Skip to main content

VRM_OP_2021.pdf

Page 1

ondernemingsplan VRM 2021

VLAAMSE REGULATOR VOOR DE MEDIA

ONDERNEMINGSPLAN 2021


ondernemingsplan VRM 2021


ondernemingsplan VRM 2021

ONDERNEMINGSPLAN 2020

Inhoudstafel Inleiding. .......................................................................................................................................................................... 1

1.

De Vlaamse Regulator voor de Media als organisatie ............................................................................................................ 2

2. 2.1

Samenstelling.................................................................................................................................................................... 2

2.2

Missie – visie.................................................................................................................................................................... 3 Beleidskader ..................................................................................................................................................................... 4

3.

Organisatiekader ............................................................................................................................................................... 8

4. 4.1

Organogram...................................................................................................................................................................... 8

4.2

Personeel........................................................................................................................................................................ 10

4.2.1

Opvolging personeelsbesparing............................................................................................................................... 12

4.3

Aanbevelingen Audit Vlaanderen ...................................................................................................................................... 12

4.4

Financiële middelen......................................................................................................................................................... 12 Evaluatie ondernemingsplan 2020 ..................................................................................................................................... 13

5.

Ondernemingsplan 2021................................................................................................................................................... 14

6. 6.1

Beleidsdoelstellingen ....................................................................................................................................................... 20

7. Bijlage: Samenwerkingsakkoord van 17 november 2006 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franstalige Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap betreffende het wederzijds consulteren bij het opstellen van regelgeving inzake elektronische communicatienetwerken, het uitwisselen van informatie en de uitoefening van de bevoegdheden met betrekking tot elektronische communicatienetwerken door de regulerende instanties bevoegd voor telecommunicatie of radio-omroep en televisie (art. 3 t.e.m. 7). ....... 30


ondernemingsplan VRM 2021

1. Inleiding. Het voorliggende ondernemingsplan 2020 - 2024 is opgemaakt in uitvoering van het regeerakkoord, de beleidsnota Media 2019 – 2024, en de beleids- en begrotingstoelichting Media 2021. Er zijn zowel strategische als operationele doelstellingen opgesteld. Voor de operationele organisatiedoelstellingen zijn prestatie-indicatoren en prestatienormen uitgewerkt. Waar relevant, worden aan de operationele organisatiedoelstellingen in het ondernemingsplan concrete actiepunten, met prestatie-indicatoren en prestatienormen, gekoppeld. De meeste doelstellingen van de VRM zijn gebaseerd op constant beleid en op decretale verplichtingen. Voor doelstellingen die door de tijd heen wel veranderen, zijn specif ieke indicatoren uitgewerkt binnen deze termijn. Het agentschap heeft sinds 2011 MODO als opvolgingsinstrument voor de doelstellingen, normen, indicatoren en projecten van de beheersovereenkomst en onderliggende ondernemingsplannen. De daaruit volgende interne rapportering, geënt op de scorekaartmethodiek, dient mede als input voor de formele rapportering over de uitvoering van dit ondernemingsplan.

1


ondernemingsplan VRM 2021

2. De Vlaamse Regulator voor de Media als organisatie 2.1 Samenstelling De Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) is een extern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid en opgericht met het decreet van 16 december 2005 en is sinds 10 februari 2006 operationeel. De VRM heeft de bevoegdheden overgenomen van het Vlaams Commissariaat voor de Media, de Vlaamse Kijk- en Luisterraad voor Radio en Televisie en de Vlaamse Geschillenraad voor Radio en Televisie. Dit heeft geleid tot een vereenvoudiging van de bestaande structuren en een grotere klantvriendelijkheid. De VRM bestaat uit twee kamers: de algemene kamer en de kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen De algemene kamer houdt toezicht op de naleving van het Mediadecreet, reikt zowel zendvergunningen als vergunningen voor het aanbieden van een etheromroepnetwerk uit en ontvangt tevens verschillende soorten kennisgevingen van de verschillende spelers binnen het mediawerkveld. De algemene kamer is tevens bevoegd om de relevante markten voor producten en diensten in de sector van de elektronische communicatienetwerken en -diensten te definiëren en ook de geografische omvang te bepalen. Na de afbakening van de relevante markten zal de algemene kamer deze analyseren om te bepalen of ze concurrerend zijn. De algemene kamer is bevoegd om aan de ondernemingen, die op de betrokken markt een economische machtspositie innemen, één of meer verplichtingen op te leggen teneinde de mededinging te herstellen. De algemene kamer brengt eveneens de concentraties in de Vlaamse mediasector in kaart en houdt toezicht op de naleving van de beheersovereenkomst door de openbare omroep. Het beoordelen en erkennen van coproductieprojecten in het kader van de stimuleringsregeling en het berekenen van de financiële bijdrage van de dienstenverdelers en de niet-lineaire televisieomroeporganisaties, en de berekening van de bereikmeting van de regionale televisieomroeporganisaties behoren ook tot de bevoegdheden van de algemene kamer. De kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen doet uitspraak over geschillen die gerezen zijn naar aanleiding van omroepactiviteiten die aansporen tot haat en geweld, programma’s die aanleiding geven tot discriminatie tussen de verschillende ideologische of filosofische strekkingen, programma’s die de lichamelijke, geestelijke of zedelijke ontwikkeling van minderjarigen ernstig zouden kunnen aantasten, met name programma’s waarin pornografische scènes of beelden van nodeloos geweld voorkomen. De kamer houdt er tevens toezicht op dat de informatieve programma’s worden verzorgd in een geest van politieke en ideologische onpartijdigheid. Daarnaast is er de raad van bestuur die belast is met het sluiten van het ondernemingsplan met de minister, het goedkeuren van de rapportering over de uitvoering van het ondernemingsplan, het opmaken van de begroting, het herverdelen van de begrotingskredieten, het opmaken van de algemene rekening, het rapporteren over de uitvoering van de begroting, het opstellen van het jaarlijks activiteitenverslag en het opstarten van een bemiddelingsprocedure in het kader van signaalintegriteit.

2


ondernemingsplan VRM 2021

2.2 Missie – visie. De missie van de organisatie is omschreven in artikel 218, §1, van het Mediadecreet: “De Vlaamse Regulator voor de Media heeft als missie de handhaving van de mediaregelgeving binnen de Vlaamse Gemeenschap, het beslechten van geschillen in verband met de mediaregelgeving en het uitreiken van media-erkenningen en -vergunningen, overeenkomstig de regelgeving.” Op basis daarvan werd een visie voor de VRM ontwikkeld. Deze visie is wat de Vlaamse Regulator voor de Media wil zijn, door een inspirerend, dynamisch beeld voor te stellen dat een uitdaging vormt voor de toekomst. Onze visie is dat de VRM een keurmerk wil zijn op het gebied van media en dé referentie binnen de Vlaamse audiovisuele sector. Deze visie is herbevestigd in het strategisch seminarie van de VRM in 2019. De baseline van de VRM is dan ook dat de VRM “de Vlaamse Referentie voor de Media” is. De achterliggende idee hierbij is dat wat van de VRM komt, ervaren wordt als komende van de autoriteit binnen het Vlaamse mediaveld. Voorliggend ondernemingsplan bevat de acties die de VRM zal uitvoeren in 2021 om de strategische en operationele doelstellingen van de VRM te realiseren.

3


ondernemingsplan VRM 2021

3. Beleidskader Het decretale beleidskader voor de VRM is onder meer vastgelegd in: - het decreet van 16 december 2005 houdende de oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Vlaamse Regulator voor de Media en houdende wijziging van sommige bepalingen van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 4 maart 2005 (voor de actuele, gecoördineerde versie, zie deel VII titel I van het Mediadecreet); - het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie (het Mediadecreet); - het besluit van de Vlaamse Regering van 30 juni 2006 betreffende de procedure voor de Vlaamse Regulator voor de Media; De beleidsvisie van de Vlaamse Regering die betrekking heeft op de VRM, is onder meer omschreven in het Vlaams regeerakkoord 2019 – 2024, de beleidsnota Media 2019 – 2024 en de beleids- en begrotingstoelichting Media 2021. In het Vlaams regeerakkoord 2019 – 2024 wordt het volgende gesteld inzake de VRM:p.188: “We blijven ook inzetten op een sterke mediaregulator. We hervormen de Vlaamse regulator voor de Media met het oog op het versterken van haar gewicht in onder meer beslissingen inzake de marktanalyse. ” p.212: “Er wordt in Vlaanderen één overkoepelende regulator uitgewerkt voor netgebonden infrastructuur (elektriciteit, gas, warmte, kabel, water, riolering,…) en media. In dit kader coördineren en rationaliseren we de (toezichthoudende, regulerende, adviserende, …) taken waarmee de overkoepelende regulator belast wordt.” In de beleidsnota media 2019 – 2024 zijn onder meer voor de VRM relevante doelstellingen opgenomen. Het gaat concreet om volgende verwijzingen: p.6: “De Vlaamse Regulator voor de Media, VRM, speelt een belangrijke rol als onafhankelijke toezichthouder en vergunningverlenende instantie. Ik wil de VRM hervormen om haar autonome controle- en expertiserol en haar gewicht bij marktanalyses te versterken.” pp. 8 – 9: “Economische omgeving De Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) bakent de Vlaamse mediasector af in zijn jaarlijks mediaconcentratierapport. Hiervoor worden de waardeketens van radio, televisie, internet en geschreven pers uitgetekend en wordt nagegaan welke spelers in de schakels van d eze ketens aanwezig zijn. Uit dit rapport blijkt dat de verschillende spelers binnen de Vlaamse mediasector sterk met elkaar verbonden zijn. Volgens de VRM wordt het Vlaamse medialandschap gekenmerkt door een 9 sterke concentratie: het media-aanbod in Vlaanderen is in handen van een vijftal grote groepen. Het gaat meer specifiek om Telenet/De Vijver Media, Mediahuis, DPG Media, Roularta en de openbare omroep VRT. De VRT onderscheidt zich van de overige omroepen omwille van haar specifieke maatschappelijke rol.” “ISE L. Sterke mediaregulator Omwille van de bijzondere plaats van de Vlaamse Mediaregulator in het mediabeleid worden de beleidskredieten hiervoor in een apart ISE ondergebracht. We onderzoeken welke de plaats kan zijn van de Vlaamse Mediaregulator in de uitwerking van één overkoepelende regulator zoals beschreven in het Regeerakkoord. SD L.1. De VRM draagt bij tot het evenwichtig functioneren van het Vlaams audiovisueel ecosysteem 4


ondernemingsplan VRM 2021

OD L.1.1. Toezicht houden op de naleving van de Vlaamse omroepregelgeving Eén van de kernopdrachten van de Vlaamse Regulator voor de Media is het houden van het toezicht op de naleving van de Vlaamse mediaregelgeving door de openbare omroeporganisatie, de particuliere radio- en televisiesector, de dienstenverdelers en de netwerkoperatoren. De omzetting van de herziene Europese regelgeving brengt een aantal aanpassingen en uitdagingen mee voor de VRM. Naast de lineaire en niet-lineaire audiovisuele mediadiensten, moeten nu ook videoplatformdiensten (‘video-sharing platforms’) aan specifieke regels voldoen. De VRM zal zijn werking hieromtrent proactief aanpassen. De VRM moet jaarlijks aan de Vlaamse regering rapporteren over de naleving door de publieke omroep van de performantiemaatstaven die in de beheersovereenkomst tussen de overheid en de VRT zijn opgenomen. De VRM moet hierbij inzetten op een sterkere autonome analyse en externe expertise. Dit is in het bijzonder van belang in het kader van de kwaliteitscontrole op de publieke omroep. In navolging van de expliciete garanties voor een onafhankelijke mediaregulator, opgenomen in de AVMD Richtlijn, zal de VRM ook in de toekomst de nodige ruimte krijgen om zijn bevoegdheden onafhankelijk te kunnen blijven uitoefenen. In de toekomstige ondernemingsplannen van de VRM zullen de nodige maatregelen en garanties opgenomen worden om deze autonomie verder te garanderen en de werking van de VRM te ondersteunen. OD L.1.2. Marktanalyse De VRM werkt binnen de specifieke Belgische context voor onder meer de marktanalyse samen met de telecom- en mediaregulatoren. Hij moet ervoor instaan dat de bepaling en analyse van de relevante markten voor producten en diensten in de sector van de elektronische communicatienetwerken gebeurt volgens de door de Europese Commissie opgelegde richtlijnen en aanbevelingen. In de loop van de regeerperiode (circa 2023) zal een nieuw algemeen marktanalysetraject gestart worden. Zoals in het regeerakkoord geschreven is, blijft de Vlaamse Regering inzetten op een sterke mediaregulator. In overleg met de VRM zal ik de regulator versterken, onder meer in het kader van de marktanalyse.” In de beleids- en begrotingstoelichting Media 2021 zijn de hierboven vastgelegde doelstellingen verder uitgewerkt voor 2021. Voor de VRM relevante verwijzingen zijn: “ISE L. Sterke mediaregulator Omwille van de bijzondere plaats van de Vlaamse Mediaregulator in het mediabeleid worden de beleidskredieten hiervoor in een apart ISE ondergebracht. SD L.1 De VRM draagt bij tot het evenwichtig functioneren van het Vlaams audiovisueel ecosysteem OD L.1.1 Toezicht houden op de naleving van de Vlaamse omroepregelgeving

5


ondernemingsplan VRM 2021

De VRM zal in 2021 zijn rol als onafhankelijke toezichthouder en vergunningverlenende instantie voluit blijven spelen. Toezicht houden op de naleving van de Vlaamse regelgeving door de VRT, de radio - en televisieomroeporganisaties, de dienstenverdelers en de netwerkoperatoren zal ook in 2021 een van de kerntaken van de VRM blijven. Door de omzetting van de AVMD-Richtlijn zal het mediadecreet ook van toepassing zijn op aanbieders van videoplatformdiensten die programma’s en/of door gebruikers gegenereerde video aanbieden. Het toezicht van de VRM zal zich bijgevolg ook uitbreiden tot aanbieders van videoplatformdiensten. Door de omzetting van de nieuwe AVMD-Richtlijn zullen de regels voor lineaire en niet-lineaire televisiediensten in het mediadecreet gelijkgeschakeld worden en zal er onder meer een gelijk speelveld tot stand komen voor de regels die gelden voor de bescherming van minderjarigen. Ook de regels met betrekking tot de “uitzonderingsprocedure” en de “omzeilingsprocedure” worden gelijkgeschakeld voor lineaire en niet-lineaire televisiediensten. De VRM zal in 2021 de nodige maatregelen nemen zodat hij deze gewijzigde en nieuwe bevoegdheden maximaal kan uitoefenen. De VRM zal effectief en regelmatig de conformiteit van de uitzendingen door de omroeporganisaties en de nieuwe spelers die onder het toepassingsgebied vallen, blijven onderzoeken door het monitoren van de conformiteit met de regelgeving over commerciële communicatie, over de bescherming van minderjarigen, inzake onpartijdigheid, het aanzetten tot geweld en haat, inzake de toegankelijkheid, enz. In uitvoering van het gewijzigde artikel 151 van het mediadecreet, dat de toegankelijkheid van televisiediensten voor personen met een beperking regelt, zal de VRM in 2021 beginnen met het onderhouden van een onlinecontactpunt om informatie te verstrekken en klachten te ontvangen met betrekking tot artikel 151 van het mediadecreet. De VRM zal voor de bereikvergoedingsregeling voor de regionale televisieomroeporganisaties op basis van de bereikmeting in 2021 de nodige berekeningen doen. Ook zal de VRM aan de regionale televisieomroeporganisaties de nodige informatie bezorgen over hun bereik. In uitvoering van de stimuleringsregelingen voor dienstenverdelers (artikel 184/1 van het mediadecreet) en voor niet-lineaire televisieomroeporganisaties (artikel 157 van het mediadecreet) zal de VRM de coproductieprojecten beoordelen en erkennen. Elke dienstenverdeler en elke nietlineaire televisieomroeporganisatie zal de VRM voor 15 februari op de hoogte brengen hoe hij zal bijdragen aan de ondersteuning van de Vlaamse audiovisuele productiesector. Dat kan ofwel via een bijdrage aan het VAF ofwel via het indienen van coproductieprojecten bij de VRM. De VRM zal deze bijdragen berekenen. In het geval dat een dienstenverdeler of niet-lineaire televisieomroeporganisatie voor coproducties kiest, zal de VRM instaan voor de ontvankelijkheid en de erkenning van deze projecten. De VRM zal de investeringen van de dienstenverdelers en de niet-lineaire televisieomroeporganisaties in de coproductieprojecten opvolgen. De VRM moet jaarlijks aan de Vlaamse Regering rapporteren over de naleving door de VRT van de performantiemaatstaven die in de beheersovereenkomst tussen de Vlaamse Gemeenschap en de VRT zijn opgenomen. In 2021 zal de VRM rapporteren over de naleving van de performantiemaatstaven in 2020, het laatste jaar van de beheersovereenkomst 2016-2020. Dit toezicht betreft de inhoudelijke bepalingen van de beheersovereenkomst en is niet van financiële of budgettaire aard. Het toezicht door de VRM is complementair met de supervisie door de gemeenschapsafgevaardigde in opdracht van de Vlaamse Regering.

6


ondernemingsplan VRM 2021

In 2021 zal de VRM ook alle nodige voorbereidingen treffen om vanaf 2022 de nieuwe VRTbeheersovereenkomst 2021-2025 te controleren en hierover te rapporteren. De VRM zal in 2021 zijn jaarlijkse mediaconcentratierapport publiceren. Hiervoor zullen de waardeketens van radio, televisie, internet en geschreven pers uitgetekend worden en zal worden nagegaan welke spelers in de schakels van deze ketens aanwezig zijn. In 2014 werd de Europese groep van regelgevende instanties voor audiovisuele mediadiensten (ERGA) opgericht door de Europese Commissie. De VRM is lid van ERGA. De AVMD-Richtlijn versterkt de rol van ERGA. ERGA krijgt meer taken ten aanzien van het verstrekken van advies en ondersteuning aan de Europese Commissie op het gebied van samenhangende tenuitvoerlegging van de AVMD-richtlijn in alle lidstaten. De VRM zal blijven deelnemen aan de vergaderingen en werkzaamheden van ERGA. De VRM is ook lid van het European Platform of Regulatory Authorities (EPRA), een onafhankelijk en informeel netwerk van 53 mediaregulatoren uit 47 landen van de Raad van Europa dat kennisdeling van de leden vooropstelt. De VRM zal in 2021 deelnemen aan de vergaderingen van EPRA. OD L.1.2 Marktanalyse Het EWEC is het nieuwe Europees regelgevend kader voor telecommunicatie. Heel wat artikelen uit de EWEC hebben ook betrekking op omroep, zoals de bepalingen rond marktregulering. De regels en procedures over marktanalyse en het afbakenen van de relevante markten werden door de EWEC grondig herschreven. De VRM zal binnen de specifieke Belgische context voor onder meer de marktanalyse samenwerken met de telecom- en mediaregulatoren. Hij zal ervoor zorgen dat de bepaling en analyse van de relevante markten voor producten en diensten in de sector van de elektronische communicatienetwerken zullen gebeuren volgens de door de Europese Commissie opgelegde richtlijnen en aanbevelingen. In 2018 werd er een basismarktanalysebeslissing genomen omtrent de breedband- en omroepmarkten. Nu wordt die beslissing operationeel gemaakt. Er werden in het voorjaar 2020 nieuwe wholesaletarieven vastgelegd voor toegang tot de netwerken van de kabeloperatoren, en ook de eenmalige kosten zullen eind 2020 worden vastgelegd. In 2021 dienen de referentieaanbiedingen van de kabeloperatoren (in samenwerking met de andere regulatoren) goedgekeurd te worden.”

7


ondernemingsplan VRM 2021

4. Organisatiekader 4.1Organogram (situatie as is op 01/01/2020)

*teamverantwoordelijken

Binnen de Vlaamse Regulator voor de Media bestaan twee kamers: 1° een algemene kamer; 2° een kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen. De leden van deze kamers zijn geen personeelsleden van de VRM maar experts binnen het werkveld van de VRM. De organen van de Vlaamse Regulator voor de Media zijn: 1° de raad van bestuur; 2° de gedelegeerd bestuurder. De leden van de raad van bestuur zijn geen personeelsleden van de VRM. De gedelegeerd bestuurder is lid van de Raad van Bestuur en personeelslid van de VRM. De organisatie wordt verder verdeeld in volgende cellen: - griffie; - stafdienst; - juridisch-economische cel; 8


ondernemingsplan VRM 2021

- onderzoekscel. Aan het hoofd van iedere cel staat een teamverantwoordelijke. De teamverantwoordelijke van de griffie bekleedt de functie van ‘griffier algemene kamer’ en is tevens de vervanger van de gedelegeerd bestuurder bij afwezigheid. Hierna volgen per cel de voornaamste activiteiten. Gedelegeerd bestuurder De gedelegeerd bestuurder is belast met het dagelijks bestuur. Bovendien heeft hij de leiding over het personeel. Administratieve ondersteuning gebeurt door het secretariaat. Griffie De griffie werkt ter directe ondersteuning van de twee kamers. Deze cel waakt erover dat de dossiers op een kwalitatieve manier voorgelegd worden aan de desbetreffende kamer zodat de leden van de kamer een correcte beslissing kunnen nemen. Daarnaast zorgt de griffie ervoor dat de dossiers op een efficiënte manier de vereiste procedure doorlopen. De dossiers passeren daardoor andere cellen zoals de onderzoekscel, juridisch-economische cel, stafdienst of media-ingenieur. De griffier is secretaris van de raad van bestuur en griffier van de algemene kamer. Eén medewerker van de griffie is griffier van de kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen. De media-ingenieur staat in voor een diepgaand technisch onderzoek wanneer dit nodig is voor bepaalde dossiers, zoals wijzigingen van zendvergunningen. Tevens wordt zijn expertise aangewend in het kader van andere dossiers zoals klachten. Stafdienst De stafdienst heeft geen specifieke taakomschrijving maar biedt directe ondersteuning aan de gedelegeerd bestuurder. De taken van de verschillende functies zijn als volgt: De VRM ziet toe op de naleving door de openbare omroep van de beheersovereenkomst met d e Vlaamse Gemeenschap en de jaarlijkse rapportering hierover aan de Vlaamse Regering. Deze taak van de VRM wordt opgenomen door het staflid van de gedelegeerd bestuurder. Daarnaast maakt het staflid het ondernemingsplan van de VRM op en staat in voor de opvolging ervan. De communicatieverantwoordelijke zorgt voor de VRM-communicatie zowel intern als extern, bijvoorbeeld naar aanleiding van beslissingen genomen door de kamers. De communicatieverantwoordelijke staat in voor de verschillende communicatie -initiatieven zoals onder meer e-nieuwsbrieven, de website en het VRM-symposium. De kantoorcoördinator is als HRBP de verbindingspersoon tussen de VRM en het dienstencentrum personeelsadministratie (DCPA) en is de interne verantwoordelijke voor de boekhouding, begroting, logistiek, informatica en personeel. De kantoorcoördinator bied ook ondersteuning in het kader van de jaarlijkse rapportering van het toezicht van de naleving door de openbare omroep van de beheersovereenkomst met de Vlaamse Gemeenschap.

9


ondernemingsplan VRM 2021

Juridisch-economische cel De kerntaak van de juristen is: - instaan voor de redactie van de ontwerpen van beslissing na de vergaderingen van beide kamers; - zorgen voor de juridische voorbereiding voorafgaand aan de vergadering van de kamers ; - opvolgen van de dossiers wanneer een beroep tegen een beslissing van de VRM wordt ingesteld bij de Raad van State; - opvolgen van de relevante mediaontwikkelingen, zowel op Vlaams, federaal als Europees niveau. De kerntaak van de economisten is: - het bepalen van de relevante markten en de geografische omvang ervan voor producten en diensten in de sector van de elektronische communicatienetwerken, en het analyseren van deze markten om te bepalen of ze daadwerkelijk concurrerend zijn; - het identificeren van ondernemingen met aanmerkelijke marktmacht op de markt van de omroeptransmissie en het opleggen, indien nodig, van een of meer van de verplichtingen, genoemd in artikel 125 van het Mediadecreet; - in kaart brengen van concentraties in de Vlaamse mediasector; - berekenen bereikvergoeding regionale omroepen; - beoordelen en erkennen van coproductieprojecten. Onderzoekscel Ingeval van aanvragen voor een erkenning of aanmelding als omroeporganisatie wordt steeds een voorafgaand onderzoek aangaande de conformiteit met de terzake gestelde voorwaarden gevoerd door de onderzoekscel die hierover rapporteert aan de algemene kamer. De onderzoekscel voert eveneens doorlopend en op volledig autonome wijze monitoringopdrachten uit met betrekking tot de uitzendingen van de Vlaamse radio- en televisieomroepen en is bevoegd om toezicht uit te oefenen op omroepactiviteiten op videoplatforms. Na de omzetting van de AVMD-richtlijn in 2021 zullen er meer diensten op videoplatforms, en de videoplatforms zelf, onder de controlebevoegdheid van de VRM vallen. De onderzoekscel voert het onderzoek bij klachten die bij de VRM worden neergelegd evenals bij bijzondere opdrachten op verzoek van de Vlaamse Regering.

4.2 Personeel Op 1 januari 2021 ziet het personeelsbestand van de VRM er uit als weergegeven in de tabel onder “Effectieven”. De taken en opdrachten van de VRM zijn omschreven in artikel 218 van het Mediadecreet. Het Mediadecreet bestaat in grote mate uit bepalingen die omzettingen vormen van de richtlijn Audiovisuele Mediadiensten (AVMD-richtlijn). Het huidige toepassingsgebied van de AVMD-richtlijn heeft betrekking op audiovisuele mediadiensten. De VRM is bevoegd om het toezicht uit te oefenen op deze diensten, ongeacht de wijze waarop deze diensten verdeeld worden. Wegens een herziening van de AVMD-richtlijn, die in 2021 zal worden omgezet in het Mediadecreet, worden de bevoegdheden van de VRM uitgebreid. Gelet op het arbeidsintensief karakter van de bijkomende opdrachten, die niet kunnen toegewezen worden aan het huidige personeelskader, moet het personeelsplan van de VRM uitgebreid worden. In 2020 werd daartoe een gewijzigd PEP to be uitgewerkt en voorgelegd aan de Vlaamse Regering. De Vlaamse Regering keurde dit nieuwe personeelsplan goed op 18 december 2020. Het personeelsaantal, zoals vastgelegd in het nieuwe personeelsplan, is weergegeven in de onderstaande tabel onder “Functies”.

10


ondernemingsplan VRM 2021

PERSONEELSAANTAL en spreiding - status 1 januari 2021 Functies Effectieven Niveau's Tot Stat Con Mgt Tot Stat Con Mgt Vrouw Man VTE A3 Gedelegeerd bestuurder A2 Adviseur A1 Adjunct van de directeur

1 6 5

B2 Hoofddeskundige B1 Deskundige C2 Hoofdmedewerker

2 3 2

2

2 21

C1 Medewerker Totaal

1 6 4

1

1 5 6

1 5 5

2 1

1

2

2

2 1 2

2

1

2 16

2 19

2 16

1 6

3

4

1

1 1

2

1

1 3 5

1 4,8 6

1 1 1

2 1 2

1 1,8 13 18,6

De leeftijdspiramide van het personeelsbestand ziet er op 1 januari 2021 als volgt uit:

Leeftijdspiramide 6

5 4 3

2 1

0 <= 34j

35 - 44j man Man

45 - 54 j man Vrouw

>= 55j

Totaal

De tijdsbesteding (voor het jaar 2021) van de VTE’s is, rekening houdend met de huidige bevoegdheden en opdrachten, als volgt voorzien: Omschrijving 1. Behandelen van zendvergunningen 2. Toezien op naleving mediadecreet radio, TV, netw. & dienstenverleners 3. Toezien op naleving beheersovereenkomst VRT 4. Uitvoeren marktanalyse 5. In kaart brengen van mediaconcentratie 6. Onderzoeken van kennisgevingen 7. Berekenen bereikvergoeding regionale omroepen 8. Opstarten bemiddelingsprocedure (signaalintegriteit) 9. Beoordelen en erkennen coproductieprojecten 10. Ondersteunende – managementprocessen Totaal

Personeelsinzet 7% 54% 4% 11% 7% 2% 1% 1% 2% 11% 100%

11


ondernemingsplan VRM 2021

4.2.1 Opvolging personeelsbesparing Ondanks de toekomstige uitdagingen zal de VRM 1 VTE besparen tegen 2024 zoals vooropgesteld in de personeelsbesparingen.

4.3 Aanbevelingen Audit Vlaanderen Op 6 januari 2021 ontving de VRM een beleidsgericht rapport van Audit Vlaanderen. Dit rapport werd bijgevoegd als bijlage bij dit ondernemingsplan. De audit over de maturiteit van het risicomanagement van de VRM werd door Audit Vlaanderen afgerond in 2019. De aanbevelingen van Audit Vlaanderen werden door de VRM gerealiseerd. Audit Vlaanderen blijft een actualisatie van het risicomanagement uitvoeren in het kader van de beleidsgerichte rapporten. De VRM levert inspanningen om het maturiteitsniveau van het systeem van risicobeheersing te behouden en/of te verhogen. Onder “strategische doelstelling 3: interne werking” werd daarom een operationele doelstelling opgenomen i.v.m. risicobeheersing (zie infra).

4.4 Financiële middelen De uitgaven van de VRM worden in 2021 gefinancierd met de dotatie van de Vlaamse Overheid en de jaarlijkse vergoedingen komende van de particuliere radio-omroeporganisaties. De opgelegde geldboetes, die door de VRM worden geïnd, komen toe aan de Algemene Ontvangsten van de Vlaamse overheid. Indien ze niet, of niet meer, worden betwist, worden ze doorgestort, cf. “Interne Stromen” bij de uitgaven. Hieronder een cijfermatig overzicht (in duizend euro) van de ontvangsten en uitgaven zoals voorgesteld bij de begrotingsopmaak 2021. Ontvangsten

Uitgaven De werkelijke uitgaven (excl. doorstorting boetes) in 2021 zijn verdeeld in: 1. personeelskosten 2.045.000 euro (totaal ESR1100); 2. werkingskosten en investeringen beleid en apparaat 696.000 euro;

12


ondernemingsplan VRM 2021

3. doorstorting boetes 82.000 euro (ESR4110).

5. Evaluatie ondernemingsplan 2020 De VRM volgde alle doelstellingen uit het ondernemingsplan op via het monitoringsinstrument MODO. Hieruit is gebleken dat alle doelstellingen, op één na, in 2020 door de administratie van de VRM behaald werden. Door de veiligheidsmaatregelen die gelden omwille van de coronacrisis kon het jaarlijkse symposium in 2020 niet doorgaan. De opvolging van de doelstellingen werd besproken op de vergaderingen van de raad v an bestuur en op het maandelijks kabinetsoverleg.

13


ondernemingsplan VRM 2021

6. Ondernemingsplan 2021 In dit ondernemingsplan 2021 zetten we stappen om de doelstellingen voor de VRM te verwezenlijken die opgenomen zijn in de beleidsnota 2019 – 2024, de beleids- en begrotingstoelichting Media 2021 en het ondernemingsplan 2020 - 2024, taken van de VRM die zijn opgenomen in het Mediadecreet en doelstellingen in het kader van de interne werking van het agentschap, welzijn en diversiteit en gelijke kansen. Het grootste accent ligt hierbij op de bijdrage van de administratie aan de taken van de algemene kamer en de kamer van onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen. Tegelijk wensen we het communicatiebeleid van de VRM verder uit te bouwen om onze organisatie en dienstverlening bij een breder publiek bekend te maken. In de eerste twee strategische doelstellingen en bijhorende operationele doelstellingen komen de doelstellingen aan bod die zijn opgenomen in de beleidsnota Media 2019 – 2024 en in het Mediadecreet als taken van de VRM. Deze strategische doelstellingen zijn als volgt geformuleerd: 1. de VRM draagt bij tot het evenwichtig functioneren van het Vlaams audiovisueel ecosysteem; 2. de VRM streeft ernaar om het kenniscentrum bij uitstek te zijn van het Vlaams audiovisueel ecosysteem. Hieraan zijn verschillende operationele doelstellingen gekoppeld. In de derde strategische doelstelling komt de interne werking van het agentschap aan bod en de doelstellingen in het kader van welzijn, diversiteit en gelijke kansen. De drie strategische doelstellingen en bijhorende operationele doelstellingen zijn als volgt: •

Strategische doelstelling 1: De VRM draagt bij tot het evenwichtig functioneren van het Vlaams audiovisueel ecosysteem. o

Operationele doelstelling 1: Toezicht op de naleving van de Vlaamse omroepregelgeving De administratie van de VRM bezorgt ter voorbereiding van de beslissingen van beide kamers een volledig dossier aan de algemene kamer of van de kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen en levert na de beslissing van de kamers de beslissing aan de partijen. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

o Operationele doelstelling 2: Marktanalyse De VRM staat in voor de bepaling en analyse van de relevante markten voor producten en diensten in de sector van elektronische communicatienetwerken.

14


ondernemingsplan VRM 2021

Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

o Operationele doelstelling 3: Uitreiken van vergunningen De administratie van de VRM bezorgt in het kader van vergunningsaanvragen een correct en volledig dossier aan de algemene kamer. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 4: Signaalintegriteit: opstarten bemiddelingsprocedure Indien een verzoek tot bemiddeling van 1 of meer partijen aan de Raad van Bestuur wordt gericht, engageert de VRM zich om de samenstelling van het bemiddelingscollege zo spoedig mogelijk na verzoek voor te stellen. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o

Operationele doelstelling 5: Stimuleringsregeling: beoordelen en erkennen coproductieprojecten Elke dienstenverdeler en niet-lineaire omroeporganisatie brengt de VRM vóór 15 februari op de hoogte van de gekozen vorm van bijdrage (forfaitaire bijdrage of bijdrage per abonnee) Dit kan via een bijdrage aan het VAF of het indienen van coproductieprojecten bij de VRM. De coproductieprojecten die ontvankelijk worden verklaard en erkend worden, worden door middel van een lijst van investeringen opgevolgd en dit uiterlijk op 15 juni. Hierdoor kan de VRM verifiëren of het bedrag van de bijdrageplicht wordt gehaald. De VRM engageert zich om tegen 15 juni de lijst van investeringen te controleren. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

o

Operationele doelstelling 6: Berekeningen in het kader van vergoedingen regionale omroepen: De VRM berekent de bereikmeting regionale televisieomroeporganisaties (gemiddeld procentueel dagbereik) en berekent de totale vergoeding van de dienstenverdelers aan de afzonderlijke regionale omroeporganisaties. De VRM engageert zich om de gegevens aan elke regionale televisieomroeporganisatie uiterlijk binnen twee maanden nadat de dienstenverdeler alle cijfers hebben bezorgd over te maken. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. •

Strategische doelstelling 2: De VRM streeft ernaar om het kenniscentrum bij uitstek te zijn van het Vlaams audiovisueel ecosysteem. o Operationele doelstelling 1: Rapport mediaconcentratie De VRM brengt in een jaarlijks verslag een volledig en correct beeld van het Vlaams medialandschap. 15


ondernemingsplan VRM 2021

Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 2: Rapport toezicht op de openbare omroep De VRM bezorgt in het kader van het toezicht op de naleving door de openbare omroep van de beheersovereenkomst met de Vlaamse Gemeenschap een jaarlijks ve rslag aan de Vlaamse Regering en dit vóór 1 juni. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 3: Doelgroepencommunicatie De VRM heeft een communicatiestrategie voor de communicatie met de verschillende (externe) doelgroepen, namelijk met het audiovisuele mediaveld, de kijkers en luisteraars, en de overheid en politiek. Acties in dit kader zijn onder meer de organisatie van een jaarlijks symposium, het publiceren van het jaarverslag, het uitgeven nieuwsbrieven, het actueel houden van de website en sociale mediakanalen. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o

Operationele doelstelling 4: Toezicht in het kader van de omzetting van de AVMDrichtlijn De VRM zal blijvend effectief en regelmatig toezicht uitoefenen op de conformiteit van de uitzendingen door alle audiovisuele mediadiensten, onder meer door het monitoren van de conformiteit van niet-lineaire audiovisuele mediadiensten die in Vlaanderen ge vestigd zijn, met de regelgeving betreffende commerciële communicatie. Door de herziening van de AVMD-richtlijn worden de regels voor lineaire en niet-lineaire audiovisuele mediadiensten gelijkgeschakeld en komt er zodoende een gelijk speelveld tot stand. Daarnaast wordt het toepassingsgebied van de AVMD-richtlijn ook uitgebreid naar videoplatformdiensten, die programma’s en/of door gebruikers gegenereerde video aanbieden. De VRM stelt een stappenplan op om in de toekomst de conformiteit van elk van deze diensten met de desbetreffende regelgeving te kunnen blijven verzekeren. o Operationele doelstelling 5: Overleg met de sector De VRM-administratie streeft ernaar om zoveel mogelijk voeling te houden met de audiovisuele sector in Vlaanderen. Dit gebeurt via individuele contacten, symposia, bedrijfsbezoeken, studiedagen en dergelijke. De VRM-administratie zal minstens drie maal per jaar met actoren uit de sector overleggen. Dit kan zowel op individuele basis, met bepaalde spelers als met het volle dige werkveld. Het initiatief hiervoor kan zowel genomen worden door de VRM-administratie als door actoren uit de sector zelf.

16


ondernemingsplan VRM 2021

De VRM-administratie zal daarnaast ook overleg met actoren uit de audiovisuele sector voeren door middel van minstens twee bedrijfsbezoeken per jaar. Op die manier kunnen de trends worden geïdentificeerd die op korte en lange termijn een invloed hebben op deze sector en kan er met de actoren uit de sector hierover overlegd worden. o Operationele doelstelling 6: Meten pluralisme bij de openbare omroep Momenteel ontbreekt een specifiek wettelijk kader of een regelconforme opdracht om de pluralistische en onpartijdige rol van de openbare omroep te monitoren. De VRM heeft hieromtrent zonder decretale basis of zonder opdracht van de Vlaamse Regering geen bevoegdheid. De VRM zal proactief, in afwachting van een eventueel wettelijk kader of regelconforme opdracht, een theoretisch stappenplan en internationale benchmark opstellen. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 7: Doorlichting van het Mediadecreet In het kader van het futur proof maken van het Mediadecreet (gepland voor 2022), zal de VRM het Mediadecreet doorlichten en voorstellen tot verbetering van het huidige Mediadecreet bundelen en bezorgen aan de minister, bevoegd voor het mediabeleid. o

Operationele doelstelling 8: Rapporteren welke radio-omroeporganisaties hun activiteiten hebben stopgezet De VRM rapporteert jaarlijks aan de minister, bevoegd voor het mediabeleid, welke radioomroeporganisaties al hun activiteiten hebben stopgezet. •

Strategische doelstelling 3: Interne werking. o Operationele doelstelling 1: Uitbouw van communicatie en overlegcultuur: De VRM engageert zich om een open en transparante communicatie- en overlegcultuur uit te bouwen door het organiseren van periodieke personeelsvergaderingen en het organiseren van een agentschapsdag. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 2: Inzetten op levenslang leren De VRM engageert zich om een jaarlijks vormingsplan op te stellen waarin de nadruk ligt op de een actuele expertise van de personeelsleden binnen de budgettaire beperkingen via opleiding en kennisdeling. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 3: Welzijnsacties De VRM maakt een jaarlijks welzijnsplan en maakt een globaal 5-jaarlijks globaal preventieplan op. De huidige versie van het globaal preventieplan is voor de periode 2020 – 2024. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

17


ondernemingsplan VRM 2021

o Operationele doelstelling 4: Diversiteit en gelijke kansen De VRM engageert zich om de centraal georganiseerde acties rond diversiteit te ondersteunen en te promoten bij de personeelsleden. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 5: Organisatiebeheersing Acties in het kader van het behoud of de verhoging van de maturiteit van het systeem van organisatiebeheersing binnen de VRM: Er wordt een jaarlijkse zelfevaluatie inzake organisatiebeheersing opgemaakt. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o Operationele doelstelling 6: Klantvriendelijke dienstverlening De VRM engageert zich om bij klachten de eigen dienstverlening te verbeteren. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

o Operationele doelstelling 7: Samenwerking De VRM engageert zich om zowel binnen als buiten de Vlaamse overheid samen te werken. Binnen de Vlaamse overheid is het departement CJSM een geprivilegieerde partner. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024. o

Operationele doelstelling 8: uitvoering “Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie gebouwen” Op 29 mei 2020 keurde de Vlaamse Regering de “Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie gebouwen” goed. Deze bepaalt o.m. dat gebouwen van de Vlaamse overheid vanaf 2021 een jaarlijkse besparingsdoelstelling van 2,5% op het primair energiegebruik moeten realiseren en dat alle entiteiten van de Vlaamse overheid deze primaire energiebesparing van 2,5% moeten opnemen in hun ondernemingsplan. Voor entiteiten die gehuisvest zijn in gebouwen die worden beheerd door Agentschap Facilitair Bedrijf, zoals de VRM, volstaat een verwijzing naar het ondernemingsplan van Agentschap Facilitair Bedrijf. Deze doelstelling behoort tot het constant beleid van de VRM en geldt voor de periode 2020 2024.

18


ondernemingsplan VRM 2021

Er worden zeven categorieën indicatoren geanalyseerd. Binnen deze categorieën zijn er 30 outputindicatoren of beoogde resultaten opgenomen. De categorieën zijn als volgt: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Indicator uitgedrukt in percentage (3); Indicator betreffende jaarlijkse rapporten (2); Indicator betreffende informatiedoorstroming (5); Indicator betreffende samenwerking met externe actoren (4); Indicator betreffende klantvriendelijke dienstverlening (2); Indicator betreffende interne werking (8); Indicator betreffende specifieke initiatieven (6)

19


ondernemingsplan VRM 2021

6.1Beleidsdoelstellingen Strategische doelstelling 1: De VRM draagt bij tot het evenwichtig functioneren van het Vlaams audiovisueel ecosyteem. Link met doelstelling uit beheersovereenkomst

Outputindicatoren / beoogd resultaat

Operationele doelstelling 1: Toezicht op de naleving van de Vlaamse omroepregelgeving

Indicator uitgedrukt in percentage: De administratie bezorgt in 2021 een volledig dossier aan de bevoegde kamer binnen een periode van1 Aantal kalenderdagen 35 dagen 40 dagen Te behalen %

95%

98%

Deze termijnen worden opgeschort van 16 juli tot en met 31 augustus en van 25 december tot en met 2 januari.

Indicator uitgedrukt in percentage: De administratie bezorgt in 2021 de beslissing van de algemene kamer of van de kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen aan de partijen binnen een periode van Aantal kalenderdagen 2

45 dagen

60 dagen

Te behalen %

92%

94%

Deze termijnen worden opgeschort van 16 juli tot en met 31 augustus en van 25 december tot en met 2 januari. Het bezorgen van een beslissing bestaat uit volgende stappen: Het uitwerken van de beslissing die een van de kamers heeft genomen, het voorleggen ter goedkeuring van de beslissing, de ondertekening van deze beslissing door de kamervoorzitter en het bezorgen van deze beslissing aan de partijen.

1 2

ingaande vanaf de ontvangst door de VRM van het schriftelijke verweer van de omroeporganisatie. Na de beslissing. 20


ondernemingsplan VRM 2021

Operationele doelstelling 2: Het uitvoeren van marktanalyse

Indicator betreffende informatiedoorstroming (over de implementatie van de analyse van de markt voor televisieomroep): De VRM moet ervoor instaan dat de bepaling en analyse van de relevante markten voor producten en diensten in de sector van de elektronische communicatienetwerken gebeuren volgens de door de Europese Commissie opgelegde richtlijnen en aanbevelingen. De cyclus van een marktanalyse doorloopt meerdere stappen: 1: Informatie inwinnen; 2: Ontwerp marktanalysebesluit opmaken; 3: Aankondiging organisatie van de openbare raadpleging op VRMwebsite; 4: Publiceren verslag op website, in maand die volgt op het einde van de raadpleging; 5: Integreren van verslag in ontwerp van beslissing; 6: Doorlopen CRC-procedure; 7: Aanmelden beslissing bij de Europese Commissie. Nadat er een marktanalyse genomen is, moet men deze specifiëren door middel van kwantitatieve en kwalitatieve implementatiebeslissingen (rond kostprijs en referentieaanbod). De CRC heeft in 2018 een beslissing omtrent de marktanalyse genomen, en er is gestart met de voorbereiding van kwantitatieve en kwalitatieve implementatiebeslissingen (rond kostprijs en referentieaanbod). Deze zullen in 2021 verder afgewerkt worden. Binnen de vijf jaar (circa 2023) zal een nieuw algemeen marktanalysetraject afgewerkt worden . Voor de marktanalyse werkt de VRM niet alleen. Beslissingen worden ook op CRC-niveau genomen en er dient te worden samengewerkt met de andere regulatoren, de Mededingingsautoriteit en de Europese Commissie. Hierdoor kunnen vertragingen in het proces oplopen waarvoor de VRM niet verantwoordelijk is. Volgende tabel geeft de streefdata weer, gebaseerd op de informatie waarover momenteel beschikt wordt. Stappen marktanalyse

Streefdatum

Uitwerken theoretisch kostenmodel Aanmaken ontwerpbeslissing voor

Tweede jaarhelft 2018 Eerste jaarhelft 2019

21


ondernemingsplan VRM 2021

prijzen op basis van theoretisch kostenmodel Opstarten consultatie (stappen 3 tot en met 5) Doorlopen CRC-procedure Aanmelding bij Europese Commissie

Eerste + tweede jaarhelft 2019 Eerste jaarhelft 2020 Eerste jaarhelft 2020

Aanname door CRC

Eerste jaarhelft 2020

Stappen marktanalyse

Streefdatum

Uitwerken theoretisch kostenmodel eenmalige kosten (“One Time Fees”) Aanmaken ontwerpbeslissing voor prijzen op basis van theoretisch kostenmodel Opstarten consultatie (stappen 3 tot en met 5) Doorlopen CRC-procedure

Eerste jaarhelft 2020

Aanmelding bij Europese Commissie Aanname door CRC

Eerste jaarhelft 2020

Tweede jaarhelft 2020 Eerste jaarhelft 2021 Eerste jaarhelft 2021 Eerste jaarhelft 2021

Stappen marktanalyse

Streefdatum

Implementatievergaderingen met operatoren Aanmaken ontwerpbeslissing omtrent referentie-aanbod Opstarten consultatie (stappen 3 tot en met 5) Doorlopen CRC-procedure

Tweede jaarhelft 2018 2019

Aanmelding bij Europese Commissie Aanname door CRC

Eerste jaarhelft 2020 Eerste jaarhelft 2021 Eerste jaarhelft 2021 Tweede jaarhelft 2021

Indicator betreffende samenwerking met externe actoren: Naast de analyse voor de televisieomroep worden in het kader van het samenwerkingsakkoord van 17 november 2006 diverse ontwerpbeslissingen van collega-regulatoren aan de VRM voorgelegd.

22


ondernemingsplan VRM 2021

De VRM respecteert de termijnen en voorwaarden die in dit samenwerkingsakkoord zijn opgenomen. In een courante consultatieprocedure volgende termijnen en voorwaarden:

gelden

Actie

Termijn om te reageren

Ontwerpbesluit wordt voorgelegd door collega regulerende instantie

14 kalenderdagen

Ontwerpbesluit wordt aangepast en opnieuw voorgelegd door collega regulerende instantie

7 kalenderdagen

Indien geen akkoord bereikt wordt, geldt een escalatieprocedure [1]

Operationele vergunningen

doelstelling

3:

Uitreiken

van

Indicator uitgedrukt in percentage: De administratie bezorgt in 2021 de vergunningsaanvragen binnen 60 dagen na ontvangst van de ontvankelijke aanvraag een correct en volledig dossier aan de algemene kamer binnen een periode van Aantal kalenderdagen

60 dagen

75 dagen

Te behalen %

92%

94%

Deze termijnen worden opgeschort van 16 juli tot en met 31 augustus en van 25 december tot en met 2 januari. Voor de berekening van die termijn worden vertragingen die niet aan de VRM te wijten zijn niet meegerekend. Voorbeelden van dergelijke vertragingen zijn: principiële afspraken tussen Gemeenschappen omtrent de coördinatieprocedures, uitstel door de VRM toegekend op vraag van de partijen, uitstel wanneer een voorafgaand onderzoek door een andere instantie noodzakelijk is of wanneer bijkomende inlichtingen aan de omroep worden gevraagd.

Operationele doelstelling 4: Opstarten bemiddelingsprocedure (signaalintegriteit)

Indicator betreffende samenwerking met externe actoren: Indien verzoek tot bemiddeling van 1 of meer partijen aan voorzitter Raad van Bestuur: De VRM engageert zich om de samenstelling van het bemiddelingscollege zo spoedig mogelijk na verzoek voor te stellen.

[1]Voor een

overzicht van alle termijnen en voorwaarden: zie bijlage 2 23


ondernemingsplan VRM 2021

Operationele doelstelling 5: Beoordelen en erkennen coproductieprojecten (stimuleringsregeling)

Indicator betreffende informatiedoorstroming: Elke dienstenverdeler en niet-lineaire omroeporganisatie brengt de VRM voor 15 februari op de hoogte van de gekozen vorm van bijdrage. De VRM engageert zich om jaarlijks tegen 15 juni de lijst van investeringen te controleren .

Operationele doelstelling 6: Berekeningen in het kader van vergoedingen regionale omroepen:

Indicator betreffende informatiedoorstroming:

1. Berekenen bereikmeting regionale televisieomroeporganisaties

1.

De dienstenverdelers moeten aan de VRM informatie leveren over het bereik van de regionale omroepen. De VRM consolideert deze en berekent op basis hiervan een vergoeding voor elke individuele regionale omroep.

2. berekenen totale vergoeding dienstenverdelers

2.

De dienstenverdelers moeten aan de VRM informatie leveren over het bereik van de regionale omroepen. Op basis van deze cijfers berekent de VRM de jaarlijkse totale (bereik)vergoeding.

De VRM engageert zich om de gegevens aan elke regionale televisieomroeporganisatie uiterlijk binnen twee maanden nadat de dienstenverdelers de cijfers hebben bezorgd te bezorgen. Dit gaat om de maanden maart, juni, september en december. Randvoorwaarde: De berekening kan pas gemaakt worden wanneer de VRM over alle cijfers beschikt.

24


ondernemingsplan VRM 2021

Strategische doelstelling 2: De VRM streeft ernaar om het kenniscentrum bij uitstek te zijn van het Vlaams audiovisueel ecosysteem. Link met doelstelling uit beheersovereenkomst

Outputindicatoren / beoogd resultaat

Operationele doelstelling 1: Publiceren van rapport mediaconcentratie

Indicator betreffende rapporten: De VRM brengt in een jaarlijks verslag een volledig en correct beeld van het Vlaams medialandschap. Het rapport over de mediaconcentratie in Vlaanderen is jaarlijks beschikbaar vóór 31 december. Samen met het rapport ‘Mediaconcentratie in Vlaanderen’ zal de VRM jaarlijks een geactualiseerde versie van de toegankelijke tekst rond mediaconcentratie aanbieden via de website.

Operationele doelstelling 2: Publiceren van rapport toezicht openbare omroep

Indicator betreffende rapporten: De VRM bezorgt in het kader van het toezicht op de naleving door de openbare omroep van de beheersovereenkomst met de Vlaamse Gemeenschap een jaarlijks verslag aan de Vlaamse Regering. Het rapport over de naleving door de VRT van de beheersovereenkomst met de Vlaamse Gemeenschap is jaarlijks beschikbaar vóór 1 juni. Dit rapport wordt online aangeboden.

Operationele doelstelling doelgroepencommunicatie

3: Het

voeren

van

Indicator betreffende informatiedoorstroming: De beslissingen van de algemene kamer en van de kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen zijn ter beschikking op de website van de VRM ten laatste op de vijfde kalenderdag nadat zij naar de betrokken partijen zijn gestuurd, behoudens de beslissingen inzake zendvergunningen.

Indicator betreffende specifieke initiatieven: De VRM organiseert jaarlijks een studiedag voor de sector over een actueel thema. Deze studiedag georganiseerd.

wordt

vóór

15

december

Indien deze studiedag omwille van geldende veiligheids- en gezondheidsmaatregelen niet fysiek kan doorgaan wordt de haalbaarheid van een online evenement onderzocht.

25


ondernemingsplan VRM 2021

Indicator betreffende informatiedoorstroming: De VRM brengt minstens vijf maal per jaar een elektronische nieuwsbrief uit.

Operationele doelstelling 4: Toezicht in het kader van de omzetting van de AVMD-richtlijn

Operationele doelstelling 5: Overleg met de sector

Indicator betreffende specifieke initiatieven: 1.

De VRM stelt een niet-limitatieve lijst op met mogelijke niet-lineaire audiovisuele mediadiensten die beschikbaar zijn in Vlaanderen. Deze lijst zal periodiek herbekeken en aangepast worden.

2.

De VRM voert doorlopend onderzoek uit naar in Vlaanderen gevestigde diensten die mogelijk als videoplatformdiensten gekwalificeerd kunnen worden.

3.

De VRM houdt een lijst bij van de aanbieders van videoplatformdiensten die onder de bevoegdheid vallen van de Vlaamse Gemeenschap.

4.

De VRM zal doorlopend de verdere acties blijven opvolgen van regulatoren van de lidstaten waar videoplatformdiensten gevestigd zijn en in Vlaanderen beschikbaar zijn, zoals bijvoorbeeld van de Broadcasting Authority Ireland.

5.

De VRM zal beginnen met het onderhouden van een onlinecontactpunt om informatie te verstrekken en klachten te ontvangen met betrekking tot artikel 151 van het Mediadecreet.

Indicator betreffende samenwerking met externe actoren: 1.

De VRM-administratie zal minstens drie maal per jaar met actoren uit de sector overleggen. Dit kan zowel op individuele basis, met bepaalde spelers als met het volledige werkveld. Het initiatief hiervoor kan zowel genomen worden door de VRMadministratie als door actoren uit de sector zelf. Dit overleg kan zowel fysiek als online doorgaan.

2.

De VRM-administratie zal daarnaast ook overleg met actoren uit de audiovisuele sector voeren door middel van minstens twee bedrijfsbezoeken per jaar. Op die manier kunnen de trends worden geïdentificeerd die op korte en lange termijn een invloed hebben op deze sector en kan er 26


ondernemingsplan VRM 2021

met de actoren uit de sector hierover overlegd worden. Indien deze bedrijfsbezoeken omwille van veiligheids- of gezondheidsredenen niet fysiek kunnen doorgaan kunnen zij worden vervangen door een online overleg. Operationele doelstelling 6: Meten pluralisme bij de openbare omroep

Indicator betreffende specifieke initiatieven: De VRM zal alle nodige voorbereidingen treffen om vanaf 2022 de nieuwe VRT-beheersovereenkomst 2021-2025 te controleren en hierover te rapporteren. De administratie van de VRM zal in 2021 een onderzoeksopdracht uitwerken in verband met de monitoring van de onpartijdigheid van de nieuwsprogramma’s van de VRT.

Operationele doelstelling 7: Doorlichting van het Mediadecreet

Indicator betreffende specifieke initiatieven: De VRM zal het Mediadecreet doorlichten en een voorstel tot verbetering van het huidige Mediadecreet bezorgen aan de minister, bevoegd voor het mediabeleid.

Operationele doelstelling 8: Rapporteren welke radio-omroeporganisaties hun activiteiten hebben stopgezet

Indicator betreffende specifieke initiatieven: De VRM bezorgt jaarlijks een rapport aan de minister, bevoegd voor het mediabeleid, waarin de radioomroeporganisaties zijn opgenomen die al hun activiteiten hebben stopgezet.

Strategische doelstelling 3: Interne werking Onderwerp

Outputindicatoren / beoogd resultaat

Operationele doelstelling 1: Uitbouw van communicatie en overlegcultuur:

Indicator betreffende interne werking: De VRM engageert zich om halfjaarlijks personeelsvergaderingen te organiseren. Indicator betreffende interne werking: De VRM engageert zich om jaarlijks vóór 31 december een agentschapsdag te organiseren. Indien de agentschapsdag door geldende veiligheids- of gezondheidsmaatregelen niet fysiek kan doorgaan, wordt hij vervangen door online activiteit.

Operationele doelstelling 2: Inzetten op levenslang leren: Aanbieden van aangepaste vorming aan het personeel

Indicator betreffende interne werking: De VRM engageert zich om een jaarlijks vormingsplan op te stellen vóór 31 maart.

27


ondernemingsplan VRM 2021

Indicator betreffende samenwerking met externe actoren: De VRM engageert zich in het kader van de expertiseuitbouw om met de leden van het managementcomité in 2020 minstens op 2 bedrijfsbezoeken te gaan. Indien deze bedrijfsbezoeken door geldende veiligheids- of gezondheidsmaatregelen niet fysiek kunnen doorgaan, worden ze vervangen door online overlegmomenten. Operationele doelstelling 3: Welzijnsacties Doelstellingen in het kader van het jaarlijkse welzijnsplan

Indicator betreffende interne werking: Het Globaal Preventieplan en jaaractieplan werden goedgekeurd tijdens het EOC van 13 november 2020. In het JAP 2021 worden volgende acties voorzien: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

wijzigingen aan de Welzijnswet opvolgen. periodieke gezondheidsbeoordeling (volgens risicoanalyse). gratis griepinenting aanbod cardiovasculaire check-up voor 50 – 55 – 60 jarigen. gratis fruit en water op kantoor (stimuleren van gezonde voeding). organisatie van Trashday. vorming EHBO en brandpreventie. verwijderen buitengebruikgestelde goederen maatregelen die verband houden met Corona

De acties van punt 4 tot en met punt 8 worden jaarlijks opgevolgd en dit telkens vóór 30 november. De maatregelen van punt 9 worden permanent opgevolgd.

Operationele doelstelling 4: Diversiteit en gelijke kansen: Jaarlijkse diversiteitsacties

Indicator betreffende interne werking: De VRM streeft ernaar om het streefcijfer inzake personeel met een migratieachtergrond te behalen. Verder engageert de VRM zich om de centraal georganiseerde acties rond diversiteit te ondersteunen. De VRM werkt mee aan de bekendmaking van deze acties en het aanmoedigen van het VRM-personeel aan deze acties. De organisatie is in handen de dienst Diversiteitbeleid van Ago.

Operationele doelstelling 5: Organisatiebeheersing Uitvoeren van de nodige acties (zelfevaluatie, up-todate houden, …) in het kader van het behoud of verhogen van het maturiteitsniveau 3 m.b.t. organisatiebeheersing en interne controle.

Indicator betreffende interne werking: Er worden verdere inspanningen geleverd in het kader van het behoud van het maturiteitsniveau 3. De VRM streeft ernaar om jaarlijks voor elk van de 10 thema’s het maturiteitsniveau 3 minstens te behouden. 28


ondernemingsplan VRM 2021

In dit kader wordt jaarlijks vóór 30 april een zelfevaluatie opgesteld. Indicator betreffende interne werking: De VRM zal eind 2021 mogelijke nieuwe risico’s in het kader van risicomanagement in kaart brengen. Operationele doelstelling dienstverlening

6:

Klantvriendelijke

Indicator betreffende dienstverlening:

klantvriendelijke

De VRM engageert zich om ingediende klachten aan te grijpen om de eigen dienstverlening te verbeteren. Indicator betreffende dienstverlening:

klantvriendelijke

Het aantal klachten over de werking van de VRM wordt jaarlijks in kaart gebracht tegen 31 januari van het jaar X+1. Operationele doelstelling 7: Samenwerken Samenwerken met het departement CJM

Indicator betreffende samenwerking met externe actoren: De VRM engageert zich om minstens vier maal per jaar deel te nemen aan het overleg met het departement. Dit overleg kan zowel fysiek als online plaatsvinden.

Operationele doelstelling 8: uitvoering “Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie gebouwen”

Indicator betreffende uitvoering “Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie gebouwen” De VRM verwijst hiervoor naar het ondernemingsplan van het Agentschap Facilitair Bedrijf.

Opgemaakt te Brussel op ………………………………… 2021 in twee originele exemplaren, waarvan elke partij er één ontvangt.

Benjamin Dalle Vlaams minister van Brussel, Jeugd en Media

Matthias Storme Voorzitter van de raad van bestuur VRM

Joris Sels Gedelegeerd bestuurder VRM

29


ondernemingsplan VRM 2021

7. Bijlage: Samenwerkingsakkoord van 17 november 2006 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, de Franstalige Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap betreffende het wederzijds consulteren bij het opstellen van regelgeving inzake elektronische communicatienetwerken, het uitwisselen van informatie en de uitoefening van de bevoegdheden met betrekking tot elektronische communicatienetwerken door de regulerende instanties bevoegd voor telecommunicatie of radio-omroep en televisie (art. 3 t.e.m. 7). Artikel 3. Elke ontwerpbeslissing van een regulerende instantie die betrekking heeft op elektronische communicatienetwerken wordt door de desbetreffende instantie overgemaakt aan de andere regulerende instanties die zijn opgesomd in artikel 2, 2°, van dit samenwerkingsakkoord. De regulerende instanties die geconsulteerd worden bezorgen binnen de 14 kalenderdagen hun opmerkingen aan de regulerende instantie die de ontwerpbeslissing heeft overgemaakt. Binnen deze termijn kan elk van de regulerende instanties die geconsulteerd worden vragen dat de ontwerpbeslissing aanhangig wordt gemaakt bij de Conferentie van Regulatoren voor de elektronische Communicatiesector (hierna genoemd de CRC). Dit verzoek tot onmiddellijke overmaking aan de CRC wordt gemotiveerd. De betrokken regulerende instantie neemt de opmerkingen in aanmerking die de andere regulerende instanties eraan bezorgd hebben en maakt de gewijzigde ontwerpbeslissing over aan de andere regulerende instanties. Deze laatste beschikken na ontvangst van de gewijzigde ontwerpbeslissing over een termijn van 7 kalenderdagen waarbinnen zij kunnen vragen dat de gewijzigde ontwerpbeslissing aanhangig wordt gemaakt bij de CRC. Ontwerpbeslissingen en opmerkingen omtrent ontwerpbeslissingen worden steeds gemotiveerd vanuit het oogpunt van de wettelijke bevoegdheid van diegene die de ontwerpbeslissing of de opmerking overmaakt. Na afloop van de in het tweede en derde lid voorziene termijn wordt de ontwerpbeslissing geacht, behoudens tegenbewijs, geen afbreuk te doen aan de bevoegdheden van de andere regulerende instanties. Artikel 4. Voorlopige maatregelen die genomen worden door een regulerende instantie in geval van hoogdringendheid en wanneer er een risico op een moeilijk te herstellen, ernstig nadeel bestaat, worden vrijgesteld van de toepassing van artikel 3 van dit samenwerkingsakkoord. Zij worden echter onverwijld ter kennis gebracht van de andere regulerende instanties. De voorlopige maatregelen duren in geen geval langer dan twee weken. Indien zij langer nodig zouden zijn, moeten zij het voorwerp uitmaken van een ontwerpbeslissing en zijn zij onderworpen aan de procedure van artikel 3. Artikel 5. De CRC wordt opgericht en is een samengesteld uit de vier leden van de Raad van het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, twee leden van de regulerende instantie van de Vlaamse Gemeenschap, twee leden van de regulerende instantie van de Franstalige Gemeenschap en 30


ondernemingsplan VRM 2021

één lid van de regulerende instantie van de Duitstalige Gemeenschap. Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord wordt de in dit lid omschreven samenstelling van de CRC aanzien als de gebruikelijke samenstelling van de CRC. De CRC heeft rechtspersoonlijkheid en neemt haar huishoudelijk reglement aan. Het huishoudelijk reglement van de CRC treedt pas inwerking na goedkeuring door het Interministerieel Comité voor Telecommunicatie en Radio-omroep en Televisie waarvan sprake in artikel 9 van dit samenwerkingsakkoord. Tegen alle beslissingen van de CRC kan binnen de 60 dagen nadat de beslissing aangetekend ter kennis werd gebracht van de belanghebbende partijen, bij het hof van beroep te Brussel, rechtsprekend zoals in kortgeding, beroep met volle rechtsmacht worden ingesteld waarbij het hof de bestreden beslissing kan vervangen door een nieuwe beslissing. Het beroep wordt bij verzoekschrift ingesteld tegen de CRC. Het hof van beroep te Brussel stelt de partijen die belang hebben bij de bestreden beslissing met een aangetekend schrijven in kennis van het bestaan van het beroep. Het beroep vermeld in deze paragraaf heeft geen schorsende werking tenzij indien het hof de schorsing van de bestreden beslissing uitspreekt. Voor alle aspecten die betrekking hebben op de procedure voor het hof van beroep van Brussel, is het Gerechtelijk Wetboek van toepassing. De leden van de CRC die deel uitmaken van de gebruikelijke samenstelling van de CRC duiden elk jaar op de verjaardag van de inwerkingtreding van dit samenwerkingsakkoord in hun midden een voorzitter en een lid die het secretariaat zal waarnemen aan, waarbij voor beide functies een beurtrol wordt gerespecteerd tussen de leden van de CRC. Elke beslissing van de CRC wordt genomen bij consensus tussen de aanwezige regulerende instanties. De leden van een regulerende instantie onthouden zich bij de stemming indien er geen eensluidend standpunt is tussen die leden. In het kader van haar werking en bij het nemen van beslissing neemt de CRC de regels en principes zoals bepaald in het toepasselijk Europees regelgevend kader in acht. Het Interministerieel Comité voor Telecommunicatie en Radio-omroep en Televisie waarvan sprake in artikel 9 van dit samenwerkingsakkoord neemt op verzoek van een Minister tot wiens bevoegdheden het beheer behoort van een regulerende instantie die is opgesomd in artikel 2, 2°, van dit samenwerkingsakkoord, de beslissing van de CRC in de plaats van de CRC in zijn gebruikelijke samenstelling. Het Interministerieel Comité voor Telecommunicatie en Radio-omroep en Televisie beslist in dit geval bij consensus. In het kader van haar werking en bij het nemen van beslissing neemt het Interministerieel Comité voor Telecommunicatie en Radio-omroep en Televisie de regels en principes zoals bepaald in het toepasselijk Europees regelgevend kader in acht. Het Interministerieel Comité voor Telecommunicatie en Radio-omroep en Televisie kan maar op basis van de procedure die omschreven is in het vorige lid een beslissing nemen nadat een periode van 75 kalenderdagen is verstreken tijdens dewelke de CRC in zijn gebruikelijke samenstelling beraadslaagd heeft omtrent het punt dat voor beslissing voorligt. Vanaf de 30ste kalenderdag van de voormelde periode van 75 kalenderdagen kan een regulerende instantie die een ontwerpbeslissing aanhangig heeft gemaakt bij de CRC aan elk van de regulerende instanties die weigeren om in te stemmen met de aanhangig gemaakte ontwerpbeslissing vragen dat 31


ondernemingsplan VRM 2021

zij binnen de 15 kalenderdagen een gedetailleerd tegenvoorstel voorlegt aan de CRC. De regulerende instantie die in voorkomend geval binnen de termijn van 15 kalenderdagen nalaat om een gedetailleerd tegenvoorstel voor te leggen wordt geacht in te stemmen met de aanhangig gemaakte ontwerpbeslissing. Artikel 6. De regulerende instantie die de ontwerpbeslissing had voorgelegd, staat in voor de verdere uitvoering van de beslissing van de CRC. Deze regulerende instantie informeert de andere regulerende instanties die zijn opgesomd in artikel 2, 2°, van dit samenwerkingsakkoord over de maatregelen die genomen werden ter uitvoering van de beslissing van de CRC. Artikel 7. Op gemotiveerd verzoek van één van de leden van de CRC maakt elk lid binnen de 7 werkdagen gedetailleerde informatie over omtrent de houder en de voorwaarden die verbonden zijn aan vergunningen of welke machtiging dan ook die door het betrokken lid werden toegekend.

32


ondernemingsplan VRM 2021

Schema : CRC-consultatieprocedure

Aanvaarding door andere NRI’s

Opmerking door een of meerdere nri’s

Besluit aanvaard

Ontwerpbesluit wordt aangepast en opnieuw voorgelegd

Ontwerpbesluit wordt voorgelegd door NRI

14 kalender dagen

CRC-procedure wordt ingeroepen door een of meerdere NRI’s

75 kalender dagen

Tegenvoorstel wordt gevraagd aan NRI die niet akkoord ging Na 75 dagen en op vraag van een minister

Aanvaarding door andere NRI’s

7 kalender dagen

Aangepast besluit aanvaard

CRC-procedure wordt ingeroepen door een of meerdere NRI’s

CRC-beslissing door consensus (buitengewone samenstelling, = interministerieel comité)

CRC-beslissing door consensus (gewone samenstelling)

Hof van beroep van Brussel

60 dagen 75 kalender dagen

Tegenvoorstel wordt gevraagd aan NRI die niet akkoord ging

CRC-beslissing door consensus (gewone samenstelling)

Na 75 dagen en op vraag van een minister

CRC-beslissing door consensus (buitengewone samenstelling, = interministerieel comité)

Hof van beroep van Brussel

60 dagen

33


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
VRM_OP_2021.pdf by Vlaanderen-be - Issuu