PIET CHIELENS, de coördinator van het In Flanders Fields Museum in Ieper, schreef het voorwoord voor deze editie.
‘Lees dat boek!’ – Bas Heijne in NRC Handelsblad ‘MacMillan tekent mooie portretten van politici als Smuts, Clemenceau, Wilson, Lloyd George, Atatürk of Weizmann. De auteur legt voortdurend de link met het heden. Een fascinerende oefening.’ – De Morgen ‘Een briljante mix van vertelling, analyse en soms laconiek commentaar; opgediend in een vlotte stijl en met een overvloed aan couleur locale, welgekozen citaten en treffende anekdotes.’ – Trouw ‘Magistraal (…) De grote kracht van het boek ligt in de tekening van de hoofdrol- en bijrolspelers, van de grote en kleine intriges (…) een sfeer, kortom, waarin getwist wordt over vrede.’ – De Tijd
ZES MAANDEN DIE DE WERELD VERANDERDEN Na de Eerste Wereldoorlog kwamen mannen en vrouwen uit de hele wereld in Parijs bijeen voor de vredesbesprekingen. De drie grote leiders uit die tijd, Woodrow Wilson, David Lloyd George en Georges Clemenceau, vormden het epicentrum en zaten aan de onderhan delingstafel, maar duizenden anderen kwamen ook: koningen, ministers, bankiers, militairen, juristen, economen, journalisten en lobbyisten. Margaret MacMillan schetst een beeld van de be langrijkste gebeurtenissen en hoofdpersonen van de conferentie, en toont de oorsprong van de wereld zoals wij die nu kennen.
w w w.omniboek.nl ISBN 978-94-0191-452-9 NUR 680
9 7 8 9 4 0 1 9 1 4 5 2 9
O_MacMILLAN_(verdrag)_rug54.6mm_v02.indd 1
MARGARET MacMILLAN
VREDESTICHTERS
MARGARET MacMILLAN is hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit van Toronto. Zij is de achterkleindochter van de Britse premier David Lloyd George, die aanwezig was bij de vredesonderhandelingen in Parijs in 1919. Met Vredestichters won ze onder andere de Duff Cooper Prize, de Samuel Johnson Prize voor het beste non-fictie boek en de Hessell-Tiltman Prize voor Geschiedenis.
MARGARET MacMILLAN
VREDESTICHTERS DE VERDRAGEN VAN VERSAILLES EN PARIJS
•
In 1919 was Parijs voor zes maanden de hoofdstad van de wereld. De beslissingen die daar tijdens de vredes conferentie werden genomen, waren doorslaggevend en hadden wereldwijd verstrekkende gevolgen voor de toekomst. De vredesconferentie wordt vandaag de dag vooral herinnerd om het Verdrag van Versailles, het verdrag met Duitsland dat definitief een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog. Maar de samenkomst omvatte veel meer. Ook met andere landen, zoals Bulgarije, Oostenrijk en het Ottomaanse Rijk, moesten verdragen worden gesloten. De landsgrenzen van Europa moesten opnieuw getekend worden en voor lobbyisten was het tevens een mogelijkheid om hun eigen petities op de politieke agenda te zetten, zoals het stemrecht voor vrouwen, de rechten voor zwarten, algemene ontwapening en zelfbeschikking. Margaret MacMillan beschrijft in dit magistrale boek hoe de verdragen met persoonlijke en nationale belangen, sympathieën en antipathieën gesloten werden, en hoe de geschiedkunde de vredestichters niet altijd juist heeft beoordeeld.
1919
20-12-18 19:55
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 3
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 4
Uitgeverij Omniboek Postbus 13288, 3507 LG Utrecht www.omniboek.nl Copyright © 2018, Uitgeverij Omniboek Copyright Nederlandse vertaling © 2005, Aris J. van Braam Vertaling Aris J. van Braam Deze uitgave is gebaseerd op het boek dat in 2005 verscheen onder de titel Parijs 1 91 9. Zes maanden die de wereld veranderden. Oorspronkelijk verschenen onder de titel Peacemakers: Six Months that Changed the World bij Hodder & Stoughton Ltd: Londen, 2003. Copyright © 2001, Margaret MacMillan Omslagontwerp Suzan Beijer grafisch ontwerp Omslagbeeld Getty Images: Britse premier David Lloyd George (links), Franse premier Georges Clemenceau (midden) en Amerikaanse president Woodrow Wilson (rechts), op weg naar de vredesconferentie van Versailles. Vormgeving binnenwerk Nyvonco, Heerhugowaard Vormgeving illustratiekatern en grafisch ontwerp kaarten Spaansenmedia ISBN 9789401914529 ISBN e-book 9789401914536 NUR 680 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording, or otherwise, without the prior written permission of the publisher.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 5
Voor Eluned en Robert MacMillan
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 6
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 7
Inhoud Dankwoord Over de aardrijkskundige namen
9 11
Voorwoord door Piet Chielens Inleiding
13 26
DEEL I VOORBEREIDING OP DE VREDE
Hoofdstuk 1 Woodrow Wilson komt naar Europa Hoofdstuk 2 Eerste indrukken Hoofdstuk 3 Parijs Hoofdstuk 4 Lloyd George en de delegatie van het Britse Rijk
37 53 63 73
DEEL II EEN NIEUWE WERELDORDE
Hoofdstuk 5 Wij zijn de bond van de mensen Hoofdstuk 6 Rusland Hoofdstuk 7 De Volkenbond Hoofdstuk 8 Mandaten
91 102 126 143
DEEL III WEER DE BALKAN
Hoofdstuk 9 Joegoslavië Hoofdstuk 10 Roemenië Hoofdstuk 11 Bulgarije Hoofdstuk 12 Winterpauze
155 172 185 193
DEEL IV DE DUITSE KWESTIE
Hoofdstuk 13 Straf en preventie Hoofdstuk 14 Duitsland in bedwang houden Hoofdstuk 15 Het opmaken van de rekening Hoofdstuk 16 Impasse over het verdrag met Duitsland
209 219 236 253
DEEL V TUSSEN OOST EN WEST
Hoofdstuk 17 De wedergeboorte van Polen Hoofdstuk 18 Tsjechen en Slowaken Hoofdstuk 19 Oostenrijk Hoofdstuk 20 Hongarije
267 293 309 322
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 8
8 | VREDESTICHTERS DEEL VI EEN ROERIGE LENTE
Hoofdstuk 21 De Raad van Vier Hoofdstuk 22 Italië stapt op Hoofdstuk 23 Japan en de rassengelijkheid Hoofdstuk 24 Een mes op de borst van China
341 348 379 397
DEEL VII DE LONT IN HET KRUITVAT: HET MIDDEN-OOSTEN
Hoofdstuk 25 De grootste Griekse staatsman sinds Pericles Hoofdstuk 26 Het einde van het Ottomaanse Rijk Hoofdstuk 27 Arabische onafhankelijkheid Hoofdstuk 28 Palestina Hoofdstuk 29 Atatürk en de breuk met Sèvres
425 447 464 497 516
DEEL VIII DE AFRONDING
Hoofdstuk 30 De Spiegelzaal
551
Slot
579
Noten Bibliografie Register
587 657 682
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 9
Dankwoord Op de titelpagina van dit boek staat mijn naam, maar het zou er niet zijn zonder de vele mensen die mij gesteund hebben bij het aanpakken van zo’n omvangrijk onderwerp, die mij voortgeholpen hebben wanneer ik de moed verloor en die bleven luisteren wanneer ik over niets anders dan de Volkenbond wilde praten. Ik wil een aantal mensen in het bijzonder bedanken. Sandra Hargreaves, Avi Shlaim, Peter Snow en lord Weidenfeld hebben mij geholpen een idee om te zetten in een serieus project. Dat ik bij John Murray als uitgever terecht ben gekomen, beschouw ik als een groot geluk. Grant McIntyre en Matthew Taylor hebben als redacteur waardevol en nauwgezet werk verricht. Ik sta intellectueel gezien diep in het krijt bij mijn collega en vriend Bob Bothwell, die mij in de loop van de jaren heeft geholpen mijn denkbeelden, niet alleen over de vredesconferentie, maar ook over geschiedschrijving, helderder te maken. Orde Morton, Thomas Barcsay, David MacMillan, Catharina MacMillan, Thomas MacMillan, Alex MacMillan, Megan MacMillan, Ann MacMillan, Peter Snow, Daniel Snow en Barbara Eastman hebben gedeelten doorgelezen en mij van de broodnodige adviezen voorzien. Mijn ouders, Eluned en Robert MacMillan, hebben ieder woord gelezen, vaak verscheidene keren, zonder klagen. Ik had twee uitstekende researchers: Rebecca Snow, die de illustraties heeft opgespoord, en John Ondrovcik, die de tekst heeft gecontroleerd en de bibliografie heeft samengesteld. Bob Manson, Al Wargo en Errol Aspevig hebben mij in verschillende stadia geholpen bij mijn onderzoek. Voor hun toestemming om te citeren uit materiaal in hun collecties of materiaal waarvan zij het auteursrecht bezitten, ben ik de volgende personen en instellingen erkentelijk: de National Archives van Schotland, voor het Archief Lothian (SD40/17); Nigel Nicolson, voor Harold Nicolson, Peacemaking, 1919 (Londen: Methuen 1964); de archivaris van het archief van het House of Lords, optredend namens de Beaverbrook Foundation, voor het Archief Lloyd George; Princeton University Press, voor Arthur S. Link, red., The Deliberations of the Council of Four, 2 dln. (Princeton, New Jersey, Princeton University Press 1992); en de Trustees van het British Museum, voor het Archief Balfour. Er is alles in het werk gesteld om auteursrechthouders op te sporen, maar mochten personen of instellingen onvermeld zijn gebleven, dan hoor ik graag van hen. Ook mijn werkgever, Ryerson University, ben ik dankbaar voor de tijd die men mij heeft gegeven, en voorts St Antony’s College te Oxford, voor een prachtige periode als gastdocent. De families Snow en MacMillan in Londen en de familie Daniel-Shlaim in Oxford hebben mij hun royale gastvrijheid en steun geboden. Als dit alles niet in mijn boek tot uiting komt, ligt de schuld bij mij.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 10
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 11
Over de aardrijkskundige namen Veel van de in dit boek voorkomende steden hebben meer dan één naam. Lviv (in het huidige Oekraïne) wordt bijvoorbeeld Léopol, Lemberg, Lwów of Lvov genoemd. Er is meestal gekozen voor de namen die nu gangbaar zijn. Wanneer er een Nederlandse versie van een naam bestaat, zoals Parijs, Rome, enz., is die gebruikt. In het geval van specifieke geschillen tijdens de vredesconferentie is de in 1919 gebruikelijke vorm gevolgd: Danzig (Gdańsk), Fiume (Rijeka), Memel ( Klaipėda), Shantoeng (Shandong), Teschen (Cieszyn of Tešín), Tsingtao (Qingdao). Voor de Nederlandse vertaling is, waar mogelijk, voor de aardrijkskundige namen en de daarbij behorende bijvoeglijke naamwoorden en inwoneraanduidingen, alsmede de Nederlandse vormen van namen van belangrijke steden, regio’s en andere geografische entiteiten in het buitenland, uitgegaan van: Buitenlandse aardrijkskundige namen in het Nederlands, Den Haag 1996, een publicatie van de Nederlandse Taalunie in de reeks Voorzetten, nr. 50.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 12
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 13
Voorwoord door Piet Chielens Honderd jaar wapenstilstand op het westelijke front Deze inleiding begint op 12 november 2018. Gisteren is de eeuwherdenking van de Eerste Wereldoorlog in Ieper traditioneel geëindigd met het blazen van de Last Post onder de Menenpoort. Vierentwintig ambassadeurs en de directeurgeneraal van de Commonwealth War Graves Commission voegden zich bij koning Filip van België en zijn vrouw koningin Mathilde, de premier van België, Charles Michel, en de minister-president van Vlaanderen, Geert Bourgeois, voor de laatste kranslegging als eerbetoon aan de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. Het militaire trompetsignaal wordt in Ieper elke avond geblazen voor de bijna 55.000 vermisten van het Britse gemenebest wier naam op de muren van de poort gebeiteld staat, maar gisteravond maakte de voorzitter van de Last Post Association nadrukkelijk melding van alle burgers en alle militairen van beide zijden die slachtoffer werden van de oorlog. Hij citeerde zelfs de Britse soldaat-dichter Siegfried Sassoon, niet uit zijn striemende pamflet tégen de poort, On Passing the New Menin Gate – waar de poort een schijnheilige triomfboog van de overwinnaars is –, maar uit Aftermath: Have you forgotten yet?... For the world’s events have rumbled on since those gagged days, Like traffic checked a while at the crossing of city ways: Wij, het volk, de mensen die stilstonden aan de poort waardoor het verkeer dagelijks wordt stilgelegd, zijn het niet vergeten. En dat waren voor één keer de bijna zeventig wereldleiders die ochtend op de al even verkeersvrije Place Charles De Gaulle in Parijs ook niet. Uit Rusland, Duitsland en Turkije waren ze gekomen, uit Canada, België, Nederland, Israël en India, uit veel Europese en een groot aantal Afrikaanse landen. Alleen de Britten waren in Londen gebleven. Op een herdenkingsfeest van internationale samenwerking als ultieme overwinning op de oorlog valt Brexit-Britain zwaar uit de toon. De secretaris-generaal van de UNO mocht die middag een Paris Peace Forum voorzitten, dat door de Duitse bondskanselier werd geopend met de woorden: ‘Vrede is geen vanzelfsprekendheid,’ en: ‘Het is makkelijker internationale organisaties af te breken dan ze weer op te bouwen.’ Michel Barnier, hoofdonderhandelaar voor de EU over Brexit, stond noch-
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 14
14 | VREDESTICHTERS tans wel in Ieper onder de poort van het Britse Imperium. Hij had meer dan twintig jaar ervoor als jong diplomaat voor Europa mee onderhandeld over de vrede op het Ierse eiland, die nu door de nieuwe Brexit-grens opnieuw wordt bedreigd. In zijn persoon en aanwezigheid moest duidelijk worden dat Europa niet alleen een gemeenschappelijke markt heeft geconstrueerd, maar ook een vredesproject is en wil blijven. Hedendaagse politieke leiders in Europa voelen zich meer dan eens verveeld bij die vaststelling. Toen de Europese Unie in 2012 de Nobelprijs voor de Vrede mocht ontvangen, konden veel Europese leiders gevraagd om een eerste reactie hun gêne nauwelijks verbergen. In vier lidstaten (Griekenland, Oostenrijk, Nederland en Zweden) was een meerderheid van de bevolking ook van mening dat de prijswinnaar niet goed was gekozen en dat de prijs niet bijdroeg om het imago van de EU te verbeteren. De stem van populisme en nationalisme, het onszelf-alleen in alle toonsoorten, klinkt dan ook steeds luider en schriller in het openbare debat. Electorale winst op korte termijn haalt het makkelijk van langetermijnplanning. Staatsman- en staatsvrouwschap doet zichzelf de das om voor een paar duizend likes voor bittere tweets. Een en ander betekende dat het einde van de eerste grote Europese burgeroorlog, die eenentwintig jaar later de Eerste Wereldoorlog werd, op 11 november 2018 werd herdacht, dit is op de honderdste verjaardag van de wapenstilstand aan het westelijke front, en dat men dit helemaal niet op dezelfde schaal zal overdoen bij de honderdste verjaardag van het historisch correctere einde, het vredesverdrag dat op 28 juni 1919 volgde. De Grotere Oorlog Vandaag beseft zowat iedereen dat ook dat vredesverdrag geen rust bracht en dat ‘The War to End all Wars’, zoals onder anderen auteur H.G. Wells, de Britse premier David Lloyd George en de Amerikaanse president Woodrow Wilson deze oorlog hebben genoemd, gevolgd werd door niet meer dan een ‘Peace to End All Peace’, zoals de Britse onderhandelaar Lord Milner meldde na inzage van de definitieve tekst. Na Versailles volgden nog vele andere verdragen, die pas min of meer een nieuwe wereldorde konden vastleggen nadat in 1923 de wapens op alle fronten van de Eerste Wereldoorlog tot zwijgen waren gekomen en de internationale gemeenschap kort daarna de Sovjet-Unie erkende. De Eerste Wereldoorlog van 1914 tot 1918, de Groote Oorlog, is slechts een West-Europese versie van de veel Grotere Oorlog van 1912 tot 1923.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 15
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 15
Wie het belang van deze Eerste Wereldoorlog inziet voor de geschiedenis van onze tijd, weet dat niet alleen de catastrofe van de enorme vernietiging en het eindeloze bloedvergieten belangrijk is geweest, maar ook de constructie van de nieuwe wereldorde die daarna volgde. In de Vredesconferentie van Parijs in het voorjaar van 1919 kwamen niet alleen de echte krachtsverhoudingen aan het einde van de oorlog naar boven, maar ook de wijze waarop en de redenen waarom de oorlog werd gevoerd. Als de Eerste Wereldoorlog een lange schaduw vooruitwerpt tot in deze tijd, is dat voor een stadje als Ieper, midden in de glooiende vlakte die nog altijd van bloed, ijzer en gifgas is doordrenkt, zeker in de eerste plaats omwille van de grote strijd van 1914 tot 1918, maar voor talloze andere plaatsen in de wereld is de vredesconferentie die daarna kwam belangrijker. Zonder Parijs 1919 wellicht geen Hitler 1933, Srebrenica 1994 of Mosul vandaag… Of misschien toch wel? De meningen over de rechtstreekse oorzakelijke verbanden tussen grote, in de tijd ver uit elkaar liggende gebeurtenissen zijn onder historici eindeloos verdeeld. Margaret MacMillan toont zich geen voorstander van de theorie dat Hitler aan de macht kwam en oorlog voerde omwille van Versailles. Maar zij beschrijft wel zorgvuldig de koloniale, imperialistische houding van de overwinnaars, de bijna willekeurige toepassing van het zelfbeschikkingsrecht (enkel waar het de overwinnaars uitkwam), de cynische poespas van de vele territoriale ingrepen, de niet-consequente toepassing van de bescherming van minderheden (wel in Roemenië maar niet in Italië of het Verenigd Koninkrijk), de onvolkomenheid van de Volkenbond, het sjacheren met haar mandaten, de onrealistisch hoge verwachtingen in herstelbetalingen. Dat elk van deze elementen voorwaarden hebben gecreëerd waarbinnen latere conflicten konden ontstaan of een rijke voedingsbodem hadden, is duidelijk. Margaret MacMillan zegt elders ook dat ‘erg weinig in geschiedenis onvermijdelijk’ is. In haar relaas van de vredesonderhandelingen in Parijs beschrijft ze het falen van politieke wereldleiders die in de eerste plaats gevangenzaten in hun eigen, nationale politieke logica en volledig ondergeschikt waren aan de gevolgen van de wijze waarop de voorbije oorlog was gevoerd. Hun onvermogen om boven dat verleden uit te stijgen en naar de toekomst te kijken, houdt op zijn minst waarschuwingen in voor deze tijd. Wat rest is de dynamiek van zeer verschillende persoonlijkheden, cultuurclashes en een onvergeeflijke nonchalance die het gevolg lijkt van een te lang en te complex onderhandelingsproces. Het uiteindelijke gemak waarmee over bevolkingsgroepen werd geoordeeld, waarmee landen werden ontmanteld en geconstru-
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 16
16 | VREDESTICHTERS eerd, waarmee tientallen miljoenen mensen van land veranderden en minderheden werden in hun nieuwe staat, waardoor nagenoeg evenveel mensen op de vlucht waren als vandaag, en vooral het cynisme waarmee de grootmachten uiteindelijk alles in eigen voordeel beslechtten, is net zo stuitend, omdat MacMillan het zo zorgvuldig heeft beschreven. Een oorlog van imperialisme Al in juli 1917 had Siegfried Sassoon openlijk afstand genomen van de oorlog met een verklaring die door parlementslid H.B. Lees-Smith op 31 juli 1917 in het Lagerhuis in Londen werd voorgelezen. In zijn verklaring stelde Sassoon dat hij openlijk ongehoorzaam aan het militaire gezag was omdat ‘… this War, upon which I entered as a war of defence and liberation, has now become a war of aggression and conquest.’ Sassoon, die voor het opstellen van zijn verklaring werd bijgestaan door pacifisten als Henry Massingham, hoofdredacteur van het linkspolitieke blad The Nation, en de filosoof Bertrand Russell, kon op dat moment zijn beschuldiging onmogelijk afleiden uit het verloop van de gevechten op het westelijke front, waar de geallieerden nog geen enkel uitzicht hadden op een overwinning, laat staan een verovering. Maar dat was wel zo in de Balkan, het Midden-Oosten en Afrika. In 1915 hadden Fransen en Britten Italië al in het geallieerde kamp gekregen met verregaande beloften voor Italiaanse gebiedsuitbreiding in de Balkan en de Egeïsche Zee (het geheime Pact van Londen), en waren Duitse koloniën al in handen gevallen van Zuid-Afrikaanse en Britse troepen. In mei 1916 deelden Londen en Parijs het Midden-Oosten op in het al even geheime Sykes-Picotakkoord. Nog later volgde een regeling voor Palestina (Balfourverklaring) en werd het Duitse Oost-Afrika (vandaag: Rwanda, Burundi en Tanzania) gedeeltelijk veroverd door de Force Publique uit Belgisch-Congo. De geallieerde bedoelingen met deze oorlog waren dus zeker ook imperialistisch. In Versailles wilden Frankrijk en het Britse Imperium die winst absoluut verzilveren, ook als dat ten koste ging van andere ‘overwinnaars’, zoals Italië en België, die daardoor zeer gefrustreerd raakten. Belgische claims De Belgische en de Italiaanse motieven waren op hun beurt even imperialistisch. Enerzijds wilden ze dat de vredesregeling kon goedmaken wat de oorlog had aangericht, anderzijds had de algemene keuze om het conflict militair op te lossen een logica ingang laten vinden waarbij landen ook naar natuurlijke bescherming uitkeken. De nieuwe wereldorde die in de maak was, moest ook voor sterke staatsgrenzen zorgen. Dus claimde België zonder schroom niet alleen Duits
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 17
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 17
maar ook Nederlands grondgebied, dat Nederland eventueel op zijn beurt dan maar in Duitsland zou moeten kunnen compenseren. België zou zodoende een soevereine doortocht op de Schelde krijgen en een oostgrens die met de Maas en de Roer een natuurlijk verdedigbare positie garandeerde. De nieuw aan te leggen kanalen en spoorwegen tot Duisburg aan de Rijn zouden zowel voor de verdediging als voor logistieke aanvoer kunnen dienen. De Belgische graaizucht werd sterk aangewakkerd door de overwinningsroes en het geloof in militaire oplossingen voor conflicten. Bovendien konden de geannexeerde gebieden op termijn wellicht enige compensatie voor de zeer zware oorlogsschade betekenen. Dat dit ook ten koste van het neutrale Nederland zou gaan, werd door sommige facties als niet meer dan billijk geacht. Nederland was immers niet zo neutraal gebleken, want het had volgens sommigen Duitse troepen doorgang verleend op Nederlandse wegen, en volgens anderen met voorbedachtheid een schuiloord gegeven aan de afgezette Duitse keizer. Maar de claims haalden ook legitimatie bij uitstaande rekeningen met Nederland (sinds 1830) en het Congres van Wenen (sinds 1815). Zeeuws-Vlaanderen was in de erkenning van België in 1831 (door het Britse Rijk), in 1839 (door Nederland) en in 1843 (bij de definitieve vastlegging van de BelgischNederlandse grens) niet toegewezen aan België, waardoor de Schelde geblokkeerd kon blijven indien Nederland dat wenste. De Scheldetol was nog tot 1863 blijven gelden. De huidige Belgische en Nederlandse provincies Limburg waren tijdens het Koninkrijk der Nederlanden verenigd (1815-1830) en korte tijd bleef deze grote provincie Limburg ook ongedeeld na de Belgische Revolutie, tot aan de Nederlandse erkenning van België in 1839. Even lang was ook het oostelijke deel van Luxemburg, het huidige Groothertogdom, verenigd met de Belgische provincie Luxemburg. Omdat de beide oostelijke gebieden nog tot kort voor de Duitse eenmaking tot de Duitse Bond behoorden, werd Limburg pas in 1867 een provincie van Nederland en werd oostelijk Luxemburg in datzelfde jaar de facto onafhankelijk, al bleef er nog tot 1890 een personele unie met Nederland bestaan. Een derde geschil bestond in de provincie Luik. In het Congres van Wenen, bijeengeroepen na de nederlaag van Napoleon in 1815, was de grens tussen het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en Pruisen ten zuiden van de lijn Maastricht-Aken ongeveer getrokken langs de Romaans-Germaanse taalscheiding, maar niet helemaal. Het Franse Département de l’Ourthe, dat na 1815 de provincie Luik werd, verloor Eupen, dat Duitstalig was, maar ook Malmédy en Waimes (Fr.)/Weismes (D.), waar een meerderheid van de bevolking Franstalig was. En over het lood- en zinkrijke Moresnet raakte men het zelfs helemaal niet
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 18
18 | VREDESTICHTERS eens. De mijnontginning van Altberg/Vieille Montagne die ook van militair belang was, moest dan maar in neutraal gebied plaatsvinden, in een neutraal ministaatje van 3,5 km² dat door beide landen werd bestuurd. De Belgische claims in het voorjaar van 1919 hadden dus ook deels te maken met identiteit gevormd door taal en geschiedenis. De verre voorgeschiedenis van dit hele gebied is ontzettend complex. Zij zorgde voor een streek- en taaleigenheid die door het geknutsel aan nationale grenzen in 1815, 1830, 1839 of 1920 helemaal niet werd opgelost. Hoe dan ook had de Belgische regering een punt als zij meende dat ten minste deze eisen aansloten bij president Wilsons principe van nationale zelfbeschikking. Toen Woodrow Wilson dit grote, ordenende mechanisme in zijn Veertien Puntenplan opnam, besefte hij nauwelijks hoe dit principe (waarbij de ingezetenen van een land er ook de controle over moesten kunnen hebben in een consent of the governed, in de traditie van de Amerikaanse en Franse revoluties), door Europese nationalisten van alle slag zou worden gekaapt en verdraaid tot de suprematie van een welbepaalde taal-, etnische of religieuze meerderheid die de dominantie zou krijgen over alle anderen. Nationale zelfbeschikking werd het recht op overheersing van een meerderheid over alle minderheden, en een fatale ontkenning van de tientallen menggebieden door het hele spectrum van taal-, etnische en religieuze groepen heen, die Europa in zijn lange geschiedenis altijd had gekend. Wilson liet dat gebeuren wanneer dat de onderhandelingen en de onderhandelaars goed uitkwam. De landverhuizing die in de territoriale commissies van de Parijse vredesconferentie werd uitgewerkt, volgde het principe van nationale zelfbeschikking dan ook nergens consequent. Territoriale aanpassingen In Italië bijvoorbeeld had de claim om alle Italiaanstaligen te verenigen in één natie het Pact van Londen in april 1915 gedomineerd. Groot-Brittannië en Frankrijk hadden op alle Italiaanse eisen toegezegd, al was het binnensmonds vloekend (Churchill noemde Italië ‘the harlot of Europe’), om maar snel een Italiaans front te kunnen laten openen. Maar na de oorlog wilde men die beloften herbekijken. Konden de eisen voor de provincie Trente en de stad Triëst, waar een meerderheid van de bewoners Italiaans sprak, rechtmatig worden genoemd, dan was dat veel minder het geval voor de aansluitende gebieden van Zuid-Tirol en Istrië. Slechts door deze gebieden telkens samen te bekijken (de beroemde kreet ‘voor Trento en Trieste’ die de Italiaanse vrijwilligers of irridentisti scandeerden), respectievelijk de provincies Trente én Zuid-Tirol en Triëst én Istrië samen, kon men voor het hele gebied Italiaanse meerderheden optekenen.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 19
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 19
Omdat de Italiaanse ultranationalisten ‘Trento en Trieste’ al decennialang hadden geclaimd en hun inlijving ook paste in de idee van natuurlijk verdedigbare grenzen, werden ze in Parijs aanvaard. Maar alle andere Italiaanstaligen langs de Dalmatische kust, in Fiume (vandaag Rijeka in Kroatië) en in het Küstenland (de Julische Alpen in Slovenië). vormden minderheden in hun regio. Daarop toezeggen zou het nieuw op te richten Koninkrijk van Serven, Kroaten en Slovenen (vanaf 1929 Joegoslavië) onrecht doen. Van de Italiaanse claims op Dalmatië kon daarom alleen Zara (Zadar) overblijven. Italië eiste en kreeg na Parijs een nieuw verdrag in Rapallo op 12 november 1920, met het nieuwe Koninkrijk van Serven, Kroaten en Slovenen, waardoor ook het Küstenland en een groter deel van de Dalmatische kust, waaronder Vrijstaat Fiume, alsnog Italiaans werden. Maar toen was het ultranationalisme van Gabriele d’Annunzio, die Fiume op 12 september 1919 met een eigen legertje vrijwilligers had bezet, omdat die stad in Parijs niet aan Italië was toegewezen, al zo ver doorgeschoten dat het weldra zou kunnen overgaan in het fascisme van Mussolini. Bij de verdragen met Hongarije en Bulgarije werd met de idee van zelfbeschikking tegenover imperialistische annexatie of compensatie nog slordiger omgesprongen. Bulgarije verloor meer dan 11.000 km² grondgebied aan Roemenië, Servië en Griekenland, maar daarvan was geen enkel deel niet bewoond door een meerderheid van Bulgaren. Hongarije moest onder andere het sterk Hongaars/Roemeense menggebied Transsylvanië afstaan aan Roemenië. Daarnaast werden uit de oude dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije het nieuwe Koninkrijk van Serven, Kroaten en Slovenen en de republiek TsjechoSlowakije opgericht. De nieuwe rompstaat Hongarije was 70 procent kleiner dan het voorgaande Hongaarse koninkrijk. In het hedendaagse Hongaarse nationalisme is dat nog altijd niet vergeten noch vergeven. De nieuwe Duitse republiek werd relatief minder zwaar getroffen met het verlies van ‘slechts’ 13 procent van het grondgebied en een goede 6,5 miljoen inwoners. Met uitzondering van het in 1871 aan het Duitse Rijk verloren Franse ElzasLotharingen, dat rechtstreeks naar Frankrijk terugkeerde, en van Memel en West-Pruisen die onderdeel werden van respectievelijk de nieuw op te richten staten Litouwen en Polen, konden alle andere gebieden slechts na een volksraadpleging overgaan. Dat had soms verrassende gevolgen. Ondanks geallieerde en Poolse druk om Pools te worden, koos de bevolking in de Oost-Pruisische regio’s Allenstein, Marienwerder en Masurië er massaal voor om Duits te blijven.
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 20
20 | VREDESTICHTERS Silezië zou zelfs over drie landen verdeeld geraken. De verduitsing van de vorige eeuw had alvast hier haar effect niet gemist. Dat was ook de voornaamste reden waarom de Franse premier Clemenceau weigerde om een volksstemming te laten organiseren voor Elzas-Lotharingen. Na de oorlog van 1870 waren enorm veel Fransgezinde bewoners van de Elzas naar het Franse moederland gevlucht, en sindsdien was er vooral in de Elzas een bewuste politiek van verduitsing gevoerd. Oostkantons Uiteindelijk wezen de grote machten in Parijs aan België enkel Moresnet en de Pruisische Kreise Eupen en Malmédy toe. Van annexatie van Luxemburgs of Nederlands grondgebied kon om uiteenlopende redenen geen sprake zijn. Het gebied was vrij complex en werd slechts zeer ten dele bewoond door een bevolking die een annexatie door België weleens terecht zou kunnen vinden. Met uitzondering van de huidige gemeenten Malmédy en Waimes/Weismes waar een meerderheid van de bevolking Franstalig was (‘la Wallonie prussienne’), en de zich van een Limburgs dialect bedienende bewoners van Kelmis en Lontzen (maar ook van een tiental andere dorpen in het huidige Vlaanderen, Wallonië, Nederlands-Limburg en zelfs Duitsland), was de moedertaal van deze bevolking in grote meerderheid het Duits. Maar tegen de aanhechting viel weinig te beginnen. De voorgeschreven volksraadpleging vond in juli 1920 plaats, maar was een farce. Tegenstanders van een overgang naar België konden slechts persoonlijk en slechts op twee plaatsen, in de steden Eupen en Malmédy, bij de Belgische overheid hun bezwaren kenbaar maken. Die voegde de argumenten samen in lijsten die vervolgens aan de Volkenbond werden overgemaakt. Wie die moeite niet deed, of dat niet durfde of kon, werd geacht om voor de aanhechting te zijn. Zo kwam het dat slechts 271 in naam en met hun grieven bij de Belgische overheid bekende tegenstanders stonden tegenover een verpletterende stilzwijgende meerderheid van bijna 33.500 stemgerechtigde voorstanders van aanhechting. Zes maanden later werd de transfer van de 985 km² Pruisische Rijnprovincie en Moresnet naar België een feit. Al wie op 1 augustus 1914 in het gebied had gewoond en 21 jaar of ouder was, werd vanzelf Belg. 247 personen ouder dan 21 jaar emigreerden in 1920 om Duitser te kunnen blijven. En anderen volgden. Bij de volkstelling van 1925 werden in Duitsland 4890 voormalige inwoners van Eupen-Malmédy geteld, die zich voornamelijk in Aken en de Rijnprovincie hadden gevestigd. ]De verhuizing ging ook in de andere richting. Vanaf september 1921 dienden
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 21
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 21
1443 Duitsers een aanvraag in om Belg te worden. In 1929, toen de politieke toekomst in Duitsland er alsmaar grimmiger uitzag, werden nog eens 500 Duitsers alsnog nieuwe Belgen. Het hielp hen niet ontsnappen aan de nieuwe aanhechting (Heim ins Reich) in 1940. De meeste slachtoffers uit de Oostkantons vielen in de Tweede Wereldoorlog als Zwangsoldaten in de legers van het Derde Rijk, of als verraden en in kampen gebroken verzetslieden die zich bij die nieuwe dwang niet hadden willen neerleggen. Maar tijd heelt vele wonden. Sinds het vastleggen van de Belgische taalgrenzen in 1962 zijn er vandaag negen gemeenten die Duitstalig zijn met taalfaciliteiten voor Franstaligen, en twee gemeenten Franstalig met taaltegemoetkoming voor Duitstaligen. Quasi geruisloos meedeinend op de golven van een steeds verder toenemende regionalisering van Vlaanderen en Wallonië verwerft de Duitstalige Gemeenschap van België steeds meer autonomie. Zij telt vandaag ongeveer 77.000 inwoners, en de ‘Oostkantonners’ uit de tijd van de vermaledijde annexering zijn vandaag, minstens in naam, de meest Belgische van alle Belgen. Ze wonen sedert 2017 immers in Ostbelgien (zonder vertaling). Maar daarnaast en misschien nog meer dan dat vormen zij samen met het zuiden van NederlandsLimburg, delen van de Vlaamse Voerstreek, de Waalse buurgemeenten in België en met het Duitse grensgebied rond Aken en Monschau een oud cultureel menggebied dat vandaag de kern is van de krachtige Euregio Maas-Rijn: een Europees samenwerkingsverband van Maastricht en Heerlen tot Aken, Liège en Hasselt, dat 11.000 km2 en 3,7 miljoen inwoners groot is. Koloniën De grootste gebiedsuitbreiding die België in Parijs kon verzilveren, lag evenwel in Afrika. In de koloniën lag voor alle overwinnaars de echte winst. Zowel Frankrijk als het Britse Imperium zou nooit groter dan in 1920 zijn. In principe namen ze enkel de mandaten voor de Volkenbond waar, maar in de feiten waren dat annexaties naar koloniale traditie. In Afrika palmden ze alle Duitse koloniën in, en voor de verdeling van het op sterven na dode Ottomaanse Rijk werden geheime akkoorden zoals dat van Sykes-Picot en Balfour op tafel gelegd. De Duitse gebieden in Azië en Oceanië werden ingepikt door Japan, Australië en Nieuw-Zeeland. Alleen China, dat vanaf 1917 toch 125.000 gemilitariseerde arbeiders aan de Britten en Fransen had geleverd, kreeg niets, en zelfs helemaal niets terug van wat Japan in China had bezet. Eerst leek het dat in die regeling ook België niets zou krijgen, maar omdat de Belgisch-Congolese strijdkrachten delen van het voormalige Duits-Oost-Afrika veroverd hadden en bezet hielden,
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 22
22 | VREDESTICHTERS kon men maar moeilijk anders dan België het mandaat over Rwanda en Burundi verlenen. Tijdens de oorlog had België ook gevraagd om het mandaat over Palestina te krijgen, en daar zelfs de morele erfenis van de eerste kruisvaarder Godfried van Bouillon bij gehaald, al was het er uiteraard vooral om te doen om de Belgische industriële investeringen in Egypte uitbreiding te geven. Toen de Britten in 1917 Jeruzalem hadden veroverd en later dat jaar, op 2 november, de Balfourverklaring afkondigden, werd duidelijk dat ook die Belgische aspiraties opgeborgen moesten worden. Keynes De Belgische eisen voor gebiedsuitbreiding in Europa en elders hadden natuurlijk nog een belangrijke reden. Het land was door de oorlog ontzettend verarmd. Het grootste gedeelte van het grondgebied was van 1914 tot 1918 bezet, waardoor de Belgische regering nauwelijks inkomsten had en voor alles bij de bondgenoten moest lenen, zowel voor het uitrusten van zijn veldleger op oorlogsvoet als voor de steun aan zijn honderdduizenden vluchtelingen in Frankrijk, GrootBrittannië, Nederland en zelfs in het onbezette stukje van de Westhoek. Intussen roofden de Duitse legers het land leeg, niet alleen in de landbouw maar ook in alle takken van de industrie. Toen op 11 november 1918 de wapens zwegen, was een groot deel van België verwoest en waren zijn industriële installaties grotendeels ontmanteld. De kosten voor de wederopbouw zouden gigantisch zijn. En daarna pas zou de internationale handel die decennialang aan de grote rijkdom van België had bijgedragen, weer kunnen aantrekken. Er waren maar twee manieren om ooit boven de enorme en groeiende schuldenberg uit te komen, en dat was via het inpalmen van nieuwe gebieden en via het ontvangen van herstelbetalingen van Duitsland. Het hele noorden en oosten van Frankrijk bevond zich in dezelfde situatie, en de Belgische en Franse regeringen trokken in dezen dan ook gelijk op. Troepen uit beide landen bezetten het Rijnland (vanaf 1919) en later het Ruhrgebied (19231925). Frankrijk, België, Italië en Groot-Brittannië waren tijdens de oorlog alle debiteur bij de Verenigde Staten geworden. Die deden zich aanvankelijk zeer altruïstisch voor, in het belang van een duurzame wereldvrede, maar uiteindelijk deden Wilson en Amerika niets om de schuldenlast van de Europese naties te verlichten. Die werd nog eens zwaarder doordat Rusland bij de andere mogendheden uitstaande schulden weigerde terug te betalen. De enige uitweg om snel terug te komen was dus via herstelbetalingen. Duitsland kreeg de volledige schuld voor de oorlog en dus ook de verantwoordelijkheid voor het vergoeden van alle onkosten. Daarna volgde hetzelfde scenario voor de andere verliezers: de
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 23
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 23
dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije, Bulgarije en het Ottomaanse Rijk. Uiteindelijk zou men de onkosten van de oorlog laten vallen en het nog enkel over de vergoeding voor de aangerichte schade hebben. Maar dat betekende in het licht van een economisch herstel een te geringe schuldvermindering voor de verliezers. De jonge economist John Maynard Keynes zetelde in de Britse delegatie en voorspelde dat deze werkwijze alleen maar het economisch herstel in de verslagen centrale landen onmogelijk zou maken. Hoe zou Europa kunnen heropleven in deze regeling, hoe konden de verslagenen weer goede buren worden, hoe zouden de nieuw gecreëerde staten ooit stabiel kunnen worden? Keynes nam ontslag uit de Britse zending, nog voor het eerste van de verdragen werd getekend. Zijn voorstel om aan de hand van door alle partijen gegarandeerde obligaties de oorlogsschulden af te betalen en het herstel van de verwoeste landen te financieren, zou een open, solidaire economie van internationale vrijhandel op gang brengen die de onderlinge solidariteit en verbondenheid zou herstellen. Het plan stuitte op een ‘NO’ uit de Verenigde Staten en op al te weinig animo bij de Britten om hun jonge pupil te steunen. Na de grote financiële crisis van het einde van de jaren twintig van de twintigste eeuw zouden Keynes’ economische plannen wel ingang vinden in de New Deal van Roosevelt. En Margaret MacMillan suggereert dat Jean Monnet, in 1919 medewerker van Georges Clemenceau, Keynes’ gedachtegang terug opnam na de Tweede Wereldoorlog, wat de start inluidde van wat later de Europese Unie zou worden. Clemenceau Maar in 1919 had de Franse premier het te druk om Duitsland militair te ontmantelen en de gigantische financiële put die de oorlog had geslagen te dempen met wat hij van hen kon loswrikken. En Lloyd George was al te gepreoccupeerd met de Britse suprematie over de zeeën, met een vloot die voortaan alleen op olie zou draaien. De enorme schuldenlast die Frankrijk, Groot-Brittannië en ook Italië en zelfs België hadden verzameld, was het fatale gevolg van de onstuitbare en gigantisch geldverslindende oorlogvoering die jarenlang alle middelen had opgebruikt en alles, mens en cultuur, op haar weg had vernietigd. Het geloof in de alleen maar militaire oplossing aan dit conflict van buren, aan alle zijden en in alle landen, had Europa aan de rand van het bankroet en van de revolutie gebracht. Alleen al 1,4 miljoen Franse levens waren op het slagveld verloren gegaan. Naast hen stond een veelvoud van fysisch en psychisch getraumatiseerden en honderdduizenden burgerslachtoffers. Je kon aan je bevolking niet deze offers
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 24
24 | VREDESTICHTERS vragen en daarna ‘gewoon’ de verantwoordelijkheid voor de tragedie met je vijand delen in een gezamenlijk en solidair herstelplan. Ook niet als dat misschien de enige manier was om de eigen fouten en die van anderen recht te zetten! Zaterdag 23 november 2018. De Champs-Élysées is afgesloten ter hoogte van de Place de la Concorde voor het eerste grote protest van de ‘gilets jaunes’ (gele hesjes). Later zal een traangaswolk de wijde omtrek verstikken. We zijn op weg naar het Musée de l’Orangerie met een welbepaalde tekst in gedachten. Op 12 november 1918 schreef de Franse impressionistische schilder Claude Monet aan zijn vriend van dertig jaar, président du Conseil Georges Clemenceau: Bien cher Ami, Ik sta op het punt om twee decoratieve schilderijen af te werken die ik wil signeren op de dag van de Overwinning. Ik wil je vragen om ze aan de Staat te schenken via jouw tussenkomst. Het is niet veel, maar het is de enige manier waarop ik kan deelnemen aan de overwinning (…). Ik bewonder je en omhels je met heel mijn hart. Clemenceau overtuigde Monet later om alle panelen van Les Nymphéas, want over die imposante waterlelieschilderijen had Monet het, aan de Franse staat te schenken. Hij zorgde er zelf voor dat ze uiteindelijk een permanente plaats in het Musée de l’Orangerie kregen, waar ze sinds de restauratie van enkele jaren geleden, jaarlijks door honderdduizenden bezocht worden. Als een ‘uniek ensemble opgedragen aan de Vrede’, lezen we in de introductietekst. Zo bekijken wij ze hier vandaag ook, acht lange panelen in een feestelijke, soms bijna abstracte symbiose van licht en natuur. Een vrediger en hoopvoller tafereel is er niet. Een kilometer verder staat vlak tegenover het standbeeld van generaal De Gaulle een grote bronzen Clemenceau, in zijn lange jas waarmee hij de soldaten aan het front bezocht. Zijn sjaal wappert achter hem aan in de gure oorlogswind. Langs de laan morren Fransen uit de provincie over de te hoge milieutaksen op benzine. Onbewogen, onverschillig voor de grandeur van Le Tigre. De laatste van de laatste, het einde van alle oorlogen… Margaret MacMillan noemt de grote leiders van de Vredesconferentie ‘peacemakers’, vredestichters. Uiteindelijk vergeeft zij hun zeer veel, omdat ze hen ook goed begrijpt. Zij waren voerders van een onverbiddelijke oorlog, en daarna wer-
De vredestichters. 10 pt - Floor - 21-12-2018_Omniboek, Floor 21-12-18 13:06 Pagina 25
VOORWOORD DOOR PIET CHIELENS
| 25
den ze vredestichters, zo goed als dat ging. Natuurlijk maakten ze daarbij allemaal fouten, in onze ogen zware fouten. Maar die waren in de eerste plaats het gevolg van de gigantisch zware oorlog die eraan voorafgegaan was, waardoor de vrede die erop moest volgen dat helaas nooit meer echt zou zijn. La Der des Ders‌ The War to End all Wars, zou nauwelijks iets meer dan twintig jaar later een Eerste Wereldoorlog worden. Piet Chielens, CoÜrdinator van het In Flanders Fields Museum in Ieper
PIET CHIELENS, de coördinator van het In Flanders Fields Museum in Ieper, schreef het voorwoord voor deze editie.
‘Lees dat boek!’ – Bas Heijne in NRC Handelsblad ‘MacMillan tekent mooie portretten van politici als Smuts, Clemenceau, Wilson, Lloyd George, Atatürk of Weizmann. De auteur legt voortdurend de link met het heden. Een fascinerende oefening.’ – De Morgen ‘Een briljante mix van vertelling, analyse en soms laconiek commentaar; opgediend in een vlotte stijl en met een overvloed aan couleur locale, welgekozen citaten en treffende anekdotes.’ – Trouw ‘Magistraal (…) De grote kracht van het boek ligt in de tekening van de hoofdrol- en bijrolspelers, van de grote en kleine intriges (…) een sfeer, kortom, waarin getwist wordt over vrede.’ – De Tijd
ZES MAANDEN DIE DE WERELD VERANDERDEN Na de Eerste Wereldoorlog kwamen mannen en vrouwen uit de hele wereld in Parijs bijeen voor de vredesbesprekingen. De drie grote leiders uit die tijd, Woodrow Wilson, David Lloyd George en Georges Clemenceau, vormden het epicentrum en zaten aan de onderhan delingstafel, maar duizenden anderen kwamen ook: koningen, ministers, bankiers, militairen, juristen, economen, journalisten en lobbyisten. Margaret MacMillan schetst een beeld van de be langrijkste gebeurtenissen en hoofdpersonen van de conferentie, en toont de oorsprong van de wereld zoals wij die nu kennen.
w w w.omniboek.nl ISBN 978-94-0191-452-9 NUR 680
9 7 8 9 4 0 1 9 1 4 5 2 9
O_MacMILLAN_(verdrag)_rug54.6mm_v02.indd 1
MARGARET MacMILLAN
VREDESTICHTERS
MARGARET MacMILLAN is hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit van Toronto. Zij is de achterkleindochter van de Britse premier David Lloyd George, die aanwezig was bij de vredesonderhandelingen in Parijs in 1919. Met Vredestichters won ze onder andere de Duff Cooper Prize, de Samuel Johnson Prize voor het beste non-fictie boek en de Hessell-Tiltman Prize voor Geschiedenis.
MARGARET MacMILLAN
VREDESTICHTERS DE VERDRAGEN VAN VERSAILLES EN PARIJS
•
In 1919 was Parijs voor zes maanden de hoofdstad van de wereld. De beslissingen die daar tijdens de vredes conferentie werden genomen, waren doorslaggevend en hadden wereldwijd verstrekkende gevolgen voor de toekomst. De vredesconferentie wordt vandaag de dag vooral herinnerd om het Verdrag van Versailles, het verdrag met Duitsland dat definitief een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog. Maar de samenkomst omvatte veel meer. Ook met andere landen, zoals Bulgarije, Oostenrijk en het Ottomaanse Rijk, moesten verdragen worden gesloten. De landsgrenzen van Europa moesten opnieuw getekend worden en voor lobbyisten was het tevens een mogelijkheid om hun eigen petities op de politieke agenda te zetten, zoals het stemrecht voor vrouwen, de rechten voor zwarten, algemene ontwapening en zelfbeschikking. Margaret MacMillan beschrijft in dit magistrale boek hoe de verdragen met persoonlijke en nationale belangen, sympathieën en antipathieën gesloten werden, en hoe de geschiedkunde de vredestichters niet altijd juist heeft beoordeeld.
1919
20-12-18 19:55