Skip to main content

Rapport_Ziekteverzuim_2008.pdf

Page 1

Stuurgroep Ziektecontrole Onderwijs – Encare Absenteïsme

RAPPORT ZIEKTEVERZUIM 2008 VLAAMS ONDERWIJSPERSONEEL

VLAAMS MINISTERIE VAN ONDERWIJS EN VORMING AGENTSCHAP VOOR ONDERWIJSDIENSTEN (AgODi) IN SAMENWERKING MET HET AGENTSCHAP VOOR HOGER ONDERWIJS EN VOLWASSENENONDERWIJS


Eindredactie Ivo Francis AgODi, Advies en Ondersteuning Onderwijspersoneel Patricia Van Reet AgODi, Personeel Basisonderwijs en CLB Met medewerking van Lise Van Proeyen AgODi, Scholen Secundair onderwijs en DKO en Scholen Basisonderwijs en CLB MENSURA AbsenteĂŻsme Verantwoordelijke uitgever Guy Janssens Administrateur-generaal; Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) Lay-out Johan Havaux AgODi, Advies en Ondersteuning Onderwijspersoneel Depotnummer D/2010/12.175/1 Druk Departement Onderwijs en Vorming Management Ondersteunende Diensten Drukkerij


Inhoud

Inhoud____________________________________________________________________________2 1) Inleiding_________________________________________________________________________4 1.1. Aantal personen _______________________________________________________________4 1.2. Aantal personeelseenheden _______________________________________________________6 2) Ziektedagen en attestdagen __________________________________________________________7 2.1. Aantal ziektedagen______________________________________________________________7 2.1.1. Totaal aantal ziektedagen _____________________________________________________7 2.1.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid ____________________________________7 2.1.3. Aantal zieke personen per dag _________________________________________________7 2.2. Aantal ééndagsziekten ___________________________________________________________9 2.2.1. Totaal aantal ééndagsziekten ___________________________________________________9 2.2.2. Ééndagsziekteverloven per onderwijsniveau _______________________________________9 2.2.3. Ééndagsziekteverlof per werkdag:_______________________________________________9 2.3. Aantal attestdagen: ____________________________________________________________10 2.3.1 Verdeling van de attestdagen per attestduur_______________________________________11 3) Ziekteverzuim en nulverzuim________________________________________________________12 3.1. Ziekteverzuimpercentage________________________________________________________12 3.1.1. Ziekteverzuimpercentage per leeftijdscategorie ____________________________________13 3.1.2. Ziekteverzuimpercentage per onderwijsniveau ____________________________________14 3.1.3. Ziekteverzuimpercentage per onderwijscategorie __________________________________14 3.2. Nulverzuim __________________________________________________________________14 3.2.1. Nulverzuimpercentage per leeftijdsgroep ________________________________________15 3.2.2. Nulverzuim per provincie ____________________________________________________15 4) Uitdieping ziektedagen en ziektegevallen _______________________________________________16 4.1. Ziektedagen per afwezigheidsperiode ______________________________________________16 4.1.1. Algemeen________________________________________________________________16 4.1.2. Ziektedagen ( 2 tot 9 dagen) per onderwijsniveau __________________________________18 4.1.3. Ziektedagen (2 tot 9 dagen) verdeeld over de maanden van het jaar ____________________19 4.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid ______________________________________21 4.2.1. Gemiddeld aantal ziektedagen per leeftijdsgroep___________________________________21 4.2.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per provincie ______________________________________21 4.2.3. Gemiddeld aantal ziektedagen per provincie per leeftijdsgroep ________________________22 4.2.4. Gemiddeld aantal ziektedagen per onderwijscategorie_______________________________24 4.3. Ziektegevallen ________________________________________________________________24 4.4. Ziektedagen en vervanging ______________________________________________________25 Rapport ziekteverzuim 2008

2


5) Epidemiologisch rapport.___________________________________________________________26 5.1. Top 5 ziektedagen en ziektegevallen per aandoening ___________________________________26 5.1.1. Top 5 ziektedagen__________________________________________________________26 5.1.2. Top 5 ziektegevallen ________________________________________________________27 5.2. Percentage dagen psychosociale aandoening per leeftijdsgroep ___________________________27 5.2.1. Percentage dagen psychosociale aandoening voor de leeftijdsgroep 56-65j_______________28 5.2.2. Percentage dagen psychosociale aandoening voor de leeftijdsgroep 46-55j_______________28 5.2.3. Conclusie ________________________________________________________________29 5.3. Percentage dagen psychosociale aandoening per onderwijscategorie _______________________29 6) Controles _______________________________________________________________________31 6.1. Aantal uitgevoerde controles – opgeleverde resultaat___________________________________31 6.2. Aantal uitgevoerde controles uitgesplitst naar de aanvrager van de controle _________________31 6.3. Aantal tweede controles_________________________________________________________32 6.4. Controles van ééndagsziekten ____________________________________________________32 7) Samenvatting en aanbevelingen ______________________________________________________33

Rapport ziekteverzuim 2008

3


1) Inleiding

In 2001 is de administratie gestart met het maken van een jaarrapport m.b.t. het ziekteverzuim voor het Vlaamse onderwijspersoneel, in samenwerking met de controlefirma die instaat voor de concrete ziektecontroles. In het eerste rapport werden de cijfers uitgesplitst per geslacht, leeftijdsgroep en provincie. In de volgende jaren werd het rapport uitgebreid met grafieken, kwamen er cijfers bij per onderwijsniveau en onderwijscategorie en werd het aangevuld met aanbevelingen voor het beleid. Vorig jaar werd er een bijkomend onderzoek gedaan naar het ziekteverzuim van de directies. De meegedeelde gegevens gaan in essentie over het aantal ziektedagen dat door de onderwijspersoneelsleden werd meegedeeld aan de controlefirma Encare Absenteïsme (sinds 1 september 2009 is de naam gewijzigd in Mensura). Daarnaast komen de gegevens uit de databanken voor personeelsbeheer van het ministerie, het zogenaamde Elektronisch PersoneelsDossier (EPD). In dit rapport worden gegevens verzameld voor de personeelsdossiers van het basisonderwijs, het secundair onderwijs, het deeltijds kunstonderwijs, het volwassenenonderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding. De personeelsleden van de hogescholen ressorteren niet onder de ziektecontrole van Encare Absenteïsme. 1.1. Aantal personen De personen die opgenomen zijn in dit rapport hebben een aanstelling en een bezoldiging ontvangen van het Agentschap voor Onderwijsdiensten en/of van de afdeling Volwassenenonderwijs van het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen. Omdat de contracten met de controlefirma’s telkens afgesloten worden per kalenderjaar, gaat het in het rapport “ziekteverzuim” telkens om gegevens per kalenderjaar, niet per schooljaar. In 2008 zijn voor het eerst de opvoeders van de gesubsidieerde internaten en de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie (CBE) in het rapport opgenomen, omdat zij pas vanaf dat jaar bezoldigd worden door de diensten van het ministerie van Onderwijs en Vorming. Aantal personen (hoofden):

2006 2007 2008

Mannen % 52.394 29,19 51.585 28,75 52.121 28,43

Vrouwen 127.116 127.866 131.220

% 70,81 71,25 71,57

Totaal 179.510 179.451 183.341

We stellen vast dat er 3890 personen meer opgenomen zijn in dit rapport dan in het rapport van 2007. Meer informatie over het stijgend aantal personen is te vinden in de statistische jaarboeken van het Vlaams Onderwijs 2007-2008 en 2008-2009 (http://www.ond.vlaanderen.be/onderwijsstatistieken). Hieronder splitsen we de personen uit per leeftijdsgroep, provincie, onderwijsniveau en onderwijscategorie.

Rapport ziekteverzuim 2008

4


- Aantal personen per leeftijdsgroep 2008 -25j Mannen 2.826 Vrouwen 10.390 Totaal 13.216

% 5,42 7,92 7,21

26-35j % 12.171 23,35 37.776 28,79 49.947 27,24

36-45j % 10.831 20,78 33.090 25,22 43.921 23,96

46-55j % 15.426 29,60 33.561 25,58 48.987 26,72

56-65j % 10.729 20,58 16.350 12,46 27.079 14,77

De personen ouder dan 65j zijn niet opgenomen in deze tabel.

- Aantal personen per provincie: 2008 Mannen Vrouwen Totaal

Antwerpen 13.795 36.886 50.681

% 26,47 28,11 27,64

Vl-Brabant 8.908 24.780 33.688

% 17,09 18,88 18,37

Limburg 7.629 17.877 25.506

% 14,64 13,62 13,91

O-Vl 11.403 28.821 40.224

% 21,88 21,96 21,94

W-Vl 10.375 22.838 33.213

% 19,91 17,40 18,12

De personen die in Wallonië of in het buitenland wonen, zijn niet opgenomen in deze tabel.

- Aantal personen per onderwijsniveau: Er zijn meer hoofdstructuren en onderwijsniveaus opgenomen in het rapport voor 2008. De Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s) zijn als afzonderlijke categorie opgenomen. Bij basisonderwijs zijn de Brusselse kinderdagverblijven, MPI’s, semi-internaten en opvangcentra opgenomen; bij secundair onderwijs de internaten en bij volwassenenonderwijs (VO) de Centra voor Basiseducatie. 2008 Mannen Vrouwen Totaal

Basis 11.416 63.842 75.258

% 21,90 48,65 41,05

Secundair 32.555 53.366 85.921

% 62,46 40,67 46,86

DKO 2.650 3.551 6.201

% 5,08 2,71 3,38

VO 4.183 6.230 10.413

% 8,03 4,75 5,68

CLB 599 3.311 3.910

% 1,15 2,52 2,13

Basis: hoofdstructuur 111, 121, 211, 221, IA0, IB0, IC0, ID0, IE0, T00 Secundair: hoofdstructuur 311, 312, 313, 321, IF0, IH0, II0 DKO: hoofdstructuur: 316 VO: hoofdstructuur: 317, 417, 618 CLB: hoofdstructuur C00, P00 Niet opgenomen:: inspectie, pedagogische begeleiding, en andere kleine hoofdstructuren

- Aantal personen per onderwijscategorie: 2008 Mannen Vrouwen Totaal

Ond 43.399 106.880 150.279

% 83,27 81,45 81,97

Dir 2.967 2.461 5.428

% 5,69 1,88 2,96

ParaM 347 5.052 5.399

% 0,67 3,85 2,94

Opv 3.326 7.707 11.033

Ond: bestuurs- en onderwijzend personeel met uitzondering van de directie Dir: directiepersoneel ParaM: paramedisch, psychologisch, orthopedagogisch, sociaal en medisch personeel Opv:: opvoedend hulppersoneel Admin: administratief personeel Tech: technisch personeel MVD: meester, vak- en dienstpersoneel Niet opgenomen: inspectie en pedagogische begeleiding

Rapport ziekteverzuim 2008

5

% 6,38 5,87 6,02

Admin 1.092 5.247 6.339

% 2,09 4,00 3,46

Tech 567 2.915 3.482

% 1,09 2,22 1,90

MVD 241 865 1.106

% 0,46 0,66 0,60


1.2. Aantal personeelseenheden Een volgend begrip dat gebruikt wordt om het ziekteverzuim te kunnen weergeven en verband houdt met personeel is ‘personeelseenheid’. Eén ‘personeelseenheid’ is de aanstelling van één persoon voor een volledig jaar. In 2008: 52.121 mannen komen overeen met 45.722,65 personeelseenheden 131.220 vrouwen komen overeen met 116.541,36 personeelseenheden 183.341 personen komen overeen met 162.264,01 personeelseenheden In 2007 vertegenwoordigden 179.451 personen 161.125,45 personeelseenheden. In 2006 vertegenwoordigden 179.510 personen 160.860,56 personeelseenheden. We merken daarbij op dat de procentuele stijging van het aantal personeelseenheden opgenomen in dit rapport gelijk is aan 0,71% ten opzichte van het rapport van 2007. Alle berekeningen en gegevens van Encare Absenteïsme m.b.t. de opgenomen ziektedagen zijn gebaseerd op personeelseenheden. Als we het verder in dit rapport hebben over “personeelsleden” bedoelen we ‘personeelseenheden’. Als het begrip personeelseenheden niet gebruikt wordt, maar men uitgaat van ‘fysieke personen’, dan wordt dat expliciet vermeld.

Rapport ziekteverzuim 2008

6


2) Ziektedagen en attestdagen

2.1. Aantal ziektedagen 2.1.1. Totaal aantal ziektedagen De ziektedagen die zijn geregistreerd bij Encare Absenteïsme voor het jaar 2008 (attesten opgestuurd in 2007 en 2008 voor 2008), aangevuld met de ééndagsziekteverloven, bedragen 2.290.102 dagen. Ter vergelijking: - Ziektedagen voor het jaar 2007: 2.215.122 - Ziektedagen voor het jaar 2006: 2.144.937 Nominaal is er een stijging met 74.980 ziektedagen. Dit is een stijging van 3,38% t.a.v. 2007, maar daarbij wordt geen rekening gehouden met het toegenomen aantal personeelsleden. Zoals eerder vermeld is deze laatste stijging echter maar 0,71%. Er is dus wel degelijk sprake van een stijging van het ziekteverzuim. 2.1.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid In 2008 noteren we de volgende cijfers m.b.t. het gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid: Mannen : 642.907 dagen voor 45.722,65 personeelsleden =14,06 Vrouwen: 1.647.195 dagen voor 116.541,36 personeelsleden = 14,13 Totaal: 2.290.102 dagen voor 162.264,01 personeelsleden = 14,11 ziektedagen Mannen Vrouwen Totaal

2006 13,33 13,33 13,33

2007 13,88 13,70 13,75

2008 14,06 14,13 14,11

2.1.3. Aantal zieke personen per dag De tabel op de volgende bladzijde toont een jaaroverzicht van de spreiding van het aantal zieken over het jaar. Zieken definiëren we als ‘personen, in koppen, die arbeidsongeschikt zijn’. Deze tabel toont duidelijk aan dat er tijdens vakantieperiodes, nl. in het kerst-, paas-, herfst- en krokusverlof, een significante terugval is qua ziekte. Wie ziek wordt tijdens die perioden, meldt geen ziekteverlof, omdat er niet gewerkt hoeft te worden. In de zomervakantie is het ziekteverzuim zeer laag. Dan gaat het alleen over personen die langdurig ziek zijn. Deze tabel geeft ook informatie op epidemiologisch vlak. Hoge pieken tijdens bepaalde maanden gaan, volgens Encare Absenteïsme, samen met periodes waarin er algemeen in Vlaanderen meer griep of griepgerelateerde aandoeningen opduiken. In 2007 waren er twee heel duidelijke pieken die wijzen op griepepidemieën, voor 2008 zien we dergelijke hoge pieken niet. Traditioneel is het aantal zieken het hoogst in de eerste maanden van het jaar.

Rapport ziekteverzuim 2008

7


Rapport ziekteverzuim 2008

8


2.2. Aantal ééndagsziekten 2.2.1. Totaal aantal ééndagsziekten Het aantal ééndagsziekteverloven voor 2008 bedraagt 85.808 dagen, genomen door 52.114 personen. Het aantal ééndagsziekteverloven voor 2007 bedraagt 79.958 dagen, genomen door 49.379 personen. Het aantal ééndagsziekteverloven voor 2006 bedraagt 58.710 dagen, genomen door 38.694 personen. De ééndagsziekteverloven zijn in 2008 gestegen met 5.850 dagen. Dit is een stijging van 7,32 % ten opzichte van 2007, terwijl het aantal personeelsleden slechts steeg met 0,71%. We merken ook op dat de stijging van de ééndagsziekteverloven sterker is dan de stijging van het totaal aantal ziektedagen. Het totaal aantal ziektedagen steeg immers met 3,38 %. De stijging van het aantal ééndagsziekten weerspiegelt zich ook in het aantal ééndagsziekteverloven opgenomen per personeelslid. In 2008 was dit gelijk aan 0,53. In 2007 was het gemiddelde aantal ééndagsziekteverloven per personeelseenheid gelijk aan 0,50 , in 2006 was dat 0,36. Ook het percentage personen dat gebruik maakt van ééndagsziekteverloven stijgt. In 2008 was dat gelijk aan 28,42%. In 2007 bedroeg het percentage 27,52% en in 2006 maakte 21,56% van het onderwijspersoneel minstens één keer gebruik van een ééndagsziekteverlof.

2.2.2. Ééndagsziekteverloven per onderwijsniveau In de onderstaande tabel delen we het aantal ééndagsziekteverloven per onderwijsniveau door het aantal personeelsleden in het betrokken onderwijsniveau. Zo kunnen we vaststellen of er verschillen zijn tussen de onderwijsniveaus m.b.t. de opname van ééndagsziekte. 2008 Mannen Vrouwen M+V

Basis 0,29 0,30 0,30

Secundair 0,54 0,68 0,63

DKO 0,58 0,62 0,60

VO 0,24 0,29 0,27

CLB 0,60 0,73 0,71

Totaal 0,46 0,47 0,47

Vrouwen in het CLB maken het meest gebruik van het ééndagsziekteverlof, mannen in het volwassenenonderwijs het minst. Los van de verdeling naar geslacht merken we dat de personeelsleden van het CLB het meest gebruik maken van het ééndagsziekteverlof. 2.2.3. Ééndagsziekteverlof per werkdag: 2008 Maandag Dinsdag Woensdag Donderdag Vrijdag Zaterdag Aantal 22356 16437 11408 15531 19261 754 Niet opgenomen: zondagen

Rapport ziekteverzuim 2008

9


ééndagziekteverlof per werkdag (2008) 25000 20000 15000 10000 5000 0 Maandag

Dinsdag

Woensdag

Donderdag

Vrijdag

Zaterdag

Blijkbaar worden de ééndagsziekteverloven het meest genomen op dagen die aansluiten bij het weekend (48,50%). 2.3. Aantal attestdagen: Personen die minstens 2 opeenvolgende dagen ziek zijn, moeten een ziekteattest bezorgen aan Encare Absenteïsme. In de volgende tabel geven we een overzicht van het aantal ontvangen attesten voor een jaar. Het feit dat er - in vergelijking met 2007 - meer ziektedagen zijn in 2008 en minder attesten, wijst erop dat de personeelsleden gemiddeld iets langer ziek zijn geweest.

2006 2007 2008

Attesten 122.977 131.261 127.793

Rapport ziekteverzuim 2008

10


2.3.1 Verdeling van de attestdagen per attestduur totaal aantal ziektedagen aangegeven met een attest 350000 300000 250000 200000

2006 2007

150000 100000 50000 0

2008

jan

feb

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

ziektedagen aangegeven met attesten van 2 - 14d. 300000 250000 200000

2006

150000

2007

100000

2008

50000 0 jan

feb

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

ziektedagen aangegeven met attesten > 14d. 300000 250000 200000

2006

150000

2007

100000

2008

50000 0 jan

feb

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

In 2008 zijn er stijgingen voor de maanden april en september. De stijging voor april kan worden verklaard, doordat er in 2008 maar 1 week paasvakantie viel in april, terwijl in 2006 en 2007 de paasvakantie integraal viel in de maand april.

Rapport ziekteverzuim 2008

11


3) Ziekteverzuim en nulverzuim

3.1. Ziekteverzuimpercentage Het ziekteverzuim is het aantal ziektedagen dat de personeelsleden gespreid over het jaar opnemen. Het “ziekteverzuimpercentage” wordt als volgt berekend: totaal aantal ziektedagen x 100 totaal aantal personeelseenheden x 365 (of 366)

Dit percentage geeft dus weer hoeveel procent van de dagen in een jaar een personeelslid gemiddeld afwezig is wegens ziekte. Traditioneel wordt in alle sectoren het ziekteverzuimpercentage berekend op basis van het totaal aantal dagen in het jaar, zonder rekening te houden met op te nemen vakantiedagen. Ook in de privésector en bij overheidsdiensten kan dat aantal dagen uiteenlopen. Doordat in het onderwijs het aantal dagen vakantie relatief groot is en in deze perioden het ziekteverzuim significant lager is, moeten we ervan uitgaan dat het ziekteverzuimpercentage voor het onderwijspersoneel daardoor positief beïnvloed wordt. Dat aspect maakt een vergelijking met andere sectoren moeilijk. Als men rekening houdt met 2.290.102 ziektedagen (het aantal ziektedagen met ééndagsziekteverloven inbegrepen) bedraagt het ziekteverzuimpercentage voor 2008 3,86%. Die berekening is gebaseerd op 162.264,01 personeelseenheden. Het gaat om 183.341 personen, maar er wordt rekening mee gehouden dat een aantal van hen geen aanstelling hebben voor een volledig jaar (zie ook 1.2. Aantal personeelseenheden). Als men rekening houdt met 2.204.294 dagen (het aantal ziektedagen zonder ééndagsziekteverloven) bedraagt het ziekteverzuimpercentage voor 2008 3,71%. In 2007 was het ziekteverzuimpercentage 3,77% (met ééndagsziekteverloven inbegrepen) of 3,63% (zonder ééndagsziekteverloven). In 2006 was het ziekteverzuimpercentage 3,65% (met ééndagsziekteverloven inbegrepen) of 3,55% (zonder ééndagsziekteverloven). In 2005 was het ziekteverzuimpercenatge 3,83% (met ééndagsziekteverloven inbegrepen) of 3,72% (zonder ééndagsziekteverloven).

Rapport ziekteverzuim 2008

12


ziekteverzuimpercentage met of zonder ĂŠĂŠndagsziekteverlof 4 3 1dz inbegrepen

2

zonder 1dz

1 0 2006

2005

2007

2008

Zelfs al houden we rekening met de stijging van het aantal personeelsleden, dan stellen we toch nog een stijging van het ziekteverzuim vast in 2008 ten opzichte van 2006 en 2007. 3.1.1. Ziekteverzuimpercentage per leeftijdscategorie

2006 2007 2008

-25j 1,06 1,15 1,02

26-35j 2,06 2,15 1,96

36-45j 2,53 2,70 2,62

46-55j 4,09 4,05 4,02

56-65j 8,18 8,73 8,83

Over de jaren heen zien we dat het ziekteverzuimpercentage opmerkelijk stijgt met de leeftijd. In vergelijking met de voorbije jaren stijgt het ziekteverzuimpercentage in 2008 enkel bij de leeftijdscategorie 56-65j.

ziekteverzuimpercentage per leeftijd 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0

2006 2007 2008

-25j

Rapport ziekteverzuim 2008

26-35j

36-45j

46-55j

13

56-65j


3.1.2. Ziekteverzuimpercentage per onderwijsniveau

2006 Mannen Vrouwen Totaal

Basis 3,90 3,72 3,75

Secundair 3,95 3,79 3,85

DKO 1,73 2,67 2,26

CVO 1,19 2,42 1,96

2007 Mannen Vrouwen Totaal

Basis 4,07 3,82 3,86

Secundair 4,02 3,82 3,86

DKO 2,05 2,64 2,38

CVO 1,23 2,76 2,08

2008 Mannen Vrouwen Totaal

Basis 3,94 3,84 3,86

Secundair 4,12 3,98 4,03

DKO 2,02 2,94 2,55

CVO 2,31 4,22 3,42

CLB 4,57 3,09 3,32

Opmerkelijk is dat bij de vrouwen in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en het CLB minder ziekteverzuim is dan bij de mannelijke collega’s, terwijl dat in het deeltijds kunstonderwijs en het volwassenenonderwijs omgekeerd is. 3.1.3. Ziekteverzuimpercentage per onderwijscategorie Deze gegevens worden pas verzameld sinds 2007, waardoor er geen gegevens zijn voor 2006. 2007 Mannen Vrouwen Totaal

Ond Dir ParaM Opv Admin Tech MVD Totaal 3,75 4,12 3,17 4,10 2,51 4,06 9,32 3,80 3,74 3,53 3,29 4,00 3,07 3,51 10,83 3,75 3,74 3,88 3,28 4,03 2,98 3,60 10,51 3,77

2008 Mannen Vrouwen Totaal

Ond Dir ParaM Opv Admin Tech MVD Totaal 3,78 4,43 2,53 3,94 2,47 4,60 9,06 3,84 3,83 4,28 3,80 4,00 3,25 3,00 11,13 3,75 3,81 4,36 3,76 4,18 3,17 3,25 10,64 3,86

Er is een uitschieter bij het meesters-, vak- en dienstpersoneel. We noteren hierbij dat het hier om een uitdovende personeelscategorie gaat met een groter aandeel oudere personeelsleden. 3.2. Nulverzuim Het nulverzuimpercentage is het percentage personeelsleden dat in de loop van het jaar niet ziek geweest is. De algemeen aanvaarde norm door controlefirma’s is hier 50%. Dat betekent dat men ervan uitgaat dat in ondernemingen de helft van alle personeelsleden geen enkele dag ziek is tijdens een jaar. Als de ééndagsziekteverloven meegeteld worden, is er voor het Vlaamse onderwijs een nulverzuimpercentage in 2008 van 49,56% (in 2007: 48,97%; in 2006: 54,45%;), wat betekent dat iets minder dan de helft van de onderwijspersoneelsleden geen enkele dag ziek geweest is in 2008. Het nulverzuimpercentage zonder het meerekenen van ééndagsziekteverloven is 64,11% (62,51% in 2007; 65,07% in 2006).

Rapport ziekteverzuim 2008

14


3.2.1. Nulverzuimpercentage per leeftijdsgroep 2006 -25j 26-35j Mannen 72,77 57,21 Vrouwen 66,11 46,93

36-45j 60,70 51,26

46-55j 57,44 47,02

56-65j 61,50 66,67

2007 -25j 26-35j Mannen 66,39 50,48 Vrouwen 62,92 41,74

36-45j 53,21 45,66

46-55j 52,60 42,58

56-65j 55,34 61,23

2008 -25j 26-35j Mannen 68,19 51,08 Vrouwen 62,10 43,04

36-45j 53,24 45,99

46-55j 54,03 43,80

56-65j 55,41 60,69

Bij vrouwen van 56-65j is het nulverzuim 60,69%, terwijl zij een hoog ziekteverzuimpercentage hebben. Dat betekent dat, wanneer zij ziek zijn, het voor een lange periode is. 3.2.2. Nulverzuim per provincie 2006 Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl Mannen 58,10 59,92 56,04 60,33 63,75 Vrouwen 51,49 51,92 49,38 52,05 56,23 2007 Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl Mannen 52,26 53,58 51,34 52,77 57,67 Vrouwen 46,17 46,09 45,66 46,32 51,71 2008 Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl Mannen 52,92 54,38 50,83 53,75 58,88 Vrouwen 46,68 47,01 45,16 46,82 53,17

nulverzuim per provincie 70 60 2006 V

50

2007 V

40

2008 V

30

2006 M 2007 M

20

2008 M

10 0 Antwerpen Vl- Brabant

Limburg

O-Vl

W-Vl

Traditioneel is het nulverzuimpercentage het laagst in Limburg. West-Vlaanderen noteert het hoogste nulverzuimpercentage.

Rapport ziekteverzuim 2008

15


4) Uitdieping ziektedagen en ziektegevallen

4.1. Ziektedagen per afwezigheidsperiode 4.1.1. Algemeen ziektedagen 1-10 11-30 31-180 >180

2006 302.832 262.998 874.183 704.926

% 14,12 12,26 40,76 32,86

2007 352.307 262.577 891.261 708.977

% 15,90 11,85 40,24 32,01

2008 343.216 263.028 948.278 735.580

% 14,99 11,48 41,41 32,12

De verdeling van de ziektedagen over de duur van de afwezigheidsperiode blijft vrij constant. Toch zien we een lichte stijging in de categorie 31-180 dagen en een daling in de categorie 1-10 dagen.

% ziektedagen per leeftijdscategorie mannen 2006 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 51,08 41,64 27,06 13,83 3,37 11-30d 19,49 18,74 17,93 13,1 4,34 31-180d 29,43 32,85 41,85 42,14 33,65 >180d 0 6,77 13,16 30,93 58,64 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

% ziektedagen per leeftijdscategorie vrouwen 2006 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 55,64 29,64 18,36 12,03 4,54 11-30d 21,45 20,54 18,12 12,20 6,30 31-180d 21,29 43,28 46,05 43,57 38,55 >180d 1,62 6,54 17,47 32,20 50,61 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

% ziektedagen per leeftijdscategorie mannen 2007 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 56,45 43,26 29,09 16,69 3,99 11-30d 20,24 17,85 15,57 12,37 2,87 31-180d 23,31 33,75 41,75 44,46 36,59 >180d 0 5,14 13,59 26,48 56,55 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

% ziektedagen per leeftijdscategorie vrouwen 2007 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 59,15 32,39 19,83 13,82 5,20 11-30d 20,24 20,25 16,77 12,24 5,70 31-180d 19,92 39,59 45,19 43,32 37,18 >180d 0,69 7,77 18,21 30,62 51,22 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

% ziektedagen per leeftijdscategorie mannen 2008 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 46,63 44,62 29,91 15,55 3,91 11-30d 17,65 17,82 17,47 12,10 3,99 31-180d 35,72 30,99 38,67 45,77 36,89 >180d 0 6,57 13,95 26,58 55,21 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

% ziektedagen per leeftijdscategorie vrouwen 2008 -25j 26-35j 36-45j 46-55j 56-65j 1-10d 54,11 30,67 18,99 13,03 4,92 11-30d 20,34 19,51 16,31 12,08 5,56 31-180d 21,12 39,80 44,95 45,22 39,88 >180d 4,43 10,02 19,75 29,67 49,64 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00

Rapport ziekteverzuim 2008

16


% ziektedagen 1-10 d m annen

% ziektedagen 1-10 d vrouw en

60

60

50

50

40

2006

40

2006

30

2007

30

2007

20

2008

20

2008

10

10

0

0 -25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

% ziektedagen 11-30 d vrouw en

% ziektedagen 11-30 d m annen 60

60 50

50

40

2006

40

2006

30

2007

30

2007

20

2008

20

2008

10

10

0

0

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

% ziektedagen 31-180 d vrouw en

% ziektedagen 31-180 d m annen 50

50

40

40 2006

30

2007

20

2008

10

2006

30

2007

20

2008

10

0

0

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

-25j

% ziektedagen >180 d m annen

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

% ziektedagen >180 d vrouw en

60

60

50

50

40

2006

40

2006

30

2007

30

2007

20

2008

20

2008

10

10

0

0

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

-25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

Uit deze cijfers leiden we af dat korte afwezigheden opmerkelijk meer voorkomen bij jongere personeelsleden en langere afwezigheden meer bij de oudere personeelsleden.

Rapport ziekteverzuim 2008

17


4.1.2. Ziektedagen ( 2 tot 9 dagen) per onderwijsniveau Deze gegevens werden opgemaakt naar aanleiding van de invoering van de vervanging van korte afwezigheden in 2006. Vanaf dat ogenblik was het in het basis- en secundair onderwijs mogelijk om personeelsleden te vervangen die minder lang afwezig waren dan 10 dagen. Het was onze bedoeling te monitoren of de invoering van die maatregel een wijziging zou meebrengen in het ziekteverzuim voor die korte periode. In de onderstaande tabel zetten we het aantal ziektedagen uit, verdeeld over de duur van het attest dat de afwezigheid dekt. 2006 NIVEAU DAGEN Andere Basis Sec DKO CVO Totaal 2 894 13.380 17.708 804 862 33.648 3 1.467 19.137 23.181 1.236 1.386 46.407 4 1.188 15.624 21.908 1.320 1.200 41.240 5 1.395 23.560 28.860 1.300 1.245 56.360 6 360 3.990 5.724 750 360 11.184 7 385 4.669 5.194 378 308 10.934 8 560 6.776 8.336 472 280 16.424 9 495 6.372 8.235 495 405 16.002 Totaal 6.744 93.508 119.146 6.755 6.046 232.199

2007 NIVEAU DAGEN Andere Basis Sec DKO CVO Totaal 2 924 14.296 19.680 912 956 36.768 3 1.584 22.065 26.361 1.581 1.653 53.244 4 1.352 17.088 23.288 1.408 1.520 44.656 5 1.610 27.170 33.875 1.360 1.675 65.690 6 348 4.596 6.408 810 378 12.540 7 504 5.418 6.335 455 385 13.097 8 528 6.400 8.688 504 384 16.504 9 486 7.110 8.766 414 324 17.100 Totaal 7.336 104.143 133.401 7.444 7.275 259.599 2008 NIVEAU DAGEN Andere Basis Sec DKO VO CLB Totaal 2 64 13.702 18.252 808 1.362 774 34.962 3 114 20.436 24.609 1425 2.109 1182 49.875 4 76 16.200 21.828 1264 1.980 960 42.308 5 85 24.300 31.395 1235 2.295 1210 60.520 6 30 4.572 5.814 678 480 228 11.802 7 14 5.138 5.425 497 469 287 11.830 8 8 6.576 8.392 512 480 408 16.376 9 45 6.480 8.073 342 567 495 16.002 Totaal 436 97.404 123.788 6.761 9.742 5.544 243.675

We stellen vast dat er in 2007 een stuk meer kort ziekteverzuim was dan in 2006. Dat staat in tegenstelling tot 2008 waar we opnieuw een daling noteren van 15.924 dagen. We gaan er bijgevolg van uit dat de maatregel van vervanging voor korte vervangingen slechts een beperkte invloed heeft op het korte ziekteverzuim, maar dat eerder factoren als griep rechtstreeks zichtbaar worden in de cijfers. Rapport ziekteverzuim 2008

18


4.1.3. Ziektedagen (2 tot 9 dagen) verdeeld over de maanden van het jaar 2006 Maand Dagen jan 2 4.286 3 6.222 4 5.744 5 8.150 6 1.404 7 1.428 8 2.256 9 1.908 Totaal 31.398

feb 5.722 7.827 6.404 8.730 1.782 1.561 2.440 2.259 36.725

maart 4.404 6.678 5.988 10.440 1.734 1.575 2.472 2.475 35.766

april 1.258 1.587 2.036 1.510 426 462 648 612 8.539

mei 3.012 5.010 3.900 4.455 1.254 1.155 1.296 1.476 21.558

juni 1.918 1.974 1.988 1.975 588 630 1.184 1.332 11.589

juli 32 57 32 40 24 28 16 27 256

2007 Maand Dagen jan 2 4.696 3 7.818 4 6.784 5 10.470 6 1.716 7 2.212 8 2.176 9 2.241 Totaal 38.113

feb 6.462 9.942 9.804 16.415 2.388 2.338 2.968 2.907 53.224

maart 4.220 5.505 4.900 7.645 1.554 1.736 2.232 2.421 30.213

april 1.316 1.788 1.548 2.620 456 532 624 783 9.667

mei 3.372 4.737 2.940 3.565 1.164 1.050 1.256 1.476 19.560

juni 1.734 2.379 2.052 2.950 702 889 1.208 963 12.877

juli 62 48 68 90 12 0 8 27 315

2008 Maand Dagen jan 2 6.062 3 8.904 4 7.340 5 11.460 6 2.040 7 1.722 8 2.456 9 2.070 Totaal 42.054

feb 4.066 6.084 5.500 8.875 1.752 1.834 2.384 2.322 32.817

maart 3.322 5.250 5.108 7.320 1.206 1.344 1.816 1.746 27.112

april 3.338 4.911 3.200 5.140 1.308 1.603 1.816 1.773 23.089

Mei 2.844 3.522 3.632 3.970 918 812 1.152 1.566 18.416

juni 1.748 2.637 2.200 2.970 630 847 1.008 1.017 13.057

juli 48 45 56 20 12 0 16 27 224

aug 58 75 32 60 18 63 56 108 470

aug 60 66 68 65 36 7 32 99 433

aug 42 51 76 120 36 63 96 99 583

sept 2.238 2.637 2.332 3.120 810 826 1.232 990 14.185

sept 2.376 3.180 2.500 3.190 948 903 1.400 1.008 15.505

sept 2.884 3.939 3.784 4.915 942 819 1.200 1.152 19.635

okt 3.786 4.770 4.488 6.195 1.092 1.162 1.720 1.737 24.950

okt 4.320 5.787 4.784 5.950 1.032 1.071 1.360 1.728 26.032

okt 3.546 4.743 3.944 4.935 990 896 1.544 1.584 22.182

nov 4.248 5.913 5.136 7.440 1.332 1.414 1.616 1.746 28.845

nov 5.126 7.155 5.784 7.905 1.692 1.491 1.912 2.061 33.126

nov 4.124 5.484 4.036 6.210 1.176 1.134 1.632 1.539 25.335

dec 2.686 3.657 3.160 4.245 720 630 1.488 1.332 17.918

totaal 33.648 46.407 41.240 56.360 11.184 10.934 16.424 16.002 232.199

dec totaal 3.024 36.768 4.839 53.244 3.424 44.656 4.825 65.690 840 12.540 868 13.097 1.328 16.504 1.386 17.100 20.534 259.599

dec 2.938 4.305 3.432 4.585 792 756 1.256 1.107 19.171

totaal 34.962 49.875 42.308 60.520 11.802 11.830 16.376 16.002 243.675

Voor de ziektedagen van 2 tot 9 dagen zien we in 2008 een opmerkelijke daling in februari. en in november. Traditioneel vormen de periodes februari-maart en november de piekperiodes voor kort ziekteverzuim. Uit navraag bij Encare blijkt dat het ziekteverzuim als gevolg van virale infecties in de piekperiodes in 2008 slechts 42 % bedraagt van het percentage voor dezelfde periodes in 2007. In de grafieken op de volgende bladzijde wordt het lager aantal ziektedagen in de vakantieperiodes opnieuw duidelijk zichtbaar. Doordat in 2008 de paasvakantie gelijk verdeeld was over de maanden maart en april, is er geen terugval te zien in april. In 2006 en 2007 zien we die wel, omdat toen de paasvakantie volledig in de maand april viel.

Rapport ziekteverzuim 2008

19


ziektedagen 2006 per dag afwezigheid 54.000 52.000 50.000 48.000 46.000 44.000 42.000 40.000 38.000 36.000 34.000 32.000 30.000 28.000 26.000 24.000 22.000 20.000 18.000 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000 6.000 4.000 2.000 0

9 dagen 8 dagen 7 dagen 6 dagen 5 dagen 4 dagen 3 dagen 2 dagen

jan

feb

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

ziektedagen 2007 per dag afwezigheid 54.000 52.000 50.000 48.000 46.000 44.000 42.000 40.000 38.000 36.000 34.000 32.000 30.000 28.000 26.000 24.000 22.000 20.000 18.000 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000 6.000 4.000 2.000 0

9 dagen 8 dagen 7 dagen 6 dagen 5 dagen 4 dagen 3 dagen 2 dagen

jan

f eb

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

ziektedagen 2008 per dag afwezigheid 54000 52000 50000 48000 46000 44000 42000 40000 38000 36000 34000 32000 30000 28000 26000 24000 22000 20000 18000 16000 14000 12000 10000 8000 6000 4000 2000 0

9 dagen 8 dagen 7 dagen 6 dagen 5 dagen 4 dagen 3 dagen 2 dagen

jan

feb

maart

Rapport ziekteverzuim 2008

april

mei

juni

juli

20

aug

sept

okt

nov

dec


4.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid Onder punt 2.1.2 werd al aangehaald dat in 2008 het gemiddeld aantal ziektedagen per personeelslid 14, 11 dagen bedroeg. 4.2.1. Gemiddeld aantal ziektedagen per leeftijdsgroep 2006 Mannen Vrouwen

-25j 26-35j 3,18 4,42 4,05 8,49

36-45j 5,69 10,39

46-55j 11,13 16,85

56-65j 35,01 26,40

2007 Mannen Vrouwen

-25j 26-35j 4,07 5,05 4,22 8,73

36-45j 6,34 11,01

46-55j 11,09 16,60

56-65j 37,19 28,32

2008 Mannen Vrouwen

-25j 26-35j 4,01 4,62 4,35 8,78

36-45j 6,15 11,36

46-55j 11,09 17,13

56-65j 37,81 29,37

We zien dat het aantal ziektedagen stijgt met de leeftijd. Tot en met de categorie 46-55 zijn vrouwen meer dagen afwezig dan mannen. In de oudste leeftijdscategorie zijn mannen gemiddeld meer dagen afwezig dan vrouwen. Ten opzichte van 2007 stijgt het gemiddelde aantal ziektedagen in alle leeftijdscategorieĂŤn bij de vrouwen, bij de mannen enkel in de groep van 56-65j. gemiddeld aantal ziektedagen per leeftijdsgroep 40 2006 V

30

2007 V 2008 V

20

2006 M 2007 M

10

2008 M

0 -25j

26-35j

36-45j

46-55j

56-65j

4.2.2. Gemiddeld aantal ziektedagen per provincie 2006 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl 13,20 13,08 18,18 11,32 12,35 12,78 13,36 17,16 12,05 12,87

2007 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl 13,27 14,09 18,42 12,54 12,66 13,39 14,09 17,26 12,64 12,37

2008 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl 13,80 13,44 19,27 12,54 12,79 14,10 14,70 17,35 12,86 12,69

Rapport ziekteverzuim 2008

21


gemiddeld aantal ziektedagen per provincie 30 25

2006 V

20

2007 V 2008 V

15

2006 M

10

2007 M

5

2008 M

0 Antwerpen

Vl- Brabant

Limburg

O-Vl

W-Vl

Er is er een stijging ten opzichte van 2007 in alle provincies, behalve bij de mannen in VlaamsBrabant. Limburg blijft de provincie met het grootste gemiddeld aantal ziektedagen. 4.2.3. Gemiddeld aantal ziektedagen per provincie per leeftijdsgroep We kijken hier naar de groepen van de oudste personeelsleden, omdat die de meest interessante gegevens bevatten. leeftijdsgroep 56-65j: 2006 Antwerpen Vl-Brabant Mannen 37,55 30,95 Vrouwen 25,16 24,20

Limburg O-Vl W-Vl 50,19 25,49 33,24 41,10 20,95 26,94

2007 Antwerpen Vl-Brabant Mannen 35,99 39,49 Vrouwen 27,12 30,96

Limburg O-Vl W-Vl 51,26 30,07 33,31 41,67 22,80 24,90

2008 Antwerpen Vl- Brabant Limburg O-Vl W-Vl Mannen 37,76 32,88 54,60 31,82 34,83 Vrouwen 29,26 30,66 42,74 23,73 25,26 De algemene trend is stijgend, behalve in Vlaams-Brabant. Opmerkelijk zijn de hoge cijfers in Limburg.

Rapport ziekteverzuim 2008

22


gemiddeld aantal ziektedagen 56-65j 60 50

2006 V

40

2007 V 2008 V

30

2006 M

20

2007 M 2008 M

10 0 Antwerpen

Vl-Brabant

Limburg

O-Vl

W-VL

leeftijdsgroep 46-55j: 2006 Antwerpen Mannen 9,79 Vrouwen 16,40

Vl-Brabant 12,25 17,62

Limburg O-Vl 12,19 11,55 20,01 15,49

W-Vl 10,81 16,00

2007 Antwerpen Mannen 10,16 Vrouwen 16,67

Vl-Brabant 10,89 17,56

Limburg O-Vl 12,68 11,52 18,49 15,71

W-Vl 10,83 15,17

Antwerpen Vl-Brabant 11,16 11,11 17,50 18,40

Limburg O-Vl 11,58 11,09 18,66 15,32

W-Vl 10,67 16,36

2008 Mannen Vrouwen

gemiddeld aantal ziektedagen 46-55j 60 50

2006 V

40

2007 V 2008 V

30

2006 M

20

2007 M 2008 M

10 0 Antwerpen

Vl-Brabant

Limburg

O-Vl

W-VL

In deze groep leunt Limburg dichter aan bij het gemiddelde van de andere provincies.

Rapport ziekteverzuim 2008

23


4.2.4. Gemiddeld aantal ziektedagen per onderwijscategorie Deze gegevens worden verzameld sinds 2007. Voor 2006 zijn er bijgevolg geen gegevens beschikbaar. 2007 mannen vrouwen

Ond 13,70 13,64

Dir 15,14 12,90

ParaM 11,58 12,01

Opv 14,96 14,58

Admin 9,17 11,19

Tech 14,80 12,79

MVD 34,01 39,54

Totaal 13,88 13,70

2008 mannen vrouwen

Ond 13,86 14,00

Dir 16,52 15,29

ParaM 9,26 14,06

Opv 14,61 15,61

Admin 9,38 11,98

Tech 17,20 10,84

MVD 32,62 40,72

Totaal 14,06 14,13

In deze cijfers vallen vooral die voor het meesters-, vak- en dienstpersoneel op. Het hier gaat om een uitdovende personeelscategorie, met een oververtegenwoordiging van oudere personeelsleden. Ook directies en de mannen van het technisch personeel scoren een stuk boven het gemiddelde. In 2008 stellen we een stijging vast bij de meeste onderwijscategorieĂŤn. Bij de mannen is de stijging het grootst bij het technisch personeel, bij de vrouwen bij het directiepersoneel. 4.3. Ziektegevallen Een ziektegeval is een aaneengesloten periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid. Ook deze parameter wordt al jaren in kaart gebracht, omdat de verhouding tussen ziektegevallen en ziektedagen een beeld geeft van de duur van de afwezigheden wegens ziekte. Totaal aantal ziektegevallen: ziektegevallen 2006 Mannen 38.139 Vrouwen 113.080 Totaal 151.209

2007 46.162 133.526 179.688

2008 45.736 136.118 181.854

Ziektegevallen per afwezigheidsperiode: ziektegevallen 2006 % 2007 % 2008 % 1-10 dagen 121.520 80,36 149.708 83,32 151.559 83,34 11-30 dagen 14.932 9,88 14.994 8,34 14.939 8,21 31-180 dagen 12.130 8,02 12.360 6,88 12.667 6,97 >180 dagen 2.637 1,74 2.626 1,46 2.689 1,48 De verdeling van de percentages ziektegevallen per afwezigheidsperiode blijft vrij stabiel t.a.v. 2007.

Rapport ziekteverzuim 2008

24


4.4. Ziektedagen en vervanging Sinds enkele jaren wordt opgevolgd in welke mate ziekteverloven leiden tot vervanging van de titularissen. Deze gegevens worden gedistilleerd uit de personeelsdatabank (EPD). Wanneer we de afgelopen jaren bekijken, zien we dat er voor ongeveer 70% van de ziektedagen vervangers ingeschakeld worden. De afgelopen jaren valt vooral de toename van het aantal vervangers op. Dat hangt zeker samen met de maatregel die de vervanging van korte afwezigheden mogelijk maakt, maar het kan er ook op wijzen, dat men voor een afwezigheid wegens ziekte van ĂŠĂŠn personeelslid, soms een aantal vervangers moet zoeken. Volgens de personeelsdatabank EPD werden er in 2008 1.546.446 dagen vervangen door 25.839 personen. In 2007: 1.484.037 dagen en 23.612 vervangers In 2006: 1.465.753 dagen en 24.212 vervangers In 2005: 1.445.184 dagen en 20.577 vervangers. In 2004: 1.406.533 dagen en 19.284 vervangers. In 2003: 1.418.963 dagen en 18.024 vervangers Volgens EPD wordt er 69,28% van het totaal aantal ziektedagen vervangen (in 2007: 70,05%; in 2006: 70,80%; in 2005: 69,70%; in 2004: 69,40%; in 2003: 63,95%).

Vervangingspercentage volgens EPD 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2003

Rapport ziekteverzuim 2008

2004

2005

2006

25

2007

2008


5) Epidemiologisch rapport.

5.1. Top 5 ziektedagen en ziektegevallen per aandoening De controlefirma stelt ook de ziektecijfers opgedeeld volgens de diagnosegroepen ter beschikking. We vermelden niet alle diagnosegroepen. We maken een top 5 met de meest voorkomende aandoeningen. 5.1.1. Top 5 ziektedagen Top 5 van het totaal % ziektedagen per aandoening (2006) Mannen Vrouwen Psychosociaal 42,89 Psychosociaal 37,29 Rug 10,19 Rug 9,89 Gewrichten 7,98 Gynaecologisch 8,35 Ledematen 5,70 Ledematen 6,26 Cardiologisch 4,86 Gewrichten 6,02 Totaal 71,62 67,81 Top 5 van het totaal % ziektedagen per aandoening (2007) Mannen Vrouwen Psychosociaal 42,05 Psychosociaal 37,36 Rug 7,57 Rug 9,03 Gewrichten 7,38 Gynaecologisch 8,29 Ledematen 5,69 Griep 6,56 Cardiologisch 5,22 Ledematen 6,20 Totaal 67,88 67,44 Top 5 van het totaal % ziektedagen per aandoening (2008) Mannen Vrouwen Psychosociaal 44,02 Psychosociaal 36,79 Rug 10,15 Rug 10,87 Gewrichten 7,35 Gynaecologisch 9,42 Ledematen 5,16 Ledematen 5,83 Cardiologisch 4,41 Griep 5,50 Totaal 71,09 68,41 We zien dat psychosociale aandoeningen veruit de meeste ziektedagen opeisen. We noteren op dat gebied zelfs nog een lichte stijging. In 2008 waren 38,82% van de ziektedagen veroorzaakt door een psychosociale oorzaak, terwijl in 2007 psychosociale aandoeningen aan de basis lagen voor 38,72 % van de ziektedagen. In 2006 was dat 38,92%. Bij de vrouwen daalt het aandeel psychosociale ziektedagen van 37,36% naar 36,79%, terwijl het bij de mannen stijgt van 42,05% naar 44,02%.

Rapport ziekteverzuim 2008

26


5.1.2. Top 5 ziektegevallen Top 5 van het totaal % ziektegevallen per aandoening (2006) Mannen Vrouwen Griep 15,46 Griep 17,09 Psychosociaal 9,73 Psychosociaal 11,16 Maag en darmen 6,92 Maag en darmen 7,81 Rug 5,66 Neus, keel, oren 5,60 Neus, keel, oren 3,88 Rug 5,21 Totaal 41,65 46,87 1dz 43,81 1dz 38,14 (EĂŠndagsziekteverlof (1dz) wordt beschouwd als een categorie van ziektegevallen) Top 5 van het totaal % ziektegevallen per aandoening (2007) Mannen Griep Psychosociaal Maag en darmen Neus, keel, oren Rug Totaal 1dz

16,08 7,85 6,83 3,56 2,29 36,61 49,13

Vrouwen Griep Psychosociaal Maag en darmen Neus, keel, oren Urogenitaal 1dz

17,50 9,33 7,02 5,10 3,98 42,93 42,90

Top 5 van het totaal % ziektegevallen per aandoening (2008) Mannen Vrouwen Griep 13,59 Griep 14,93 Psychosociaal 7,83 Psychosociaal 9,25 Maag en darmen 5,93 Maag en darmen 6,98 Rug 5,00 Neus, keel, oren 4,95 Neus, keel, oren 3,45 Rug 4,55 Totaal 38,80 40,66 1dz 51,62 1dz 45,01 Het grootste aantal ziektegevallen wordt veroorzaakt door griep. Dit weerspiegelt zich niet zo sterk in de ziektedagen, aangezien het over kortere afwezigheidsperiodes gaat. We zien dat het percentage griepgevallen in 2008 gedaald is t.o.v. 2007 en 2006. Dit weerspiegelde zich ook al in een daling van het aantal ziektedagen met een afwezigheidsperiode van 2-9 dagen. Het aandeel psychosociale ziektegevallen daalt zowel bij de mannen als bij de vrouwen. Bij de mannen is dat heel beperkt van 7,85% naar 7,83%, bij de vrouwen van 9,33% naar 9,25%. 5.2. Percentage dagen psychosociale aandoening per leeftijdsgroep Als we de gegevens vergelijken per leeftijdscategorie blijkt dat psychosociale ziektedagen zich in grote mate voordoen in de oudere leeftijdscategorieĂŤn. Hieronder volgen de cijfers voor de leeftijdscategorie van 56 tot en met 65 jaar en de leeftijdscategorie van 46 tot en met 55 jaar. De gegevens worden opgedeeld per provincie.

Rapport ziekteverzuim 2008

27


5.2.1. Percentage dagen psychosociale aandoening voor de leeftijdsgroep 56-65j 2006 Antwerpen Vl-Brabant Mannen 57,17 55,74 Vrouwen 50,77 56,24

Limburg O-Vl W-Vl Totaal 52,70 50,61 48,94 53,30 54,57 44,70 46,07 50,45

2007 Antwerpen Vl-Brabant Mannen 55,89 60,38 Vrouwen 49,76 52,34

Limburg O-Vl W-Vl Totaal 53,97 52,76 47,90 53,04 56,49 44,60 44,04 50,77

2008 Antwerpen Vl-Brabant Mannen 57,80 56,03 Vrouwen 52,45 51,92

Limburg O-Vl W-Vl Totaal 59,30 48,43 54,50 55,62 57,03 44,08 45,65 50,66

% dagen psychosociale aandoeningen 56-65j 65 60 55 50 45 40 35 30 25 20

Vrouwen 2006 Vrouwen 2007 Vrouwen 2008 Mannen 2006 Mannen 2007 Mannen 2008 Antwerpen Vl-Brabant

Limburg

O-Vl

W-VL

5.2.2. Percentage dagen psychosociale aandoening voor de leeftijdsgroep 46-55j 2006 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl-Brabant Limburg O-Vl W-Vl Totaal 36,62 39,87 29,27 33,42 36,95 35,30 38,16 36,81 37,17 32,22 33,38 35,69

2007 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl-Brabant 32,77 43,13 36,14 37,42

Limburg O-Vl W-Vl Totaal 31,22 32,76 36,10 34,65 37,11 32,42 37,75 36,01

2008 Mannen Vrouwen

Antwerpen Vl-Brabant 38,80 43,11 35,91 34,75

Limburg O-Vl W-Vl Totaal 29,19 33,07 32,48 35,30 36,13 32,07 34,35 34,71

Rapport ziekteverzuim 2008

28


% dagen psychosociale aandoeningen 46-55j 65 60 55 50

Vrouwen 2006 Vrouwen 2007 Vrouwen 2008

45 40 35 30 25 20

Mannen 2006 Mannen 2007 Mannen 2008

Antwerpen

Vl-Brabant

Limburg

O-Vl

W-VL

5.2.3. Conclusie 34,85% van de ziektedagen in de leeftijdsgroep 46-55j en 52,92% in de leeftijdsgroep 56-65j is te wijten aan een psychosociale aandoening. Op te merken valt dat – in vergelijking met 2007 - in de leeftijdsgroep 46-55j het percentage psychosociale ziektedagen sterk stijgt voor mannen in Antwerpen en voor vrouwen overal daalt. Het percentage psychosociale ziektedagen in de leeftijdsgroep 56-65j stijgt voor mannen en vrouwen in Antwerpen, Limburg en West-Vlaanderen. 5.3. Percentage dagen psychosociale aandoening per onderwijscategorie Het gaat om cijfers die verzameld worden sinds 2007. 2007 Mannen Vrouwen

Ond 41,25 37,74

Dir 60,11 54,05

ParaM 33,32 27,15

Opv 42,85 38,10

Admin 20,08 31,09

Tech 40,11 37,86

MVD 20,95 28,20

Totaal 42,05 37,36

2008 mannen vrouwen

Ond 43,32 37,61

Dir 59,59 50,41

ParaM 39,29 26,76

Opv 44,67 36,83

Admin 21,53 29,42

Tech 35,90 33,77

MVD 27,60 21,74

Totaal 44,02 36,79

Rapport ziekteverzuim 2008

29


70

% dagen psychosociale aandoeningen per onderwijscategorie

60 50 2007 V 2008 V 2007 M 2008 M

40 30 20 10 0 Ond

Dir

ParaM

Opv

Admin

Tech

MVD

Als we de onderwijscategorieën vergelijken blijkt dat het directiepersoneel het hoogste percentage ziektedagen heeft als gevolg van een psychosociale aandoening. Percentage van de ziektedagen veroorzaakt door een psychosociale aandoening voor directies per leeftijdscategorie: 2007 psychosociaal Alle categorieën Directiepersoneel

46-55j 35,68 47,84

56-65j 51,82 65,29

2008 psychosociaal Alle categorieën Directiepersoneel

46-55j 34,85 42,28

56-65j 52,92 65,02

Vooral in de leeftijdscategorieën 46-55j en 56-65j is de oorzaak van het ziekteverzuim bij het directiepersoneel van psychosociale aard. In de leeftijdscategorie van 46 tot 55 jaar ligt in 2008 het percentage 7,43% hoger dan gemiddeld, in de leeftijdscategorie van 56-65j noteren we een percentage dat 12,10% hoger is. Vorig jaar was het respectievelijk 12,16% en 13,47% hoger dan het gemiddelde percentage.

Rapport ziekteverzuim 2008

30


6) Controles

6.1. Aantal uitgevoerde controles – opgeleverde resultaat

2006 2007 2008

Controles gewonnen dagen 18.949 10.476 18.773 8.711 18.901 8.462

Met ‘controle’ bedoelen we een controle door de controlefirma naar aanleiding van een ziektegeval. Normaal vindt een controle plaats bij de persoon thuis, maar wanneer die afwezig is, wordt hij/zij uitgenodigd op een tweede controlemoment in een centrum van de controlefirma. Dat noemen we dan een ‘tweede controle’. De ‘gewonnen dagen’ zijn de dagen die na controle niet beschouwd worden als ziektedagen. In 2008 is het aantal controles lichtjes gestegen en is het aantal gewonnen dagen gedaald. Een mogelijke reden kan zijn dat in 2008 vooral het kort verzuim (minder dan een maand) werd gecontroleerd. 6.2. Aantal uitgevoerde controles uitgesplitst naar de aanvrager van de controle Controles Initiatief Encare Absenteïsme Initiatief werkgever Initiatief ministerie Initiatief personeelslid Totaal

2006 11.690

% 61,69

2007 10.766

% 57,35

2008 10.335

% 54,68

4.348 151 2.760 18.949

22,95 0,80 14,56 100,00

4.895 140 2.972 18.773

26,07 0,75 15,83 100,00

5.212 123 3.231 18.901

27,58 0,65 17,09 100,00

Het gros van de controles wordt uitgevoerd op initiatief van Encare Absenteïsme, de controlefirma die is aangesteld door het ministerie voor het uitvoeren van de controles. Binnen de stuurgroep ziektecontrole wordt periodiek overleg gepleegd over het beleid qua ziektecontrole en de accenten die gelegd worden. ‘Initiatief personeelslid’ gaat om de aanvraag uitgaande van het onderwijspersoneel zelf voor het toestaan van verlof wegens verminderde prestaties wegens ziekte (2557) en aanvragen voor een controle alvorens op reis naar het buitenland te vertrekken (674). Er is een opmerkelijke stijging van het aantal controleaanvragen van de werkgevers/ onderwijsinstellingen. We ervaren dat binnen sommige scholengemeenschappen afspraken gemaakt worden over een gezamenlijke aanpak van deze materie. De administratie van het ministerie kan ook controles aanvragen. Dat gebeurt uiterst zelden, voornamelijk wanneer er op basis van binnenkomende informatie of vragen een vermoeden van misbruik is.

Rapport ziekteverzuim 2008

31


6.3. Aantal tweede controles Van de 18.901 georganiseerde controles in 2008 waren er 4.269 controles (22,59% van het totale aantal controles), waarbij het personeelslid niet thuis was en waarvoor er later een tweede controle plaatsvond in een centrum van de controlefirma. Dat betekent dat er met alle controles samen 14.632 ziektegevallen gecontroleerd zijn. We stellen vast dat het percentage tweede controles hoger ligt dan 21%, het gemiddelde percentage bij de andere werkgevers aangesloten bij de controlefirma. Tweede controle

2006 % 2007 % 2008 % 4.398 23,21 4.750 25,30 4.269 22,59

De evolutie voor 2008 is wel positief: 2008 2e controle controles Initiatief Encare 2.781 10.335 Absenteïsme Initiatief werkgever 450 5.212 Initiatief ministerie 34 123 Initiatief personeelslid 1.004 3.231 Totaal 4.269 18.901

% 26,91 8,63 27,64 31,07 22,59

Het probleem van de tweede controles is het grootst bij de aanvragen van het personeelslid, nl. bij aanvragen voor verlof wegens verminderde prestaties wegens ziekte en aanvragen voor een controle alvorens op reis naar het buitenland te vertrekken. Op zich is dat verwonderlijk, aangezien personeelsleden dan zelf weten dat er controle zal zijn. Tweede controles moeten maximaal vermeden worden, omdat zij een dubbele kost meebrengen en oorzaak zijn dat er binnen het beschikbare budget in totaal minder personeelsleden gecontroleerd kunnen worden. 6.4. Controles van ééndagsziekten Controles voor ééndagsziekten gaan steeds uit van de werkgever, aangezien de controlefirma niet beschikt over deze informatie. In 2008 werden 14 ééndagsziekteverloven na controle niet aanvaard. In totaal waren 595 personen afwezig. Voor 2007 gelden de volgende gegevens: 80 ééndagsziekteverloven werden na controle niet aanvaard; 338 personen waren afwezig. Voor 2006 gelden de volgende gegevens: 43 ééndagsziekteverloven werden na controle niet aanvaard. De stijging van het aantal personeelsleden dat afwezig was bij de controle van het ééndagsziekteverlof is opmerkelijk. Volgens de omzendbrief Controle op de afwezigheid wegens ziekte mag het personeelslid tijdens de ééndagsziekte de woon- of verblijfplaats enkel verlaten om gerechtvaardigde medische redenen.

Rapport ziekteverzuim 2008

32


7) Samenvatting en aanbevelingen

1. In 2008 bedroeg het ziekteverzuimpercentage voor het Vlaamse onderwijspersoneel 3,86%. Dat is een lichte stijging t.a.v. 2007, toen het ziekteverzuimpercentage 3,77% bedroeg. In dat cijfer worden alle ziektedagen in rekening genomen, ook de ééndagsziekten. Wanneer we geen rekening houden met ééndagsziekten, gaat het om een percentage van 3,71 % in 2008, tegenover 3,63 % in 2007. Het ziekteverzuimpercentage voor het onderwijspersoneel wordt positief beïnvloed door de uiterst lage ziektecijfers in vakantieperioden. Dat blijkt uit de cijfergegevens van het aantal zieken gespreid over het jaar. Er werden in 2008 2.290.102 ziektedagen genomen door het Vlaamse onderwijspersoneel Dat is een stijging van 3,38% t.a.v. het aantal ziektedagen van 2007. Om dat cijfer te interpreteren, moeten we ook rekening houden met een stijging van het aantal personeelsleden. Procentueel steeg het aantal personeelsleden maar met 0,71%. Dit bevestigt de vermelde stijging van het ziekteverzuim. 2. In 2007 manifesteerde de toename van het ziekteverzuim zich voornamelijk bij het kort verzuim. In 2008 situeert de toename zich eerder bij het lang verzuim van meer dan 30 dagen. 3. Het aantal ééndagsziekten is in 2008 gestegen met 7,32%, terwijl het globaal aantal ziektedagen maar gestegen is met 3,38%. Deze evolutie verdient nauwlettende opvolging de volgende jaren. Voor het eerst werd onderzoek gedaan naar het patroon op weekbasis qua ééndagsziekteverloven: 48,5% van deze afwezigheden vallen op een maandag of een vrijdag. 4. De psychosociale aandoening blijft ook in 2008 de voornaamste oorzaak van ziekteverzuim. Het gaat om 38,82% van de ziektedagen (44,02% bij mannen en 36,79% bij vrouwen). 5. Op het vlak van het gemiddeld aantal ziektedagen opgesplitst per onderwijscategorie zien we vooral een uitschieter bij het meesters-, vak- en dienstpersoneel. Het gaat hier om een uitdovende personeelscategorie met een groter aandeel oudere personeelsleden. Opvoedend hulppersoneel en vrouwelijke directies zijn iets meer dan gemiddeld afwezig wegens ziekte, terwijl mannelijke directies en mannelijke technische personeelsleden nog hoger scoren op het gebied van ziektedagen. 6. Bij de psychosociale aandoeningen zien we procentgewijs een oververtegenwoordiging van het directiepersoneel. Waar het gemiddelde percentage afwezigheden om psychosociale redenen schommelt rond de 44% voor mannen en 37% voor vrouwen, loopt dat voor directies op tot 59,5% voor mannelijke en 50% voor vrouwelijke directies. In de leeftijdscategorie van 56-65j is zelfs 65% van de ziektedagen het gevolg van een psychosociale aandoening, terwijl dat voor de totaliteit van de personeelscategorieën in die leeftijdsgroep een kleine 53% bedraagt. Voor het beleid betekent dit dat het ziekteverzuim van het directiepersoneel in de leeftijdscategorie vanaf 56 jaar de volgende jaren extra aandacht verdient, om het ziekteverzuim wegens psychosociale redenen voor deze doelgroep minstens te laten dalen tot het gemiddelde niveau.

Rapport ziekteverzuim 2008

33


7. In 2008 werden 18.901 controles uitgevoerd door de controlefirma. Het merendeel gebeurt op initiatief van Encare zelf, op basis van criteria die zijn afgesproken met de opdrachtgever. We stellen een positieve tendens vast bij de werkgevers, in 2008 goed voor 27,58% van de controleaanvragen. Opvallend is dat in bijna één vierde van de gevallen een tweede controle moet gebeuren, omdat het personeelslid bij de eerste controle afwezig is. Procentgewijs is er een lichte daling in vergelijking met vorig jaar, maar het percentage ligt nog altijd hoger dan het gemiddelde onder het cliënteel van de controlefirma. Dit feit heeft onmiddellijke gevolgen voor de efficiëntie van de controles. Er is vastgesteld dat het probleem het grootst is bij de aanvragen tot controle door het personeelslid zelf. Daarom stellen we voor om dit probleem aan te pakken door personeelsleden deze aanvragen telefonisch te laten doen, waarbij onmiddellijk een controledatum kan worden afgesproken. Vanaf 1 september 2009 biedt de controlefirma namelijk een gratis groen nummer aan, waarop zij te bereiken is. Op die manier zou het aantal personen dat controle krijgt verhoogd kunnen worden, waardoor het beschikbare budget voor ziektecontroles een stuk efficiënter gebruikt zou kunnen worden. Het aantal gewonnen dagen na controle vertoont een dalende trend, omdat in 2007 en 2008 de nadruk bij de controlefirma lag op het kort verzuim waardoor bij een controle minder dagen gewonnen kunnen worden. De vaststelling dat het ziekteverzuim in 2008 eerder toeneemt bij het lang verzuim, leidt tot de aanbeveling om de controles eerder toe te spitsen op deze doelgroep. Een laatste suggestie is om de stijging van de langdurige ziekteperioden aan te pakken door op een structurele manier aandacht te besteden aan preventie. Dat kan alleen door een nauwe samenwerking tussen de betrokken actoren: de personeelsleden zelf, de werkgevers, de preventieadviseurs-arbeidsgeneesheren, de controlefirma, de administratie en het beleid.

Rapport ziekteverzuim 2008

34


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Rapport_Ziekteverzuim_2008.pdf by Vlaanderen-be - Issuu