Waarom de H.H. v. Boven en Loevendie dienen te vertrekken Laat ik beginnen met te stellen, dat de namen In de aanhef van dit artikel min of meer willekeurig gekozen zijn uit een verzameling die men pleegt aan te dulden met College van Curatoren. Aangezien het studenten In het verleden en ook heden ten dage nog niet gegeven schijnt te zijn, degenen die hun bestuurders en toezichthouders zijn te kennen — laat staan dat zij ook maar enige Invloed uitoefenen op de benoeming (verkiezing!) van dezen — zie Ik me genoodzaakt bovengenoemde heren te zien als exponenten van die fraaie archaïsmen die men met curatorium en raad van toezicht pleegt aan te duiden. Met pastoor van Miert had ik enige jaren geleden wel het genoegen een vrij langdurig gesprek te hebben, doch als hij ruim 2 jaar na dato nog met dezelfde mentaliteit gezegend is, kan Ik de herder van de Heuvelparochie met een gerust geweten toedelen aan het tweemanschap Van Boven - Loevendie. Degenen die in ons tijdsgewricht de touwtjes in handen hebben, vragen zich voortdurend binnenskamers en daarbuiten, m.n. in de dagbladpers, af, waarom er alom zo'n enorme onrust en onvrede is. Een antwoord wordt hen dan op hun wenken aangedragen door de ook door hen bewonderde menswetenschappen: de onrust uit de zestiger jaren is te wijten aan een verregaande maatschappelijke desintegratie en anomie. Wanneer je echter het doen en laten bekijkt van degenen die dit fraaie antwoord „ventileren", wordt allengs duidelijk dat de autoriteiten wel een fraaie diagnose weten te stellen, maar dat zij niet toekomen aan de analyse van de oorzaken der symptomen. En dit is nu juist datgenen wat vereist is voor de oplossing van de problemen, die onze maatschappelijke constellatie heeft opgeroepen. Behalve het feit dat er alom onvrede heerst met sociaal onrecht, breekt ook steeds meer het besef door, dat ditzelfde sociale onrecht wel eens mede te wijten zou kunnen zijn aan onze allesbehalve democratische samenleving, waarbinnen op economisch, sociaal, politiek en cuttureel gebied de beleidsbeslissingen genomen worden door een zeer selecte groep mensen, die heelal nog via de weg van inteelt, coöptatie en nepotisme samengesteld wordt. Men gaat er in deze kringen welhaast automatisch van uit, dat de grote massa behoefte heeft aan leiding, dat de individuele burger, arbeider, student, scholier, kerklid, cultuurbeoefenaar geen of weinig behoefte heeft aan inspraak of daar domweg bij gebrek aan kennis geen aanspraak op kan maken. In hoeverre dezelfde elite-groepering hieraan (aan de vermeende gedesinteresseerdheid bij de „gewone man"; gekoesterd als een zowat heilig apriorie) zelf debet is, komt praktisch nooit ter sprake. Het feit dat op landelijk politiek gebied nog altijd prioriteiten gesteld worden, die niet zozeer gericht zijn op een gezond sociaal-cultureel beleid, alswel een inspiratiebron vormen voor een onrijpe en op angst berustende defensjepolltiek, wordt maar zelden gezien als één der factoren, die een belemmering vormen voor de ontwikkeling van een samenleving waarin mensen leven die zich bewust zijn van hun democratische rechten en plichten en die niet langer behoefte gevoelen zich te laten zoethouden met „God, vaderland en oranje". Dat de huidige leiders gebaat zijn bij het In stand houden van een passieve en gelaten mentaliteit zal wei duidelijk zijn; immers zou de maatschappij werkelijk democratisch ingericht worden, de leiders waren niet meerl Doch deze leiders vinden zichzelf wel onmisbaar, geroepen door een of andere god; het argument dat het domweg een streling van de eigenwaarde is om macht uit te oefenen over mensen, wordt dikwijls met overdreven heftigheid door hen afgewezen, hoewel zij toch ook wel eens van Nietzsche gehoord zullen heb-
ben. Wij doelen hier op de mentaliteit van de Corporatisten uit de dertiger jaren, op de chauvinisten van Brabantia Nostra, op de Personalisten uit de periode juist na de Tweede Wereldoorlog, om maar te zwijgen over alle groepen die nog iets of veel rechtser stonden, vóór, tijdens en na de oorlog. Het is triest dat het verleden van de Katholieke Hogeschool, met name vanwege het feit dat zij zovele figuren uit bovengenoemde groepen gerecruteerd heeft, ronduit bruin genoemd dient te worden. Men kan echter het verleden als afgehandeld beschouwen en andere paden gaan bewandelen, doch men dient wel de banden met dit verleden te verbreken. Dat dit laatste beslist niet gebeurd is, wordt duidelijk wanneer we de uitspraken van verschillende prominenten uit het bestuurs- en beheerscollege van de Hogeschool eens op hun inhoud en mentaliteit toetsen; uit die uitspraken blijkt steeds weer opnieuw een fundamenteel gebrek aan openheid voor de eisen van deze tijd, een hardnekkig vast-willen-houden aan verouderde gezagsstructuren, het ontkennen van de mondigheid van studenten en andere groepen die niet tot elite behoren (op basis van een vermeend gebrek aan kennis), pertinente onwilligheid afstand te doen van traditionele machtsuitoefening, onbegrip voor de geëngageerdheid van een grote groep studenten die de Hogeschool graag zouden zien als een instituut dat als breekijzer fungeert bij het streven naar een humanere samenleving. Het toppunt van volslagen ouderwets en zelfs autoritair denken vormde de toespraak die de heer van Boven op de nieuwjaarsreceptie van de Hogeschool meende te moeten houden. Als het ambt voor de president-curator door de contemporaine ontwikkelingen niet meer aantrekkelijk is, als de maatschappij-ordening die hem voor ogen staat nog steeds die Is welke ook in de dertiger jaren het Ideaal van „Aristo" en „Verdinaso" was, als hij de linkse studenten via Le Bon en Goebbels in de fascistische hoek wil trappen, dén mag de heer
f^eUlkaan
Tay urg
WMW;
«jfcsijssrncrsmACHt uitEin^Mc 8i|
wpuimmet- Q
van Boven wat mij betreft gerust vertrekken, samen met zijn trouwe uitvoerder Drs. Loevendie. Dan ook zal er tot een werkelijke dialoog binnen de structuurcommissie gekomen kunnen worden, hoewel daarvoor ook de vervanging van enige volgens achterhaalde cliché's denkende hoogleraren vereist is. Men versta mij goed, het gaat mij niet om het féft dat de heren van Boven en Loevendie afkomstig zijn uit de kringen der Kath. Werkgevers of om het feit dat de heer van Boven nog steeds sympathieën koestert voor Brabantia Nostra, het is mij slechts begonnen aan te tonen dat mensen als deze heren en vele gelijkdenkenden in curatorium en raad van toezicht, niet de mentaliteit bezitten om samen met alle betrokkenen bij de Hogeschool een democratisch instituut in te richten, dat de naam van Universiteit gaat verdienen. Paul van Eeuwijk.
<i«. bt*«n
Tilburgs Algemeen Studentenblad Redaktieadres: Academielaan 9 Redaktie: Frans van Beek, . Frans Godfroy, Gui van Hooydonk, Wilfried Martens, Bert Schumacher, Harry Verkooyen.
Zaterdag 8 februari Het wordt steeds duidelijker dat de tiiburgse revolutionair rijp is geworden voor aktie, wat zich reeds in september manifesteerde. Onze kameraden begonnen steeds meer in burgerlijke ongehoorzaamheid te vervallen, waarop ze verscheidene malen door de geüniformeerde marionetten van de kapitalistische uitbuiters werden betrapt. De kameraden lieten zich echter niet door de brutale onderdrukkingsmethoden (boetes voor plakken en verven) der machtsdragers ter neer slaan en hielden steeds de woorden van onze grote voorzitter Mac in gedachten „Alle reaktlonairen zijn papieren tijgers. Om zo te zien zijn ze vreesaanjagend, maar in werkelijkheid hebben ze echt niet zo grote kracht. Als we deze kwestie op langer termijn bezien, is de werkelijke grote kracht niet aan de reaktlonairen maar aan het volk." Steeds frekwenter treden de kameraden nu dan ook in praxis, daar ze van onze grote leider Mac het inzicht verkregen hebben, dat „de teorie afhankelijk is van de praktijk, dat de praktijk de basis is van de teorie en dat de teorie op haar beurt weer ten dienste staat van de praktijk". Er is een kulminatie van akties waarneembaar. Op maandag 3 februari, toen een nieuwe uitbuitingsmaatregel van het grootkapitaal in werking trad, n.l. toen de posttarieven voor briefkaarten en brieven met respektievelijk 33% en 25% werden verhoogd, terwijl de tarieven voor drukwerk, een voornaam kommuikatiemiddel voor de wintnajagers, geen wijziging ondergingen, tekenden onze kameraden dan ook daadwerkelijk protest hiertegen aan en trokken uitgerust met vlaggen, borden en pamfletten het tiiburgse postkantoor binnen. Aangezien objektieve en effektieve voorlichting aan de onderdrukte massa niet wordt toegestaan, kwamen al spoedig zes wagens met meer dan twintig wanordehandhavers de kameraden hun werk verhinderen. Onze kameraden analiseerden toen de objektieve situatie en dachten hierbij aan de woorden van onze grote leider „We moeten niet lichtvaardig vechten; als we vechten, moeten we ook overwinnen". Hierna trokken onze kameraden zich dan ook vastbesloten terug zonder een nederlaag geleden te hebben. In de hierop volgende week gaven onze kameraden zich vol enthousiasme over aan subversief plakken van muurkranten om de bevolking van tilburg erop te wijzen dat het nu de tijd was om de ketenen af te schudden. In de laatste nacht vóór de grote verzetsdag werd bovendien op overtuigende wijze de onmacht van de fascisten van de noordhoekring aangetoond. Enkele heroïeke kameraden waagden zich toen n.l., de raad van onze grote voorzitter opvolgend, „Strijdt dapper, vreest geen opoffering, vreest geen vermoeidheid en blijft voortdurend vechten", in het hol van de papieren tijgers. De kameraden Piet, Henk, Tom en Nic kwamen n.l. 's nachts om 5 uur toevallig langs het bolwerk van de reaktie op de noordhoekring en tot hun genoegen zagen ze dat dit gebouw volgeplakt was met muurkranten, die blijkbaar juist daarvoor door andere koelbloedige kameraden waren geplakt. Om de vijand een morele nederlaag toe te brengen klopten de kameraden onversaagd tegen de ramen om de vijand op zijn stupiditeit te wijzen. In afwachting van wat er zou gebeuren namen zij plaats tegenover het nu enigszins toonbare gebouw. Eerst kwam er een hoofd het raam uitgestoken dat zich hals over kop terugtrok. Vijf minuten later kwamen van links, rechts, en vanuit de voordeur de strohalmen van het grootkapitaal aangeslepen. Omdat de deur toch openstond, zijn de kameraden toen
2
DAG VAN VERZET maar het gebouw binnengegaan, waar ze, toen ze binnen waren, alleen werden gelaten omdat iedereen gemobiliseerd werd voor het verwijderen der muurkranten. De kameraden zijn toen maar — het kon later wel eens te pas komen — het gebouw gaan bezichtigen. Na afloop hiervan diskussieerden de kameraden nog een half uurtje gezellig met de wanordehandhavers om deze op een hoger peil te brengen en trokken toen af om die middag uitgerust te zijn voor de grote protestdemonstratie. Toen de grote dag voor heel tilburg aanbrak, gonsde het in de linkse woongebouwen van bedrijvigheid. Rode vlaggen en spandoeken werden uit de mottenballen gehaald, strijdliederen en leuzen gerepeteerd en de gedachten van onze grote leidsman Mac gememoreerd. Tegen twee uur trok iedereen naar het verzamelpunt in de willem 2-straat, waar zich een onafzienbare menigte begon te vormen. Toen
de revolutionaire gelederen zich in beweging: zette, schokte het tilburgs reaktionisme op zijn grondvesten. De huizen van de winstnajagende bourgeoisie trilden van het krachtig keelgeluid der kameraden en bevend verscholen de laffe reaktlonairen zich in hun woningen. Solidair en verenigd gingen de kameraden arm in arm hun eigen weg, hierbij alle wanhopige tegenstand wegdrukkend. Onder de leuze „macht aan het volk" trok de revolutionaire massa naar het stadhuis. Bij aankomst hier bleek dat de toestand nog niet rijp was voor een machtsovername, want de deur was gesloten. Ordelijk en vastberaden trokken de kameraden daarom weg om zich voor te bereiden op toekomstige verdere akties en de zekere revolutie. Hierbij zal dan ten volle geprofiteerd worden van de ervaringen, die in de praktijk van deze dag verkregen zijn. Ino
De marskramer en Maria Nou, het duurde wel even voor iedereen bij zijn positieven was gekomen, maar toen dat dan ook gebeurd was, bleef het gegiechel en geschater, het gekir en gekor, het gepraat en geklets, het gebabbel en gesabbel de eerste kwartiertjens niet van de lucht. Maar nadat de ervaringen van de eerste gratis ruimterels dan uitgewisseld waren, kwam het aardig gauw tot een soort van introspektuele kommunikasie, waarbij de professor (onlangs vertrouwde een bevriend J.O.V.D.-er mij toe, de reeds verschenen afleveringen van de M. en M., zo aardig, zo fijnbesnaard te vinden, voor Vrijheid en Demokrasie, maar dat hij het niet geheel en al begreep) me toeriep, dat elke antipatie tussen ons beiden, voortkomend uit klasse- en statusverschillen tans grondig opgeruimd diende te worden, en het woord bij de daad voegend, overhandigde hij mij zijn horlogeketting, waarvan hij het bijna onhoorbaar tikkende dikke houten gouden uurwerk had verwijderd. De mevrouw — ach, de lieverd — gaf mij haar lippen, en ik kon ervan drinken, als uit een koele bron, en het geleek alsof ik er het eeuwige leven van kreeg, o, wat was dat mooi!, ik zal altijd aan je blijven denken, schat I Vanuit mijn ooghoeken, want mijn mond was nog steeds verdronken In de lippen van mijn liefste, kon ik zien, hoe de professor, gezeten op een laag krukje, met Maria over iets zat te onderhandelen, in ieder geval, zijn rode kop stond op springen en klaarlijk had hij van doen met zichzelf. Verder vestigde ik mijn aandacht op het onderhavige pand, me herinnerend dat mijn kollega F., volgens het Haat-Liefde-Vurige
(deel 4 en slot)
liefde-spelletje van ons vriendinnetje P., dat getrouwd is met onze vriend T. en dat zich nu konsekwent de achternaam van haar echtgenoot aanmeet, dat F. t.o.v. mij liefde en Ik t.o.v. F. haat koester! De atso-bestuurder J. met de snor vertelde mij over Piekhaar, een vent van het ministerie van onderwijs, terwijl de U. van het vieze tekeningetje een verhaal ten beste gaf over organisatie-konsekwenties. Mijn gedachten waren zó verward, ontzettend. Maar zou Je ook niet? Zo onverwacht de eeuwige liefde vindend, je droom uit het boek „In Praise of Older Woman", in de werkelijkheid aanschouwend? De professor bevrijdde Maria uit de ketenen van het dagelijkse, aan L. gebonden leven, door de hem al lang hinderende gordiaanse knopen van zijn gulp door te hakken en een mooie grote bloem aan Maria te t o n e n . . . . De bloem hechtte zich vast aan het vloerkleed, en de ogen van de Marskramer, toch zo sterk lijkend op die van SVB-voorzitter B., de Limburger, schenen de gebeurtenissen te reguleren. Toen hij naar mij keek en me haast hypnotiseerde, hield ik snel mijn handen voor mijn gezicht, zodat mevrouw zich tevreden moest stellen met slechts mijn tegenwoordigheid, zoals ik F. vaak bezoek om er alleen maar te zijn, en te zitten en haar thee op te drinken en eieren van haar te eten. Ora pro nobis. En mijn vriendje L., van de vijfde verdieping, vertelt verhalen en giechelt. Wat ben ik treurig en eenzaam de laatste tijd. (hv)
Homo homini lupus toen Ik bedacht dat iedereen in feite biseksueel Is kreeg Ik eerst een kleur en daarna — heel voorzichtig — een ereksle (feb. 69 K.)
Ozewiezewoze Vanmorgen, het was eigenlijk ai half twaalf, overviel me de heerlijke zon, — mijn vriend trok het gordijn van zijn raam met een ruk opzij —, iets dat ik heel iang niet meer had meegemaakt. Zoiets vergeet je gewoonweg ais je een zolderkamertje huurt zonder raam, waar je van die gezellige affisjes hebt hangen tegen de schuine zoldering en waar je denkt door middel van elektrisch licht gezelligheid te spreiden. Ik schoof tussen het flanellen laken uit en drukte mijn gezicht tegen het gele glasgordijn. Ma, ais dat de bakker niet la. Mijn vriend heeft vandaag niets nodig, ik hield maar op met kijken. Mijn gezicht was achter het glas warm geworden. Natuurlijk leek het aliemaai veel te fijn. Want tien minuten later op straat zag ik dat de sneeuw grotendeels blubber was geworden, ik voelde het trouwens ook, want mijn schoenen lekken. Sjesses, wat vies, Kiaustrofobie is maar één neurose (of is het een psychose) en je weet dat je net zo min in het bos zou kunnen leven. Als ik me zo nu en dan ertoe laat verleiden meelijwekkende gevoelens toe te laten voor van Boven en zo in hun moeilijke situatie, troost ik me steeds met de gedachte dat ik er niet veel beter aan toe ben. De revolutie mislukt aan de versnippering van haar proleet. F.G.
zaterdag
1 maart
PROGRESSIEVE DISKUSSIEDAG Thema:
TILBURGSE
PROBLEMATIEK
— verouderde Industrie — a-sociale woonwijken — grote werkloosheid — ondemokratlsch onderwijs
En de politie, zij stapte voort, (Links af!)
organisatie a.t.s.o.
RECTIFICATIE OP HET SCHRIJVEN VAN DE ALGEMENE TILBURGSE STUDENTEN ORGANISATIE, d.d. 28-1-1969 AAN ZIJNE EMINENTIE KARDINAAL ALFRINK Het Stafconvent van de Katholieke Hogeschool Tilburg, vertegenwoordigde de wetenschappelijke medewerkers verbonden aan genoemde Instelling, distancieert zich van het schrijven van het Dagelijks Bestuur van de Algemene Tilburgse Studenten Organisatie d.d. 28 januari 1969 gericht aan Zijne Eminentie Kardinaal Alfrink en wel op grond van het feit dat dit schrijven t.a.v. de wetenschappelijke medewerkers een uitspraak bevat welke niet conform de werkelijkheid Is. In genoemd schrijven wordt nl. gesteld dat tijdens een gezamenlijke vergadering van curatorium, besturen van Senaat, Wetenschappelijke Staf en Algemene Tilburgse Studenten Organisatie, afgevaardigden van het niet-wetenschappelijk personeel van de Hogeschool en leden van de „Werkgroep Structuur" op 20 Januari j.l. óók de wetenschappelijke medewerkers uit het overleg stapten. Tijdens genoemde vergadering hebben de wetenschappelijke medewerkers het overleg niet verbroken, doch zich bereid verklaard de aangekondigde nota van de zijde van Curatoren te bestuderen en te bespreken In een volgende vergadering van de „Werkgroep Structuur". Tilburg, 31 januari 1969 3
rektifikasie
Interview met prof, van de Klundert
ANTWOORD AAN STAFKONVENT
1. Tijdens de inmiddels berucht geworden vergadering van 20 januari i.17 heeft het Staf konvent niet woordelijk uitgesproken, dat het tezamen met het ATSO-bestuur uit het overleg trad. Dat is dan slechts de formele gang van zaken. Materieel evenwel: het Stafkonvent stelde ook in deze vergadering weer nadrukkelijk als voorwaarde: voor deelneming aan de struktuurkommissie: meebeslissingsrecht van studenten en wetenschappelijke medewerkers op alle n/Voos inzake onderwijs en onderzoek, en meebeslissingsrecht van studenten, wetenschappelijke staf, en technies, administratief en huishoudelijk personeel op alle n/Voos Inzake het beheer. Deze eisen werden door kuratorium en meerderheid senaatsbestuur niet ingewilligd. Konklusie: geen deelneming in de struktuurkommissie. Het afwachten van een dan pas aangekondigde nota van de zijde van kuratorium en senaatsbestuur doet aan die gevolgtrekking niets af: de inhoud ervan mag nu reeds zover bekend zijn, dat aan de door het Stafkonvent gestelde voorwaarde nooit voldaan zal worden. In feite is het Stafkonvent dus reeds uit het overleg.
De hier gebezigde uitdrukking „In feite" stond ook in het konsept van de brief aan Alfrlnk. Door uitwerking en overtikken zijn deze woorden per abuis weggevallen, waardoor het punt „uittreden uit overleg van Stafkonvent" helaas aan duidelijkheid inboette, waarvoor ekskuses. Dit alles doet echter niets af aan de feitelijke inhoud. 3. Deze verduidelijking zal tezijnertijd hetzij mondeling, hetzij schriftelijk aan kardinaal Alfrink worden overgebYacht, en aan de pers worden doorgegeven, wanneer terzake een perskommunikee zal uitgaan.
EEN NEO-MARXISTIES de sosjalistiese maatschappij PLANNING EN DEMOKRATISERING Ik geloof wei in bepaalde objektieve ontwikkelingstendenties die er in de maatschappij zitten, m.n. de toenemende konsentratie in het bedrijfsleven enerzijds en de toenemende polarisatie die dit oproept anderzijds, maar op korte termijn verwacht ik geen substantiële veranderingen. Wei verdere uitbouw van de welvaartsstaat, en misschien ook van de sociale voorzieningen. Konsentratie en polarisatie zijn tendenties die op lange termijn niet zonder gevolgen kunnen blijven. Er zitten in deze objektieve ontwikkeling irrationele elementen, in ekonomiese termen: elementen van verspilling. Op langere termijn zal daar een toenemende tendentie uit voort spruiten tot een rationelere aanpak in de hele samenleving, die vooral tot uiting komt in de behoefte aan planning en de behoefte aan demokratisering Deze planning sluit voor mij al demokratisering in, omdat Ik onder planning een rationele allokatie van de maatschappelijke middelen versta, en dus volgens de preferenties van allen. Ik spreek hierbij dan liever van humanisering dan van efficiency, wat Ik eigenlijk geen goed begrip vind. Verwacht U dat het de wetenschap zal lukken om die noodzaak aan rationalisering zodanig naar voren te schuiven dat ze zal worden overgenomen door de autoriteiten?
4. Het is van harte toe te juichen dat het Stafkonvent slechts door genoemde onduidelijkheid zich distansiëerde. Het is dus niet overdreven, meen ik, hieruit te konkluderen, dat het Stafkonvent, afgezien van zijn „moeilijkheid", de uiteindelijke inhoud van de brief aan Alfrlnk ten volle onderschrijft. Driewerf hoerah!
In eerste instantie de politici dus. Zij staan sterk onder de invloed van de filosofie van de volledige werkgelegenheid op korte termijn, terwijl de problematiek op langere termijn veel minder op de voorgrond staat. Ais we dat weten om te buigen geloof Ik dat zich daar wel krachten kunnen ontwikkelen voor een wat meer rationele inrichting van de maatschappij.
Moge bovenstaande voor het Stafkonvent aanleiding zijn de genomen distansle in te tnekken. Urban Hovers
Maar voorzover dat veranderingen impliseert die ingaan tegen de belangen van het establishment, zie ik niet in waarom de huidige machtsgroeperingen zo'n politiek over zouden nemen.
VOOR DIREKT GEVRAAGD
INTELLIGENT MEDEWERKER en
KRACHTIG FIGUUR beiden voor B.W.S.
geboden: provisie prettige werkkring gevraagd: student (w.o. of h.b.o.) liefst in bezit van auto moet gemakkelijk kontakten kunnen ieggen Aanmelden en informatie: A.T.S.O.-kamer
4
Maar nu redeneer Ik meer marxisties dan U, omdat ik aanneem dat wanneer de onderbouw verder verandert, door de ontwikkeling van de technologie dit kontradikties zal opleveren die vanzelf het denken en de bovenbouw zuilen gaan beïnvlpeden. Ja, maar ziet U dan niet dat „de leiding" telkens voor de keus wordt gesteld: een technokratiese oplossing of een demokratiese, en dat ze dan makkelijk aan planning kan gaan doen en zo weer een rationaliteit in het systeem leggen zonder te demokratiseren. Maar dat Is niet de planning die ik bedoel, dat is een verhoging van de efficiency zonder meer. ik geloof dat we de allokatie van Investeringen in eerste instantie maar gecentrali-
seerd aan moeten pakken, maar dat dit alleen tot een goede inrichting van de maatschappij zal leiden als er tegelijkertijd een demokratisering. van onderaf gerealiseerd wordt. STRATEGIE Nu blijkt de tendentie tot demokratisering telkens naar voren te komen via konfiikten. Aan de ene kant het establishment dat zijn belangen verdedigt, aan de andere kant de groeperingen die nu onderop zitten en die demokratisering willen. Ik geloof dat U die tegenstelling niet te absoluut moet zien. Bij het establishment speelt toch ook wel de gedachte mee dat de hele zaak moet blijven draalen. Het demokratiseringsproecs zal zeker met konflikten gepaard gaan, maar ik geloof dat je daarmee toch voorzichtig moet zijn, omdat konflikten gemakkelijk een averechts effekt kunnen hebben. * Hoe beoordeelt U de meirevolte in Frankrijk dan? Het was tot dusver de krachtigste beweging voor demokratisering van onderaf en ze heeft vrijwel geen resultaat gehad. Als je een revolutie opzet moet je toch wel een behoorlijk alternatief bieden. Een alternatief wat gewoon de burger aanspreekt, in de vorm van een filosofie, een konkreet programma en ook in de vorm van een aantal mensen om het uit te voeren. Het lijkt wel alsof de bewustwording van de massa door dit konflikt enorm gestimuleerd is. Voor de revolte waren er kleine groeperingen met bepaalde radikale ideeën over de maatschappij, maar volledig geïsoleerd. Het gevolg was dat die ideeën op veel grotere massa's uitgedragen zijn, en daardoor een faktor van betekenis zijn geworden, terwijl van de andere kant ook wel gebleken is dat die ideeën op dit ogenblik nog niet een totaal alternatief bieden. Maar de weg naar de realisering van die ideeen is duidelijker komen te liggen, en dat lijkt een heel belangrijke funktie van dit konflikt. Misschien wel, maar als je ziet hoe de situatie nu ligt In Nederland met al die linkse groeperingen die eikaar nog steeds niet kunnen vinden, dan zeg ik: probeer eerst maar aan maatschappijkritiese studie te doen. Probeer eerst via een gedegen maatschappijvisie en een programma de gelederen te sluiten om dit dan via een verregaande kommunikatie — dit kan protest of een soort revolutie inhouden — over te brengen. Ik vraag me ook af of er genoeg ervaringen zijn uit de veranderingen en ontwikkeling in de sosjalistiese landen. Of dit voldoende bestudeerd Is en geïntegreerd met de visie van de linkse groeperingen hier. Maar juist via de konfrontatie zal die maatschappijvisie zich verder ontwikkelen. Dat was ook de strategie van de SDS in Berlijn die langs de weg van de konfrontatie en de revolutie de aandacht probeerde te trekken.
A
EKONOOM IN TILBURG als globaal a l t e r n a t i e f Maar zij zijn er van teruggekomen. Het is moeilijk om de zaak goed te stellen en goed over te brengen, juist omdat zoveel mensen op het eerste gezicht het nog niet zo'n beroerde maatschappij vinden. Niet dat ik nu op hun standpunt ga staan, maar het is een feit, dat als je met mensen over deze problematiek spreekt, zij door jarenlange gewenning en opleiding begrippen als demokratie en vrijheid zo eenzijdig zijn gaan opvatten, dat je een grotere krachtsinspanning moet leveren om daar. door heen te dringen. Die grotere intellektuele krachtsinspanning vind ik belangrijker dan de konfrontatie. U heeft bij die struktuurverandering de noodzaak benadrukt van een globaal alternatief voor de bestaande orde. Nu lijkt het mij onmogelijk al die mensen op basis van een hoop Ideeën te overtuigen. Ze zullen zich bewust moeten worden van hun positie, en kan dat via alleen maar teoretiese argumenten? Je zult ze toch eerst ervan moeten overtuigen dat je een andere maatschappij wilt die beter is, én dat dat mogelijk is. Van Adomo, Fromm e.a. hebben we toch wel kunnen leren dat zich een karakterstruktuur vormt in de mensen die gericht is op aanpassen aan de huidige orde. Men interioriseert de gevestigde orde, zodat Ik nauwelijks geloof in de kracht van argumenten tegen deze innerlijke „orde", maar wel mogelijkheden zie tot bewustwording via konfrontatie. Maar dan zou ik U willen vragen of U iets ziet in de strategie zoals André Gorz die ontworpen heeft. Dus het vormen van een bondgenootschap tussen radikaal revolutionaire groeperingen en grotere lagen van de bevolking, gericht op direkte doeleinden die niet onmiddellijk die andere orc^e, de sosjalistiese maatschappij, bewerkstelligen, maar wel telkens een stap op de weg daarheen zetten. De metode zou dan moeten zijn het afdwingen van de betreffende hervormingen van het establishment door direkte aktles, dus b.v. stakingen en demonstraties. Daar geloof Ik niet zo hard in, want die direkte doeleinden zijn naar mijn mening alleen loonsverhogingen e.d. Je kunt daar misschien wei wat sukses mee hebben, zeer beperkt overigens, door het inflatie-effekt, maar dan pousseer je toch weer het element van de konsumptie, terwijl je juist los wil van de konsumpt'emaatschapplj. Ik zie dan ook niet hoe je daarmee bewustwording bevordert. Maar ik geloof ook dat het intellektueel nivo van de gewone man helemaal geen belemmering hoeft te zijn voor die bewustwording. Je kunt deze dingen echt zo duidelijk stellen en met voorbeelden Illustreren, dat het ook mensen dje geen middelbare school hebben, aanspreekt. Wat betreft die karakterstruktuur, dat is een punt wat op langere termijn speelt en wat je, geloof ik, niet op korte termijn kunt doorbreken. Maar uw globaal alternatief is dus wel de
(2)
sosjalistiese maatschappij ? Ja, in die zin zoals ik dat geschetst heb in dat artikel in de Volkskrant, omdat het idee van de sosjalistiese maatschappij, net als bij de neomarxistiese auteurs, eigenlijk niets anders is als datgene, waarmee Ik daarstraks begonnen ben: de rationele Inrichting van de maatschappij, waarbij ik met rationeel een humane rationaliteit bedoel. IMPERIALISME Tot dusver hebben we alleen gesproken over een strategie om het kapitalisme van binnenuit te gaan veranderen. We hebben daarbij het imperialisme buiten beschouwing gelaten, en ook de krachten die ertegen vechten, en die van buitenaf het kapitalisme bestrijden. Hoe ziet U die interne pogingen en die strijd van buitenaf gekomblneerd? Ik geloof wel dat die eisen van de derde wereld een steeds groter gewicht in de schaal zullen leggen, maar anderzijds geloof ik ook dat het op korte termijn niet zoveel effekt zal hebben op de ontwikkeling hier. Er zijn landen die het toch wei met het kapitalisties systeem eens zijn, altans wat betreft hun bovenlaag, je hebt landen als Cuba die volkomen geïsoleerd zijn, behalve op intellektueel nivo, en er zijn ook wel een aantal eksplosieve haarden in Azië en Latijns Amerika. Maar ik geloof toch nJet dat deze op korte termijn veel Invloed zullen hebben, vooral ook omdat ze eigenlijk nog niet een direkt alternatief kunnen bieden. Maar ook zonder dat alternatief heeft de derde wereld hier toch een grote invloed. Zo heeft Vietnam b.v. een enorm politiserende werking gehad voor een grote groep in Amerika en ook hier. Dat zal van Amerika's politiek in de toekomst afhangen. Tot dusver overheerste de visie in Amerika die iedere nationalistiese beweging ais kommunistiese beweging en dus als verwerpelijk beschouwde. Maar ik geloof dat Amerika, ook al komt daar nu een president met rechtsere ideeën, toch wel dermate lessen zal trekken uit haar, laten we zeggen, ongelukkige politiek Sn Vietnam, dat ze het daar niet meer opaan zal laten komen. Ze zullen bl] de andere nationalistiese bewegingen die zij als kommunistiese bestempelen b.v. in Zuid Amerika, niet meer zo rechtstreeks mlitair Ingrijpen. Natuurlijk wel langs andere wegen, diplomatiek en met name ekonomles. Dan wordt het voor ons ook moeilijker om de zaak duidelijk te maken aan de mensen. Je kunt iedereen wel ergens overtuigen van het Inhumane van napalm op burgerdorpen. Ook mensen die heel vage Ideeën hebben over hoe het verder zou moeten in de wereld. De maatschappijkritiek zal dan dieper moeten doordringen tot de achtergronden op werkelijk empiriese basis. Deze taak wordt dan nog urgenter. jean frijns kees de boer
Uit de werken van Semonides In den beginne schiep de godheid de geest gescheiden van de vrouw. Hij maakte haar uit een zeug met borstelige haren, bij wie wanorde, nog bevuild door modder, door heel het huis ligt en die op de grond rondwentelt. En zijzelf, ongewassen, mest zich in kleren, die niet gewassen worden, vet, liggend op een mesthoop. De godheid maakte haar uit een sluwe vos, op de hoogte van alles; niets van de stechte dingen is voor haar verborgen en niets van de betere dingen; enerzijds noemt zij het goede daarvan slecht, anderzijds het slechte goed; zij heeft een temperament dat van dag tot dag wisselt. Voor wat betreft het boosaardige maakte hij haar uit een teef, een en al moeder, die alles wil horen, alles wil weten, overal wil rondgluren en al rondzwervend blaft, ook al hoort niemand van de mensen het. Moge de man haar niet doen ophouden en haar niet wegnemen en haar niet met een steen de tanden uitslaan, als zij toornig geworden Is, en haar niet aan treffen wanneer zij vriendelijk aan het spreken is, en ook niet als zij toevallig bij gastvrienden zit; want dan schreeuwt zij constant en onstuitbaar. Uit aarde vormden de Olympiërs haar en gaven het gebrekkig schepsel aan de man; want de vrouw, zoals deze is, weet niets slechts en niets goeds; zij weet alleen te eten van het werk en als de godheid eens een slechte winter zal veroorzaken, dan zal zij rillend haar stoel dichter bij het vuur trekken. Zij is gemaakt uit de zee, die een dubbele tong heeft; heel de dag lacht zij en straalt van vreugde, maar zo dat de gastvriend haar zal prijzen als hij haar in huis ziet: „Er is geen vrouw onder alle mensen, die verkieslijker en schoner is dan deze". Deze dag is ondragelijk als je niet in haar ogen kijkt en niet dichterbij komt, maar dan gaat ze tekeer als een ongenaakbare teef rond haar jongen, en zij betoont zich hard voor allen, even onaangenaam voor haar vrienden als voor haar vijanden; zoals de zee nu eens rimpeloos ligt in het zomergetijde, onschadelijk en een reden tot vreugde voor de zeelui, maar dan weer gaat zij als een razende tekeer en alles wordt meegesleurd door haar lulddonderende golven; hierop lijkt zo'n vrouw het meest in haar toorn; maar ze heeft een ander uiterlijk als de zee. Vertaling Tlni Sanders
ATSO - MEDEDELINGEN Adviesgroep Herbestemming Eigen Huis De Adviesgroep Herbestemming „Eigen Huis" is als volgt samengesteld: voor het ATSO-bestuur: T. Akkermans voor de Pochette-kommissie: A. den Boer voor de Stichting Eigen Huis: J. v. d. Bergh voor de Stichting Nostrorum Sanitas: W. Kester voor de Mensa-kommissie: K. Verkerk voor de Studentensporthai: C. Vroom voor het T.S.C. St. Olof: F. Martens Progressieve Diskussiedag Na overweldigend sukses van de eerste organiseert het ATSO-bestuur op 1 maart a.s. een tweede PROGRESSIEVE DISKUSSIEDAG. Thema: Tilburgse problematiek (verouderde industrie, grote werkloosheid, a-sociale woonwijken, ondemokraties onderwijs, etc), de houding die de progressieve partijen en organisaties in Tilburg in dezen moeten aannemen, en de akties die in verband hiermee dienen te worden gevoerd. Nadere aankondiging, ó.m. over aanvangstijd en plaats, volgt. U. W. Hovers, Sekretaris Aktie Pers & Publiciteit
5
KONGRES SEKSUALITEIT In het kader van de ongeremde toename van interesse in en vraagtekens bij de maatschappelijke ontwikkelingen t.a.v. de seksualiteit is in Tilburg vanuit ogenschijnlijk verschillende, doch in wezen gelijkgerichte kampen het niet meer te stuiten plan gerijpt om een congres te organiseren. Allereerst is bij de inmiddels volop aangevangen organisatie betrokken de Tilburgse Studenten Werkgroep Homofilie, die in een meeromvattend kongres een noodzakelijke aanvulling zag op het forum, dat zij op 31 januari heeft gehouden, en dat zich toen beperkte tot de problematiek van de homofilie. Verder wordt meegewerkt door de groep Sexpol, die een sublimatie is van de aanvankelijk zo geheten werkgroep emancipatie, doch dit ten spijt nog niet gekomen is tot het aantrekken van mannelijke leden. Aan de organisatie worden tot slot bijdragen verleend door Paul van Eeuwijk en vele geïnteresseerden uit en rondom het scheidende Atsobestuur. Het ligt in de bedoeling, dat dit kongres „sexualiteit" wordt gehouden in de week voor de goede en wel op 27, 28 en 29 maart.
beperken? Zij vragen zich af of de repressieve elementen in deze instituties niet zo fundamenteel in de gehele maatschappelijke struktuur verankerd liggen, dat ook de sexuele eof revolutie niet losgedacht kan worden van een kritische reparatie van de hele samenleving in al haar formele en informele structuren en normen. Het zijn ideeën, die recht hebben op de belangstelling van iedereen en vooral in het belang van iedereen bestudeerd moeten worden. Op basis van bovengenoemde gedachten is een lijst van sprekers samengesteld, die nu nog slechts onder een 'wijziging en voorbehouden' kan worden gepubliceerd. Dr. W. J. Sengers, die zal spreken over sexualiteit in het algemeen en zal ingaan op de vraag in hoeverre er sprake is van pluriformiteit in de sexuele belevingsmogelijkheden van de mens. Welke varianten wezenlijk zijn en welke wezenlijk pathologisch — N.B. te onderscheiden van: door de maatschappij als pathologisch bestempeld. — Dr. van Ussel, voorzitter van het Belgische
27, 28, 29 MAART Wanneer ik stel, dat de organiserende groeperingen gelijkgericht zijn, dan bedoel ik daarmee, dat zij de instituties en voorschriften, de actuele belevingswijzen van de sexualiteit tenminste kritisch willen bestuderen. Zij stellen zich de vraag of de huidige instituties, zoals het huwelijk, het gezin als leef- en opvoedingseenheid, de huismoederlijke taak van de vrouw, de gangbare gebruiken bij de partnerkeuze, het ghetto karakter van de homofiele wereld wel wezenlijk zijn aangepast aan de mens, die in deze tijd leeft. Liggen in deze instituties geen elementen, die de menselijke vrijheid en belevingsmogelijkheden onnodig en ten nadele
ekwivalent van de N.V.S.H.; door hem zal het woord worden gevoerd over historiciteit in zowel de wetenschappelijke als de maatschappelijke denkbeelden aangaande sexualiteit. Hierbij is te refereren aan zijn boek „Geschiedenis van het seksuele probleem", waarin onder meer een maatschappelijk historische analyse wordt gegeven van het begrippenkader dat in de psychologie tot nu toe in deze materie is gebezigd. (Er blijkt niet veel van over te blijven). Verder is uitgenodigd prof. Kruithof, die in de behandeling van het kongresthema de cultureel-antropologische benaderingswijze zal verzorgen. In het kader van de emancipatie van (de vrouw zal waarschijnlijk worden gesproken door Hedy d'Ancona, vice-voorzitter van de beweging Man-Vrouw-Maatschappij. Tenslotte zal aandacht worden besteed aan de steeds meer In de belangstelling tredende wederkerige relatie tussen de sexuele ervaringen en welzijn van het individu en zijn sociaal-politiek gedrag, alsmede tussen maatschappelijke konstellatie en sexuele vrijheid van de persoon. Hiertoe worden aangetrokken Reimut Reiche, student-auteur aan de Frankfurter Universiteit en Leopold de Buch, korrespondent van Vrij Nederland. Genoemde sprekers zullen optreden op 27 en 28 maart. De avonden en nachten van deze dagen zullen achtereenvolgens zijn opgeluisterd door besloten filmvoorstellingen: Schermerhorn en De verloedering van de Swieps. Op 28 maart zal er een illustratieve show of optreden worden prijsgegeven, waarvan de inhoud nog piet nader is vastgelegd. Het hele kongres wordt gegarneerd door een etallering van aan het thema verwante objecten en artistieke produkten op de hogeschool. Op zaterdag 29 maart zal er een forum plaatshebben, waarin door genoemde sprekers en/
of anderen publiekelijk zal worden beraadslaagd over enkele stellingen tevoren door de organiserende groeperingen ontworpen en uitgewerkt. Ten laatste vermag ik te wijzen op het panerotisch festijn, dat op zaterdag 29 maart overeenkomstig veler behoeften gevierd zal worden. Tijdens en vóór het kongres zal een dokumentatiemap worden aangeboden, die selectief en met zorgvuldigheid is samengesteld en uitvoerig van visuele expressie is voorzien. Tenslotte wil Ik er nogmaals op wijzen, dat het kongres, dat landelijk van karakter is, om meerdere redenen niet anders dan op betrekkelijk korte termijn georganiseerd kon worden. In bovengenoemd programma zijn dus nog steeds wijzigingen voorbehouden. Wij rekenen op uw belangstelling! Wilfried Martens.
sft donderdag 27 februari a.s.
DE VERLOEDERING V A N DE SWIEPS met Ramses Shaffy, Hetty Verhoogt en Wies Andersen regie: Erik Terpstra Voorprogramma: SCHERMERHOORN regie: Erik Terpstra HARMONIE THEATER 22.45 UUR Toegangskaarten è ƒ 1,75 aan de kassa
donderdag 13 maart: PATHER PANCHALI muziek: Ravi Shankar regie: Satyajit Ray * begin maart: iVENS-PROGRAMMA i.s.m. pochette-kommissie * woensdag 26 maart: HIGH AND LOW regie: Akiri Kurusawa * donderdag 24 aprii: - DEUTSCHLAND ERWAOHE - GUERNICA
ADRESWIJZIGINGEN: P. A. van Drimmelen naar Prof. Verbernelaan 72, Tilburg. B..C. Doets van Augustinusstr. 4 naar Prof. Verbernelaan 88-15, Tilburg. P. P. Bosman van Krulsherenstr. 31 naar Prof. Verbernelaan 88, Tilburg. Hilde A. A. de Jong van Helle Schoorstr. 46 naar Prof. Verbernelaan 84-3, Tilburg. A. J. M. Siebelink van Hagelkruisplein 14 naar Prof. Verbernelaan 34-4, Tilburg W. G. G. Beijer van Sparrenstr. 23 naar Prof. Verbernelaan 70 -15, Tilburg. H. Henneke van Cederstr. 145 n§ar Prof. Verbernelaan 94-4, Tilburg. B. Mertens van Koopvaardijstr. 38 naar Prof. Verbernelaan 74, Tilburg. M. G. M. de Werd van Textielplein 50 naar Prof. Verbernelaan 34, Tilburg. H. A. Doek van Burg. Suysstr. 65 naar Prof. Verbernelaan 88-18, Tilburg.
H. K. Cregten naar Statenlaan 291, Tilburg. P. J. J. M. Schoenmakers van Prof. Verbernelaan 70 naar. Prof. Verbernelaan 94, Tilburg. Anke C. Kroon van Westertorenlaan 19 naar Prof. Verbernelaan 84-2, Tilburg. O. P. H. J. Wolters van Predikherenlaan 68 naar Ringbaan Oost 285, Tilburg. D. J. J. Quiton van Predikherenlaan 231 naar Prof. Verbernelaan 88, Tilburg. A. C. J. M. Feyen van Mac Allisterstr. 7 naar Prof. Verbernelaan 34-3, Tilburg. Q. A. J. M. Tak van Zuringhof 65 naar Prof. Verbernelaan 90-14, Tilburg. B. J. F. Berkvens van Ph. Vingboonsstr. 26 naar Boomstraat 55, Tilburg. H. A. M. van Asten van J. P. Coenstr. 28 naar Emmerlkstraat 1, Heeze. A. C. J. M. Feyen van Mac Allisterstr. 7 naar Prof. Verbernelaan 92 -10, Tilburg.
J. F. A. Broeks van Verschuurstr. 20, Rijen naar Prof. Verbernelaan 94-3, Tilburg. W. M. van den Goorbergh van Cederstr. 157 naar TivoIIstr. 19, Tilburg. J. A. A. Habets van Acaclastr. 10 naar Prof. Verbernelaan 86-5, Tilburg. C. Kuiper van Bellinistr. 348 naar Sibeliusstr. 358, Tilburg. E. N. Ikertzman van Enschots'estr. 118 naar Wljnrultweg 16, Tilburg. Els A. M. van Sprundel van Melsbroekstr. 15 naar Prof. Verbernelaan 84-4, Tilburg. A. J. H. Odems van Bad. Powelllaan 109 naar Prof. Verbernelaan 86-4, Tilburg. Gerard M. Roelofs van Rogier v. Leefdaelstr. 31 naar Doelenstraat 32, Hilvarenbeek. J. G. Loose van Langestr. 7 naar Poststr. 54, Tilburg. K. G. Kapitany van Prof. Verbernelaan 34 naar Prof. Verbernelaan 82, Tilburg. Leids Universiteitsblad van Rapenburg 6 naar Witte Singel 25, Leiden. Tel. 01710-34285.
BOEKHANDEL GIANOTTEN
Wij zijn trots! Eindelijk is ons filiaal verhuisd. De vertrouwde maar veel te bekrompen „rode bungalow" is na bijna zes jaren vervangen door een riante ruimte, waarin op veel grotere schaal wetenschappelijke boeken kunnen worden getoond en er bovendien plaats is voor andere boeken. Ook ons filiaal is nu, evenals onze zaak op de Heuvel, met recht een informatiecentrum voor ontwikkeling én ontspanning, een complete boekwinkel voor iedereen en toegankelijk voor iedereen. Wij zijn trots én dankbaar voor de medewerking van velen en zullen u graag ontvangen in onze nieuwe winkel in de studentenflat vlak bij de tunneluitgang in De Reit. BOEKHANDEL GIANOTTEN Prof. Verbernelaan 100 hoek Conservatoriumlaan
BOEKHANDEL GIANOTTEN 7
er is in onze staf plaats en toekomst voor jonge bedrijfseconomen Bedrijfseconomen, die voornemens of reeds bezig zijn zich verder te ontwikkelen tot registeraccountant, bieden wij gaarne gelegenheid tijdens de accountantsstudie praktijkervaring op te doen. Mede op deze wijze wensen wij de groei van onze staf van vakbekwame medewerkers te versnellen. Het ligt in ons voornemen aan de praktische scholing bij onze kantoren mede door vorming van studiegroepen van bedrijfseconomen aandacht te schenken. Zij die zich willen oriĂŤnteren omtrent de mogelijkheden welke er voor hen bij ons bestaan, gelieven zich tot ĂŠĂŠn van onderstaande adressen te wenden.
Amsterdam-9, Beethovenstraat 198;tel. 020-73 75 55 Rotterdam-2, Stadhuisplein 30; tel. 010-14 22 88 Arnhem - Breda - Brussel - Deventer - Eindhoven - 's-Gravenhage - Heerlen - Hengelo (Cv.) - Middelburg - Utrecht