Activiteitenverslag
2007
Inhoudstafel
Woord vooraf
3
Onze organisatie VMM heeft nieuwe organisatiestructuur
4
4
Water Een integrale visie Jaarrapport water 2006: verdere inspanningen nodig Europese zwemwaterrichtlijn wordt Vlaamse wet Dirigent in de watersector
6
6
8
9
11
Lucht Vlaamse lucht van betere kwaliteit Zure regen: nog ver verwijderd van de doelstelling
14
14
14
Milieu MIRA-T 2007: milieubeleid boekt resultaten Rapport Lichtvervuiling: Vlaanderen moet dimmen Milieubeleid zonder grenzen
16
16
17
18
VMM communiceert Milieubewustzijn bevorderen
19
19
Kijk achter de schermen De kracht van de VMM
21
21
Financiële overzichten
24
Coördinatie en eindredactie: Kathleen Vancaester Copywriting: Bonsai Publicatiebureau - www.bonsai-publicatiebureau.be Lay-out: Dries Vermaut Fotografie: Yves Adams, Jan Caudron, Misjel Decleer, Fancy, VMM-archief Verantwoordelijke uitgever: Philippe D’Hondt, VMM Depotnummer: D/2008/6871/025
Beste lezer De Vlaamse Milieumaatschappij zette in 2007 een punt achter een ingrijpende interne reorganisatie. Het intern verzelfstandigd agentschap VMM met haar nieuwe organisatiestructuur kan zich nu opwerpen als de dirigent van het integraal waterbeleid in Vlaanderen. Dé mijlpaal dit jaar was zonder twijfel de goedkeuring op 23 november 2007 van de allereerste beheersovereenkomst tussen de VMM en de Vlaamse Regering. Deze overeenkomst bevat alle opdrachten waarvoor onze 1037 personeelsleden zich de volgende drie jaar ten volle engageren. Er wordt daar bij enorm veel van onze milieumaatschappij verwacht. Maar die grote verantwoordelijkheid is meteen het bewijs dat de VMM een cruciale rol krijgt toegemeten in het Vlaamse milieubeleid. De VMM kijkt niet alleen naar de opdrachten die het moet uitvoeren. Meer en meer wordt ook aandacht geschonken aan de wijze waarop we ons werk uitvoeren. De volgende jaren zal de milieu maatschappij zich profileren als een modern overheidsbedrijf met een doorzichtige organisatie en een vlotte communicatie met de burger. De leidraad worden de 5 gloednieuwe basiswaarden van onze organisatiecultuur: betrouwbaarheid, klantgerichtheid, samenwerking, voortdurend verbeteren en milieusparend gedrag. Mag ik tot slot één realisatie uit dit rijke activiteitenverslag 2007 aanstippen: de goedkeuring van de 11 bekkenbeheerplannen voor Vlaanderen. De efficiënte wijze waarop deze ambitieuze plannen in goede samenwerking met onze partners tot stand zijn gekomen, is onze nieuwe organisatie ten voeten uit. Meteen het eerste bewijs dat wij alle instrumenten in handen hebben om in onze missie te slagen.
Frank Van Sevencoten Administrateur-generaal
Activiteitenverslag 2007 • 3
Onze organisatie VMM heeft nieuwe organisatiestructuur
Met de goedkeuring van de nieuwe organisatiestructuur bereikte een ingrijpende hervormingsoperatie van de VMM – in gang gezet onder de noemer Beter Bestuurlijk Beleid – een voorlopig eindpunt. De VMM heeft nu alle instrumen ten in handen om uit te groeien tot een modern overheidsbedrijf. Sinds 1 april 2006 is de Vlaamse Milieumaatschappij een intern verzelfstandigd agentschap (IVA) met rechts persoonlijkheid. Meteen verwierf de VMM op tal van vlakken een grotere autonomie. Om van de VMM ook in de praktijk een modern overheidsbedrijf te maken, werden in de voorbije twee jaren onder het motto ‘Beter Bestuurlijk Beleid’ verschillende strategische stap pen gezet. In 2006 werden de fundamenten gelegd met de opstel ling van de missie en de visie van de milieumaatschappij. Ook de fundamentele taken en rollen van het nieuwe IVA VMM werden dat jaar bepaald.
Vijf basiswaarden In 2007 ging veel aandacht naar de verdere integratie van de voormalige VMM en de afdeling Water in de nieuwe VMM. Een operatie die met veel overleg en respect voor de beide identiteiten werd doorgevoerd. Een belangrijke stap was ook de vastlegging van de 5 basiswaarden die de organisatiecultuur van de VMM vormen: betrouw baarheid, klantgerichtheid, samenwerking, voortdurend verbeteren en milieusparend gedrag. De VMM wil hier mee niet alleen kijken naar haar taken en opdrachten maar ook meer en meer aandacht schenken aan de manier waarop die worden uitgevoerd.
Beheersovereenkomst Op 23 november werd de allereerste beheersovereen komst tussen de VMM en de Vlaamse Regering goed gekeurd. Deze beheersovereenkomst, die van kracht blijft tot eind 2010, bevat het gedetailleerde takenpakket waarvoor de 1037 personeelsleden van de VMM zich engageren. Ook het eerste jaarlijkse ondernemingsplan, het JOP 2008, werd goedgekeurd.
4
Nieuwe structuur Uiteindelijk vormden al deze elementen de basis voor een nieuwe organisatiestructuur van de VMM. “De nieuwe organisatiestructuur moet ons in staat stellen om de vele taken en opdrachten in optimale omstandig heden te kunnen uitvoeren”, stelt administrateur generaal Van Sevencoten. Als sluitstuk werden eind vorig jaar drie ‘kersverse’ afdelingshoofden benoemd: Michelinne Van Den Langenbergh, Eric Vreye en Rudy Cautaerts.
Missie De Vlaamse Milieumaatschappij heeft als missie bij te dragen tot de realisatie van de doelstellingen van het milieubeleid door het voorkomen, beperken en onge daan maken van schadelijke effecten bij watersystemen en de atmosfeer en door de rapportering over de staat van het leefmilieu en tot de realisatie van de doelstellin gen van het integraal waterbeleid.
Visie In de uitvoering van deze missie, in de uitoefening van haar maatschappelijke rol ten aanzien van de burger en in de realisatie van de beleidsdoelstellingen van de Vlaamse Regering, is de VMM dé organisatie in Vlaanderen die: • zorgt voor een coherente en doeltreffende inzet van de beleidsinstrumenten voor uitvoering van het integraal waterbeleid en het luchtbeleid; • watersystemen beheert, de luchtkwaliteit bewaakt en het bereiken van de gewenste toestand voor de water systemen en luchtkwaliteit bevordert; • optreedt als kenniscentrum voor water, lucht en milieurapportering; • de coördinatie verzorgt of een expertbijdrage levert aan het (inter)nationaal beleid op het gebied van water, lucht en thema overkoepelende materies; • het milieubewust gedrag bij de betrokken doelgroepen stimuleert.
Daarom zal de Vlaamse Milieumaatschappij: • een team vormen waarin ieder zijn competenties en kennis maximaal inzet om de doelstellingen te bereiken; • een optimale organisatiestructuur uitbouwen en de deskundigheid ontwikkelen om het bereiken van de doel stellingen maximaal te ondersteunen; • een modern personeelsbeleid voeren en de middelen efficiënt beheren; • de kennis van de organisatie ontwikkelen, verspreiden en beheren; • de principes van milieuzorg maximaal toepassen.
ADMINISTRATEUR-GENERAAL F. Van Sevencoten ALGEMEEN DIRECTEUR INTEGRAAL WATERBELEID D. Waegeman
RAPPORTERING WATER R. Cautaerts ECONOMISCH TOEZICHT L. Fleurinck
LUCHT, MILIEU EN COMMUNICATIE Ph. D’Hondt OPERATIONEEL WATERBEHEER P. Thomas
ECOLOGISCH TOEZICHT D. Waegeman
KENNISBEHEER E. Vreye
ALGEMENE ZAKEN M. Van Den Langenbergh
Activiteitenverslag 2007 • 5
Water Een integrale visie
In augustus en september 2007 werden de 11 bekkenbeheerplannen voor Vlaanderen goedgekeurd. Een mijlpaal voor de VMM en een zeer belangrijke stap in de integrale benadering van het waterbeleid in Vlaanderen.
Goedkeuring 11 bekkenbeheerplannen: mijlpaal voor de VMM De 11 bekkenbeerplannen bevatten tal van concrete maatregelen om de rivierbekkens in Vlaanderen ‘integraal’ te beheren. Zo geven de plannen onder meer aan hoe overstromingen kunnen worden tegengegaan, waar er ruimte is voor recreatie, waar rioleringswerken gepland zijn of welke beken opnieuw zullen meanderen. Over deze bekkenbeheerplannen organiseerden de Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid (CIW) en de bekkensecretariaten van 22 november 2006 tot 22 mei 2007 een openbaar onderzoek. Alle suggesties, opmerkingen en adviezen werden nadien verwerkt in aangepaste plannen, die in augustus en september door de bekkenbesturen zonder noemenswaardige proble men werden goedgekeurd.
naar de grote rol van de Europese Commissie en de Europese richtlijnen op de werking van de VMM en tonen de noodzaak aan om verder op Europees vlak actief te blijven.
Mijlpaal Voor Frank Van Sevencoten, administrateur-generaal van de VMM en voorzitter van de CIW, betekent de goed keuring van de bekkenbeheerplannen een mijlpaal in de werking van de milieumaatschappij. De plannen staan niet alleen symbool voor de spectaculaire vooruitgang die de voorbije 20 jaar in Vlaanderen op het vlak van waterbeleid gemaakt werd en waaraan de VMM een belangrijke bijdrage heeft geleverd. Ze verwijzen ook
Integraal waterbeleid De elf bekkenbeheerplannen zijn een voorbeeld van het integraal waterbeleid, een innoverende aanpak waarvan de VMM in Vlaanderen de motor is. Het integraal waterbeheer beperkt ‘water’ niet enkel tot de waterlopen maar breidt dit uit tot de waterbodems, de oevers en de valleien en de planten en dieren die er leven en het grond water. Het grote streefdoel bestaat in het herstel, het behoud, de ontwikkeling en het duurzame gebruik van dit watersysteem. De contouren van het Vlaamse waterbeleid liggen vast in het decreet Integraal Waterbeleid van 18 juli 2003. Tegen 2015 moet volgens de Europese kaderrichtlijn Water de algemene toestand van het opper vlakte- en grondwater in Vlaanderen goed zijn.
6
Overstromingsvoorspeller: nieuw paradepaardje van de VMM Met de overstromingsvoorspeller beschikt Vlaanderen vandaag over een zeer doeltreffend instrument om overstromingen voor te zijn. Dit nieuwe paradepaardje van de VMM werd op 21 juni 2007 met trots – en onder ruime belangstelling – in Aalst aan pers en publiek voor gesteld. Bij het proefdraaien wekte de voorspeller al internationale nieuwsgierigheid op. De overstromingsvoorspeller is een uitgekiend compu tersysteem, ontwikkeld door de afdeling Operationeel Waterbeheer van de VMM. Het systeem verwerkt een constante stroom van neerslagvoorspellingen en meet gegevens naar hydrologische en hydraulische modellen. Op die manier kan de VMM het waterpeil van de Vlaamse onbevaarbare waterlopen, verantwoordelijk voor een groot deel van de overstromingen, opvolgen. 24 uur op 24 De voorspellingen worden elke 15 minuten geactuali seerd en hydrologen zorgen voor de interpretatie ervan. Dankzij SMS-waarschuwingen en een wachtdienst van 24 uur op 24 en 7 dagen op 7 kan onmiddellijk gereageerd worden als er overstromingsgevaar dreigt. Alle voorspel lingen kunnen geraadpleegd worden via de website www.overstromingsvoorspeller.be. 5 jaar Voor het bekken van de Dender en de Demer is vandaag al een gedetailleerd voorspellingssysteem klaar. Voor de rest van Vlaanderen is een vereenvoudigde voorspeller beschikbaar. De VMM maakt zich sterk dat zij binnen de 5 jaar voor elk van de elf Vlaamse rivierbekkens over een gedetailleerd systeem zal beschikken. Fransen en Engelsen, maar ook Japanners en Amerikanen kwamen met veel interesse kijken hoe het voorspellingssysteem werkt.
Ingenieuze visdoorgang in Lummen De VMM installeerde in 2007 aan de Kleen Molen op de Mangelbeek in Lummen een visdoorgang. Een ingenieu ze constructie waarmee werd aangetoond dat het perfect haalbaar is om vismigratie, veiligheid en het cultuurhistorische herstel van watermolens in de praktijk te combineren. De visdoorgang is een nevengeul van de Mangelbeek met drie V-vormige bekkentrappen. De afmetingen zijn zo bestudeerd dat de opstuwing, nodig voor de werking van de molen, geen overstromingen veroorzaakt. De nevengeul en de molen kunnen samen zelfs een debiet verwerken van een storm die maar elke 10 jaar voorkomt. Dankzij deze visdoorgang kunnen vissen, onder meer de snoek en de grote modderkruiper, ook na de renovatie van de molensite, nog migreren vanaf de Demer tot voorbij de monding van de Laambeek.
Opgeruimd staat netjes De VMM zette in 2007 haar slibruimingen van de onbe vaarbare waterlopen van eerste categorie verder. Verspreid over Vlaanderen werd in totaal de ruiming van 150.000 m³ slib aanbesteed. Hiermee houdt het onder houdsprogramma gelijke tred met de jaarlijkse geschatte slibaanwas. De ruimingen worden in de eerste plaats uit gevoerd in waterlooptrajecten waar slib aan de basis ligt van een verhoogd risico op wateroverlast (bv. slibruiming Dijle centrum Leuven, Schijn te Wommelgem, Zenne opwaarts Brussel, …). Ook plaatsen waar slibaanwas de functie van de waterloop zoals natuur, recreatie en land schap belemmert, worden aangepakt (bv. slibruiming van de Demer ter hoogte van de Robbemolen, Steenbeek en Denderbelsebeek, …). Ten slotte ging met de slibruiming van de Dommel en de Vliet ook aandacht naar ruimingen om ecologische redenen.
Activiteitenverslag 2007 • 7
Jaarrapport Water 2006: verdere inspanningen nodig
De waterkwaliteit is in Vlaanderen in 2006 niet spectaculair verbeterd maar de investeringen hebben wel geleid tot belangrijke plaatselijke verbeteringen. Dat blijkt uit het ‘Jaarrapport Water 2006’ dat de VMM in 2007 publiceerde. De jaarrapporten Water van de VMM beschrijven de kwaliteit en de evolutie van het oppervlaktewater en de waterbodem in Vlaanderen. Dat gebeurt op basis van de meetresultaten van de VMM en de vuilvrachten geloosd in het oppervlaktewater en de riolering. Het jaarrapport beschrijft ook de evolutie van de uitbouw van de zuive ringinfrastructuur en geeft een evaluatie van het beheer ervan.
overheid hebben al geleid tot een forse verbetering van de waterkwaliteit. Toch zijn belangrijke investeringen nodig om de doelstellingen van de Europese kaderricht lijn Water te halen.”
Verbeteringen Uit de rapporten van de voorbije jaren blijkt duidelijk dat vooral investeringen in waterzuivering tot belangrijke – plaatselijke – verbeteringen van de waterkwaliteit leiden. In vergelijking met de jaren 90 is ook het aantal verontreinigde meetplaatsen gedaald. “Desondanks blijft het globale herstel van de waterkwaliteit onvoldoende zichtbaar. Dit onderstreept de noodzaak om de lopende en geplande inspanningen voor het verzamelen en behandelen van stedelijk afvalwater verder te zetten”, zo luidt de conclusie.
Maar de nitraatconcentratie in het MAP-meetnet geeft aan dat dit gemiddelde wel relatief dicht bij de streef waarde van 25 mg/l ligt. Het percentage van de meet plaatsen waar de nitraatnorm gerespecteerd wordt, neemt ook niet toe.
Investeren Ook Vlaams minister van Leefmilieu Hilde Crevits trad bij de overhandiging van het rapport deze vaststelling bij: “De inspanningen van burgers, bedrijven, landbouw en
Nitraatgehalte daalt niet Wat betreft het nitraatgehalte in de oppervlaktewaters is er nauwelijks verbetering opgetreden. De nitraat gemiddelden blijven schommelen over de jaren heen.
Historische vervuiling Vlaamse waterbodems zijn op bepaalde plaatsen nog erg vervuild. Het gaat quasi altijd om historische verontreini ging. Lozingen van vandaag leveren nauwelijks nog een bijdrage tot verontreinigde waterbodems. De meest verontreinigde locaties verdienen in ieder geval verder onderzoek naar de waterbodemkwaliteit in het algemeen en naar eventuele saneringsoplossingen in het bijzonder.
Verontreinigingsgolf opgevolgd in realtime Op 31 juli 2007 loosde het bedrijf Chimac-Agriphar uit Ougrée (Seraing) grote hoeveelheden insecticiden in de Maas. De pesticiden doodden in de daaropvolgende dagen 20 tot 25 ton vis. Van meet af aan was er ook grote bezorgdheid voor de volksgezondheid. De Maas is een belangrijke bron van drinkwatervoorziening in Wallonië, Nederland en – via het Albertkanaal – ook voor de Antwerpse regio. Zeer snel kwam in Vlaanderen een intense informatie-uitwisseling tot stand tussen de Vlaamse minister van Leefmilieu Crevits, de VMM, het Agentschap voor Natuur en Bos en het laboratorium van de Antwerpse Waterwerken. De VMM startte vrijwel onmiddellijk met het nemen van stalen om de ernst en de verspreiding van de verontreiniging in kaart te brengen. Half augus tus werd beslist om de verontreiniging verder op te volgen tot het gevaar voor het milieu en de volksgezondheid geweken was. Dankzij deze snelle, kwaliteitsvolle en performante analyses van het VMM-laboratorium kon de verplaatsing en de evolutie van de verontreinigingsgolf quasi in realtime opgevolgd worden.
8
Europese zwemwaterrichtlijn wordt Vlaamse wet
De VMM stelde in 2007, in samenwerking met de afdeling Internationaal Milieubeleid van het departement
Leefmilieu, Natuur en Energie, alles in het werk om de nieuwe Europese zwemwaterrichtlijn in een Vlaamse
wetgeving om te zetten. De Vlaamse Regering keurde op 14 december 2007 al een voorontwerp van besluit goed. Op 21 maart 2008 werd het definitieve besluit goedgekeurd. De zorg voor de kwaliteit van het zwemwater kwam in een stroomversnelling toen in 2006 de nieuwe Europese zwemwaterrichtlijn van kracht werd. Deze richtlijn legt de regels vast voor de controle van alle zwemwateren, zowel binnenwateren als alle kustwateren waar gezwom men mag worden. Voor elk zwemwater moet op basis van de controleresultaten een up-to-date zwemwater profiel opgesteld worden dat een duidelijker beeld moet geven van de risico’s.
Informatie In 2007 haalden 39 van de 40 stranden aan de Belgische kust de Europese minimumnormen. Ook de metingen in het binnenland waren gunstig: slechts 1 van de 40 gecontroleerde zwem- en recreatievijvers voldeed niet aan de Europese minimumnormen. Wie in gezond zwemwater wil terechtkomen, kan elk jaar vanaf begin juni terecht op de website van de VMM. De milieumaatschappij is belast met de effectieve bemon stering van het zwemwater. Op www.vmm.be geven gezichtjes in een oogopslag aan hoe het gesteld is met de kwaliteit van het zwemwater op je bestemming.
Elk zwemwaterprofiel omvat: • de locatie van het controlepunt; • een beschrijving van de fysische, geografische en hydrologische kenmerken van het zwemwater en van andere oppervlaktewateren in het beïnvloedings gebied ervan; • een beschrijving en beoordeling van de oorzaken van verontreiniging • een beoordeling van de mogelijke ophoping van blauwwieren, macroalgen en/of fytoplankton; • een omschrijving van het risico op kortstondige ver ontreiniging: informatie over de aard, frequentie, duur, oorzaken, beheersmaatregelen, … Actieplannen moeten dan weer het aantal zwemwateren met een uitstekende of goede kwaliteit doen toenemen.
Activiteitenverslag 2007 • 9
Monitoring van oppervlakte-en grondwater in het kader van de kaderrichtlijn Water In september 2007 werd het uitgebreide monitoringprogramma, nodig voor de kaderrichtlijn Water, goedgekeurd door de Vlaamse Regering. In voorbereiding van de nieuwe monitoringverplichtingen in het kader van de Europese en Vlaamse wetgeving nam de VMM een aantal initiatieven op het vlak van methodologisch onderzoek en analy tische ontwikkelingen. De VMM is zo goed voorbereid voor de uitvoering van het monitoringprogramma vanaf 2008. Naast de verderzetting van de gebruikelijke metingen van de fysische en chemische waterkwaliteit en van de ongewervelde waterbewoners, wordt voortaan ook onderzoek verricht naar de aanwezigheid van vissen, kiezel wieren (diatomeeën), plantaardig plankton en hogere water- en oeverplanten. Ook de zogenoemde hydromor fologische kenmerken, zoals onder meer structuurkenmerken, vismigratieknelpunten en debieten, worden in de toekomst systematisch in kaart gebracht. Voor de Europese monitoringverplichting van grondwater wordt het primair en freatisch grondwatermeetnet van de VMM gebruikt, waarvoor respectievelijk jaarlijks en halfjaarlijks analysecampagnes worden uitgevoerd. In het primair meetnet worden daarnaast maandelijks peilmetingen uitgevoerd. Hormoonverstoring bij vissen Krijgen de vissen in onze rivieren te veel hormoonverstorende stoffen te slikken? Uit een onderzoek dat de Vlaamse Instelling voor Technologische Onderzoek (VITO) en het Instituut voor Natuur- en Bosbeheer (INBO) vorig jaar in opdracht van de VMM uitvoerden, blijkt in ieder geval dat de helft van de gevangen mannelijke vissen tekenen van vervrouwelijking vertoont. Het onderzoek naar de ecologische effecten van hormoonverstoring vond plaats van begin 2006 tot midden 2007. In grote en kleinere Vlaamse rivieren en kanalen werden twintig blankvoorns gevangen. Bij deze vissen werden het bloed en de geslachtscellen onderzocht. De resultaten waren opmerkelijk: bij de helft van de mannelijke vissen werd een productie van eicellen en van een typisch vrouwelijk eiwit vastgesteld. Eerste maal Het is de eerste maal dat we dergelijke cijfers in Vlaanderen vaststellen. Hoe het in elkaar zit, weten we nog niet precies, maar een bepaalde stof of een cocktail van stoffen in ons oppervlaktewater moet die effecten veroorzaken. Van sommige pesticiden en bepaalde gebromeerde vlamvertragers en dioxines is al langer bekend dat ze een hormoonverstorende werking hebben. Momenteel bestaat al een Europese lijst van 265 stoffen waarvan bewezen is dat ze een effect kunnen hebben op het hormoonsysteem. Huishouden Ook de landbouw en de huishoudens liggen mee aan de basis van het probleem: onderzoek uit het buitenland toont aan dat er meer hormoonverstoring optreedt op plaatsen waar huishoudelijk afvalwater geloosd wordt in oppervlaktewater. De VMM koppelde aan de resultaten van het onderzoek een strategienota met verschillende actiepunten. Zo zal de VMM een gerichte monitoring uitvoeren naar hormoonverstorende stoffen in het leefmilieu. Als uit deze metingen blijkt dat er risico's verbonden zijn aan bepaalde stoffen zal de VMM dat aan de bevoegde overheids diensten signaleren.
10
Dirigent in de watersector
Als ecologische en economische toezichthouder is de VMM als het ware ‘dirigent’ in de watersector in Vlaanderen.
De gezamenlijke missie van deze twee opdrachten luidt: een optimale kwaliteit van het water tegen een maatschap
pelijk aanvaardbare prijs.
Titanenwerk geklaard op amper een jaar
gemeentelijke rioleringsstelsels efficiënt te controleren.
De afdeling Ecologisch Toezicht van de VMM ziet erop toe dat het waterzuiverings- en rioleringsbeleid bijdraagt tot het bereiken van de goede oppervlaktewater kwaliteit zoals voorgeschreven in de kaderrichtlijn Water.
Vergunningen Ook het adviseren over milieuvergunningen met betrekking tot lozingen in oppervlaktewater en in riolen valt onder de bevoegdheid van Ecologisch Toezicht. In 2007 werd 1.725 keer advies over een milieuvergunning verleend. Via dit doordachte vergunningbeleid worden
De afdeling Ecologisch Toezicht stuurt het water zuiverings-en rioleringsbeleid aan, zowel op gemeente lijk als bovengemeentelijk vlak. Belangrijke pijlers hierbij zijn de nieuwe zoneringsplannen voor het afvalwater. Deze plannen duiden straat per straat en huis per huis de mogelijkheden aan op het vlak van waterzuivering. Een titanenwerk dat pas in 2006 werd aangevat. Toch ont vingen in 2007 al 303 van de 308 Vlaamse gemeenten hun ontwerp van het zoneringsplan. Na een uitvoerige inspraakprocedure voor burgers en gemeentebesturen waren eind 2007 al 50 definitieve zoneringsplannen opgemaakt.
de emissies van o.a. gevaarlijke stoffen in het afvalwater teruggedrongen.
Uitbreiding Een andere belangrijke opdracht van de afdeling Ecologisch Toezicht is de controle op de werking van de zuiveringsinfrastructuur in Vlaanderen. Voor de grote rioleringen en zuiveringsinstallaties is er in de voorbije jaren een opvolging door middel van indicatoren uit gewerkt. Dit opvolgingssysteem is momenteel het theo retische kader ontgroeid en wordt nu in fasen uitgebreid. In een eerste fase wordt het uitgebreid tot 41 zuiverings gebieden die 50% van de totale behandelde en te behandelen vuilvracht vertegenwoordigen. In een twee de fase wordt het uitgebreid naar zowel meer zuiveringsgebieden als naar meer infrastructuuronder delen binnen elk zuiveringsgebied. In 2007 begon de VMM tevens met een uitbreiding van dit indicatorenkader. Het doel is ook het beheer van de
Activiteitenverslag 2007 • 11
Investeren in een beter milieu De taken van de afdeling Economisch Toezicht sluiten naadloos aan bij die van de afdeling Ecologisch Toezicht, maar dan wel op economisch vlak. Economisch toezicht houdt in dat gelet wordt op de kostenefficiëntie van saneringsprojecten. Wat houdt economisch toezicht in? • Op gemeentelijk vlak De VMM bewaakt de kostenefficiëntie van de gemeen telijke sanering aan de hand van een ondernemingsplan. In dat plan moeten de gemeenten rapporteren over hun saneringsuitgaven in het afgelopen jaar en een raming aangeven voor de komende twee jaar en de financiële middelen die ze hiervoor zullen aanwenden. Ook wan neer de gemeente de sanering geheel of gedeeltelijk aan de drinkwatermaatschappij heeft overgelaten, moeten die activiteiten gerapporteerd worden. Zo kan de VMM erop toezien dat de correcte wettelijke tarieven gehan
12
teerd worden en of de middelen van de gemeentelijke bijdrage of vergoeding wel degelijk gebruikt worden voor de gemeentelijke zuiveringsinfrastructuur. De VMM kan op die manier ook de tendensen in gemeentelijke saneringsinfrastructuur opvolgen. Zo dragen steeds meer gemeenten de aanleg en het beheer van hun rioleringsstelsel over aan de drinkwatermaat schappij. Ook rekenen de drinkwatermaatschappijen in meer en meer gemeenten een gemeentelijke bijdrage en vergoeding aan. •
Op bovengemeentelijk vlak
De VMM houdt toezicht op de projecten die door het Vlaams Gewest zijn opgedragen aan Aquafin. De VMM kijkt of Aquafin de wet op de overheidsopdrachten volgt en zich aan de afgesproken timing en kostenraming houdt. Als het project is afgerond, controleert de VMM of alle afspraken nagekomen zijn, of het project tegen een maatschappelijk verantwoorde kostprijs werd uitge
voerd en of de waterkwaliteit verbetert. In 2007 kon Aquafin 87 projecten opleveren aan het Vlaams Gewest. Voorts beoordeelt de VMM de jaarlijkse budgetraming en het financiële jaarverslag van Aquafin. VMM houdt ook toezicht op de contracten die bedrij ven met Aquafin afsluiten om hun afvalwater te zuive ren. In 2007 volgde de VMM niet alleen 316 dergelijke contracten op, maar beoordeelde zij ook 26 nieuwe con tractaanvragen. De VMM controleert vooral of Aquafin de kosten op een correcte manier aanrekent. De heffingen De VMM inde in 2007 nagenoeg 73,9 miljoen euro aan heffingsinkomsten. Dit bedrag is de optelsom van de heffing op de waterverontreiniging en de heffing op de grondwaterwinning. Deze inkomsten werden doorge stort aan het MINA-fonds en worden opnieuw geïnves teerd in een beter leefmilieu. De VMM vestigde in 2007 86 miljoen euro heffingen: 22,2 miljoen euro aan heffing op de grondwaterwinning, 3,1 miljoen euro aan heffing op de waterverontreiniging voor kleinverbruikers (gezinnen en kleinere bedrijven) en 60,7 miljoen euro aan heffing op de waterverontreiniging voor grootverbruikers (bedrijven en landbouwers). Van deze laatste som zijn al twee bedragen in mindering gebracht, de bovengemeentelijke saneringsbijdrage (20,5 miljoen euro) aangerekend door de openbare waterdis tributiemaatschappijen en de vergoeding (6,9 miljoen euro) aangerekend door Aquafin.
personen met een handicap, personen met een door het OCMW gewaarborgd leefloon of levensminimum, bejaarden en oudere personen die genieten van een gewaarborgd inkomen of een inkomensgarantie. Ook een vrijstelling om ecologische redenen – voor wie zelf zijn afvalwater zuivert – is mogelijk. In overleg met de drinkwatermaatschappijen werkte de VMM een aan gepaste vrijstellingsregeling uit die op 21 december 2007 door het Vlaams Parlement werd goedgekeurd. Wat is gewijzigd? • Ook de abonnee die zijn afvalwater zuivert of laat zuiveren via een gemeenschappelijke zuiverings installatie uitgebaat door de gemeente of de drink watermaatschappij kan vrijstelling om ecologische redenen krijgen. • De vrijstelling om sociale redenen wordt toegekend aan het hele gezin zodra een van de gezinsleden er recht op heeft. • De vrijstelling om sociale redenen in de vorm van een compensatie kan ook toegekend worden aan een derde, meer bepaald aan de werkelijke gebruiker van het water die recht heeft op sociale vrijstelling maar die niet de abonnee is. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn in een appartement waar de factuur op naam van de syndicus staat en dus niet op naam van de gebruiker zelf. De vrijstellingen worden zo veel mogelijk automatisch toegekend: klantvriendelijkheid staat voorop.
De VMM voert een studie uit naar de herbepaling van de omzettingscoëfficiënten in het kader van de heffing op de waterverontreiniging. In 2007 werden de resultaten van het onderzoek rond de textielbedrijven en de nat wasserijen bekend. Als de resultaten voor de onderzoch te sectoren bekend zijn, worden die voorgelegd aan de Vlaamse minister voor Leefmilieu. Vrijstellingen op de heffingen op waterverontreiniging: nieuwe regeling Sommige gezinnen moeten om sociale redenen de saneringsbijdrage of de heffing niet betalen. Het gaat om
Activiteitenverslag 2007 • 13
Lucht Vlaamse lucht van betere kwaliteit
Omdat elk jaar minder en minder vervuilende stoffen in de lucht worden geloosd, is de luchtkwaliteit in Vlaanderen vandaag sterk verbeterd. Dat is de belangrijkste conclusie uit de nieuwe VMM-jaarrapporten over ‘luchtlozingen’ en ‘luchtkwaliteit’. Die positieve evolutie is te danken aan de inspanningen van de overheid, de industrie en de land bouw. Alle Europese op dit moment geldende luchtkwaliteitsnormen – behalve die voor fijn stof – werden in 2006 gerespecteerd.
Lozingen sterk verminderd De VMM meet de luchtkwaliteit in Vlaanderen en inven tariseert wie wát loost in de lucht. Uit de resultaten van de Jaarverslagen ‘Lozingen in de lucht 1990-2006’ blijkt dat er vandaag aanzienlijk minder verontreinigende stoffen geloosd worden dan in het begin van de jaren 90. Voor een aantal stoffen is de vervuilende uitstoot zelfs spectaculair gedaald. • De uitstoot van koolstofmonoxide en dioxines verminderde sinds 1990 met respectievelijk 41% en 92%. • De emissies van fijn stof daalden in 2006 tot minder dan de helft van het niveau van 1995. • De verzurende emissie, verantwoordelijk voor de ‘zure regen’, is sinds 1990 met 49% afgenomen. • De uitstoot van ozonvormende stoffen, voorname lijk door verkeer en industrie, is de voorbije 10 jaar met 34% gedaald.
• De ozonafbrekende emissies, verantwoordelijk voor het ‘gat in de ozonlaag’, zijn sinds 1995 met maar liefst 75% afgenomen. • De broeikasgasemissies zijn gedaald tot 95% van de emissies in 1990. Deze verminderde uitstoot is onder meer te danken aan de overschakeling naar aardgas, aan een daling van het steenkoolverbruik, aan het gebruik van fossiele brand stoffen met een lager zwavelgehalte en uiteraard ook aan de invoering van reductiemaatregelen.
Luchtkwaliteit verbetert langzaam Minder uitstoot van vervuilende stoffen zorgt er uiteraard ook voor dat de luchtkwaliteit de voorbije jaren langzaam verbeterd is. Wel blijven de hoge con centraties aan fijn stof, ozon en stikstofdioxide zorgen baren. Op het vlak van luchtkwaliteit is de verbetering voor een aantal stoffen, zoals dioxines en zwaveldioxide,
Zure regen: nog ver verwijderd van de doelstelling De Vlaamse Milieumaatschappij onderzocht in 2005 en 2006 op 10 meetplaatsen in Vlaanderen de invloed van verzuring op het milieu, in de volksmond ook ‘zure regen’ genoemd. Verzuring wordt omschreven als de gezamen lijke effecten van luchtverontreinigende stoffen, vooral zwaveldioxide, stikstofoxiden en ammoniak, die via de atmosfeer worden aangevoerd en waaruit zwavelzuur en salpeterzuur kunnen ontstaan. De voornaamste bronnen van verzuring zijn industriële activiteiten, gebouwenverwarming, het verkeer en de landbouw. De resultaten van het meetonderzoek zijn niet eenduidig. Voor de grasvegetatie is een positieve trend ingezet en wordt op de meeste meetplaatsen de doelstelling gehaald die het Vlaamse milieubeleid zich tegen 2010 heeft opgelegd. De resultaten zijn minder rooskleurig voor de andere, meer biologisch waardevolle vegetatietypes zoals loofbos, naaldbos en heide. De langetermijndoelstelling voor 2030, die elke schade aan de waardevolle vegetatie uitsluit, wordt nog nergens bereikt.
14
spectaculair te noemen. Opmerkelijk is wel dat die voor uitgang voor een aantal andere stoffen, zoals stikstof oxiden, fijn stof en ozon, niet altijd evenredig is met de verminderde uitstoot in Vlaanderen. Dit kan onder meer verklaard worden door de grensoverschrijdende veront reiniging en de complexe reacties in de omgevingslucht. Fijn stof De hoeveelheid fijn stof in de lucht blijft wel problema tisch en boven de Europese luchtkwaliteitsnorm. In 2006 werd de daggrenswaarde op 25 van de 31 meetstations meer dan 35 keer overschreden. Via het RIO-Corine interpolatiemodel kan worden ingeschat dat ongeveer een derde van de Vlaamse bevolking op meer dan 35 dagen blootgesteld werd aan concentraties die hoger lagen dan de grenswaarde. De Europese richtlijn laat niet meer dan 35 overschrijdingen toe.
afgekondigd, van 14 tot en met 16 maart en van 20 tot en met 22 december. De snelheid op sommige delen van snel- en ringwegen werd tijdens die dagen beperkt tot 90 km/u. Ozon 2006 was ook een jaar met veel ozonoverlast voor de volksgezondheid en de landbouwgewassen. In de metin gen van de voorbije 10 jaren staat 2006 op de tweede plaats wat de hinder voor de gezondheid betreft. 73% van de bevoking werd op meer dan 25 dagen bloot gesteld aan 8-uursgemiddelde concentraties groter dan 120 μg/m³. Door de grote ozonoverlast tijdens het groei seizoen – de maanden mei tot en met juli – staat 2006 zelfs afgetekend op de eerste plaats in de rij van jaren met de grootste ozonoverlast voor de gewassen.
Voor de eerste maal moest in Vlaanderen in 2007 op basis van deze VMM-metingen ‘smogalarm’ worden
Activiteitenverslag 2007 • 15
Milieu MIRA-T 2007: milieubeleid boekt resultaten
Uit het jaarlijkse milieurapport MIRA-T 2007 van de VMM blijkt dat het milieubeleid in Vlaanderen resultaten boekt. Steeds minder verontreinigende stoffen worden in water en lucht geloosd. Toch blijft Vlaanderen met hardnekkige en vaak minder bekende milieuproblemen kampen. Zo focust MIRA-T 2007 onder meer op de toenemende bebou wing, de hinder door het wegverkeer en gevaarlijke stoffen in het binnenhuismilieu. MIRA-T is de jaarlijkse doorlichting van het leefmilieu in Vlaanderen, gebaseerd op het meest actuele cijfer materiaal. De conclusies en resultaten zorgen voor de wetenschappelijke onderbouwing van het milieubeleid. De Vlaamse Milieumaatschappij overhandigde op vrijdag 14 december het Milieurapport Vlaanderen 2007 aan Hilde Crevits, Vlaams minister van Leefmilieu. De belang rijkste vaststellingen uit het rapport op een rijtje: Daling broeikasgasemissies In 2006 doken de broeikasgasemissies in Vlaanderen voor het eerst onder het niveau van 1990. Daarmee was Vlaanderen nog 3,2% verwijderd van zijn Kyoto-doelstel ling. De dalende tendens kwam er o.m. dankzij een efficiëntere opwekking van elektriciteit, een groeiend gebruik van hernieuwbare energiebronnen, inspanningen van de chemiesector en zachtere klimatologische omstandigheden. Lucht- en zeevaart MIRA-T 2007 bracht ook nieuwe cijfers over de uitstoot van de lucht- en zeevaart, twee deelsectoren die tot voor kort vaak onderbelicht bleven. In 2005 was de zee vaart verantwoordelijk voor 6% van de totale CO2 emissies van de transportsector in Vlaanderen. Voor de luchtvaart was dat 7%. Een verdere groei van beide sectoren zal de uitstoot nog doen toenemen waardoor een Europese aanpak zich opdringt. Bodembedreigingen Op het vlak van de bodemverontreiniging wordt voor uitgang geboekt dankzij de koppeling van de sanering van verlaten en verontreinigde bedrijfsterreinen aan de ontwikkeling van nieuwe projecten. Door de toename van de bebouwing in Vlaanderen – met 50% tussen 1985 en 2005 – kan het regenwater steeds minder infiltreren
16
in de bodem wat tot wateroverlast leidt aan de opper vlakte en tot watergebrek in de diepere bodemlagen. Hinder door wegverkeer Ondanks de toegenomen verkeersintensiteit hebben de stiller geworden voertuigen ervoor gezorgd dat de geluidshinder de laatste jaren niet is toegenomen. De geurhinder door het verkeer wordt momenteel indirect beïnvloed door emissiebeperkende Europese maat regelen. Gevaarlijk binnenhuismilieu De kwaliteit van de buitenlucht is sinds 1990 aanzienlijk verbeterd. Behalve voor fijn stof voldeed Vlaanderen vorig jaar aan alle Europese normen. Het binnenhuis milieu zorgt wel voor een belangrijke blootstellings route. Uit onderzoek blijkt dat vaak hoge concentraties tolueen, stikstofdioxide en benzeen gemeten worden.
Nieuw: MIRA-T indicatorrapport Goed beleid heeft nood aan goede cijfers. MIRA beschouwt het als haar taak om actuele en betrouwbare milieu-informatie aan te bieden aan beleidsmakers, milieudeskundigen en geïnteresseerde burgers. In het nieuwe MIRA-T 2007 Indicatorrapport zijn de belangrijk ste feiten en cijfers over het milieu in Vlaanderen samen gebracht in een handig naslagwerk. De meer dan 100 indicatoren behandelen samen het volledige milieu domein. Dit indicatorrapport is een aanvulling op het MIRA-T 2007 Focusrapport. De resultaten van het MIRA-T 2007 rapport kunnen nagelezen worden op www.milieurapport.be. De MIRArapporten kunt u bestellen via info@vmm.be of via www.vmm.be.
Rapport Lichtvervuiling: Vlaanderen moet dimmen Lichthinder is een van de vormen van milieuhinder waarmee meer en meer bewoners van dicht bevolkte gebieden zoals Vlaanderen te maken krijgen. In 2004 beweerde een kwart miljoen van de Vlamingen ernstig of extreem gehinderd te zijn door te veel licht. Daarom liet de VMM in 2007 door de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) een studie uitvoeren naar lichtvervuiling. Aan de ‘Lichtstudie’ ging een intensieve nachtelijke meetcampagne vooraf in alle Vlaamse provincies. Van januari tot en met april 2007 werden zowel metingen uitgevoerd in sterk verlichte, zogenoemde brongebieden als in natuurgebieden die donkerder zijn. Er werd daarbij ook gemeten hoe ver het licht zich van een brongebied verspreidde. De resultaten van de meetcampagne werden verwerkt in een nieuwe lichtkaart voor Vlaanderen. De grootste bron van lichthinder is de wegverlich ting. Maar ook de verlichting door de industrie kan last veroorzaken. Te veel nachtelijk licht zorgt vaak voor een gevoel van onbehagen. Dimmen De Vlaamse Regering streeft ernaar om tussen 0.30 uur en 5 uur geen gebieden meer te hebben die meer licht uitstralen dan de natuurlijke hemel luminantie. Er is nog veel werk aan de winkel om die doelstelling te halen, maar er zijn enkele ‘lichtpunt jes’. Zo blijkt de Westhoek nog een vrij donker gebied te zijn. Er is ook een groeiende oplettend heid in de manier waarop omgegaan wordt met licht en verlichting. Zo doven meer en meer gemeenten een deel van de openbare verlichting tijdens de jaar lijkse Nacht van de Duisternis.
Activiteitenverslag 2007 • 17
Milieubeleid zonder grenzen
Van bij de oprichting heeft de VMM zich ingezet voor de internationalisering van het milieubeleid. Het Vlaamse milieubeleid is immers niet los te koppelen van het beleid op Europees en mondiaal vlak: milieu stopt niet aan de grenzen. Internationale uitstraling In 2007 bood de VMM ondersteuning op maat bij 227 internationale dossiers, waarbij in totaal 71 VMMmedewerkers zijn betrokken. De VMM trekt 80 dossiers op Belgisch niveau en 83 op Vlaams niveau. Eén op drie internationale leefmilieudossiers werd opgevolgd door een expert of piloot van de VMM. De VMM ontving delegaties uit Japan, Kroatië en ZuidKorea. De bezoeken kaderen in een internationale uitwisseling van milieuexpertise. Europese projecten goedgekeurd De stuurgroep van het Europees financieringsprogramma Interreg IVB NWE keurde in december 2007 3 VMMprojecten goed. Deze projecten hebben alle drie betrek king op het overstromingsbeheer. De goedkeuring betekent een belangrijke meerinkomst voor de volgen de vijf jaren. Bovendien zorgen de veelvuldige contacten met de internationale partners voor steeds nieuwe ideeën en kennis op het vlak van operationeel waterbe heer. VMM geeft Kroatië een duwtje in de rug De kaderrichtlijn Water vereist uniforme en meer samenhangende cijfergegevens. Ook internationale organisaties zoals de Verenigde Naties, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, het Europees Milieuagentschap en Eurostat willen trends blootleggen en invloed uitoefenen op het beleid. De nieuwe rapporteringsverplichtingen die daaruit voort vloeien, vormen een grote uitdaging, zeker voor kandidaat-lidstaten. Vlaanderen wil de toekomstige EUlanden helpen bij de voorbereiding op hun lidmaatschap. In dat kader werkt de VMM samen met het Kroatisch Milieuagentschap AZO. Kroatië is kandidaat om in 2009 lid te worden van de Europese Unie. VMM helpt Kroatië
18
op weg met een rapporteringsinstrument dat alle Europese vragen naar milieugegevens met betrekking tot water in kaart brengt. In 2007 werd met de steun van de Vlaamse Regering een project opgestart dat loopt tot begin 2009. Een team van de VMM trok naar Zagreb om het belang van internationale rapportering te onder strepen. De delegatie stelde een rapporterings instrument voor dat de Kroaten moet toelaten om de vragen naar milieugegevens en milieu-informatie van de internationale organisaties samen te brengen en te verwerken. Een handleiding geeft gedetailleerde uitleg over de eisen van de verschillende richtlijnen, over de betrokken organisaties, over de inhoud van de gevraag de gegevens en over de wijze van rapporteren.
VMM communiceert Milieubewustzijn bevorderen
De VMM wil de bedrijven, de burgers en de landbouwers aanzetten tot milieusparend gedrag door hen te informe ren en te sensibiliseren.
De VMM brengt jaarlijks flink wat publicaties uit. In 2007 maakte de VMM 13 rappor ten over water en lucht op, naast de milieurapporten
Infoloket: steeds meer vragen Het Infoloket is het aanspreekpunt van de VMM voor burgers, organisaties, bedrijven, onderwijs, overheden en zo meer. In 2007 werden in totaal 8638 vragen geregistreerd. Dit is een stijging van 2215 (34%) vragen t.o.v. 2006. De belangrijkste doelgroepen zijn burgers (43,5%), bedrijven (15,5%), gemeentebesturen (11%) en onderwijs (7%). De top 5 van de onderwerpen zijn: aanvragen voor brochures, vragen over afvalwater,
MIRA T Focusrapport 2007, MIRA-T Indicatorrapport en het MIRA-BE-rapport (beleidsevaluatie).
duurzaam omgaan met water en waterkwaliteit. Nieuw in 2007 is het thema ‘heffingen’ op de vijfde plaats.
Drie keer per jaar verschijnt Verrekijker, het publieks magazine van de VMM. In elke editie wordt een bepaald aspect van het leefmilieu uitgewerkt in een lijvig dossier. Verrekijker geeft heel wat praktische informatie en con crete tips. En dat helemaal gratis! Meer info: www.vmm.be/verrekijker.
Het Infoloket is elke werkdag bereikbaar via tel. 053 72 64 45 en via info@vmm.be.
VMM rapporteert
Om het milieu te sparen worden meer en meer publica ties enkel elektronisch aangeboden op de website. Een overzicht van de VMM-publicaties vindt u via www.vmm.be/publicaties. Vernieuwde website Op 15 april 2007 werd de volledig vernieuwde website gelanceerd. De look is aangepast aan de nieuwe huisstijl van de VMM. De website is toegankelijker en gebruiks vriendelijker gemaakt zodat de verschillende doel groepen makkelijker hun gading vinden.
Floepje: milieusparend computerspel ‘Zwem en vlieg mee’ is het gloednieuwe computerspel dat de VMM speciaal ontwikkelde om kinderen van 3 tot 7 jaar op een speelse manier vertrouwd te maken met milieusparend gedrag. Hoofdrolspeler is Floepje, de mascotte uit het milieueducatieve pakket van de milieu maatschappij. Kinderen kunnen het spel volledig zelf standig spelen volgens de moeilijkheidsgraad die het best bij hen past. Bij tal van dagelijkse handelingen, zoals in bad gaan of de auto wassen, krijgen ze bijhorende milieutips. Het spel kan zowel gespeeld worden op de website www.floepje.be als op cd-rom.
Nieuwe elektronische nieuwsbrief Sinds 19 oktober 2007 informeert de Vlaamse Milieumaatschappij de bedrijven, openbare besturen en onderzoekers via een elektronische nieuwsbrief. Die geeft in korte, overzichtelijke blokken de belangrijk ste informatie over de activiteiten en realisaties van de VMM weer. Inschrijven kan via www.vmm.be/ nieuwsbrief.
Activiteitenverslag 2007 • 19
Campagne tegen pesticiden : ‘Zonder is gezonder’ Op 13 september 2007 lanceerde Vlaams minister van Leefmilieu Hilde Crevits de campagne ‘Zonder is gezonder’. De campagne moet gezinnen en overheids diensten aanzetten om geen, of veel minder, bestrij dingsmiddelen te gebruiken. De campagne ontstond door een samenwerking van de VMM met het Departement LNE, OVAM, LOGO en het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid. Ze is een vervolg op de campagne ‘Zonder is gezonder’ die in 2003 startte. De website www.zonderisgezonder.be kreeg een nieuwe look. Op deze website vinden zowel gezinnen als overheidsdiensten tal van tips om ongewenste planten en ongewenste dieren of ziekten en plagen te bestrijden zonder meteen naar pesticiden te grijpen. Gemeenten en andere openbare besturen kunnen op de site een praktische probleemoplosser raadplegen met heel wat informatie en tips om het openbaar domein pesticidenvrij te beheren. Om het pesticidenvrij beheer extra in de kijker te zetten, kunnen ze infoborden bestel len bij het Infoloket. Voor de burgers werden ook twee folders met tips opgemaakt. Een ervan legt de nadruk op het vermijden van pesticiden in waterwingebieden. Een bezoek waard De VMM heeft in 2007 deelgenomen aan volgende beurzen of evenementen: Agriflanders (Gent) , Batibouw (Brussel), Vlario (Edegem), Natuur in Mij (Beernem), de Zeedag voor leerkrachten (Oostende), Open Tuindag (Merchtem), Villa Pace (Sint-Niklaas), Werktuigendagen (Oudenaarde), Milieubeurs (Menen) en Agribex (Brussel). Ten slotte nam VMM samen met andere milieu-instan ties van het beleidsdomein Leefmilieu, Natuur en Energie ook nog deel aan de Vlaanderendag op 22 april 2007.
20
Kijk achter de schermen De kracht van de VMM
De personeelsleden zijn het belangrijkste kapitaal van onze maatschappij. De VMM biedt haar medewerkers tijd en ruimte om opleidingen te volgen en om zich te ontplooien. Bovendien geven we hen de kans een gezond evenwicht te vinden tussen werk- en privéleven.
Personeel: feiten en cijfers
Leeftijdsstructuur
Met het actieplan gelijke kansen en diversiteit wil de Vlaamse overheid evolueren naar een hogere vertegen woordiging van kansengroepen in het eigen personeel. Hierdoor zal het personeelsbestand op termijn een afspiegeling vormen van de samenstelling van de bevol king. Ook de VMM onderschrijft deze doelstelling. Bij aanwerving zijn de kwaliteiten van kandidaten belangrij ker dan hun leeftijd, geslacht, etnische afkomst, handi cap of nationaliteit. Personeelsbezetting op 31/12/2007 Statutairen Contractuelen Totaal
Eenheden 786 251 1037
VTE (*) 699,90 227,29 927.19
(*) Voltijdse equivalenten
< 30 jaar 30-39 jaar 40-49 jaar > 50 jaar Totaal
Mannen Vrouwen 68 63 127 148 215 123 195 98 605 432
Totaal 131 275 338 293 1037
Mannen Vrouwen 193 133 64 57 120 116 228 126
Totaal 326 121 236 354
Opleidingsniveau Niveau A B C D
A= universitair onderwijs of hoger onderwijs lange type B= hoger onderwijs korte type C= hoger secundair onderwijs
100 van die 1037 personeelsleden zijn ter beschikking gesteld van de nv Aquafin, waar ze meewerken aan de exploitatie van de zuiveringsinfrastructuur.
D= lager secundair onderwijs of lager onderwijs
Aantal personeelsleden van allochtone origine: 9 Aantal personeelsleden met een arbeidshandicap: 8
Nieuw intranet Op 1 oktober 2007 kreeg de VMM een nieuw intranet. Lange nota’s worden verbannen; het intranet biedt vanaf nu korte en kernachtige teksten. Om het geheel nog overzichtelijker te maken werd gewerkt met supernavigatie pagina's waardoor je slechts twee muisklikken verwijderd bent van de info die je zoekt. Nieuwsberichten worden niet langer via mail verzonden maar krijgen een prominente plaats op de homepage van het intranet. Dit intranet past volledig in de visie op communicatie bij de VMM: open communicatie leidt tot gemotiveerd personeel en dat komt uiteindelijk de dienstverlening ten goede.
Activiteitenverslag 2007 • 21
Kwaliteitszorg loont: accreditatie laboratorium VMM verlengd en uitgebreid
Het VMM-laboratorium werd in september 2007 met succes onderworpen aan een audit in het kader van de accreditatie. Het lab is nu tot juni 2009 geaccrediteerd voor maar liefst 35 parameters of parametergroepen. Het laboratorium van de VMM is sinds juni 2001 geaccre diteerd voor de uitvoering van kwaliteitsvolle metingen van het oppervlakte- en afvalwater, van de waterbodem en de baggerspecie en van de omgevingslucht. Deze BELAC-accreditatie is gebaseerd op de internationale ISO 17025-norm en geeft aan dat het VMM-labo tech nisch competent is en in staat is valide resultaten af te leveren. Een accreditatie verloopt automatisch na een periode van 5 jaar. Eind september 2007 werd het VMMlaboratorium door BELAC aan een toezichtsaudit onder worpen. Tegelijk probeert het labo dan het toepassings gebied van de accreditatie met een aantal parameters uit te breiden. Zowel voor het bestaande toepassingsgebied als voor de gevraagde uitbreiding formuleerde het audit team een positief advies. Dit resultaat kon enkel behaald worden dankzij de voortdurende inzet, de professionali teit en de motivatie van alle laboratoriummedewerkers.
IT tot uw dienst Jaarlijks genereren de verschillende meetnetten lucht en water van de VMM ontelbare meetresultaten. Al die data organiseren en op een transparante en kwaliteitsvolle
22
manier tot bij de klant – zowel intern als extern – brengen is geen sinecure. De VMM bouwde in 2007 de informatica-architectuur verder uit om haar dienst verlening te optimaliseren en te automatiseren. Daarbij wordt vooral op maat van de klant gewerkt. Eens zo’n maatsysteem er is, lijkt het voor velen ‘evident’, maar er komt heel wat bij kijken: nagaan wat de klant precies wil, processen in kaart brengen, zoeken naar het beste systeem, bepalen welk project prioriteit krijgt… In 2007 stonden onder meer volgende projecten op stapel: ontwikkelen van een maatsoftware voor de emissie-inven taris en het immissiemeetnet lucht, de uitbreiding van de datawarehouse, de ontwikkeling van een communicatie module voor de gegevensuitwisseling tussen het Centraal Bedrijven Bestand en de VMM-bedrijvenkoepel, … IT zorgt er voor dat de interne klanten efficiënt kunnen werken en met elkaar kunnen communiceren: geen sinecure met 1000 personeelsleden verspreid over heel Vlaanderen. De helpdesk van de VMM werd met succes gereorganiseerd om de dienstverlening te verbeteren.
Interne milieuzorg bij de VMM Goede voorbeeld De VMM vraagt grote inspanningen van bedrijven en burgers voor een beter milieu. Het is dan ook niet meer dan logisch dat de milieumaatschappij zelf het ‘goede voorbeeld’ geeft. In haar beleidsovereenkomst met de Vlaamse overheid engageert de VMM zich alvast voor de concrete uitvoering van volgende duurzame en ethische projecten: • in de mate van het mogelijke de aankoop van dien sten en producten die voldoen aan de criteria van ethisch en duurzaam ondernemen; • duurzame investeringen in huisvesting en rollend materieel; • de opmaak van een intern milieuzorgplan waarin ethische en duurzame milieuzorgcriteria zijn opge nomen.
Werkgroep Intern Leefmilieu Een werkgroep Intern Leefmilieu voert bij de VMM actie op verschillende terreinen: afval beheer, energie- en waterverbruik, mobiliteit, duurzaam aankoopbeleid... Bij de VMM-medewerkers wordt milieusparend gedrag aangemoedigd. Zo wordt gestreefd naar minder papierverbruik, worden toestellen 's avonds uitgeschakeld en wordt deelgenomen aan acties zoals 'Ik Kyoto'. VMM krijgt Green Light label Op 22 mei 2007 ontving de VMM het GreenLight Partnership: een erkenning voor de inspanningen die de milieumaatschappij levert voor de installatie van een personeelsvriendelijke en energie zuinige verlichting. De VMM vervangt bij renovatie de verouderde verlichting systema tisch door milieusparende verlichting. Het Europese GreenLight Programma, een initiatief van de Europese Commissie, is een vrijwillig programma waarbij bedrijven en overheden zich verbinden tot de verbetering van de bestaande verlichting en de toepassing of de ingebruik neming van nieuwe installaties met energiezuinige verlich ting.
Activiteitenverslag 2007 • 23
Financiële overzichten Rekeningen 2007 Bij Decreet van 07/05/2004 (BS 11/06/2004) – in werking getreden door een besluit van de Vlaamse Regering van 31/03/2006 – ontstond op 01/04/2006 de nieuwe rechtspersoon IVA VMM, rechtsopvolger van de VOI VMM en van de vroegere afdeling Water van het depar tement Leefmilieu en Infrastructuur van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Het IVA VMM is onderworpen aan de regels opgelegd door de wet van 16/03/1954, betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut. Dit verplicht het agentschap jaarlijks volgende rekeningen voor te leggen: Uitvoeringsrekening van de begroting: de indeling van de begroting is conform de normen van het Europees Systeem van Rekeningen 1995 (ESR 95) van de uitgaven en de ontvangsten van de overheid. Het verschil tussen de aangerekende ontvangsten en uitgaven – inclusief alle vaststaande rechten en verplich tingen – vormt het begrotingsresultaat van het jaar.
24
Balans en resultatenrekening met toelichting: de boekhouding wordt gevoerd conform de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21/05/1997 betreffende een geïntegreerde economische boekhou ding en budgettaire rapportering voor de Vlaamse Openbare Instellingen. De benaming en de interpretatie van de rekeningen zoals vastgesteld door dit besluit wijkt op een aantal punten af van het genormaliseerd rekeningstelsel (MAR). Balans en resultatenrekening zijn integraal opgenomen, de uitvoeringsrekening van de begroting op 31/12/2007 is beknopt weergegeven.
UITVOERINGSREKENING BEGROTING
De Vlaamse Milieumaatschappij verwerft haar middelen grotendeels via de dotaties voorzien op de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap (programma’s 61.1, 61.5, 12.1, 24.4 en 42.2) en via de dotaties op de Minafondsbegroting. Door de overheveling van de afdeling Water naar de VMM op 01/04/2006 zijn er een aantal dotaties voor operationeel beheer van watersystemen bijgekomen. Het bedrag van de bestaande algemene werkings- en investeringsdotaties is eveneens beduidend toe genomen. In 2007 werden de saldi uit het Fonds voor het Grondwaterbeheer en het Fonds voor de Waterhuis houding van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie overgedragen naar het IVA VMM. De totale ontvangsten aangerekend op de begroting van de VMM voor het begrotingsjaar 2007 bedragen 106,840 miljoen euro. De aangerekende uitgaven belopen 89,424 miljoen euro. Dit resulteert in een positief begrotings saldo van 17,416 miljoen euro op 31/12/2007. Het positief begrotingssaldo op 31/12/2007 is hoofd zakelijk samengesteld als volgt:
1) een positief saldo op de werkingsmiddelen van 6,759 miljoen euro. Dit saldo is volledig gerealiseerd op de basisallocatie 41.46 van programma 61.1. Dit komt omdat deze dotatie volledig uitbetaald wordt on geacht de uitvoeringsgraad. Dit gebeurt in periodie ke schijven op basis van het dotatiebesluit. Alle andere werkingsdotaties worden door de VMM geprefinancierd en teruggevorderd aan de hand van bewezen uitgaven. 2) een tekort van 1,223 miljoen euro op de investerings dotatie voor operationeel waterbeheer (programma 61.1, basisallocatie 61.47) en 1,096 miljoen euro op de aankopen van duurzame roerende en onroerende goederen (programma 61.1, basisallocatie 61.44). Investeringen worden eveneens geprefinancierd, maar het BVR van 21/05/1997 laat niet toe de terug gevorderde investeringssubsidies of -toelagen te boeken zolang ze niet werkelijk op de rekening zijn ontvangen. Door vertraging in de terugbetaling worden negatieve (of positieve) saldi mogelijk. 3) het overgedragen, niet aangewend gecumuleerd begrotingssaldo 2006 ten bedrage van 12,914 miljoen euro.
Activiteitenverslag 2007 • 25
Onderstaande tabel geeft schematisch de soorten uitgaven met de eraan gekoppelde ontvangsten weer. EUR ONTVANGSTEN Werkingsdotatie (BA 41.46) Eigen ontvangsten EU-instellingen & Administratie
31/12/2007 74.766.000
EUR UITGAVEN Werkingskosten
31/12/2007 77.956.845
1.092.126 169.772
Buitenlands Beleid Dotatie Administratie Gezondheidszorg
412.585
(PR 42.2 BA 41.01) Dotatie provisie CFO-vergoeding
108.929
(PR 24.4 BA 41.02) Werkingsdotatie operationeel beheer
8.166.022
watersystemen (PR 61.1 BA 41.49) Dotatie Minafonds artikel 361B4150
378.074
Sociale vrijstellingen en moratoriumintresten
378.074
i.v.m. milieuheffingen afvalwater- en grondwater Investeringssubsidies (BA 61.42)
2.120.215
Investeringen meetnetten (BA 61.42)
1.724.934
Investeringsdotatie (BA 61.44)
1.302.470
Duurzame roerende goederen
1.487.460
Oprichting en renovatie gebouwen
1.190.845
Investeringen operationeel
2.631.717
roerende goederen Eigen ontvangsten Investeringsdotatie (BA 61.44)
43.243 236.888
onroerende goederen Eigen ontvangsten Investeringsdotatie operationeel
1.408.420
beheer watersystemen
beheer watersystemen (PR 61.1 BA 61.47) Dotatie voor subsidies aan
34.247
34.247
ter verbetering onbevaarbare waterlopen
polders en wateringen (PR 61.1 BA 61.46) Terugstorting lasten leningen
Subsidies aan polders en wateringen
530.604
Lasten leningen
798.334
Spijziging van het Fonds
530.604
door de hogere overheid Ontvangsten toegewezen aan het
voor de Waterhuishouding
Fonds voor de Waterhuishouding (FWHH) Overdracht van departement LNE
2.898.705
1.767.918
saldo FWHH Overdracht van departement LNE
590.319
Spijziging van het Grondwaterfonds
590.319
Over te dragen begrotingssaldo 2007
17.416.514
saldo Grondwaterfonds Overgedragen begrotingssaldo 2006
12.914.098
106.840.264
26
106.840.264
Balans ACTIVA VASTE ACTIVA II. IMMATERIELE VASTE ACTIVA Software III. MATERIELE VASTE ACTIVA Terreinen en gebouwen Werken van burgerlijke bouwkunde Installaties, machines en uitrusting Meubilair en materieel Rollend materieel Varend materieel Informatica en telematica Kantoormeubilair Andere materiële vaste activa Terreinen exploitatie Installaties waterzuivering Vaste activa in aanbouw Gebouwen IV. FINANCIELE VASTE ACTIVA Aandelen Borgtochten in contanten VLOTTENDE ACTIVA V. VORDERINGEN OP MEER DAN EEN JAAR Overige vorderingen i.v.m. leningen VI. VOORRADEN Hulpstoffen VII. VORDERINGEN OP TEN HOOGSTE EEN JAAR Handelsvorderingen Overige vorderingen Te ontvangen werkingsdotaties Te ontvangen kapitaalsubsidies Te ontvangen rentedotaties Diverse vorderingen VIII. GELDBELEGGINGEN IX. LIQUIDE MIDDELEN Banken Kassen Rekeningen CFO X. OVERLOPENDE REKENINGEN Over te dragen kosten Wachtrekening TOTAAL DER ACTIVA
PASSIVA I. III V. VI. VII. VIII.
IX.
X.
EIGEN VERMOGEN KAPITAAL HERWAARDERINGSMEERWAARDEN OVERGEDRAGEN NETTO RESULTAAT DOTATIES, SUBSIDIES, TOELAGEN EN SOORTGELIJKE VREEMD VERMOGEN VOORZIENINGEN VOOR RISICO’S EN KOSTEN Overige risico’s en kosten SCHULDEN OP MEER DAN EEN JAAR Kredietinstellingen Overige - ontvangen borgen SCHULDEN OP TEN HOOGSTE EEN JAAR Tijdens boekjaar vervallende schulden > 1 jaar Financiële schulden kredietinstellingen (CFO) Handelsschulden - gewone crediteuren Schulden belastingen en bezoldigingen Overige schulden OVERLOPENDE REKENINGEN Toe te rekenen kosten Over te dragen opbrengsten Wachtrekening Niet bestemd begrotingssaldo TOTAAL DER PASSIVA
CODES
21 214 22/27 220-223 224-229 23 24 240 241 243 244 26 260 261 27 270 28 284 288 29 291 3 31 40/41 40 41 4130 4133 4136 416 50/54 55/59 55 57 59 490/491/495 490 499
EUR
EUR
31/12/2007
31/12/2006
399.430.157 1.721.540 1.721.540 397.645.230 117.823.040 59.394.989 16.782.029 2.990.440 1.499.959 1.838 1.257.430 231.213 199.092.555 15.934.631 183.157.924 1.562.177 1.562.177 63.387 4.670 58.717 31.066.509 588.378 588.378 35.308 35.308 28.835.175 331.731 28.503.444 28.021.585 315.791 0 166.068 0 1.372.378 390 157 1.371.831 235.270 235.270 0 430.496.666
426.850.770 2.396.243 2.396.243 424.391.140 115.434.280 62.221.902 17.570.729 2.801.278 1.423.152 2.529 1.266.532 109.065 225.991.619 15.934.631 210.056.988 371.332 371.332 63.387 4.670 58.717 32.870.470 8.552.087 8.552.087 35.447 35.477 22.657.138 457.954 22.199.184 19.624.494 2.290.333 0 284.357 0 1.226.268 389 407 1.225.472 340.580 340.580 58.950 459.721.240
411.605.728 495.787 901.727 -76.392.717 486.600.931 18.890.938 4.005.884 4.005.884 589.221 588.378 843 14.275.187 481.859 0 7.904.817 5.888.511 0 20.646 17.928 2.646 72 0
428.647.539 495.787 901.727 -86.126.949 513.376.974 31.073.701 0 0 8.552.930 8.552.087 843 12.461.930 2.290.333 0 6.969.642 3.201.955 0 10.058.841 3.622.571 2.461 7.807 6.426.002
430.496.666
459.721.240
CODES 10 12 14 15 16 163 17 173 178 42/48 420/429 430/433 44 45 47/48 492-493-496 492 493 499
27
Resultatenrekening
OPERATIONELE OPBRENGSTEN Lopende opbrengsten Inkomens- en kapitaaloverdrachten Andere operationele opbrengsten OPERATIONELE KOSTEN Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen Diensten en diverse goederen Personeelskosten Afschr. en waardevermin. op immat. - en materiële vaste activa Waardeverminderingen op voorraden Voorzieningen Inkomensoverdrachten Andere operationele kosten OPERATIONEEL RESULTAAT FINANCIËLE OPBRENGSTEN Opbrengsten uit vlottende activa Gerealiseerde wisselopbrengsten Andere financiële opbrengsten FINANCIËLE KOSTEN Kosten van schulden Gerealiseerde wisselverliezen Bankkosten Verwijlintresten FINANCIEEL RESULTAAT UITZONDERLIJKE OPBRENGSTEN Meerwaarden op de realisatie van vaste activa Andere uitzonderlijke opbrengsten UITZONDERLIJKE KOSTEN Uitzonderlijke afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa Minderwaarden op realisatie van vaste activa Andere uitzonderlijke kosten UITZONDERLIJK RESULTAAT NETTO RESULTAAT VAN HET JAAR
Hierna volgt een korte bespreking van de voornaamste evoluties in 2007 ten opzichte van 2006 zoals die in de balans- en resultatenrekening tot uiting komen. 2006 was een gebroken boekjaar door de oprichting van het IVA VMM op 1/4/2006. Dit heeft gevolgen voor de vergelijkbaarheid van het huidige met het vorige boekjaar. In het bijzonder bij het bekijken van de resul tatenrekening moet men er rekening mee houden dat het resultaat op 31/12/2006 niet het resultaat is van het volledige kalenderjaar 2006, maar enkel dat van de laatste 9 maanden van 2006.
28
EUR
EUR
CODES
31/12/2007
31/12/2006
70/74 70 73 74 60/64 60 61 62 630 631/632 633/637 640 641/649
129.711.704 454.082 127.239.836 2.017.786 119.950.125 6.147.171 20.747.840 49.086.250 37.544.427 0 4.005.884 2.182.705 235.848 9.761.579 511 469 42 0 42.111 40.393 106 3 1.609 -41.600 43.303 43.303 0 29.050
84.357.608 40.033 82.684.577 1.632.998 82.405.092 3.611.726 13.492.296 35.066.701 29.017.931 0 0 576.764 639.674 1.952.516 17 1 16 0 74.203 72.207 121 232 1.643 -74.186 649.471 649.471 0 35.448
29.036 0 14 14.253 9.734.232
35.324 0 124 614.023 2.492.353
75 751 754 756/759 65 650 654 657 658 76 763 764/769 66 660 663 664/669
ACTIVA
Materiële vaste activa De daling van de vaste activa met 27,421 miljoen euro is volledig te wijten aan de daling van de rubriek van de ‘Materiële vaste activa’, voornamelijk van de subrubriek ‘Andere materiele vaste activa’. Daaronder vinden we de waterzuiveringinfrastructuur terug. Doordat de VMM sedert 1991 geen nieuwe waterzui veringinfrastructuur meer bouwt, zijn de enige bewegin gen in de balans de waardedepreciatie door de jaarlijkse afschrijvingen, de buitengebruikstellingen en verkopen.
De daling op deze subrubriek bedraagt 26,899 miljoen euro.
V. Vorderingen op meer dan één jaar Deze rubriek omvat de van de overheid op termijn te ontvangen toelagen ter dekking van de openstaande schulden op meer dan 1 jaar (cf. rubrieken VIII en IX van het passief). De vorderingen die binnen het jaar – dus in 2008 – ontvangen zullen worden, worden overgeboekt naar vorderingen op ten hoogste één jaar. Door deze boeking verminderden de vorderingen op meer dan één jaar met 0,316 miljoen euro. Dit verklaart slechts een marginaal deel van de daling van 7,964 miljoen euro op deze rubriek in 2007. Het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (departe ment Financiën en Begroting) loste eind 2007 de 25 resterende uitstaande gemeenteleningen bij Dexia die op de balans van de VMM staan, vervroegd af, net als de (enige) eigen lening van VMM bij Fortis. Het bedrag van de vervroegde aflossingen bedroeg respectievelijk 0,250 miljoen euro voor de 25 Dexia-leningen en 7,398 miljoen euro voor de ene Fortis-lening. Vooral door deze opera tie dalen de rubriek ‘Overige vorderingen op meer dan een jaar’ op het actief en de rubriek ‘Financiële schulden bij kredietinstellingen’ op het passief beide aanzienlijk en in dezelfde mate in 2007.
nog niet ontvangen dotaties 2007 (8,397 miljoen euro), in het bijzonder van basisallocatie 41.49. Die bedroeg 8,166 miljoen euro op 31/12/2007, terwijl de te ontvangen dotatie 2006 op 31/12/2006 1,125 miljoen euro bedroeg. De stijging van het bedrag aan te ontvangen dotatie volgt hier de stijging van de door VMM geprefinancierde uitgaven voor de werking van het Operationeel Waterbeheer. Deze ordonnanceringen kwamen pas in 2007 op kruissnelheid na de integratie van de afdeling Operationeel Waterbeheer met de VOI VMM op 1/4/2006. De vordering in verband met leningen die binnen het jaar 2008 vervallen (zie vorderingen op meer dan één jaar) bedraagt na de aflossingsoperatie van december 2007 nog slechts 0,316 miljoen euro
VIII. Geldbeleggingen Conform het besluit van de Vlaamse Regering van 3 februari 2006 wordt het thesauriebeheer van de IVA's met rechtspersoonlijkheid en de EVA’s beheerd door het Centraal Financieringsorgaan van de afdeling Financieel Management van het Vlaamse ministerie van Financiën en Begroting. De VMM heeft dus geen eigen geldbeleg gingen, maar ontvangt of betaalt een marktconforme vergoeding op een theoretische kaspositie.
IX. Liquide middelen
De leningen die op 31/12/2007 nog op de balans van de VMM staan, zijn die waarvan de aflossing en intrestlasten betoelaagd worden door de federale overheid, de zo genaamde ‘Gewestleningen’.
Op 31/12/2007 hebben de financiële rekeningen beheerd door het Centraal Financieringsorgaan van de afdeling Financieel Management een globaal positief saldo van 1,372 miljoen euro. Dit is vergelijkbaar met de kaspositie op 31/12/2006.
VI. Voorraden
X. Overlopende rekeningen van het actief
Dit betreft het magazijn van de onderhoudsdienst in Oostende waar een beperkte stock van het meest courante materiaal voor het onderhoud van de wagens en de monsternemingstoestellen aanwezig is.
VII. Vorderingen op ten hoogste één jaar
Het betreft hier voornamelijk facturen met factuurda tum in 2007 waarvan de prestatie slaat op 2008, bijvoor beeld huur- en onderhoudscontracten. Begrotings technisch worden deze uitgaven aangerekend in het jaar 2007, boekhoudkundig in het jaar 2008.
De vorderingen op ten hoogste één jaar namen toe met 6,178 miljoen euro ten opzichte van 2006. Dit is voor namelijk te wijten aan een stijging van de toegekende,
Activiteitenverslag 2007 • 29
PASSIVA V. Overgedragen resultaat
VI. Toelagen
Het overgedragen verlies is ten opzichte van 2006
Conform het Besluit van de Vlaamse Regering van 21 mei
gedaald van 86,127 naar 76,393 miljoen euro. Dit is te
1997 worden de toelagen in gelijke mate afgeschreven als
danken aan het positief resultaat van het boekjaar 2007
de aankoopprijs van de activa die ermee gefinancierd
(9,734 miljoen euro op 31/12/2007). Dit wordt verder
worden.
besproken in de resultatenrekening.
De afname van de investeringstoelagen in de balans met 26,776 miljoen euro is als volgt samengesteld:
Afgeschreven toelagen in 2007
- 37,510 miljoen EUR
Ontvangen toelagen in 2007 BA 61.42 meetnetten
+ 2,120 miljoen EUR
Ontvangen toelagen in 2007 BA 61.44 roerende en onroerende goederen
+ 1,539 miljoen EUR
Ontvangen toelagen in 2007 BA 61.47 operationeelbeheer watersystemen
+ 1,408 miljoen EUR
Ontvangen toelagen in 2007 opleveringen operationeelbeheer (*)
+ 3,133 miljoen EUR
Ontvangen toelagen in 2007 aanrekening saldi 2005 investeringsdotaties (**) Correctie overdracht AWA 2006 roerende goederen
+ 2,549 miljoen EUR -0,015 miljoen EUR -26,776 miljoen EUR
(*) Investeringen die op de begroting van het departement LNE werden vastgelegd (vóór 1/4/2006) werden in 2007 nog op deze vastlegging geordonnanceerd. De installaties komen zo, na oplevering en ingebruikname, zonder financiële tegenprestatie op de balans van de VMM. Deze financieringsbron wordt als toelage beschouwd. (**) Naar aanleiding van de opmerkingen van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening op de rekeningen VMM 2005 (brief d.d. 11/10/2006) werd het begrotingsresultaat op 31/12/2006 per dotatie niet meer weggeboekt van de opbrengstenrekening (73) of toelagenrekening (15), maar in resultaat of op balans gehouden. Deze boekingswijze is ook aangewend voor de verwerking van het begrotingssaldo 2007 op 31/12/2007. Het saldo 2005 (6,426 miljoen euro) stond echter nog per saldo op de balans op 31/12/2006 in de overlopende rekeningen. De samenstelling van dit gecumuleerde saldo bestaat voor een deel uit saldo 2004, en dit op zijn beurt voor een deel uit saldo 2003 enz. Bij de afsluiting van de rekeningen 2007 is het gecumuleerd resultaat t.e.m. 2005 weggeboekt van de overlopende rekeningen van het passief en toegewezen aan de betreffende resultatenrekeningen (voor saldi op werkingsdotaties) en balansrekeningen (2,549 miljoen euro gecumuleerd saldo op de verschillende investeringsdotaties).
30
VII. Voorzieningen voor risico’s en kosten Naar aanleiding van de consolidatie van de ESRbegrotingsrapporteringen en de proefbalansen van de IVA’s en de EVA’s met het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, zal door Financiën en Begroting vanaf 2008 een uniforme boekingswijze voor het verwerken van de inkomsten en aanwending van fondsen opgelegd worden. Informeel werd ons medegedeeld dat dit verplicht via de post ‘Voorzieningen voor risico's en kosten’ in balans en resultatenrekening verwerkt zou moeten worden. Eind 2007 werden de saldi van het Fonds voor de Waterhuishouding en van het Grondwaterfonds vanop de departementale begroting geordonnanceerd naar de gelijknamige fondsen die opgericht zijn bij het IVA VMM. Daarom werden zowel de eigen ontvangsten 2006 en 2007 als de overdrachten van het departement LNE op de rubriek ‘Voorzieningen voor overige risico’s en kosten’ op de balans geboekt en dit voor een totaalbedrag van 4,006 miljoen euro.
VIII. Schulden op meer dan één jaar Deze rubriek daalt aanzienlijk door de jaarlijkse over boeking op afsluitdatum naar schulden op ten hoogste één jaar (0,316 miljoen euro), maar vooral door de vervroegde terugbetaling van de gemeenteleningen en de eigen lening in december 2007. Meer informatie over deze operatie vindt u onder rubriek ‘V. Vorderingen op meer dan één jaar’ van het actief.
IX. Schulden op ten hoogste één jaar De gewone handelsschulden namen in 2007 toe met 0,935 miljoen euro. Deze stijging is aannemelijk in verhouding tot de stijging van de budgetten en de inkomende facturen door de integratie van de afdeling Operationeel Waterbeheer.
van december 2007 niet meer via de ‘Overlopende rekeningen van het passief’ geboekt zoals voorgaande jaren, maar via de rubriek ‘Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen en sociale lasten’.
X. Overlopende rekeningen van het passief De toe te rekenen kosten op het einde van het boekjaar 2006 (ten bedrage van 3,623 miljoen EUR) waren voor namelijk samengesteld uit personeelskosten van de maand december 2006 (boekhoudkundig aan te rekenen in 2006 maar pas betaald op de eerste werkdag van 2007) voor 2,580 miljoen EUR, en vervallen leningslasten (met betrekking tot 2006, maar afgelost in 2007) voor 0,256 miljoen EUR. De personeelskosten van december 2007 zijn aange rekend op de rubriek ‘Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen en sociale lasten’ in plaats van de ‘Overlopende rekeningen van het passief’ (zie ook rubriek IX. Schulden op ten hoogste één jaar). De vervallen intrest- en kapitaalbedragen van de lenin gen op 31/12/2007 werden voor het eerst niet langer via de overlopende rekening van het passief verwerkt, maar via de rubriek ‘Schulden op meer dan een jaar die binnen het jaar vervallen’. Dit eveneens naar aanleiding van de opmerkingen van het IVA Centrale Accounting op de rekeningen VMM 2006. Bij de afsluiting van de rekeningen 2007 is het gecumu leerd resultaat t.e.m. 2005 (6,426 miljoen euro) geboekt van de overlopende rekeningen van het passief naar de betreffende resultatenrekeningen (voor saldi op wer kingsdotaties) en balansrekeningen (voor saldi op inves teringsdotaties – zie ook rubriek ‘VI. Toelagen’ van het passief).
De schulden wegens bezoldigingen stegen met 2,687 miljoen euro. De verklaring hiervoor is louter technisch. Naar aanleiding van de opmerkingen van het Agentschap Centrale Accounting op de rekeningen VMM 2006, werd de correcte toerekening aan de periode van de weddes
Activiteitenverslag 2007 • 31
RESULTATENREKENING
Uitzonderlijk resultaat
Operationeel resultaat
Het uitzonderlijk resultaat bedraagt 0,014 miljoen euro.
De operationele opbrengsten (70/74) zijn grotendeels samengesteld uit de werkingsdotatie vanuit BA 41.46 (74,766 miljoen EUR) en de in resultaatname van ont vangen investeringstoelagen (37,510 miljoen EUR) die wij in gelijke mate afschrijven als de activa die ermee ge financierd worden.
Enerzijds werd op de verkoop van afgeschreven wagens een meerwaarde van 0,043 miljoen euro gerealiseerd.
Doordat het positief begrotingssaldo vanaf 2006 niet meer van het operationeel resultaat of de toelagen wordt overgeboekt naar de rubriek overlopende rekeningen van het passief, heeft de VMM – net zoals in 2006 – op 31/12/2007 een positief operationeel resultaat. De andere operationele opbrengsten betreffen in hoofdzaak de tussenkomst van derden in personeels kosten (gedetacheerden, eerste werkervaring…), inkom sten van Europese projecten en recuperatie van kosten van heffingsplichtigen.
Financieel resultaat Bij de financiële kosten daalden de intresten op gewaar borgde gewestleningen tot 0,040 miljoen euro, dit inge volge de verdere aflossing. De vergoeding die de VMM ontvangt voor de betaling van deze intresten, moet vol gens het ons opgelegde boekhoudplan geboekt worden onder de rubiek 73 – inkomensoverdrachten – van het operationeel resultaat. Aangezien de VMM zelf geen geldbeleggingen aanhoudt en de intresten van het Centraal Financieringsorgaan van de afdeling Financieel Management op advies van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening eveneens als dotatieontvangst geboekt moeten worden, is het financieel resultaat van de VMM per definitie negatief.
32
Anderzijds bedroegen de uitzonderlijke afschrijvingen 0,029 miljoen euro door de buitengebruikstelling van nog niet afgeschreven meet- en labo apparatuur, informaticamaterieel en één wagen
Activiteitenverslag 2007 • 33
Meer weten? Mocht u nog vragen hebben, aarzel dan niet de
VMM te contacteren. Meer informatie vindt u op
onze website, www.vmm.be
Specifieke vragen kunt u stellen aan het Infoloket,
info@vmm.be, tel. 053 72 64 45.
Maatschappelijke zetel: A. Van de Maelestraat 96 - 9320 Erembodegem - www.vmm.be