Skip to main content

Karl Barth en zijn theologische weg door de tijd - Karel Blei.9789023955375

Page 1

KAREL BLEI

KARL BARTH EN ZIJN THEOLOGISCHE WEG DOOR DE TIJD KokBoekencentrum Uitgevers • Utrecht

18056 Karel Barth.indd 3

24-07-18 20:02


Deze uitgave werd mede mogelijk gemaakt door financiële bijdragen van: Dr. M. van Wichenstichting Stichting Zonneweelde Stichting ‘Ad Pias Causas’

Ontwerp omslag: Studio Anton Sinke Lay-out binnenwerk: Gewoon Geertje ISBN paperback 978 90 239 5537 5 ISBN e-book 978 90 239 5538 2 NUR 704 www.kokboekencentrum.nl © 2018 KokBoekencentrum Uitgevers, Utrecht Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

18056 Karel Barth.indd 4

24-07-18 20:02


Inhoud 1. Inleiding 1.1 Toen het erop aan kwam. Duitsland in 1934 1.2 De verklaring van Barmen 1.3 De theologie van Karl Barth 1.4 Actualiteit 1.5 Opzet van dit boek

15 15 16 17 18 19

2. De begintijd 2.1 Jeugd en studiejaren 2.2 Predikantschap: Genève, Safenwil 2.3 De uitbraak van de Eerste Wereldoorlog 2.4 Ontmoeting met Blumhardt 2.5 Een nieuw bijbellezen. De Römerbrief 2.6 ‘De christen in de maatschappij’. De rede te Tambach 2.7 Op weg naar de tweede editie van de Römerbrief 2.8 Per ongeluk klokkenluider

21 21 22 24 26 26 28 30 31

3. Dialectische theologie 3.1 Van kansel naar katheder 3.2 Göttingen 3.3 Eredoctoraat 3.4 De taak van de theologie 3.5 De onmogelijkheid van theologie 3.6 Botsingen, reserves 3.7 Medestanders

32 32 33 34 35 35 37 38

4. Op weg naar een eigen dogmatiek 4.1 Theologie als voetnoot 4.2 Problemen in Göttingen 4.3 Een pad in het oerwoud 4.4 Kennismaking met de gereformeerde orthodoxie

40 40 41 41 42 5

18056 Karel Barth.indd 5

24-07-18 20:02


4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12

Aan de hand van kerkvaders en scholastiek Münster Verantwoording tegenover de negentiende eeuw ‘De kerk en de cultuur’. De rede te Amsterdam Nederlandse reacties Dogmatiek ten dienste van de prediking Een dogmatiek in ontwerp Charlotte von Kirschbaum

43 45 46 47 48 49 50 52

5.

De jaren dertig. Theologisch definitief op koers 5.1 Anselmus als kroongetuige en bondgenoot 5.2 Anselmus’ Godsbewijs 5.3 Over Anselmus’ theologisch programma 5.4 Anselmus: geen apologeet maar verkondiger 5.5 Theologie vanuit de Naam 5.6 Nieuw begin. De Kirchliche Dogmatik 5.7 Zelfcorrectie

54 54 56 56 58 59 60 61

6.

Betrokken in de Duitse kerkstrijd 6.1 Hitler aan de macht 6.2 ‘De nood van de evangelische kerk’ 6.3 Dogmatiek tegen kerkelijk zelfbewustzijn 6.4 In voortgaande discussie met Schleiermacher 6.5 De kerk in het spoor van Hitler 6.6 ‘Theologisch bestaan vandaag!’ 6.7 De ‘Duitse christenen’ en de weerloosheid van de kerk 6.8 Spanningen in de kring van medestanders

64 64 65 67 69 72 74 76 78

7.

Barmen 1934 en de consequenties 7.1 Beginnend kerkelijk protest 7.2 De verklaring van Barmen-Gemarke 7.3 De Barmer Thesen 7.4 Barmen en de Joden 7.5 Barmen en het nationaalsocialisme 7.6 Afscheid van Bonn 7.7 De Utrechtse colleges over de apostolische geloofsbelijdenis 7.8 De Duitse kerkelijke situatie vergeleken met de Nederlandse 7.9 Terug naar Zwitserland

82 82 83 84 85 87 89

90 93 94

6

18056 Karel Barth.indd 6

24-07-18 20:02


8. Steeds radicalere afwijzing van het nationaalsocialisme 95 8.1 Afscheidswoord aan Duitsland. ‘Evangelie en Wet’ 95 8.2 Verder met de dogmatiek. Over Gods openbaring 97 8.3 Meeleven met Duitsland 99 8.4 Oproep tot politiek verzet. Brief aan de oud-leerlingen 101 9. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog 9.1 Solidair met Tsjechoslowakije. Brief aan Josef Hromádka 9.2 Over de Schotse Geloofsbelijdenis. Gewapend verzet kan nodig zijn 9.3 ‘Rechtvaardiging en recht’. Over de verhouding van kerk en staat 9.4 De kritiek toegespitst. De Jodenkwestie als geloofskwestie 9.5 In Nederland. Het christelijk geloof en de bedreigde humaniteit 9.6 Het problematische van de kinderdoop 9.7 Spreken over ‘God’, in een catastrofale tijd

103 103 105 107 110 112 114 115

10. Een stem uit Zwitserland in de oorlogsjaren 118 10.1 Adviezen op persoonlijke titel 118 10.2 De eerste oorlogsmaanden. Brief aan Frankrijk 119 10.3 Het gaat om het leven, ook van het Duitse volk 120 10.4 Na de Franse nederlaag. De feiten en het Woord 121 10.5 Brief aan Groot-Brittannië 122 10.6 Het geloof in Christus als diepste strijdmotief 123 10.7 Kerstgroet aan Duitsland 124 10.8 Radioboodschap aan Noorwegen 125 10.9 Vragen uit Nederland 126 10.10 Het ‘illegale’ als het enig legale 127 10.11 De neutraliteit van Zwitserland: een principiële zaak 128 10.12 Nieuw deel dogmatiek: over God als verkiezende God 130 10.13 Israël en de kerk: onderscheiden maar saamhorig 132 10.14 ‘Straks zal ik volledig kennen…’ 134 11. 1944-1945: ‘Hoe kunnen de Duitsers gezond worden?’ 135 11.1 Een periode van stilzwijgen over de oorlogsactualiteit 135 11.2 ‘De kerkelijke leer van de doop’ 135 11.3 Gewijzigde oorlogssituatie. Wat de gemeente nu te doen staat 138 11.4 Een nieuwe toon aangeslagen. ‘De Duitsers en wij’ 140 7

18056 Karel Barth.indd 7

24-07-18 20:02


11.5 ‘Hoe kunnen de Duitsers gezond worden?’ 142 11.6 Weer rechtstreeks contact met Duitsland 144 11.7 Eerste naoorlogs bezoek aan Duitsland. Nieuw begin van de Duitse kerk 146 11.8 Noodzakelijke stappen naar nieuw kerk-zijn 148 11.9 De schuldbelijdenis van Stuttgart, een compromistekst 150 11.10 Opnieuw in Duitsland. ‘Een woord tot de Duitsers’ 152 11.11 Verder met de dogmatiek. De scheppingsleer 153 12. Gasthoogleraar in naoorlogs Duitsland 156 12.1 Zomer 1946: gasthoogleraar te Bonn 156 12.2 ‘Hoofdsom der heilige leer’ 157 12.3 ‘Christengemeente en burgerlijke gemeente’ 160 12.4 Frustraties over de Duitse kerk 163 12.5 Een bijdrage aan de oecumenische kerkbezinning 165 12.6 Zomer 1947: opnieuw in Bonn 167 12.7 De christelijke leer volgens de Heidelbergse Catechismus 168 12.8 Opnieuw aan de hand van de apostolische geloofsbelijdenis 170 12.9 Over de sacramenten 173 12.10 ‘De protestantse theologie in de negentiende eeuw’ 174 13. Verder met de dogmatiek. Over wat de mens tot mens maakt 176 13.1 De Duitse kerk kritisch belicht 176 13.2 De verklaring van Darmstadt 177 13.3 Reacties 178 13.4 Dogmatische bezinning op mens-zijn: Jezus de ware mens 179 13.5 Mens-zijn: in relatie tot God en de medemens 180 13.6 De mens als ziel en lichaam 182 13.7 De mens, levend in de tijd 184 14. Tussen Oost en West 14.1 Bazel blijft woon- en werkplek 14.2 Bezoek aan Hongarije, maart-april 1948 14.3 De kerk en de veranderende staatsstructuren 14.4 Concrete vragen 14.5 Rapportage aan het Zwitserse thuisfront 14.6 De kritische reactie van Emil Brunner 14.7 Opnieuw: theologisch bestaan vandaag

189 189 189 192 194 195 197 199

8

18056 Karel Barth.indd 8

24-07-18 20:02


14.8 Amsterdam, zomer 1948: oprichtingsvergadering Wereldraad van Kerken 14.9 ‘De kerk tussen Oost en West’ 14.10 ‘Nu géén partijkeuze!’

200 203 205

15. Staat het leven onder goddelijke leiding? De leer van de voorzienigheid 207 15.1 Het project ‘Kirchliche Dogmatik’ voortgezet 207 15.2 De ‘christologische draad’ van het voorzienigheidsgeloof 208 15.3 De Koning van Israël is de Koning van de wereld 210 15.4 De Joden als teken 211 15.5 Reacties. Vragen 214 15.6 De realiteit van het kwaad 217 16. Zwemmer tegen de stroom in 221 16.1 De jaren vijftig. Discussie over een Duitse herbewapening 221 16.2 Rumoer in de Zwitserse publiciteit 223 16.3 Het requisitoir van politicus Markus Feldmann 225 16.4 Opnieuw over ‘Christengemeente en burgerlijke gemeente’ 227 16.5 Korte nabetrachting. Democratie of theocratie? 228 16.6 Distantie ten opzichte van procommunistische standpunten. Brief aan Albert Bereczky 230 16.7 ‘Politieke beslissing in de eenheid van het geloof’ 232 17. Ethische bezinning: het gebod van God de Schepper 235 17.1 Ethiek als onderdeel van de dogmatiek 235 17.2 De mens als schepsel onder Gods gebod 237 17.3 Geroepen tot vrij-zijn voor God. De rustdag 238 17.4 Geroepen tot vrij-zijn in medemenselijkheid. Man en vrouw 240 17.5 Geroepen tot vrijheid om te leven 243 17.6 Geroepen tot bescherming van het leven. Grensgevallen 244 17.7 Oorlog: niet normaal, toch soms nodig 247 17.8 Geroepen tot actief leven: de zin van de arbeid 249 17.9 Het sociale vraagstuk 251 17.10 Affiniteit met het socialisme 252 17.11 Geroepen tot vrij-zijn in begrensdheid 253

9

18056 Karel Barth.indd 9

24-07-18 20:02


18. Het hart van de dogmatiek: de leer van de verzoening 256 18.1 Nog niet met pensioen 256 18.2 Verzoening als dogmatisch thema? Rudolf Bultmann 257 18.3 Kritische vragen aan Bultmann 259 18.4 De verzoeningsleer: onvoltooide, laatste grote onderneming 260 18.5 De verzoening als vervulling van het verbond 261 18.6 Jezus Christus, de Middelaar 263 18.7 Christus’ vernedering en verhoging 264 18.8 Een andere verzoeningsleer dan die van Anselmus 266 18.9 De weg van Gods Zoon de diepte in, ‘in den vreemde’. Jezus, de Jood 267 18.10 De weg van de gehoorzaamheid. De eenheid van God 269 18.11 Verzoening: God als de Drieënige in actie 269 18.12 De in onze plaats geoordeelde is als zodanig de Rechter 271 18.13 Het oordeel van de Vader: de opstanding van Christus 272 19. De verzoeningsleer vanuit ander perspectief 19.1 Voortgaande concentratie op de verzoening 19.2 In de verzoening is de mens ook subject 19.3 Jezus Christus: de mens verhoogd 19.4 Opnieuw: de betekenis van Pasen 19.5 Een paragraaf over het leven van Jezus 19.6 Dogmatiek als hervertelling van het evangelieverhaal. Jezus, de koninklijke mens 19.7 Jezus’ koninklijk spreken 19.8 Jezus’ koninklijk handelen 19.9 Het kruis als bekroning 19.10 Jezus’ mens-zijn en het onze 19.11 De zonde als hoogmoed en als traagheid 19.12 De verzoening toegespitst: rechtvaardiging, heiliging 20. Werkzaamheden tussendoor. Actuele discussies 20.1 Een voordracht over het thema ‘vrijheid’, september 1953 20.2 ‘In de theologie beginnen bij het begin: bij God’ 20.3 Wiesbaden, november 1954: rede ter nagedachtenis van de oorlogsslachtoffers 20.4 Betrokken in oecumenisch werk. ‘Continentale’ tegenover ‘angelsaksische’ theologie 20.5 Het gesprek over de christelijke hoop

274 274 274 276 277 278 279 280 281 283 283 284 285 288 288 290 291 294 297

10

18056 Karel Barth.indd 10

24-07-18 20:02


20.6 Het commissierapport over de christelijke hoop 20.7 Ontbrekend punt: de hoop voor Israël 20.8 Kritische stemmen. Dietrich Bonhoeffer over Barths ‘openbaringspositivisme’ 20.9 De Nederlandse gereformeerden. De nieuwe Barth-interpretatie van G.C. Berkouwer

298 300 301 303

21. Nieuw accent op de menselijkheid van God 306 21.1 De verzoeningsleer nog niet compleet 306 21.2 De zeventigste verjaardag. De feestbundel Antwoord 307 21.3 De menselijkheid van God’ 309 21.4 De protestantse theologie in de negentiende eeuw. Een herwaardering 310 21.5 Oplopende spanningen tussen Oost en West. De Hongaarse crisis van 1956 312 21.6 Brief aan een dominee in de Duitse Democratische Republiek 314 21.7 De brief als theologie-in-actie 317 22. De verzoeningsleer als theologie van de hoop 22.1 De verzoeningsleer tot dusver 22.2 Verzoening als communicatief gebeuren 22.3 Jezus Christus, de Levende, de Opgestane 22.4 Jezus en het Oude Testament 22.5 Kanttekening. Het Jodendom onvruchtbaar? 22.6 Het Licht en de andere lichten 22.7 Ware woorden vanuit de profane wereld, in geloof herkend 22.8 Verzoening als overwinning 22.9 De strijd is geen schijngevecht 22.10 De verzoening wil worden erkend en aanvaard 22.11 Verzoening al wel, en toch nog niet. Verzoeningsleer als theologie van de hoop 22.12 De zonde als leugen 22.13 De verzoening toegespitst: roeping, uitzending 22.14 Nog eens: de Joden

319 319 320 321 323 324 325

329 330 333 335

23. Op weg naar een ethiek van de verzoening 23.1 Opnieuw op het pad van de ethiek 23.2 Colleges over ‘het christelijk leven’ 23.3 ‘De ijver voor de eer van God’

338 338 340 341

326 327 328 328 329

11

18056 Karel Barth.indd 11

24-07-18 20:02


23.4 23.5 23.6 23.7

‘De strijd om menselijke gerechtigheid’ De vijfenzeventigste verjaardag. ‘De afgod wankelt’ Het werk aan de Kirchliche Dogmatik afgebroken Zwanenzang. Afscheid als hoogleraar

343 345 345 346

24. Als emeritus, in veranderend theologisch landschap 24.1 Reis naar Amerika 24.2 Podiumdiscussie over de verhouding tussen Joden en christenen 24.3 De afsluiting van de Amerikareis 24.4 Discussie over kerk-zijn in een totalitaire staat 24.5 ‘De tijd van de grote voordrachten voorbij’ 24.6 Confrontatie met de ‘God is dood-theologie’ 24.7 Op zoek naar tegenspraak ‘op niveau’ 24.8 Georganiseerd tegenfront: ‘Geen ander evangelie!’ 24.9 Bewogen jaren. De tachtigste verjaardag

349 349 351 352 353 354 356 358 359 361

25. In gesprek met Rome 25.1 Bezoek aan het Vaticaan 25.2 Vanouds: bezwaren tegen het rooms-katholicisme 25.3 Rome en de oecumene; discussie met Jean Daniélou 25.4 Oecumenische toenadering? Hans Urs von Balthasar 25.5 Hans Küng, een oecumenische eendagsvlieg? 25.6 Ontmoetingen in Rome 25.7 Kritische vragen 25.8 Gods molens malen langzaam

364 364 365 366 368 369 370 371 372

26. Een nagekomen fragment dogmatiek: over de doop 26.1 Pleidooi voor ont-sacramentalisering van de kerk 26.2 Sacramenten: onontbeerlijke genademiddelen? Vroegere beschouwingen 26.3 ‘Jezus Christus, het ene en enige sacrament’ 26.4 De doop: geen sacrament, maar menselijk antwoord 26.5 Nagekomen fragment dogmatiek over de doop 26.6 ‘Geestesdoop’ en ‘waterdoop’ 26.7 Grondslag, doel en zin van de doop 26.8 Geen plaats voor kinderdoop 26.9 Vragen bij deze nieuwe doopopvatting

374 374 375 377 379 380 381 383 385 386

27. Een leven afgesloten 27.1 De Kerkelijke Dogmatiek als onvoltooide symfonie 27.2 Toch nog terug in het academische werk

389 389 390

12

18056 Karel Barth.indd 12

24-07-18 20:02


27.3 Nog eenmaal: Schleiermacher… en Bultmann 391 27.4 Een toekomstdroom 393 27.5 ‘Wat Jezus Christus voor mij betekent’ 394 27.6 ‘Mijn theologie had altijd een sterke politieke component’ 395 27.7 Orthodox of liberaal? 396 27.8 Het levenseinde 397 Bijlage 1: Overzicht van Karl Barths levensloop Bijlage 2: L iteratuur: werken van Karl Barth Bijlage 3: Andere geraadpleegde literatuur Bijlage 4: S tichting Karl Barth.nl en andere activiteiten

399 405 410 412

13

18056 Karel Barth.indd 13

24-07-18 20:02


1. Inleiding 1.1 Toen het erop aan kwam. Duitsland in 1934 Soms klinkt de stem van de kerk uit een onverwachte hoek. Verwoord, niet door kerkbestuurders (paus, bisschoppen, synode), maar – heel gewoon – door geëngageerde kerkleden. Niet krachtens officieel mandaat, maar uit eigen initiatief, door de nood gedrongen. In een tijd van crisis kunnen plotseling mensen opstaan die iets naar voren brengen dat de situatie verheldert en een nieuwe weg wijst. Zo overtuigend, zo in rapport met de bijbelse boodschap, dat anderen óphoren en er datgene in herkennen wat namens de kerk nu zou moeten worden gezegd. Sterker: daarin de authentieke stem van de kerk zélf herkennen. Een herkenning die pas later algemeen zal worden. Zoiets gebeurde in 1934, in Duitsland. Daar was kort tevoren onder massale toejuichingen Adolf Hitler aan de macht gekomen. Over wat hij wilde – het doel van zijn ‘Kampf’ – liet hij vanaf het begin geen twijfel. Het ging hem, en zijn medestanders in de beweging van het nationaalsocialisme, om de zuiverheid en de levensmogelijkheid van het – in het Duitse volk belichaamde – Germaanse ras. Die zouden moeten worden bewaard en versterkt. Daartoe zouden alle aan dit ras vreemde elementen worden geëlimineerd. Zoals met name de Joden. Die behoorden, als vertegenwoordigers van een ander ras, in HitlerDuitsland niet thuis. Hitler wilde bij zijn streven de kerken, de protestantse voorop, inschakelen. Dat lukte. Er werd een eenheidsstructuur ingevoerd. De Duitse Evangelische Kerk (overkoepeling van een aantal regionale kerken) kwam onder staatscontrole. Een ‘bisschop’, handlanger van Hitler, werd de centrale leider. Op last van de nieuwe machthebbers werd een kerkelijke regel ingevoerd, die bepaalde dat Joden (Joodse christenen) niet langer in eigenlijke zin kerkleden zouden kunnen zijn. Ook onder de Duitse protestanten heerste enthousiasme voor het ‘nieuwe Duitsland’. Een groep die zich ‘Duitse christenen’ noemde (en waarvan vertegenwoordigers via kerkelijke verkiezingen intussen alle leidinggevende posities in de kerk hadden bezet) proclameerde de volledige 15

18056 Karel Barth.indd 15

24-07-18 20:02


overeenstemming tussen christelijk geloof en nationaalsocia­lisme. Is het verschil tussen rassen niet een gegeven van Gods schepping? Men zag in de opkomst van Hitler een groots gebeuren, een door God gegeven nieuwe kans, voor het Duitse volk én voor de kerk. Maar geheel zonder verzet gebeurde dat toch niet. Er ontstond in Duitsland een kerkstrijd. Een kleine minderheid protesteerde. Zij organiseerde zich, binnen de Duitse Evangelische Kerk, als eigen, alternatief kerkverband: de ‘Belijdende Kerk’. In mei 1934 hield deze ‘Belijdende Kerk’ een eerste eigen synode, in Barmen. Daar werd een verklaring aanvaard waarin de visie van de ‘Duitse christenen’ – en daarmee impliciet het nationaalsocialisme als zodanig – werd verworpen. De verklaring bestond uit zes stellingen, elk beginnend met een positieve belijdenis en uitlopend op de verwerping van wat een ‘valse leer’ wordt genoemd. Hoofdopsteller van die verklaring was de Zwitserse, maar al sinds 1921 in Duitsland werkzame theoloog Karl Barth.

1.2 De verklaring van Barmen Markant zegt de eerste stelling: ‘Jezus Christus zoals Hij ons in de Heilige Schrift wordt betuigd is het ene Woord van God, dat wij te horen, dat wij in leven en in sterven te vertrouwen en te gehoorzamen hebben. Wij verwerpen de valse leer als zou de kerk als bron van haar verkondiging behalve en naast dit ene Woord van God ook nog andere gebeurtenissen en machten, gestalten en waarheden als Gods openbaring kunnen en moeten erkennen.’

Dat met dit laatste in 1934 concreet werd gedoeld op de gebeurtenissen rond de opkomst van Hitler als nieuwe leider (‘Führer’) wordt niet met zoveel woorden gezegd. Maar het kon destijds voor ieder duidelijk zijn. In de volgende stellingen worden consequenties getrokken. Gesproken wordt over de gehoorzaamheid aan Christus als geldend voor het gehele leven, over de kerkelijke organisatie, over de verhouding van kerk en staat en over de vrijheid van de kerk tot vervulling van haar opdracht. Er zijn géén terreinen die buiten de gehoorzaamheid aan Christus vallen; ook het terrein van politiek en maatschappij valt daar niet buiten. De organisatie van de kerk, of de vormgeving van het leiderschap daarin, kan en mag níét worden overgelaten aan bepaalde, op een gegeven moment dominerende, politieke of wereldbeschouwelijke opvattingen. De staat, een door God gegeven instrument ter be16

18056 Karel Barth.indd 16

24-07-18 20:02


vordering van recht en vrede, gaat zijn boekje te buiten als hij het hele leven en samenleven wil regelen en zo als het ware zelf ‘kerk’ wordt. De kerk behoudt tegenover de staat haar eigen taak: om regeerders (én geregeerden!) te herinneren aan Gods rijk en gebod; ze mag zich níét door politieke machthebbers als ‘staatsorgaan’ laten inschakelen. Steeds staat bij deze stellingen, hoe algemeen ook geformuleerd, de toenmalige actualiteit op de achtergrond. Er was de pretentie van de nationaalsocialistische staat om wél, ook levensbeschouwelijk, het hele leven en samenleven te regelen. Er was het staatsbeleid, er op gericht om de kerk gelijk te schakelen. Er was de bereidheid binnen de kerk zelf om dat te laten gebeuren. Een kerk die zich laat gelijkschakelen krijgt schijnbaar mooie kansen en een invloedrijke positie in de maatschappij. Maar zij is wat haar eigenlijke opdracht betreft monddood gemaakt. Toen, in 1934, en telkens waar soortgelijke tendensen in maatschappij en kerk dreigen. Wij zagen al: de synode van Barmen vertegenwoordigde slechts een kleine minderheid, van de Duitse Evangelische Kerk én van het Duitse volk als geheel. Het Duitse verzet tegen Hitler vond hier naderhand zijn inspiratiebron, maar erg succesvol werd dat verzet nooit. Door velen is de verklaring van Barmen pas achteraf (h)erkend als een verhelderend en richtingwijzend woord, als authentiek getuigenis van de Kerk van Christus en dus als ook van belang voor nieuwe situaties.

1.3 De theologie van Karl Barth Zoals gezegd: hoofdopsteller van de ontwerptekst van de verklaring van Barmen was Karl Barth. Vooral de eerste stelling is een kernachtige samenvatting van zijn theologie. Ze toont tevens hoezeer die theologie, juist áls echte theologie, op de actualiteit betrokken was. Theologie, zo had Barth al eerder naar voren gebracht en zo zou hij het blijven zeggen, leeft geheel van Gods Woord, van Gods openbaring in Jezus Christus. Men moet er van afzien, te zoeken naar bruggetjes waarover mensen van zich uit al in de richting van God zouden kunnen komen. Men moet ophouden, te zoeken naar aanknopingspunten bij de mens zelf voor het verstaan van wie ‘God’ is. Dat zulke bruggetjes of aanknopingspunten zouden bestaan is een illusie. God is anders; niet alleen maar groter of machtiger of wijzer dan wij, maar volstrekt anders. In de theologie, evenals in het geloof, hebben wij ons eenvoudig te buigen voor het Woord, dat met gezag op ons afkomt; voor Jezus Christus in Wie God ons genadig nabij gekomen is. Barths concentratie op Jezus Christus als ‘het ene Woord van God’, waar tegenover of waarnaast niets anders kan gelden als openbaring 17

18056 Karel Barth.indd 17

24-07-18 20:02


van God, klinkt streng, kaal. Mogen, kunnen menselijke religieuze strevingen en gevoelens zomaar, radicaal, worden afgekapt? Is dit niet in wezen erg blikvernauwend? Sluit dat christenen niet op in een isolement van eigen gelijk, te midden van een wereld die er religieus helemaal naast zit? Zo werd, en wordt nog steeds, gevraagd. Zeker in een tijd als de onze, nu naast het christendom de (andere) wereldreligies zich nadrukkelijk manifesteren en allerlei privé-vormen van religiositeit welig bloeien, lijkt een theologie als die van Barth weinig meer te zeggen te hebben. Ze lijkt wel allerminst te passen bij het interreligieuze gesprek zoals dat nu aan de orde van de dag is. Tegenover deze en andere, oude en nieuwe, bezwaren is het goed, er op te wijzen dat Barths inderdaad radicale concentratie op Jezus Christus, als ‘het ene Woord van God’, in het Duitsland van 1934 géén studeerkamertheologie was; niet de denktrant van een in zijn ivoren toren opgesloten geleerde. Dit denken stond rechtstreeks in verband met wat er gaande was, in maatschappij en kerk. Het waarschuwde voor dreigende gevaren. En het wees een weg uit de verwarring. In sommige situaties kunnen de zaken niet ‘open’ worden gelaten. Dan moeten er beslissingen worden genomen, keuzen worden gedaan. In het Duitsland van 1934 was het zo’n situatie. Barth deinsde er niet voor terug beslissend te spreken. Dat werd, ook toen al, niet door iedereen toegejuicht. Achteraf zullen weinigen vinden dat dat toen niet nodig was. Er gaan trouwens zelfs stemmen op die betogen dat het nog radicaler had gemoeten.

1.4 Actualiteit De vraag is intussen of beslistheid, in theologie en kerk, niet altijd nodig is, ook in andere contexten, ook en juist in tijden van ontmoeting met anders denkenden en anders gelovenden. Dreigt het christelijk geloof in zijn eigenheid anders niet onder te sneeuwen onder (inter)religieuze vaagheid? Die vraag maakt dat de theologie van Barth nog altijd niet kan worden afgeschreven. Een aantal kerken hebben een verwijzing naar de verklaring van Barmen opgenomen in hun kerkorde. Dat geldt ook van de Protestantse Kerk in Nederland. Artikel I-5 van de kerkorde van deze kerk zegt: ‘De kerk erkent de betekenis van de theologische verklaring van Barmen voor het belijden in het heden.’ Dat is weliswaar voorzichtig geformuleerd. Gezegd wordt niet waarín de betekenis van die verklaring is gelegen. Toch: dát hier naar de verklaring wordt verwezen is veelzeggend. ‘Barmen’ geldt blijkbaar als een model van hoe er in moderne tijden (in de twintigste eeuw) kan (kon) worden beleden. Zegt dat niet 18

18056 Karel Barth.indd 18

24-07-18 20:02


ook iets over de betekenis die de theologie van Karl Barth zelf vandaag nog heeft? Deze theoloog en deze theologie verdienen ook nu nog aandacht. Geen ander heeft zozeer de (protestantse) theologie van de twintigste eeuw beheerst. Zeker ook in Nederland. Zijn invloed op het kerkelijk leven in ons land is gigantisch geweest. Hij was inspirator van het kerkelijk verzet tegen Hitler, niet alleen in Duitsland maar ook in Nederland (en elders). Bovendien is de vernieuwing die bijvoorbeeld de Nederlandse Hervormde Kerk in en na de Tweede Wereldoorlog doormaakte – in het kader waarvan zij de verlammende werking van de richtingenstrijd tussen ‘rechtzinnig’ en ‘vrijzinnig’ te boven kwam – zonder de invloed van zijn theologie niet goed te begrijpen. Ook leverde hij een eigen bijdrage aan de doordenking van de verhouding tussen kerk en staat, tussen christelijk geloof en politiek. Zeker, er was naast bijval ook kritiek, dat hoorden wij al. Barths hoofdwerk, zijn dertien banden omvattende, hoewel onvoltooid gebleven, Kirchliche Dogmatik, werd wel gekarakteriseerd als: ‘een geweldig bouwwerk – zonder deur’. Maar ook die kritiek liet zien hoezeer velen zich door Barths theologie geraakt wisten. Zijn werk was niet alleen een (‘toevallig’ goed uitpakkende) reactie op toevallige politieke omstandigheden in een concrete situatie (die van de jaren dertig van de vorige eeuw). Het had en heeft een wijder belang. Het wordt nog altijd bestudeerd. Ook de hedendaagse theologische discussies zijn alleen te volgen wanneer men die ziet tegen de achtergrond dáárvan.

1.5 Opzet van dit boek Karl Barth stierf op 10 december 1968. In dit jaar wordt dat voor de vijftigste maal herdacht. Dit boek verschijnt in het kader van deze herdenking. Wij gaan Barths levensloop na. Hoe is hij de Barth van ‘Barmen’ geworden? En hoe is zijn leven verlopen ná die cruciale periode? We bezien hoe zijn theologische inzichten tot ontwikkeling kwamen; hoe hij vanuit zijn concentratie op Jezus Christus nieuw licht wierp op traditionele noties van het christelijk geloof. Met name ook alle delen van zijn Kirchliche Dogmatik passeren de revue. Wij zullen nagaan in welke periode, in welk tijdsklimaat, elk deel is ontstaan en hoe het daarin gepresenteerde denkwerk verband houdt met wat er toen in de actualiteit aan de orde was. Wij constateren hoe Barth in zijn denken zichzelf, de jaren door, trouw is gebleven, én hoe hij toch ook, in bepaalde opzichten, tot zelfcorrectie is gekomen. In de latere jaren van zijn leven en werken kwam het tot accentverlegging, maar 19

18056 Karel Barth.indd 19

24-07-18 20:02


ook tot verscherping van zijn blik. Hij theologiseerde in de ruimte van de kerk, ten dienste van de kerk, maar dat betekende ook dat hij de kerk, haar concrete reilen en zeilen, zijn kritiek niet spaarde. Die kritiek klinkt ook vandaag nog door. Voetnoten met literatuurverwijzing zijn in de tekst niet opgenomen. Achterin vindt de lezer, in bijlagen, informatie over de uitgaven van Barths werken, evenals over andere geraadpleegde literatuur.

20

18056 Karel Barth.indd 20

24-07-18 20:02


Karl Barth en zijn theologische weg door de tijd.qxp_Karl Barth en zijn theologische weg door de tijd-omslag 17-07-18 11:12 Pagina 1

Dr. K. Blei is emeritus-predikant van de Protestantse Kerk in Nederland. Van 1987 tot 1997 was hij secretaris-generaal van de Nederlandse Hervormde Kerk. Sinds zijn emeritaat is hij HOVO-docent en -cursusleider theologie en religies.

ISBN 978 90 239 5537 5

9 789023 955375

NUR 704

KARL BARTH

Een mooi, toegankelijk overzichtswerk voor iedereen die Barth nader wil leren kennen.

KAREL BLEI EN ZIJN THEOLOGISCHE WEG DOOR DE TIJD

De Zwitser Karl Barth (1886-1968) was één van de grootste theologen van de twintigste eeuw. Dit boek laat zien hoe de Duitse en Europese geschiedenis van die eeuw – de Eerste Wereldoorlog, de opkomst van Hitler, de Duitse kerkstrijd – doorklinkt in het theologisch werk van Barth, die zich tegen het nationaalsocialisme verzette en na de Tweede Wereldoorlog de vanzelfsprekendheid bekritiseerde waarmee het Westen zich liet meeslepen in de Koude Oorlogretoriek.

KAREL BLEI

KARL BARTH

EN ZIJN THEOLOGISCHE WEG DOOR DE TIJD


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Karl Barth en zijn theologische weg door de tijd - Karel Blei.9789023955375 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu