Skip to main content

Olde Heuvelt, Thomas - Echo (proloog)

Page 1

echo thriller

over hex:

‘briljant en volstrekt origineel’ st eph en king

 ‘gruwelijk goed’ de volk skr ant


1 2 3 4 5 6

echo

7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29

uitgeverij luitingh-sijthoff

30

Echo zetklaar.indd 3

4/04/2019 15:16:44


1 2 3 4 5 6 7 8 9

It happens fast for some people and slow for some, a­ ccidents or

10

gravity, but we all end up mutilated.

11

– Chuck Palahniuk, Invisible Monsters

12 13

Battle not with monsters, lest ye become a monster, and if you gaze

14

into the abyss, the abyss gazes also into you.

15

– Friedrich Nietzsche, Beyond Good and Evil

16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30

Echo zetklaar.indd 6

4/04/2019 15:16:44


1 2 3 4

PROLOOG

5 6

Something Wicked This Way Comes:

7 8

Wat er met Julia Avery gebeurde

9 10 11

But three, now, Christ, three A.M.! The soul is out. The blood

12

moves slow. Sleep is a patch of death, but three in the morn, full

13

wide-eyed staring, is living death! You dream with your eyes open.

14

– Ray Bradbury

15 16 17

1

18 19

Julia ziet de mensen in het trapgat als ze ’s nachts moet plassen. Ze

20

staan daar in het donker en staren roerloos naar haar omhoog, alsof ze

21

op haar hebben gewacht. Haar linkervoet staat dan al op de bovenste

22

trede en ze maakt juist aanstalten haar rechter op de volgende te plaat-

23

sen, maar haar vingers klemmen zich krampachtig om de leuning en ze

24

stokt. Natuurlijk stokt ze, want ineens dringt het tot haar half wakende

25

brein door: er staan daar mensen in het trapgat, en ze staren roerloos

26

naar haar omhoog.

27

Even tevoren is ze wakker geschrokken. Het bedlampje verjaagt de

28

schimmen uit het chalet, maar buiten giert de wind met zo’n naargees-

29 30

7

Echo zetklaar.indd 7

4/04/2019 15:16:44


1

tig gehuil om het dak dat de luiken trillen en de balken kraken. Het

2

geluid van de wind wekt bij Julia instinctief een gevoel van onheil, een

3

vertróúwd gevoel van onheil. Het brengt haar terug naar Huckleberry

4

Wall, dat afbrandde in precies zo’n zelfde storm. Dat was vijftien jaar

5

geleden in de Catskills en dit is nu en duizenden kilometers van huis in

6

de Zwitserse Alpen, maar wanneer ’s nachts de sneeuw tegen de ramen

7

plakt en de wind aanzwelt is iedere berghut hetzelfde. Creepy as fuck

8

en volkomen afgesneden van de wereld. Ze grijpt onder haar kussen naar haar iPhone. 1:15 uur, geen berich-

9 10

ten van Sam. Dammit. Ze wordt wee vanbinnen.

11

Ze slaat het dekbed terug en haar lichaamswarmte, vastgehouden

12

door het dons, verwaait in de tocht. De kou van de nacht hangt op

13

zolder. Het is die tocht, wervelend door het chalet als een echo van

14

de storm, die haar eerder die avond ervan heeft weerhouden een vuur

15

aan te steken. Ze beeldt zich in dat die tocht als zij slaapt leven in de

16

kooltjes zal blazen, gloeiende asdeeltjes op het tapijt laat warrelen en

17

de gordijnen in brand zal steken. Vijftien jaar geleden was haar grote

18

broer er geweest om haar te wekken voor ze in de rook kon stikken –

19

zij zes, hij negen – maar de laatste keer dat hij vanavond heeft gebeld

20

is om iets voor halfelf, als hij vastzit op de snelwegen rondom Bern. De

21

sneeuwploegen doen hun uiterste best, zegt Sam over de wegvallende

22

verbinding, maar sneller dan stapvoets komt hij niet vooruit en het

23

ergste deel in de bergen moet nog komen. Dat wil zeggen, als de weg

24

door het dal nog open is. Misschien heeft hij het opgegeven en een ho-

25

tel gepakt. Dat hoopt Julia eigenlijk, want Sam staat onder veel te veel

26

spanning en ze is als de dood dat hij van de weg raakt en een ongeluk

27

krijgt. Ze hoort dat het meer is dan alleen ongerustheid in zijn stem,

28

wanneer hij haar smeekt op de uitkijk te blijven voor Nick... en voor

29

hem op haar hoede te zijn.

30

8

Echo zetklaar.indd 8

4/04/2019 15:16:44


Alleen is het nu bijna drie uur later en heeft hij niets meer laten horen.

1

Van Nick is er geen teken geweest. Ook Julia is inmiddels meer dan

2

ongerust. Ze is bang.

3

Op blote voeten loopt ze over de plinten, die kraken onder haar gewicht, om de steunmuur heen naar het voorportaal. Naar het trapgat.

4 5

Dat trapgat. Het leidt regelrecht het donker in.

6

Er zit een lichtknopje, maar nog voor ze ernaar kan tasten staat ze

7

op de bovenste trede en ziet ze de mensen onder aan de steile trap om-

8

hoogstaren.

9

Het zijn nauwelijks meer dan silhouetten, zwart tegen zwart, maar

10

ze voelt hun blikken op zich gevestigd, voelt het doelbewuste in hun

11

aanwezigheid. Zes, zeven gedaantes, samengedrongen in het trapgat,

12

roerloos.

13

Ze begrijpt onmiddellijk dat dit geen indringers zijn; daarvoor is het

14

chalet te afgelegen, de nacht te onvergeeflijk. Ze begrijpt ook, ingegeven

15

door primitief overlevingsinstinct, dat ze het licht niet mag aandoen. In

16

het licht zullen de mensen in het trapgat niet meer zichtbaar zijn – en

17

hen niet zien, terwijl ze weet dat ze daar zijn, is erger dan ze wĂŠl zien.

18

Veel erger.

19

De kou die haar omvat als ze terugloopt naar het bed is meer dan een

20

fysieke kou. Het is een kou in haar ziel, zo elementair dat ze zich schrap

21

moet zetten tegen de kracht waarmee hij bezit van haar neemt. Een plint

22

onder haar voet kraakt als een geweerschot en ze krimpt ineen, springt

23

in bed en trekt het dekbed op tot aan haar kin. Met opengesperde ogen

24

staart ze naar het nabeeld van de schaduwen op haar netvlies, te verlamd

25

om zich af te vragen wat ze nu moet doen.

26

Het trapgat is vanuit hier onzichtbaar.

27

In de veiligheid van haar bed dringt langzaam de o-zo-voor-de-hand-

28

liggende verklaring tot Julia door: ze heeft het gedroomd. Natuurlijk.

29 30

9

Echo zetklaar.indd 9

4/04/2019 15:16:44


1

Die mogelijkheid omarmt ze met een iets te gretige overtuiging, maar

2

de logica is onweerlegbaar. Ze is wel degelijk uit bed gestapt – ze voelt

3

de kou op haar voetzolen tenslotte nog steeds – maar haar half slapen-

4

de geest heeft haar dingen laten zien die er niet zijn. Schaduwen op de

5

overloop vervormd tot menselijke gedaantes, een slaapdronken projectie

6

van haar angst.

7 8

Je was wakker genoeg om je rationeel af te vragen waar Sam is. Wakker genoeg om serieus bang te zijn. Die gedachte verdringt ze. Er staan daar echt geen mensen in het

9 10

trapgat. Ze is alleen in het chalet. Ze weet nog dat ze de grendels op

11

de deuren heeft geschoven voordat ze naar boven ging. Want ze heeft

12

inderdaad op de uitkijk gezeten, zoals Sam heeft gevraagd. Niet bij een

13

haardvuur dus, maar met de elektrische kachels aan en een deken om

14

haar schouders geslagen, terwijl ze zich gewoon probeert te maken met

15

de vreemde geluiden van het huis. Het lijkt te leven. De koekoeksklok

16

tikt zijn hartslag. Het hellende dak kreunt onder het gewicht van de

17

sneeuw en af en toe schuiven hele ladingen naar beneden.

18

Het ergst is het huilen van de storm. Er gaat een onweerstaanbare

19

aantrekkingskracht van uit. Steeds weer moet ze haar warme plekje op

20

de bank inwisselen voor de kille voordeur, waar ze door het raampje

21

tuurt. De sparren zijn nauwelijks te onderscheiden in de sneeuwjacht,

22

laat staan de bergruggen of het weggetje dat langs de beek terugleidt

23

naar het dorp. Het chalet staat geïsoleerd aan het eind van een doodlo-

24

pend dal. Boven haar ligt alleen het stuwmeer en daarachter de verra-

25

derlijke gletsjer. Haar hand ligt rusteloos op de deurklink, alsof ze even

26

overweegt de nacht in te gaan. Om kwart over elf besluit ze dat Nick

27

onmogelijk daarbuiten kan ronddwalen, niet met dit weer. Ze checkt de

28

sloten, luistert naar het vreemde tikken van de kachels wanneer ze die

29

heeft uitgezet en dooft de lichten. Sam belt haar wel wakker, mocht hij

30

10

Echo zetklaar.indd 10

4/04/2019 15:16:44


toch nog thuiskomen. Dat zou Julia bepaald niet erg vinden.

1

Maar er kan dus niemand anders in huis zijn. Ze is alleen met de

2

wind. De benedenverdieping is leeg.

3

Alleen... vóélt het huis niet leeg.

4

Onzin natuurlijk.

5

Het enige wat ze hoeft te doen om zichzelf daarvan te overtuigen, is

6

een kijkje nemen.

7

Natuurlijk hoeft ze zichzelf nergens van te overtuigen, en ze hoeft

8

zich al helemaal tegenover niemand te bewijzen. Maar ze moet tenslotte

9

nog steeds plassen.

10

Gewapend met haar iPhone in de hand stapt Julia uit bed en loopt geluidloos om de steunmuur heen.

11 12

Daar is het trapgat. Als een put in de houten vloer.

13

Ze moet helemaal tot de rand lopen om erin te kunnen kijken en toe-

14

gegeven, dat wil ze niet. Ze wil niet dat de enige weg naar de badkamer

15

door dat donkere gat leidt. Dus blijft ze staan. Luistert naar het tikken

16

van de koekoeksklok op de benedenverdieping.

17

Ze steekt haar nek uit, maar haar blik reikt niet verder dan de bovenste trede.

18 19

Je stelt je aan. Niets is minder eng dan een leeg huis.

20

Julia haalt diep adem en stapt snel naar voren – dat is de enige manier

21

om het te doen. Ze ziet het pas als ze recht boven het trapgat staat en

22

als haar blik zich vastgrijpt aan wat daar beneden is te zien, wordt de

23

koude lucht met geweld in haar lichaam gezogen en vertraagt de wereld

24

met een extreme schok. Haar longen zwellen op als ballonnen voor de

25

schreeuw die binnenin haar groeit, maar het is of de lucht niet meer kan

26

ontsnappen, want als ze haar handen voor haar mond slaat is er alleen

27

een afgeknepen gepiep te horen.

28

De mensen in het trapgat staan er nog.

29 30

11

Echo zetklaar.indd 11

4/04/2019 15:16:44


1

Ze zijn dichterbij gekomen.

2

Allemaal hebben ze hun gezicht opgeheven en staren ze haar recht

3

aan. Het afschuwelijke is dat ze recht bij haar naar binnen staren. Op

4

hun gezichten ligt de bevroren stilte van krankzinnigheid. De voorste,

5

een lange, magere vrouw in het zwart en met een bijna doorschijnend

6

bleke huid, staat roerloos op de derde trede. Ze wordt op de voet ge-

7

volgd door een dikke man in een groezelig wit hemd. De anderen daar-

8

achter zijn schimmen. Volkomen verlamd staart Julia terug. Het duurt lang voordat ze met

9 10

zekerheid kan zeggen dat de mensen in het trapgat meer zijn dan een

11

stilstaande dia of een levenloos nabeeld, maar dan ziet ze de wijsvinger

12

aan de rechterhand van de vrouw en de donkere, paarszwarte huid

13

onder haar oogleden trillen. Haar ogen zijn groot, krampachtig fel en

14

geconcentreerd, en vol haat. Ze heeft het gezicht van een psychopaat

15

die op het punt staat te schreeuwen. Als dat gebeurt, zal het breken en

16

in scherven van haar af vallen.

17

Eindelijk krijgt Julia adem. Lucht perst zich in een serie korte, hij-

18

gende kreetjes uit haar longen. Tranen springen haar in de ogen. Ze

19

voelt hitte achter haar jukbeenderen en een knetterende steek in haar

20

hersenen, als elektriciteit. Dat zijn de stoppen die doorslaan, denkt ze

21

heel rationeel.

22

Op benen die niet langer als benen voelen rent ze terug naar het bed.

23

De veren kraken als ze erop springt. Zo zit ze daar, rechtovereind, het

24

dekbed met een verkrampte hand tot haar middel opgetrokken, de an-

25

dere klauwend in haar gezicht tot het pijn doet. De pijn is goed, maakt

26

haar hoofd helder. Als ze haar hand weghaalt blijven er halvemaantjes

27

van bloed achter op haar rechterwang en neusvleugel.

28

Er kraakt een trede.

29

Haar blik is vastgepind op het stuk van het voorportaal dat ze om de

30

12

Echo zetklaar.indd 12

4/04/2019 15:16:44


steunmuur kan zien. Het is leeg, maar het trapgat ziet ze niet. Ze kijkt

1

bliksemsnel over haar schouder, alsof ze verwacht iemand achter haar

2

te betrappen. Er is niemand.

3

Die vrouw. Dat gezicht.

4

Waarom keek het haar aan met zoveel haat?

5

Ze swipet de vergrendeling van haar iPhone en zoekt met trillende

6

vingers tussen de recente oproepen naar de bovenste, het nummer van

7

Sam. Als ze Sams stem hoort hoeft ze niet meer bang te zijn. Dan zal

8

haar nachtmerrie uit elkaar spatten: met Sams stem in haar oor zullen

9

er geen mensen in het trapgat staan.

10

Het duurt een eeuwigheid eer er een signaal is en de telefoon overgaat.

11

De verbinding stoort. Het stormt niet alleen om het dak maar ook op

12

de lijn.

13

Neem op. Kom op, kom op, kom op...

14

Voicemail. Ze jammert verslagen en probeert het nog eens.

15

Als er opnieuw een trede kraakt gilt ze geluidloos.

16

Bij de derde poging wordt er opgenomen.

17

‘Julia!’

18

‘Waarom nam je niet op?’

19

‘Sorry, het is linke soep hier op de weg. Moest ’m even aan mijn kop-

20

telefoon linken. Heb je nieuws?’

21

‘Ik... nee.’ Niet het nieuws waar hij op wacht. Ze voelt zich stom, wat

22

moet ze zeggen? Dat ze in slaap is gevallen tijdens de wacht? Dat ze bang

23

is om alleen te zijn, dat ze bang is dat ze nu níét alleen is? Ze wil dat híj

24

praat, dat zijn stem alles beter maakt. ‘Waar ben je?’

25

‘Onderweg. Zussie, is alles goed? Je klinkt gek.’

26

Ze luistert naar geluiden vanuit het trapgat, maar er is alleen stilte.

27

‘Ja,’ zegt ze uiteindelijk. ‘Ik word alleen gek van die storm. Hoelang

28

duurt het nog voordat je er bent?’

29 30

13

Echo zetklaar.indd 13

4/04/2019 15:16:44


1

‘Ugh, als ik dat eens wist. Dit geloof je niet: ik rij achter een sneeuw-

2

ploeg aan! Dat is de enige manier waarop ik vannacht nog omhoog kon.

3

Voorbij Bern losten alle files op, maar ook alleen maar omdat niemand

4

het nog in zijn hoofd haalt de weg op te gaan. Er is een weeralarm

5

afgegeven voor heel West-Zwitserland en in de bergen is het lawinege-

6

vaar verhoogd naar vier, vannacht waarschijnlijk vijf. Ongelofelijk, op

7

sommige stukken is er werkelijk geen hand voor ogen te zien. Ergens

8

voor Montreux raakte ik in een slip. Ik had pure mazzel dat er geen

9

vrachtwagen naast me zat, want ik schoof gewoon schuin over de weg

10

naar de vluchtstrook voor ik hem weer onder controle kreeg. Daarna

11

werd het iets beter omdat ze strooien, maar hier valt niet tegenop te

12

strooien. Echt, het is wel indrukwekkend wat een materieel die Zwitsers

13

inzetten om...’

14

Met de telefoon tussen haar schouder en oor geklemd staat ze op.

15

Ze voelt de plotselinge urgentie om nu te gaan kijken, met zijn veilige

16

stem die doorratelt, zodat zij zich ervan kan vergewissen dat er daar

17

niemand is, dat het in orde is om naar de wc te gaan. Ze mag zich dan

18

gedragen als een klein kind, maar met de stem van haar grote broer in

19

haar oor is ze...

20 21

O jesus fuck-fucking-fuckery-fuck! De telefoon glijdt van haar schouder en klettert tegen de plinten van het voorportaal.

22

De bleke vrouw in het zwart steekt tot haar middel uit het trapgat.

23

Opnieuw staat ze roerloos, maar haar schouders en hoofd zijn zo ge-

24

draaid dat ze Julia recht aanstaart.

25

Zonder adem te halen struikelt Julia voorover om haar telefoon op te

26

rapen. Daarvoor moet ze dichter naar het trapgat toe kruipen, en terwijl

27

ze probeert de vrouw niet uit het oog te verliezen ziet ze vingers over de

28

rand van het trapgat geklemd. Dikke vingers van mannenhanden.

29 30

14

Echo zetklaar.indd 14

4/04/2019 15:16:44


‘... Hallo? Hallo? Ben je daar?’ Sams stem klinkt blikkerig als ze de iPhone naar haar oor brengt. ‘Julia?’

1 2

‘Ja, ik ben er.’ Op een of andere manier slaagt ze erin haar stem kalm

3

te laten klinken. Hol, dood, maar kalm. Sam zal niets aan haar merken.

4

Ze kijkt op en krijgt de grootste schok tot nu toe.

5

De vrouw met de uitpuilende, starende ogen staat nu náást het trap-

6

gat, pal voor haar. De dikke man in het groezelige hemd staat op een

7

van de bovenste treden naar Julia te kijken en een derde, mager gezicht

8

is achter hem verschenen. In dat ene ogenblik dat haar blik over het

9

display van haar telefoon gleed hebben de mensen zich verplaatst, en

10

zij heeft het niet eens opgemerkt.

11

Annemaria koekoek.

12

Nu staan ze weer roerloos.

13

Er klinken twee piepjes in haar oor en Julia moet op haar tong bijten

14

om niet te gillen. Achterwaarts krabbelt ze door het voorportaal terwijl

15

ze de mensen in haar blik gevangenhoudt.

16

‘Julia? Julie!’

17

‘Sorry, ik... ik liet je even vallen. Praat maar door, ik ben er.’

18

Ja, ze is er, maar ze begrijpt de fout die ze heeft gemaakt: ze is terug

19

in het slaapgedeelte van de zolder en kan de mensen in het voorportaal

20

niet meer zien. Dat betekent dat ze zich weer zullen verplaatsen. Dat

21

ze dichterbij zullen komen. Maar niets in de wereld kan haar ertoe be-

22

wegen terug te gaan. Op dit moment van totale ontreddering wil ze de

23

warmte en veiligheid van haar bed, omdat dat de plek is waar alle boze

24

dromen eindigen.

25

‘Anyway, toen ik dus eindelijk aan het begin van het dal aankwam

26

was al gebeurd waar ik bang voor was: de weg naar Grimentz was dicht.

27

Helemaal vanaf de snelweg. Ik heb overwogen om het er toch maar op

28

te wagen, maar je hebt zelf gezien hoe smal dat weggetje is en hoe diep

29 30

15

Echo zetklaar.indd 15

4/04/2019 15:16:44


1

die afgrond, en het zou zelfmoord zijn om...’

2

Julia voelt hoe nodig ze moet plassen. Ze trekt het dekbed op en

3

knijpt haar dijen tegen elkaar. Ze weet niet wat ze moet doen, krijgt

4

haar gedachten niet helder.

5

Waarom zegt ze niets tegen Sam? Maar ze weet het antwoord wel:

6

als ze het aan Sam vertelt, zal ze het definitief maken. Dan kan ze er

7

niet meer omheen dat er echt mensen in het trapgat staan en die realiteit

8

kan ze niet aan. Sam ratelt maar door, maar zijn woorden komen nauwelijks bij haar

9 10

naar binnen: ‘...tot dus die sneeuwploeg kwam. Ik moest schreeuwen

11

om boven de storm uit te komen, maar ik kon ze duidelijk maken dat

12

ik naar Grimentz moest. Die chauffeur, die zei dat ik gek was, dat ik

13

daarbeneden onderkomen moest zoeken, en toen moest ik wel iets be-

14

denken, dus ik zei dat mijn vriendin daarboven ieder moment kon be-

15

vallen. Dat er al weeën waren en zo. En die chauffeur me aankijken en

16

toen zei-ie dat het wel goed uitkwam dat iemand het strooizout zou

17

inrijden. Maar wel zeggen dat ik langzaam moest gaan, heel langzaam,

18

anders zou die kleine nog voor de geboorte half wees zijn.’ Hij grinnikt

19

even. ‘Ik denk dat-ie me vooral achter zich aan liet rijden omdat ik Frans

20

sprak. Anders...’

21

Opnieuw twee piepjes en opeens begrijpt ze het: haar telefoon is

22

bijna leeg. Ze kijkt op het display. Het batterijtje is rood en er staat een

23

melding in beeld: Minder dan 10% opgeladen.

24

Dat is al even geleden.

25

Julia buigt zich naar het nachtkastje en naar het stopcontact en dan

26

breekt het koude zweet haar uit. Nu weet ze het weer: ze heeft de i­ Phone

27

vanavond aan de oplader gelegd naast de bank, maar toen Sam om

28

halfelf belde heeft ze hem eruit getrokken. Daarna is ze vergeten hem

29

opnieuw erin te steken.

30

16

Echo zetklaar.indd 16

4/04/2019 15:16:44


Haar telefoon is bijna leeg en de oplader ligt beneden.

1

Als ze overeind komt vangt ze een glimp op van iets waarvan al haar

2

spieren helemaal slap worden.

3

In de schaduwen van het voorportaal. Een zwarte schaduw, don-

4

kerder dan alle andere, net achter de steunmuur. Eén hand. Eén oog.

5

Erlangs spiedend.

6

Het oog staart haar aan.

7

Tot haar afgrijzen voelt Julia haar urine langs haar dijen lopen.

8

‘... dus in een slakkengangetje omhoog. Echt, het is bar en boos. Ik heb

9

het idee dat achter ons de weg meteen weer ingesneeuwd raakt. Soms kan

10

ik door de voorruit de achterlichten van de sneeuwploeg niet eens zien

11

en ik rij nog geen tien meter achter hem. Ik heb echt geluk gehad, hij zou

12

vannacht eigenlijk niet verder gaan dan Vissoie, maar... ben je er nog?’

13

Zij, onbeweeglijk in een warme, natte plek op het matras.

14

Die vrouw, onbeweeglijk verscholen achter de steunmuur.

15

Een staring-contest: kijk niet weg, of je bent af. Maar Julia vreest voor

16

iets heel wat ergers dan ‘af’.

17

Er begint haar iets te dagen. ‘Ben je al in het dal?’ Er klinkt iets scherps

18

door in haar stem. Wie dat hoort zou het kunnen verwarren met verba-

19

zing, maar een goede luisteraar herkent de hysterie.

20

‘Ja. Dat probeer ik de hele tijd te vertellen.’

21

‘Kom alsjeblieft snel,’ fluistert ze en ze begint te huilen. Haar hele

22

lichaam schokt, maar het zijn stille snikken en Sam hoort ze niet.

23

‘Ik doe mijn best, zusje, maar ik kan niet sneller dan de sneeuwploeg. Ik schat nog veertien kilometer. Een halfuur, veertig minuten of zo.’

24 25

O god. Ze veegt de tranen uit haar ogen. Ze hebben haar zicht ver-

26

troebeld en bij het wegvegen moet ze haar ogen sluiten. Als ze ze opent,

27

ziet ze dat de mensen dichterbij zijn gekomen.

28

De vrouw staat voorop, nu helemaal vrij van de steunmuur. Schuin

29 30

17

Echo zetklaar.indd 17

4/04/2019 15:16:44


1

achter haar, de dikke man in het hemd. Zijn handen bungelen roerloos

2

langs zijn vette lijf. Daarachter, nog drie mannen, in groezelige kledij.

3

Een halfuur. Sam zal nooit op tijd zijn.

4

Als om dat te bevestigen, piept haar iPhone weer.

5

‘Ik heb Nick proberen te bellen,’ zegt Sam. Zijn stem is zachter gewor-

6

den, en op de achtergrond hoort ze het constante zwiepen van de rui-

7

tenwissers. ‘Zijn telefoon staat nog steeds uit.’ Stilte. ‘Ik ben bang, Julie.’

8

Niet huilen.

9

Niet wegkijken.

10

Zonder haar blik ook maar een tel van de mensen af te wenden, trekt

11

ze haar benen op en duwt met een grimas haar kleddernatte slip naar

12

beneden. Ze schuift naar de andere bedhelft, slaat het dekbed om en

13

trekt het met zich mee. Nou ja, ze hoeft in elk geval niet meer naar de

14

wc, dat is één zorg minder. Ze zoekt aan het voeteneind naar Sams veel

15

te grote joggingbroek die ze toen ze ging slapen heeft uitgetrappeld en

16

trekt hem aan.

17

Er zijn meer mensen bij gekomen.

18

Veel meer.

19

Ze hebben zich over de hele zolderkamer verspreid.

20

Julia begint te hyperventileren. Ze krijgt geen lucht meer. De tranen

21

springen in haar ogen, haar zicht vertroebelt. Elf, twaalf donkere mo-

22

nolieten schemeren roerloos als zoutpilaren aan de voet van haar bed.

23

Als haar focus terugkeert en de schimmen vaste vorm aannemen zijn ze

24

opnieuw dichterbij gekomen. In een stille, verstikte schreeuw krabbelt

25

Julia achteruit, tegen het eikenhouten hoofdbord op. Het voelt of er aan

26

haar haar wordt getrokken, haar ogen puilen letterlijk uit.

27

Allemaal staren ze haar aan.

28

Hoeveel dichterbij laat je ze nog komen? gilt de gedachte door haar

29

hoofd. Hoeveel dichterbij voor je bedenkt wat je eraan gaat doen?

30

18

Echo zetklaar.indd 18

4/04/2019 15:16:44


De bleke vrouw in het zwart staat nu naast het bed, ter hoogte van het

1

voeteneind. Ze is groot en vormloos, draagt een ouderwetse donkere rok

2

en een al even ouderwets wollen vest die haar de uitstraling geven van

3

een schooljuffrouw uit het begin van de vorige eeuw. Maar dat is niet

4

wat Julia het bangst maakt. Het is wat ze op haar gezicht ziet. Julia kijkt

5

naar een gezicht dat compleet is losgeslagen van de herkenningspunten

6

in haar bestaan. Daarbinnen is geen herinnering, geen bezinning. Alleen

7

wanhoop. Woede. Waanzin.

8

Sam zegt iets.

9

Met schokkende, raspende stootjes weet ze eindelijk lucht naar binnen te zuigen. ‘W-w-wat?’

10 11

‘Julia, wat is er aan de hand? Ben je aan het huilen?’

12

‘Nee, ik...’

13

‘Je bent wel aan het huilen! Zussie, wat is er?’ Ineens klinkt zijn stem

14

scherp. ‘Is er iets gebeurd?’

15

‘Kom alsjeblieft, o god,’ fluistert ze. Haar fluisteren gaat over in een

16

bevend snikken, terwijl ze de indringers in haar blik gevangen probeert

17

te houden. Ze durft niet te knipperen. Knipperen kan haar doodvonnis

18

betekenen.

19

‘Ik kom! Ik ben onderweg, dat weet je, maar ik kan niet sneller! Wat is er gebeurd?’

20 21

Eindelijk krijgt ze het over haar lippen. ‘Er zijn mensen hier.’

22

‘Wat?’

23

‘Er zijn mensen hier.’

24

Stilte. Het zwiepen van de ruitenwissers. Twee piepjes.

25

De gespannen vingers van de vrouw aan haar bed trekken samen. De

26

dode huid onder haar ooglid trilt.

27

‘Hoe bedoel je, mensen.’

28

‘In mijn slaapkamer.’

29 30

19

Echo zetklaar.indd 19

4/04/2019 15:16:44


‘Hoe bedoel je, er zijn mensen! Uit het dorp? Die mensen die vanmid-

1 2

dag uit het dorp kwamen?’

3

‘Nee, die zijn het niet. Er zijn hier mensen...’ kan ze alleen maar

4

herhalen, maar dan breekt ze los: ‘De hele kamer staat vol en ze kijken

5

naar me. O god Sam, ze komen dichterbij! O jezus. Ze komen steeds

6

dichterbij. Help me. Kom alsjeblieft nu meteen. Er is een vrouw en ze

7

kijkt naar me, ze staat naast mijn bed en kijkt de hele tijd naar me...’

8

‘Julia! O god, hebben ze ogen? Hebben die mensen ogen?’

9

Hebben ze ogen? Waarom vraagt hij zoiets? Natuurlijk hebben ze...

10

Ze knippert. Ze kan het niet helpen.

11

Julia begint te gillen, haar gezicht een uit zijn voegen getrokken mas-

12

ker van doodsangst. De vrouw zit kaarsrecht op de rand van haar bed.

13

Ze heeft inderdaad geen ogen. Ze heeft gaten als ogen. Waar haar ogen

14

moeten zijn, verdwijnen twee diepe, blinde tunnels in haar hoofd. In die

15

tunnels bulkt een gitzwarte duisternis. De dikke man heeft de plaats in-

16

genomen waar ze nog geen tel eerder heeft gestaan. Ook hij heeft blinde,

17

zwarte tunnels als ogen. De anderen drommen zich achter hem samen.

18

Blind. Starend. En allemaal op het punt te gaan gillen.

19

Julia weet niet meer hoe ze het heeft. De nachtmerrie is volledig. Ze

20

heeft het gevoel dat ze wordt gewurgd, dat de aderen binnen haar lijf

21

openspatten. Dat haar hart begint te lekken en dadelijk stil zal komen

22

te staan, omdat het zoveel angst niet zal kunnen verdragen.

23

‘Julia, maak dat je daar wegkomt!’ gilt Sam in de verte.

24

Maar hoe? Ze is volkomen verstijfd. Ze is een gevangene binnen

25

haar eigen lichaam, een gijzelaar in een cel. En die mensen, natuurlijk

26

hebben ze wel ogen. Hoe heeft ze iets anders kunnen denken? Intense

27

ogen, starende ogen, die zich boren in de hare. Of... Ze hebben geen ogen. Nee, jawel. Het schemert, ze lijkt het allebei

28 29

te zien.

30

20

Echo zetklaar.indd 20

4/04/2019 15:16:44


Julia slaat zich met beide handen in haar gezicht om zich af te wenden

1

van de waanzin die haar belaagt. Ze schreeuwt om haar broer, die te ver

2

weg is om iets te kunnen uitrichten – maar ze schreeuwt geluidloos. Er

3

komt geen klank meer uit haar dichtgeknepen keel.

4

‘Ga daar weg, nu meteen! Julia! Julia!’

5

De vrouw heeft zich naar haar toe gebogen. Vlak voor haar. De dikke

6

man heeft zijn handen op de rand van het bed gezet.

7

Met een ruk grist Julia het dekbed over haar hoofd en rolt zichzelf

8

in een cocon. Weg, weg, ze wil weg van hier. Vroeger was je onder de

9

dekens veilig. Ze herinnert het zich nog precies van haar kindertijd.

10

Dat weeë gevoel vanbinnen, als je wakker werd in Huckleberry Wall

11

en ontdekte dat het langste deel van de nacht nog voor je lag. Als de

12

storm tegen het dak beukte en de sneeuw zich ophoopte tegen de muren,

13

en je te oud was om opa en oma wakker te roepen, maar jong genoeg

14

om je het ondenkbare in je hoofd te halen: Ze zijn er niet meer. Ze zijn

15

gestorven in hun slaap. Opa en oma zijn dood en als je ze roept zullen

16

ze niet komen en ben je alleen met de storm... Als je jezelf dan in een

17

cocon rolde, was je veilig en kon je niets slechts overkomen. Dan wist

18

je: Sam is vlakbij, in het andere bed en hij waakt over je.

19

‘Sam,’ fluistert ze in haar iPhone. ‘Sam, ik hou van je. Ik heb je nodig. Kom alsjeblieft snel. Ik wil niet alleen zijn. Ik wil niet...’

20 21

De stilte is drukkend. Het dringt tot haar door. Ze kijkt op het display,

22

het is zwart. De verbinding is verbroken. Als ze de knop aan de zijkant

23

indrukt, verschijnt het icoontje van een lege batterij in beeld.

24

Opnieuw begint Julia te huilen, stil, ongecontroleerd, doodsbang,

25

maar dit keer is het een overgave. Ze voelt dat het einde nadert en is

26

zichzelf doelbewust aan het losmaken van de wereld, om het niet meer

27

mee te hoeven maken.

28

Hier, onder de dekens, is ze alleen.

29 30

21

Echo zetklaar.indd 21

4/04/2019 15:16:44


Alleen in haar cocon. Alleen in het chalet. Buiten is de storm, de

1 2

wereld.

3 4

Haar schokkende borst komt eindelijk tot bedaren. Haar voet beeft, maar houdt dan ook op. Het is stil.

5

Er drukt een gewicht op het matras.

6

Iets trekt het dekbed strak.

7

Er ligt iemand naast haar. In haar cocon. Iemand die haar omhelst

8

als een geliefde. Als een broer. Ze voelt een ijskoude hand op haar schouder. Julia sluit haar ogen en

9 10

beeldt zich in dat het Sam is, die haar vasthoudt.

11 12

2

13 14 15

Uit de Volkskrant, 9 november 2018

16 17

vrouw springt van amc, mogelijk verband dodennacht augustus

18

Van onze verslaggever Robert Feenstra

19 20

amsterdam – Een 44-jarige vrouw uit Amstelveen heeft zich gister-

21

avond van het leven beroofd door in Amsterdam-Zuidoost van het dak

22

van het Academisch Medisch Centrum te springen.

23

Wat de vrouw tot haar daad heeft bewogen is onduidelijk, maar een

24

politiewoordvoerder bevestigde dat ze in het ziekenhuis werkzaam

25

was. Het amc zelf wil geen commentaar geven tot het onderzoek is

26

afgerond.

27

Volgens berichten zou het gaan om neurochirurg Emily Wan. Wan zou

28

dienst hebben gehad tijdens de ‘Dodennacht’ van 18 augustus jl., toen

29

32 patiënten van het amc door tot op heden onbekende medische

30

22

Echo zetklaar.indd 22

4/04/2019 15:16:44


oorzaak stierven. Vorige week maakte de Onderzoeksraad voor Vei-

1

ligheid bekend dat later deze maand het eerste rapport over de zaak

2

zal worden gepubliceerd. In oktober bevestigde minister Ferdinand

3

Grapperhaus van Justitie en Veiligheid dat er geen kwade opzet in het

4

spel is geweest, nadat eerder al biochemische terreur werd uitgeslo-

5

ten. Of Wan in de zaak is gehoord kon de politie niet bevestigen. De

6

neurochirurg is de derde medewerker van het amc die sinds augustus

7

zelfmoord heeft gepleegd.

8

Wan, weduwe sinds twee jaar, laat twee jonge kinderen na.

9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30

23

Echo zetklaar.indd 23

4/04/2019 15:16:44


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Olde Heuvelt, Thomas - Echo (proloog) by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu