Skip to main content

Elke dag kinderdag - Frans van Houwelingen.9789026622915

Page 1

Frans van Houwelingen schreef 100 vrolijke voorleesverhalen over Janjaap, Gijsbert en Willemien. Ze beleven samen allerlei avonturen. Ze gaan nieuwe schoenen kopen, ijs met slagroom eten met oom Gijs en mamma verrassen als het moederdag is. Soms gebeurt er echt iets bijzonders. Dan landen er parachutespringers op het sportveld – en vliegt de parachute in brand! En in de vakantie gaan ze kamperen en wordt hun kleine neefje gedoopt. Maar of er nu iets gewoons of iets bijzonders gebeurt, ieder verhaal is weer spannend en levensecht. Alle verhalen over Janjaap, Gijsbert en Willemien uit de boeken ‘Elke dag kinderdag’, ‘Nog even opblijven’ en ‘Kusje voor het slapengaan’ zijn nu met een aantal nieuwe verhalen gebundeld in één dik voorleesboek. Urenlang (voor)leesplezier, met bij elk verhaal een prachtige tekening van Magda van Tilburg!

Lezers over Elke dag kinderdag: ‘Leuke verhalen, niet te lang. Sluiten goed aan bij de dagelijkse beleving van kinderen.’ ‘Het boek is heel concreet voor kinderen; dicht bij de belevingswereld en heel herkenbaar.’ ‘Een gezellig voorleesboek.’ ‘Dit boek plaatst kinderen iedere dag middenin de avonturen van leeftijdgenoten. Een aanrader!’

ISBN9789026622915 NUR 277

Frans van Houwelingen


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 1


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 2

Frans van Houwelingen schreef Elke dag kinderdag, Nog even opblijven en Kusje voor het slapengaan. Deze verhalen zijn herzien, aangevuld met een aantal nieuwe verhalen en gebundeld in dit fraai geĂŻllustreerde voorleesboek.


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 3

Frans van Houwelingen Met illustraties van Magda van Tilburg

Zesde druk


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 4

Zesde druk, 2018 © 2001, Uitgeverij Callenbach – Utrecht Illustraties Magda van Tilburg Layout/dtp Gerard de Groot Omslagbelettering Peter Dees Isbn 978 90 266 2291 5 Nur 277 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 5


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 6


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 7

Brieven...

Hallo jongens en meisjes, vaders en moeders, Ik ben de vader van Janjaap, Gijsbert en Willemien. Misschien kennen jullie mijn kinderen al. Ik heb over hen drie boeken geschreven. Die boeken heten Elke dag kinderdag, Nog even opblijven en Kusje voor het slapen gaan.


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:46

Pagina 8

In dit boek staan de verhalen uit die drie boeken bij elkaar. Er staan ook een paar nieuwe verhalen in. Wat een dik boek is het nu geworden, hè? Ik weet dat veel kinderen de verhalen van Janjaap, Gijsbert en Willemien heel leuk vinden. We hebben veel brieven, kaarten en tekeningen gekregen. Die bewaren we goed. We hebben al een hele schoenendoos vol! Willemien vond het jammer, dat Kusje voor het slapen gaan het laatste boek was. Dat vonden veel kinderen in Nederland ook. En daarom heb ik tòch nog maar een paar nieuwe verhaaltjes geschreven. Gelukkig kunnen Janjaap, Gijsbert en Willemien goed onthouden! Ze wisten nog wel wat dingen die ze beleefd hadden, maar die nog niet in de boeken stonden. En natuurlijk heeft mijn vrouw (de mamma van Janjaap, Gijsbert en Willemien) mij goed geholpen. Veel plezier met deze honderd verhalen!

Frans van Houwelingen

8


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 9

1. Dia’s

Vrijdag ‘Vanavond mogen jullie opblijven,’ zegt pappa, ‘we gaan dia’s draaien.’ Pappa haalt de dia-spullen van boven. Eerst zet hij het grote witte scherm neer. Dan wordt de diatafel uitgeklapt. ‘Welke dia’s draaien we?’ vraagt Janjaap, ‘van toen ik een baby was?’ ‘Ik ook baby,’ zegt Willemien. ‘Ja,’ zegt Janjaap, ‘je bent een baby.’ ‘Mien is niet baby,’ roept Willemien. ‘Wel waar. Je bent nog maar één jaar.’ ‘Stil Janjaap,’ zegt mamma, ‘Willemien is al bijna jarig. Dan wordt ze twee.’ Willemien steekt haar vingertjes op. ‘Zo veel.’ Pappa is klaar met de dia’s. ‘We kunnen beginnen.’ Mamma doet de gordijnen dicht en de lichten uit.

9


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 10

‘Ik heb eerst een sleetje van Janjaap.’ De eerste dia komt op het scherm. Een klein baby’tje op de commode. ‘Lieve baby,’ zegt Willemien, ‘oooh...’ ‘Dat is je grote broer,’ zegt pappa, ‘Janjaap.’ ‘Is niet Japie!’ roept Willemien. ‘Ga ik straks in de sneeuw spelen?’ vraagt Janjaap. ‘In de sneeuw? Welnee, toen je geboren bent was het 19 mei. Dan ligt er geen sneeuw.’ ‘Maar u zei toch: we doen het sleetje van Janjaap?’ ‘O, bedoel je dat!’ zegt pappa lachend. ‘Ik bedoelde het sleetje van de dia’s. Dat is waar ze in staan.’ Dia’s op een slee. Janjaap vindt het maar raar. Op de volgende dia wordt Janjaap in bad gedaan. ‘Ik zie je billen, Janjaap,’ zegt Gijsbert. Hij moet erom lachen. ‘Tja, die moesten af en toe gewassen worden,’ zegt mamma. ‘Volgende dia!’ roept Janjaap. Maar daar moet Gijsbert nog harder om lachen. Janjaap zit op het potje. ‘De dia’s zitten door elkaar,’ zegt pappa, ‘hier is Janjaap al groot.’ ‘Nou, lekker groot,’ zegt Gijsbert, ‘en stinken dat-ie doet!’ Janjaap wordt boos. ‘Dat vind ik niet leuk!’ ‘Niet zo flauw doen, Gijsbert,’ zegt mamma. ‘Wacht maar op jóuw dia’s,’ zegt Janjaap, ‘dan ga ik lekker ook lachen.’ ‘Geen ruzie maken,’ zegt mamma, ‘het is juist zo gezellig.’ De volgende dia’s vindt Janjaap veel leuker. Hij ziet zichzelf in bed, op een driewieler, met een feestmuts op (hij werd toen twee) en bij pappa voor op de fiets. Als de slee op is, doet pappa het licht aan. ‘En nu dia’s van mij,’ zegt Gijsbert. Pappa draait dia’s van Gijsbert en daarna nog een paar van Willemien. Op één dia zitten de twee jongens op de bank en heeft Janjaap Willemien op schoot. Je ziet ook een grote hand. Die is van mamma. Ze is bang dat de jongens Willemien laten vallen. ‘Mooie pop,’ zegt Willemien. ‘Dat is geen pop,’ zegt Janjaap, ‘dat is Willemien.’ 10


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 11

‘Niet Mien,’ roept Willemien. Ze is toch geen baby meer? Pappa doet nieuwe dia’s in het apparaat. Op de eerste dia staat een kleine jongen in zijn zwembroek. ‘Hé, wie is dat?’ roept Gijsbert. ‘Weet je het niet?’ De jongens schudden hun hoofd. ‘Dat is pappa toen hij nog een klein jongetje was.’ ‘Moest hij toen ook op het potje?’ wil Janjaap weten. ‘Daar is geen dia van,’ zegt pappa. Hij gaat naar de volgende. Je ziet weer de kleine pappa. Hij is heel hard aan het huilen. ‘Toen was ik gevallen met de fiets,’ vertelt pappa, ‘ik was toen een jaar of vijf.’ De volgende dia gaat over koninginnedag. Je ziet pappa met een feestmuts en een vlaggetje in zijn hand. ‘Was mamma er ook bij?’ vraagt Gijsbert. ‘Die kende ik toen nog niet,’ zegt pappa. ‘Ik zie mamma!’ roept Janjaap. Hij wijst naar een mevrouw op de dia. Maar het is mamma niet. Dat kan niet, want toen pappa vijf was, was mamma een klein meisje. Gelukkig zijn er ook dia’s van toen mamma klein was. Er is een dia van mamma voor de spiegel. Ze heeft heel veel lippenstift op haar gezicht. ‘Willemien!’ roept Willemien. ‘Ja,’ zegt pappa, ‘ze lijkt er wel op.’ ‘Mocht u wel lippenstift?’ vraagt Janjaap. ‘Ik denk het niet,’ zegt mamma. ‘Werd uw mamma dan boos?’ wil Gijsbert weten. ‘Ik denk het wel,’ zegt mamma, ‘deze dia zal mijn pappa wel genomen hebben. Die moest wel eens lachen als ik iets stouts deed.’ Op de volgende dia zien ze mamma met haar pappa en mamma. ‘Dat zijn net opa en oma Bus,’ zegt Gijsbert. ‘Dat klopt. Mijn vader en moeder zijn jullie opa en oma Bus.’ Zo noemen ze de opa en oma waar ze met de bus heen moeten. De andere opa en oma wonen verder weg. Als ze daarheen gaan, moeten ze met de trein. En daarom noemen ze die ‘opa en oma Trein’ 11


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 12

‘En wie is uw moeder?’ vraagt Janjaap aan pappa. ‘Oma Trein, natuurlijk,’ zegt pappa. ‘Ik ga later met oma Trein trouwen,’ zegt Janjaap. ‘Dat kan toch niet?’ zegt pappa, ‘je kunt toch niet met mijn mamma trouwen?’ ‘Waarom niet?’ vraagt Janjaap, ‘U bent toch ook met míjn mamma getrouwd?’

12


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 13

2. In de speelkamer

Woensdag Het regent. Janjaap en Gijsbert kunnen niet buiten spelen. ‘Gaan jullie maar naar de speelkamer,’ zegt mamma. De jongens gaan naar boven. ‘Zullen we poppenkast spelen?’ zegt Janjaap. Ze pakken de poppenkast en de poppen. Janjaap gaat achter de poppenkast zitten. ‘Ik eerst.’ Hij doet een pop op zijn hand. Met een gek stemmetje zegt hij: ‘Hallo jongens en meisjes. Ik ben Jan Klaassen.’ ‘Er zijn geen meisjes,’ roept Gijsbert. ‘Maar dat zègt Jan Klaassen altijd,’ zegt Jan Klaassen met de stem van Janjaap.

13


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 14

‘We gaan Willemien halen,’ zegt Gijsbert, ‘dat is een meisje.’ Samen gaan ze naar beneden. ‘Mag Willemien komen?’ vraagt Janjaap, ‘want we hebben geen meisjes.’ Het mag niet. ‘Ik vind het te gevaarlijk,’ zegt mamma, ‘als ze van de trap valt…’ ‘We zullen goed op haar passen,’ zegt Gijsbert. Maar mamma vindt het niet goed. Jammer. Ze zetten hun knuffelbeesten bij de poppenkast. Dat zijn de meisjes. Janjaap speelt Jan Klaassen en Katrijn. Een heks heeft de bal van Jan Klaassen afgepakt. Gelukkig komt er een agent. Die stopt de boze heks in de gevangenis. Gijsbert vindt het heel spannend. Als het uit is, klapt hij in zijn handen. Nu is Gijsbert zelf aan de beurt. Hij speelt de prinses. Haar gouden ketting wordt gestolen door een gemene boef. Maar de hond van Jan Klaassen bijt hem in zijn been. O, wat gilt de boef hard! Janjaap moet er erg om lachen. ‘Nu mag jij weer,’ zegt Gijsbert. Maar Janjaap heeft geen zin meer. ‘Ik weet wat,’ zegt hij, ‘we gaan ons verkleden.’ Ja, dàt is een leuk idee. Er staat een kist vol verkleedspullen. Er zijn oude jurken van mamma, een soldatenjasje, een echte politiepet, een nachtpon en nog veel meer. Er zit ook een witte schort bij, want mamma is vroeger zuster geweest. ‘Ik ben een soldaat.’ Gijsbert pakt het groene soldatenjasje. Het is wel wat te groot. Maar dat is niet erg. ‘Ik stop er een kussen onder,’ zegt Gijsbert, ‘dan ben ik een dikke soldaat.’ Hij zet een groene pet op. Het staat prachtig. Janjaap pakt een oude kamerjas uit de kist. En een kroontje van goudpapier. Ze leggen een oud gordijn over de stoel. Nu hebben ze een echte troon. Koning Janjaap gaat op zijn troon zitten. ‘Soldaat! Er is een gemene boef. Die moet jij vangen.’ ‘Goed koning,’ zegt de soldaat, ‘ik zal hem in de gevangenis stoppen.’ Gijsbert buigt heel diep. Dat gaat een beetje moeilijk met zo’n dikke buik. De soldaat gaat de kamer uit. De koning blijft alleen in zijn paleis. 14


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 15

O, daar is de soldaat alweer. ‘Er is geen boef, koning,’ zegt hij. ‘Je moet ‘majesteit’ zeggen,’ zegt de koning. ‘Er is geen boef, majesteit,’ zegt de soldaat. Dan horen ze voetstappen op de trap. ‘Ik hoor een boef,’ fluistert de koning, ‘vlug, verstop je.’ Ze kruipen achter de troon. De boef staat al op de zolder. Oei, daar doet hij de deur van het paleis open. Hij stapt naar binnen. De koning en de soldaat houden zich muisstil. Ze kunnen net door een kiertje van het troongordijn kijken. De boef heeft de schoenen van pappa aan... ‘Janjaap, Gijsbert, waar zijn jullie?’ roept de boef. Ineens komen de koning en de soldaat achter de troon vandaan. Ze schreeuwen hard en zwaaien wild met hun armen. ‘Gemene boef!’ roept de soldaat, ‘u moet in de gevangenis. U hebt de ketting van de prinses gestolen!’ De boef kijkt verbaasd. ‘Ik heb helemaal niks gedaan,’ zegt hij. Maar de koning is heel streng. ‘In de gevangenis,’ roept hij. Dan begint de boef opeens te huilen. Soldaat Gijsbert krijgt medelijden. ‘Zullen we hem voor deze keer vrij laten, majesteit?’ ‘Goed,’ zegt de koning, ‘voor deze keer dan. Maar u mag nooit meer een ketting stelen. Begrepen?’ ‘Ik zal het nooit meer doen, majesteit,’ belooft de boef. En dan is de boef opeens pappa. ‘Jullie moeten opruimen, jongens,’ zegt hij, ‘we gaan zo eten.’ ‘Soldaat, ruim de rommel op,’ zegt de koning. ‘Niks ervan,’ zegt pappa, ‘de koning helpt mee. Nu ben ik de baas.’ Samen ruimen ze de kamer op. Beneden zijn ze weer Janjaap en Gijsbert.

15


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 16

3. Ramen zemen

Donderdag ‘Hè, hè,’ zegt mamma, ‘de ramen zijn weer schoon.’ Mamma heeft net de ramen gezeemd. Dat is een heel werk. Want de tuindeuren zijn bijna helemaal van glas. ‘En nu niet steeds met je vingers eraan komen, hoor. Anders kan ik weer opnieuw beginnen.’ Ze pakt haar emmer met sop en de zeemlap. Ze gooit het vieze water weg. ‘Nu ga ik boven de badkamer doen.’ Mamma gaat de trap op. Janjaap, Gijsbert en Willemien zijn nu alleen in de kamer. De jongens zitten aan de tafel. Ze hebben ieder een kleurplaat. Die kleuren ze met viltstiften. Willemien zit onder de tafel. Ze heeft een viltstift gevonden. Een groene. Die heeft Janjaap zeker laten vallen. Willemien trekt het dopje eraf. Ze gaat met de viltstift over haar handje. Hé, dat is mooi! Haar hand wordt groen. Willemien kruipt onder de tafel uit. Met de viltstift in haar hand loopt ze naar het grote raam. Ze maakt een paar groene strepen op de ruiten. Met haar handje smeert ze het een beetje uit. Willemien steekt haar vingertjes in d’r mond. Dan krast ze weer op het raam. Het raam wordt heel vies. Maar Willemien vindt het prachtig. ‘Japie, kijke, mooi!’ roept ze. Janjaap en Gijsbert zien wat er gebeurt. ‘Stoute Willemien,’ zeggen ze. O, o, wat is het raam vies. En mamma heeft nog wel net gezeemd! ‘Nou moeten wij het raam maar zemen,’ zegt Janjaap. Ze gaan naar de keuken. Ze doen het aanrechtkastje open. Er ligt geen zeemlap. Maar dat geeft niet. Het kan ook wel met een afwaskwast. ‘We hebben geen sop,’ zegt Gijsbert. 16


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 17

Dat is waar. De flessen staan boven in de keukenkast. Daar kunnen ze niet bij. ‘Dan wassen we de ramen maar met zeep.’ Ze slepen een kruk bij het aanrecht. Nu kunnen ze bij de kraan. Ze doen een beetje water in het afwasteiltje. Dat nemen ze mee naar de tuindeuren. Oei, wat is dat moeilijk! Er klotst een beetje over de rand. Nou ja, zo erg is dat niet. Het is toch schoon water. Gijsbert heeft een stuk zeep gepakt. Dat maakt hij nat. Dan doet hij het langs het raam. Er komen nog meer strepen op. ‘Nu met de borstel,’ zegt Janjaap. Met de afwasborstel gaan ze over het hele raam. Gek, het raam wordt helemaal niet zo erg schoon. Er moet zeker meer zeep op. Eigenlijk is ramen zemen best leuk. De jongens begrijpen niet waarom mamma het niet zo graag doet. Ook Willemien helpt goed mee. Ze spettert met haar hand in het teiltje. 17


opmk.'...Kinderdag'

12-09-2018

11:47

Pagina 18

‘Zo, en nu moeten we het raam weer droog maken,’ zegt Janjaap. Ze trekken een theedoek van het haakje. Het raam wordt afgedroogd. Jammer dat je er niet zo goed meer doorheen kunt kijken. Hoe zou dat toch komen? ‘Misschien moeten we toch meer water hebben,’ zegt Janjaap. Hij loopt alweer naar de kraan. Maar dan gaat de kamerdeur open. Daar is mamma. Ze ziet de vieze ruit. Ze ziet de knoeiboel op de grond. ‘Wat hebben jullie nou toch gedaan!’ roept ze boos. ‘Ramen gezeemd,’ zeggen de jongens trots. Maar mamma is helemaal niet blij. ‘Kijk nou toch eens,’ roept ze, ‘nu kan ik weer helemaal opnieuw beginnen!’ O, o, wat is mamma kwaad! ‘Direct naar boven. Ik wil jullie voorlopig niet meer zien!’ Stilletjes gaan de jongens naar hun kamer. Ze zijn heel verdrietig. Ze wilden mamma helpen. En nu krijgen ze straf. Het duurt heel lang, voordat mamma hen komt halen. ‘Zullen jullie het echt nooit meer doen?’ Ze is gelukkig niet boos meer. De jongens schudden allebei van nee. Janjaap zegt: ‘Willemien had op het raam geschreven. En toen wilden wij het schoon maken.’ Het is even stil. ‘Dus jullie wilden me eigenlijk helpen?’ ‘Ja!’ De jongens knikken allebei heel hard. Mamma geeft hun een kus. ‘Sorry, dat ik zo gauw boos werd.’ Als ze beneden komen, zien de jongens dat het raam weer schoon is.

18


Frans van Houwelingen schreef 100 vrolijke voorleesverhalen over Janjaap, Gijsbert en Willemien. Ze beleven samen allerlei avonturen. Ze gaan nieuwe schoenen kopen, ijs met slagroom eten met oom Gijs en mamma verrassen als het moederdag is. Soms gebeurt er echt iets bijzonders. Dan landen er parachutespringers op het sportveld – en vliegt de parachute in brand! En in de vakantie gaan ze kamperen en wordt hun kleine neefje gedoopt. Maar of er nu iets gewoons of iets bijzonders gebeurt, ieder verhaal is weer spannend en levensecht. Alle verhalen over Janjaap, Gijsbert en Willemien uit de boeken ‘Elke dag kinderdag’, ‘Nog even opblijven’ en ‘Kusje voor het slapengaan’ zijn nu met een aantal nieuwe verhalen gebundeld in één dik voorleesboek. Urenlang (voor)leesplezier, met bij elk verhaal een prachtige tekening van Magda van Tilburg!

Lezers over Elke dag kinderdag: ‘Leuke verhalen, niet te lang. Sluiten goed aan bij de dagelijkse beleving van kinderen.’ ‘Het boek is heel concreet voor kinderen; dicht bij de belevingswereld en heel herkenbaar.’ ‘Een gezellig voorleesboek.’ ‘Dit boek plaatst kinderen iedere dag middenin de avonturen van leeftijdgenoten. Een aanrader!’

ISBN9789026622915 NUR 277

Frans van Houwelingen


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Elke dag kinderdag - Frans van Houwelingen.9789026622915 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu