Slakken: we worden er allemaal wel eens gek van. Deze slak maakte het echter wel erg bont, balancerend op dat ene, kleine, groene sprietje. Lezer Marjolein maakte er een foto van en wij moesten er op de redactie smakelijk om lachen!
Laat jij de paardenbloem staan in je tuin?
Met
VOORWOORD
Meld je gratis aan voor de TuinSeizoen nieuwsbrief via:
www.tuinseizoen.com/nieuwsbrief Scan mij!
losse touwtjes
Wat zou er gebeuren als je de touwtjes iets laat vieren en de natuur de ruimte geeft om meer haar gang te gaan? Met die woorden start het verhaal op bladzijde 32. Ik kan daar voor mezelf een antwoord op geven, want twee jaar geleden besloot ik om het kleine gazonnetje in onze achtertuin te laten verwilderen. Sjoerd (die het gras doorgaans met veel plezier maait) stemde er (met een beetje tegenzin) mee in. Het resultaat mocht er wezen: hoewel het gras geen twee kontjes hoog staat – er zit niet zo veel groei in – breidden de madeliefjes zich uit tot een bloeiend tapijtje. De tientallen paardenbloemen worden in april druk bevlogen door hommels en bijtjes. Een gezellig tafereel om naar te kijken. De zaadpluizen die daarna verschijnen, probeer ik tijdig te koppen, want de omliggende borders houd ik liever paardenbloemvrij. Maar eerlijk: het is dweilen met de kraan open, want elke dag zijn er weer pluizen die me te slim af zijn.
Het tuinieren ‘met losse touwtjes’ komt overeen met het wabi-sabi tuinieren, een eeuwenoude Japanse filosofie waarbij de schoonheid wordt gezocht in asymmetrie en de vergankelijkheid van de natuur. Groenredacteur Marieke de Geus dook in deze relaxte manier van tuinieren en schreef er een verhaal over op bladzijde 32. Het loslaten zorgde bij mij voor een tweestrijd, want enerzijds streef ik de bloei van inheemse planten na die voor de bijen o zo belangrijk zijn. Anderzijds wil iets in mij de rust in de tuin terugbrengen. In onze kleine tuin is het gazon namelijk de perfecte tegenhanger van de weelderige beplanting.
Gistermiddag maakte Sjoerd onaangekondigd een einde aan het dilemma in mijn hoofd: hij haalde de grasmaaier uit het tuinhuisje en stak daarna honderd paardenbloemen uit. En ik moet zeggen: de rust is meteen weer terug in de tuin. Maar ik moet ook toegeven: het schuurt een beetje om te beseffen dat wij het wabi-sabi gevoel nog niet helemaal in de vingers hebben...
Liefs Kristel
JULI
De tuin van overvloed
Wie in juli door de tuin loopt, kijkt zijn ogen uit. Het is hoogzomer en verreweg de meeste planten staan nu in bloei. Deze maand is dan ook haast een snoepwinkel voor de tuinliefhebber.
TEKST: TESS MUTSTERS BEELD: SHUTTERSTOCK
Geurende blikvanger
Als de Toscaanse sterjasmijn bloeit, weet je dat de zomer echt begonnen is. De kleine, witte bloemetjes lijken onschuldig, maar ze zijn met zo veel, dat bijna de hele plant wit kleurt. Daarbij heeft Trachelospermum jasminoides een heerlijke, zoete geur die ver draagt. BLOEI mei-september HOOGTE 300 cm STANDPLAATS zon
HET TOSCANEGEVOEL
Zon op verweerde terracotta, de geur van rozemarijn en lavendel, en fijne avonden aan een lange buitentafel: het is niet voor niets dat het ontspannen Toscane-gevoel zoveel mensen aanspreekt. Ook thuis kun je die warme, Italiaanse sfeer oproepen. Met een paar slimme toevoegingen voelt je tuin meteen als vakantie.
TOSCAANSE VERLEIDING
Rosa ‘Tuscany’ behoort tot de oude groep van de Gallica-rozen, een van de oudste rozensoorten van Europa. Deze historische rozen werden al eeuwen geleden gekweekt in klooster- en landhuistuinen, ook in Italië. Met zijn fluweelrode bloemen en opvallende gele hart past ‘Tuscany’ perfect bij het warme kleurenpalet van een Toscaanse tuin. Zoals veel Gallica-rozen bloeit hij maar één keer per jaar, maar wel bijzonder rijk. Beeld: GAP Photos/Jonathan Buckley
TEKST: KRISTEL ENGELEN
LA DOLCE PIZZA
In Toscane draait de tuin niet alleen om planten, maar vooral om samen buiten leven. Een houtgestookte pizzaoven vormt daarbij vaak het middelpunt van lange avonden met familie en vrienden. Een lange tafel, eenvoudige stoelen en grind onder de voeten versterken het ontspannen karakter. Ook in je eigen tuin kun je dit gevoel oproepen: met een pizza-oven, kruiden in potten en een plek waar koken, eten en tuin samenkomen ontstaat vanzelf die warme, Italiaanse sfeer.
Beeld: GAP Photos/Carole Drake
Tuin: Corsley House van K Johnson & G Senk
WIT GELUK
ACHTER EEN VICTORIAANSE GEVEL
Achter een Victoriaanse rijtjeshuis in Zuid-Londen ligt een tuin verscholen waarin wit de toon zet. Laura en Paul kozen bewust voor witte hortensia’s, rozen en vaste planten, gecombineerd met strak groen blad en vormsnoei.
Het resultaat is een serene tuin die rust uitstraalt in elk seizoen.
Wie uitkijkt over de tuin van Laura en Paul, met zijn rustgevende groenwitte kleurenschema en uitnodigende plekken, kan zich nauwelijks voorstellen dat hier ooit kinderstemmen klonken, grasmaaiers lawaai maakten of honden blaften. “Mijn tuin heeft in de loop der jaren allerlei gedaanten gehad: als moestuin, voetbalveld en hondenren, voordat hij mijn favoriete plek werd om te lezen, te ontspannen en yoga te beoefenen”, vertelt Laura, een gepensioneerde politieagent die zich heeft omgeschoold tot yogadocent.
IN OORSPRONKELIJKE STAAT
De tuin is in niets meer te vergelijken met wat Laura aantrof toen ze het Victoriaanse rijtjeshuis uit 1880 voor het eerst bezichtigde. Het huis was tot Laura er kwam wonen in 1992 in bezit geweest van dezelfde familie en was – afgezien van nieuwe ramen en een betonnen dak – nauwelijks gemoderniseerd. “Het voordeel daarvan is wel dat elke kamer nog de oorspronkelijke schouw en sierlijsten heeft.” Het eerste grote project was het vervangen van een aangebouwde bijkeuken door een moderne keukenuitbouw, die rechtstreeks uitkomt op het terras. Van geleend landschap is hier nauwelijks sprake; de aangrenzende woningen worden verhuurd en hebben geen tuinen.
LA LOUVE
Het is inmiddels zes jaar geleden dat Laura het enigszins onregelmatige,
rechthoekige perceel van 8 bij 16 meter opnieuw ontwierp. De tuin is twee keer zo lang als breed en werd geïnspireerd door een televisieprogramma waarin Monty Don een bezoek bracht aan La Louve, een tuin in de Provence die volledig draait om vormsnoei en witte bloemen. “Die tuin raakte me echt”, zegt Laura. Na al die jaren wist ze precies wat ze wilde, dus schetste ze snel een ruwe indeling op een stukje papier. Om de helling te temmen en op het hogere deel een vlak gedeelte te creëren
(nu de bloementuin), bouwde de aannemer een gebogen keermuur die van de schuur tot aan het eetgedeelte loopt. “De grond die uit het lagere deel werd afgegraven, is vervolgens gebruikt om de bloementuin op te hogen en te egaliseren”, legt ze uit.
PUZZELEN MET RUIMTE
De indeling bestaat uit twee hoofdpaden die door het op het oosten gerichte perceel lopen. Het bovenste pad loopt recht door het midden van de bloementuin. “Ik houd
Trui Heinhuis dompelt zich onder in de pioenen in tuin De Prunushof.
TEKST EN BEELD: NICOLA STOCKEN
Laura
WILD
OP JE BORD
Brandnetels, paardenbloemen en zevenblad: planten die je vaak nietsvermoedend uittrekt en in de groenbak gooit, blijken verrassend lekker. In Can’t beat it? Eat it! laat auteur Suzanne de Boer zien hoe je eetbare planten uit tuin en natuur verwerkt in toegankelijke recepten. Wij geven alvast een smakelijk voorproefje uit het boek.
TEKST EN BEELD: UIT CAN’T BEAT IT? EAT IT!
KAPPERTJES VAN
MADELIEFJES
DIT HEB JE NODIG
1½ hand gesloten madeliefknopjes • 250 ml witte-wijnazijn • ½ sjalotje • teentje knoflook • peperkorrels • mosterdzaad • zout • brandschoon potje met plastic deksel
ZO MAAK JE HET
1 Was de bloemknopjes en laat ze uitlekken.
2 Doe de azijn in een steelpannetje en breng tegen de kook aan.
3 Snijd het uitje in halve ringen of in snippers.
4 Voeg de ui aan de azijn toe en pers het teentje knoflook boven de pan.
5 Laat het water net koken en laat de knoflook en sjalot hun smaak in 10 minuten aan het water afgeven.
6 Doe de uitgelekte bloemknopjes in het potje.
7 Giet er de smaakvolle azijn door een zeef overheen.
8 Voeg een heel klein beetje zout, wat mosterdzaad en geplette peperkorrels toe.
9 Sluit de deksel en zet het potje een paar weken in het donker weg.
Gebruik de kappertjes in een tonijnsalade, bij carpaccio of als friszure bite op een toastje met kruidenkaas.
RISOTTO MET KLEEFKRUID
DIT HEB JE NODIG VOOR 4 PERSONEN
400 gram kleefkruid • 1 liter paddenstoelenbouillon van een blokje •
1 Snijd het kleefkruid klein en snipper de ui. Snijd de paddenstoelen in plakjes en knip de peterselie fijn.
2 Maak de bouillon volgens de aanwijzingen op de verpakking.
3 Laat de olijfolie in een pan warm worden. Bak hierin kort het kleefkruid en zet het opzij.
4 Laat 25 gram roomboter in een pan met dikke bodem smelten. Fruit de ui in de boter en pers de knoflook en voeg die toe, met een snufje zout.
5 Als de ui zacht is, voeg je de risottorijst toe. Zet het vuur hoger, blijf rustig roeren. De rijst bakt een beetje, maar mag niet kleuren. Gebeurt dat wel, zet het vuur dan weer iets lager.
6 Giet er na 2, 3 minuten de witte wijn bij. Blijf roeren. Na een minuut begin je met het soeplepel voor soeplepel toevoegen van de bouillon. Wacht met de volgende lepel tot de vorige door de rijst is opgenomen. Het kan in totaal wel twintig minuten duren.
7 Laat ondertussen in een pan wat olie warm worden. Bak hierin de kip, bestrooid met zout en peper. Voeg na een paar minuten de paddenstoelen en de helft van de peterselie toe.
8 Terug naar de rijst. Het is de bedoeling dat deze op een gegeven moment beetgaar is.
9 Haal de pan van het vuur en roer voorzichtig de rest van de roomboter en naar smaak kaas door de rijst. Een beetje peper & zout maken het af.
10 Serveer de rijst met het kleefkruid, de mix van kip en paddenstoelen en de rest van de peterselie in een schaaltje ernaast.
IMPACT MET HORTENSIA’S
TUIN MET GROTE GEBAREN
Liefhebbers van hortensia’s opgelet: in De Stekkentuin van Wies staat een grote hoeveelheid prachtige exemplaren. Wie veel ruimte heeft kan grote gebaren maken…
TEKST: MARIEKE DE GEUS BEELD: GERT TABAK
Kort maar prachtig
HEMEROCALLIS –DAGLELIE
De wereld van de daglelie staat allesbehalve stil. Elk jaar verschijnen er nieuwe rassen die nóg opvallender, kleurrijker en verrassender zijn dan de vorige. Waar de klassieke daglelies vaak eenvoudig van vorm en kleur zijn, laten moderne cultivars een enorme variatie zien. Denk aan perfect ronde bloemen, speelse driehoekige vormen of juist sierlijke, stervormige bloemen met lange, smalle bloemblaadjes die doen denken aan spinnenpoten. Ook de randen van de bloemblaadjes kunnen variëren: glad, golvend of zelfs gefranjerd.
Qua kleur is er inmiddels bijna geen grens meer. Van zacht crème en pastelroze tot warm geel, fel oranje en diep rood. Veel rassen hebben bovendien een opvallend oog of een contrasterende rand, waardoor de bloem extra diepte krijgt. Alleen echt blauw en violet blijven lastig te kweken, al komen veredelaars daar elk jaar dichter bij in de buurt.
En toch zie je in veel tuinen nog vooral de oudere, vertrouwde daglelies. Begrijpelijk, want die zijn sterk en betrouwbaar. Maar wie eenmaal kennismaakt met het huidige sortiment, ontdekt al snel hoeveel er te kiezen valt. Het is eigenlijk zonde om die nieuwe generatie links te laten liggen.
VERSLAVEND MOOI
Een bezoek aan een gespecialiseerde kwekerij is vaak genoeg om verkocht te zijn. Daglelies hebben namelijk een bijzondere aantrekkingskracht. Je begint met één
Een bezoek aan een gespecialiseerde kwekerij is vaak genoeg om verkocht te zijn aan daglelies.
plant, maar voor je het weet wil je er nog een… en nog een. Het aanbod is zo groot en zo gevarieerd dat kiezen lastig wordt. Niet voor niets zijn er kwekers die hun klanten – half serieus, half met een knipoog – waarschuwen om het een beetje binnen de perken te houden. In Nederland en België zijn er verschillende kwekerijen waar je deze planten in volle bloei kunt bekijken. Dat maakt het kiezen alleen maar moeilijker, want in het echt zijn ze vaak nóg mooier dan op foto’s. Rond de daglelie bestaat bovendien een actieve liefhebberswereld. Er zijn verzamelaars die wel honderden verschillende rassen in hun tuin hebben staan. Ze ruilen planten, bezoeken open dagen en volgen
nieuwe introducties op de voet. Ook worden er prijzen uitgereikt en verkiezingen gehouden voor de mooiste daglelie van het jaar. Het laat zien hoe populair deze plant inmiddels is.
SCHOONHEID VOOR ÉÉN DAG
De naam Hemerocallis betekent letterlijk ‘schoonheid voor één dag’. En dat is precies wat deze plant zo bijzonder maakt: elke bloem bloeit maar één dag. Toch merk je daar in de praktijk weinig van. Eén plant vormt namelijk een groot aantal bloemknoppen, die elkaar opvolgen. Daardoor bloeit een daglelie vaak wekenlang achter elkaar.