


























![]()





























Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen


Hoi, daar ben ik weer, Teun Bots, uit Steentjesdorp. Met mijn tweede plakboek. Het gaat over wat er in de herfstvakantie gebeurde op het kartcircuit van ZOTTEKEI. Dat ligt in BELGIË en daar hebben Vlam en ik onze eerste buitenlandse wedstrijd gereden. In een duokart in een Kwistenbiebelrace. Dat is Vlaams voor MAFKETELRACE.
Die race liep helemaal uit de hand.
Dat circuit is hartstikke moeilijk en we kwamen stomme oude bekenden tegen en de finale werd een ramp en het is gewoon een wonder dat we allemaal nog leven.
Maar we hebben nu wel een superleuke Belgische vriendin die altijd bij ons mag logeren. Liefst met haar bompa, zegt oma. Dat is Vlaams voor opa.
En weet je wat nog leuker is? Mijn vader heeft laten zien dat hij een echte Bots is! Terwijl hij helemaal niet van karten houdt en volgens oma al zijn hele leven nog langzamer is dan een slak in winterslaap. (Dat wist je misschien niet, maar slakken gaan in winterslaap.)
Een verslaggever van De Gazet van Zottekei (dat is een krant) beweerde zelfs dat mijn vader d’n besten Bots was, maar dat vond oma te ver gaan.
‘Een halve dan,’ zei ze met tegenzin. ‘Een echte Bots heeft een spleetje tussen zijn tanden.’
Vlug maakte mijn vader toen met een watervaste stift een halve voortand zwart en zo gingen we op de foto. (Dat met die stift had hij al de hele week gedaan, hij is echt grappig.)
De foto zie je op de volgende bladzijde.

oma (monteur)


Team De Gierende Band (zo heet onze garage)

badmuts (die draagt ze altijd, dan krijgt ze geen olie in

(






tatoeage
oma (strontfanatiek)





















oma (in kart)
Ramseshelm
oom Engin (leukste oom van de wereld)








tatoeage

ik (Teun)













(mijn stoere nichtje. Ik doe alles met haar) Vlam







papa (géén slapende slak)
badmutshelm













Het weekend voor de herfstvakantie belde Ramses Ralf ineens op. We waren allemaal in de garage. Ik had net een band verwisseld, oom Engin stond met zijn hoofd onder een motorkap, oma lag op een plankje aan een uitlaat te sleutelen en Vlam probeerde een bandenstapel te maken tot het plafond.
‘Pak jij hem even, Teun,’ zei oom Engin. ‘Misschien is het een belangrijke klant.’
‘Alle klanten zijn belangrijk!’ riep oma van onder de auto.

‘Maar niet even leuk. Misschien is het wel de koning die wil vragen of ik zijn koets wil repareren.’
‘Ja! Mag ik dan zo lang op die paarden rijden?’ vroeg Vlam opgewonden.
‘Geen paarden in mijn garage!’ riep oma.
Ik nam op. ‘Met De Gierende Band.’
‘Met Ralf Ragbak,’ zei een stem. ‘Is dit Engin?’
‘Hé, hallo! Nee, ik ben Teun. Oom Engin, het is Ralf!’
Oom Engin stak twee zwarte handen in de lucht.
‘Hij zit onder de olie, Ralf. Ik zet je op de speaker.’
Dat deed ik en Ralf klonk ineens ver weg.
Hij was ook ver weg, want hij zei dat hij in België zat.

‘Ik zit in België bij het circuit van ZOTTEKEI en ik heb jullie nodig.’
‘Amai, Zottekei met zijn LEVENSGEVAARLIJKE BOCHTEN,’ zei oom Engin. ‘Je hebt zeker je kart in de prak gereden en nu moet ik hem fixen.’
Ralf schoot in de lach. ‘Nee, ik bel omdat ik jullie wil uitnodigen voor een bijzondere wedstrijd daar. Kan iedereen me goed horen?’
Oom Engin en Vlam kwamen nieuwsgierig naast me staan en Ralf vertelde dat hij al een tijdje bezig was om kinderen enthousiast te maken voor karten. ‘Met duokarts. Zodat ze het een keer kunnen proberen, of gewoon lekker hard met hun vaders of moeders kunnen scheuren. En het wordt nóg echter als je samen wedstrijden kan racen. Dus dat probeerde ik voor elkaar te krijgen. En de kartbond is eindelijk akkoord. Volgend jaar beginnen we hier op Zottekei met een officiële DUOKARTCOMPETITIE.’
‘Ja! Wij doen mee!’ riep Vlam meteen.
‘Wacht, ik was nog niet klaar. In de herfstvakantie heb ik daarom een demonstratiewedstrijd georganiseerd. Hier in Zottekei, voor kinderen met hun ouders. We noemen het de KWISTENBIEBELRACE. We hebben al een heleboel leuke teams met jonge karters uit de buurt en ik wil Teun en Vlam ook uitnodigen.’
‘Wát?’ Oma rolde onder de auto vandaan en griste de telefoon uit mijn handen.
‘Ralf, met mij. Kunnen die kinderen serieus meedoen met een wedstrijd in Zottekei?’ vroeg ze gretig.
‘Als jullie dat willen. Ik heb gezegd dat ik twee grote talenten uit Nederland ken uit een echte kartfamilie. Een van hen heeft zelfs een eigen circuit, zei ik, die moet gewoon meedoen en dat vonden ze hier ook. Zal ik jullie inschrijven?’
‘Natuurlijk! Ik ga met papa!’ riep Vlam meteen.
‘Maar ik kan niet,’ zei ik teleurgesteld. ‘Dat doet mijn vader nooit.’
‘Natuurlijk wel. Er zijn er wel meer die het niet goed kunnen,’ zei Ralf. ‘Het is juist om het een keer te proberen.’
‘Mijn vader durft niet eens te kijken,’ zei ik.

‘O, is het zo erg. Eh… dan ga je met je oma. Dat kan ik wel regelen.’
‘Geregeld! Regel het maar!’ riep oma.
Dat klonk als een bevel en ik keek naar haar fanatieke gezicht en kreeg meteen pijn in mijn buik. Als je met oma in één kart ging, kon je net zo goed meteen naar het ziekenhuis rijden.
Beter één ritje in een ziekenauto dan tien in een kart (met oma)
Vlam dacht alleen maar aan een beker. ‘Kunnen we dan een Belgische beker winnen?’ vroeg ze opgewonden.




‘Zeker. Dat wordt de eerste KWISTENBIEBELTROFEE van Zottekei en de eerste DUOKARTKAMPIOENSBEKER ter wereld. En de winnaar mag kiezen hoe de trofee voortaan gaat heten. Net als bij De Grote Prijs van Steentjesdorp, dat heb ik daarvan afgekeken. Zelfs de kartbond vond dat een grappig idee. Die sponsort de beker en we doen het heel officieel.’
‘Ik ga winnen. En dan kies ik de VLIEGENDE VLAMTROFEE,’ zei Vlam vastberaden.
‘Jammer. Teun en ik winnen al en dan mag Teun kiezen,’ zei oma.
‘Maar Teun heeft al een eigen circuit!’ protesteerde Vlam.
‘Dan kies ik ook de Vliegende Vlamtrofee,’ beloofde ik.
‘Hoor je dat, Ralf? Dubbele kansen voor Vlam,’ zei oma. ‘Schrijf ons alle vier maar in en dan…’
‘Stop!’ zei oom Engin ineens. ‘We vergeten iets. Ik ben voor eeuwig gediskwalificeerd. Ik mag van de kartbond nooit meer een wedstrijd karten. En als het allemaal zo officieel is…’
‘Dat was in Nederland. En wie weet dat nou nog,’ snoof oma. ‘Toen schreef je vroeger nog met een LANGE OE.’
‘Hoe klonk dat dan?’ vroeg Vlam nieuwsgierig.
‘Vroeoeoeoeger. Dat betekent heeeeeel lang geleden. Dus dat is verjaard. Dat betekent dat iedereen het is vergeten en heeft vergeven.’
‘Mee eens,’ zei Ralf. ‘Bovendien gaat die duokartwedstrijd helemaal niet om de ouders. Het is een kinderwedstrijd, kijk maar op hun website. Dus ik schrijf jullie gewoon in. En niet vergeten: ik wil mijn Ramseshelm daar zien rijden!’
‘Gaan we regelen!’ riep oma.
‘Ja, we regelen alles!’ riep Vlam.
Oom Engin schudde zijn hoofd. ‘Ik heb niks te vertellen, Ralf. De Botsen komen naar Zottekei. De garage kan wel een paar dagen dicht en dan maken we er een kartvakantie van.’
Ralf beloofde dat hij een huisje voor ons in Zottekei zou regelen en oma zei ‘Doei’ en hing op.
En toen was kennelijk met één telefoontje geregeld dat ik met oma in een duokartwedstrijd moest rijden op een levensgevaarlijk circuit.
‘Wat betekent Kwistenbiebelrace eigenlijk?’ vroeg ik.
‘Een RACE VOOR MAFKETELS,’ zei oom Engin. Ik kreeg meteen de zenuwen.
Zo ben je Teun Bots en zo ben je een mafketel





























Allez! De familie Bots gaat naar het Belgische Zottekei! Daar doen Teun en Vlam met hun vaders mee aan de eerste officiële duokartwedstrijd. Maar Teuns vader durft niet sneller dan een SLAPENDE SLAK en oom Engin is vroeger


VOOR EEUWIG GEDISKWALIFICEERD. Als in Zottekei ook nog oude vijanden opduiken, zijn de rapen gaar. Welk team wint de felbegeerde Kwistenbiebeltrofee?

KLAAR VOOR DE START… AF!



Scheur mee met de familie Bots en hun nieuwe Vlaamse vrienden in een verhaal vol messcherpe bochten, sabotage en bloedneuzen met een LANGE OE.













Al 25 jaar laat Tosca Menten kinderen schateren van het lachen. Haar boeken zijn verfilmd, vertaald en bekroond met o.a. de Prijs van de Nederlandse Kinderjury. Ze zitten boordevol spannende avonturen en knotsgekke grappen.





Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen www.kosmosuitgevers.nl





