Skip to main content

dossier 2020-089.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/089

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2020/089

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 15 februari 2020 diende xxx, een verzoek in bij de Watergroep om een afschrift te verlenen van de volgende documenten die in zijn evaluatieverslag genoemd worden: - Twee schriftelijke getuigenissen, van xxx en van xxx - Vijf meldingen van collega’s - Een mail van de garage i.v.m. een incident ‘defecte koppeling’ - ‘Het ondertekende evaluatiegesprek van zowel de eerste als de tweede evaluator’ De Watergroep beantwoordde dit openbaarheidsverzoek niet binnen de decretaal vastgelegde termijn. Op 30 maart 2020 diende xxx beroep in bij de beroepsinstantie tegen de ontstentenis van beslissing van de Watergroep. Het beroep werd geregistreerd bij de beroepsinstantie op 6 april 2020. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek tot openbaarmaking dateert van 15 februari 2020. De Watergroep liet na een beslissing te nemen binnen de decretaal bepaalde termijn. Conform artikel II.48 Bestuursdecreet heeft de termijn om een beroep in te dienen bijgevolg geen aanvang genomen.

www.vlaanderen.be


De gevraagde documenten bevatten informatie van persoonlijke aard over verzoeker. Conform artikel II.40 §3 vierde lid, 1° van het Bestuursdecreet hoeft verzoeker bijgevolg niet aan te tonen dat hij rechtstreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie geraakt kan worden door de informatie, de beslissing waarop de informatie betrekking heeft, of de beslissing ter voorbereiding waarvan het document dat de informatie bevat, is opgesteld. Het beroepschrift van 30 maart 2020 is dan ook tijdig en ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Bestreden beslissing

De Watergroep liet na om binnen de decretale termijn een beslissing over het openbaarheidsverzoek van de heer Bogaert te nemen. 2.

Inhoud van het beroepschrift

Verzoeker tekent beroep aan tegen deze ontstentenis van beslissing van de Watergroep.

3. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie heeft contact opgenomen met de Watergroep om de gevraagde documenten en haar standpunt over het openbaarheidsverzoek te bekomen. Per mail van 15 april 2020, waarbij de beroepsinstantie in cc stond, heeft de Watergroep alsnog de volgende documenten aan verzoeker bezorgd: - Het volledige evaluatieverslag ondertekend door de eerste en tweede evaluator - Een persoonlijke nota d.d. 26/9/2019 van de zoneverantwoordelijke, xxx, met daarin de neerslag van de getuigenissen van xxx en xxx - Een mail d.d. 2/10/2019 van de garage over een koppeling Voor zover het initieel verzoek betrekking had op deze documenten, is het beroep van xxx hieromtrent bijgevolg zonder voorwerp geworden.

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/089

pagina 2 van 4


Voor zover het initieel verzoek echter specifiek gericht was op de afzonderlijke schriftelijke getuigenissen van xxx en xxx, dient de beroepsinstantie vast te stellen dat dergelijke bestuursdocumenten niet bestaan, en dat er enkel een schriftelijke neerslag is van hun (mondelinge) getuigenissen in de nota d.d. 26/9/2019. Een openbaarheidsverzoek kan uiteraard enkel betrekking hebben op bestaande bestuursdocumenten; voor wat betreft de schriftelijke getuigenissen is het beroep dan ook ongegrond gezien deze documenten niet blijken te bestaan. Met betrekking tot de opgevraagde vijf meldingen van collega’s, waarnaar in zijn evaluatieverslag verwezen werd, liet de Watergroep weten dat deze volgens haar onder de uitzonderingsgrond van artikel II. 34, 2° Bestuursdecreet valt, en dat de openbaarmaking van deze meldingen afbreuk zou doen aan de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen. De Watergroep heeft aan deze vijf personen de toestemming gevraagd om hun melding (die via e-mail gebeurde) openbaar te maken, maar heeft deze niet verkregen. Artikel II.34.2° van het Bestuursdecreet bepaalt dat een overheidsinstantie het verzoek voor wat betreft andere dan milieu-informatie afwijst als de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, tenzij de betrokken persoon met de openbaarmaking instemt. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet voorziene uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever was weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz. 58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De beroepsinstantie merkt op dat bij onderzoek naar de uitzonderingsgrond met betrekking tot de persoonlijke levenssfeer moet worden nagegaan of er al dan niet sprake is van informatie in een bestuursdocument die op de persoonlijke levenssfeer betrekking heeft. De beroepsinstantie stelt vast dat de vijf mails met de bewuste meldingen wel degelijk informatie bevatten die op de persoonlijke levenssfeer van de auteurs ervan betrekking hebben, namelijk hun voornaam en familienaam, hun e-mail, en in één geval het gsm-nummer. Het vrijgeven van deze gegevens zou deze personen kunnen identificeren en bijgevolg wel degelijk een inbreuk uitmaken op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die personen. Het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van deze gegevens heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/089

pagina 3 van 4


uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). Behalve de voor- en familienaam van de betrokkenen, hun mail-adres en een gsm-nummer, bevatten de mails geen andere informatie die betrekking hebben op hun persoonlijke levenssfeer. De inhoud van de mails gaat over een bepaalde ervaring of situatie die de mailers meemaakten met verzoeker en/of over hun wens om niet meer met hem samen te werken, en is bovendien quasi letterlijk overgenomen in het evaluatieverslag, waarvan al afschrift werd gegeven aan verzoeker. Deze inhoud is hem bijgevolg al bekend, en de openbaarmaking van de oorspronkelijke bestuursdocumenten waarin deze inhoud vermeld staat (de vijf mails zonder de voornaam en familienaam, mailadres en gsm-nummer van de auteurs) wordt volgens het oordeel van beroepsinstantie bijgevolg door geen enkele uitzonderingsgrond van het Bestuursdecreet verhinderd. Het beroepschrift wordt bijgevolg voor wat betreft deze vijf mails als gegrond beoordeeld, met uitzondering voor wat betreft de voor- en familienaam, het mailadres en het gsm-nummer van de auteurs ervan. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 30 maart 2020 tegen de ontstentenis van beslissing van de Watergroep wordt als ontvankelijk en deels zonder voorwerp, deels ongegrond, en deels gegrond beschouwd. Bijgevolg dienen de 5 mails met de meldingen, waarnaar in het evaluatieverslag verwezen wordt, openbaar te worden gemaakt door er een afschrift van te verstrekken aan verzoeker, met uitzondering van de vooren familienamen van de auteurs, hun e-mail adressen en het vermelde gsm-nummer.

Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om de gevraagde bestuursdocumenten te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (zie artikel II.44, §3, van het Bestuursdecreet). Brussel, 27 april 2020 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/089

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2020-089.pdf by Vlaanderen-be - Issuu