichtonderwijs en van het aanbod AI in het hoger onderwijs en de mate waarin de bevolking over de noodzakelijke digitale vaardigheden beschikt. De SERV publiceert in februari dit jaar ook een rapport over AI in Vlaanderen, met daarin een luik over onderwijs. De SERV vindt het zonder meer positief dat Vlaanderen volop de kaart trekt van digitalisering in het onderwijs en formuleert hieronder een aantal bemerkingen en aanvullingen bij het actieplan.
2
De digisprong: visienota / actieplan
2.1
Huizenhoog springen, maar ook duidelijkheid over de financiering
De SERV vindt voorliggende visienota bijzonder helder en gestructureerd en de inhoud geeft alleszins redenen om huizenhoog te springen. De coronacrisis wordt aangegrepen om de toekomst te veranderen en dat met een aanzienlijke budgettaire inspanning. De digisprong wil via een kwaliteitsvolle digitalisering in het leerplichtonderwijs volwassenen van morgen voorbereiden op het functioneren in een technologische maatschappij. De nota vermeldt de pijnen knelpunten van vandaag, de doelstellingen zijn duidelijk en er worden vier zeer relevante speerpunten en verschillende acties opgenomen. De SERV mist bij het actieplan een financieringstabel die duidelijk maakt hoeveel middelen naar welke speerpunten en acties gaan. Het actieplan zou ingediend worden i.k.v. het Plan voor Herstel en Veerkracht, voor Europese financiering. De financiering van het plan mag hier niet van afhangen, de investeringen moeten gegarandeerd zijn. Voor de SERV is het belangrijk dat er strikt gemonitord wordt dat de middelen worden ingezet voor de doeleinden waarvoor ze voorzien zijn. Het verschil in scholen wat betreft ICT-integratie spreekt voor zich. Een adequate rapportering moet voorzien worden. De SERV staat helemaal achter de aanzienlijke investeringen die het actieplan voorziet en de urgentie ervan. Het actieplan vermeldt dat er gestreefd wordt naar een efficiënte besteding van 1
‘De transitie naar een digitale samenleving. Aanbevelingen en acties’, SERV, 4 juli 2018
2
‘Digitaliseringsagenda voor onderwijs en vorming. Gezamenlijke oproep van Vlor en SERV, 25 maart 2019
7
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
de overheidsmiddelen. Aangezien het ontbreken van een visie op ICT-beleid een realiteit is in veel scholen en gezien de snelheid waarin één en ander gerealiseerd zou moeten worden, vraagt de SERV ondersteuning van scholen door het op te richten kennis- en adviescentrum ‘Digisprong’ (zie 2.4) bij de besteding van de middelen en de keuzes inzake de aankoop van hard- en software. De oprichting van het kenniscentrum is voor de SERV daarom prioritair. De SERV wijst op de problematiek van recurrente budgetten als het tempo van digitale innovaties en technologie gevolgd moet kunnen worden.
2.2
In het oog springend: de speerpunten
De beperking van de visienota tot vier speerpunten heeft als sterkte dat ze alle vier in het oog springen. De SERV bespreekt kort de plannen m.b.t. ICT-infrastructuur, ICT-schoolbeleid, ICTcompetente leraren en het ICT-kenniscentrum.
Toekomstgerichte en veilige ICT-infrastructuur Centrale actie in de visienota onder dit speerpunt is het gefaseerd ter beschikking stellen van een individueel toestel aan alle leerlingen van het 5de en 6de jaar basisonderwijs en het secundair onderwijs. De SERV heeft volgende bekommernissen bij dit speerpunt. Wordt de volledige kost voor het ‘individueel toestel’ gedragen door het budget in het actieplan of wordt ook nog een inspanning van de scholen gevraagd? De kans dat ook ouders daarin aanzienlijk zouden moeten bijdragen, moet voor de SERV zo klein mogelijk zijn om van het actieplan ook een verhaal van gelijke onderwijskansen te maken. De SERV doet een oproep aan de Vlaamse Regering om te garanderen dat de investeringen in het kader van het actieplan terecht komen in de Vlaamse economie en in het bijzonder bij Vlaamse KMO’s. Op die manier komen deze overheidsmiddelen dus ten goede van de relance in Vlaanderen en kunnen ook andere dan de gebruikelijke spelers of actoren betrokken worden. Dit sluit aan bij het breder kader dat openbare aanbestedingen ook de toets van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) doorstaan en dat er ook ethische aspecten zijn zoals bv. de omgang met gegevens en informatie van leerlingen. Het actieplan vermeldt dat de scholen zelf de plaatsingsprocedure kunnen kiezen en daarbij de wet op de overheidsopdrachten moeten toepassen. Het lijkt de SERV nodig om scholen bij te staan bij deze aanbestedingen. De SERV merkt nog op dat België en Vlaanderen het slecht doen in Europees perspectief op het vlak van openbare aanbestedingen en de betrokkenheid van kmo’s hierin3. Verschillende kleine inspanningen langs de kant van de openbare aanbesteder zou voor wat betreft de middelen uit dit actieplan al een grote vooruitgang betekenen. De verschillende mogelijkheden die de wet op overheidsopdrachten4 biedt, moeten in overweging genomen worden zoals het opnemen van elementen als klantenservice en bereikbaarheid en niet enkel de (laagste) prijs; het organiseren van voorafgaandelijke marktconsultaties en infosessies; het voorzien van eenvoudige administratieve procedures, het opdelen van een aanbesteding in percelen, …
3
European Commission, Single Market Scoreboard – Public Procurement http://ec.europa.eu/internal_market/scoreboard/performance_per_policy_area/public_procurement/index_en.h tm
4
Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, BS 14 juli 2016
8
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Een sterk ondersteunend en doeltreffend ICT-schoolbeleid De visienota stelt terecht dat een hoeveelheid digitale toestellen voorzien, niet volstaat. Een kwaliteitsvolle digitalisering is ingebed in een duidelijke schoolvisie: wat willen we bereiken met leerlingen en hoe kan technologie daar optimaal aan bijdragen. De centrale actie in de visienota is het uitbreiden van de ICT-coördinatie en een duidelijke functieomschrijving van de ICTcoördinatie. De SERV mist de link naar de directies van scholen, zowel als het gaat over schoolbeleid als over competente leraren. De directie zal gevat worden onder de noemer ‘schoolteam’ maar dient volgens de SERV expliciet benoemd en benaderd te worden. Het profiel van ICTcoördinator vraagt zowel pedagogische als technische kennis en vaardigheden. Dat is zeker geen evident gegeven, volgens de SERV. De nota geeft al aan dat er een gebrek aan mogelijkheden is om leerkrachten te specialiseren in ICT (ICT-professionals zijn gegeerd op de arbeidsmarkt en werken in het onderwijs is vaak niet hun eerste jobkeuze). Zij-instroom en de werking rond het duaal lesgeven kunnen oplossingen of inspiratie bieden. Actie 2.3 voorziet een aanpak van cyberpesten en e-inclusie om zo aan één van de knelpunten te werken nl. de drempels voor e-inclusie identificeren met aandacht voor ouders met een lage digitale geletterdheid. Deze actie is echter niet concreet. E-inclusie5 moet voor de SERV een prominentere plek krijgen in de visienota, bij voorkeur nog als rode draad doorheen het actieplan. Om de stap van achterstand naar voorsprong te zetten, zijn meer en andere inspanningen nodig richting kwetsbare kinderen en hun families. Naast het ter beschikking stellen van individuele digitale tools is de begeleiding die thuis geboden kan worden van groot belang, net als een goede connectiviteit thuis en betaalbaar internet. Wat digitale vaardigheden betreft zou een actie kunnen zijn om voor ouders korte ICT-cursussen uit volwassenenonderwijs en basiseducatie in de leerplichtscholen aan te bieden. De digitale kloof vertaalt zich verder in een sociale kloof, en omgekeerd, als daar niet volop aan gewerkt wordt. Er zijn opportuniteiten om dit niet alleen te faciliteren voor scholen en onderwijsinstellingen maar ook voor de leerlingen en gezinnen zelf. Dit gaat verder dan het beleidsdomein onderwijs alleen en vraagt ook samenwerking met welzijn, jeugd en economie. Betrachting moet zijn dat alle scholen een krachtig en e-inclusief ICT-beleid uitbouwen. Scholen die voorop lopen, moeten dat kunnen blijven doen als leerrijke, inspirerende praktijken.
ICT-competente leerkrachten en lerarenopleiders en aangepaste digitale leermiddelen ICT-competente leraren en lerarenopleiders zijn terecht een speerpunt in de visienota. Daarin investeren is ook voor de SERV prioritair om de opgelopen achterstand naar een voorsprong om te buigen en om kwaliteitsvolle digitalisering ingang te doen vinden in het klaslokaal (en daarbuiten). De SERV vraagt een structurele professionaliseringaanpak waarvoor ook de nodige tijd en ruimte vrijgemaakt wordt. De visienota biedt bijvoorbeeld minder een antwoord op hoe de versnippering en ontoereikendheid van de bestaande professionaliseringsmethodieken zal worden omgebogen. Er mag niet louter een extra aanbod bovenop komen. Er moet ook verder gekeken 5
‘Advies E-inclusie’, SERV, 13 mei 2019
9
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
worden dan de gekende professionaliseringsorganisaties (bv. de pedagogische begeleidingsdiensten), er zijn ook andere organisaties of ondernemingen die hierin een zinvolle rol kunnen spelen. De SERV verwees eerder naar de nood aan specifieke programma’s met duidelijke ambities om voldoende leerkrachten te bereiken, bv. via ‘train the trainer’, peer learning, coaching, communities of practice, enz. en met incentives voor leerkrachten om eraan te participeren. De belangrijke actie 3.2 van het actieplan, nl. de gerichte ondersteuning van lerarenopleiders, is nog weinig concreet. De SERV is in het bijzonder ook te spreken over de het versterken van initiatieven die digitale leermiddelen voor praktijkvakken en arbeidsmarktgerichte opleidingen ontwikkelen, o.a. via InnoVET. Hiervoor kunnen ook sectoren, sectorfondsen en sectorfederaties aangesproken worden.
Oprichting kennis- en adviescentrum De visienota voorziet de oprichting van een advies- en kenniscentrum dat de expertise op het onderwijsveld bundelt, ondersteunt en samenwerking faciliteert. De oprichting van een kennis- en adviescentrum rond digitalisering is nog één van de aanbevelingen uit de digitaliseringsagenda van de SERV van 20186. De opdracht mag voor de SERV breder zijn en zich niet enkel richten op het onderwijsveld. Er is op heel korte tijd veel veranderd in hoe onderwijs verstrekt wordt maar onderwijs en vorming zijn permanent in evolutie. Er worden nog veel veranderingen verwacht in de manier waarop, waar en waarom we leren. Een kenniscentrum moet een proactieve netwerkorganisatie zijn waar zeker ook de actoren van de educatieve technologie bij betrokken worden met het oog op innovatie. Een belangrijk thema voor het kenniscentrum en een algemene bezorgdheid van de SERV is de algemene visie van scholen op digitalisering waaronder het optimaal gebruik van ICT, cybersecurity en het mentaal digitaal welzijn van leerlingen en leraren. Scholen moeten hierin waar nodig worden begeleid. De link met en het belang van de eindtermen digitale geletterdheid en 21ste eeuwse vaardigheden zoals zelfregulering spreken voor zich, van jongs af aan. De informatie- en informaticavakken in het leerplichtonderwijs zelf moeten opgetrokken worden naar een hoog niveau zodat leerlingen kunnen beschikken over die competenties die binnen een datagedreven samenleving steeds belangrijker worden zoals datageletterdheid, inzicht in algoritmes en privacygeletterdheid. Het kenniscentrum dient ook leerlingen en jongeren zelf te betrekken in de vormgeving van gedigitaliseerd onderwijs en hen daarin expliciet een stem te geven.
3
De dans niet ontspringen: dwarsverbindingen
Het gebald karakter van de visienota maakt het overzichtelijk en zal monitoring vergemakkelijken. Of dit zal volstaan aan acties om van de achterstand naar voorsprong te gaan, is voer voor verdere bespreking en zal ook blijken uit de verdere concretisering en uitvoering van het actieplan. De SERV vraagt alleszins om omwille van multiplicatoreffecten op zoek te gaan naar mogelijke dwarsverbindingen o.a. met:
6
‘De transitie naar een digitale samenleving. Aanbevelingen en acties.’, pag. 21
10
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
het Kenniscentrum Data en Maatschappij7; tussen beide kenniscentra moet er een sterke wisselwerking én afstemming van de initiatieven en activiteiten zijn aangezien beide zich buigen over nieuwe technologieën en problematieken die zich breed stellen over maatschappelijke sectoren heen; het kenniscentrum Data en Maatschappij heeft voor een deel van de werking in 2021 gekozen voor de context van onderwijs en vorming, een sector die aan grote uitdagingen inzake digitale transformatie wordt blootgesteld aldus het kenniscentrum; het STEM-Actieplan 2020-2030, dat momenteel in volle ontwikkeling is; de beleidsinitiatieven en de organisaties die werken rond (digitale) geletterdheid van volwassenen; de uitbouw van een gespecialiseerd ICT-AI aanbod in het hoger onderwijs om nieuwe generaties van ICT-professionals en onderzoekers, ontwikkelaars en lesgevers te vormen; het Programma Innovatieve Overheidsopdrachten, waarmee de koopkracht van de Vlaamse overheid en de publieke sector meer strategisch ingezet kan worden voor innovatie en Vlaamse kmo’s aan bod kunnen komen; met de Taskforce e-inclusie8 dat onder meer subsidieoproepen van de Vlaamse overheid oplijst die kunnen ingezet worden in het kader van digitale geletterdheid en mediawijsheid.
7
https://data-en-maatschappij.ai/over-ons
8
https://e-inclusie.be/taskforce
11
Visienota en actieplan ‘Digisprong'
Bibliografie Nicaise I., ‘COVID 19 en onderwijs: van paniek tot veerkracht’, mei 2020 SERV, ‘De transitie naar een digitale samenleving. Aanbevelingen en acties’, 4 juli 2018 SERV, ‘Advies E-inclusie’, 13 mei 2019 VLOR - SERV, ‘Digitaliseringsagenda voor onderwijs en vorming. Gezamenlijke oproep van Vlor en SERV’, 25 maart 2019 VOKA, ‘EDTech. Gamechanger voor het onderwijs?’, september 2020
12