VERZAMELDECREET IV
Advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, Wetstraat 34-36, 1040 Brussel W www.serv.be – T +32 2 209 01 11 – E info@serv.be
Adviesvraag
Ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, het decreet van 13 juli 2012 houdende bepalingen tot begeleiding van de tweede aanpassing van de begroting 2012 en het decreet van 17 december 2021 tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft toewijzingen aan het Energiefonds, wijzigingen betreffende flexibiliteit en energiedelen, de uitbouw van het energiedataplatform en de herziening van de administratieve geldboetes aangaande installatie-eisen
Adviesvrager
Zuhal Demir - Vlaams minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme
Ontvangst adviesvraag
8 juli 2022
Decretale opdracht
SERV-decreet 7 mei 2004 art. 20 (SAR-functie)
Goedkeuring raad
29 augustus 2022
Samenwerking met
Minaraad die het goedkeurde op 29 augustus 2022
Contactpersoon
Julien Matheys
jmatheys@serv.be
Mevrouw Zuhal DEMIR Vlaams minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme Koning Albert II-Laan 7 B-1210 Sint-Joost-ten-Node
Adviesvraag Verzameldecreet IV Mevrouw de minister Op 8 juli vroeg u de SERV en de Minaraad (verder “de raden”) om te adviseren over het “ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, het decreet van 13 juli 2012 houdende bepalingen tot begeleiding van de tweede aanpassing van de begroting 2012 en het decreet van 17 december 2021 tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft toewijzingen aan het Energiefonds, wijzigingen betreffende flexibiliteit en energiedelen, de uitbouw van het energiedataplatform en de herziening van de administratieve geldboetes aangaande installatie-eisen”, kortweg Verzameldecreet IV. In dit advies wordt enkel ingegaan op Art. 49 van het Ontwerp, waar nieuwe bestedingsmogelijkheden van het Vlaams Klimaatfonds voorgesteld worden, m.n. het overmaken van middelen naar een op te starten BRV-fonds. De andere voorgestelde wijzigingen worden in dit advies niet besproken. De raden onderschrijven het belang van een gedegen ruimtelijk beleid en begrijpt dat dergelijk ruimtelijk beleid, op termijn, een belangrijke bijdrage kan leveren aan het terugdringen van de Vlaamse broeikasgasemissies. Het belang van de realisatie van de bouwshift en de noodzaak om daarvoor voldoende middelen uit te trekken wordt ook erkend. De uitbreiding van de bestedingsmogelijkheden lijkt niet kostenefficiënt. Kostenefficiëntie is een fundamenteel principe dat steeds door de Vlaamse regering naar voor geschoven werd bij de aanwending van middelen uit het Vlaams Klimaatfonds. De overheveling van significante bedragen (tot 100 mio euro/jaar) vanuit het Vlaams Klimaatfonds naar het BRV-fonds, dat in belangrijke mate ingezet zou worden voor de betaling van planschadevergoedingen, lijkt in tegenspraak met dat principe omdat die op korte termijn weinig of geen emissiereducties zouden teweegbrengen De urgente afbouw van het verbruik en van de afhankelijkheid van (Russische) fossiele brandstoffen lijkt niet beantwoord door de verschuiving van middelen naar het BRV-fonds, gezien de eerder trage en soms onzekere effecten van ruimtelijk beleid.
De raden vragen om deze bijkomende bestedingsmogelijkheid vanuit het Vlaams Klimaatfonds te heroverwegen en om de beperkte klimaatfondsmiddelen voor niet-ETS mitigatiebeleid in Vlaanderen volledig in te zetten op de maatregelen die: -
op de meest kostenefficiënte manier de Vlaamse broeikasgasemissiereducties realiseren,
-
op de snelst mogelijke manier de fossiele brandstofafhankelijkheid reduceren.
-
prioritair gericht zijn op huishoudens en bedrijven/organisaties die de noodzakelijke maatregelen niet zelf kunnen financieren.
Hoogachtend Hans Maertens
Walter Roggemans
voorzitter SERV
voorzitter Minaraad
4