Skip to main content

Raak de wonden aan-Thomas Halik. 9789023954170

Page 1

Tomáš Halík (1948) is priester en hoogleraar Filosofi e en Sociologie aan de Karelsuniversiteit te Praag. Hij was onder andere de vertrouweling en raadsman van president Havel, de Tsjechische aartsbisschop Tomášek en Johannes Paulus II. Eerder verschenen Geduld met God (2014) en De nacht van de biechtvader (2016) en Ik wil dat jij bent (2017).

NUR 707 ISBN 978-9023954170

˘ HalÍk r a ak de wonden a an Tom Ás

We kunnen niet in Jezus geloven en ‘Mijn Heer! Mijn God’ zeggen zonder ook zijn wonden aan te raken. Dat is de kern wat wat Tomáš Halík in dit boek betoogt. We geloven in een gekruisigde Jezus, een gewonde Jezus. En in zijn wonden draagt Jezus alle wonden van de wereld en de mensheid. Ook die wonden mogen wij aanraken. Wie de pijn in de wereld niet serieus neemt, kan God niet belijden, stelt Halik. In Raak de wonden aan richt hij de ogen van gelovigen op de wonden, die van Jezus en die van de wereld. Het verhaal van de ongelovige Thomas is daarbij zijn uitgangspunt. Halik verstaat de kunst om in zijn boeken door te dringen tot de mystieke, diepere lagen van het geloof en een scherpzinnig en zelfs humoristische commentaar te geven op de huidige tijd.

‘Dit is zo’n boek waarvan ik zeg: als ik geen christen was, zou ik het nu erg graag worden.’ Trouw *****

Tom Ás̆ HalÍk

over niet zien en toch geloven

www.kokboekencentrum.nl

9

789023 954170


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 1

Raak de wonden aan


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 2

Eerdere boeken van Tomáš Halík in Nederlandse vertaling Geduld met God (2014) De nacht van de biechtvader (2016) Ik wil dat jij bent (2017) Geloven op de tast (2017, met Anselm Grün)


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 3

TOMÁŠ HALÍK

raak de wonden aan Over niet zien en toch geloven

Vertaald door Kees de Wildt en Henriëtte de Wildt

kokboekencentrum uitgevers • utrecht


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 4

Oorspronkelijk verschenen onder de titel Berühre die Wunden. Über Leid, Vertrauen und die Kunst der Verwandlung. © Herder Verlag GmbH, Freiburg im Breisgau 2013 Ontwerp omslag: Marion Rosendahl Vormgeving binnenwerk: Anton Sinke Vertaling: Redactiebureau Kees de Wildt ISBN paperback 978 90 239 5417 0 ISBN e-book 978 90 239 5418 7 NUR 707 © 2018 KokBoekencentrum Uitgevers, Utrecht Bijbelcitaten zijn overgenomen uit de Willibrordvertaling 1995 www.kokboekencentrum.nl www.halik.cz Alle rechten voorbehouden.


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 5

Voor ons geloof hebben wij meer aan het ongeloof van Tomas dan aan het geloof van de gelovige leerlingen. Gregorius de Grote Dankzij zijn striemen is er genezing voor ons. Jesaja 53:5 Twee gevangenen in aangrenzende cellen die door klopsignalen tegen de muur contact met elkaar hebben. De muur is wat hen scheidt, maar ook wat hen in staat stelt contact met elkaar te hebben. Datzelfde geldt tussen ons en God. Iedere scheiding is een verbinding. Simone Weil


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 6

Geschreven in juli en augustus 2008 in de kluizenarij van een contemplatief klooster in het Rijnland, voltooid tijdens een reis naar Jeruzalem en Auschwitz in september van dat jaar. Opgedragen aan de herinnering van Mgr. Václav Dvořák († 30 juli 2008), die handboeien droeg en wonden voor Christus verdroeg, die dertig jaar geleden getuige was van de priesterwijding en concelebrant bij de eerste mis van de auteur van dit boek en die stierf in de nacht waarin ik dit boek begon te schrijven.


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 7

inhoud

I II III IV V VI VII VIII IX X XI XII XIII XIV

De deur van de gewonden Zonder terughoudendheid Het geheimenis van het hart Het voorhangsel scheurt De dansende God De aanbidding van het Lam Stigmata en vergeving Klopsignalen tegen de muur Lichamen Prachtige bruid, armzalige kerk Voor de waarheid is maar weinig plaats Veronica en de afdruk van het gezicht Veranderde wonden De laatste zaligspreking

9 19 35 43 67 77 89 95 107 119 135 145 157 173


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 8


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 9

i| de deur van de gewonden

Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was er niet bij toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: ‘We hebben de Heer gezien.’ Maar hij zei: ‘Ik wil zijn handen zien, met de gaten van de spijkers erin; ik wil ze met mijn vingers voelen. Ik wil met mijn hand de opening in zijn zijde voelen. Anders geloof ik niet.’ Acht dagen later waren de leerlingen weer bijeen, en nu was Tomas erbij. Hoewel de deur op slot was, kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei: ‘Vrede!’ Vervolgens richtte Hij zich tot Tomas: ‘Kijk maar, hier zijn mijn handen; kom nu maar met je vinger. En kom met je hand om de opening in mijn zijde te voelen. Wees niet langer ongelovig, maar gelovig.’ Hierop zei Tomas: ‘Mijn Heer! Mijn God!’ Jezus zei: ‘Omdat je Me gezien hebt geloof je? Gelukkig zij die zonder gezien te hebben toch tot geloof komen.’ (Joh. 20:24-29)

Na het voorlezen van deze evangelieperikoop liep ik vanaf de katheder weer terug naar mijn plaats. Het was vroeg in de morgen en het was halfdonker, stil en bijna leeg in de kathedraal van Madras. India lag voor mij open als een veelkleurig bloementapijt, doorweven met vele heilige plaatsen. Ik was onderweg van Bodgaj, de plaats van Boeddha’s verlichting, naar Sarnat, waar Boeddha na zijn verlichting de eerste toespraak voor zijn leerlingen hield, naar Varanasi aan de oever van de Ganges, de heilige plaats van de hindoes, en naar Mathura, de geboorteplaats van Krishna. Maar hier, in Madras, in het hart van het lokale christendom, waar vanouds het graf van de apostel

9


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 10

Tomas, de beschermheilige van India, vereerd wordt, voelde ik me even helemaal thuis, mede dankzij deze vertrouwde bijbeltekst. Het gedeelte uit het evangelie van de heilige Johannes dat ik voorlas, interpreteerde ik op dat moment nog zoals ik dat altijd had gedaan en zoals het meestal ook uitgelegd wordt: door zijn verschijning bevrijdde Jezus de sceptische apostel van iedere twijfel aan zijn opstanding. Van ‘de ongelovige Tomas’ werd hij ineens ‘de gelovige Tomas’. Ik had op dat moment nog niet kunnen bedenken dat die tekst zich voordat de dag om was, na een andere gebeurtenis, nogmaals voor mij zou openen en mij totaal anders en nog dieper zou aanspreken en dat die mij het grootste geheim van het christelijk geloof zelfs in een nieuw licht zou laten zien: Jezus’ opstanding en zijn goddelijkheid. Ja, nog meer: deze nieuwe zienswijze voerde mij langzamerhand op een bepaalde spirituele weg die ik eerder niet kende. Die weg toonde mij ‘de deur voor de ongelovige Tomas’ – de deur van de gewonden. De basis van het christelijk geloof is het blijvend met elkaar in verband brengen van het evangelie en ons leven, de basis is de moed om ‘deze geschiedenis binnen te gaan’. Het gaat erom dat je door je eigen levenservaring de betekenis van de bijbelse verhalen steeds opnieuw en dieper probeert te ontdekken en zo de machtige beelden van het evangelie op je laat inwerken, zodat ze geleidelijk steeds meer de stroom van je eigen leven verlichten, verklaren en veranderen. Veel gebeurtenissen, belevenissen, ideeën en plotselinge inzichten hebben tijd nodig om in ons te rijpen en vrucht te dragen. Twaalf jaar na mijn pelgrimstocht naar India zat ik weer in de stilte en eenzaamheid van een kluizenarij in een bos in het Rijnland. Na een nachtelijke storm was de hele bergtop omhuld door een dichte nevelsluier, waar langzaam en met moeite de eerste zonnestralen doorheen braken. Laaghangende wolken bedekten het dal eromheen. Midden in de wolken ben ik toen begonnen met het schrijven van dit boek, een nieuwe poging tot verantwoording van de hoop die in mij leeft (vgl. 1 Petr. 3:15).

F ‘God is dood – wij hebben hem gedood, u en ik!’ Hoe vaak heb ik dit vonnis van Nietzsche uit De vrolijke wetenschap al niet geciteerd, waarin ‘de nar’ (de enige die de ongezouten waarheid mag uitspreken)

10


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 11

zijn diagnose van de wereld verkondigt aan die mensen die niet in God geloven. Hij vertelt de wereld dat de basis onder haar bestaande metafysische en morele zekerheden is weggevallen.1 In een ander boek van Nietzsche kun je echter ook een minder bekende en minder geciteerde passage vinden, namelijk de beschrijving van de dood van de oude goden: toen de God van de joden zich tot de enige God uitriep, barstten, naar men zegt, alle andere goden in zo’n honend gelach uit dat ze zich doodlachten.2 ‘Religie keert terug.’ Dat horen we tegenwoordig overal in deze wereld. De meningen zijn er alleen over verdeeld of dat goed of slecht is – en misschien ook over wie of wat eigenlijk terugkeert en waarvandaan. Komt de enige God terug, ‘de God van Abraham, Izak, Jacob en Jezus’, in wie joden, christenen en moslims geloven? Of juist de ‘God van de filosofen’, het hoogste wezen – een ontdekking van de denkers van de verlichting, waarmee politieke proclamaties en de preambules van grondwetten worden opgesierd? Komt er een God terug die in stilte kan antwoorden op de verschrompelde harten van mensen en die hun wonden geneest of komt er een God van oorlog en wraak terug, die juist wonden veroorzaakt? Of moeten we ons verheugen op de terugkomst van de oude, giechelende en sarcastische afgoden? Er wordt verteld dat satan aan Sint-Maarten zelfs eens in de gedaante van Christus is verschenen. De heilige liet zich echter niet voor de gek houden. Hij vroeg hem: ‘Waar zijn jouw wonden?’ Bij alle geestelijke openheid ben ik geen aanhanger van de zo vaak gewenste ‘grenzeloze tolerantie’, die meer een uitdrukking van onverschilligheid en geestelijke luiheid is, als ze niet de moeite neemt voor een zorgvuldige ‘scheiding der geesten’. Want is het niet naïef en gevaarlijk als je niet opmerkt dat er ook destructieve ‘godsbeelden’ bestaan en dat er ook in de eerbiedwaardigste tradities symbolen, uitspraken en geschiedenissen sluimeren, die gemakkelijk zouden kunnen worden omgesmeed tot wapens in plaats van tot ploegscha-

1 2

Vgl. F. Nietzsche, De vrolijke wetenschap, boek 2, aforisme 125 (Kritische Studienausgabe 3, pag. 480vv.). F. Nietzsche, Zo sprak Zarathoestra, deel 3, ‘Van de afvalligen’, 2 (Kritische Studienausgabe 4, pag. 230).

11


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 12

ren? Net als alles wat groot en existentieel is in het leven, brengen ook religies risico’s en gevaren met zich mee. Met de apostel Tomas en Sint-Maarten vraag ik daarom aan iedereen die zich na de ‘dood van God’ of na het debacle van de hoonlachende afgoden beschikbaar stelt voor de nu lege troon: ‘Laat eerst je wonden zien!’ Ik geloof namelijk niet meer in een ‘religie zonder wonden’.

F Al jarenlang bestudeer ik met waardering en openheid de meest uiteenlopende religies. Ik heb door een deel van de wereld gereisd en wat ik heb gezien en geleerd, staat mij niet toe om vast te houden aan de simpele logica van het ‘óf-óf ’ (als twee mensen een verschillende mening hebben, moet ten minste een van hen zich vergissen). Als iemand ergens anders over denkt of spreekt dan ik, weet ik dat dit gewoon kan komen doordat hij hiernaar kijkt vanuit een ander standpunt, een ander perspectief, een andere traditie of een andere ervaring, doordat hij zich in een andere ‘taal’ uitdrukt. Ik weet ook dat het verschil tussen onze meningen en uitspraken noch mijn, noch zijn recht op de waarheid hoeft te weerleggen. Evenmin hoeft dit verschil van mening zijn of mijn eerlijkheid en oprechtheid ter discussie te stellen. Tegelijkertijd ben ik me ervan bewust dat dit besef niet moet leiden tot een gemakzuchtig en berustend relativisme (‘iedereen heeft zijn eigen waarheid’), maar eerder tot het streven om door onderling gesprek en het uitwisselen van ervaringen onze eigen, noodzakelijkerwijs beperkte horizon te verruimen en ook onszelf te leren kennen in het gesprek met de ander. Ik heb geleerd respect te hebben voor veel verschillende wegen waarlangs mensen proberen door te dringen tot het grootste geheimenis van het leven. Ik geloof dat het ‘ultieme geheimenis’ alle voorstellingen en namen die wij eraan geven ver overstijgt. Ja, ik geloof in de enige God, de vader van alle mensen, op wie geen enkel mens noch een van de ‘religieuze instellingen’ of hun vertegenwoordigers alleen het ‘monopolie’ heeft. Ik ben vol vertrouwen dat zelfs de meest kronkelende rivieren uiteindelijk in hem uitmonden. Uiteindelijk leiden (over alle grenzen van de verschillende religieuze systemen en culturen heen) de wegen van iedereen die, geleid door het licht van zijn

12


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 13

traditie, zijn verlangen naar de waarheid, zijn geweten en zijn kennis, oprecht zoekt naar het grootste geheimenis van het leven en dat hoogacht, naar hem. Ik ben noch de alwetende, noch de alziende – ik mag en kan daarom geen definitieve en onfeilbare oordelen vellen over anderen en hun persoonlijk geloof, omdat ik niet in hun hart kan kijken en ik ook niet hun einde en het doel van hun pelgrimage kan zien. Maar, niemand kan mij de hoop ontnemen dat ‘de God van die anderen’ uiteindelijk ‘mijn God’ is, want de God in wie ik geloof, is ook de God van degenen die de naam niet kennen die ik aan hem geef. Ik voeg hier echter in één adem aan toe en belijd: voor mij is er geen andere weg, geen andere deur naar hem, dan die deur die geopend wordt door een gewonde hand en een doorstoken hart. Ik kan niet ‘Mijn Heer! Mijn God!’ roepen als ik niet de wond zie die tot in zijn hart raakt. Als ‘credere’ (geloven) is afgeleid van ‘cor dare’ (je hart geven), dan moet ik belijden dat mijn hart en mijn geloof alleen die God toebehoren die zijn wonden kan tonen. Mijn geloof en mijn liefde zijn één en niemand kan mij mijn liefde voor de gekruisigde afnemen die het antwoord vormt op zijn liefde voor mij: Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus (Rom. 8:35), van die liefde die zich legitimeert door haar wonden? (vgl. Joh. 20:2027). Ik ben niet in staat de woorden ‘mijn God’ uit te spreken als ik zijn wonden niet kan zien! Zelfs als ik het schitterendste religieuze visioen zou zien, zou ik waarschijnlijk – ondanks al mijn openheid – nog steeds twijfelen of het geen illusie is, de projectie van mijn wensen of zelfs de antichrist, als ik niet de wonden van de spijkers zou zien. Mijn God is de gewonde God. Als iemand wat ik zojuist heb beleden als tegenstrijdig ervaart, dan erken ik dat ik dat ook zo ervaar. Dat is de wezenlijke spanning van mijn geloof. Vol hoop en vertrouwen wend ik me tot God die alle verschillen tussen zijn kinderen accepteert en die zijn armen zo wijd openhoudt dat het voor ons onbegrijpelijk is. Dat betekent echter tegelijkertijd dat ik ook niet ‘zeker’ kan weten waar de grenzen van deze wijdte liggen en dat ik niet zomaar kan veronderstellen dat zij eenvoudigweg ‘alles’ omvat. Ik moet respect hebben voor de ander of ten minste voor de eerlijkheid en oprechtheid van zijn geloofsdaad, maar als ik me ergens mijn hart aan geef, moet ik naar de vrucht daarvan

13


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 14

vragen (vgl. Mat. 12:33). Net als alle andere belangrijke levensterreinen kennen religies wezenlijke en volstrekt onvervangbare waarden, evenals waarden die dat alleen maar lijken, in werkelijkheid echter onkruid of giftige planten zijn. Het is ook niet zo, zoals zovelen dachten en nog steeds denken, dat er akkers zijn (de onze) waarop alleen maar goede planten groeien en andere waarvan we van tevoren kunnen zeggen dat daar niets goeds op gaat groeien. In de Bijbel vinden we zowel de opdracht om ‘de geesten’ zorgvuldig te onderzoeken (vgl. 1 Joh. 4:1), alsook de waarschuwing dat het buitengewoon lastig is het onkruid van de tarwe te onderscheiden; deze opdracht is voor ons sterfelijke mensen uiteindelijk ondoenlijk en gaat ons beoordelingsvermogen te boven (Mat. 13:29). Wat kan ik doen? Ik kan niet anders dan mijn geloof en wat mij wordt voorgehouden om in te geloven onderwerpen aan ‘de test van Sint-Maarten’. Ik geloof niet in goden en religies die vrolijk in deze wereld rondspringen zonder geraakt te worden door haar wonden – zonder schrammen, littekens of brandwonden – en zo op de hedendaagse religieuze markt alleen hun blinkende charme tentoonstellen. Mijn geloof kan de last van de twijfel alleen afleggen, kan alleen de innerlijke zekerheid en rust van een thuis ervaren als het de steile ‘weg van het kruis’ bewandelt, als het zich door de smalle deur van Christus’ wonden op God richt, als het door de deur der armen, de deur van de gewonden gaat. Dat is de deur waardoor de rijken, de zelfgenoegzamen, zelfverzekerden, de wetenden, de ‘zienden’, ‘de gezonden’, ‘de rechtvaardigen’, ‘de wijzen en voorzichtigen’ niet passen, zoals ook een kameel niet door het oog van een naald past (Luc. 18:25).

F Werd de apostel Tomas bij het zien van de opgestane echt in één keer van al zijn twijfels bevrijd – of liet Jezus hem via zijn wonden juist de enige plaats zien waar zoekers en twijfelaars werkelijk God kunnen aanraken? Dat was de gedachte die die dag in Madras bij mij opkwam. Op die warme middag bracht mijn Indische collega, katholiek priester en hoogleraar in de religiewetenschappen aan de universiteit van Madras, mij naar de plek waar de apostel Tomas volgens de ver-

14


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 15

halen doodgemarteld is en daarna naar een katholiek weeshuis daar vlakbij.3 Op mijn reizen door Azië, Afrika en Zuid-Amerika, die ik daarvoor en daarna gemaakt heb, heb ik de ellende van heel dichtbij in de ogen gekeken. Vanuit mijn praktijk als psychotherapeut en ervaring als biechtvader heb ik weet van morele armoede, verborgen pijn in het hart en de donkere uithoeken van het menselijk bestaan. Ik heb ‘het Golgota van onze tijd’, de concentratiekampen van de nazi’s en de communisten, Hiroshima en Ground Zero in Manhattan bezocht, plaatsen waar je je het misdadige geweld dat er heeft plaatsgevonden, levendig voor de geest kunt halen. Maar het weeshuis in Madras, dát vergeet ik nooit meer. In de bedjes, die meer aan kippenhokken deden denken, lagen kleine eenzame kinderen met opgeblazen buikjes van de honger. Er lagen kleine skeletjes, met alleen een zwarte, vaak ontstoken, huid eromheen. In de eindeloze gangen keken hun koortsige ogen me van alle kanten aan en staken ze hun roze handjes naar me uit. De lucht die er hing, benam me de adem. In deze stank en dit gehuil ging het psychisch, fysiek en moreel slecht met me. Een gevoel van onmacht en een brandend gevoel van schaamte verstikten mij. Dat gevoel heb je meestal alleen als je met een gezonde huid, een gevulde maag, een schoon bed en een dak boven je hoofd naar lijdende mensen kijkt. Ik wilde zo snel mogelijk laf daarvandaan vluchten (en niet alleen daarvandaan), mijn ogen sluiten, mijn hart op slot doen en dit vergeten. Ik moest weer denken aan de woorden van Ivan Karamazov, die God ‘de toegangskaartjes’ voor de wereld waarin kinderen lijden, wilde ‘teruggeven’. Maar op dat moment kwamen deze woorden in mij naar boven: ‘Raak de wonden aan!’ En daarna: ‘Kom nu maar met je vinger. En kom met je hand om de opening in mijn zijde te voelen.’ Opeens ging het verhaal van de apostel Tomas dat ik tijdens de ochtendmis bij het graf van ‘de patroonheilige van de twijfelaars’ uit

3

Over mijn reis naar India en deze dagen in Madras, spreek ik uitvoeriger in een ander boek: Co je bez chvění, není pevné. Labyrintem světa s vírou a pochybností (‘Wat niet beeft, staat niet vast. Het labyrint van de wereld van geloof en twijfel’), Praag 2002, pag. 25-28.

15


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 16

het evangelie van Johannes had gelezen, opnieuw voor me open. Jezus vereenzelvigde zichzelf met alle kleinen en lijdenden – dus zijn alle pijnlijke wonden, alle leed van de wereld en de mensheid ‘Christus’ wonden’. In Christus geloven, ‘Mijn Heer! Mijn God!’ mogen roepen – dat kan ik alleen als ik deze wonden van hem aanraak, deze wonden waar onze wereld ook nu vol van is. Anders roep ik slechts zinloos en tevergeefs: ‘Heer! Heer!’ (Mat. 7:21). Zeker, niemand van ons mag zichzelf uitgeven voor de messias, die de wonden van de wereld zou kunnen genezen; dat heeft Hij tijdens zijn tijd op aarde zelf ook niet één keer gedaan – en daar deed Hij ook geen moeite voor. We moeten zelfs de verzoeking weerstaan stenen in broden te veranderen (vgl. Mat. 4:3), een verzoeking die vaak naar de magie van de revolutiepogingen voert. Ook als we ons echt inspannen om alles te doen wat binnen onze krachten en mogelijkheden ligt, kunnen we maar een klein stukje tegen de aanstormende golven van de oceaan van ellende in roeien, terwijl die oceaan een steeds groter deel van ons vasteland afscheurt. Toch mogen we niet vluchten voor de wonden van de wereld of ze onze rug toekeren. We moeten ze minimaal zien, aanraken en ons door die wonden laten aangrijpen. Hoe kan ik mijn geloof en mijn liefde voor God, die ik niet zie, belijden, als ik onverschillig, onbewogen, ongewond blijf? (vgl. 1 Joh. 4:20). Want dan zou ik hem pas werkelijk niet zien! Daar in Madras werd het me opeens duidelijk: als ik de pijn van mijn naasten niet serieus neem, heb ik niet het recht God te belijden. Een geloof dat de ogen kan sluiten voor menselijk leed, is niet meer dan een illusie of opium. Op zulke vormen van ‘religie’ hadden Freud en Marx terecht kritiek! Maar er is nog iets heel belangrijk: we mogen ons bij het kijken naar de pijn in de wereld niet uitsluitend beperken tot ‘de sociale problemen’, ook als deze vorm van lijden terecht schreeuwt tot het geweten van de wereld en ieder individu en zijn stem niet onverhoord mag blijven. We mogen echter nooit denken dat we met deze levenstaak ‘klaar’ zijn als we doneren aan een goed doel in Afrika, een bedelaar wat geld geven of bij de verkiezingen stemmen op partijen met een politiek programma dat een sociaal tintje heeft, hoe belangrijk dat ook is. Het is namelijk niet voldoende. Er is nog heel veel meer verborgen pijn binnen in de mensen om ons heen. Daarnaast moeten we onze eigen

16


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 17

open wonden niet vergeten: als we ons toeleggen op de genezing daarvan, dragen we ook bij aan de ‘genezing van de wereld’. Dat is vaak zelfs een noodzakelijke voorwaarde om de pijn van anderen überhaupt te kunnen zien en hen te kunnen helpen.

F Tijdens die middag in Madras viel me nog iets op: misschien waren de twijfels van de apostel Tomas wel heel anders dan die waarvan wij – de nazaten van het sciëntisme en positivisme – af en toe last hebben en die we overhaast op dit verhaal projecteren. Misschien was de apostel wel helemaal geen ‘materialist’, en dus niet iemand die niet in staat was zich te openen voor een geheimenis dat hij niet kon ‘beetpakken’. Tomas was een man die bereid was om zijn Meester te volgen tot het bittere einde. Een voorbeeld hiervan is zijn reactie als Jezus met zijn leerlingen naar Lazarus wil gaan: ‘Laten wij ook maar gaan, dan kunnen we samen met Hem sterven’ (Joh. 11:16). Hij nam het kruis serieus – en het verhaal van de opstanding leek voor hem misschien een te goedkoop ‘happy end’ van het lijdensverhaal. Misschien weigerde hij daarom wel mee te doen aan de blijdschap van de andere apostelen en wilde hij daarom de wonden van Jezus zien. Hij wilde zien of ‘de opstanding’ het kruis niet van zijn kracht berooft (vgl. 1 Kor. 1:17). Pas toen hij dat wist, kon hij zeggen: ‘Ik geloof.’ Misschien begreep de ‘ongelovige Tomas’ de zin van het paasgebeuren uiteindelijk wel beter dan de anderen. De heilige paus Gregorius de Grote schreef in zijn homilie over deze evangelietekst: ‘Het ongeloof van Tomas helpt ons meer om te geloven dan het geloof van de gelovige leerlingen.’4

F Jezus komt naar Tomas toe en laat hem zijn wonden zien: Kijk, de pijn – welke pijn dan ook – is niet zomaar weg en vergeten! De won4

Homilie 26, 7-9, in: J.-P. Migne (ed.), Patrologia latina 76, pag. 1201-1202: ‘Plus enim nobis Thomae infidelitas ad fidem quam fides credentium discipulorum profuit.’

17


Raak de wonden aan-binnenwerk.qxp_Raak de wonden aan-binnenwerk 01-10-18 15:53 Pagina 18

den blijven wonden. Maar Hij ‘die onze ziekten op zich genomen heeft’, ging gehoorzaam door de poorten van de hel en de dood en hij is hierin (onbegrijpelijk) nog steeds bij ons. Daarmee toonde Hij ons dat de liefde alles verduurt (1 Kor. 13:7). ‘De liefde is sterk als de dood (…). Geen stortvloed van water kan de liefde blussen, geen rivier spoelt haar weg’ (Hoogl. 8:6-7) – ze is zelfs sterker. In het licht van deze gebeurtenissen verschijnt de liefde als iets wat we niet aan de sentimentaliteit mogen overleveren. Het is een kracht – de enige kracht die zelfs de dood overleeft en de poorten van de dood met doorstoken handen open beukt. De opstanding is dus geen ‘happy end’, maar een uitnodiging en een bevel: we moeten en mogen niet capituleren voor het vuur van het lijden, ook als we dat nu nog niet kunnen blussen. We mogen ons tegenover het kwaad niet zo gedragen alsof dat het laatste woord heeft. We moeten niet bang zijn om in de liefde te wonen (1 Joh. 4:16), ook wanneer ze naar de maatstaven van de wereld verliest. We moeten de moed hebben om ons tegen de wijsheid van deze wereld in te richten op de dwaasheid van het kruis (vgl. 1 Kor. 4:10). Misschien wilde Jezus Tomas, wiens geloof Hij door het aanraken van de wonden liet herleven, wel precies dat vertellen wat mij in het weeshuis in Madras plotseling duidelijk werd: Daar, waar je het menselijke leed aanraakt – en misschien wel alleen daar – daar zie je dat Ik leef, dat ‘Ik het ben’. Overal waar mensen lijden, kom je mij tegen. Ontwijk mij bij die ontmoetingen nooit. Wees niet bang! Wees niet langer ongelovig, maar gelovig! God, de Heer van het oude verbond, verscheen aan Mozes in de brandende doornstruik (Ex. 3). Zijn eniggeboren Zoon, onze Heer en God, verschijnt in het vuur van het lijden, aan het kruis. Wij horen zijn stem alleen als wij ons kruis op ons nemen en bereid zijn ook de lasten van anderen te dragen, wanneer de littekens van de wereld – zijn littekens – een bevel voor ons worden.

18


Tomáš Halík (1948) is priester en hoogleraar Filosofi e en Sociologie aan de Karelsuniversiteit te Praag. Hij was onder andere de vertrouweling en raadsman van president Havel, de Tsjechische aartsbisschop Tomášek en Johannes Paulus II. Eerder verschenen Geduld met God (2014) en De nacht van de biechtvader (2016) en Ik wil dat jij bent (2017).

NUR 707 ISBN 978-9023954170

˘ HalÍk r a ak de wonden a an Tom Ás

We kunnen niet in Jezus geloven en ‘Mijn Heer! Mijn God’ zeggen zonder ook zijn wonden aan te raken. Dat is de kern wat wat Tomáš Halík in dit boek betoogt. We geloven in een gekruisigde Jezus, een gewonde Jezus. En in zijn wonden draagt Jezus alle wonden van de wereld en de mensheid. Ook die wonden mogen wij aanraken. Wie de pijn in de wereld niet serieus neemt, kan God niet belijden, stelt Halik. In Raak de wonden aan richt hij de ogen van gelovigen op de wonden, die van Jezus en die van de wereld. Het verhaal van de ongelovige Thomas is daarbij zijn uitgangspunt. Halik verstaat de kunst om in zijn boeken door te dringen tot de mystieke, diepere lagen van het geloof en een scherpzinnig en zelfs humoristische commentaar te geven op de huidige tijd.

‘Dit is zo’n boek waarvan ik zeg: als ik geen christen was, zou ik het nu erg graag worden.’ Trouw *****

Tom Ás̆ HalÍk

over niet zien en toch geloven

www.kokboekencentrum.nl

9

789023 954170


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Raak de wonden aan-Thomas Halik. 9789023954170 by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu