T i l b u r g s H o g e s c h o o l b l a d - 10 f e b r u a r i 1984 - j a a r g a n g 21 - n u m m e r 21
Pastores zien studentenparochies als '^proefpolders' .ff
De kerk zou het studentenpastoraat moeten zien als een 'proefpolder' waar experimenten en vernieuwing worden gestimuleerd. Dat is een van de conclusies uit het rapport "Over het studentenpastoraat" dat is geschreven door de gezamenlijke studentenpastores in Nederland in reactie op een 'negatief' onderzoek uit 1980. Het rapport wordt deze maand behandeld in het bestuur van de Radboudstichting en is ook aangeboden aan de bisschoppelijke beleidscommissie en de bisschoppenconferentie. In 1980 vierde het katholiek wetenschappelijkonderwijsfonds de Radboudstichting haar 75-jarig bestaan. Onn dit lustrum te vieren kregen drie wetenschappers, te weten de psycholoog F. Derks, de theoloog M. Kapteijns en de godsdienstpsycholoog W . Berger, de opdracht een onderzoek te doen naar het functioneren van het studentenpastoraat in de Nederlandse universiteitssteden. In 1981 was het dan zover, het rapport "Studentenpastores: Roependen in de woestijn" werd nnet veel tamtam aan de buitenwereld getoond. Wat was de conclusie van de drie onderzoekers? Kort samengevat het volgende: De studentenparochies in het land hebben te weinig geld, te weinig mankracht, te weinig steun vanuit de kerk en de universiteit en, last but not least, het aantal deelnemers vanuit de studentengeleding was ronduit bedroevend. Eigenlijk werd de
vloer aangeveegd met het studentenpastoraat. De studentenpastores gooide zwakjes nog wat tegenargumenten in de ring maar die gingen in het algehele tumult verloren. Toch was er met dat "wetenschappelijk"-onderzoek nogal wat mis. Dat mag onder andere blijken uit een brief die Henk van Breukelen, studentenpastor in Leiden, namens de studentenpastores in Nederland aan het algemeen en het dagelijks bestuur van de Radboudstichting schreef in december 1981. In de brief lezen we dat er van een wetenschappelijk onderzoek nauwelijks sprake was. Toen de eerste inventarisatie eigenlijk nog niet eens voltooid was, kregen de onderzoekers, van de Radboudstichting, het bericht dat er gestopt moest worden.' De begroting van het wetenschappelijk onderwijsfonds liet verder
onderzoek niet meer toe. Het vervelende voor de Radboudstichting was dat ze al met veel lawaai dat onderzoek aan de buitenwereld had aangekondigd. Men kon dus niet meer terug. De inventarisatie werd voorzien van een fraai kaftje en een nog fraaiere titel en het "wetenschappelijk"-onderzoek ter ondersteuning van het 75-jarig bestaan was er.
c o (O
mm^
8/9
VERTEKENING De studentenpastores bestempelen het werk in hun brief als: " D e onderzoekers hebben geen moeite gedaan het pastoraat beter te leren kennen. Hun werk komt niet verder dan het schetsen van een fagade... Het wekt de indruk dat het geschreven is met een katholieke, ietwat oud-kerkelijke, bril op de neus. Zo zelfs dat er meer malen sprake is van een vertekening van de werkelijkheid." De studentenpastores hebben het er niet" bij laten zitten. Zij zijn op eigen kracht met het onderzoek doorgegaan en hebben dat eind 1983 afgerond. Het rapport met de titel "Over het studentenpastoraat" is een verantwoording van het eigen werk geworden en is gericht aan de bisschoppelijke beleidscommissie, de bisschoppenconferentie en het algemene bestuur van de Radboudstichting. Het rapport tracht een antwoord te geven op de vraag waarin nu wei het belang van het studentenpastoraat voor de kerk en de maatschappij is gelegen. vervolg op pag. 10
mmĂŠĂˆmnmmixmm
De Vrije Tijd als onderwerp van wetenschappelijke studie. Tilburg in de voorhoede. 22 Ontslagen bij de Diensten van de hogeschool. Volgens berekening van de bijna onontwarbare Nota Fornnatie-ontwikkeling. Jan Terwindt deed een onderzoek naar exannĂŠnresultaten per faculteit. Sigaren alweer in de aandacht. Een AGIO-directeur wil z'n werknemers meer betrekken bij het sociale beleid.
''Wet laat ruimte voor meer inspraak''
VVD voor harde aanpak studieschulden Bij de behandeling van de onderwijsbegroting bleek de VVD zich grote zorgen te maken over de achterstand in het terugbetalen van studieschulden. De kersverse onderwijsspecialist van de liberalen, mevrouw Den Ouden, debatteerde over dit onderwerp met minister Deetman. De VVD eist van de bewindsman dat hij in gebreke blijvende terugbetalers net zo hard aanpakt als andere groepen in de maatschappij die hun schulden niet kunnen betalen. Foto Bram de Hollander.
De huidige wetgeving geeft de hogeschool alle ruimte om de overlegstructuur op de KHT heel anders dan tot nu toe in te richten. De Commissie Personeels Overleg (CPO) heeft recht op meer inspraak bij het personeelsbeleid. Dat zegt mr. Hans Geleijnse in een discussienota over een nieuwe overlegstructuur aan de hogeschool. Geleijnse: " D e zeggenschap binnen het wetenschappelijk onderwijs is volstrekt onderontwikkeld. Zelfs vergeleken met het bedrijfsleven. Onze commissie Personeelsoverleg bijvoorbeeld heeft formeel niets in te brengen als het over reorganisaties of salariskwesties gaat. Wat ik nu beweer is dat een recente wijziging van het Algemeen Rijksambtenarenreglement en het Arbeidsovereenkomstenbesluit inzake de dienstcommissie nieuwe stijl, de mogelijkheid opent om het CPO in plaats van een adviserende een instemmende bevoegdheid te geven." De huidige overlegstructuur kan, volgens Geleijnse, op de helling zonder dat daarvoor nieuwe bestuursorganen in het leven worden geroepen. Wel adviseert Geleijnse om de commissie personeelszaken van de hogeschoolraad op te heffen, zodat "men elkaar niet voor de voeten gaat lopen."
10
informatica-plan voor het WO komt eigenlijk te vroeg.
Geleijnse, medewerker van de bibliotheek, was jarenlang griffier van de hogeschoolraad en voorzitter van de ambtenarenbond in het personeelsoverleg. Hij schreef de discussienota in opdracht van het CPO en na overleg met het College van Bestuur. Geleijnse: "Het zou aardig zijn als Tilburg met die medezeggenschap nu eens voorop ging lopen. Dat zou voor het personeelsoverleg meer bevoegdheid en dus meer verantwoordelijkheid betekenen." T.G.
> M O.
PERS MATSERTJES REACTIONAIR
Uit de Universiteitsbladen In het Academisch Ziekenhuis van Utrecht mogen patiënten al jaren geen garnalen meer eten vanwege het gevaar van besmetting met schadelijke bacte rieén. Een besluit daartoe werd genomen na waarschuwing van onder andere Prof. dr. D.A.A. Mossel, hoogleraar mikro biologie bij de vakgroep voedingsmidde len van dierlijke oorsprong. Dit schrijft het UTRECHT S UNIVER S ITEIT S BLAD. Mossel wordt algemeen erkend als dé grote specialist op dit gebied. De Minister heeft hem naar aanleiding van de dood van 14 bejaarden, advies ge vraagd over de te nemen maatregelen. Mossel heeft verschillende mogelijkhe den genoemd om besmetting van garna len tegen te gaan, zoals pasteurisatie, be handeling met melkzuur en bestraling. De pers heeft de afgelopen weken ver geefs een beroep gedaan op Mossel's des kundigheid. Het vakgroepbestuur heeft namelijk alle leden van de vakgroep een spreekverbod opgelegd. De reden: nega tieve ervaringen met de media in het ver leden. Mossel zelf wil zijn ideeën wel toe lichten. "Het is goed dat de gemeen schap weet wat er gebeurt met geld dat onderzoekers aan onderzoek uitgeven. Niet alleen studenten kosten een hoop geld, net zo goed hoogleraren. En wat die met onze belastingcenten doen, be halve het opstrijken van vette salarissen, verdient dan ook iedereen te weten". In het Ublad verder een beschouwing over "student en crisis". Volgens een kruide nier die onder zijn klanten nogal wat stu
■■■m a t s e r t j e S H ^ 'Matsertjes' kunnen worden opgegeven bij de redaktie. Tot 30 woorden kosten ze / 5,; on der nummer / 2,50 extra. Reakties op adver tenties onder nummer naar de redaktie sturen. TE KOOP: L eerboek informatiesystemen (Klooster + Oonincx) Het systeem van het Ned. privaatrecht (Pit lo). Juweehjes voor elke boekenkast, te bevragen bij Rolf Verdaasdonk, tel. 04242 82843. TE KOOP: Twee wielen voor een racefiets (tubes), prijs: L.P. van Ton Waits. Bart van Riel, tel. 013 351124. LAATSTE OPROEP: Wanneer komen de Brabo's naar het noor den? Het is goed toeven op de Hilt. De Wever. TE KOOP: Surfplank Ten Cate TC 39, prijs: / 850,—, tel. 0168024539 (na 19.00 uur). TE HUUR: Halve flat aangeboden, ƒ 325,—, incl. tel. 633170. TE KOOP GEVRAAGD: Probleemgebied Marketing, een management - benadering. Prof. Leeflang en Drs. Beukenkamp. Tel. 568301. GEVRAAGD: Display van HP-33E (art. nr. 1990-0657), ƒ 25,—, tel. 013-632458, J. Tas. TE KOOP: HP-33E zonder display, ƒ 25,—, tel. 013632458, J. Tas.
Tilburgs Hogeschoolblad
denten telt, zijn studenten, ondanks de teruglopende inkomens, niet prijsbewuster geworden. Wel gemakzuchtiger. "We hebben, denk ik, de grootste pizzaomzet van Nederland. De student is erg uit op gemak. Daar kan de crisis niet tegenop". De Delftse bestuurscrisis is weer een nieuwe fase ingegaan. Zoals bekend bestaat er in het College van Bestuur onenigheid over de deelname van dr. L. Waaijers in het CvB. CvB-voorzitter De Hart en Rector-maginificus Veltman schreven Minister Deelman een brief waarin zij stelden dat Weijers niet in het College kan functioneren. Deze brief was aanleiding tot het instellen van de Commissie-Quené. Deze Commissie heeft een rapport over de bestuurscrisis geschreven waarvan ze zelf vindt dat het openbaar mag zijn. De Minister besliste echter anders. Reden voor Waaijers om aan te kloppen bij de Nationale Ombudsman. Waaijers wil dat het rapport openbaar moet worden. "Met geheimzinnigheid is geen belang gediend". Waaijers houdt er overigens wel rekening mee dat de Ombudsman zijn verzoek niet zal honoreren. In dat geval wil hij weten wat zijn positie is (DELTA). De Groningse UNIVERSITEITSKRANT praat met operateurs van het Rekencentrum. Enkele jaren geleden ware er nog 12 operateurs, nu nog 5. Een gesprek over het mogelijke "uitsterven van een beroep". "Tegenwoordig kan 99% van de gebruikers voor 90% zonder ons toe". In de Informaticanota die onlangs verscheen staat dat er in Nederland enkele universitaire rekencentra zullen overblijven met supercomputers. Andere centra worden omgevormd tot dienstverGEZOCHT: Student psychologie (21 jaar) zoekt kamer in Tilburg vanaf juli-augustus 1984. Gebruik van douche en keuken gewenst. Max. prijs / 250,— (incl. gas, water en electricitiet) tel. 04257-8624. GEZOCHT: Wie helpt mij aan redelijke 2e hands piano (blank wit) en/of autoradio? Tel. (66)2457. GEZOCHT: Konversieprojekt in Tilburg zoekt op korte termijn dienstweigeraar, ekon. kennis noodzaak techn. kennis wenselijk. Standplaats Tilburg. Info bij en reakties naar F. Valkenburg, Veliusstr. 13, 5014 KR Tilburg, tel. 424940/ 662081. GEVRAAGD: Zoekt bijles economie I (boeken Dr. A. Heertje) in Waalwijk, 6e klas Atheneum. Gerry Verboven, Laageinde 65E, 5142 EG Waalwijk. Tel. 04160-35090. TE KOOP: I.z.g.s.v. gashaard, ƒ 200,—, tel. 013-362949 (na 5 uur). TE KOOP: Prachtig gelegen percelen bouwgrond in het centrum van Poppel (totaal 3600 m') en 1000 m^ bosgrond (met bouwvergunning). Bel voor meer informatie naar: 09-3214657869. GEZOCHT: Dure strippenkaarten, vertragingen en slechte aansluitingen bij trein en bus. Steun de ver. Reizigers Openbaar Vervoer. Word lid of help mee. Interesse: Postbus 3081 Tilburg, Postbus 901 Eindhoven, tel. 040-434442 (de Baar). TE KOOP: Renault 4GTL, i.z.g.st. 62.000 km, / 5500,—, rood, tel. 013-345018/662457 = KHT.
lenende centra voor gebruikers die een computer op de eigen werkplek hebben. In het jaar 2000 zal een gemiddelde universiteit en hogeschool met 45% in omvang zijn afgenomen. Deze "sombere conclusies" komen van het Nijmeegse Economisch Instituut. Oorzaken zijn de teruglopende studentenaantallen, maar
reaKtionai, "Reaktionair" is een rubriek waarin reakties van lezers worden geplaatst. Naann en volledig adres van de schrijver(s) dient bij de redaktie bekend te zijn. Anonieme brieven verdwijnen in de prullemand.
TIAS Het bericht van Karel Soudijn in het hogeschoolblad van 3 februari 1984 over de oprichting van het Tilburgs Instituut voor Academische Studies heeft gelukkig nog geen beroering verwekt in de Centers for Advanced Studies Princeton en Palo Alto. Volgens betrouwbare zegslieden aldaar is sinds het bekend worden van het Tilburgse initiatief het aantal zelfmoordpogingen op deze gerenommeerde instituten niet toegenomen: gewoon het normale aantal van altijd. Volgens Ka-
GEVRAAGD: 2e Hands G.A. Churchill jr. Marketing Research, Methodological Foundations, 3e editie tevens A. v.d. Zwaan -t- Verhulp grondslagen -I- Techniek v.d. hartanalyse. Bel: 076871107, Frans of Christel. VACANTIE: Ga met de studentenreisclub naar Parijs met Crocus- of Paasvacantie. 6-Daagse reis incl. reis en verblijf in goed hotel + ontbijt voor ƒ 169,—. Vertrek 2 maart, 13 april en 20 april. Tel. 020-761010 (tussen 19.00 en 21.00 uur). GEZOCHT: Bijna afgestudeerde sociologe met de zorg voor 3 opgroeiende kinderen zoekt part-time baan. Mijn specialiteiten: org. opvoeden, piano spelen en schrijven. Tel. 360180 (tussen 19.00 en 20.00 uur). GEZOCHT: Studenten met interesse voor hogeschoolraadswerk in de fractie Konstruktief. Bel 355142 of kom dinsdags tussen 12.30 en 13.30 eens langs kamer BI016. Fractie Konstruktief. AANGEBODEN: Ben je op zoek naar een kamer (3 x V/i en slechts 148 incl.) in een leuk studentenhuis en ben je een jongen, bel dan 013-357971. Adres: Smidspad 44 in Tilburg. GEVRAAGD: Platen 1950-1970 om op te nemen op band (eventueel tegen vergoeding). Tel. 076-142816 of op de KHT (662486). GEZOCHT: Het eerste herenteam van stud, volleybalvereniging Gepidae zoekt voor het seizoen 84/85 nieuwe spelers op Ie klas nivo. Heb je interesse, kom dan nu al eens op de training kijken of neem kontakt op met Ronald. Tel. 635196.
10 februari 1984
ook door de invoering van de Wet tweefasenstructuur. Deze Wet brengt de duur van de opleidingen terug "wat drastische gevolgen heeft voor de switchers". Het nemen van risico 's is vaak catastrofaal. Dit is een van de opmerkelijke uitspraken op de themadag "kennistransfer. Doen we het wel goed?" in Enschede. L. V. W. rel Soudijn willen namelijk héél grote geleerden nogal eens zelfmoord plegen als zij zich bedreigd voelen en hun produktie niet kunnen halen. Karel heeft dat allemaal zelf meegemaakt, hij heeft immers een jaar lang alle onderzoek en onderwijs opzij gezet om als therapeut op het NI A S - dat staat voor het Netherlands Institute for Advanced Study, een nabootsing dus van de Amerikaanse instituten - de daar vertoevende nationale en internationale geleerden af te houden van hun fatale beroepsneigingen. Karel is nu bang dat een vrije vertaling van de afkorting TIAS in de trant van Tilburgs Institute for Advanced Study zijn heilzaam werk daar weer teniet doet. 'Tis but the name that is thy enemy, is het niet Karel? En what's in a name? That which we call a rose / By any other name would smell as sweet! Laat die roos toch bloeien, Karel, desnoods op het graf van je arme intellectueel. Het is misschien het enige dat hem nog gebleven is. Harry Peeters
tilburgs hogeschoolblad weekblad voor de katholieke hogeschool tilburg redaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, angela lodder (assistente) medewerl<ers paul emonts, wouter van gils, peter pennartz, henk zonner, wilma okkerse, sjef stoop, klaudie biemans, john versieyen, edwin van den oetelaar, ben beljaars, ma rijne van der jagt, bert haagsman, hanneke burggraaff samenstelling redaktieraad prof mr p van seters (voorzitter), dr j koning, dr h van erp, m ackermans (adviseur), a de laaf, drs th schouw, dr m van hoorn, mevr j a m j jansen, h van kleef, drs c p I m broekhof officiöle mededelingen buro pers en voorlichting cartoonist ad van haandel, henk van de berg advertenties angela lodder kopij alle kopij moet uiterlijk op donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn redaktie-adres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor thb) 662277 en 662506 intern 2277 en 2506 kamer 207 en 208 (gebouw b) foto rien siers landelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten ad valvas (vu amsterdam), wagenings hogeschoolblad, utrecht universiteitsblad, delta (delft), th berichten (eindhoven), tht-nieuws (twente), observant (maastncht), uk (groningen) en ku-nieuws (nijmegen) druk drukkerij em de jong bv, baarle-nassau abonnementen voor niet-hogeschoolleden f 15,— per jaargang
a
Diensten moeten 20 plaatsen inleveren
Formatie-ontwikkeling brengt "maanden van hoogspanning Deze week zal de Hogeschoolraad de no ta 'Formatieontwikkeling 19841988', al of niet aangepast, vaststellen. Deze nota is slechts een kwantitatief kader waarop de faculteiten hun onderwijs en onder zoeksplannen voor de komende jaren kunnen enten. De nota dient als uitgangspunt voor het middellange termijnbeleidsplan van de KHT, het zogenaamde 'Ontwikkelings plan 19851989'. Bij de nota zitten dan ook richtlijnen voor zo'n ontwikkelings plan. Na de behandeling in de raad kunnen de faculteiten hun deelplannen uitwerken en deze deelplannen moeten dan resulte ren in het 'Ontwikkelingsplan 19851989' dat in het begin van de maand in de raad zal komen, althans volgens het tijdssche ma van het CvB. Anderzijds kan de con crete neerslag van de nota over het jaar 1984 worden gebruikt voor het opstellen van de Begroting 1984. Als alles goed gaat komt die ontwerpbegroting voor de personele lasten al op 22 maart in de Ho geschoolraad, nadat ze in de commissies van de raad en in de Commissie Perso neelsoverleg besproken is. Voor die be handeling in de Hogeschoolraad komt er ook nog een hearing voor alle budget houders van diensten en faculteiten. Dit tijdsschema is zowel voor de ambtelijke voorbereiding als voor de bestuurlijke be handeling krap, aldus het College van Bestuur. De oorzaak ligt bij het Ministe rie van Onderwijs en Wetenschappen dat de richtlijnen en gegevens van de finan ciële ruimte veel te laat heeft verspreid maar toch vasthoudt aan de oorspronke lijke inleverdatum voor het ontwikke lingsplan op 30 april, "ofschoon het be langrijk gewijzigde middelenperspectief juist tot een diepe bezinning over het middellange termijnbeleid van onze in stelling noopt". Daarom is het volgens het CvB van groot belang "dat in de ko mende maanden van hoogspanning door betrokkenen grote aandacht wordt besteed aan de onderlinge communica tie, zodat tijdige terugkoppeling en bijsturing op punten waar het mis dreigt te gaan gewaarborgd is", aldus het CvB in de inleiding tot de nota.
RANDVOORWAARDEN Over het karakter van de nota zegt het CvBlid Rijk: "We hebben nu in elk geval een voorzet gegeven voor de formatie ontwikkeling. We zeggen hiermee tegen de faculteiten: er is zoveel geld, jullie kunnen dat en dat doen, dat zijn jullie randvoorwaarden. Binnen die randvoor waarden zul je het moeten klaren. Daar naast zijn er nog wat marges als je bij voorbeeld meedingt naar die Bruimte. Er zit een zekere uitdaging in. Als de fa culteiten met goede plannen komen valt er meer binnen te halen, maar als ze het laten afweten zullen ze meer plaatsen kwijtraken. Nu moeten de faculteiten hun plannen binnen die randvoorwaar den bekend maken. Voor diverse facul teiten liggen er ook nog disciplineplan nen. Die moeten volgens mij, voor zover ze betrekking hebben op de KHT, gepast worden binnen de formatierichtlijnen die wij ontwikkeld hebben. Zo komen ju risten en economen uit op een veel hoger aantal hoogleraren dan in ons intern ka der past. Dus zullen de faculteiten dat als het ware terug moeten vertalen naar ons intern formatieplan. Het moet passen binnen de formatieontwikkeling die door de Hogeschoolraad wordt vast gesteld. " Die 'maanden van hoogspanning' zullen het gevolg zijn van drie wijzigingen in het
Tilburgs Hogeschoolblad
Voor de KHT slaat in de eerstvolgende drie, vier maanden het uur van de waarheid. Het College van Bestuur heeft met haar nota "Formatieontwikkeling 19841988 en Richtlijnen Ontwik kelingsplan 19851989" een eerste aanzet gegeven voor een de finitief onderwijs en onderzoeksplan voor de nabije toekomst. De faculteiten kunnen nu aan de hand van deze nota hun deel plannen opstellen. Het resultaat van deze invulling is vooral van belang omdat stilaan duidelijk zal worden welke de ingrijpende gevolgen zullen zijn van de Taakverdelingsoperatie, de aange kondigde herindeling van het wetenschappelijk personeel, de invoering van het model voor het nietwetenschappelijk perso neel en de integrale toepassing van Deetmans PlaatsenGeld
trale Interfaculteit en Subfaculteit Soci aal Culturele Wetenschappen het be schikbaar budget voldoende is om de formatie uit te breiden. Als we de ge schatte bezetting voor 1988 dan nog toetsen aan de BUWPnormen blijkt dat de CIF, Economische Faculteit en Sub faculteiten Sociologie en Psychologie een te dure formatieopbouw hebben zo dat de mogelijkheden voor het aanwer ven van nieuw wetenschappelijk perso neel gering zijn. De KHT zit volgens haar prognose in het richtjaar 1988 met zo'n 20 Bhoogleraren boven de BUWP norm. Het CvB wil in haar beleid aanstu ren op het terugdringen van het relatieve aandeel van de hogere rangencategorle en. Voor de totale w.p.formatie zit er voor 1988 nog een lichte groei in, maar dan moet men intern wel komen tot een herschikking volgens het te verwachten BUWPrangenstelsel.
DIENSTEN
middelenperspectief van de KHT, te we ten de Taakverdelingsoperatie, het ge wijzigde leerstoelenbeleid en de nieuwe 'onverkorte' methode om de personele middelen binnen de lumpsum te bereke nen. Vroeger werden de middelen voor de KHT toegewezen via deling door de ge middelde personeelslast per formatie plaats omgezet in een aantal beschikbare formatieplaatsen voor de KHT als geheel en dan werden deze formatieplaatsen verdeeld over de faculteiten en diensten. Nu heeft het College de lumpsum ver deeld in bedragen per dienst en faculteit om vervolgens via een andere bereke ningsmethode uit te komen op het aantal plaatsen dat met de toegewezen midde len gefinancierd kunnen worden. Deze methode houdt rekening met het feit of faculteiten een relatief dure of goedkope formatieopbouw kennen, wat leidt tot relatief minder of meer formatieplaatsen. Door toepassing van dit PlaatsenGeld Model (PGM) verdwijnt het spannings verschil tussen taakstelling en toegewe zen middelen aan de KHT. Voor de interne formatieverdeling 1988 heeft J ef van de Riet, griffier van de Ho geschoolraad, deze berekeningsmetho de uitgewerkt. De minister voorziet in 1988 voor de KHT een lumpsum van on geveer 70 miljoen gulden. Op basis van het PlaatsenGeldModel wordt daarvan het bedrag berekend voor de personele middelen: f 61,4 min, de rest is voor de overige lasten. Dit bedrag wordt volgens het ministrieel model verdeeld in f 41,9 min voor het wetenschappelijk personeel en f 19,5 min voor het nietwetenschap pelijk personeel. Van de f 41,9 min voor het w . p. gaat /■ 1,2 min af voor bijkomen de personeelskosten en f 5,1 min voor de centrale ruimte w . p . Blijft over voor de faculteiten: f 35,6 min. Op basis van het aantal voor 1988
berekende aantal formatieplaatsen, via een intern aangepast PGM, wordt het beschikbare budget per faculteit be paald, rekening houdend met een be paalde verdeelsleutel over de catego rieën hoogleraren en overige w . p . De aantallen worden vermenigvuldigd met de gemiddelde salarislasten voor die twee categorieën. De f 35,6 min wordt dan als volgt verdeeld: CIF: f 1,7 min, FRW: f 9,7 min, SLE: 3,7 min, FEW: f 11,2 min, SSW: f 3,9 min en SPW: f 5,4 min. Daarna kan men een prognose maken van het aantal formatieplaatsen dat uit de budgetten kan worden gefinancierd, uitgaande van hoe de huidige formatie er in 1988 zal uitzien, rekening houdend met het verloop. Van die formatieaan tallen is de hoogte van de personeelslas ten voor 1988 gekend: CIF f 1,8 min, FRW: f 5,3, SLE: f 2,0 min, FEW: f 10,1 min, SSW: f 4,6 min en SPW: f 5,0 min. Door dit budget 1988 voor het huidige personeel af te trekken van het beschik bare budget 1988 krijgt men de financiële ruimte die men kan opvullen met nieuw personeel. Die financiële ruimte kan ver groten of verkleinen onder meer naarge lang het verloop (gemiddeld 1 % per jaar), vervroegde uittreding, aantrekken van tweede en derde geldstroomonder zoek, schuiven met het personeel naar andere of nieuwe studierichtingen, de hoeveelheid voorwaardelijk gefinancierd onderzoek, het aantal studenten en het studierendement. Nieuw personeel komt slechts in dienst conform de bijgestelde Kernnota Beleidsvoornemens Universi tair Wetenschappelijk Personeel (BUWP). De minister wil de BUWP mid den 1984 invoeren, maar in de huidige middelentoewijzing wordt de BUWP structuur van hoogleraren reeds toege past. Uit de geschatte omvang van de formatie w . p . 1988 blijkt dat bij de Cen
Voor het nietwetenschappelijk perso neel blijft er na correctie zo'n f 18,8 min over. Dat is voldoende voor de financie ring van in totaal 304 n.w.p.plaatsen, uitgaande van een gemiddelde perso neelslast van f 61.800 per n.w.p.plaats. Dat zijn er 20 minder dan In 1983. Drs. J. van de Riet schrijft in zijn handlei ding bij de nota "Formatie ontwikkeling": "Gelet op de groei van het aantal w.p.plaatsen en de daling van het aantal n.w.p.plaatsen wil het Colle ge het aantal n.w.p.plaatsen bij de fa culteiten gedeeltelijk ontzien en constant houden op het niveau van 82 plaatsen, waarbij een herverdeling tussen de facul teiten plaatsvindt van "krimpers" naar "groeiers". De teruggang van 20 plaat sen komt derhalve voor rekening van de diensten." In de Hogeschoolraad zullen de Commis sies Personele Zaken en Studentenbeleid vraagtekens plaatsen bij deze verdeling van het totaal aantal n.w.p.plaatsen over faculteiten en diensten. De Com missie Personele Zaken mist een onder bouwing bij deze verschuiving en ver wacht dat een analyse van het gezamen lijke takenpakket bij diensten en facultei ten een andere verhouding kan te zien geven. De Commissie Studentenbeleid vreest dat de inlevering van 20 plaatsen bij de diensten gevolgen zal hebben voor de vanuit de diensten geleverde onder wijsondersteu n ing. De Commissie Onderwijs en Onderzoek vraagt zich af hoe hard de cijfers in de nota zijn en hoe juist en veranderlijk het cijfer van de onderwijsvraag, de belang rijkste parameter, is. De Commissie Studentenbeleid maakt zich vooral zorgen over het op de helling zetten van de richtlijn dat tenminste 10% van de facultaire w.p.formatie bestemd was voor studentassistenten. Voortaan moeten de faculteiten nog wel 10% w . p . bestemmen voor tijdelijke aanstellingen, maar dat kunnen in de toekomst ook ge deeltelijk zogenaamde 'assistenten in opleiding' (aio's) worden. De continuï teit van een stukje werkgelegenheid voor studenten komt hierdoor in gevaar, aldus de commissie die de raad adviseert op dit punt uitdrukkelijk voorbehoud te maken. De Hogeschoolsraadsbegrotingscom mlssie is van oordeel dat bij het Intern toepassen van het extern model, het mo del niet rigide moet worden gevolgd. De commissie is verder van oordeel dat de verdeling van de n.w.p.plaatsen onvol doende In de nota wordt behandeld. Eddie Vaes
10 februari 1984
Restauratieve Voorzienigheid
Een momentopname van de bijeenkomst die Studium Generale op 2 februari organiseerde over de Brede l\^aatschappelijke Discussie. FNV-er van den Biggelaar (voorgrond). Verhagen van de Werkgroep Energie en IVlilieudefenéie, CDA-specialist Lansink (achterover leunend) en de voorzitter van de landelijke stuurgroep BMD, jonkheer de Brauw (achteraan), probeerden gezamenlijk de balans op te maken die in het eindrapport van de stuurgroep is verschenen.
Geen disciplineplan wijsbegeerte Op de voorpagina van het THB van 27 januari schreven wij in het kader van de discipline-adviezen dat de commissie van deskundigen voor wijsbegeerte haar opdracht teruggaf "omdat de minister door zijn beslissing om de volledige studierichtingen slechts te handhaven in Leiden, Groningen en de UvA, het werk voor de
commissie onmogelijk maakte". In de plaats van voormelde steden moet u lezen: VU-Amsterdam, Utrecht en een gezamenlijke studierichting NijmegenTilburg. Leiden, Groningen en de UvA mogen slechts een bovenbouwstudie wijsbegeerte overhouden en dat was aanleiding voor de commissie om haar opdracht terug te geven. Tevens wilden de commissieleden van hun opdracht af omdat ze van minister Deelman geen ruimte kregen om zelf met organisatorische wijzigingen te komen.
Folklore
De heer A. van Agt heeft zich voor de eerste maal binnen onze hogeschool doen horen in het kader van het symposium; "Rijk, provincie, gemeente: wie van de drie?" Van Agt opende zijn speech met te constateren dat hij "als een nagenoeg ongeletterde op het gebied van het provinciaal bestuur" onwaardig was hef woord te voeren. "Maar" zo voegde de voormalige bewindsman hieraan toe, "weike benen zijn sterk genoeg om de weelde van een TiJburgs aanzoek te kunnen dragen?" Die van de heer Van Agt stellig niet zodat hij zijn gehoor verzocht hem te willen beschouwen als een "amusante buitelaar" die de toehoorders slechts voorbereidde "op de entree van de ware matadoren", die "van kruin tot kuit" terzake kundig heeften fe zijn. Handig. Hef is een opmerkelijk verschijnsel; wie zich met grote nadruk aankondigt als volslagen ondeskundig wordt daardoor min of meer immuum tegen eventuele kritiek. Maar zelden staat er iemand in de zaal op met de tegenkanting; "Als u er niets vanaf weet, waarom stddt u er dan?" Degene die het, achtera/, toch nog waagt om voetnoten en kanttekeningen te plaatsen kan gemakkelijk ontmaskerd worden als een lamlendige miesmacher en kritikaster, die in het spijkers zoeken op laag water een broodwinning ziet. De spreker zélve heeft immers meteen meegedeeld niet gebukt te gaan onder enige kennis van zaken? Bovendien kan hij poseren als een bescheiden mens, wanneer blijkt dat hij wel degelijk van wanten weet. Natuurlijk moet dit constrast tussen opening en inhoud van een betoog duidelijk aanwezig zijn. Een spreker mag zich alleen maar annonceren als ondeskundig wanneer het tegendeel onmiddellijk blijkt. Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
Op woensdag 8 februari vond er in de voormalige koffiekamer van gebouw P een symbolische bezetting plaats. Psychologiestudenten boden voorbijgangers en sympatisanten koffie, broodjes, tosti's en poffertjes aan. Zij protesteerden daarmee tegen het sluiten van de restauratieve voorziening door het College van Bestuur. Hans Egtberts zegt namens de psychologen-studentenverenigingen de beslissing van het College des te minder te begrijpen nu er geen personeel wordt ontslagen, hoewel het toch om een bezuinigingsmaatregel ging. De twee koffiedames, die elf jaar lang in gebouw P achter het buffet stonden zullen door de sluiting van de psychologenvoorziening nu elders op het koffiefront van de Tilburgse hogeschool worden ingezet. De actievoerende studenten zeggen tot hun verzetsdaad te zijn aangezet door 'n geheimzinnige brief van de een of andere Restauratieve Voorzienigheid. Deze Hogere Macht vond het zeer betreurenswaardig dat "de bureaucratie wederom de menselijkheid met voeten heeft getreden."
KLAD krant Nadat de sociale faculteit het twee jaar lang zonder faculteitsblad heeft moeten stellen, is er nu een nieuw blad in de maak dat de naam KLADkrant gaat dragen. "Een naam zonder verdere bijbedoeling", aldus de redactie die zegt met het initiatief wat meer samenhang in het faculteitsgebeuren te willen brengen. De redactie bestaat voorlopig uit vijf medewerkers, maar men zoekt naar aanvulling (-geïnteresseerden kunnen zich melden op kamer S-156). Volgens planning zal de KLADkrant nummer 1 op 17 februari uitkomen.
De omstreden Koffiekamer in gebouw P. Hier te zien op een archieffoto die werd genomen tijdens een aktiebijeenkomst in de tijd van de lange haren.
Over de dood gesproken De Commissie Culturele Zaken van de theologische faculteit organiseert komende weken een cyclus over de dood. Over het thema dood, zeggen de organisatoren, wordt steeds meer gesproken en geschreven en als er sprake is van een doodstaboe in onze cultuur dan lijkt dat door de veelheid van publicaties eerder tegengesproken dan bevestigd te worden. Het doodstaboe blijkt vooral betrekking te hebben op de emotionele aspecten van dit enderwerp. Rond dit thema is op een aantal donderdagmiddagen de cyclus georganiseerd. Achtereenvolgens komen Hattinga-Verschure, van de Walle, van Bruggen en Thiadens over de dood spreken. HattingVerschure benadert (op 9 februari) de dood vanuit zijn ziekenhuiservaringen. De theoloog van de Walle zal het (op 16 februari) hebben over de dood in het Oude en Nieuwe Testament. De cyclus zal verder enkele films (op 22 maart) en een tentoonstelling te zien geven. Op donderdag 8 maart is er zelfs een excursie gepland naar de begraafplaats Zuyien en het crematorium in Breda. De lezingen beginnen 's middags om twee uur.
Men kan daarom niet kwahjker doen dan de geafficheerde onbekwaamheid serieus te nemen. De simpele ziel die niet beseft dat het hier om een (weinig subtiele] camouflagetechniek gaaf, verdwijnt onherroepelijk in de mist. De eenvoudige des harten, al zo vaak door "ondeskundigen" toegesproken, kan er licht toe verleid worden het ook 'ns fe proberen. Hij stommelt hef spreekgestoelte op en kondigt meteen zijn totaal gemis aan kennis aan. Het academisch gevormd gehoor, gewend als het is dit soort mededelingen in hun tegendeel uit fe leggen, houdt zich verlekkerd aan zijn stoel vast; de expert der experts is heden opgestaan. Nadat simpele Fons nogmaals heeft meegedeeld (een misverstand is tenslotte zó gerezen) dat hij van zijn onderwerp de hallen verstand heeft daah een diepe stilte over de zaal. Deze wordt krachtig verstoord als de geachte inleider inderdaad een absolute nitwit blijkt te zijn. Fons wordt weggehoond omdat hij de waarheid spreekt. Zijn openingsexcuses kunnen niet ingeboekt worden als sympfonen van valse bescheidenheid. Een oprechte belijdenis van incompetentie wordt als hoogst onfatsoenlijk beschouwd. Zeer veel waardering voor aangekondigde onkunde is er vooral, als uit de manier van optreden van de spreker blijkt, dat hij zelf van oordeel is niet van gisteren fe zijn. Wie, al dan niet bebefd, betabberd, belakeid op een katheder gaat staan, voorzien van een microfoon in hef floodlight op een podium, geeft te kennen het allemaal eens even hartgrondig uit de doeken te willen doen. Iedereen in de zaal wéét dit. Spreker zou spreker niet zijn als hij niet dacht iets te zeggen fe hebben. Toch is hef ondenkbaar dat spreker deze gemoedsgesteldheid lineair blootlegt. Dit ware exhibitionisme. Daarom omzwachtelt hij zijn werkelijke gesteldheid met zoveel mogelijk ontkenningen van enige deskundigheid, elke zin inleidend met relativerende opmerkingen als: "ik dacht te kunnen stellen" en "wellicht is het pleitbaar". Dan is het academische pad geplaveid. Hier ontwaren we de kern van een bijna persverse bescheidenheidsmanie. Een eng, zwamachtig bleekblauw uitsfulpsel dat met name in het schemerdonker van onze universitaire aula's uitstekend gedijt. Zelden hoort men een timmerman zichzelf brevetteren via de verlokkende aankondiging dat hij geen spijker recht de muur in kan slaan. Nooit betreedt een bokser de ring onder het voorwendsel geen klap fe kunnen uitdelen. Deze folklore is voornamelijk ten behoeve van sprekers aan de academie gereserveerd. 10 februari 1984
Uniek onderzoek naar "conversie'' Conversie betekent in dit geval l<ortweg, dat productie, die direct of indirect gepleegd wordt voor de wapenindustrie, omgeschakeld wordt tot productie voor civiele doeleinden. Bij de discussie over conversie spelen grote financiële en economische belangen en argumenten een rol. De wapenindustrie is een kapitaalintensieve sector, die relatief grote zekerheid geeft ten aanzien van winsten en afzetgebieden. Er zijn diverse bedrijven in Nederland die geheel of gedeeltelijk afhankelijk zijn van militaire orders. Bekend is de werf Wilton Fyenoord, die nu via financiële trucages én het ontnemen van militaire oréers zonder perspectieven van permanente civiele orders ernstig in verdere problemen dreigt te raken. Maar ook grote bedrijven als Philips USFA, Holland Signaal Apparaten en DAFtrucks zijn voor een groot deel aangewezen op oorlogsindustrie. Het Is daarom goed, dat de conversieaanhangers niet alleen maar de overtuiging uitdragen, dét de wapenindustrie moet omschakelen naar vredesindustrie, maar dat ook pogingen worden ondernomen deze mogelijkheden van conversie financieel en economisch concreet te maken in Nederland. Een van de eerste projecten in dit kader zal in Tilburg worden uitgevoerd.
Terwijl Ronald Reagan zijn begroting 1985 voor defensie weer met miljarden heeft opgeschroefd om het Rode Gevaar in Rusland en Midden-Amerika te kunnen bestrijden, gaat er op korte termijn in Tilburg een conversie-project van start, dat uiteindelijk misschien veel meer zoden aan de dijk zet met betrekking tot vrede en veiligheid.
TILBURG In 1981 werd door Evert van der Tuin (namens de werkgroep " ' t Kan Anders") een onderzoek gedaan naar conversie "met Tilburg als voorbeeld". Uit dat onderzoek kwam onder meer naar voren, dat er in Tilburg zo'n 10 bedrijven zijn, die direct of indirect (als toeleveringsbedrijf) produceren voor de wapenindustrie.
Naar aanleiding van dit onderzoek werd in december 1981 vanuit het Platform van Vredesgroepen Tilburg een werkgroep "Werkgelegenheid door Omschakeling van Militaire Industrie" (kortweg:
Dit is één van de bedrijven, die direct produceren voor de wapenindustrie. W O M I genoemd) opgericht, die zich ten doel stelde een voorbeeld uit te werken.
"waarbij een bedrijf daadwerl^elijli omschake/t van militaire naar civiele productie". In deze werkgroep hebben een drietal medewerkers en studenten van de Hogeschool zitting. Na twee jaren overleg en contact met groepen als Pax Christi, politieke partijen, FNV en andere organisaties en instellingen is deze werkgroep er in geslaagd voldoende geld op tafel te krijgen om haar plannen verder uit te voeren. Zij is momenteel naarstig op zoek naar een dienstweigeraar (zie advertentie elders in dit blad), die het op zich zal moeten nemen concreet een bedrijf in Tilburg te vinden, dat conversie wil uitvoeren en die dit proces dan kan begeleiden en ondersteunen. Een belangrijk onderdeel is werk in het onderzoek naar de technische mogelijkheden van dat specifieke bedrijf en de mogelijkheden om te gaan produceren in de civiele maatschappelijke behoeftensfeer. De W O M I hoopt hiervoor in de toekomst op steun vanuit de wetenschappelijke wereld. De werkgroep W O M I is intussen een stichting geworden en er is een adviescommissie samengesteld om het onderzoek te gaan begeleiden. Daarin zijn vertegenwoordigd: Pax Christi, het FNV, het P.O.N., Informatie Centrum Werknemers Tilburg, de werkgroep " ' t Kan Anders" en tenslotte een IVA-medewerker. Het benodigde geld voor dit project werd vooral verkregen van verschillende katholieke fondsen, waarbij zelfs de Congregatie van de Zusters van Liefde zich niet onbetuigd liet. Van de politieke partijen was alleen de PSP in staat financieel mee te werken. De Stichting W O M I weet dat er nog veel obstakels zijn te overbruggen. Het is bekend, dat de doorsnee-werkgever niet staat te springen om dit soort initiatieven en het is ook bekend, dat arbeiders nogal angst hebben hun baan te verliezen. P.E.
a
Vierentachtig utopieën in het jaar van Orwell Negentienvierentachtig is het jaar van George OnA/ell en dat zullen we weten ook! Je kunt deze dagen nauwelijks een krant opslaan of deze godfather van het doemdenken grijnst je tegemoet. En overal krijg je te horen dat de werkelijkheid zoveel beter is dan het boek! Neem de paginagrote krante-advertentie van een paar maanden geleden, waarin het onmogelijke woonwarenhuis uit Zweden uitroept: "ll<ea geeft van '84 een vrolijker beeld dan Orwell. Iedereen ziet bij ons in één oogopslag dat hij de plank flink heeft misgeslagen. Niks grauwe eenheidsmaatschappij. De kleur en de fleur straalt van de pagina's van onze katalogus af." Ook Studium Generale wil het jaar van Onwell niet ongemerkt voorbij laten gaan, maar grijpt gelukkig de gelegenheid aan om een originele cyclus te organiseren. 'Vierentachtig utopieën', zo luidt de titel van het programma dat tijdens de maand februari centraal staat en waarin vooral de verhouding tussen utopisch denken en literatuur aan bod komt. Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
PROJECTIES
reldoorlog (1948), werden en worden ze nog steeds door hun lezers beschouwd als projecties van respectievelijk een ideale communistische samenleving en een mogelijk totalitaire samenleving in de toekomst." In de lezing 'Orwell's 1984 en de utopische roman' die 16 februari plaats vindt, zal Paul Arents een vergelijking maken tussen '1984' en het literaire genre van de utopische roman. Een week later komt Jack Firmin Vogelaar naar Tilburg om een lezig te geven over 'het utopische in de moderne literatuur'. Het utopische element bloeit in de literatuur van vandaag weer op, ook al leek Orwell's anti-utopie het einde van het tijdperk van de utopische roman in te luiden. Met name filosofen van neo-marxistische huize, als Ernst Bloch en Theodor Adorno, hameren in hun esthetische theorie op het belang van het utopische moment in kunst en literatuur. Verder brengt Studium Generale het werk van de Franse filosofen Gilles Deleuze en Roland Barthes onder de aandacht.
Hans Happel merkt op dat beide boeken een zelfde lot zijn beschoren: "Waarschijnlijk door More en Orwell bedoeld als satires op hun eigen samenleving, het rooms-katholieke Engeland van voor de reformatie (begin 16e eeuw) en de wereldpolitiek van direct na de tweede we-
Bij Bloch wordt de utopische dimensie in kunst en literatuur nog vertaald in het streven naar iets volkomens; het utopische blijft bij hem steeds op de toekomst en op het hoopvolle gericht. Bij Adorno daarentegen krijgt het utopische iets paradoxaals. Kunst mag juist géén beeld
"Orwell's roman wordt vaak gezien als de tegenhanger van de utopische roman. Toch zijn er waarschijnlijk meer overeenkomsten dan verschillen tussen zijn dystopia (slechte plaats) en bijvoorbeeld Thomas More's eutopia (goede plaats)," schrijft Studium Generale medewerker Hans Happel. Hij slaat daarmee de spijker op de kop: zowel '1984' als 'utopia' laat de kenmerken zien van de 'echte' utopie. Ze verwijzen niet direct naar het hier en nu van het tijdperk waarin ze tot stand kwamen, maar zijn juist een vlucht in de tijd of naar een onbekend eiland. In beide boeken wordt een beeld geschetst dat vaak akelig concrete trekken aanneemt, terwijl de beschrijving op andere punten juist uiterst abstract blijft. Zowel het ontstaan van 'utopia' als dat van 'Oceanië' blijft in het duister gehuld. Verder valt op dat er in '1984', evenmin als in het werk van More, géén geschiedenis meer lijkt te bestaan.
scheppen van een betere en hoopvollere wereld als ze de utopie niet wil verraden aan schone schijn en troost. Volgens Adorno is dit ideaal alleen te realiseren in de experimenterende instelling van de kunstenaar, die een kritische houding inneemt tegenover de wereld en zijn werk. Middels de lezing van Vogelóar en twee korte films van Samuel Beckett (op 21 februari te zien in AZ 10) wil Studium Generale deze visie op de utopie verduidelijken. Daarbij kan het werk van Kafka, Beckett, Walser, Musil en Valéry als illustratiemateriaal dienen.
ATOPIE Roland Barthes, die de atopie verkiest boven de utopie, komt hen daarin tegemoet. De atopie van Barthes verwijst niet meer naar enig toekomstperspectief, maar behoudt wel het kritische moment van het utopiebegrip. De utopie is een illusie, die suggereert dat het elders beter is en dat men het heden daarvoor gerust kan opofferen. De atopie houdt juist een radikale negatieve houding in. In zijn schrijverschap kiest Barthes dan ook voor de atopische methode van het afdwalen (dériver), het verstoren (déjouer) en het knoeien (tricher) in tekst en betoog. Lennart Kik 10 februari 1984
De met succes afgelegde examens aan de hogeschool De vraag is of de vermelding van de jaar lijkse aantallen met succes afgelegde própaedeuse, candidaats en doctoraal examens enig inzicht kunnen geven in het verloop van het studierendement. Het antwoord moet ontkennend luiden omdat het aantal afgelegde examens dient te worden gerelativeerd aan de bij behorende studentenaantallen die in ver schillende jaargangen hun studie zijn be gonnen. Daar de gegevens van het zo te noemen studiejaargangenonderzoek (nog) niet beschikbaar zijn, kan een andere weg worden bewandeld om enig inzicht in het verloop van de met succes afgelegde examens te verkrijgen. Deze bestaat hierin door per studierichting de jaarlijks afgelegde examens aan de dienovereen komstige totale studentenpopulaties te relateren en hun onderlinge verhouding daarin in beeld te brengen. Het resultaat, dat is weergegeven in de eerste grafiek, toont allereerst aan dat in de onderzoekperiode gemiddeld één op de drie studenten jaarlijks met succes een examen heeft afgelegd. In het verloop van de jaarlijks afgelegde examens doet zich bij de economen, econometristen en juristen in 79/80 een inzinking voor. Het is van belang om de oorzaak van de ze inzinking te leren kennen. Indien ex terne factoren zijn aan te wijzen dan is in zicht noodzakelijk om te kunnen vaststel len of de inzinking al of niet tijdelijk van aard is en zich in de toekomst mogelijk kan herhalen. Indien interne factoren zijn aan te wijzen dan is inzicht noodzakelijk om een reguleringsmechanisme te kun nen ontwikkelen dat kan worden aange wend indien het verloop van de afgeleg de examens niet de gewenste richting zou nemen. De verklaring van de inzinking in 79/80 werd allereerst gezocht in een aantal fi nanciële overheidsmaatregelen in de aanvang van het daarop volgende stu diejaar. Bij overheidsbesluit in september 1980 werd voor alle studenten het inschrij vingsgeld van 100 tot 150 gid. en het col legegeld van 500 tot 750 gId. verhoogd, waarbij de betalingsvrijstelling na vijf ja ren werd afgeschaft. De gedachtengang was in dit verband dat ingrijpende financiële overheids maatregelen hun schaduwen vooruit wierpen en in 79/80 een inzinking ver oorzaakten. Vele studenten zagen hun studie daardoor niet meer zitten en haak ten af. Dat deden de economen in min dere en de econometristen en juristen in meerdere mate. Een eerste begin in het reeds ter sprake gebrachte studiejaargangenonderzoek leert dat van de eerste jaars economen en econometristen gezamenlijk (bij de laatstgenoemden kunnen meer om zwaaiers voorkomen) in de jaren 78/79, 79/80 en 80/81 een jaar nadien respec tievelijk 7 8 % , 80% en wederom 80% was ingeschreven. Bij de juristen bedroe gen deze verhoudingscijfers resp. 8 7 % , 80% en wederom 80%. In het inzin kingsjaar 79/80 hebben derhalve alleen de juristen een sprong naar beneden ge maakt. Tegelijkertijd zouden er in verhouding meer doctoraal examens zijn afgelegd omdat de betalingsvrijstelling na vijf jaar zou worden afgeschaft. Dit blijkt echter niet het geval te zijn. De eerste gedachtengang kan slechts gedeeltelijk en de tweede in het geheel Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
In het jaarverslag 1982 van de hogeschool zijn in een bijlage opgenomen de aantallen met succes afgelegde examens aan onze instelling in de studiejaren 1976/'77 1981/'82 onder scheiden naar studierichting, examen en geslacht. In zijn reeks 'Monografieën der hogeschooltelling' heeft J an Terwindt in een negende bijdrage het verloop van deze exa mens nader geanalyseerd. Ongeveer midden in de onderzoek periode constateert hij hierin bij enige studierichtingen een in zinking waarvoor enige verklaringen worden aangedragen. niet overtuigen. De financiële schaduw theorie dient derhalve in haar geval ge heel te worden verworpen. Een tweede verklaring voor de inzinking werd gezocht in financiële over heidsmaatregelen rond 73/74. In het daaraan voorafgaande studiejaar werden de inschrijvings en collegegel den respectievelijk verhoogd van 10 tot 100 gId. en van 200 tot 1000 gId. Hierop volgden omvangrijke studentenprotest bewegingen, bezettingen en weigerin gen om zich te laten inschrijven. Het col legegeld werd na veel intern politiek overleg uiteindelijk op 500 gId. gebracht. Het geheel van deze gebeurtenissen leid de in het studiejaar 73/74 tot een breuk in de groei van de eerste jaarsstudenten hetgeen in het bijzonder bij de economen en juristen in de tweede grafiek waar neembaar is. De gedachtengang is nu dat een ver kleind aantal eerste jaarsstudenten in 73/74 zes jaren nadien in mindere mate doctoraal examen heeft gedaan. De in zinking in 79/80 zou derhalve gedeeltelijk kunnen worden verklaard. Resteert der halve een verklaring in de daling van de overige examens waarover de secretaris sen van de faculteiten werden geconsul teerd.
DE ECONOMEN
■ ^ ^ H H Ü ^ H
De secretaris van de economische en econometrische (sub)faculteit schrijft de inzinking in 79/80 toe aan het verschijn sel 'bezemklas'. Het zijn de laatste HBS leerlingen die in 1973 hun vijfjarig diplo ma konden behalen. Daarna volgde één HBSloos jaar en een overgang naar een zesjarige VWOopleiding. In 1973 kwamen er derhalve, zoals de tweede grafiek laat zien, minder studen ten in de própaedeuse en konden zes jaar nadien er ook minder slagen dan in de andere jaren. J A A R L I J K S A F C E L E C D E E X A M E N S * PER S T U D I E R I C H T I N G IN PCT VAN DlCNOVEREE N KOMST I CE TOTALE STUDENTENPOPULATlESl* IN DE STUDIEJ AREN 7G/778I/82.
De mindere inzinking van de própaedeu se examens in 79/80 wordt toegeschre ven aan het feit dat, meer dan in andere jaren, een aantal studenten voor de tweede maal het betreffende examen de den. Desondanks wordt het rendement van dit examen vrij stabiel geacht en neemt in 82/83 zelfs toe hetgeen moge lijk aan eerste werking van de twee fa senstructuur kan worden toegeschre ven. In de toekomst kan bij economen een ongunstige verschuiving in de verhou ding van de afgelegde examens in het bijzonder bij die van de própaedeuse worden verwacht wegens een Zuidlim burgse concurrentie, hetgeen bij de eco nometristen als exclusieve opleiding niet het geval zal zijn.
DE SOCIOLOGEN ^ H i ^ H H ^ De secretaris van de sociaal culturele subfaculteit is van mening dat voor deze studierichting de bezemklastheorie niet opgaat. Zij geldt alleen voor die facultei ten waar relatief veel VWOabituriënteh zonder interval na het eindexamen gaan studeren. Bij deze maatschappijbe schouwende studierichting met relatief veel avondstudenten, is dit niet het ge val. De onderlinge verhouding van de af gelegde examens vertoont, ondanks een afnemende belangstelling, in de jaren 70/71 74/75, zoals de tweede grafiek laat zien, een vrij stabiel karakter. De secretaris herkent in een toenemend aandeel afgelegde doctorale examens in de laatste jaren een bevestiging van het faculteitsbeleid om de studenten te sti muleren sneller af te studeren. Een presentatie van gegevens op deze wijze wordt waardevol geacht en voor jaarlijks herhaling vatbaar ten einde de ontwikkeling van de onderlinge verhou ding van de afgelegde examens in het oog te houden.
DE PSYCHOLOGEN H ^ ^ ^ ^ H i In het geheel van de afgelegde examens zijn de psychologen in de onderzoekperi ode door een dal gegaan van waaruit zij wederom omhoog zijn geklommen. In tegenstelling tot de overige studierich tingen dient te worden gewezen op een meer dan normaal aantal aangetrokken eerste jaarsstudenten in 73/74, zoals in de tweede grafiek is te zien. Deze meer dan evenredige toeneming kan eveneens van invloed zijn geweest op de zes jaar nadien opgetreden daling. De plv. secretaris van de psychologische faculteit is in het algemeen van mening dat indien het aantal aankomende stu denten, mede als gevolg van een wer vingscampagne, in meer dan evenredige mate is gestegen dan in andere jaren, er in onvoldoende mate is geselecteerd. In het bijzonder voor een deeltijdse oplei ding worden studenten, die door onze instelling te veel worden verleid, naar binnen gehaald die met overschatting van hun mogelijkheden af zullen haken. Dit betekent dat een minder agressieve
werving het studierendement zou kun nen verhogen. De plv. secretaris heeft op eigen gele genheid onderzoek gedaan naar het stu dierendement binnen zijn eigen faculteit, waarbij hij naar mogelijkheden zoekt de resultaten in bredere kring meer bekend heid te geven. In dit kader heeft hij een profielschets ge maakt van de psychologische student die het meeste kans op slagen heeft. Het is een meisje, jonger dan twintig jaar, die recht van het gymnasium B komt, thuis woont, geen liefdesperikelen heeft en weinig maatschappelijk engagement kent.
KL
DE JURISTEN ^ ^ H ^ ^ ^ ^ H i Meer dan in de overige studierichtingen worden de juristen in 79/80 geconfron teerd met een scherpe daling die mede in verband kan worden gebracht met een daling van de aangekomen eerste jaarsstudenten zes jaar geleden, hetgeen in de tweede grafiek waarneembaar is. De secretaris van de juridische faculteit acht de bezemklastheorie ter verklaring van de inzinking in 79/80 niet van toe passing omdat de gymnasiumstudenten bij de instroom oververtegenwoordigd zijn. Hij zoekt de oorzaak mede in een sedert dit studiejaar opgetreden verzwaring van het candidaats I (própaedeuse) examen. Er kwamen vakken bij die oorspronkelijk in het candiëaats II zaten. Het aandeel van de afgelegde Clexamens beweegt zich sedert dat jaar derhalve op enigszins lager niveau. Hij is van mening dat veranderingspro cessen de kans op succes kunnen ver minderen. Studenten met nieuwe pro gramma's kunnen hiervan de dupe wor den. Deze programma's dienen derhalve te worden aangepast. Opgemerkt dient te worden dat het ge ringe aantal aangekomen eerste jaarsstu denten in de jaren 73/74 en 74/75 en de wijziging in de studieprogramma's de meer dan scherpe daling in 79/80 niet al leen kunnen verklaren. Volgens het hoofd van het bureau in schrijving is de peildatum verschoven en zijn de uitslagen van herkansingen en verlengingen rond de wisseling van 79/80 en 8 0 / 8 1 , die eerst bij het eerstge noemde studiejaar behoorden, bij het daaropvolgende gerekend. De inzinking in 79/80 zou derhalve minder diep zijn dan in de grafiek is weergegeven. Ten slotte is het van belang te weten dat van het totaal aantal ingeschreven stu denten in de taal en literatuurweten schap in 81/82, dat in zijn geheel uit eerste jaars bestaat, er 68% met succes in dat studiejaar het própaedeuse exa men heeft behaald. Indien wordt aange nomen dat deze faculteit na vijf jaar op volle sterkte zal zijn gekomen, dan doet dit resultaat relatief gezien niet onder voor soortgelijke verrichtingen in de overige faculteiten.
HET DRAAIKOLK EFFECT i H H ^ H i Het ligt in de bedoeling om per afzonder lijke studierichting het studiejaargangen onderzoek voort te zetten en de resulta ten in deze kolommen te publiceren. Van het jaarlijks aantal aangetrokken eerste jaarsstudenten zal worden nage gaan hoeveel er achtereenvolgens na 14 jaar alsnog is ingeschreven. vervolg op pag. 13 10 februari 1984
SIGAREN
"Werknemers meer betrekken bij sociale beleid"
£1
n
a n
De Nederlandse sigarenindustrie heeft een bewogen geschiedenis achter de rug. In 1913 stond de bedrijfstak in het brandpunt van de belangstelling dankzij de meer dan 4 maanden durende landelijke sigarenstaking. Deze uitputtingsslag zonder weerga betekende uiteindelijk een belangrijke stap op weg naar de erkenning van de vakbeweging in ons land. Rond die tijd werden de werkzaamheden voor een groot deel nog door thuiswerkers verricht. De mechanisatie had nog niet z'n intrede gedaan. Voor de fabrikanten was het in veel gevallen aantrekkelijk de bedrijven te verplaatsen naar streken waar de arbeiders minder eisen stelden. Zo werden rond de eerste wereldoorlog veel sigarenfabrieken verplaatst naar Brabant en Limburg waar, aldus NVV-bestuurder Jan Oudegeest in 1926, "de R.K. organisaties oppermachtig zijn en de geestelijkheid ook het stoffelijk leven beheerscht, zoodat de ondernemers daar in het handhaven van de lage loonen en lage arbeidstijden veel vrijer zijn dan in de noordelijker gelegen provincies. " In de jaren tussen de twee wereldoorlogen krijgt de sigarenindustrie het aanzien van een 'moderne' bedrijfstak. Werkgevers en vakbonden, die zich nu definitief een plaats hebben toegeëigend in het politiek-maatschappelijke krachtenveld, sluiten in 1920 de eerste Collectieve Arbeids Overeenkomst (CAO). In die eerste CAO is ondermeer een bepaling opgenomen die een einde maakt aan het verrichten van thuiswerk, wat bij de invoering van de Tabakswet in 1921 nog eens wordt bekrachtigd. Sinds 1920 zijn de resultaten van de onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden tussen werkgevers en werknemers steeds vastgelegd in
Promoveren op sigaren Gerard Kaspers (46) is voor zover wij konden nagaan de vierde promovendus in de KHT-geschiedenis die z'n proefschrift wijdt aan de sigarenindustrie. Waarin een kleine hogeschool al niet groot kan zijn! De allereerste promovendus, dr. A. MeiJers, kwamen wij bij toeval op het spoor. Hij is, aldus maken wij op uit een persbericht van de Nederlandse Vereniging voor de Sigarenindustrie, vorige week op 75jarige leeftijd overleden. Meijers, die behoorde tot de eerste lichting afgestudeerden van de KHT, promoveerde op 20 november 1941 bij prof. dr. Jan de Quay, de latere minister-president, op een 'onderzoek naar de noodzakelijkheid van ordening in de sigarenindustrie'. De promotie van Keetie Sluyterman ligt nog vers in het geheugen. Zij werd op 18 november 1983 in de intellectuele adelstand verheven, zoals prof. Reynaerts het pleegt te noemen. In haar proefschrift 'Ondernemen in sigaren' analyseerde zij het bedrijfsbeleid in vijf Nederlandse sigarenfabrieken in de periode 1856-1865 en 1925-1934. Ook de laatste vrucht van ons speurwerk willen wij u niet onthouden. Via het werkstuk van dr. Kaspers kregen we de ontbrekende doctor in het vizier. In een voetnoot bij zijn studie noemt Kaspers het werk van A. van den Boomen: 'De vraagstukken die zich bij de tot standkoming van de gemeenschappelijke markt van de tabakverwerkende industrie der euromarktlanden voordoen'. Van den Boomen verdedigde zijn proefschrift op 28 juni 1967 bij dr. A. Albregts, die tot 1971 aan de hogeschool was verbonden als buitengewoon hoogleraar in de internationale economische politiek.
Het gaat de vakbonden nog steeds om de materiële belangenbehartiging voor hun leden. Zaken als werkgelegenheid, arbeidsomstandigheden en medezeggenschap komen in het CAO-overleg minder aan de orde dan verwacht zou mogen worden. Tot die opmerkelijke conclusie komt dr. G. Kaspers die onlangs promoveerde aan de Tilburgse hogeschool. Kaspers, die als directeur sociale zaken van de AGIOsigarenfabriek jarenlang aan de onderhandelingstafel heeft gezeten, onderzocht in zijn proefschrift de onderhandelingen in de sigarenindustrie van de afgelopen tien jaar. THB dook in de geschiedenis van de sigarenindustrie en zocht de AGIOdirecteur op in Duizel.
Kaspers pleit voor onderhandelen per bedrijf CAO's. Zo werd in de CAO van 1928 een, ook voor die tijd opmerkelijk, verbod opgenomen tot het in dienst nemen van gehuwde voruwen. Een maatregel die blijkbaar ook de vakbeweging voor wenselijk hield. De crisis in de dertiger jaren gaat ook niet aan de tabaksindustrie voorbij. Dat leidt in 1936 bijvoorbeeld tot het aannemen van een Mechanisatiewet in de sigarenindustrie, die bepaalde dat het aantal machines in de ondernemingen niet verder mocht worden uitgebreid. Dit met het oog op het behoud van de werkgelegenheid in deze sterk arbeidsintensieve bedrijfstak. De maatregel had kennelijk succes: in 1939 vond een recordaantal van 27 duizend mensen emplooi in de sigarenindustrie. Na de oorlog maakt de overheid, met instemming van fabrikanten èn vakbonden, de mechanisatiewet weer snel ongedaan. Dan volgt een periode van ongebreidelde expansie, mechanisatie en schaalvergroting. De ene sigarenfabriek na de andere wordt overgenomen, weer andere bedrijven worden verplaatst naar lage-lonen landen. Eind zestiger jaren is het grootste deel van de bedrijven in handen van buitenlandse concerns als British American Tobacco en American Brands. Anno 1984 is de situatie weer enigszins veranderd. Willem II is sinds kort weer een zelfstandige onderneming nadat de eigenaar, de multinational Gulf and Western, had laten weten geen brood Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
meer te zien in de tabakssector. De bedrijfstak bestaat nu uit 24 ondernemingen - tegen 1860(!)fabriekjes in '39 - waar zo'n 2500 mensen werken. Willem II en het eveneens zelfstandige AGIO hebben samen ongeveer de helft van de Nederlandse markt in handen. Het merendeel van de bedrijven is nog steeds gevestigd in Brabant, vooral in de streek rond Valkenswaard. Verschillende ondernemingen, waaronder AGIO, hebben in België gevestigde nevenbedrijven die als toeleveringsbedrijf fungeren voor de in ons land opererende fabrieken. "Eind jaren '50, begin jaren '60 konden bedrijven in deze regio niet aan personeel komen," vertelt AGIO-direkteur dr. Kaspers, "terwijl er in België in de streek rond Geel juist sprake was van hoge werkloosheid. Daar kwam bij dat de Belgische overheid in vergelijking met de Nederlandse veel overheidsvriendelijker te werk ging: er werd vrij snel en soepel gewerkt om de vestiging van de grond te krijgen." AGIO heeft ook te maken met de problematiek van de 'grensarbeiders', het gaat daarbij vooral om Belgische werknemers die hier komen werken. Kaspers: " D e Belgische grensarbeiders vallen gewoon onder de Nederlandse CAO, dat brengt géén speciale problemen met zich mee. Er wordt overigens af en toe wel een probleem van gemaakt als er valutaveranderingen zijn die ongunstig uitpakken voor de werknemers. De laatste jaren hoor je daar trouwens niets meer van. De Bel-
gen zijn er immers met de jongste valutawijzigingen een stuk beter op geworden." Een groot deel van de bedrijven is in buitenlandse handen. Speelt dat nog een rol tijdens CAO-onderhandelingen? Kaspers: " I k heb geen aanwijzigingen dat dat het geval is. Het is natuurlijk wel zo dat de posities die de fabrikanten innemen naar aanleiding van de vakbondseisen uiteen zullen lopen. Dat werkt uiteindelijk toch ook door in het standpunt dat je als werkgeversorganisatie in het overleg met de vakbonden verwoordt. Het is veel meer een marktaangelegenheid. De meeste bedrijven kunnen zich bijvoorbeeld geen langdurige staking permitteren, omdat ze dan hun positie op met name de buitenlandse markt kwijt raken. Het kost miljoenen aan reclame-inspanningen om dat weer op peil te krijgen, als het überhaupt al zou lukken." De vakbonden maken op hun beurt natuurlijk gebruik van dat gegeven. Maakt dat de werkgevers dan meer toeschietelijk? Kaspers: "Reken maar dat er gebruik van wordt gemaakt! Kijk, we hebben te maken met een bedrijfstak-CAO. Als er in de onderhandelingen maar één of twee werkgevers zijn die zich niet kunnen permitteren om ook maar één dag staking te hebben betekent dat dat je al meer toegeeflijk zult zijn ten aanzien van de eisen van de vakbond dan in een situatie waarin je eerst kunt bekijken of de vakbond ook bereid is z'n eisen kracht bij te zetten en hoe het staat met de actiebereidheid van de werknemers. Dat is een afweging die je moet maken voor de positie die je tegenover de vakbond inneemt."
DECENTRALISATIE H H B ^ M ^ ^ Kaspers ziet het huidige CAO-overleg, waarbij op bedrijfstakniveau over een CAO wordt onderhandeld, 't liefst vervangen door een meer gedecentraliseerde wijze van onderhandelen: " D e onderhandelingen vinden dan op drie niveau's plaats. Op centraal niveau vindt tripartite overleg tussen sociale partners en regering plaats en ook bilateraal overleg tussen werkgevers- en werknemersorganisaties, waarbij globale afspraken worden gemaakt bijvoorbeeld over de loonkostenstijging die men zich in Nederland kan veroorloven. Er komt dan een gemiddelde loonstijging uit de bus met mogelijkheden om daar zowel in benedenals bovenwaartse richting een paar procenten van af te wijken. Daarnaast kunnen globale afspraken tot stand komen over de onderwerpen die tijdens de onderhandelingen besproken moeten worden, denk maar aan herverdeling van arbeid en herstel van de rendementen." Op bedrijfstakniveau komt bij de onderhandelingen uit de bus welk percentage loonstijging, bijvoorbeeld voor de sigarenindustrie, acceptabel is en welke aanbevelingen relevant zijn voor het overleg. Daar komen afspraken uit voort die je in de onderneming als richtlijn hanteert om er in het overleg een invulling aan te geven. Op dat niveau breng je er ook een stuk mondigheid van werknemers, een stukje democratisering in; daar bekijk je of je de financiële mogelijkheden wil besteden aan verbetering van de arbeidsvervolg op pag. 12 10 februari 1984
Vrijetijdskundigen, vrijetijdsdeskun ligen of vrijetijdswetenschappers? De planoloog Van Doorn, wetenschappelijk medewerker bij de experimentele studierichting Bestuurskunde van de TH Twente, verscheen in december 1982 op het vrijetijdstoneel toen hij werd aangesteld als projectleider voor de nieuwe opleiding. Zijn werk als adviseur werd door het ministerie uit de Kleine Instellingen Pot (KIP) betaald, waaruit de KHT in totaal zo'n 1,5 miljoen kreeg toebedeeld voor het opzetten van een aantal nieuwe studierichtingen. U bent nu een jaar bezig geweest. In december 1982 constateerde u in een gesprel< met THB dat het ministerie zich nog steeds afvroeg of vrijetijds/<unde, zoals het toen nog heette, wel gezien moest worden als een serieuze studierichting of slechts als een modeverschijnsel. Is de scepsis bij het ministerie sindsdien afgenomen? Van Doorn: "Er bestaat nog steeds een gezonde dosis scepsis op het departement. Het beroerde is echter dat je niet of nauwelijks weet waar die scepsis vandaan komt. We hebben een tijd gehad dat ze de 'kundes' verwierpen, die hoorden bij het HBO, heette het toen. Dat was voor ons een aanleiding om af te zien van de naam vrijetijdskunde en te kiezen voor 'vrijetijdswetenschappen'. We hebben ook doelbewust aangestuurd op een studierichting met een multidisciplinair karakter dat paste een jaar geleden nog prima in het beleid van Den Haag. Maar inmiddels is dat pad ook weer verlaten en heeft men vooral oog voor de reïntegratie van de sociale wetenschappen! Het is natuurlijk ook een beetje een spel, hè. Wat het ministerie wil, weet ik wèl: ze willen eigenijk niets nieuws meer! Het voordeel dat wij hebben is dat, politiek gesproken, de problemen rond vrije tijd en werkloosheid wèl redelijk liggen, maar op het ministerie kennelijk nog niet: daar is men nog niet uit de lacherige sfeer." "Daarnaast moet ik vaststellen, daar moet ik ook eerlijk in zijn, dat het ministerie heeft toegezegd dat men géén beslissing neemt vóórdat het rapport is gelezen. In een reactie op de ontwikkelingsplannen van de KHT is een keer gezegd: vrijetijdskunde komt niet voor bekostiging in aanmerking. Dat was voorbarig, heeft men later toegegeven. Bij die gelegenheid heeft men ook gezegd vast te houden aan de overeengekomen procedure: er moet een rapport komen en op grond van dat rapport oordelen we." Wat opvalt bij de nieuwe studierichtingen die de KHT in huis wil halen is dat de naamgeving zo aan verandering onderhevig is. Veldkamp 's 'sociale zekerheidskunde' moest bakzeil halen ten gunste van 'sociale zekerheidswetenschap', terwijl 'sociale beleidskunde' waarschijnlijk moet wijken voor 'personeelswetenschap'. Jullie hebben ook afgezien van de oorspronkelijke benaming en gekozen voor 'vrijetijdswetenschappen'. Enkel op grond van dat politieke steekspel? Van Doorn: " W i j hebben de voorkeur gegeven aan 'vrijetijdswetenschappen' boven het voor de hand liggende 'vrijetijdswetenschap', omdat er nog géén sprake is van een echte nieuwe, multidisciplinaire, wetenschap met niet alleen een eigen object, maar ook met eigen theorievorming en eigen methoden en technieken van onderzoek. Zover zijn we nog niet, we moeten nu werken met subdisciplines van sociaalwetenschappelijke richting die zich op het object - de vrije tijd - richten en samen streven naar een
Tilburgs Hogeschoolblad
meer multidisciplinaire benadering. Met andere woorden: we stellen ons bescheiden op en spreken van vrijetijdswefenschappen, die samen misschien nog eens uitgroeien tot één vrijetijdswetenschap."
VERWARRING De Tilburgse afgestudeerde mag zich straks vrijetijdswetenschapper noemen. De NWIT daarentegen levert vrijetijdsdeskundigen af. En dan heb je nog de vrijetijdsdeskundige, een verzamelnaam die jullie hanteren zowel voor afgestudeerden aan het HBO als aan het W O . Kortom, straks is de verwarring compleet. Van Doorn: "Inderdaad, dat is ook mijn probleem geweest. Je hebt in de naamgeving te maken met het Centrum voor Vrijetijdskunde, dat is een samenwerkingsverband tussen KHT en NWIT. Die vinden dat de term 'vrijetijdskunde' de lading dekten. Ik heb daar op zich niet zo'n moeite mee, we hebben immers ook studies als bestuurskunde, onderwijskunde en geneeskunde. Wel wilden we een onderscheid maken tussen mensen die van de KHT komen èn afgestudeerden van het NWIT. Mensen die in Tilburg studeren krijgen een wetenschappelijke opleiding, die kun je dus het beste wetenschapper noemen. Wat het NWIT gaat doen, weet ik nog helemaal niet. Die hebben als belangrijke poten nog steeds 'recreatie' en 'toerisme'. Daarnaast hebben ze als ruggegraat het vrijetijdskunde-programma. Daarom heb ik voorgesteld de HBO'ers maar even vrijetijdskundigen te noemen, dan zijn ze voor de buitenwacht tenminste herkenbaar. Dan is er tot slot het arbeidsmarktonderzoek waarin de afgestudeerden van het HBO en het WO op één hoop geveegd zijn. Voor die groep heb ik toen maar als truc uitgevonden: de vrijetijdsdeskundigen. Ik ben blij dat er ogenblikkelijk de vinger opgelegd wordt, hoewel het eigenlijk vooral een semantische kwestie is. Het verschil is op zich duidelijk: Hier leer je de theorie en de methoden en technieken ontwikkelen en doorvorsen, terwijl er in het HBO sprake is van theorie- en methodenfoepassOTfir. Dat is een helder onderscheid." De integratie van WO en HBO staat niet meer zo hoog in het vaandel geschreven als een aantal jaren geleden. Bovendien heeft het HBO te maken met een eigen taakverdeling en samenwerkingsoperatie. Wat voor consequenties heeft dat voor de samenwerking tussen KHT en NWIT? En welke lering trekken jullie uit de teleurstellende resultaten van de samenwerking van de RU Groningen en de Agogische Academie Friesland? Van Doorn: "Het NWIT heeft het moeilijk op dit moment, ze worden daar van alle kanten bestookt. Ze moeten uitkijken naar mogelijkheden van schaalvergroting en daarbij toch hun eigen identiteit niet op het spel zetten. Ze streven naar een niveau van 600 studenten - het zijn er nu nog zo'n 500 - maar kijken ook naar mogelijkheden om deel uit te maken van een hele grote school. Als je namelijk minstens 2500 studenten hebt, kom je in aanmerking voor allerlei aantrekkelijke premies. Dan kunnen zij misschien ook wat onderzoek gaan doen, en dat biedt dan weer mogelijkheden voor samenwerking op onderzoeksgebied met de KHT." " K H T en NWIT gaan overigens gewoon samen door, we blijven kijken op welke manier we kunnen samenwerken en wat
het meest zinvol is. Ik ben nu ook bezig met het opstellen van een raamovereenkomst die de beide partners straks moeten sluiten Daarin wordt vastgelegd hoe de invloed van NWIT op KHT en die van KHT op NWIT geregeld kan worden. Hoe kun je bewerkstelligen dat een onderzoeksprogramma aan de KHT niet tegen hun wensen ingaat? Zo heeft de KHT beloofd zich niet zozeer te zullen richten op toerisme en recreatie, maar toch bestaat er, terecht, bij het NWIT de angst voor een soort imperialisme van KHT-zijde. Als er straks twintig studenJozef van Doorn
Tilburg m'vmrek' rsro/ Op 1 september 1985 kunneJonder voorbehoud van de goedkeuring van minister Dei nan, 100 studenten aan de KHT van start gaan met een ipleiding 'vrijetijdswetenschappen'. Dat blijkt uit een apport over de wenselijkheid van het instellen van ei dergelijke experimentele studierichting dat deze day i is verschenen. De KHT blijft s a m e n w e r k e n met hetH derlands Wetenschappelijk Instituut voor Toerisme en( creatie (NWIT) in Breda. Wel moeten er duidelijke afsp iken komen over de taakverdeling tussen KHT en IMW| die zullen w o r d e n vastgelegd in een 'Raamovereenkon tvoor s a m e n w e r k i n g ' . De arbeidsmarktperspectieven V ide nieuwe opleiding zijn bepaald florissant te noemen n de jaren negentig zullen naar s c h a t t t i n g 200 a 280 Hl - en WO-afgestudeerden per jaar een baan kunnen vinln als vrijetijdsdeskundige. THB sprak m e t drs. Joseph lil Doorn, projectleider voor de nieuwe studierichting en iteur van het rapport, die moest manoeuvreren tussei| Ie wensen en verlangens van personen, faculteiten en istellingen en te k a m p e n had m e t het zig-zag beleid vai het ministerie van Onderw i j s en Wetet ichappen.
ten aan de KHT belangstelling hebben voor toerisme, dan wordt er snel genoeg een cursusje uit de grond gestampt en loop je de kans dat wij hier een wetenschappelijke opleiding voor toerisme en recreatie gaan verzorgen. Zij willen het
ïfst garanties opnemen in de overeen)mst om dat soort dingen te voorko»en. Nou, ik dacht dat het opstellen van jit rapport moeilijk was, maar het valt iwoon in het niet bij waar ik nu mee te laken krijg."
VOORHOEDEROL Nederland heeft anno 1984 een behoorlijke achterstand in theorievorming en studiemogelijkheden op het gebied van de vrijetijdswetenschappen ten opzichte van het buitenland. In de Verenigde Staten en Canada zijn al minstens 10 universiteiten te vinden die een wetenschappelijke opleiding op doctoraalniveau tot vrijetijdsdeskundige verzorgen. Maar, dank zij de unieke studie-opzet kan Tilburg de achterstand binnen een tiental jaren ombuigen in een lichte voorsprong, verwacht Van Doorn. Vooral de multidisciplinariteit d\e centraal staat in de Tilburgse opzet biedt mogelijkheden tot het vervullen van een voorhoederol. Welke waarborgen kun je in je programma inbouwen dat die multidisciplinariteit ook van de grond komt? Immers, niet alleen de studenten maar ook de docenten zullen van nul af moeten beginnen. Van Doorn: "Daar gaan we heel hard aan werken bij de selectie van de staf. We willen een aantal criteria inbouwen: onze mensen moeten bereid zijn buiten hun eigen wetenschap te kijken en ook buiten de wetenschap op zich. Ze moeten ook in hun publicaties aantonen dat ze géén 'vakidioten' zijn. Daarnaast kun je in de onderwijsprogramma's zelf voorzieningen inbouwen; zo kun je vanuit verschillende disciplines samen colleges verzorgen waardoor je een vorm van teamteaching krijgt. We willen er naar streven het begrip voor een multidisciplinaire aanpak zowel bij studenten als bij docenten te verbreden. Het is waarschijnlijk een langzame en stapsgewijze ontwikkeling, maar ik meen dat je al een heel eind weg bent als je over een jaar of
vijf, zes een aantal blokken hebt waarvan je kunt zeggen: die zijn echt multidisciplinair, die zijn vanuit een puur wetenschappelijke houding als een gezamenlijke onderneming opgezet." Naast de multidisciplinariteit wordt de Tilburgse opzet gekenmerkt door een nadrukkelijke koppeling van onderwijs en onderzoek en door een organisatievorm die de studie relatief onafhankelijk maakt van de overige faculteiten aan de KHT. Het is de bedoeling de studenten al in een vroeg stadium te betrekken bij het onderzoek, waardoor zowel studenten als docenten kunnen profiteren van de onderlinge kruisbestuiving. De relatieve autonomie die de studierichting is toebedacht is meer problematisch, vooral met het oog op de recente koerswijziging van de minister in de richting van een reïntegratie van de sociale wetenschappen. Daarbij is het overigens de vraag of de vier basisdisciplines van vrijetijdswetenschappen - sociologie, economie, psychologie en geografie/planologie - wel allemaal als sociale wetenschappen zijn te karakteriseren. Van Doorn: " W e zijn vooral pragmatisch te werk gegaan. Kijk, als je slagvaardig wil handelen en een voor Nederlandse begrippen unieke studierichting wil opbouwen, waarmee je ook in de experimentele sfeer wat meer wil doen, dan heb je een kader nodig wat minder vast ligt." Uiteindelijk kan vrijetijdswetenschappen best een positie krijgen in het sociaal wetenschappelijk blok, meent Van Doorn, die in de komende experimenteerfase wel mogelijkheden ziet voor reïntegratie: "Juist omdat het een experiment is kun je weer beter experimenteren met die reïntegratie als je relatief autonoom te werk kunt gaan dan als je in verschillende faculteiten moet werken. " Dat komt ondermeer tot uiting in het programma van de propedeuse, die met een beetje goede wil al door kan gaan voor een 'model-propedeuse' voor de sociale wetenschappen. Het lijkt niet onwaarschijnlijk dat Deetman, evenals in het geval van sociale zekerheidswetenschap, de voorkeur zal geven aan een bovenbouwstudie vrijetijdswetenschappen. Welke zwaarwegende argumenten zijn er die pleiten voor een eigen propedeuse? Van Doorn: "Als je er voor kiest om multidisciplinair te gaan werken, dan moetje het ook goed doen; dan zul je vanaf het begin moeten beginnen. Mijn ervaringen als medewerker bij bestuurskunde aan de TH Twente, dat ook multidiscipliair is opgezet, kunnen wat dat aangaat als een bevestiging van die stelling dienen. Daar komt bij: als je inderdaad streeft naar een soort integratie van de sociale wetenschappen, doe je er ook verstandig aan in het eerste jaar te beginnen."
INFORMATEUR Toen u begon aan deze klus zei u dat u zich als een informateur beschouwde. Hoe denkt u er nu over, ruim een jaar en een uitgebreide consultatie- en inspraakprocedure later? Van Doorn: "Het is inderdaad niet eenvoudig gebleken om tegemoet te komen aan al die verschillende wensen die er leven. In de eerste plaats heb je de KHT en de NWIT samen, die soms nog wel eens tegenstrijdige wensen hebben. Ik heb indertijd ook gezegd dat ik rekening zou
moeten houden met het Centrum voor Vrijetijdskunde, dat toen het was opgericht. De KHT is zelf natuurlijk ook niet éénvormig; die bestaat uit verschillende faculteiten en subfaculteiten die soms meer, soms minder betrokken zijn. Ik heb een aantal keren een conceptrapport door de verschillende gremia laten gaan en geprobeerd zoveel als mogelijk was de wensen en verlangens van verschillende mensen, voor zover ze niet tè tegenstrijdig waren, in het rapport te verwerken. Wat dat betreft ben ik nog steeds aan het werk als informateur, maar je zou kunnen zeggen dat als het rapport er doorheen komt, eindelijk de 'formateur' aan bod kan k o m e n . " Wie zou dat kunnen zijn? Van Doorn: " N o u , ik ben niet ongenegen ook als formateur op te treden, als men mij vraagt. De formateur buigt zich straks, als het voorstel is goedgekeurd, over vragen als: wat voor mensen horen er nu bij? En: wat ga je er echt van uitvoeren, wat kan je er van uitvoeren? Maar voor het zover is, heeft het rapport nog een lange tocht voor de boeg. Nadat het rapport eerst nog een keer door KHT en NWIT is heengegaan, krijgt de besluitvorming op 3 mei z'n beslag in de hogeschoolraad. Als de raad accoord gaat met het rapport plus een aantal wijzigingen, neem ik aan, dan kan het eindelijk naar de minister toe en de Academische Raad. Die hebben dan ongeveer een half jaar de tijd om er iets over te zeggen. Het voordeel is dat het voorstel voor Sociale Zekerheidswetenschap al in de procedure zit, al bij de minister op tafel ligt. Ik kijk dan ook echt uit: hoe gaat dat nu precies, op welke dingen wordt er gelet? Misschien kan ik ëtraks toch nog net een beetje bijsturen."
STUDENTVRIENDELIJK Al met al is de nieuwe opleiding een duidelijk kind van deze tijd: het streven naar reïntegratie wordt ondersteund en de vakkenpakketten zullen worden toegesneden op de arbeidsmarkt. Uitgaande van de resultaten van het arbeidsmarktonderzoek, dat werd verzorgd door het researchinstituut van de NWIT, komen een aantal mogelijke afstudeervarianten naar voren. Volgens afspraak zal het NWIT de opleiding tot manager-vrijetijdskundige blijven verzorgen, terwijl Tilburg de studenten opleidt tot onderzoeker, planning- en beleidsmedewerker en (commercieel bestuurlijk) adviseur. Daarnaast ziet Van Doorn mogelijkheden voor een variant die de studenten voorbereidt op het leraarsambt - "denk maar aan een 'vrijetijdsdecaan' op middelbare scholen" - en een algemeen vormende variant, voor studenten die niet persé hun beroep willen uitoefenen in de vrijetijds-sector. Het rapport van Van Doorn is opgetuigd met de fraaie resultaten van het arbeidsmarktonderzoek. Dat onderzoek voorziet voor de jaren 1990 tot en met 1994 200 è 280 banen per jaar voor vrijetijdsdeskundigen, zowel op HBO- als op WO-niveau dus, waarmee overigens weer de nodige sociologen, economen en planologen van de arbeidsmarkt zullen worden verdrongen. Van Doorn: " D a t betekent dat er in de jaren negentig 100 è 150 universitaire afgestudeerden een baan moeten kunnen vervolg op pag. 13
De nieuwe studierichting richt zich op het totale vrijetijdsgebeuren. Naast toerisme, recreatie en cultuur ook aandacht voor de sportsector. 10 februari 1984
''Informatica-plan komt enkele jaren te vroeg Enkele weken geleden werd computer-minnend Nederland verblijd met een presentje van 1,3 miljard gulden: de ministers Deetman, Van Aardenne en Braks presenteerden hun Informatica-stimuleringsplan. Ook de universiteiten en hogescholen profiteren. Moeten ze blij zijn dat na al die minnen eindelijk weer eens een plus op hun rekening verschijnt?
Niet onverdeeld. Ze krijgen namelijk wel èrg weinig, vindt prof. dr. J . van Leeuwen, bestuurslid van de Stichting Informatica-onderzoek Nederland (SION) en hoogleraar Informatica aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Anderzijds kan het in dit stadium ook niet erg veel méér zijn, want de universitaire informatica staat nog zodanig in de kinderschoenen dat er de eerste jaren niet eens voldoende menskracht te vinden zou zijn om de beschikbare onderzoeksplaatsen te bezetten. Overigens zou deze regering zichzelf niet zijn, indien de aangekondigde miljoenenregen niet ook enkele druppeltjes bezuiniging bevatte. Een bedrag van 1,3 miljard is genoeg om het wetenschappelijk onderwijs vijf jaar lang zonder taakverdeling te laten draaien. Het leeuwendeel echter, 830 miljoen, gaat naar de marktsector. Het niet-universitaire onderwijs krijgt 267 miljoen gulden en het onderzoek dat de vaderlandse economie moet redden is met 92 miljoen bedacht. Voor fundamenteel onderzoek resteert zegge en schrijve twintig miljoen, waarvan de WO-instellingen de helft dan nog zelf moeten opbrengen via de TVC-bezuinigingen. 'Ai met al' zegt Van Leeuwen, 'denk ik dat de reactie van de universiteiten en hogescholen er een is van een zekere teleurstelling. Die twintig miljoen zijn wel nuttig, maar als je bedenkt dat dat voor een periode van vijf jaar is, dat het over alle instellingen moet worden verdeeld en dat het is bestemd voor een combinatie van mensen en apparaten, waarvan de laatste al gauw een ton per stuk kosten, dan blijft er niet veel over. En na 1988 moeten ze het uit eigen middelen betalen. Nu is er alleen ruimte voor kadervorming binnen de afdelingen Informatica. Maar informatica wordt niet alleen daar beoefend. Er is ook fysische, medische en elektronische informatica. Die zijn voor uitbreiding aangewezen op samenwerking met de vakgroepen Informatica of op bijvoorbeeld geld van ZWO.' Toch zou Van Leeuwen niet zo heel veel meer geld willen hebben. Althans op dit moment. Terwijl bij elk groot warenhuis de lagere schooljeugd zich verdringt voor de afdeling elektronische spelletjes, kijken velen op de universiteit nog wat onwennig aan tegen wat regering en bedrijfsleven het apparaat van de toekomst willen maken. Ze zijn er niet mee opgegroeid. Daarom, aldus Van Leeuwen, is het zo gek nog niet dat het stimuleringsplan meer aandacht en geld besteedt aan lagere onderwijsvormen. Als je op basisniveau investeert in wat het plan zo mooi als 'human capital' aanduidt, dan gaat dat vanzelf verder rollen. Dan krijg je die mensen over een aantal jaren automatisch op de universiteit. Je kunt wel op je dertigste beginnen met een specialisatie informatica, maar je krijgt het dan nooit helemaal in je vingers. Hij zou het geld op korte termijn niet eens kunnen besteden. De eerste lichtingen informatica-studenten hebben zich pas gemeld en voldoende gekwalificeerde stafleden zijn er nog lang niet. Van Leeuwen: 'Eigenlijk heb je de mensen nodig die je zelf aan het opleiden
Tilburgs Hogeschoolblad
bent. Die zie ik echter pas vanaf 1985-'86 op onderzoeksplaatsen terecht komen. De eerste jaren zie ik niet hoe we het stimuleringsplan moeten invullen met afgestudeerde ingenieurs en doctorandussen informatica.' De Nijmeegse informatica hoogleraar prof. dr. C. Koster is het op dat laatste punt roerend eens met zijn collega uit Utrecht. 'Als je één conclusie aan het rapport wilt verbinden, is het dat het plan paradoxaal genoeg enkele jaren te vroeg komt. Op dit moment hebben we de mensen nog niet om het in te vullen; we zullen moeten wachten tot de studenten van nu uit de pijplijn komen.' Koster constateert dat de drijfveer achter het stimuleringsplan vooral een economische is: 'Het is een gerichte poging om de Nederlandse informatica-industrie uit het slop te halen. Die industrie is op dit ogenblik veel kleiner dan gezien ons technische ontwikkelingsniveau mogelijk is.' Dat men nu plotseling de informatica serieus neemt en aan 't werk wil gaan om die impasse te doorbreken is positief te waarderen. En de regering ziet ook in dat een diepte-investering in fundamenteel onderzoek nodig is om de informaticaindustrie nieuw leven in te blazen. Op het ogenblik is deze industrie gericht op klassieke informatica toepassingen waar
MM
weinig wetenschappelijke kennis voor nodig is of op het in licentie verbreiden van produkten uit het buitenland.' Maar het rapport heeft één duidelijke blinde vlek, vindt prof. Koster: het wetenschappelijk onderwijs. 'Men wil meer geld aan onderzoek geven zonder in het wetenschappelijk onderwijs orde op zak«n te stellen. Wanneer er in het rapport sprake is van onderwijs is dat lager of middelbaar onderwijs. De wetenschappelijke opleiding blijft net als het de laatste jaren het geval is geweest een hobby van de universiteiten en hogescholen alleen. Als het aan Den Haag had gelegen waren de universitaire informatica-opleidingen nog steeds niet van de grond gekomen. De minister vergeet blijkbaar de 1.200 informatica-eerstejaars die er op het ogenblik zijn. Is het zo goed mogelijk opleiden van die mensen niet verreweg de beste politiek om uit de problemen te komen? De plannen uit de nota zijn in elk geval volstrekt onuitvoerbaar zonder hen.' Het regeringsplan bevat ook een paar verrassingen voor de rekencentra in den lande, waarvan elke WO-instelling er ook wel één in huis heeft. Inefficiënt vinden de ministers. Het grote werk en de daarbij behorende apparatuur moeten niet alleen worden geconcentreerd - i.e. in Amsterdam (SARA), Petten (ENR) en Groningen - ook komen de diensten geleidelijk geheel ten laste van de gebruikers. Tegenover een extraatje van 52,5 miljoen dat de universiteiten en hogescholen in de komende vijf jaar mogen gebruiken voor de aanschaf van mini's, personal computers en nieuwe supercomputers en voor de opbouw van een nationaal datanetwerk, staat een bedrag van 36,7 miljoen dat zij jaarlijks minder zullen ontvangen. Want op het moment wordt bijvoorbeeld de huur van de apparatuur nog rechtstreeks door het ministe-
vervolg van pag. 1
Pastores De stüdentenpastores zijn er wel vanuit gegaan dat het studentenpastoraat een gegeven is en dat het hun taak is studenten te vormen en toe te rusten om als gelovige in de studentensituatie te leven. Zij noemen het studentenpastoraat een werkplaats en een doorgangshuis. Volgens het rapport heeft het studentenpastofaat een specifieke opdracht. De wereld van de universiteiten en hogescholen vereist een eigen benadering en een eigen methodiek. Gewone parochies zijn daartoe niet in staat en daarom is het studentenpastoraat een noodzaak. " . . . D e situatie waarin studentenpastores werken is meer dan gecompliceerd. Vanuit het studentenpastoraat wordt de vergruizing sterk onderkend en ervaren. De vergruizing betreft de wijze waarop wetenschap wordt bedreven, de wijze waarop de sameleving zich uit in haar cultuur en de persoonlijke leefwereld en groei van de studenten... Studenten in hun groei worden verscherpt geconfronteerd met 'wie ben ik en wat is de zin van dit alles? De zin- en zijnsvraag is dan ook de uiteindelijke en eigenlijke vraag waarmee de studentenpastores via allerlei wegen geconfronteerd w o r d e n . " De studentenpastores zitten nogal in de problemen als het aankomt op de politieke stellingname van de studentenparochies. Vaak worden ze binnen de kerk afgeschilderd als radikalen en wordt er een hoop druk op hen uitgeoefend om een
rie vergoed. 'De kosten van het rekenen zullen aanzienlijk stijgen', verwacht prof. van Leeuwen. 'In feite gaat het dus om een destimulerende maatregel. Computergebruik wordt minder aantrekkelijk als de onderzoekers merken dat ze het voortaan uit eigen of subfaculteitskas moeten betalen. De universiteit of subfaculteit zal het geld ergens anders zoeken. Dat zal niet helemaal lukken, zodat ze weer een beetje op het rekencentrum gaan bezuinigen. Enzovoorts.' Een belangrijke plaats in het stimuleringsplan is ingeruimd voor het Centrum voor Wiskunde en Informatica (CWI, het vroegere Mathematisch Centrum) in Amsterdam, een ontmoetingsplaats voor onderzoekers die bijna geheel door de organisatie voor Zuiver Wetenschappelijk Onderzoek (ZWO) wordt gefinancierd en die geen binding heeft met het wetenschappelijk onderwijs. Dat heeft met name bij de technische hogescholen nogal wat kwaad bloed gezet. Nu klaagt het Amsterdamse centrum herhaaldelijk dat het zijn omgeving zo ver vooruit is dat zijn onderzoeksresultaten in ons land niet worden opgepikt. De universiteiten en hogescholen zien dat een beetje anders. Van Leeuwen, die via het SlON-bestuur medeverantwoordelijk is voor het beleid van het CWI: 'Ik denk dat het centrum tot op heden zijn centrale plaats niet heeft kunnen waar maken en dat de uitstraling gering is. Een goede infrastructuur waarin kennis doorstroomt naar universiteiten en bedrijfsleven is er nog niet. Dat weten ze op het ministerie ook. Daarom is het centrum alleen op het gebied van fundamenteel onderzoek, waarop het reeds een reputatie heeft, een plaats toebedeeld. Op andere gebieden krijgen het ENR in Petten en TNO een veel belangrijker plaats.' UP/Lin Tabak
wat minder 'extreme' koers te varen. Het rapport probeert een antwoord te geven op die wens van veel mensen binnen de kerk: "De studentenpastores hopen kritisch genoeg te zijn niet aan de verleiding toe te geven om als smaakmakende, vermeende elite, een zeker politiek radicalisme bij bepaalde jongeren te ontwikkelen en te legitimeren. Zij worden wel onontkoombaar tot de erkenning gebracht, dat de weg van Jezus Messias een praktische weg is die tot keuze dwingt... Met het evangelie kan men niet alle kanten op... De kerk kan het studentenpastoraat ook zien als een van haar 'proefpolders' waar experimenten en vernieuwingen uitgeprobeerd kunnen worden, met het oog op haar toekomst..." De kerk heeft het nog weleens moeilijk met de vergevorderde oecumene binnen de studentenparochies. De oecumene is daar al veel verder dan in de normale parochies en dat is een doorn in het oog van veel mensen in de kerkelijke hiërarchie. Het rapport daarover: "Oecumene is voor het studentenpastoraat een opgave die gegeven is. Je moet Stellen dat in het studentenpastoraat een hechte samenwerking tussen de verschillende kerken bestaat... In de beleving van veel studenten zijn scheidsmuren tussen kerken aan het vervagen. Studenten van velerlei kerkelijke huize lopen in en uit zonder zich om denominaties te bekommeren... Deze vorm van oecumune is niet de slechtste vorm, waar tegenstellingen gezien en doorstaan w o r d e n . " Allard Berends
10 februari 1984
TE BERDE
Werken, bek open trekken en hopen op resultaat M
Als je de Hogeschool bekijkt uit organisatorisch standpunt, ontdek je een zeer complex netwerk van kleine, relatief zelfstandige eenheden. Faculteiten vakgroepen, diensten; allemaal staan ze min of meer op zichzelf met eigen bevoegdheden, die door de traditie gegroeid zijn. Toch staan er boven de vakgroepen, faculteiten en diensten enkele overkoepelende organen. De Hogeschoolraad is daarvan het hoogste besluitvormende orgaan. Over veel zaken heeft die Raad niets te vertellen. Die worden geregeld door faculteiten en personen (en door de minister niet te vergeten!). De Hogeschoolraad is er voor de grote lijn. Voorbeelden daarvan zijn onder andere: het instellen van nieuwe studierichtingen, beleid voeren met betrekking tot studentenvoorzieningen en personeel, beslissen over de wijze waarop er op de KHT geautomatiseerd moet worden, en vooral over de begroting. Als student in de Hogeschoolraad ben je dus relatief veel tijd kwijt aan problemen die ver van je directe belang lijken af te staan. Soms is dat moeilijk en vervelend, omdat je niet precies kunt overzien waar je over praat en beslist. Maar je leert ook heel veel over het functioneren en disfunctioneren van zo'n grote complexe organisatie. Gelukkig gaat het lang niet altijd over zulke 'abstracte' problemen als het automatiseringsbeleid. Regelmatig komen ook zaken als studentenvoorzieningen, copieerprijzen en de mensa aan bod. Wim zal in het volgende stuk een paar van de punten uit het afgelopen half jaar nog wat nader toelichten. In het afgelopen half jaar werd het Hogeschoolraadswerk vooral gekenmerkt door, (hoe kan het ook anders,) het bezuinigingsbeleid van minister Deetman. Zijn beleid is zo rigoreus, dat er soms maar nauwelijks ruimte overblijft voor een eigen beleid van de Hogeschool. Het werk van de Hogeschoolraad wordt bovendien bemoeilijkt doordat zij overspoeld wordt met lijvige rapporten en plannen, zowel vanuit het ministerie als vanuit de Hogeschool intern. De onderlinge afhankelijkheid en de impliciete beleidsconsequenties daarvan zijn vaak slecht te overzien. De meest beruchte operatie van Deetman is de operatie "Taakverdeling en Con-
Een halfjaar geleden zijn drie leden van de studentenfractie Konstruktief in de Hogeschoolraad gekozen. Twee van hen, Marike en Wim, willen in dit artikel een terugblik geven op het afgelopen half jaar. Marike zal in het eerste deel wat vertellen over de plaats en de functie van de Hogeschoolraad. Wim zal in het tweede deel proberen enkele gebeurtenissen uit het afgelopen half jaar toe te lichten.
centratie", eerst TVC, daarna TKV genoemd. Met deze operatie beoogt hij bezuinigingen in de universitaire wereld tot stand te brengen door vakgroepen en zelfs hele faculteiten te laten inkrimpen, te laten fuseren met anderen of op te heffen. Ook voor Tilburg vallen er klappen, hoewel er hier geen studierichtingen opgeheven hoeven te worden. Door de Hogeschoolraad wordt het grootste belang gehecht aan de sociale gevolgen van het plan van de minister. Vandaar dat zij als eerste prioriteit stelde te voorkomen dat door bezuinigingen gedwongen ontslagen moeten vallen. Ook voor studenten staat er de komende jaren ontzettend veel op het spel. De invoering van de Twee-fasenstructuur, het ei van Pais, heeft een verhoging van de studiebelasting veroorzaakt. De huidige minister is van plan om het instituutstudent-assistent op te gaan heffen. Dit zijn twee van de oorzaken van het sluipende gevaar dat de student in de toekomst nog minder mogelijkheden zal hebben om naast de studie praktijkervaring op te doen en zich te oriënteren op het maatschappelijk gebeuren. Verder weet iedereen, dat ook de financiële positie van studenten ieder jaar verslechtert. Laat ik dit-punt echter aangrijpen om een eerste positief geluid te laten
Universiteiten gaan onderzoeii zelf toetsen De beoordeling van onderzoeksprogramma's die worden voorgedragen voor voorwaardelijke financiering zal in de toekomst aan de instellingen zelf kunnen gebeuren. De externe beoordeling, die in het afgelopen jaar voor zoveel gekrakeel heeft gezorgd, kan verdwijnen mits binnen de instellingen wordt gezorgd voor voldoende kwaliteitsbewaking met een duidelijke inbreng van externe deskundigen. Deze voorzichtige toezegging heeft dr. R.J. In 't Veld gedaan op een symposium over voorwaardelijke financiering dat was georganiseerd door de vakgroep Methodenleer en Statistiek van het IPAW. De direkteur-generaal voor het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek (de rechterhand van Deetman) maakte duidelijk dat ook het miTilburgs Hogeschoolblad
nisterie niet onverdeeld gelukkig is met de gang van zaken tot nu toe. Dat de beoordelingsprocedures geen doorslaggevend sukses zijn geweest, blijkt nog eens overduidelijk uit het vorige week vrijgegeven rapport-Blume van de vakgroep Wetenschapsdynamica van de Universiteit van Amsterdam. De vakgroep onderzocht de eerste schreden
TE BERDE pil
horen. Ondanks de pogingen om een gedeelte der bezuinigingen af te wentelen op de ruggen van de studenten, lukte het de Hogeschoolraad soms om met succes het studentenbelang te verdedigen. Zij voorkwam dat de kopieerprijs op de Hogeschool verhoogd werd van één naar twee dubbeltjes. Hiervan profiteren vooral de studenten. Bovendien zorgde zij ervoor dat de maaltijdprijzen in de mensa niet verhoogd werden. Een feit dat door KONSTRUKTIEF gematigd optimistisch werd begroet, was het instellen van de nieuwe studierichting 'Sociale Zekerheidswetenschappen' in november '83 + Gematigd optimistisch, omdat wij bij deze uitbreiding van de studiemogelijkheden wat kritische kanttekeningen hebben. Ten eerste twijfelden wij aan de haalbaarheid van de startdatum, I september 1984, die door het College van Bestuur nagestreefd werd. Bovendien vonden wij dat de onderwijskundige onderbouwing van het plan mager was, zowel qua vorm als inhoud. Ook andere fracties met name de fractie Breed Front, hadden dergelijke twijfels. Dit leidde ertoe dat de studierichting wel is ingesteld, maar dat er tevens een werkgroep werd samengesteld, die alle problemen vóór mei '84 moet oplossen. In mei zal de Hogeschoolraad definitief beslis-
sen of zij akkoord gaat met de instelling van de studierichting. In april of mei zal ook de minister pas zijn definitieve oordeel vellen. Er zijn ontwerpen die met de regelmaat van de klok in de Hogeschoolraad terugkeren. Zo'n onderwerp is de huisvesting van het KRIS. Het KRIS vecht al jaren voor een betere huisvesting, omdat haar huidige plaats, onder de corridor tussen gebouw A en B, ronduit slecht is en bovendien uit de loop ligt. Het College van Bestuur is nu eindelijk met een redelijk voorstel gekomen. Het KRIS zou een plaats kunnen krijgen bij de nieuw te bouwen multifunctionele ruimte naast de mensa. Een eerste stap in de goede richting. Een ander onderwerp dat al geruime tijd speelt is het beleid van de Stichting Studenten Huisvesting. De Hogeschoolraad dringt er al jaren bij de Stichting op aan om haar woningsbestand ook open te stellen voor niet-studerende jongeren. De Stichting vindt steeds weer andere argumenten om dit te weigeren. Recentelijk had de Raad, via herbenoemingen de gelegenheid om opnieuw druk uit te voeren op de stichting. Door fouten in de procedure kon zij jammer genoeg geen materieel succes behalen, maar er bestaat hoop dat de SSHT haar opstelling aan het verzachten is. Ook het komende jaar zijn er weer verkiezingen. Bij die verkiezingen moeten er weer voldoende kandidaten zijn om de acht studentzetels te kunnen vullen. Een van de drie leden van KONSTRUKTIEF (Marike) stelt zich herkiesbaar, maar nieuwe leden zijn erg welkom. Als je interesse hpbt in het werk in de Hogeschoolraad, zoals hierboven beschreven, waarom kom je dan niet eens langs? We hebben dinsdags van 12.30 tot 13.30 uur vergadering in B1016. Loop gewoon eens binnen. Of bel 013-355142 dan krijg je Marike aan de lijn en kun je nog wat inhchtingen vragen. Wim Koevoets 013-352320 Marike Kuperus 013-355142 Michiel von der Fuhr 013-631911
van het nieuwe financieringssysteem, waarbij onderzoek van hoge kwaliteit een beschermde positie geniet, op verzoek van het ministerie. De eerste twee beoordelingsronden van' de voorwaardelijke financiering (v.f.) zijn volgens de vakgroep misschien leerzaam, maar niet echt nuttig geweest. De kommissies van deskundigen van bulten de universiteiten hebben "niet op ondubbelzinnige wijze goed onderzoek en produktieve onderzoeksgroepen van minder goed gescheiden". Veel beoordelingskommissies hadden moeite met de hen door het ministerie opgedragen taak, blijkt uit het rapport. Doordat de richtlijnen heel summier waren^ ontstonden er grote verschillen in werkwijze tussen de verschillende kommissies, die ook verschillen In beoordeling met zich meebrachten. Zo meldde de ekonomie-kommissie zich gedwongen te hebben gevoeld wetenschappers
van faam af te wijzen omdat hun voorstellen niet aan andere kriterla (samenhang, wetenschappelijk belang, omvang in mensjaren en maatschappelijk belang) voldoen. Voor de kommissie politicologie was dat juist een reden die normen maar los te laten. In sommige kommissies kwam er een oordeel en daarmee uit, in andere werden uitgebreide procedures op touw gezet, compleet met weerwoord en beroepsmogelijkheid. Het rapport beveelt, bij voortzetting van externe beoordeling, een brede samenstelling van de kommissie aan, een gelijksoortige werkwijze met mogelijkheid voor weerwoord voor afgewezen programma's. De maatschappelijke relevantie, waarmee de kommissies helemaal geen weg wisten, zou als criterium moeten vervallen en vertaald worden in deelname van "externe belangen" in de kommissies. LT/UP 10 februari 1984
TE BERDE door Nol Verhagen
vervolg van pag. 7
Sigaren voorwaarden of de arbeidsomstandigheden, of aan meer tijd voor overleg met ondernemingsraadsleden. Ik denk dat mensen dan meer betrokken raken bij allerlei zaken en dat op zo'n manier het sociale beleid ook meer gestalte kan krijgen." Onderhandelen op ondernemingsniveau houdt wel in dat de vakbond meer naar de achtergrond wordt gedrongen. De bemanning van de vakbonden laat in veel gevallen niet anders toe. Voor de vakbondsbestuurders resteert dan een assisterende en coördinerende rol, terwijl ondernemingsraadsleden of mensen uit de bedrijfsledengroep het eigenlijke overleg voeren. Het is overigens de vraag of het voorstel van Kaspers niet op gespannen voet staat met de taakverdeling die vakbonden en ondernemingsraden stilzwijgend in acht nemen: wij de onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden en jullie de overige belangenbehartiging. De AGIO-directeur heeft forse kritiek op de huidige Wet op de Ondernemingsraden, die mank gaat aan een dualistische taakstelling. De raden moeten zowel de belangen van de onderneming als geheel als de werknemersbelangen behartigen. Kaspers: "Dat is een onmogelijke opgave voor de werknemers. Het betekent namelijk dat de ondernemingsraad volledig deskundig zou moeten zijn om beslissingen te nemen die de huidige directie, eventueel gecontroleerd door de Raad van Commissarissen, ook moet nemen. Die deskundigheid is niet alleen een kwestie van geïnformeerd zijn. Ook al stel je alle stukken ter beschikking op basis waarvan beleidsbeslissingen genomen worden, dan mist de ondernemingsraad nog de opleiding en de deskundigheid om die gegevens te kunnen 'wegen'."
TRUCENDOOS
mmm^Êm^^^
Wanneer een werknemersdelegatie tijdens het overleg over de arbeidsvoorwaarden rechtstreeks wordt geconfronteerd met de feitelijke situatie in de onderneming, zal men veel meer realiteitszin ontwikkelen, zo is de stelling van Kaspers. Dat betekent dat er waarschijnlijk een meer oplossingsgerichte vorm van onderhandelen uit de bus zal komen. De onderhandelingen zullen in dat geval overigens zeer zeker géén walk over voor de ondernemingsleiding zijn, verwacht Kaspers, die een en ander illustreert aan de hand van z'n ervaringen aan de onderhandelingstafel in Malta waar AGIO een dochterbedrijf heeft. " W e hebben daar zowel onderhandeld met de eigen werknemers als met vakbondsbestuurders. Ik denk dat de CAO die we met de vakbondsbestuurders hebben afgesproken aanzienlijk goedkoper is dan die in overleg met de eigen werknemers tot stand kwam. En wel om een heel eenvoudige reden: wanneer er aan de onderhandelingstafel iemand zit die er voor is ingehuurd om te onderhandelen, dan kan ik alle kunstjes - alle onderhandelingstechnieken, de hele trucendoos - gebruiken om er een voor mij maximaal resultaat uit te slepen. Die trucjes, dat selectief informatie geven en noem maar op, kun je veel moeilijker toepassen in het overleg met je eigen werknemers. Die kun je nu eenmaal niet behandelen als professionele onderhandelaars," aldus Kaspers. Lennart Kik
Tilburgs Hogeschoolblad
Suggesties inzake studiebegeleiding
In THB nr. 19 schrijft Van Rossum een sympathiek stukje over studiebegeleiding. Probleem is blijkbaar dat eerstejaars studenten zo weinig belangstelling voor of behoefte hebben aan studiebegeleiding. Daarover hoeft men zich m.i. niet te verbazen. Een student woekert met zijn tijd en zal niet gemakkelijk ingaan op een aanbod van hulp zolang hij niet ervaren heeft dat hij hulp nodig heeft. Daarbij komt dat de hulp dikwijls in de visie van de student ver af staat van de werkelijkheid: het is óf een tamelijk instrumentele techniek om kennis te verwerven en te verwerken, óf een stukje persoonlijkheidsvorming. Ook Van Rossum ontsnapt voor zover ik zie niet helemaal aan dit dilemma. Aan het slot van zijn stukje gaat het over "een begeleidingsvorm gericht op het ontwikkelen van een eigen visie op het bestudeerde vakgebied". Uiteraard moet er dan "in het beleid van de Hogeschool meer ruimte komen voor deze begeleidingsvorm". Hoezo meer ruimte? Meer geld, meer mensen, groter aandeel in het curriculum? Ik durf de stelling wel aan dat de enige effectieve vorm van studiebegeleiding gelegen is in de inrichting en de vormgeving van het curriculum zelf - alleen als studenten de begeleiding als het ware impliciet in het curriculum tegenkomen, zullen zij vanzelfsprekend van dit aanbod gebruik maken. En anders blijft de studiebegeleiding iets wezensvreemds, dat van buitenaf tegen het curriculum wordt aangeplakt, of het nu een technische instructie dan wel een meer personalistische benadering is. Studiebegeleiding binnen de termen van het curriculum wil dus zeggen dat er geen afzonderlijke cursussen studievaardigheden enz. worden aangeboden, ook niet als (verplicht) onderdeel van het curriculum. Het wil zeggen dat het curriculum zo is ingericht dat de studievaardigheid van studenten voortdurend (dat wil zeggen niet 1 X per semester) op de proef wordt gesteld en wordt geëvalueerd. Voorts dat aan de student een faire kans wordt geboden om zich voor te bereiden op te toetsing en om die toetsing bij vol-
doende inzet ook ongeschonden te passeren. Het betekent ook dat hij geen onnodige hindernissen op zijn weg zal ontmoeten in de vorm van ongemotiveerde strengheid van examenregelingen; dat hij grote mate van duidelijkheid heeft over de eisen die aan hem zullen worden gesteld en verplichtingen die hem worden opgelegd. Ik- treed opzettelijk niet in details, want deze aspecten van het curriculum laten zich op velerlei wijzen in concreet onderwijs en in concrete organisatie van het onderwijs vertalen. Ik denk dat pas als deze voorwaarden zijn vervuld, er sprake van kan zijn dat studenten werkelijk begeleid worden, omdat de begeleiding samenvalt met het curriculum. Studiebegeleiding in meer traditionele betekenis kan zich dan beperken tot de "probleemgevallen" - studenten die om een of andere, soms min of meer technische, maar waarschijnlijk vaker meer persoonlijke reden, niet aan de eisen van het curriculum - kunnen voldoen. Die studiebegeleiding kan dan de vorm hebben van remedial teaching of van persoonlijke begeleiding, bijv. met betrekking tot studiekeuze of verderstrekkende aspecten van het privéleven van studenten. De begeleidende functie van het curriculum dient onderwerp van voortdurende evaluatie te zijn - een moeilijke aangelegenheid, waarin misschien toch ook enige eenvoudige handgrepen al goede resultaten kunnen afwerpen. Enige suggesties, gebaseerd op mijn ervaringen als secretaris van de Subfaculteit Letteren i.o. wil ik u niet onthouden; ze hebben met name betrekking op de propedeuse. - Spreid de colleges over een grotere periode, bijv. door het inbouwen van collegevrije weken: die zijn dienstig om op adem te komen, te repeteren of in te halen bij ziekte. - Geef studenten bij alle propedeuse-onderdelen twee maal per semester de gelegenheid hun vorderingen te toetsen door rniddel van informele toetsing, die
DE INTERNATIONAL SOCIOLOGICAL ASSOCIATION (ISA) zoekt voor haar tot 1987 in Amsterdam gevestigde secretariaat
EEN SECRETARIS ( M / V ) VOOR HALVE WERKTIJD Het tijdelijk dienstverband kan ongeveer 1 april Ingaan en zal duren tot 1 januari 1987. Profielschets: - leeftijd vanaf ca. 35 jaar; - tenminste afgestudeerd en bij voorkeur gepromoveerd In de sociologie, of evt. één der andere sociale wetenschappen; - gebleken organisatorische bekwaamheden, bij voorkeur in het Internationale vak; - bij voorkeur tevens aantoonbare (liefst Internationale) wetenschappelijke activiteiten, bijv. publicaties en/of Internationaal gericht wetenschappelijk werk; - zeer goede beheersing, In woord en geschrift, van het Engels, en liefst ook het Frans; - een tenminste behoorlijk financieel Inzicht en dito ervaring, zoals o.a. blijkend uit verrichte boekhoudkundige werkzaamheden (penningmeesterschap) of diploma"s In deze richting; - ervaring met fundraising strekt tot aanbeveling; Het salaris staat ongeveer op het niveau van een wetenschappelijk ambtenaar (Ie klasse). Schriftelijke sollicitaties, In het Engels, vergezeld van curriculum vitae (Incl. publikatles, werkervaring en referenties) zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 20 februari, aan: dr. R.F. Geyer, ISA-secretarlaat, Oude Hoogstraat 24, 1012 CE Amsterdam, bij wie ook telefonisch Inlichtingen kunnen worden verkregen (tel. 020-5253584).
een beeld geeft van wat hen op het tentamen te wachten staat. - Geef studenten aan het begin van het semester concrete informatie over omvang van de te toetsen stof en de vorm van toetsing, voor ieder onderdeel afzonderlijk. - Laat tentamenresultaten niet vaststellen door afzonderlijke docenten, maar door de Examencommissie, die de bevoegdheid heeft corrigerend op te treden. - Zorg voor duidelijkheid over de manier waarop het tentamencijfer tot stand is gekomen; neem protesten en bezwaren van studenten serieus en drijf ze zo min mogelijk in de armen van het College van Beroep. - Bespreek (vanuit het bestuur) periodiek (bijv. iedere 2 maanden) de gang van zaken informeel met een delegatie van studenten. Neem ook daar gemaakte opmerkingen serieus en attendeer zonodig desbetreffende docenten op die opmerkingen. Ook hier zijn met opzet alleen suggesties gedaan die de buitenkant van het onderwijsleerproces betreffen. Over de binnenkant zijn vanuit onderwijskundige gezichtspunten ook relevante opmerkingen te maken, zie bijv. een conceptrapport van "Hermans en Wijffels, dat onlangs is gepubliceerd. Ik ben echter van mening dat al veel gewonnen zou zijn met bovengenoemde "maatregelen", die naar mijn overtuiging wel enige, maar geen ingrijpende verzwaring van de onderwijslast betekenen. Voor zover er sprake is van verzwaring zal die zich op korte termijn terugverdienen, omdat er veel problemen mee worden voorkomen en iedereen bezig kan zijn met datgene waarvoor hij gekomen is: de student met doorstuderen en afstuderen, de docent met het geven van goed onderwijs en het verrichten van onderzoek. Nol Verhagen
Japankunde Op initiatief van de subfaculteit Maatschappij-Wetenschappen start de Erasmus-universiteit komend studiejaar een tweejarige academische opleiding "Japankunde". Het is voor het eerst in Nederland dat een twee-jarige universitaire opleiding van start gaat. Wel werden universitaire studies middels de Wet Tweefasenstructuur ingekort tot vier jaar. De Interfacultaire studie "Japankunde" zal bestuurlijk gezien onder de Economische Faculteit vallen, maar is een volledig zelfstandige studie. Door de korte studieduur geeft het getuigschrift geen recht op een academische titel. Naast economie en andere maatschappij-wetenschappen zal, in samenwerking met de Universiteit van Leiden, ook de Japanse taal worden gedoceerd. Ter afsluiting van de studie wordt gedacht aan de mogelijkheid van een stage in Japan. L. V. W. 10 februari 1984
i
MEDEDELINGEN
NIEUWE LEDEN K O M M I S S I E BEELDENDE K U N S T GEZOCHT
in de komende Hogeschoolraadver gadering met meer te binden dan hoogstnoodzakelijk is Het College zegt toe dat de commissie bij de behandeling van het Ontwikkelingsplan en de begroting in het CPO in de gelegenheid gesteld zal worden adviezen voor eventuele bijsturing te ge ven
Het College van Bestuur roept personeel en studenten op dre belangstel ling hebben voor de functie van lid van de Kommissie Beeldende Kunst Deze kommissie heeft tot taak Het plegen van overleg met het College van Bestuur en desgevraagd of ei gener beweging adviseren aan het College van Bestuur met betrekking tot a de inhoudelijke aanwending van terzake aangewezen c q beschikbaar komende financiële middelen b Het vaststellen van het gebruik en de inrichting van algemene en repre sentatieve ruimten c De verwerving en plaatsing van voorwerpen van Beeldende Kunst d Controle op het beheer door de desbetreffende dienst e Alle andere zaken, die tot de instelling van de kommissie hebben gemotiveerd
PROPEDEUSE - BLOK 4 ROOSTERCORRECTIE:
De kommissie telt maximaal 9 leden en wordt samengesteld uit de verschil lende hogeschool geledingen Op dit moment zijn er dne vacante plaatsen De kommissie roept derhalve kandidaten op die belangstelling hebben voor de taak van de Kommissie Beeldende Kunst en bereid zijn actief mee te werken Het College van Bestuur verzoekt belangstellenden zich middels een schrif telijke motivaite aan te melden bij de secretaris van de K B K , de heer F Smulders, tel 013-166)2635
verbonden salarisschaal heeft eikt, IS verlengd tot 1 juli 1984
be-
VACATURE MEDEDELING V A N U I T DE DIENST PERSONEELSZAKEN 1. BEVRIEZING SALARIËRING WETENSCHAPPELIJK HOOFDMEDEWERKERS De bevriezing van het salaris van de wetenschappelijk hoofdmedewerkers op een salansancienniteit van zes jaar, welke op 1 juli 1982 van kracht IS geworden voor een periode van 1 jaar en zes maanden, is met ingang van 1 januari 1984 verlengd met een periode van 6 maanden (Staatsblad 686) Een en ander geschiedt in af wachting van de invoenng van de kernnota BUWP 2. MAATREGEL INZAKE HET RANGENSTELSEL WETENSCHAPPELIJK MEDEWERKERS Ook de maatregel over de toepassing van het rangenstelsel wetenschappe lijk medewerkers welke inhoudt dat het bereiken van de rang van weten schappelijk hoofdmedewerker met eerder plaats kan vinden dan een jaar nadat betrokkene het maximumsala ris van de aan de rang van wetenschappelijk medewerker eerse klasse
BIJ de sectie Bestuurskunde en Informatierecht van de vakgroep staats en administratief recht van de facul teit der Rechtsgeleerdheid bestaat een vacature voor een STUDENT-ASSISTENT (m/v) voor een dag per week (2 eenheden), zo spoedig mogelijk, vooralsnog tot 1 januari 1985 COMMUNIQUÉ COMMISSIE PERSONEELSOVERLEG D.D. V R I J D A G 3 FEBRUARI 1984 1 De heer Backx is door het College wederom benoemd tot technisch voorzitter van de Commissie Perso neelsoverleg voor de penode van 1 jaar 2 De fracties in het Personeelsover leg zijn gezien de tijdsdruk met kun nen komen tot een afgerond geheel over de nota Formatie ontwikkeling 1984 1988 en de nchtlijnen Ontwikke lingsplan 1985 1989 Het College heeft in een uitvoerig gesprek toe lichting gegeven op een aantal gemaakte beleidskeuzes en heeft toe gezegd rekening te zullen houden met de gemaakte opmerkingen De Commissie verzocht het College zich bij de behandeling van dit punt
vervolg van p a g . 6
Examens
Tilburgs Hogeschoolblad
FACULTEITSDAG 1984 In het studiejaar 1983/1984 wordt het feit herdacht, dat de faculteit der rechtsgeleerdheid 20 jaar geleden werd opgencht Ter gelegenheid van dit vierde lustrum heeft de faculteits raad besloten tot instelling van een jaarlijks aan het begin van het tweede semester te houden faculteitsdag De eerste faculteitsdag zal plaatsvinden op donderdag23 februari 1984 In het kader hiervan zal te 16 30 uur precies in de aula van de KHT een academi sche zitting van de faculteit worden gehouden Het programma van deze plechtig heid IS als volgt Openingswoord door de voorzitter van de faculteit, prof mr W Konij nenbelt. Rede door prof mr H C F Schoor dijk, hoogleraar burgerlijk recht en handelsrecht in de faculteit der rechtsgeleerdheid, met als titel "Bestuursrecht en privaatrecht.
JAARLIJKS AANTAL INGESCHREVEN EERSTE JAARSSTUDENTEN PER STUDIERICHTING IN DE STUDIEJAREN 70/71-75/76*
AOO O p deze w i j z e k a n i n z i c h t w o r d e n v e r k r e g e n in de m a t e w a a n n de eerste j a a r s s t u d e n t e n geleidelijk h u n s t u d i e h e b b e n o p g e g e v e n e n w e l k e f a s e het m e e s t k r i t i s c h dient te w o r d e n geacht Indien daarbij m o c h t blijken d a t bij m e e r a a n g e t r o k k e n eerste j a a r s s t u d e n t e n de uitval e v e n e e n s g r o t e r is, d a n is er s p r a k e v a n een draaikolk e f f e c t , d a t als v o l g t is te o m s c h r i j v e n BIJ een m e e r d a n n o r m a a l aantal a a n g e t r o k k e n eerste j a a r s s t u d e n t e n , hetzij d o o r m e e r w e r v i n g als i n t e r n e f a c t o r , hetzij d o o r m e e r s c h o o l v e r l a t e r s als ext e r n e f a c t o r , zal de s t u d i e - u i t v a l in m e e r dere m a t e t o e n e m e n Dit b e t e k e n t een lager s t u d i e r e n d é m e n t d a t de (van o v e r h e i d s w e g e geregelde) personeelsformatie kan verkleinen. BIJ lagere f o r m a t i e s zal de h o g e s c h o o l , als g r o e i - i n s t e l l i n g n o o d g e d w o n g e n , t o t plaatsing v a n de eerste j a a r s s t u d e n t e n d i e n e n o v e r t e g a a n , h e t g e e n het s t u d i e rendement w e d e r o m kan verhogen In dat geval k a n m e e r personeel w o r d e n
Sociale Psychologie week 9 (week 40) 2 hoorcolleges, te weten HC 1 en HC 2 (geen HC 3) Inleiding in de Veldpsychologieen week 8 (week 39) 2 hoorcolleges, HC 3 en HC-1 (i p v 3 hoorcolleges) en in week 9 HC 1 Medio maart is op het buro van de subfaculteit (P 401) nadere schriftelij ke informatie m b t dit examenon derdeel af te halen, o a een nadere uitschrijving van het rooster met ver melding van de betrokken docenten, de literatuur en de tentaminering
STUDIEJAREN I . 70/71 2 71/72 3 ; 72 / 7 3 U. 7 3 / 7 A 5. 7A / 7 5 G 75/7G RECHTEN
350 300 250 200
150 100 o—Q.
\
o—o SOCIOLOGIE I I I L_J I 2 3 A 5 6
^0
~
PSYCHOLOGIE
J I I 1 2 3 A 5 G >*:
aangetrokken en tot een meerdere wer ving van studenten w o r d e n overgegaan De draaikolk b e g i n t in het geheel v a n de i n s t r o o m zijn w e r k i n g o p n i e u w Jan Terwindt
een geval van interne rechtsvergelij king". Verwelkoming van de 2000e student welke zich in het najaar van 1983 voor de faculteit heeft inge schreven Na afloop van de academische zitting ( ± 17 30 uur) zal in de ruimte vóór de aula een aperitief worden aangebo den Het avondprogramma omvat een min of meer officieel gedeelte waann af scheid wordt genomen van oud-me dewerkers welke de faculteit in het afgelopen jaar hebben verlaten, als mede, daarop aansluitend, een feestelijk gedeelte Beide hiervoor genoemde onderdelen van het Deze feestelijke avond zal worden gehouden in sociëteit Philharmome, Oude Goirleseweg 167, Tilburg De aanvangstijd van het eerste ge deelte is 19 30 uur en van het feeste lijke gedeelte 22 00 uur Gelet op de beschikbare financiële middelen, is het helaas met mogelijk het avondgedeelte gratis toegankelijk te doen zijn Een bijdrage van f 27,50 per persoon wordt gevraagd indien het gehele avondgedeelte (het eerste en het feestelijke gedeelte) dan wel alleen het eerste gedeelte wordt bij gewoond In genoemd bedrag zijn o a inbegrepen de kosten van het koud buffet dat tijdens het eerste gedeelte zal worden geserveerd Een bijdrage van f 5,00 per persoon wordt gevraagd indien alleen het feestelijke gedeelte wordt bijge woond De kosten van drankjes zijn voor eigen rekening De muziek tijdens het feestelijke ge deelte zal worden verzorgd door jazz orkest " M a r d y Grass' Gelegenheid tot dansen is aanwezig Zowel het eerste gedeelte als het feestelijke gedeelte is alleen toegan kelijk op vertoon van een toegangs kaart Deze zijn verkrijgbaar bij het facul teitsbureau (kamer B 917), tegen be taling van de bijdrage in de kosten zoals boven vermeld Het faculteitsbestuur nodigt bij deze de studenten van de faculteit der rechtsgeleerdheid uit tot bijwoning van zowel het wetenschappelijke ge deelte als het avondgedeelte van de faculteitsdag 1984 Uw aanwezigheid wordt op hoge prijs gesteld
vervolg van pag. 9
Vrijetijd v i n d e n als v r i j e t i j d s w e t e n s c h a p p e r W a t die cijfers b e t r e f t : deze r e s u l t a t e n zijn zo h a r d als ze k u n n e n zijn b i n n e n de g e g e ven onderzoeksmogelijkheden Het N R I T ( H e t Bredase o n d e r z o e k s i n s t i t u u t , LK) h e e f t zeker b e a n t w o o r d aan de d o e l s t e l l i n g , ze m o e s t e n b i n n e n d e m o g e l i j k h e d e n v a n de b e s c h i k b a r e m e t h o d e n e n t e c h n i e k e n een redelijke r a m i n g g e v e n v a n w a t w i j per jaar z o u d e n k u n nen verwachten " " D i e a r b e i d s p l a a t s e n v e r d r i n g i n g is o p z i c h heel legitiem Kijk, v r o e g e r w a r e n er g é é n s o c i o l o g e n , die h e b b e n o o k allerlei m e n s e n v e r d r o n g e n , o m d a t de s o c i o l o o g w a t z ' n k e n n i s b e t r o f beter z o u f u n c t i o neren in b e p a a l d e f u n c t i e s D a t z e l f d e zie je n u bij de v n j e t i j d s w e t e n s c h a p p e r s , sterker n o g bij élke n i e u w e s t u d i e r i c h t i n g of H B O - o p l e i d i n g k u n je het verschijnsel c o n s t a t e r e n D a t lijkt m e o o k een g o e d e zaak " W a t het o n d e r w i j s b e t r e f t , d a t de n i e u w e s t u d i e r i c h t i n g straks gaat v e r z o r g e n , h e e f t m e n a a n s l u i t i n g g e z o c h t bij een a a n t a l v e r n i e u w i n g e n die de a f g e l o p e n
avondprogramma zijn toegankelijk voor de gehele facultaire gemeenschap, derhalve voor medewerkers én studenten van de faculteit PROPEDEUSE D A G S T U D E N T E N : Op vrijdag 17 februan is er de gehele dag gelegenheid tot inzage van het tentamen economie van 16 januan, op de kamers B 930 en B 931 STAATS- EN A D M I N I S T R A T I E F RECHT VOOR A V O N D S T U D E N TEN V A N DE FISCAAL-JURIDISCHE STUDIERICHTING N I E U W E STIJL Voor avondstudenten die de fiscaal jundische studienchting nieuwe stijl volgen zal mr F Crijns een tweetal colleges staats en administratief recht geven Het eerste college zal gegeven wor den op donderdagavond 16 februan a s vanaf 18 45 uur in zaal SZ30 Het tweede college zal op een nader te bepalen tijdstip dn overleg met de studenten) worden gegeven
W I J Z I G I N G COLLEGEZAAL SZ43 Alle colleges die volgens het rooster in SZ43 zullen plaatsvinden worden verplaatst naar zaal SZ 135 INZAGE T E N T A M E N S STRAFRECHT Inzage van de tentamens strafrecht A , strafrecht B en Beginselen van het strafrecht (alles propedeuse) is op maandag 13 februari a s van 9 30 tot 12 00 uur in kamer B 912
STATISTIEK Het hoorcollege statistiek voor de groepen 3 en 4 uit de propedeuse economie zal m i v 13 februari aan vangen om 13 00 uur in plaats van 14 30 uur De plaats is onveranderd, CZ 101 J J A
Moors
j a r e n in de a a n d a c h t zijn g e k o m e n en deels zijn k o m e n o v e r w a a i e n uit de V e r e n i g d e S t a t e n V a n D o o r n s p r e e k t zelf van 'studentvriendelijke' elementen " W a a r o m r i c h t deze s t u d i e r i c h t i n g z i c h t o c h weer op bepaalde beroepen? Niet o m d a t ik daar zelf nu zo k a p o t v a n b e n , m a a r in v e r b a n d m e t één v a n de c r i t e n a die d e m i n i s t e r e n de A c a d e m i s c h e Raad h a n t e r e n , n a m e l i j k t o o n eerst m a a r e e n s a a n d a t de m e n s e n a f s t u d e r e n en een b a a n k r i j g e n , d a n zien w e w e l v e r d e r Een l e g i t i e m e zaak n a t u u r l i j k , m a a r daarnaast b e n ik n o g s t e e d s v a n m e n i n g d a t je zoveel m o g e l i j k v r i j h e i d m o e t i n b o u w e n zodat studenten hun eigen keus k u n n e n m a k e n A l s ze w i l l e n s t o p p e n , m o e t e n ze o o k k u n n e n s t o p p e n d a a r i n v o o r z i e t het dossierdiploma H e t modulaire systeem biedt mogelijkheden o m c u r s u s s e n v a k e r t e l o p e n o f o p e e n vers c h i l l e n d niveau t e d o e n , d a t past o o k p n m a in d e idee v a n s a m e n w e r k i n g v a n W O en H B O T e n s l o t t e k u n je m e t het studiepuntensysteem verschillende gew i c h t e n t o e k e n n e n aan d e z e l f d e v a k k e n b i n n e n een b e p a a l d e s t r o m i n g Dat w e r k t a l d u s naar m a t e een v a k b i n n e n een a f s t u d e e r v a r i a n t meer w o r d t gew a a r d e e r d , k u n je er m é é r p u n t e n v o o r krijgen " L e n n a r t Kik
10 februari 1984
MEMO
Varia i BEURZEN VOOR ONDERZOEK BETREFFENDE DE EUROPESE INTEGRATIE 1984-1985 Om het universitair onderzoek over de Europese integratie te stimuleren verleent de Commissie der Europese Gemeenschappen in juli 1984 20 onderzoeksbeurzen voor een maximumbedrag van 4500 ECU (1) elk. 3 Beurzen zijn voorbehouden voor historisch onderzoekswerk over het ontstaan van het communautair Europa. REGLEMENT: 1. De beurzen zijn bestemd voor jonge wetenschappelijke medewerkers, assistenten en professoren aan het begin van hun loopbaan die zich individueel of in groepsverband met de bestudering van de Europese integratie. 2. Aanvragen dienen in tweevoud te worden opgesteld en volgende stukken te omvatten: - een beschrijvig van 5 tot 10 getikte bladzijden van het voorgenomen onderzoekswerk; - een raming van de uitgaven; - een degelijk ingevuld formulier voor het aanvragen van een beurs (2) - een curriculum vitae; - een attest van de huidige functie bij de universiteit. De bovenvermelde documenten worden niet teruggezonden. 3. De maximumleeftijd is 40 jaar. 4. De beurs kan niet worden verlengd. 5. Het maximumbedrag van de beurs is 4.500 ECU. Het wordt als volgt uitbetaald: - de helft bij de aanvang der werkzaamheden; - de helf na ontvangst van de getypte tekst voorzien in punt 8. 6. De bursaal die in gebreke blijft verbindt er zich toe het reeds ontvangen bedrag van zijn beurs terug te betalen. 7. De personeelsleden van de instellingen der Europese Gemeenschappen alsmede hun echtgenoten en kinderen komen niet voor een beurs in aanmerking. 8. De studie dient te worden gesteld in een van de talen van de Europese Gemeenschappen (Deens, Duits, Engels, Frans, Grieks, Italiaans, Nederlands).
De definitieve tekst, getypt in twee exemplaren, dient te worden ingediend voor 1 oktober 1985. 9. De Commissie van de Europese Gemeenschappen behoudt zich het recht voor bij te dragen in de kosten van publikatie van de studie. 10. Uiterlijk 15 juli 1984 wordt beslist welke kandidaten voor een beurs in aanmerking komen. 11. Kandidaturen dienen vóór 31 maart 1984 te worden ingediend bij de: Commissie der Europese Gemeenschappen, Voorlichting Universiteiten Wetstraat 200 1049 Brussel (België) - Tel. 235.11.11 (1) 4.500 ECU = circa 200.000 FB of Fl, 10.100 DM, 11.300 HFI, 2.600 UKL, 36.700 DKR, 30.000 FF, 6.100.000 üt., 3.200 IRL, 350.000 DRA. (2) De formulieren voor het aanvragen van een beurs kunnen worden verkregen bij voormeld adres alsmede bij de volgende voorlichtingsbureaus van de Europese Gemeenschappen.
Studenten \ JONGE ERGONOMEN CONGRES VITE Op 16 februari 1984 organiseert VITE (Vereniging en Juristen) een congres met als thema 'Mensenrechten, grondslag van het Nederlands buitenlands beleid?'. Het congres vindt plaats in de aula van de Katholieke Hogeschool Tilburg. De kosten van deelname bedragen voor studenten f 20, — , voor nietstudenten f 50,— met voor VITEleden f 5 , — korting. Hierin zijn begrepen de kosten van de voorbereidingsbundel, koffie/thee en lunch. Opgave voor deelname gaarne zo spoedig mogelijk door storting van genoemd bedrag op girorek. 5278453 of bankrek. 43.96.687 t.n.v. VITE, Tilburg onder vermelding van 'congres mensenrechten'. Inlichtingen kunnen desgewenst worden verkregen op de Vite-kamer (013-662722), bij T. Derikx (013632149) of bij Pers en Voorlichting (013-662000). Programma: 9.30-10.00 uur: Ontvangst en koffie. 10.00-10.05 uur: Openingswoord door de voorzitter van VITE.
KRIS zoekt werkgroepleden Het KRIS (Krities Informatie Sentrum) is een onderwijsvoorziening aan de KHT, die naast het bieden van informatie over progressief-kritiese wetenschappelijke literatuur de gelegenheid biedt progressieve, c.q. linkse tijdschriften te lenen of te kopen. Zij verstrekt informatie over denkbeelden van aktiegroepen en sociale bewegingen en zij biedt een skala aan progressiefkritiese boeken te koop. Ook is zij bereid, desgewenst, bestellingen te plaatsen bij binnen- en buitenlandse uitgevers. Het KRIS wordt beheerd door een Werkgroep, waarin van iedere {sub)fakulteit een medewerker en een student zijn vertegenwoordigerd. Op dit moment zijn in deze Werkgroep enkele plaatsen vakant, t.w. voor een STUDENT(E) THEOLOGIE en een STUDENT(E) RECHTEN Studenten, die zich in bovengenoemde doelstelling kunnen vinden en in aanmerking willen komen voor één van de twee plaatsen in de Werkgroep, kunnen tijdens de openingsuren kontakt opnemen met de beheerders. Eventueel telefonies op nummer 662500.
Tilburgs Hogeschoolblad
10.05-10.15 uur: Introductie door de voorzitster van het congres Mr. Marijn de Koning. 10.15-10.55 uur: Toine van Dongen, adjunct-coördinator mensenrechtenbeleid op het Ministerie van Buitenlandse Zaken; Historisch overzicht rol van de mensenrechten in het buitenlands beleid. 10.55-11.35 uur: Prof. Mr. P van Dijk, studie en informatiecentrum van de Mensenrechten te Utrecht; doorwerking van de factor mensenrechten in het huidige buitenlands beleid. 11.15-12.00 uur: Pauze. 12.00-13.00 uur: Mr. G.J.H, van Hoof, Universiteit van Utrecht, Prof. Mr. F.J.M. Feldbrugge, Instituut Oosteuropese Studies Leiden; tweetal case-studies over respectievelijk Chili en USSR. 13.00-14.15 uur: Lunch. 14.15-14.55 uur: Mr. R.C.M. Chorus, Nederlands Christelijk Werkgeversverbond: Visie van het bedrijfsleven. 14.55-17.00 uur: Forumdiscussie met Mr. van Dongen, Mr. Chorus, Mevr. Drs. J. Petter (Amnesty International), Drs. H.J.B. Aarts (tweede kamer CDA), Dhr. J.D. Blaauw (tweede kamer VVD) en een tweede kamer-lid van de PvdA.
De Nederlandse Vereniging voor Ergonomie organiseert samen met enkele universiteiten een dag met als titel "Afstuderen en Ergonomisch werk". Doel van de dag is om de contacten tussen ergonomiestudenten, universiteiten en bedrijfsleven te verstevigen, 's Morgens komt men iets te weten over de ergonomische opleiding en beroepspraktijk in Nederland en België, 's Middags presenteren studenten uit Brussel, Delft, Eindhoven, Groningen, Leuven, Tilburg, Twente, Utrecht en Wageningen hun ergonomische werk. Het gebeuren vindt plaats op 28 februari 1984 in de aula van de Landbouwhogeschool te Wageningen. Aanmelden en inlichtingen vóór 25 februari bij de Nederlandse Vereniging voor Ergonomie, Postbus 5665, 1007 AR Amsterdam, tel. 020223227.
Buro Buitenlandw UITWISSELINGSPROGRAMMA In het kader van het uitwisselingsprogramma tussen de. Academies voor Economie in Poznén en Kraków en de KHT vindt er van 9 september t/m 7 oktober '84 opnieuw 'n studiereis naar Polen plaats. Het programma bestaat uit verblijven in Poznén, Warshau, Gdansk, Gdynia en Kraków, alwaar colleges gevolgd en (bedrijfs)bezoeken gebracht zullen worden. Studenten die aan deze reis willen deelnemen moeten voldoen aan de volgende criteria: 1. In het bezit zijn van het candidaatsexamen economie (oude stijl) öf in 't 3e jaar v.d. economiestudie (2-fasen-structuur) verkeren 2. In het bezit zijn van het candidaatsexamen sociologie of rechten (oude stijl) dan wel in 't 3e jaar van deze studies (2-fasen-structuur) verkeren en een of meerdere van de volgende keuzevakken volgen: - politieke economie en maatschappelijke ordening - sovjetologie - ontwikkelingssociologie - sociologie van arbeid, beleid en organisatie
- sociologie van staat en openbaar bestuur, ledere deelnemer is verplicht het voorbereidingsprogramma te volgen en mee te werken aan het inhoudelijke reisverslag, zowel tijdens als na de reis. De deelnemersprijs bedraagt f 725, — p.p. incl. reiskosten, visum, verzekering, huisvesting en maaltijden in de mensa's. Het maximum aantal deelnemers bedraagt 24 (studenten). Indien er zich meer gegadigden aanmelden (die aan de deelnemerscriteria voldoen) dan er plaatsen beschikbaar zijn, wordt d.m.v. loting een selectie (en reserve-indeling) gemaakt (n/ef bepalend is dus volgorde van inlevering inschrijfformulieren). Inschrijfformulieren voor deze reis zijn vanaf vrijdag 10 februari te verkrijgen bij Buro Buitenland, kamer B-1013 (tel. 662236). Ze dienen uiterlijk vrijdag 24 februari bij Buro Buitenland ingeleverd te worden.
Als je toch meer wilt, kun je je eventueel als lid van de basketballvereniging Pendragon opgeven. Wie weet komt er nog wel eens een 2e dames competitieteam. Het is wel noodzaak dat je in het bezit bent van een sportkaart. Voor verdere informatie, Eric Mathieu, sporthal. Academielaan 5, tel.: 671898. H.S.M.-BUITEN Van 26 tot en met 29 maart organiseert Pendragon de H.S.M.-buiten. De volgende sporten kunnen beoefend worden: veldvoetbal, veldhockey, cross, wielertijdrit en rugby. Inschrijving mogelijk op de studentensporthal. N.B. sportkaart is niet verplicht. (W.O. en H.B.O. STUDENTEN). De kosten zijn f 2,50 per sport en per persoon en de inschrijfdatum sluit op 19 maart. AAN ALLE SPORTENDE STUDENTEN
Sport X ,>>^«^a
Ook dit semester is het weer verplicht de sportkaart mee te nemen, als je wilt komen sporten. Het is voor jullie en voor ons vervelend om je weg te moeten sturen, als je de sportkaart niet bij je hebt. Déérom een dringend verzoek hem niet te vergeten.
LUSTRUM PENDRAGON In het kader van het lustrum van Pendragon worden er allerlei activiteiten georganiseerd. Het eerste grote evenement is een "ALTERNATIEVE SPORTDAG". Deze zal plaatsvinden op donderdag 23 febr. in de studentensporthal. De alternatieve sportdag bestaat uit drie onderdelen, waaraan afzonderlijk kan worden deelgenomen, nl. een competitie in een aantal teamspelletjes, een schaaksimultaan en een dropping. De teamspelletjes zijn; tafelvoetbal, koersbal (soort van jeu de boule), gardirol (soort kegelbal), unicuri (indoorvorm van het schotse ijscurling) en goalbal. Naast deze spelletjes kun je de gehele dag meedoen met individuele spelletjes, zoals: darts, flipperen, basketdoelen, doelschieten, sjoelen en parapluhangen. De schaaksimultaan is van 14.00-18.00 uur en van 18.00-22.00 uur. De dropping is vanaf 22.00 uur. Inschrijvingen hiervoor individueel en in groepsverband mogelijk. Voor de dropping zijn de kosten ƒ5,— per persoon, waarvoor je echter een overheerijke snertmaaltijd kunt verwachten. Te betalen gelijk met het inleveren van de inschrijfformulieren op de sporthal. Vanaf 22.00 uur is er groot feest op de sporthal. Inschrijfformulieren dienen uiterlijk 20 februari ingeleverd te zijn bij de conciërge. BASKETBALL Dames, opgelet! Voel jij je ook aangetrokken tot de basketball-sport, kom dan dinsdag om 20.00 uur naar de H.T.S. Daar worden de beginselen van de basketball gegeven, die het je mogelijk maken een aardig partijtje basketball te spelen. Het acsent ligt op de basistechnieken en het recreatief een potje spelen.
10 februari 1984
^2J Menu PERIODE 13 FEBRUARI T/M 17 FEBRUARI MAANDAG 13-2-1984 minestronesoep - peterseliesoep schnitzel - roomburger - demi glacé witte boontjes met snijbonen spitskool DINSDAG 14 2 1984 chinese tomatensoep londonderrysoep bami goreng kroepoek atjar tjampoer - gekruide gehaktballetjes m zoetzure saus - speklapje kapucijners WOENSDAG 15-2-1984 heldere spinaziesoep - kalfssoep braadworst - paprikaburger jachtsaus - broccoli met kaassaus doperwten met maïs DONDERDAG 16-2 1984 heldere preisoep Servische bonensoep kippeboutje rundervink - mosterdsaus tyrolienne - appelmoes VRIJDAG 17-2-1984 tomatensoep spaghetti met ham + doperwten bolognese saus - geraspte kaas gebakken vis
HO^pO^ Frederik van Beden (1860-1932), kort na de mislukking op zijn kolonisatie-experiment op Walden, in 1907. (tentoonstelling)
Agenda
STUDIUM GENERALE
VRIJDAG 10 FEBRUARI Katholieke Hogeschool, 13.30 uur, Portrettenzaal: Bijeenkomst studentleden bestuursorganen KHT. Stadsschouwburg, 20.15 uur: M u sical " D e dader heeft het gedaan" van Annie M.G. Schmidt. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Mannen van den Dam met "Een gat in de k o p " . Regie: Sam Bogaerts. Komedie van Wolfgang Deichsel.
"Orwell's 1984 en de utopische roman" Lezing door Paul Arents, 13.30 uur, AZ7
STADSSCHOUWBURG
Arme Cyrano "Arme Cyrano" naar de comedie van Edmond Rostand in een bewerking van Pavel Kohout. Vertaling en regie: Walter Tillemans. Akteurs: Karel Vingerhoets, A n Nelissen, Eric Kerremans, John Wildert, Roger V a n Kerpel, Bart Van Broeckhoven en A'leen Cooreman. Donderdag 16 februari. Aanvang 20.15 uur. Het meesterwerk "Cyrano de Bergerac" was het laatste hoogtepunt van de Franse romantiek. Het beleefde zijn wereldcreatie in 1897. Rostand projecteerde zichzelf in de figuur van de 17e-eeuvi/se onafhankelijke dichter Cyrano die gezegend met een enorme neus en een nog groter spraakvermogen, verliefd wordt op Roxanne. Deze schoonheid voelt echter meer voor de onbeholpen kadet Christian, de compagnon van Cyrano. De dichter-degenheld-filozoof Cyrano durft haar zijn liefde niet rechtstreeks te verklaren dus stelt hij al zijn talenten ten dienste van de kadet. Hij schrijft diens smachtende brieven en fluistert hem onder het balkon van Roxanne de gebruikelijke BURO BUITENLAND
"De Palestijnen en Israël" Lezing, film en fototentoonstelling, 15 februari 1984, 20.00 uur, zaal AZ 115, Kath. Hogesch. Tilburg. Op woensdagavond 15 februari a.s. om 20.00 uur organiseert Buro Buitenland een avond in het kader van de Leergang Ontwikkelingsproblematiek '83/'84. In deze leergang wordt geprobeerd de deelnemers (studenten en nietstudenten) beter inzicht te verschaffen in de relaties tussen het leven hier en in de rest van de wereld, met name de 'derde wereld'. Ontwikkeling en onderontwikkeling van landen, regio's of groepen mensen blijken meestal niet los van elkaar te staan. De vraag hoe die relaties zijn is niet altijd even gemakkelijk te beantwoorden, de vraag hoe tot oplossingen te komen is nog een stap verder. Een voorbeeld van zo'n ingewikkelde kwestie is de staat Israël in het Midden-Oosten. Sinds haar 'ontstaan' in 1948 een haard van konflikten, voor de een een bron van ergernis, voor de ander een zich pijlsnel ontwikkelend land dat dan wel met moeilijkheden kampt, maar er desondanks wat van gemaakt heeft en gerespekteerd dient te worden. Zowat dagelijks horen we er van, vre-
Tilburgs Hogeschoolblad
Hefdesformules in. Ook na de dood van Christian blijft Cyrano zwijgen over zijn aandeel in de vrijage, tot hij op zijn sterfbed Roxannes brieven te lezen krijgt en inziet dat hij in feite de geest was geweest achter de man die zij beminde. Ook in Kohouts versie blijft de romantiek bewaard en worden de Franse verzen van Edmond Rostand - althans in hun vertaling - gerespecteerd en zelfs aan een verjongingskuur onderworpen. Zeker is dat de sprankelende frisheid van de taal in deze "Arme Cyrano" niet bedolven wordt 'onder het gekletter van degens, het gepronk met militaire eer, het gezwaai met mantels en gevederde hoeden en de show van het komen en gaan van tientallen personages (bij de creatie in 1897 waren er dat minstens zestig). Pavel Kohout maakte een afgeslankte versie voor zeven akteurs. In "Arme Cyrano" is meer ruimte voor de poëzie en de gevoelens die achter de bravoure en panache van de hoofdpersonages schuilgaan. Vooral naar het einde toe, als de oude en zwaar gewonde Cyrano zijn onbereikbare geliefde Roxanne intiem benadert, komt de ontroering los. Eigenaardig toch dat dit werk van Rostand niet zoals zovele andere desvoorstellen worden gelanceerd en weer verworpen. Groepen plegen aanslagen, gebieden worden bezet, ontruimd of door VN-troepen onder kontrole gehouden. De Palestijnen en Israël of Palestina en de Joden, hoe zit dat nu, hoe is het zover gekomen? In de film " D E VRUCHTBARE HERINNERING" (La Mémoire Fertile) van Michel Khleifi vertellen twee Palestijnse vrouwen hun levensverhaal, en daarmee een stuk geschiedenis van de staat Israël en haar bezette gebieden. De film wordt ingeleid door de historikus en Israëldeskundige PETER DEM A N T die een korte historische schets zal geven van de staat Israël en die een toelichting zal geven op de huidige situatie van de Palestijnen in Israël en in de bezette gebieden. De avond begint om 20.00 uur in zaal AZ 115 van de Katholieke Hogeschool Tilburg met de lezing van Peter Demant. In de pauze gelegenheid tot 'napraten' en verdere informatie, plus fototentoonstelling in de kantine van gebouw A. Om 21.30 uur de film " D e Vruchtbare Herinnering". Informatie en organisatie: BURO BUITENLAND van de KATHOLIEKE HOGESCHOOL TILBURG, Kamer 1012, tel. 662556/ 662236. Iedereen is welkom!
In de lezing zal een vergelijking gemaakt worden tussen " 1 9 8 4 " van George Orwell en het literair genre van de utopische roman. Er blijken niet alleen oppervlakkige overeenkomsten te bestaan, zoals de vlucht uit het hier en nu naar een onbekend eiland of een toekomstig tijdperk. De totalitaire samenleving die Orwell ontwierp is reeds verschillende malen van te voren beschreven in utopische romans, alleen ze werd daar positief gewaardeerd. Omdat men in utopische romans de totaliteit van de samenleving wil beschrijven, blijft er geen ruimte over voor de vrijheid. Paul Arents studeerde af aan de universiteit van Antwerpen op een vergelijkende studie van Orwell's " 1 9 8 4 " en Bellamy's "Looking Backward". Bij het programma "Vierentachtig Utopieën is een bundel met achtergrondartikelen verschenen. Deze is verkrijgbaar op het buro Studium Generale (kamer B2; tel, 662166) of op het KRIS.
stukken uit vorige eeuw is verdwenen, maar steeds weer wordt gespeeld. Het geheim van dit succes is een optelsom van faktoren. Moed, durf, intelligentie, vrijheidsdrang, streven naar zelfstandigheid zitten hier verzameld in één persoon met een extreem lange neus. Wij als toeschouwers hebben ook onze lichamelijke of geestelijke afwijkingen, zijn getroffen door de economische krisis of hebben problemen in de liefde. Al deze kommer en kwel kunnen we projecteren op deze held Cyrano. En dat lucht op. Tester als terapie. E.V. STADSSCHOUWBURG
Freek de Jonge donderdag 16 en vrijdag 17 februari, 20.30 uur Freek de Jonge gaat op donderdag 16 en vrijdag 17 februari in de studiozaal zijn nieuwe show uitproberen. Het worden twee onvoorspelbare en uiterst spannende avonden, die samen met nog een aantal andere uitprobeeravonden moeten gaan leiden tot een kompleet nieuwe show, waarmee hij in de loop van het jaar o.a. zeven weken in theater Carré staat. Het enige wat vast staat is de aanvangstijd. Kaartverkoop voor beide voorstellingen vindt plaats op woensdag 8 februari vanaf 11.00 uur aan de schouwburg-kassa.
KONINKLIJKE LIEDERTAFEL
Trio Dl Mllano 17 februari. Katholieke Hogeschool, 20.15 uur, aula. Het TRIO Dl MILANO werd in 1968 gevormd door Bruno Canino, Cesare Ferraresi en Rocco Filippini, alle drie fervente kamermuziekspelers, Canino genoot toen al wereldfaam als duo-partner (Cathy Berberian, Accardo, Giurranna).
FEBRUARI
Olof, 21.00 uur: Filmavond. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis met "Citizen Kane" van de Amerikaanse regisseur Orson Welles uit 1941. ZATERDAG 11 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: M u sical " D e dader heeft het gedaan" (zie 10 febr.). Stadsschouwburg, 21.00 uur: Dixielandavond " D e Uitclub" m.m.v. de W o o l t o w n Reformation en de Old Timers. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis met "Citizen Kane" van de Amerikaanse regisseur Orson Welles uit 1941. ZONDAG 12 FEBRUARI Stadsschouwburg, 14.30 uur, studio: Folkkonsert "Silly W i z a r d " , Schotse folkgroep. d'n Egelantier, 16.00 uur: De Ereprijs (moderne blaasmuziek), (onder voorbehoud). M A A N D A G 13 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Nederlands Danstheater. Uitgevoerd worden: " A r i a d n e " van Jiri Kylian, "Jardi Tancat" van Nacho Duato en "Sinfonietta" van Jiri Kylian. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Première " H e t vieze paard van J o c h e m " . . in theatersetting door Herman Brand, Jan de Waard en Pietjan Dusée. Lichtvoerig, humoristisch en geproduceerd door de Grootste Luxe na de Kleurentevee. Olof, Eerstejaars-avond. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis met "Come back to the 5 & Dime, Jimmy Dean, Jimmy Dean". DINSDAG 14 FEBRUARI Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 13 febr.). WOENSDAG 15 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.00 uur: Komische opera van Offenbach " L a vie parisienne" door de Nederlandse Opera Stichting. Met medewerking van o.a. Het Promenade Orkest, Het Nederlands Operakoor, Anne-Marie Dur, Thea van der Putten, Tom Haenen en John Vierkens. Dirigent: Jan Stulen. Regie: Lotfi Mansouri.
Door het overlijden van Ferraresi ontstond echter een impasse. Nadat overeenkomstig diens eigen wens Ferraresi's plaats was ingenomen door Angelo Stefanato, een van zijn beste vrienden en begaafdste collegae, bleek het ensemble niets van zijn niveau te hebben prijsgegeven. Het wordt nog steeds tot de beste piano-trio's gerekend. Optredens over de gehele wereld, ook in de Festivals (o.m. Edinburgh, Luzern) staven die reputatie.
Stadsschouwburg, studio: 20.30 uur: Workshop Maarten Altena. De bekende jazzmuzikant verzorgt een workshop voor akoestische instrumenten. Katholieke Hogeschool, 20.00 uur: AZ-115: Lezing, film, fototentoonstelling onder het thema: " D e Palestijnen en Israël". Org. Buro Buitenland. Olof, Bejaardendag S M A C . Variété: 21.30-03.00 uur: Juristenfeest. d'n Egelantier: 22.30 uur: Open Podium. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 13 febr.). DONDERDAG 16 FEBRUARI Katholieke Hogeschool, 9.30 uur, AZ-115: VITE-Congres. Thema: "Mensenrechten, grondslag van het Nederlands Buitenlands Beleid". Voor programma: zie Memo-pagina. Stadsschouwburg, 20.15 uur: Raamtheater met " A r m e Cyrano" van Pavel Kohout. Met o.a. Karel Vingerhoets, A n Nelissen, Eric Kerremans en Bart van Broeckhoven. Vertaling en regie: Walter Tillemans. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Freek de Jonge in een spannend en onvoorstelbaar gebeuren. Met twee inspeelvoorstellingen, waaruit later een echt theaterprogramma moet gaan ontstaan. Katholieke Hogeschool, 13.30 uur, AZ-7: Lezing door Paul Arents over "Orwell's 1984 en de utopische r o m a n " . Stud. Gen. cyclus " 84 Utopieën". Olof, 22.00 avond.
uur:
Dies-promotie-
Theater 't Heks, 20.00 uur: Film " L o l i t a " van Stanley Kubrick uit 1962. Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis met "Madame W a n g ' s " van de Amerikaanse regisseur Paul Morrisey uit 1981 over de Oostduitse zeeman annex spion Lutz. VRIJDAG 17 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Publiekstheater met " Z o m e r " van Edward Bond over een fascinerende ontmoeting tussen twee vrouwen. Regie: Peter de Baan. Met Ann Hasekamp, Antoinette Jelgersma, A n net Nieuwenhuyzen, Hugo Koolschijn en Ton Lutz. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Freek de Jonge (zie 16 febr.). Olof, 20.15 uur: V . V . O . : Zomer, Publiekstheater. Katholieke Hogeschool, 20.15 uur, aula: Koninklijke Liedertafel met "Trio di Milano". Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis (zie 16 febr.). TENTOONSTELLINGEN Katholieke Hogeschool Tot en met 1 maart: "Een historie van de sociale utopiën", fototentoonstelling over sociaal utopisten uit de geschiedenis. Stadsschouwburg Tot en met 6 maart: Fototentoonstelling van vijf fotografen. Volkenkundig M u s e u m Tot en met 31 mei: "Overleven in de Sahel". Noordbrabants Natuurmuseum Tot en met 3 maart: " H e t leven van Charles Darwin". Nederlands Textielmuseum Tot en met 18 maart: "Textiel Nu 13", moderne textielkunst rond het thema 'Landschap'.
10 februari 1984
i
KLAP LEKKENDE KRANEN Nostalgie Zopas verscheen op initiatief van de voorlichtingsdienst HBOraad ter gelegenheid van het afscheid van Dr. Th. Stoelinga als voorzit ter van die raad, een boek met als titel "125 jaar Onderwijsbeleid in beeld gebracht". Daarin naast een bijdrage van onze rector R.A. de Moor met als titel "On derwijswetgeving: een instru ment voor onderwijsvernieu wing?", ook een bijdrage waarin twee exKHT prominenten aan het woord komen over de invoe ring van de WUB en de daaraan voorafgaande woelige periode rond de KHTbezetting van '69. Q. van Koolwijk (hoofdredacteur Mare) had een gesprek met Mr. P. Groot, destijds bestuurslid van de Algemene Tilburgse Studen tenorganisatie en nu waarne mend directeur van de Katholie ke Leergangen Tilburg en met Drs. G.A.M, van den Heuvel, destijds taalkundig medewerker aan de KHT en nu Directeur van de Academie voor de journa listiek in Tilburg. Onder de kop "Met een nieuwe wet breek je nog geen machtspo sities af" leggen Groot en Van den Heuvel uit waarom de vlam eerst in Tilburg in de pan sloeg. In het voorjaar van 1969 werd aan de KHT mei '68 nog eens dunnetjes overgedaan. De echte centra van waaruit het nieuwe denken werd geleid, Amsterdam (meer provoachtig en anar chistisch) en Nijmegen (zeer marxistisch) volgden pas later. "Tilburg was niks bijzonders, Til burg liep niet voorop. Het deed mee aan de algemene landelijke ontwikkeling. Dat was het. Niet
THB
meer en niet minder. Dat Tilburg als eerste universiteit werd bezet was maar toeval. Het was inder tijd helemaal de bedoeling niet van de actievoerders, maar de curatoren opereerden zo onge lukkig dat ze eigenlijk een bezet ting opriepen", aldus Van den Heuvel. Volgens Van den Heuvel was er vóór die tijd bij de studenten een gebrek aan lef om voor hun eigen belangen op te komen. Tevens constateerde hij "een gebrek aan kritisch en exact denken" en Groot was het opgevallen dat de Tilburgse studenten in vergelij king met die uit Nijmegen een 'gebrek aan culturele bagage' hadden. Dat alles kon leiden tot verschrikkelijk geïdeologiseerde politieke groeperingen, maar het
Gerard van den Heuvel (archief) was bepaald niet zo dat in Til burg het ene geloof (katholi cisme) door een ander dogma (het marxisme) werd vervangen. Van den Heuvel: "Op een gege ven moment, eind 1968, 1969 be gon zich dat gebrek aan kritische zin enigszins te wreken. Als je namelijk niet in staat bent om te
Gratis matseren Naar aanleiding van 20 jaar THB krijgt de lezer als ver jaardagsgeschenk de gelegenheid om gedurende een korte periode gratis matsertjes te plaatsen. De matsertjes mogen geen commercieel karakter hebben en kunnen enkel met deze leesbaar ingevulde bon (één let ter, leesteken of spatie per blokje) bij de redactie worden ingediend. Voor matsertjes die onder een andere vorm worden, aange boden geldt het gebruikelijke tarief. Vergeet niet ook naam en adres in te vullen.
X
De Stuurgroep Maatschappelijke Diskussie Energiebeleid heeft haar Eindrapport gepresenteerd. Daarmee is deze 'unieke' in spraakprocedure afgesloten. In het najaar zullen de leden van de Tweede Kamer zich over de kon klusle buigen, waarna de rege ring 'rationele besluiten' zal ne men. Voor minstens één kamerlid staat alles al lang vast. Op 2 februari wordt in een forum diskussle van Studium Generale een voorlopige balans opge maakt. Op de vraag of de BMD geen enkele maal genoemd. aan de oorspronkelijke verwach "Werkloosheid, sociaaleconomi tingen heeft voldaan antwoordt Dr. A. Lansink (CDAfraktle Twee sche vraagstukken en kernwa pens zijn de hoofdproblemen. de Kamer) met een 'voorzichtig We mogen konstateren dat de neen'. De uitslag komt, volgens Lansink, in grote trekken overeen bewustwording ten aanzien van energie niet Is toegenomen. En met het CDApartijprogramma: dat was nu net de opzet van de houd alle opties open, los het BMD." kernafval probleem op en doe iets aan wind en zonneenergie. Deze laatste uitspraak lanceert Voor de rest heeft de BMD geen Lansink al in een eerder stadium, nieuwe gezichtspunten gebracht. wanneer het Eindrapport nog "De bewustwording onder de be niet is verschenen. Zonder de volking ten aanzien van het ener einduitslag te kennen, noemt hij gievraagstuk Is niet toegeno de BMD een 'niet geheel nuttelo men". Lansink staaft deze bewe ze exercitie'. "De vonk is niet ring met eigen 'onderzoek'. Tij overgesprongen". dens een telefonisch vragenuur Terug naar de historie. In 1980 tje op 1 februari, waarbij kiezers wordt de BMD op stapel gezet hun problemen voorleggen aan om de gerezen patstelling rond CDAministers en Kamerleden, het kernenergiebeleid te door wordt het onderwerp energie breken en om het vertrouwen in
regering en parlement op te krik ken. Vier jaar later begint het er op te lijken dat het parlement haar vertrouwen in de bevolking heeft verloren. "De bevolking heeft de verkeerde konklusies getrokken. Daar hebben we niets aan. Bovendien hebben ze te weinig rekening gehouden met de sociaaleconomische context en met de kosten van de energie voorziening." Met andere woor den, de BMD is leuk en aardig geweest, maar we kunnen geen kant uit met de resultaten. Ik waag me alvast aan een voor spelling over de uitslag van het parlementaire debat in de herfst. De VVD, met minister van Aar denne voorop, wil minstens 3 nieuwe kerncentrales laten bou wen, de bevolking is in meerder heid (ruim 50%) mordicus tégen, en het CDA wil geen regeringskri sis. Er wordt besloten tot de bouw van IV2 kerncentrale, en tevens wordt er extra geld uitge trokken voor versterking van de Mobiele Eenheid. Dan zullen de vonken er weer van af vliegen, en krijgt Lansink zijn zin. Maar eerst krijgen we in juni een voorproefje, bij het debat over de plaatsing van de 48 kruisraketten op Woensdrecht.
relativeren in het superintellec tuele spel dat toen aan de orde was, breekt er een moment aan waarop woorden de overhand op de gedachten krijgen. De studen ten verkeerden in een soort cul tureel vacuum, hetgeen tot ex tremen kan leiden. Het is toen zeker in Tilburg uit de hand gelo pen. De telefooncentrale werd bezet. En toen bleek ook aan de andere kant in feite dat zelfde ge brek aan kritisch vermogen, want toen zeiden de curatoren: zij de telefooncentrale bezet? Nou dan sluiten wij de hoge school. Toen kreeg je inderdaad een cumulatie in de acties." In de pers heette het optreden van de curatoren "een tactische blun der". Naast de gebrekkige en weinig doelmatige bestuurs structuur, de sterk gestegen stu dentenaantallen heeft ook de ex
kende. Van den Heuvel: "Daar zat natuurlijk ook de gedachte achter van het doorgeven van het geestelijk erfgoed in Brabant, daar zat veel katholieks in. Maar de raad van advies waarin zo'n honderd burgers zaten uit alle geledingen van buiten de univer siteit en die een of twee keer per jaar bijeen kwam kwam ook voort uit het idee om van de ho geschool iets van de gemeen schap te maken. Hij was in elk geval een duidelijke maatschap pelijke vertegenwoordiging die het bestuur van de hogeschool adviseerde... De buitenuniversi taire leden In de universiteits en hogeschoolraden hebben nooit die functie kunnen overnemen. Ze kunnen wat mij betreft dan ook wel weer verdwijnen en ver vangen worden door zo'n raad van advies." _ ..
Schaakmat?
terne democratisering van het studentenbestand meegespeeld in de invoering van de Wet Uni versitaire Bestuurshervorming. Een ander element in de pre WUB verwarring was de groei van het aantal jonge weten schappelijk medewerkers en het gebrek aan perspectief van die medewerkers op een hoogleraar schap. De hoogleraarsuniversi teit werd een medewerkersuni versiteit. Kortom, alle geledingen hadden behoefte aan medezeg genschap op alle niveau's. Groot en Van den Heuvel schet sen in hun gesprek een stukje KHTgeschiedenis waarvan de interpretatie wel enigszins anders klinkt dan in de officiële ge schiedschrijving van de KHT. Leuk is ook de nostalgie van Van den Heuvel voor de raad van ad vies, die de KHT voor de WUB
Wim Kersten
Uit 20 jaargangen THB Par keepregeling Hoewel het hogeschoolgebouw voorzien is van een grote parkeerplaats, blijken er zich toch enige par keerproblemen voor te doen. In de eerste plaats gebruiken velen het pleintje vóór het gebouw (ei genlijk bedoeld voor gasten van de hogeschool en als „verkeersplein", waar leveranciers, taxi's e.d. moeten kunnen draaien) als parkeerplaats, of schoon verkeersborden ter plaatse een parkeerver bod aangeven.
Naam: Adres: (Tel:
m
)
De ervaringen hiermee opgedaan zijn nu wel zo danig, dat een definitieve parkeerregel ing kan wor den vastgesteld: vanaf 1 sept. 1965 gelden de vol gende bepalingen, 1. Hel plcinljc voor licl f;ch(>i(n zal niet geheel Nerdwijnen als parkeergelegenheid. De strook aan de zuidzijde (negen plaatsen) wordt ge reserveerd voor auto's van hoogleraren; die aan de oostzijde (8 plaatsen) voor auto's van perso neelsleden en'of studenten, die om een drin gende reden (b.\. omdat het te voet afleggen van de afstand tot de grote parkeerplaats voor hen onmogelijk is. of op medische bezwaren stuit) een speciale, persoonlijke parkecrvergun ning hebben gekregen*. Om het pleintje zo ef ficient mogelijk te gebruiken, zullen meer ver gunnmgen worden uitgereikt dan er plaatsen zijn. Wie een vergunning heeft, maar ,,zijn" strook bezet vindt, moet dan natuurlijk niet el ders op het plein parkeren, maar op de grote parkeerplaats.
Voorts blijkt enige malen schade te zijn aange richt, doordat scooters, bromfietsen en fietsen tus sen auto's worden neergezet. Ook de toegangsweg naar het gebouw is inmid dels „ontdekt" als parkeerplaats. Vooral bij bij zondere gelegenheden als inaugurale redes, promo ties e.d. laten sommigen hun auto daar staan, na vergeefse pogingen om nog een plaats op het plein tje te vinden. Bij dergelijke gelegenheden kan men ook op de stoep, onder de ingangspoort en op de binnenplaats auto's aantreffen, die soms weer 2. Voor auto's van hoogleraren wordt bovendien elkaar blokkeren. het vijfde vak van de grote parkeerplaats, ge ■(Uit THB1965)