Skip to main content

Banner de lange dagen van castellamare mp

Page 1

i

hij werd gewekt door gekrab aan de luiken voor het raam. Hij moest dus hebben geslapen. ‘De baby komt!’ riep iemand. ‘Signor il dottore!’ In zijn verwarring dacht hij dat ze de baby van zijn vrouw bedoelden en hij stond al in een kluwen van lakens voor het raam voordat hij zich herinnerde dat ze naast hem lag te slapen. Het gezicht voor het raam, dat als een maan in het donker zweefde, was van boer Rizzu. ‘Van wie is de baby?’ vroeg de dokter. ‘Van signor il conte. Van wie anders?’ Om zijn vrouw niet wakker te maken, liep hij naar de deur. Het maanlicht op de binnenplaats gaf alles een vreemde gloed. Zelfs Rizzu zag er anders uit. De boer droeg zijn zondagse vest en das; ze zaten zo stijf dat het leek alsof hij erin genageld zat. ‘Dit moet een vergissing zijn,’ zei de dokter. ‘Ik heb niet de opdracht gekregen de baby van de graaf ter wereld te brengen.’ ‘Maar hij heeft mij zelf opgedragen u te halen.’ ‘Ik heb niet de opdracht gekregen la contessa te begeleiden bij haar bevalling. De vroedvrouw heeft haar hele zwangerschap begeleid. D’Isantu bedoelde vast dat u haar moest gaan halen.’ ‘Nee, nee, de vroedvrouw is er al. De graaf wil u er ook bij hebben. Hij zei dat het dringend was.’ Rizzu zwol helemaal op van het belang van zijn boodschap. ‘Komt u? Nu meteen?’ ‘De baby van mijn eigen vrouw kan elk moment komen. Ik ga liever niet te ver van huis.’ Maar Rizzu was niet van plan zijn missie op te geven. ‘De 13

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 13

18-05-17 16:18


baby van de contessa komt er nu aan, op dit moment,’ zei hij. ‘Ik vrees dat u geen keus hebt, dottore.’ ‘Kan de vroedvrouw het niet alleen af?’ ‘Nee, dottore. Het is... een gecompliceerde bevalling. Ze hebben u nodig, want de baby komt er niet uit zonder die zilveren, suikertangachtige dingen van u.’ Rizzu kneep zijn lippen samen omdat hij zo expliciet moest praten over dat soort zaken. Hij had geen van de bevallingen van zijn eigen negen kinderen bijgewoond en dacht liever dat ze net als Adam en Eva aan de aarde ontsproten waren. ‘Gaat u mee?’ vroeg hij nogmaals. De dokter vloekte binnensmonds, want het was duidelijk dat hij geen keus had. ‘Ik zal mijn jas en hoed pakken,’ zei hij. ‘Ik zie u over vijf minuten op straat. Bent u met uw ezelswagen of moeten we lopen?’ ‘Nee, nee, dottore, ik ben met de wagen.’ ‘Maak hem klaar voor vertrek.’ Hij kleedde zich aan in het donker. Zijn horloge gaf kwart voor twee aan. Hij pakte zijn instrumenten in: een verlostang, een stalen schaar, een paar injectiespuiten – die hij allemaal had geprepareerd voor de aanstaande bevalling van zijn eigen vrouw – evenals morfine en magnesiumsulfaat voor het geval het een noodgeval werd. Toen hij klaar was, maakte hij zijn vrouw wakker. ‘Hoe vaak word je wakker van de weeën, amore?’ vroeg hij. ‘De bevalling van de vrouw van de graaf is verdorie te vroeg begonnen en ze hebben me opgeroepen om te helpen.’ Ze fronste omdat ze wakker werd gemaakt. ‘Er zit nog heel veel tijd tussen... laat me slapen...’ Met een beetje geluk zou hij de baby van de contessa kunnen halen en op tijd terug zijn voor de bevalling van zijn vrouw. Voordat hij vertrok, stak hij het plein over en maakte de stokoude Gesuina wakker, die de vroedvrouw van het eiland was geweest totdat ze haar zicht begon te verliezen. ‘Signora Gesuina, mi dispiace,’ zei hij. ‘Wilt u bij mijn vrouw gaan zitten? Ik moet naar een andere patiënt toe, maar bij mijn vrouw zijn de weeën begonnen.’ 14

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 14

18-05-17 16:18


‘Wie is die andere patiënt?’ vroeg Gesuina. ‘Heilige Sant’Agata, is een andere arme ziel op dit godverlaten eiland soms stervende, dat je haar op zo’n moment alleen laat?’ ‘De weeën van de vrouw van de graaf zijn te vroeg begonnen en er zijn complicaties. Ze hebben een verlostang nodig.’ ‘De vrouw van de graaf, dus? En ze hebben jou gevraagd haar te helpen?’ ‘Ja, signora.’ ‘Ik heb gehoord dat je zo je redenen hebt om de baby van signora la contessa niet te willen halen.’ De oude vrouw verviel in een onheilspellend stilzwijgen. ‘Wat hebt u precies gehoord, signora Gesuina?’ Het lukte de dokter niet zijn irritatie te onderdrukken. ‘Geruchten,’ zei Gesuina. ‘Hoe dan ook, wilt u bij haar gaan zitten?’ Gesuina herpakte zich. ‘Ja, bij Sant’Agata, natuurlijk. Waar ben je, jongen? Laat me je vasthouden, zodat ik niet struikel over deze lastige keien.’ De vrouw was bijna volledig blind. Gesuina volgde hem het plein over terwijl ze de zoom van zijn jas vasthield en nam plaats op een stoel in de hoek van de slaapkamer. Hij hoopte dat zijn vrouw niet zou schrikken van de aanblik van de oude vrouw als ze wakker werd. Het was al twee uur geweest. Hij kuste haar voorhoofd en vertrok. Nog steeds vloekend ging hij op zoek naar Rizzu en zijn ezelswagen. Die verdomde graaf en zijn vrouw ook. Ze had geweigerd dat hij haar zwangerschap begeleidde en de voorkeur gegeven aan de hulp van de vroedvrouw van het eiland. Waarom werd hij dan nu met spoed om twee uur ’s nachts naar de villa geroepen? Die complicatie was waarschijnlijk slechts een gedraaide navelstreng of een buitengewoon pijnlijke wee en de verlostang was waarschijnlijk helemaal niet nodig. Ondertussen bleef zijn vrouw alleen achter, terwijl hij op hun commando naar de andere kant van de stad reed. 15

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 15

18-05-17 16:18


Rizzu stond met zijn pet in zijn handen op hem te wachten, alsof ze naar de kerk gingen. Ze klommen op zijn ezelswagen, een opmerkelijk geval in groen en geel. De beschilderde panelen vertelden de verhalen van grote veldslagen, schipbreuken en de wonderen van het eiland. De wagen was niet gebouwd voor mensen met haast. In een stilte die doorboord werd door het blauwe geraas van de zee reden ze door de slapende straten. De maan liet de palmbladeren opglimmen en verlichtte de stoffige rug van de ezel. ‘Er zijn maar twee baby’s op komst op het hele eiland,’ mompelde de dokter. ‘Die van mijn vrouw en die van de contessa, en dan komen ze uitgerekend tegelijkertijd. Wie wil er nou een medico condotto zijn?’ ‘Ach,’ zei Rizzu, die er niet echt op zat te wachten zijn mening te geven over de moeilijkheden van een plattelandsdokter. ‘Het is een dubbele zegen, nietwaar, dottore? Twee baby’s die in dezelfde nacht worden geboren: dat is nog nooit eerder gebeurd op het eiland.’ ‘Het is een dubbel ongemak.’ Ze kwamen om twintig over twee aan bij de poort van de graaf. De dokter pakte zijn jas, zijn hoed, zijn tas en zijn stethoscoop en liep in een drafje de oprijlaan op, om deze klus zo snel mogelijk geklaard te hebben. De graaf stond op wacht voor de slaapkamer van zijn vrouw in het moderne gedeelte van het huis. De gespannen blik in zijn ogen gaf hem een zweterig, reptielachtig voorkomen. ‘U bent laat,’ zei hij. ‘Ik heb u bijna een uur geleden laten roepen.’ ‘Ik ben niet gevraagd deze bevalling te begeleiden.’ Zijn geïrriteerdheid maakte de dokter openhartig. ‘Bij mijn eigen vrouw is de bevalling net begonnen; de weeën komen en gaan al een paar dagen. Het is geen goed moment om haar alleen te laten. Ik dacht dat de contessa alleen begeleid wilde worden door de vroedvrouw.’ ‘Dat was ook zo. Ik ben degene die u heeft laten komen. Carmela ligt hier; u kunt beter zelf even gaan kijken.’ 16

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 16

18-05-17 16:18


De graaf stapte opzij zodat de dokter langs zijn dikke buik kon schuiven om de kamer van de gravin binnen te gaan. De pas geïnstalleerde elektriciteit liet alles er flets uitzien. De vroedvrouw was aan het werk met een oerritme: adem in, pers, adem in, pers. Maar Carmela ademde niet in, perste niet, en hij zag dat het niet slechts een kwestie was van een gedraaide navelstreng of extreem pijnlijke weeën. Als een patiënt in dit stadium niet perste, was dat geen goed teken. Hij was niet snel bang tijdens zijn werk, maar nu trok de angst als een koude rilling langs zijn schouderbladen. ‘Daar bent u eindelijk!’ zei de vroedvrouw minachtend. Een dienstmeisje stond trillend aan het voeteneinde van het bed. Wat was haar naam ook alweer? Pierangela, hij had haar ooit behandeld voor eeltknobbels. ‘Geef me iets waarmee ik mijn handen kan wassen,’ zei hij. ‘Hoelang is de patiënt er al zo aan toe?’ ‘O god, al uren, signor il dottore!’ huilde Pierangela terwijl ze hem zeep en warm water bracht. ‘Ze heeft al een uur lang stuiptrekkingen,’ corrigeerde de vroedvrouw haar, ‘en ze is af en toe zo uitgeput dat het lijkt alsof ze niets en niemand ziet.’ ‘Wanneer zijn de weeën begonnen?’ vroeg de dokter. ‘Ik werd gisterochtend vroeg opgeroepen. Om zeven uur.’ Zeven uur. Negentien uur duurde deze worsteling dus al. ‘En het was een ongecompliceerde zwangerschap?’ ‘Helemaal niet.’ De vroedvrouw gooide een stapel papier naar hem toe. Alsof het zou helpen om nu haar dossier te lezen! ‘De contessa was de afgelopen maand aan bed gekluisterd, met opgezwollen handen en hevige hoofdpijn. Ik dacht dat u dat wist,’ mompelde ze. ‘Opgezwollen handen!’ zei de dokter. ‘Hoofdpijn! Waarom ben ik niet geroepen?’ ‘La contessa wilde het niet,’ zei de vroedvrouw. ‘Maar ú, ú had me er toch bij kunnen halen?’ ‘De dokter die signor il conte consulteert op Sicilië heeft haar 17

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 17

18-05-17 16:18


vorige week bezocht. Hij zei dat er niets aan de hand was. Wat kon ik doen?’ ‘Ze zou moeten bevallen in het ziekenhuis in Syracuse, niet hier!’ De dokter trok flink van leer tegen de vroedvrouw en de doodsbange Pierangela. ‘Ik heb de instrumenten niet om een keizersnede uit te voeren! Ik heb niet eens genoeg morfine!’ ‘Ze wilde u niet zien,’ zei de vroedvrouw. ‘Ik vreesde al voor zwangerschapsstuipen, dottore, maar niemand luistert ooit naar mij in dit soort situaties.’ Haar passieve houding maakte hem boos. ‘U had moeten vechten om haar naar het ziekenhuis te krijgen,’ zei hij. ‘U had erop moeten staan!’ Pierangela barstte los in een spontane klaagzang: ‘HeiligeGesù-en-Maria-Moeder-van-God, Sant’Agata-heilige-van-het-ongeluk-en-alle-heiligen...’ Nu hij wist wat er moest gebeuren, werden zijn handen vaster. Vroeg of laat gebeurde dat altijd. ‘Iedereen aan de kant,’ zei hij. ‘Ga water koken, haal schone lakens. Alles moet schoon zijn.’ Het water werd gebracht en de lakens werden onder het slappe lichaam van Carmela vandaan getrokken. De dokter steriliseerde een spuit, vulde hem met magnesiumsulfaat en spoot hem leeg in haar arm. Het werk leidde hem nu van taak naar taak alsof het om een soort ritueel ging, het middagangelus of het rozenkransgebed. Hij legde morfine, een schaar en een verlostang klaar. ‘Zoek een naald en draad,’ zei hij tegen de vroedvrouw. ‘Leg watten en jodium klaar. U kunt alles in mijn tas vinden.’ Carmela sprak in een moment van helderheid. ‘Ik wilde alleen de vroedvrouw erbij hebben,’ zei ze. ‘Niet jou.’ Zonder zich direct tot haar te richten zei de dokter: ‘Daar is nu niets aan te doen. De baby moet zo snel mogelijk worden gehaald.’ Hij maakte de morfine klaar en gaf haar nogmaals een injectie in haar dunne arm. Terwijl Carmela wegzakte onder invloed 18

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 18

18-05-17 16:18


van de medicijnen, pakte hij de schaar op en bereidde hij de incisie voor door hem eerst in de lucht te maken. Eén rechte snee van vijfentwintig centimeter. De lakens – waar waren de lakens? ‘Breng de schone lakens,’ beval hij. ‘Nu.’ Pierangela begon onthutst te hakkelen. ‘Alles moet schoon zijn!’ raasde de dokter, die zijn vak had geleerd in de modder en het ijs van de loopgraven in Trentino. ‘Alles. Als de stuipen haar niet fataal worden, dan is het wel een bacteriële infectie.’ Carmela, die weer even helder was, keek hem aan met een blik die scherp was van angst. Zo had hij tijdens de oorlog honderden soldaten zien kijken toen ze bijkwamen uit hun narcose. Hij legde zijn hand op haar schouder. Iets in haar veranderde door zijn aanraking, zoals hij al had verwacht. Ze hief haar hoofd op en zei met de kracht van een vervloeking: ‘Dit is jouw schuld.’ ‘Geef haar meer morfine,’ zei hij tegen de vroedvrouw. ‘Dit is jouw schuld,’ zei Carmela weer. ‘Het is jouw kind. Iedereen vermoedt het, alleen jij niet. Waarom kijk je me niet aan, Amedeo?’ Hij gaf haar een injectie zonder ook maar een blik te werpen op haar gezicht, maar hij voelde de kamer kleiner worden onder de kracht van de beschuldiging. Zodra Carmela weer was weggezakt, knielde hij neer en maakte een enkele incisie, greep de baby vast en draaide hem een kwart rond. Toen bracht hij de baby met behulp van de verlostang in één beweging ter wereld. Een jongen, en hij ademde al. Hij knipte de navelstreng door en legde hem in de armen van de vroedvrouw. ‘Ze is pas veilig als de placenta eruit is,’ zei hij. Toen kwam de hele massa er opeens uit glijden en was alles voorbij, in één grote warboel van bloed en gehuil. In de daaropvolgende minuten begon Carmela weer bij te komen, zoals hij al had verwacht. Ze hees zichzelf overeind op de vochtige lakens en vroeg om de baby. De opluchting, en de moeite die het hem kostte die te verbergen, maakten hem misselijk. Hij liep naar het raam. Hij keek de oprijlaan in die van 19

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 19

18-05-17 16:18


de voordeur van de graaf naar de weg liep. Hij zag hoe de lampen tussen de bomen bollen vormden van groen licht. Hij zag dat het uitzicht daarachter droefgeestig was: je zag alleen de kale heuvel en de zwarte, eindeloze zee. Alles was veranderd sinds de laatste keer dat hij dit uitzicht zag. De kamer was veranderd. Carmela was veranderd. Hij zou ze beiden niet meer hebben herkend. Toen hij zichzelf weer onder controle had, keerde hij terug naar zijn patiënten. Hij controleerde Carmela’s hartslag en die van de baby. Hij hechtte de snee die hij had gemaakt en smeerde alles in met jodium. Hij zag erop toe dat de placenta, de bloederige lakens, de watten en het verband werden verbrand. Toen pas stond hij zichzelf toe echt naar Carmela te kijken. Ze ging helemaal op in de baby en was zich nu niet van hem bewust. Het was vreemd te bedenken dat het lichaam dat het zo zwaar te verduren had gehad tijdens de bevalling, dat hij net in dit bed had geïnjecteerd, opengesneden en toegetakeld, de vorige keer dat hij haar had gezien ongeschonden en jong was geweest. Dit is jouw schuld, had ze gezegd. Het is jouw kind. Hij wierp een korte blik op de baby. Een flinke jongen met een bos zwart haar. Ach, in dit stadium kon de baby van iedereen zijn. Toen hij hem bestudeerde leek hij de trekken van de graaf aan te nemen: zijn dubbele kin en uitpuilende ogen. Hoe dan ook, ze had hem beschuldigd en daar ging het nu om. Een grote vermoeidheid overviel hem nu zijn werk erop zat. De graaf kwam naar de slaapkamer en Carmela werd snel gewassen en bedekt. Het was aan de dokter om de geboorte aan te kondigen. Dat deed hij met meer bravoure dan hij voelde. Hij speelde een rol en draaide het standaardriedeltje af: ‘Een prachtig kind... een sterke jongen... een geval van zwangerschapsstuipen... hoop op een goed herstel.’ De graaf inspecteerde de baby en zijn vrouw, waarop hij de dokter een knikje gaf, en hij begreep dat hij kon gaan. Nu zijn aanwezigheid niet langer gewenst was, maakte hij zijn instrumenten schoon, pakte ze in en zocht zijn weg door 20

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 20

18-05-17 16:18


de schemerige gangen van de villa naar buiten, naar het licht. De zon kwam net op, met de stille helderheid die eigen was aan de Middellandse Zee. Het was net zes uur geweest. Er kwam een figuur aanrennen tussen de palmbomen. Het was Rizzu. ‘Signor il dottore,’ riep de oude man uitgelaten uit, ‘u hebt een zoon gekregen!’ Door zijn extreme vermoeidheid drong het eerst niet tot hem door. ‘Een jongen!’ riep Rizzu weer en hij liet de duiven in de palmbomen opschrikken. ‘Uw vrouw heeft een jongen gekregen!’ ‘Cazzo!’ Hij was het helemaal vergeten. Hij rende naar Rizzu toe. ‘Het was een zeer vlotte bevalling,’ zei Rizzu, die zijn bescheidenheid liet varen. ‘Eén uur duurde het, en Gesuina zei dat ze nog had kunnen helpen bevallen met haar ogen dicht!’ De oude man dacht even na. ‘Wat maar goed was ook. Ha! God zij geloofd, en Sant’Agata en alle heiligen...’ De dokter weigerde plaats te nemen op de trage ezelswagen en begon te rennen door de ontwakende straten. De cicaden waren begonnen te zingen. In de stegen en op de pleinen viel licht. Honderd weduwen veegden honderd binnenplaatsen aan met een bruusk en on­geduldig geluid. Terwijl hij rende voelde hij het licht in hem samenballen, en ook buiten hem, zodat de hele wereld erdoor opgeladen leek te worden. De slaapkamer rook naar bloed en zware inspanning. Gesuina was rechtop ingedommeld op een stoel aan het voeteneinde van het bed. De baby sliep ook, opgekruld in de plooi van zijn moeders buik. ‘Het spijt me, amore,’ zei hij. ‘Het ging makkelijker dan ik had verwacht,’ zei ze pragmatisch. ‘Ik had er zo lang tegen opgezien, maar het was na een uur al voorbij! Gesuina en ik konden het prima af zonder jou.’ Hij veegde de laatste restjes van de nageboorte weg. Het kind was een klein, zich uitrekkend en dreinend wezentje, en zag er net zo vreemd uit als een pasgeboren kitten. Hij tilde het lichte jongetje op en inspecteerde zijn armpjes en beentjes, duwde 21

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 21

18-05-17 16:18


tegen zijn voetzooltjes, spreidde zijn vingertjes en luisterde vol trots door zijn stethoscoop naar zijn vogelachtige hartslag. De enorme vreugde die hem overspoelde maakte hem teergevoelig, poĂŤtisch zelfs. Het was heel anders om vader te zijn dan alleen maar een geliefde, dat zag hij nu wel in! Waarom had hij zo lang gewacht met het krijgen van een kind? Hij besefte dat niets anders in zijn leven er werkelijk toe had gedaan, zijn hele leven was alleen maar afgestevend op dit moment. Maar nu zat hij met het probleem van de andere baby. Tegen de middag zou het als een vuurtje het hele eiland over zijn gegaan, dankzij die heks Carmela. Het was een wonder: een tweeling geboren uit verschillende moeders, alsof het was afgesproken dat ze tegelijkertijd ter wereld zouden komen! Hij wist hoe erover gesproken zou worden. Zijn vrouw lag er net zo uitgeput bij als een marathonloper. Hij inspecteerde haar hele lichaam en bedekte haar met kusjes, meer dan hij haar had gegeven als hij niet werd gedreven door schuldgevoel. Hij wist dat er een hoop ellende zou komen: de vroedvrouw en Pierangela hadden de beschuldiging van Carmela gehoord. Een gerucht als dit zou voldoende zijn om zijn vrouw en zijn buren te veranderen in vijanden, misschien was het voor hen genoeg reden om hem van het eiland te verdrijven. Maar op dit moment liet hij alleen het licht toe in zijn binnenste.

22

De lange dagen van Castellamare 1-480.indd 22

18-05-17 16:18


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Banner de lange dagen van castellamare mp by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu