Sacha Gaus heeft de Martin Gaus Academie opgericht, een gezaghebbend instituut dat hondentrainers en -gedragstherapeuten opleidt. Daarnaast was zij hoofdredacteur van tijdschriften en co-auteur van enkele boeken over hondengedrag. Sacha heeft ook de leiding over de Martin Gaus Hondenscholen, scholen die staan voor een positieve begeleiding van baas en hond, dus zonder dwang of fysieke straf.
Een pup in huis zet de boel flink op zijn kop! Wat moet je doen en laten om te zorgen dat je hond niet de leiding overneemt? Sacha en Martin Gaus laten zien hoe leerprocessen werken en hoe je die het beste in de eerste maanden kunt aansturen. Hiervoor schreven zij een programma dat loopt van zeven tot zestien weken, waarin de hond spelenderwijs kan leren, zonder dat baasjes hoeven te mopperen of te straffen.
“Een zeer praktisch boek, dat geen aspect van de opvoeding onbesproken laat.”
www.martingausacademie.nl www.martingaushondenscholen.nl
PUPPYMANIEREN HÉT OPVOEDBOEK VOOR PUPPY’S
PUPPYMANIEREN
in Lelystad, dat later uitgroeide tot een grote organisatie met hondenscholen, trainingsactiviteiten en een gedragscentrum. Hij werd een landelijke bekendheid als presentator van de populaire tv-programma’s Dierenmanieren en Natte neuzen. Daarnaast was hij uitgever van tijdschriften en heeft hij vele boeken over het opvoeden van honden en katten op zijn naam staan.
Een puppy uitkiezen en van 7 tot 16 weken spelenderwijs alles leren wat hij moet weten
MARTIN & SACHA GAUS
Martin Gaus startte in 1974 zijn dierenhotel
Een pup uitkiezen en in huis halen heeft een enorme impact op je leven. Je bent vol vertedering en weet niet altijd of je het wel goed doet. Martin en Sacha Gaus helpen je door te laten zien hoe je een pup het beste kunt aansturen in een periode die van cruciaal belang is voor zijn latere leven. Het programma is aangepast op de periodes waarin de hersenen van een hond gevoelig zijn om bepaalde dingen te leren. Zo leert je pup spelenderwijs alles wat hij als volwassen hond moet weten. In Puppymanieren volgen we vier pups van verschillende rassen. Ze hebben elk hun eigen karakter en mogelijkheden, zodat je ziet dat het opvoeden van een hond individueel sterk kan verschillen.
“Puppy’s komen niet met een gebruiksaanwijzing maar dit is een wel een praktische handleiding.”
GEHEEL HERZIENE UITGAVE
MARTIN & SACHA GAUS 9 789021 572031 > NUR 431 www.kosmosuitgevers.nl
kosmosBOpuppymanieren1218.indd 1
Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen
06-12-18 16:38
Veel dank aan Loes Bijlhout, Desirée en Sjuul de Vries, Babs Klabbers en Jeffrey de Pina voor het vertrouwen waarmee ze ons hun pups in handen gaven. Alle dank en waardering zeker ook voor Jeroen Oomen. Zonder zijn toegewijde, deskundige en geduldige hulp was de opvoeding van vier pups misschien een te zware klus geweest.
www.kosmosuitgevers.nl Dit boek is gepubliceerd door Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen Postbus 13288 3507 LG Utrecht Vormgeving: Garage BNO Foto omslag: Shutterstock Foto’s binnenwerk: Helly en Sacha Gaus Foto’s blz. 8, 27, 44, 59, 74, 91, 107, 119, 131, 142, 149: Shutterstock ISBN 978 90 2157 203 1 NUR 431 © 2012-2019 Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen Vijftiende druk 2019 Alle rechten voorbehouden / All rights reserved Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, on-line publicaties of op enige andere wijze zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
komosBWpuppymanieren1218.indd 4
11-12-18 11:59
Inhoud
Voorwoord Inleiding
6 8
HOOFDSTUK 1 Kies de pup die bij je past HOOFDSTUK 2 Wat bepaalt de mogelijkheden van je hond? 6½–7½ week HOOFDSTUK 3 Leefregels 7½–8 weken HOOFDSTUK 4 Socialisatieperiode 8–12 weken
HOOFDSTUK 5 Lichaamstaal zegt meer dan woorden 9 weken
10
HOOFDSTUK 6 Veilig binnen je eigen grenzen 10 weken
27
HOOFDSTUK 7 Wennen aan alleen zijn 11 weken
107
44
HOOFDSTUK 8 Hoe ver kan ik gaan? 12 weken
119
59
HOOFDSTUK 9 De puntjes op de i 13–16 weken
131
91
HOOFDSTUK 10 Wat je ook moet weten
143
Over de auteurs
150
74
OPMERKING
Lees, voordat je met de opvoeding begint, in ieder geval dit boek globaal door. Het is voor een optimale begeleiding namelijk niet mogelijk alles wat je vanaf het begin moet weten, in het eerste hoofdstuk te vermelden. Hoofdstuk 10 is van wezenlijk belang.
komosBWpuppymanieren1218.indd 5
11-12-18 11:59
Voorwoord
PUPPYMANIEREN
Er is maar weinig geschreven over de begeleiding van pups en wat er is, is beperkt, te populair, en draagt er weinig toe bij om het inzicht te vergroten. En dat laatste vind ik juist zo bepalend voor een goede omgang met honden. De opzet van het boek werd gemaakt. We gingen de opvoeding van een pup vanaf zesenhalve week tot zestien weken volgen, hem fotograferen en filmen en, ondersteund door dit beeldmateriaal, de oefeningen van week tot week beschrijven. De bedoeling was het boek geschikt te maken voor de begeleiding van vrijwel iedere pup.
6
komosBWpuppymanieren1218.indd 6
11-12-18 11:59
NIET ÉÉN PUP, MAAR VIER
We kozen als fotomodel een beagle. Dit ras heeft de naam niet gemakkelijk te zijn. Beagles zijn fervente weglopers en meutehond in hart en nieren. Ze kunnen slecht tegen alleen zijn. Met deze eigenschappen zou je na een geslaagde opvoeding van zo’n soort hond niet kunnen uitroepen: ‘ja, makkelijk, met zo’n hondje lukt het altijd’. Ik wil je bewijzen dat vrijwel iedere hond met een beetje normale aanleg is op te voeden tot een prettige kameraad, een vriendje. Dat is immers precies wat je zoekt en denkt te vinden wanneer je een hond uitkiest. Bovendien is waarschijnlijk geen rashond zo fotogeniek als hij. Met zijn donkere ogen, lange slappe oren, koppie vol rimpeltjes – vooral wanneer hij snode plannetjes maakt – zijn niet-te-groot en niet-te-klein stevig gebouwde lijfje, is hij heel innemend. Het dreigde toen echter een beagleboek te worden en dat was absoluut niet de bedoeling. Er moesten daarom andere pups bij komen. Zo hebben we uiteindelijk gedurende vijf maanden vier pups in huis gehad. Allemaal moesten ze opgevoed, gestimuleerd en zindelijk gemaakt worden. We hadden ons wel wat op de hals gehaald! Ik stel aan je voor: Johnny, een ruwhaar dwergteckel-reu Van teckels wordt gezegd dat ze nooit leren luisteren en dat alleen al het lopen aan de riem een nachtmerrie is. Men zegt zelfs dat het gemakkelijker is een zebra te leren jongleren dan een teckel te leren gehoorzamen. Iso, een beagle-reu Het enige jong na een zware bevalling. Ik had er nogal een hard hoofd in, want hij had niet alleen geen normaal contact met broers en zusjes, hij werd ook nog met de fles bijgevoed. Maar hij werd niet geïsoleerd van zijn moeder én hij groeide op binnen een roedel van zo’n vijf volwassen beagles. Ik gaf hem het voordeel van de twijfel. Boelie, een labrador-teefje Labradors zijn uitstekende werkhonden, waarbij vooral teefjes in de gehoorzaamheidstrainingen hoog scoren. De natuurlijke aanleg tot samenwerking maakt dit ras aantrekkelijk voor veel mensen. Arani, een Terveurens herder-teefje Omdat dit ras nogal wat nerveuze, overattente honden voortbrengt, vond ik het aardig ook dit type hond erbij te hebben.
Voorwoord
Alle vier de pups haalden binnen de gestelde tijd onze doelstelling. Zij luisterden op de leeftijd van 3 maanden uitstekend: zij trokken niet aan de lijn, gingen zitten en liggen op commando, waren prima ‘hierkomers’, zelfs wanneer ze met z’n allen het bos in waren gedoken, en apporteerden verschillende voorwerpen. Saai? Sufgetraind? Vergeet het maar. Vol levensblijheid en ondernemingslust genoten ze van het leven. Het was werkelijk een groot plezier ze te kennen en te begeleiden. Het deed ons dan ook veel meer pijn dan we verwacht hadden toen ze weer ‘weg’ moesten.
7
komosBWpuppymanieren1218.indd 7
11-12-18 11:59
Inleiding
Hieronder volgen het opvoedingsschema en de omgangsregels zoals we die globaal toepasten (per hoofdstuk wordt een en ander verder uitgewerkt). HOOFDSTUK 1 | KIES DE PUP DIE BIJ JE PAST HOOFDSTUK 2 EN HOOFDSTUK 3 | ZESENHALVE WEEK TOT EN MET ACHT WEKEN
• Veel contact met mensen, verkeer, dieren, water. • Ieder uur uitlaten. • Aan bench wennen.
• Aan riem leren lopen. • Vijf maaltijden per dag. • Apporteren
Let op: iedere dag, dus ook tijdens de hieronder genoemde opvoeding, worden spelenderwijs wat verzorgingsactiviteiten uitgevoerd zoals borstelen, in de oren kijken, tussen teentjes kijken, onder staartje kijken, optillen enzovoort. Dit wordt niet steeds in het trainingsschema opgenomen, maar staat op de bladzijdes 148 en 149. Let op: ‘commando’ klinkt dwingend en suggereert dat je moet overheersen. Zo wordt het niet bedoeld! Het is een geconditioneerd signaal dat een hond heeft leren begrijpen, waarna het geconditioneerde gedrag volgt. Het houd dus nooit in in dat je je pup iets moet afdwingen. Let op: gebruik alle commando’s die we in de toekomst tijdens de omgang met onze hond zullen gebruiken ook steeds op alle momenten dat het hondje dat gedrag al uit zichzelf vertoont. Dus bijvoorbeeld ‘zit’ wanneer hij uit zichzelf gaat zitten. Let op: gebruik nooit een commando als je hond met andere zaken bezig is. Let op: oefen ettelijke keren per dag gedurende vijf minuten, niet langer. Oefen niet wanneer het hondje moe is. De onderbrekingen tussen de oefeningen kunnen sterk in tijd variëren. Tijdens een zeer actieve periode van zo’n drie kwartier kun je gemakkelijk met een pauze van vijftien minuten twee keer oefenen. Uiteindelijk kun je zo’n acht à tien keer per dag trainen, zeker als de pup wat ouder is en minder zal slapen.
PUPPYMANIEREN
HOOFDSTUK 4 | ACHT WEKEN
• Wennen aan de riem. Woordje ‘uit’ gebruiken. • ‘Hierkomen’ door middel van beloning. Oefenen op het moment dat het hondje honger heeft, dus niet meteen na een maaltijd, maar juist ervoor. Lekkers (altijd in combinatie met ‘braaf’ of een aai!), verder ‘braaf’ en knuffels. Roep nooit ‘hier’ als je hond absoluut geen aandacht voor je heeft! • Spelen en apporteren zonder dwang. Vind uit wat het hondje een echt heel leuk
8
komosBWpuppymanieren1218.indd 8
11-12-18 11:59
speeltje vindt. Maak daar het apporteerspeeltje van en gebruik het alleen op die momenten. • Contact met mensen, dieren, waaronder honden, verkeer en water. HOOFDSTUK 5 | NEGEN WEKEN
• Aandacht vragen. • ‘Volg’. Dit moet een goede gewoonte worden, iets wat alleen te realiseren is als de pup van jongs af aan leert dat als hij trekt, hij juist nergens komt. En dat er leuke dingen gebeuren als hij niet trekt. Lopen met slappe lijn is alleen als gewoontegedrag aan te leren door altijd onmiddellijk stil te blijven staan als de lijn strak staat en pas verder te lopen als de lijn weer slap is. • ‘Hier’ en ‘zit’. Alles door middel van beloning. Wissel het lekkers af met knuffels en vrolijke ‘braaf’s (‘hier’ en ‘zit’ ook gebruiken op al die momenten dat hij dat toch al uit zichzelf doet). • Spelen (trekspelletjes, balletje gooien) en apporteren zonder dwang. Wel de woor-den ‘vast’, ‘apport’ en ‘los’ gebruiken, maar alleen op die momenten dat hij dat toch al doet. • Contact met mensen, dieren (honden), verkeer. HOOFDSTUK 6 | TIEN WEKEN
• Hetzelfde als bij negen weken. • Commando ‘los’ • Oefening ‘zit en wacht’. ‘Wacht’ met optische ondersteuning van handgebaar. HOOFDSTUK 7 | ELF WEKEN
• Hetzelfde als bij tien weken. • Als het apporteren goed gaat, leren andere voorwerpen op te rapen en terug te brengen. • ‘Af’. HOOFDSTUK 8 | TWAALF WEKEN
• Hetzelfde als bij elf weken. • ‘Af en blijf’ met ondersteuning van optisch handgebaar. • ‘Hier’, los van de lijn. HOOFDSTUK 9 | DERTIEN TOT EN MET ZESTIEN WEKEN EN DAARNA
• Aandacht vragen door aandachtsoefeningen. • Alle oefeningen die bekend zijn worden niet steeds meer beloond. Je beloont alleen nog de beste uitvoering en gaat over op onvoorspelbare beloningen. Dat houdt in dat je zowel de momenten waarop je de pup beloont als de beloning zelf varieert. • ‘Af en blijf’ met baas uit zicht.
• Dit hoofdstuk is bedoeld om steeds weer even door te lezen. Het bevat aanwijzingen die altijd geldig zijn.
Inleiding
HOOFDSTUK 10 | WAT JE OOK MOET WETEN
9
komosBWpuppymanieren1218.indd 9
11-12-18 11:59
praktijk Algemene omgangsregels die altijd gelden
JE GELUID HEEFT EEN BEDOELING
De pup moet leren dat het geluid dat je voortbrengt niet zomaar wat geluid is, maar dat het een betekenis kan hebben. Daardoor gaat hij begrijpen dat een woord van jou een aanwijzing kan zijn tot een bepaalde gebeurtenis, zoals ‘uit’ kan staan voor een wandeling. Hij gaat ook begrijpen dat een woord een bepaalde opdracht kan inhouden, zoals het woordje ‘zit’. Daardoor gaat hij beter op je letten op het moment dat je iets zegt. Hij wordt attent op je; dit maakt het leren makkelijker. EEN RUSTIGE OMGEVING
Wanneer je met je hond oefent, is het van belang te zorgen dat hij niet steeds wordt afgeleid. Vooral jonge honden moeten de wereld nog leren kennen en hun drang tot onderzoeken zorgt dat ze alles zien en waarnemen en alles ook buitengewoon interessant vinden. Een lopend torretje, een grassprietje, een kind in de box met een rammelend speeltje, alles is voor een pup van belang. Wanneer de oefeningen eenmaal bekend zijn, kun je in een drukkere omgeving gaan oefenen. Bovendien is het hondje dan ook weer wat ouder, waardoor hij zijn aandacht langer op iets speciaals kan richten. OEFENTIJD EN HERHALING
Zeker voor een jong hondje geldt dat zijn concentratievermogen nog maar gering is. Bovendien moet hij het leren leuk blijven vinden, want daardoor zal hij het te leren onderdeel veel beter onthouden. Oefen daarom nooit langer dan 5 minuten, maar herhaal de oefeningen regelmatig. Er zijn genoeg momenten op de dag waarop je met je pup bewust oefeningen kunt doen, buiten de momenten waarop je toch al automatisch met hem oefent (door commando’s te gebruiken bij gedrag dat hij uit zichzelf vertoont). Dat laatste blijft belangrijk, omdat het het leerproces zo gemakkelijk en vanzelfsprekend ondersteunt.
PUPPYMANIEREN
UITGESLAPEN EN GEEN HONGER
Een pup heeft veel slaap nodig. Wanneer hij zo’n drie kwartier intensief bezig is geweest, is hij nodig aan een dutje toe. je moet dus niet met een hondje oefenen dat net een rondje park heeft gehad waar hij lekker gerend heeft met andere honden. Hij is dan gewoon te moe. Wanneer het etenstijd is, is de pup te hongerig om goed bij de les te blijven. Heeft hij echter net gegeten, dan heeft hij meestal weer een beetje slaap. Tussen twee maaltijden in, is een goed moment om te oefenen. Hij is dan wel gevoelig voor iets lekkers als beloning, maar niet buitengewoon hebberig. Want te grote trek zorgt voor een te grote gerichtheid op het voer, waardoor het leerproces geblokkeerd wordt in plaats van geactiveerd. Door attent te zijn op de goede momenten voor een kort lesje, zul je algauw
20
komosBWpuppymanieren1218.indd 20
11-12-18 11:59
Als een puppy moe is, is dat niet het juiste moment om met hem te oefenen.
zo’n acht keer per dag kunnen oefenen. Maar houd altijd in de gaten: niet langer dan 5 minuten per keer. HET DRAAIT OM CONSEQUENTIES
Je hoeft niet te mopperen of te straffen als je de consequenties van het gedrag van je puppy bewust aanstuurt. Onthoud dat je de goede dingen des levens in de hand hebt. Alles wat belangrijk is in het leven van een hond beheers jij. Jij bepaalt immers of er gegeten, gedronken, gespeeld of naar buiten gegaan wordt. Als je pup niet doet wat je vraagt, krijgt hij dat soort dingen niet. Laat je pup oefeningetjes doen in ruil voor dingen die hij fijn vindt. Gaat hij niet zitten als je hem zijn maaltijd wil geven? Jammer, dan nu geen eten. Straks probeer je het nog een keer. Je moppert niet, hooguit zeg je ‘jammer dan’ en zet zijn bak demonstratief weer weg.
Het klinkt misschien alsof je halfzacht bezig bent als je niets zegt als je pup iets doet wat niet mag of irritant gedrag vertoont. Realiseer je dat je aandacht het mooiste is dat een pup/hond kan krijgen. Reageer je als hij propjes papier uit je prullenmand pakt of met een theedoek aan de haal gaat, dan heeft dat gedrag buitengewoon veel succes gehad in de ogen van je hond. Loop nooit achter je pup aan om hem iets af te pakken maar doe juist of niets je minder interesseert. Pak een hondenspeeltje en ga daar in je eentje plezier mee maken. Gooi het in de lucht, vang het op, kir van plezier en je zult zien dat je pup het verboden voorwerp laat vallen om bij je te komen. Zulke dikke pret als jij hebt, dat moet wel heel bijzonder zijn. Dat wil hij niet missen! Zo leer je een pup wat wel en niet voor hem als speelgoed geschikt is zonder dat je hoeft te mopperen en daarmee je relatie onder druk hoeft te zetten. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor hinderlijk piepen of poten geven om aandacht of krabben op je kleed. Sta in zo’n geval op zonder iets te zeggen en vertrek. Als dat het resultaat is van zijn gedrag zal een hond dat gedrag onmiddellijk laten varen, zijn strategie blijkt niet te werken. Hij wil immers maar een ding: dat jij blijft en hem je onverdeelde aandacht schenkt. Dat kan, maar op jouw voorwaarden!
Kies de pup die bij je past
REAGEER ZO MIN MOGELIJK OP ONGEWENST GEDRAG!
21
komosBWpuppymanieren1218.indd 21
11-12-18 11:59
4 Socialisatieperiode 8–12 weken
BOELIE LEEFT OM TE PLEZIEREN UIT HET LEVEN VAN ALLEDAG
Boelie is de derde van het stel, een blond labradortje waaraan alles rond is. Ze heeft een mollig lijfje. Haar oren hangen meestal mooi naar voren, maar soms liggen ze ook opgevouwen op haar kop. Als een petje. Ze heeft zacht glanzende ogen, die je aandachtig aankijken. Dat alles samen met het pikzwarte neusje geeft haar een beetje het aandoenlijke uiterlijk van een zeehondje. Ze neemt iedereen voor zich in.
Boelie is de eerste dag bij ons een beetje van slag. De nieuwe omgeving en andere pups, het is allemaal wat veel voor haar. Ze zit zo’n beetje om zich heen te kijken, waarbij ze de opdringerige aandacht van Iso gelaten over zich heen laat komen. Ze heeft helemaal geen zin in het wilde spelletje dat Iso juist in het hoofd heeft. We gooien een speeltje weg, maar ze reageert niet. Ook gaat ze niet meteen met ons mee als we de andere kant op lopen. Ze is niet angstig, eerder wat beduusd. We besluiten haar even met rust te laten, zodat ze binnen de groep honden haar draai kan vinden. Ze maakt kennis met Raisa en Mike. Ze is verrukt, vooral van Mike. Hij laat haar vrolijke gedoe gelaten over zich heen komen, totdat het hem te veel wordt. Een grauw doet haar afdruipen, om vrijwel onmiddellijk weer even vrolijk terug te keren. Mike zal duidelijker moeten optreden, wat dan ook gebeurt. Boelie gaat kermend van de schrik op
Socialisatieperiode
Boelie wordt opgehaald bij de fokker. Ze komt uit een groot nest en ligt in een kennel met ruime uitloop. Het nest krijgt veel aandacht van verschillende mensen omdat de fokker een dierenpension heeft. De pups worden ook steeds omringd door kinderen uit de buurt die vakantie hebben en zo’n stel blonde hummels natuurlijk prachtig vinden. Iedereen mag gewoon bij het nest, aan belangstelling is geen gebrek.
59
komosBWpuppymanieren1218.indd 59
11-12-18 12:00
haar rug liggen, Mike draait zich om, gaat op zijn plaats liggen, pakt zijn bot en keurt haar geen blik meer waardig. Boelie heeft het begrepen: ‘die ouwe heeft even geen zin’. De volgende dag is Boelie geacclimatiseerd. Ze gaat nu waar ik ga en loopt automatisch met me mee. Apporteren doet ze nu nog niet, ze gaat zelfs niet achter het speeltje aan. Ze heeft ruzie gehad met Iso, die net als bij Johnny de baas speelt door steeds weer heel imposant over haar heen te gaan staan en haar voortdurend aan de oren te trekken. Halverwege de dag is Boelie het beu en ‘snapt’ van zich af. Iso is daar even niet op voorbereid, Boelie was ook zo dociel onder zijn opdringerige gedoe. Maar hij herstelt zich snel en grijpt haar in de nek. Hij is ouder, dus behendiger. Hij wint. Boelie druipt af en gaat bij ons liggen. Diepe zucht. Ze kijkt ons met Audrey Hepburnogen weemoedig aan: grote zwarte, vochtige ogen, volmaakt onschuldig, die je doen smelten. Ik ga door de knieën, zowel letterlijk als figuurlijk. Ik zoek onder de bank haar speeltje op, ik vind het niet leuk als ze niet vrolijk is. We hebben de bench verplaatst naar het halletje, waar ook Mike ligt. Tenslotte zijn ze nu niet meer alleen, maar vormen echt een roedel, Het gezucht en gekreun van drie slapende pups naast het bed maakte onze nacht wel heel onrustig, want je ligt toch te luisteren of ze soms wakker worden. Boelie wordt die tweede nacht om 2 uur wakker en vervolgens om 6 uur. De andere twee honden worden ook wakker en tegelijk uitgelaten. De derde nacht slapen ze vanaf elf uur ’s avonds allemaal door tot halfzeven in de ochtend.
PUPPYMANIEREN
Boelie is duidelijk totaal anders van karakter dan Johnny en Iso. Haar eerste les aan de lijn is een verademing. Terwijl Johnny nog af en toe in de remmen gaat en Iso nog steeds ver de bosjes in wil en boos wordt als dat door de lijn niet lukt, loopt Boelie weliswaar wat onwennig mee, maar ze is heel attent op mijn bewegingen en snapt zelfs al dat ‘trekken’ niet past. Ze vindt het gewoon mooi om te doen.
Om sociaalvaardig te worden moeten pups leren dat onderwerpingsgebaren agressie afremmen.
Honden dreigen elkaar boven de nek.
60
komosBWpuppymanieren1218.indd 60
11-12-18 12:00
5 Lichaamstaal zegt meer dan woorden  9 weken ARANI, EEN TERVUERENSE HERDER UIT HET LEVEN VAN ALLEDAG
PUPPYMANIEREN
De groep pups wordt uitgebreid met Arani, een Tervuerens herderteefje van achtenhalve week. We maken ons wat ongerust over haar leeftijd, want wij wilden haar thuis krijgen met zeven weken. De fokster, Loes Bijlhout, heeft ons echter verzekerd dat zij veel aan de begeleiding in de vroege socialisatieperiode heeft gedaan. Arani is bijvoorbeeld naar de hei geweest en naar buiten, de straat op. Zij is al gewend aan een halsbandje en aan het lopen aan de riem. Arani is een schuchter typetje. Zij maakt moeilijk contact en als je haar aait, laat zij dat gelaten over zich komen. De andere pups zijn haar duidelijk te opdringerig. Wat aangeslagen gaat ze in een hoekje liggen, ze maakt een verdrietige indruk. We hebben met haar te doen. ’s Avonds neem ik haar even bij me op schoot. Tegen de principes, ik ben me dat bewust, maar ze heeft wat extra aandacht nodig. De andere drie zijn bij haar vergeleken een stelletje belhamels, Pietje Bells, met maar een ding in hun kop: hoe hebben we vanavond de meeste lol. Arani is daar duidelijk nog niet aan toe. Ze heeft een totaal ander lijfje dan de andere pups. Ze voelt niet rond en mollig, maar juist een beetje dunnetjes aan. Haar vacht is nog wat pluizig. Ze is heel voorzichtig en zachtjes. Boelie valt bijvoorbeeld met een plof bij je neer, Iso walst over je heen en Johnny stoeit graag met je handen en haren. Arani heeft niets van dat overmoedige. Ze nestelt zich heel zachtjes tegen me aan, je voelt haar nauwelijks. Ik praat een beetje tegen haar en kroel wat achter haar oren. Dat vindt ze lekker, want ze drukt haar koppie stevig tegen mijn handen. Plotseling kijkt ze omhoog en geeft me een lik. Een heel zacht likje. Maar niet terughoudend, het hele lijfje doet er aan mee. Ze zucht, het klinkt opgelucht. Ze ziet het leven weer wat zitten. Ze valt als een blok in slaap. Daar zit ik dan, met aan de ene kant Raisa, die altijd bij
74
komosBWpuppymanieren1218.indd 74
11-12-18 12:00
me ligt, en aan de andere kant Arani. Zij ligt half op schoot, contacthoudend, helemaal slap, vol vertrouwen. Ze vertedert me heel erg, ik blijf stil zitten om haar niet in haar eerste slaap van die dag te storen. Ze moet wel doodmoe zijn van al die spanningen, van dat opdringerige gedoe van de andere drie pups. Ik voel me een beetje belachelijk, zo’n grote kerel die niet meer van zijn plaats wil opstaan om een hondje niet wakker te maken.
Arani kan de situatie nog net aan. Zou ze nog grotere angst laten zien, dan moet je de afstand tot het verkeer eerst vergroten.
Lichaamstaal zegt meer dan woorden
De volgende dag gaat Arani haar eerste les in. Ze reageert angstig op het verkeer, in paniek duikt ze weg. Het bevalt ons helemaal niet. We accepteren dat ze schrikt, ze is duidelijk gevoeliger voor indrukken dan de andere drie. Maar dat ze zo bang is, met absoluut geen herstel, voorspelt weinig goeds. Bovendien vlucht ze echt van me weg, in plaats van naar me toe, terwijl haar steun zoeken toch op mij gericht zou moeten zijn. Jammer toch dat ze pas op deze leeftijd bij ons is gekomen. De vergelijking met de andere pups gaat daardoor een beetje mank. Het is nu moeilijk in te schatten of ze van nature zo gauw onder de indruk is, met zo weinig herstel, of dat het haar leeftijd is. Tenslotte is de zevende week al achter de rug, waardoor angst voor vreemde dingen en de neiging tot vluchten veel meer aanwezig zijn. Maar goed, ze is in ieder geval nog maar net acht weken. Een extra uitdaging, die me wel wat zorgelijk maakt. Tenslotte zal Arani straks weer teruggaan naar de fokster en het lijkt me heel vervelend wanneer zij teleurgesteld zal zijn in ons. Wat me moed geeft is het feit dat de andere zes honden van de fokster uitstekende honden zijn. Ze zijn niet hyperactief of overattent, ze staan heel goed onder appel. Ze halen hoge prijzen bij ‘obedience’. Nu liggen dergelijke prestaties altijd aan de combinatie hond/eigenaar, maar een hond moet de mogelijkheid om zo te functioneren wel in zich hebben. We zullen wel zien, gemakkelijk zal het in ieder geval niet worden, maar dat hoeft ook niet.
75
komosBWpuppymanieren1218.indd 75
11-12-18 12:00
praktijk Hetzelfde als in de vorige week Als apporteren goed gaat, leren ook andere voorwerpen te apporteren ‘Af’
STAND VAN ZAKEN
Wanneer de opvoeding van je hondje een beetje volgens schema loopt heeft hij nu constant aandacht voor je. Is dat niet het geval, dan zul je daar echt wat aan moeten doen. Weet je zeker dat je de aandachtsoefeningen correct uitvoert? Weet je zeker dat je op het juiste moment beloont? Weet je zeker dat je de norm hebt verhoogd en intervalbeloning hebt toegepast? Ziet je pup de beloning echt als een beloning of vindt hij dingen in de omgeving veel interessanter? Hij trekt nu niet meer aan de lijn, kent de oefeningen ‘volg’ (waarbij hij links van je loopt), weet wat ‘zit’ is en begrijpt de oefening ‘zit en wacht’. In de meeste gevallen zal je hondje apporteren. Misschien heeft hij een absolute voorkeur voor een bepaald voorwerp, maar apporteren doet hij (zo niet, dan ga je heel geduldig door met de oefening uit het vorige hoofdstuk).
‘Zit’ is een van de nuttigste oefeningen, omdat het rust in een hond brengt. Het commando ‘zit’ geeft de hond aan dat hij zijn activiteiten van dat moment dient te staken en dat jij zijn aandacht vraagt voor andere zaken. ‘Zit’ betekent dat je iets van je hond vraagt, in ruil waarvoor hij iets krijgt. Dat kan eten zijn, het aanlijnen van de riem waarna jullie fijn ‘uit’ gaan, een spelletje of een knuffel. Hij moet leren altijd iets voor je te doen, voordat hij iets krijgt wat hij prettig vindt.
Wanneer het apporteren goed gaat, is het moment aangebroken je pup te leren ook andere dingen terug te brengen. Probeer hem te interesseren voor andere voorwerpen door zijn aandacht daarvoor te trekken. Speel ermee, gooi het in de lucht, maar zorg ervoor dat het een spelletje is voor jou alleen. De kans dat je pup aan je spelletje mee wil doen is behoorlijk groot. Dan gaat het al heel gemakkelijk. Is dat niet zo, dan kun je proberen iets lekkers te geven in ruil voor het terugbrengen. Daar kan een probleem aan kleven, namelijk dat je hondje zo’n haast heeft het lekkers te bemachtigen dat hij het voorwerp niet goed in je handen legt, maar onderweg of vlak voor je handen laat vallen. Beloon de pup nu niet, hij moet begrijpen dat alleen het afgeven in jouw handen een voortzetting van het spelletje betekent. Zo conditioneer je spelenderwijs een voorspelbaar juist uitgevoerde opdracht tot apporteren. Een hond die zo leert wordt een veel enthousiastere
Wennen aan alleen zijn
APPORTEREN IN OPDRACHT
113
komosBWpuppymanieren1218.indd 113
11-12-18 12:00
werkhond in voortgezette jacht- en/of gehoorzaamheidstrainingen. Laat je niet verleiden tot dwang als het even minder gaat. Ook niet als je omgeving suggereert dat je een hond moet kunnen dwingen tot bepaald gedrag. Een hond die heel bewust door positieve conditionering iets heeft geleerd, is veel betrouwbaarder in zijn werk dan de hond die onder dwang en dreiging met straf iets heeft geleerd! De tranen van frustratie van een eigenaar bij een ‘verpeste’ wedstrijd zijn daar het zure bewijs van. ‘AF’ HOEFT HELEMAAL GEEN PROBLEEM TE ZIJN ALS JE HET MAAR LEUK MAAKT
PUPPYMANIEREN
De oefening ‘af’ is niet zomaar belangrijk. ‘Af’ betekent dat een hond zich in opdracht kleiner moet maken, wat zowel bij een moeilijk aan te sturen hond als bij een onzekere pup tegen zijn gevoel zal indruisen. Volwassen honden kunnen behoorlijk tegen deze opdracht protesteren, zeker wanneer zij daartoe fysiek gedwongen worden. Hun geest is door hun leeftijd al wat star en hun gewenning aan een bepaalde manier van leven maakt het zich aanpassen en opvolgen van opdrachten niet zo gemakkelijk. Jij hebt gelukkig een pup die, zeker door zijn grootte, gemakkelijker in een bepaalde houding te brengen is dan een volwassen hond. Toch kan ook een pup al behoorlijk tegen deze oefening protesteren. Daarom gebruiken we een andere manier waarbij een hond niet gedwongen wordt in deze lage positie, maar daar vrijwillig voor kiest omdat die houding hem veel goeds oplevert. Je begint met hele kleine stapjes in de goede richting. Er zijn natuurlijk genoeg pups die helemaal geen problemen hebben met deze oefening. Zulke pups zou je heel makkelijk in de juiste houding kunnen zetten door ze heel voorzichtig vanuit de ‘zit’houding naar een ‘af’ te manipuleren. Je zou daartoe je rechterhand met de palm naar boven onder de voorpootjes van de pup kunnen brengen en zo de pootjes langzaam naar voren schuiven. Je kunt tegelijk je linkerhand zachtjes achter op de rug leggen zonder druk. Druk lokt vaak een tegengestelde reactie uit waardoor de pup juist omhoog wil komen, in plaats van te gaan liggen. Voor veel pups, en al helemaal als je de verzorgende oefeningen goed geoefend hebt, is deze manier geen probleem. Vaak wordt op hondenscholen en kynologenverenigingen de oefening dan ook op deze manier uitgelegd. Toch zitten er wel wat addertjes onder het gras. Want een timide pup vindt het toch een beetje eng wat er op dat moment met hem gebeurt waardoor zijn openheid tot leren afneemt. Een zelfverzekerde pup reageert vaak door op een speelse manier licht in de hand te bijten die het voorpootje vasthoudt, ook omdat hij niet begrijpt wat er gebeurt en de oefening niet als oefening ervaart. Een recalcitrante pup zou zelfs kunnen grommen en bijten. Dus als je nu weet dat je de volgende oefening bij iedere pup – ongeacht zijn karakter – zonder negatieve stress kunt opbouwen, waarom zou je dan voor een andere manier kiezen? Hoe minder stress hij ervaart, hoe opener je pup leert en hoe minder de relatie onder druk komt te staan. En dat is toch precies wat we willen? Iso gaapt, een stresssignaal dat kan betekenen dat het hem even te veel wordt.
114
komosBWpuppymanieren1218.indd 114
11-12-18 12:00
Sacha Gaus heeft de Martin Gaus Academie opgericht, een gezaghebbend instituut dat hondentrainers en -gedragstherapeuten opleidt. Daarnaast was zij hoofdredacteur van tijdschriften en co-auteur van enkele boeken over hondengedrag. Sacha heeft ook de leiding over de Martin Gaus Hondenscholen, scholen die staan voor een positieve begeleiding van baas en hond, dus zonder dwang of fysieke straf.
Een pup in huis zet de boel flink op zijn kop! Wat moet je doen en laten om te zorgen dat je hond niet de leiding overneemt? Sacha en Martin Gaus laten zien hoe leerprocessen werken en hoe je die het beste in de eerste maanden kunt aansturen. Hiervoor schreven zij een programma dat loopt van zeven tot zestien weken, waarin de hond spelenderwijs kan leren, zonder dat baasjes hoeven te mopperen of te straffen.
“Een zeer praktisch boek, dat geen aspect van de opvoeding onbesproken laat.”
www.martingausacademie.nl www.martingaushondenscholen.nl
PUPPYMANIEREN HÉT OPVOEDBOEK VOOR PUPPY’S
PUPPYMANIEREN
in Lelystad, dat later uitgroeide tot een grote organisatie met hondenscholen, trainingsactiviteiten en een gedragscentrum. Hij werd een landelijke bekendheid als presentator van de populaire tv-programma’s Dierenmanieren en Natte neuzen. Daarnaast was hij uitgever van tijdschriften en heeft hij vele boeken over het opvoeden van honden en katten op zijn naam staan.
Een puppy uitkiezen en van 7 tot 16 weken spelenderwijs alles leren wat hij moet weten
MARTIN & SACHA GAUS
Martin Gaus startte in 1974 zijn dierenhotel
Een pup uitkiezen en in huis halen heeft een enorme impact op je leven. Je bent vol vertedering en weet niet altijd of je het wel goed doet. Martin en Sacha Gaus helpen je door te laten zien hoe je een pup het beste kunt aansturen in een periode die van cruciaal belang is voor zijn latere leven. Het programma is aangepast op de periodes waarin de hersenen van een hond gevoelig zijn om bepaalde dingen te leren. Zo leert je pup spelenderwijs alles wat hij als volwassen hond moet weten. In Puppymanieren volgen we vier pups van verschillende rassen. Ze hebben elk hun eigen karakter en mogelijkheden, zodat je ziet dat het opvoeden van een hond individueel sterk kan verschillen.
“Puppy’s komen niet met een gebruiksaanwijzing maar dit is een wel een praktische handleiding.”
GEHEEL HERZIENE UITGAVE
MARTIN & SACHA GAUS 9 789021 572031 > NUR 431 www.kosmosuitgevers.nl
kosmosBOpuppymanieren1218.indd 1
Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen
06-12-18 16:38