Skip to main content

dossier 2021-123.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/123

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2021/123

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 22 februari 2021 diende xxx (hierna vermeld als: verzoeker) een openbaarheidsverzoek in bij de stad Leuven, waarbij werd verzocht om een afschrift te verlenen van de volgende documenten in het kader van een bezonningsstudie van het zogenaamde Wisselspoorproject d.d. 28 januari 2021: de factuur van de overheidsopdracht; de opdracht die werd gegeven aan het studiebureau Daidalos Peutz (bouwfysisch ingenieursbureau) vanuit het Autonoom Gemeentebedrijf AGSL. Op 15 maart 2021 werd het openbaarheidsverzoek gedeeltelijk ingewilligd door de stad Leuven. Op 15 maart 2021 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen de voormelde gedeeltelijke weigeringsbeslissing vanwege de stad Leuven. Het beroep werd geregistreerd bij de beroepsinstantie op 16 maart 2021. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek tot openbaarmaking dateert van 22 februari 2021.

www.vlaanderen.be


De gedeeltelijke weigeringsbeslissing van de stad Leuven dateert van 15 maart 2021. Deze beslissing maakt melding van de beroepsmogelijkheid en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Het beroepschrift van verzoeker d.d. 15 maart 2021 is ingesteld binnen de decretaal voorgeschreven termijn van 30 dagen. Het beroep is tijdig ingediend en wordt dan ook als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

De gedeeltelijke weigeringsbeslissing

De stad Leuven heeft op 15 maart 2021 het openbaarheidsverzoek gedeeltelijk ingewilligd. Er werd een afschrift bezorgd van de factuur van de overheidsopdracht, waarbij de eenheidsprijzen onleesbaar werden gemaakt. Voorts werd een afschrift toegestuurd van de eigenlijke schaduwstudie zelf, waarbij volgens het stadbestuur de omschrijving van de opdracht en de te hanteren methodiek werd toegelicht.

2. Inhoud van het beroepschrift Verzoeker stelt in zijn beroepschrift aan de beroepsinstantie dat hij genoegen neemt met de toegestuurde factuur vanuit de stad Leuven, maar dat hij wel degelijk graag een afschrift wenst te ontvangen van de eigenlijke opdrachtgeving voor de opmaak van de bezonningsstudie. Hij neemt geen genoegen met wat daarover wordt vermeld in de studie zelf.

3. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie heeft contact opgenomen met de stad Leuven om wat duiding te geven bij de desbetreffende overheidsopdracht en heeft de gevraagde toelichting gekregen. Tevens werden daarbij alle documenten bezorgd aan de beroepsinstantie die verband houden me de bezonningsstudie van het zogenaamde Wisselspoorproject Uit de ingewonnen informatie is gebleken dat de opdracht voor de schaduwstudie werd gegund via aanvaarde factuur. Er werd bijgevolg enkel een bestelbon opgemaakt op 21 december 2020 in verband met de opdracht voor deze studie. De opdracht voor de opmaak van de schaduwstudie werd gegeven door AGSL (autonoom gemeentebedrijf). De communicatie tussen AGSL en Daidalos Peutz gebeurde telefonisch. AGSL beschikt enkel over een e-mail d.d. 17 december 2020 waarin verwezen wordt naar het telefoongesprek.. Daarnaast zijn er geen andere

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/123

pagina 2 van 4


opdrachtdocumenten terug te vinden in het dossier. De weerslag van de telefonische briefing over het doel, het opzet en de methodiek van de opdracht zijn terug te vinden in het studierapport zelf, waarvan verzoeker al eerder een afschrift ontving. De beroepsinstantie kon vaststellen dat er vanuit de stad Leuven op 25 maart 2021 een bijkomende mail werd gestuurd aan verzoeker, waarbij ook een afschrift werd gevoegd van de voormelde bestelbon d.d. 21 december 2020, mits weglating van de daarin vermelde eenheidsprijzen, in toepassing van artikel II.35, 3° van het Bestuursdecreet. De beroepsinstantie kreeg een afschrift van voormelde mail aan verzoeker. Voorts werd er ook nog een laatste mail gestuurd vanuit de stad Leuven aan verzoeker op 6 april 2021, waarbij de mail vanuit AGSL aan de firma Daidalos Peutz d.d. 17 december 2020 ook alsnog werd toegestuurd aan verzoeker. Op basis van de twee voormelde bijkomende mails van de stad Leuven aan verzoeker, kan de beroepsinstantie enkel vaststellen dat de stad Leuven alsnog gedeeltelijk aan de verzuchtingen van verzoeker is tegemoet gekomen en dat het beroep gedeeltelijk zonder voorwerp kan worden beschouwd, voor wat betreft de gedeeltelijke openbaarmaking van enerzijds de bestelbon d.d. 21 december 2020 voor de opmaak van de schaduwstudie en anderzijds de mail d.d. 17 december 2020 vanuit AGSL aan de betrokken firma (bevestiging telefonisch onderhoud). Wat betreft het weglaten van de eenheidsprijzen uit de bestelbon, verwijst de beroepsinstantie naar de toepassing van artikel II.35, 3° van het Bestuursdecreet, waarin is bepaald dat een bestuursinstantie een verzoek om openbaarheid dient af te wijzen als ze van oordeel is dat het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen de bescherming van het vertrouwelijk karakter van commerciële en industriële informatie, wanneer deze informatie beschermd wordt om een gelegitimeerd economisch belang te vrijwaren. De beroepsinstantie is de mening toegedaan dat door de openbaarmaking van de eenheidsprijzen uit de bestelbon aan de betrokken firma Daidalos Peutz (Bouwfysisch Ingenieursbureau), significante schade zou toegebracht worden aan een gelegitimeerd economisch belang in hoofde van de betrokken firma die de studie heeft uitgevoerd. Eenheidsprijzen moeten immers beschouwd worden als gevoelige commerciële informatie in hoofde van de betrokken leverancier. Bij overheidsopdrachten is het inderdaad zo dat de eenheidsprijzen uit een ingediende offerte of een bestelbrief als vertrouwelijke commerciële informatie van die firma moeten beschouwd worden en dat het openbaar maken hiervan de economische belangen van de indiener zou schaden, doordat concurrenten hiervan kennis zouden kunnen nemen. Deze concurrenten zouden deze informatie dan immers kunnen gebruiken bij het bepalen van hun commerciële strategie, bijvoorbeeld bij nieuwe toekomstige overheidsopdrachten of plaatsen van bestellingen, wat ontegensprekelijk in het nadeel van de huidige leverancier zou zijn. Het belang van de openbaarheid van de voormelde eenheidsprijzen weegt in casu dan ook niet op tegen de bescherming van het belang dat gepaard gaat met het hiervoor geciteerde vertrouwelijk karakter van de commerciële informatie (eenheidsprijzen) van de huidige leverancier zoals die voorkomt in de bestelbon aan de betrokken firma. De beroepsinstantie is daarom van oordeel dat de eenheidsprijzen uit de desbetreffende bestelbon aan de voormelde firma voor de schaduwstudie van het zogenaamde Wisselspoorproject aan de openbaarmaking dienen te worden onttrokken, verwijzende naar de toepassing van artikel II.35, 3° van het bestuursdecreet. Conform art. II.50, §1, derde lid Bestuursdecreet, heeft de beroepsinstantie contact opgenomen met de betrokkene firma, om na te gaan of ze akkoord gaat om de aanvrager alsnog de toestemming te geven om

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/123

pagina 3 van 4


toegang te krijgen tot de eenheidsprijzen die vermeld staan in de bestelbon. De betrokken firma heeft daar tot op heden nog niet op gereageerd. Het ingestelde beroep wordt daarom, wat dit onderdeel betreft (de eenheidsprijzen uit de bestelbon voor de opmaak van de schaduwstudie), dan ook als ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 15 maart 2021 tegen de gedeeltelijke weigeringsbeslissing vanwege de stad Leuven wordt als ontvankelijk en deels als zonder voorwerp en deels als ongegrond beschouwd. Brussel, 13 april 2021 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/123

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2021-123.pdf by Vlaanderen-be - Issuu