A
Thea Zoeteman is een bekende naam in de Citerreeks, en niet voor niets. Haar romans zijn een combinatie van wegdromen en realisme die velen aanspreekt. Bittere waarheid is het tweede deel van haar Nicolet-trilogie.
‘Een aanrader voor christelijke lezers, die zich graag verdiepen in andere mensen en achtergronden’ – Lezersrecensie door Marjan op Hebban.nl
ISBN 978 90 2053 846 5 NUR 344
9 789020 538465 w w w.c i ter r eek s .nl
Bittere waarheid
ls Nicolet haar man Maarten met een andere vrouw ziet in de stad, stort haar wereld in. Ze confronteert hem ermee, maar Maarten ontkent alles. Nicolet probeert haar gevoel los te laten, want wat kan ze anders doen? Dat wordt echter moeilijk als Maarten zich steeds vreemder begint te gedragen. De spanningen lopen zo hoog op dat Nicolet een paniekstoornis ontwikkelt. Ze vindt hierin geen enkele steun van Maarten, maar gelukkig wel van Renske. Maar dan blijkt dat Maarten haar nog erger bedriegt dan ze ooit had kunnen vermoeden.
Thea Zoeteman
Haar wereld stort in, en ze weet nog niet de helft…
Thea Zoeteman
Bittere waarheid h Nicolet h trilogie #2
Bittere waarheid
Van Thea Zoeteman verschenen eerder o.a. Trouw aan een belofte (Nicolet-trilogie deel 1) Op handen gedragen Vertrouw op morgen Moedig verder Nieuw begin Zomerbloeiers
Thea Zoeteman
Bittere waarheid
CITER
REEKS
isbn 9789020538465 isbn e-book 9789020538472 isbn grote letter 9789020538489 nur 344 © 2021 Uitgeverij Zomer & Keuning Postbus 13288, 3507 LG Utrecht Omslagontwerp Liesbeth Thomas, t4design www.theazoeteman-meulstee.nl www.citerreeks.nl www.zomerenkeuning.nl Alle rechten voorbehouden Uitgeverij Zomer & Keuning vindt het belangrijk om op milieuvriendelijke en verantwoorde wijze om te gaan met natuurlijke bronnen.Voor de papieren editie van deze uitgave is daarom gebruikgemaakt van papier waarvan zeker is dat de productie niet heeft geleid tot bosvernietiging.
Hoofdstuk 1
Nicolet merkt hoe hevig zij beeft als zij de sleutel een paar keer naast het slot steekt. Dan eindelijk zit hij goed en klikt de deur open. Als ze op de mat stapt, is de stilte in huis intens. Geen kinderstemmen die naar haar roepen, geen rennende voetstappen op de trap of door de kamer. Zelfs de ruzietjes die regelmatig tussen haar twee jongens voorkomen, mist ze nu. Het maakt haar ontreddering des te groter. Ze maakt zich los van de plaats waar ze staat en schopt haar schoenen uit. Haar tas schuift ze de keuken in. Die pakt ze straks wel uit. Omdat het warm is, heeft ze alleen een dun vestje aan. Dat legt ze achteloos in de kamer op de zitting van de stoel. Doordat de zon op de ramen brandt en ze vergeten is het zonnescherm neer te laten voordat ze vertrok, is de temperatuur tot ongekende hoogte gestegen. Ze laat alsnog het scherm zakken en doet de deuren tegen elkaar open zodat het lekker door kan waaien. Daarna loopt ze de tuin in. Ze heeft geen rust om te zitten. Het liefst zou ze met iets willen gooien. Gillen desnoods. Als ze haar frustratie en ellende maar kon uiten. Ze doet niets van dit alles. Omdat ze op dit moment niets anders heeft te doen, pakt ze toch haar tas maar uit. Gedachteloos geeft ze al haar boodschappen een plek. Kun je zo geschokt zijn dat het lichamelijk pijn doet? Dat je in je hart de pijn voelt? Ja, weet ze. Dat kan, want ze ervaart het op dit moment. 5
De schok van vanmiddag is ze voorlopig niet te boven, daar zal misschien maanden of jaren overheen gaan. Misschien verwerkt ze dit nooit. De lege tas smijt ze gefrustreerd in de gangkast en de deur gooit ze met een klap dicht. Dan steekt ze haar verhitte gezicht onder de koude kraan. Het water vermengt zich met haar tranen die zich niet langer tegen laten houden. Pas veel later hervindt ze zichzelf buiten op het terras, in een makkelijke tuinstoel in de schaduw van de parasol. Een glas mineraalwater binnen handbereik. Ze begrijpt het niet. Eigenlijk heeft ze het nooit begrepen. Toen ze verkering kreeg met Maarten, nu twaalf jaar geleden alweer, wist ze voor zichzelf dat hij de man was met wie ze de rest van haar leven wilde delen. Ze was gelukkig. Ook in het begin van hun huwelijk was ze daarvan overtuigd. Dat veranderde langzaam, maar zeker. Maarten begon narcistische trekjes te vertonen. Ze had het eerst niet eens door en dacht dat het grotendeels aan haarzelf lag. Zij deed het niet goed en het lag allemaal aan haar. Maarten was er een ster in om haar dat gevoel te geven, zodat ze er zelf ook in ging geloven. Het werd steeds erger. Toen ze zwanger was van Robbert, hun eerste, was hij er nog blij mee. Dat was anders toen ze van Wouter zwanger was. De vakantie naar Griekenland kon niet doorgaan omdat de bevalling midden in de zomer zou plaatsvinden. Daarna zag ze het niet zitten om alsnog een vliegreis te maken met een baby en een peuter. Dat wekte zijn woede op. Vooral ook omdat hij er niets tegen kon doen. Het was voor de eerste keer in hun huwelijk dat zijn verlangen zich ondergeschikt moest maken aan dat van haar. En dat viel helemaal verkeerd, omdat hij in alles zijn zin wilde hebben. Al ging het ten koste van haar. Maarten maakte het haar op allerlei andere manieren moeilijk. Het enige wat zij nog deed, was geven in plaats van nemen. Ze suste en kalmeerde en liep voortdurend op haar tenen. En dat alles om 6
de sfeer in huis zo draaglijk mogelijk te maken. Haar eigenwaarde kelderde naar beneden en ze ging steeds meer twijfelen aan zichzelf, aan haar kwaliteiten en haar functioneren. Want ze deed niets meer goed in Maartens ogen. Ze kreeg het psychisch zo zwaar te verduren dat ze ten slotte in een diepe put terechtkwam. Schuldgevoelens bleven over, want het lag immers allemaal aan haar? Zij was geen goede vrouw voor Maarten en geen goede moeder voor haar kinderen. Ze ging er zelf in geloven. Totdat ze een GezinsGids in handen kreeg waarin een artikel geschreven was over narcisme. Dit vanuit de ervaringen van een vrouw wier man het had en vanuit de visie van een hulpverlener gezien. De schellen vielen haar van de ogen, want in het verhaal herkende ze helemaal de situatie van haar en Maarten terug. Wat heeft ze in die tijd veel steun gekregen van haar vriendin Renske. En later ook van Leon, de collega en vriend van Maarten. Doordat hij in een verbouwing zat en noodgedwongen bij hen regelmatig kwam douchen, hoorde en zag hij veel meer van de situatie dan zij wenste en dan Maarten doorhad. Ze schaamde zich. Uiteindelijk heeft ze hulp gezocht bij de desbetreffende psychosociaal therapeut. Dezelfde vrouw die vanuit haar visie als hulpverlener met dat artikel in de GezinsGids stond.Van haar kreeg ze handvatten hoe ze met Maarten om moest gaan, zonder zichzelf daarbij te verliezen.Voor zover dat al niet gebeurd was. Toen was de strijd pas goed begonnen. Strijd tegen het onrecht dat Maarten haar aandeed. Strijd om haar eigenwaarde weer op peil te krijgen. Anne van Raalte steunde haar en gaf haar keer op keer adviezen mee. Zij was een vrouw die vanuit Bijbels oogpunt hulp verleende. Daardoor zag zij scheiden niet als een optie. Daar stond Nicolet achter. Ze wilde het niet zomaar opgeven, maar eerst vechten om haar huwelijk te redden. 7
Ze wist dat ze de kracht en de moed daarvoor niet bij zichzelf moest zoeken. Ze bracht het dagelijks in gebed voor de Heere. Ze wilde trouw blijven aan haar jawoord dat ze eens voor Maarten en voor God in de kerk had gegeven. Ook om die reden was scheiden geen optie. De belofte die ze heeft gedaan, wilde ze trouw blijven. Ze werd heftig op de proef gesteld. Het was allemaal nog zwaarder gebleken dan zij had gedacht. Hoe vaak had ze zich niet voorgenomen om het bijltje erbij neer te gooien? Hoe vaak had ze een punt willen zetten achter de sessies bij Anne van Raalte? Zij kon het mooi vertellen, maar zij, Nicolet, zat ermee. Iedere keer opnieuw moest ze wéér de confrontatie met Maarten aangaan. Ze moest haar grenzen blijven trekken en eraan vasthouden. Dat Maarten dat niet nam, was te verwachten. Het liep vaak uit tot heftige scènes, die zij het liefst uit de weg wilde gaan. Niet alleen voor zichzelf, maar ook voor haar twee jongens. Ze was zich ervan bewust dat Robbert en Wouter hierdoor ook schade op zouden lopen. Ze had echter geen keus. Als ze niet wilde dat Maarten haar ondergeschikt maakte aan zijn verlangens en eisen, moest ze sterk in haar schoenen blijven staan.Temeer ook, omdat Maarten er niet voor terugdeinsde om, ten gunste van hemzelf, haar zowel op psychisch, lichamelijk als sociaal gebied ernstig te schaden. Het is regelmatig gebeurd dat ze in de achterliggende jaren naar haar ouders vluchtte. Of naar Renske, die toen nog in Groningen woonde. Ze nam de jongens dan mee. Later toen ze naar school gingen, werd het moeilijker. Ze wilde hen niet alleen laten met hun vader. Nicolet pakt haar glas en neemt er een paar grote slokken uit. Eigenlijk wil ze al die afschuwelijke gedachten niet toelaten, maar ze laten zich niet langer wegduwen. Met een klap zet ze haar glas weer terug op de tafel. De druppels spatten omhoog. In gedachten verzonken staart ze opnieuw voor zich uit, zonder zich van de omgeving bewust te zijn. 8
Hoe nu verder? De ontdekking die ze vanmiddag deed, is voor haar de genadeklap. Is het dáárvoor geweest dat ze voor haar huwelijk heeft geknokt? Heeft ze zich dáárvoor al die jaren weggecijferd? Zichzelf verloochend en de minste geweest? Is ze dáárvoor hulp gaan zoeken? In een vlaag van onmacht en woede pakt ze haar half gevulde glas en gooit het met kracht neer op de terrastegels. Het versplintert in tientallen stukjes. Het water sijpelt tussen de scherven door en laat grote, donkere plekken na op de tegels. Nicolet staart ernaar. Het zijn maar scherven. Met veger en blik kunnen ze zo opgeveegd worden en in de prullenbak gesmeten. Die scherven wel. De scherven in haar leven niet. Die snijden haar tot in het diepst van haar ziel. Tot bloedens toe. Die scherven heeft ze niet zomaar opgeruimd. Misschien wel nooit. Haar leven is één grote puinhoop geworden. Later die middag sleept Nicolet zichzelf naar de keuken. Ze moet eten klaarmaken. Waar doet ze het eigenlijk voor? Haar jongens blijven tot morgenavond bij haar ouders. Zelf heeft ze geen trek. Haar maag draait alleen al bij de gedachte aan eten. Ze verwacht Maarten straks thuis. Ze moet met hem de confrontatie aangaan. Ze ziet er heel erg tegenop, maar het moet. Dus nu toch maar eten klaarmaken omdat Maarten straks thuiskomt? Voor haar part eet hij een droge boterham. Ze is gek als ze nog langer moeite voor hem doet. Lusteloos opent ze de koelkast. Ze zal soep maken. Ze zal zichzelf dwingen om iets te eten. Als ze het eten laat staan, wordt het er niet beter van. Soep en een salade. Eventueel een broodje erbij. Ze gaat toch maar weer aan de gang. 9
Tijdens haar bezigheden gaat haar blik regelmatig naar de klok. Het wordt halfzes… halfzeven… zeven uur… Nog is Maarten er niet. Het is niet voor de eerste keer dat hij haar laat wachten zonder een berichtje te sturen. Ze zou hem zelf ook een berichtje kunnen sturen met de vraag waar hij blijft. Ze vertikt het. Ze draait het gas uit en loopt naar buiten. De zon weerkaatst zijn stralen in de scherven die nog altijd op het terras liggen. Ze pakt veger en blik en laat de stukjes glas met veel geraas in de afvalemmer verdwijnen. Kon ze haar zorgen maar op dezelfde makkelijke manier in haar leven laten verdwijnen. Zo eenvoudig ligt het helaas niet. Om halfacht hoort ze op haar telefoon een berichtje binnenkomen. Het is van Maarten. Ik kom vanavond niet thuis.Vannacht ook niet. Ik heb een tuinopdracht aan de andere kant van het land.Te ver om naar huis te komen. Ik overnacht hier in een hotel. Nicolet leest met opgetrokken wenkbrauwen het berichtje. Het komt op haar heel ongeloofwaardig over. Zoiets gebeurt zelden en als het eens voorkomt, dan weet ze dat van tevoren. Hij vertelt niet eens waar hij ergens is. Hij kan zowel in Groningen als in Limburg zijn. Ze bijt op haar lip tot bloedens toe. Ze weet wat er achter dit berichtje steekt. Alsof hij haar voor de gek kan houden. Desondanks stuurt ze hem toch een berichtje terug: Waar zit je? Hij reageert met geen enkel woord. De puinhoop in haar leven is uitgegroeid tot een ongekende chaos waar ze geen orde meer in kan krijgen. Ze moet een beslissing gaan nemen. Een beslissing waarvan ze gedacht had dat ze die nooit ten uitvoer zou brengen. Als het is zoals zij heel sterk vermoedt, dan heeft ze geen andere keus. Haar belofte op haar trouwdag ten spijt. 10
Ze is blij dat ze de volgende dag helemaal voor zichzelf heeft. Hoewel ze haar kinderen mist, is het voor alles beter dat ze vandaag nog bij haar ouders zijn. Op deze manier kan ze in alle rust zichzelf herpakken en goed nadenken over hoe het verder moet. Vanavond komt Maarten weer thuis. Ze gaat er tenminste van uit dat hij zijn plannen niet heeft gewijzigd en langer wegblijft. Ze ziet hem ertoe in staat. Het zou fijn zijn als Maarten thuiskwam en de jongens nog een nachtje langer wegbleven. Ze weet dat ze met Maarten de confrontatie aan moet gaan, en daar wil ze Robbert en Wouter niet mee confronteren. Houdt ze zichzelf hiermee niet voor de gek? De jongens hebben in de achterliggende jaren al meer meegekregen dan goed voor hen was. En hoe het er in de volgende dagen uit gaat zien, laat zich slechts raden. Nicolets hart krimpt ineen als ze aan haar kinderen denkt. Ze had hun zo graag alle zorgen willen besparen. Helaas kan dat niet. Daarom moeten er nu beslissingen genomen worden. Ze mag zichzelf en de kinderen niet langer blootstellen aan de grillen en buien van hun narcistische man en vader. Nu helemaal niet na haar ontdekking. Ze draagt niet alleen verantwoording voor zichzelf, maar ook voor haar kinderen. Nu pijnigt ze zichzelf met de vraag hoe ze Maarten met haar ontdekking confronteren moet. Moet ze het bij zijn thuiskomst meteen voor zijn voeten gooien? Met beschuldigingen en verwijten komt ze niet verder, maar ze heeft niets meer te verliezen. En vanbinnen smeult het vuurtje dat weinig nodig heeft om tot een felle brand uit te slaan. De achterliggende jaren heeft ze ertegen gevochten. De woede weggedrukt. Geduldig proberen te zijn. De problemen zo veel mogelijk te bagatelliseren en uit de weg proberen te gaan. Ze kwam er hoe langer hoe meer achter dat ze zichzelf daarmee voor de gek hield. Als je onder hetzelfde dak woont, kun je er niet omheen. Het 11
zit verankerd in hun gezinsleven. Het is te proeven in de sfeer in huis. Het neemt de blijdschap weg en de genietmomenten van de mooie dingen in het leven en in hun gezin. Ze kán niet meer. Een vraag dringt zich aan haar op: Is dit Gods weg? Waar blijft ze nu met haar goede voornemen en wil om zich vast te houden aan de belofte die ze op hun trouwdag voor God en voor Maarten deed? Ze heeft geen kracht meer om te vechten. Ze voelt zich volkomen leeg en uitgeput. En na wat ze nu heeft ontdekt, maakt dat de beslissing niet wat makkelijker? Ze loopt in een impuls naar de afvalemmer en haalt er een glasscherf uit. Dan loopt ze ermee naar buiten en houdt hem omhoog in de stralen van de zon. Het licht van de zon weerkaatst in het glas als een antwoord op haar gedachten. De scherf verwoordt de puinhoop in haar leven. Het zonlicht dat er zo fel en mooi in weerkaatst, laat zien dat er toch hoop blijft. Hoop voor de toekomst. Toch nog. Ondanks alles. Nicolet voelt zich de rest van de dag gespannen, maar tegelijk ook vastberaden. De knoop zal doorgehakt moeten worden. Er is geen weg meer terug. Ze zal het goede moment moeten vinden, want ze wil niet dat Robbert en Wouter erbij zullen zijn. Hoe ze dat moet oplossen, weet ze nog niet. Ze zijn nu tien en acht jaar. Ze is zich ervan bewust dat ze haar twee jongens niet kan blijven beschermen tegen de gevolgen van haar beslissing. Zal ze haar ouders bellen met de vraag of zij de jongens wat later op de avond terug zullen brengen? Of hen desnoods een nachtje langer bij hen laten blijven? Dan zullen ze natuurlijk naar de reden vragen. Ze heeft geen zin 12
om hun dat uit te leggen. Nu nog niet. Eerst wil ze het gesprek met Maarten afwachten.Voor zover er mogelijk een gesprek zal plaatsvinden, want uit ervaring weet ze dat het meestal op een heftige scène uit zal draaien. Ze bijt haar kiezen op elkaar.Al ziet ze er nog zo vreselijk tegenop, hier moet ze doorheen. Ze heeft geen keus. Laat in de middag krijgt ze van haar moeder een berichtje dat zij de jongens wat later op de avond terug zullen brengen. Ze zijn de hele dag in de dierentuin geweest en gaan eerst ergens iets eten. Daarna is het nog een eind naar huis rijden, dus voor acht uur hoeft ze niet op de jongens te rekenen. Nicolet haalt verlicht adem. Komt dat even goed uit! Dat is alweer een zorg minder. Ze kijkt naar de klok.Vijf uur. Maarten zal zo wel thuiskomen. Ze moet nog koken. Ze heeft geen flauw idee wat ze klaar moet maken. Haar hoofd staat niet naar eten. Er zit een knoop in haar maag die zich steeds strakker aantrekt. Een licht benauwd gevoel kruipt in haar borst omhoog en haar ademhaling komt in korte stootjes. Ze pakt zichzelf daarop stevig aan. Als ze zich op deze manier laat intimideren, dan komt ze geen centimeter verder. Dat is voor haar wel duidelijk. Ze moet nu op haar strepen gaan staan en de reactie van Maarten langs haar heen laten glijden. Als ze dat niet doet, dan pakt hij haar weer in. Hoewel… hij staat nu wel zwak, nu ze hem kan confronteren met zijn bedrog. Het loopt tegen halfzes als ze de sleutel in de voordeur hoort steken. Haar hart bonst in haar keel, maar opnieuw pakt ze zichzelf streng aan. Ze draait het gas laag en vraagt zich af of ze wel aan eten toe zullen komen. Ze hoort hem binnenkomen en even later staat hij bij haar in de keuken. ‘Daar ben ik weer.’ 13
Het klinkt als een terloopse mededeling alsof hij een halfuurtje weg is geweest om een boodschap te doen. ‘Hoi. Ik zie het.’ Ze kijkt vluchtig om en draait zich dan weer snel naar de pannen waar de stoom in wolkjes naar boven gaat. ‘Je moet de afzuigkap aanzetten.’ ‘O ja.’ Automatisch duwt ze het knopje in en het voelt bijna als een verademing dat het geluid van het afzuigsysteem de stilte in de keuken opvult. ‘Wat eten we?’ hoort ze hem achter zich vragen. ‘Macaroni. Ik heb nog een beetje soep van gisteren over.’ ‘Wat voor soep?’ ‘Tomaten…’ ‘O, dat lust ik wel.’ Nicolet heeft het gevoel alsof ze samen een toneelstuk opvoeren. Dit is zo bizar. Waar hebben ze het eigenlijk over… Alsof niet ieder moment een bom tussen hen tot ontploffing kan worden gebracht. ‘Je hebt niet veel te vertellen,’ zegt hij, terwijl hij een soepkom uit het kastje pakt. Nicolet roert met een spatel de groente door de macaroni. Ze haalt haar schouders op. ‘Ik denk dat jij meer te vertellen hebt dan ik. Jij bent twee dagen en een nacht weg geweest.’ Ze houdt terloops haar adem in. Onbewust is dit een vraag naar een bekentenis, al zal hij dat als zodanig niet opvatten. Dat blijkt ook wel uit zijn antwoord. ‘Ik heb twee dagen keihard gewerkt. Je zou niet anders van mij kunnen verwachten. Ik ben geen vent die het ervan neemt. Die tuin is dan ook geweldig mooi geworden en de mensen waren dik tevreden. En…’ ‘Waar was je eigenlijk?’ ‘O… in Noord-Holland. Ik dacht dat ik het je verteld had.’ 14
‘Nee. Ik wist van niets.’ ‘Dan had je het moeten vragen.’ Wat een vruchteloos gesprek. Ze wilde het liefst dat hij nu in de kamer verdween. De macaroni is ondertussen klaar. Ze draait het gas uit. ‘Waar zijn de jongens?’ ‘Ze zijn vandaag naar de dierentuin geweest en komen wat later thuis. Het zal rond acht uur worden.’ ‘O, oké. Ze doen maar.’ ‘Ze hebben vakantie. Wil jij de tafel dekken?’ ‘Kan dat even wachten? Ik begin net aan mijn soep.’ ‘Dan wacht die soep maar,’ reageert ze kattig en ze duwt hem het tafelkleed in zijn handen. Hij laat zich zomaar overbluffen en zonder verder commentaar te geven loopt hij naar de kamer. Als ze wat later tegenover elkaar aan tafel zitten, voelt Nicolet de spanning stijgen. Ze moet het niet langer uitstellen. Maar eerst iets eten, want anders krijgt ze geen hap meer door haar keel. Maarten is ook zwijgzaam. Dat is ze de laatste jaren wel van hem gewend. Alsof ze elkaar niet veel meer te vertellen hebben. Meestal brachten de twee jongens de gezelligheid aan tafel. Ze mist hen nu des te meer. Eindelijk schuift ze het lege bord van zich af en ze besluit er niet langer omheen te draaien, maar het gelijk recht voor zijn raap te zeggen. Ze houdt zijn gezicht scherp in de gaten om zijn reactie daarvan af te lezen. ‘Maarten, ik heb je gistermiddag gezien. Met een vrouw.’ Maarten wil net zijn laatste hap in zijn mond steken, maar laat zijn hand met de vork weer zakken. Hij kijkt haar stomverbaasd aan. ‘Wat zeg je nu?’ Ze ziet geen schrik. Alleen oprechte verbazing. ‘Dat ik jou met een vrouw heb gezien,’ herhaalt ze.‘Jullie hadden de armen om elkaar heen en zoenden elkaar.’ Er valt een diepe stilte. Dan schudt Maarten langzaam zijn hoofd. ‘Hoe komt je dáár nou weer bij? Ik was in Noord-Holland.’ 15
‘Gisteren nog niet. Ik zag je ’s middags lopen, terwijl ik dacht dat je aan het werk was.’ ‘Voel jij je wel goed bij je hoofd? Ik heb geen ander.Waarschijnlijk heb je iemand anders voor mij aangezien.’ ‘Ik zou mijn eigen man niet kennen…’ ‘Nee, dat blijkt. Ik zal hier wel ergens een dubbelganger rond hebben lopen. Iedereen schijnt een dubbelganger te hebben. Misschien wordt het eens tijd om naar een oogarts te gaan?’ Hij kijkt haar spottend aan en zij kijkt verward de andere kant op. Is zij nou zo gek of kan Maarten zo goed liegen? ‘Je had je blauwe sweater aan en die donkere spijkerbroek,’ gaat ze verder. ‘Ja, die had ik inderdaad aan. Maar hoeveel mannen lopen er in een blauwe sweater en een donkere spijkerbroek?’ ‘Maarten, zeg me de waarheid.’ ‘Ik zeg de waarheid.Waarom zou je aan mijn woorden twijfelen? Ik zou zo snel mogelijk een afspraak maken bij de huisarts of je ogen na laten kijken. Dit is niet normaal. Jij begint te hallucineren.’ Hij kijkt haar verontwaardigd aan en dat maakt Nicolet nog meer in de war. Als zijn geweten zou spreken, zou hij haar dan nog zo recht aan durven kijken? Hij klinkt heel oprecht. Een dubbelganger? Het was toch Maarten? Ze zou haar eigen man niet kennen… Ze kent ieder plekje, ieder rimpeltje. Zelfs een enkel grijs haartje dat hier en daar al tevoorschijn komt, is haar al vertrouwd geworden. ‘Wáág het niet om mij nog eens van zoiets te beschuldigen…’ Hij buigt zich dreigend over de tafel heen naar haar toe en zijn stem klinkt heel laag. ‘Wáág het niet, Nicolet. Want dan zul je wat gaan beleven…’ Nicolet huivert. Ze heeft het gevoel alsof ze het opnieuw van hem heeft verloren.
16
A
Thea Zoeteman is een bekende naam in de Citerreeks, en niet voor niets. Haar romans zijn een combinatie van wegdromen en realisme die velen aanspreekt. Bittere waarheid is het tweede deel van haar Nicolet-trilogie.
‘Een aanrader voor christelijke lezers, die zich graag verdiepen in andere mensen en achtergronden’ – Lezersrecensie door Marjan op Hebban.nl
ISBN 978 90 2053 846 5 NUR 344
9 789020 538465 w w w.c i ter r eek s .nl
Bittere waarheid
ls Nicolet haar man Maarten met een andere vrouw ziet in de stad, stort haar wereld in. Ze confronteert hem ermee, maar Maarten ontkent alles. Nicolet probeert haar gevoel los te laten, want wat kan ze anders doen? Dat wordt echter moeilijk als Maarten zich steeds vreemder begint te gedragen. De spanningen lopen zo hoog op dat Nicolet een paniekstoornis ontwikkelt. Ze vindt hierin geen enkele steun van Maarten, maar gelukkig wel van Renske. Maar dan blijkt dat Maarten haar nog erger bedriegt dan ze ooit had kunnen vermoeden.
Thea Zoeteman
Haar wereld stort in, en ze weet nog niet de helft…
Thea Zoeteman
Bittere waarheid h Nicolet h trilogie #2