Skip to main content

1984 02 17

Page 1

O

Fractieoverleg voor studenten Dat moet helpen bij het ingewikkelde raadswerk. Ook Straks in de WWO'84 willen studenten niet zwijgend toekijken als beroepsbestuurders aan het woord zijn.

8/9

Europees onderzoeksbeleid oogt nnooier op papier dan in de realiteit.

11

Studentensex Afgelopen week in een Tilburgse bioscoop en deze week in het THB.

ilburgs Hogeschoolblad - 17 februari 1984 - jaargang 21 - nummer 22

Algemeen Financieel Schema gunstig voor KHT In grote delen van het hoger onderwijs is het aantal docenturen per student geleidelijk extreem laag geworden, constateert nu ook minister Deetman van onderwijs en wetenschappen. Dat geldt zowel naar internationale maatstaven als in vergelijking tot andere delen van het Nederlandse onderwijs. Hoewel de ontwikkeling nog verantwoord is, lijkt enige behoedzaamheid toch wel op haar plaats, vindt de minister. Hij zal de kwestie in studie nemen. Deetmans opmerking is te vinden in diens toelichting op het zojuist verschenen Algemeen Financieel Schema 19851988. Hij deelt tegelijkertijd mee dat daarin op tal van plaatsen een stelselmatige versterking van het onderzoek is neergelegd. Zoiets roept wel de vraag op of de daling van de arbeidsintensiteit in het onderwijs geen gevaarlijke normen aanneemt, geeft de minister toe. Nergens echter vertoont hij neiging de heilige koe van het onderzoek te melken. Het Algemeen Financieel Schema is een moeilijk financieel-technisch verhaal, met de begroting 1984 en de meerjarenplannen voor de vier volgende jaren erin vervlochten. Het schema is nauwelijks vergelijkbaar met vorig jaar, omdat de taakverdelingsoperatie en de gevolgen van de tweefasenstruktuur erin zijn verwerkt, terwijl een nieuw landelijk financieringsmodel voor het eerst is toegepast. Evenals vorig jaar dreigde dat ook ditmaal te mislukken, doordat de instellingen het over dit PGM (plaatsen-geldmodel) niet eens werden met de minister. Deetman heeft nu de knopen doorgehakt, maar toch is het stuk vierëneenhalve maand te laat. In november hebben de universiteiten en

bescheidener aan zal moeten doen. Ook de Vrije Universiteit moet wat inleveren. Van de reeds zwaar gepakte grotere universiteiten moeten Leiden en Utrecht de laatste het meest - opnieuw bloeden. De overige universiteiten en hogescholen gaat er allemaal iets op vooruit, vergeleken bij de cijfers van november. (Zie bijgaand overzichtje). Over de achtergronden van deze verschuivingen is op het ogenblik weinig mee te delen. Informatie hierover zou de instellingen deze week bereiken. Over het beleid dat aan het schema ten grondslag ligt, vertelt de minister dat hij tot het eind van de periode geen verdere aanslag wenst op het aantal arbeidsplaatsen in het wetenschappelijk onderwijs. Dat is eerder gezegd, evenals het verhaal dat de gelijkwaardigheid van ontwikkelingskansen bij hem voorop staat. Verdelende rechtvaardigheid en zo.

hogescholen al een voorproefje gekregen van wat komen ging, in de conceptmeerjarenbegroting voor dezelfde planperiode. De grote verrassing daarin was dat de grote instellingen minder en de kleine soms tientallen miljoenen meer te besteden kregen dan waarop ze rekenden. De nieuwe getallen bestendigen deze gang van zaken, behalve dat de Limburgse universiteit, die aanvankelijk wel héél goedgunstig was bedeeld, het iets

vervolg op pag. 7

Vergelijking v a n de b e d r a g e n in het A l g e m e e n Financieel S c h e m a m e t die uit de c o n c e p t - m i d d e l e n v e r d e l i n g v a n n o v e m b e r 1983 (in milj.) Leiden Utrecht Groningen Rotterdam Maastricht UvA Amsterdam VU Nijmegen Tilburg Delft Eindhoven Enschede Totaal

1984 -0.6

0

-1-1.7 -1-0.5 -2.2 + 0.6 -0.5

+ 1.0

+ 1.5

+ 3.1 + 0.4 + 0.5 + 5.9

1985 -1.2 -2.3 + 3.0 + 1.3 -2.8 -0.1 -0.6 + 2.1 + 2.0 + 3.9 + 1.2

+ 1.8 + 8.3

1986 -1.7 -4.2 + 3.5 + 2.2 -3.0

+ 1.0 -0.6 + + + + + +

2.7 2.3 4.2 0.5 0.9 7.6

1987 -1.1 -4.4 + 4.0 + 2.5 -3.8 + 2.6 -0.5 + 3.6 + 2.7 + 5.7 + 0.5 -0.2

1988 -1.0 -3.5 + 3.2 + 3.4 -4.1 + 2.4 -1.0 + 3.1 + 3.1 + 4.3 + 0.4 -0.2

+ 11.6

+ 10.1

* Wageningen ontbreekt in dit rijtje (valt onder Landbouw).

Raad: nadruk op voorlopigheid van Formatieontwikkeling ook dat het College met diensten en fa-

Bij de opening van de 200ste vergadering van de Hogeschoolraad waren er mooie woorden van voorzitter Frans Teunissen en andere sprekers, bloemen voor de griffie en getekende portretjes van raadsleden en oud-raadsleden. Op de foto keurt Teunissen zijn beeltenis.

De Hogeschoolraad is vorige week uitvoerig ingegaan op de "Nota Formatieontwikkeling 1984-1988 en de Richtlijnen voor de opstelling van het Ontwikkelingsplan 1985-1989". Daarbij werd het concept-besluit van het College van Bestuur uitvoerig geamendeerd. De raadsfracties beklemtoonden in hun amendementen vooral de voorlopigheid van de nota ten aanzien van de aangegeven verdeling van het toekomstige budget over wetenschappelijk en niet-wetenschappelijk personeel. In de nota Formatie-ontwikkeling werd voorgesteld om het w . p . en het daaraan verbonden n.w.p. in de faculteiten zoveel mogelijk te sparen, zodat de schok van de Taakverdeling vooral door de diensten zou worden opgevangen. Volgens de nota zouden er voor 1988 bij de diensten 20 banen moeten verdwijnen. De raad heeft nu bedongen "dat de verdeling van het totale beschikbare budget personele middelen over het wetenschappelijk personeel en niet-wetenschappelijk personeel een voorlopige is en kan worden gewijzigd indien het te voeren overleg over de voorgestelde n.w.p. formatie-ontwikkeling in (sub)faculteiten en in diensten daartoe aanleiding geeft". De raad wil

culteiten gaat praten over de toekomstige verdeling van het n.w.p.-budget en over het advies van de werkgroep uitvoeringsplan TVC. Het College zal bij het opstellen van de ontwerpbegroting 1984 voor de personele lasten rekening moeten houden met de reacties van faculteiten en diensten op de in de nota aangeduide kwantitatieve personele kaders. De raad wil bovendien dat er dit jaar een nota centrale beleidsruimte komt voor de komende planperiode en dat het College zijn beleid in verband met de 10% norm voor student-assistenten en tijdelijk w.p.-personeel duidelijk maakt. Een amendement van de fracties P L M / Konstructief om de 10% norm voor student-assistenten te handhaven alsook de facultaire gecompartimenteerde beleidsruimte werd na twee stembeurten wegens staking der stemmen - verworpen. Een amendement om 10% 'vrijwillig gedwongen' arbeidstijdverkorting voor het wetenschappelijk personeel in de hogere kategorieën als beleidsinstrument toe te voegen aan de nota werd door het CvB omwille van zijn technisch onuitvoerbaarheid ontraden en door de fracties ingetrokken, p ^

Minder eerstejaars voor KHT De KHT mag in augustus 1984 minder eerstejaarsstudenten verwachten dan in 1983. Het aantal eerstejaars economie, sociologie, psychologie en letteren neemt beduidend af, terwijl het bij econometrie en rechten toe zal nemen. Dit blijkt uit de nieuwste cijfers van het Centraal Buro Aanmelding en Plaatsing (C.B.A.P.) over het aantal aanmeldingen voor het studiejaar 1984-1985. Vergeleken met de cijfers van vorig jaar (18 jan. '83) kregen de Tilburgse studierichtingen sociologie en letteren tot 18 januari 1984 ongeveer veertig procent minder aanmeldingen. Bij psychologie en economie nam dit aantal af met respectievelijk tien en veertien procent. Het aantal aspirant-econometristen in vergelijking met vorig jaar neemt maar liefst met 53 procent toe, en de juristen mogen een groei van ongeveer tien procent verwachten. In totaal hebben zich 1234 mensen aangemeld voor een studie aan de KHT. Dit is zes procent minder dan vorig jaar rond dezelfde tijd. Volgens een tussenstand per 1 februari bij het C.B.A.P. zetten deze trends zich door, alleen wordt de groei van de aanmeldingen voor student-juristen iets minder groot en komt de C l . F . op gelijke hoogte met de aanmeldingen van vorig jaar. Ook landelijk loopt het aantal aanmeldingen voor economie, psychologie en sociologie terug, maar de percentages zijn minder groot dan aan de KHT. In 1983 is de Tilburgse subfaculteit econometrie de grootste econometrie-opleiding van Nederland geworden. Op 1 januari telde de KHT in totaal 6180 inschrijvingen van studenten, toehoorders en extraneï. Het aantal studenten is inmiddels de 6000 gepasseerd. Alle favervolg op pag. 12


PERS MATSERTJES

Uit de Universiteitsbladen De Erasmus Un iversiteit in Rotterdam groeit zo sn el dat er een gebrek aan zaal­ ruimte dreigt te on tstaan , zeker als er in september en kele n ieuwe studierichtin ­ gen bijkomen . Het College van Bestuur heeft aan de afdeling Beheer opgedragen dit probleem op te lossen . Een van de mogelijkheden is het on derwijsprogram­ ma te verlen gen van 2 keer 13 weken n u naar twee keer 15 of 16 weken . Ook wordt overwogen de colleges te verkor­ ten en de pauze te beperken . "Daarmee zou worden bereikt dat er dagelijks geen tien maar 12 colleges kun n en worden ge­ geven". Bij proefn emin gen ni Rotter­ dam maakte men tot voor kort gebruik van straatkatten . Dat mag echter n iet

■■■im a t s e r t j e s i ^ 'Matsertjes' kunnen worden opgegeven bij de redaktie. Tot 30 woorden kosten ze / 5,­; on­ der nummer ƒ 2,50 extra. Reakties op advertenties onder nummer naar de redaktie sturen. TE KOOP: Zeer mooie Franse rijlaarzen (merk Aigle), mt. 39, nooit gedragen. Tel. 013-561396.

meer van de Veterinaire Hoofdinspectie. Men wil nu zelf gaan fokken. Dat kost ongeveer 300 gulden per poes. Aanzienlijk minder dan de 800 gulden die het fokbedrijf van TNO voor haar exemplaren vraagt. In QUOD NOVUM een opmerkelijke uitspraak van een wijkagent over de in zijn buurt wonende studenten: "Ach, die studenten denken vaak alle wijsheid in pacht te hebben. Vooral de juridische studenten. Dan beroepen ze zich bijvoorbeeld op het Wetboek van Strafvordering om ons te beletten een gemeenschappelijke ruimte te betreden. Maar gelukkig weten ze vaak nog niet alles. En hoe ouder ze worden, hoe rustiger". Per 1 januari is de nieuwe honoreringsregeling voor medisch specialisten van kracht. Volgens specialist Prof. dr. A.C. Drogendijk heeft deze regeling "de-

sastreuze gevolgen" voor de kwaliteit van de zorg in de Academische Ziekenhuizen. Het zou nu nog lastiger zijn de medische specialisten bereid te vinden in Academische Ziekenhuizen te werken vanwege de aantrekkingskracht van de vrije vestiging. Er bestaat een kans dat de externe beoordeling van de voorwaardelijke gefinancieerde onderzoeksprogramma 's weer terug kan gaan naar de instellingen zelf. Dit zie dr. R.J. in 't Veld, directeurgeneraal Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek, op een symposium over voorwaardelijke financiering. Volgens in 't Veld is men op het Ministerie niet bijzonder gelukkig met het verloop van de externe beoordeling tot nu toe. Onder "stringente voorwaarden", zoals een voldoende kwaliteitsbewaking en een duidelijke inbreng van externe

GEZOCHT: Potentiële kandidaten die lef genoeg hebben om een paard te bestijgen maar ook een barkruk niet uit de weg gaan. Denkt u aan deze eisen te voldoen, neem dan onmiddellijk contact op met Jos: tel. 367204 of met Marjolanda: tel. 638112.

TE KOOP GEVRAAGD: Fiets, prijs maximaal ƒ60,—; tel. 013-436412, G. Braam. GEVRAAGD: College aantekeningen boekhouden propedeuse (evt. tegen vergoeding). Bobby Poozer, Kwaadeindstraat 126, tel.: 013-364692.

TE KOOP GEVRAAGD: Probleemgebied Marketing, een managementbenadering. Prof. Leeflang en Drs. Beukenkamp, tel. 368301.

TE KOOP: Op 20 km. afstand van Tilburg, 2 prachtig gelegen percelen bouwgrond (opp. 3600 m^) nabij centrum van Poppel. Tevens stuk bosgrond te koop (1000 m^) met bouwvergunning. In mooie omgeving rond Poppel. Tel. 09-3214657869.

TE KOOP: Groot, bruin ribfluwelen bankstel. In goede staat, 3-zits + fauteuil. Tel. 013-685851.

TE KOOP: IJshockeyschaatsen, maat 44, ƒ 25,—. Tel. 426814 (vragen naar Motorboy).

AANGEBODEN: Felicitaties aan Roger met zijn verjaardag a.s. zondag, hopelijk wordt het een geweldig feest waar we nog tijden over zullen praten. P.S. De hele afdeling rekent op echte Limburgse vlaai! Je mede-assistent.

TE KOOP: Technics tuner-versterker, 2 x 30 watt, aug. '81, prijs ƒ 285,—, interesse? Bel: 0495033317 na 18.00 uur.

WINTERSPORT: Wie wil er meerijden naar St. Johann in Tirol op 29 februari en weer terug op 10 maart? Tel. 013-367443. TE KOOP: Eikenhouten buro met opstand en 6 laden, ƒ 700,—. Tel. 04920-35947. GEVRAAGD: Een student(e) sociologie of psychologie voor hulp buitenlandse student (pas in Nederland) in basiskennis wiskunde. Tel. 367743, na 18.00 uur. VACANTIE: Ga met de studentenreisclub naar Parijs met Crocus- of Paasvacantie. 6-Daagse reis incl. reis en verblijf in goed hotel -l- ontbijt voor ƒ 169,—. Vertrek 2 maart, 13 april en 20 april. Tel. 020-761010 (tussen 19.00 en 21.00 uur). VACANTIE: Ga met Pasen mee naar een zonovergoten Spanje! 10-Daagse reis per supertouringcar, incl. volpension, kamers met douche/toilet, hotel met zwembad vlakbij strand, slechts ƒ 299,—. Vertrek 13, 20, 27 april en 4 mei. Bel de studentenreisclub: 050-142386 of 0501330068. TE HUUR: Kamer in studentenhuis; 11 m\ ƒ 250,—, incl.; Statenlaan 305. Tel. 631108 tussen 6 en 8 uur. TE KOOP: Boeken onderwijseconomie B-813, tel. (66) 2302. TE HUUR GEVRAAGD: Huis in Tilburg, na 18 uur. Tel. 013-357669. GEZOCHT: Student zoekt contact met liefhebbers van moderne jazz, jazzrock. Fusion jazz e.d. om onderling materiaal uit te wisselen b.v. Hancock Spyrogyra Crusaders Asimuth. Mark Samuels, Groenstraat 83.

Tilburgs Hogeschoolblad

GEZOCHT: Iemand met wie ik een maal in de week kan gaan squashen in de Pellikaanhal te Goirle. Tel. 013-366874 (Marcel). TE KOOP: Rieten hangstoel met ketting ƒ 75,—. Tel. 073141865. ANTWOORD: Frau und Herr Kuiper. Met gebroken ski's gaan wij do. 16-2-1984 de baan schoonvegen, verzamelen op nr. 24 om 20.00 uur oké? Alles is verzekerd! Een week te laat! GEZOCHT: De Progressieve Studenten Fraktie (PSF) zoekt progressieve studenten voor een of twee jaren hogeschoolraad. Inlichtingen: BlO-17, tel. 662075 of Walter 363349, Brechtje 360252, Kees 683112. GEZOCHT: T.e.v. feestcommissie zoekt met spoed voor lustrumfeest in april: - drummer, - bas(sist), synthesizer spelers, bij voorkeur econometristen. Bel Luc: 013-357169. TE KOOP: Complete filmset, Canon 514 XLS, filmlamp, montage-apparaat, plakapparaat, Bauer TS 10 stereo projector e.a. Aleen ma. + wo. Tel. 013-672962. GEVRAAGD: Tweedehands Duplo. Tel. 04116-76036 of KHT 2026. TE KOOP: Piano, 10 jr. oud, merk A. Forster. Bellen van 9.00-16.00 u.: 013-662668, A. de Winter. GEZOCHT: T.e.v. lustrumfeestcommissie zoekt met spoed voor feest in april: drummer, bas(sist), synthesizer. Spelers bij voorkeur econometristen. Bel Luc: 013-357169. TE KOOP: IBM-typmachine (blauw) met correctie-toets en vier schrijfbolletjes. Prijs ƒ 1.100,—. Tel.: 662167 of 662495.

TE KOOP: - Leerboek informatiesysteem (Klooster + Ooninckx) - Het systeem van het Ned. privaatrecht (Pitlo). Juweeltjes voor elke boekenkast, te bevragen bij Rolf Verdaasdonk, tel. 04242-82849. GEZOCHT: Het eerste damesteam van stud, volleybalvereniging Gepidae zoekt voor het seizoen 84/85 nieuwe speelsters op Ie klas nivo. Kom nu al vrijblijvend meetrainen op de stud, sporthal of vraag meer informatie bij Henny, tel. 681888. SPORT: Spelverdeelsters opgelet! Het komende volleybalseizoen kun jij met veel plezier op Ie klasse niveau je kunsten vertonen. Stud. Volleybalvereniging Gepidae kan jou hier alle faciliteiten voor geven. Informeer op de sporthal of bij Henny. Tel. 681888. TE KOOP: Beuken fauteuil met lederen zitting en rugleuning. Gevraagd: borrelglaasjes voor verzameling. Leon Lejeune, tel. 013-362437 of 013-662534 KHT. TE KOOP: 2 Paar ski's met bindingen, prijs / 90,— per paar; 2 paar skischoenen, prijs n.o.t.k.; skibroek + skipak. Tel. 01682-3567 (na 19.00 uur). TE KOOP: Pick-up met 2 boxen, in prima staat, prijs: ƒ 60,—. Tel. 01682-3567 (na 19.00 uur). GEZOCHT: Studente ned. recht wil cases-club verbintenissenrecht (IIA) oprichten, wie wil er mee doen? Op kamers wonend, Tilburg bereikbaar di. t/m do. tel.: 013-685568, bij afwezigheid Wanroy, tel.: 08859-1337.

deskundigen, mogen de universiteiten en hogescholen het waarschijnlijk zelf doen. In de Groningse UNIVERSITEITSKRANT de nieuwste cijfers over het aantal werklozen onder academici, gebaseerd op de kwartaalgetallen van het regionale punt academici van het directoraat generaal van de arbeidsvoorzieningen. Uit de cijfers blijkt dat de werkloosheid toeneemt. Ook blijven academici langer werkloos. Psychologen, en dan vooral klinisch-psychologen, doen het momenteel het slechtst op de arbeidsmarkt. Gedeputeerde Staten van Friesland vindt dat er een Algemene Faculteit in Leeuwarden moet komen met werk voor ongeveer 300 mensen en plaats voor 2000 studenten. Minister Deelman wil in Leeuwarden echter alleen propedeuses rechten en ekonomie. Andere nieuwe opleidingen wil de Minister naar 1985 of later doorschuiven. De twee propedeuses zullen naar schatting 135 studenten en 10 arbeidsplaatsen opleveren. Het weekblad van de Technische Hogeschool Eindhoven, TH-BERICHTEN, bestaat 25 jaar. Men vroeg CvB-voorzitter Ter Heege naar zijn mening over het blad. Ter Heege neemt "anonieme cursiefschrijvers" in het Eindhovens weekblad niet serieus". Ten eerste omdat hij anoniem is, en ten tweede omdat hij een cursiefschrijver is. TH-Berichten is ook maar een eenweeksvlieg. Van wat ze over mij schrijven zal ik nooit wakker liggen". L. V. W.

tilburgs hogeschoolblad weekblad voor de katholieke hogeschool tilburg redaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, angela lodder (assistente) medewerkers paul emonts, wouter van gils, peter pennartz, henk zomer, wilma okkerse, S|ef stoop, klaudie biemans, john versieyen, edwin van den oetelaar, ben beljaars, marijne van der jagt, bert haagsman, hanneke burggraaff samenstelling redaktieraad prof mr p van seters (voorzitter), dr j koning, dr. h van erp, m ackermans (adviseur), a de laaf, drs th schouw, dr m van hoorn, mevr j a m j jansen, h van kleef, drs o p j m broekhof officiële mededelingen buro pers en voorlichting cartoonist ad van haandel, henk van de berg advertenties angela lodder kopij alle kopi) moet uiterlijk op donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn

EERSTE OPROEP: Economen, stem VESÜ GEZOCHT: Squash tegenstander gezocht voor lx per week, dit in de TH sporthal te Eindhoven. Interesse? Bel 040-437401.

redaktie-adres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor thb) 662277 en 662506 intern 2277 en 2506 kamer 207 en 208 (gebouw b)

GEZOCHT: New-wave band voor dito gitarist die niet kan wachten om zijn swingende akkoorden beschikbaar te stellen (ex-ICU). Tel. 367133, Hans.

landelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten ad valvas (vu amsterdam), wagenings hogeschoolblad, utrecht universiteitsblad, delta (delft), th berichten (eindhoven), tht nieuws (twente), observant (maastricht), uk (groningen) en ku-nieuws (nijmegen)

GEZOCHT: Aan alle rechtenstudenten: Recht Vooruit zoekt kandidaten om vanaf september m de fakulteitsraad zitting te nemen. Interesse? Kom 'ns langs (B702) of bel 357412 (Rob).

17 februari 1984

foto rien siers

druk drukkerij em de jong bv, baarle-nassau abonnementen voor met hogeschoolleden f 1 5 , - per jaargang

a


Negatieve verwachtingen over WWO'84

Fractieoverleg moet studenten helpen bij raadswerk "De tijden zijn weer bar". Met deze uitspraa/( opende een uitnodiging voor een gezamenlijl<e bijeenf(omst van studentenfracties in de diverse Tilburgse faculteitsraden en hogeschoolraad. Op de drul< bezochte bijeen/<omst, door de studentenfracties PSF en Konstru/(tief van de Hogesctioolraad belegd, werd vrijdag 10 februari een initiatief ontwikkeld om te komen tot een fiecht overleg tussen de verschillende fracties van studenten die op de hogeschool actief zijn. Een initiatief dat een formele status zou moeten krijgen, zo was de mening van veel aanwezigen. Pas dan zou op krachtige wijze opgekomen kunnen worden voor de belangen van studenten op onder andere het terrein van onderwijs en welzijn. Een nieuw overlegorgaan naast alle reeds bestaande raden en commissies? Niet helemaal, zo bleek tijdens de bijeenkomst. Wat wèl aan het licht kwam was het grote ongenoegen over een gebrekkig verlopende participatie in de bureaucratische raden, niet voor niets de aanleiding tot een dergelijk initiatief Een verslag over een enigszins haperend verlopend middagprogramma. "De bedoeling van het werl< van de studenten in de fracties van de Faculteitsraden en de Hogeschoolraad is om te komen tot een hernieuw/de nadruk op de studentenbelangen. In de nieuwe wet op het wetenschappelijk onderwijs, de WWO '84, zal dat niet eenvoudig worden..." Met deze profetische en strijdvaardige woorden opende filosofiestudent en raadslid Kees Cools zijn bijdrage aan de vergadering van studenten die gedurende dit academisch jaar zitting hebben in de fracties van de faculteitsraden en de hogeschoolraad van de KHT. Met zijn uitspraken vatte Cools in feite de gehele problematiek samen op grond waarvan de vele aanwezige studenten zich die vrijdagmiddag in de aan deftigheid inboetende Portrettenzaal hadden verenigd. "Een hernieuwde nadruk op studentenbelangen" is namelijk op te vatten als een teleurstelling in de mogelijkheden die de befaamde Wet op de Universitaire Bestuurshervorming (WUB) aan studenten heeft geleverd. Deze wet, die gedurende tien jaar in een experimentele hoedanigheid heeft gefunctioneerd, is mede verantwoordelijk voor het "vergadervirus" dat de universiteiten en hogescholen heeft geïnfecteerd. Via dit vergadervirus heeft de universitaire democratie gestalte gekregen, een democratie die door studenten en wetenschappers in het begin van de zeventiger jaren werd bepleit. Niet alleen Kees Cools, maar zeer veel andere studenten-raadsleden in het gehele land die deelnamen aan de verschillende " W U B organen", kwamen tot de conclusie dat via dit vergadervirus de beoogde democratie zeker niet optimaal te realiseren viel. Van de zijde van studenten leidde dit tot een toenemende apathie voor de actieve deelname in raden en commissies. En waar die deelname wel aanwezig was, bestond bij vergaderende studenten een wijdverbreid ongenoegen over de gebrekkige slagvaardigheid om de belangen van een - overigens in omvang minimale - achterban te bepleiten en te realiseren. Klacht nummer één is nog steeds het grote gebrek aan relevante en overzichtelijke informatie over het tot een kolos uitgegroeide ambtelijke apparaat en de talloze overlegcircuits die per vergadering over de studenten heen daverden. De gigantische productie van vergaderstukken maakte het voor veel studenten vrijwel onmogelijk om nog een doelgerichte en effectieve strategie te voeren in het zo ingewikkelde netwerk van de W U B . Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d

Krachtens een besluit van de Staten Generaal zal de W U B dit jaar worden vervangen door de WWO'84. Deze wet werd ontworpen tijdens het onderwijsregime van VVD-minister Pais, en heeft een aantal ingrijpende veranderingen tot gevolg in de bestuurlijke arena van de universitaire instellingen. Oud hogeschoolraads-voorzitter Dr. D. Backx was aanzienlijk minder pessimistisch gestemd over de toekomst van de studenten-raadsleden in het kader van die WWO'84, dan Kees Cools dat in zijn voordracht was. Voor Cools bleek de vervanging van de W U B door die WWO'84 zo ongeveer het afscheid te zijn van datgene wat de universiteit nog aan democratisch gehalte bezat. Backx daarentegen waardeerde het beleid in de WWO'84 juist voor studenten als aanmerkelijk positiever. "In deze nieuwe wet op het wetenschappelijk onderwijs is een veel evenwichtigere aandacht voor de belangen van studenten. Het gaat studenten in de universiteit tenslotte primair om het onderwijs. In de voorbije periode van de WUB is dat mijn inziens nogal eens uit het oog verloren." Backx doelde hierbij op een veel nauwgezettere uitwerking van de rechtspositie van studenten, waarin de WWO'84 kennelijk gaat voorzien. De van studentenzijde veelvuldig

geuite kritiek op de WWO'84, gericht op de in te voeren numerieke meerderheid van wetenschappers in alle raden, werd door Backx gerelativeerd. "Studenten schijnen te vergeten dat wetenschappelijk personeelsleden in welke raad dan ook weliswaar een absolute meerderheid gaan krijgen maar praktisch nóóit een unaniem stemgedrag vertonen. Zij kunnen dus niet worden beschouwd als één hecht blok tegenover de studenten. De realiteit wijst uit dat zij althans gedeeltelijk zeer regelmatig aan de zijde van de studenten staan", aldus Backx. De organiserende studentenfracties uit de hogeschoolraad hadden diezelfde middag twee personen uitgenodigd die deel uitmaken van het uitgebreide ambtelijke apparaat van de Hogeschool. Hen werd gevraagd om korte uiteenzettingen te verzorgen over de bestuurlijke, financiële en personele achtergronden van de inmiddels zeer geruchtmakende bezuinigingsoperatie in het wetenschappelijk

onderwijs, kortweg TVC genaamd. Met deze uitnodigingen werd beoogd de studenten in een kort bestek nog eens extra te informeren over de belangrijkste ontwikkelingen op bestuurlijk niveau in het zo langzamerhand ontoegankelijke labyrint van bezuinigingsbeleid, onderwijspolicy, onderzoeksfinanciering, studentenbeleid en personele formatie. Binnen de hogeschool heeft die TVC (Taakverdeling en Concentratie) inmiddels geresulteerd in een formatieplan dat is vastgelegd in een lijvig rapport, en dat de grondslag moet gaan vormen voor het beleid in de komende jaren. De eerste spreker in dit verband was Drs. P. Snellens, hoofd van de Dienst Economische en Administratieve Zaken van de Hogeschool, en een belangrijke figuur bij de samenstelling van dat formatieplan. Hij leverde een kort en resumerend overzicht over de wijze waarop de jaarlijkse stroom geld van zo'n slordige 75 miljoen gulden vanuit de Staatskas haar weg vindt naar het personeel, de studenten en de inventaris van de KHT. In de toonzetting van de ware manager schetste Snellens het beeld van de KHT als een bedrijf waarop dynamische wijze de magie van het getal zegeviert. Inschrijvingsaantallen, geldstromen, quota, prognoses, rendementsverbetering en andere

items vormden wezenlijke delen van heldere voordracht. De tweede genodigde spreker was Drs. J . van Tuijl, secretaris van de Subfaculteit Sociaal Culturele Wetenschappen (SCW). Met de ironie van een gekweld ambtenaar opende deze zijn betoog voor de aanwezige studentenraadsleden met de uitspraak: "Ik zal zo goed mogelijk verbergen dat ik de secretaris ben van de meest bedreigde faculteit van deze hogeschool, en zal u dan ook niet oproepen om in uw besluitvorming de SSWzoveel mogelijk te ontzien..." Zoals bekend dient de sociale faculteit in Tilburg een fors bedrag op de begroting in te leveren vanwege een teruglopend aantal studenten en een relatief duur wetenschappelijk corps. Van Tuijl benadrukte in zijn betoog geen voorstander te zijn van het botweg saneren van bepaalde afdelingen op een faculteit, om bezuinigingen te kunnen doorvoeren. Zijns inziens zou de sociale faculteit bijvoorbeeld moeten zoeken naar een nieuwe richting van het gehele instituut die zou zijn aangepast aan een beperkter budget, om gedwongen ontslagen als enige veranderingsmogelijkheid te vermijden. Het programmagedeelte dat daarna volgde kreeg een enigszins onduidelijk karakter, omdat er meerdere delen bereikt dienden te worden. Zo kregen de aanwezige studentenraadsleden gelegenheid om discussiepunten en vragen voor te leggen, maar werden vanuit de diverse fracties van faculteitsraden ook korte inventarisaties gegeven van specifieke problemen waarmee men te maken had. Daarnaast moest dan nog een studentenfracties-overleg worden opgericht. Hogeschoolraadsvoorzitter F. Teunissen had niet veel tijd om dit alles uitgebreid aan bod te laten komen, waardoor de bijeenkomst een haperend verloop kreeg, met een weinig gestructureerde gesprekssfeer. Niettemin resulteerde de vergadering in een concreet initiatief voor een reguliere samenwerking tussen faculteitsraadsfracties en de studenten uit de hogeschoolraad. De algemene verwachting was dat via een dergelijke vorm van informatie-uitwisseling het raadswerk van studenten effectiever en ook strategischer zou kunnen worden opgezet. Nadat hiertoe de meest noodzakelijke afspraken gemaakt waren vroeg PSF-raadslid Walter van Eisen aan Dr. M. Rijk van het College van Bestuur terloops nog even of het College bereid was het zojuist opgerichte initiatief ook daadwerkelijk te ondersteunen. Collegelid Rijk, kennelijk wat overrompeld door deze vraag, stelde vast dat er ongetwijfeld voor bruikbare middelen gezorgd kon worden om het overleg tussen de studentenfracties levensvatbaar te maken. Hij wees erop dat naar zijn mening de Dienst Studentenzaken- en Welzijn daartoe het meest geëigende kanaal was. Backx stelde tenslotte voor de goede orde vast dat men niet moest verwachten dat een dergelijk fracties-overleg, hoe lovenswaardig ook, in de huidige bestuursstructuur beslissingsbevoegdheid over zou kunnen nemen van Faculteits- of Hogeschoolraad. In zijn optimale vorm zou het initiatief nooit meer kunnen zijn dan een ondersteuning van het studentenraadswerk zoals dat in de wettelijke structuren wordt geregeld. Een vergelijking met het Centraal Personeels Overleg (CPO) zoals dat op de hogeschool functioneert, leek Backx wat dat betreft het meest op zijn plaats. Wouter van Gils 17 februari 1984


K

eerdere beslissing terug te keren. De koffiekamer blijft dus dicht, zoals eerder was uitgemaakt. De vorige week organiseerden studenten van de psychologische faculteit een aktie om hun eis voor openhouden kracht bij te zetten. Naar nu blijkt heeft dat initiatief weinig zoden aan de dijk gezet. Het College vindt dat de argumenten van de bewoners van gebouw P ook voor andere afdelingen van de hogeschool op zouden gaan. Het College: " W i j zijn er niet van overtuigd dat na sluiting voor de bewoners van gebouw P een onaanvaardbare of ongunstige situatie ontstaat." Het College zegt dat er geen geld is om de koffiekamer open te houden. T.G.

Wetenschappers besteden meer tijd aan onderzoek Volgens berekening van het Centraal Bureau voor de Statistiek wijden wetenschappers steeds meer tijd aan onderzoekswerk. Minder tijd wordt er besteed aan onderwijs en aan 'overige' werkzaamheden. Bij de alfa- en gamma-wetenschap is het aandeel van het onderwijs nog sterker gedaald dan over het algemeen. Uit het onderzoek van het CBS blijkt dat het aandeel van het wetenschappelijk onderzoek in het werk van wetenschappelijk personeel aan universiteiten en hogescholen tegenwoordig 50% bedraagt. Dat was tien jaar geleden nog maar 41 % . Het aandeel van het onderwijs daarente gen nam de afgelopen tien jaar af van 37 naar 3 2 % , dat van de 'overige' werkzaamheden van 12 naar 7 % . Het aandeel van beheer en bestuur nam licht toe van 10 naar 1 1 % . De daling van het onderwijsaandeel is bij de alfa- en gammawetenschappen opvallend veel groter dan bij de bètafaculteiten. Bij de sociale wetenschappen bijvoorbeeld kelderde het onderwijsaandeel met liefst elf procent van 42 naar 31. Het percentage onderzoek nam er met vijftien procent toe, van 34 tot 4 9 % . Deze resultaten zijn gebaseerd op een uitgebreide enquête waaraan 67% van het wetenschappelijk personeel van universiteiten, hogescholen en academische ziekenhuizen heeft meegewerkt. Het persbericht van het CBS merkt op dat de daling van de post overige werkzaamheden met vijf procent waarschijnlijk is toe te schrijven aan het feit dat tien jaar geleden congresbezoek hoofdzakelijk viel onder 'overig werk', terwijl dit in 1982/83 meer onder de categorie 'wetenschappelijk onderzoek' is gerekend. T.G.

Vorige week vrijdag hield theater Noorderligt, de voormalige bioscoop aan de Veldhovenring, open huis voor alle belangstellenden. IVIet optredens van de muziekgroep Terwijl, de Zuidafrikaanse zangeres Busi IVIIango en niet te vergeten de Fanfare van de Eeuwigdurende Bijstand werd de nieuwe culturele accomodatie feestelijk ingeleid. De Fanfare speelde een speciaal 'verbouwingslied': 'Mee hoe weinig geld 't moes. 't Was gewoon Gekkenwerk', aldus susaphonist Zjef Naaykens. Op de foto: een blik in de lege zaal, die zich uitstekend leent voor popconcerten. John Cale, here we comel

Kamer wil nota over studiefinanciering De Tweede Kamer heeft op dinsdag 14 februari de motie van CDA-woordvoerder Lansink en van mevrouw Den Ouden-Dekkers ( W D ) aangenomen, waarin zij de regering vragen om uiterlijk 1 mei aanstaande een nota uit te brengen over de hoofdlijnen van een nieuw stelsel van studiefinanciering. Naar aanleiding van de bespreking van dat rapport in de Twee Kamer moet nog in de loop van dit jaar door minister Deetman een wetsvoorstel worden ingediend. De motie wil dat in het nieuw stelsel de financiële onafhankelijkheid van de student wordt gewaarborgd, maar stelt dat in een "mogelijke overgangsfase" een eigen bijdrage niet behoeft te worden uitgesloten". In

Onthullingen

Met veel beJangsteJling lees ik publikaties over de geschiedenis van mijn eigen vak (psychoJogie), maar telkens weer valt het me op hoe vreselijk braaf de auteurs te werk gaan. Interessante feiten worden aangestipt, maar daarna zwijgt de schrijver snel. In 1938, bijvoorbeeld, werd het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) opgericht. In zijn "Geschiedenis van de Nederlandse psychologie" schrijft L.K.A. Eisenga; "Een van de factoren die bij het ontstaan van het NIP een rol speelden, was een onenigheid tussen Waterink en fiévész over de selectie van kadetten voor de KMA in Breda." Na zo'n zinnetje ga ik er eens lekker voor zitten, want ik verwacht dat de auteur nu precies zal vertellen hoe de ruzie tussen die twee mensen verliep. Maar Eisenga gaat hier niet verder op in; hij snijdt snel een ander punt aan. Eisenga wist heel goed hoe die ruzie over die selectie van kadetten in elkaar zat, maar hij durfde het niet op te schrijven: dat zou maar ruzie opleveren met de geestelijke erfgenamen van de betrokkenen. Volgens mij is het Nederlands Instituut van Psychologen als volgt ontstaan. Professor flévész (GU) had een bijbaantje: hij selecteerde kadetten. Révész was van afkomst een Hongaar. Professor Waterink (VU) wilde óók wel een bijbaantje. Hij liep daarom naar de minister en maakte hem diets dat er sprake was van een onhoudbare toestand: in deze tijd vol oorlogsdreiging f1938) was het toch heel gevaarlijk om Nederlandse kadetten door een buitenlander (een Hongaar/) te laten selecteren? Toen de minister dat hoorde, vond hij dat Waterink gelijk had. Hij ontnam Révész het bijbaantje en gaf aan professor Waterink de opdracht om voortaan zorg te dragen voor de selectie van kadetten voor de Bredase KMA. Uiteraard accepteerde Waterink die opdracht. Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d

het nieuwe stelsel moet volgens de beide kamerleden worden uitgegaan van een "toereikend budget voor levensonderhoud en studiekosten te financieren via een beurs, een rentedragende lening en een eigen bijdrage." Tégen de motie stemden de meeste kleine partijen van rechts en links. B.B./U.P.

Koffiekamer gebouw P blijft dicht In antwoord op het verzoek van een groep psychologiestudenten en van de hogeschoolraad om de koffiekamer in gebouw P niet te sluiten, heeft het College van Bestuur laten weten niet op zijn

Q

Wie zijn 'interne kandidaten'? Het College van Bestuur van de Tilburgse hogeschool heeft pasgeleden een omschrijving gegeven van die personeelsleden die bij een interne vacature voorrang krijgen op sollicitanten van buiten de hogeschool. "Interne kandidaten" zijn allereerst zij die op een formatieplaats of anderszins zijn aangesteld op grond van de begroting van de KHT. Met uitzondering overigens van student-assistenten en doorstromers. Een tweede categorie van interne kandidaten wordt gevormd door de groep die bij de KHT in dienst zijn geweest, door gedwongen ontslag de hogeschool hebben verlaten een daarna, "gedurende twaalf maanden na ontslagdatum" geen passende functie elders hebben kunnen vinden. Ook de medewerkers, die in dienst zijn van de stichtingen en instituten waarmee de hogeschool samenwerkt, behoren tot de groep van interne kandidaten. Maar zij zullen, evenals degenen die in dienst zijn van de KHT zonder op een formatieplaats te zijn aangesteld, bij een sollicitatieprocedure toch de voorrang moeten geven aan de vast aangestelden van de KHT zelf en aan de groep van ontslagenen. J_Q^

Révész vond dit een smerige streek. Hij wilde dat Waterink door de Nederlandse psy-1 chologen tot de orde zou worden geroepen. Maar dan moest er eerst een organisatie I van psychologen komen, want die was er nog niet. En zo werd het NIP opgericht: een [ heel instituut om één professor op zijn donder te geven. De eerste voorzitter werd een 1 Groningse hoogleraar fBrugmans). Die had echter geen zin om zich aan Waterink te branden; hij liet Révész maar razen. De ruzie is nooit bijgelegd; in het NIP is ook nooit | een uitspraak gedaan over de ethische kant van Waterinks truc. Waarom zijn geschiedenislessen van de psychologie zo vreselijk tam geschreven? | Waarom durven historici nooit eens lekker diep op ruzies in te gaan? Ruud Abma publiceerde onlangs een boek over de geschiedenis van de Nijmeegse psy-1 chologie. Vol verwachting ben ik dat boek gaan lezen, want Nijmegen: daar moet toch I wel één en ander gebeurd zijn.' Helaas: ook Abma is een brave pennelikker. Hij vertelt bijvoorbeeld hoe de psychiater Anna Terruwe en de redemptorist W. Duynstee in moeilijkheden komen. Zij behandelden "celibatairen" fde term is van Abma) volgens de methode van de "rationele psychologie". Wat dat precies is, wordt onduidelijk. Wel schrijft Abma dat Duynstee en Terruwe er omstreeks 1950 van werden beschuldigd | dat zij hun cliënten adviseerden om "ongeoorloofde sexuele handelingen te verrichten". Weet u nu al wat die paters en nonnen van Terruwe en Duynstee mochten doen? "Ongeoorloofde sexuele handelingen": welke handelingen, hoe vaak, met wie, onder welke omstandigheden? Hoe ziet het receptenboekje van de rationele psychologie er in I Nijmegen eigenlijk uit? Ik heb niet in die plaats gestudeerd, dus ik weet helemaal niet | wat ik me daar bij voor moet stellen. Abma schrijft er niets meer over. Hij vertelt alleen nog dat Duynstee en Terruwe zich 1 in 1950 ten overstaan van de kerkelijke autoriteiten van alle blaam wisten te zuiveren, hoewel de verdachtmakingen niet ophielden. Hoe lukte het de twee verdachten om zich van alle blaam te zuiveren? Welke argumenten waren doorslaggevend? En welke mensen zorgden ervoor dat de verdachtmakingen door bleven gaan? De historicus houdt zich van den domme. Ik denk dat ik maar eens rationele psychologie ga studeren. Desnoods in Nijmegen. 17 februari 1984


Mahieu en Vromen begonnen na hun kandidaatsstudie economie aan de wijsbegeerte-opleiding. Ze behoorden tot de eerste studenten van de Cl F, die in 79 van start ging met een inhaalprogramma om de studenten bij te spijkeren op filosofisch gebied. "In de eerste jaren van de economie-op/eiding is mijn belangstelling voor filosofische vraagstukken geïntensiveerd," vertelt Vromen. "Dat had voor een deel ook te maken met een gevoel van onvrede met de economie-opleiding omdat die fundamentele vragen onbeantwoord liet. Voor mij hield het toch een beetje te vroeg halt." In het midden van de jaren zeventig vonden er een aantal grote economische debatten plaats aan de KHT. Wie herinnert zich uit die tijd niet de confrontatie tussen Van de Goorbergh en Van Rossum en de in een ruziesfeer eindigende katheder-problematiek tussen Heertje en Mandel? "Bij het Heertje-Mandel debat zag je twee fundamenteel verschillende opvattingen over de economie tegenover elkaar staan. Die mensen kregen ruzie omdat er een soort spraakverwarring over de gehanteerde begrippen ontstond. Het ontbrak ze aan het geduld om het elkaar uit te leggen. Nou, dat gebrek aan communicatie is voor mij wel een belangrijke reden geweest om filosofie te

Eerste Tilburgse filosofen afgestudeerd

Anders dan de handboeken op het gebied van het economisch denken besteden Mahieu en Vromen ook aandacht aan de ontwikkelingen en verschillen binnen de stromingen in de economie: "In handboeken krijg je een mooie afgerond, gaaf beeld van een stroming voorgeschoteld, met een fraai omschreven theoretische kern die op duidelijke punten afwijkt van die van andere stromingen. In de praktijk is het niet zo gemakkelijk: wij zijn tot de conclusie gekomen dat er tussen stromingen, die elkaar vaak fel bestrijden, af en toe ook duidelijke overeenkomsten bestaan. Aan de andere kant zie je binnen stromingen weer opmerkelijke verschillen. Dat leidt tot een wat genuanceerder beeld." Vromen: "Als je gaat kijken naar de theoretische kaders van economen, waarvan de een zich 'keynesiaan' en de ander zich 'monetarist' noemt, is het goed mogelijk dat ze eigenlijk hetzelfde kader gebruiken. Je ziet af en toe dat economen 'vreemde' motieven gebruiken om zich te profileren tegenover hun collega's. Dan hebben mensen blijkbaar wèl de neiging om zich tegen anderen af te zetten, maar is dat niet gebaseerd op theoretische verschillen."

a

'Tconomie-opleiding liet fundamentele vragen onbeantwoord" gaan studeren," aldus Mahieu. Het studeren binnen de kleine Interfaculteit stond in aangename tegenstelling tot de studie aan een mammoetfaculteit als economie, waar de anonimiteit overheerst, zo blikken de beide filosofen terug. "Dat zie je ook terug in het verschillend functioneren van de faculteitsraden," y'mót Mahieu. "In de economische faculteitsraad wordt veel meer een confrontatiepolitiek gevoerd. Bij de CIF daarentegen is de helft van het wetenschappelijk personeel actief in de raad of in het faculteitsbestuur. De andere helft zit in commissies. Dan krijg je een situatie waarin iedereen over alles beslist." "De opbouwfase waarin de CIF verkeerde was ook van invloed op de opstelling waar je als raadslid voor kiest," aldus Mahieu en Vromen, die beiden ook in de faculteitsraad actief waren. "Er moest gewoon iets van de grond worden getild, daar ben je dan met z'n allen verantwoordelijk voor. Bij de economische faculteit, waar alles al vast ligt, is het veel gemakkelijker om je kritische stellingname kwijt te kunnen." Terwijl zij vlak voor hun afstuderen stonden, kregen Mahieu en Vromen te maken met de vreemde situatie dat een deel van het curriculum van de CIF nog niet vast stond. Voor hun afstuderen moesten zij kiezen uit een onderwijs- en een onderzoeksvariant, waarvan de invulling

Onlangs heeft de Tilburgse Centrale Interfaculteit Wijsbegeerte de eerste afgestudeerde filosofen afgeleverd. Frans Mahieu en Jac Vromen studeerden af in de specialisatie Wijsbegeerte van het Economisch Wetenschapsgebied. Ze schreven samen een werkstuk over hedendaagse stromingen in de economiebeoefening. "Dankzij de filosofie-opleiding is onze belangstelling voor economie weer opgeleefd", aldus Mahieu en Vromen, die nu werken aan de afronding van hun economie-studie. in september '82 nog in het luchtledige hing. Inmiddels is duidelijk dat afstudeerders met belangstelling voor het onderwijs de opleiding tot leraar maatschappijleer aan de sociologische faculteit kunnen volgen om in een half jaar tijd de nodige didactische vaardigheden aan te leren. Mahieu en Vromen kozen voor de o/7c/e/zoe/fsvariant. In het geval hield dat in dat zij de 5e jaarscursus 'politieke economie en maatschappelijke orde' (PEMO) volgden. De beide studenten konden in hun afstudeerjaar 5 maanden als student-assistent aan de VU in Amsterdam werken. Gedurende die maanden konden ze zich volledig op hun onderzoek toeleggen. Zo legden ze de basis voor hun afstudeerwerkstuk over hedendaagse stromingen in de economische wetenschap, dat mogelijk in een later stadium voor onderwijsdoeleinden aan de VU zal worden gebruikt.

STROMINGEN Voor hun afstudeerwerkstuk maakten Mahieu en Vromen gebruik van een weinig gangbare opzet: "We zijn eerst gaan kijken naar wat economen zélf in hun geschriften naar voren brengen: bij welke stroming brengen zij zichzelf onder, hoe 'noemen' economen zichzelf? Daarbij hebben we de centrale kenmerken van een stroming en de kritiek op andere stromir^gen verzameld, zoals economen die zelf hanteren. Het lijkt nogal voor de hand te liggen om op deze wijze te werk te gaan, maar meestal worden op voorhand al criteria geïntroduceerd om stromingen van elkaar af te grenzen. Dan zie je dat mensen die eerste fase overslaan, of ze vooronderstellen die fase," aldus Vromen. "Wij vinden het juist een noodzakelijke eerste stap om dan vervolgens de kijken welke criteria je zou kunnen hanteren om na te gaan of de stromingen ook écht van elkaar afwijken."

Zwaartepunt-financiering Sociale Wetenschappen De verdelingsproblematiek in de sociale zekerheid, het thema 'aandacht', de veranderende vormen van stedelijkheid en de sociaal-culturele ontwikkelingen in Nederland. Dat zijn de vier onderzoeksgebieden die de Tilburgse hogeschool in' aanmerking wil laten komen voor zwaartepuntenfinanciering binnen de sociale wetenschappen.

Tilburgs Hogeschooiblad

Het College van Bestuur heeft de voorstellen voor de 'verdelingsproblematiek in de sociale zekerheid' en de 'veranderende vormen van stedelijkheid' ingediend bij de Commissie Discipline Advies Sociale Wetenschappen. In een schrijven aan de Commissie heeft het CvB ook ingestemd met het voorstel 'Aandacht' en het voorstel 'Sociaal-culturele ontwik-

kelingen'. De prioriteit ligt voor het college echter duidelijk op het sociale zekerheidsonderzoek, omdat daaraan de beide subfaculteiten van de Tilburgse instellingen kunnen deelnemer. Ook ziet men een mogelijke bijdrage van de in oprichting verkerende Sociale Zekerheidswetenschap in het verschiet. En zelfs de economische en juridische faculteit ko-

CARTOGRAFIE Middels een uitgebreide literatuurstudie, waarin vooral de 'klassieke auteurs' en de 'standaardwerken' van de verschillende stromingen werden bestudeerd, kwamen Mahieu en Vromen zeven hoofdstromingen op het spoor. De naoorlogse economiebeoefening kan daarmee redelijk in kaart worden gebracht, menen de filosofen, al blijven ze toch overtuigd van de betrekkelijkheid van een dergelijk streven. Dat blijkt ondermeer uit het prachtige citaat van de Argentijnse schrijver Jorge Luis Borges dat ze als motto bij hun werkstuk opnamen. Borges spreekt in dat citaat over de IJzeren Strengheid van de Wetenschap: "...In dat Rijk bereikte de kartografiekunst zo'n graad van Perfektie, dat de Kaart van één enkele Provincie de ruimte van een hele stad besloeg, en de Kaart van het Rijk een hele Provincie. Mettertijd voldeden deze Mateloze Kaarten niet en de Kolleges van Kartografen brachten een Kaart van het Rijk, die de Afmeting van het Rijk had en op elk punt hiermee overeenstemde. De Studie van de Kartografie minder Toegedaan, vonden Volgende Generaties dat die uitgestrekte Kaart Nutteloos was en met zonder Liederlijkheid leverden ze hem over aan de Onbarmhartigheden van de Zon en de Winters." L.K.

men bij dat onderzoek voor deelname in aanmerking. De gelden voor het nieuwe onderzoek zijn door de minister in het vooruitzicht gesteld in het kader van de zes miljoen gulden die jaarlijks - als gevolg van het taakverdelingsplan - voor stimulering van het onderzoek binnen de sociale wetenschappen is vrijgemaakt. T.G.

17 februari 1984


ONDERZOEK

en Vakbekwaamheid Het afgelopen jaar heeft sterk in het teken gestaan van het midden- en kleinbedrijf (MKB) en het ambacht. De KHT heeft hieraan meegewerkt door een groots Europees congres over de problematiek van het midden- en kleinbedrijf te organiseren. De studentenvereniging VITE heeft haar steentje bijgedragen door een inventarisatieonderzoek te doen naar Europese onderzoeksinstituten, die zich met het MKB en het ambacht bezig houden. Er zijn enkele boeken gepubliceerd over kleinschalig ondernemen. Naast deze activiteiten heeft het IVA, Instituut voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek te Tilburg, samen met het Economische Instituut voor Midden- en Kleinbedrijf in 's-Gravenhage een onderzoek ingesteld naar de aansluitingsproblemen tussen de vraag naar en het aanbod van arbeid in het ambachtelijk midden- en kleinbedrijf. Dit onderzoek resulteerde in een boek met als titel "Arbeidsmarkt en Vakbekwaamheid" samengesteld door drs. A.W. Maas en drs. J.C. Toppen, waarover deze recensie. Het ambacht en de kleine nijverheid in Nederland bieden werk aan ongeveer 730.000 werknemers goed voor circa 43 miljard gulden van het Nationaal Inkomen. In 1979 verscheen er een interimrapport over de problematiek van de moeilijk vervulbare vacatures in het ambacht, uitgebracht door de SociaalWetenschappelijke Adviescommissie voor het Ambacht. Mede tengevolge van een gebrek aan vakbekwame krachten telde het ambacht een derde van alle bestaande moeilijk vervulbare vacatures, een groot probleem voor bedrijven met minder dan tien werknemers. Deze resultaten waren voor het Hoofdbedrijfsschap

voor Ambachten in 1980 aanleiding het Economisch Instituut voor het Middenen Kleinbedrijf (EIM) en het Instituut voor Sociaal-Wetenschappelijk Onderzoek (IVA) te vragen om een onderzoek naar vraag en aanbod van arbeid in kleine ambachtsbedrijven. Het onderzoek van Maas en Toppen, is op te delen in drie fasen. Ze begonnen met een oriëntatie van het probleemveld en hebben na een literatuurstudie gesprekken gevoerd met deskundigen en vertegenwoordigers van de verschillende branches. Aan de hand van deze gespreksinformatie en de nota 'Knelpunten op de arbeidsmarkt' van het Ministerie van Sociale Zaken zijn de problemen van het ambacht in kaart gebracht. Met deze informatie had men stof voor een aantal vooronderstellingen en is men gaan discussiëren met twaalf groepen mensen. Deze gespreksgroepen waren samengesteld uit vertegenwoordigers van verschillende branches (werkgevers en werknemers) en diverse instellingen en organisaties (onder andere beroepsopleidingen). De informatie van deze groepsdiscussie heeft men tenslotte in een derde onderzoeksfase geëvalueerd en tot uitgebreide beleidssuggesties verwerkt. Een van de belangrijkste vooronderstellingen waar men de discussies mee startte, was dat de kenmerken en voorkeuren van de vacatures en de werkzoekenden niet op elkaar aansloten. In de loop van het onderzoek echter kwam hier verandering in. Door de explosief gestegen werkloosheid werden andere tendensen belangrijker. Oudere werknemers krijgen steeds geringere werkgelegenheidsperspectieven en de opleiding van jongeren

sluit alsmaar minder aan op de zich snel vernieuwende ambachtelijke bedrijven. Die bedrijven zijn ook zo verschillend dat er geen uniforme opleiding zou kunnen bestaan om voor elk beroep een vakman af te leveren. Aan de andere kant zijn de bedrijven - mede door de economische druk - ook niet kapitaalkrachtig genoeg om zelf (jonge) mensen op te leiden terwijl net de vakbekwaamheid zo belangrijk is voor het ambacht. Die vakbekwaamheid zorgt ervoor of die kapper, electricien, metaalbewerker of banketbakker het hoofd boven water kan houden. De werkgevers constateren een sterk verminderde belangstelling vooral bij jongeren om werk te zoeken in het ambacht. Dit komt volgens hen omdat er nog steeds een negatief beeld is van het ambacht. Men hoort nog steeds 'koekebakker' en 'dradentrekker' ondanks het feit dat er de laatste tijd een kentering in de waardering van het ambachtelijk werk te signaleren valt. Vakbonden zijn van mening dat een verbetering van de arbeidsomstandigheden het image sterk kan verbeteren. Dan zullen meer jongeren kiezen voor een vakopleiding en zo kan het ambacht voldoende vakbekwame mensen aannemen. Behalve het image zit er echter nog meer fout: de gebrekkige - vaak achterhaalde - opleiding en de rol van het Gewestelijk Arbeidsbureau. Zowel werkgevers als vakbonden hebben kritiek op het functioneren van het GAB. Het GAB kent de bedrijven niet goed, kent de inhoud van ambachtelijke functies en de eisen die de uitvoering van het werk stelt slecht. Maar, door de nog steeds toenemende werkloosheid zit het GAB al met een

overbelasting, dus veel extra's kan men van het GAB niet verwachten. Door de diversiteit van het ambacht zelf maar ook van de betrokken partijen komen de beleidssuggesties enigszins verbrokkeld over. In deze studie is het ambacht ontleed en in kaart gebracht. Gevolg: men heeft zo ongeveer voor elk puntje een beleidssuggestie. Dit is jammer maar onvermijdelijk. Geïnteresseerden kunnen het boek "Arbeidsmarkt en Vakbekwaamheid in ambacht en kleine bedrijven" bij het IVA kopen voor veertig gulden. B. Peters

Onmogelijke opdrachten op alternatieve sportdag Pendragon Je hoeft niet over stalen spieren of een onuitputtelijke conditie te beschikken om samen met Pendragon feest te vieren. Iedereen, ook mensen die niet van sport houden, kan meegenieten van het elfde lustrum van de studentensportvereniglng. Pendragon vindt het veel te saai als er na 55 jaar alleen gewone sport-toernooien op het feestprogramma staan.

Daarom organiseert ze om te beginnen aanstaande donderdag 23 februari een 'alternatieve sportdag'. Met een team van ten hoogste zes mensen kun je meedoen aan goalbal, koersbal, gardirol, unicuri en tafelvoetbal. Nooit van gehoord? Geen probleem, want de spelregels zijn vrij simpel. Bij goalbal scoor je punten door een bal met spelletjes tegen de bank van het andere team aan te rollen. Niet-blinde spelers worden hierbij wel geblinddoekt. Koersbal is een soort jeu-de-boule, alleen de ballen zijn niet rond zodat ze niet de door jou geplande koers volgen. Gardirol lijkt op kegelen, maar de baan loopt in een Uvorm. Unicuri is een indoorvorm van het Schotse ijscurling, maar daar word je waarschijnlijk niet veel wijzer van. Je probeert om grote gladde schuiven op een speciale mat in een cirkel met de meeste punten te schuiven. Onmogelijke opdrachten dus, maar wie weet, misschien komen je verborgen talenten wel naar boven. Als je voor tien uur 's avonds een beetje bijgekomen bent van de slappe lach, kun je weer meedoen aan een dropping. Terugkomen is zeker interessant als je weet dat Noud, de conciërge van de sporthal, zelfgemaakte snert klaar heeft staan. En volgens insiders is dit een oer-hollandse erwtensoep die je van uren afstand ruikt. Bovendien is er

Tilburgs Hogeschoolblad

vanaf tien uur een groot feest in de studentensporthal. Mensen die niet in teamverband meedoen kunnen de hele dag proberen om een wereldrecord flipperen, darts, sjoelen, basket-doel gooien, doelschieten of paraplu-hangen te vestigen. Mensen die liever met hun hoofd werken mogen om twee uur en om zes uur simultaanschaken tegen Hans Moors en Max Merbis, die van dertig schakers tegelijk denken te kunnen winnen. Alle kampioenen op de alternatieve sportdag verdienen een fles drank. De lustrumcommissie van Pendragon werkt met veel enthousiasme aan het feestprogramma, dat negen maanden duurt. En er zijn nu al mensen die zich opgeven voor evenementen later in het jaar. Vooral de stepestafette naar Leuven, die eind maart op het programma staat, en het 'rondje Tilburg', een estafetteloop in de omgeving van de stad tijdens de afsluitende feestweek in oktober, zijn nu al razend populair. Alle studenten en personeelsleden van de Hogeschool, en studenten van de HBO-instellingen in Tilburg kunnen zich met een team voor de alternatieve sportdag opgeven. Als je nog geen aanmeldingsformulier hebt, kun je er in de studentensporthal een krijgen. Voor de individuele 'sporten' hoef je je niet in te

schrijven, maar schakers worden wel verzocht om zelf een schaakbord mee te brengen. Een sportkaart is niet nodig, en de hele dag kost je alleen vijf gulden als je 's nachts ergens in de bossen gedropt wil worden. De alternatieve sportdag begint 's middags om twee uur in de studentensporthal. K.B. café met o.a. 13 koffiespecialiteiten! restaurant dagelijks een steeds variërend DAGMENU voor / 15,00 bar geopend van woensdag t / m zondag vanaf 21.00 uur.

DN

BEIAARD

Heuvel 22, 5038 CP TBburg Tel.: 013-365324 17 februari 1984


Vlotte samenwerking met Puno

Nuffic werkt aan Peruaanse Peru, 13 januari 1984 Terwijl op de 'Piazza de Armas' in Cuzco de universiteit San Antonio Abad, gevestigd in een 17e eeuv\/s voormalig Jezuïetenklooster door de studenten werd bezet en door de 'Guardia de Asalto' (oproerpolitie) werd belegerd, had ik een paar straten daar vandaan, in een café een gesprek met Kees Prins over het werk van NUFFIC, ontwikkelingswerk en het verzet van de Peruaanse studenten tegen de nieuwe wet op de universiteiten. Kees Prins werkt als de Nederlandse representant in een samenwerkingsproject tussen de universiteiten van Tilburg, Leiden en Amsterdam enerzijds en de universiteiten van Cuzco en Puno in Peru anderzijds. Het Nuffic (Netherlands University Foundation for International Cooperation) is de instantie die de samenwerking tussen de Nederlandse universiteiten en universiteiten in Derde Wereld landen stimuleert. In totaal is het Nuffic in een dertiental landen actief. Naast het project Peru zijn er ook universitaire samenwerkingsverbanden in Nicaragua, Vietnam, Tanzania en Indonesië. De activiteiten bestaan uit projecten in het zogenaamde PUO-programma - Post Universitaire Ontwikkelingssamenwerking. Naast dit formele samenwerkingsverband tussen de drie genoemde Nederlandse universiteiten en de universiteiten van Zuid-Peru is er bijvoorbeeld ook nog een project van de Utrechtse universiteit op vakgroepsniveau, die via de faculteit van veeartsenijkunde een relatie heeft met een alpacateeltproject in Puno. Het samenwerkingsverband is eind 1979, begin 1980 gestart en afgelopen jaar in april voor een tweede fase van drie jaar verlengd. Vanuit Tilburg wordt deze relatie ondersteund door Hans de Wit van Bureau Buitenland. Eind 1985 bestaat er de kans dat het 'convenio' nog eens voor een driejarige afbouwperiode wordt verlengd. Maar dan moet, volgens Kees Prins, Peru het werk wel geleidelijk aan overnemen. Hij zou zich dan kunnen terug trekken, zodat er verder kan worden gebouwd op de zelfstandigheid van de Peruaanse kant. Zijn taak als vertegenwoordiger van de Nederlandse kant bestaat uit een soort toezichthoudende functie op het invullen van de verschillende projecten; zowel op sociaal-economisch terrein, als meer technisch georiënteerde projecten op het vlak van civiele bouwkunde, architectuur en veeartsenijkunde. Er lopen projecten in landbouwkunde, gezondheidszorg, huizenbouw en sociaal-wetenschappelijk onderzoek. De filosofie van dit 'convenio' is het werken aan de Peruaanse zelfstandigheid. Nederland gaf vooral financiële steun waarmee Peru eigen onderzoek kon opzetten. Streefdoel is dat dit soort onderzoek onderdeel uitmaakt van de plaatselijke universiteiten, zodat ze zich gaan bezighouden met de problemen in hun eigen streek. De kanf op verlenging van het 'convenio' is groter voor Puno dan voor Cuzco. In Puno verloopt de samenwerking beter dan in Cuzco. Daar kreeg het project al het eerste jaar een vast onderkomen, terwijl dit in Cuzco pas drie jaar later gebeurde. Een zwervend bestaan van het ene lokaal naar het andere maakte het bijzonder moeilijk om een bibliotheek op te zetten. Zo'n bibliotheek was nodig

Tilburgs Hogeschoolblad

se - en een forellenkwekerij opgezet met Nederlandse gelden uit zogenaamde KAP-projecten: Klein Ambassade Projecten, dit zijn projecten waarvoor slechts enkele tienduizenden guldens ter beschikking worden gesteld. In Cuzco kent men ook deze practisch gerichte onderzoeken. Zo heeft men voor de buitenwijken van Cuzco een ontwateringssysteem opgezet. Aan dit project namen zowel mensen uit de wijken zelf als de plaatselijke autoriteiten deel, een uitzonderlijke combinatie.

STAGES

Markt in Peru omdat de universitaire bibliotheek veeleer een verzameling is van archieven en oude boeken, waarin moderne literatuur ontbreekt. De bibliotheek van het Nuffic is gefinancierd met Nederlandse gelden. Van die bibliotheek wordt veelvuldig gebruik gemaakt door Peruaanse studenten. "Het zit er altijd bomvol". Oorzaak van de moeilijkheden in Cuzco is volgens Kees Prins het feit dat een andere rector, dan de rector die nu betrokken is bij de uitvoering, het 'convenio' heeft getekend. De universiteit van Cuzco heeft in haar bijna driehonderd jarig bestaan al meerdere 'convenios' gekend, terwijl de veel jongere universiteit van Puno veel meer gemotiveerd is tot samenwerking. Cuzco zit meer vastgebakken in oude structuren, terwijl Puno er hard aan wil trekken. Daarbij komt dat Puno veel meer plattelandsuniversiteit is, waarbij landbouwkunde en veeartsenkunde de centrale opleidingen vormen. In Cuzco zijn de faculteiten georiënteerd op andere gebieden; zoals toerisme en bouwkunde, waardoor men verder af staat van de boeren in de 'campo'. Puno heeft verschillende onderzoekscentra op het platteland, bruggehoofden om de kloof tussen de denk- en leefwereld van de universitaire wetenschappers en die van de boeren te dichten. Tussen deze twee werelden is in Puno een vertrouwensrelatie gegroeid. Men streeft er naar in te spelen op de eigen oude kennis van de boeren, waarbij de universiteit ondersteunend werkt. Zo hoopt men de levensomstandigheden van de boeren te verbeteren. Voorbeelden waar dit goed gelukt is, zijn twee projecten in het dorp Santa Rosa. Hier werden een irrigatieproject - met een terrasherbouwproject als tweede fa-

Een ander gespreksonderwerp was de mogelijkheid om een stage in Peru te vervullen door (Tilburgse) studenten. Volgens Kees Prins zijn de moeilijkheden met betrekking tot de Nederlanders de laatste maanden verminderd. Belangrijk is dat men bij een goede organisatie terecht komt, zoals bijvoorbeeld het DESCO (Centro de estudios y promoción del desarrollo). Wel vindt hij dat de studenten over het algemeen voor een veel te korte tijd komen. Door twee of drie maanden in een dorp te gaan zitten kan men nauwelijks een goed inzicht krijgen in de problemen. Al pratend over studenten komen vervolgens de nieuwe wet op de universiteiten (ley 23733) en de daaruit voortvloeiende studentenonlusten ter sprake. Kees Prins ziet als positief punt in de nieuwe wet dat elke professor naast zijn onderwijstaak ook onderzoek moet doen. Dit schept de mogelijkheid tot sociaal gericht onderzoek. Alles is echter erg vaag gesteld en er komen van overheidswege nauwelijks middelen. Er staat alleen; " d e staat moet de universiteiten de middelen verschaffen", maar verder wordt dit open gelaten. De universiteiten moeten daarom eigen middelen opbouwen, via steun van derden. Het bezwaar van de studenten tegen de nieuwe wet richt zich vooral tegen het feit dat ze niet vertegenwoordigd zijn op bepaalde niveau's. Ze bezetten een derde van de zetels van de universitaire assemblees en het universitaire bestuur, maar ze willen ook vertegenwoordigd zijn in het Rectorencollege op nationaal niveau. Naast deze formele uitsluiting van studenten werkt de wet ook nog op een andere manier belemmerend voor diegenen die studeren en bestuurlijk werk doen. Er wordt geëist dat alleen de 'regelmatige studenten' raadswerk mogen verrichten. Aangezien er geen studiebeurzen in Peru zijn, zijn veel studenten werkstudent. Daarbij heeft men ook nog eens de studieëisen zwaarder gemaakt. Volgens de studenten is de wet anti-democratisch en worden de particuliere universiteiten bevoordeeld boven de staatsuniversiteiten. Eenzelfde reactie komt van de kant van de drie Peruaanse studentenorganisaties FEP (Federación Estudiantes del Peru), FENDAP en FENTUP. Het eigenlijke motief van het studentenprotest in Peru zit waarschijnlijk dieper. Het is een protest tegen de huidige situatie van Peru en tegen de regering Beléunde. Dit wordt verwoord in de reactie van de studenten: "Somos estudiantes y no agitadores, agitadores son el hambre y la miseria, el hambre y la miserie son obra del gobierno". (Wij zijn studenten en geen agitatoren. De agitatoren zijn de honger en de misère. De honger en de misère zijn het werk van de regering).

Rector van de universiteit in Puno Dr. J.A. Bustinzo Menendez en KHT oudrector prof. dr. G.M. van Veldhoven (links) tijdens het werk aan een verklaring over de Nederlands-Peruaanse universitaire overeenkomst in juni 1982. Toen ik na het gesprek met Kees Prins weer bij de universiteit op het 'Plaza de Armas' kwam, was de bezetting daar op een vreedzame wijze beëindigd. Dit in tegenstelling tot een studentendemonstratie de dag ervoor (12 januari) in Lima, die uitliep op een grote veldslag in het centrum, waar meer dan 150 gewonden vielen. In Cuzco bleef het bij een charge met waterkanonnen, wat stenen en een verdwaalde traangasgranaat. De schijnbare rust is teruggekeerd, waarbij in een van de hoeken op het plein nog een pantserwagen - bekend merk van onze oosterburen - staat opgesteld, uitgerust met twee waterkanonnen, die nog de zichtbare sporen draagt van menig voorgaande demonstratie. „ „ , ^ Bart Schaap vervolg van pag. 1

Algemeen Schema Deetman gaat iets uitvoeriger dan tot dusver in op zijn idee om de toewijzing van middelen meer op de 'output' van het onderwijs af te stemmen. Dat wil zeggen: niet de raming van het aantal eerstejaars, maar die van het studierendement is bepalend voor de financiering van het onderwijs. Zwak punt was en is, dat hij daarbij gebruik denkt te maken van prehistorische (uit 1970) uitstroomgegevens. Maar, zegt de minister nu, ik zal niet uitsluitend van dergelijke gegevens gebruik maken. De instroom telt ook. Waar het hem om gaat, is dat studierichtingen met een hoog rendement meer ontvangen dan gelijke richtingen elders die er minder van bakken. Het Calvinistisch principe van 'wie niet werkt, zal ook niet eten' blijkt ook op andere plaatsen in het schema, bijvoorbeeld waar staat dat elke vier promoties leiden tot de toekenning van één extra plaats voor een wetenschappelijk personeelslid. Voor het eerst zit in het schema nu ook een model voor de taken van het nietwetenschappelijk personeel. Een werkgroep is bezig dit model te vervolmaken. De minister klaagt erover dat hij nog steeds geen behoorlijk inzicht krijgt van wat de instellingen nodig hebben aan spullen (ondergebracht in het hoofdstuk 'overige plaatsen'). Noodkreten genoeg van geprangde wetenschappers 'op de werkvloer', maar informatie, ho maar! Het planningoverlegorgaan heeft in december overigens besloten daar iets aan te gaan doen. Bert Kieboom/UP

17 februari 1984


"

Europees onder zoeksbehid oogt mooi Dat de Europese eenwording na zo'n dertig jaar meer kreukels en barsten te zien geeft dan 'eenheid', kan na de top van Atliene niemand meer zijn ontgaan. De belangrijkste oorzaak is dat het fun­ dament van de Europese Gemeenschap (EG), het landbouwbeleid, verouderd en aan het verzakken is. Toen dat in de na­ oorlogse jaren gestalte kreeg, was er dui­ delijk gemeenschappelijk belang van de lidstaten; het veiligstellen van de eigen voedselvoorziening. Het antwoord was een gezamenlijk landbouwbeleid; de ei­ gen markt afschermen door 'buitentarie­ ven', stabiliseren van de prijzen en ga­ randeren van het inkomen van de boe­ ren. Nu, zo'n twintig jaar later, slokt dit landbouwbeleid bijna 70% van het hele budget van de EG op ter bekostiging van gigantische boterbergen, melkplassen en wijnzeeën. Het landbouwbeleid heeft tè goed gewerkt. De eigen voedselvoorziening is het pro­ bleem niet meer, maar er zijn wel andere problemen; intern met betrekking tot de verschillen tussen de lidstaten onderling en naar buiten toe met de tanende eco­ nomische kracht van Europa ten opzich­ te van Japan en de Verenigde Staten. Met de uitbreiding van de EG naar tien lidstaten (en in de nabije toekomst wel­ licht twaalf als Spanje en Portugal toe­ treden) is de verdeling van de belangen anders komen te liggen. De welvaarts­ verschillen tussen het rijke noorden en bijvoorbeeld het arme Griekenland ver­ scherpen de tegenstellingen. Men roept om een ander beleid; een so­ ciaal beleid, om een beleid om de regio­ nale ontwikkelingen gelijk te trekken en vooral om een Europees industriebeleid. De landbouwoverschotten moeten wor­ den afgebouwd en de omvangrijke som geld die zij nu opslorpen moet worden overgeheveld naar de nieuwe beleidster­ reinen. De noodzaak van zo'n omwente­ ling wordt alom onderschreven, maar er komt een kink in de kabel als het gaat om het overhevelen van het geld. Geen van de regeringen van de tien lidstaten durft te riskeren dat thuis boze boeren de straat opgaan omdat hun inkomen keldert of, erger nog, hun broodwinning maar zo goed als moet worden afgebouwd.

RIGIDE De besluitvormingsstructuur van de EG werkt dit rigide systeem van moeizame veranderingen in de hand. De voorstellen worden gemaakt door de Europese Com­ missie, een veertiental "Europees den­ kende" commissarissen en hun ambte­ narenapparaat (in totaal zo'n 10.000 mensen). De besluiten worden echter genomen door de Raad van Ministers, ofwel de gezamenlijke regeringen van de tien lidstaten, die uiteraard uiterst natio­ naal gebonden zijn. Daar komt bij dat de. Raad van Ministers alleen unanieme besluiten neemt. Er hoeft dus maar één lidstaat bezwaren te koesteren en alles is van tafel. Bij een 'hot issue' als het om­ buigen van het landbouwbeleid liggen er voortdurend allerlei nationale (boeren) belangen dwars. Inmiddels is het budgetplafond van de landbouwuitgaven bereikt. De kosten van de overschotten worden echter nog steeds gemaakt omdat het beleid nog niet is veranderd. Geen geld meer en wel verplichtingen; de EEG is letterlijk failliet. Toen dit probleem ook op de top van Athene weer niet kon worden opgelost, heeft één der bewindslieden op de pers­ conferentie heel symbolisch gezegd: " W e stonden aan de rand van de af­ grond, maar we hebben een belangrijke stap voorwaarts gezet."

Tilburgs Hogeschoolblad

In een notedop is dit de impasse waarin de EO verkeert; hangend boven de af­ grond, wachtend op de val. De Europese ambtenaren en de politiek verantwoor­ delijke Commissarissen werken echter vlijtig door, alsof er niets aan de hand is. Europees denkend werken ze op papier een Europees industriebeleid verder uit, landbouwbeleid of geen landbouwbe­ leid. Een belangrijk onderdeel van het in­ dustriebeleid is een strategisch techno­ logie­onderzoekbeleid. Etienne Davig­ non, Europees Commissaris voor I n­ dustrie en Onderzoek (twee aparte porte­ feuilles), heeft het initiatief genomen voor een Europees Strategisch Kader­ programma op wetenschappelijk en technisch gebied. Doelstellingen van dat programma voor de komende vier jaar zijn: 1. het sterker maken van de concur­ rentiepositie van de Europese Gemeen­ schap ten opzichte van Japan en de VS; 2. een oplossing vinden voor het beheer van grondstoffen en de energievoorzie­ ning; 3. de Noord­Zuid­verhouding ver­ beteren en 4. het stroomlijnen van de In­ formatiemaatschappij die onafwendbaar is. Als politieke leus heeft Davignon zich de volgende kreet eigen gemaakt: "Amerika en Japan mogen toch niet de baas blijven" zo was in de Volkskrant van 14 januari te lezen. Zeven speerpunten moeten deze doel­ stellingen verwezenlijken: • bevordering van het concurrentiever­ mogen van de landbouw • bevordering van het concurrentiever­ mogen van de industrie • verbetering van het grondstoffenbe­ heer • verbetering van het beheer van de energiebronnen • uitbreiding van de ontwikkelingshulp • verbetering van de levens­ en arbeids­ omstandigheden • verbetering van de doelmatigheid van het wetenschappelijk potentieel Tot nu toe werd in het kader van de Eu­ ropese onderzoeksprojecten aan alle ze­ ven punten wel iets gedaan, maar nie­ mand wist precies hoeveel en het over­ zicht onbrak. Toen men één en ander op een rijtje zette, bleek bijvoorbeeld bijna tweederde van het onderzoeksgeld naar onderzoek van energiebronnen te gaan, 18% naar de industriële concurrentiepo­ sitie en nog geen twee procent naar de doelmatigheid in de landbouw. I n het Kaderprogramma is een nieuw plaatje gemaakt, met de nodige verschuivingen: Energieonderzoek moet terug van twee­ derde naar de helft van alle uitgaven, in­ dustrieel onderzoek moet van 18% naar 28%, onderzoek naar de arbeidsomstan­ digheden moet van 10% terug naar 7%, het grondstoffenbeheer gaat van ruim 1 % naar 2 % , de landbouw stijgt van 1,8 naar 3,5% en het onderzoek ten behoeve van ontwikkelingslanden maakt een gro­ te sprong van een half naar vier procent. De paar procenten die overblijven, moe­ ten worden aangewend om de weten­ schappelijke doelmatigheid te stroomlij­ nen.

AMBITIEUS Een ambitieus plan dat in ongeveer hon­ derd pagina's wordt uitgewerkt tot een groot aantal deelplannen. In Brussel spraken we Europees ambte­ naar Hendrik Tent, binnen het Directo­ raat­generaal Energie en Onderzoek hoofd van de afdeling Technologisch Onderzoek. Hij is één van de tienduizend ambtenaren die zich inzetten voor het al­ gemene Europese belang. Over het Ka­ perprogramma zegt hij: "Het vormt een

grote ommezwaai in het onderzoeksbe­ leid dat tot nu toe is gevoerd. Een strate­ gie is misschien een groot woord ervoor, maar het schept wel orde in de chaos". Na het .belang van technologische ver­ nieuwingen voor de Europese industrie te hebben aangegeven en het grootste struikelblok, het landbouwvraagstuk, voor een Europese industriepolitiek, zegt hij: " T o t nu toe heeft de toewijzing van onderzoeksgelden steeds op een ad­hoc basis plaatsgevonden; de korte termijn overschaduwde de lange termijn. Van­ daar dat er ook zoveel geld naar het energie­onderzoek gaat; de energiecrisis hebben daar de politieke prioriteiten ge­ legd, alle politici riepen om energie­ onderzoek. Bovendien is het onderzoek naar kernfusie, wat voornamelijk in Euro­ pees verband plaatsvindt, erg duur. Kijk, het EG­budget voor onderzoek, 2,7% van het totale EG­budget, is natuurlijk maar een 'peanut'. Daarom is in het ka­ derprogramma voorgesteld het aandeel van onderzoek van 2,7 naar 4 % te bren­ gen. Dan kunnen we spreken van een hele redelijke peanut".

HALF FINANCIERING De budgetverdeling is overigens geen correcte afspiegeling van wat er nu wer­ kelijk gebeurd aan onderzoek in Euro­ pees verband. Ongeveer driekwart van het geld wordt gebruikt voor de zoge­ naamde 'indirecte acties', waarbij Brus­ sel slechts de helft van het onder­ zoeksproject financiert. De universiteit of het bedrijf dat intekent op dergelijke door de EG uitgeschreven onderzoeksprojec­ ten, moet zelf voor de andere helft zor­ gen, al dan niet via de overheid. Het grootste deel van de eerste twee 'speer­ punten' (industrieel en landbouwkundig onderzoek) berust op een dergelijke half­ financiering. Het energie­onderzoek daarentegen vindt vrijwel geheel plaats in de zogenaamde Gemeenschappelijke Onderzoek Centra, eigen instituten van de EG (zoals 'Petten'). Dit wordt voor 100% d o o r d e EG betaald en vormt een 'directe actie'. Het feit dat energie­

Zeshonderd miljoen Europese eneenheden, of wel anderhalf mi/Jard Nederlandse guldens Aa f edtde EEG jaarlijks aan 'on­ derzoek'. Een respectabel bedri ondanks het f eit dat de tien lidstaten ongeveer dertig /ree^j^e/ aan 'de wetenschap' besteden wanneer je hun natia budgetten bij elkaar optelt. e Die anderhalf miljard verdwijnt or ongeveer een kwart naar de eigen Europese onderzoeksk 'men. De rest vindt op tame­ lijk ongestructureerde wijze hm veg naar nationale onderzoeksinstituten, university en het bedrijf sleven. Maar de EEG is druk doende orde ti heppen in de chaos van her en der gesubsidieerd onderzoiÈ/let de Europees commissaris Etienne Davignon voorop, won en omvangrijke onder­ zoeksstrategie speerpunt van a Europese industriepolitiek, Technologische vernieuwing ;/i n gezamenlijk Europees ver­ band, is het motto. Het budgMoetvan f 1,5 miljard naar f 2,2 miljard en alle onderzee)^Tamma's g, maken deel uit van een samenhangend en voorall mologisch gericht 'totaalplan'; het kaderprogramma. Voor é opese concurrentiepositie ten opzichte van de Verenigde Stat en Japan lijkt het noodzake­ lijk. Maar is het niet wat amb'i ! in een letterlijk f ailliet Euro­ pa dat zich ruziënd van de em■) naar de andere begeef t? Waar liggen de gezamenlijl^e A\gen van de tien lidstaten als het om een innovatief techr^oï beleid gaat? onderzoek een groter deel van de EG­ begroting beslaat dan bijvoorbeeld industrie­onderzoek wil dus niet zeggen dat er méér energie­onderzoek plaats­ vindt in Europees verband. Energie­ onderzoek is voornamelijk een 'directe actie' omdat de schaal dat vergt; Kernfusie­onderzoek kan bijvoorbeeld wegens de omvangrijke kosten en instal­ laties moeilijk in zijn totaliteit door één lidstaat worden uitgevoerd. Het is het enige onderzoekgebied waarop al die na­ tionale en EEG­activiteiten in één pro­ gramma zijn geïntegreerd. Na de directe acties (eigen onderzoek­ centra) en de indirecte acties (gesubsi­ dieerd of contractonderzoek elders) is de pot nog niet op. Er bestaan ook nog de zogenaamde 'geconcentreerde of geza­ menlijke acties', die met min of meer

lesloten beurzen plaatsvindt. Het gaat im onderzoek dat in meerdere lidstaten il op eigen houtje wordt verricht en dat ienzelfde terrein bestrijkt. De EG pro­ leert dat onderzoek op elkaar af te stem­ nen en stelt wat geld voor de uitwisse­ ing van wetenschappers ter beschik­ ing. I Tent: "Als je dingen bij elkaar topt, komt er altijd meer uit dan ze af­ onderlijk bereikt zouden hebben. Tot latje de kritische massa bereikt natuur­ jk, dan ontploft het."). )mdat sommige speerpunten uit het Ka­ lerprogramma alleen afstemming van lationale acties behoeven, anderen met leld moeten worden gestimuleerd en veer anderen door de schaal alleen geza­ nenlijk kunnen worden uitgevoerd, is liet elk speerpunt even duur.

•

ONDERHANDELEN Tot zover het Kaderprogramma zoals dat in de boezem van Commissaris Davignon een algemeen europees belang na­ streeft. Zoals gezegd moet echter ieder voorstel langs de meer nationaal georiën­ teerde Raad van Ministers. Daar kijkt men niet zozeer wat het voorstel voor Europa betekent, als wel wat de eigen lidstaat eraan heeft. Omdat de nationale bewindslieden niet voortdurend met hun buitenlandse collega's in Brussel rond de tafel kunnen zitten, worden de voorbe­ reidende onderhandelingen overgelaten aan ambassadeurs en andere diplomaten (öök als het gaat om landbouw, verkeer of wetenschapsbeleid!). Wij spraken met de diplomaat mr. Paul Brouwer, die na de ambassades in Lon­ den, Parijs en Bangladesh (Brouwer: " m e n zegt altijd: wat verschrikkelijk om in de bush­bush te zitten, maar eigenlijk is dat het leukste werk.") nu al twee jaar in Brussel zit en zich met het onder­ zoeksbeleid bemoeit. Een energiek man die fijntjes uitdrukt hoe het in het onderhandelingsorgaan van permanente vertegenwoordigers voor de Raad van Ministers toegaat. Brouwer: "De Europese Commissie, in dit geval Davignon, komt met een Euro­ pees plan. Wij scheuren dat finaal aan stukjes om er vanuit de nationale deelbe­ langen iets heel nieuws van te maken." Als voorbeeld van hoe het toe kan gaan noemt hij de biotechnologie, een speer­ punt uit het Kaderprogramma dat vooral via indirecte acties tot stand moet ko­ men. De Fransen waren voor een beperkt pro­ gramma, voornamelijk gericht op het opleiden van (hun) onderzoeken. Verder doen zij zelf al veel en een Europese op­ zet vormt een gevaar voor hun nationale concurrentiepositie, de anderen halen hen dan in. Nederland is echter weer voor, want wij doen nationaal nog te weinig en kunnen het dan via de EG mooi versterken.

BELANGEN Hoe liggen de nationale belangen over het algemeen? Brouwer: "Als een land het nationaal niet kan betalen, bijvoor­ beeld door de schaal van het onderzoek, is men altijd voor. Als men onderzoeks­ gebieden wil versterken, is men ook voor, zoals Nederland met de biotechno­ logie. Als het onderzoek zuiver comple­ mentair is aan dat wat men nationaal al doet, is men wel geneigd tot afstem­ ming. Niet meer echter als het duplicatie betreft, dan vreest men voor de eigen concurrentiepositie. Daarnaast zijn er nog allerlei andere belangen. Zo is er on­ langs gepraat over het voortbestaan van het Europese onderzoekcentrum "I spra" aan het Lago Maggiore. Daar werken zo'n 2500 mensen en de I talianen zullen om redenen van werkgelegenheid nooit iemand aan I spra laten komen. Een an­ der voorbeeld is het tritiumonderzoek dat in het kader van het kernfusie­onderzoek plaats dient te gaan vinden. Dergelijk on­ derzoek kan profiteren van militaire be­ search en kernwapenstaten als Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk koesteren daarbij hun eigen belangen." Het Europese idealisme maakt dus al snel plaats voor nationaal realisme. Het mooie, ambitieuze Kaderprogramma is na de onderhandelingsronden niet meer zozeer een strategie in algemeen Euro­ pees belang, als wel een 'package deal' met voor elk wat wils. Overigens vechten niet alleen de diplo­ maten dat uit. I n een vroegtijdig, voorbe­

•

papier reidend stadium wordt het Crest, Comité de Recherche Europeène Scientifique et Technologique om advies gevraagd. Daarin zitten de nationale 'deskundigen'. Voor Nederland bezocht tot voor kort drs. Geert van der Sterren vanuit het mi­ nisterie van Economische Zaken de bij­ eenkomsten van het Comité (hij werkt nu bij WVC en is uit het Crest). Hij heeft dui­ delijk zo zijn vraagtekens bij het functio­ neren van het Crest: "Crest is ingesteld als adviesorgaan voor de commissie én de Raad op het gebied van onderzoeks­ beleid. I n het Comité zitten vertegen­ woordigers van de lidstaten, ambtena­ ren. Maar ik kon onmogelijk bijhouden wat er in Nederland allemaal voor onder­ zoek gebeurt. En zolang ik geen Neder­ lands onderzoekbeleid voor me heb, kan ik moeilijk beoordelen wat we voorts nog op Europees niveau zouden moeten doen." Behalve Van der Sterren zit namens Ne­ derland ook iemand in het Crest die wel van de hoed en de rand weet als het om wetenschapsbeleid gaat; dr. J . de Haan, MBA, werkzaam op het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen bij de hoofddirectie wetenschapsbeleid. Hij somt zonder problemen de Nederlandse zwaartepunten in het Kaderprogramma op: milieu, informatica, biotechnologie en materiaalonderzoek. De Haan signa­ leert het probleem dat het Crest geen fi­ nanciële bevoegdheden heeft en eigen­ lijk alleen maar de inhoudelijke aspecten globaal kan beoordelen. In een gesprek met de secretaris van het Crest, drs. W . J . M , van Rij, werkzaam in Brussel bij de Raad van Ministers, zegt hij: "Het is een rare club mensen bij el­ kaar. Het ene land stuurt een hoogleraar die het leuk werk vindt en het andere land één of andere referendaris als Van der Sterren. Nou u begrijpt, dat wordt een Starclub die een soort Starwars spe­ len. Van Rij is niet de enige die weinig heil ziet in het Crest; ook de Europese Com­ missie heeft voorgesteld dit voorberei­ dend orgaan maar op te heffen. De we­ tenschappelijke adviezen kunnen dan nog wel redelijk zijn, een financiële afwe­ ging ontbreekt. Die wordt tijdens de defi­ nitieve onderhandelingen gemaakt en kan dan weer roet in het eten gooien. Of­ wel: Crest bekijkt het prijskaartje niet goed en louter het wetenschappelijk be­ lang bekijken, daar koop je niets voor.

GEEN GELD Het prijskaartje blijkt ook het grootste blok aan het been van het o zo mooie Ka­ derprogramma te zijn. I n de laatste Raad van Ministers over onderzoek is het pro­ gramma weliswaar alszodanig goedge­ keurd, maar is over de financiële para­ graaf geen overeenstemming bereikt. Dus of het onderzoek kan opgroeien van een 'peanut' tot een 'redelijke peanut' valt nog te bezien. Grootste dwarsligger is het Verenigd Ko­ ninkrijk met Thatcher voorop die op alle fronten roept: " I want my money back". Engeland wil eerst de hele EG­begroting geherstructureerd zien (en het aandeel van de landbouw teruggebracht) eer weer ergens geld naar toe gaat, in casu het Kaderprogramma. Nederlands diplo­ maat en Europees denker Paul Brouwer betreurt dit: "Het is niet helemaal eerlijk. Je mag het onderzoeksbeleid niet frustreren door het landbouwvraag­ stuk." Toch gebeurt dit. Brouwers Engelse col­ lege Paul Richardson is hier hard in: "De EG moet dan voorlopig maar wat op het

Berlaymont, EG­gebouwen Brussel (cliché C.C.E.; foto: J.L. Debaize)

door Eefke Smit Ruud Overdijk/U.P.

gesloten beurzen­vlak doen aan onder­ zoek. Meer gecoördineerde nationale ac­ ties tussen de lidstaten. Limits have to be put. I t's no charity. More money for the European Community restricts our natio­ nal freedom of movement." Een andere financiële strubbelaar is de Bondsrepubliek Duitsland. Het Kader­ programma vinden ze prima, de Duit­ sers, maar niet tegen deze prijs. Toch laat de Duitse diplomaat Gruber weten het programma wel "unbedingt über die Bühne" te willen trekken maar als er niet genoeg geld voor is, moeten er bin­ nen het Kaderprogramma maar extra pri­ oriteiten worden gesteld. Projecten die volgens hem in ieder geval door moeten gaan zijn de financiering van de gemeen­ schappelijke onderzoekcentra, het nieu­ we programma voor informatietechnolo­ gie (ESPRI T) en het thermo­nucleaire f u ­ sieprogramma. Dit standpunt levert ech­ ter problemen op. Het Kaderprogramma is immers een uitgewogen package­deal tussen de lidstaten met voor elk wat wils. Als dat wordt opengebroken, kan alles weer op de helling komen te staan. " M e t name het bedrijfsleven zal dan ge­ dupeerd raken", voorspelt Europees commissie­ambtenaar Hendrik Tent. Een goed voorbeeld is het ESPRI T­program­ ma, een uitwerking van het Kaderpro­ gramma op het deelgebied van de I nfor­ matietechnologie. Tent: "Voor het eerst heeft de Europese industrie daarbij de Europese dimensie weer teruggevonden. Het voorziet in een omvangrijke samen­ werking tussen onder andere Philips, Siemens en Olivetti. Die samenwerking is eerder mislukt, maar nu volstrekt nieuw en ook bittere hoofdzaak. I k krijg er dan ook nog geen tranen van in de ogen dat ze nu opeens de handen in el­ kaar slaan. Als het onderzoek uit het pro­ gramma in de competitieve sfeer komt, gaan ze toch weer elk hun weegs. Maar in ieder geval ligt er nu een gezamenlijk programma. De Raad van Ministers heeft het al goedgekeurd, maar enige landen willen er gezien de huidige finan­ ciële schaarste in de EEG nog geen geld voor vrij maken. Daar hangt het nu o p . " Dezelfde moeizame weg lijkt het 'basis­ technologieën­programma' (opgezet door Tent zelf) te gaan. 2500 Europese bedrijven en instellingen hebben in een eerste reactie al laten weten mee te wil­ len doen, maar waar komt het geld van­ daan? Als het over het Europees onderzoeksbe­ leid gaat, lijkt de beste typering die van wetenschapsbeleidman De Haan: " O p papier ziet het er allemaal zo verrekte mooi u i t . " En dat lijkt tot nu toe de be­ langrijkste verdienste van het Europese denkwerk.

17 februari 1984


Onderzoeksbeleid tussen anarchie en willel^eur Het Bestuur van de Faculteit der Economische Wetenschappen heeft onlangs, op instigatie van het College van Bestuur, een aantal leden van het wetenschappelijk corps laten weten dat hun prestaties op onderzoeksgebied, in vergelijking met die van anderen, vragen oproepen. Letterlijk heet het dat "Uit de wetenschappelijke verslagen van een aantal opeenvolgende jaren blijkt dat de wetenschappelijke produktie van de leden van het wetenschappelijke corps duidelijk verschilt, hetgeen vragen oproept met betrekking tot de omvang en kwaliteit van het onderzoek en de kwaliteit van de onderzoeker(s)". Deze op zich al niet door duidelijkheid uitblinkende zin staat om de verwarring te completeren bovendien in een brief die als onderwerp "Frequentie van publiceren" vermeldt en waarin een uitnodiging voor een gesprek in het vooruitzicht wordt gesteld voor "een aantal leden van het wetenschappelijk corps, die een lage frequentie van publiceren hebben". Het Bestuur FEW is er in geslaagd in kort bestek een adderkluwen van presumpties en simplificaties te produceren. Publtcatie-frequentie van 69 leden van het wetenschappelijk corps FEW, 1978 - 1982 Aantal Auteurs

Publicaties per auteur O

Gecumuleerd

Totale productie

Auteurs

1

Productie

0

5

6

11

0 6

6

14

12

21

21

33

20

26

53

25

31

78

6

24

35

102

7

56

43

158

8

15

45

174

9

9

46

183

lo

10

47

193

12

36

50

229

13

13

51

242

14

28

53

270

16

16

54

2S6

17

68

58

354

19

38

20

40

21

21

25

25

34

34

35 39

«

60

392

62

432

63

453

64

478

65

512

35

66

547

39

67

586

48

48

68

634

59

59

69

693

Wie zich op verslagen beroept moet kunnen varen op de betrouwbaarheid van de daarin vervatte informatie. Raadpleging en onderlinge vergelijking van de wetenschappelijke verslagen 1978 t / m 1982 leren echter dat de kwaliteit daarvan nogal te wensen overlaat. Het voornaamste bezwaar geldt de vele inconsistenties ten aanzien van de rubricering van publicaties. Daarnaast zijn ook omissies te constateren. De toedeling van publicaties naar de sinds het verslag 1979 onderscheiden categorieën vertoont niet alleen over de jaren maar zelfs binnen een enkele verslagperiode aanzienlijke discrepanties. Publicaties in de reeks "Ter discussie" die in 1979 nog in de op een na hoogste categorie worden ingedeeld, worden in 1981 naar de restcategorie verwezen (vgl. 1979, p. 90 en 1981, p. 70). Publicaties in de reeks "Research Memoranda" worden in een en hetzelfde verslag zowel in de rubriek "overige wetenschappelijke publicaties" als in de rubriek "overige vakpublicaties" aangetroffen (vgl. 1982, p. 30 en p. 46). Rapporten tenslotte worden zowel onder "overige wetenschappelijke publicaties" als onder "overige producten van weten-

schappelijke activiteiten" gerubriceerd (vgl. 1980, p. 56 en p. 57). Het Bestuur FEW is weinig expliciet over het verband tussen de frequentie van publiceren en de omvang van de wetenschappelijke productie en wekt de suggestie dat het om in hoge mate identieke of vergelijkbare grootheden zou gaan. In de praktijk blijkt evenwel dat hooguit een verwijderd verband bestaat. De toppublicist gemeten naar frequentie van publiceren bracht in de periode 19781982 niet minder dan 59 pubUcaties op zijn naam (zie Tabel). Bij nadere beschouwing blijkt echter dat het in overgrote meerderheid gaat om zeer korte artikelen en zogenaamde besprekingsartikelen. Alsof de onduidelijkheid over de relatie tussen frequentie van publiceren en omvang van de wetenschappelijke productie nog niet genoeg is, wordt ook nog wel een verband gesuggereerd tussen omvang en kwaliteit van het onderzoek en de kwaliteit van de onderzoeker(s). Een hypothetische mogelijkheid is dat het Bestuur FEW er in geslaagd is duidelijk omlijnde criteria voor wetenschappelijke kwaliteit van economische onderzoeksresultaten te formuleren, daarmede de in de wetenschappelijke verslagen vermelde publicaties te lijf is gegaan en vervolgens een correlatie heeft kunnen vaststellen tussen geringe omvang en lage kwaliteit van wetenschappelijk onderzoek. Het wachten is dan op een wetenschappelijke publicatie omtrent de bevindingen. Economen leert men al in het begin van de studie dat schaarste een relatief begrip is. Met deze kennis gewapend ligt de conclusie voor de hand dat dit met het adjectief laag ook wel eens het geval zou kunnen zijn. Selectie volgens het criterium laag impliceert kennis omtrent de referentie-grootheid hoog. Bij toepassing van laag en hoog op een getallenverzameling met een geleidelijk verloop doet zich bovendien een keuzeprobleem voor dat slechts op arbitraire wijze kan worden opgelost. Welke keuze het Bestuur FEW voor haar selectie heeft gemaakt blijft vooralsnog in nevelen gehuld. Teneinde de mogelijkheden enigermate in

kaart te brengen is de publicatiefrequentie van 69 leden van het wetenschappelijk corps van de FEW gedurende vijf jaren nagegaan. Bij gebrek aan beter moest hiervoor gebruik gemaakt worden van de voor deze jaren beschikbare wetenschappelijke verslagen. Het resultaat dient derhalve slechts als indicatie van de werkelijkheid te worden beschouwd, ook omdat bij de interpretatie noodgedwongen van de abstractie "gelijke hoeveelheid onderzoekstijd per persoon" wordt uitgegaan. Bij een totale gecumuleerde productie van 693 publicaties door in totaal 69 personen komt het rekenkundig gemiddelde uit op iets meer dan tien publicaties per persoon, d.w.z. rond twee publicaties per jaar. Dit gemiddelde wordt sterk bemvloed door een gering aantal personen met een uitzonderlijk hoge score. Delen we de populatie in drie segmenten op grond van een opdeling van de gecumuleerde output in drie gelijke delen van 231 elk, dan valt op dat voor het eerste derde deel van de output 50 auteurs nodig zijn, terwijl de middenmoot van de output door 13 auteurs wordt geproduceerd en het laatste derde deel door slechts 6 auteurs. Een heel ander beeld treedt op indien de populatie onafhankelijk van de output in drie gelijke segmenten van 23 elk wordt gesplitst. De onderscheiden segmenten produceren dan met telkens gelijke aantallen mensen respectievelijk 41, 142 en 510 publicaties. De grenslijnen liggen in dit geval bij 3 a 4 en 9 publicaties in een periode van vijf jaren. Ieder voor zich kan uiteraard nog andere instellingen uitproberen om tot normstelling te geraken. Wel mag worden verlangd dat de gekozen norm wordt openbaar gemaakt, dat de billijkheid ervan wordt beargumenteerd en dat een eenmaal gekozen norm zonder aanzien des persoons wordt toegepast. Dit laatste voert naar een volgend punt. Een uitnodiging voor een gesprek kan worden tegemoet gezien door "een aantal leden van het wetenschappelijk corps, die een lage frequentie van publiceren hebben". Let wel, er zou moeten staan "die leden van het wetenschappelijk

TE BERDE

i corps, e t c " , indien het de bedoeling zou zijn bevoorrechte posities bij voorbaat uit te sluiten. Indien als norm voor een lage frequentie van publiceren wordt genomen minder dan gemiddeld één publicatie per jaar dan komen zeven dure hoogleraren B in aanmerking voor een gesprek, en wel op een totaal van 21 personen indien buitengewoon hoogleraren worden geacht over geen onderzoekstijd te beschikken en daarnaast ook zij die in de betreffende periode promoveerden worden uitgezonderd. Een geprivilegieerde positie voor de duurste categorie universitair personeel lijkt trouwens weinig in overeenstemming met de bij het Ministerie heersende bezuinigingsdrang. Tot slot nog een tweetal opmerkingen van meer algemene aard. Volgens de WUB regelt het Vakgroepsbestuur de taken van de individuele Vakgroepsleden. Daar in het geval van de beoordeling van onderzoeksprestaties een wezenlijk deel van de taakuitoefening van Vakgroepsleden in het geding is, ligt het in de rede dat het Best"ur FEW zich via de betreffende Vakgroepsbesturen tot de uitverkoren individuen richt, in plaats van deze rechtstreeks te benaderen. Nu de anarchie die vele jaren op onderzoeksgebied heeft geheerst onder bezuinigingsdruk van buitenaf begint plaats te maken voor een meer geleid systeem, mag als voorwaarde voor loyale medewerking in zulk systeem worden verwacht dat terzake geldende regels en procedures eenduidig worden vastgesteld, dat deze tijdig aan alle betrokkenen worden bekend gemaakt en dat deze volgens gezonde democratische principes worden toegepast. De onverhoedse aanval die het Bestuur FEW thans met haar brief heeft ingezet voldoet helaas niet aan deze criteria en schiet dan ook vanuit een oogpunt van zorgvuldig bestuur schromelijk tekort.

t3P boekhandel pillot Heuvel 32-5038 CP Tilburg-tel. 013-426252/425218.

Reserveer nu RECHTEN: Schilfgaarde V. Wijk en Konijnenbelt

Van NV en BV f Hoofdstukken Administratief Recht (verschijningsdatum febr. '84) f

57,50 49,95

Uit voorraad leverbaar: RECHTEN Hazewinkel-Suringa Bakels

Inl. Studie Ned. Strafrecht Net. Wetg. Bestuurlijk Onderwijs, "Groene Kluwer" Arbeidsrechtspraak Arbeidswetgeving Schets van het Ned. Arbeidsrecht

f 89,90 f 121,f 42,15 f 34,f 64,35

Bestuurlijke Informatie Verzorging, I Idem, II

f /

ECONOMIE Starreveld

75,20 89,95


"Actievere voorlichting over sexualiteit wenselijl^'

Sexuele ervaring onder eerstejaarsstudenten niet groot "Als ik op een verjaardagsfeest iemand tegenl<om', en het "klilct", ik word verliefd op die jongen, dan kan ik heel goed de eerste keer al met hem naar bed gaan. Ik heb daar zelf beslist geen moeite mee. Het maakt niet uit of je iemand een dag, een week of een maand kent", aldus Birgit. Wel kan ze zich indenken dat andere studenten dat minder snel zullen doen. "Er zitten ook nadelen aan vast. Degene met wie je naar bed bent geweest gaat naderhand vaak hoge vervvachtingen ten opzichte van jou koesteren. Die verwachtingen kun je lang niet altijd waarmaken". Uit hetMISSO-onderzoek blijkt, dat een meerderheid van de eerstejaarsstudenten liefde en sexualiteit als gekoppelde begrippen ziet, maar dit hoeft volgens hun in praktijk niet altijd zo te zijn. Hoewel Birgit zegt er geen moeite mee te hebben met iemand te vrijen die ze pas korte tijd kent, stelt ook zij dat er een koppeling moet zijn tussen liefde, verliefdheid, en sex, "Er is een tijd geweest dat ik vond dat deze twee zaken niet onvoorwaardelijk samen hoefden te gaan. Ik vond dat je best met iemand kon vrijen zonder dat je daar verder een vaste relatie mee opbouwde. Maar op den duur kreeg ik het daar heel moeilijk mee. Je merkt dan dat zowel jij als die ander toch meer behoefte hebben aan een vaste relatie. Iemand, die er alleen voor jou is, en die je niet met een ander hoeft te delen". Zo'n acht a negen procent van de eerstejaarsstudenten heeft nog nooit gezoend, en ook geen enkele andere vrij-ervaring. Zestig procent van de student heeft wel enige vrij-ervaring, aldus de onderzoeksresultaten. Slechts 25 procent heeft geslachtsgemeenschap gehad. Het NISSO concludeert hieruit dat er bij studenten op sexueel gebied de afgelopen tien jaar niet zo heel veel is veranderd. "Dat was in de jaren '60, begin '70 wel anders." Een conclusie waar Jan-Willem Achterbergh en Thérèse Sparidaens van het studentenartsbureau zich in kunnen vinden. "Het "vrijheid-blijheid" idee is sterk ingeperkt. De studiedruk is door de tweefasenstructuur behoorlijk verzwaard. Studenten hebben daardoor mindere tijd voor andere dingen, voor zaken buiten de studie o m . Ze hebben minder tijd voor het opbouwen van relaties. Ook is de maatschappelijke druk op studenten om zo snel mogelijk af te studeren, de laatste tijd veel sterker geworden. Een en ander is ook van invloed op hun sexueel gedrag. Het beeld van de losbandig levende student, die zich te buiten gaat aan allerlei uitspattingen, gaat in veel gevallen niet meer o p " , zeggen zij. "Ik denk dat ik wel voorloop op mijn jaargenoten", zegt Birgit, reagerend op de NISSO-resultaten. "Maar dat voorlopen heeft dan vooral betrekking op sexuele ervaring, en niet zozeer op opvattingen of houdingen op gebied van sexualiteit. Mijn ideeën over liefde en sexualiteit zijn niet progressiever dan die van de meeste andere eerstejaarsstudenten die ik ken. Met dit verschil misschien, dat ik die ideeën in praktijk breng."

HOMO'S Homosexuelen moeten maar gewoon doen wat ze willen, vindt 87 procent van de eerstejaarsstudenten, aldus het onderzoek. Ook Brigit is deze mening toegedaan. "Ik vind dat homo's best een

Tilburgs Hogeschoolblad

Driekwart van de eerstejaarsstudenten vindt het niet nodig dat je met eH<aar getrouwd bent voordat je met ell<aar naar bed gaat. IVIaar je gaat niet met iemand waarop je verliefd bent, gelijl< de eerste Iceer al naar bed, zo vinden diezelfde studenten. Dit zijn enkele uitkomsten van een enquête die het Nederlands Instituut voor Sociaal Economisch Onderzoek (NISSO) onder bijna zeshonderd eerstejaarsstudenten geneeskunde, ergotherapie en verloskunde gehouden heeft. Gelden deze resultaten ook voor eerstejaarsstudenten aan de Tilburgse hogeschool? Brigit, een eerstejaarsstudente aan de KHT, Jan-Willem Achterbergh en Thérèse Sparidaens, als studentenarts en assistente aan de dienst studentenzaken en welzijn van de hogeschool verbonden, reageren op het onderzoek.

beetje mogen provoceren. Een te zachte opstelling heeft enkel tot gevolg dat er over hen heen gelopen wordt. Daarom moeten ze zich scherper profileren. Een duidelijke opstelling leidt er toe dat ze beter begrepen worden, en dat andere mensen hen eerder zullen accepteren", denkt ze. Niet alle eerstejaarsstudenten aan de KHT zijn volgens Achterbergh en Sparidaens even tolerant ten opzichte van homosexuelen. "Ik denk dat de verdraagzaamheid tegenover studenten met een "afwijkende" sexuele geaardheid hier op de hogeschool veel minder groot is dan op andere universiteiten," aldus Thérèse Sparidaens. "Studenten staan hier bloot aan een scherpe sociale controle. Er wordt sterke druk op hen uitgeoefend, niet af te wijken van het "normale". Studenten die in sexueel opzicht anders zijn, worden hier de dupe v a n " , meent zij. Dit geldt volgens haar voor de KHT veel sterker dan voor de andere Nederlandse universiteiten en hqpescholen. " D e hogeschool in Tilburg is kleinschaliger van opzet dan bijvoorbeeld de universiteiten in Amsterdam en in Utrecht. De controle die studenten op elkaar uitoefenen is op de KHT dientengevolge veel groter. Sexueel afwijkend gedrag wordt hier sneller veroordeeld". Dit hangt volgens Thérèse ook samen met het katholieke geloof waarmee veel KHT-studenten zijn opgegroeid. "Een groot deel van de mensen die hier komen studeren is van

huis uit katholiek opgevoed. Daarmee bedoel ik beslist niet dat ze een katholiek stempel hebben. Wel ben ik ervan overtuigd dat de katholieke opvoeding, zoals veel studenten die hier achter de rug hebben, van invloed is op hun opvattingen over sexualiteit en sexueel "afwijkend gedrag", aldus Thérèse. Daarnaast merken Achterbergh en Sparidaens op dat het verschil in tolerantie ten aanzien van sexueel gedrag tevens samenhangt met de studierichting waarvoor studenten gekozen hebben. " S t u denten aan studierichtingen zoals psychologie en sociologie zullen zich in het algemeen ruimdenkerder opstellen dan studenten rechten of economie", stelt Achterbergh. "Bij studierichtingen als sociologie worden studenten binnen de studie zelf al geconfronteerd met afwijkende normen en waarden van groepen mensen of van individuen. Doordat men er meer van afweet, zal het begrip voor dat afwijkende groter zijn. Bij economie bijvoorbeeld komen dergelijke aspecten echter nauwelijks aan de orde".

MISVERSTANDEN Uit het NISSO-onderzoek komt naar voren dat er onder eerstejaarsstudenten nogal eens misverstanden over zaken op sexueel terrein bestaan. Zo wist slechts 62 procent van de mannelijke studenten wanneer de meest vruchtbare periode van de vrouw is, en geloofde een niet gering aantal studenten in de mythe dat

een gelijktijdig orgasme een normale gang van zaken is. Ook wisten lang niet alle studenten dat, na de pil, het spiraaltje het meest betrouwbare anti-conceptiemiddel is. Dat het eerstejaars nogal eens ontbreekt aan kennis over sexuele zaken, geldt volgens studentenarts Jan-Willem Achterbergh ook voor de Tilburgse eerstejaarsstudenten. "Die kennis is vaak afhankelijk van de mate waarin men met sex bezig is geweest. En aangezien die ervaring over het geheel genomen nog niet zo groot is, hoeft ook hun kennis hierover niet altijd even groot te zijn". Op spreekuur krijgt Achterbergh veel vragen over de veilige periode bij het vrijen, en de betrouwbaarheid van sommige anticonceptiemiddelen . Het gebrek aan deze kennis bij eerstejaarsstudenten zou weggenomen kunnen worden door een actievere voorlichting naar de studenten toe. Zo zou bijvoorbeeld al tijdens de introductieperiode studenten informatie toegestuurd kunnen worden. Ook ziet Achterbergh het op touw zetten van films en praatgroepen als een mogelijkheid. "Onze houding is tot nu toe nogal afwachtend geweest", erkent Achterbergh. "Ik ben er zeker van dat er hier veel meer studenten zijn die met vragen op sexueel terrein zitten, dan het aantal dat naar ons toekomt. Ook is het zo dat de studenten die wel naar ons toekomen, lang niet altijd alle vragen stellen die ze wel zouden willen stellen. Maar ik kan ook moeilijk naar problemen gaan zitten vissen. Mensen moeten toch zelf aangeven dat ze erover willen praten", vindt hij. Achterbergh denkt dat de drempelvrees om bij de arts langs te komen met vragen, voor een deel schuilt in het feit dat hij er nog niet zo lang - pas sinds augustus - zit. " M e n sen kennen je nog niet zo goed. Je moet het contact met hen nog gaan opbouwen. Maar ik vertrouw erop dat dat in de toekomst anders wordt. Dat mensen dan wel gemakkelijker naar ons toekomen als ze ergens mee zitten. Daar zijn we immers voor". Hanneke Burggraaff

Restaurant

DE ROODE HAAN Voor een gezellig avondje uit en waar sfeer nog steeds heerst KEUKEN OPEN 12-14/17-22 uur zat. en zondag 17-22 uur maandag gesloten

Wilhelminapark 42 Tilburg 013-426982 17 februari 1984


TRIBUNE

Herstel en werkgelegenheid Is de recessie voorbij? Over deze vraag schreven zes medewerlcers van de hogeschool op ons verzoek een Tribune. Prof. Kolnaar van de vakgroep Algemene leer en geschiedenis van de economie opent deze week de rij. Er heerst de laatste tijd een officiĂŤle geest van optimisme met betrekking tot de economische ontwikkeling in de nabije toekomst. Het zal en moet beter gaan. Wie zijn twijfels uit over dat optimisme wordt bejegend met een mengsel van afgrijzen en medelijden. Voor een gedeelte wordt het optimisme georganiseerd en gesimuleerd. Het gaat erom de ondernemers weer vertrouwen in bedrijf en toekomst te geven. Door de zaken rooskleuriger voor te stellen dan tot nu toe het geval was hoopt men Keynes' "animal spirits" te kunnen ontketenen. Vanzelfsprekend is het optimisme een bijna noodzakelijke begeleiding van het in brede kring dan misschien als daadkrachtig maar door anderen evengoed als hard ervaren kabinetsbeleid. Dit beleid vraagt om grote offers. De nodige offerbereidheid moet worden opgewekt met de psychologische prikkel van de te plukken vruchten. Naast deze volstrekt legitieme gronden op het terrein van de "Seelenmassage" wordt het optimisme minstens gedeeltelijk gevoed door de feitelijk waar te nemen economische ontwikkelingen. Onder invloed van vooral de Amerikaanse economie trekt de wereldhandel aan. Vervolg van pag. 1

Minder aanmeldingen culteiten zijn het afgelopen jaar gegroeid, alleen het aantal sociologen nam af. Ook waren er in 1983 minder postdoctoraal studenten dan in '82. Het percentage mannen op de KHT neemt nog steeds af: meer dan een kwart van de

in belangrijke mate af van het overheidsbeleid.

WERKGELEGENHEID EN HERSTEL

Hoe fraai men alles ook voor wil stellen, er staan op dit moment beslist nog vele signalen op onveilig. Er gaan niet alleen geruchten als zou de Amerikaanse opleving al weer op zijn retour zijn. De Verenigde Staten worstelen als vele andere landen met door de recessie veroorzaakte grote overheidstekorten (relatief wei-

Is op internationaal niveau onder meer als gevolg hiervan nog lang geen sprake van een hecht gefundeerd herstel-perspectief, in Nederland spelen nog eens extra problemen. Ze liggen met name op het vlak van de werkgelegenheid. Zelfs al zou de produktie in de exportsector duurzaam en sterk gaan groeien, dan nog levert dat weinig sxtra arbeidsplaatsen op. Dit in verband met de traditioneel hoge, door de internationale concurrentie afgedwongen, technologische ontwikkelingen en de daarmee gepaard gaande uitstoot van arbeid in deze bedrijfstak. De bedoelde opleving zal op zich beschouwd dan mogelijk wel meer produktiegroei maar niet de zo dringend gewenste werkgelegenheidsgroei met zich meebrengen. Het werkgelegenheidsherstel zal moeten komen van op de binnenlandse markt opererende bedrijven en van de collectieve sector. In hoeverre dat verwezenlijkt wordt, hangt

Tot nu tos volhardt de regering in de lijn de collectieve sector qua volume terug te dringen, de werkgelegenheid aldaar incluis. Ook de bezuinigingsplannen, resulterend in minder afzet en werkgelegenheid in de binnenlandse marktsector, worden onverdroten doorgezet. De doelstelling hierbij, namelijk omlaag brengen van het financieringstekort, is juist, maar de weg waarlangs is twijfelachtig. Een ding moet duidelijk zijn. De marktsector, het binnenlandse deel daarvan incluis, kan onmogelijk op zijn eentje voor de vereiste werkgelegenheidsgroei zorgen. De toeneming van de beroepsbevolking is in ons land erg hoog (voorlopig 1.5% per jaar). Daarnaast heeft de werkloosheid extreme vormen aangenomen. Die werkloosheid terugdringen eist domweg een uitbreiding van de tewerkstelling in ook de collectieve sector. (Tenzij men het aanbod van arbeid wil verlagen door het zoeken van werk te gaan verbieden. Een maatregel waar ik van ril: het brevet van onvermogen van een maatschappelijke orde). Voor mij is herstel niet zozeer synoniem met opleving van de groei van de produktie. Zeker thans wil ik eerst van herstel spreken als de werkloosheid zou teruglopen. Maar daarover ben ik vooralsnog somber. In die zin is de recessie nog lang niet voorbij. Prof. Dr. A . H . J . Kolnaar

mensen die op de Hogeschool studeren, is tegenwoordig een vrouw. De secretaris van de subfaculteit voor literatuurwetenschappen, drs. Verhagen, heeft geen verklaring voor het teruglopende aantal aanmeldingen. Hij vermoedt dat de bekendheid van de studierichting onder middelbare scholieren nog gering is. De faculteit heeft in het verleden wel veel gedaan om meer bekendheid te krijgen. In het laatste kwartaal van het vorige jaar zijn er zelfs brieven naar alle huis-aan-huis-bladen in Zuid

Nederland gestuurd met daarin informatie over het bestaan van de studierichting. Verder is de faculteit bezig met een film, maar die zal eerder een voorlichtende dan een recruterende functie krijgen. Ook Marius van Boxmeer, secretaris van de subfaculteit van de sociologen, heeft nog geen argumenten gevonden voor de aanmerkelijke terugval van het aantal meldingen. "De terugloop is met name te constateren bij de deeltijdstudenten", zegt hij. "De aanmeldingen voor de voltijdse studie liggen ongeveer gelijk aan

januari '83. De terugval bij werkstudenten hebben we ook al ontdekt bij onze eerste informatieavond vorige maand. Daar was toen slechts een zeer beperkte belangstelling voor. Werkstudenten hebben wel de neiging om zich later aan te melden, maar misschien is de grote doorstroom van vooral de sociale academies naar een wetenschappelijke studie langzamerhand wel uitgeput. Ook kan het zijn dat de Open Universiteit een aantal kandidaten weghoudt van het reguliere onderwijs". , K B IP E

Gezien het bij ons gevoerde beleid van loonkostenmatiging mag er op vertrouwd worden dat wij hier een meer dan evenredig deel van naar ons toe zullen trekken. De produktiegroei in de exportindustrie zal daarom veel hoger zijn dan waar wij in de afgelopen jaren genoegen mee moesten nemen. Hetzelfde zal gelden voor de winsten en - naar alle waarschijnlijkheid - de investeringen in de desbetreffende sector. Sommigen zullen geneigd zijn ook de beursopleving, zeg maar hausse, als een goed signaal te beschouwen. Maar dat is in mijn ogen onzin. Gegeven de stand van zaken in met name het Nederlandse bedrijfsleven, zijn de aandelenkoersen zwaar overtrokken. Het zaakje steunt hoofdzakelijk op verhoopte rentevoetdalingen en op een (nu bedenkelijk) resultaat van de oproepen tot optimisme.

ADDERS ONDER HET GRAS

nig belastinginkomsten en juist veel betalingen ter ondersteuning van werklozen en bedrijven.) Mede hierom is de rentevoet erg hoog. Begrotingstekorten en hoge rentevoeten kunnen een algemeen herstel van de produktie en de investeringen danig in de weg staan.

Buro Buitenland richt kijker op Japan Het 'Wirtschaftswunder' dat Japan heet, staat de komende weken centraal in een lezingencyclus, georganiseerd door Buro Buitenland. De Europese belangstelling voor Japan is nog steeds groeiend. De Tilburgse Hogeschool heeft in zijn aandacht voor het Aziatische land zelfs al 'een zekere onderzoekstraditie' opgebouwd.

ners hun buitenlandse talen beheersen. Een Tilburgse studiegroep wordt aangesproken door een aantal Japanners: " W e have studied English for t w o years. May we talk with you?". " Y e s " , antwoorden de Tilburgers " g o ahead". " W e are from Kyoto. Have you been to Kyoto?". " N o , not y e t " . " H o w did you like Kyoto?". Het ligt in de bedoeling dat in vervolg op de lezingen in juni

Aldus de folder die de lezingencyclus van Buro Buitenland begeleidt. "Binnen een aantal studierichtingen wordt systematisch onderzoek gedaan met betrekking tot Japan, in het bijzonder binnen de economische faculteit, de juridische faculteit, de subfaculteit Sociaal Culturele Wetenschappen en in mindere mate de subfaculteiten psychologie en letteren". Volgens de folder zijn er steeds meer studenten die zich op de studie van Japan specialiseren. En veel docenten behandelen de Japanse ontwikkelingen in hun colleges. Ter begeleiding van de lezingencyclus, die op 23 februari opent met een film over Japan en met een algemene inleiding van F. Hoes, is er een documentatiemap samengesteld. Daarin wordt het fenomeen Japan in 366 bladzijden uitvoerig belicht vanuit allerlei invalshoeken. De map bevat naast veel statistisch materiaal ook analyses en beschrijvingen van Japan-deskundigen en journalisten. Uit een overdruk van een artikel uit Snoecks 81 komt de volgende anekdote over de gebrekkige manier waarop Japan-

Donderdag 23 februari: Films 14 00 uur in zaal AZ 115 Japan an overview Tokyo Family Life Lezing 15 30 uur in zaal AZ 7 F. Hoes vakgroep Marketing en Marktonderzoek tevens lid van d e werk groep Japan van d e KHT Algemene inleiding over Japan

Tilburgs Hogeschoolblad

In de rubriek , Tribune' geven lezers hun opinie op uitnodiging van de THB-redaktie.

van dit jaar een twintigtal studenten en docenten van de hogeschool een studiereis naar Japan zullen maken. Uit vragen van de heer Cools in een pasgehouden vergadering van de hogeschoolraad blijkt dat Buro Buitenland aan potentiĂŤle Japan-reizigers heeft gevraagd "zich te bekwamen in het dragen van stropdassen". Staat dat niet, vroeg Cools zich af, op gespannen voet met de door het College van Bestuur hoog geachte academische vrijheid? De heer van Straaten antwoordde namens het College dat men begrip moet tonen voor de gebruiken en de cultuur van een ander land. Hij kan zich in dat licht de aansporing van Buro Buitenland wel voorstellen. T.G.

PROGRAMMA

Donderdag 1 maart: Films 14 00 uur in zaal A2 115 Understanding Japan The Japan Import Promotion Mission to the Benelux Lezing 15 30 uur in zaal AZ 7 J. Kaufmann voormalig ambassadeur in Tokyo Japan internationaal bezien politiek militair en economisch Donderdag 8 maart: Films 14 00 uur in zaal AZ 115 Industrial Japan Beyond Confrontation Japanese Labour Relations at work LOZing 15 30 uur in zeal AZ 7 F. Hoei vakgroep Marketing en Marktonderzoek tevens lid van d e werk groep Japan van de KHT Japans organisatie en managementsysteem Donderdag 15 maart: Films 14 00 uur in zaal AZ 115 Decisions making in Japan The music maker

Lezing 16 30 uur in zaal AZ 7 J. Bongenaar Jopanoloog Sociaal psychologische kenmerken van d e Ja panners Donderdag 22 maart: Films 14 00 uur in zoal AZ 115 The Economy of Japan Doing business in Japan Lezing 15 30 uur in zaal AZ 7 J Keek Directoraat Generaal Buitenlandse Betrekkingen van d e Europese Commissie in Brussel Economical Development of Japan after World War II Donderdag 29 maart: Films 14 00 uur in zaal AZ 115 An asset from the Past The Systematic Approach in Japan Robots Forumdiscussie De economische relaties Nederland Japan waarin o a zit ting zullen nemen P. van Gulik Ministerie van Economische zaken R. Steinbruch afdeling Strategische Planning van AKZO Coatings en prijs winnaar van een essay wedstrijd met als onderwerp De betekenis van in dustriele samenwerking voor d e economische betrekkingen met Japan F. Kouwe eerste secretaris van d e Japanse External Trade Organisation (Jetro) F. Karl Dutch a n d Japanese Trade Federation Voorzitter E. HIrscti-Baiiln voorzitter van d e Adviescommissie Buitenlandse Betrekkingen KHT

17 februari 1984


MEDEDELINGEN

COMMUNIQUE VAN DE 200e VERGADERING VAN DE HOGESCHOOLRAAD D D 9 2.1984

1. De hogeschoolraad heeft middels de volgende benoemingen vacatures in raadscommissies opgevuld: de heer J. Waajen tot Hd van de Begrotingscommissie, de heer H. Egberts tot lid van de commissie Studentenbeleid, de heer prof. dr. J. Goddijn tot Ud van de Begrotingscommissie, de heer M. van Dooren tot lid van de commissie Personele Zaken, de heer dr. P. Jansen tot lid van de commissie Onderwijs en Onderzoek. 2. De hogeschoolraad heeft de heer drs. E. Ey benoemd tot lid van het bestuur van de Stichting Studentenhuisvesting Tilburg en tot lid van de adviescommissie Studium Generale. 3. De raad heeft het Jaarverslag 1983 van de Subsidiecommissie voor kennisgeving aangenomen. 4. De hogeschoolraad heeft de "Nota Formatieontwikkeling 1984-1988 en Richtlijnen Ontwikkelingsplan 1985-1989" vastgesteld als modelmatig en rekentechnisch werkdocument voor het middellange termijn beleidsplan van de KHT. De raad heeft daarbij bepaald dat de verdeling van het totale beschikbare budget personele middelen over het wetenschappelijk personeel en het niet-wetenschappelijk personeel een voorlopige is en kan worden gewijzigd indien het te voeren overleg over de voorgestelde n.w.p. formatie-ontwikkeling in (sub)faculteiten en in diensten daartoe aanleiding geeft. De raad heeft tevens besloten het College van Bestuur te verzoeken: - aan faculteiten op te dragen een onderwijs- en onderzoekplan op te stellen, waarbij de in de nota geformuleerde kaders als richtsnoer gelden; - open overleg te gaan voeren met diensten en faculteiten over de toekomstige verdeling van het budget voor n.w.p., daarbij nogmaals het voorlopige karakter van het n.w.p.-budget benadrukkend; - binnen de voor 1984 voorgestelde kaders een ontwerpbegroting op te stellen, rekening houdend met de nog van faculteiten en diensten te ontvangen reacties; - in 1984 een nota Centrale Beleidsruimte op te stellen; - het in te voeren beleid te concretiseren op het punt van de 10%-norm voor student-assistenten en tijdelijk wetenschappelijk personeel in de w.p.-formatie. Tot slot heeft de hogeschoolraad aan het College van Bestuur verzocht jaarlijks voorstellen te formuleren om de Nota Formatie-ontwikkeling bij te stellen, waarbij dan in gelijke mate aandacht zal worden besteed aan de formatie-ontwikkeling bij het w.p. en het n.w.p. 5. De hogeschoolraad heeft besloten het Stichtingsbestuur te adviseren de Structuurregeling te wijzigen, zodat de bestuurlijke structuur van de in opbouw zijnde subfaculteit letteren tot 1 september 1985 kan worden gecontinueerd. De volledige besluitenlijst van de vergadering van de hogeschoolraad ligt op de griffie van de raad (B 1109) ter inzage.

BIBLIOTHEEK I. AANPASSINGEN RAPPELSYSTEEM EN UITLEENREGLEMENT Nadat anderhalve maand ervaring is opgedaan met een nieuw rappelsysteem blijkt, dat een stringent rappelen sanctiesysteem geen overbodige luxe is. Met name valt op het aantal derde rappels waarop tot dusverre geen enkele reactie is ontvangen: 344. Voor het merendeel der leners blijkt de gewenningsperiode aanzienlijk te zijn. Voor de groep die totaal niet reageert is het huidige systeem ontoereikend. Gelet op het bovenstaande en gelet op de vele reacties die versoepeling van het systeem voor het merendeel der leners bepleiten, heeft de Biblio-

Tilburgs Hogeschoolblad

thecaris na overleg met de dienstraad en de Algemene Bibliotheek Adviescommissie besloten de volgende wijzigingen aan te brengen in het rappelsysteem: 1. Het eerste rappel (14 dagen na verstrijken uitleentermijn) krijgt met onmiddellijke ingang het karakter van een waarschuwing. Het leidt niet meer tot blokkering. Aanmaningskosten worden niet in rekening gebracht indien de lener snel reageert. Deze waarschuwing dient de lener aan te manen het werk terug te bezorgen of te verlengen. Dat laatste is alleen mogelijk, indien het werk niet door een ander is besproken. 2. Het tweede rappe/wordt 14 dagen na het eerste rappel verzonden en leidt tot blokkering van de lener. Deblokkering kan enkel plaatsvinden bij de Centrale Uitleenbalie, gebouw A, door terugbezorgen van het/de gerappeleerde werk(en). Bovendien zullen met ingang van / september 1984 voor het tweede rappel f 5,00

aanmaningskosten in rekening worden gebracht. Aan het derde rappel zal dan f 7,50 aanmaningskosten worden verbonden. Dit betekent dat vanaf 1-9-'84 voor deblokkering ook vereist is het voldoen van deze kosten. De bibliotheek gaat, anders dan aanvankelijk het voornemen was, dus niet op 1 maart a.s. over tot het in rekening brengen van aanmaningskosten. 3. Met onmiddellijke ingang worden regels van kracht voor degenen die ook op het derde rappel niet reageren. De desbetreffende leners zullen door de bibliothecaris in gebreke worden gesteld. Daarna ontvangen zij een rekening voor de vervangingswaarde van het geleende vermeerderd met administratie- en verwervingskosten. Dit kan oplopen tot bedragen van f 100,00 of meer. Indien het geleende niet alsnog wordt terugbezorgd en indien betaling van de kosten achterwege blijft, zal de vordering uit handen worden gegeven. In zijn vergadering van dinsdag 14 februari j . l . heeft het College van Bestuur besloten de "Algemene Uitleenvoorwaarden Bibliotheek KHT" in bovengenoemde zin aan te passen. De overige bepalingen van het reglement, o.a. met betrekking tot het tonen van de lenerspas bij elke uitlening en m.b.t. het maximum aantal te lenen banden (20) blijven van kracht. II. UITLENEN OP MAANDAGOCHTEND BEPERKT In verband met de wekelijkse onderhoudswerkzaamheden aan de computer ziet de Bibliotheek zich genoodzaakt de uitleenfacilitelten op maandagochtend te beperken. Met onmiddellijke ingang is de uitleenservice op deze ochtend opgeschort tot 10.30 uur. De bibliotheken zijn op deze ochtend verder normaal open. Op maandag 20 februari, 2 april, 14 mei en 25 juni 1984 zijn de afdelingsbibliotheken in principe 's morgens tot 13.00 uur gesloten i.v.m. groot onderhoud aan de locale computer. De Bibliothecaris KHT VACATURE Bij de vakgroep Sociale psychologie van de subfaculteit Psychologie bestaat een vacature voor een STUDENT-ASSISTENTE (m/v) voor 2 eenheden (= 2 halve dagen) per week, gedurende de periode van 1 maart 1984 tot 1 september 1984. Inlichtingen: tel. 2636. VERKIEZINGEN 1984 (HERHALING) Het Stembureau brengt ter openbare kennis: De zittingstermijn van de student-leden van de Hogeschoolraad eindigt op 1 juni 1984. De zittingstermijn van alle leden van de (sub)faculteitsraden eindigt per 1 september 1984. Met het oog op de vervanging van bedoelde raadsleden zullen in de periode van 10 februari tot en met 2 mei 1984 algemene verkiezingen worden gehouden. Onderstaand volgt een overzicht van de procedure voorzover voor de kiezers van belang. Als alles verloopt zoals het hoort, hoeft de kiezer ten hoogste drie keer in actie te komen: voor de verificatie van het kiezersregister, voor de kandidaatsstelling en voor de stemming.

Verzoeken om verbetering en ambtshalve verbetering van het register liggen t/m 24 februari ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. T/m 24 februari, 17.00 uur, is er gelegenheid tot schriftelijke tegenspraak op verzoeken om verbetering en ambtsghalve verbeteringen bij het stembureau. Op 24 februari te 17.15 uur beslist het stembureau op de verzoeken om verbetering. Het genomen besluit wordt ter inzage gelegd in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan t/m 2 maart in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. Op 12 en 13 maart is er van 09.00 tot 17.00 uur in kamer B 1115 gelegenheid tot kandidaatsstelling. Formulieren voor de kandidaatsstelling zijn vanaf 27 februair verkrijgbaar in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. Voor avondstudenten is er nog een gelegenheid om op 12 en 13 maart na 17.00 uur bij de balie deze formulieren in te leveren. Op 13 maart te 17.00 uur onderzoekt het stembureau de kandidatenlijsten en geeft van eventuele verzuimen kennis aan degene die de kandidatenlijst heeft ingeleverd. T/m 12 maart, 17.00 uur, is er gelegenheid tot herstel van de verzuimen op de in het Kiesreglement voorgeschreven wijze, waarvan aan de betrokkenen door het stembureau mededeling zal worden gedaan. Op 22 maart om 14.00 uur beslist het stembureau in een openbare zitting in CZ 103 van gebouw C over de geldigheid van de kandidatenlijsten en over de handhaving van de daarop voorkomende kandidaten. Onmiddellijk na de zitting op 22 maart legt het stembureau zijn besluit over de geldigheid der kandidatenlijsten en over over de handhaving der daarop voorkomende kandidaten ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan t/m 29 maart tegen het besluit van het stembureau schriftelijk in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. De aan de kiezers toegezonden stembiljetten moeten op 13 april om 17.00 uur in het bezit van het stembureau zijn. Op 16 april vindt in de Portrettenzaal het openen van de enveloppen plaats in een openbare zitting, en wel van 09.00 uur tot 17.00 uur. Op 17 en 18 april (voorzover nodig) vindt in B 602 het opmaken van de uitslag plaats in een openbare zitting en wel van 09.00 uur tot 17.00 uur. Op 19 april des middags om 14.00 uur stelt het stembureau in een openbare zitting in CZ 103 het procesverbaal van de uitslag vast en legt het afschrift van het procesverbaal ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan binnen 5 dagen nadien schriftelijk in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. Attentie In het Voorlichtingscentrum ligt een exemplaar van het Kiesreglement. Het Stembureau, secretariaat Mr. J. Backbier, tel. 662248.

COLLEGES WIJSBEGEERTE KANDIDAATS OUDE STIJL FEW Gedurende het tweede semester zal het college van dr. E.E. Berns gegeven worden aan de hand van een leesschema uit het diktaat dat wekelijks besproken kan worden op dinsdag 16.30 uur in B 721.

DOCTORAAL ECONOMIE TWEE-FASENSTRUCTUUR Inleiding Belastingrecht (381.020). Het tentamen Inleiding Belastingrecht wordt afgenomen op 14 juni

1984.

•» FACULTEITSDAG Zoals reeds eerder bekend is gemaakt, zal ter gelegenheid van het 4e lustrum van de faculteit een zogenaamde faculteitsdag plaatsvinden. De faculteitsdag vindt plaats op 23 februari en zal aanvangen om 16.30 uur. De festiviteiten zullen ook de avond beslaan. Om zowel de voltijdals de deeltijdstudenten in de gelegenheid te stellen deze dag bij te wonen zullen er op donderdag 23 februari vanaf 16.30 uur géén colleges plaatsvinden. Ook de colleges, welke in de avonduren gepland waren zullen geen doorgang vinden. De betreffenden colleges zullen later ingehaald worden; wannéér dit zal geschieden zal de docent in overleg met de studenten nader bepalen. De colleges inleiding belastingrecht, die volgens het rooster voor de deeltijdstudenten gepland zijn op 23 februari vanaf 18.45 uur in zaal AZ 10 worden verplaatst naar 5 april, zelfde tijd, zelfde plaats.

CYCLUS 'MEDIARECHT' Het mentoraad aan de juridische faculteit organiseert een cyclus 'mediarecht'. Deze cyclus omvat een groepsgewijze voorbereiding, lezingen (23 februari) door mr. A.F.M. Brenninkmeyer (onderwerp: recht van vrije meningsuiting) en prof. J.G. Stalpers, hoogleraar massacommunicatie KUN (onderwerp: de werking van de massamedia). Afgesloten wordt met een bezoek aan de NOS (1 maart). Deelname staat open voor eerstejaars rechtenstudenten. Daarnaast bestaat er voor anderen beperkt de mogelijkheid de lezingen bij te wonen. Voor nadere informatie en inschrijving: Mentoraat Juridische Faculteit, kamer B 702, tel: 013-662625. TENTAMEN SOCIAAL RECHT "Op woensdag 29 februari bestaat er de mogelijkheid de tentamens "Sociaal Recht I", "Sociaal Recht I I " en "Sociaal Recht I en I I " in te zien. Studenten die van deze mogelijkheid gebruik wensen te maken dienen zich 29 februari tussen 9.30 uur en 16.30 uur op kamer B 834 of B 835 te vervoegen."

J TENTAMEN METHODEN EN TECHNIEKEN IV De in de studiegids opgenomen datum 28 mei moet zijn: 18 mei 1984.

17 februari 1984

^_

Eg


MEMO

Varidi C U R S U S ENERGIEBELEID De Werkgroep Energiediscussie start eind februari een cursus over bein vloeding van het plaatselijk energiebeleid Met name wordt dan ingegaan op woningbouw, afval, hergebruik en plaatselijke energieopwekking De cursus duurt 8 dagdelen en is gratis Materiaal hiervoor wordt beschikbaar gesteld 2 Trainers begeleiden de cur sus, die zal worden gehouden in Til burg Wil je hier aan deelnemen, bel dan 638342 AANVRAAGMOGELIJKHEID SAMENWERKINGSPROJECTEN KHT-THE 1985 Van 15 maart tot 16 mei 1984 bestaat er weer de jaarlijkse gelegenheid om aanvragen voor de ondersteuning van oude en nieuwe Samenwerkingsprojecten KHT THE in te die nen Deze projecten kunnen betrek king hebben op onderwijs, onderzoek en dienstverlening Voor 4 è 5 projecten zijn personele middelen beschikbaar vanaf 1 januari 1985 Samenwerkingsorgaan KHT-THE, HG 3 04, KHT, Gebouw B kamer 1009 Aldaar zijn ook de speciale aan vraagbrochures met bijgehorend aanvraagformulier verkrijgbaar, met daarin vermeld de criteria en voorwaarden waaraan projecten en de indiening moeten voldoen Deze worden op telefonisch verzoek (THE, toestel 2272, KHT, toestel 2010) aan u toegezonden Alle afde lingen, faculteiten en diensten zijn in middels ook al rechtstreeks voorzien van deze aanvraagbrochures met bij gehorend aanvraagformulier Informatie over deze projectmogelijk heiden wordt te allen tijde gaarne verstrekt, en wel via de hiervoor ge noemde telefoonnummers ESSAY-PRIJSVRAAG DICHTEN EN DENKEN Sinds de Oudheid is nagedacht en gedebatteerd over de rol van inspire tie en verstand binnen de poëzie In de loop van de geschiedenis is aan eén van deze beide aspecten een steeds wisselend gewicht toegekend Vele thema s kunnen in dit verband worden aangesneden de dichter als

geïnspireerd ziener of als geschoold vakman, de geëngageerde en de wereldvreemde dichter, het dichtwerk als filosofie of als basis voor onder WIJS of als een eigen wereld van schoonheid, de creatieve, de analy serende of de meegesleepte lezer, het spanningsveld tussen kunst en kunsttheorie, verschuivende zwaartepunten binnen kunst en poëzie Deze thematiek is met beperkt tot een bepaald cultuurgebied Elk van de genoemde, of andere, naar uw mening verwante, aspecten, kan het onderwerp van u w essay zijn De in zendtermijn is tot en met 30 juni 1984 Belangstellenden voor deze prijsvraag kunnen het reglement met nadere informatie aanvragen bij Secretariaat Dichten en Denken prijsvraag, p/a Morssingel 9 1 , 2312 ET Leiden

T A A L - CULTUURREIZEN In de penode van 30 juni tot 13 augustus organiseert de stichting Amici della Lingua e Cultura Italiana drie 2 weekse taal en cultuurreizen naar Itahe Reeds verschillende malen heeft de stichting ALCI deze cursussen ver zorgd, tot grote tevredenheid van de deelnemers In verband met de groei ende tendens naar taal en cultuurva kanties lijkt het aanbevelenswaardig aan het programma voor de zomer van 1984 een brede bekendheid te geven De cursussen zijn erop gencht de spreekvaardigheid van de deelne mers te verbeteren en tevens het in zicht in de Italiaanse cultuur in al haar aspecten te vergroten In de ochtenduren worden de lessen gegeven terwijl s middags en in het weekend excursies zullen worden ge organiseerd naar meer en minder be kende bezienswaardigheden Ook zullen de cursisten in de gelegenheid worden gesteld kennis te maken met personen en instellingen die hen per soonlijk interesseren Er wordt een cursus georganiseerd in Reggio Calabria, een in Cortona (tus sen Rome en Florence) en een in de omgeving van Verona De kosten lig gen tussen f 1 7 0 0 , - en f 2 3 5 0 , - , met inbegrip van reis, verblijf en cur sus Een folder met uitgebreide informatie kan worden aangevraagd bij Stich ting ALCI, Postbus 13056, 3507 LB Utrecht

HBO-BOND ZOEKT CREATIEVELINGEN W e zijn tot het initiatief gekomen om een dag, dagen, avond, avonden of zelfs eventueel een weekend, te organiseren waarop studenten hun bezigheden aan anderen kunnen presenteren Als H B O Bond, vinden we dat studentzijn meer inhoudt dan alleen colleges volgen Zo'n dag, avond etc kan een leuke gelegenheid zijn om andere studenten of groepen studenten te ontmoeten Deze uitwisseling en presentatie van je ideeën en creativiteit kan stimulerend zijn om door te gaan of juist eens iets (nieuws) te beginnen Om ons idee te kunnen verwezenlijken willen we eerst weten of er wel genoeg belangstelling voor zoiets bestaat ZIJN ER INDERDAAD WEL ZOVEEL CREATIEVE STUDENTEN? DUS HEB JE ALLEEN, OF MET ANDERE STUDENTEN EEN CABARET, THEATER, TONEEL, ZANGPROGRAMMA, of evt iets anders EN W I L JE GRAAG EENS BUITEN SCHOOL, VOOR ANDEREN OPTREDEN, LAAT DAN IETS V A N JE HOREN Alleen bij voldoende reacties kan ons plan doorgang vinden SCHRIJF VOOR 1 M A A R T A S EEN BRIEFJE MET DAAROP - naam, adres en telefoonnummer waar w e jou of jullie kunnen bereiken - opleiding die je of jullie volg(t)en iets over je programma (als dat bekend is) NAAR HBO-Bond TILBURG, p/a HART V A N B R A B A N T L A A N 1238, 5038 JH TILBURG W I J laten je dan weten of er voldoende belangstelling is en geven verdere informatie Ook wanneer het met doorgaat hoor je iets van ons

Sportt wOR4

LUSTRUM V A N PENDRAGON In het kader van het Lustrum van Pendragon worden er allerlei activiteiten georganiseerd Het eerste gro te evenement is een "alternatieve sportdag" Deze zal plaatsvinden op donderdag 23 feb in de studenten sporthal De alternatieve sportdag bestaat uit drie onderdelen, waaraan afzonderlijk kan worden deelgenomen, nl een competitie m een aantal teamspelletjes, een schaaksimultaan en een dropping De teamspelletjes zijn tafelvoetbal, koersbal (soort jeu de boule), gardirol (soort kegelbal), unicurl (mdoorvorm van het schotse ijscurling) en goalbal Naast deze spelletjes kun je de gehele dag mee doen met individuele spelletjes, zo als darts, flipperen, basketdoelen, doelschieten, sjoelen en parapluhan gen De dropping is vanaf 22 00 uur Inschrijvingen hiervoor individueel en in groepsverband mogelijk Voor de dropping zijn de kosten f 5 , — per persoon, waarvoor je echter een overheerlijke snertmaaltijd kunt ver wachten Te betalen gelijk met het inleveren van de inschrijfformulieren op de sporthal Vanaf 22 00 uur is er groot FEEST op de sporthal Inschrijfformulieren dienen uiterlijk 20 feb ingeleverd te zijn bij de concierge ATLETIEK De studentenatletiekvereniging PAR CIVAL organiseert in het tweede se mester o a de volgende evenementen waarvoor we nu al de aandacht willen vragen de BATAVIERENRACE, een estafetteloop van Nijmegen naar Ensche de waar we met 2 teams aan meedoen Per team lopen er 18 heren en 7 dames en de afstanden per etappe

variëren van 4,5 tot 9,2 voor de heren en van 3,3 tot 7,5 voor de dames Met busjes wordt het vervoer gere geld en het is werkelijk een zeer gezellig «venement, startend vr 27 apnl om 12 00 uur 's nachts en op de cam pus van de T H Twente eindigend za om 17 00 uur 's Avonds is er daar in de "Bastille" een groot feest De terugreis is zondagmorgen Inschrijving eind maart op de sporthal COMPETITIE, we doen ook mee aan de officiële atletiekcompetitie, waar we nog enkele mensen kunnen gebruiken die min of meer vaardig zijn op 1 of meerdere van de zgn "technische onderdelen" Als je belangstelling hebt, informeer dan eens op de sporthal Op het moment wordt er in de hal getraind op woens dagmiddag van 16 00 17 00 uur, maar zodra het mogelijk is gaan we weer naar het Willem 2 stadion Kom eens vrijblijvend langs H.S.M.-BUITEN EN ANDERE MEDEDELINGEN Pendragon organiseert de H S M buiten van 16 t / m 29 maart De volgende sporten kunnen beoefend worden veldvoetbal, veldhockey, cross, en een wielertijdrit Inschrijving mogelijk op de sporthal N B sportkaart is met verplicht, zo wel W O als H B O studenten kunnen meedoen De kosten zijn f 2,50 per sport per persoon en de inschrijf datum sluit op 19 maart Basketball Op dinsdag om 20 00 uur wordt er voor dames de beginselen van de basketbalsport gegeven in de H T S Het acsent ligt op de basistechnieken en het recreatief een potje spelen Als je toch meer wilt, kun je je even tueel als lid van de basketballvereniging Pendragon opgeven Het is wel noodzaak dat je in het bezit bent van een sportkaart Voor verdere infor matie. Ene Mathieu, Sporthal, Aca demielaan 5, tel 671898 Korfbal Voortaan op iedere maandag avond van 9 00 tot 10 00 uur een korfbaltraining in de H T S Zowel beginners als gevorderden zijn van harte wel kom Wil je meer informatie bel dan Leo Robben (tel 04998-71572) Tot MAANDAG I AAN ALLE SPORTENDE STUDENTEN Ook dit semester is het weer verplicht de sportkaart mee te nemen, als je wilt komen sporten Het is voor jullie

Subsidiekommissie De subsidiekommissie is een kommissie van de Hogeschoolraad, die bestaat uit drie personeelsleden en vier studenten van de Hogeschool Door het beein digeavan het dienstverband aan de Hogeschool van eén van de personeelsleden komt een plaats vakant in de kommissie en roept zij

BELANGSTELLENDE PERSONEELSLEDEN op te solliciteren naar dit lidmaatschap Door het afstuderen van één van de studentleden komt een plaats vakant in de kommissie en roept zij

BELANGSTELLENDE STUDENTEN op te solliciteren naar dit lidmaatschap De subsidiekommissie heeft tot taak voorzieningen en aktiviteiten te bevorde ren, die in de ruimste zin dienstbaar zijn aan het doel van de Katholieke Hoge school, door het verlenen van subsidie uit de daarvoor ter beschikking komende middelen ZIJ schenkt in dit kader m het bijzonder aandacht aan de kulturele, godsdiensti ge en sociale ontplooiing van de studenten, aan de ontwikkeling van het maat schappelijke verantwoordelijkheidsbesef en aan de bevordering van het begrip voor andere leefpatronen en internationale ontwikkelingen ZIJ, die belangstelling hebben, kunnen inlichtingen inwinnen of zich aanmelden bij W Heuvelmans, voorzitter subsidiekommissie Gebouw N, kamer 5 (tel 662135)

en voor ons vervelend om je weg te moeten sturen, als je de sportkaart met bij je hebt Déérom een dringend verzoek hem met te vergeten TRUIEN De nieuwe truien met Pendragonopdruk zijn weer volop te verkrijgen De kleuren zijn grijs, licht geel en donker blauw Heb je interesse wees er dan snel bij, voor het te laat is Ze kosten f 35,— per stuk, te betalen aan een van de DB leden op de Pen dragonkamer waar ze ook te verkrij gen zijn Tot ziens

STEPESTAFETTE BREDA E I N D H O V E N 30 M A A R T 1984 De Stepestafette gaat van Breda naar Eindhoven en wordt afgelegd op gewone autopeds De 80 kilometer lange tocht voert door twaalf Bra bantse gemeenten De race is mge deeld in tien etappes, s morgens vijf en 's middags vijf De teams bestaan uit vijf personen, bij voorkeur vier he ren en eén dame Alle teamleden steppen twee etappes Voor aanmelding en inlichtingen kan men zich wenden tot de organisatie p a E S V Demos, J F Kennedylaan 3, 5612 AB Eindhoven, 040440969/427093 Ook met studeren den worden van harte uitgenodigd aan de stepestafette deel te nemen

Menu PERIODE 20 T / M 25 FEBRUARI 1984 M A A N D A G 20 2 1984 heldere kervelsoep witte cremesoep gehaktbal met uien levervink uiensaus spinazie a la crème rauwkostsalade DINSDAG 21 2 1984 chinese kippesoep champignonsoep babi pang gang kipkerryragoüt kroepoek gebakken rijst komkommer salade met atjar postelein WOENSDAG 22 2 1984 bloemkoolsoep tomatenpapnkasoep kipcordon bleu bretonse schijf picadillysaus gemengde sla van sla andijvie wortel komkommer augurk olie en azijn DONDERDAG 23 2 1984 chinese rijstsoep selderysoep bruine bonen schotel (bruine bonen varkensvlees uien paprika prei tomaat chilipoeder en rauwkost salade van wortel seldery kool en tomaat kalkoenrollade bietjes VRIJDAG 24 2 1984 tomatensoep gebakken scholfilet hamburger béarnaisesaus worteltjes stamppot boerenkool


ÜO^QO^ STUDIUM GENERALE

"Niet Ik" en "Film" film van Samuel Beckett. Dinsdag 21 februari, 12.30 uur, AZ-10 Katholieke Hogeschool. Twee korte films van het werk van Samuel Beckett worden vertoond. In beide films trachten de hoofdpersonages af te rekenen met hun levensherinneringen om zich tenslotte over te geven aan het absolute niets. "Niet Ik", een spel voor één mond, is de verfilming van de première van dit stuk in de uitvoering van Toneelgroep The Family. In "Film" speelt niemand minder dan Buster Keaton de hoofdrol. STUDIUM GENERALE

"Het utopische in de moderne literatuur" Lezing door Jacq Firmin Vogelaar. Donderdag 23 februari, 13.30 uur, AZ7. Aan de ene kant heb je de utopie van de ordening: de wetten opgesteld voor een volmaakte stad. Deze utopie laat zien dat als de verbeelding aan de macht komt ze meteen al dronken van macht is. Aan de andere kant is er ook een oorspronkelijke utopische fantasie van vrijheid. Je kunt dus tegen de utopie zijn en niettemin pleiten voor de utopische methode als een vorm van denken die geschikt is om bepaalde aktuele problemen beter en aanschouwelijker voor te stellen. Een schrijver als Musil geeft daarvan een uitstekend voorbeeld, maar er zijn in de moderne literatuur veel meer namen te noemen. CONCORDIA BREDA

De Gijzelaar Voorstelling: "De Gijzelaar" van Brendan Behan, door de Nieuwe Komedie. Regie: Hartmut Alberts. Te zien: 21 februari (za.) in Concordia Breda. "Te jong om te sterven, maar te dronken om te leven" schreef een Engelse krant over Brendan Behan toen hij in 1964 overleed. Behan vi/as toen 41 en wereldberoemd, niet zozeer vanwege zijn literaire voortbrengselen als wel om zijn hele persoonlijkheid. Tijdens zijn leven was deze rasechte Ier eigenlijk al een legende. Geboren en opgegroeid in Dublin raakte hij al heel jong betrokken bij de Ierse onafhankelijkheidsstrijd, en hij werd lid van de ondergrondse IRA. Vanaf z'n zestiende jaar zat Behan regelmatig gevangen wegens rebellie en kreeg zelfs veertien jaar dwangarbeid opgelegd. {Na vier jaar kwam hij weer vrij door politieke amnestie). Hij werkte zo nu en dan als huisschilder, zeeman of journalist Maar het grootste deel van de tijd bracht hij door in de kroeg; zingend, vloekend, drinkend. Met zijn lef, z'n stoere taal en sterke verhalen en de bereidheid om overal en altijd Ierland te verdedigen en in een patriottisch lied los te barsten, werd hij langzamerhand een symbool voor de vrijheidsstrijd. Zijn werk kreeg steeds meer bekendheid. In de columns voor dagbladen, de korte verhalen en de toneelstukken beschreef hij gebeurtenissen uit zijn rebellenleven en gaf ongezouten kritiek op politici en de geestelijkheid. Toch was Behan helemaal niet zo'n Jules Hamel schouwt zijn troepen in de "Gijzelaar" door de Nieuwe Komedie.

Tilburgs Hogeschoolblad'

Jacq Firmin Vogelaar is onder meer auteur van "Anatomie van een glasachtig lichaam". "Alle vlees", "Raadsels van het Rund" en "Kaleidiafragmenten". HANDKE/WEISS IN NOORDERLIGT

Petra von Kant "De bittere tranen van Petra von Kant door het Handke/Weiss gezelschap. Noorderligt, donderdag 23 februari. Aanvang: 20.30 uur. Het Handke/Weiss gezelschap is de enige Nederlandse theatergroep uit universitaire kringen die een zekere professionaliteit nastreeft. Deze theaterafdeling van Crea van de Universiteit van Amsterdam werkt vooral op projecten rond duitstalige auteurs zoals Peter Weiss, Peter Handke en vorig jaar Botho Strauss. Vorig jaar brachten ze een heel eigen dramaturgie van Klaus Mann's Mephisto en nu is dus Fassbinder aan de beurt met zijn melodrama "De bittere tranen van Petra von Kant". Het is het droevige verhaal van de geestelijke aftakeling van een gevierd modeontwerpster die in haar persoonlijke relaties totaal mislukt. Handke/ Weiss speelt dit stuk erg onderkoeld. De emotionaliteit die Fassbinder erin stopte is onderhuids wel aanwezig maar komt zelden naar buiten. Dat versterkt de spanning en maakt het matige spel van Ineke Schurink (als Petra), Jop Valkhoff en Henk Brouwer best genietbaar. Met de regie loopt hier en daar iets mis, te realistisch in een bijna naturalistisch decor zodat de spelers door de talrijke onzinnige handelingen uit hun concentratie worden gebracht. Alles samen blijft het stuk overeind als een naar de keel grijpende getuigenis over eeuwenoude thema's zoals liefde en eenzaamheid. ^w politieke extremist. Zijn achting voor de IRA daalde naarmate hij meer geconfronteerd werd met het fanatisme van de harde kern van deze beweging. "Je kunt tegelijkertijd een patriot en een moordenaar zijn " schrijft hij in "De bekentenissen van een Ierse rebel." (1963). Brendan Behan was geen moordenaar, hij had alleen zijn hart verpand aan Ierland en verder een enorme hekel aan conventies en gezag. In zijn toneelstuk "De Gijzelaar" (1958) komt Behans houding ten opzichte van de Ierse kwestie duidelijk naar voren. In een bordeel in Ierland wordt een jonge Engelse soldaat gegijzeld gehouden door de IRA. Een tegenactie, want in Belfast staat men namelijk op het punt een IRA-lid te executeren omdat hij een agent heeft vermoord. Het bordeel wordt gerund door Pat en Meg. Pat heeft nog in de oorlog tegen de Engelsen gevochten en nu stelt hij samen met zijn oude strijdmakker Mesjeu zijn huis open voor de patriotten. Hij staat echter wel heel sceptisch tegenover het handelen van de IRA. Volaens hem

VROUWENOVERLEG

'Toute une nuit" Film, donderdag 23 februari. Katholieke Hogeschool, 20.00 uur, SZ-11. Regie: Chantal Akerman. De film begint met beelden van straten in nachtelijk Brussel. De geluiden bij deze beelden: toeterende auto's, geklik van damesschoentjes op straat en 'l'amora perdonnera'. Chantal Akerman: "Ik had maar één idee in mijn hoofd, twee beelden eigenlijk. Het ene beeld stamt uit mijn jeugd: een meisje dat met haar moeder in een 'salon de thé dansant' is, zoals je die in Brussel in de grote warenhuizen kan vinden. Op een dag kreeg ik het idee om het meisje getuige" te laten zijn van een scène dat daar twee mensen plotseling verliefd op elkaar worden. In het andere beeld zag ik mijn vrienden, de stelletjes, wanneer we met zijn zessen bij elkaar kwamen; de broer van de een had een relatie met de zus van de ander, etc, een soort incestueuze keten. En tegelijk was er vanuit de verwachting die men op 15 of 18 jarige leeftijd van de liefde heeft, sprake van een zekere teleurstelling." Deze keten zien we in TOUTE UNE NUIT terug in de lange reeks fragmenten. De mensen die we zien hebben ogenschijnlijk niets met elkaar te maken, het enige wat hen verbindt is de plaats: de straat, het kafé, het trappenhuis. Toch bezielt al deze mensen één en hetzelfde gevoel, het verlangen. Het is een hartstochtelijk verlangen naar liefde, niet zozeer naar een ander, als wel een verlangen naar de liefde zelf. Allen zijn daar op de een of andere manier mee bezig. Degenen die alleen zijn zoeken iemand op, ergens anders sluipt een vrouw bij haar man weg, om haar geluk in de stad te zoeken. haalt Mesjeu schurken en vrijheidsstrijders door elkaar, "misschien is er ook geen verschil tussen". De IRA-leden die in het bordeel de gijzelaar komen bewaken worden door Behan een beetje belachelijk afgeschilderd. Bloedserieus, overdreven fanatiek. "Om een zaak te dienen die glorieus en heilig is, moet de man zetf ook glorieus en heilig zijn" zegt één van hen. De Engelse soldaat is de onschuld zelve en krijgt dan ook onmiddellijk een romance met het lieve meisje dat in het bordeel de bedden opmaakt. Alle wonderlijke figuren die het bordeel bevolken kunnen het prima met hem vinden, totdat blijkt dat het menens is: de IRA dreigt de jongen te vermoorden. De onmenselijkheid en de onzinnigheid van het doden omwille van een ideaal spreekt overduidelijk uit dit stuk, dat in 1962 in Frankrijk uitgeroepen werd tot beste toneelstuk van het jaar. De Nieuwe Komedie speelt "De Gijzelaar" opnieuw (het werd al twee keer eerder in Nederland opgevoerd) omdat de groep vindt dat het stuk

Agenda FEBRUARI VRIJDAG 17 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Publiekstheater met "Zomer" van Edward Bond over een fascinerende ontmoeting tussen twee vrouwen. Regie: Peter de Baan. Met Ann Hasekamp, Antoinette Jelgersma, Annet Nieuwenhuyzen, Hugo Koolschijn en Ton Lutz. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Freek de Jonge in een spannend en onvoorstelbaar gebeuren. Met twee inspeelvoorstellingen, waaruit later een echt theaterprogramma moet gaan ontstaan. Katholieke Hogeschool, 20.15 uur, aula: Koninklijke Liedertafel met "Trio di Milano". Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis met "Madame Wang's" van de Amerikaanse regisseur Paul Morrisey uit 1981 over de Oostduitse zeeman annex spion Lutz. Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis "Intolerance" van de Amerikaanse regisseur David Wark Griffith. ZATERDAG 18 FEBRUARI Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis (zie 17 febr.). MAANDAG 20 FEBRUARI Theater 't Heks, 20.30 uur: "Blessuretijd", voorstelling door toneelgroep Centrum. Stadsschouwburg, 20.30 uur: Workshop Maarten Altena. De bekende jazzmuzikant Maarten Altena zal een workshop verzorgen voor akoestische instrumenten. Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis met "Way down east" van de Amerikaanse regisseur D.W. Griffith uit 1920 over een vals huwelijk en een onwettig kind. Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis (zie 17 februari). nog steeds aktualiteitswaarde heeft. De Ierse kwestie is nog lang niet opgelost en het is heel belangrijk om daar nog eens op te wijzen. Maar de Nieuwe Komedie haalt er nog een heleboel vergezochte vergelijkingen bij. De associatie met Oost- en WestDuitsland wil ik nog wel maken, maar woorden zoals kernwapens, Hitlerjugend, Rusland en Amerika kun je niet zo maar overal op plakken. De groep situeerde het stuk in een bioscoop uit de jaren vijftig in Den Haag. "Zo ontstaat uit het Dublin van 1958 de realiteit van 1983" dat zou "de personages weghalen uit folklore die niemand iets zegt", aldus de groep. Gelukkig is dat idee niet consequent doorgevoerd. Verpakt in een Tuschinski-jasje zijn er toch een heleboel Ierse elementen gebleven. Het gedrag van Pat met z'n drank, sterke verhalen en liederen; de muziek (speciaal voor deze produktie geschreven) gebaseerd op Ierse volksmuziek, en de manier waarop er gedanst wordt. Helaas is het spel van de akteurs zo Nederlands als het maar zijn kan. Overdreven, schreeuwerig en zonder enige subtiliteit Alleen wanneer er gedanst en gezongen wordt, merk je iets van de trieste ondertoon onder de Ierse luidruchtigheid. Juist in dat mengsel van stemmingen ligt de kracht van het stuk. En daarom is "De Gijzelaar" helemaal niet universeel, zoals de Nieuwe Komedie krampachtig probeert aan te tonen. Het wijst steeds weer terug naar die ene situatie, die ene persoon: Brendan Behan, de branieschopper, de Ierse volksheld die een eindeloos gevoel van melancholie teweegbracht... Marijne v.d. Jagt

DINSDAG 21 FEBRUARI Katholieke Hogeschool, 12.30 uur, AZ-10: Film "Niet Ik" en "Film" van Samuel Beckett. Org. Studium Generale. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Workshop Maarten Altena (zie 20 februari). Theater 't Heks, 20.30 uur: "Iets in de regen". Voorstelling door theatergroep Carrousel. Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis (zie 20 februari). Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis (zie 17 februari). WOENSDAG 22 FEBRUARI Katholieke Hogeschool, 20.00 uur, SZ-11: Film "Toute une nuit" van de Belgische regisseuse Chantal Akerman. Na afloop discussie. Org.: Vrouwenoverleg KHT. Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis (zie 20 februari). Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis (zie 17 februari). DONDERDAG 23 FEBRUARI Katholieke Hogeschool, 13.30 uur, AZ-17, 13.30 uur: Lezing door Jacq Firmin Vogelaar over "Het utopische in de moderne literatuur". Org.: Studium Generale. Theologische Faculteit, 14.00 uur, T-8: Lezing door Ruud van Bruggen over "Begraafplaatsen - voor de doden en de levenden". Org. Commissie Culturele Zaken. Stadsschouwburg, 20.15 uur: De Nieuwe Dansgroep met de nieuwe productie "Impulsen". Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: "Leeds laughing stock", Engelse humor in het programma "how to become english in one easy lesson". Paradoks, 21.30 uur: Wiebe Wilbers Kwartet". Konsert door Wiebe Wilbers (gitaar), Petro Nykuoy (slagwerk), Paul Stocker (sax) en Frans Tinermans (bas). Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis met "All about Eve" van de Amerikaanse regisseur Joseph Markiewics uit 1950. Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis: "Subway Riders" van de Amerikaanse regisseur Amos Poe uit 1981. Studentensporthal, 14.00 tot 22.00 uur: Alternatieve sportdag/dropping in kader van 55-jarig bestaan Pendragon. Katholieke Hogeschool, 14.00 uur, AZ-115: Films "Japan- an overview" en "Tokyo Family Life". Org. Buro Buitenland. Katholieke Hogeschool, 15.30 uur, AZ-7: Lezing door F. Hoes (KHT) "Algemene inleiding over Japan". Org. Buro Buitenland. VRIJDAG 24 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Brabants Orkest o.l.v. dirigent André Vandernoot m.m.v. het Brabant Koor en de pianist Arnoldo Cohen. Uitgevoerd worden het derde Brandenburgs konsert van Bach, het derde pianoconcert van Beethoven, de koorfantasie van Beethoven en de psalmensymfonie van Stravinsky. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Hooker met "Rituelen". Twee acteurs en één actrice proberen door middel van woord en handeling achter de grond van het bestaan te komen. Met Rudolf Damsté, Gertian Maassen, Wim Serlie en een kwartet o.l.v. Henk de Jonge. Stadsschouwburg, 19.30 uur en 22.00 uur: Filmhuis (zie 23 februari).

17 februari 1984


ACHTERKLAP LEKKENDE KRANEN Pruufschrift Meer wetenschappers moeten promoveren, vindt het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. Aan de Technische Hogeschool in Eindhoven wordt iedere week wel iemand in de "intellectuele adelstand" verheven. Soms gaat dat wel eens fout. Bij een proefschrift horen namelijk stellingen. Over die stellingen is in Eindhoven het een en ander te doen (geweest). Vorige week promoveerde Peter Vaessen op een proefschrift over "plasma spuiten". Een van zijn stellingen luidde: "De herwaardering van de rol van de hulsvrouw boven die van tweede kostwinner, zal in het algemeen niet alleen leiden tot een vermindering van de werkloosheid, maar ook tot een hoger percentage duurzaam geslaagde huwelijken". Een vijftigtal vrouwen was het daar niet mee eens. Onder het motto "Vaessen laten promoveren is vrouwen discrimineren" boden zij 40 handtekeningen van medestudenten aan. Na het uitreiken van de bul verlieten zij demonstratief de zaal. TH-Berichten kondigt aan dat deze week drs. Herman Tempelmans Plat zal promoveren op een bedrijfseconomische analyse van bouwen en wonen. Een van zijn stellingen zal zijn: "De citroen Deux Chevaux en de woning hebben gemeen, dat het basisontwerp in de behoefte van meer dan een generatie voorziet". Het ligt in de verwachting dat verontruste woningbezitters de promotie van Plat zullen verstoren. Als klap op de vuurpijl staat Eindhoven eind februari een "humor-promotie"

THB

te wachten. Jodokus J. Jofel zal ter verkrijging van de graad van doctor honoris causa een "pruufschrift" en stellingen verdedigen tegenover een wijze raad van elf "onderzukers". Promotoren zijn o.a.: vorst Verlet en prins Hans. Een van de reeds nu omstreden stellingen van Jodokus zal zijn: "De bioritmiek van carnavalsvierders kent dominante perioden van ongeveer 11 maanden en ongeveer 11 jaar". L.v.W.

Zieltjes winnen In Twente is men begonnen met zieltjes winnen, schrijft het THTNieuws. De onderafdeling der bestuurskunde (BSK) is vorig jaar afgegleden van 170 naar 120 studenten. Dat komt volgens de met voorlichting belastte econoom drs. W.C. Staring door concurrentie van bestuurskunde varianten op andere universiteiten en door de relatieve onbekendheid van een opleiding BSK op een TH. Staring is een slimme man. Hij combineerde de gedachte aan teruglopende interesse met de gedachte aan afnemende studenteninkomens en schreef de ouderejaars BSK een brief waarin werd gevraagd een wervend praatje te houden op hun oude school. "Van de afdeling krijg je ondersteuning door reis/(OStenvergoeding, een onkostenvergoeding van f 25, — en foldermateriaal". Dat is voor studenten mooi meegenomen. De meesten bezoeken immers regelmatig het ouderlijk huis. Dat wordt dus voortaan beloond met een aardige reiskostenvergoe-

Gratis matseren Naar aanleiding van 20 Jaar THB krijgt de lezer als verjaardagsgeschenk de gelegenheid om gedurende een korte periode gratis matsertjes te plaatsen. De matsertjes mogen geen commercieel karakter hebben en kunnen enkel met deze leesbaar ingevulde bon (één letter, leesteken of spatie per blokje) bij de redactie worden ingediend. Voor matsertjes die onder een andere vorm worden aangeboden geldt het gebruikelijke tarief. Vergeet niet ook naam en adres in te vullen.

X

Het Geheim Je snapt niet dat de papierfabrieken van Van Gelder moesten gaan sluiten nadat de Wet op de Universitaire Bestuurshervorming (WUB) in al zijn kakelvariaties gezellig begon te draaien. Wie een jaartje als student-lid In de Hogeschoolraad heeft meegedraaid kan na afloop van zijn diplomatieke debuut de deur van fiet rommelhok niet meer dlchtkrljgen omdat dit uitpuilt van de ontvangen vergaderstukken. Zo'n Hogescfiool- of Universiteitsraad telt pakweg dertig leden, Nederland telt dertien universitaire Instellingen, de WUB heeft ons koninkrijk nu tien jaar gezegend, en 30 x 13 x 10 = 3900 rommelhokken vol papier. Genoeg om een leuke industrie te laten roken, zou je zeggen. De vraag die zich vervolgens voordoet Is de rol van dat papier In de WUB. Nu, die rol is essentieel. Zonder papier geen WUB. En zonder twijfel, ook geen WWO'84. Dat papier, bedrukt ding. Het THT-nieuws twijfelt aan de doelmatigheid van deze maatregelen en suggereerde andere mogelijkheden. Wat te denken van f 25,— voor iedere nieuw aangebrachte student. "Of desgewenst een zilveren theelepeltje voor elk nieuw lid van de afdeling? Of badhandoeken? Of bestedingseenheden?" L.v.W.

''Huwelijk en Relatie Na een sluimerende periode van tien jaar trad de Rechtskundige Afdeling van het Thijmgenootschap weer voor het voetlicht. Het Thijmgenootschap is de

een Hogeschoolraad bijvoorbeeld, dreigen de studenten die tot lid van die raad zijn gekozen, te ontdekken dat niet zij maar de papierbergen op hun tafels de essentiële rol vervullen. Het geheim dreigt bekend te worden. Een geheim wat bekend Is, bestaat niet meer. Kortom, het algehele Niets dreigt. De democratie moet een mysterie blijven. Het geheim moet geheim blijven. Daarom krijgen die raadsstudenten nog meer papier toegemet een eindeloze hoeveelheid stuurd. Op dat papier staan nieulettermist, levert het geruststelwe verzinsels, zoals de medelende gevoel dat vergaderen deling dat het zinvol Is dat stueen zinnige activiteit Is. Dat Is dentenfracties elkaar beter gaan vergaderen niet, maar dat dient een geheim te blijven. De WUB is informeren. Er wordt een extra vergadering belegd. Iedereen dus het geheim van zichzelf In een object of fenomeen dat een komt. Studenten zitten op stoegeheim van zichzelf Is, kunnen len en bladeren weer nieuwe pamensen toch ook nog een leuke gina's om. Het papier gniffelt van rol spelen. Die rol Is niet essengenot. Het speelt zijn rol met pletieel. Ze zou evengoed door zier. De WUB is het papier dankrundvee vervuld kunnen worden, baar. De democratie is het papier mits dat rundvee op stoelen kan dankbaar. Studenten richten een zitten en pagina's kan ombladefractie-overleg op. Nog meer paren. pier gaat worden bedrukt. Het geheim Is gered... Soms, na de honderzesenveertlgduizendste vergadering van Wouter van Glls voormalige Vereniging ter Bevordering van de Beoefening der Wetenschap onder de Katholieken in Nederland. Tijdens de jaarvergadering, die plaatsvond op vrijdag 3 februari 1984 in de Katholieke Hogeschool Tilburg, werd het thema "Huwelijk en relatie aan de orde gesteld. De Tilburgse Staatsrechtgeleerde E.M.H. Hirsch Balling vond, samen met zijn collega CA.J.M. Kortman, het thema in een bepaald opzicht riskant want, "wie zich over de rechtsontwikkeling inzake huwelijk en gezin kritisch uitlaat, wordt er gemakkelijk op aangezien dat hij eigen levensbeschouwelijke normen en persoonlijke voorkeuren met behulp van de staatsmacht aan anderen wil opleggen", en dat willen deze katholieke juristen niet. Zij hech-

Uit 20 jaargangen THB Vraag 5 Denkt U dat de verhouding hoogleraar-student zal veranderen'' Ik denk hierbij aan- inspraak van de studenten bij het samenstellen van het studieprogramma; collegelopen in trui; examendoen in tenue de ville

Antwoord 5 Prof dr H W J B o s m a n Wat de kleding betreft, dit is niet iets, waar ik mij druk over zal maken en ik vind het ook met zo belangrijk in de verhouding hoogleraarstudent Ik zou zelf bij examens het jacuet wel op pnjs stellen maar als de studentenwereld het anders wil zal ik mij met verzetten Vee! belangrijker is de inspraak En ten aanzien hiervan meen ik dat deze nog wel wat zal toenemen en dat de hoogleraren steeds meer het nut zullen inzien van meningen en adviezen van studentenzijde, mits deze van kennis van zaken getuigen Ook het studieprogramma zou ik hiervan met willen uitsluiten Maar het is wel duidelijk dat de student dit nooit kan doen op basis van gelijke rechten want anders dan de wetenschappelijke medewerker moet hij nog laten zien dat hij het kan Ik neem voorts aan dat conform de tendentie van onze tijd de verhouding hoogleraar-student in het persoonlijke vlak nog wat gemak kelijker zal worden Prof

Naam: Adres: (Tel:

)

ten bijzondere betekenis aan het huwelijk en gezin voor de mens. In de bijbehorende bundel beschouwingen verwoorden vijf (Rooms)-katholieke juristen in strakke juridische betogen orthodoxe opvattingen over het huwelijk. Mevrouw W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd, wetenschappelijk hoofdmedewerkster aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Katholieke Universiteit Nijmegen, gebruikt in haar bijdrage (pag. 17 en 18) een citaat van de Duitse schrijver Hermann Hesse om zich op voorhand te verweren tegen het predicaat conservatief. Zij zag de donkere wolken al samenpakken. Toch zal er weinig ruimte overblijven voor een andere omschrijving. B.B.

mr

C

Bronkhorst

Men kan deze vraag in verband brengen met de twee voorafgaande vragen Als de docent minder wordt beschouwd als degene die weet wordt ook de verhouding van leraar en leerling anders Het merk waardige is dat de leerlingen vaak conservatiever zijn dan de leraren Soms hullen studenten zich in een jacquet voor een volkomen informeel tentamen , Tenue de ville is wel een ouderwets woord Als daarmee een aan de situatie aangepaste kleding wordt bedoeld begrijp ik het Inspraak van de studenten bij het samenstellen van het studieprogramma IS in beginsel aanvaardbaar In concreto zal het een probleem blijven, dat studenten - anders waren zijn geen ,,student' in het algemeen moeilijk kunnen beoordelen wat het studieprogramma

voor een bepaald vak dient m te houden Daarvoor is wel enige kennis en ervaring nodig P r o f mr H C F S c h o o r d i j k De verhouding hoogleraar-student is aan een sterke evolutie onderhevig De hoogleraar van thans - ook degeen die in de ogen van de studenten redelijk dicht bij hem staat - verkeert in een mm of meer eenzame positie Het cultuurpatroon plaatst hem in het verlengde van alle - slecht begrepen - wereldlijke en kerkelijke overheden Een hoogleraar die geen teken van tegenspraak is voor wien tegenspel een lastige zaak is die bij tegenspraak geestelijk door de mand dreigt te vallen verstaat zijn metier als docent met en doet zich in zijn research mogelijkheden te kort Eenrichting-verkeer benauwt In een genormaliseerde verhouding leermeester-leerling is een discussie over studieopzet en denkstof een vanzelfsprekende zaak het tenue de ville bij examen gaat de student zelf aan terwijl de trui slechts een , draagbare kaart is voor hem, die de middelmatige ventilatie van de college-ruimten en de hitte van de dialoog te trotseren weet P r o f dr Ph C Stouthard Ongetwijfeld zal de verhouding student-hoogleraar nog meer veranderen en zal de inspraak van de student in onderv/ijsaangelegenheden een duidelijker gestalte krijgen En terecht Wat dit nu met kleding en dos te maken heeft is mij een raadsel Overigens er valt in trui voor geen enkele Tilburgse student nog eer te behalen Reeds een jaar of twaalf geleden deed een mijner bekenden zijn doctoraal examen in Amsterdam (G U ) in trui na op kundige wijze het verzet van enkele hoogleraren te hebben gebroken Over een paar maanden vertrekt hij als gasthoogleraar naar de USA (bram dram)

-Uit THB december 1967-


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
1984 02 17 by Redactie Univers - Issuu