Skip to main content

Stergetuige - Rachel Dylan. ISBN 9789043531900

Page 1

HET RECHT MOET ZEGEVIEREN, OOK AL IS HUN LEVEN IN GEVAAR Aanklager Sophie Dawson is net begonnen met een baan als openbaar aanklager. Haar eerste rechtszaak gaat over een bankmedewerker die zijn klanten oplicht. Ze is vastbesloten om gerechtigheid te brengen aan de slachtoffers die al hun spaargeld zijn kwijtgeraakt... maar als ze onverwacht als enige getuige is van een dubbele moord door een bende, staat haar leven op z’n kop. Bodyguard Cooper Knight wordt ingehuurd om Sophie te beschermen. Door alle bedreigingen weten Sophie en Cooper al snel niet meer wie ze nog kunnen vertrouwen. De bende heeft er alles voor over om te voorkomen dat Sophie niet optreedt als stergetuige. De standvastige Cooper is de enige man die ze kan vertrouwen, maar de aantrekkingskracht tussen hen kan de afleiding zijn die hun het leven kost. Rachel Dylan is tien jaar lang advocate geweest en kent de juridische wereld dus van binnenuit. Eerder verscheen van haar Fataal bewijs.

N U R 332 ISBN 978 90 435 3190 0

9 789043

Stergetuige TOT.indd 1

531900

Iedereen spreekt lovend over openbaar aanklager Sophie, totdat ze de enige getuige wordt van een dubbele moord

07-05-2019 14:27:43


Stergetuige


Van Rachel Dylan verscheen eerder: Fataal bewijs


Rachel Dylan

Stergetuige Vertaald door Kees van Weele

KokBoekencentrum Uitgevers, Utrecht


Vertaling: Kees van Weele Ontwerp omslag: Hendriks Grafische vormgeving Lay-out binnenwerk: Crius Group

isbn 978 90 435 3190 0 isbn (ebook) 978 90 435 3191 7 nur 332 www.kokboekencentrum.nl. Š 2019 KokBoekencentrum Uitgevers Oorspronkelijk verschenen onder de titel Lone Witness bij Bethany House Publishers, een onderdeel van Baker Publishing Group, Grand Rapids, Michigan, 49516. USA. Š 2018, Rachel Dylan Alle rechten voorbehouden Uitgeverij KokBoekencentrum vindt het belangrijk om op milieuvriendelijke en verantwoorde wijze met natuurlijke bronnen om te gaan. Bij de productie van het papieren boek van deze titel is daarom gebruikgemaakt van papier waarvan het zeker is dat de productie niet tot bosvernietiging heeft geleid.


1

‘Schuldig. Dat is de enig mogelijke uitspraak. Dames en heren van de jury, Felix Sanders, de ceo van Banton Corporation, heeft vijf jaar lang geld verduisterd.’ Sophie Dawson haalde diep adem en ging verder met haar slotpleidooi. Ze maakte oogcontact met elk van de twaalf juryleden die over het lot van de onbetrouwbare ceo zouden beslissen. ‘De hele afgelopen week hebben jullie niet alleen het getuigenis van andere werknemers van Banton Corporation gehoord, maar ook dat van onze forensische boekhoudexperts. Die hebben allemaal verklaard dat de heer Sanders geld van rekeningen van investeerders in Banton heeft doorgesluisd naar zijn persoonlijke zwarte kas bij een Zwitserse bank.’ Als ze deze zaak verloor, verdiende ze ontslagen te worden. Het bewijs tegen Sanders was waterdicht. Ze had zelden zo’n solide zaak gehad. ‘De verdediging zou jullie graag laten geloven dat deze transacties stuk voor stuk door administratieve fouten zijn ontstaan, maar nu ik alle bewijzen gezien en gehoord heb, meen ik te mogen beweren dat die conclusie op geen enkele manier te trekken valt. Laat me jullie eraan herinneren dat het gaat om honderden transacties over een periode van vijf jaar. De verdediging vraagt jullie alle logica overboord te zetten en in sprookjes te geloven. De bewijslast ligt bij de eiser, en met het aanvoeren van deze feiten hebben we duidelijk aan die voorwaarde voldaan.’ Dit was een van Sophies eerste grote juryzaken sinds ze was overgeplaatst naar de afdeling Witteboordencriminaliteit van het om van Fulton County. De stap van de algemene naar de witteboordenafdeling was een promotie, maar financiële misdrijven waren lang niet zo interessant als moord. En de slachtoffers in 5


dit specifieke geval waren geen individuele consumenten, maar andere rijke hedgefondstypes. Ze verdienden echter wel gerechtigheid omdat hun geld gestolen was. Wat Sanders had gedaan was een misdrijf, en zij deed haar werk als openbaar aanklager. Sophie nam de resterende bewijsstukken door met de jury. Toen was het tijd voor het slotpleidooi van de verdediging. Sanders had een zware advocaat van Peters & Gomez ingehuurd, maar zelfs een duurbetaalde superadvocaat zou niet kunnen voorkomen dat hij veroordeeld werd. Sophies aandacht dwaalde af, terwijl de advocaat monotoon verder praatte en probeerde gaten in haar zaak te schieten. Ze vond het een strategische misrekening van hem om zo lang van stof te zijn. De jury zat er al een week. Ze waren klaar om te beginnen met de beraadslaging en dan was deze zaak achter de rug. Maar zij was geen advocaat en zou dat ook nooit willen zijn. Als hij deze strategie wilde toepassen, wie was zij dan om het beter te weten? Nadat haar tegenstander eindelijk was gaan zitten, instrueerde de rechter de juryleden en daarop gaf hij hun toestemming om achter gesloten deuren te gaan beraadslagen. Nu kon Sophie alleen maar afwachten. Het zou minuten, uren of dagen kunnen duren voor de jury met een uitspraak kwam, al hoopte ze dat het snel zou gebeuren. Als het te lang duurde, zou ze zich ongerust gaan maken. Ze begon haar spullen in haar tas te stoppen en zag dat de advocaat van de wederpartij, John Gomez, naar haar toe kwam lopen. Waarschijnlijk ontving Gomez, een van de oprichtende partners van de firma, een honorarium van meer dan duizend dollar per uur van Sanders. Een belachelijk bedrag voor juridische bijstand, als je het haar vroeg. ‘Dat was een geweldig slotpleidooi van u, juffrouw Dawson.’ John streek zijn marineblauwe maatcolbert glad. ‘Dank u.’ Sophie schatte John in als vijftiger, want zijn korte, donkere haar begon te grijzen bij de slapen. Ze wist niet waarom hij haar aansprak. Ze was gewoon een van de vele openbaar aanklagers van Fulton County, en hij een van de 6


zwaargewichten in de juridische beroepsgroep. Als oprichtend partner van een van de meest prestigieuze advocatenkantoren van de stad keken de meeste mensen tegen hem op. Maar op haar maakten zijn macht en invloed niet zo’n indruk. Zij sloeg andere eigenschappen hoger aan. John deed een stap naar haar toe. ‘U weet zich heel goed te presenteren, al hebt u een paar scherpe kantjes.’ ‘Pardon?’ Dit was niet de eerste keer dat ze ongevraagde opmerkingen over haar optreden in de rechtszaal kreeg van een advocaat van de wederpartij. Als relatief jonge vrouw met een fris gezicht en blond haar probeerde ze zich voortdurend te bewijzen. ‘Het was een compliment. Zozeer zelfs dat ik graag zou hebben dat u eens nadenkt over een laterale carrièreswitch en bij onze firma komt werken. Ik weet zeker dat ik uw huidige salaris minstens kan verdrievoudigen, we kunnen altijd toptalent met reële proceservaring gebruiken. Ervaren procesjuristen zijn niet gemakkelijk te krijgen.’ Hij keek haar onderzoekend aan met zijn donkere ogen. Hij wist natuurlijk niet dat zij geen juriste was geworden om het geld. Ze hoefde niet eens te werken, omdat ze kon beschikken over een meer dan aanzienlijk trustfonds dat haar vader voor haar had opgezet. Ze was openbaar aanklager omdat ze van dat werk hield. ‘Bedankt voor uw vriendelijke aanbod, meneer Gomez.’ ‘Noem me John, alsjeblieft.’ Hij keek haar breed glimlachend aan. ‘Maar ik ben pas in een nieuwe functie bij de afdeling Witteboordencriminaliteit begonnen en ik heb echt plezier in mijn werk. Ik kan me niet voorstellen dat ik in een particuliere praktijk zou werken.’ Het was zelfs iets wat ze nooit zou overwegen, maar het leek haar beter om haar uitleg simpel en zakelijk te houden. Het had geen zin om haar hele persoonlijke achtergrond en carrièredoelen uit de doeken te doen. John knikte. ‘Ik begrijp het. Maar mocht u van gedachten 7


veranderen, dan weet u me te vinden. Mijn deur staat altijd voor u open.’ Hij legde zijn hand op haar schouder. ‘En ik zou graag een keer met u uit eten willen gaan om het nader te bespreken.’ Ze kreeg opeens een onbehaaglijk gevoel en deed een stap achteruit om wat afstand tussen hen te scheppen.‘Zoals ik al zei, ik heb geen belangstelling. En neemt u me niet kwalijk, maar ik moet ervandoor. Ik heb nog een paar andere zaken.’ ‘Natuurlijk.We zullen zien hoelang de jury nodig heeft, maar het kan volgende week worden voordat ze een besluit hebben genomen.’ ‘Laten we hopen van niet,’ mompelde ze. Hij keek haar nog eens aan, glimlachte zijn perfect wit gepolijste tanden bloot en liep weg. Ze blies haar adem uit. Dat was ongemakkelijk, zeg. Misschien had ze de signalen die hij uitzond verkeerd gelezen, maar het leek haar dat hij meer in haar als vrouw dan in haar als juriste geïnteresseerd was. Zo reageerden mannelijke collega’s wel vaker op haar. Konden ze haar niet gewoon respecteren voor het werk dat ze deed en niet altijd hengelen naar iets anders? Geen wonder dat ze nog steeds niet de ware had gevonden, ondanks haar aanhoudende zoektocht. Ze schudde de confrontatie van zich af en liep terug naar haar kantoor om een paar andere dingen af te maken. Ze had een groot zaakaanbod, maar lang niet zo groot als op de algemene afdeling. De afgelopen zeven jaar was ze haast elke dag in de rechtszaal geweest en daar had ze als assistent-openbaar aanklager het klappen van de zweep geleerd. Nu ze senior aoa was, had ze de kans zich te onderscheiden. Terug in haar kantoor haalde ze haar laatste procesdossier tevoorschijn. Kortgeleden was ze een onderzoek begonnen naar een zaak waarbij de Southern Investment Bank, oftewel de sib, betrokken was. Het hoofdkwartier van de bank was gevestigd in Atlanta, en volgens het dossier waren er tal van klachten ingediend tegen een van de topmanagers, een zekere Glen Shelton. Dit was het soort zaak waarin ze zich echt kon vastbijten. In 8


tegenstelling tot het proces dat ze zojuist had afgerond, waren de slachtoffers in dit geval mensen die echt te zwak stonden om bedrogen te worden. Shelton was ervan beschuldigd zijn cliënten bestolen te hebben en zou bij alle transacties veel te hoge kosten hebben gerekend, op een zodanige manier dat de cliënten niet hadden geweten dat hun iets in rekening was gebracht, laat staan waarvoor. De aanklachten waren ingediend door kleine bedrijven en individuele personen die via Shelton leningen hadden afgesloten. Deze mensen hadden hun financiën aan Shelton toevertrouwd, sommigen al hun spaargeld of hun hele bedrijf, en nu was er niets meer van over. Poef! Allemaal vanwege de hebzucht van één man. Er waren nog een heleboel gaten in het onderzoek te dichten, maar ze was er zeker klaar voor om met dit nieuwe dossier aan de slag te gaan. En nu haar zaakaanbod niet meer zo hectisch was, zou ze flink wat van haar tijd aan deze zaak kunnen besteden. Alleen al door eraan te denken ging er een stroom adrenaline door haar lichaam. Als wat ze over Shelton had gelezen waar was, kon ze hem ter verantwoording roepen voor het plegen van strafbare feiten. Maar het was een netelige zaak. Ze liep lang genoeg mee om te weten dat dit weleens een politieke zaak zou kunnen worden. Een zeer politieke zaak. De sib was een van de meest gerespecteerde ondernemingen van Atlanta en had er een hoop invloedrijke connecties. De ceo van de sib was een van de machtigste vrouwen van de stad. In dit stadium richtte Sophie haar pijlen niet op de sib als bedrijf. Haar doelwit was beperkt tot een van de medewerkers. Hopelijk zou dat betekenen dat ze de volledige medewerking van de bedrijfstop kreeg, maar daar rekende ze vooralsnog niet op. Het zat er dik in dat elk type strafrechtelijk onderzoek de leidinggevenden van de sib nerveus zou maken, en dat kon ze hun niet kwalijk nemen. Maar zij deed haar werk, en ze was niet van plan zich daarvan te laten weerhouden door het prestige en 9


de brandschone reputatie van de sib. Sophie was haar nieuwe kantoor nog aan het inrichten. Het was iets groter dan het oude, maar nog altijd niets bijzonders. Grinnikend dacht ze aan haar twee beste vriendinnen, die voor grote advocatenfirma’s werkten. Ze hadden enorme kantoren in wolkenkrabbers, met pluchen meubels en uitzicht op de skyline van Midtown of Stone Mountain, en alle gemakken van de wereld. En hier zat zij in een stoffig hok op de vierde verdieping met een piepklein raampje dat uitzicht bood op de parkeergarage. In het kantoor stonden één enkele archiefkast, een bureau en drie eenvoudige bureaustoelen. Geen gemakken hier, tenzij je ze zelf meebracht. Zo was het leven van een ambtenaar nu eenmaal, maar ze zou niet anders willen. Ze keek op de klok en realiseerde zich dat ze niet meer op de tijd had gelet. Dat was haar hele leven al zo. Het kwam vaak voor dat ze pas ’s avonds laat haar kantoor verliet. Er was nog geen bericht van de jury, dus het zou zeker volgende week worden, tenzij ze ervoor kozen om in het weekend door te werken, wat onwaarschijnlijk was als ze niet super dicht bij een uitspraak waren. Ze moest maar eens naar huis gaan. Toen ze in haar auto zat en de startknop indrukte, begon haar maag te rommelen, en ze realiseerde zich dat ze sinds de ochtend niets meer had gegeten. Ze snakte naar een snelle hap, en dus besloot ze naar het tankstation te rijden waar ze altijd chips en chocoladerepen kocht. Een flinke dosis zout en suiker zou haar trek wel stillen. Ze parkeerde voor de Quick Stop en kon de mix van zoute chips en chocola al proeven. Als ze toch voor een snelle hap ging, zou ze het goed doen ook. Maar toen ze door de gangpaden van de winkel liep, kon ze geen beslissing nemen. Misschien moest ze proberen aan haar gezondheid te denken en eens een behoorlijke avondmaaltijd eten. Ze keek op haar horloge. Het was tien uur. In ieder geval te laat voor een behoorlijke avondmaaltijd. Ze liep naar achter in de winkel om een blikje ijsthee te pakken. Er aangekomen trok ze de deur van de koelvitrine open en 10


overlegde bij zichzelf of ze frambozensmaak of extra zoet zou kiezen. Op dat moment ontstond er plotseling tumult voor in de zaak. Ze draaide zich om en hield haar adem in. Een man richtte een pistool op de kassamedewerker, en ze schreeuwden tegen elkaar. Het eerste wat in haar opkwam was naar het gevecht toe te rennen en te proberen een ramp te voorkomen, maar ze was nog maar halverwege het gangpad toen er een schot afging. Ze liet zich instinctief op de grond vallen, sloeg haar handen om haar hoofd en glipte achter een popcornschap. Ze had op haar werk de cursus omgaan met vuurwapengeweld gevolgd en wist dat ze het best kon zorgen dat ze uit het zicht bleef. Ze gluurde om het schap heen en probeerde haar lichaam grotendeels verborgen te houden. De schutter draaide zich om, en nu kon ze zijn gezicht goed zien. Hij leek haar nog jong, misschien een jaar of achttien. Hij leek haar niet op te merken en sprintte met het pistool nog steeds getrokken het tankstation uit. Zodra hij de deur uit was, sprong ze op en rende naar de kassa voor in de zaak. De kassamedewerker lag in een grote bloedplas op de grond. Ze hurkte bij hem neer en voelde zijn pols. Niets. Hij was dood. Ze hoorde nog een aantal schoten en keek naar buiten. De schutter had het vuur geopend terwijl hij de winkel uit kwam. Hij rende naar een middelgrote grijze suv, maar er stond nog een auto links ervan. Aan de bestuurderskant was iemand met haar handen over haar hoofd in elkaar gedoken, maar de persoon aan de bijrijderskant had geen enkele bescherming en stond precies in de vuurlinie. Sophie hoorde zichzelf een waarschuwing roepen, maar het was te laat. De man schoot en trof de vrouw die het dichtst bij zijn suv stond. Toen sprong hij erin en scheurde weg. Sophie prentte zijn kenteken in haar geheugen en stormde naar buiten om bij het slachtoffer te gaan kijken. De andere vrouw had zich hysterisch huilend over haar vriendin gebogen. 11


‘Het komt goed,’ zei Sophie om haar te kalmeren. ‘Bel nu gauw het alarmnummer.’ De vrouw knikte. Tranen rolden over haar rood aangelopen wangen, en ze haalde haar mobiel tevoorschijn. Sophie richtte haar aandacht op de vrouw die in een grote bloedplas op de grond lag. Nu Sophie het slachtoffer wat beter kon bekijken, realiseerde ze zich dat de kleine brunette er nauwelijks ouder uitzag dan een tiener. Ze had een schotwond in het hoofd. Sophie hoefde niet eens haar pols te controleren, want ze had het al gezien. De jonge vrouw was dood. Waarschijnlijk was ze op slag overleden toen de kogel haar trof. O, Heer, wat een doden. Helpt U me, alstublieft. Laat me niet de kluts kwijtraken. Er was nu niets wat ze voor de vrouw kon doen, en dus pakte ze van de vriendin van de vrouw, die trillend en geschokt vlak bij haar stond, de telefoon uit de hand. Sophie begon te praten met de medewerker van de alarmcentrale en gaf het kentekennummer door. Waarschijnlijk zou de schutter de auto zo snel mogelijk ergens achterlaten, dus de tijd om hem aan de hand van het kenteken op te sporen was beperkt. Sophie sloeg haar arm om de vrouw die haar vriendin verloren had. ‘Je bent veilig. Niemand zal je meer kwaad doen.’ De vrouw gaf geen antwoord, ging door met snikken. Algauw klonk het gehuil van sirenes. Sophie was wel vaker op een plaats delict geweest. Ze was de tel zelfs kwijtgeraakt. Maar dit was anders.Vanavond was ze hier niet als openbaar aanklager, maar als getuige. Gelukkig kende ze een van de agenten die uit de patrouillewagen stapten. Agent Carlos Wall sperde zijn donkere ogen open toen hij haar zag. ‘Sophie,’ zei hij. ‘Hoe ben jij hier zo snel gekomen?’ Toen richtte hij zijn ogen op haar handen en beige colbertje, die onder de helderrode bloedvlekken zaten. ‘Sophie? Wat is er gebeurd?’ ‘Ik was hier om iets te snacken te halen, Carlos. Ik heb alles 12


gezien.’ Ze hoorde dat haar stem schor begon te klinken, maar ze moest sterk blijven en ervoor zorgen dat ze hun de informatie gaf die ze nodig hadden. Dit was niet de tijd om emotioneel te worden. Ze moest doorzetten en zich concentreren. Carlos mompelde iets onverstaanbaars en wendde zich tot zijn partner naast hem.‘Dit is iemand van ons,’ zei hij.‘Een aoa.’ Ze zei niet dat ze promotie had gemaakt en tegenwoordig een andere titel had. Daar was dit niet het juiste moment voor. ‘Sophie Dawson, dit is agent Peter Gray,’ zei Carlos.Toen keek hij Peter aan. ‘Neem jij Sophies verklaring maar af.’ ‘Er ligt nog een lijk binnen,’ zei ze zacht. ‘Hij heeft twee mensen doodgeschoten.’ ‘Dan ben je getuige van een dubbele moord,’ zei Carlos.

13


2

Op maandagochtend zat Sophie in haar kantoor nog bij te komen van de gebeurtenissen van vrijdagavond. Op de plaats van de misdaad had ze haar verklaring diverse keren tegenover de agenten afgelegd, tot ze hadden gezegd dat ze naar huis mocht gaan. De weinige slaap die ze die nacht had gekregen was vol nachtmerries over de schietpartij. Er was overal bloed en ze kon niets doen om de moord te verhinderen. In de kleine uurtjes had ze ook nog een hevige paniekaanval gehad. Het was maanden geleden sinds haar laatste, maar die nacht was er geen ontkomen aan. In ieder geval had ze er op de plaats van de misdaad geen last van gehad. Ze had zich goed gehouden tot ze alleen was, en toen was ze ingestort. Ze was te weten gekomen dat de twee vrouwen aan de Universiteit van Georgia studeerden. Het slachtoffer was tweedejaars en pas twintig geworden. De kassamedewerker had een vrouw en drie kinderen achtergelaten. Sophies mobiel ging en ze zag dat haar vader belde. Hij was nog steeds overstuur. ‘Ha, pap,’ antwoordde ze. ‘Sophie, hoe gaat het vandaag met je? Ik heb de afgelopen nacht nog steeds niet goed kunnen slapen. Ik bleef maar aan jou denken.’ ‘Het gaat prima, hoor. Het is natuurlijk geen gemakkelijke situatie om mee om te gaan, maar ik doe het rustig aan.’ ‘Weet je zeker dat je niet een paar dagen naar mij toe wilt komen? Ik zou me veel beter voelen als ik wist dat je nu niet alleen was.’ Ze hield van haar vader met heel haar hart, maar als ze nu 14


naar haar ouderlijk huis ging, zou ze het moeilijk vinden om er weer weg te gaan. En ze moest alleen zijn. ‘Dank je, maar ik blijf liever in mijn eigen huis.’ ‘Goed, maar je weet dat je altijd langs kunt komen, ook als ik je niet heb uitgenodigd. En als het je toch te veel wordt, laat het me weten, dan kom ik direct naar je toe. Hoe laat of hoe vroeg het ook is, dag of nacht.’ ‘Dank je.’ Ze voelde dat haar ogen vol tranen schoten. Sophie wist van zichzelf dat ze een softie was, vooral wat haar vader betrof. Hij was haar rots. Hij had ook verschillende rollen vervuld terwijl ze opgroeide, had geleerd hoe hij haar haren moest vlechten en had haar tranen gedroogd toen de eerste jongen op wie ze verliefd was geworden haar hart gebroken had. Haar moeder had ze nooit gekend, maar van de foto’s die ze van haar had gezien, wist ze dat ze veel op haar leek. Een golf van verdriet overspoelde haar. Hoewel ze de 32 jaar van haar leven zonder haar moeder had geleid, was het verlies altijd voelbaar. ‘Ik hou van je, Sophie.We houden contact. Ik wil weten hoe het met je gaat.’ ‘Natuurlijk. Ik hou ook van jou.’ Ze verbrak de verbinding en sloot haar ogen een paar tellen. Het laatste wat ze wilde was haar vader gestrest maken, en dus probeerde ze ter wille van hem kalm te blijven. Er werd hard op haar deur geklopt. Ze keek op en zag dat het haar baas was, officier van justitie van Fulton County, Keith Todd. ‘Heb je even, Sophie?’ ‘Natuurlijk.’ Keith ging tegenover haar zitten. ‘Om te beginnen, hoe gaat het met je? Ik heb gehoord dat je vrijdagavond een traumatische ervaring hebt gehad.’ Ze keek in zijn lichtblauwe ogen. ‘Het zijn een paar zware dagen geweest, maar ik ben dankbaar dat ik nog leef. Ik wou 15


alleen dat ik meer had kunnen doen.’ ‘Uit wat ik heb gehoord, heb ik begrepen dat je alles volgens het boekje hebt gedaan en je aan risico’s hebt blootgesteld toen je probeerde te helpen. Een hoop mensen zouden zich achter in die winkel tot een bal hebben opgerold en zo zijn blijven liggen. Maar jij kwam in actie. We zijn allemaal trots op je. Je bent heel dapper geweest.’ ‘Dank je.’ Keith was niet gul met lofprijzingen, en dus was ze ingenomen met zijn compliment, zelfs onder deze omstandigheden. Hij wilde nog hoger op de carrièreladder klimmen dan officier van justitie van Fulton County. Nu hij bijna vijftig was, bereidde hij zich voor op de volgende grote stap. ‘Ik wilde je iets vertellen, zodat je straks niet verrast zult zijn.’ Haar maag kromp samen. ‘Wat dan?’ ‘Je zult meer over de hele geschiedenis horen wanneer het plaatselijke nieuws vandaag bekend wordt, maar ik wilde je het eerst zelf vertellen.’ Ze vermoedde dat het iets belangrijks zou zijn en boog zich voorover op haar stoel. ‘Ik luister.’ ‘De man die je vanochtend bij de confrontatieopstelling als verdachte van de schietpartij hebt geïdentificeerd, is een zekere Ricky Wade.’ ‘Aha.’ Ze wist niet waar Keith hiermee naartoe wilde. ‘De naam komt me bekend voor.’ ‘Ricky is een jongere broer van Juan Wade.’ Die naam kende ze wel. ‘De leider van een van de grootste criminele bendes van Atlanta? Díé Juan Wade?’ ‘Precies.’ Keith streek met zijn hand door zijn korte, roodblonde haar. ‘Dus dit wordt niet zomaar een vervolging.We hebben een dubbele moord, en er is een machtige bende bij betrokken. Ik hoef je niet uit te leggen wat dat betekent.’ Het duizelde haar. Dit had een heleboel implicaties. Vooral nu zij een potentiële getuige was. Keith schraapte zijn keel. ‘Dat gezegd hebbende, ik ben tot de conclusie gekomen dat het zin heeft om alle schijn van 16


vooringenomenheid in deze zaak weg te nemen. Ik ga er een speciale openbaar aanklager op zetten.’ ‘Wie?’ ‘Plaatsvervangend assistent-openbaar aanklager Patrick Hunt van het om van Dekalb County. Ken je hem?’ Ze schudde haar hoofd. ‘Ik heb de naam weleens gehoord, maar hem nog nooit ontmoet.’ ‘Goed. Op die manier kunnen we elk argument dat er sprake zou zijn van belangenverstrengeling van de hand wijzen. Ik wilde niet dat een van onze openbaar aanklagers van Fulton County jou in de getuigenbank zou moeten zetten. Die ken je allemaal te goed. Zo is het beter voor iedereen, dus ook voor jou.’ Ze keek op en zag een lange man in haar deuropening staan. Hij had kort, donker haar en was halverwege of eind dertig, zo te zien. ‘Hallo,’ zei hij. ‘Ik hoop dat ik niet stoor.’ ‘Patrick.’ Keith stond op. ‘Goed je weer eens te zien.’ Hij schudde Patrick de hand. ‘Laat me je voorstellen aan Sophie Dawson.’ Sophie stond op en liep om haar bureau heen om Patrick te begroeten. ‘Aangenaam.’ ‘Ik weet dat dit een zware tijd voor je is,’ zei Patrick, ‘maar ik zal er alles aan doen om dit proces zo probleemloos mogelijk te laten verlopen.’ ‘Ik zal jullie laten praten,’ zei Keith.‘Sophie, als je nog iets van me nodig hebt, laat het me weten. En als je werklast aangepast moet worden, is dat geen probleem.’ Ze was hem dankbaar voor het aanbod, maar het laatste wat ze wilde was haar zaken opgeven. Ze wilde de zaak tegen Ricky Wade niet meer invloed op haar leven laten uitoefenen dan nodig was. Nadat Keith vertrokken was, leunde Patrick tegen een hoek van haar bureau. ‘Ik weet niet wat je allemaal van Keith hebt gehoord, maar ik wil alles wat je me over vrijdagavond kunt vertellen van je horen.’ 17


‘Natuurlijk.’ Het zou een lange ochtend worden. Ze keek naar haar lege koffiekop en dacht erover die nog eens te vullen. ‘Hoe is het met die andere vrouw die getuige van het misdrijf is geweest? Die studente?’ Patrick fronste. ‘Ze ligt in de vernieling, dat zul je wel begrijpen. Ze had zich tegen de grond gedrukt toen ze hoorde dat er geschoten werd. Ze heeft haar hoofd omlaag gebogen en niets van de schutter gezien.’ ‘Ik begrijp dat ze getraumatiseerd is. Het was verschrikkelijk.’ In haar loopbaan als openbaar aanklager had Sophie veel erge dingen meegemaakt, maar waar die jonge vrouw doorheen moest gaan, kon ze zich alleen maar voorstellen. ‘Ze is op zoek naar een hulpverlener.’ Patrick zweeg even. ‘Niet om je met nog meer druk op te zadelen, Sophie, maar jij bent de spil in dit hele verhaal.’ ‘Hebben we niks van de beveiligingscamera’s van het tankstation?’ Hij blies zijn adem uit. ‘Niets. Er werkte er maar één, die bij de pompen, en daar staan geen bruikbare beelden van de schutter op. Niets waarmee we hem kunnen identificeren.’ Ze dacht erover na en haar hart begon sneller te kloppen. ‘Dus het gaat letterlijk aankomen op de ooggetuigenverklaring? Míjn ooggetuigenverklaring?’ Haar stem klonk schor. ‘Ja. En ik hoef je niet te vertellen wat dat betekent.’ ‘Omdat ooggetuigen vaak onbetrouwbaar zijn.’ Patrick knikte. ‘Bovendien zullen we het argument van de verdediging dat je bevooroordeeld bent moeten bestrijden.’ ‘Ik weet wat ik heb gezien.’ En daar zou ze bij blijven. ‘Je bent een professional, maar het is vreemd voor je om in een zaak aan deze kant te staan. Dat zou weleens veel moeilijker kunnen zijn dan je denkt.’ ‘Ik beloof je dat ik met je zal samenwerken en niet zal proberen achteraf kritiek op je te leveren.’ ‘Nee, nee, dat bedoelde ik niet. Ik maak me geen zorgen dat jij vraagtekens bij mijn juridische strategie zult zetten.’ 18


‘Waarover dan wel?’ Patrick haalde diep adem en keek haar recht in de ogen. ‘Je hebt een enorm doelwit op je rug. En Juan Wade mist nooit.’

19


HET RECHT MOET ZEGEVIEREN, OOK AL IS HUN LEVEN IN GEVAAR Aanklager Sophie Dawson is net begonnen met een baan als openbaar aanklager. Haar eerste rechtszaak gaat over een bankmedewerker die zijn klanten oplicht. Ze is vastbesloten om gerechtigheid te brengen aan de slachtoffers die al hun spaargeld zijn kwijtgeraakt... maar als ze onverwacht als enige getuige is van een dubbele moord door een bende, staat haar leven op z’n kop. Bodyguard Cooper Knight wordt ingehuurd om Sophie te beschermen. Door alle bedreigingen weten Sophie en Cooper al snel niet meer wie ze nog kunnen vertrouwen. De bende heeft er alles voor over om te voorkomen dat Sophie niet optreedt als stergetuige. De standvastige Cooper is de enige man die ze kan vertrouwen, maar de aantrekkingskracht tussen hen kan de afleiding zijn die hun het leven kost. Rachel Dylan is tien jaar lang advocate geweest en kent de juridische wereld dus van binnenuit. Eerder verscheen van haar Fataal bewijs.

N U R 332 ISBN 978 90 435 3190 0

9 789043

Stergetuige TOT.indd 1

531900

Iedereen spreekt lovend over openbaar aanklager Sophie, totdat ze de enige getuige wordt van een dubbele moord

07-05-2019 14:27:43


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Stergetuige - Rachel Dylan. ISBN 9789043531900 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu