Skip to main content

Ouderlingenblad 1058, april 2015

Page 1

Pastoraat en Gemeenteopbouw April 2015 - nummer 1058 - Jaargang 92

Thema

Contacten in en met de gemeente


Redactioneel In het Redactioneel van het maartnummer schreef ik over de vraag die mij bij een kennismakings-bezoek aan een echtpaar gesteld werd naar de ziekenzalving. Karin, laat ik haar zo mogen noemen, leed al vanaf haar geboorte aan een ernstige aandoening, die in de loop van de jaren steeds meer pijn met zich meebracht. En nu waren er bij een onderzoek vermoedens gerezen over een andere, ernstige aandoening. Zij wilde graag door mij als haar wijkpredikant gezalfd worden. Begin februari vond de zalving in hun huiskamer plaats. Het werd een bijzondere ontmoeting, schreef ik vorige maand. Wat ging er nu al een kracht uit van de woorden en het ritueel. Dat bleef en werd zelfs nog sterker toen ze me anderhalve week later opbelde en vertelde, dat al vrij snel na de zalving de pijn minder werd en na enkele dagen zelfs helemaal verdween. En tijdens het geplande bezoek aan het ziekenhuis bleek bij een nieuwe scan, dat de ‘schaduwen’ die eerder te zien waren geweest helemaal verdwenen waren. Artsen en verpleegkundigen waren verbaasd en konden geen medische verklaring geven voor wat ze zagen. Voor Karin was het echter geen vraag: dit was duidelijk Gods werk. De zalving had het resultaat gehad, waarover de apostel Jacobus in zijn brief schrijft: het gelovige gebed zal de zieke redden, en de Heer zal hem laten opstaan (Jacobus 5, 15). Opnieuw riepen we: Godlof !

Ik was verbaasd en in verlegenheid. Ik had wel eens gelezen en gehoord van zulke dingen. Diepe indruk maakte destijds wat Karl Barth schreef over Johann Christoph Blumhardt, die na veel worsteling en gebeden met één van zijn gemeenteleden Gottliebin Dittus had uitgeroepen: ‘Jesus ist Sieger!’ En zij genas. Nu overkwam mij van zo nabij een genezing door de kracht van zalving en gebed. Van verlegenheid was bij Karin geen sprake, enkel van diepe dankbaarheid en een stellig weten, dat God zo kan werken. Zo noemde zichzelf een ‘bidster’, die vaker zulke wonderlijke ingrepen van God in haar leven had meegemaakt. Ook kende ze de ervaring, dat haar gebeden niet verhoord werden zoals zij dat graag zou willen. Maar dat liet ze vervolgens bij God, die daar zijn bedoelingen mee zou hebben. Daar kon ze zich aan overgeven. Deze ervaring gaf mij veel te denken. En te delen. Iemand vroeg mij of ik soms over paranormale gaven beschikte. Daar weet ik niet van en deze ervaring riep ook geen vraag in die richting op. Veel meer de gedachte, dat ik op een wonderlijke wijze door God gebruikt ben als een instrument in het kader van heling van Karin. Hoe God ‘werkt’ of aanwezig is in ons leven valt vaak niet aan te geven, maar ons geloof gaat er wel van uit dat Hij werkt en aanwezig is. Het was indrukwekkend en overweldigend om dat nu zo te mogen ervaren.

Richard Vissinga

2

OuderlingenBlad, april 2015, nummer 1058


4

Contacten in en met de gemeente

16

De geloofsgemeenschap in haar contact met mensen. Ter inleiding – Jaap de Lange 6

‘Voor ons hoeft het niet’

Over contactpersonen, ingeschakeld ten behoeve van de gemeenschap – Jan Hendriks 20

Signalement over het bezoekwerk in de gemeente – Ad van Noord 10

Uit de praktijk 1 Gemeente en individu

21

Uit de praktijk 2 Dat doet goed! – Gerry Kramer-Hasselaar

Verwachtingen van de gemeenschap Wat zoeken mensen in een geloofsgemeenschap? – Henk de Roest

25

Een verhouding door de eeuwen heen vanuit bijbels perspectief – Gerben Heitink 15

Uit de praktijk 3 Wat inspireert? – Gerry Kramer-Hasselaar

Tegenvallende ervaringen – Gerry Kramer-Hasselaar 11

Van de andere kant bezien

Uit de praktijk 4 Behulpzame initiatieven – Gerry KramerHasselaar

26

Aanzetten voor een andere benadering Inspiratie voor andere vormen van pastoraat – Erica Hoebe-de Waard

2 Redactioneel Richard Vissinga 31 Boeken 32 Prikbord

In dit nummer Volgend nummer Geloven in zicht

Pastoraat bij rouw

Iconen en hun spiritualiteit

Voor elkaar van betekenis in dagen van verdriet en gemis

De gemeente durft … Kernbegrippen in de opbouw van de gemeente

Speelruimte voor dialoog en verbeelding

Alledaagse spiritualiteit

Armoede in Nederland

Wat je beweegt in het dagelijkse leven

Wat je merkt van de crisis

De kunst van openheid in ontmoeting


C

Uit een brief aan de redactie: ‘In m’n vorige gemeente merkte ik dezelfde tendens op: meelevende leden gaven dikwijls aan dat zij een bezoek wel op prijs stelden, maar ze vonden het ook prima wanneer de bezoekers naar anderen gingen, “die het méér nodig hadden.”

Contacten in en met de gemeente

Jaap de Lange

Dr. J.J. de Lange is emeritus hoogleraar praktische theologie van de Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid te Brussel

Ter inleiding  Veel kerken kennen een uitgewerkte contactstructuur met bezoekmedewerkers of contactpersonen, die als de oren en ogen van de wijkouderling / het wijkteam het eerste, directe contact met gemeenteleden onderhouden. Het is een ingeburgerde manier om de gemeente als gemeenschap te ondersteunen. Het is dan ook een aangelegen punt, dat de briefschrijver voorlegde: Als in een veranderende samenleving ook de gemeente een andere plaats inneemt in de directe levenssfeer van mensen, hoe onderhouden we dan het onderlinge contact? En zijn er ook andere vormen van contact die aansluiten bij de veranderingen in de praktijk? De gemeente heeft immers vormen van contact nodig om de onderlinge relatie met en tussen de leden te onderhouden? In de opzet van dit themanummer heeft de redactie deze vraagstelling als vertrekpunt willen nemen in de hoop op deze manier iets aan te bieden om als plaatselijke kerkenraad samen met

4

bezoekmedewerkers nog eens op door te kunnen praten en zelf actief op zoek te gaan naar eigen aanknopingspunten en mogelijkheden. In bezinnende en in praktijkgerichte bijdragen wil dit nummer daaraan een bijdrage leveren.

Over de inhoud van dit themanummer  Het themanummer wordt geopend door Ad van Noord, die de vraagstelling vanuit de praktijk van het kerkenwerk verwoordt en toelicht. In de bezinnende bijdragen biedt Gerben Heitink vervolgens een bijbels georiënteerde bijdrage. Daarin wordt vanuit het bijbelse beeld van het lichaam en de leden lijnen doorgetrokken naar de gemeente als gemeenschap. Jan Hendriks gaat vanuit onderzoek in op de positie en de mogelijkheden van de contactpersonen of bezoekmedewerkers, terwijl Henk de Roest schrijft over lopend universitair onderzoek, waaruit ook nu al lijnen zijn te trekken naar de praktijk van het gemeentewerk.

OuderlingenBlad, april 2015, nummer 1058


Een gebruiksnummer!

Tussen al deze bezinnende artikelen door staan steeds korte bijdragen van Gerry Kramer-Hasselaar, die daarin verslag doet van gesprekken die zij voerde met bezoekmedewerkers. Het zijn praktijkberichten, waarin steeds vanuit een andere invalshoek ervaringen van bezoekmedewerkers aan bod komen. Daarmee houdt zij ons op herkenbare wijze steeds bij de les van de praktijk. De bijdrage van Erica Hoebe- de Waard sluit dit nummer af. Zij biedt in haar bijdrage een handzaam, praktijkgericht schema aan om de verschillende contactmogelijkheden in de eigen gemeente in kaart te brengen en om van daaruit nog eens te reflecteren op mogelijkheden en knelpunten.

Allereerst vanuit de bezinning Wie liever start vanuit een stevig inhoudelijke bijdrage, kan beginnen door met elkaar het artikel van Heitink te bespreken. Het uitgangspunt en de wijze waarop die in grote lijnen in de geschiedenis naar voren komt, tot onze huidige situatie. Het geeft een kader om van daaruit naar de huidige praktijk te kijken. Hoe werken tegen die achtergrond de vier opeenvolgende vragen van Kramer-Hasselaar in onze gemeente uit? Tot welke creatieve ideeën voor onze eigen praktijk komen we na verwerking van de artikelen van Hendriks en De Roest. Kunnen we het schema van Hoebe-de Waard nu invullen als een situatie waar we naar toe kunnen werken?

Vanuit verkenning van de eigen situatie Tenslotte is het ook mogelijk om als kerkenraad, pastoraal team, in te lijk kan dit Ouderlingenblad gewoon zetten bij de vraagstelling van Van individueel gelezen worden, zoals dat Noord. Herkennen we dat? Hoe zit het elke maand het geval is. Maar het is ook heel goed als gebruiksnummer aan bij ons? Vervolgens zou het schema van Hoebe-de Waard voor de eigen te wenden voor bezinning op de eigen gemeente ingevuld kunnen worden. praktijk. Een paar suggesties, kort geZo brengen we onze eigen situatie in formuleerd: kaart. Wat voor beeld krijgen we nu van onze gemeente? Waar signaleren Direct vanuit de praktijk De vragen, die in de vier bijdragen van we knelpunten en waar mogelijkheden? Nu gaan we naar de bezinnende Gerry Kramer-Hasselaar aan de orde komen, kunnen plaatselijk heel goed in artikelen. Wat voor kader en uitgangsgroepsgesprekken van bezoekmedewer- punten bieden die ons? Kunnen we kers gesteld worden. ‘Dit is waar Gerry het schema van Hoebe-de Waard nu nog eens invullen, maar dan als geKramer opkwam, wat zijn onze eigen ervaringen? Laten we die er eens naast wenst situatie? Nu proberen we een leggen.’ Van daaruit kan terug gekeken stappenplan te ontwikkelen om vanuit het eerste naar het tweede schema worden op de waarde van bezoekwerk toe te werken. π met behulp van de meer bezinnende artikelen van Heitink, Hendriks en De Roest. Hoe helpen zij ons verder?

Een gebruiksnummer  Natuur-

OuderlingenBlad, april 2015, nummer 1058

5

Met dank aan de auteurs in dit nummer voor hun meedenken, hoopt de redactie u hiermee een handreiking te bieden voor uw bezinning op dit onderdeel van de gemeente als gemeenschap.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Ouderlingenblad 1058, april 2015 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu