oktober 2015 – nummer 1063 – jaargang 93
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
Thema: Kerkvisitatie
RICHARD VISSINGA
In de week waarin ik deze bijdrage schrijf ga ik voor in vier uitvaarten. De grote wijkgemeente waaraan ik verbonden ben telt veel oude leden. Het is geen uitzondering als ik drie keer in de week een uitvaartdienst leid. Gelukkig is er veel begrip voor de last die dat met zich meebrengt en dat ik in zo’n week andere verplichtingen niet kan nakomen. Iedere uitvaart is immers uniek en vraagt telkens niet alleen tijd, maar evenzeer zorgvuldigheid en concentratie. Drie dingen vallen me daarbij steeds weer op. In de eerste plaats is dat de rijkdom aan rituelen en woorden waarover de kerk beschikt. Laat ik er één mogen noemen: het licht. De paaskaars brandt en verwijst naar het licht van God, dat in Jezus in zijn volheid schijnt. De gedachteniskaars wordt aangestoken aan het licht van de Paaskaars en gaat na de uitvaart mee met een nabestaande. Kleine kaarsjes worden aangestoken door familieleden waarbij kostbare herinneringen worden gedeeld. Bij het licht denken we aan dat oude woord, dat je het donker niet met stokken kunt verdrijven, maar wel een licht kunt aansteken. Dat geldt ook voor het donker van verdriet en eenzaamheid. In de tweede plaats is dat de kracht die van oude woorden uitgaat. Psalm 23 wordt veel gevraagd. Hoewel een herder met schapen ons enkel nog vertrouwd is als een toeristische attractie, spreekt waar het in dit oude lied om gaat ook mensen van vandaag aan: leiding in het
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
redactioneel
leven, veiligheid en geborgenheid in leven en in sterven. De vraag van de pelgrim die in Psalm 121 aan het woord is: ‘ik sla mijn ogen op naar de bergen, vanwaar zal mijn hulp komen?’ is ook zo vaak onze vraag. Wie zal ons helpen op onze weg over de hoogten en door de diepten van het leven? Woorden van enkele duizenden jaren geleden zijn in staat ook vandaag mensen te raken, te troosten en te bemoedigen. En in de derde plaats is dat het missionaire karakter van een uitvaartdienst. Het is geen uitzondering als kinderen en kleinkinderen, familieleden en vrienden van een gestorvene geen binding meer hebben met de kerk en het christelijk geloof. Het valt mij vaak op dat zij diep geraakt en ontroerd worden door de goede woorden die bij een uitvaart gesproken worden, door de zorgvuldig opgezette liturgie en door de aansprekende en ook eigentijdse liederen. ‘Ik ben niet gelovig’, zei laatst iemand tegen mij ‘maar als ik dit allemaal hoor, dan zou ik ook wel zo’n geloof willen hebben’. Hij is geen uitzondering. Er is een nieuwe belangstelling voor wat de kerk te bieden heeft. Als de kerk geroepen wordt om met haar boodschap naar buiten te treden en daar het licht van Gods heil te laten schijnen, dan gebeurt dat zeker hier. Het is voor een voorganger bemoedigend om te merken dat en hoe mensen aan de goede woorden van het evangelie op adem komen en getroost worden.
2
2 redactioneel
in dit nummer
28 boeken 33 prikbord
9
29 13
4 Visitatie, visite, bezoek Het themanummer over ‘kerkvisitatie’ ingeleid – JAAP DE LANGE 6 De fluwelen handschoen en fijn schuurpapier Achtergronden en opzet van kerkvisitatie, toegelicht vanuit de kerkorde – SOPHIE BLOEMERT 9 Hoe gaat het met jullie? Kerkvisitatie in bijbels perspectief: waar gaat het om, waar gaat het over? – JAAP DE LANGE
13 Waarderende visitatie Visitatie gericht op de opbouw van een vertrouwensvolle gemeente – JAN HENDRIKS
24 Visitatie: de voorbereiding Welke stappen worden in de voorbereiding van een visitatie gezet? – FERRY BUITINK
18 Visitatie en de plaatselijke gemeente Een impressie uit de gemeentepraktijk: voor, tijdens en na het bezoek – ROELOF DE WIT
29 Buitengewone visitaties Ernstig verstoorde situaties vragen om buitengewone visitaties – WIJNAND SONNENBERG
21 Bijdragen aan de vreugde van het geloof Visitatie gezien vanuit de inbreng van de visitator – RINZE MARTEN WITTEVEEN
volgend nummer
3
Het lied in het pastoraat Overwegingen bij een lied
Bijbelwoorden Nu Een bijbels begrip in zijn betekenis voor nu
Focus op de boodschap De kerk en het gebruik van sociale media
Jeugdwerk, een kruiwagen vol kikkers Aandacht voor de 8 tot 11 jarigen
Slavernij en de kerk Omgaan met pijnlijke zaken uit de geschiedenis
Mensen in rouw Overwegingen bij ontmoeting en bezoek
Oktober 2015 – nummer 1063 – Jaargang 93
Het onderwerp van dit themanummer is binnenkerkelijk. Voor sommigen is het misschien zelfs louter bestuurlijk, opgelegd vanuit de kerkorde. Niettemin heb je er als kerkenraad wel mee te maken. Hoe doe je dat?
JAAP DE LANGE Dr. J.J. de Lange is emeritus hoogleraar praktische theologie van de Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid te Brussel. Hij is lid van de redactie
V
isitatie, visite, bezoek
Ter inleiding
Als we dat formele begrip kerkvisitatie via de woorden ‘visitatie, visite, bezoek’ terugbrengen naar z’n dagelijkse betekenis, dan klinkt het meteen veel minder afstandelijk: Er komt bezoek! Inderdaad het gaat om bezoek aan de gemeente door afgevaardigden van de classis, het regionale kerkverband. Verband duidt op bezoek vanuit verbondenheid. Dat is zeker de gedachte achter kerkvisitatie. Ook al hebben velen dat niet altijd zo ervaren. Men denkt dan aan in te vullen vragenlijsten, de hoeveelheid te verstrekken informatie, het formele karakter, aan een gevoel van controle. Er bleef dan niet veel meer hangen dan dat zoiets nu eenmaal ‘moet van de kerkorde’.
Voor welk bezoek kies je? Nu kun je, zo is het dagelijks leven, met bezoek op verschillende kanten op. Je kunt het over je heen laten komen; natuurlijk met alle bij behorende beleefdheden, maar daar blijft het dan ook bij. Aan het eind van de avond neem je van dezelfde vreemden afscheid als met
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
wie je de avond begon. Er zijn van die bezoeken, veelal beleefdheidsbezoeken, waaraan je je nu eenmaal niet kunt onttrekken. We slaan ons er wel doorheen.
Er komt bezoek
4
De insteek ‘opzicht’ kan echte gesprekken belemmeren
Wat nemen visitatoren mee? Wat de kerkenraad om nog eens verder op door te denken?
Gemeentebezoek? Maar zo hoeft het níet te gaan. Hoe een bezoek verloopt, daar heeft niet alleen de bezoeker, maar ook jijzelf de hand in. Met welke inzet ontvang je het bezoek en begin je aan de avond? Wat wil jijzelf van het bezoek maken?
Van twee kanten Bij kerkvisitatie is dat niet anders. Ook hier krijgt het bezoek inhoud en vorm van twee kanten. Natuurlijk moeten kerkvisitatoren als bezoekers informatie krijgen, want zo bereiden zij zich voor. Als kerkenraad kun je het bij het doorgeven van de gevraagde gegevens laten en het bezoek ondergaan. Dat kan. Maar wil je er iets meer van maken, dan bereidt ook de kerkenraad zich voor en niet alleen de visitatoren. Wat zouden wij vanuit de praktijk van ons gemeentezijn, willen inbrengen? Waar lopen we tegen aan? Zijn er bijvoorbeeld plannen voor een nieuwe vorm van kerk zijn en zouden we daar wel eens een stem ‘van buiten’ over willen horen? Hoe zouden we bij de opzet van een nieuw plan de kerkvisitatoren kunnen uitnodigen met ons mee te denken vanuit onze vraagstelling en wat kunnen zij dan misschien aanreiken? Een kerkenraad kan dus ook actief het gesprek voorbereiden, vragen en zaken inbrengen. Wie weet, leidt het tot een boeiende uitwisseling over kerk zijn in onze tijd in ons dorp, in onze wijk/stad. In de kerkorde staat kerkvisitatie onder het kopje ‘opzicht’, ook al wordt dat daar gezien als ‘tot opbouw van de gemeente’. Maar de insteek ‘opzicht’ kan echte gesprekken over de opbouw van de gemeente wel flink beperken en belemmeren. Juist daarom hangt er veel van af hoe open en verwachtingsvol visitatoren en kerkenraad elkaar tegemoet treden. Kunnen we over één of twee punten die ons bewegen, dieper met elkaar van gedachten wisselen of moet er een hele lijst afgewerkt worden? Hoe evalueren we aan het eind van de avond het bezoek?
5
Overigens van een andere orde, maar hieraan wel verwant is het bezoek dat gemeenten ook aan elkaar kunnen brengen. Sommige gemeenten hebben een partnergemeente, maar je kunt een gemeente ook zoeken die in een vergelijkbare situatie verkeert. Om uit te wisselen. Willen jullie eens met ons meedenken, als wij dat ook met jullie doen? Wij staan hiervoor en denken daar tot nu toe zo over. Hoe gaan jullie daar mee om? Kunnen we elkaar nog weer andere aspecten of invalshoeken laten zien? Zoiets zou een mooie, inhoudelijke en herkenbare aanvulling kunnen zijn op de kerkvisitatie die eens in de vier jaar vanuit de classis plaats vindt.
Dit themanummer In dit themanummer wordt kerkvisitatie vanuit meerdere kanten belicht. De achtergrond ervan wordt vanuit de kerkorde uiteengezet (Bloemert). Ook al kent het Nieuwe Testament het begrip visitatie niet, er is vanuit bijbels perspectief wel degelijk iets te zeggen over bedoeling en intentie (De Lange). In gemeenteopbouw wordt wel gesproken over het model van ‘waarderende gemeenteopbouw’, maar wat zou dat kunnen betekenen voor een ‘waarderende visitatie’ (Hendriks)? De praktijk van de kerkvisitatie komt aan de orde in een ervaringsbericht van een gemeente (De Wit) en in dat van een visitator (Witteveen). Ook de voorbereiding van een visitatie wordt puntsgewijs geschetst (Buitink). Het themanummer sluit af met een bijdrage over ‘de bijzondere visitatie’, waarin het aankomt op bemiddeling bij gerezen problemen (Sonnenberg).
Zo biedt dit Ouderlingenblad aan leden van de kerkenraad een inleiding in kerkvisitatie en wil het behulpzaam zijn bij de voorbereiding en vormgeving ervan.
Oktober 2015 – nummer 1063 – Jaargang 93