De toren, de steunpilaar van het schaakspel
ISBN 978 90 4390 067 6
www.defonteintirion.nl
TIRION SPORT
Toren_rug12,5mm.indd 1
TIRION SPORT
Hans Böhm (1950) is een bekende Nederlandse schaker en internationaal meester. Hij schreef meer dan 20 boeken en is vaste medewerker van De Telegraaf. Yochanan Afek (1952) is een Israëlisch schaker en internationaal meester. Hij is naast speler ook studiecomponist, schaakjournalist en trainer.
Wij presenteren DE TOREN
De internationale schaakmeesters Hans Böhm en Yochanan Afek begonnen in 2010 met De pion en vervolgen met dit boek over de toren de unieke 6-delige serie waarin steeds één schaakstuk centraal staat. Aan de hand van historische achtergrond, spelsituaties en probleemstellingen worden de 60 thema’s – aanvallend en verdedigend – besproken. Ook worden bijzondere partijen beschreven waarin de toren een beslissende rol speelde.
Hans Böhm & Yochanan Afek
De toren is een sterk stuk, rechttoe rechtaan. Eenmaal in zijn element kan hij ieder ander stuk domineren. Ondanks de rechtlijnigheid is de toren ook lichtvoetig als dat beter uitkomt.
Hans Böhm & Yochanan Afek
Wij presenteren… de toren is een boek voor iedereen met een passie voor schaken!
Wij presenteren
DE TOREN De steunpilaar van het schaakspel
TIRION SPORT
15-08-11 21:31
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 3
Hans BĂśhm en Yochanan Afek
Wij presenteren‌ DE TOREN
D
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 5
Inhoud
Voorwoord Korte terugblik op de ontstaansgeschiedenis Geschiedenis van de toren 01 02 03 04 05 06 07 08 09 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24
Mat achter de paaltjes Verrassingen in de opening Koninklijke batterij Toren tegen vrijpion Spectaculaire torenoffers Toren tegen ‘onhoudbare’ pionnen De hand van een wereldkampioen Promoties Klassieke meesterwerkjes De toren offert zich op De Loman-zet Eeuwig schaak Toren tegen paard + vrijpion De onverwachtse binnenval De molen Een torenpaar op de zevende rij Toren tegen toren+loper+paard Activiteit boven alles Open lijn! Hoe kon ik dat missen? Aanvallende wereldkampioenen Verdedigende wereldkampioenen Het offreren van de toren Opvallende torenzetten
7 9 16 24 26 28 30 32 34 36 38 40 42 44 46 48 50 52 54 56 58 60 62 64 66 68 70
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 6
25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60
Toren tegen loper plus pionnen Hetzelfde veld! Twee tegen één Leer van de grootmeesters Eén tegen twee torens Torenpaar domineert dame Vier torens Winnende torenruil Meervoudige minorpromoties De ene toren voor de andere Variaties op Saveedra Eén toren tegen drie stukken Toren tegen toren en twee paarden Wederzijdse zetdwang Dolle toren onder controle De manoeuvre van Prokeš Toren tegen paard en vrijpionnen Mijn torens voor jouw koning De vleespen Systematische manoeuvres De ladder van Lasker De winnende rokade Het zware werk (1) Het zware werk (2) De onaantastbare toren Toren tegen paard en loper De kruis-penning Het temmen van wilde paarden Matnet De gevangen toren Net geen eeuwige roem Hollandsche Meesters Vesting bouwen De echo van de kameleon Logische toreneindspelen De lachende toren
72 74 76 78 80 82 84 86 88 90 92 94 96 98 100 102 104 106 108 110 112 114 116 118 120 122 124 126 128 130 132 134 136 138 140 142
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 7
Voorwoord
Met genoegen presenteren wij het tweede boek in een serie waarin wij de fascinerende geheimen van ieder schaakstuk ontrafelen. Het eerste deel was gewijd aan de pion (eerste druk januari 2010) en nu gaan we door met het stuk dat in de beginopstelling op alle hoekvelden staat: de toren. We hebben dus op het nippertje voldaan aan de eigen opdracht: één boek per jaar. Zoals de pion de ziel van het spel is, zo zijn de torens de belangrijke steunpilaren. Nog nooit zijn van de toren zoveel speelfacetten, aanvallend en verdedigend, bij elkaar gebracht. De toren heeft in zijn ontwikkeling vele metamorfoses ondergaan: strijdwagen, boot, kameel, tweekoppig wezen, onderkoning en onderpaus en natuurlijk vele varianten van een kasteel of een toren. Om die fascinerende geschiedenis goed in beeld te krijgen gingen wij te rade bij schaakhistoricus Leo Diepstraten. Hij gaf waardevolle adviezen, waarvoor onze hartelijke dank. We behandelen niet minder dan 60 verschillende thema’s. Per thema bieden we vier voorbeelden, gehaald uit de toernooipraktijk of uit de wereld van de studies. Door de presentatie (vier diagrammen op de linkerpagina en rechts de uitleg) is dit boek zowel een ode aan de toren als ook een leerboek. Een losse zwarte bladzij is ingelegd, voor degenen die zichzelf willen testen. Omdat een van de twee torens uit de beginstelling vaak alle avonturen van opening en middenspel overleeft, zijn minstens de helft van alle eindspelen toreneindspelen. Dit boek geeft een goed beeld van de rijkdom aan tactische ideeën en motieven die met de toren verbonden zijn.
7
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 8
Om een goede selectie te maken, die uiteindelijk leidde tot de gekozen 240 opgaven, hebben we vele boeken en tijdschriften geraadpleegd, zowel uit de toernooipraktijk als uit de wondere wereld van de schaakstudie. Wij zijn natuurlijk alle spelers, componisten en schrijvers van andere boeken die ons inspireerden zeer erkentelijk. Een speciaal woord van dank gaat uit naar Dr. Harold van der Heijden die zijn databank van zo’n 76.000 stellingen gebruikte om alle 240 opgaven te controleren op correctheid en bron. Hans BÜhm en Yochanan Afek
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 16
Geschiedenis van de toren
In het Chaturangaspel, met vier Padati (pionnen) en vier andere stukken per speler, was er naast de Raya (koning), de Hasti (olifant), de Asva (paard) nog de Ratha, wat strijdwagen betekent in het Sanskriet. Etymologisch is Ratha verwant met ons woord rad, in de betekenis van wiel. Is er ooit een belangrijkere uitvinding gedaan dan die van het wiel? Historici vermoeden dat het eerste wiel rond 4000 voor Christus werd uitgevonden voor het pottenbakken; dat was een massief houten wiel. Pas zo’n duizend jaar later gebruikte men het wiel voor een wagen in MesopotamiÍ, het land tussen de Eufraat en de Tigris, daar waar theologen het Paradijs vermoeden. Dat wagenwiel was toen nog massief en dus ongeschikt voor snelheid. Die MesopotamiÍrs ontwikkelden meerdere technieken, zoals metaalbewerking, het vervaardigen van glas, maar ook wateropslag en irrigatie. Dat zij voor de verstrooiing soorten van denkspelen beoefenden, wekt minder verbazing als we weten dat zij het sexagesimale stelsel hanteerden, dat gebaseerd is op het getal 60. Dat is nu nog terug te vinden in de seconden in een minuut en de minuten in een uur. En dat de voorlopers van onze schaakstukken realistisch werden weergegeven, komt ook tot uiting in de beeldende kunst uit die tijd: in strijd- en jachttaferelen werden mens en dier natuurgetrouw en frontaal weergegeven. Omstreeks 1500 voor Christus kwamen de kruis- en spaakwielen in omloop en konden de wagens voor oorlogsdoeleinden worden gebruikt, waarbij snelheid belangrijk is. Eerst de strijdwagens op twee wielen getrokken door paarden, die geschikt waren voor een wagenmenner en een boogschutter. Vanaf 500 voor Christus kregen de wagens vier wielen waaraan soms scherpe uitsteeksels zaten om zo veel mogelijk beschadigingen toe te brengen. Denken we aan de sterkste beweging van de wagen, dan is die vooruit en dat verklaart de gang van de toren: rechtuit, verticaal en horizontaal. In het schaakspel (Chaturanga) was de toren (de strijdwagen) het machtigste stuk. Echter, in waterrijke gebieden liep een wagen snel vast in de modder en werd er
16
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 17
meer gebruikgemaakt van boten, die eveneens als sterkste beweging de vaart naar voren hebben. In Rusland heet de toren nog steeds ladja, dat boot betekent. Zelfs de vormgeving van de boot voor de toren zien we terug in oude schaakspellen.
Perzië Via India kwam het spel in Perzië (tegenwoordig Iran) terecht, zoals vermeld in het boek Shanameh van de Perzische dichter Firdausi. Dat is geen wetenschappelijk bewijs maar wel van cultureel historisch belang. In Perzië was echter het Sanskriet niet de voertaal en dus werd de benaming Chaturanga verbasterd tot Shatrang. Ook de namen van de stukken werden vertaald of aangepast. Volgens de bronnen van mijn bron, de schaakhistoricus Leo Diepstraten, werd Ratha eerst Raha en later Rukh. ‘Ongetwijfeld hebben de Perzen hiermee in het begin bedoeld de strijdwagen aan te duiden’, beweert Leo, maar dan duikt er een opmerkelijke afbeeldingverwisseling op: een kameel! In Perzië komen grote droge gebieden voor, woestijnen met rul zand. Zo’n gebied is net zo moeilijk te doorkruisen met een strijdwagen als met een boot. Maar het gaat uitstekend met ‘het schip van de woestijn’, de kameel. Er zijn afbeeldingen van schaakstukken waar de strijdwagen of de boot is vervangen door een kameel. Toen de Arabieren tijdens hun veroveringen in Perzië in aanraking kwamen met Shatrang hadden ook zij behoefte aan een eigen vertaling van de benamingen. Zij spraken van Shatranj (dat klonk als sjatrandsj) en de benaming Rukh namen ze weliswaar over maar deze werd anders uitgesproken, meer achter in de keel: Rukhkh. De vormgeving bleef niet overeind, want men hield niet van realistische afbeeldingen: de strijdwagen, de boot of de kameel werden abstract. De kantelen van onze toren zouden de geabstraheerde bulten van de kameel kunnen zijn. Ook in de ontwikkeling van de geabstraheerde stukken zien we met veel fantasie voor de toren eerst nog iets als een strijdwagen of kameel (hoog achter en voor, in het midden laag), maar bij latere versies schiet zelfs de fantasie tekort. Onze toren lijkt toch erg veel op een toren.
Toren uit Syrië/Iran, 9e-12e eeuw.
17
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 24
D
1. Mat achter de paaltjes
‘De onderste rij’, dat wil zeggen de eerste en de achtste rij, geeft een typische problematiek: de koning staat weliswaar veilig achter de eigen pionnen maar kan ook mat gezet worden als er geen luchtgat, geen ventiel, is gemaakt. Combinaties die daarmee te maken hebben, worden gekscherend ‘mat achter de paaltjes’ genoemd.
mmdjmmfm mmmmmagm aHmmaimm Kmmmmmmm mJmmmmmm Gmmemmmm mmmmmGAG mmmmmDLm
mmmmmmmm gEJemmgf mmmmammg mmmdmamm mmmGmmmm mmmmGmmm AGmmmGAG mmmmmmLm
1. zwart aan zet
2. zwart aan zet
dmmmdmfm mamcmagm mgmmmmmg mmmAkmmm mJmmmmmm GmmEmCmm mGmmmmAG JmmmmmmF
mmmmmmfm mmmmmaga mmmmammm gmmdGmmm mgmGmmmm mmkmmAGm AmmJEmFG mmmmmmmm
3. zwart aan zet
4. wit aan zet
24
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 25
1. Fontain - Euwe, Amsterdam 1939. Onze Max Euwe was natuurlijk een groot strateeg, die diverse standaardboeken schreef, maar hij had ook oog voor de kleine combinaties. Zwart wint de materieel gelijke stand met de aanval over de onderste rij: 1…Tc1!! 2.Txc1 Dd1+ 3.Txd1 Txd1 en mat. Wit had ergens in het middenspel een tempo moeten geven, met h3 of g3, voor een vluchtveld. 2. N.N. - N.N., Joegoslavië 1949. Wat wits laatste zet ook was (Tc7?), het was een blunder. Hij staat huizenhoog gewonnen met zijn pluspionnen en had gealarmeerd moeten zijn vanwege zijn onderste rij en de combinaties die daarmee gepaard gaan. Zwart draait een verloren stelling in één zet om met 1…Tc5!! waarmee Tc7 twee keer wordt aangevallen en het eindspel 2.Txc5 Dxb7 verloren is. En 2.dxc5 kan niet! 3. Mikenas - Bronstein, kampioenschap Rusland 1965. Je kijkt eerst naar 1… De1+, het is echter geen mat, want wit kan met 2.Df1! het schaak opheffen terwijl de dame indirect gedekt is door Ta1. Dus moest Bronstein het net iets slimmer aanpakken. Met 1…Txa3!! valt hij Ta1 en Dd3 aan en wit kan de toren op a3 op drie manieren pakken, maar zal dan te maken krijgen met het ‘mat achter de paaltjes’. 4. Lepek - Koonen, Correspondentiepartij 1962. Hier duurt de combinatie wat langer, het zijn in feite drie onderste-rij-combinaties. Lepek begon met 1.Tc2! Dxd4 2.Tc4!! want direct 2.Tc8+ Td8 leidt nog tot niets. Zwart moet veld d8 onder controle houden, dus 2…Db6 3.Tc8+ Td8 en met de slotzet maakt wit gebruik van de beperkte ruimte van de dame. Zwart gaf op na 4.Db5!!
25
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 78
D
28. Leer van de grootmeesters
Een beetje cynische titel dit keer, want we krijgen vier voorbeelden uit de praktijk waarin de grootmeesterlijke schakers het net even niet goed deden. We leren dus van hun fouten. Soms begrijp je zo’n fout niet van een wereldtopspeler maar soms is de bordspeler, in het heetst van de strijd, te excuseren.
mJmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmfmm mmmmmgmm mammmmmd mmmmFmmm mmmmmmmm
mmmmmmfm mmmmLmmD dmmmmmAm mmmmmAmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm
1. zwart aan zet
2. zwart aan zet
mmmmmmmm gmmmmmmm mgmmmlmm mAmmmmJF mmmmmmmg mmjmmmmA mmmmmmmm mmmmmmmm
mmmmmmdm mmmmmmGm mmmmmmDm mmmmmmmm mmmmmLmg mmmmmmmm mmmmmmml mmmmmmmm
3. zwart aan zet
4. zwart aan zet
78
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:21 Pagina 79
1. Bernstein - Smyslov, Groningen 1946. Zwart staat huizenhoog gewonnen en kan met een simpel 1…Te3+ de witte koning dwingen een kant te kiezen. Speelt wit 2.Kd2 Ke4 3.Tb4+ Kf3 en wint en ook na 2.Kf2 Ke4 3.Tb4+ Kd5 4.Txf4 Te4 kan wit opgeven. Maar zwart deed gedachteloos 1…b2? 2.Txb2! Th2+ 3.Kf3 en nu is het na 3…Txb2 pat en na 2…Kg4 3.Kf1 ook (theoretisch) remise. 2. Blees - Plachetka, Kopenhagen 1985. Het gebeurt niet vaak maar soms geeft iemand op in een remisestand of zelfs in een gewonnen stelling! In de diagramstelling gaf zwart op, hij zag geen verdediging tegen de twee vrijpionnen. Met 1… Txg6! had hij remise kunnen maken. Wit kan nog even iets als 2.Th1 Ta6 3.Tg1+ Kh7 4.f6 Ta7+ proberen maar de toren kan lang schaak blijven geven en er zit geen winst meer in. 3. Hübner - Adorjan, tweekamp Bad Lauterberg 1980. Robert Hübner trok in zijn actieve schaakcarrière altijd het ongeluk aan. Ooit werd een tweekamp in de laatste fase voor het wereldkampioenschap (tegen Smyslov in 1983) beslist op de roulettetafel. Natuurlijk verloor Hübner. Eerder had hij ternauwernood de Hongaar Adorjan verslagen ondanks deze partij 1…Tc5?? 2.Kxh4! Txg5 pat. 1… Txh3 won simpel. 4. Bykova - Rubtsova, WK match (vrouwen) 1958. Zwart zag het smalle pad naar de remise niet en speelde 1…h3? 2.Tg3! en gaf op, ook 1…Kh3? 2.Tg4! brengt zwart in dezelfde zetdwang. Als je de hele partij met de rug tegen de muur hebt gestaan, kan de motivatie zijn aangetast. Maar is deze stelling een opgave, dan is de oplossing makkelijker te vinden: 1…Kh1! 2.Kg4 h3! 3.Kxh3 Txg7! 4.Txg7 pat.
79
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:22 Pagina 142
D
60. De lachende toren
Vier vrolijke opgaven tot slot. Iets voor op de feestdagen. Diagram 1: plaats een zwarte koning zo, dat wit mat in één zet kan geven. Diagram 2: normale vraag, normale oplossing. Diagram 3: probeer het niet te lang. Diagram 4: bij ‘weggeefschaak’ telt schaak niet, je moet alles slaan wat geslagen kan worden.
mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmIcmmm mmmmmmmm mGAmmmDm mmmmLmmD
mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm fGAmmmmm mbKmLmmD
1. Mat in 1 (waar staat de zwarte koning)
2. Mat in 2
mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmAmmm mmmammmm mmammmam maGmlAGa mGmmmmmG JmmmLmmD
mmmmmmmm mmmmmAmf mmmmmmmm mmmmmmmF mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm mmmmmmmm
3. Mat in 3
4. wit wint a) orthodox schaak b) ‘weggeef-schaak’
142
Wij presenteren de toren_157x234 27-09-11 11:22 Pagina 143
1. K. Fabel, Deutsche Schachblätter 1950. Er is maar één goede oplossing: zet de zwarte koning op f3 en dan is het mat met 1.0-0. De foute oplossing is wanneer de zwarte koning op c1 gezet wordt, want om dat veld te bereiken moet de koning over d2 of d1 gekomen zijn en heeft de witte koning een stap opzij gedaan. En dan is de rokade niet meer mogelijk. 2. N.G.G. van Dijk, Østlendingen 1959. De eerste gedachte is wellicht 1.0-0 maar, net zoals in opgave 1, is de vraag hoe de zwarte koning op a2 terechtkwam? Dat moet via c1 zijn gegaan en dan heeft de witte koning bewogen. Dus is de rokade illegaal. De enige winstzet is 1.Kf2! en als het paard beweegt volgt 2.Da1 met mat. 3. T. Krabbé, Schaakbulletin 1972. Eerst de gewone oplossingen. We beginnen met 1.e7 gxf3 2.e8D+ Kd3 3.0-0-0 met mat en ook na 1…Kd3 2.e8D Kc2 3.De2 mat is er nog niets bijzonders aan de hand. Zelfs niet na 1…Kxf3 2.e8T! (2.e8D? Kg2!) d4 3. 0-0 mat! Maar wat nu na 2…Kg2? Dan is de superrokade, Ke1 en Te8, het antwoord: 3.0-0-00+!! Niet legaal maar wel leuk. 4. J. Beasley, Outrageous chess problem 2005. Eerst het gewone schaak, dan is de oplossing simpel: na 1.f8T! wint wit snel. Maar nu het weggeefschaak: wit speelt 1.Kh6! (dat mag, schaak telt niet, alleen slaan) Kxh6 2.f8T! alleen zo wint wit, promotie tot elk ander stuk verliest omdat de zwarte koning zichzelf dan kan weggeven.
143
De toren, de steunpilaar van het schaakspel
ISBN 978 90 4390 067 6
www.defonteintirion.nl
TIRION SPORT
Toren_rug12,5mm.indd 1
TIRION SPORT
Hans Böhm (1950) is een bekende Nederlandse schaker en internationaal meester. Hij schreef meer dan 20 boeken en is vaste medewerker van De Telegraaf. Yochanan Afek (1952) is een Israëlisch schaker en internationaal meester. Hij is naast speler ook studiecomponist, schaakjournalist en trainer.
Wij presenteren DE TOREN
De internationale schaakmeesters Hans Böhm en Yochanan Afek begonnen in 2010 met De pion en vervolgen met dit boek over de toren de unieke 6-delige serie waarin steeds één schaakstuk centraal staat. Aan de hand van historische achtergrond, spelsituaties en probleemstellingen worden de 60 thema’s – aanvallend en verdedigend – besproken. Ook worden bijzondere partijen beschreven waarin de toren een beslissende rol speelde.
Hans Böhm & Yochanan Afek
De toren is een sterk stuk, rechttoe rechtaan. Eenmaal in zijn element kan hij ieder ander stuk domineren. Ondanks de rechtlijnigheid is de toren ook lichtvoetig als dat beter uitkomt.
Hans Böhm & Yochanan Afek
Wij presenteren… de toren is een boek voor iedereen met een passie voor schaken!
Wij presenteren
DE TOREN De steunpilaar van het schaakspel
TIRION SPORT
15-08-11 21:31