Skip to main content

Inkijkexemplaar Sambavoetbal

Page 1

Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 3

Sambavoetbal Beleef de Braziliaanse voetbalcultuur Alex Bellos Vertaling Paul Janse

Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen


Futebol/fotokatern (8pgs) 09-04-2014 09:50 Pagina 6

De twee beroemdste voetballers van BraziliÍ, twee maanden voor Garrincha’s dood.


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 5

INHOUD

Inleiding 7 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15.

Wedstrijd aan het einde van de wereld 11 Heroïsche voeten 31 De noodlottige finale 44 Stamvergaderingen 74 De engel met de kromme benen 89 Carnaval anders 112 Mijn Kleine Tony 133 Auto’s, meisjes en hooghouden 139 Kikkers en wonderen 165 Het unieke doelpunt 200 Naakt voetbal 222 Aan twee kanten van de evenaar 244 Schildpad met hoge hoed 251 We hebben verloren omdat we niet hebben gewonnen 277 Socratische dialoog 312 Nawoord bij de uitgave van 2014 325 Appendices 335 Dankwoord 359 Illustratieverantwoording 360


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 6


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 7

INLEIDING

Voetbal is in 1894 in Brazilië gekomen. De ‘gewelddadige Britse sport’ deed het onverwachts goed. Binnen enkele decennia was het het sterkste symbool van Braziliaanse identiteit. Zoals we allemaal weten heeft het nationale elftal vaker de wereldbeker gewonnen dan alle andere landen. Het land heeft ook Pelé voortgebracht, de grootste voetballer aller tijden. Bovendien hebben de Brazilianen een flamboyante, opwindende en elegante stijl uitgevonden, en daarmee een standaard gezet die voor de rest van de wereld onbereikbaar is. De Britten noemen het het ‘mooie spel’. De Brazilianen noemen het futebol-arte, ofwel ‘voetbalkunst’. Welke term je ook kiest, de internationale sportwereld kent niets anders met zoveel allure. Ik ben in 1998 in Brazilië aangekomen. Ik deed het ook niet slecht. Ik werd buitenlandjournalist. Die baan had ik altijd al begeerd en journalistiek gezien is Brazilië onweerstaanbaar. Het land is enorm groot, kleurrijk en gevarieerd. Onder de bevolking van honderdzeventig miljoen mensen zijn er meer zwarten dan in welk land ook, Nigeria uitgezonderd, meer Japanners dan waar ook buiten Japan, en bovendien driehonderdvijftigduizend inheemse indianen, onder wie mogelijk een dozijn stammen waar nog nooit iemand van buiten contact mee heeft gehad. Brazilië is ’s werelds belangrijkste producent van sinaasappelsap, koffie en suiker. Ook is het een geïndustrialiseerde natie, vreemd genoeg een van de belangrijkste vliegtuigbouwlanden, en het heeft een indrukwekkend artistiek erfgoed, vooral in muziek en dans. En natuurlijk is er vreselijk veel voetbal. Al snel nadat ik was aangekomen ging ik naar een wedstrijd van het nationale elftal kijken. Die vond plaats in het Maracanãstadion, de spirituele thuisbasis van het Braziliaanse – ergo het internationale – voetbal. Toen de spelers in een rij het veld op liepen, sprongen we op en juichten we. Het lawaai was als een krakende donderslag, een enthousiast koor van voetzoekers, getrommel en door elkaar lopende aanmoedigingsliederen. Het was een uiting van wat ik al wist; dat de romantiek van het Braziliaanse voetbal veel meer is dan het ‘mooie spel’. We houden van Brazilië om het spekta7


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 8

kel. Omdat de supporters zo uitbundig gelukkig zijn. Omdat we de sterren bij de voornaam kennen – alsof het persoonlijke vrienden zijn. Omdat het nationale elftal een utopische raciale harmonie uitstraalt. Om het iconische goudgeel op de shirts. We houden van Brazilië omdat het Brasiiiiiiiil is. Als sportliefhebber interesseerde ik me meteen voor de binnenlandse competities. Ik las de sportpagina’s, koos een favoriete club en ging geregeld naar wedstrijden. Voetbal volgen is misschien wel de efficiëntste manier om in de Braziliaanse samenleving geïntegreerd te worden. Als journalist raakte ik steeds meer gefascineerd door de manier waarop het voetbal de levensstijl beïnvloedt. En als voetbal cultuur weerspiegelt, wat volgens mij zo is, wat maakt de voetballers in Brazilië en hun supporters dan zo... zo... Braziliááns. Daar gaat dit boek over. Eerst wilde ik weten hoe een Britse sport die iets meer dan een eeuw geleden geïmporteerd was, de bestemming van een tropische natie zo sterk kon bepalen. Hoe kon iets als een teamsport, schijnbaar zo goedaardig, de grootste verbindende factor voor het op vier na grootste land ter wereld worden? Wat bedoelen Brazilianen wanneer ze met chauvinistische trots zeggen dat ze in het ‘voetballand’ wonen? Als voetbal de populairste sport ter wereld is, en als Brazilië de succesvolste voetbalnatie is, dan moet zo’n reputatie verreikende en unieke gevolgen hebben. Naar mijn mening draagt geen enkel ander land zo sterk het stempel van één sport als Brazilië met het voetbal. De research kostte me een jaar. Ik vloog binnen de landsgrenzen het aantal kilometers van de aardomtrek. Ik interviewde honderden mensen. Allereerst de voor de hand liggende groep: actieve spelers en ex-spelers, clubbazen, scheidsrechters, scouts, journalisten, historici en supporters. Vervolgens, toen ik werkelijk onder de huid van het land wilde kruipen: priesters, politici, travestieten, musici, rechters, antropologen, indianenstammen en schoonheidskoninginnen. Ook interviewde ik een man die zijn brood verdient met het hooghouden van kogellagers, rodeosterren die voetballen met stieren, een supporter die er zo merkwaardig uitziet dat hij advertentieruimte op zijn shirt verkoopt, en ontdekte ik een geheim complot waar Sócrates en kolonel Moe’ammar Al-Khaddafi van Libië bij betrokken waren. Ik was niet geïnteresseerd in ‘feiten’, zoals uitslagen of opstellingen. Brazilië is sowieso niet zo sterk in feiten; het land is gebouwd op verhalen, mythen en wilde geruchten. Het geschreven woord wordt – nog – niet zo 8


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 9

vertrouwd als het gesproken woord. (Een van de, vooral voor een journalist, meest gekmakende eigenaardigheden van het land.) Ik was geïnteresseerd in het leven van de mensen en in de verhalen die ze vertelden. Het resultaat is hopelijk een eigentijds portret van het grootste land van Latijns-Amerika, gezien door de bril van zijn hartstocht voor voetbal. Brazilië is het land waar begrafenisondernemers kisten aanbieden met clubwapens erop geschilderd, waar booreilanden voorzien zijn van voetbalvelden voor wedstrijden van vijf tegen vijf en waar een voetbalclub ervoor kan zorgen dat je in het parlement gekozen wordt. Ik begon mijn research medio 2000, precies een halve eeuw nadat het wereldkampioenschap in Brazilië werd gehouden en dertig jaar nadat Brazilië zo spectaculair voor de derde maal kampioen werd. Het was een geschikt startpunt voor een bespiegeling over het erfgoed van de ‘futebol-arte’. Ik wijs iedere verantwoordelijkheid van de hand, maar binnen enkele weken raakte het Braziliaanse voetbal plotseling in zijn grootste crisis aller tijden. Het nationale elftal verloor een serie wedstrijden en het Congres begon twee uitgebreide onderzoeken naar de sport. De toestand werd steeds erger. Brazilië bleef verliezen en congresleden brachten een onaangename en corrupte onderwereld aan het licht. Even was het ondenkbare – dat Brazilië zich niet zou weten te kwalificeren voor het wereldkampioenschap van 2002 – een reële mogelijkheid. Ik zie de crisis als een weerspiegeling van algemenere spanningen. Sinds de jaren vijftig, toen Pelé op het toneel verscheen, is Brazilië van een grotendeels ongeletterd boerenland veranderd in een geletterd en verstedelijkt land. Het heeft twee decennia van dictatuur doorlopen en is bezig om te leren hoe een nieuwe samenleving gebouwd moet worden, wat soms met ongemakken gepaard gaat. Intussen is de wereld veranderd. Voetbal is ook veranderd. De enige constante lijkt de magie te zijn die we nog steeds aan de goudgele shirts van Brazilië toekennen. Ik heb de parlementaire enquêtes nauwlettend gevolgd. Ik ben naar Brasília gevlogen om de hoorzittingen te zien. Ik was er toen Ronaldo werd opgeroepen om te getuigen. Ze vroegen hem om aan de congresleden uit te leggen waarom Brazilië slechts tweede was geworden op het wereldkampioenschap van 1998. ‘Er zijn vele waarheden,’ zei de voetballer tegen zijn ondervragers. Hij zei dat hij ze ‘zijn waarheid’ zou geven en dat hij hoopte dat ze er blij mee waren. Maar of het al dan niet de ‘ware waarheid’ was – welnu, dat moesten zij maar uitmaken. 9


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 10

Ik krabbelde dit onmiddellijk in mijn notitieboekje. Ik vond dat het de meest onbedoeld rake opmerking was die een voetballer ooit heeft gemaakt. Brazilië kent vele ‘waarheden’. Dit boek is mijn zoektocht naar de ‘ware waarheid’ van het Braziliaanse voetbal. Ik hoop dat u er blij mee bent. Alex Bellos

10


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 11

HOOFDSTUK

1

Wedstrijd aan het einde van de wereld

Vanuit zijn raam in het dorp Toftir kijkt Marcelo Marcolino uit op een besneeuwde helling, die in sombere mist gehuld is. Hij klaagt dat het altijd hetzelfde is, dat de ijzige naargeestigheid nooit door een regenboog of een heldere hemel verzacht wordt. Buiten waait een meedogenloze, ijskoude wind. De straten zijn verlaten. Marcelo gaat sowieso niet graag naar buiten; het grootste deel van de dag kijkt hij satelliettelevisie in talen die hij niet begrijpt. Marcelo wilde altijd al voetballer worden. Sinds zijn jeugd in Copacabana was dat altijd zijn droom geweest. Misschien voor Flamengo, zijn favoriete club in Rio de Janeiro. Of zelfs voor hun rivalen van Fluminense, waar zijn vader ooit had gespeeld. Nooit had hij zich voorgesteld dat hij zijn beroep zou gaan uitoefenen in dit barre noordelijke deel van de Atlantische Oceaan, waar de gemiddelde zomertemperatuur bijna tien graden lager is dan die van de Braziliaanse winter. Waar hij ooit per vissersboot naar een uitwedstrijd reisde. De Faerøereilanden liggen halverwege Schotland en IJsland. Ze zijn waarschijnlijk voor het eerst ontdekt door de Ierse monnik Sint-Brandaen, die er in het begin van de zesde eeuw langs zeilde. Sint-Brandaen zocht naar Hy-Brazil, het mythische Eiland van de Gezegenden en volgens sommige wetenschappers de oorsprong van de naam Brazilië. Anderhalf millennium later is de Faerøer ontdekt door reizigers uit de tropen die de andere kant op gingen. Zij hebben hun eigen bittere paradijs gevonden. Marcelo hoorde voor het eerst van de Faerøer toen het aanbod van Toftirs B68 hem bereikte. Hij haalde zijn visum op bij het Deense consulaat in Rio de Janeiro. Ze zeiden dat hij een jas moest meenemen. Dat was niet genoeg. Toen hij in Kopenhagen aankwam om op een ander vliegtuig over te stappen, voelde hij de eerste vlaag kille wind. O mijn god, dacht hij, ik wil naar huis. B68 verwelkomde hem op het eiland Vágar, in het westen van de eilandengroep, de enige lokatie die gezegend is met genoeg vlak land voor een start- en landingsbaan. Toen werd Marcelo naar Toftir gereden, wat een overtocht per veerboot inhoudt en een rit van een uur langs de grillige 11


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 12

contouren van de eilanden. Hij merkte op dat het boomloze Faerøerse landschap met een witte laag bedekt was. Het was de eerste keer dat hij sneeuw zag. Zelfs voor Faerøerse begrippen is Toftir klein en afgelegen. Het dorp heeft duizend inwoners; ongeveer een twintigste van de hoofdstad, Tórshavn. Toftir is een nederzetting van een paar honderd huizen langs een winderige kustweg. De huizen zijn sobere kubussen met keurige daken. Toftir heeft geen bioscoop, restaurant of café. Het heeft een vismarkt, een visfabriek en een kerk. En een voetbalclub met drie Brazilianen. Toen ik rond de middag bij Marcelo’s huis aankwam, was hij vast in slaap. Nu, tien minuten later, is hij op, beent hij in het rond met de energie van een hyperactief kind. ‘Dit huis is mijn gevangenis,’ zegt hij. ‘Het is moeilijk. Ik ben gewend aan een andere cultuur: strand, bier, vrouwen. Hier leven de mensen niet. Je gaat niet uit.’ Marcelo is negenentwintig jaar oud en zo ziet hij er ook uit. Hij had vroeger een kaalgeschoren schedel maar heeft zichzelf voor de warmte een paar millimeter groei toegestaan. Zijn zwarte huid is lichter dan hij gewoonlijk in Brazilië is, een gevolg van de zonloze dagen in Toftir. Hij staat op een elegante manier rechtop en terwijl hij spreekt kijkt hij op je neer, met zwaaiende armen en opgezette borst. Hij heeft verwaande ogen en houdt van de klank van zijn luide stem. Zijn warme uitbundigheid lijkt onaangetast door de genadeloosheid van zijn nieuwe omgeving. Ik vraag of hij in de weekends uitgaat. ‘Niet meer,’ antwoordt hij. ‘Het kost een uur met de bus om in Tórshavn te komen, en daar is toch weinig te doen. Eerst werden we nog uitgenodigd voor feestjes, maar feestjes hier zijn meer [...] dodenwaken.’ Hij beseft dat hij zich door zijn kritiek heeft laten meeslepen. Hij kalmeert en slaat een andere toon aan. ‘Maar ik ben gelukkig. Ik klaag niet. Ik ben hier omdat ik een professional ben en ik de gelegenheid heb om geld te verdienen. In Brazilië zou ik nooit verdienen wat ik hier verdien.’ B68 traint maar twee uur per dag. In de ochtend werkt hun buitenlandse aanvaller op de vismarkt van Toftir. Hij trekt kratten met kabeljauw en zeeduivel uit kleine vissersboten de kade op. Het is niet verplicht, maar de voorzitter van B68 moedigt het sterk aan. En dat is niet verwonderlijk. De voorzitter van B68 is verantwoordelijk voor het lossen van vis op de vismarkt van Toftir. Er is heel wat vis in zee. Hij heeft alle hulp nodig die hij krijgen kan. Marcelo, een man die niet erg geneigd is om hard te werken, probeert zo min mogelijk te doen. Hij zegt me dat hij het als zijn taak ziet om doelpunten te maken. Fraaie, Braziliáánse doelpunten. Hij mag dan op de 12


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 13

Faerøer wonen, maar hij is zijn gevoel van nationale trots nog niet kwijt. Plotseling verdwijnt hij om een zilveren trofee uit zijn kamer te halen. Opschepperig laat hij hem aan me zien: ‘Hij is voor de Beste Aanvaller in de Faerøerse Competitie van 2000. Vorig seizoen had onze topscorer zestien doelpunten. Ik had er vijftien. Maar bij zijn doelpunten zaten een hele hoop strafschoppen. Ik ben zoveel beter dan hij, maar hij is een maatje van de coach.’ Marcelo vindt het prettig om een tropische vis te zijn in een kleine noordelijke zee. ‘Ik ben hier koning,’ zei hij. ‘Er is niemand hier die kan wat ik kan.’ Hij weet ook dat hij zijn droom aan het waarmaken is, ondanks de ellendige werkelijkheid. Iedere Braziliaan wil in Europa spelen. ‘Wanneer ik terugga naar Rio, word ik anders behandeld,’ pocht hij. ‘Alsof ik bij het koninklijk huis hoor. De mensen weten dat je een belangrijk persoon bent. Niemand anders uit mijn buurt heeft in Europa gespeeld. Als je zegt dat je voor een kleine Braziliaanse club speelt, lachen ze je uit, alsof zo’n team niets voorstelt. Brazilianen hebben meer respect voor je als je in Europa speelt. Ze kijken met andere ogen naar je.’ Hij zwijgt weer even en voegt er dan aan toe: ‘Ik zal mijn kleinkinderen kunnen zeggen dat ik iemand geweest ben.’ Wie niet naar de scheepsberichten luistert of kabeljauw importeert, heeft weinig reden om zich bewust te zijn van het bestaan van de Faerøer, een autonoom deel van Denemarken met 47 000 inwoners. De geïsoleerde eilanden hebben een van de kleinste voetbalcompetities van Europa en de nationale ploeg is een van de zwakste van dit werelddeel. Een overwinning van 1-0 tegen Luxemburg ontketende een nationale euforie. Ik spreek met Niclas Davidsen, de voorzitter van B68. Hij heeft de tweedimensionale uitstraling van een pop van bordkarton. Hij heeft altijd zijn handen tegen de kou in zijn zak. Wanneer hij spreekt, fluistert hij, schijnbaar zonder zijn lippen te bewegen. Zijn rode, verweerde gelaatskleur wordt alleen gecompenseerd door de warmte van zijn rossigblonde baard en zijn mooie blauwe ogen. Hij nodigt me uit bij hem thuis. We zitten in zijn woonkamer, waar een foto van de Suikerbroodberg in Rio aan de muur hangt. Niclas vertelt me dat B68 een pioniersclub is. Hij zet een video op om me te laten zien waarom. Het verhaal begint op 12 september 1990, een dag die, zo bazuint het commentaar, ‘lang in de herinnering van de Faerøerders zal voortleven’. De Faerøereilanden spelen in Zweden hun inter13


Sambavoetbal 09-04-2014 10:07 Pagina 14

nationale debuutwedstrijd en verslaan Oostenrijk met 1-0. Toen de ploeg terugkeerde werden de spelers als helden verwelkomd, in taferelen die meer deden denken aan de ‘straten van Zuid-Amerika dan aan bezadigde noordelijke Atlantische eilanden’. Niclas zit in opperste fascinatie te kijken, hoewel hij de video al meer dan honderd maal gezien moet hebben. De Faerøer kon niet thuis spelen omdat ze geen stadion hadden dat aan de internationale vereisten voldeed. Dus bracht Niclas 2 miljoen euro bijeen om het terrein van B68 te verbeteren. Het was een gecompliceerd karwei. Toftir heeft geen vlak land. Ingenieurs hadden vijftig ton explosieven nodig om de heuvelachtige rotsklomp op te blazen die achter het dorp verrijst. Een jaar lang werkten de arbeiders tien uur per dag, zes dagen per week, totdat het afgelegen Toftir het nationale stadion van de Faerøer had, met een capaciteit van achtmaal zijn inwoneraantal. De video is afgelopen. Niclas kijkt me aan. Toen, zegt hij, had B68 alleen nog een paar goede spelers nodig. Er verscheen hulp in de vorm van een IJslandse vriend, Páll Gudlaugsson, die vroeger coach van de Faerøerse nationale ploeg was geweest. Páll belde Niclas op en zei dat hij naar Rio vloog om een paar Brazilianen te engageren. Wilde Niclas meedoen? 14


Futebol/fotokatern (8pgs) 09-04-2014 09:50 Pagina 7

Voor hem en haar Boven: Wattenstaafje ontspant zich in het gezelschap van twee bewonderaarsters bij het WK van 1998 in Parijs. Midden: Een jonger Wattenstaafje in 1990 in ItaliĂŤ. Onder: Guilhermino, een van de boegbeelden van de Fluminense-supporters. Tientallen jaren lang bestrooide hij zichzelf en zijn fans met talkpoeder.


In Brazilië is voetbal dé nationale passie. Het is een onlosmakelijk onderdeel van de Braziliaanse cultuur. Een wereldkampioenschap in Brazilië moet dan ook wel een groot feest zijn. Journalist en schrijver Alex Bellos schrijft in dit boek over alle facetten van het Braziliaans voetbal: de beroemde elftallen, de verwevenheid met politiek, de rol van het geloof, de Braziliaanse manier van voetballen en het dagelijks leven met voetbal. Met veel oog voor detail vertelt Alex Bellos het verhaal achter grote spelers als Pelé, Socrates, Garrincha, Romário en Ronaldo en de belangrijkste historische wedstrijden. Ook laat hij de bevolking aan het woord en komt op de vele veldjes waarop in arme wijken wordt gevoetbald. Beleef met dit boek de kleurrijke Braziliaanse voetbalcultuur.

Alex Bellos was vijf jaar correspondent voor The Guardian en The Observer in Zuid-Amerika. Met het oog op het WK voetbal 2014 maakte hij het boek helemaal up-to-date.

www.kosmosuitgevers.nl

Samba voetbal.indd 1

NUR 489 Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen

Alex Bellos

Sambavoetbal

‘... een scherpzinnig verslag van het spel zoals het in Brazilië, maar ook in andere landen door Braziliaanse spelers wordt gespeeld … met vele zijsprongen naar de Braziliaanse cultuur met haar hedonisme, geloof en wonderbaarlijke absurditeiten.’ – The Guardian

Samba voetbal Beleef de Braziliaanse voetbalcultuur

WK Voetbal 2014

Alex Bellos

11-04-14 14:22


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Inkijkexemplaar Sambavoetbal by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu