Skip to main content

Nederlandse zendingsgeschiedenis ll - Jan A.B. Jongeneel.9789023955528

Page 1

Nederlandse zendingsgeschiedenis II Ontmoeting van protestantse christenen met andere godsdiensten en geloven (1917-2017)

Dutch Protestant mission history II: Encounter of Protestant Christians with other religions and beliefs (1917-2017)

Jan A.B. Jongeneel

Boekencentrum Academic, Utrecht


In de eerste helft van de zeventiende eeuw was Nederland een centrum van cartografie. De uit de Zuidelijke Nederlanden afkomstige Joost de Hondt (1563-1612), alias Jodocus Hondius, bewerkte en vermeerderde de atlas van Gerardus Mercator (151294). De op het kaft van deze uitgave afgedrukte chorochromatische kaart laat met behulp van signaturen de verspreiding van de godsdiensten zien: het christendom (kruis), het ‘heidendom’ (schuine pijl) en de islam (halve maan). De verbreiding van het christendom (kruis) betekent de verbreiding van de ‘ware godsdienst’. Het optimisme van De Hondt over de voortgang van het Evangelie over het rond der aarde blijkt uit zijn uitvergrote weergave van het Abessijnse rijk in Afrika.


www.uitgeverijboekencentrum.nl Boekencentrum Academic is een onderdeel van uitgeverij Boekencentrum Deze uitgave is nummer 59 in de serie MISSION (Missiologisch Onderzoek in Nederland), die onder redactie staat van: Prof.dr. M.T. Frederiks Prof.dr. M.M. Jansen Prof.dr. A.M. Kool

Ontwerp omslag: Christian Jongeneel ISBN 978 90 239 5552 8 (boek) ISBN 978 90 239 5650 1 (e-book) NUR 704 Š 2018 Uitgeverij Boekencentrum, Utrecht Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieÍn, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


Aan de nagedachtenis van de Nederlandse predikanten, zendingsarbeiders en hun partners in kerkelijke of zendingsdienst, die in de periode vóór de opening van het Zendingshuis te Oegstgeest (1917) op weg naar, tijdens of terugkerend van hun verblijf in de niet-westerse wereld door geweld om het leven gekomen zijn: -

Hendrik C. Heusdens (1904-42), op Java, Indonesië Gerben W. Mollema (1903-50), op Zuidoost-Sulawesi, Indonesië Barend Kuyvenhoven (1941-75), in Pakistan Mienke (Minka) Hanskamp (1922-74), in Thailand Erik Barendsen (1934-80) en Eeva Barendsen-Mustonen (1939-80), in Afghanistan Koos Fietje (1943-81), in Thailand Jan P. Baan (1971-2003), in Nigeria Predikanten, zendingswerkers, Bijbelvertalers en hun partners en kinderen die omkwamen in de Japanse interneringskampen (1942-45), in Zuid- en Oost-Azië


Inhoudsopgave Voorwoord

xxi

Afkortingen

xxii

1.

Inleiding

1

1.1. 1.2.

Omschrijving van het onderwerp Eerbetoon aan overzee door geweld omgekomen predikanten, zendingswerkers en hun partners Kern en begrenzing van het onderzoek 1.3.1. Acht kernpunten 1.3.2. Drie begrenzingen Periodisering: Vier tijdvakken Structuur: Zes hoofdstukken Primaire en secundaire bronnen Bijbelvertaling en terminologie Technische gegevens

1 2 3 3 12 14 16 17 18 21

Nederland tijdens de wereldoorlogen en het interbellum: Zending en ontmoeting op de thuisbasis

23

1.3.

1.4. 1.5. 1.6. 1.7. 1.8.

2.

2.1.

2.2.

Wereldoorlogen, Volkenbond en internationale economische crisis als context 2.1.1. Internationale vredesconferenties en Vredespaleis te ’s-Gravenhage 2.1.2. Eerste Wereldoorlog, ondergang van het Avondland, en Volkenbond te Genève 2.1.3. Internationale economische crisis, Tweede Wereldoorlog en begin van de Koude Oorlog Buitenlandpolitiek en koloniaal beleid van de Nederlandse regering als context 2.2.1. Buitenlandse Zaken: Neutraliteitspolitiek 2.2.2. Koloniaal beleid: Ethische politiek – Begrenzing en einde

24 24 27 30 32 33 34 vii


2.3.

2.4.

2.5.

viii

Instroom van andere godsdiensten en geloven, en groeiende onkerkelijkheid als context 2.3.1. Godsdienstig pluralisme in het voetspoor van het Wereldparlement der Godsdiensten te Chicago (1893) 2.3.2. Instroom van andere godsdiensten en geloven in Nederland 2.3.3. Ontmoeting van Nederlanders met niet-westerse leiders: De hindoes Rabindranath Tagore en Mohandas K. Gandhi 2.3.4. Groeiende onkerkelijkheid in Nederland Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen 2.4.1. Zending en oecumene in het voetspoor van de wereldzendingsconferentie te Edinburgh (1910) 2.4.2. Nationale netwerken: Nederlandse Zendingsraad en andere oecumenische instellingen 2.4.3. Protestantse kerken in Nederland en hun overzeese Zendingswerk 2.4.4. Nederlandse zendingscorporaties werkzaam binnen de Nederlandse koloniën 2.4.5. Nederlandse zendingscorporaties werkzaam buiten de Nederlandse koloniën 2.4.6. Nederlands Bijbelgenootschap Zendingsdenkers zonder langdurige werkervaring in de niet-westerse wereld 2.5.1. Herman Bavinck: Na de wereldoorlog aan de wereldbevolking verlossing beloven in de weg van wedergeboorte en bekering 2.5.2. Herbertina B. de la Bassecour Caan: De kerstening van Europa in het verleden als leerstof gebruiken voor de kerstening van de niet-westerse wereld in het heden 2.5.3. Jan W. Gunning: De islam in wezen meer bedreigd door de zending met haar zedelijke middelen dan door het westers imperialisme 2.5.4. Hendrik T. de Graaf: Mondiale eenwording bevorderen door geen steun te verlenen aan het imperialisme, maar wel aan de zending met haar boodschap van liefde 2.5.5. Frederik W.A. Korff: Onderscheid maken tussen vóór en na de ontmoeting met Christus als keerpunt in de wereldgeschiedenis

38 38 40 42 44 45 46 54 58 61 63 66 67

68

70

72

75

77


2.5.6.

2.6.

2.7.

2.8.

2.9.

2.10.

Gerardus van der Leeuw: Het christendom hier en nu geplaatst in een geestelijke krachtmeting met andere godsdiensten en geloven 2.5.7. Vergelijking: Eenheid en verscheidenheid in het missionaire denken Opleiding, ordening, uitzending en begeleiding van Nederlandse predikanten, zendelingen en Bijbelvertalers overzee 2.6.1. Universitaire opleiding voor predikanten en genootschappelijke/kerkelijke opleiding voor zendelingen te Oegstgeest en op andere locaties 2.6.2. Ordening en uitzending door classes, gemeenten en Zendingscorporaties 2.6.3. Begeleiding tijdens het dienstwerk in de niet-westerse wereld: Opzicht en tucht Nederlandse zendingsliteratuur en visuele communicatie van de zending 2.7.1. Godsdienstwetenschappelijke, taalkundige en etnologische studies als context 2.7.2. Zendingsstudies: Periodieken, instellingen en leerstoelen 2.7.3. Zendingshistorische studies 2.7.4. Normatieve zendingsstudies 2.7.5. Zendingsliederen, inheemse muziek en visuele Communicatie Nederlandse zending in de optiek van buitenstaanders 2.8.1. Kritiek 2.8.2. Appreciatie Niet-westerse christenen en aanhangers van andere godsdiensten en geloven in Nederland 2.9.1. Evangelieverkondiging en doopbediening aan aanhangers van andere godsdiensten en geloven 2.9.2. Voor en door niet-westerse protestantse christenen gestichte gemeenschappen als partners in de wereldwijde zendingsbeweging 2.9.3. Appreciatie van de spiritualiteit en het geloofsgetuigenis van leidinggevende Aziatische christenen: Toyohiko Kagawa en Sundar Singh Slotbeschouwing

79 81 83

84 89 91 92 93 94 98 99 103 106 107 109 110 111

115

119 121

ix


3.

3.1.

3.2.

3.3.

3.4.

x

Nederland tijdens de wereldoorlogen en het interbellum: Zending en ontmoeting buiten de westerse wereld De ontwaakte niet-westerse wereld, wereldoorlogen en internationale economische crisis als context 3.1.1. Ontluikend nationalisme, Eerste Wereldoorlog en Volkenbond te Genève 3.1.2. Opmars van de westerse cultuur en de internationale economische crisis 3.1.3. Tweede Wereldoorlog en begin van de Koude Oorlog in Azië De (on)vrijheid van godsdiensten en geloven als context 3.2.1. Godsdienstvrijheid volgens Aziatische godsdiensten en de Verenigde Naties 3.2.2. Godsdienstvrijheid in ‘het huis van de islam’ en in Indonesië als Pancasila-staat Het Nederlandse koloniale bestel en het inheemse onafhankelijkheidsstreven als context 3.3.1. Gettoachtig gemeenschapsleven van Nederlanders Overzee 3.3.2. Koloniaal bestel: Ethische politiek, wetgeving en rechtsspraak 3.3.3. Democratie in de koloniën: Van participatie in vertegenwoordigende lichamen naar volledig deelgenootschap 3.3.4. Onafhankelijkheidsstreven in alle Nederlandse koloniën en afgedwongen overdracht van de soevereiniteit over de archipel aan Indonesië Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen werkzaam in en buiten de Nederlandse koloniën 3.4.1. Internationale netwerken: Christelijke jeugdorganisaties en de Internationale Zendingsraad 3.4.2. Netwerken in de Nederlandse koloniën: Zendingsconferenties en Zendingsconsulaat 3.4.3. Nederlands kerkelijk werk met missionaire impact in de Nederlandse koloniën 3.4.4. Nederlandse zendingsterreinen omgezet in onafhankelijke Indonesische kerken 3.4.5. Nederlands zendingswerk buiten de Nederlandse koloniën 3.4.6. Nederlands Bijbelgenootschap

127

128 128 130 132 134 134 136 138 139 140 143

145 147 148 151 154 164 177 179


3.5.

3.6.

Zendingsdenkers met langdurige werkervaring in de niet-westerse wereld 3.5.1. Albertus C. Kruyt (Indonesië): De weg van ‘heidendom’ naar christendom geduldig ten einde toe bewandelen 3.5.2. Jacqueline C. van Andel-Rutgers (Indonesië): Met wijsheid en moed ‘het huis van de islam’ binnengaan om daar het koninkrijk van God te proclameren 3.5.3. Peter M. Legène (Suriname): Ondanks weerstand doorgaan met het bedienen van het Evangelie aan gemigreerde hindoes 3.5.4. Hendrik Kraemer (Indonesië): In de ontmoeting met andere godsdiensten en geloven Gods openbaring in Christus absoluut stellen 3.5.5. James P. Leynse (China): In een door Japanners bezet en door communisten gekneveld China Gods instrument zijn om ‘luister’ in plaats van ‘as’ te bieden 3.5.6. Daniel van der Meulen (Saoedi-Arabië en Jemen): In ‘het huis van de islam’ het Evangelie niet doodzwijgen, maar zuiver christelijk vertolken 3.5.7. Johan H. Bavinck (Indonesië): Het goddelijke niet laten opgaan in het kosmische gebeuren, maar Gods transcendentie centraal stellen 3.5.8. Vergelijking: Eenheid en verscheidenheid in het missionaire denken Fragmenten uit de geschiedenis van de missionaire ontmoeting van het Nederlandse protestantisme met andere godsdiensten en geloven overzee 3.6.1. Evangeliebediening onder aanhangers van traditionele Godsdiensten 3.6.2. Evangeliebediening onder hindoes en boeddhisten 3.6.3. Evangeliebediening onder Chinezen: Taoïsten, confucianisten en boeddhisten 3.6.4 Evangeliebediening onder bewoners van de Japanse interneringskampen, maar niet onder Japanners als bezetters van Indonesië 3.6.5. Evangeliebediening onder moslims 3.6.6. Evangeliebediening onder aanhangers van godsdienstige en niet-godsdienstige levensbeschouwingen en ideologieën

180 182

184

187

189

192

195

197 200

202 203 208 210

216 221 227

xi


3.7.

3.8.

3.9.

3.10.

4.

4.1.

4.2.

xii

Theologisch onderwijs in de Nederlandse koloniën 3.7.1. Stichting van theologische scholen overzee en voortgezette opleiding in Nederland 3.7.2. Bevordering van inheemse theologie Zending in de optiek van buitenstaanders 3.8.1. Kritiek 3.8.2. Appreciatie Enkele blijvende resultaten 3.9.1. Beschaving en kerstening van inheemse culturen 3.9.2. Christelijk onderwijs en medische zending als beschavings- en kersteningswerk 3.9.3. Groei van het aantal eerste-generatie-christenen en zelfstandige kerken 3.9.4. Grammatica’s, woordenboeken, Bijbelvertalingen en liedbundels 3.9.5. Missiologische en kerkhistorische studies 3.9.6. Academische erkenning van de expertise van Nederlandse zendingswerkers en Bijbelvertalers Slotbeschouwing

Nederland in het postkoloniale tijdperk: Zending en ontmoeting op de thuisbasis Verenigde Naties, Koude Oorlog en gewapende Heilige Oorlog als context 4.1.1. Verenigde Naties: Universele Verklaring van de Rechten van de Mens 4.1.2. Westerse hegemonie, Koude Oorlog en antimilitarisme 4.1.3. Niet-westerse wereld, gewapende Heilige Oorlog en Antiterrorisme Buitenlandpolitiek en migratiebeleid van de Nederlandse regering als context 4.2.1. Wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog 4.2.2. Dekolonisatie: Indonesië, Papua (Nederlands Nieuw-Guinea), Suriname en de Nederlandse Antillen 4.2.3. Nederland als migratieland 4.2.4. Nederland als ‘gidsland’ voor mensenrechten 4.2.5. Nederland als ‘gidsland’ voor ontwikkelingssamenwerking

229 230 232 235 235 238 239 239 242 244 246 249 250 252

257

258 259 261 264 267 267 268 271 275 277


4.3.

4.4.

4.5

Instroom van andere godsdiensten en geloven, en groeiende onkerkelijkheid als context 4.3.1. Godsdienstvrijheid en mensenrechten in het voetspoor van het Wereldparlement der Godsdiensten te Chicago (1893) 4.3.2. Instroom van andere godsdiensten en geloven in Nederland 4.3.3. Ontmoeting van Nederlanders met niet-westerse religieuze leiders: ahmadi Muhammed Zafrullah Khan en de veertiende dalai lama Tenzin Gyatso 4.3.4. Secularisatie in Nederland: Ontkerkelijking en ontkerstening Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen 4.4.1. Mondiale netwerken: Oecumenische beweging, Evangelische beweging en Pinksterbeweging 4.4.2. Continentale netwerken: EUKUMINDO 4.4.3. Nationale netwerken: Instellingen voor zending, werelddiaconaat, ontwikkelingssamenwerking en ontmoeting met andere godsdiensten en geloven 4.4.4. Protestantse kerken in Nederland en hun dienstverlening in de niet-westerse wereld 4.4.5. Nederlandse zendingscorporaties en hun dienstverlening in de niet-westerse wereld 4.4.6. Nederlands Bijbelgenootschap, Wycliffe Bijbelvertalers Nederland en Gideons International, Nederland Zendingsdenkers zonder langdurige werkervaring in de niet-westerse wereld 4.5.1 Cornelia M. van Asch van Wijck: Het defaitisme van de westerse christenheid bestrijden door te letten op Gods doorgaande werk in de wereldgeschiedenis 4.5.2. C. Jouco Bleeker: Niet retireren, maar Christus present stellen in het moderne Athene en in de hedendaagse wereld van de andere godsdiensten 4.5.3. Willem A. Visser ’t Hooft: Het koningschap van Christus proclameren en de Heilige Geest volgen die continu werkzaam is in de reÍle wereld 4.5.4. Arnold A. van Ruler: In het postkoloniale tijdperk het kersteningswerk onverkort voortzetten en positief blijven denken over het koloniale verleden 4.5.5. Hendrikus Berkhof: Christus als de zin van de wereldgeschiedenis beleven en belijden

280 281 283

288 292 294 295 304

305 319 330 340 343

344

346

348

350 353 xiii


4.5.6.

4.6.

4.7.

4.8.

4.9.

xiv

Dirk J. Hoens: Hindoes en boeddhisten tegemoet treden met de dynamiek van Gods in Christus geopenbaarde liefde 4.5.7. Anne van der Bijl (‘brother Andrew’): Geestelijk oorlog voeren tegen de macht van het communisme en de islam 4.5.8. Vergelijking: Eenheid en verscheidenheid in het missionaire denken Opleiding, ordening, uitzending en begeleiding van de voor dienstverlening in de niet-westerse wereld bestemde Nederlandse ‘fraternal workers’ 4.6.1. Universitaire opleiding voor predikanten en zendingsopleiding te Oegstgeest, te Baarn en in het buitenland 4.6.2. Ordening en uitzending door classes, gemeenten, zendingscorporaties en andere instellingen 4.6.3. Begeleiding tijdens het dienstwerk in de niet-westerse wereld en bij terugkeer: Zorg, opzicht en tucht Nederlandse zendingsliteratuur en visuele communicatie van de zending 4.7.1. Godsdienstwetenschappelijke, cultureel-antropologische en linguïstische studies als context 4.7.2. Zendingsstudies: Archieven, publicaties, instellingen, leerstoelen en stages 4.7.3. Zendingshistorische studies 4.7.4. Normatieve zendingsstudies 4.7.5. Liederen uit de wereldkerk en visuele communicatie Nederlandse zending in de optiek van buitenstaanders 4.8.1. Kritiek 4.8.2. Appreciatie Niet-westerse christenen en aanhangers van andere godsdiensten en geloven in Nederland 4.9.1. Evangelieverkondiging en doopbediening aan aanhangers van andere godsdiensten en geloven 4.9.2. Voor en door niet-westerse migranten gestichte kerkelijke gemeenschappen als partners in de wereldwijde zendingsbeweging 4.9.3. Omgekeerde zending: Niet-westerse predikanten in dienst van Nederlandse kerken 4.9.4. Niet-westerse theologen opgeleid aan, en geëerd door Nederlandse universiteiten

355 358 360

362 363 370 373 377 378 380 385 389 397 400 400 403 405 406

410 414 416


4.9.5.

4.10.

5.

5.1.

5.2.

5.3.

5.4.

Appreciatie van de spiritualiteit en het geloofsgetuigenis van niet-westerse theologen en kerkleiders: Ni Tuo-sheng (= Watchman Nee) en Desmond M. Tutu Slotbeschouwing

418 422

Nederland in het postkoloniale tijdperk: Zending en ontmoeting buiten de westerse wereld

429

Postkoloniale verhoudingen op politiek en sociaaleconomisch vlak als nieuwe context 5.1.1. Dekolonisatie en natievorming in de niet-westerse wereld 5.1.2. Koude Oorlog, gewapende Heilige Oorlog en lokale oorlogen in de niet-westerse wereld 5.1.3. Sociaaleconomische ontwikkelingen in de niet-westerse Wereld Vrijheid en gelijkheid van alle godsdiensten en geloven als mondiale context 5.2.1. Aanvaarding van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens in de niet-westerse wereld 5.2.2. De praktijk van godsdienstvrijheid in de niet-westerse Wereld Het Derde Wereld beleid van de Nederlandse regering als context 5.3.1. Ontwikkelingssamenwerking en handel 5.3.2. Houding tegenover globalisering, misdaad en godsdienstig onheil Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen werkzaam in de niet-westerse wereld 5.4.1. Samenwerking met supranationale netwerken overzee 5.4.2. Samenwerking met nationale netwerken overzee 5.4.3. Nederlandse zendingsterreinen omgezet in onafhankelijke Indonesische kerken (na 1949) 5.4.4. Mondialisering van het Nederlandse zendingswerk: 1. Pionierswerk en interkerkelijke hulpverlening 5.4.5. Mondialisering van het Nederlandse zendingswerk: 2. Werelddiaconaat en ontwikkelingssamenwerking 5.4.6. Mondiale inzet van het Nederlands Bijbelgenootschap en de Wycliffe Bijbelvertalers Nederland, met aandacht voor kinderbijbels

430 430 432 437 440 441 442 444 445 446 451 451 455 457 468 471

474 xv


5.5.

5.6.

xvi

Zendingsdenkers met langdurige werkervaring in de niet-westerse Wereld 5.5.1. Freerk C. Kamma (Indonesië): Zending als ‘wonderlijk werk’ in de setting van messiaanse ‘koreri’-bewegingen 5.5.2. Johannes Verkuyl (Indonesië): Het Evangelie bedienen in landen met en zonder godsdienstvrijheid 5.5.3. Dina J. (Hanna) Kohlbrugge (Iran): Niet buigen voor Allah die wapens zegent 5.5.4. Johannes C. Hoekendijk (Indonesië): In een post-christelijke en post-kerkelijke wereld het Evangelie blijven bedienen 5.5.5. Jan M. van der Linde (Suriname): De Cham-ideologie ontmaskeren – opheffing van de ban van ‘negers’ en ‘indianen’ als vervloekte medemensen 5.5.6. Arend Th. van Leeuwen (Indonesië): In een planetaire wereld doorgaan op het Bijbels spoor van het lineaire denken – versus het cyclische ritme van de natuue 5.5.7. Robert P. Kramers (Indonesië en China): Het nieuwe leven in Jezus Christus als zuurdesem laten doordringen in communistische landen 5.5.8. Willem A. Bijlefeld (Nigeria): Het Islam-in-Afrika-project ontwikkelen als middel tot communicatie van Gods genadevolle beweging in Christus 5.5.9. Vergelijking: Eenheid en verscheidenheid in het missionaire denken Fragmenten uit de geschiedenis van de missionaire ontmoeting van het Nederlandse protestantisme met andere godsdiensten en geloven overzee 5.6.1. Evangeliebediening onder aanhangers van traditionele Godsdiensten 5.6.2. Evangeliebediening onder hindoes, jainisten en sikhs 5.6.3. Evangeliebediening onder boeddhisten (buiten China en Japan) 5.6.4. Evangeliebediening onder Chinezen: Taoïsten, confucianisten, boeddhisten en communisten 5.6.5. Evangeliebediening onder Japanners: Shintoïsten, boeddhisten en confucianisten 5.6.6. Evangeliebediening onder moslims 5.6.7. Evangeliebediening onder communisten (buiten China)

476 479 481 483

485

487

489

492

494 496

498 499 507 516 525 530 534 550


5.7.

5.8.

5.9.

5.10.

6.

6.1.

Theologisch onderwijs in de niet-westerse wereld 5.7.1. Assistentie in het theologisch onderwijs 5.7.2. Assistentie bij de productie van theologische literatuur Zending in de optiek van buitenstaanders 5.8.1. Kritiek 5.8.2. Appreciatie Enkele blijvende resultaten 5.9.1. Beschaving en kerstening van niet-westerse culturen 5.9.2. Christelijk onderwijs en kerk-gerelateerde gezondheidszorg 5.9.3. Zelfstandige kerken in Indonesië en andere landen (na 1949) en groei van het aantal eerste-generatiechristenen 5.9.4. Grammatica’s, woordenboeken, Bijbelvertalingen en Liedboeken 5.9.5. Missiologische en verwante wetenschappelijke studies 5.9.6. Academische en niet-academische erkenning van de expertise van Nederlandse zendingswerkers en Bijbelvertalers Slotbeschouwing

Nederlandse zending en ontmoeting met andere godsdiensten en geloven thuis en overzee (1601-2017): Morfologische en fenomenologische perspectieven De Nederlandse zending morfologisch bezien: Vier eeuwen vormgeving van het missionaire denken en handelen 6.1.1. Van één naar drie mondiale zendingsnetwerken met vertakkingen in Nederland 6.1.2. Van koloniale zending naar postkoloniale zending 6.1.3. Van gevestigde westerse zending naar partnerschap met onafhankelijke kerken in de niet-westerse wereld: Interkerkelijke hulpverlening en wederzijdse assistentie 6.1.4. Van gevestigde westerse zending naar geseculariseerde vormen van dienstbetoon als alternatief 6.1.5. Van gevestigde westerse zending naar samenleven met Aanhangers van andere godsdiensten en geloven als alternatief

555 555 557 558 558 561 563 563 565

567 569 572

573 575

581

583 584 586

588 590

592 xvii


6.1.6.

6.2.

Zendingsverkeer in de omgekeerde richting: Van zending in de niet-westerse wereld naar ook zending in de westerse wereld De Nederlandse zending fenomenologisch bezien: Vier eeuwen verstaan van het wezen van het missionaire denken en handelen 6.2.1. De Bijbel als richtinggevend boek voor ontmoeting met God en medemensen 6.2.2. Jezus Christus als grensverleggend ontmoetingspunt van God en mensen, en van christenen en aanhangers van andere godsdiensten en geloven 6.2.3. Het christendom als ontmoetingsgodsdienst bij uitstek: Personalisme 6.2.4. Nederlands protestantisme: Personalistische inzet thuis en overzee 6.2.5. Persoonlijke ontmoeting van Nederlandse protestanten met de denkwereld van andere godsdiensten en geloven: Theologische en wetenschappelijke inzichten 6.2.6. Persoonlijke ontmoeting van Nederlandse protestanten met de aanhangers van andere godsdiensten en geloven: Getuigen, liefhebben, vergeven en dienen

594 595 597

599 601 604

607

611

Nawoord

615

Bijlagen

617

1. 2.

617

3.

Nederlandse zendingsnetwerken Bijdragen van Nederlandse zendingswerkers en Bijbelvertalers aan de taalwetenschap Door Nederlandse zendingswerkers en Bijbelvertalers gemaakte Bijbelvertalingen

623 624

Bibliografie

628

1.

628 628 629

xviii

Basisliteratuur 1.1. ZendingsbibliografieĂŤn 1.2. Zendingsperiodieken


1.3. 1.4 1.5 1.6 1.7 1.8 2.

Zendingsencyclopedieën, woordenboeken en naamlijsten Missiologische handboeken Zendingsatlassen Zendingsreeksen Bronnenpublicaties van de Nederlandse zending Zendingsarchieven

629 630 630 630 631 632

Mondiale ontwikkelingen 2.1. Wereldgeschiedenis 2.2. Wereldwijde slavernijgeschiedenis 2.3. Wereldwijde godsdienstgeschiedenis 2.4. Wereldwijde geschiedenis van geloofsvervolging en godsdienstvrijheid 2.5. Wereldwijde geschiedenis van het godsdienstig pluralisme (vanaf Chicago 1893) 2.6. Geschiedenis van de wereldzending en de wereldkerk 2.7. De ‘absoluutheid van het christendom’ als wereldwijde claim (vanaf de 19de eeuw)

632 632 633 633

3.

Nederland 3.1. Nederlandse koloniale en postkoloniale geschiedenis 3.2. Nederlandse godsdienst- en kerkgeschiedenis 3.3. Nederlandse zendingsgeschiedenis – thuisbasis 3.4. Nederlandse zendingsgeschiedenis – overzee

639 639 641 643 647

4.

Niet-westerse migranten en interculturele kerken in Nederland 4.1. Immigranten uit de niet-westerse wereld 4.2. Niet-westerse christenen en hun interculturele kerken

654 654 655

5.

Nederlandse zendingsgeschiedenis als ontmoetingsgeschiedenis 5.1. Algemeen: (1) Zending 5.2. Algemeen: (2) Ontmoeting 5.3. Missionaire ontmoeting met traditionele godsdiensten (‘heidendom’, animisme, dynamisme, spiritisme, fetisjisme) 5.4. Missionaire ontmoeting met Aziatische godsdiensten: (1) De mystiek van het Oosten 5.5. Missionaire ontmoeting met Aziatische godsdiensten: (2) Hindoeïsme en boeddhisme

656 656 657

633 634 635 638

658 659 660

xix


5.6. 5.7. 5.8. 5.9.

Missionaire ontmoeting met Aziatische godsdiensten: (3) Sjamanisme, taoĂŻsme, confucianisme en shintoĂŻsme Missionaire ontmoeting met de Islam Missionaire ontmoeting met nieuwe godsdienstige Bewegingen Missionaire ontmoeting met ongodsdienstige geloofsovertuigingen: Secularisme en communisme

661 661 663 663

Registers

665

Geografisch register Personenregister Zakenregister

665 673 698

xx


Voorwoord

Omdat veel van wat in het Voorwoord van het eerste deel over de periode 1601-1917 gezegd is, ook geldt voor deel II betreffende de periode 1917-2017, kan dit voorwoord kort gehouden worden. Wel moet gezegd worden dat de voorbereiding van het tweede deel langer duurde en anders verliep dan die van het eerste deel. Immers, nu werden niet alleen primaire en secundaire schriftelijke bronnen benut, maar werd ook informatie ingewonnen via e-mail met Nederlanders in en buiten Nederland en via gesprekken met deskundigen bij mij thuis of bij anderen op hun kantoor. Dit tweede deel verschijnt in mijn 80ste levensjaar. Hierin ben ik niet uniek. Immers, Steven C. graaf van Randwijck, algemeen secretaris van de Raad voor de Zending der Nederlandse Hervormde Kerk te Oegstgeest (1951-66), ging mij hierin voor. In 1981 verscheen zijn tweedelige werk Handelen en denken in dienst der zending: Oegstgeest 1897-1942. Tijdens het schrijven van mijn handboek was zijn eveneens door Boekencentrum uitgegeven werk voor mij een voorbeeld en een bron van inspiratie. Het is onmogelijk hier alle contactpersonen bij naam te noemen en bedanken. Ik volsta met iedereen die mij informatie over het contemporaine Nederlandse zendingswerk verstrekt heeft, hartelijk te bedanken voor de samenwerking. Mijn dank geldt in het bijzonder de zeven personen die de moeite genomen hebben mijn manuscript te lezen en formeel en materieel te becommentariĂŤren: Freek Bakker, Tom van den End, Martha Frederiks, Alle Hoekema, Hans Keijzer, Cees van der Laan en Gert Noort. Verder ben ik veel dank verschuldigd aan mijn familie: mijn vrouw Magritha gaf mij volop de ruimte te blijven studeren en mijn oudste zoon Christian was opnieuw bereid de lay-out van mijn manuscript te verzorgen. Ten slotte dank ik de instellingen die mij opnieuw financieel ondersteund hebben bij het uitgeven van dit geschrift: het Locherfonds en de stichting Zonneweelde. Ultiem dank ik God voor de ontvangen energie en helderheid van geest die mij in staat stelden dit tweedelige handboek te voltooien.

Jan A.B. Jongeneel

xxi


1.

Inleiding

1.1.

Omschrijving van het onderwerp

Deze publicatie is een voortzetting van de studie Nederlandse zendingsgeschiedenis: Ontmoeting van protestantse christenen met andere godsdiensten en geloven (16011917), die in 2015 door Boekencentrum te Zoetermeer uitgegeven werd. Hoewel die uitgave zich niet presenteerde als Deel I, kan zij toch beschouwd worden als het eerste deel van een tweedelig handboek. De huidige uitgave is dan Deel II. Dit deel spreekt over de voorafgaande publicatie als ‘het eerste deel’ of ‘het vorige deel’. Veel van wat in de Inleiding van het eerste deel gezegd werd, geldt ook voor dit tweede deel. Hier worden slechts die zaken herhaald die nodig zijn voor een goed verstaan van de laatste honderd jaren (1917-2017). Ook nu wordt onderscheid gemaakt tussen missie als een rooms-katholieke en zending als een protestantse activiteit, en tussen inwendige zending als een werkzaamheid onder mensen in het Westen en vervolgens ook in de niet-westerse wereld die vervreemd zijn van het Evangelie, en uitwendige zending als een bezigheid onder hen in de niet-westerse wereld en vervolgens ook in de westerse wereld die nog niet in aanraking gekomen zijn met het Evangelie.1 Evenals het vorige deel beperkt dit deel zich in hoofdzaak tot drie categorieën van personen. Allereerst Nederlandse en niet-Nederlandse protestanten die overzee gingen werken voor Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen. Vervolgens de niet-westerse christenen met wie deze protestanten overzee samengewerkt hebben. Ten slotte de aanhangers van andere godsdiensten en geloven die door toedoen van de zojuist genoemde categorieën christenen in aanraking kwamen met het Evangelie. Na verloop van tijd kregen de overzeese ontmoetingen van Nederlandse christenen met Aziaten, Afrikanen en Zuid-Amerikanen een vervolg in Nederland. Uit verschillende delen van de niet-westerse wereld kwamen migranten naar Nederland. Sommigen arriveerden hier als aanhangers van andere godsdiensten en geloven, maar anderen als christenen. Tot het object van deze studie behoren, strikt genomen, alleen personen uit de eerstgenoemde categorie. Na aankomst in Nederland vonden soms overgangen van hen naar het christendom plaats, niet in groepsverband, maar louter individueel. Zij die deze overstap maakten, worden nu niet meer ‘bekeerlingen’ genoemd, maar ‘eerste-generatie-christenen (first generation Christians)’.

1

Okke Norel, Getuigen en redden: Handleiding bij de studie der inwendige zending (Zutphen: Ruijs, z.j.), pp. 52-53.

1


In deze studie gaat het ten diepste niet om de missionaire organisaties en structuren, maar om de plaatsbepaling van Nederlandse protestanten in het krachtenveld van de omgang met andere godsdiensten en geloven in de niet-westerse wereld. Daarbij gaat het vooral om twee realiteiten: 1. hun perceptie van de door deze godsdiensten en geloven aangehangen leer en voorgestane levensstijl, en 2. hun persoonlijke ontmoeting met de aanhangers van deze godsdiensten en geloven. Omdat ‘perceptie’ kan worden verstaan als ‘ontmoeting’ (§ 1.6.), is het mogelijk het kerndoel van deze studie als volgt te omschrijven: zendingsgeschiedenis als ontmoetingsgeschiedenis. Deze tweedelige studie beschrijft en analyseert de Nederlandse zendingsgeschiedenis als een zelfstandig onderdeel van de geesteswetenschappen in het algemeen, en de ‘mondiale geschiedenis (global history)’ in het bijzonder. Zij wil laten zien dat deze geschiedenis niet op zichzelf staat, maar verweven is met cultuurgeschiedenis, koloniale geschiedenis, en mondiale kerk- en godsdienstgeschiedenis. Daarbij moet bedacht worden, dat Nederland als Europees land pas in de postkoloniale setting op grote schaal te maken kreeg met de instroom van de aanhangers van andere godsdiensten en geloven uit de niet-westerse wereld. De Nederlandse zending hield zich echter al vóór 1945 intensief bezig met de gedachtewereld en aanhangers van de overzee aanwezige godsdiensten en geloven. Academische studies vergen distantie tot de stof. Als auteur van deze uitgave heb ik getracht zo objectief mogelijk te zijn. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik mij vanaf 1971 ook missionair geëngageerd heb. Nergens komt mijn participatie in de oecumenische zendingsbeweging zo duidelijk tot uitdrukking als in mijn verblijf als zendingspredikant van de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK) in Indonesië (197180), en in mijn protest tegen de sluiting van het monumentale Zendingshuis van deze kerk te Oegstgeest (1999). Overigens is het van binnenuit kennen van een studieobject niet alleen een nadeel, maar ook een voordeel en een privilege. De geesteswetenschappen zijn gebaat bij een gezonde mix van distantie en betrokkenheid (commitment).

1.2.

Eerbetoon aan overzee door geweld omgekomen predikanten, zendingswerkers en hun partners

In directe aansluiting bij het eerste deel van deze studie betoont dit tweede deel eer aan de predikanten, zendingsarbeiders en hun partners in Nederlandse kerkelijke of zendingsdienst die overzee door bruut geweld om het leven gekomen zijn. Dit deel beperkt de nagedachtenis tot de periode van de opening van het Zendingshuis te Oegstgeest tot heden (1917-2017). Hier is afgezien van het inventariseren en noemen van de vele personen in dienst van de Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen die tijdens de Tweede 2


Wereldoorlog in Indonesië gewelddadig omgekomen zijn. Om twee namen te noemen, ds. Huibert A. van Andel (§ 3.5.2.) en zendeling Barend M. Schuurman (§ 3.6.4.) overleefden hun internering op Java door de Japanners niet. Hier is ook afgezien van het vermelden van uitgezonden Nederlandse protestanten die overzee omkwamen door ongelukken te land, ter zee en in de lucht. Twee voorbeelden kunnen dit verhelderen. Door een verkeersongeluk in 1964 kwam wika Johannes H. (Joop) Bakker uit Kockengen, werkzaam in het Benedictijnenklooster te Toumliline in Marokko, om het leven en werd aansluitend op het kloosterkerkhof aldaar begraven in aanwezigheid van zijn vrouw, monniken en moslims.2 Bij een vliegtuigongeluk in 1977 liet het echtpaar Pieter en Nel Akse-Stringer, voor de CAMA werkzaam onder de Dani’s op Papua (1971-77), het leven. Toen kwamen ook hun twee jongste kinderen en de betrokken Amerikaanse MAF-piloot om. Hun derde kind, Ellen, bleef in leven omdat het niet meegevlogen was.3

1.3.

Kern en begrenzing van het onderzoek

1.3.1.

Acht kernpunten

Nog meer dan het eerste deel van deze studie verwerkt dit deel een enorme hoeveelheid stof (personen, zaken en plaatsen). Om te voorkomen dat door de bomen het bos niet meer gezien wordt, wordt hier gewezen op acht kernpunten. De grote hoeveelheid te beschrijven en analyseren data is direct en/of indirect verbonden met de doelstellingen van de zending en met haar dienstverlening in de niet-westerse wereld. Deze dienstverlening is klassiek verdeeld in ‘hoofddiensten’ en ‘hulpdiensten’. Tot de eerste categorie behoren vanouds de lofprijzing en Evangeliebediening, het bekeringswerk, de kerkplanting en de kerstening van de cultuur, en tot de tweede categorie het christelijk onderwijs, de medische zending en de armenzorg, in het jongste verleden uitgebreid met de bescherming van de mensenrechten en van het milieu. Aan deze rij worden hier twee kernonderwerpen toegevoegd die direct betrekking hebben op de ontmoeting met andere godsdiensten en geloven: 1. de interreligieuze dialoog, en 2. de ‘absoluutheid van het christendom’ vis-à-vis de waarheidsclaims van andere godsdiensten en geloven. Deze reeks van kernpunten wordt afgesloten met een korte bespreking van het godsdienstige verkeer in de omgekeerde richting: er gingen niet al-leen Nederlandse protestanten naar

2

3

Jan A.B. Jongeneel, Van dorpsjongen tot wereldburger. Deel II: Archiefbestanden (Utrecht: Stichting De zending der PKN in samenwerking met de UU, 2013), p. 15. Info mevr. Ellen van der Lingen-Akse. Vgl. Ab Goldberg (red.), Het begon in Lombok: 70 jaar CAMAzendingswerkers (Maarn: CAMA-zending, 2006), pp. 23, 124.

3


de niet-westerse wereld, maar er kwamen ook christenen en aanhangers van andere godsdiensten en geloven uit die wereld naar Nederland en kregen hier aandacht van, en soms ook erkenning door Nederlandse protestantse christenen en kerken. De bespreking van deze acht thematieken en problematieken wordt tevens gebruikt om te wijzen op enkele essentiële meningsverschillen binnen de Nederlandse kerk-, zendings-, en Bijbelgenootschappen thuis en overzee. Zodoende maken zij duidelijk dat het Nederlandse protestantisme wezenlijk veelvormig is, variërend van hypervrijzinnig tot ultraorthodox. 1.

Doxologie en Evangeliebediening

In de zeventiende eeuw beschouwde de hervormde theoloog Voetius de verheerlijking van Gods genade als het uiteindelijke doel van de zending: alle ‘heidenen’ bewegen tot het aan God alleen de eer geven (Latijn: soli Deo gloria). In later eeuwen werd de doxologie niet alleen aan het einde, maar ook aan het begin van het zendingswerk geplaatst: alleen wie God oprecht vereert, kan uitzenden en uitgezonden worden. Zodoende werd de zending gezien en beleefd als een beweging die thuis uitging van, en overzee uitliep op psalmodie en hymnodie: “U loven wij (Latijn: Te Deum laudamus)”. Daarom spanden de Nederlandse kerk-, zendings- en Bijbelgenootschappen zich overzee niet alleen in voor het fabriceren en publiceren van Bijbelvertalingen, maar ook van psalm- en liedboeken. In de twintigste eeuw droeg ds. Hermanus A. (Harry) van Dop, soms onder de naam Pandopo, bij aan het overzee aanheffen en gaande houden van de lofzang: “U zij de glorie (Frans: à Toi la gloire)”. Evangeliebediening behoort tot de corebusiness van zending en kerk door de eeuwen heen. Nederlandse protestanten bedienden het Evangelie in de (voormalige) Nederlandse koloniën en in andere settingen. Soms maakten zij gebruik van bestaande Bijbelvertalingen, soms vertaalden zij Bijbelgedeelten in streektalen om het Evangelie te kunnen verkondigen. Bij deze bediening onder vier ogen, in kringen, op catechisaties en in kerkdiensten ging het om twee dingen: principieel trouw blijven aan de Bijbelse boodschap en praktisch afstemmen op de geestvermogens en behoeften van het overzeese gehoor. Als rector van de Nederlandse zendingsschool te Rotterdam wees Anneus M. Brouwer zijn pupillen erop dat “goed, d.i. bevattelijk en onderhoudend, spreken een uiterst moeilijke taak is”.4 Bij de perceptie van het Evangelie door de aanhangers van andere godsdiensten en geloven deed zich veelal het probleem van het syncretisme voor. Immers, hoorders trokken het Evangelie hun eigen leefwereld binnen en pasten het daar aan hun context aan. 4

4

Anneus M. Brouwer, Hoe te prediken voor heiden en mohammedaan: Proeve van eene theorie der Evangelieverkondiging op het zendingsveld (Rotterdam: Wyt, 1916), p. 195.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Nederlandse zendingsgeschiedenis ll - Jan A.B. Jongeneel.9789023955528 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu