Skip to main content

Inkijkexemplaar Het nieuwe handboek druiven - Fred Lorsheijd

Page 1

DRUIVEN Het nieuwe handboek druiven is een handige gids voor de steeds groter wordende groep mensen die geïnteresseerd zijn in het zelf maken van wijn. Alles komt aan bod: de enorme verscheidenheid aan druivenrassen, hoe je wijn verbouwt en maakt, en zelfs hoe je een eigen wijngaard kunt aanleggen. De handige overzichten met geschikte rassen, de opkweekfase, de latere verzorging en de gewasbescherming, zorgen ervoor dat geen enkele druif nog geheimen kent voor de beginnende wijnboer! Deze geheel herziene uitgave is rijk geïllustreerd met vele tekeningen en foto’s en aangevuld met de jongste druivenrassen.

FRED LORSHEIJD

Het nieuwe handboek

DRUIVEN Nederland en Vlaanderen

FRED LORSHEIJD

I S B N 978-90-5210-900-8

9

Het nieuwe handboek DRUIVEN

Het nieuwe handboek

789052 109008

www.tirion.nl

20120527 Het nieuwe handboek Druiven – COVER.indd 1

TIRION NATUUR

TIRION NATUUR

TIRION NATUUR

16-01-13 10:50


Inhoud

Voorwoord 5

1 2

Eeuwenlang druiven en wijn

6

Druivensoorten en -rassen 12 Druivensoorten 12 Druivenrassen met mogelijkheden 14 Wijndruiven 15 Tafeldruiven 31 Pitloze tafeldruiven 36 Onderstammen 38 Rassenlijst 40

3

Groeifactoren en aanplanten 44 Warmte en licht 44 Windbeschutting 46 Nachtvorst 47 Terroir 48 Grondsoorten 49 Bodemwater 50 Meststoffen 52 Aanplanten 55 Plantafstanden 57

4

Dit boek is gepubliceerd door Tirion Uitgevers Postbus 13288 3507 LG Utrecht www.tirion.nl Omslagontwerp Teo van Gerwen Design Vormgeving binnenwerk Oranje Vormgevers, Eindhoven Foto’s binnenwerk Fred Lorsheijd Illustraties Anke Nobel

ISBN 978 90 5210 900 8 NUR 424

any other means without prior written ­permission from the publisher.

Tweede druk 2012

Deze uitgave is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Noch de maker, noch de uitgever stelt zich echter aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van eventuele onjuistheden en/of onvolledigheden in deze uitgave.

© 2003 Kosmos-Z&K Uitgevers B.V., Utrecht © 2012 Tirion Uitgevers, Utrecht Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, photocopy, microfilm or

Druivenstokken gezond houden 58 Schimmelaantastingen 60 Dierlijke belagers 70 Andere problemen 80 Schema ziektebestrijding 82 Onkruidbestrijding 85 Een gewaarschuwd mens telt 86 voor twee!

5

Snoei- en geleidingsmethoden 88 Guyotsnoei – korte stammen met 89 lang eenjarig hout Cordonsnoei – kort eenjarig hout 92 Opkweken tegen een pergola 94 Opkweken tegen een muur 96 Gordijnsystemen 96 Snoeien van oude verwaarloosde 99 druivenstokken Materialen voor ondersteuning 99

3

6 Vermeerdering 104

Nieuwe rassen kweken Selectie van klonen Vermeerderen door stekken Vermeerderen door enten

104 107 108 112

7

Werkzaamheden gedurende 116 het jaar Werk aan het eind van de winter 116 en in het voorjaar Werk in de zomer 120 Werk in de nazomer 122 Werk in de herfst 124 Werk in de winter 124

8

Start van een (commerciële) wijngaard Overwegingen vooraf Instanties en regelingen

126 126 128

9 Wijn maken 132 Rijping en suikergehalte 132 De oogst 135 Witte wijn 138 Roséwijn 141 Rode wijn 142 Verdere verwerking van de wijn 149 Wederom een gewaarschuwd mens 152 telt voor twee!

10 Belangrijke adressen

153 Wijnbouwverenigingen 153 Andere organisaties 153 Musea 154 Druivenplanten 154 Wijnbouwmaterialen en materialen 155 voor de wijnmakerij Bodemonderzoek 155 Literatuur 156 Register 157

INHOUD


Inhoud

Voorwoord 5

1 2

Eeuwenlang druiven en wijn

6

Druivensoorten en -rassen 12 Druivensoorten 12 Druivenrassen met mogelijkheden 14 Wijndruiven 15 Tafeldruiven 31 Pitloze tafeldruiven 36 Onderstammen 38 Rassenlijst 40

3

Groeifactoren en aanplanten 44 Warmte en licht 44 Windbeschutting 46 Nachtvorst 47 Terroir 48 Grondsoorten 49 Bodemwater 50 Meststoffen 52 Aanplanten 55 Plantafstanden 57

4

Dit boek is gepubliceerd door Tirion Uitgevers Postbus 13288 3507 LG Utrecht www.tirion.nl Omslagontwerp Teo van Gerwen Design Vormgeving binnenwerk Oranje Vormgevers, Eindhoven Foto’s binnenwerk Fred Lorsheijd Illustraties Anke Nobel

ISBN 978 90 5210 900 8 NUR 424

any other means without prior written ­permission from the publisher.

Tweede druk 2012

Deze uitgave is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Noch de maker, noch de uitgever stelt zich echter aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van eventuele onjuistheden en/of onvolledigheden in deze uitgave.

© 2003 Kosmos-Z&K Uitgevers B.V., Utrecht © 2012 Tirion Uitgevers, Utrecht Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, photocopy, microfilm or

Druivenstokken gezond houden 58 Schimmelaantastingen 60 Dierlijke belagers 70 Andere problemen 80 Schema ziektebestrijding 82 Onkruidbestrijding 85 Een gewaarschuwd mens telt 86 voor twee!

5

Snoei- en geleidingsmethoden 88 Guyotsnoei – korte stammen met 89 lang eenjarig hout Cordonsnoei – kort eenjarig hout 92 Opkweken tegen een pergola 94 Opkweken tegen een muur 96 Gordijnsystemen 96 Snoeien van oude verwaarloosde 99 druivenstokken Materialen voor ondersteuning 99

3

6 Vermeerdering 104

Nieuwe rassen kweken Selectie van klonen Vermeerderen door stekken Vermeerderen door enten

104 107 108 112

7

Werkzaamheden gedurende 116 het jaar Werk aan het eind van de winter 116 en in het voorjaar Werk in de zomer 120 Werk in de nazomer 122 Werk in de herfst 124 Werk in de winter 124

8

Start van een (commerciële) wijngaard Overwegingen vooraf Instanties en regelingen

126 126 128

9 Wijn maken 132 Rijping en suikergehalte 132 De oogst 135 Witte wijn 138 Roséwijn 141 Rode wijn 142 Verdere verwerking van de wijn 149 Wederom een gewaarschuwd mens 152 telt voor twee!

10 Belangrijke adressen

153 Wijnbouwverenigingen 153 Andere organisaties 153 Musea 154 Druivenplanten 154 Wijnbouwmaterialen en materialen 155 voor de wijnmakerij Bodemonderzoek 155 Literatuur 156 Register 157

INHOUD


voorwoord Een nieuw boek schrijven is als het maken van een nieuwe wijn, altijd weer spannend, wordt het wat je ervan verwacht? Zo is een nieuw boek voor de lezer net zo spannend. Brengt het in dit geval de kennis die je hoopt te vinden? Ook voor de lezer is het als een nieuwe onbekende wijn. De eerste slok, nodigt die uit tot de volgende? De eerste woorden, geven die aanleiding tot het volledig uitlezen van het boek?

Hellingen zoals hier bij Piesport langs de Moezel werden al in de Romeinse tijd met druiven ingeplant.

Druiventeelt was in de oude Griekse samenleving zo belangrijk dat druiventrossen werden afgebeeld op munten uit de wijnbouwstreken.

De vorige boeken die ik heb geschreven ­hebben mede aanleiding gegeven tot een gezonde groei van de wijnbouw in Nederland en Vlaanderen. Was Nederwijn 20 jaar terug nog heel erg onbekend en daardoor onbemind, nu heeft iedereen wel eens gehoord van wijn uit eigen omgeving en zijn in iedere provincie wijngaarden te vinden? En eerlijk is eerlijk: “onze” Nederwijnen, ontstaan uit al enkele honderden Nederlandse en Vlaamse wijngaarden, worden met de jaren steeds ­beter. Iets om trots op te zijn! Dat op zich is al erg leuk en een reden om een nieuw boek te maken. Dit boek is een logisch vervolg op het vorige Handboek Druiven, dat in 2003 geschreven is. Dit boek was nodig aan vervanging toe, in onze huidige wereld gaan ontwikkelingen erg snel op allerlei gebied; de druiventeelt en wijnbouw blijven daarbij niet achter. In de afgelopen tientallen jaren zijn vele nieuwe druivenrassen verschenen, en vele destijds veelbelovende rassen weer verdwenen. Bestrijdingsmiddelen tegen schimmels en plagen verschijnen en verdwijnen al net zo

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

4

snel. Andere onderwerpen zoals snoeien en vermeerderen blijven over de jaren vrijwel ­gelijk. Soms komen er nieuwe inzichten over de snoei en geleiding, maar veel blijft toch wel hetzelfde. Met het vorige boek als basis en met de kennis opgedaan tijdens studie­ reizen, bezoeken aan proefstations en de ­ervaringen die we hebben opgedaan in onze ­eigen wijngaard, heb ik dit boek geschreven. Ik ben me er echter terdege van bewust dat de tijd snel gaat en dat kennis van vandaag morgen alweer achterhaald kan zijn. Veel praktische ervaring blijft zijn waarde wel behouden en ik hoop dat dit boek daardoor een waardevolle aanvulling is en nog jaren plezier en kennis zal bieden aan ieder die het leest. Ik heb mijn best gedaan al mijn enthousiasme er in te stoppen en weet dat de uitgever er een mooi boek van zal maken. Ik wens u allen veel leesplezier, veel succes met de druiven in de eigen tuin of wijngaard en ik wens u vooral heel veel mooie wijn. Fred Lorsheijd Simonshaven, zomer 2012

5

VOORWOORD


voorwoord Een nieuw boek schrijven is als het maken van een nieuwe wijn, altijd weer spannend, wordt het wat je ervan verwacht? Zo is een nieuw boek voor de lezer net zo spannend. Brengt het in dit geval de kennis die je hoopt te vinden? Ook voor de lezer is het als een nieuwe onbekende wijn. De eerste slok, nodigt die uit tot de volgende? De eerste woorden, geven die aanleiding tot het volledig uitlezen van het boek?

Hellingen zoals hier bij Piesport langs de Moezel werden al in de Romeinse tijd met druiven ingeplant.

Druiventeelt was in de oude Griekse samenleving zo belangrijk dat druiventrossen werden afgebeeld op munten uit de wijnbouwstreken.

De vorige boeken die ik heb geschreven ­hebben mede aanleiding gegeven tot een gezonde groei van de wijnbouw in Nederland en Vlaanderen. Was Nederwijn 20 jaar terug nog heel erg onbekend en daardoor onbemind, nu heeft iedereen wel eens gehoord van wijn uit eigen omgeving en zijn in iedere provincie wijngaarden te vinden? En eerlijk is eerlijk: “onze” Nederwijnen, ontstaan uit al enkele honderden Nederlandse en Vlaamse wijngaarden, worden met de jaren steeds ­beter. Iets om trots op te zijn! Dat op zich is al erg leuk en een reden om een nieuw boek te maken. Dit boek is een logisch vervolg op het vorige Handboek Druiven, dat in 2003 geschreven is. Dit boek was nodig aan vervanging toe, in onze huidige wereld gaan ontwikkelingen erg snel op allerlei gebied; de druiventeelt en wijnbouw blijven daarbij niet achter. In de afgelopen tientallen jaren zijn vele nieuwe druivenrassen verschenen, en vele destijds veelbelovende rassen weer verdwenen. Bestrijdingsmiddelen tegen schimmels en plagen verschijnen en verdwijnen al net zo

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

4

snel. Andere onderwerpen zoals snoeien en vermeerderen blijven over de jaren vrijwel ­gelijk. Soms komen er nieuwe inzichten over de snoei en geleiding, maar veel blijft toch wel hetzelfde. Met het vorige boek als basis en met de kennis opgedaan tijdens studie­ reizen, bezoeken aan proefstations en de ­ervaringen die we hebben opgedaan in onze ­eigen wijngaard, heb ik dit boek geschreven. Ik ben me er echter terdege van bewust dat de tijd snel gaat en dat kennis van vandaag morgen alweer achterhaald kan zijn. Veel praktische ervaring blijft zijn waarde wel behouden en ik hoop dat dit boek daardoor een waardevolle aanvulling is en nog jaren plezier en kennis zal bieden aan ieder die het leest. Ik heb mijn best gedaan al mijn enthousiasme er in te stoppen en weet dat de uitgever er een mooi boek van zal maken. Ik wens u allen veel leesplezier, veel succes met de druiven in de eigen tuin of wijngaard en ik wens u vooral heel veel mooie wijn. Fred Lorsheijd Simonshaven, zomer 2012

5

VOORWOORD


2 Druivensoorten en -rassen

Er zijn een tiental soorten en duizenden rassen bekend. Volgens de vakliteratuur loopt het aantal rassen ergens in de 17.000, maar waarschijnlijk zijn het er nog veel meer. Als je berekent dat de verschillende proefstations per jaar duizenden pitten zaaien en uit iedere pit een nieuw ras ontstaat, moeten het wel veel meer rassen zijn. Natuurlijk is dit boek niet bedoeld om al die rassen te gaan behandelen. Daar heb je een boek voor nodig met het formaat van de Statenbijbel; en wie wil al die rassen nu gaan doorlezen? Daarom hierna een keuze van oude bekende rassen en vele nieuwe veelbelovende rassen.

DRUIVENSOORTEN In Europa kennen we maar één druivensoort, de Vitis vinifera. Uit deze oerdruif zijn enkele onderverdelingen ontstaan (Vitis vinifera sativa en Vitis vinifera caucasica) en hieruit weer alle nu bekende rassen. In Amerika bestaan veel meer druivensoorten dan in Europa. Opvallend aan deze soorten is dat de smaak sterk afwijkt van wat wij gewend zijn van onze Europese druif. Afwijkend in de zin van soms niet echt lekker en vaak zelfs regelrecht vies! In het beste geval smaken deze druiven naar aardbei of framboos; in het slechtste geval naar mottenballen, petroleum of nat honden- of vossenhaar (‘foxy’ zoals men dit noemt). Toch is een aantal van deze Amerikanen voor de druiventeelt en wijnbouw in Eu-

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

ropa van groot belang geweest. Na de import van beide meeldauwziektes en de druifluis bleken na onderzoek de Amerikaanse soorten een goede weerstand te hebben. Door de wortels van deze soorten te gebruiken kon de wijnbouw in stand gehouden worden. De soorten Vitis riparia, V. rupestris, V. cinerea, en V. berlandieri zijn als ouders voor talloze onderstammen van groot belang geweest. En door deze soorten en ook de Amerikaanse V. labrusca met Europese rassen te kruisen was het mogelijk nieuwe schimmelresistente rassen te telen. Deze hadden oorspronkelijk geen goede kwaliteit vruchten of wijn. Ze waren niet goed genoeg om ze aan te planten. Vooral de V. labrusca staat bekend om de foxy smaak. In het oosten van de VS komen echter vele nakomelingen van deze druif voor die

12

Waar het oosten en het westen samenkomen: Vitis coignetiae gebroederlijk naast Vitis vinifera tegen een zonnige zuidmuur.

13

DRUIVENSOORTEN EN -RASSEN


Voordat de wortelplanten de grond in gaan worden de wortels teruggesnoeid tot ca. 15 cm; dit bevordert de groei van nieuwe ­wortels. De kop van de plant wordt terug­ gesnoeid tot op 2 à 3 ogen. Als de stokken al door de kwekerij worden terug gesnoeid wordt de kop meestal behandeld met paraffine. Hierdoor worden de ogen beschermd tegen uitdrogen en schimmelaantasting. De paraffine hoeft niet te worden verwijderd!

BODEMBEHANDELING Vóór het planten wordt de grond goed voorbereid door er compost of organische mest door te werken en kunnen de palen alvast ­geplaatst worden. Na het graven van een plantgat gaat de druivenstok de grond in en worden de wortels goed uitgespreid in het gat. De stok dient met de kop ongeveer 10 cm boven de grond uit te steken. Als de stok staat, wordt het gat dichtgegooid en de grond stevig aangedrukt zodat de wortels goed contact maken met de grond. Het is niet aan te raden bemeste tuinaarde of andere mest in het plantgat direct bij de wortels te doen. Dit geeft verdroging van de jonge wortels met als gevolg afstervende planten! Mest trekt namelijk vocht aan en in dit geval dus uit de wortels. Hans Beurskens van Wijngaard St. Martinus en fam. Wiertz van Wijngaard de Fromberg, beide in Zuid-Limburg, hebben hier in het verleden problemen mee gehad. Bij navraag op het proefstation in ­Geisenheim werd aangeraden absoluut geen mest of bemeste potgrond in het plantgat te doen. Liever helemaal geen mest en een jaar later pas naar behoefte bijmesten dan afstervende planten! Ook geen onbemeste grond in het plantgat gebruiken of een gat graven en dit vullen met verse grond. Vaak heeft de grond rondom een andere zuurgraad dan de nieuwe toege-

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

voegde grond. Het is voor de wortels lastig om van de ene naar de andere zuurgraad te groeien, waardoor ze in het plantgat blijven en de stok als het ware in een “bloempotje” staat. Dit kan in droge periodes problemen geven. Meng daarom alle toegevoegde grond, mest en compost goed door de ­aanwezige grond, zodat een overgangszone ontstaat. Potplanten moeten eerst goed nat gemaakt worden voor ze geplant worden. De omringende grond wil nogal eens vocht aan de potkluit onttrekken, waardoor de stok staat te verdrogen. Goed aangieten na het planten is altijd aan te raden! Steek direct een bamboe-, of plantstok bij de jonge druif zodat de scheuten hierlangs kunnen worden aangebonden. Als er veel hazen of konijnen in de omgeving zijn is een gaasmanchet of plantkoker aan te raden om vraatschade te voorkomen. Plantkokers beschermen tevens tegen felle zon, uitdrogende wind, kou, en zorgen ervoor dat de stok sneller groeit. ­ Bij gebruik van een plantkoker is het normaal gesproken niet nodig om in de weken na het planten nog water te geven.

OUDE STOKKEN VERPLANTEN Als je oude stokken wilt verplanten moet de stok van tevoren eerst voorbereid worden op deze operatie. Als de tijd het toelaat worden de wortels een jaar van tevoren deels afgestoken. Hierdoor vormt de stok nieuwe wortels en een compacte kluit. Na het uitgraven van de stok (liefst met zoveel mogelijk wortels) worden de takken zoveel mogelijk terug­ gesnoeid en de stam eventueel ingekort. ­Normaal staat de hoeveelheid wortels in verhouding tot de hoeveelheid takken. Bij het verplanten verliest de stok veel wortels en moeten er dus ook takken verwijderd worden.

56

50 planten in een kist: geen bonsaiwijngaard maar de geboorte van een echte wijngaard!

Het beste wordt de stok aan het eind van het najaar direct na de bladval verplant. Uiteraard moet in het voorjaar in droge periodes voldoende water gegeven worden. Om uitdroging te voorkomen wordt om de stam een plantbeschermingskoker geplaatst of wordt de stam omwikkeld met gaasjute of plastic. Gebeurt dit niet dan kan de stam in een ­droge periode bij felle zon snel uitdrogen en barst dan in lengterichting open, met als ­gevolg een dode stok!

PLANTAFSTANDEN Voor de aanplant van een wijngaard moet je weten hoeveel stokken er besteld moeten worden. Bij de diverse geleidingsmethoden horen ook verschillende plantafstanden. In onze noordelijke streken moet een ruime hoeveelheid blad aangehouden worden voor een ­goede fotosynthese. Dit houdt automatisch in hogere rijen en daardoor meer schaduw op de volgende rij. De rijen moeten daarom wijder uit elkaar geplant worden dan bijvoorbeeld ­ergens in Frankrijk. In Duitsland, Luxemburg, Nederland en België worden bij een enkel of dubbel guyotsysteem meestal plantafstanden aangehouden van 1,80 tot 2 m tussen de rijen en 1 tot 1,25 m tussen de stokken in de rij. Deze afstond is ook goed om er de werkzaamheden met een smalspoortractor tussen de rijen nog uit te kunnen voeren. Je komt dan op een gemiddelde plantafstand van 2,5 m2 per stok, 40 per 100 m2 of 4000 per ha.

57

Een wijngaard in de Bourgogne heeft bijvoorbeeld verplichte plantafstanden van 1 x 1 m, waardoor er 10.000 stokken per ha nodig zijn! Het idee hierachter was dat als de stokken meer concurrentie hebben van elkaar ze harder moeten werken, de opbrengst lager ligt en de kwaliteit van de wijn daardoor beter. Gevolg van de nauwe plantafstanden is dat de rijen lager moeten zijn vanwege de schaduwwerking. Onderzoek heeft uitgewezen dat ruimere plantafstanden en meer blad per stok een even goede en even grote ­opbrengst oplevert. Ga je gordijnsystemen planten, dan moet je direct al ruimere rijafstanden aanhouden. De rijen worden door de vrijere groei van de stokken op dit systeem breder en moeten daardoor ruimer uit elkaar. Je hebt door deze groeiwijze wel meer blad per stok en vaak een wat grotere opbrengst. Bij enkel gordijn wordt de rijafstand minimaal 3 meter, bij dubbel gordijn minstens 4 m, waardoor de aantallen planten naar 3000 bij enkel gordijn en 2000 stuks bij dubbelgordijn gaan. De totale opbrengst van zowel het bourgogne plantsysteem, het dubbel of enkel guyot of het enkel of dubbel gordijn ligt gemiddeld genomen per ha even hoog! Het is dus zaak goed na te denken welk systeem je kiest, alleen al vanwege de aantallen planten en de kosten hiervan. In hoofdstuk 5 wordt uitgebreid ingegaan op hoe de stokken te begeleiden en welke materialen daarvoor nodig zijn.

GROEIFACTOREN EN AANPLANTEN


takken vastbinden

Dubbel guyot

gebogen

er een mocht breken tijdens het buigen en aanbinden. De takken moeten zo dicht mogelijk bij of op de kop van de stam staan. De tak(ken) die in de vorige winter zijn aangebonden worden geheel weggesnoeid, waarna van de uitgezochte nieuwe takken er weer een of twee worden aangebonden. Als deze goed vastzitten worden de overige weggesnoeid tot op het onderste oog. Hieruit groeit een stevige nieuwe scheut, die in de volgende winter weer als vervanger kan dienen. In gebieden waarvan bekend is dat er vaak nachtvorst voorkomt, kunnen de reservetakken ook zo rond half mei verwijderd worden. De reden hiervoor is dat ogen die boven in de plant zitten altijd eerder uitlopen. Zo ook bij deze takken die nog recht overeind staan. De bovenste ogen op deze takken hebben een dominantie op de onderliggende ogen. Deze blijven daardoor langer in rust en lopen later uit. Als er nog nachtvorst optreedt nadat de ogen van de aangebonden takken zijn uitgelopen, kan dit flinke schade geven. Enkele graden vorst is al voldoende. De jonge scheuten bevriezen en sterven af, waardoor een deel van de oogst en soms zelfs alles verloren gaat. Als de twee reservetakken dan nog aanwezig zijn, kunnen deze de beschadigde vervangen, want door de dominantie van de bovenste ogen zijn de onderste ogen veel minder ontwikkeld en meestal nog niet uitgelopen. De bovenste eventueel al uitgelopen

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

deze twee takken aanbinden

hier snoeien

gestrekt

ogen steken meestal boven de koude vorstlaag uit doordat de takken omhoog staan. Op deze wijze kan schade voorkomen worden en is er toch een oogst! De twee reservetakken moeten in ieder geval wel verwijderd worden na de vorstperiode. Wat is het voordeel van Flachbogen (horizontaal aangebonden)ten opzichte van Halb­ bogen (half gebogen aangebonden) of Pendelbogen (geheel gebogen). Bij horizontaal aangebonden takken zullen we auto­ matisch minder opbrengst krijgen. De takken mogen elkaar bij het aanbinden niet over­ lappen. Dit zorgt al voor minder werk in de ­zomer tijdens het trosdunnen. Een gebogen tak is altijd langer, heeft meer ogen en dus meer trossen. Doordat de ogen allemaal horizontaal zitten lopen ze over het algemeen ook gelijkmatiger uit en allemaal op dezelfde hoogte. Hierdoor kan je veel gerichter een behandeling uitvoeren tijdens de eerste spuitbeurt. Bij gebogen takken zitten de ogen immers tussen de onderste en tweede draad, waardoor je meer middel nodig hebt om eenzelfde effect te krijgen. Ditzelfde geldt ook nog voor de tweede en derde spuitbeurt. Bladdunnen is ook makkelijker: alle ogen lopen op dezelfde hoogte uit, dus alle trossen zitten op dezelfde hoogte. Ditzelfde voordeel heb je met trosdunnen, alle derde trossen die normaal gesproken ­verwijderd worden zitten op dezelfde hoogte.

90

in de winter

na de zomer

Met het pendelbogensysteem kunnen op een kleine ruimte druiven gekweekt worden.

in de winter snoeien

ca. 75 cm

nieuw geplante druif

na de eerste zomer

snoeien in de winter

A

na de tweede zomer

snoeien en buigen in de winter (enkel guyot)

B

A

snoeien en buigen in de winter (enkel guyot)

en verder

91

SNOEI- EN GELEIDINGS­M ETHODEN

B

Het guyotsysteem. Deze manier van snoeien wordt in veel wijnbouwgebieden gebruikt. Voor ons is dit systeem vooral interessant omdat zo ’s zomers mooie dichte hagen ontstaan.


7 Werkzaamheden gedurende het jaar

Druivenplanten in de tuin of tegen het huis en zeer zeker een wijngaard(je) vergen een compleet jaar werk, wil je een goed resultaat hebben. Van de snoei in de winter tot de oogst in de herfst: er is altijd wel wat te doen. Snoeien in de winter is een koud karwei.

WERK AAN HET EIND VAN DE WINTER EN IN HET VOORJAAR Werkvoorbereiding Het belangrijkste werk dat in het voorjaar gebeurt is de aanplant van de stokken. Door vooraf het perceel op papier op schaal uit te tekenen, is goed uit te rekenen hoeveel materialen en planten er nodig zijn. Je weet dan precies de hoeveelheid compost, het aantal planten voor de haag, het aantal druivenstokken, de hoeveelheid draad, palen, grondankers, bamboestokken, plantkokers en het zaad dat voor de grasstroken nodig is. Vanaf deze tekening zijn de maten in het terrein uit te zetten.

Bodembewerking Het is aan te raden ruim voor de aanplant de bodem op orde te hebben. De stroken waar

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

de stokken komen te staan worden onkruidvrij gemaakt en indien nodig kan de grond worden geploegd om de diepere lagen goed los te maken. Hierna wordt er als het nodig is kalk en verder compost of andere organische mest opgebracht. Deze mag niet te vers zijn want dan kan er verbranding optreden van de jonge wortels. De mest kan door de grond gefreesd worden, zodat een goede menging verkregen wordt. De grond moet na deze behandeling een tijdje tot rust komen. In deze tijd kunnen ook de planten voor de windhaag geplant worden of kan een andere windbeschutting geplaatst worden. Nu kunnen de rijen worden uitgezet door middel van een lijn waarlangs de palen en druivenstokken gezet gaan worden. Tussen de rijen kan gras of een kruidenmengsel gezaaid worden, maar dit kan ook na het aanplanten gebeuren.

116

Aanplanten in het voorjaar.

Aanplanten Het aanplanten zelf gebeurt eind april/begin mei. Waarom zo laat? Om te voorkomen dat de jonge stok beschadigd wordt door nachtvorst. De meeste stokken worden in de koelcel bewaard, waardoor ze niet te vroeg zullen uitlopen. Door de stokken zo rond half tot eind april uit de cel te halen en te planten, komen de knoppen pas laat uit de winterslaap. Het duurt enkele weken voor de scheuten ontwikkeld zijn en dan is de kans op nachtvorst voorbij. Zou er onverwacht toch nog nachtvorst komen, dan kan besproeien van de stokken bevriezen voorkomen. Als het niet mogelijk is direct te planten, bewaar dan de stokken met de wortels ingegraven op een koele plaats of zet ze koel weg in bakken met fris koud water. Ze kunnen dan 2 tot 3 weken bewaard worden, maar het is beter zo snel mogelijk te planten.

117

Plaats direct na het planten een bamboestok waar de scheut langs geleid kan worden. Als er hazen en konijnen in de omgeving zijn, moet ook een gaasmanchet of plantkoker rond de druivenstok gezet worden. Plantkokers hebben het voordeel dat ze niet alleen tegen vraat beschermen maar ook tegen felle zon, uitdrogende wind of koude. De stok zal hierdoor sneller groeien, want hij staat als het ware in een eigen privĂŠ-broeikasje. Bij gebruik van een groeikoker hoeft geen bamboestok gebruikt te worden. Zet de koker dan wel stevig in de bodem en maak hem vast aan de onderste draad.

WERKZAAMHEDEN GEDURENDE HET JAAR


8 Start van een

commerciële wijngaard

De laatste 15 jaar zijn steeds meer wijngaarden ontstaan in Nederland en Vlaanderen en op de meest onverwachte plaatsen. Van Kortrijk vlak bij de Franse grens tot aan Texel. Er is een groeiende belangstelling voor wijn uit eigen land. De media besteden veel aandacht aan het fenomeen ‘eigen wijn’ en de horeca schenkt steeds vaker de lokale wijn bij regionale gerechten. Al met al leidt dat tot de aanleg van nog meer wijngaarden. Veel boeren en tuinders maar ook mensen uit andere sectoren hebben plannen geheel of gedeeltelijk om te schakelen naar wijnbouw. Houten wijnvaten in een kelder als deze zijn de droom van elke wijnmaker!

Onder de grote schare amateurwijnmakers zijn ook veel mensen met commerciële plannen. Leuk natuurlijk, want in de krant en op tv schijnt het allemaal zo makkelijk en lijkt het zelfs dat je er veel geld mee kan verdienen. Toch is er een flink aantal haken en ogen waar rekening mee gehouden moet worden. En veel geld verdienen met een wijngaard? Er is een gezegde: Wil je een klein kapitaal verdienen in de wijnbouw? Dan moet je starten met een groot kapitaal!

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

OVERWEGINGEN VOORAF

•

Waar moet je eerst aan gaan denken bij het opstarten van een wijngaard (en dat hoeft niet direct een commerciële wijngaard te zijn)?

•

1. Het perceel waar de wijngaard aangeplant gaat worden • Hoe groot wordt de wijngaard? • Is dit goed bereikbaar met machines en kan de oogst makkelijk afgevoerd worden? • Is de grondsoort geschikt en hoe is de voedingstoestand van de bodem?

•

126

•

Hoe diep zit het bodemwater en is er indien nodig drainage? Is er voldoende beschutting en voldoende zon? Als er bezoekers verwacht worden, is er voldoende parkeerruimte? Kan er een bezoekersruimte gebouwd worden?

2. De druivenrassen die geplant gaan worden • Wordt de wijngaard normaal of biologisch bewerkt? • Welke onderstam kan gebruikt worden?

127

•

•

Wat voor wijn gaat er gemaakt worden en welke smaakrichting? — Rood – type Bordeaux, Bourgogne, Beaujolais, Rhône. — Wit – type Riesling, Chardonnay, Pinot Blanc, Muskaat. — Rosé – Anjou, Provence. — Mousserend – type Champagne, Duitse sekt. — Smaakrichting zoet, medium of droog. Wat gaat er met de wijn gebeuren? — Privé-gebruik, dan geldt alleen de eigen smaakvoorkeur. — Voor bezoekersgroepen, toerisme.

START VAN EEN COMMERCIËLE WIJNGAARD


kneuzen en ontstelen oogsten

witte wijn: direct persen wijnpers

rijpe druiventrossen

dan persen rode wijn: eerst een week pulpgisting

filteren

na 3 à 4 weken overhevelen op schone flessen

gisting in flessen

bottelen

kurkapparaat

etiketteren en capsuleren Het maken van wijn samengevat.

HET NIEUWE HANDBOEK DRUIVEN

150

Als de wijn helder is kan gebotteld worden. Het is echter goed te wachten tot de kelder wat opwarmt om zeker te zijn dat er geen tweede gisting meer start en deze niet ­plaatsvindt in de flessen na de botteling. Commerciële wijnmakers filteren de wijn nog vlak voor de wijn afgebotteld wordt om er ­zeker van te zijn dat de wijn absoluut helder is en er geen ongewenste micro-organismen mee de fles in gaan. Voor de hobbywijnmaker is het filteren van de wijn niet altijd nodig. Wel is het verstandig voor het vullen van de flessen een kleine hoeveelheid sulfiet aan de wijn toe te voegen: 0,5 gram per 10 liter is voldoende opdat er later niets fout kan gaan. Deze hoeveelheid ligt ver onder de wettelijk toegestane 2 gram op 10 liter en geeft zeker niet het gevreesde hoofdpijneffect van wat sommigen wel noemen ‘Château Migraine, Appellation Aspirine Contrôlée’.

Flessen die afgesloten zijn met een kurk ­moeten na het kurken enige tijd rechtop ­blijven staan om de kurk de kans te geven uit te zetten en goed af te sluiten. Daarna moeten de flessen liggend bewaard worden, zodat de kurk niet uitdroogt. Een uitgedroogde kurk krimpt en laat lucht door, waardoor de wijn ­kapot kan gaan. Zeer goede lange kurk wordt normaal gesproken alleen gebruikt voor wijn die lange tijd bewaard gaat worden. En dan vaak alleen voor bijzonder goede, volle, tanninerijke rode wijn. Door de kurk kan enige mate van zuurstof toetreden waardoor de wijn verder rijpt, tannine langzaam afgebouwd wordt en de wijn ronder van smaak wordt. Dit soort wijn is in onze streken moeilijker te maken en de meeste van onze wijnen gaan toch wel op binnen enkele jaren. Zo’n extra goede ‘dure’ kurk is dan eigenlijk overbodig!

Kurk

De alternatieve ‘kurk’

Het bottelen kan gedaan worden met een ­hevelslang. Als de hoeveelheid wijn groter wordt, zal een bottelapparaat gebruikt moeten worden. Deze zijn er vanaf klein met twee ­vuleenheden tot aan zeer groot waarmee honderden en soms duizenden flessen in een uur gevuld kunnen worden. Na het vullen kan de fles worden afgesloten met een kurk. Let op de kwaliteit van de kurk. Goede kurk wordt steeds schaarser en duurder. Slechte kwaliteit kurk geeft snel lekkende flessen, met als gevolg dat er te veel lucht in de fles komt en de wijn kapotgaat. Dan is een goede kwaliteit ‘kruimel’kurk (geconglomereerde kurk) beter en in ieder geval gunstiger in prijs. Tijdens proeven kwamen deze kurken er bijna net zo goed uit als de veel duurdere kwaliteitskurk! Ze zijn alleen niet geschikt voor wijnen die zeer lang bewaard moeten worden. Na enkele jaren begint de kurk zijn stabiliteit te verliezen, met als gevolg afbrokkelen tijdens het verwijderen.

Tegenwoordig zie je veel kunststof stoppen. Deze kunst‘kurk’ is op dezelfde wijze te verwerken als een normale kurk, maar heeft een aantal voordelen. Ze zijn relatief goedkoop, brokkelen niet tijdens het verwijderen, geven nooit kurksmaak af, lekken niet, zijn steriel te verwerken, flessen kunnen rechtop blijven staan en de wijn kan makkelijk jaren bewaard worden. Er zijn twee soorten kunststof kurken: de ene is wat duurder en heeft enigszins de mogelijkheid te ‘ademen’. De andere is een in een vorm gespoten schuimkurk. Deze is goedkoper maar ‘ademt’ niet waardoor tanninerijke wijn slechts zeer langzaam verder rijpt. Deze kurk is daarom meer geschikt voor wijnen die niet lang bewaard hoeven te worden.

151

Niet nieuw maar de laatste paar jaar ineens erg populair is de schroefdop. Makkelijk natuurlijk, de kurkentrekker kan met pensioen, de fles is weer makkelijk af te sluiten en de schroefdop laat geen lucht door waardoor de

WIJN MAKEN


DRUIVEN Het nieuwe handboek druiven is een handige gids voor de steeds groter wordende groep mensen die geïnteresseerd zijn in het zelf maken van wijn. Alles komt aan bod: de enorme verscheidenheid aan druivenrassen, hoe je wijn verbouwt en maakt, en zelfs hoe je een eigen wijngaard kunt aanleggen. De handige overzichten met geschikte rassen, de opkweekfase, de latere verzorging en de gewasbescherming, zorgen ervoor dat geen enkele druif nog geheimen kent voor de beginnende wijnboer! Deze geheel herziene uitgave is rijk geïllustreerd met vele tekeningen en foto’s en aangevuld met de jongste druivenrassen.

FRED LORSHEIJD

Het nieuwe handboek

DRUIVEN Nederland en Vlaanderen

FRED LORSHEIJD

I S B N 978-90-5210-900-8

9

Het nieuwe handboek DRUIVEN

Het nieuwe handboek

789052 109008

www.tirion.nl

20120527 Het nieuwe handboek Druiven – COVER.indd 1

TIRION NATUUR

TIRION NATUUR

TIRION NATUUR

16-01-13 10:50


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Inkijkexemplaar Het nieuwe handboek druiven - Fred Lorsheijd by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu