Skip to main content

Oerewoet - Hadewijch.9789043530774

Page 1

(Gedicht 34 – fragment)

Hadewijch leefde in de 13e eeuw en schreef visi­oenen, brieven en gedichten. Zij geldt als een van de grootste dichteressen uit onze literatuur. Drs. Agnes Hoffschulte woont en werkt als pastoraal theologe in Deventer. Eerder verscheen De kruisweg: 14 staties op weg naar Pasen. Haar vertaling van ­Hade­­wijchs ­gedichten werd door kenners geprezen ­van­­wege ‘de heldere hedendaagse taal en toch echt Hadewijch’.

Alles zonder verbittering om minne verdragen, dat geeft een mooi gelaat De mystieke liefdesgedichten van Hadewijch Helder vertaald en toegelicht door Agnes Hoffschulte De middeleeuwse dichteres Hadewijch had slechts één thema waarover zij dichtte: de minne, de liefde. De minne vindt in God haar oorsprong en roept de hele natuur en elke ziel tot leven. Zij brengt de mens in verrukking en geeft hem een grootse opdracht: onvoorwaardelijk lief te hebben. In de vertaling en toelichting van Agnes Hoffschulte komen de middeleeuwse gedichten heel dichtbij. Zij doen op de lezer een a­ ppèl om verantwoordelijkheid te nemen en met hart voor de natuur een leven te leiden dat in dienst staat van de minne. Wie op zoek is naar een krachtige stem van bezieling, geloof en levensmoed vindt in de authentieke gedichten van Hadewijch warmte en inspiratie: een vuur in het donker.

nHadewijch Oerewoetfl

Zwaar en donker en zeer ruw zijn in het begin de wegen van minne. Voordat iemand in minnedienst standvastig is, ontbreekt vaak het juiste inzicht. Want waar hij meent te verliezen, staat hij juist op winst.

‘Oerewoet’ is een typisch woord van Hadewijch. Het betekent hartstocht, innerlijk woeden van de minnestorm, de intense bewogenheid die minne veroorzaakt.

nHadewijch Oerewoetfl Gedichten over minne en beminnen

Oerewoet van minne is een kostbare gave. Wie dat wil inzien zou haar alleen verlangen. Die eerst met twee waren, maakt zij één, dat zeg ik in waarheid. Zij maakt wat zoet is zuur en de vreemde een nabije buur. Zij verheft de geringe. (Gedicht 28 – fragment)

nur 306

Hadewych – Gedichten.indd Alle pagina's

30-08-18 08:48


Hadewijch Oerewoet Gedichten over minne en beminnen Vertaald, ingeleid en toegelicht door Agnes Hoffschulte

KokBoekencentrum Uitgevers • Utrecht

kokBWoerewoet0618.indd 3

02-09-18 11:35


Omslagontwerp: Geert de Koning Boekverzorging: Garage BNO isbn 978 90 435 3077 4 isbn e-book 978 90 435 3078 1 nur 306 www.kokboekencentrum.nl Š [2018] KokBoekencentrum Uitgevers, Utrecht Alle rechten voorbehouden.

kokBWoerewoet0618.indd 4

02-09-18 11:35


In de leerschool van verheven minne leert men wat dat is, de oerewoet.

(gedicht 28, strofe 6).

kokBWoerewoet0618.indd 5

02-09-18 11:35


kokBWoerewoet0618.indd 6

02-09-18 11:35


Met minne in minne leven Bij het lezen van deze nieuwe vertaling van de gedichten van Hadewijch moet ik voortdurend denken aan wat Bernardus van Clairvaux (1090-1153), die andere grote middeleeuwse mysticus – en bron van Hadewijch – heeft gezegd: ‘Ik heb van bomen meer geleerd dan van boeken.’ Een uitspraak die altijd graag gebruikt wordt om Bernardus voor een anti-intellectualistisch karretje te spannen. Het ging Bernardus echter om het primaat van de menselijke ervaring in de opgang naar God. Hadewijch is een echte leerlinge van Bernardus en haar contemplatieve blik kijkt niet alleen naar de bomen, maar naar heel de natuur en de wisseling van de seizoenen. Met die blik kijkt zij en verwoordt zij een innerlijk avontuur: ‘met minne in minne leven’ (gedicht 6.1). Ieder mensenkind is door Gods liefde, zonder uitzondering, aangeraakt met de bedoeling dat die goddelijke liefde in en door ons heen gaat stromen. Hadewijch zegt: ‘Het sap van de bomen is weer omhoog gaan stromen’ (gedicht 2.1). Levend vanuit die minne overwint de mens alles, maar niet zonder moeilijkheden, pijn en verdriet. Bij Hadewijch is het niet altijd lente of zomer, maar ook herfst en winter. Deze middeleeuwse gedichten brengen je als lezer terug naar de stilte in jezelf. Naar dat punt in jou waar God door de kracht van Zijn Geest zich in Jezus uitspreekt als minne. In die stilte zal ‘minne niet meer wegvluchten’ (gedicht 41.8). Wij dragen deze stilte vol minne altijd met ons mee. Het is een stilte die vol beweging is, ja, zelfs een oerewoet, een zielenstorm die als een fontein zal overstromen naar iedereen. Het lezen en overwegen van deze gedichten helpt ons om de contemplatieve blik te oefenen die deze wereld zo nodig heeft. Herhaaldelijk roept paus Franciscus ons allen hiertoe op: ‘Daarom is het dringend noodzakelijk weer een contemplatieve geest te krijgen die

[7]

kokBWoerewoet0618.indd 7

02-09-18 11:35


het ons mogelijk maakt iedere dag opnieuw te ontdekken dat ons een goed in bewaring is gegeven dat menselijker maakt, dat helpt een nieuw leven te leiden. Er is niets beters om door te geven aan de anderen’ (Evangelii Gaudium, 264). Dit goed, dit betere, is niets anders dan de minne. Neem, lees en ervaar dit avontuur vol minne! Br. Bernardus Peeters OCSO Abt Abdij Koningshoeven

[8]

kokBWoerewoet0618.indd 8

02-09-18 11:35


Inleiding Oerewoet, het oerwoeden. De liefde als minne ‘woedt’ in elke mens als verlangen naar alle goeds. Het is de bewogenheid van minne zelf. Meer dan verlangen naar wat prettig is en fijn, alle hartstocht ten goede, ook de hartstocht voor gerechtigheid. Een verlangen dat steeds verder gaat in grenzeloze hartstocht om steeds beter de liefdevolle werkelijkheid te willen leren kennen en beminnen. Oerewoet, het oerwoeden van de minnestorm, de innerlijke bewogenheid die ons boven onszelf uit trekt tot ‘minne en beminnen’ boven alle eigenbelangen uit in groeiende persoonlijke liefdevolle toewijding ten goede. “Het sap van de bomen is weer omhoog gaan stromen” (gedicht 2). Meer dan een mededeling een oproep om te zien, kijk, het is nog kaal en kil buiten, donker en grijs. Toch zit er leven binnenin, het komt van binnenuit. Het is al begonnen, zie je het niet? Het is een beeld voor het innerlijk, geestelijk leven, waar het ook wel eens donker en dor kan zijn, kaal en vaal. De levendigheid zit daar binnenin, een bewogenheid van binnenuit. Wachten en verwachten, dat is de oproep. Kijk en luister, hoor en zie. Alle gedichten gaan over minne en beminnen. Alsof heel het leven daarover gaat. Deze gedichten zijn te lezen als psalmen, lofliederen op minne en beminnen. De diepte, de waardigheid, het inzicht in de geestkracht van minne en beminnen. In het hart van Godsliefde in het licht van Christus, een liefde die veel meer betekent dan aardigheid. Waardigheid, eerbiedwaardig. Over Hadewijch weten we nauwelijks iets. Dat zij in het nu Vlaamse Brabant leefde in de 13e eeuw, dat weten we dan wel. Maar het is meer dan de 13e eeuw en haar omgeving die mij boeit. Het gaat mij om wat zij ons nu te zeggen heeft. Over geloof en leven. Minne is persoonlijk, geen ding. Daarom vermijd ik steeds het lidwoord zoals dat voor een zelfstandig naamwoord hoort. Toch schrijf ik minne niet met een hoofdletter zoals het hoort bij een eigennaam. Minne is wel persoonlijk, altijd relationeel.

[9]

kokBWoerewoet0618.indd 9

02-09-18 11:35


Minne roept op en nodigt uit. Minne is alle liefde. Eigenlijk alles wat goed is in de gerichtheid op de ander. Ook alle vriendschap. Goede werken, gebed, behoedzaamheid en overgave in het goede, vertrouwen en alle toewijding ten goede. Minne is ook Gods persoonlijke liefde van Vader, Zoon en Heilige Geest onderling en in zichzelf. In de ene God die relatie die ook naar ons uitgaat. Een verbondenheid die ons bezielt ten opzichte van God en ten opzichte van elkaar. Die liefde die vrijmaakt van egocentrische verlangens naar rust en gerieflijkheid. Meer dan gevoel ook de inzet van al onze krachten ten goede, met hart en ziel, rede en wijsheid, met huid en haar. Geen tijd voor leegtemeditaties. In abstracte en anonieme eenheidservaringen kan geen liefde bestaan. Hadewijch verkondigt. Eenmaal door minne zelf geraakt, zijn we geboeid geraakt. Niet de gemakkelijkste weg. Veeleer iets als een topsport, een bergbeklimming. Met het vergezicht al in het hart, hoe valt het anders vol te houden. De ‘zoete ellende’ als een zware tocht die veel inspanning vraagt en toch is dat alles wat je wilt: die top bereiken. Onderweg is daar al de vreugde. Tussen de gedichten door zijn er twaalf illustratiestrofen opgenomen, om te tonen hoe prachtig de oorspronkelijke taal is. Met hardop lezen worden ze het meest vertrouwd. Deze strofen zijn volgens het manuscript in de bibliotheek van het Ruusbroecgenootschap (hs. R), gebaseerd op het ‘basismanuscript’ van J. van Mierlo SJ, zoals toegelicht in de uitgave van Hadewijch. Van liefde en minne. De strofische gedichten hertaald door M. Ortmanns, Tielt 1982. Ik heb deze gedichten niet op rijm vertaald, al lijken de ‘kopjes’ die ik heb toegevoegd boven elk gedicht daar wel op, die komen steeds uit het betreffende gedicht. Na elk gedicht een kort woordje en aan het eind een uitgebreidere toelichting. Met pastorale motivatie, omdat ik dit belangrijk vind voor onze tijd, om verdieping van liefdevol geloven.

[ 10 ]

kokBWoerewoet0618.indd 10

02-09-18 11:35


kokBWoerewoet0618.indd 11

02-09-18 11:35


(1) Ay, al es nu die winter cout Cort die daghe ende die nachte langhe Ons naket saen een somer stout Die ons ute dien bedwanghe Schiere sal bringhen, dat es in schine Bi desen nuwen jare Die hasel brinct ons bloemen fine Dat es een teken openbare.

[ 12 ]

kokBWoerewoet0618.indd 12

02-09-18 11:35


Juist tegenspoed geeft mij de meeste moed (strofe 2).

Gedicht 1 1 Al is nu de winter koud, zijn de dagen kort en de nachten lang, de moedige zomer komt spoedig ons uit deze benardheid halen. Dat is al zichtbaar bij dit nieuwe jaar, de hazelaar staat in tedere bloei. Dat is een duidelijk teken. Aan allen die dit nieuwe jaar om minne zijn verheugd: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

2 Die fier zijn, welke stormen zij in minne ook tegenkomen, zij ontvangen die als kostbaar, als “iets waar ik van groei. God geve mij wat minne het best bevalt, volgens haar genoegen. Juist tegenspoed geeft mij de meeste moed�. Aan allen die om minne avonturen willen doorstaan: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

[ 13 ]

kokBWoerewoet0618.indd 13

02-09-18 11:35


3 Wat moet ik, armzalige, nu doen? Met recht kan ik het geluk wel haten, zo treurig is mijn leven. Ik kan niet beminnen en dat ook niet laten. Allebei zijn zij tegen mij, geluk en avontuur. Ik dool en niemand is met mij. Dat lijkt tegen de natuur. Allen wil ik om ontferming vragen, dat minne mij zo laat klagen: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

4 Ooit was ik moedig in minne. Toen ik in het begin over haar hoorde en vertrouwde op haar vrije soevereiniteit. Daarom oordelen allen negatief over mij, vrienden en vreemden, jong en oud, aan wie ik op alle wijzen dienstbaar was en van harte toegewijd. Allen wens ik minne toe. Ik raad hen aan zich niet te sparen, hoe het mij ook is vergaan: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

[ 14 ]

kokBWoerewoet0618.indd 14

02-09-18 11:35


5 Ik kan mijzelf het leven niet geven of doen sterven. Ach lieve God, wat overkomt mij dat de mensen mij schade willen toebrengen. Lieten zij u alleen mij slaan, daarmee weet u wel raad naar recht, naar wat ik heb misdaan. Zonder dat het hen schaadt. Wie God niet laten begaan, beminnen niet maar zijn vol haat: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

6 De tijd die zij aan mij besteden, wie bemint dan hun beminde? Zij konden beter vrij hun eigen wegen gaan, om u daar te leren kennen. Zij willen u te hulp komen over mij maar overbodig, gij kunt rechtvaardig verzoenen en slaan. En met heldere waarheid beproeven. Allen die aan God overlaten verzoening en gerechtigheid: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

[ 15 ]

kokBWoerewoet0618.indd 15

02-09-18 11:35


7 Salomo raadt ons dit werk al af, dat wij onderzoeken wat te groots is en reiken naar wat ons te boven gaat om dat met het verstand te vinden. Maar dat wij heldere minne laten begaan ons vrij te maken en te binden. Wie volgens de raad van verheven minne opklimmen van graad tot graad: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

8 Het menselijk verstand is zo gering, God gaat dat verre te boven. Van allen is God de enige wijze, daarom zullen wij om alles hem loven. En hem laten begaan in straffen en gedogen. Voor hem is geen daad zo ver of het komt hem voor ogen. Wie ten volle zich aan minne geven en in haar ogen tot voldoening leven: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

[ 16 ]

kokBWoerewoet0618.indd 16

02-09-18 11:35


9 God geve ons nieuw inzicht in verheven en vrije minne zodat wij vernieuwd daarin leven en minne ons zegent. En steeds vernieuwt met nieuwe genieting die zij nieuw ten volle kan geven. Minne geeft steeds nieuwe krachtige vergoeding aan wie in minne steeds nieuw ten volle wil leven. Het nieuwe van vernieuwende minne steeds opnieuw leren inzien: al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

“Ay, vale vale milies, si dixero, non satis est� al zeg ik duizend goede wensen, het is onvoldoende.

[ 17 ]

kokBWoerewoet0618.indd 17

02-09-18 11:35


Bij het 1e gedicht Een nieuwjaarsgedicht als een litanie in de herhaling van het refrein. Nooit genoeg goede wensen te wensen: “Ay, vale vale milies, si dixero, non satis est”; al zei ik duizend goede wensen, het zou nog onvoldoende zijn. Want alleen minne voldoet. Minne wordt geprezen als altijd nieuw en vernieuwend. De heel vroege zo tedere bloei van de hazelaars getuigt van moed in donkere dagen. Door stormen heen fier en moedig minne trouw blijven en vertrouwen. De winter is koud en de hazelaar staat in bloei. In tegenspoed toch het vertrouwen bewaren. Dat allen minne zouden kiezen, dat is de beste wens boven alle andere goede wensen. Dat niemand zich bezighoudt met oordelen over anderen maar de eigen wegen gaat, in minne. Daarbij de mooie retorische vraag: “de tijd die zij aan mij besteden, wie bemint dan hun beminde?” (strofe 6). Dat kunnen zij alleen maar zelf, laten zij dus geen tijd en aandacht verspillen. Zelf in minne steeds nieuw ten volle willen leven (strofe 9).

[ 18 ]

kokBWoerewoet0618.indd 18

02-09-18 11:35


(Gedicht 34 – fragment)

Hadewijch leefde in de 13e eeuw en schreef visi­oenen, brieven en gedichten. Zij geldt als een van de grootste dichteressen uit onze literatuur. Drs. Agnes Hoffschulte woont en werkt als pastoraal theologe in Deventer. Eerder verscheen De kruisweg: 14 staties op weg naar Pasen. Haar vertaling van ­Hade­­wijchs ­gedichten werd door kenners geprezen ­van­­wege ‘de heldere hedendaagse taal en toch echt Hadewijch’.

Alles zonder verbittering om minne verdragen, dat geeft een mooi gelaat De mystieke liefdesgedichten van Hadewijch Helder vertaald en toegelicht door Agnes Hoffschulte De middeleeuwse dichteres Hadewijch had slechts één thema waarover zij dichtte: de minne, de liefde. De minne vindt in God haar oorsprong en roept de hele natuur en elke ziel tot leven. Zij brengt de mens in verrukking en geeft hem een grootse opdracht: onvoorwaardelijk lief te hebben. In de vertaling en toelichting van Agnes Hoffschulte komen de middeleeuwse gedichten heel dichtbij. Zij doen op de lezer een a­ ppèl om verantwoordelijkheid te nemen en met hart voor de natuur een leven te leiden dat in dienst staat van de minne. Wie op zoek is naar een krachtige stem van bezieling, geloof en levensmoed vindt in de authentieke gedichten van Hadewijch warmte en inspiratie: een vuur in het donker.

nHadewijch Oerewoetfl

Zwaar en donker en zeer ruw zijn in het begin de wegen van minne. Voordat iemand in minnedienst standvastig is, ontbreekt vaak het juiste inzicht. Want waar hij meent te verliezen, staat hij juist op winst.

‘Oerewoet’ is een typisch woord van Hadewijch. Het betekent hartstocht, innerlijk woeden van de minnestorm, de intense bewogenheid die minne veroorzaakt.

nHadewijch Oerewoetfl Gedichten over minne en beminnen

Oerewoet van minne is een kostbare gave. Wie dat wil inzien zou haar alleen verlangen. Die eerst met twee waren, maakt zij één, dat zeg ik in waarheid. Zij maakt wat zoet is zuur en de vreemde een nabije buur. Zij verheft de geringe. (Gedicht 28 – fragment)

nur 306

Hadewych – Gedichten.indd Alle pagina's

30-08-18 08:48


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Oerewoet - Hadewijch.9789043530774 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu