CMYK
141 mm
8 mm
2
SPANNENDE AVONTUREN De boeken in deze omnibus zijn door kinderen zelf gekozen als de allermooiste en spannendste delen uit de Dolfi en Wolfi-serie.
221 mm
Deze omnibus bestaat uit: Dolfi, Wolfi en de vreemde apen (deel 5) Dolfi, Wolfi en de zeeridders (deel 14) Dolfi, Wolfi en het oude oorlogsschip (deel 21)
ISBN 978 90 8865 293 6 NUR 283/284
J.F. VAN DER POEL
Mirja Veen en Andy Miller beleven weer de spannendste avonturen langs de mooie kust van de Key-eilanden in Amerika. Ze krijgen te maken met ‘de Zeeridders’, met vreemde apen en een bende gevaarlijke criminelen. Gelukkig worden ze geholpen door de dappere hond Wolfi en de slimme dolfijn Dolfi, die Andy en Mirja bevrijden uit allerlei riskante situaties.
Dolfi enWolfi SPANNENDE AVONTUREN
OMNIBUS
34 mm
OMNIBUS
2
8 mm
141 mm
Dolfi en Wolfi J.F. VAN DER POEL
SPANNENDE AVONTUREN OMNIBUS
2
Dolfi en Wolfi SPANNENDE AVONTUREN OMNIBUS
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 1
2
12-03-14 15:57
In deze omnibus zijn opgenomen: Dolfi, Wolfi en de vreemde apen (deel 5) Dolfi, Wolfi en de zeeridders (deel 14) Dolfi, Wolfi en het oude oorlogsschip (deel 21)
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 2
12-03-14 15:57
J.F. VAN DER POEL
Dolfi en Wolfi SPANNENDE AVONTUREN OMNIBUS
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 3
2
12-03-14 15:57
Š 2014 Uitgeverij De Groot Goudriaan - Utrecht www.kok.nl Omslag en binnenwerk Spaansenmedia Illustraties Bas Mazur ISBN 978 90 8865 293 6 NUR 283/284 AVI 9 Leeftijd vanaf 10 jaar Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieÍn, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 4
12-03-14 15:57
DE VREEMDE APEN Deel 5
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 5
12-03-14 15:57
Namen in dit boek: Mirja Veen – nichtje van Andy Martin Veen – vader van Mirja Irma Veen – moeder van Mirja Karin Veen – zus van Mirja Andy Miller – neefje van Mirja Jerry Miller – vader van Andy Wendy Miller – moeder van Andy John – een collega van Andy’s vader Dolfi – de dolfijn van Andy Wolfi – de herdershond van Mirja De oude visser Wil – zoon van de oude visser Jim – jongen die vermist wordt Familie Armstrong – ouders van Jim
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 6
12-03-14 15:57
1. EEN SPANNEND VERHAAL Op een vroege morgen varen Andy en Mirja de haven uit. Ze hebben Wolfi aan boord en natuurlijk zwemt Dolfi voor hen uit. Ze zijn al vroeg opgestaan om vis voor Dolfi te halen bij de oude visser. ’s Morgens is het nog niet zo warm. Ze genieten van de rust op het water. Als ze hun boot bij de aanlegsteiger vastleggen, gaat de deur van het oude vissershuisje al open. De oude visser zwaait naar hen. Wolfi springt uit het bootje en rent naar de oude visser. ‘Koest, jongen… koest,’ zegt de oude visser. ‘Je krijgt zo een koekje. Je bent een echte bedelaar.’ Hij aait Wolfi over zijn ruige kop. ‘Zo jongens. Jullie zijn vroeg vandaag!’ ‘Het wordt warm,’ antwoordt Andy. ‘Dan kun je maar beter vroeg op pad gaan.’ ‘Dat was het gisteren ook al,’ zegt de visser. ‘Het wordt hoog tijd dat het eens wat gaat regenen.’ Hij kijkt naar de strakblauwe hemel, waar de zon steeds meer kracht krijgt. ‘Jullie drinken toch zeker eerst wat, of hebben jullie haast?’ ‘Nee hoor,’ zegt Mirja. ‘We wilden vandaag wat gaan vissen. Weet u een plekje waar veel vis zit?’ ‘De zee zit hier vol met vis. Je kunt hier wel blijven vissen.’ ‘Nee, we wilden paling of zo gaan vangen. Zeevis krijgen we al van u.’ ‘Dan moeten jullie naar het binnenland, daar zit genoeg paling en andere zoetwatervissen.’ De visser gaat naar binnen en komt even later naar buiten met drie glazen fris. Wolfi begint zachtjes te janken en kijkt de oude visser smekend aan. ‘Ach jongen, nou zou ik jou helemaal vergeten.’ De oude visser loopt weer terug en komt dan met een koekjestrommel naar buiten. Hij vraagt aan Andy en Mirja of ze ook een koekje willen. Ze pakken allebei een koekje uit de trommel.
7
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 7
12-03-14 15:57
‘Zo, nou jij,’ zegt de oude visser, terwijl hij Wolfi een koekje geeft. ‘U moet hem niet zo verwennen,’ zegt Andy. ‘Die zegt wat. Jullie komen toch ook niks tekort.’ ‘Maar Wolfi mag niet zoveel snoepen.’ ‘Jullie zeker wel,’ lacht de oude visser. Opeens horen ze een piepend geluid en voelen ze een straal water, die als een regenbui over hen heen komt. ‘Die Dolfi mag je ook wel eens opvoeden,’ moppert de oude visser. ‘Moet je eens zien! Alles is nat.’ ‘U wilde toch een regenbui?’ vragen Mirja en Andy lachend. ‘Maar geen zout water, daar heb je niks aan.’ ‘Dolfi wil vast ook een koekje,’ zegt Mirja. ‘Wacht, dan haal ik wat vis, voor we weer een straal water over ons heen krijgen.’ De oude visser komt even later met een emmertje vis achter zijn huisje vandaan. ‘U moet hem niet te veel geven,’ zegt Andy. ‘Vis genoeg. Mijn zoon Wil brengt elke dag verse vis mee,’ antwoordt de oude visser. Hij glimlacht trots en gooit een paar vissen naar Dolfi, die ze handig opvangt. ‘Achter mijn huisje staat nog een emmertje voor jullie.’ ‘Als wij u niet hadden, dan moest Dolfi zelf vis vangen.’ ‘Jullie gaan toch vissen vandaag?’ ‘Maar niet op zeevis.’ ‘O ja, dat is waar ook. Jullie willen van die vette palingen vangen, zo groot als een slang.’ ‘Bestaan die dan echt?’ ‘Zeker weten. Als je maar weet waar ze zitten.’ ‘Dat zult u wel weten.’ ‘Vroeger ging ik ook wel eens op paling vissen. Het is nu te ver voor mij.’ ‘Waar deed u dat dan?’ vraagt Andy. ‘Het is hier wel ver vandaan en het is een wild en gevaarlijk eiland, waar veel dieren in het wild leven.’
8
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 8
12-03-14 15:57
‘Wilt u er ons wat over vertellen?’ vraagt Andy. Hij luistert altijd graag naar de verhalen van de oude visser. ‘Even mijn pijp stoppen.’ ‘Doet uw nieuwe pijp het goed of mist u die oude pijp?’ vraagt Mirja. ‘Nee hoor. Jullie hebben mij een pracht van een pijp gegeven. Die oude pijp was niks meer dan een steeltje met een afgebrand stukje kop.’ ‘Toch zeggen ze dat oude pijpen lekker zijn,’ zegt Andy wijs. ‘Dat is wel zo, maar deze doet het ook best en zeker omdat ik hem van jullie heb gekregen,’ antwoordt de oude visser. Hij neemt een paar flinke trekken en blaast een rookwolk uit. ‘U zou ons nog vertellen over dat eiland waar palingen zitten, die zo groot zijn als een slang.’ ‘O ja. Het is een wildernis met veel dieren en bomen en met planten die je hier niet veel meer ziet. Het is eigenlijk een soort oerwoud,’ begint de oude visser. Het is stil als hij begint te vertellen. Wolfi ligt in het zand en Dolfi zwemt om het bootje heen alsof hij hun bootje moet bewaken. Af en toe laat hij wat geluiden horen of neemt hij een grote sprong, om de aandacht te trekken. ‘Dat eiland is zo ruig dat er bijna nooit mensen komen. Je mag er nooit te ver in gaan, dat is gevaarlijk. Men zegt dat er nog wilde mensen wonen.’ ‘Hebt u er wel eens een gezien?’ ‘Nee.’ ‘Hoe kunt u dat dan weten?’ vraagt Andy. ‘Jaren geleden is er een boot verongelukt.’ ‘Kunnen er dan ook schepen varen?’ ‘Er lopen rivieren dwars door het oerwoud. Je moet er goed de weg weten.’ ‘Was die boot dan verdwaald?’ ‘Nee, dat niet. De boot is vastgelopen en de mensen op de boot zijn toen door een soort wilde mensen overvallen.’ ‘Echt waar?’Andy kijkt de oude visser vol ongeloof aan.
9
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 9
12-03-14 15:57
‘Ja, die mensen werden vermist. lk heb toen nog helpen zoeken met andere vissers.’ ‘Was u niet bang?’ vraagt Mirja. ‘Nee. We waren met veel mannen en we hadden geweren bij ons.’ ‘Hebben jullie die mensen nog gered?’ ‘Dat wel.’ ‘Gelukkig!’ ‘Zo gelukkig waren die man en vrouw niet,’ zegt de oude visser. ‘Was hun boot kapotgelopen op een rots of zo?’ vraagt Andy. ‘Ja, maar dat was het ergste niet. Ze hadden een zoontje bij zich en die was er niet meer.’ ‘Zeker verdronken in die rivier?’ zegt Andy. ‘Nee. Ze vertelden dat ze een soort aapmensen gezien hadden toen hun boot op de rotsen voer. Ze hadden zichzelf gered en een noodsein uitgezonden met hun mobiele telefoon. Toen wij hen vonden waren ze helemaal overstuur.’ ‘Maar jullie hebben ze toch gered?’ ‘Dat wel…’ ‘Hebben jullie nog gevochten met die aapmensen?’ ‘Nee, die waren weg en ook hun zoontje.’ ‘De drenkelingen vertelden dat die aapmensen hun zoontje meenamen en toen op de vlucht gingen.’ ‘Waren het nou mensen of apen?’ ‘Ze leken op wilde mensen, maar ook op apen. Ze waren helemaal behaard zoals apen, vertelden die man en vrouw.’ ‘Zijn jullie die jongen niet gaan zoeken?’ ‘Dat konden wij niet. Er werden soldaten van het leger naartoe gestuurd om te zoeken. Ze hebben die jongen nooit gevonden.’ ‘Dat is wel erg voor de vader en moeder,’ zegt Mirja verdrietig. ‘Soms gaat er nog wel eens een groep mensen zoeken. Het is zeker al zo’n zes jaar geleden.’ ‘Dan zal die jongen wel niet meer leven.’ ‘Dat denken de meeste mensen ook en daarom zoeken ze bijna niet meer, maar de ouders denken dat hun zoontje nog leeft bij die wilde mensen.’
10
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 10
12-03-14 15:57
‘Wat zullen die ouders verdrietig zijn.’ ‘Zeker.’ ‘Hebt u die mensen helpen redden?’ ‘Ja, maar we waren te laat om die jongen te redden.’ ‘En daar zitten ook die grote palingen?’ vraagt Andy. ‘Ja, ik ging er vroeger vaak vissen. Nu komen er niet veel mensen meer. Het is er prachtig, maar ook gevaarlijk. Die mensen met hun zoontje zijn te ver de rivier opgegaan. Dat heb ik nooit gedaan. Je kunt aan de mond van de rivier ook veel vis vangen. Je mag nooit te ver gaan, dan wordt de stroming in de rivier erg wild. Er zijn ook gevaarlijke rotsblokken in de rivier,’ legt de oude visser uit.
11
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 11
12-03-14 15:57
DOLFI, WOLFI EN DE ZEERIDDERS Deel 14
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 101
12-03-14 15:57
Namen van personen in dit boek: Mirja Veen – nichtje van Andy Andy Miller – neefje van Mirja Martin Veen – vader van Mirja Irma Veen – moeder van Mirja Karin Veen – zus van Mirja Jerry Miller – vader van Andy Wendy Miller – moeder van Andy Thea – een vriendin van Mirja in Nederland John – een collega van Andy’s vader bij de politie Dolfi – de dolfijn van Andy Wolfi – de herdershond van Mirja De oude visser Jim Amstrong – zoon van de familie Amstrong Meneer Amstrong – vader van Jim Wil – zoon van de oude visser Bil – matroos van het jacht van meneer Amstrong Kapitein – kapitein van het jacht ‘De Zeegolf’ De Zeeridders – jongens op waterscooters
102
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 102
12-03-14 15:57
1. TELEFOON MIDDEN IN DE NACHT Het is midden in de nacht als bij Andy thuis de telefoon gaat. ‘Ja, met Jerry Miller van de politiepost,’ zegt Jerry, de vader van Andy, die bij de waterpolitie werkt. ‘O… bent u het, meneer Amstrong, de vader van Jim?’ vraagt Jerry die het wel vreemd vindt dat de vader van Jim, het vriendje van Andy, midden in de nacht belt. ‘Ja… er is vannacht bij ons hier wat misgegaan en misschien kunt u ons helpen?’ antwoordt meneer Amstrong wat nerveus. ‘Dan moet het wel erg zijn, als u mij daarvoor midden in de nacht belt.’ ‘Mijn vrouw en ik konden niet slapen en dachten: misschien kunt u ons helpen.’ ‘Maar wat is er dan gebeurd?’ vraagt Jerry, terwijl nu ook Wendy, zijn vrouw, de moeder van Andy, rechtop in bed gaat zitten en luistert. ‘Jim… Jim, onze zoon, is ervandoor.’ ‘Jim van jullie?’ ‘Ja… hij komt nooit meer terug riep hij tegen ons.’ ‘Wanneer is dat gebeurd?’ ‘Gisteravond…’ ‘Maar die komt wel weer terug,’ antwoordt Jerry, die Jim goed kent en wel weet dat Jim erg avontuurlijk is. ‘We zijn bang dat er ongelukken van komen,’ antwoordt meneer Amstrong wat overstuur. ‘Hoezo?’ ‘Hij heeft de laatste tijd verkeerde vrienden. Hij gaat met een groep jongens om die verkeerde dingen doen.’ ‘Ach, Jim is wel avontuurlijk, maar dat hij echt zijn ouders in de steek laat, dat geloof ik niet.’ ‘Toch wel, en het is ook een beetje onze schuld.’ ‘Hoezo?’ ‘Hij wilde een waterscooter en daar zijn wij tegen, zijn vrienden hebben allemaal zo’n waterscooter.’
103
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 103
12-03-14 15:57
‘Is hij nu met zijn vrienden mee?’ ‘Ze kwamen hem ophalen. Een hele groep jongens op die waterscooters,’ antwoordt meneer Amstrong. ‘Waarom mag hij niet zo’n waterscooter van u?’ vraagt Jerry, die weet dat meneer Amstrong schatrijk is. Hij is directeur van een vliegtuigmaatschappij. ‘U weet dat onze zoon… wij hebben maar één kind, net als jullie.’ ‘Ja… wij hebben ook maar één zoon, dat is zo.’ ‘Jullie zoon Andy is een fijne jongen en wij willen graag dat hij meer met Jim omgaat.’ ‘Ze gaan toch vaak samen op vakantie,’ zegt Jerry. ‘Dat wel… maar nu gaat het fout met Jim,’ antwoordt meneer Amstrong. ‘U moet nu rustig gaan slapen, samen met uw vrouw. Morgenvroeg bel ik u wel of Jim weer terug is. U maakt zich zorgen om niks,’ stelt Jerry meneer Amstrong gerust. ‘Nee… ik denk dat het nu goed fout gaat.’ ‘Waarom denkt u dat?’ ‘Hij heeft nu verkeerde vrienden.’ ‘Die Jim van jullie heeft een sterk karakter, die laat zich niet zomaar door andere jongens te pakken nemen. Waarom hebt u hem niet zo’n waterscooter gegeven?’ ‘Om het geld gaat het niet. Onze jongen kan alles krijgen, maar die jongens waar hij nu mee omgaat moet u zien als een soort bende op zee. Ze hebben allemaal zo’n waterscooter en mijn zoon wil ik daar niet bij hebben.’ ‘Maar u kunt hem toch gerust zo’n waterscooter geven, daar is toch niks mis mee?’ ‘Dan sluit hij zich aan bij die bende, begrijpt u?’ ‘Nooit van zo’n bende gehoord,’ antwoordt Jerry. ‘Het zijn gevaarlijke jongens,’ zegt meneer Amstrong. ‘Oké… u gaat nu eerst nog wat slapen en dan hoor ik morgenvroeg wel wat voor groep dat is,’ stelt Jerry voor. ‘Dank u wel… en doe Andy de groeten van ons. Misschien kan
104
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 104
12-03-14 15:57
hij ons helpen met zijn dolfijn Dolfi,’ zegt meneer Amstrong. ‘Nee, liever niet, onze zoon heeft al te veel avonturen achter de rug,’ antwoordt Jerry. ‘Toch hebben uw zoon en zijn vriendin met haar herdershond Wolfi ons vaak gered. Wij zijn erg trots op hen,’ zegt meneer Amstrong. ‘Dat is wel zo, maar het was ook wel eens te gevaarlijk voor onze kinderen,’ antwoordt Jerry. ‘Dat is waar, maar die dolfijn Dolfi en die herdershond Wolfi zijn wel echte speurders.’ ‘Daar hebt u gelijk in.’ ‘Daarom hopen wij dat Andy misschien onze zoon Jim kan ompraten en dat hij met hem meegaat op zee.’ ‘Dat moet Jim zelf ook willen, jullie wonen hier te ver vandaan.’ ‘Jammer genoeg wel.’ ‘Nogmaals… gaat u nu gerust slapen, morgen hoort u wel van ons,’ zegt Jerry, die zelf ook nog wat wil slapen voor de morgen aanbreekt en hij als politieman zijn werk weer moet doen op de politieboot. Jerry drukt de telefoon uit en gaat liggen en knipt dan het nachtlampje uit. ‘Is het erg met Jim?’ vraagt Wendy dan. ‘Dat zou ik echt niet weten. Je weet dat Jim erg avontuurlijk is aangelegd en hij is erg verwend door zijn rijke ouders.’ ‘Dus hij heeft verkeerde vrienden?’ ‘Hij vroeg aan zijn ouders een waterscooter.’ ‘Waarom krijgt hij die dan niet?’ ‘Die vrienden hebben ook allemaal zo’n waterscooter en ze vormen samen een soort club, of een bende, zoals meneer Amstrong het noemt.’ ‘Die waterscooters zijn erg gevaarlijk. Als je die jongens ermee over het water ziet scheuren,’ zegt Wendy. ‘Jim komt heus wel weer terug bij zijn ouders,’ antwoordt Jerry. ‘Amstrong belt ons niet voor niks midden in de nacht.’ ‘Dat is wel vreemd, ja…’
105
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 105
12-03-14 15:57
‘Als Andy en Mirja zich er maar niet mee gaan bemoeien,’ zucht Wendy. ‘Laten we nog wat gaan slapen. Morgen bel ik Jims ouders wel terug.’ ‘Oké,’ zegt Wendy en probeert ook te slapen. ’s Morgens, als ze aan het ontbijt zitten, vraagt Andy aan zijn ouders: ‘Ik hoorde vannacht de telefoon gaan?’ ‘Ja…’ zegt Jerry en zwijgt verder. ‘Moest u er niet uit met de politieboot of zo?’ vraagt Andy, die merkt dat er ’s nachts wat gebeurd is dat hij niet mag weten. ‘Is het geheim, pa?’ ‘Zeur niet zo.’ ‘Slecht geslapen, pa?’ lacht Andy gemeen. ‘Je vader en ik hebben vannacht weinig geslapen,’ zegt Wendy. ‘Door dat telefoontje zeker?’ ‘Ja… antwoordt Wendy. Als ze gedankt hebben, gaat Jerry naar de politieboot, waar John, zijn collega, hem al opwacht. Als Andy dan alleen is met zijn moeder, vraagt hij: ‘Waarom doet pa zo geheimzinnig?’ ‘Je moet niet zo zeuren.’ ‘Dus u weet wel wat er aan de hand is, dan is het geen politiegeheim.’ ‘Kun jij je mond houden?’ ‘Zeker weten, ma.’ ‘Het gaat om Jim…’ ‘Jim Amstrong?’ ‘Ja…’ ‘Wat heeft die nu weer uitgehaald, of is hij erg ziek? Ze bellen je niet zomaar midden in de nacht,’ vraagt Andy nieuwsgierig. ‘Hij is gisteravond kwaad bij zijn ouders weggegaan.’ ‘En moeten ze pa daar midden in de nacht voor bellen?’ ‘Ze hebben maar één zoon en jij weet ook wel dat Jim wel eens gevaarlijke dingen doet.’
106
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 106
12-03-14 15:57
‘Dat is wel zo, maar waarom is hij kwaad weggegaan?’ ‘Hij wilde een waterscooter.’ ‘Krijgt hij die niet?’ ‘Nee…’ ‘Maar zijn ouders zijn schatrijk. Het is de rijkste familie van ons land.’ ‘Daarom hoeven kinderen nog niet altijd hun zin te krijgen.’ ‘Volgens mij krijgt Jim altijd waar hij zin in heeft, niet dan?’ ‘Maar nu niet, Andy,’ antwoordt zijn moeder met een bezorgd gezicht. ‘Zo’n scooter, daar is toch niks mis mee?’ ‘Nee, dat niet.’ ‘Waarom krijgt hij hem dan niet?’ ‘Hij heeft verkeerde vrienden.’ ‘Wat heeft dat met een waterscooter te maken?’ ‘Die vrienden… luister Andy… ik mag het jou eigenlijk niet vertellen… toch doe ik het wel. Het zijn gevaarlijke vrienden.’ ‘Waarom mag u het mij niet vertellen? Jim is immers ook een vriend van mij en Mirja en als er wat mis is met mijn vriend Jim, dan wil ik dat graag weten,’ zegt Andy wat kort. ‘Die vrienden waar hij nu mee omgaat hebben allemaal zo’n waterscooter.’ ‘Wat is daar mis mee?’ ‘Die vrienden hebben een soort club.’ ‘Nou en?’ ‘Eigenlijk is het een soort jeugdbende,’ legt Wendy uit. ‘Wat doen ze dan?’ ‘Dat weten wij nog niet.’ ‘Waarom maken jullie je dan zo druk om Jim?’ ‘Zijn ouders zijn bang dat hij gevaarlijke dingen gaat doen.’ ‘Jim kan goed zwemmen en die waterscooters kun je vergelijken met een soort brommer, maar dan op het water, daar is niks mis mee. Ik begrijp echt niet waar Jims ouders zich zo druk om maken en jullie midden in de nacht gaan bellen.’
107
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 107
12-03-14 15:57
‘Vergeet niet dat Jim weggegaan is met die vrienden, omdat hij zijn zin niet heeft gekregen.’ ‘Ik krijg zo vaak mijn zin niet,’ lacht Andy. ‘Daar moet je niet om lachen. Jim wil graag flink doen en dan kunnen er ongelukken van komen. Zijn ouders zijn erg ongerust. Ze hebben al te veel meegemaakt met Jim zoals je best weet.’ ‘Dat is wel zo, maar Jim komt heus wel weer boven water,’ antwoordt Andy.
108
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 108
12-03-14 15:57
DOLFI, WOLFI EN HET OUDE OORLOGSSCHIP Deel 21
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 223
12-03-14 15:58
Namen van personen in dit boek: Mirja Veen – nichtje van Andy Andy Miller – neefje van Mirja Irma Veen – moeder van Mirja Martin Veen – vader van Mirja Karin Veen – zus van Mirja Jerry Miller – vader van Andy Wendy Miller – moeder van Andy John – collega van Andy’s vader (politie) Dolfi – de dolfijn van Andy Wolfi – de herdershond van Mirja De oude visser Wil – zoon van de oude visser Jim Amstrong – vriend van Andy en Mirja Meneer Amstrong – vader van Jim Mevrouw Amstrong – moeder van Jim Kapitein – kapitein van het zeejacht De Zeegolf Bill – matroos op het zeejacht De Zeegolf Ranger – een visser
224
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 224
12-03-14 15:58
1. DE SPEEDBOOT VAN MIRJA’S VADER ‘Waar blijft ze nou?’ moppert Andy. ‘Wat is er met jou?’ vraagt Jerry, Andy’s vader. ‘Ach, ze is altijd te laat.’ ‘Wie?’ ‘Mirja.’ ‘O, je meisje,’ lacht John, de collega van Andy’s vader. ‘Kan ik niet een dag met jullie mee?’ vraagt Andy als hij ziet dat zijn vader en John de politieboot klaarmaken om de zee op te gaan. ‘Nee, jongen, daar ben je nog te jong voor.’ ‘Laat me niet lachen, ik kan jullie toch helpen met boeven vangen?’ ‘Ga jij maar genieten van je vakantie, samen met Mirja.’ ‘Het is al bijna negen uur en ze is er nog niet.’ ‘Hebben jullie afgesproken?’ ‘Nee, dat niet. Maar ze is meestal om acht uur hier in de haven,’ antwoordt Andy. ‘Dan ga je haar toch halen.’ ‘Nou ja…’ ‘Ze heeft vast een andere vriend,’ lacht John. ‘Mij best, dan ga ik wel alleen naar de oude visser om vis te halen voor Dolfi.’ ‘Jij altijd met je vis halen… Die dolfijn van je kan toch zelf wel vis vangen of is hij daar te lui voor?’ ‘U heeft het over Dolfi, pa,’ zegt Andy kwaad. Precies op dat moment zien ze een dolfijn de haven in springen. ‘O, kijk eens! Je vriend heeft vast gehoord dat je het over vis had,’ lacht John. Andy duikt de haven in. Het is nog ochtend, maar al behoorlijk warm. Hij heeft dan ook alleen maar een korte broek en een hemd aan. Samen met Dolfi zwemt hij in de haven. Hij pakt Dolfi bij een van zijn zijvinnen en zo trekt de dolfijn hem mee de haven door. Hij piept tegen Andy, alsof hij wil zeggen: ‘Gaan we nog
225
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 225
12-03-14 15:58
niet naar de oude visser? Ik heb wel trek in een paar visjes.’ Er klinkt hondengeblaf. Het is Wolfi. Hij springt in het water. Daarna ziet hij ook Mirja. Andy en Mirja wonen zo’n honderd meter van elkaar vandaan. Andy woont met zijn ouders in de haven bij de politiepost, waar ook altijd de politieboot klaarligt. Andy heeft een speedboot die altijd vlak naast de politieboot ligt. Mirja woont samen met haar zus Karin en haar ouders in een gewoon huis. Haar vader werkt op een kantoor van de politie in de stad. Ze heeft een hond die Wolfi heet. Die hebben ze een keer gered. Hij zat vastgebonden op een vlonder op zee. Andy’s vader heeft Dolfi als klein dolfijntje meegebracht. Hij was door zijn moeder verlaten. Andy heeft hem alleen grootgebracht en veel kunstjes geleerd. Dolfi en Wolfi zijn goede vrienden van elkaar. Mirja duikt ook de haven in en zwemt naar de rest toe. ‘Wat ben je laat.’ ‘Ik mocht eerst niet gaan.’ ‘Ben je weer eens ongehoorzaam geweest?’ ‘Nee, ik niet, maar die zus van mij maakte ruzie over Wolfi. Toen heb ik haar een pets gegeven en moest ik naar boven. Om af te koelen, zei mijn moeder.’ ‘En ben je afgekoeld?’ ‘Doe gewoon, man.’ ‘Volgens mij nog niet,’ lacht Andy. Mirja neemt een duik en geeft hem een mep tegen zijn buik. Andy duikt onder haar en tilt haar omhoog. ‘Niet doen, Andy!’ roept Mirja. ‘Moet je mij maar niet slaan… Ga maar afkoelen,’ grapt Andy. Mirja zwemt terug en klimt op de kade. Wolfi zwemt haar achterna en begint te blaffen tegen de politieboot als deze de haven uit vaart en een keer de sirene van de politieboot laat horen als afscheid. Andy zit nu ook op de kade, naast Mirja, en zwaait naar de politieboot. ‘Mochten we maar mee,’ zegt hij.
226
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 226
12-03-14 15:58
‘Dan had je het moeten vragen,’ zegt Mirja. ‘Dat heb ik ook gedaan. Ik ben nog te jong.’ ‘Daar heeft hij wel gelijk in.’ ‘Maar als ze de boeven niet te pakken krijgen, moeten wij het vaak oplossen. Toch?’ ‘Zij zijn politiemannen en wij zijn nog kinderen.’ ‘Meen je dat echt?’ ‘Ja, hoor, en vooral jij.’ ‘Hoezo?’ ‘Soms doe je zo kinderachtig, net een klein kind dat niet met zijn vader mee mag,’ plaagt Mirja. ‘Doe even gewoon!’ ‘Waarom zeur je dan altijd dat je met je vader en John mee wilt?’ ‘Zou jij dat dan niet willen?’ ‘Nee, echt niet.’ ‘Waarom niet?’ ‘De hele dag op zo’n politieboot zitten met twee politiemannen die vaak tevergeefs boeven proberen te vangen?’ ‘Het is juist spannend als ze achter de boeven aan zitten.’ ‘Niks aan. Ik ga liever met Wolfi en Dolfi de zee op, lekker naar ons eilandje om te zwemmen.’ ‘Mag ik dan ook mee?’ vraagt Andy met een plagerig lachje op zijn gezicht. ‘Nou, daar moet ik eerst nog eens over nadenken,’ lacht Mirja. ‘Je hebt niet eens een speedboot. Zonder mij kom je nergens.’ ‘O nee? Ik kan toch de speedboot van mijn vader pikken!’ ‘Dat durf je niet.’ ‘O nee?’ ‘Zeker weten dat je het niet durft.’ Mirja staat zonder wat te zeggen op en rent terug naar het huis van haar ouders. Andy kijkt haar verbaasd achterna. Ze zal toch niet… Nee, dat durft ze niet… Wolfi rent achter haar aan. Andy weet niet wat hij nu zal gaan doen. Moet hij achter haar
227
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 227
12-03-14 15:58
aan? Ze is vast kwaad op hem. Zou ze nog terugkomen? Of zou ze echt de speedboot van haar vader gaan pikken? Nee, dat durft ze niet… ‘Laat ik maar weer de minste zijn en naar haar toe gaan,’ moppert Andy. Dan ziet hij in de verte een speedboot aankomen. Het zal toch niet waar zijn… ja… ja, ze is het… O, als haar vader het ziet… Maar hij is natuurlijk naar kantoor in de stad. Mirja vaart met de speedboot naar de aanlegsteiger waar de politieboot heeft gelegen. Wolfi zit bij haar in de speedboot en blaft alsof hij wil zeggen: ‘Mijn baasje heeft ook een speedboot, samen met mij.’ Andy staat met zijn handen voor zijn mond en zegt: ‘Als je vader erachter komt, Mirja…’ ‘Je ziet dat ik ook wel zonder jou kan… verwend kereltje!’ roept Mirja trots. ‘O, als je vader erachter komt!’ roept Andy terug. Mirja legt de speedboot vast aan de aanlegsteiger. Ze loopt naar Andy en vraagt: ‘Ga je mee in mijn speedboot?’ ‘Jouw speedboot, laat me niet lachen. Weten je moeder en je zus er ook niks van?’ ‘Waarom moeten die het weten? Ik leen gewoon een keer de speedboot van mijn vader. Is dat dan zo gek?’ ‘Ja, je vader kennende wel, Mirja. Als hij erachter komt, dan staat jou heel wat te wachten.’ ‘Ga je mee of blijf je hierover aan het zeuren?’ vraagt Mirja pittig. ‘Nee…’ ‘Waarom niet?’ ‘Ik wil geen moeilijkheden met je vader… Je weet heel goed dat je niet met zijn boot mag varen.’ ‘Heus wel. Kom op!’ ‘Ga het dan eerst aan je moeder vragen.’ ‘Nee.’ ‘Waarom niet?’ ‘Al dat gezeur. Dan begint Karin zich er ook mee te bemoeien.’
228
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 228
12-03-14 15:58
‘Breng die speedboot nou maar terug, dan gaan we met mijn speedboot. Dat doen we toch altijd. Ja toch?’ ‘Jij denkt dat ik niet zonder jou de zee op kan…’ ‘Ach, ik meende het niet echt…’ ‘Toch zeg je het wel vaker.’ ‘Waarom vraag je niet zelf een speedboot aan je ouders, net als ik?’ ‘Dat heb ik al zo vaak gedaan, maar dat vinden ze te gevaarlijk. Het is een wonder dat ik bij jou in de speedboot mag.’ ‘Nou, kom op en breng die speedboot terug, dan ga je met mij mee,’ zegt Andy die spijt heeft dat hij gezegd heeft dat Mirja zonder hem de zee niet op kan. Mirja springt in de speedboot van haar vader en start de motor. ‘Ga je hem terugbrengen?’ ‘Echt niet, ga je mee?’ ‘Nee, daar doe ik niet aan mee.’ ‘Dan niet…’ Mirja geeft gas en vaart de haven uit. Andy start de motor van zijn speedboot en gaat erachteraan. Als Andy naast haar vaart, zegt hij: ‘Zullen we doen wie het eerst bij de oude visser is?’ Zonder antwoord te geven geeft Mirja vol gas en vliegt ze over de golven. Andy, die achter raakt, geeft ook vol gas en heeft in de gaten dat de motor van de speedboot van Mirja’s vader meer kracht heeft. Andy is alleen wat slimmer en stuurt zijn speedboot meer de zee op, terwijl Mirja langs de kust vaart. Als Mirja op een gegeven ogenblik achterom kijkt, ziet ze Andy niet meer. Waar zou hij zijn? Andy, die al snel het eiland van de oude visser ziet vanuit de zee, vaart recht op de aanlegsteiger af. De oude visser ziet hem al aankomen. Andy gooit het dikke touw naar de oude visser die het vastmaakt aan een van de meerpalen van de aanlegsteiger. ‘Alles goed met u?’ vraagt hij ondertussen. ‘Prima, jongen… is Mirja ziek of zo?’
229
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 229
12-03-14 15:58
‘Nee, ze is onderweg hierheen,’ lacht Andy gemeen. ‘Onderweg… heeft ze een speedboot gekregen?’ ‘Nou, niet gekregen.’ ‘Wat dan?’ vraagt de oude visser ongerust. ‘Ze heeft er een geleend,’ antwoordt Andy. ‘Van wie?’ ‘U gelooft het niet… van haar vader.’ ‘Mocht dat zomaar? Die boot is hem erg dierbaar, daar mag niemand aankomen… Weet hij er wel van?’ ‘Dat vraagt u zo meteen zelf maar aan haar. Ik ga niet klikken.’ ‘Nou ja, Mirja zal wel weten wat ze doet. Het is een verstandig meisje.’ ‘Ha, ha… laat me niet lachen.’ ‘Daar moet je niet om lachen. Het is je vriendin en ze zal echt niet de boot van haar vader zomaar meenemen zonder het eerst te vragen.’ ‘Haar vader was niet thuis, dus…’ ‘Ze houdt je vast voor de gek. Ze heeft het vanmorgen gevraagd en dat jou niet verteld,’ zegt de oude visser, die geen kwaad in Mirja ziet. Andy kijkt de oude visser aan en denkt: zou het waar zijn? Ze was vanmorgen wel later dan anders… Maar zou haar vader daar zomaar toestemming voor geven? Nee, Andy kan het niet geloven.
230
KOKT_1403_DolfienWolfi_Omnibus_02_BW_02.indd 230
12-03-14 15:58
CMYK
141 mm
8 mm
2
SPANNENDE AVONTUREN De boeken in deze omnibus zijn door kinderen zelf gekozen als de allermooiste en spannendste delen uit de Dolfi en Wolfi-serie.
221 mm
Deze omnibus bestaat uit: Dolfi, Wolfi en de vreemde apen (deel 5) Dolfi, Wolfi en de zeeridders (deel 14) Dolfi, Wolfi en het oude oorlogsschip (deel 21)
ISBN 978 90 8865 293 6 NUR 283/284
J.F. VAN DER POEL
Mirja Veen en Andy Miller beleven weer de spannendste avonturen langs de mooie kust van de Key-eilanden in Amerika. Ze krijgen te maken met ‘de Zeeridders’, met vreemde apen en een bende gevaarlijke criminelen. Gelukkig worden ze geholpen door de dappere hond Wolfi en de slimme dolfijn Dolfi, die Andy en Mirja bevrijden uit allerlei riskante situaties.
Dolfi enWolfi SPANNENDE AVONTUREN
OMNIBUS
34 mm
OMNIBUS
2
8 mm
141 mm
Dolfi en Wolfi J.F. VAN DER POEL
SPANNENDE AVONTUREN OMNIBUS
2