Skip to main content

Inkijkexemplaar Mijn brein is niet jouw brein

Page 1

Richard J. Davidson & Sharon Begley

MIJN BREIN is niet JOUW BREIN Begrijp je gevoelens en verander je leven

Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 3

07-08-12 10:50


www.kosmosuitgevers.nl

Oorspronkelijke titel: The Emotional Life of your Brain Oorspronkelijke uitgever Hudson Street Press/Penguin Group © 2012 Richard J. Davidson en Sharon Begley Voor het eerst uitgegeven bij Hudson Press, onderdeel van de Penguin Group (USA) © 2012 voor het Nederlandse taalgebied Kosmos Uitgevers, Utrecht/Antwerpen Vertaling: Jörgen van Drunen Omslagontwerp: Oranje Vormgevers, Eindhoven Vormgeving: Stampwerk, Nijkerkerveen – Jacqueline Roest Illustraties: Dave Barash ISBN 978 90 215 4869 2 NUR 770 Alle rechten voorbehouden / All rights reserved Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze en/of door welk ander medium ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Deze uitgave is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid samengesteld. Noch de maker, noch de uitgever stelt zich echter aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van eventuele onjuistheden en/of onvolledigheden in deze uitgave.

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 4

07-08-12 10:50


Voor Susan, Amelie en Seth voor de liefde, aarding en eindeloze lessen die ik van jullie mag ontvangen.

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 5

07-08-12 10:50


Inhoud Inleiding: Een wetenschappelijke zoektocht

9

Het emotionele leven van je brein

19

1: Mijn brein is niet jouw brein

21

2: De ontdekking van de Emotionele Stijl

33

3: Bepalen welke Emotionele Stijl je hebt

62

4: Het brein als zetel van emotie

84

5: Hoe je Emotionele Stijl tot stand komt

108

6: De verbinding tussen de geest, het brein en het lichaam, of hoe je Emotionele Stijl je gezondheid beïnvloedt

130

7: Normaal en abnormaal en wanneer ‘anders’ pathologisch wordt

155

8: Het plastische brein

179

9: Uit de kast komen

194

10: De monnik in de machine

214

11: Oefeningen om je Emotionele Stijl te veranderen

240

Dankwoord

266

Noten

271

Register

291

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 7

07-08-12 10:50


Inleiding Een wetenschappelijke zoektocht In dit boek beschrijf ik mijn persoonlijke en professionele zoektocht naar het antwoord op de vraag waarom en hoe mensen van elkaar verschillen met betrekking tot hun emotionele reacties op datgene waarmee ze in hun leven worden geconfronteerd. De motivatie voor deze zoektocht ligt in mijn verlangen om mensen te helpen om gezonder te leven en meer voldoening uit hun leven te halen. Het professionele aspect van de zoektocht omvat een beschrijving van de ontwikkeling van de affectieve neurowetenschappen1, oftewel de bestudering van breinmechanismen die ten grondslag liggen aan onze emoties en het zoeken naar manieren om het gevoel van welzijn van mensen te vergroten en positieve eigenschappen van de geest te bevorderen. Het persoonlijke aspect van de zoektocht is mijn eigen verhaal. Aangespoord door de overtuiging dat, zoals Hamlet tegen Horatio zei, ‘Er meer tussen hemel en aarde is’ dan men binnen de reguliere psychologische stromingen en binnen de neurowetenschappen vermoedt, heb ik me buiten de grenzen van deze disciplines begeven. Daarbij heb ik soms met tegenslag te maken gehad, maar ik hoop dat ik uiteindelijk in ieder geval iets heb bereikt van wat ik wilde bereiken: aan de hand van nauwgezet onderzoek laten zien dat emoties een centrale rol spelen bij het functioneren van het brein en ons geestelijk leven, en dus veel belangrijker zijn dan men binnen de reguliere wetenschap placht te geloven. Het onderzoek dat ik gedurende de afgelopen dertig jaar op het gebied van de affectieve neurowetenschappen heb verricht, heeft honderden onderzoeksresultaten opgeleverd, variĂŤrend van de breinmechanismen die ten grondslag liggen aan empathie en de verschillen tussen het autistische brein en het zich normaal ontwikkelende brein, tot de wijze waarop het rationele aspect van ons brein ervoor kan zorgen dat we in een depressie terechtkomen. Ik hoop dat deze onderzoeksresultaten ertoe hebben bijgedragen dat we beter begrijpen wat het betekent om mens te zijn, van wat het betekent om een emotioneel leven te hebben. Maar na verloop van tijd was ik steeds minder vaak in het laboratorium van de Universiteit van Wisconsin te vinden, dat door de jaren heen steeds meer op een klein bedrijf is gaan lijken: terwijl ik dit in de lente van 2011 schrijf, heb ik elf promovendi, tien onderzoeksassistenten, vier computerprogrammeurs, eenentwintig onderzoeksmedewerkers en administratief medewerkers en ongeveer twintig miljoen dollar aan subsidiegelden van het National Institute of Health onder mijn hoede en in mijn beheer. 9

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 9

07-08-12 10:50


Mijn brein is niet jouw brein

Sinds mei 2010 ben ik ook directeur van het Center for Investigating Healthy Minds2 van de Universiteit van Wisconsin. Dit is een onderzoeksinstituut dat onderzoek doet naar de vraag hoe de eigenschappen van de menselijke geest die de mens al sinds het ontstaan van onze beschaving tot de meest waardevolle acht – mededogen, welbevinden, liefdadigheid, altruïsme, vriendelijkheid, liefde en andere edelmoedige aspecten van de mens – in het brein ontstaan en hoe ze kunnen worden gekoesterd en bevorderd. Een van de grote verdiensten van het instituut is dat we ons werk niet tot onderzoek beperken. We willen de resultaten van ons onderzoek graag wereldkundig maken, zodat mensen er in de praktijk ook daadwerkelijk iets aan hebben. Daartoe hebben we onderwijsprogramma’s voor basisscholen ontwikkeld ter bevordering van vriendelijkheid en mindfulness. Bovendien evalueren we de invloed die deze programma’s hebben op de schoolprestaties, het concentratievermogen, het inlevingsvermogen en de samenwerkingsvaardigheden van de leerlingen. Door middel van een ander project proberen we erachter te komen of ademhalingstechnieken en meditatie oorlogsveteranen die teruggekomen zijn uit Afghanistan en Irak kunnen helpen bij het omgaan met stress en angstgevoelens. Ik vind deze dingen erg leuk, dus zowel de fundamentele wetenschap als het praktisch toepassen van onze onderzoeksresultaten, maar voor je het weet, ben je er al je tijd mee kwijt. (Ik grap weleens dat ik meerdere fulltimebanen heb, variërend van het indienen en in goede banen leiden van subsidieaanvragen tot overleg plegen met de bio-ethiekcommissies van de universiteit om toestemming te krijgen om onderzoek te doen met vrijwilligers.) Dat wilde ik eigenlijk allemaal niet. Ongeveer tien jaar geleden ben ik daarom begonnen met het op een rijtje zetten van mijn onderzoek en dat van andere laboratoria die zich bezighouden met de affectieve neurowetenschappen. Hierbij keek ik niet zozeer naar de afzonderlijke onderzoeksresultaten, maar meer naar het grote geheel. Ik kwam erachter dat de decennia van onderzoek iets fundamenteels hadden opgeleverd met betrekking tot het emotionele leven van het brein: dat een ieder van ons een Emotionele Stijl heeft. Voordat ik de verschillende componenten van de Emotionele Stijl beschrijf, zal ik kort uitleggen hoe dit verschijnsel in verband staat tot andere classificatiesystemen die meer licht proberen te werpen op de enorme diversiteit van het mens zijn: emotionele gesteldheden, emotionele eigenschappen, persoonlijkheid en temperament.3 Het kleinste en snelst voorbijgaande aspect van emotie is een emotionele gesteldheid of gemoedstoestand. Deze duurt over het algemeen slechts enkele seconden en wordt meestal veroorzaakt door een bepaalde ervaring, bijvoorbeeld het geluksgevoel over een tekening die je kind voor je heeft gemaakt voor Moederdag, het gevoel iets volbracht te hebben als je een groot project 10

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 10

07-08-12 10:50


Inleiding

op je werk hebt afgerond, de boosheid die je voelt wanneer je in het weekend moet overwerken of het verdriet dat je voelt wanneer je kind als enige van de klas niet is uitgenodigd voor een feestje. Gemoedstoestanden kunnen ook alleen door mentale activiteit worden veroorzaakt, zoals dagdromen, introspectie of anticiperen op wat er komen gaat. Maar of ze nu door ervaringen uit het dagelijks leven worden veroorzaakt of van geestelijke oorsprong zijn, gemoedstoestanden zijn meestal van korte duur en worden vaak al snel weer gevolgd door andere. Een gevoel dat wel enkele minuten, uren of zelfs dagen blijft hangen, is een stemming of bui. Iemand kan bijvoorbeeld in een slechte stemming zijn. En een gevoel dat zelfs jarenlang aanhoudt is een emotionele eigenschap. We noemen iemand die bijvoorbeeld voortdurend ge誰rriteerd lijkt te zijn knorrig, humeurig of nukkig en iemand kan bijvoorbeeld voortdurend boos op de wereld om hem heen lijken te zijn. Een emotionele eigenschap (chronisch, elk moment een woede-uitbarsting kunnen krijgen) vergroot de kans dat je een bepaalde emotionele gesteldheid (woede) zult ervaren, omdat de drempel voor het voelen van een dergelijke gemoedstoestand dan een stuk lager is. Je Emotionele Stijl is de manier waarop je consequent op de ervaringen die je in je leven hebt, reageert.4 Hij wordt door specifieke, identificeerbare breincircuits bepaald en kan met behulp van objectieve laboratoriummethoden worden gemeten. Je Emotionele Stijl is van invloed op de kans dat je bepaalde emotionele gesteldheden, eigenschappen en stemmingen ervaart. Aangezien Emotionele Stijlen veel sterker gerelateerd zijn aan onderliggende breinsystemen dan emotionele gesteldheden of eigenschappen, kunnen ze worden gezien als de atomen van ons emotionele leven, dus als de fundamentele bouwstenen van ons leven. Persoonlijkheid, daarentegen, wat een bekendere manier is om mensen te beschrijven, heeft deze fundamentele eigenschap niet en is ook niet gerelateerd aan aanwijsbare neurologische mechanismen. Je persoonlijkheid bestaat uit een aantal kenmerken en omvat bepaalde emotionele eigenschappen en Emotionele Stijlen. Neem bijvoorbeeld het uitgebreid onderzochte persoonlijkheidskenmerk vriendelijkheid. Mensen die een zeer vriendelijk karakter hebben, zoals dit met behulp van standaard psychologische tests gemeten wordt (en ook met behulp van zelf足 evaluatie en beoordeling door anderen), zijn empathisch, attent, prettig in de omgang, vrijgevig en behulpzaam. Maar elk van deze emotionele eigenschappen is het product van verschillende aspecten van de Emotionele Stijl. In tegenstelling tot iemands persoonlijkheid kan zijn of haar Emotionele Stijl teruggevoerd worden tot een specifieke, karakteristieke hersensignatuur. Om beter te kunnen begrijpen hoe iemands vriendelijke karakter door zijn of haar brein wordt be誰nvloed, moeten we ons verdiepen in de onderliggende Emotionele Stijl die deze eigenschap voortbrengt. 11

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 11

07-08-12 10:50


Mijn brein is niet jouw brein

Binnen de psychologie heeft men de laatste tijd driftig aan classificatiesystemen gewerkt. Daarbij wordt beweerd dat er vier temperamenten of vijf componenten van persoonlijkheid of karaktertypen zijn. Hoewel deze systemen interessant en leuk zijn – de populaire media hebben er dankbaar gebruik van gemaakt in hun beschrijving van welke karaktertypen goed bij elkaar passen op het gebied van de liefde, welke typen goede managers zouden zijn of welke typen psychopathische trekjes hebben – hebben ze weinig wetenschappelijke waarde omdat ze niet op een nauwgezette analyse van onderliggende breinmechanismen zijn gebaseerd. Alles wat met menselijk gedrag, gevoelens en denkwijzen te maken heeft, komt voort uit het brein, dus elk goed onderbouwd classificatiesysteem moet ook op het brein gebaseerd zijn. Wat me weer bij de Emotionele Stijl brengt. De Emotionele Stijl bestaat uit zes dimensies. Deze dimensies zijn niet vergelijkbaar met de conventionele aspecten van persoonlijkheid of met eenvoudige emotionele eigenschappen of stemmingen, laat staan met diagnostische criteria voor psychische aandoeningen. De zes dimensies zijn een weerspiegeling van de ontdekkingen die binnen de moderne neurowetenschappen zijn gedaan: • Veerkracht: hoe snel of langzaam je van tegenslag herstelt. • Instelling: hoelang je een positieve emotie kunt vasthouden. • Sociale intuïtie: hoe goed je bent in het oppikken van sociale signalen van de mensen om je heen. • Zelfbewustzijn: hoe goed je in staat bent om fysieke gewaarwordingen waar te nemen die je emoties weerspiegelen. • Fijngevoeligheid voor je omgeving: hoe goed je in staat bent om je emotionele reacties te reguleren in relatie tot de situatie waarin je je bevindt. • Aandacht: hoe scherp en helder je focus is. Dit zijn waarschijnlijk niet de zes dimensies die je zou bedenken als je over je emoties na zou denken. En over hoe je emoties van die van anderen zouden kunnen verschillen. Evenzo zou het atoommodel van Bohr waarschijnlijk niet het model zijn waar je als eerste aan zou denken met betrekking tot de structuur van materie. Het is niet mijn bedoeling om mijn werk te vergelijken met dat van de grondleggers van de moderne fysica, maar het punt dat ik probeer te maken is dat de menselijke geest zelden in staat is om met behulp van intuïtie of vluchtige observatie fundamentele waarheden over de natuur of onszelf vast te stellen. Daar hebben we de wetenschap voor. We kunnen er alleen met behulp van een groot aantal methodische, nauwgezette experimenten achter komen hoe de wereld in elkaar zit en hoe we zelf in elkaar zitten. 12

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 12

07-08-12 10:50


Inleiding

Deze zes dimensies zijn voortgekomen uit mijn onderzoek op het gebied van de affectieve neurowetenschappen, aangevuld met en versterkt door de onderzoeksresultaten van collega’s. Ze zijn een weerspiegeling van eigenschappen van het brein en patronen in het brein. Daarnaast zijn ze onmisbaar voor een model van het menselijk gedrag en menselijke emoties. Als de zes dimensies niet resoneren met jouw begrip van jezelf of jouw begrip van anderen, komt dat waarschijnlijk doordat sommige van de dimensies op niveaus werkzaam zijn die niet altijd even duidelijk zichtbaar zijn. Zo zijn we ons niet echt bewust van waar we ons binnen de dimensie Veerkracht bevinden. Enkele uitzonderingen daargelaten besteden we geen aandacht aan de snelheid waarmee we van een stressvolle gebeurtenis herstellen. (Een uitzondering hierop zou bijvoorbeeld een extreem traumatische gebeurtenis kunnen zijn, zoals de dood van een kind; in dat geval zul je je er zeer van bewust zijn dat je maandenlang niet goed functioneert.) Maar we ervaren wel de consequenties van stressvolle gebeurtenissen. Als je ’s ochtends bijvoorbeeld een woordenwisseling met je partner hebt, kun je je daardoor de hele dag geïrriteerd voelen. Maar je hebt dan wellicht niet door dat de reden waarom je zo kortaf en humeurig bent, is dat je je emotionele evenwicht nog niet hebt hervonden, wat een aanwijzing is van iets minder goed ontwikkelde Veerkracht. In hoofdstuk 3 laat ik je zien hoe je je bewuster kunt worden van je Emotionele Stijl. Dit is de eerste en tevens belangrijkste stap bij het accepteren van wie je bent en op weg naar zelftransformatie. Er bestaat een vuistregel binnen de wetenschappelijke wereld die stelt dat elke nieuwe theorie die de voorgaande wil vervangen zowel oude verschijnselen (die door de oude theorie werden verklaard) als nieuwe verschijnselen moet kunnen verklaren. Om geaccepteerd te worden als allesomvattende theorie met betrekking tot de zwaartekracht die nauwkeuriger was dan wat Isaac Newton stelde nadat hij een appel van de boom zag vallen (of niet), moest Einsteins algemene relativiteitstheorie alle verschijnselen verklaren die door de theorie van Newton werden verklaard, zoals de cirkelbeweging van de planeten om de zon heen en de snelheid waarmee voorwerpen op de aarde vielen, en nieuwe verschijnselen, zoals de buiging van hemellicht om een grote ster. Ik zal aantonen dat mijn theorie van de Emotionele Stijlen voldoende in zich heeft om ook persoonlijkheidskenmerken en temperamenten te verklaren. Later, met name in hoofdstuk 4, zullen we zien dat deze theorie een stevig fundament in het brein heeft, wat niet het geval is bij andere classificatiesystemen. Ik ben ervan overtuigd dat elke individuele persoonlijkheid en elk individueel temperament een weerspiegeling is van een bepaalde combinatie van de zes dimensies van de Emotionele Stijl. Neem bijvoorbeeld de ‘grote vijf ’ persoonlijkheidskenmerken, een van de standaard classificatiesystemen 13

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 13

07-08-12 10:50


Mijn brein is niet jouw brein

binnen de psychologie: openstaan voor nieuwe ervaringen, gewetensvolheid, extraversie, vriendelijkheid en neuroticisme: • Iemand die erg openstaat voor nieuwe ervaringen heeft een sterke Sociale intuïtie. Deze persoon is ook zeer Zelfbewust en is over het algemeen Gefocust. • Een gewetensvol persoon heeft een goed ontwikkelde Sociale intuïtie, is Gefocust en heeft een scherpe Fijngevoeligheid voor zijn of haar omgeving. • Een extravert persoon herstelt snel van tegenslag en heeft daarom een goed ontwikkelde Veerkracht. • Een vriendelijk persoon is zeer goed afgestemd op zijn of haar omgeving en is zeer Veerkrachtig; deze persoon heeft meestal ook een positieve Instelling. • Iemand die zeer neurotisch is, herstelt langzaam van tegenslag. Hij heeft een sombere, negatieve Instelling, is relatief ongevoelig voor zijn omgeving en is over het algemeen niet erg gefocust wat betreft zijn Aandachtstijl. Hoewel de combinaties van de Emotionele Stijlen die samen de grote vijf persoonlijkheidskenmerken vormen, algemeen geldig zijn, zullen er altijd uitzonderingen zijn. Het is niet zo dat iedereen met een bepaalde persoonlijkheid alle dimensies van de Emotionele Stijl heeft die ik beschrijf, maar minimaal een van de dimensies zal op hen van toepassing zijn. We kunnen vanuit het perspectief van de Emotionele Stijlen ook naar persoonlijkheidskenmerken kijken waar een ieder van ons meestal wel aan denkt wanneer we onszelf of iemand die we goed kennen beschrijven. Deze kenmerken kunnen ook worden gezien als een combinatie van verschillende dimensies, maar ook hier zal het zo zijn dat niet elke dimensie van toepassing is op iedereen die een bepaald persoonlijkheidskenmerk heeft. De meeste mensen zullen echter wel de meeste dimensies hebben: • Impulsief: een combinatie van niet gefocuste Aandacht en een zwak Zelfbewustzijn. • Geduldig: een combinatie van een sterk Zelfbewustzijn en een sterke Fijngevoeligheid voor de omgeving. Als je weet dat wanneer je omgeving verandert, andere dingen ook zullen veranderen, zal dit bijdragen aan je geduld. • Verlegen: een combinatie van een niet zo sterk ontwikkelde Veerkracht en een lage Fijngevoeligheid voor de omgeving. Als gevolg van de beperkte fijngevoeligheid voor de omgeving vertonen verlegen en behoedzame mensen deze eigenschappen vaak ook in situaties waarin ze zich eigenlijk ‘normaal’ zouden kunnen gedragen. 14

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 14

07-08-12 10:50


Inleiding

• Angstig: een combinatie van een niet zo sterk ontwikkelde Veerkracht, een negatieve Instelling, een sterk Zelfbewustzijn en een zwak ontwikkeld vermogen om te focussen. • Optimistisch: een combinatie van een sterk ontwikkelde Veerkracht en een positieve Instelling. • Chronisch ongelukkig: een combinatie van een zwak ontwikkelde Veerkracht en een negatieve Instelling, met als resultaat dat de betreffende persoon positieve emoties niet kan vasthouden en na tegenslagen vast komt te zitten in negatieve emoties. Zoals je ziet bestaan deze veelvoorkomende karaktereigenschappen uit verschillende combinaties van de dimensies van de Emotionele Stijl. Deze formulering biedt ons de mogelijkheid om te beschrijven welke neurologische achtergrond karaktereigenschappen hebben. Als je wetenschappelijke publicaties leest, krijg je wellicht de indruk dat de onderzoekers een vraag geformuleerd hebben, vervolgens een experiment bedacht hebben om de onderzoeksvraag te beantwoorden en vervolgens het onderzoek uit hebben gevoerd en zonder enige tegenslag het antwoord op de onderzoeksvraag hebben gevonden. Zo werkt het echter niet. Ik vermoed dat je dit al wel besefte, maar wat minder bekend is, zelfs onder mensen die maar al te graag beschrijvingen van populairwetenschappelijk onderzoek verorberen, hoe moeilijk het is om een heersend paradigma aan te vechten. In het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw bevond ik me in die situatie. In die tijd liet de academische psychologie de studie van emoties over aan de sociale en persoonlijkheidpsychologie in plaats van aan de neurobiologie. Er waren slechts weinig onderzoekers op het gebied van de psychologie geïnteresseerd in het bestuderen van het brein als basis van onze emoties. Het onderzoek dat op dit gebied wel werd gedaan was vooral gericht op de zogenaamde emotionele centra van het brein, waarvan men destijds dacht dat ze uitsluitend tot het limbische systeem behoorden. Ik had een geheel ander idee: dat hogere corticale functies, vooral de functies die zich in de evolutionair gezien verder ontwikkelde prefrontale cortex bevonden, een essentiële rol spelen bij onze emoties. Toen ik voor het eerst opperde dat de prefrontale cortex bij onze emoties is betrokken, werd ik met een eindeloze golf van sceptici geconfronteerd. De prefrontale cortex was volgens hen de plek waar de ratio, dus het tegenovergestelde van emotie, is gesitueerd. Daardoor zou hij nooit een rol kunnen spelen bij emoties. Het opbouwen van een wetenschappelijke carrière terwijl de heersende winden de andere kant op waaiden, was een eenzame weg. Men zag mijn zoektocht om de basis van emotie in de zetel van onze ratio te zoeken als iets wereldvreemds, en dan zeg ik het nog vriendelijk. Men zag 15

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 15

07-08-12 10:50


Mijn brein is niet jouw brein

het als het neurowetenschappelijke equivalent van een olifantenjacht in Alaska. Er zijn meerdere momenten geweest, vooral toen ik in het begin moeite had om subsidie te krijgen, waarop mijn scepsis met betrekking tot de klassieke verdeling tussen het denken (in de ver geëvolueerde neocortex) en het gevoel (in het subcorticale limbische systeem) eerder een goede ­manier was om een wetenschappelijke carrière te beëindigen dan om er een te ­beginnen. Niet alleen mijn wetenschappelijke neigingen waren wellicht een tikkeltje onverstandig; dat waren sommige van mijn persoonlijke interesses ook. Kort nadat ik in de jaren zeventig van de vorige eeuw aan de Universiteit van Harvard ging studeren, ontmoette ik een bijzondere groep vriendelijke mensen die echt met anderen begaan waren, van wie ik al snel zag dat ze iets gemeen hadden: ze mediteerden allemaal. Deze ontdekking fungeerde als een katalysator voor mijn toenmalige oppervlakkige interesse voor meditatie en na mijn tweede studiejaar besloot ik om drie maanden naar India en Sri Lanka te gaan om meer over deze oude traditie te weten te komen en om te ervaren wat intensieve meditatie op zou leveren. Ik had ook nog een tweede motief: ik wilde erachter komen of meditatie een geschikt onderwerp zou zijn voor wetenschappelijk onderzoek. Het bestuderen van emoties was tamelijk controversieel. Het beoefenen van meditatie was haast een ketterse daad en het bestuderen van meditatie was wetenschappelijk gezien al helemaal een kansloze zaak. Net zoals academische psychologen en neurowetenschappers de overtuiging hadden dat er afzonderlijke hersengebieden zijn voor ratio en emoties en dat deze gebieden elkaar nooit zouden ‘ontmoeten’, geloofden ze ook in het bestaan van enerzijds nauwgezette, empirische wetenschap en anderzijds zweverige meditatie, en dat wanneer je mediteerde, je niet gezien kon worden als een betrouwbaar onderzoeker. Dit was de periode van De Tao van fysica (1975), De dansende Woe-Li meesters (1979) en andere boeken waarin werd gesteld dat de moderne westerse wetenschap en de inzichten van de oude oosterse filosofieën elkaar kunnen aanvullen. De meeste academische wetenschappers verwierpen dit alles als onzin; meditatiebeoefening was niet bepaald de meest directe weg tot academisch succes. Mijn studiebegeleiders maakten me zeer duidelijk dat wanneer ik een succesvolle wetenschappelijke carrière ambieerde, onderzoek naar de effecten van meditatie niet echt een goede manier was om te beginnen. Hoewel ik in het begin van mijn carrière liefhebberde in het onderzoek naar de effecten van meditatie, stopte ik hiermee toen ik eenmaal inzag op hoeveel weerstand ik stuitte. Ik mediteerde in het geheim, maar uiteindelijk – toen ik eenmaal een vaste aanstelling aan de Universiteit van Wisconsin had gekregen en een lange lijst van wetenschappelijke publicaties en onderscheidingen op mijn naam had staan – keerde ik terug naar meditatie als onderwerp van wetenschappelijk onderzoek. 16

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 16

07-08-12 10:50


Inleiding

Een belangrijke reden om dit te doen was een transformerende ontmoeting die ik in 1992 met de dalai lama had. Deze ontmoeting veranderde het verloop van zowel mijn carrière als mijn persoonlijke leven rigoureus. Zoals ik in hoofdstuk 9 beschrijf, was deze ontmoeting de vonk die me ertoe deed besluiten om mijn interesse voor meditatie en andere vormen van mentale training uit de kast te halen. Het is adembenemend om te zien hoeveel er in de korte tijd dat ik hiermee bezig ben, is veranderd. In minder dan twintig jaar zijn de wetenschappelijke en medische gemeenschap een stuk ontvankelijker geworden voor onderzoek naar mentale training. Duizenden nieuwe artikelen worden over dit onderwerp in toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften gepubliceerd (ik moest even glimlachen over het feit dat de eerste publicatie op dit gebied in het augustusnummer van Proceedings of the National Academy of ­Sciences in 2004 op naam van mijn collega’s en mij stond), en de verschillende National Institutes of Health stellen grote subsidiebedragen ter beschikking voor onderzoek naar de effecten van meditatie. Tien jaar geleden zou dat ondenkbaar zijn geweest. Ik vind deze veranderingen een goede zaak, niet vanwege een gevoel van rechtvaardiging (hoewel ik moet toegeven dat het me veel voldoening schenkt dat een onderwerp dat voorheen verworpen werd nu het respect krijgt dat het verdient). Ik heb in 1992 twee dingen aan de dalai lama beloofd: ik beloofde hem dat ik me zou bekwamen in het mediteren en dat ik het onderzoek naar positieve emoties, zoals mededogen en een gevoel van welzijn, een net zo vooraanstaande plaats binnen de psychologie zou proberen te geven als het onderzoek naar negatieve emoties lange tijd heeft ingenomen. Nu zijn beide beloften samengekomen, en daarbij ook nog mijn overtuiging dat de zetel van de ratio en hogere cognitieve functies in het brein een net zo belangrijke rol bij onze emoties speelt als het limbische systeem. Mijn onderzoek naar de effecten van meditatie heeft aangetoond dat mentale training bepaalde patronen van hersenactiviteit kan veranderen en empathie, mededogen, optimisme en een gevoel van welzijn kan versterken, kortom, het culminatiepunt van mijn belofte om te gaan mediteren en onderzoek te doen naar positieve emoties. En mijn onderzoek op het gebied van de affectieve neurowetenschappen heeft aangetoond dat deze zetels van hogere cognitieve functies een belangrijke rol spelen bij het veranderen van deze hersenactiviteitpatronen. Dus hoewel dit boek een verslag is van mijn persoonlijke en wetenschappelijke transformatie, hoop ik dat het ook een leidraad kan zijn voor jouw persoonlijke transformatie. In het Sanskriet betekent het woord ‘meditatie’ ook ‘vertrouwd maken of worden’. Meer vertrouwd raken met je Emotionele Stijl is de eerste en 17

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 17

07-08-12 10:50


Mijn brein is niet jouw brein

belangrijkste stap in het transformeren ervan. In mijn ogen is dit boek een succes als het ertoe bijdraagt dat je je bewuster wordt van je eigen Emotionele Stijl en die van de mensen om je heen.

18

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 18

07-08-12 10:50


Het emotionele leven van je brein of: Mijn brein is niet jouw brein

Mijn brein is niet jouw brein NW.indd 19

07-08-12 10:50


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Inkijkexemplaar Mijn brein is niet jouw brein by Veen Bosch & Keuning uitgeversgroep - Issuu