Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/046
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2021/046
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 27 november 2020 diende xxx (hierna: verzoeker) een verzoek in bij de stad Landen om een afschrift te verkrijgen van een aantal documenten die verband houden met de omgevingsvergunningsaanvraag OMV xxx die werd verleend door de stad Landen. Op 22 december 2020 volgde een gedeeltelijke weigeringsbeslissing van de stad Landen. Op 20 januari 2021 stelde verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie openbaarheid van bestuur tegen vermelde gedeeltelijke weigeringsbeslissing. Op 21 januari 2021 werd dit beroep geregistreerd door de beroepsinstantie. Op 18 februari 2021 werd, in toepassing van artikel II.50, §1, tweede lid van het Bestuursdecreet, de beslissingstermijn door de beroepsinstantie verlengd van dertig kalenderdagen tot een termijn van vijfenveertig kalenderdagen. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 27 november 2020. De gedeeltelijke weigeringsbeslissing van de stad Landen dateert van 22 december 2020. Deze beslissing maakt melding van de beroepsmogelijkheden en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (verder ‘Bestuursdecreet’).
www.vlaanderen.be
Op 20 januari 2021 diende de heer Peeters beroep in tegen vermelde gedeeltelijke weigeringsbeslissing. Het ingediende beroep is bijgevolg tijdig ingediend en is ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Aangevochten beslissing
Het beroepschrift van verzoeker van 20 januari 2021 is gericht tegen de gedeeltelijke weigeringsbeslissing van 22 december 2020 van de stad Landen, in antwoord op het oorspronkelijke verzoek d.d. 27 november 2020 van verzoeker. In dat oorspronkelijke verzoek werd een afschrift gevraagd van een aantal documenten die verband houden met de omgevingsvergunningsaanvraag OMV xxx die werd verleend door de stad Landen. Het beroep heeft specifiek betrekking op de volgende stukken: 1- Het goedgekeurde ontwerp van gemeentelijke verordening kernwinkelgebied 2- De door aanvrager gedateerde en ingediende m.e.r.-screeningsnota 3- Het gedateerde en ondertekende advies van de dienst Planning en Werken van de stad Landen aan het college van burgemeester en schepenen. In de gedeeltelijke weigeringsbeslissing van 22 december 2020 stelde de stad Landen dat een afschrift van de goedkeuring van het ontwerp gemeentelijke verordening kernwinkelgebied niet meteen aangeleverd kon worden, omdat door migratieproblemen naar een nieuw softwarepakket, oude notulen voorlopig niet konden opgezocht worden. De stad gaf wel een antwoord en stukken betreffende de m.e.r-screeningsnota. Het gevraagde advies werd niet bezorgd.
2.
Inhoud van het beroepschrift
Via het indienen van het beroepschrift wenst verzoeker alsnog een afschrift van alle gevraagde documenten te verkrijgen.
3.
Standpunt van de beroepsinstantie
Om met kennis van zaken over het beroep te kunnen oordelen, heeft de beroepsinstantie op 21 januari en 11 februari 2021 contact opgenomen met de stad Landen, om de gevraagde documenten te krijgen en de stad Landen in de gelegenheid te stellen om wat meer duiding te verstrekken betreffende dit dossier. Op 26 januari en 24 februari 2021 heeft de stad Landen geantwoord aan de beroepsinstantie. Het antwoord van 26 januari 2021 werd tegelijk ook verstuurd aan verzoeker. De beroepsinstantie beschikt thans over voldoende gegevens om het beroep ten gronde te beoordelen.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/046
pagina 2 van 4
Betreffende het goedgekeurde ontwerp van gemeentelijke verordening kernwinkelgebied De beroepsinstantie heeft kunnen vaststellen dat de stad Landen op 26 januari 2021 aan verzoeker een kopie heeft bezorgd van een uittreksel van de notulen van de gemeenteraadszittingen van 26 november 2013, 29 maart 2016 en 27 maart 2018. Daarin wordt onder meer het ‘Detailshandelsplan voor de stad Landen’ goedgekeurd, alsook het ‘Strategisch commercieel plan voor de stad Landen’. Een kopie van de goedgekeurde gemeentelijke verordening ‘Kernwinkelgebied’ zelf, was evenwel niet toegevoegd. De beroepsinstantie heeft daarom op 11 en 23 februari, en 2 maart 2021 opnieuw contact opgenomen met de stad Landen, die op 24 februari en 4 maart 2021 geantwoord heeft dat de gevraagde, goedgekeurde gemeentelijke verordening ‘Kernwinkelgebied’ een voorontwerp van 16 september 2016 is en nog niet goedgekeurd werd. Wel is er een principieel akkoord daaromtrent, dat wél werd goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 1 september 2016. De beroepsinstantie ziet geen redenen om dit goedgekeurd collegebesluit aan de openbaarheid te onttrekken, en verklaart het beroep, wat dit document betreft, als gegrond. Wat de eigenlijke gemeentelijke verordening ‘Kernwinkelgebied’ zelf betreft, kan de beroepsinstantie niet anders dan vaststellen dat het hier om een niet-afgewerkt bestuursdocument gaat, waarvan in toepassing van artikel II.33.2° van het Bestuursdecreet geen kopie kan gegeven worden. Het beroep is, wat dit document betreft, dan ook ongegrond.
Betreffende de door aanvrager gedateerde en ingediende m.e.r.-screeningsnota De beroepsinstantie heeft kunnen vaststellen dat de stad Landen op 26 januari 2021 aan verzoeker een kopie heeft bezorgd van een aantal documenten betreffende de gevraagde m.e.r.-screeningsnota. Verzoeker argumenteert in zijn beroepschrift dat de overgemaakte bestanden raadpleegbaar zijn via het Omgevingsloket van de Vlaamse overheid, en niet beantwoorden aan wat gevraagd werd. In haar toelichting van 26 januari 2021 heeft de stad Landen echter verduidelijkt dat de m.e.r.-screeningsnota thans geen apart ondertekend document meer is zoals bij vroegere (stedenbouwkundige) vergunningsprocedures, maar geïntegreerd is in de webtoepassing op het Omgevingsloket. De toegevoegde documenten in de antwoordmail van 22 december 2020 (bijlage – 385-04.01 t.e.m. 385-04.14) is wat er toegevoegd werd in het loket. De beroepsinstantie is van oordeel dat de stad Landen aldus duidelijk heeft gemaakt dat het door verzoeker geviseerde document als dusdanig onbestaande is, zodat er ook geen afschrift van kan verstrekt worden. Nu een openbaarheidsverzoek enkel maar betrekking kan hebben op bestaande informatie die in het bezit is van een overheidsinstantie, zoals omschreven in artikel I.4, 3° van het Bestuursdecreet, dient het beroep voor wat betreft de door verzoeker geviseerde m.e.r.-screeningsnota dan ook als ongegrond te worden beschouwd. Overigens stelt de beroepsinstantie vast dat de stad Landen in casu voldaan heeft aan haar behulpzaamheidsverplichting door verzoeker alle bestanden uit het omgevingsloket inzake de m.e.r.screening te bezorgen.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/046
pagina 3 van 4
Betreffende het gedateerde en ondertekende advies van de dienst Planning en Werken van de stad Landen aan het college van burgemeester en schepenen. In haar toelichting van 26 januari 2021 heeft de stad Landen verduidelijkt dat het gevraagde advies niet kon bezorgd worden aan verzoeker, om de eenvoudige reden dat de dienst Planning & Werken in kader van dit dossier geen advies heeft uitgebracht. De beroepsinstantie is, ook wat dit punt betreft, van oordeel dat de stad Landen aldus duidelijk heeft gemaakt dat het door verzoeker geviseerde document als dusdanig onbestaande is, zodat er ook geen afschrift van kan verstrekt worden. Nu een openbaarheidsverzoek enkel maar betrekking kan hebben op bestaande informatie die in het bezit is van een overheidsinstantie, zoals omschreven in artikel I.4, 3° van het Bestuursdecreet, dient het beroep voor wat betreft het door verzoeker geviseerde advies bijgevolg eveneens als ongegrond te worden beschouwd. Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 20 januari 2021 tegen de beslissing van de stad Landen d.d. 22 december 2020 is ontvankelijk en deels gegrond en deels ongegrond. Bijgevolg dient de stad Landen aan verzoeker een afschrift te bezorgen van het principieel akkoord inzake de stedenbouwkundige verordening ‘kernwinkelgebied’, zoals goedgekeurd op 1 september 2016 door het college van burgemeester en schepenen van de stad Landen.
Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep geheel of gedeeltelijk gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om de gevraagde bestuursdocumenten te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. Brussel, 5 maart 2021 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/046
pagina 4 van 4