Skip to main content

Beste mevr. Bird - A. J. Pearce. ISBN 9789023959014

Page 1

AJ PEARCE ‘Onweerstaanbaar geestig en ontroerend… over de kracht van vrouwen en het belang van vriendschap.’ – Star Tribune Londen, 1940. Emmy reageert op een advertentie waarmee haar droomcarrière als oorlogscorrespondente in vervulling zal gaan. Denkt ze. Algauw blijkt dat ze brieven moet beantwoorden voor een damesblad. Haar eindredacteur, Mevrouw Bird, regeert met ijzeren discipline: ongepaste brieven horen in de vuilnisbak. Maar als Emmy de soms wanhopige smeekbeden van lezeressen leest, besluit ze in het geheim terug te schrijven. Dit boek is een ode aan de kracht van vriendschap, de vriendelijkheid van onbekenden en de moed van gewone mensen in buitengewone tijden. AJ Pearce komt uit Hampshire, Engeland, en is historicus. De vertaalrechten van haar debuutroman Beste mevr. Bird zijn aan dertien landen verkocht. ‘Een heerlijk boek.’ – Publishers Weekly

NUR 302

‘Geestig, ontroerend en hartverwarmend.’ – John Boyne, auteur van De jongen in de gestreepte pyjama

MOZAÏEK | ROMAN

www.uitgeverijmozaiek.nl

Pearce_Mevr.Bird_WT-02.indd 1

11-06-19 15:58


Beste mevr. Bird

19048 Beste mevr. Bird.indd 1

12-06-19 18:07


Voor mijn ouders

19048 Beste mevr. Bird.indd 2

12-06-19 18:07


Uitgeverij MozaĂŻek, Utrecht

19048 Beste mevr. Bird.indd 3

12-06-19 18:07


ISBN 978 90 239 5901 4 ISBN 978 90 239 5902 1 (e-book) NUR 302 Vertaling: Roeleke Meijer-Muilwijk Ontwerp omslag: bij Barbara Lay-out en dtp binnenwerk: Gewoon Geertje Auteursfoto: Alexander James Oorspronkelijk uitgegeven door Picador, eem imprint van Pan Macmillan, Londen,Verenigd Koninkrijk, onder de titel Dear Mrs Bird. Oorspronkelijke uitgave © 2018 Big Dog Little Dog Ltd. Nederlandse uitgave © 2019 Uitgeverij Mozaïek, Utrecht Alle rechten voorbehouden www.uitgeverijmozaiek.nl Uitgeverij Mozaïek vindt het belangrijk om op milieuvriendelijke en verantwoorde wijze met natuurlijke bronnen om te gaan. Bij de productie van het papieren boek van deze titel is daarom gebruikgemaakt van papier waarvan het zeker is dat de productie niet tot bosvernietiging heeft geleid.

19048 Beste mevr. Bird.indd 4

12-06-19 18:07


Londen, december 1940

19048 Beste mevr. Bird.indd 5

12-06-19 18:07


19048 Beste mevr. Bird.indd 6

12-06-19 18:07


1

Een advertentie in de krant Toen ik de advertentie in de krant las, dacht ik echt dat ik zou ontploffen van geluk. Ik had toch al een behoorlijk vrolijke dag, ondanks dat de Luftwaffe weer eens roet in het eten gooide zodat we allemaal te laat op het werk waren gekomen, en ik had zowaar een ui te pakken gekregen, wat goed nieuws was voor m’n stoofpotje. Maar toen ik die aankondiging zag, was ik helemaal hoteldebotel. Het was kwart over drie op zo’n akelige dag in december, als het al donker lijkt te worden voordat het echt helemaal licht is, en je zelfs met twee vesten en een lange jas aan onmogelijk warm kunt worden. Boven in de dubbeldekker, lijn 24, kon ik wolkjes condens zien als ik uitademde. Ik was onderweg naar huis na mijn werk als secretaresse bij Strawman Advocaten en verheugde me erop nog even te kunnen zitten voor mijn nachtdienst in de telefooncentrale van de brandweerkazerne begon. Ik had alle nieuwspagina’s van The Evening Chronicle woord voor woord gelezen en keek nu naar de horoscopen, waar ik niet in geloofde, maar je wist maar nooit… Voor mijn beste vriendin Bunty stond er: ‘Binnenkort heb je veel geld tot je beschikking. Geluksdier: bunzing.’ Bepaald veelbelovend! Voor mij: ‘Het komt

7

19048 Beste mevr. Bird.indd 7

12-06-19 18:07


vast allemaal goed, uiteindelijk. Geluksvis: makreel.’ Nogal een sof, vergeleken met dat van haar. En toen zag ik het staan, onder Vacante Betrekkingen, ingeklemd tussen een vacature voor jamkokers (geen ervaring vereist) en een voor een volwassen opzichter in een overall­ fabriek (bij voorkeur met referenties).

ASSISTENT GEZOCHT Parttime Assistent gevraagd bij Launceston Press Ltd., uitgevers van The London Evening Chronicle. Eisen: capabel, enthousiast en hardwerkend, 60 w. p. min. typen/110 w. p. min. steno. Brieven z.s.m. richten aan: Mevr. H. Bird, Launceston Press Ltd., Launceston House, EC4 Londen.

Het was de beste baan waarvoor ik in mijn hele leven ooit een advertentie gezien had. Als ik íéts het allerliefste wilde – behalve natuurlijk dat de oorlog afgelopen zou zijn en dat Hitler liefst op zeer onverkwikkelijke wijze aan zijn eind zou komen – was het journaliste worden. Of, om precies te zijn, het soort journaliste dat door mensen-die-het-weten-konden ‘oorlogscorrespondente’ genoemd werd. Al tien jaar – sinds ik als twaalfjarig meisje een uitstapje naar de lokale krant gewonnen had als prijs voor het schrijven van een nogal beroerd gedicht – droomde ik van een carrière in de journalistiek. Nu sloeg mijn hart op hol, bonkte dwars door de vesten en de jas heen en dreigde uit mijn borstkas te springen, boven op de dame naast me. Ik was dolblij met mijn baan bij Strawman, maar ik snakte ernaar te leren hoe ik verslaggeefster kon worden. Zo iemand die altijd een notitieboekje paraat heeft en te allen tijde klaarstaat om Politieke Intriges op te sporen, moeilijke vragen te stellen aan volksvertegenwoordigers, of – het allerbeste van alles – op het laatste

8

19048 Beste mevr. Bird.indd 8

12-06-19 18:07


vliegtuig naar een ver land te springen om belangrijke verslagen over oorlog en verzet naar huis te sturen. Op school hadden mijn leraressen gezegd dat ik bij zinnen moest komen en niet zo hoog van de toren moest blazen, ook al was Engels mijn beste vak. Bovendien weerhielden ze me ervan de minister-president te schrijven om hem namens de schoolkrant vragen te stellen over zijn buitenlandbeleid. Dat was een ontmoedigend begin geweest. Sinds die tijd had ik volgehouden, maar een baan vinden terwijl ik bijna geen ervaring had, bleek nogal hoog gegrepen, vooral omdat ik per se voor een krant in de Londense Fleet Street wilde werken. Doorgaans ben ik een optimist, maar zelfs ik geloofde er niet in dat het enkele feit dat ik ooit drie keer tijdens de zomervakantie artikeltjes voor de Little Whitfield Gazette geschreven had voldoende was om in Berlijn terecht te komen. Maar nu zag ik mijn kans schoon. Ik bestudeerde de advertentie nogmaals en vroeg me af of ik aan de vereisten kon voldoen. Capabel - Dat was ik beslist, al was het nog even afwachten welke capaciteiten ze van me verwachtten. Enthousiast - Zeg dat wel! Ik gilde bijna de bus bij elkaar van enthousiasme. Hardwerkend - Tot diep in de nacht zou ik doorwerken, desnoods op kantoor blijven slapen, onder mijn bureau. Ik kon niet wachten om me aan te melden. Ik drukte op het knopje om bij de volgende halte uit te stappen en al tijdens het vrolijke belletje minderde de bus vaart. Ik graaide mijn handtas, gasmasker en ui bij elkaar, schoof de krant onder mijn arm, verloor een handschoen – merkte ik later – en roffelde het trapje af.

9

19048 Beste mevr. Bird.indd 9

12-06-19 18:07


‘Dank u wel,’ riep ik tegen de conductrice; ik drukte haar nog net niet plat terwijl ik achter uit de bus sprong. We waren nog niet helemaal bij de halte naast Apotheek Boots, die nog altijd geopend was, ondanks het feit dat alle ramen twee weken geleden gesprongen waren, maar ik sprong op de restanten van de stoep en begon naar huis te lopen. Boots was niet de enige winkel die tijdens de luchtaanvallen een oplawaai gekregen had. De hele straat was er beroerd aan toe. Van de kruidenierszaak was niet veel meer over dan een halve muur en wat puin, vier van de appartementen ernaast waren helemaal weggebombardeerd en op de plek waar de wolwinkel van meneer Parsons gestaan had, was een gapende leegte. De wijk Pimlico hield nog altijd stand, maar er was veel verlies geleden. Over kraters heen springend alsof het horden waren, rende ik de straat over; ik vertraagde mijn pas en riep een groet naar meneer Bone, de tijdschriftenverkoper – ‘Met mijn naam zou je toch denken dat ik slager was!’ – die een stapel kranten voor zijn winkel neerlegde. Hij had zijn opzichtersuniform al aan en blies op zijn vingers om ze warm te houden. ‘Middag, Emmy,’ zei hij tussen twee puffen door. ‘Heb je daar de vroege editie? Prachtige foto van Hunne Majesteiten op de voorpagina.’ Hij glimlachte stralend. Ondanks alles wat de oorlog hem had aangedaan was meneer Bone de vrolijkste man die ik kende. Het maakte niet uit hoe vreselijk het nieuws was, hij wees zijn klanten altijd op iets leuks. ‘Nee, sta maar niet stil; ik kan zien dat je haast hebt.’ Meestal bleef ik even staan om over het nieuws van de dag te kletsen. Soms gaf meneer Bone me een overgebleven exemplaar van een krant of van de Picture Post als iemand er een gereserveerd had maar vergeten was die op te halen – eigenlijk moest hij ze terugsturen naar de uitgeverij – maar vandaag moest ik meteen naar huis.

10

19048 Beste mevr. Bird.indd 10

12-06-19 18:07


‘Pagina twee, meneer Bone,’ riep ik dankbaar. ‘The Chronicle heeft een assistent nodig. Dit zou hem weleens kunnen zijn!’ Meneer Bone steunde me door dik en dun in mijn droom om oorlogscorrespondente te worden, ook al maakte hij zich ongerust omdat ik achter de vijandelijke linies wilde gaan. Nu glimlachte hij nog breder en zwaaide triomfantelijk met een exemplaar van de avondkrant. ‘Zo mag ik het horen, Emmy!’ riep hij. ‘Veel geluk. Ik zal de Times van vandaag voor je bewaren.’ Ik schreeuwde een bedankje en zwaaide verwoed met mijn vrije hand terwijl ik doorholde naar het eind van de straat. Nog een paar minuten en daarna een scherpe bocht naar rechts. Ik ontweek twee bejaarde dames die veel belangstelling toonden voor Walter, de man die gepofte aardappelen verkocht, waarschijnlijk vanwege de warmte die om hem heen hing. Nu nog langs de tearooms, dan was ik thuis. Bunty en ik deelden een appartement op de bovenste verdieping van het huis van haar oma in Braybon Street. Bij elke luchtaanval moesten we als een haas naar de tuin van de buurvrouw zien te komen en de schuilplaats van gebogen golfplaten in duiken, maar daar waren we inmiddels aan gewend, dus we maakten ons niet onnodig ongerust. Het was een reuzebof dat we daar gratis mochten wonen. Ik gooide de voordeur open en vloog de betegelde gang door, en de trappen op. ‘Bunty!’ riep ik, in de hoop dat ze me drie verdiepingen hoger zou horen. ‘Je raadt het nooit. Ik heb het beste nieuws aller tijden.’ Tegen de tijd dat ik boven was, kwam Bunty in haar duster uit haar slaapkamer tevoorschijn, de slaap uit haar ogen wrijvend. Ze werkte ’s nachts als secretaresse voor het ministerie van Oorlog, maar ze moest natuurlijk altijd haar mond stijf dichthouden over wat haar werk precies inhield.

11

19048 Beste mevr. Bird.indd 11

12-06-19 18:07


‘Hebben we de oorlog gewonnen?’ vroeg ze. ‘Daar zeiden ze niks over op het werk.’ ‘Alleen maar een kwestie van tijd,’ zei ik. ‘Nee, maar kijk: het op een na beste.’ Ik duwde de krant in haar hand. ‘Jamkoker?’ ‘Nee, gekkie. Daaronder.’ Bunty grijnsde en bekeek de krantenpagina nogmaals. Toen ze de advertentie zag sperde ze haar ogen wijd open. ‘Grote griebels!’ Bij elk woord werd haar stem luider.‘Emmy, dit is jouw baan!!!’ Ik knikte heftig. ‘Vind je? Echt? Ja toch?’ vroeg ik, totaal onlogisch. ‘Natuurlijk! Precies iets voor jou!’ Bunty was dan ook de loyaalste vriendin ter wereld. Ze was ook ontzettend praktisch ingesteld, en ze kwam onmiddellijk in actie. ‘Je moet vandaag nog schrijven. Zorg dat je de eerste bent. Meneer Strawman zal je wel een referentie geven, toch? En kapitein Davies van de brandweer. O, lieve help… Kun je daar je diensten dan nog wel draaien?’ Naast mijn werk bij het advocatenkantoor was ik al voor het begin van de Blitzkrieg bij de vrijwillige brandweer gaan werken. Mijn broer Jack had zich een slag in de rondte gevlogen en gevochten en het was hoog tijd geweest dat ik ook mijn steentje bijdroeg. Bunty’s vriendje William – Bill voor zijn vrienden – was fulltime brandweerman en toen hij me voorstelde om als vrijwillige telefoniste bij de brandweerkazerne op Carlton Street te gaan werken, leek me dat ideaal. Een sollicitatiegesprek bij kapitein Davies van de kazerne, een medisch onderzoek om zeker te weten dat ik niet op het punt stond de pijp uit te gaan, en klaar was Kees. Drie nachten per week werken, dat kon ik prima in mijn leven inpassen naast mijn baan als secretaresse. Ik kreeg een

12

19048 Beste mevr. Bird.indd 12

12-06-19 18:07


keurig marineblauw uniform met glanzende knopen en stevige zwarte schoenen en ik was zo trots als een pauw op mijn pet met de badge van de Vrijwillige Brandweer. Bunty en ik kenden William al sinds we kinderen waren, en toen ik bij de brandweer ging, was onze dorpskrant naar Londen gekomen om een foto van ons drieën te maken. Die drukten ze af met de kop ‘Little Whitfield schiet te hulp’ eronder. Het bijgaande artikel klonk alsof William, Bunty en ik met ons drietjes verantwoordelijk waren voor de veiligheid van heel Londen en voor de voortgang van het ministerie van Oorlog. Ze hadden ook mijn verloofde Edmund genoemd omdat ook hij uit Little Whitfield kwam – heel lief, al deden ze het een beetje voorkomen alsof hij de halve koninklijke artillerie aanvoerde, wat volgens Edmund nogal bezijden de waarheid was. Ik had hem het krantenknipsel opgestuurd en hij had er veel plezier om gehad. Het was leuk dat de krant ons alle vier had genoemd. Dat voelde als in de goede oude tijd, voordat de oorlog ons leven overhoop gooide en Edmund naar de andere kant van de wereld gestuurd werd. Binnen twee weken nadat ik bij de brandweer was gekomen, begonnen de Duitsers met hun aanvallen op Londen, en ik was blij dat ik me enigszins nuttig kon maken. Mijn vriendin Thelma, ook bij de brandweer, zei dat ik tenminste mijn steentje bijdroeg, al was het dan niet als oorlogscorrespondente. ‘O mooi, het is parttime,’ zei Bunty. Ze had de advertentie nog eens doorgelezen en beantwoordde haar eigen vraag. Ze was inmiddels opgehouden met schreeuwen en nu was ze volkomen serieus. ‘Echt waar, Emmy,’ zei ze, ‘dit kon weleens jouw grote kans zijn.’ We keken elkaar even aan en lieten tot ons doordringen hoe kolossaal dit was. ‘Ik durf te wedden dat jij helemaal op de hoogte bent van het laatste nieuws,’ zei Bunty. ‘Ze zullen echt zó onder de indruk zijn.’

13

19048 Beste mevr. Bird.indd 13

12-06-19 18:07


‘Ik weet het niet, Bunts,’ zei ik, plotseling nerveus. ‘Ze zullen wel akelig hoge eisen stellen, zelfs voor een assistent. Wil jij me eens testen?’ We liepen de woonkamer in. Op de salontafel balanceerden twee stapels tijdschriften en drie plakboeken met krantenknipsels. Ik zette mijn hoed af en haalde het notitieboekje uit mijn tas – ik had het altijd bij me voor het geval dat… – en bladerde door naar achterin, waar ik met grote rode letters ‘appendix’ geschreven had en daaronder, op de volgende regel, ‘leden van het oorlogskabinet’. Ik overhandigde het Bunty, die op de sofa neergeploft was. ‘Ik zal doen alsof je bij mij komt solliciteren,’ zei ze, wijzend op de minst comfortabele stoel in de kamer. ‘En ik zal heel streng zijn. Om te beginnen: wie is de minister van Financiën?’ ‘Sir Kingsley Wood,’ zei ik terwijl ik de knopen van mijn jas losmaakte en ging zitten. ‘Makkie.’ ‘Goed zo,’ zei Bunty. ‘Goed, wie is de voorzitter van de kroonraad? Weet je, ik kan niet wachten tot je daar begint. Je ouders zullen zo blij zijn.’ ‘Sir John Anderson,’ zei ik als antwoord op haar vraag. ‘Rustig aan, ik heb die baan nog niet. Ik hoop maar dat moeder en vader er gelukkig mee zullen zijn. Ze gaan zich waarschijnlijk zorgen zitten maken of ik gevaarlijke dingen moet doen.’ ‘Maar ze zullen doen alsof ze er absoluut geen probleem mee hebben,’ zei Bunty. We grijnsden allebei. Bunty kende mijn ouders bijna even goed als ik. Onze vaders waren vrienden geweest tijdens de Eerste Wereldoorlog en Bunty hoorde helemaal bij de familie. ‘Nu een echt moeilijke vraag,’ zei ik. ‘Doen we,’ zei Bunty en zweeg toen weer even.‘O, wacht eens. Wat zal Edmund zeggen, denk je? Hij is vast woest,’ voegde ze eraan toe voordat ik antwoord kon geven.

14

19048 Beste mevr. Bird.indd 14

12-06-19 18:07


Ik wilde hem graag verdedigen, maar Bunty had wel een punt. Edmund en ik hadden al eeuwen verkering en sinds anderhalf jaar waren we verloofd. Hij was geweldig – slim en attent en zorgzaam – maar hij moedigde mijn hoop op een carrière bij de krant niet bepaald aan. Soms was hij een beetje een conservatieveling. ‘Dat valt heus wel mee,’ zei ik uit loyaliteit. ‘Hij is vast blij voor me.’ ‘En jij neemt die baan gewoon aan, zelfs als hij niet blij is,’ vulde Bunty vol vertrouwen aan. ‘Reken maar,’ zei ik. ‘Als ik hem aangeboden krijg.’ Ik was dol op Edmund, maar ik vertikte het om over me heen te laten lopen. ‘Ik hoop zo dat ze jou die baan geven,’ zei Bunty, terwijl ze begon te duimen. ‘Dat moet gewoon.’ ‘Stel je voor: assistent bij The Evening Chronicle…’ Ik staarde in de verte en zag mezelf in gedachte Londen rondscheuren in een taxi, op het punt een primeur te bemachtigen. ‘Het begin van een journalistieke carrière.’ ‘Goed van je!’ zei Bunty ernstig. ‘Ga je je specialiseren als oorlogscorrespondente, denk je?’ ‘O ja, dat hoop ik wel. Ik ga broeken dragen en als we de oorlog gewonnen hebben, ga ik sparen voor mijn eigen auto en dan kunnen Edmund en ik een appartement in Westminster huren, en ik ga natuurlijk roken, en waarschijnlijk ga ik elke avond naar het theater, of naar Café de Paris om daar allerlei amusante opmerkingen te gaan zitten maken.’ Bunty keek enthousiast. ‘Ik kan gewoon niet wachten,’ zei ze, alsof we plannen aan het maken waren voor over twee weken. ‘Als Bill me niet ten huwelijk vraagt, ga ik misschien wel de politiek in.’ Voordat de oorlog uitbrak, studeerde Bunty’s vriendje architectuur. Hij was van plan geweest eerst af te studeren en vast wat geld te verdienen voordat ze zich zouden verloven.

15

19048 Beste mevr. Bird.indd 15

12-06-19 18:07


‘O, Bunts, wat een mieters idee,’ zei ik, onder de indruk. ‘Ik wist niet dat jij daarin geïnteresseerd was.’ ‘Nou ja, niet zo heel erg; in elk geval nu nog niet. Maar als we eenmaal gewonnen hebben, willen de parlements­ leden natuurlijk massaal stoppen, en stel je voor, dan kom ik op de radio – het idéé!’ ‘Slim bedacht. En iedereen zal je respecteren omdat je bij het ministerie van Oorlog gewerkt hebt.’ ‘Maar daar zal ik nooit over praten.’ ‘Uiteraard.’ Het begon inderdaad goed te komen. Ik zou journaliste worden en Bunty ging voor de bbc werken. ‘Goed,’ zei ik en stond op. ‘Ik ga mijn sollicitatiebrief schrijven en daarna ga ik bij de kazerne proberen kapitein Davies te spreken te krijgen. Wat een getuigschrift van een vrijwillige telefoniste gaat helpen voor een baan bij The Evening Chronicle weet ik niet, maar het kan vast geen kwaad.’ ‘Larie,’ zei Bunty. ‘Het is perfect. Als jij telefoontjes kunt beantwoorden terwijl Hitler probeert ons allemaal de lucht in te blazen, zul je als oorlogscorrespondente onder vuur absoluut de allerbeste zijn.William zegt dat je het dapperste meisje in de nachtdienst bent en dat je zelfs geen spier vertrok toen Derek Hobson zwaargewond terugkwam van een klus.’ ‘Nou ja, ik ben eerste-hulpmentor,’ zei ik. Ik dacht er niet graag aan terug. Je maakt geen nodeloze drukte over zoiets, maar het was een afschuwelijke nacht geweest en Derek was nog steeds op ziekteverlof. Bunty pakte de krant weer op. ‘Jij bent hartstikke dapper,’ zei ze. ‘En je bent gewoon geknipt voor die baan. Nou, schiet maar een beetje op,’ zei ze terwijl ze mij de krant overhandigde. ‘Er staat “brieven zo snel mogelijk…”’ ‘Eerlijk gezegd,’ zei ik, en met een glazige blik pakte ik de krant aan, ‘kan ik nog niet geloven dat dit echt zou kunnen gebeuren.’

16

19048 Beste mevr. Bird.indd 16

12-06-19 18:07


Bunty grijnsde. ‘Wacht maar af.’ Ik pakte mijn tas, haalde mijn beste vulpen eruit en begon te schrijven.

17

19048 Beste mevr. Bird.indd 17

12-06-19 18:07


2

Dhr. Collins, Hoofdartikelen & Algemene Redactie

Een week na de krantenadvertentie deed ik verschrikkelijk mijn best om rustig te blijven. Sinds mijn brief aan mevrouw H. Bird had ik mijn op-de-hoogte-blijven-van-het-nieuws opgevoerd tot een ongekende graad van geestdrift, en nu was ik zowaar echt op weg naar een sollicitatiegesprek bij The London Evening Chronicle. Bunty was me blijven testen tot het op een politieverhoor begon te lijken, en toen ik mijn familie en de meisjes bij de brandweer erover vertelde, was iedereen vervuld van enthousiasme en een nogal zorgwekkend vertrouwen over mijn vooruitzicht op de baan. Ik had Edmund geschreven om hem over mijn sollicitatiegesprek te vertellen. Zijn reactie was nog lang niet te verwachten, maar ik werd door anderen van alle kanten gesteund. De vorige dag hadden de meisjes na mijn nachtdienst op de brandweerkazerne ‘Succes!’ geroepen,William en de jongens schreeuwden: ‘Stop de persen!’ en: ‘Moedig voorwaarts!’ in een enthousiaste poging te klinken als de krantenmensen uit de films. Heel lief van ze: ik had het gevoel dat half Londen – en heel Little Whitfield – achter me stond.

18

19048 Beste mevr. Bird.indd 18

12-06-19 18:07


Vandaag ging Londen gebukt onder een lage en sombere grijze lucht, alsof een reusachtige jongen zijn schooltrui had uitgetrokken en die per ongeluk over de hele wijk West End gegooid had. Ik trotseerde de kou in mijn keurige blauw kamgaren mantelpakje met enkele rij knopen, met mijn allerbeste schoenen aan en een klein zwart hoedje dat ik van Bunty geleend had op. Ik hoopte dat ik er zowel zakelijk als alert uitzag. Als iemand die een primeur kon ruiken en onmiddellijk op waarde kon schatten. Als iemand die niet het gevoel had dat haar hart elk moment kon ontploffen. Ik had die dag vrij van mijn werk en hoewel ik het binnen een uur had kunnen lopen, nam ik twee bussen om niet helemaal verwaaid aan te komen, want dat stond zo sjofel. Zodoende was ik afschuwelijk veel te vroeg aangekomen, dus ik bleef buiten staan, voor Launceston House, en keek nerveus omhoog naar het kolossale gebouw in art-decostijl. Dat ik misschien híér zou gaan werken… Het was een duizelingwekkende gedachte. Met mijn hoofd in mijn nek, terwijl ik met mijn ene hand Bunty’s hoedje tegenhield en met mijn andere mijn handtas omklemde, was ik al lichtelijk uit balans toen een bijzonder boze stem bulderde: ‘Aan de kant! Je houdt het verkeer op!’ Een stevige dame was uit het gebouw gekomen en stevende mijn kant op. Haar hoed leek op een gleufhoed voor mannen, met een kort fazantenveertje op de rand, waardoor hij op het platteland thuis leek te horen. Een ander deel van die dode vogel had de krachten gebundeld met een stuk konijnenbont om een fraaie broche te vormen die op de revers van haar jas prijkte. Ze deed me aan mijn tante Tiny denken, die als driejarige voor het eerst meegegaan was op korhoenjacht en sindsdien allerlei beesten uit de heg schoot. ‘Het spijt me echt,’ zei ik. ‘Ik stond alleen…’ De dame grimaste en stoof langs in een wolk van carbolzeep.

19

19048 Beste mevr. Bird.indd 19

12-06-19 18:07


‘… te kijken.’ Ik keek haar na terwijl ze kordaat de weg overstak en ineens had ik het eigenaardige gevoel dat ik weer op school zat. De bel voor gymnastiek kon elk moment gaan. Ik schudde het gevoel van me af. Ik was hier voor een baan waarbij ik aan ‘serieus nieuws over zaken van vitaal belang’ zou werken; ik moest dus voortmaken. Ik haalde diep adem, keek voor de honderdste keer op mijn polshorloge, liep de brede marmeren trap op en ging de draaideur door. De entreehal was bijzonder chic, en het was hier binnen bijna even koud als buiten op straat. De muren hingen vol met portretten van grimmig kijkende mannen; in olieverf vereeuwigde uitgevers van tweehonderd jaar geleden keken vol minachting neer op een jonge vrouw met een geleend hoedje, die ervan droomde correspondente te worden. Elk moment kon er één afkeurend gaan mompelen. Vurig hopend dat ik niet zou uitglijden op de glad gepoetste vloer liep ik op de hoge, notenhouten receptie­ balie af. ‘Goedemorgen. Mijn naam is Emmeline Lake en ik kom voor mevrouw Bird. Het is voor een sollicitatiegesprek.’ De jonge vrouw achter de balie schonk me een meelevende glimlach. ‘Vierde verdieping, juffrouw Lake. Met de lift naar de tweede verdieping, linksaf de gang door, twee trappen op en als u daar bent, is het achter de dubbele deur. U kunt meteen doorlopen. Er is niemand om u binnen te laten.’ ‘Dank u wel,’ zei ik en glimlachte terug. Ik hoopte dat iedereen hier zo aardig was. ‘Vierde verdieping,’ zei ze weer. ‘Heel veel succes.’ Haar behulpzaamheid was zo bemoedigend dat ik de verontrustende dame buiten al bijna vergeten was. Opgewekt sloot ik me aan bij twee heren van middelbare leeftijd

20

19048 Beste mevr. Bird.indd 20

12-06-19 18:07


met lange jassen aan, die op de lift stonden te wachten, al discussiërend over de radiotoespraak die de minister-president de vorige avond gehouden had. Een van hen maakte zich druk over de activiteiten van de geallieerden in Afrika en stond met zijn handen te wapperen tot de as van zijn sigaret bijna op zijn vriend terechtkwam. De andere man leek niet echt naar hem te luisteren, maar riep toch telkens luid: ‘Poeh!’ Ik luisterde mee met het gesprek, want de koperen pijl boven de liftdeur bleef maar op de derde verdieping staan en de mannen bleven maar bekvechten. ‘Het is een belachelijke zet. Ze maken geen schijn van kans. En Selassie heeft geen idee wat hij doet.’ ‘Flauwekul. Je raaskalt.’ ‘Poeh! Ik durf er vijf shilling om te verwedden dat je het mis hebt.’ ‘Ik zou me schamen om die van je aan te nemen.’ Ik realiseerde me pas dat ik hen stond aan te gapen toen de man met de sigaret een blik in mijn richting wierp. ‘En wat denk jij, snoes? Is Eritrea al verloren? Moeten we daar wel moeite voor doen, nu we daar toch zijn?’ Lieve help! Nu werd mijn mening over een politiek onderwerp al gevraagd nog voordat ik aan mijn sollicitatie begonnen was. ‘Nou,’ zei ik met het gevoel dat ik goed voorbereid was, ‘ik weet het niet helemaal zeker, maar als meneer Churchill het een goed idee vindt, zou ik zeggen dat we ze het beste vanaf Soedan kunnen aanpakken.’ De man slikte zijn sigaret haast in. Zijn vriend aarzelde even en begon toen bulderend te lachen. ‘Dat zal je leren, Henry! Ze zijn niet allemaal zo suf als ze eruitzien.’ De andere man sneerde: ‘Iedereen kan een zin die ze op de radio gehoord heeft herhalen.’

21

19048 Beste mevr. Bird.indd 21

12-06-19 18:07


‘Eigenlijk heb ik er in The Times over gelezen,’ zei ik naar waarheid. Geen van beiden reageerde; ze waren weer begonnen met bekvechten. Intussen was de lift eindelijk gearriveerd. Ik volgde de mannen de lift in en vroeg de liftbediende beleefd of hij me naar de tweede verdieping wilde brengen. Daarna hief ik mijn hoofd en wierp de mannen van onder de rand van mijn hoed een strijdlustige blik toe. Het zou nog niet meevallen om oorlogscorrespondente te zijn, maar dat verbaasde mij niets. Veel mannen denken dat iedereen met een boezem een idioot is, zei mijn moeder altijd. Het is het slimste om ze maar in die waan te laten tot je ze allemaal het tegendeel kunt bewijzen. Ik was dol op mijn moeder, niet in de laatste plaats omdat vader, elke keer als ze een woord als ‘boezem’ in het openbaar gebruikte, met zijn ogen rolde en met een theatraal gebaar naar zijn hart greep. De gedachte aan mijn ouders kikkerde me op. Ik stapte op de tweede verdieping uit, liep de gang uit en ging de trappen op. Boven stond ik even stil om mijn neus te poederen en een verdwaalde pluk haar achter mijn oor te duwen, en ik probeerde niet al te onzeker te worden bij de aanblik van een grote, ingelijste afbeelding van een nogal strenge heer met wit haar en krachtige wenkbrauwen. Ik herkende hem onmiddellijk. Het was Lord Overton, miljonair, filantroop en eigenaar van Launceston Press. Hij en zijn vrouw waren altijd in het nieuws vanwege hun liefdadigheidswerk en ik bewonderde hen reusachtig. Even verloor ik bijna de moed. Ik aarzelde bij de dubbele zwaaideur die naar mevrouw Bird en naar mijn sollicitatie leidde. Diep ademhalen, schouders naar achteren. Ik duwde de deuren open en liep een smalle, donkere gang in. Het leek totaal niet op de indrukwekkende entreehal

22

19048 Beste mevr. Bird.indd 22

12-06-19 18:07


beneden. Zoals ik al gehoord had, was hier geen receptioniste.Voor me was een rij deuren, op twee na allemaal dicht, en op het gedempte geluid van een typemachine na was het hier stil. Hier geen drukke nieuwskamer vol mannen zoals die twee in de lift. Maar misschien was iedereen buiten aan het verslaggeven. Ik omklemde mijn handtas en zag dat er een eindje verderop, links, een deur half open stond; ik vroeg me af of een bescheiden ‘Hallo daar’ te brutaal zou zijn om mee te beginnen. Dat idee verwierp ik. Ik besloot op een van de deuren te kloppen. Als ik deze baan zou krijgen, zou ik misschien wel naar Amerika moeten bellen om te vragen of ze me wilden doorverbinden met het Witte Huis. Dit was geen plaats voor angsthazen. Op de deur van het kantoor aan mijn rechterhand was een kaartje geplakt met daarop in een keurig handschrift ‘juffrouw Knighton’. Op de muur ernaast hing een ingelijste modeprent van een vrouw die een poedel uitliet en daar zo te zien grenzeloos opgewekt van werd. Ik snapte niet wat dat met belangrijke wereldgebeurtenissen te maken had. Maar goed, over smaak valt niet te twisten. Op de tegenovergelegen muur hing een soortgelijke prent; alleen stond daar een vrouw met een zomerjurk aan hartelijk te lachen om een jong katje. Ik fronste mijn wenkbrauwen. Ik was dol op dieren, maar wat moest een belangrijke krant in deze zware tijden met zulke plaatjes? Een portret van de koning of van iemand uit het oorlogskabinet zou toch veel gepaster zijn? Misschien betekende het dat de mensen hier vrolijke types waren. Maar vrolijk of niet, het was nog steeds akelig stil. ‘Juffrouw Knighton!’ bulderde een man achter de andere, half geopende deur.‘Juffrouw Knighton! O, in vredesnaam…

23

19048 Beste mevr. Bird.indd 23

12-06-19 18:07


Juffrouw Knighton! Waar hangt ze nu weer uit? Ik praat blijkbaar tegen dovemansoren. Geen probleem; ik doe het zelf wel!’ Er klonk wat gerommel en daarna een klap. Toen een krachtterm, gevolgd door: ‘Idioot!’ ‘Hallo?’ riep ik en zette koers in de richting van het lawaai. ‘Gaat het? Kan ik u misschien helpen?’ ‘Natuurlijk gaat het. Kathleen, ben jij dat? Wacht even.’ Er klonk geschuifel en daarna struikelde een magere heer van ergens in de veertig de gang in. Hij was keurig gekleed, met een tweed pantalon en bijpassend mouwloos vest over zijn overhemd, maar zijn aanblik was bepaald slonzig. Zijn hemdsmouwen waren opgerold, zijn bruine haar moest nodig geknipt worden en zijn handen zaten onder de zwarte inkt. Dit was beslist een journalist. Wat spannend! Hij keek nogal moordlustig, maar dat hoorde er waarschijnlijk bij. De journalist, die zichzelf niet voorstelde maar me woedend aankeek omdat ik juffrouw Knighton niet was, veegde zijn haar uit zijn ogen en smeerde tegelijkertijd zijn hele voorhoofd vol inkt. Fatsoenshalve deed ik alsof dat me niet opviel. ‘Hoe maakt u het?’ vroeg ik luidkeels – als ik zenuwachtig ben, heb ik de neiging te schreeuwen. ‘Ik ben Emmeline Lake. Ik heb een sollicitatiegesprek met mevrouw Bird.’ ‘Nee toch.’ Hij keek me enigszins gealarmeerd aan. ‘Nu al?’ Ik probeerde enthousiast, maar intelligent te glimlachen. Hij leek in elk geval te weten dat ik zou komen. ‘Om twee uur,’ zei ik in een poging behulpzaam te zijn. ‘Juist, ja. Nou, ik ben bang dat ze er niet is. Ze is er natuurlijk nooit, dat is een voordeel. Tel je zegeningen, en zo.Waarschijnlijk is ze bij het een of andere goede doel dingen aan het organiseren tot ze erbij neervallen, maar ja, zo gaat dat.’

24

19048 Beste mevr. Bird.indd 24

12-06-19 18:07


Hij hield op met praten. Mijn mond was opengevallen van verbazing. ‘Juist,’ zei ik in een poging positief te blijven. ‘Dus u bent hier voor het sollicitatiegesprek, juffrouw…’ ‘Lake. Ja. Maar ik kan wel wachten, als dat helpt.’ Ik keek om me heen op zoek naar een plek om te gaan zitten, maar de gang was leeg. ‘O, dat is geen probleem,’ zei hij, niet onvriendelijk. ‘Ik ben bang dat u het met mij zult moeten doen. Maar mijn handen zitten onder de inkt…’ Hij zei een lelijk woord. Ik besloot niet te melden dat de inkt ook op zijn gezicht zat, voor het geval hem dat sterkere termen zou ontlokken, grabbelde in mijn tas en bood hem mijn zakdoek aan. Mijn moeder had er een bloem en mijn initialen op geborduurd; het was een kerstcadeautje. ‘Dank u wel. Ramp afgewend!’ Hij begon vol overgave mijn moeders handwerk te bederven. ‘Mooi. Nou, kom dan maar binnen.’ Ik volgde hem zijn kantoor in en zag in het voorbijgaan het versleten naambordje op de deur. Dhr. Collins Hoofdartikelen & Algemene Redactie ‘Kijk uit, het zit overal,’ zei meneer Collins, en ik baande me een weg door de rommeligste kamer die ik ooit gezien had. Hij perste zichzelf achter een bureau waarop zich hoge stapels boeken en kranten bevonden, samen met een overvolle asbak en de zo ongelukkig omgevallen inktpot. Het hele tafereel kreeg een dramatisch tintje door het felle licht van de enige lamp in de kamer, een verstelbare bureaulamp die eruitzag alsof hij opgevorderd was bij een verbeurdverklaarde fabriek van medische hulpmiddelen. Ik zag een lichtblauw inktvloeiblok op de grond liggen,

25

19048 Beste mevr. Bird.indd 25

12-06-19 18:07


bukte om het op te rapen, en overhandigde het hem alsof het mijn getuigschrift was. ‘Aha, mooi. Ja.’ Met een ontmoedigd gezicht begon hij de gemorste inkt op te deppen. Na een paar seconden – ik had intussen om me heen gekeken en vroeg me af of journalisten altijd halflege flessen sterkedrank als boekensteun gebruikten – zuchtte hij diep, gaf de moed op en keek me doordringend aan. ‘Juist,’ zei hij. ‘Laten we dit afhandelen. Goed. Juffrouw Emmeline Lake. Hier prompt om twee uur aanwezig om bij mevrouw Bird te solliciteren. Eigenares van een kleine, maar op dit moment hogelijk gewaardeerde zakdoek…’ Ondanks al zijn gestuntel was de redacteur hoofdartikelen blijkbaar niets ontgaan. ‘Vertel eens,’ zei hij, ‘wat bezielde u in vredesnaam om hier te willen werken?’ Zo had ik me het begin van het sollicitatiegesprek niet voorgesteld. ‘Nou,’ zei ik en herinnerde me hoe Bunty en ik dit gesprek thuis geoefend hadden.‘Ik ben zeer hardwerkend en ik kan vijfenzestig woorden per minuut typen en honderdvijfentwintig woorden per minuut stenograferen…’ Meneer Collins gaapte, wat me even van mijn stuk bracht, maar ik zette door. ‘Volgens mijn referenties ben ik bijzonder capabel en…’ Hij deed zijn ogen even dicht. Ik probeerde wat meer gewicht in de schaal te leggen. ‘De afgelopen tweeënhalf jaar heb ik op een advocaten­ bureau gewerkt, dus…’ ‘Laat maar zitten,’ zei hij. ‘Ter zake nu.’ Ik zette me schrap voor een mondelinge overhoring over de meest effectieve leden van de regering. ‘Bent u snel bang?’ Dat was gelukkig meteen ter zake. Ik zag mezelf al tijdens

26

19048 Beste mevr. Bird.indd 26

12-06-19 18:07


een luchtaanval door Londen stormen om mensen te interviewen en probeerde niet al te enthousiast te kijken. ‘Volgens mij niet,’ zei ik, mijn eigen – naar ik hoopte – onmetelijke moed onder moeilijke omstandigheden bagatel­ liserend. ‘Hm. We zullen zien. Goed in dictaat opnemen?’ Oftewel: als een schaduw achter een topcorrespondent aan lopen en elk woord noteren, speurend naar zaken van nationaal belang. ‘Absoluut. Honderd…’ ‘… vijfentwintig woorden per minuut, ja, dat zei u al.’ Meneer Collins raakte niet bepaald in vervoering. Zelf zou ik het ongetwijfeld ook saai vinden om assistenten te ondervragen als ik zelf redacteur hoofdartikelen was en me in het zweet zat te werken in een race tegen de klok om de dodelijke deadlines te halen. Geen wonder dat zijn kantoor een troep was. Het viel vast niet mee om de boel in het gareel te houden met die onbetrouwbare juffrouw Knighton. Hij moest uitgeput zijn. Mijn gedachten dwaalden af. Misschien zou dit mijn baan worden… Meneer Collins helpen zijn Deadlines te halen. Opschrijven wat mensen-die-het-weten-konden zeiden, terwijl hij hen aan een genadeloze ondervraging onderwierp om het allerbeste nieuws te pakken te krijgen. Hem eraan herinneren dat hij om drie uur een geheime vergadering met een parlementair secretaris had. ‘Dat betekent in essentie: kunt u overweg met ruziezoekende oude vrouwen – akelige oude tangen, om precies te zijn?’ Ik besefte dat ik niet had opgelet. Wat was het verband tussen oude tangen en The Chronicle? Ik dacht aan mijn grootmoeder, die volgens mijn vader sinds het begin van de vorige oorlog niet meer geglimlacht had.

27

19048 Beste mevr. Bird.indd 27

12-06-19 18:07


‘O ja,’ zei ik vol zelfvertrouwen. ‘Ik kan heel goed overweg met akelige oude… eh… met dat soort mensen.’ Meneer Collins trok een van zijn wenkbrauwen op en glimlachte bijna, maar blijkbaar bedacht hij zich. Hij voelde in zijn vestzakje en viste daar een sigarettenetui uit. ‘Juist,’ zei hij en leunde op zijn elleboog terwijl hij een sigaret opstak. Hij nam een flinke trek en trok een grimas. ‘Nou, juffrouw Lake, u lijkt me aardig genoeg.’ Ik probeerde niet te laten merken dat ik me gevleid voelde. ‘Weet u zeker dat u dit wilt? De vorige assistent is maar een week gebleven. En die daarvoor haalde de middag niet eens. Let wel, dat was deels mijn fout.’ Hij zweeg even. ‘Mij is verteld dat ik bij gelegenheid schreeuw,’ voegde hij er ter verduidelijking aan toe. ‘Daar klopt vast niets van,’ loog ik, denkend aan de misthoornachtige geluiden waarmee hij juffrouw Knighton geroepen had. ‘Trouwens, het doet geen zeer.’ ‘Hm?’ ‘Schelden doet geen zeer,’ waagde ik.‘Slaan zoveel te meer.’ Meneer Collins keek me weer aan, en ik had het gevoel dat hij iets dacht wat hij me niet wilde vertellen. Uiteindelijk kneep hij zijn lippen op elkaar en knikte. ‘Ik denk dat u het misschien wel aan zou kunnen,’ zei hij na een korte stilte. ‘Ja, ik denk dat u het echt wel aan zou kunnen. Wanneer kunt u beginnen?’ Als ik hem niet verkeerd verstaan had, was dit de mooiste dag van mijn leven. Hij had me dan wel niet bevraagd op de onderwerpen waarop ik al dagen had zitten studeren, maar alle inzichtelijke vragen die ik had willen stellen, waren als sneeuw voor de zon verdwenen toen hij het woord ‘beginnen’ gebruikte. ‘Sjonge,’ zei ik, waarmee ik niet bepaald een ontwikkelde, wereldwijze indruk maakte. Ik probeerde het nog een

28

19048 Beste mevr. Bird.indd 28

12-06-19 18:07


keer. ‘Dank u wel, meneer. Heel hartelijk bedankt. Ik kan meteen mijn ontslag aanbieden, als dat de bedoeling is. Is dat goed?’ Nu zag ik een zweem van een glimlach. ‘Dat zou ik wel zeggen,’ zei hij. ‘Al zult u me misschien niet meer bedanken als u hier eenmaal bent, weet u.’ Ik durf te wedden van wel, dacht ik, maar dat zei ik niet, want het enige wat telde, was dat ik nu echt bijna tot het personeel van een beroemde krant behoorde. Meneer Collins leek me een ironisch type en zijn waarschuwingen hoorden vast en zeker gewoon bij zijn manier van doen. ‘Dank u wel, meneer Collins,’ zei ik terwijl we elkaar de hand schudden. ‘Ik beloof dat ik u niet zal teleurstellen.’

29

19048 Beste mevr. Bird.indd 29

12-06-19 18:07


AJ PEARCE ‘Onweerstaanbaar geestig en ontroerend… over de kracht van vrouwen en het belang van vriendschap.’ – Star Tribune Londen, 1940. Emmy reageert op een advertentie waarmee haar droomcarrière als oorlogscorrespondente in vervulling zal gaan. Denkt ze. Algauw blijkt dat ze brieven moet beantwoorden voor een damesblad. Haar eindredacteur, Mevrouw Bird, regeert met ijzeren discipline: ongepaste brieven horen in de vuilnisbak. Maar als Emmy de soms wanhopige smeekbeden van lezeressen leest, besluit ze in het geheim terug te schrijven. Dit boek is een ode aan de kracht van vriendschap, de vriendelijkheid van onbekenden en de moed van gewone mensen in buitengewone tijden. AJ Pearce komt uit Hampshire, Engeland, en is historicus. De vertaalrechten van haar debuutroman Beste mevr. Bird zijn aan dertien landen verkocht. ‘Een heerlijk boek.’ – Publishers Weekly

NUR 302

‘Geestig, ontroerend en hartverwarmend.’ – John Boyne, auteur van De jongen in de gestreepte pyjama

MOZAÏEK | ROMAN

www.uitgeverijmozaiek.nl

Pearce_Mevr.Bird_WT-02.indd 1

11-06-19 15:58


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Beste mevr. Bird - A. J. Pearce. ISBN 9789023959014 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu