Skip to main content

XL leesfragment Waar liefde woont - Johnnie A. Donley

Page 1

Johnnie Alexander Donley laat zich graag boeien door geschiedenis, een hobby die ze kwijt kan in haar werk als redacteur van geschiedenisboeken, maar ook in het schrijven van romans. Waar liefde woont is haar debuut.

ISBN 978 90 297 2287 2 NUR 342

WAAR LIEFDE WOONT

Om zich niet machteloos te voelen, gaat Alison in het verzet en helpt ze Joodse kinderen onderduiken. Ondertussen probeert ze zo veel mogelijk kunstwerken in veiligheid te brengen. Terwijl de oorlog verder woedt, raakt ze er steeds meer van overtuigd dat ze voor altijd van Ian gescheiden zal blijven.

JOHNNIE ALEXANDER DONLEY

RÂ

otterdam, 1939. Alison Schuyler werkt in de gerenommeerde kunstgalerie van haar opa en in haar vrije tijd schildert ze zelf. Op zoek naar liefde is ze niet. Door tragische gebeurtenissen in haar jeugd gelooft ze dat die alleen kan eindigen in diep ongeluk. Tenminste, totdat ze de Britse kolonel Ian Devlin ontmoet. Het is liefde op het eerste gezicht. Kort daarna breekt de Tweede Wereldoorlog uit en wordt Ian uitgezonden. Alison blijft vertwijfeld achter. Is dit het noodlot waar ze altijd al bang voor was?

WAAR

LIEFDE WOONT JOHNNIE ALEXANDER DONLEY

9 789029 722872

www.uitgeverijvoorhoeve.nl

Waar liefde woont - Johnny Alexander Donley h.indd 1

ROMAN 31-03-14 12:24


Johnnie Alexander Donley

Waar liefde woont Roman

Vertaald door Geraldine Damstra

Waar liefde woont nw.indd 3

25-03-14 08:52


© Uitgeverij Voorhoeve – Utrecht, 2014 Postbus 13288, 3507 LG Utrecht www.kok.nl www.puurvandaag.nl Oorspronkelijk verschenen onder de titel Where Treasure Hides bij Tyndale House Publishers Inc., Carol Stream, Illinois, USA. © Johnnie Donley Alexander, 2013 Vertaling Geraldine Damstra Opmaak binnenwerk Stampwerk, Nijkerk Omslagontwerp Villa Grafica ISBN 978 90 297 2287 2 ISBN e-book 978 90 297 2288 9 NUR 342 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, ­mechanical, photocopying, recording, or otherwise, without the prior written permission of the publisher.

Waar liefde woont nw.indd 4

25-03-14 08:52


1 Augustus 1939 Terwijl de menigte steeds stiller werd en ogen en oren zich inspanden om te ontwaren waar de vioolspeler zich bevond, werden de snaarklanken van Rule, Britannia! steeds luider. Het patriottische onofficiële volkslied van de Britten weergalmde door de hal van Waterloo Station en toen het refrein voor de tweede keer werd ingezet, zong hier en daar iemand de tekst mee. Britten die moe waren van het reizen rechtten hun rug en tilden hun hoofd op, terwijl de vioolspeler zijn geïmproviseerde optreden beëindigde en de laatste noot nog lang nadat de snaren zwegen doorklonk. Alison Schuyler pakte haar leren tas en liep door de menigte naar de plek waar de muziek vandaan kwam. Terwijl de laatste noot wegstierf in de inmiddels stil geworden hal, perste ze zich tussen een matroos en zijn meisje door. Ze mompelde verontschuldigend dat het niet haar bedoeling was hen uit elkaar te dwingen en ging op een bankje staan om over de menigte heen te kunnen kijken. Een jongen met donker haar, niet ouder dan een jaar of zeven, acht, hield een viool dicht tegen zijn bleke lichaam gedrukt. Zijn jas, gemaakt van een fijn geweven stof, hing losjes om zijn smalle schouders. De bijpassende broek zou van zijn achterwerk glijden als hij niet door een handgemaakte leren riem op zijn plaats werd gehouden. Of de jongen was afgevallen, of zijn ouders hadden hem bewust kleren gegeven waar hij nog in kon groeien. Alison hoopte het laatste, hoewel – afgaande op de geruchten die ze had gehoord – haar eerste gedachte het meest waarschijnlijk leek. Ze keek naar het vierkante kartonnen kaartje dat de jongen als een goedkope ketting om zijn nek droeg, op zijn plek gehouden door een stevig koord. Op het kaartje stond met potlood dat de jongen nummer 127 had. Andere kinderen verdrongen zich om de jonge muzikant. Ze hadden allemaal nette reiskleren aan en allemaal aan een koord een 5

Waar liefde woont nw.indd 5

25-03-14 08:52


kartonnen kaartje om hun nek: Duitse verschoppelingen, voor hun eigen veiligheid op transport gezet naar Engeland terwijl hun wanhopige ouders thuis rusteloos op en neer liepen en tevergeefs hoopten dat er een einde zou komen aan deze nare tijd. ‘Mag hij nu wel zijn viool houden?’ doorbrak een mannenstem, aangenaam doch vastberaden, de betovering in de stationshal. De kinderen waren onrustig en er ging een zacht gemompel door de menigte. De man, gekleed in het kaki uniform van een Britse officier, negeerde het, zijn blik vastberaden gericht op de spoorwegbeambte die toezicht hield op de kinderen. ‘Dat is hem geraden,’ zei een vrouw in de buurt van Alison. ‘Nooit iemand zo mooi horen spelen. En die knul komt niet eens van hier. Als ik een bed over had, zou ik hem zelf mee naar huis nemen. Ja, echt.’ Alison sloeg in haar hoofd het tafereel op dat ze voor zich zag en grifte de details in haar geheugen: de hand van de officier op de schouder van de jongen; de beambte – met fluit om de nek – die onrustig met zijn potlood op zijn klembord tikte; de hoop en vrees in de ogen van de jongen terwijl hij zijn dure instrument tegen zich aan gedrukt hield. Het rafelige kartonnetje dat aangaf wie hij was. De reizigers aan de rand van de onregelmatige kring kinderen hielden allemaal hun adem in, afwachtend wat de beambte zou zeggen. Hij wierp een vluchtige blik op de zenuwachtige jongen en vervolgens op de passagiers die hem afwachtend aankeken. Het deed Alison denken aan de grondeekhoorn die ze eens gevangen had zien zitten tussen een stel grommende vuilnisbakkenhondjes. De gedachte daaraan bezorgde haar rillingen. ‘Van mij mag ’ie. ’k Zou niet weten wat ik ermee moest als hij ’em hier liet.’ De beambte maakte een plomp gebaar met zijn hand ten teken dat de jongen mocht gaan. Hij had in elk geval niet te weinig te eten gehad. De man blies op zijn fluit, langer dan nodig, en Alison kromp ineen bij het schrille geluid. ‘Kom op, netjes in de rij nu. De nummers 1 tot 50 hier, de nummers 51 tot 100 daar. De rest van jullie…’ 6

Waar liefde woont nw.indd 6

25-03-14 08:52


De voorstelling was voorbij en de held had gewonnen, de toeschouwers gingen uiteen. Hun geklets overstemde het geluid van de beambte die zijn vluchtelingen instrueerde. Alison stond nog steeds op het bankje en bestudeerde de officier en de jongen. Ze knielden naast elkaar op de grond, waarna de jongen voorzichtig de viool op het donkerblauwe velours aan de binnenkant van de koffer legde.Voordat hij het deksel dichtdeed, streek hij nog even zachtjes met zijn handen over het gepolijste hout. De man zei iets tegen de jongen, zo zacht dat Alison het niet kon horen, en de jongen lachte. In haar gloeide een vonkje, haar handen jeukten van verlangen en opeens wist ze het: de glimp van dit verstilde moment zou haar in haar dromen blijven achtervolgen. Zelden was het zo sterk, dat overweldigende verlangen om de tijd stil te zetten, de beweging van anderen te bevriezen. Alison haalde snel een schetsboek en potlood uit haar tas. Haar hand gleed lichtjes over het papier in een ritme dat zelfs zij niet begreep. Ze keek omhoog en stelde zich voor hoe de noten van de viool in de buurt van het hoge plafond van de hal zweefden en tussen de bogen door schoten. Haar potlood danste terwijl ze de vastberaden kin van de man tekende en de twee diamantvormige sterren aanbracht op zijn kraag. Ze haalde de ongerustheid in de ogen van de jongen naar voren, die zo contrasteerde met zijn ontwapenende glimlach. Wat had hij achtergelaten? Waar ging hij naartoe? Ze tekende het vierkante kartonnen kaartje en zette er het laatste detail op: 127. De man klikte de koperen sluitingen van de vioolkist dicht, pakte de jongen bij de hand en liep naar de stationsbeambte. Alison sprong van het bankje en liep achter hen aan, onhandig balancerend met het blok, het potlood en haar tas. Het bruine haar onder de legerpet van de officier was net geknipt. Boven zijn kraag stak een onlangs verbrande nek uit, met langs het haar een bleek wit randje, een soort krijtstreep. Alison schatte hem een jaar of 25, iets ouder dan zij. Aan zijn gedrag en spraakgebruik te beoordelen, kwam hij uit de gegoede klasse. Ze probeerde zo dichtbij te komen dat ze discreet kon horen wat er werd gezegd. 7

Waar liefde woont nw.indd 7

25-03-14 08:52


‘Waar gaat de jonge Josef hier naartoe?’ vroeg de officier.‘Naar een tehuis?’ De beambte slaakte een overdreven zucht omdat hij gestoord werd in zijn werk. Met zijn potlood tilde hij het kartonnen kaartje op. ‘Laat me eens kijken… nummer 127.’ Vervolgens bladerde hij door de papieren op zijn klembord. ‘Hij heet Josef Talbert.’ ‘Ja, natuurlijk, ze hebben allemaal een naam. Ik heb een naam, jij hebt een naam, zij heeft een naam.’ Hij gebaarde met het gummetje op het uiteinde van het potlood eerst naar zichzelf, toen naar de officier en ten slotte naar Alison. De officier keek haar verbaasd aan en toen zijn ogen die van haar ontmoetten, bloosde ze. De lichtjes in zijn ogen maakten dat ze zich ineens rustig voelde en er kroop een vreemde rilling over haar rug. Ze wilde zich omdraaien om weg te lopen, maar haar elegante zwarte pumps leken wel vastgeplakt aan het plaveisel. Alison probeerde haar voeten te bewegen, maar het lukte niet. De officier draaide zich weer om naar de beambte en Alison dacht dat de betovering verbroken was. Ze moest gaan, proberen te vergeten dat ze zich zo aangetrokken had gevoeld tot zijn kalme vastberadenheid, die magnetiserende blik van hem uit haar geheugen wissen. Maar het was te laat. Het lot van de familie Van Schuyler had haar geraakt en hield haar nu in zijn greep. Haar hart smolt als was toen de officier zei: ‘Mijn naam is Ian Devlin en ik kom van Kenniston Hall, Somerset. Deze jongen heet Josef Talbert, zoals ik al zei, en hij is net aangekomen uit Dresden. Dat ligt in Duitsland.’ Waarbij hij de klemtoon legde op beide lettergrepen van de naam van het land. ‘En uw naam, sir, is…?’ De beambte fronste en wees op zijn naamkaartje. ‘Randall Hargrove. Precies zoals het hier staat.’ Ian knikte en maakte een kort buiginkje. Josef volgde zijn voorbeeld. Alison giechelde, waarmee ze opnieuw Ians aandacht trok. ‘Juffrouw?’ Ze bloosde opnieuw en verslikte zich bijna terwijl ze het zenuwachtige lachje probeerde te onderdrukken dat in haar opborrelde. 8

Waar liefde woont nw.indd 8

25-03-14 08:52


‘Excuses. Ik ben Alison Schuyler.’ ‘U bent Amerikaanse,’ zei Ian, meer als mededeling dan als vraag. ‘Afkomstig uit Chicago.’ Ze maakte een snel buiginkje. ‘Maar ik woon nu in Rotterdam, aangezien ik uit het oude en voorname geslacht van de Nederlandse familie Van Schuyler stam.’ Haar gespeelde hooghartigheid ontlokte Ian een geamuseerde glimlach. Meneer Hargrove was niet onder de indruk. ‘Nu we ons allemaal hebben voorgesteld, moet ik verder uitzoeken waar deze kinderen naartoe moeten.’ Ians glimlach verflauwde. ‘Meneer Hargrove, wilt u zo vriendelijk zijn mij te vertellen waar Josef naartoe gaat?’ ‘Hier staat dat hij naar York gaat.’ Meneer Hargrove wees een regel aan op de stapel papier in zijn handen. ‘Hij heeft daar een oom en die is bereid gevonden hem op te nemen.’ Ian ging naast Josef op zijn knieën zitten. ‘Klopt dat? Ga je naar familie?’ ‘Ja,’ antwoordde Josef, waarna hij overging op het Engels, hoewel de uitspraak hem moeite kostte. ‘Mijn vaders broer.’ ‘Dan is het goed.’ Ian gaf de jongen een zacht klopje op zijn schouder. ‘Goed vasthouden die viool, hè?’ Josef knikte en sloeg zijn arm om Ians nek, waardoor deze bijna zijn evenwicht verloor. ‘Danke, tausend mal Dank.’ ‘Graag gedaan,’ fluisterde Ian terug. Alison maakte haar tekening af, zette de datum erop en gaf hem aan Josef. ‘Deze is voor jou. Als je hem wilt hebben.’ Josef bekeek de tekening. ‘Ben ik dat?’ ‘Ja,’ antwoordde Alison met een glimlach. Josef gaf de tekening aan Ian. ‘Wilt u alstublieft uw naam hierop schrijven?’ Ian wierp een vluchtige blik op Alison en legde vervolgens zijn hand op Josefs schouder. ‘Ik denk dat ik dat beter niet…’ ‘Van mij mag het,’ zei Alison. ‘Weet u het zeker?’ ‘Doe het voor hem,’ fluisterde ze, terwijl ze haar hoofd naar Josef draaide. 9

Waar liefde woont nw.indd 9

25-03-14 08:52


Ian leende Alisons potlood en schreef zijn naam naast zijn beeltenis. Hij gaf de tekening terug aan Josef.Vervolgens woelde hij met zijn hand door het donkere haar van de jongen en deed zijn mond open om nog iets te zeggen. Precies op dat moment blies de beambte lang en hard op zijn fluitje, het deed pijn aan hun oren. Ze draaiden zich om in de richting waar het geluid vandaan kwam en de beambte gebaarde naar Josef. ‘Tijd om in te stappen,’ riep hij. ‘De nummers 119 tot 133: volg mij.’ Hij blies nog een keer op zijn fluitje, waarop een aantal kinderen uit de grote groep stapte en bij hem kwam staan. ‘Je moet gaan, Josef,’ spoorde Ian de jongen aan. ‘Moge God je behoeden.’ Josef maakte snel zijn koffer open en legde de tekening op zijn viool. Hij omhelsde Ian nog een keer stevig, aarzelde en gaf vervolgens ook Alison een knuffel. Samen keken ze toe hoe de jongen de vioolkoffer naar het perron sleepte en in de rij ging staan om in de trein te stappen. Hij draaide zich nog één keer om en zwaaide. Toen verdween hij, dat ene enkele vluchtelingenjongetje tussen die enorme groep lotgenoten.

Met zijn lengte van net iets meer dan één meter tachtig was Ian gewend over de meeste hoofden heen te kunnen kijken.Toen de kleine Josef in de trein stapte, verloor hij hem echter uit het oog. Waak over hem,Vader. Dat zijn familie goed voor hem mag zijn. ‘Ik hoop dat het allemaal goed komt met hem,’ zei Alison. ‘Dat hoop ik ook.’ ‘Het zijn er zo veel.’ Ze gebaarde naar de overige kinderen die nog stonden te wachten tot het hun beurt was om in te stappen. Ian keek naar de jonge gezichten en wilde dat hij iets kon doen om de angst uit hun bezorgde ogen weg te nemen. ‘Hun families doen wat ze denken dat het beste is.’ ‘Hen wegsturen van huis?’ ‘Ervoor zorgen dat ze uit handen van Hitler blijven.’ Ian richtte 10

Waar liefde woont nw.indd 10

25-03-14 08:52


zich tot de Amerikaanse kunstenares. Hij kon wel aan haar zien dat ze van Nederlandse afkomst was. Ze was niet zo groot en slank dat je haar statig kon noemen, maar ze zag er in haar gedistingeerde karmozijnrode pakje kalm en zelfverzekerd uit. ‘Het is een kindertransport.’ ‘Daar heb ik van gehoord, ja. Komen ze allemaal uit Duitsland?’ ‘Er komen ook wel kinderen uit Oostenrijk. Of wat Oostenrijk was, tot de Anschluss. De gelukkigen hebben familieleden hier. De anderen worden in pleeggezinnen geplaatst.’ ‘De Joodse kinderen.’ ‘De meesten van hen.’ Terwijl Ian sprak, bleef hij Alison aankijken. Ze deed hem denken aan een zomerdag aan het strand. Haar blonde haar met daarop een zwarte hoed met smalle rand viel in gouden golven over haar schouders. Haar bleke, doorschijnende huid had iets van het parelmoer aan de binnenkant van een schelp. Haar grijsblauwe ogen glinsterden als de schittering van de zon op de diepe golven. ‘Josef speelde prachtig.’ Zelfs haar heldere stem voelde warm aan. ‘Hij heeft veel talent.’ ‘U ook. Die tekening was knap gedaan.’ ‘Aardig van u om dat te zeggen.’ Een charmante glimlach liet haar gezicht stralen. ‘Ik ben in elk geval goed genoeg om te weten dat ik niet heel goed ben.’ Daar moest Ian even over nadenken, maar toen zei hij grijnzend: ‘U zorgde ervoor dat ik er beter uitzag dan in het echt en dat stel ik zeer op prijs.Voor Josef dan, natuurlijk.’ ‘Ik kan u verzekeren, meneer Devlin, dat ik niet geprobeerd heb u te flatteren.’ Ian glimlachte om haar Amerikaanse accent en tikte op zijn insigne. ‘Luitenant, maar noem me alsjeblieft Ian.’ ‘Ian.’ Alison stopte haar schetsboek en potlood weg. ‘Ik denk dat ik maar eens moet gaan.’ Haar woorden sneden door Ians ziel. Hij kon haar niet laten gaan, nog niet. ‘Ga je naar Rotterdam? Of naar Chicago?’ Alison keek even vluchtig op haar horloge. ‘Zo te zien geen van 11

Waar liefde woont nw.indd 11

25-03-14 08:52


beide. Ik was zo geraakt door die jongen met zijn viool dat ik mijn trein heb gemist.’ Het voelde als een geschenk voor Ian. Maar was dat wel zo? Ineens realiseerde hij zich dat er iets ontbrak en hij keek onderzoekend om zich heen. ‘Reis je alleen?’ Even voelde Alison dat het ongepast was en haar mond verstrakte, maar de glinstering in haar heldere ogen bleef. ‘Modern van me, vind je ook niet?’ ‘Nogal dom,’ zei Ian, maar hij hield snel zijn mond. ‘Hoewel het niet aan mij is daar iets van te zeggen.’ ‘Natuurlijk heb je helemaal gelijk. Mijn oudtante reisde met me mee tot Parijs, maar ze werd ziek en ik kon niet nog langer wegblijven. Dus heb ik haar daar achtergelaten om weer beter te worden, op loopafstand van de beste kledingwinkels aan de Champs-Élysées en, voila! Hier ben ik dan. In mijn eentje, zonder chaperonne.’ Ian deed verbaasd een stap achteruit en fronste vorsend zijn wenkbrauwen.‘Wacht even. Je reist van Parijs via Londen naar Rotterdam? De meeste mensen nemen de kortste route door België.’ ‘Ja, het is inderdaad nogal een omweg.’ Alison meed Ians priemende blik en het voelde een moment lang ongemakkelijk. ‘Het gaat me echt niets aan.’ ‘Misschien niet. Maar er is een simpele verklaring.’ Het klonk te opgewekt, Ian merkte dat ze zenuwachtig was en dat niet kon verbergen. ‘Ik had een… opdracht. Een portret.’ Haar expressieve ogen smeekten hem haar te geloven, hoewel ze beiden wisten dat het een leugen was. Ian knikte nauwelijks merkbaar instemmend, maar was erg benieuwd of ze nog meer geheimen had. Ineens zag hij hen samen over de velden en in de bossen van zijn familielandgoed lopen, pratend over van alles en nog wat, waarbij hij elk woord dat ze zei in zich opnam en koesterde. Hij vroeg zich echter af of een vrouw die in haar eentje door Noord-Europa reisde, vooral in deze onzekere tijden, wel zou kunnen genieten van het saaie, stille buitenleven. Als tiener kreeg hij genoeg van het onveranderlijke ritme van de dorpstradities. Maar na een paar maanden gedisciplineerd vechten 12

Waar liefde woont nw.indd 12

25-03-14 08:52


en het vooruitzicht van een onzekere toekomst, keek hij erg uit naar een paar dagen nietsdoen en de plaatselijke roddels. Tot nu, dan. ‘Ik voel me in zeker opzicht verantwoordelijk,’ zei hij. ‘Dat ik mijn trein heb gemist?’ Alison haalde haar schouders op. ‘Een klein ongemak. Ik vertrek morgenochtend vroeg, dan ben ik op tijd thuis voor het avondeten.’ ‘Waar eet je vanavond, dan?’ ‘Het is nog te vroeg voor het avondeten,’ grinnikte Alison. Ian keek snel op zijn horloge. ‘Maar niet voor de thee. Je weet wel, Britse traditie.’ Aan haar gezicht was te zien dat ze aarzelde. Ze wilde ja zeggen, maar iets hield haar tegen. ‘Ik ben niet echt een jongedame in nood.’ ‘Het is maar thee.’ ‘Mag ik je iets vragen?’ ‘Ga je gang.’ ‘Zou je Josef hebben meegenomen naar wat was het ook alweer? Kenniston Hall? Als hij geen oom had gehad die op hem wachtte?’ Ian aarzelde, omdat hij deze prachtige vrouw niet wilde vertellen hoe zijn vader zou hebben gereageerd als hij thuis was gekomen met een Joods jochie. Natuurlijk had hij in dat geval een plausibel verhaal kunnen verzinnen waarom de jongen onderdak nodig had. Al had zijn vader een vermoeden hoe de vork werkelijk in de steel zat, dan had hij in elk geval een verhaal voor de buren. Door hun versluierde antisemitisme hadden die een nogal scheef beeld van wat er in Duitsland gaande was. Zoals zo vaak vroeg Ian zich af hoe lang het nog zou duren voordat de mensen de schellen van de ogen vielen. Wat moest Hitler nog doen voordat iedereen zijn onverzadigbare honger naar macht duidelijk zag? ‘Dat weet ik niet.’ ‘Hij speelde dat stuk zo geweldig. Iedereen die het gehoord heeft, zal deze dag nooit vergeten.’ ‘Ik denk niet dat meneer Randall Hargrove er heel blij mee was. Maar gelukkig mocht Josef zijn viool houden.’ ‘Waarom zou hij dat niet mogen?’ 13

Waar liefde woont nw.indd 13

25-03-14 08:52


‘Hargrove wilde hem confisqueren. Hij zinspeelde erop dat Josef hem gestolen had, dat het een “veel te mooi instrument” was voor een kind als hij.’ ‘En dus kwam jij voor hem op.’ Ian bloosde, omdat hij zich ineens verlegen voelde worden, maar glimlachte toen hij eraan terugdacht. ‘Ik vroeg de knul of hij kon spelen. En dat deed hij.’ ‘Je bent een galante ridder, luitenant Devlin. Ik zal je nooit ver­ geten.’ ‘Dat klinkt heel erg als een vaarwel.’ ‘Dat ik mijn trein gemist heb, wil nog niet zeggen dat jij die van jou ook moet missen.’ ‘Mijn trein gaat pas vanavond laat.’ ‘Maar ik dacht…’ ‘Ik was net op tijd om te zien hoe Hargrove zichzelf belachelijk maakte.’ ‘Natuurlijk hoef je niet helemaal tot vanavond te wachten om een trein te nemen.’ Ian keek even snel om zich heen om te zien of niemand op hen lette en boog zich voorover. ‘Klopt,’ fluisterde hij samenzweerderig. ‘Mijn commandant heeft mij echter een geheime missie toevertrouwd. Ik moet een belangrijke boodschap overbrengen aan een knappe jonge vrouw die op West End woont.’ Met een zwierig gebaar haalde hij een lichtblauwe envelop uit zijn jaszak en gaf die aan Alison.

De dikke envelop, van mooi papier, was verzegeld met een goudkleurig zegel, waarin twee prachtige verstrengelde M’s stonden gedrukt. Alison nam aan dat het papier in de envelop van dezelfde kleur en kwaliteit was. De commandant was duidelijk van goede komaf en had dito smaak. Ze draaide de envelop om en las wat er in dikke zwarte pennenstreken op de voorkant stond: ‘Voor mijn allerliefste Trish’. ‘Zijn vriendin?’ 14

Waar liefde woont nw.indd 14

25-03-14 08:52


‘Zijn vrouw,’ fluisterde Ian terwijl hij een steelse blik om zich heen wierp. Alison speelde het spelletje mee. ‘Je commandant moet wel een hoge pet van je ophebben dat hij je op zo’n belangrijke missie stuurt.’ Ian liet de envelop terug in zijn zak glijden en haalde zwakjes zijn schouders op. ‘Hij weet dat ik niet langs Londen zou gaan zonder langs Trish te gaan.’ ‘O?’ Een lichte trilling in die ene lettergreep verraadde haar belangstelling. ‘Ik was de eerste die van haar hield, weet je.’ Zeker duizend vragen schoten door Alisons hoofd. Maar het deed er niet toe. Na vandaag zag ze hem toch nooit meer. Zijn verleden deed er niet toe.Van wie hij hield ook niet. Behalve dan dat het er wel degelijk toe deed. Alison was zich goed bewust van het feit dat de man die onbewust, bijna achteloos haar hart had gestolen, zijn ogen nauwelijks van haar af leek te kunnen houden. Toch vond ze een veilig antwoord: ‘Maar ze koos voor hem.’ Ze realiseerde zich dat ze er niet in geslaagd was de juiste nonchalance en spijt in haar stem te laten doorklinken, en daarom probeerde ze het nog een keer en stelde die ene vraag die ze juist had willen vermijden: ‘Heeft ze je hart gebroken?’ Opnieuw boog Ian zich voorover alsof hij een groot geheim wilde onthullen, en Alison boog haar hoofd naar het zijne om geen woord te missen. ‘Zoiets persoonlijks moet je niet midden in de hal van Waterloo Station bespreken. Maar er zit een zaakje in de buurt van Westminster Bridge waar ze lekkere kersenscones serveren, zo lekker krijg je ze nooit meer.’ ‘Je bedoelt Miniver?’ ‘Je kent het?’ ‘Ik ben er met mijn vader geweest voor mijn zestiende verjaardag. Hij bestelde twee kersenscones en stak een roze kaarsje in de mijne. Vervolgens zong hij Happy Birthday voor me.’ Ze wist nog dat ze voordat ze het kaarsje uitblies, haar ogen dicht had gedaan en gewenst had dat ze alle verjaardagen en alle vakanties met haar vader 15

Waar liefde woont nw.indd 15

25-03-14 08:52


kon doorbrengen. Dat hij en haar grootvader zouden ophouden met hun geruzie, zodat ze niet langer meer tussen hen hoefde te kiezen. Ze had haar onbelangrijke wens voor zichzelf gehouden en er niemand over verteld, en gelachen om haar vaders onhandigheid met de sierlijke theekopjes en minigebakjes. De blije herinnering voelde perfect maar ook kwetsbaar, zoals het smetteloze witte linnen en tere porselein dat de gezellige tafeltjes van Miniver sierden. ‘Hij voelde zich daar vreselijk, denk ik. Het is niet echt een plek waar een heer voor zou kiezen, denk je ook niet?’ ‘De scones zijn een beetje ongemak wel waard.’ ‘Hoe moet het nu met je geheime missie?’ Ians ogen twinkelden. ‘Trish verwacht me niet, dus ze merkt het niet als ik te laat kom.’ Alison grinnikte en ze wendde haar blik van Ians hoopvolle glimlach naar de ingang van het station. Ze kon het telegraafkantoor niet zien vanaf de plek waar ze stond, maar het was er wel degelijk en doemde dreigend voor haar op als een vader of moeder die je een uitbrander geeft. De trein missen was al dom, maar de rest van de middag doorbrengen met Ian was pure waanzin. Hij was officier en ze stonden aan de vooravond van een oorlog. Reden genoeg om zich te hoeden voor welke romantische affaire dan ook. Maar erger nog, ze was een Schuyler. Hij kon niet weten dat ze zich aangetrokken voelde tot zijn hazelnootbruine ogen, zijn zelfverzekerde gedrag en galante charme. Of dat ze een steek van jaloezie voelde als hij het had over die andere vrouw. Hoewel ze voelde dat de aantrekkingskracht wederzijds was, leek het haar beter dat hij nooit te weten zou komen dat hij haar hart al in handen had. Het lot van de familie Schuyler mocht dan misschien hebben bepaald dat hij voor altijd voort zou leven in haar hart, ze kon nog steeds haar eigen beslissingen nemen. Alison rechtte haar schouders en keek Ian aan. Ze voelde zich gecharmeerd door de glimlach waarmee hij haar jongensachtig zijn arm aanbood. ‘Zullen we?’ Alison aarzelde, maar stak toen haar hand door de kromming van zijn elleboog. ‘Ik moet denk ik eerst even mijn ticket omboeken.’ 16

Waar liefde woont nw.indd 16

25-03-14 08:52


2 De gastvrouw bij Miniver bracht Alison en Ian naar een tafeltje vlak bij een muur waaraan een enorm wandkleed hing, met daarop een pittoreske tuin en in de verte bossen afgebeeld. ‘Volgens mij is dit hetzelfde tafeltje als waar ik met mijn vader zat,’ zei Alison terwijl ze haar blik door de ruimte liet gaan om te kijken of het klopte wat ze zei. ‘Ik herinner me nog dat dit geborduurde wandkleed me enorm intrigeerde. Papa zei dat het uit Vlaanderen kwam. En dat het zeventiende-eeuws was.’ Terwijl Ian Alisons stoel voor haar achteruitschoof en vasthield, wierp hij een vluchtige blik op het wandtapijt. ‘Dat moet ik dan maar van hem aannemen.’ ‘Je bent geen kunstkenner?’ ‘Ik ken het verschil tussen een Rembrandt en een Van Gogh. En ik heb er genoeg verstand van om zeer onder de indruk te zijn van de tekening die je maakte voor onze jonge violist.’ Alison draaide zich om naar het wandkleed en bestudeerde nonchalant de ingewikkelde steken die het statische tafereel een zekere levendigheid gaven, als een soort eerbetoon aan de artistieke visie van de kunstenaar op dat specifieke moment. Ze voelde een bepaalde verwantschap met de persoon die dit kleed had gemaakt, de mysterieuze behoefte om een moment in de tijd vast te leggen voordat het verdween in de mist van de herinnering. ‘Ik moest dat moment vangen.’ ‘Het is een moment dat ik nooit zal vergeten.’ ‘Ik ook niet.’ Alison keek in Ians kalme ogen en wist dat dit nog zo’n moment was dat de rest van haar leven met fotografische helderheid in haar geheugen gegrift zou blijven staan. Hoewel hij niet het knappe uiterlijk van een filmster had, verraadden zijn rechte neus en hoekige kaaklijn zijn Engelse afkomst. Ze verlangde er ineens hevig naar alle mogelijke stemmingen van zijn gezicht te kunnen aflezen en bij hem te zijn als de tijd zijn eigen lijnen in zijn gezicht 17

Waar liefde woont nw.indd 17

25-03-14 08:52


groefde. Zijn gezicht zou altijd interessant blijven, vol contradicties voor degenen die het wilden zien. Een gezicht dat een uitdaging vormde voor haar artistieke vaardigheden, zou ze ooit de mogelijkheid krijgen er iets meer mee te doen dan er een snelle schets van te maken. Zijn gezichtsuitdrukking, zo open en direct, nodigde uit hem te vertrouwen. Alison voelde dat ze alles tegen hem kon zeggen zonder dat ze bang hoefde te zijn dat hij haar zou verraden.Toch had ze tegen hem gelogen. Er kwam een serveerster naar hun tafeltje met een theepot en de menukaart, waardoor de betovering verbroken werd. Ian bestelde sandwiches en de beroemde scones, waarna Alison de hete thee in de tere kopjes schonk. Ze kreeg een vreemde schok, alsof ze weer zestien was en thee inschonk voor haar vader. Wat vreemd om op dezelfde stoel te zitten, dezelfde emoties te voelen, zoveel jaren later en met een andere man. Een man die ze nauwelijks kende. Alison zette de theepot voorzichtig terug op het bijpassende presenteerblad en legde haar handen in haar schoot. ‘Hoe zijn we hier ook alweer gekomen?’ ‘Met een taxi over Westminster Bridge.’ Ian deed twee suikerklontjes in zijn thee en roerde met een dun zilveren lepeltje in zijn kopje. Alison deed net of het haar hinderde en hij grinnikte. ‘Goed, hoe zat het ook alweer? We zijn hier omdat geen van ons twee afscheid wilde nemen van de ander.’ ‘Dat was ik wel van plan.’ ‘Ik ben blij dat je het niet hebt gedaan.’ Zij was daar ook blij om, maar tegelijkertijd maakte het haar ook bang. Ze kreeg ineens een déjà vu. Ze had hetzelfde krampgevoel in haar maag en haar zenuwen voelden net zo gespannen als de snaren op Josefs viool. Misschien was die vreemde schok bedoeld om haar te waarschuwen dat ze een dwaasheid beging. Al was er niets aan de hand in de wereld, dan nog kon een gewone vriendschap met een buitenlander behoorlijk ingewikkeld zijn. Op dit moment was het leven echter allesbehalve normaal. En Alison wist heel zeker dat Ian, buitenlander of niet, nooit zomaar alleen een vriend kon zijn. ‘Het is niet echt het juiste moment, hè?’ vroeg Ian. 18

Waar liefde woont nw.indd 18

25-03-14 08:52


Alison kneep haar ogen tot spleetjes, zonder terug te schrikken voor de warmte in zijn blik. Was zij, doorgaans ondoorgrondelijk voor anderen, zo doorzichtig voor hem? ‘Het wordt snel genoeg tijd om afscheid te nemen,’ ging hij verder. ‘Maar totdat het zover is, moeten we er niet aan denken.’ Hij hief zijn theekopje alsof hij een toost wilde uitbrengen. ‘Afgesproken?’ Natuurlijk, hij had gelijk. De korte tijd die ze samen hadden, moesten ze lol hebben, geen spijt, zodat de herinnering fijn zou zijn. Zo ging het ook op haar verjaardag. Haar vader kon – of zou – niet langer dan één dag in Londen zijn. Alison negeerde liever bewust zijn aanstaande vertrek dan dat het een domper zette op hun kostbare tijd samen. Daar had ze nu ook behoefte aan, om zo lang mogelijk van Ians gezelschap te kunnen genieten. Ze schudde de herinnering aan haar laatste bezoek aan deze gelegenheid van zich af, slaakte een zachte zucht en ontspande haar schouders. ‘Afgesproken.’ Ze tikten hun theekopjes tegen elkaar en namen een slokje van het dampend hete vocht om hun toost te bezegelen. ‘Natuurlijk zijn we ook hier zodat je me kunt vertellen over de vrouw van je commandant,’ zei Alison met een schalkse glimlach. ‘Hoe heette ze ook alweer? Trish?’ Ze keek Ian strak aan met een zo onschuldig mogelijke blik in haar ogen. Ze hoopte maar dat hij niet meer verlangde naar die vrouw. Ze verwachtte instinctief een rake opmerking, maar zijn schaap­ achtige grijns en twinkelende ogen brachten haar zenuwen tot bedaren. ‘Al zolang ik me kan herinneren, hou ik van Trish. Hoewel ik nog maar drie was toen ze werd geboren.’ ‘Zijn jullie families met elkaar bevriend?’ ‘Familie. Het is maar één familie.’ Ian leunde achterover in zijn stoel en keek Alison recht in de ogen. Het duurde nog geen seconde, toen begreep ze wat hij bedoelde. ‘Trish is je zus.’ Ze perste haar lippen op elkaar en schudde haar hoofd. ‘Wat ben jij een…’ Ian grinnikte. ‘Gemenerik?’ 19

Waar liefde woont nw.indd 19

25-03-14 08:52


‘Erger nog.’ Alison snoof. ‘En ik me maar zorgen maken dat ze je hart had gebroken.’ ‘Zorgen? Dan werkte mijn trucje dus.’ ‘Plaag jij altijd zo?’ ‘Alleen als ik geen afscheid wil nemen van een knappe vrouw met een groot talent.’ Alison dronk de warmte van zijn woorden in en sloeg haar ogen neer, zo verlegen was ze ineens. Ze wist niet goed wat ze moest zeggen. Ze vond zijn geplaag leuk, maar was bang voor haar eigen gevoelens. Geniet van dit moment. De kans bestaat dat je hem na vandaag nooit meer ziet. Ian ging verzitten op zijn stoel. ‘Je bent toch niet boos, hè?’ Alison knikte naar de serveerster die eraan kwam en leunde samenzweerderig naar voren.‘De scones van Miniver maken veel goed.’ Ian grinnikte even en Alison beantwoordde zijn ontspannen glimlach, terwijl de serveerster hun bestelling neerzette op tafel. De sandwiches, dunne sneetjes donker brood belegd met plakjes komkommer en waterkers, lagen zorgvuldig uitgestald op een zilveren dienblad. De warme scones wachtten in een mandje dat toegedekt was met een doek. Terwijl Ian in twee happen een van de heerlijke sandwiches verorberde, zat Alison gesmoord te giechelen. ‘Papa zei dat hij hier hongeriger weg kon gaan dan hij binnen was gekomen. Als er toch eens geen scones waren.’ Ian knikte instemmend en stak nog een tweede sandwich in zijn mond. ‘Tekent of schildert je vader ook?’ ‘Ja, dat deed hij.’ Alison ging snel met haar vinger langs de rand van het theekopje. ‘Galerie der Schone Kunsten Van Schuyler is al bijna driehonderd jaar een beroemd handelshuis in Rotterdam.’ ‘Wat is er met het “van” gebeurd?’ ‘Mijn vader is naar Amerika geëmigreerd en heeft het ergens halverwege de oversteek in de Atlantische Oceaan laten vallen. Dat wil zeggen, dat is het verhaal dat hij me altijd vertelde toen ik klein was. Ik ben geboren in Chicago.’ 20

Waar liefde woont nw.indd 20

25-03-14 08:52


‘Maar nu woon je in Rotterdam.’ ‘Bij mijn grootvader, ja. Hij is de eigenaar van de familiegalerie.’ ‘En je ouders? Zitten die nog in Chicago?’ ‘Papa… reist veel.’ ‘Voor de galerie?’ ‘Meestal omdat hij dat zelf graag wil.’ Terwijl Alison zichzelf nog een keer thee inschonk, voelde ze Ians verbaasde blik op haar gericht. ‘Je vraagt je af hoe het met mijn moeder zit.’ ‘Je hebt haar niet genoemd.’ Alison keek even strak voor zich uit naar haar theekopje. Ze vond het altijd moeilijk om dit te zeggen, maar had door de jaren heen geleerd het kort en simpel te houden. ‘Ze stierf toen ik net vijf was.’ Ze zag, niet geheel onverwacht, medeleven in Ians ogen. De reactie van de meeste mensen als ze haar ongemakkelijke uitleg hoorden. Maar anders dan de meeste mensen leek Ian niet van zijn stuk gebracht of zich ongemakkelijk te voelen. ‘Die wond geneest heel moeilijk,’ zei hij zacht. ‘Papa heeft nooit meer een kwast aangeraakt.’ De woorden glipten zomaar uit haar mond en Alison kuchte verlegen. Ze had die waarheid diep weggestopt in haar hart, werd altijd boos als haar grootvader zijn zoon bekritiseerde dat hij zijn talent vergooide. Ze gebruikte het argument echter ook als een verontschuldiging, een troost voor zichzelf en een verklaring voor Pieter Schuylers’ fouten als vader. Helaas fungeerde het excuus als een dubbelzijdig zwaard en verergerde het haar eenzaamheid alleen maar. Uiteindelijk was ze niet alleen haar moeder, maar ook haar vader kwijt. ‘Het ging een tijdje goed met ons.’ Alison hield haar kopje met beide handen beet en staarde er diep in, alsof ze daar een verklaring probeerde te vinden voor haar merkwaardige bereidheid haar familiegeschiedenis te delen met iemand die een volslagen vreemde voor haar was. Ze wilde echter dat Ian het wist. Op een of andere manier voelde het goed het hem te vertellen. ‘Onze galerie was klein, maar had een goede reputatie. We kregen een steeds grotere clientèle en papa leek zijn verdriet de baas te kunnen. Toen stortte de aandelenmarkt in. En sleepte onze galerie mee in zijn val.’ 21

Waar liefde woont nw.indd 21

25-03-14 08:52


De beurskrach van oktober 1929.Voor Alison betekende die niet veel, ze leefde volledig in haar eigen kleine-meisjeswereldje van naar school gaan en haar porseleinen poppen. Een paar maanden later werd haar onschuldige kindertijd echter angstaanjagend donker. ‘Onze klanten konden hun rekeningen niet betalen; niemand kon zich onze schilderijen nog veroorloven.’ Alison haalde haar schouders op, als in een poging de schaamte over het financiële debacle van haar familie te verzachten. Natuurlijk waren er mannen met meer gezond verstand dan papa die net zoveel hadden geleden, misschien wel meer. Een aantal pleegde nog liever zelfmoord dan de vernedering te moeten ondergaan van een bankroet. Ze rilde, dacht terug aan het gefluister van de volwassenen dat ze per ongeluk meekreeg, papa’s gejammer als hij dacht dat ze sliep. ‘De boel is geveild. We raakten alles kwijt.’ Ian stak zijn hand uit over de tafel en legde hem over de hare. Zijn hand voelde koel en sterk op haar huid; het gaf haar de moed om de herinneringen die ze zo lang had weggestopt onder ogen te zien. Ze trok haar hand niet weg. ‘Alles, behalve Het meisje in de tuin.’ Terwijl ze terugdacht aan het schilderij zei ze bijna fluisterend: ‘Het portret van mijn moeder.’ ‘Was zij zijn muze?’ ‘En zijn leven. Hij schilderde haar vlak nadat ze elkaar hadden ontmoet op Wrigley Field.’ ‘Waren ze honkbalfan?’ ‘Nee, dat was het vreemde. Geen van beiden was echt geïnteresseerd in sport. Maar het was liefde op het eerste gezicht.’

Liefde op het eerste gezicht. Net als bij ons? Die gedachte kwam ineens bij Ian op en overrompelde hem. Voor vandaag zou hij hebben gelachen om dat soort onzin, het hebben afgedaan als de romantische fantasie van schoolmeisjes en oude vrijsters. Maar nu hij tegenover Alison zat, was hij er nog niet zo zeker van. Er was iets anders aan

22

Waar liefde woont nw.indd 22

25-03-14 08:52


haar en aan hem als hij naast haar stond, naast haar liep. Haar in die onmetelijke grijsblauwe ogen keek. Toen Alison bloosde en haar hand terugtrok om hem nog een keer thee in te schenken, realiseerde hij zich dat hij zat te staren. Hij trok de doek van de mand en gebaarde naar Alison dat ze een van de scones moest nemen. De geur van warme kersen en walnoten zweefde tussen hen in. Ze brak haar scone doormidden en nam een hap van het zachte, nog warme deeg. ‘Net zo lekker als in je herinnering?’ ‘Mmm. Lekkerder.’ Ian grinnikte terwijl ze het kersenglazuur uit haar mondhoeken veegde. ‘Wat is er met dat schilderij gebeurd?’ Alison slikte haar hap door en legde haar servet weer op haar schoot. ‘Papa kon het niet verdragen dat het zou worden geveild. Voordat hij de galerie overdroeg aan de schuldeisers, zette hij het op een schip naar mijn grootvader. En mij ook.’ ‘In je eentje?’ ‘Hij reisde met me mee tot Brussel. Daar ontmoette ik voor het eerst van mijn leven mijn grootvader en sinds dat moment woon ik bij hem. Het meisje in de tuin is het belangrijkste stuk in onze galerie, maar mijn vader heeft het daar nooit zien hangen. Hij zet geen voet meer op Hollandse bodem. We zien elkaar hier in Londen of in Parijs. Overal en nergens, maar niet thuis.’ ‘Ik neem aan dat hij en zijn vader niet goed met elkaar overweg kunnen.’ Alison schudde haar hoofd. ‘Daarom is papa uit de galerie gestapt.’ ‘En heeft hij het “van” laten vallen?’ ‘Ja.’ Ze at haar scone verder op en veegde de kruimels van haar handen.‘Nu is het jouw beurt om te vertellen hoe je familie in elkaar steekt.’ Het klonk een beetje schaapachtig en Ian nam aan dat ze niet vaak vreemden vertelde over de tegenslagen in haar familie. Hij ging verzitten op het krappe stoeltje en legde zijn servet naast zijn bord. ‘Het zou kunnen – let wel: niet bewezen – dat het fortuin van de

23

Waar liefde woont nw.indd 23

25-03-14 08:52


familie Devlin afkomstig is van piraterij en voor een groot deel ook van smokkel.’ Alisons ogen werden groot van gespeeld afgrijzen. ‘Dat is schan­ dalig.’ ‘Ter verdediging: uiteindelijk zijn we gekeerd op ons dievenpad en nette, brave burgers geworden, trouw aan koning en vaderland. Schapen fokken is dan misschien minder opwindend dan diefstal, het is in elk geval een stuk fatsoenlijker.’ ‘Je bent dus de zoon van een landjonker.’ ‘Mijn vader is de zevende Lord van Kenniston.’ ‘En jij bent straks de volgende?’ ‘Ik ben luitenant in het leger van Zijne Majesteit de Koning.’ ‘Maar ooit…?’ Ian schoof ongemakkelijk heen en weer en tuurde naar zijn bord. ‘Ik wilde niet nieuwsgierig lijken.’ Ian hoorde aan haar stem dat ze zich een beetje gekwetst voelde. Geen wonder. Toen ze hem vertelde over het drama dat haar was overkomen als kind, had hij de pijn gezien in haar ogen. Ze verdiende het ook zijn verhaal te horen. ‘Zullen we een eindje gaan wandelen? Aan het eind van dit plein ligt een klein park.’ Ian betaalde en ze liepen naar buiten. Ze liepen over het trottoir naar een gevlochten hek, dat openstond en toegang gaf tot een goed onderhouden park. Iepen, berken en esdoorns overschaduwden brede paden omzoomd met late zomerbloeiers. Dikke grijze eekhoorns gingen tegen elkaar tekeer en schoten door de bomen. Ian gebaarde naar een verweerde bank tegenover een granieten fontein met allemaal lichtvlekken erop van de zon. Ze gingen zitten onder de dikke takken van een beschuttende plataan. Ian staarde in de serene rust die in het park heerste, langs het pad naar een korte haag die naast een bed met uitgebloeide rozen stond; de tere rode en roze blaadjes lagen verspreid over de met muls bedekte grond. Herinneringen aan bloemstukken rond een gepolijste houten kist. Een uitbundig leven dat te snel verging. Hij haalde diep adem. ‘Ik was de tweede zoon. Het was nooit de bedoeling dat die titel naar mij zou gaan.’ 24

Waar liefde woont nw.indd 24

25-03-14 08:52


Ian keek haar aan, omdat hij moest weten of ze begreep wat hij onuitgesproken liet. Haar gezicht verzachtte en ze keek hem vol medeleven aan. Hij probeerde zijn keel te schrapen, maar dat lukte niet echt door de brok verdriet die er zat. ‘Ik begrijp het.’ Alison liet haar hand in de zijne glijden en een warmte die hij nooit eerder had gekend, schoot door zijn lichaam. Te midden van de angstaanjagende herinnering aan de dood van zijn oudere broer naar wie hij zo enorm had opgekeken, zijn vaders rechtmatige erfgenaam, kreeg hij ineens een sterk gevoel van zekerheid. Een doodgewoon reisje naar Londen was door een immigrantenjongen met een viool en een jongedame met een schetsboek ineens heel bijzonder geworden. En zijn hart zou nooit meer hetzelfde zijn.

Terwijl Ian zijn kaken op elkaar klemde en weer ontspande, keek Alison hem zijlings aan. Vervolgens ontspande hij zich helemaal en kneep in haar hand. Ze wilde dat ze zijn gedachten kon lezen. Zijn kleine gebaar vervulde haar met een warm gevoel en het verwarde haar. ‘Het was een ongeluk.’ Ian keek haar aan en trok heel licht een van zijn mondhoeken op. ‘We waren nog maar jongens. Durfals, sufferds die een dom spelletje speelden.’ Alison wachtte tot hij verder ging, maar hij leek in herinnering verzonken. ‘Wat naar voor je.’ ‘Ja.’ Het slaan van de Big Ben, de grote klok van het parlementsgebouw, doorbrak de stilte. Alison zette zich schrap bij het horen van de dreunen, omdat elke galm een voorbode was van het moment waarop de omstandigheden hen ieder in een andere richting zouden dwingen. ‘Het is al laat. Je zus zit te wachten op haar brief.’ ‘Ga met me mee. Ik weet zeker dat ze het leuk zal vinden je te ontmoeten.’ 25

Waar liefde woont nw.indd 25

25-03-14 08:52


Alison staarde naar het water dat hoog boven de fontein de lucht in schoot, waarna het in een mistige sproeiregen naar beneden viel in het bassin. De druppeltjes glinsterden, verlicht door de late namiddagzon; ze vormden miniatuurregenboogjes van rood, groen en blauw. Terwijl de zon aan de skyline van Londen onderging, zouden de vrolijke, steeds veranderende kleurenstralen langzaam verdwijnen. ‘We moeten nu afscheid nemen. Geloof me, Ian. Dat is het beste.’ ‘Voor wie?’ ‘Misschien wel voor ons allebei.’ Alison trok haar hand voorzichtig uit de zijne en haar vingers werden koud. ‘Wil je eerst nog iets voor me doen?’ ‘Als ik dat kan.’ ‘Een tekening maken.’ ‘Natuurlijk.’ In haar korte antwoord klonk opluchting door. ‘Hoewel ik niet weet of het lukt hem net zo te laten worden, aangezien mijn ene model al een heel eind buiten Londen is.’ ‘Ik wil een tekening van jou.’ Alisons ogen werden groot van verbazing. ‘Van mij? Waarom?’ ‘Omdat… jij het bent.’ De lichtjes in zijn hazelnootbruine ogen glinsterden nog meer toen hij omstandig probeerde uit te leggen waarom. ‘Niet alleen omdat jij er dan op staat. Maar omdat jij degene bent die hem heeft gemaakt. Hij van jou is, dus.’ ‘Ik zal het proberen.’ Terwijl ze haar tekenmateriaal uit haar tas haalde en het schetsboek op een lege bladzijde opensloeg, fronste ze haar wenkbrauwen. Ze deed haar ogen dicht en probeerde zich haar eigen gelaatstrekken voor de geest te halen alsof ze in een spiegel keek. Toen dat niet werkte, dacht ze aan de foto die vorig jaar kerst van haar was gemaakt als een cadeau voor haar vader. Met die foto in gedachten deed ze haar ogen weer open en begon te tekenen. ‘Mag ik kijken?’ ‘Nee,’ zei ze gespeeld geschrokken. Ze schoof een eindje op, zodat hij haar werk niet kon zien, en concentreerde zich op de tekening. Na nog een paar laatste potloodstrepen deed ze het schetsboek dicht en gaf het aan hem. ‘Hij is niet zo goed als ik dacht.’ 26

Waar liefde woont nw.indd 26

25-03-14 08:52


‘Dat geloof ik niet.’ Ian wilde door het blok bladeren, maar Alison hield hem tegen. ‘Wacht, alsjeblieft. Tot ik weg ben.’ ‘Maar er zitten nog meer tekeningen in.’ ‘Houd ze maar. Of niet.’ Ze stond op. ‘Het enige dat ik van je vraag, is dat je er straks pas naar kijkt.’ Ian kwam bij haar staan terwijl de klok het eerste kwartier sloeg in de schemerlucht boven hun hoofd. Alison keek nog een laatste keer naar de donkere schaduw van de granieten fontein en de zwakke kleuren van de bloemen eromheen, en stelde zich het tafereel voor als een aquarel. Als ze thuis was, zou ze het op papier zetten en altijd bewaren als een aandenken aan de dag waarop ze haar hart verloor.

27

Waar liefde woont nw.indd 27

25-03-14 08:52


3 Ze namen samen een taxi maar zeiden weinig tegen elkaar, onderweg naar het treinstation. Daar aangekomen, stuurde Alison haar grootvader een telegram: Alles goed. Nog in Londen. Ben er morgen om 16.45 uur. Ze haalde haar weekendtas uit een bagagekluis en Ian droeg hem voor haar naar het nabijgelegen Wellington Hotel. Nadat ze had ingecheckt, kreeg ze haar kamersleutel. Ze draaide zich om naar Ian en probeerde een glimlach te forceren die ze niet echt voelde. Hij keek haar aan en zei: ‘Het aanbod geldt nog steeds. Maak kennis met mijn zus. Dan vertel ik je nog meer over onze familiegeschiedenis.’ Alison lachte zachtjes en keek vluchtig om zich heen in de lobby. Haar hoofd vulde zich met de beelden van donker hout, pastelkleuren en stoffen meubels. Hoe anders leek het dan eerder die dag, toen ze vertrok naar het treinstation, nieuwsgierig naar hoe het zou voelen om in haar eentje de Noordzee over te steken naar Nederland. Ze had niet gedacht dat ze hier terug zou komen om nog een nacht te blijven. En dat allemaal door een jochie met zijn viool en de held van een soldaat die voor haar stond en probeerde haar van gedachten te doen veranderen. Het was een verleiding waar ze niet aan toe mocht geven. Helder verscheen haar de onbetwistbare geschiedenis van haar familie, gebaseerd op feitelijke gebeurtenissen, voor ogen. ‘Kracht en waardigheid…,’ putte ze houvast uit het bekende credo uit Spreuken 31, haar mantra in moeilijke situaties. Opgewekt glimlachte ze naar Ian. ‘Bedankt voor alles. Het was een heerlijke middag.’ ‘Vond ik ook.’ Het belletje rinkelde en de liftdeur ging open. Alison schrok op. Ze keek even vluchtig naar de bediende in uniform, die reageerde met een beleefd knikje.

28

Waar liefde woont nw.indd 28

25-03-14 08:52


‘Ik moet gaan.’ Ze zette een onhandige stap in de richting van Ian, maar liep toen toch de lift in, niet in staat woorden te vinden ten afscheid. Bang om dat zelfs maar te proberen. Terwijl de zware deur zich sloot, tilde Ian een hand op. ‘Dit is geen vaarwel, Alison. Geen definitief afscheid.’ Ze keken elkaar aan totdat de deur tussen hen dicht was. De liftkooi schudde en terwijl hij begon te stijgen, voelde Alison ook haar maag zakken. ‘Ik heb niet tegen hem gezegd dat hij goed op zichzelf moest passen,’ mompelde ze. ‘Wilt u terug naar de lobby, juffrouw?’ Alison aarzelde, maar schudde toen haar hoofd. ‘Neemt u mij niet kwalijk dat ik het zeg, juffrouw, maar hij begrijpt wel dat u dat van plan was. Hij komt wel terug.’ De liftbediende bloosde jongensachtig en zijn wangen werden rood. Alison glimlachte verdrietig naar hem, maar huiverde bij de gedachte aan wat de toekomst haar en Ian zou brengen als de liftbediende gelijk had.

Ian wurmde zichzelf door de ingang van het Wellington Hotel naar buiten, waar de zon inmiddels minder fel scheen en het ook een ­beetje was afgekoeld. Terwijl de vertrekkende passagiers zich een weg naar binnen baanden tegen de stroom in van de mensen die juist aankwamen in Londen, bruiste de stad zo dicht bij Waterloo Station van het leven. Het verkeer reed bij vlagen geordend door, terwijl af en toe het getoeter van een claxon boven het late namiddaggeluid uitsteeg. De portier van het hotel trok Ians aandacht. ‘Taxi, sir?’ Ian dacht een fractie van een seconde na, schudde zijn hoofd en liep weg van het bedrijvige station. Het bezoek aan Trish kon nog wel even wachten. Hij wilde Alisons tekeningen bekijken nu de herinnering aan hun tijd samen nog vers en scherp was. Een paar straten verderop dook hij een pub in die hij kende, de Black Fox. Hij

29

Waar liefde woont nw.indd 29

25-03-14 08:52


installeerde zich aan een tafeltje in een hoek bij het raam en liet, in afwachting van zijn grote glas ale, de afgelopen middag nog een keer de revue passeren. Hij was niet van plan geweest een scène te veroorzaken op Waterloo Station, maar de aanblik van de mistroostige en bange kinderen van het kindertransport, die zich vastklampten aan hun schamele bezittingen, had hem gestoord.Toen hij de dreigende taal hoorde die de stationsbeambte uitsloeg tegen de jonge vluchteling en zag hoe bang de jongen was, kookte zijn bloed. Voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders en zusters. Die zin dreunde door zijn hoofd toen hij de confrontatie aanging met Hargrove. Hoewel hij niet had gebeden, wist hij dat het idee om Josef te laten spelen hem door God was ingegeven. Toen Hargrove naar Alison wees, had Ian alleen maar haar blonde haar gezien, haar karmozijnrode pakje, haar glinsterende ogen en knappe gezicht. Die eerste vluchtige blik had hem geschokt, maar hij had het gevoel terzijde geschoven om te doen wat gedaan moest worden voor Josef. Je plicht doen was voor een goed soldaat altijd belangrijker dan gevoelens. En Ian was een goed soldaat, zelfs al was hij met verlof. Hargrove had hem in elk geval een groot plezier gedaan door het meisje zich te laten voorstellen. Alison Schuyler. Haar naam paste helemaal bij haar lieftallige verschijning, haar pit. En ze had een goed hart, ze gaf genoeg om Josef om hem de tekening te geven. Hij dacht terug aan haar stem die boven Josefs hoofd fluisterde: ‘Doe het voor hem.’ Ze waren vreemden voor elkaar, maar het moment had hen samengebracht in een mini-drieëenheid. De ale arriveerde, schuimend in een groot glas. Ian nam een flinke slok en leunde achterover op de houten stoel. Hij klapte het schetsboek open, bestudeerde de tekening op de eerste bladzijde en herkende de hoge torens, de waterspuwers en het bekende rozetraam van de Notre Dame. Het Parijse historische monumentale gebouw diende echter slechts als achtergrond voor het tafereel midden in de tekening. 30

Waar liefde woont nw.indd 30

25-03-14 08:52


Alison had voor de kathedraal een ouder stel getekend, zittend op een bankje, de hoofden naar elkaar toe gebogen, zacht met elkaar pratend. Ze droegen kleren die ooit misschien elegant waren geweest en een teken dat de mensen die ze droegen rijk waren, maar nu zagen ze er nogal sjofel en versleten uit. Dat het vergane glorie was, was ook te zien aan het stof op de hoed van de man en de glansplekken op de jurk van de vrouw. De man zag er vermoeid uit, alsof hij op het punt stond toe te geven aan de zware last van het leven. De droefheid in de ogen van de vrouw was echter in strijd met haar weigering het op te geven, verbeeld door haar gebalde vuist. Alison had een heel verhaal samengevat in een enkel moment. De tweede tekening was het portret van een stuurman van een veerboot. Alison moest hem hebben getekend toen ze vanuit Frankrijk het Kanaal overstak. Terwijl de man tegen de reling van de boot geposeerd stond, leken de bolle wangen en zijn heldere ogen het geheim van het geluk te herbergen. Ian tuurde aandachtig naar de volgende tekening. Hij boog zich voorover en tilde het tekenblok omhoog onder de zwakke lamp van de pub om de tekening beter te kunnen bekijken. Het was Smeaton’s Tower. Ian en zijn familie zaten in zijn jeugd elke zomer aan Plymouth Sound. Het verhaal van John Smeaton en zijn vernieuwende vuurtoren had hem altijd gefascineerd. De vuurtoren dateerde van halverwege de achttiende eeuw, had de harde wind en verpletterende golven overleefd maar niet zijn eigen zwakke fundering. In 1882 was de oude vuurtoren naar de kust verplaatst en daar werd het een monument. Er kwam een nieuwe vuurtoren die nu op een nabijgelegen rots in zee stond. Ian vond het ongelooflijk dat Alison een van zijn favoriete plekjes had getekend. Dit kon niet de opdracht zijn die ze genoemd had als excuus voor haar omweg van Parijs naar Rotterdam, anders zou ze deze tekening niet aan hem hebben gegeven. Het was een mysterie, van het soort dat hij misschien wel nooit ging oplossen, tenzij hij een manier kon bedenken om haar nog eens te zien. Op de volgende bladzijde stond de tekening waar hij om had gevraagd. Anders dan de andere drie, op liggend formaat, was dit een 31

Waar liefde woont nw.indd 31

25-03-14 08:52


portret. Het leek goed, maar miste de sprankeling die hem zo had aangetrokken in haar. Misschien was het wel de bescheiden kunstenares in haar die haar ervan had weerhouden haar eigen wezen te vatten. ‘Nog een glas?’ Een zware, schorre stem haalde hem uit zijn overpeinzingen. Hij schudde zijn hoofd en legde wat muntgeld op tafel. Een heer accepteerde geen geschenk van een dame zonder er iets voor terug te geven. Hij wist wat het perfecte geschenk was voor Alison en was vast van plan het haar te geven voordat ze morgenochtend op haar trein stapte.

32

Waar liefde woont nw.indd 32

25-03-14 08:52


4 De ochtendzon verstopte zich achter dikke grijze wolken, van waaruit de regen neerdaalde op de hoofden van de vroege vogels in de stad. Alison gaf de hotelmedewerker die haar het korte eindje van het Wellington Hotel naar Waterloo Station bracht een flinke fooi. Eenmaal in het station liep ze naar het perron waar de trein naar Dover zou vertrekken. Daar ging ze met een kop hete koffie aan een tafeltje zitten en controleerde of haar kaartjes klopten met haar reisplan. Een stoomschip zou de passagiers over de Noordzee naar Den Haag brengen; ongeveer een uur na aankomst vertrok er een trein naar Rotterdam. Daarna nog het korte ritje naar het statige pand dat al tien jaar haar thuis was. Tegen de tijd dat ze haar spullen zou uitpakken, waren de paar uur die ze met Ian had doorgebracht waarschijnlijk niet veel meer dan een vage herinnering in plaats van een emotioneel beladen droom. Ze haalde haar tekenpotlood tevoorschijn en tekende licht verstrooid Ians gezicht op een papieren servet. Terwijl ze zich concentreerde op de vorm van zijn ogen, zijn uitstekende kin, vervaagde de herrie in het station. ‘Ben ik dat?’ Alison keek verbaasd op en voelde haar wangen rood worden. Ze verfrommelde het servet en stopte het snel in haar tas. ‘Wat doe jij hier?’ vroeg ze met geveinsde nonchalance. Ian grinnikte en ging tegenover haar zitten. ‘Ik neem aan dat je me niet gelooft als ik zeg dat ik in de buurt was.’ ‘Je bent niet naar huis gegaan?’ ‘Ik ben bij Trish blijven slapen. Zodat ik je nog eens kon zien.’ Hij schoof een plat, rechthoekig doosje over de tafel naar haar toe. ‘En je dit kon geven. Als bedankje voor de tekeningen.’ ‘Dat was niet…’ ‘Ik wil het graag. Alsjeblieft. Maak open.’

33

Waar liefde woont nw.indd 33

25-03-14 08:52


Alison duwde het deksel open en trok een paar lagen zijdepapier weg, waarna er een miniatuurvuurtoren tevoorschijn kwam. Ze legde hem in de palm van haar hand, om te voelen hoe zwaar hij was en te zien hoe hij was gemaakt. ‘Hij is prachtig.Van tin?’ ‘Ja. Kijk maar op de onderkant.’ Alison tuurde naar de uitgeholde bodem en drukte op het knopje dat er zat. Het melodietje van Greensleeves speelde en de lamp ging aan. Hij fonkelde prachtig; haar lippen vormden zich verrukt tot een ‘o’. ‘Het is een replica van de originele Smeaton’s Tower. Aan Plymouth Sound.’ Een flauwe glimlach gleed over Alisons gezicht. ‘De tekening.’ ‘Ben je er geweest?’ ‘Een dag of twee, drie geleden,’ zei ze zo nonchalant mogelijk. Niet dat de Sound iets te maken had met haar grootvaders geheime missie. Haar omweg via Plymouth was niet meer dan een opwelling geweest. Maar hoe minder Ian wist over haar tijd in Engeland, hoe beter het was. En ze wilde ook niet dat hij iets zou weten van haar uitstapje naar Wales. Ian keek haar verbaasd aan, maar leunde vervolgens met een tevreden glimlach achterover in zijn stoel. ‘Ik ben daar ontelbaar vaak geweest. Ik was altijd gefascineerd door de toren. Hij leek zo symbolisch.’ ‘Voor wat?’ ‘Het geloof,’ antwoordde Ian schokschouderend.‘Dat je weet waar je kracht vandaan komt.’ Alison zette de vuurtoren rechtop op tafel en liet haar vingers van boven naar beneden langs het miniatuur glijden. ‘Een fundering die gebouwd is op een stevige rots in plaats van een grot die verzwakt is door het tij.’ ‘Ja.’ Hun ogen vonden elkaar en ze voelden dat ze elkaar begrepen. Dat raakte Alison, maar het bracht haar ook van haar stuk. De etiquette had echter haar eigen regels. ‘Ik kan zo’n duur cadeau niet aannemen.’ ‘Het is belangrijk voor me dat je dat wel doet.’ 34

Waar liefde woont nw.indd 34

25-03-14 08:52


‘Waarom?’ vroeg Alison fluisterend. Ze sloeg haar ogen neer en wachtte gespannen af wat hij zou antwoorden. Ian boog zich voorover, legde zijn hand onder haar kin en tilde haar hoofd op, zodat hij haar aan kon kijken. Hij leek zijn woorden met zorg te kiezen, alsof dat wat hij haar wilde zeggen heel delicaat was: ‘Toen ik jou zag, zag ik het meisje waar ik mijn hele leven al van droom. En dacht dat ik haar nooit zou vinden. Waarschijnlijk denk je nu dat ik gek ben. Maar het is de waarheid.’ Hij stak zijn hand uit en pakte de hare. ‘En ik denk dat jouw gevoelens voor mij hetzelfde zijn.’ Alison bleef hem aankijken en ademde diep in.‘Er zijn… bepaalde omstandigheden.’ Ians blik versomberde en zijn hand gleed uit de hare. Terwijl onder zijn geforceerde glimlach allerlei tegenstrijdige emoties op zijn gezicht waren af te lezen, keek ze verbaasd toe wat er gebeurde. ‘Wie is de gelukkige?’ Een spontane glimlach deed haar mondhoeken opkrullen en ze schudde haar hoofd. ‘Dat is het niet.’ ‘Wat dan wel?’ ‘Sommige dromen komen gewoon niet uit.’ ‘Geef me één reden waarom deze niet kan uitkomen. Eentje maar.’ Alison leunde achterover in haar stoel en keek hem recht in het gezicht aan. ‘Het feit dat ik in Nederland woon en jij hier.’ ‘Ik verhuis wel.’ ‘Weg van het familielandgoed? Dat kun je niet doen.’ ‘Dan verhuis jij. Je kunt zelf een galerie beginnen. Probleem van de twee landen opgelost.’ Ian sloeg vrolijk met zijn hand op tafel. Alison wilde dat ze met hem kon meegaan in zijn verzinsel, maar zij begreep beter dan hij dat hun droom onmogelijk was. Beter dan hij ooit zou kunnen. ‘Dan is het niet opgelost. En dat is niet de enige reden.’ Zijn glimlach verflauwde. ‘De oorlog.’ ‘Die is nog niet eens begonnen. Kijk eens wat we hier hebben meegemaakt, alleen al in dit station. Kinderen die van huis worden weggestuurd.’ Alison was nauwelijks te verstaan en ze haalde diep 35

Waar liefde woont nw.indd 35

25-03-14 08:52


adem om zichzelf te kalmeren. ‘Nederland blijft ongetwijfeld neutraal, net als in de Grote Oorlog, maar hoe zit dat voor Engeland?’ ‘Neutraal blijven is geen optie.’ ‘Je zult overzee worden uitgezonden.’ Ian knikte. ‘Je zou…’ Nee. Ze mocht die vreselijke woorden niet uitspreken, zichzelf niet toestaan eraan te denken. ‘Dood kunnen gaan,’ maakte Ian haar zin af. ‘Reden temeer om in de paar dagen die we misschien hebben het geluk te pakken.’ Zijn woorden dansten door haar hoofd en vielen voor haar voeten op de grond. Haar gedachten werden ineens volledig opgeslokt door de onstuimige romance van haar ouders, die in een tragedie eindigde. Alison was ervan overtuigd dat degene van wie zij hield, hetzelfde zou overkomen. Ze opende haar mond, maar voelde zich zo verward dat ze haast stikte en niets kon zeggen. Abrupt stond ze op en keek Ian strak aan. ‘Je hebt geen idee wat je zegt.’ Ian stond op en kwam met een teleurgestelde blik naast haar staan. Hij raakte haar schouder aan. ‘Ik wilde je niet van streek maken. Maar je kunt niet zomaar weggaan zonder me te vertellen wat je dwarszit.’ De luidspreker kraakte en de stem van de omroeper kondigde aan dat de passagiers voor de trein naar Dover konden instappen. Alison pakte haar weekendtas en zette hem op tafel naast haar gewone tas. ‘Dat is mijn trein.’ ‘Wacht nog even.’ Ian duwde aarzelend een dwarse krul uit haar gezicht. ‘Misschien moet ik naar het slagveld. Misschien moet ik gaan vechten. Maar ik kom terug. En als ik terugkom, ga ik je zoeken en zal ik je vinden.’ Alison moest grote moeite doen om zich te beheersen, om te verhinderen dat de tranen die achter haar ogen prikten kwamen. ‘Die belofte kun je niet waarmaken.’ ‘Dat kan ik wel.’ Plotseling nam hij haar in een stevige omhelzing en ze voelde dat ze smolt in zijn armen. Ze tilde haar hoofd op naar het zijne, verloor zich in het moment en genoot van de warme te36

Waar liefde woont nw.indd 36

25-03-14 08:52


derheid van zijn lippen op de hare. Nog zo’n moment om nooit te vergeten. De luidspreker kraakte opnieuw en er volgde een laatste mededeling voor de passagiers van de trein naar Dover. Alison omhelsde Ian nog een laatste keer, waarna ze achteruit stapte en de band van haar tas over haar schouder schoof. Ze pakte haar kaartjes en legde haar hand op haar weekendtas. Ian stopte de vuurtoren terug in het doosje en liet hem in haar tas glijden. ‘Wat er ook gebeurt, bewaar hem.Vergeet niet waar hij voor staat.Vergeet mij niet.’ ‘Ik zal je nooit vergeten, Ian Devlin.’ Tranen stroomden over haar wangen. ‘Nooit.’ Alison draaide zich om en spoedde zich weg. Ze drong naar voren tussen de passagiers die in de trein stapten.Toen ze bij het raampje in haar compartiment ging zitten, kon ze de verleiding niet weerstaan om te kijken of ze hem zag in de menigte op het perron. Daar stond hij. Ze zwaaide. Hij zwaaide terug, terwijl hij geluidloos zei: ‘Vergeet mij niet.’ Alison knikte. De trein reed het station uit en Alison leunde achterover. Haar hart bonkte mee op het ritme van de wielen. Ze vond het verfrommeld servet in haar tas en streek het glad op haar schoot. ‘Nu ben je veilig, Ian Devlin,’ fluisterde ze. ‘Ik ben weg en nu ben je veilig.’

37

Waar liefde woont nw.indd 37

25-03-14 08:52


Johnnie Alexander Donley laat zich graag boeien door geschiedenis, een hobby die ze kwijt kan in haar werk als redacteur van geschiedenisboeken, maar ook in het schrijven van romans. Waar liefde woont is haar debuut.

ISBN 978 90 297 2287 2 NUR 342

WAAR LIEFDE WOONT

Om zich niet machteloos te voelen, gaat Alison in het verzet en helpt ze Joodse kinderen onderduiken. Ondertussen probeert ze zo veel mogelijk kunstwerken in veiligheid te brengen. Terwijl de oorlog verder woedt, raakt ze er steeds meer van overtuigd dat ze voor altijd van Ian gescheiden zal blijven.

JOHNNIE ALEXANDER DONLEY

RÂ

otterdam, 1939. Alison Schuyler werkt in de gerenommeerde kunstgalerie van haar opa en in haar vrije tijd schildert ze zelf. Op zoek naar liefde is ze niet. Door tragische gebeurtenissen in haar jeugd gelooft ze dat die alleen kan eindigen in diep ongeluk. Tenminste, totdat ze de Britse kolonel Ian Devlin ontmoet. Het is liefde op het eerste gezicht. Kort daarna breekt de Tweede Wereldoorlog uit en wordt Ian uitgezonden. Alison blijft vertwijfeld achter. Is dit het noodlot waar ze altijd al bang voor was?

WAAR

LIEFDE WOONT JOHNNIE ALEXANDER DONLEY

9 789029 722872

www.uitgeverijvoorhoeve.nl

Waar liefde woont - Johnny Alexander Donley h.indd 1

ROMAN 31-03-14 12:24


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
XL leesfragment Waar liefde woont - Johnnie A. Donley by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu