Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/396
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be
Dossiernummer: OVB/2021/396
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie.
Voorafgaande procedure Op 1 oktober 2021 diende xxx (hierna vermeld als: verzoeker), een verzoek in bij de provincie WestVlaanderen om een afschrift te krijgen van de nieuwe dossierstukken in dossier xxx nadat hem reeds eerder het beroepschrift was bezorgd. Per mail van 1 oktober 2021 liet de provincie West-Vlaanderen verzoeker weten dat er geen nieuwe stukken in het dossier zijn en ook dat aangezien hij geen partij is in het beroepsdossier, hem niet zomaar de adviezen of andere stukken kunnen worden overgemaakt. Op 21 oktober 2021 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen voormelde beslissing van de provincie. Dit beroep werd geregistreerd op 21 oktober 2021. Op 18 november 2021 werd de beslissingstermijn van de beroepsinstantie, in toepassing van artikel II.50, §1, tweede lid van het Bestuursdecreet van 7 december 2018, verlengd van dertig kalenderdagen naar vijfenveertig kalenderdagen.
Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 1 oktober 2021. De beslissing van de provincie West-Vlaanderen dateert van 1 oktober 2021. Deze beslissing maakt geen melding van de beroepsmogelijkheid en -
www.vlaanderen.be
modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. De beroepstermijn vangt bijgevolg pas aan vier maanden na kennisgeving van de beslissing. Het beroepschrift van verzoeker d.d. 21 oktober 2021 is tijdig ingediend en wordt dan ook als ontvankelijk beschouwd.
Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Bestreden beslissing
De provincie antwoordt op 1 oktober 2021 het volgende op de vraag om een afschrift te krijgen van de nieuwe stukken in het beroepsdossier :
“Er zijn geen nieuwe stukken in het dossier toegevoegd. Aangezien u ook helemaal geen partij bent in dit dossier kunnen wij u niet zomaar de adviezen of andere stukken bezorgen. Wij kunnen u enkel nog de beslissing van de deputatie bezorgen, de deputatie moet ten laatste 23 december een beslissing nemen.“ 2. Inhoud van het beroepschrift Als aangelande acht beroeper zich wel betrokken partij bij het, bij het provinciebestuur ingediende, beroepsdossier zodat hij dan ook alle stukken van het dossier wenst te krijgen.
3. Toelichting door de provincie West-Vlaanderen Na kennisname van het ingestelde beroep, meldt het provinciebestuur spontaan dat de beroepsprocedure nog lopende is waardoor zij niet zomaar alle documenten aan eender wie, ook niet bezwaarindieners, kunnen bezorgen. Op die manier zou een buitenstaander sneller informatie hebben dan de betrokken partijen (aanvrager, gemeente en departement omgeving als beroeper). xxx heeft de mogelijkheid gehad om zelf beroep in te stellen. Het is uiteraard niet de bedoeling dat derden geen beroep instellen maar dan wel via een tussenkomst zich proberen te mengen in de beroepsprocedure ingesteld door iemand anders. Van een weigeringsbeslissing is evenwel geen sprake, aangezien er op het moment van de beslissing nog helemaal geen nieuwe stukken waren. Op de expliciete vraag van de beroepsinstantie of er op heden nieuwe stukken aan het beroepsdossier zijn toegevoegd, bezorgt de provincie de inmiddels binnen gekomen adviezen van de gemeente Vleteren dd. 7/10/2021, van het departement Landbouw & Visserij dd. 14/10/2021 en van het agentschap Natuur & Bos dd. 29/10/2021. Het bestuur van de Zuidijzerpolder meldde enkel op 4 oktober 2021 dat aangezien er geen
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/396
pagina 2 van 3
nieuwe elementen aan het dossier in beroep werden toegevoegd zij haar in eerste aanleg uitgebrachte advies dd. 7/4/2021 bevestigt.
4. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie kan enkel vaststellen dat op 1 oktober 2021, het moment van de beslissing, nog geen externe adviezen waren opgemaakt. De beroepsinstantie volgt dan ook de redenering van het provinciebestuur dat er geen sprake is van een weigeringsbeslissing maar dat deze stukken doodsimpel op het moment van beslissing niet beschikbaar waren en daarom niet konden worden overgemaakt. In artikel I.4, 3° van het Bestuursdecreet wordt een bestuursdocument gedefinieerd als de informatie, ongeacht de drager ervan, die in het bezit is van een overheidsinstantie. Het recht op openbaarheid kan aldus maar uitgeoefend worden voor zover het gaat om informatie die gematerialiseerd werd op een drager. Aangezien het in casu een onbestaand document betreft, kan daarvan dan ook geen afschrift worden verleend. Het ingestelde beroep wordt, dan ook als ongegrond beschouwd.
Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 21 oktober 2021 tegen de beslissing van de provincie West-vlaanderen d.d. 1 oktober 2021 wordt als ontvankelijk doch ongegrond beschouwd. Brussel, 3 december 2021
Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur,
Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/396
pagina 3 van 3