Tilburgs Hogeschoolblad - 3 februari 1984 - jaargang 21 - nummer 20
Onderwijsbegroting
Gerommel met studiekosten nadert triest einde Het Collegegeld blijft het komend jaar rond de 900 gulden. De verlaging van de studiebeurs voor achttien tot twintigjarigen tot het niveau van de laagste sociale uitkeringen voor die leeftijdsgroep gaat ook niet door. Minister Deetman heeft vorige week tijdens de behandeling van de onderwijsbegroting in de Kamer afgezien van deze voornemens onder druk van de regeringspartijen. CDA en VVD willen eerst een nieuw studiefinancieringsstelsel. Dat stelsel wordt nu binnen twee jaar ingevoerd, beloofde Deetman. Nog voor eind maart zal hij het in een nota onthullen. Een goed bericht voor alle studenten die al 15 jaar op zo'n stelsel wachten? Nee. Het wordt, bij aanblijven van deze regering, een stelsel volgens CDA- en W D principes. Wat die waard zijn werd vorige week duidelijk. Precies een jaar geleden wezen de regeringspartners principieel een verhoging van het collegegeld van 750 tot 1026 gulden af wegens het ontbreken van het beloofde studiefinancieringsstelsel. Ze konden echter geen dekking vinden voor de gederfde inkomsten en halveerden hun principe: de student in het wetenschappelijk onderwijs betaalt dit jaar het fantastische bedrag van 888 gulden. Minister Deetman verwachtte kennelijk dat de coalitiegenoten de andere helft dit jaar zouden inleveren en stelde het collegegeld voor het komend jaar weer op 1026 gulden. Dat bleek verkeer begrepen. CDA en W D houden vast aan hun halve principe en het collegegeld - Deetman verzet zich niet - blijft 888 gulden. Eventueel aangepast aan stijgende prijzen. Dekking van het zo ontstane gat van 20 miljoen komt uit de intensievere controle op fraude in het voortgezet ondenvijs. De regeringspartijen hadden nog een soort beginsel: geen geknoei in het huidige beurzensysteem zolang er geen nieuwe stelsel is. Dus ook "geen invoering van een leeftijdsafhankelijke studiefinanciering" zoals CDA-woordvoerder Lansink het formuleerde. Met de \A/D wees hij dan ook vorig jaar de voorgestelde verlaging van de beurs van achttien- tot twintigjarigen tot RWW-niveau van de hand. "Juist beginnende studenten heb-
ben hogere aanloopkosten" zei W D woordvoerster Greetje den Ouden vorige week nogmaals. Een lagere beurs op zich echter vinden de twee partijen, nieuw stelsel of niet, wél aanvaardbaar. De bezuinigingen die Deetman bij de jongste studenten had willen halen, verdeelden zij vorig jaar over élle studenten, die hun beurs daardoor met enkele procenten achteruit zagen gaan. Deetman ging met tegenzin accoord. En probeerde bij deze begroting de jonge studenten opnieuw te pakken. Waarom dan niet ook de beurzen "voor oudere studenten aangepast aan het RWW-niveau?, gaf een pientere oppositiepartij de beginselvaste bewindsman een steuntje in de rug. Maar die suggestie, die een forse verhoging van de beurzen inhoudt, ging verloren. Want de coalitiepartijen en waarschijnlijk ook de minister gaan het te bezuinigen bedrag opnieuw verdelen over alle beursstudenten. Die zien hun inkomsten komend jaar opnieuw met enkele procenten kelderen. Nog even en alle beurzen belanden op het laagste RWW-niveau. "Wij kunnen dan bezig blijven", waarschuwde dan ook Greetje den Ouden. Dat zal misschien niet nodig zijn. In maart komt Deetman eindelijk met het plan voor een nieuw stelsel - niet in de vorm van een wetsontwerp zoals hij steeds beloofde, maar van een vrijblijvender nota. Dat plan moet nog voor het verscheiden van deze regering werkelijkheid worden. Daarmee wordt een derde CDA-beginsel ten grave gedragen, het beginsel dat iedere student financieel on-
afhankelijk moet zijn van zijn ouders. Het CDA heeft in deze tijden geen geld voor principes die "een beslag van 2 miljard leggen op de kapitaalmarkt". Wat de W D doet is onduidelijk. In een persbericht beriep de partij zich vorige week woensdag nog op dat principe, maar tijdens de debatten werd het bestaan van het persbericht ontkend en over een ouderonafhankelijke studiefinanciering spraken de liberalen helemaal niet meer. Het nieuwe studiefinancieringsstelsel wordt, onthulde minister Deetman, een combinatie van de kinderbijslag- en beursgelden van nu, verdeeld over alle studenten en aangevuld met een rentedragende lening en een eigen bijdrage, van ouders of wellicht van banken. Een eenvoudige som leert dat de huidige beursstudent er daarbij op achteruit gaat, terwijl de student met kapitaalkrachtige ouders erbij wint. Een verhoging van het collegeld komt daarmee steeds dichterbij, want met de invoering van het nieuwe stelsel vervalt daarvoor elk beletsel. De CDA-er Lansink deed al een suggestie in welke richting die verhoging moet gaan: "eventueel gekoppeld aan het vak dat men studeert". De aanstaande arts gaat op die manier vele malen meer betalen dan de geschiedenisstudent, wat een énder regeringsstreven in de weg staat: de verlaging van de artsenhonoraria. De dokter zou in dat geval zijn studieschuld niet kunnen afbetalen. Toch is deze invoering van het profijtgebinsel in het hoger onderwijs geen losse flodder van Lansink, verzekerde ons het CDA. Het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven kwam vorig jaar met hetzelfde idee. Maar de minister kan hier nooit zonder meer vóór zijn. Het houdt in, dat arme studenten voor dure studies leningen moeten afsluiten, dat banken zullen kijken naar hun kans op een baan na de studie en dat dus derden een vinger in de pap krijgen bij de toegang naar het hoger onderwijs. Deetman zelf heeft echter de mogelijkheid van volledig ouderonafhankelijke studiefinanciering afgewezen. Dat zou moeten via een particulier studiefonds. "Gebleken is", zei de minister vorige week donderdag in de Kamer, "dat in dit alternatief de toegankelijkheid tot het hoger onderwijs niet kan worden gewaarborgd. Derhalve is dit niet aanvaardbaar." De Partij van de Arbeid veroordeelde tijdens de debatten de bezuinigingen op de studiefinanciering als "ideologisch offensief" tegen de toegankelijkheid van het hoger onderwijs. De partij kwam met een alternatieve begroting die 140 miljoen voor onderwijs vrijmaakt, waarvan 52,4 miljoen om de besparingen op de studiefinanciering ongedaan te maken. PSP-er Willems vroeg, studerenden net als ande-
Minister Deetman in overleg met kamervoorzitter Dolman over het tijdstip waarop het debat in termijn kan worden voortgezet. (Foto: Bram de Hollander)
Wie van de drie? Het symposium 'Rijk, provincie, gemeente: wie van de drie?'werd vooral een succes door de aanwezigheid van 'grote namen' zoals Van Agt.
Wispelturig stemgedrag Afgelopen week vroeg drs. Paul Gerlach zijn ontslag als voorzitter van de Begrotingscommissie van de Hogeschoolraad terwijl zijn fractie het werk in die commissie opschortte (zie THB 27/01). Gerlach en zijn fractie Onafhankelijk Appèl willen nu op hun stappen terugkeren nadat de fracties uit de raad afgelopen maandag beloofden het werk in commissies en raad beter te syncroniseren. Gerlach CS. waren ontstemd door het wispelturig stemgedrag van andere fracties, vooral toen sommige fracties bij de behandeling van de begroting Restauratieve Voorzieningen anders bleken te stemmen dan afgesproken in de Begrotingscommissie. Onafhankelijk Appèl zal dus toch verder deelnemen aan het commissiewerk en de fractie wil zich volgende maandag beraden over de continuering van het voorzitterschap van Gerlach. "Gelet op de bereidheid van de fracties om hun handelwijze aan te passen en het beroep van de fracties om dat voorzitterschap te continueren zullen wij wel in positieve zin reageren, maar ik heb op dit moment nog niemand van mijn fractie geconsulteerd", aldus de HBCvoorzitter. Dus toch een storm in een glas water? "Nee", zegt Gerlach, "want het is zeer duidelijk afhankelijk geweest van toezeggingen vanuit andere fracties". Hoe kunnen die fracties dat hard maken? "Garanties geven is moeilijk, maar de leden van de commissie hebben zich bereid verklaard om hun in de commissie vertolkte standpunten hard te maken ten opzichte van hun fractie." E.V. re minimumlijders een uitkering van 400 gulden in eens te geven. Beide voorstellen maken vermoedelijk weinig kans op een meerderheid. Van elke twaalf afgestudeerden blijken er twee problemen te hebben met fiet terugbetalen van hun studieschuld. Eén is zelfs niet in staat een cent op tafel te leg9^"-
Lin Tabak/U.P.
•"f
INGEZONDEN KOLOFON MATSERTJES
De nieuwe uitleenregels van de bibliotheek De reacties op de notitie van de bibliothecaris, houdende nieuwe uitleenregels, zijn wat verrassend geweest, met name die welke ontaarden in scheldkanonades of die, meer officieel door vakgroepen, een regelrechte vorm van sabotage en diefstal als een redelijk alternatief schijnen te prefereren. Fiolen van toorn zijn op het hoofd van de bibliothecaris uitgestort. Ik vind het niet meer dan plicht mijn deel in het gestichte onheil maar op te eisen, omdat ik uiteindelijk toch een beetje als verdediger van consumentenbelangen tegenover de bibliotheek dien te fungeren. Nu mag u mij uitmaken voor een bijzonder dom en ongevoelig mens, maar ik pretendeer toch mijn verstand te gebruiken en zo goed mogelijk te luisteren en af te wegen. Laat ik proberen de zaken op een rijtje te zetten. Vooreerst zijn dit niet de eerste regels, het is al de tweede set waaraan ik heb moeten meewerken. Die eerste set regels begon op den duur toch slecht te functioneren. Vooreerst is er het misbruik van permanente uitleen niet door uitgeroeid. Wanneer vele belangrijke standaardwerken altijd uitgeleend zijn en zich verder nog in privé bezit bevinden van bibliotheekgebruikers, dan is dat een mistoestand. Ik weet ook wel, dat er nogal wat stafleden zijn, die vinden dat de bibliotheekcollectie voor hen privé moet worden aangeschaft en zulks op deze wijze realiseren, maar wij waren het binnen
iHHim a t s e r t j e s ^ ^ 'Matsertjes' kunnen worden opgegeven bij de redaktie. Tot 30 woorden kosten ze / 5,-; onder nummer ƒ 2,50 extra. Reakties op advertenties onder nummer naar de redaktie sturen. VACANTIE: Ga met de studentenreisclub naar Parijs met Crocus- of Paasvacantie. 6-Daagse reis incl. reis en verblijf in goed hotel + ontbijt voor ƒ 169,—. Vertrek 2 maart, 13 april en 20 april. Tel. 020-761010 (tussen 19.00 en 21.00 uur). AANGEBODEN: Sensatie, spanning, sport, conditie, gezelligheid ....Tarantula-rugby... Dinsdag, 17.30 uur, sporthal. GEVRAAGD: Een keukentafel, mag oud zijn. Tel. 013365754. Wordt afgehaald. TE KOOP: Nederlandse wetgeving - studenteneditie, ƒ 100,— + overname abonnement. Tel. 076-149458 na 20 uur. GEZOCHT: Student ned. recht zoekt studenten voor oprichten casus-klup verbintenissenrecht (IIA) - tentamen juni - wonend Eindhoven e.o. Reacties: 040-511702 (niet op dinsdag bereikbaar) E. v.d. Palen. TE KOOP GEVRAAGD: Tweedehands kleurentevee, hoogstens 2 jaar oud, tel. 357669, na 18.00 uur. GEZOCHT: Het hogeschoolkoor zoekt voor alle stemmen nog versterking, ook van studenten. Repetities: wo. 12.30 u. in de Aula. Kosten lidmaatschap: ƒ 10,— per kwartaal. Aanmelding bij Jacqueline de Meester (B922) of tijdens repetities.
Tilburgs Hogeschoolblad
TE BERDE
en buiten de bibliotheek er over eens, dat wij hier met een ernstige vorm van misbruik van voorzieningen te maken hadden. Vervolgens kennen wij een rappelsysteem, dat het eerst geautomatiseerd is en derhalve tot een veel automatischer rappellering leidt. Ondertussen nam de nalatigheid van de gebruikers toe, het aantal gebruikers eveneens en de hoogte van de posttarieven. Kortom vele duizenden guldens (15 en meer) gingen op aan rappels i.p.v. aan boeken en dergelijke nuttige informatiedragers. Het afzakken van de gebruikersdiscipline is een helaas, meer algemeen verschijnsel en slechts met automatisering valt er nog iets te controleren. Om de forse verliezen door rappels in te perken is een andere vorm van rappelering ingevoerd. Nu komen wij bij het moeizame punt van het actuele gebruik. Een boek op de plank is één ding, in de hand van een gebruiker een ander. Hoe moeten beschikbaarheid, met name van belangrijke werken, tegenover het langdurig gebruik van één consument worden afgewogen.
Daarop valt geen onbetwistbaar antwoord te geven. Wel dient men in het oog te houden, dat zulke regels als gemaakt worden uitdrukkelijk zijn bedoeld om wat men toch als misbruik moet bestempelen tegen te gaan. Vergeten wij niet, dat wij tot de liberaalste uitleners in den lande behoren met de nu uitgevaardigde regels. Dat anonimiteit tegenwoordig dekmantel geworden is voor vervreemding en andere vormen van nalatigheid hoef ik hier niet verder uit te leggen. Administratienummer en zulke zaken zijn daarom ingevoerd. Maar het meest delicate punt is uiteraard, dat sancties zijn ingevoerd. Tien jaar geleden is daar lang over gedebatteerd, veel unanimiteit was er niet en het CvB wilde er ook niet aan. Per slot van rekening is het aangenamer je bestuurder te wanen van een instelling met nette mensen dan van bibliotheekvandalen. Natuurlijk is dit punt weer uitgebreid aan de orde geweest. Nu echter was er duidelijk bereidheid om helaas toch maar er toe over te gaan. Toenemend misbruik in de vorm van verdwenen boeken leidt tot steeds ernstiger verliezen en uitholling van de bibliotheek. Dit soort opmerkingen mag wat algemeen klinken, maar laat ik proberen het wat cijfermatig toe te lichten. De snelle kostenstijging van boeken en de sterkere druk op het gebruik en de sommen, die voor vaste verplichtingen (tijdschriften
TE KOOP: Topklasse Luxman versterker, vermogen 2 X 78 W, 3 jaar garantie, interesse? Bel 013-637130.
GEVRAAGD: Jos -I- Marleen, zullen we donderdag 16 februari 's avonds gaan bowlen? Groetjes en tot ziens! Maurice en Irmy.
TE KOOP: 2e Hands - Onderzoeksmethoden DL II van Segers-Hagenaars - Geschiedschrijving Braudel Te bevragen bij Gerrie Peters, tel. 013360262.
TE HUUR: 4 Persoons vakantiebungalow te huur. Omgeving Dinant (Belgische Ardennen), ƒ 50,— per dag. In hoogseizoen ƒ 450,— per week. Te bevragen, tel. 351131, na 18.00 uur.
TE KOOP: Wegens emigatie 2 CV Club (6 cilinder), 15 maanden oud, prijs: ƒ 8750,—. Tel.: 013-434602. GEVRAAGD: Meerijders uit Ulicoten, Chaam, BaarleNassau, Alphen, Riel en Gilze. Aanwezig in Tilburg: maandag 14.30-15.15 uur, dinsdag 10.30-16.30 uur, woensdag 8.3018.30 uur, donderdag 8.30-15.30 uur, vrijdag 10.30-17.30 uur. Een keer of soms meerijden ook goed. Bel. 04249339.
OLOF-le JAARS OPGELET!
Rian de Waal op de 25ste niet gehoord? Kom dan bij Hunky Dooly zelf luisteren. TE KOOP GEVRAAGD: Tweedehands piano J. Pavel. Tel. 013671987. TE KOOP: Datsun 120AFII 1977, kmstand 78.000 LPG, trekhaak, 4-deurs, vraagprijs ƒ 4500,—. Tel. 073-141473. AANGEBODEN: Stevige houten muzieklessenaars te koop, die wankele ijzeren gevallen zijn dan overbodig, ƒ 60,—. Tel: 013-675190. TE KOOP: Volkswagen Kever, 1973, 119.000 km, prijs ƒ 950,—. Tel: 01620-60617.
TE HUUR: Twee kamers in centrum, tussen 7 en uur bellen 424843. AANGEBODEN: 20 m' prima paardemest, tel. 041681513. TE KOOP: Wegens emigratie, 2 CV Club (6 cilinder), 15 maanden oud, prijs ƒ 8750,—. Tel.: 013-434602. GEZOCHT: Ik ben op zoek naar de LP's: Wedding Album en Two Virgins van John Lennon. Tel. 362631 of op deKHT (66)2401. GEZOCHT: Het in Breda op te richten popcollectief Metro zoekt enthousiaste vrijwillig(st)er, die op het gebied van juridische/boekhoudkundige zaken ons kan adviseren en eventueel in het stichtingsbestuur zitting zou willen nemen. Zie je het zitten of wil je nadere informatie, neem dan even contact op met stichting Matrix/tel. 076146100/653198 en vraag dan naar Arnold of Remy. TE HUUR: Kamer in appartement (nieuwbouw). Geen kookgelegenheid. Bij voorkeur een jongen. Vanaf 24 januari aanwezig. Bij afwezigheid tel. 4406-40899.
3 februari 1984
e.c.) gereserveerd moeten worden, brengen met zich mee, dat wij te dicht naderen tot het punt, dat de bibliotheekvoorzieningen te weinig kunnen worden uitgebreid en te veel in pure vervanging moet worden gestoken. Tenslotte moet ik, graag of niet, op een laatste punt wijzen. Een geesteswetenschappelijke instelling zoals de KHT drijft grotendeels op de bibliotheek als de doorslaggevende diepte-investering. Aantasting van de bibliotheek heeft insnijdender gevolgen voor de kwaliteit van de instelling dan wat ongemak bij koffiezetapparaten, papieren bekertjes in plaats van koppen en zulk soort zaken. Wanneer de gebruikers noch het idealisme noch de discipline opbrengen om deze hoeksteen in stand te houden, rijst de vraag waar wij mee bezig zijn. Er is maar een tamelijk geringe minderheid nodig om een bibliotheek te dwingen tot de maatregelen, die wij nu tenslotte hebben moeten nemen. Helaas voor de zorgzamen, die ik hier graag hulde breng. In ieder geval zou ik willen pleiten, niet om de zaak te personaliseren en de bibliothecaris tot een kop van jut te maken, maar om met enig gevoel voor solidariteit en voor het belang van de KHT, dat alle meewerkenden aan deze regels in hoge mate hebben proberen op te brengen, ons te helpen om de genomen regels met maximale soepelheid verantwoord te kunnen toepassen. Prof. dr. J.W. Schneider Voorzitter Algemene Bibliotheek Advies Commissie
a
tilburgs hog eschoolblad weekblad voor de katholieke hogeschool tilburg reciaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, angela lodder (assistente) medewerkers paul emonts, wouter van gils, peter pennartz, henk zomer, wilma okkerse, S)ef stoop, klaudie biemans, john versieyen, edwin van den oetelaar, ben beljaars, ma rijne van der jagt, bert haagsman, hanneke burggraaff samenstelling redaktieraad prof mr p van seters (voorzitter), dr j koning, dr h van erp, m ackermans (adviseur), a de laaf, drs th schouw, dr m van hoorn, mevr j a m j jansen, h van kleef, drs o p j m broekhof officiële mededelingen buro pers en voorlichting cartoonist ad van haandel, henk van de berg advertenties angela lodder kopij alle kopij moet uiterlijk op donderdag de week voor het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn redaktie-adres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor thb) 662277 en 662506 intern 2277 en 2506 kamer 207 en 208 (gebouw b) foto rien siers landelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten ad valvas (vu amsterdam), wagenings hogeschoolblad, utrecht universiteitsblad, delta (delft), thberichten (eindhoven), tht-nieuws (twente), observant (maastricht), uk (groningen) en ku nieuws (nijmegen) druk drukkerij em de jong bv, baarle-nassau abonnementen voor met hogeschoolleden f 15,— per jaargang
I
Strafmachtsrecht: een nieuw geluid "Ik kan een aardig voorbeeld geven van een conflict tussen staten waarbij een individu het slachtoffer wordt van de verschillende beginselen die in het spel zijn. De affaire Harm Dost. Een vent met heel lang haar, Harm Dost, verkoopt in het jongerencentrum Release te Arnhem uit therapeutische overwegingen, dat zegtie althans, hashish. Hij bemiddelt als hulpverlener daarbij ook voor Westduitse jongeren. Al enkele malen had de Duitse overheid via haar diplomatieke kanalen laten weten dat zij niet bijzonder ingenomen was met de handelwijze van de Nederlandse overheid. Zij vroeg min of meer nadrukkelijk dat Nederland Harm Dost strafrechtelijk zou vervolgen. Nederland wees dat verzoek van de hand omdat zij van mening was dat de verhandelde therapeutische dosis, die Dost verkocht, paste binnen het beleid van het Openbaar Ministerie. Op die manier, zo redeneerde men, kon men de veel gevaarlijkere harddrugs buiten de deur houden. Op een gegeven moment gaat Dost op vakantie en passeert op doorreis de Duitse grens, prompt wordt hij aangehouden en verdwijnt achter de tralies in verband met handelen in verdovende middelen. Verbazing alom, hoe is zo'n arrestatie nu mogelijk. Wij zijn bevoegd om zelf uit te maken wat strafrechtelijk vervolgd dient te worden. Toch zette Duitsland Harm Dost vast. Duitsland hanteerde een personele strafmachtsaanspraak, die inhield dat de jeugdige Westduitsers slachtoffer waren geworden van de vergrijpen van Dost, waardoor Dost binnen het bereik van de Duitse justitie kwam. Dit in tegenstelling tot landen die een terrltorialiteltsaanspraak kennen, waar het geldingsbereik van de strafwet (Strafmacht) in beginsel beperkt is tot het grondgebied van het land in kwestie. Nederland kent het territorialiteitsbeginsel. Dus in de Harm Dost-affaire bestond er een conflict tussen de personele en terrltorialiteltsaanspraak. Ook zie je dan dat zo'n conflict, een positief strafmachtsconflict, zeer onaangenaam kan zijn, voor zowel de staat die in het conflict zit, Nederland, als voor de persoon die onderworpen is aan de strafmacht. Dost. Want doordat het conflict bestond, kon Duitsland laten zien dat ze het gehele opportunlteltsbeleid (de bevoegdheid van het OM om wel of niet te vervolgen) van Nederland misapprecieerde. Dus zo'n strafmachtsconflict is heel erg krenkend voor de interne souvereinlteit van een mogendheid op wiens grondgebied het delict is begaan en zeer nadelig voor de delinquent die veelal een zwaardere straf krijgt dan onder normale omstandigheden was te voorzien. Harm Dost kreeg drie jaar en drie maanden. Daarnaast liep Dost de kans twee keer bestraft te worden voor een en hetzelfde feit. Dat was nu wel niet zo, omdat Nederland opportuniteitshalve geseponeerd had. Maar evengoed had het wel zo kunnen zijn. Daarom is het belangrijk dat het volkenrecht verbodsnormen geeft die dit soort strafmachtsconflicten kunnen voorkomen. Mijn boek behelst nu juist de beginselen die aan het internationale strafrecht ten grondslag liggen te onderzoeken. Je moet een stelsel ontwerpen waarin regels gegeven worden die de conflicten tussen de staten kunnen oplossen. Ik heb een studie verricht over de verschillende strafmachtsaanspraken van de verschillende staten. Ik vraag mij in dit werk af, zijn er grondbeginselen, welke herkomst hebben die en hoe verhouden de verschillende aanspraken zich tot elkaar? En als er conflicten zijn hoe lossen die Tilburgs Hogeschoolblad
"Neem de pauselijke zegen 'Urbi et Orbi', daar kan iedereen tiet altijd mee eens zijn, want de paus zegt eigenlijk niets: vrede voor iedereen, voedsel voor allen en weg met de wapens. Daar staat ieder mens achter! Maar zodra de universele normen concreet gemaakt moeten worden, begint de ellende. Op Internationaal Strafrechtelijk gebied gaan staten dan ook op hun achterste benen staan. Die roepen direct 'te gek om los te lopen' onze bevoegdheden worden ontnomen, dat wensen wij niet!" Een jaar na zijn met de Tjeenk-Willinkprijs bekroonde dissertatie heeft de jurist Gerard Strijards (29) een nieuw boek klaar. Het algemeen deel van het Internationale Strafrecht. De eerste monografie op dit gebied in Nederland. Q. strijards
zich dan op? Wat voor regels moet je daarbij in acht nemen? Met name gaat het om volkenrechtelijke regels, supranationale regels, waaraan alle staten tegelijkertijd onderworpen zijn bij het in stelling brengen van de strafmachtsaanspraken. THB: Maar in het Internationale Strafrecht vertrekt men toch vrij algemeen vanuit de nationale wetgeving? Je spreekt over supranationaal, wat moeten wij daar ons bij voorstellen? Strijards: "Je hebt bijvoorbeeld een Westeuropese continentale en een Angelsaksische rechtstraditie. De nationale rechtssystemen verschillen enorm van elkaar, en die rechtssystemen hebben allerlei begrippen die onderling heel moeilijk op elkaar af te stemmen zijn. Nu is de kunst om een soort supranationaal systeem te ontwerpen, dat toch de begrippen integreert. Ik onderscheid de supranationale, de internationale en de nationale laag. Het is de taak van een internationaal strafrechtjurist om in het supranationale recht die verschillende tradities te integreren. Dat dien je ook wel te doen want anders kun je die strafmachtsconflicten niet oplossen. Alleen al het begrip 'strafbaar feit' Is helemaal in-
gebed in de infrastructuur van het nationale systeem. Het ene land zal iets zien als een strafbaar feit, terwijl een ander datzelfde feit niet strafbaar noemt. Je moet trachten te komen tot een gematigd soort van supranationale dogmatiek met betrekking tot datgene wat geldt als strafbaar feit". THB: Iran heeft een Islamitische wetgeving als grondslag voor haar strafrecht. Niet bij voorkeur 'gematigd' te noemen. Hoe zijn die feiten in de supranationale laag onder te brengen? Strijards: "Kijk, wij hoeven ons niet bezig te houden met de gehele dogmatiek van het materiële strafrecht van ieder land afzonderlijk. Wij zitten in het voorportaal van het strafrecht. Wij hebben het uitsluitend in het internationale strafrecht over die strafmachtsaanspraken die daarvóór liggen. Je hebt delictsomschrijvingen, maar voordat je het over delictsomschrijvingen hebt, moet je eerst het geldingsbereik van de strafwet afpalen. Zonder dat geldingsbereik, zonder dat je zegt hier binnen gelden de delictsomschrijvingen, zijn die delictsomschrijvingen tandeloos. Bij de Islamitische strafwet is duidelijk dat de divergentie zo groot is dat integratie mogelijk is. Daar-
om beperken wij ons tot het voorportaal. Wij gaan kijken naar het geldingsbereik, en dat is een ruimtelijke kwestie die meetbaar is, een geografisch geheel van zoveel graden westerlengte en oosterlengte, dat is overal hetzelfde. THB: Zijn de beginselen overal hetzelfde? Strijards: "Ja, maar er zijn hele grote verschillen. De Angelsaksen stellen dat het territorialiteitsbeginsel het enige rechtsgeldige Is, in tegenstelling tot de continentale traditie waar de nadruk ligt op de ontwikkeling van de personele strafmachtsaanspraken. De personele strafmachtsaanspraak sluit nauw aan bij de Duitse Blut und Bodentheorie waarin het idee van de volksgemeenschap een rol speelt. Daar kiest men als uitgangspunt; waar een onderdaan gaat, begeeft zich een symbool van de staat. Wordt de staatsburger in het buitenland gekrenkt, dan treft dat ook de staat. Daarmee in contrast staat de Angelsaksische traditie die inhoudt dat je alleen strafmacht mag nemen als het jouw grondgebied betreft. Dat is een stoffelijk criterium voortkomend uit de juryrechtspraak." THB: Geeft het internationale strafrecht een zekere prioriteit aan een van de beginselen? Kiest het tussen het territorialiteits of personaliteitsbeginsel? Strijards: "Het voordeel van het territorialiteitsbeginsel is het feit dat het verschrikkelijk duidelijk is. De ellende die je momenteel met de personele aanspraak krijgt, vindt zijn oorzaak in de situatie dat je tegenwoordig zo moeilijk van iemand de personele status kunt vaststellen. Hij of zij kan heel goed drie of vier nationaliteiten bezitten. Denk bijvoorbeeld maar aan de massale migratie van buitenlandse werknemers. Sommigen assimileren en dan begin je met personele strafmachtsaanspraken niets meer, want die gelden alleen als iemand maar èèn nationaliteit heeft. Vroeger kon je aan iemand z'n paspoort zien welke nationaliteit hij of zij had. Maar momenteel klopt dat niet meer. Steeds meer personen houden er een dubbele nationaliteit op na. Als je daarnaast het verschijnsel van de echtschelding in ogenschouw neemt. De buitenlandse werknemer, die mogelijk al twee nationaliteiten bezit, scheidt van de echt, huwt opnieuw in een ander land en krijgt daarbij ooi< nog kinderen. Welk personeel statuut hebben die kinderen dan, daar is soms nauwelijks meer uit te komen."
a
THB: In de zaak Dost werd de strafmacht aangewend om een ander land een politieke stellingname duidelijk te maken. Strijards: "Dat gebeurt bij strafmachtsconflicten vrijwel steeds, die worden heel vaak uitgelokt om een ander land politiek met z'n billen bloot te laten gaan. Bij de Eichmannaffalre in 1960/61 gebeurde dat ook. Eichmann, een Duitse oorlogsmisdadiger, wordt ontvoerd naar Israël. En daar neemt Israël strafmacht over Eichmann met het enig doel om aan te tonen dat Argentinië te beroerd is om hem te vervolgen, te berechten en te straffen. Het was heel duidelijk dat de interne souverelniteit van Argentinië gekrenkt werd door Israël. Ofschoon Israël altijd ontkend heeft dat die parachutisten leden van de gewapende Israëlische militaire macht waren. De ontkenning is een irreële zaak geweest. Israël heeft die ontvoering uitgevoerd om het beleid van Argentinië aan de kaak te stellen. vervolg op pag. 4 3 februari 1984
K
Congres Mensenrech ten "Steeds weer wordt Nederland geconfronteerd met schending van mensenrechten in het buitenland. Het is nodig dat^Nederland daar een reactie op geeft. Of het nu gaat om het ai dan niet uitspreken van een veroordeling, het al dan niet verlenen van een exportvergunning of het al dan niet stopzetten van ontwikkelingshulp". Dit staat in de voorbereidingsbundel van het congres 'Mensenrechten, grondslag van het Nederlands buitenlands beleid?' Dit congres vindt plaats op 16 februari in de aula van de Hogeschool. Het is georganiseerd door de Vereniging van internationale Tilburgse economen en juristen (VITE). De bedoeling van dit congres is, na te gaan in hoeverre schendingen van mensenrechten in andere landen van invloed zijn op het al dan niet onderhouden van contacten met deze landen. De leiding van het congres is in handen van journaliste Marijn de Koning. De ochtend en een gedeelte van de middag wordt besteed aan lezingen. Om drie uur begint een forumdiscussie waarin zitting hebben: J. Blauw (tweede kamer-lid voor de W D ) , H. Aarts (tweede kamerlid voor het CDA), een tweede kamer-lid voor de PvdA, T. van Dongen (adjunctcoördinator mensenrechtenbeleid op het ministerie van buitenlandse zaken), R. Chorus (secretaris van de afdeling buitenland van het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond) en J. Petter (oudbestuurslid van Amnesty International). In deze discussie staat de titel van het congres centraal. Voorafgaand aan het congres is een congresbundel verschenen. Het is de bedoeling dat de lezer zich op een eenvoudige en weinig tijdrovende manier kan voorbereiden op het congres. Een aantal schrijvers gaat globaal in op de aspecten van het congresthema. Zo zal F. Alting Von Geusau (hoogleraar recht der internationale organisaties) het thema 'mensenrechten en veiligheid' behandelen. H. Roethof (voorzitter van de Nationale Commissie Voorlichting Bewustwording Ontwikkelingssamenwerking) gaat in de bundel dieper in op de problematiek van mensenrechten en ontwikkelingssamenwerking. Daarnaast zijn
R
in de bundel artikelen van de taalgroepen van VITE opgenomen. De kosten voor deelname aan dit congres, inclusief voorbereidingsbundel en lunch, zijn: 20 gulden voor studenten, 50 gulden voor niet-studenten, VITE-leden krijgen vijf gulden reductie. A.d.S.
Student en Taakverdeling
In haar eindrapport over onderwijskundige aspecten van de taakverdelingsoperatie komt de werkgroep Student en Taakverdeling van de Academische Raad tot de conclusie dat studenten aan een op te heffen vestiging van een studierichting, de studie zo veel mogelijk moeten kunnen afmaken aan de oude vestiging. Desnoods moet er een overgangsregeling komen waarin examenvoorzieningen nog enige tijd in stand worden gehouden. Dit omdat de insluizing in een andere vestiging moeilijker wordt naarmate de student verder gevorderd is. Bovendien moet worden voorkomen dat personeel van een opgeheven vestiging (gedwongen) wordt ontslagen zo lang er nog onderwijsverplichtingen bestaan, aldus de werkgroep in het rapport, dat als advies aan Minister Deetman wordt gezonden. De werkgroep wil verder dat er voor de student zo groot mogelijke duidelijkheid komt over de laatste mogelijkheid om bepaalde onderwijsonderdelen nog te volgen en over de laatste kans om examen af te leggen. Bovendien zou er per studierichting een landelijk informatiesysteem moeten komen waarin beschreven staat welke onderwijsvoorzieningen waar (blijven) bestaan. Daar waar bij de overstap van studenten van de ene naar de andere plaats spreidingscommissies zijn ingeschakeld, moeten deze zo veel mogelijk proberen om jaargroepen van de opgeheven vestigingen bijeen te houden, aldus luiden enkele aanbevelingen. In een soort 'laatste stelling' bij het rapport spreekt de werkgroep de mening uit dat er - net als voor onderzoek het geval is in de voorwaardelijke financiering - een bescherming zou moeten komen voor kwalitatief goed onderwijs. B.B./U.P.
Een aanfimtmg
In Stan/ord en Palo Alto staan instituten die de aanduiding "advanced study" in hun naam hebben. Hier komen u en ik niet binnen: alleen geleerden met een grote reputatie krijgen de uitnodiging om daar een jaar te komen werken. De centra in Stanford en Polo AJto zijn opgezet om geleerden uit verschillende disciplines bij elkaav te brengen. Gehoopt ivordt op kruisbestuiving. De onderlinge contacten moeten stimulerend werken op de ontwikkeling van verschillende wetenschapsgebieden. In Nederland is dit Amerikaans idee op bescheiden schaal nagebootst. Sinds 1971 staat in Wassenaar hef MAS; het Netherlands Institute for Advanced Study. Jaarlijks worden veertig mensen gevraagd om hier in alle vrijheid te komen werken. De geselecteerden zijn afkomstig uit diverse onderdelen van de mens- en maatschappijwetenschappen; ongeveer één-derde is uit het buitenland afkomstig. Voor het overige bestaan de NIAS-/ellows uit Nederlanders. U begrijpt: de kans om uitgenodigd te worden voor een verblijf op het NIAS is voor ons wat groter dan de kans dat wij naar Stanford of Palo Alto mogen. Om tot bet NIAS toegelaten te worden, moet u twee stukken papier overleggen. Op het ene papier moet (heel beknopt: ongeveer een halve pagina) een werkplan staan. Op het andere papier moet u een opsomming van uw eigen publikaties geven. Hoe groter deze laatste lijst, hoe beter. Zodra u eenmaal bent toegelaten, controleert niemand meer of u zich aan uw werkplan houdt. Je mag in zo'n jaar op het NIAS doen waar je zin in hebt. Dat is heel plezierig. Maar er gaat van die vrijheid ook een grote
Derde geldstroom
Personeelswetenschap
Het zelfstandig ondernemerschap binnen de instellingen", konstateerde Deetman in de Kamer met voldoening, "begint tot ontwikkeling te komen". Op dit moment worden al meer da 1500 permanente arbeidsplaatsen uit de derde geldstroom (contractresearch - L.T.) betaald". Het zou zelfs zo goed gaan "dat we moeten waken dat het fundamenteel onderzoek niet bedelft". De minister moest ook toegeven dat zijn onderzoekbeschermend beleid het onderwijs in het gedrang dreigt te brengen. "De onderwijsintensiteit is naar nationale en internationale maatstaven soms extreem laag geworden." Niettemin toonde de minister zich tevreden over zijn inspanningen. De alom gelaakte papierwinkel rond de onderzoeksaanvragen noemde hij "voor 90 procent" de schuld van de instellingen, de ergernis rond de voorwaardelijke financiering "kinderziektes" die "niet zelden het weerstandsvermogen vergroten" en de aanblik van het hoger onderwijs na twee jaar Deetman "een gevarieerd beeld van opbloeiende universiteiten en hogescholen, elk met hun eigen signatuur en excellente specialisaties". L T /U P
In maart 1984 zal het definitieve voorstel voor de nieuwe studierichting Personeelswetenschap gereed zijn. Dat staat aangekondigd in een tussentijdse notitie door prof. dr. J.J. Van Dijck, de projectleider van de geplande studierichting. Tot op heden, aldus van Dijck, reageert de buitenwereld positief op het initiatief van de KHT. Hij wijst op de moeilijkheid om een "pakkende" aanduiding voor de nieuwe studierichting te bedenken. Voorlopig wordt dus gedacht aan "Personeelswetenschap", maar ook de aanduidingen "Personeel en Organisatie", "Sociale Bedrijfskunde" en "Sociale Beleidskunde" zijn in beschouwing geweest. De hogeschool beoogt met Personeelswetenschap een academische opleiding in het leven te roepen die sterk multi-disciplinair gericht zal zijn en die zich zal bezighouden met personeels- , sociale en organisatorische vraagstukken van bestuur en management in grotere organisaties, op het gebied van bedrijfsleven, overheid en quartaire sector. Het ligt niet in de bedoeling de nieuwe opleiding in een van de bestaande faculteiten onder te brengen. T.G.
vervolg op pag. 3
mag ook nog negatief kan sanctioneren, is een tweede vraag. Je moet nooit het rechtskarakter van de norm laten afhangen van de vraag of je leed kunt toevoegen. Een norm is rechtens en heeft bestaansrecht dus behoeft ook wetenschappelijke beschrijving." THB: In dit juridische denken gaat men ervan uit dat staten gelijkwaardig zijn? Strijards: "In het nationale strafrecht gaan wij van de fictie uit dat alle mensen gelijk zijn. Als ik in de collegezaal vertel dat wij in het strafrecht het gelijkwaardigheidsbeginsel hanteren en dat gelijke gevallen, gelijke behandeling behoren te krijgen, staat er niemand op om te zeggen maar meneer uw fictie klopt niet. Zo gaan we in het supranationale recht uit van de aanname, de fictie, het onweerlegbare vermoeden dat staten gelijk zijn. Als je nu beweert dat de ene staat, de andere staat niet is en dat er grote ongelijkheden te constateren zijn, dan moet ik toegeven dat het waar is." Ben Beljaars
Strafmacht THB: Hoe groot zijn de mogelijkheden van tiet voll<enrectit? Strijards: "De mogelijkheden zijn niet erg groot, dat is het cynische van het volkenrecht, je hebt geen sancties. Indien staten verbodsnormen overtreden dan wordt dat vaak op allerlei mogelijke manieren ontkend en als anderen daar op wijzen, zeggen de meeste staten val maar dood, ik doe het toch!". THB: Wat is dan fiet belang van deze systematiek als sancties niet tot de mogelijkheden behoren? Strijards: "Ja, wat is daar het nut van; er zijn geen sancties; opzichzelf is dat een cynische vraag. Je moet natuurlijk rechtsnormen altijd abstraheren van de eventuele sancties, een rechtsnorm bestaat bij de gratie van het feit dat iets niet mag en of je nu datgene wat niet
druk uit. De informele dwang om veel te produceren is bijzonder groot. Een verblijf op hef NIAS behoort toch wel minstens één boek van eigen hand op te leveren. Dat wordt op een subtiele wijze steeds aan je duidelijk gemaakt. De afgelopen jaren zijn op het NIAS prachtige boeken geschreven. Voor de meesfen is het klimaat aldadr bijzonder gunstig. Sommigen gaan aan de informele prestatiedruk ten onder: tegenover de hoge wetenschappelijke produktie staat ook een relatief hoog percentage zelfmoordpogingen. Vrijheid is soms moordend: niemand kan op het NIAS een gebrek aan wetenschappelijke produktie goedpraten met het argument dat er zoveel tijd besteed moest worden aan vergaderen, of aan onderwijs. Het NIAS is een elite-instelling., al is het niveau iets lager dan dat van bijvoorbeeld het Center for Advanced Studies in Stanford. Tja, en wat lees je dan in het THB van 20 januari? Daar staat op de middenpagina's dat in Tilburg het TIAS wordt opgericht. Harry Peeters, één van de initiatiefnemers, zegt in hef THB-artikel dat wij de aanduiding TIAS op twee manieren mogen lezen. De afkorting staat voor Tilburgs Instituut voor Academische Studies; "Of zo levert Prof Peeters meteen de internationale variant, het Tilburg Institute of Advanced Studies." Ik vind dit een aanfluiting. Het is gewoon bedrog om een naam te nemen, die zo sterk op "NIAS" lijkt. Het Tilburgse instituut is heel anders opgezet; het is bedoeld om werkloze academici de gelegenheid te geven om enige ervarign met post-doctoraal onderzoek op te doen. Dat is op zichzelf een mooi streven. Maar zoiets moet je niet betitelen met "advanced studies": die term heeft in wetenschappelijke kringen een heel andere betekenis. Het lijkt alsof een crèche wordt betiteld als "luier-universiteit". En waarom heet een Volkswagen eigenlijk geen "Pruisische Rolls Royce"? Ooit zag ik een affiche waarop Montreal werd aangeduid als het Parijs van Noord-Amerika. Meteen ben ik in het vliegtuig gesprongen: dat wilde ik wel eens zien.' In heel Montreal bleek één piepklein Frans straatje te liggen. Op die manier kunnen we Tilburg het New York van Midden-Brabant noemen. De naam TIAS moet weg.' Laten we het instituut maar gewoon naar de oprichter noemen, dat is eerlijker: Peeters Institute for Advanced Study. KoH gezegd: PIAS.
B
Over nut en kwaliteit van buiten-universitaire leden in de Hogeschoolraad
Het soortelijk gewicht van de builen Veertien jaar geleden was het weliswaar 1970, maar er heerste het klimaat van de jaren zestig. Universiteiten moesten goed in de gaten houden wat er in de samenleving leefde en omgekeerd mocht die samenleving zeggen wat zij vond dat er op de universiteiten en hogescholen moest gebeuren. Deze visie leidde ertoe dat in de Wet Universitaire Bestuurshervorming (WUB) van 1970 de 'bul' zijn intrede deed. Uit de Memorie van Toelichting bij de W U B blijkt dat men bij de bullen vooral dacht aan academici werkzaam in een sector die voor de universiteit in kwestie van direct belang is. In de Kamer sputterde alleen de CPN een beetje tegen, beducht dat het bedrijfsleven een te grote vinger in de pap zou krijgen. De andere partijen vonden het echter allemaal best. En gingen ook akkoord met de manier waarop bullen zouden worden geworven: op voordracht van de hogeschool- of universiteitsraad worden ze benoemd door de minister, c.q. als het om een bijzondere instelling gaat door het stichtings- of verenigingsbestuur. De benoemende instantie mag daarbij overigens wel afwijken van de voorkeursvolgorde die de raad opgeeft. En zo zitten er sedert 1970 naast studenten en wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke personeelsleden ook een delegatie bullen in elke universiteitsraad, waar zij tegen een vergoeding van honderd gulden per bijgewoonde zitting en 57 cent per verreden kilometer de maatschappij vertegenwoordigen. Of geacht worden dat te doen. Want voor zover in de afgelopen veertien jaar is geëvalueerd hoe de bullen het er afbrengen, luidt de uitslag dat het bepaald niet meevalt. Neem bijvoorbeeld het rapport 'De positie van de buiten-universitaire leden' uit 1979, een werkstuk van de Commissie voor de Bestuurshervorming. Daaruit blijkt dat de gemiddelde bul maandelijks 21,5 uur aan zijn functie besteedt, nauwelijks contact heeft met de collegabullen, ter universiteit uitsluitend met topbestuurders spreekt, niet erg hard gelooft dat de maatschappij meer vertrouwen in de universitaire wereld heeft gekregen sinds hij en zijn mede-bullen ten tonele zijn verschenen en maar een klein beetje gelooft in het omgekeerde, dat de universiteit bij bullen baat heeft dus. Met andere woorden, bullen nemen een erg marginale positie in, zo stelde men al in 1979 vast.
Eind vorig jaar kwam onderwijsminister drs. W. Deetman op de proppen met zijn versie van de WWO'84, waarin tiij voorstelt om de buiten-universitaire raadsleden maar te laten verdwijnen. De reden: bullen - zoals ze in de wandeling worden genoemd hebben in raadsvergaderingen geen inbreng die rechtvaardigt dat ze zouden mogen blijven. Volgens Deetman zijn ze beter op hun plaats in faculteits- en afdelingsraden. Daar zou men met hun 'deskundige inbreng vanuit de maatschappij' wèl zijn voordeel kunnen doen. De bullen zelf, verenigd in een Landelijk Overleg, zijn het daarmee oneens, zo schreven ze aan de Vaste Commissie voor Onderwijs van de Tweede Kamer. Zij vinden van zichzelf dat ze een 'stabiliserende factor' vormen en dat hun aanwezigheid de bestuurskracht ten goede komt. Is dat ook werkelijk zo, of is die brief eigenlijk niet meer dan de voorspelbare reactie van mensen die ongaarne worden weggezuiverd, maar die men voor het overige kan missen als kiespijn? Een reconstructie van veertien jaar rrjaatschappelijke inbreng. Zo mogen faculteits- en afdelingsraden zelf uitmaken of ze bullen in hun gelederen zullen opnemen en zo ja, of ze hen stemrecht geven of niet. Verder wordt van een facultaire bul verwacht dat hij of zij een heel duidelijke achterban heeft. De, maximaal vijf, faculteitsraad-bullen dienen bij voorkeur professionals te zijn van wie men no nonsense hoeft te verwachten. Voor een meer beschouwende bijdrage aan de grote lijnen van het universitaire bestuur is dan geen plaats meer, zo verwacht ir. F. de Rooij, voorzitter van de tot dit voorjaar nogal kwijnende landelijke bullen-club en zelf buitenlid van de
Eindhovense hogeschoolraad. In het dagelijks leven is hij burgemeester van Son. De Rooij: "Builen beginnen juist hun functie te vervullen. In Eindhoven hebben de bullen tot 1977 veel getobd en er zijn ook zeker miskleunen begaan. Maar de Eindhovense bullen werken tegenwoordig hecht samen en bereiden de HR-vergaderingen ook gedegen voor, In toenemende mate weten we waar we het over hebben. In Utrecht, aan de Vrije Universiteit, de Leidse en de Groningse universiteit is dat ook het geval. Ik heb de indruk dat Deetman ons beoordeelt aan de hand van een rapport uit 1979, dat een toestand beschrijft die niet meer zo actueel is.'
TILBURG ^ ^ ^ H M H H H H M De vraag of de bijdragen van bullen aan raadsvergaderingen kwaliteit hebben is in het verleden doorgaans aan bullen zélf gesteld. Ook het rapport van 1979 is een opinie-onderzoek onder buiten-universitaire raadsleden. Voorzitters van universiteitsraden hebben er echter ook wel degelijk een mening over. Frans Teunissen, de voorzitter van de Tilburgse hogeschoolraad heeft niet zo'n hoge pet op van het functioneren van de bullen. "De raad moet binnenkort die zaak gaan evalueren en ik denk dat dat niet zo positief zal uitvallen. Ik denk niet dat er een pleidooi komt om de bullen in de raad te houden." Deze week heeft de raad een gesprek met de vijf nieuwe bullen. Teunissen: "Wijzijn vol goede moed. De verrassing is weer erg groot. Je weet dus gewoon niet wie je in huis haalt. Klikt het, dan is dat meegenomen. Klikt het niet dan zit je eraan vast. Er zijn zeker bullen die het goed hebben gedaan de afgelopen jaren. Maar er zijn ook slechte bullen geweest." "Volgens mij los je problemen niet op door een verlenging van de zittingsperiode. Je hebt mensen nodig met een goede neus, die zijn moeilijk te vinden." Concluderend stelt Teunissen: de bullen mogen wel, maar ze hoeven niet persé. Volgens hem zouden ze op het middenniveau van de faculteitsraden wellicht beter op hun plaats zijn. De Delftse HR-voorzitter/>. L. Guyt: 'Het voornaamste probleem van bullen is dat ze geen homogene groep vormen, omdat ze - van de wet - een zo verschillend mogelijke herkomst moeten hebben. Die afwezigheid van homogeniteit maakt samenwerken moeilijker. Maar dat wil niet zeggen dat het onmogelijk i s . "
Sindsdien is daarin niet veranderd, er is ook niets tegen ondernomen. De bullen bleven er gewoon voor spek en bonen bij zitten, niemand die hun aanwezigheid principieel ter discussie stelde. Want ook minister dr. A. Pais vond blijkens zijn W W O '81 dat bullen nuttig en nodig zijn. Onder het bewind van Deetman wordt daar opeens heel anders over gedacht. 'Gelet op de ervaringen achten wij het niet wenselijk ze te handhaven,' schrijft Deetman in de Memorie van Antwoord op de WWO'84 en:'Wijf menen dat de deskundige inbreng vanuit de maatschappij veel beter kan worden ingebracht op het niveau van de faculteit'. Maar wie in hetzelfde verhaal naslaat wat de plannen zijn met bullen op faculteitsniveau, moet concluderen dat Deetman niet enkel voornemens is voor de bul een passender omgeving te zoeken, maar ook om diens invloed terug te brengen. Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
Een kleine enquête die in november van het afgelopen jaar werd gehouden levert echter een iets ander verhaal op. Drs. H. Hermans, ambtelijk secretaris van de Commissie voor de Bestuurshervorming, peilde ter gelegenheid van een - om onduidelijke redenen besloten - bijeenkomst van het Landelijk Overleg van Bullen op 8 november, hoe de betrokkenen hun eigen inbreng waarderen. Van de 21 respondenten zeiden er twaalf die inbreng gelijkwaardig te achten aan die van de andere HR- en UR-leden. Maar bij de beantwoording van de vraag kwamen ook de frustraties los: men vindt dat men ter vergadering vaak beleefd wordt aangehoord zonder serieus te worden genomen en men geeft toe dat de eigen inbreng in met name de raadscommissies heel wat groter zou kunnen zijn. Slechts vier van de 21 ondervraagden noemden de inbreng van bullenzijde groot. Dit beeld lijkt al heel wat meer op het beeld dat de raadsvergaderingen zelf bij veel universiteiten en hogescholen dikwijls vertonen: de bullen komen kort voor aanvang binnen, informeren bij bevriende fracties waarover het vanavond zal gaan en hoe ze verondersteld worden te stemmen. Doen dat vervolgens ook trouw. Een bul die een amendement indient is een zeldzaam verschijnsel. Een motie uit het buitenkamp is al helemaal voorpaginanieuws.
vervolg op pag. 6 Buiten-universitair lid van de KHT, de Grood (zie kaderstuli op pag 6).
3 februari 1984
Gezamenlijk overleg van studenten-raadsleden Subsidiebeleid in 1984 " D i t is een heel braaf initiatief", zegt oorzaak van de matheid onder de stu-
Kees Cools, over de bijeenkomst die hij als hogeschoolraadslld (PSF) samen met Michlel van der Fuhr (Konstruktief) heeft georganiseerd op 10 februari. De uitnodiging voor de bijeenkomst is gestuurd aan alle leden van hogeschoolraad, faculteitsraden en facultaire commissies. PSF en Konstruktief vonden het wel eens tijd worden voor een bezinning op het functioneren van studentleden in allerlei bestuursorganen van de hogeschool. Cools: " W e moeten ons afvragen of het studentenbelang wel is gediend met de huidige gang van zaken. Waar ligt de
vervolg van pag. 5
Bullen De Utrechtse raadsvoorzitter P. Senger, lijkt zijn eisen wat hoger te stellen en is dan ook wat minder behoedzaam: 'Bullen dienen zich, net als andere UR-leden, voor honderd procent in te zetten. Ik kan tot mijn genoegen zeggen dat dat vóórkomt. De Utrechtse raad kent een aantal bullen met een zeer grote invloed, bijvoorbeeld omdat ze voorzitter van een commissie zijn. Dat is betrekkelijk uniek geloof ik".
BULLEN HEBBEN DE SCHIJN TEGEN Begin november spraken de bullen zelf zich vrijwel unaniem uit tegen de door Deetman voorgestelde verschuiving van topniveau naar faculteitsniveau. Hun voornaamste argument: als een bul op het middenniveau een vakdeskundige is, is het risico van belangenverstrengeling meteen veel groter, de acceptatie kleiner en bovendien moeten de wetenschappelijke staven zelf maar een goede wisselwerking met de buitenwereld nastreven. Maar er bleken ook bullen te zijn met een afwijkende mening. In dat geval luidt de redenering dat bullen op het middenniveau juist beter in staat zullen zijn zich in onderwijs en onderzoek te verdiepen en dat de echte problemen juist op het middenniveau te vinden zijn. De Rooij: "Wij zijn er als Landelijk Overleg dan ook niet op tegen dat er bullen op het middenniveau zouden verschijnen - die mogelijkheid gaf de WUB per slot van rekening ook al - maar het mag niet ten koste gaan van de aanwezigheid op topniveau. Dan verdwijn je namelijk van de plaats waar de belangrijkste beslissingen worden genomen.' De Rooij CS. zien er dan ook meer in om te proberen de huidige kwaliteit van de bul te verbeteren. Het voornaamste middel daarbij acht men een zorgvuldige selectie, zodat er mensen worden geworven die niet alleen een zekere deskundigheid, maar ook de juiste hoeveelheid tijd beschikbaar hebben. De Rooij: "Mijn idee is dat de grootste fout van de afgelopen veertien jaar ligt in de gedachte dat je mensen zomaar in een organisatie kunt droppen en dat de betrokkenheid dan wel vanzelf zal komen. Hoe zorgvuldiger de selectie, des te kleiner zal de teleurstelling zijn.' Vandaar ook, dat de bullen hun zittingstermijn graag verlengd zouden zien. Op het ogenblik is die twee jaar. Dat zou vier jaar moeten worden, met een eventuele verlenging van twee jaar. UP/Esther Hageman Twan-Geurts
denten en hoe kunnen we de weinige activiteit die er is niet beter bundelen? Als minister Deetman al klaagt over het ontbreken van een duidelijke studentenvertegenwoordiging, dan zit er toch wel iets fout." De bijeenkomst van 10 februari wil een aantal, voor bestuurders belangrijke, onderwerpen signaleren als de begroting, het ontwikkelingsplan, voorwaardelijke financiering, formatie-ontwikkeling, huisvesting, docentenbeoordeling en studentenvoorzieningen. Daarnaast vormen de aanstaande bezuinigingen een belangrijk motief voor overleg. " I n dat kader", aldus de uitnodiging van Konstruktief en de Progressieve Studenten Fractie, "willen wij op 10 februari bijzondere aandacht schenken aan de f i nanciële structuur van de K H T . " Drie sprekers - de heren Rijk, Snellens en van Tuijl - zullen het hebben over de nota formatie-ontwikkeling 1984. De organisatoren hopen dat deze dag een aanzet vormt voor regelmatiger overleg in de toekomst. T.G.
De subsidiecommissie heeft haar jaarverslag van 1983 bij de hogeschoolraad ingediend. Hoe denken de studentenfracties over de inhoud van het verslag. " H e t is een hamerstuk, maar toch is het tekenend voor het studentonvriendelijk beleid van het college", aldus de fractieleiders van PSF en Konstruktief, Kees Cools en Michiel von der Fuhr. Dit jaar liepen de beschikbare middelen van f 86.371,44 terug tot / 53.380,26. Een bezuinigingsoperatie van maar liefst 38%. Ondanks dat het College van Bestuur zegt dat ze zoveel op hebben met de studenten, liegt dit bezuinigingspercentage er niet om. De gelden die een subsidiecommissie te verdelen heeft, zijn vaak een van de weinige middelen waarmee studentenorganisaties hun activiteiten - steeds soberder - kunnen laten draaien. Nu deze bron van subsidiëring minder wordt en nu de mogelijkheden van externe subsidiegevers ook verminderen, wordt de druk op studentenorganisaties steeds groter, aldus de fractieleden. De studentenorganisaties voorzien in een zeer ruim geschakeerde behoefte bij
de studenten. " D e aanslag die op studenten wordt gedaan kan nauwelijks los worden gezien van andere studentonvriendelijke voorstellen van het College van Bestuur", en hier noemt Kees Cools; " d e verhoging van de copiëerprijs, de verhoging van het gebruik van restauratieve voorzieningen, de sportkaartverhoging, de verhoging van de prijs van de studiegids en het voorstel om de gratis toezending van THB stop te zetten waren en zijn studentonvriendelijk." B.P.
Kumpe buitengewoon hoogleraar De heer T. Kumpe (43) is benoemd tot buitengewoon hoogleraar Technische Bedrijfsorganisatie in de economische faculteit. Kumpe studeerde wis- en bedrijfskunde, was werkzaam bij de J . B . M , in Californië, bij Philips Nederland en bij Data Systems in Den Haag. Momenteel werkt Kumpe als organisatiedeskundige bij het Centrum voor Organisatie en Efficiency.
Ambassadeur van de hogeschool "Er bestaat nu wel een hoop twijfel over de Invulling van het instituut der buitenuniversitaire leden, de structuur ervan staat ter discussie. Maar de motivering van destijds om dat instituut in het leven te roepen, die is er nog nergens bestreden. De motivering uit 1970 is nog steeds van kracht". Dat vindt E.M. de Grood, sinds ruim 'n jaar een van de vijf buiten-universitaire leden van de Tilburgse hogeschoolraad. De Grood was zestien jaar lang onderwijswethouder van de gemeente Tilburg, vóór die tijd leidde hij als directeur de industriële handelsonderneming Verschuuren. Ook omdat hij lid is van de Brabant-Zeeuwse Werkgeversvereniging vertegenwoordigt De Grood dus een beetje de sector 'bedrijfsleven' binnen de hogeschoolraad. Maar de sector 'onderwijs' staat toch voorop. Trots geeft de ex-wethouder een opsomming van zijn talloze voorzitterschappen binnen het onderwijswereldje in stad en land. "De bul is naar mijn eigen ervaring een volwaardig lid van de hogeschoolraad. Zijn stem telt even zwaar als die van de-
In Den Haag kreeg De Grood de bijnaam 'de inbreker'. Als het moet wil de ex-wethouder zijn reputatie graag aanwenden voor het algemeen belang van de Tilburgse hogeschool. Op de foto schudt hij de hand vati oud-voorzitter CvB Verster.
andere leden. Maar het is natuurlijk wel zo dat hij in een uitzonderingspositie verkeert. Hij zit er als individueel persoon, de bullen vormen samen geen fractie. Alle andere leden van de hogeschoolraad zijn wél gekozen als lid van een bepaalde fractie." "Ja, de bullen staan er dus toch een beetje buiten. Een onderwerp als de begroting van het bedrijfsrestaurant, dat raakt je niet echt omdat je niet dagelijks op de hogeschool bent. Dat geldt eigenlijk voor alle interne kwesties. Pas als het over externe dingen gaat, zoals een nieuwe studierichting, dan wordt mijn betrokkenheid veel groter". "De Zuid-Afrika-motie? Als men die wat algemener had geformuleerd, - bijvoorbeeld tegen de discriminatie van minderheden waar ook ter wereld, ook in OostEuropa - dan was ik wel meegegaan. Nu was er naar mijn smaak sprake van selectieve verontwaardiging." "Ik moet zeggen dat ik me als bul toch liever bezighoud met het algemeen belang van de hogeschool. En dat is: geef de studenten de mogelijkheid om zo optimaal als maar kan te functioneren. Als ik daarvoor bij het ministerie moet gaan lobbieën, dan wil ik dat heel graag doen". Deze promotionele ijver van De Grood wordt begrijpelijker als de ex-CDA-wethouder van zijn heldendaden als onderwijspromotor van de stad Tilburg verhaalt. Op het ministerie van Onderwijs heeft hij ooit de allesbehalve pejoratief gebezigde bijnaam van 'de inbreker' verworven. Voor De Grood bleef nooit een deur gesloten. "Ik was als wethouder ook nooit geïnteresseerd in de prijs van de koffie of de afmeting van een wcraampje. Ik was altijd vooral bezig om de belangen van Tilburg als onderwijsstad naar buiten toe te verdedigen." Het daarbij tentoongespreide talent wil De Grood nu ook graag ter beschikking stellen aan de hogeschool. "Ik beschouw mijn lidmaatschap van de raad als een soort ambassadeursfunctie. Als de hogeschool een nieuwe studierichting wil dan kan ik als bul helpen door terug te vallen
op mijn maatschappelijke relaties. Als ik zie dat ik iets voor die hogeschool kan doen, bijvoorbeeld in Den Haag, dan wil ik me daar vierkant voor inzetten". De Grood geeft toe dat het bulschap in Tilburg de afgelopen tijd wat pover uit de verf is gekomen. Maar dat lag zeker ook aan het feit dat de vijf gereserveerde zetels het voorbije jaar constant onderbezet zijn geweest. Pas nu weer is de bezetting op volle sterkte met de herbenoeming van Aangenendt en De Grood en met de aanstelling van de nieuwelingen Goddijn, Van Dooren en Jansen. "Het is onze gezamenlijke intentie" a\6us De Grood "om meer gestalte te geven aan het instituut van de buiten-universitaire leden. Dat kan door een regelmatiger overleg. Wat mezelf betreft, ik denk dat ik nu pas echt kan gaan meepraten in de hogeschoolraad. Ik heb me dit eerste jaar wat afwachtend opgesteld. Meer geluisterd dan gesproken. Die tijd heb je zeker wel nodig om een beetje in het raadswerk thuis te raken. Vandaar ook dat ik het eens ben met de wens om de zittingsperiode te verlengen, liefst tot vier jaar". Naast de periode-verlenging ondersteunt De Grood ook de meeste andere conclusies van het landelijk bullenoverleg. Die luiden in het kort: de bullen moeten op het topniveau worden gehandhaafd, men moet hen werven op algemeen bestuurlijke kwaliteiten met deskundigheid op een of meer deelterreinen, ze behoren de rechtspositie van een gemeenteraadslid en een redelijke vergoeding van hun onkosten te krijgen, ze horen niet thuis in een faculteitsraad en de bullen moeten elkaar regelmatig gaan treffen in een landelijk overleg. Als aan die voorwaarden wordt voldaan, zo meent De Grood, dan kunnen de bullen een zeer nuttige functie vervullen. "Zonder bullen zou 't ook wel lopen, hoor. Maar als het instituut goed wordt ingevuld kan een hogeschoolraad daar toch enorm veel profijt van trekken. Maar nogmaals, de bullen moeten de mogelijkheid krijgen om zich voldoende met de hogeschool te engageren". j^^^ Q^^^^
a
"De provincie ais iiet nieuwe middenbestuur? lic stuif er niet op af ais de liond op zijn iciuif" (Van Agt) Met het symposium 'Rijk, provincie, gemeente: wie van de drie?' is weilicht géén groots en mooi gezicht ontstaan omtrent de rol die de provincie in het binnenlands bestuur speelt. Wel heeft het geleid tot een beter inzicht op de mogelijkheden en beperkingen van de provincie als bestuurlijk midden. In elk geval is de probleemstelling die tijdens het symposium op tafel lag verscherpt en verdiept. Aldus de eindconclusie van prof. dr. J.J.J. van Dijck die 26 januari als dagvoorzitter fungeerde. Uitgangspunt van het symposium vormde de stelling dat de provinciale overheid een veel belangrijkere rol zou kunnen spelen dan tot nu toe wordt aangenomen. Vooral de problematiek over het overhevelen van taken en bevoegdheden naar lagere overheden zou, volgens de organisatoren van de dag, aanleiding geven tot een herbezinning over de rol van de provinciale overheid als bestuurlijk en politiek krachtenveld. Op het eerste gezicht lijkt dat een stelling waar weinig muziek inzit. Toch wisten de organisatoren, de para-universitaire instituten IVA en IVG en de faculteiten sociologie en rechten van de KHT, hiermee ruim 400 mensen te verleiden de tocht naar Tilburg te maken. Waarin schuilt dan het succes van dit symposium? Voor het grootste deel ongetwijfeld in de aanwezigheid van 'grote namen' op het gebied van het binnenlands bestuur als VNG-directeur prof. Berg en regeringscommissaris Tjeenk Willink. De rol van grootste trekpleister was echter weggelegd voor mr. Dries van Agt, de kersverse Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant.
AMUSANTE BUITELAAR Het was ook Van Agt die de spits afbeet op het symposium. Het nog prille karakter van zijn loopbaan als Commissaris van de Koningin deed hem waarschijnlijk kiezen voor een nummertje verbale acrobatiek zoals we dat van de voormalige premier gewend zijn: "Twee van de inleiders op dit symposium (Berg en Tjeenk Willink, nvdr) zijn daartoe van l<ruin tot l(uit gekwa/ificeerd. Ik zelf sta hier evenwel als een onwaardige, als een nagenoeg ongeletterde op het gebied van het provinciaal bestuur. Een verblijf van nog pas een aantal maanden in het tehuis van deze provincie heeft mij bij lange na nog niet de toerusting kunnen verschaffen waarover de eerste inleider eigenlijk behoort te beschikken. Maar welke benen zijn sterk genoeg om de weelde van een Tilburgs aanzoek te kunnen dragen? Wil mij dus beschouwen als een amusante buitelaar die u voorbereidt op de entree van de ware matadoren." Na deze aanhef konden de toehoorders toch nog opgelucht ademhalen: al met al diste Van Agt hen een heel behoorlijk betoog op, waarin hij op zoek ging naar de oorzaken voor de woekering van overheidsbemoeienis en tenslotte uitkwam bij de deregulering die hij van 'primordiaal belang' achtte. "In de getijstroom van de geschiedenis lijkt thans het water voor de provincie weer te wassen,' constateerde hij. Er komen allerlei nieuwe taken op het provinciaal bestuur af, aldus Van Agt, maar het is de vraag of het bestuur "bij machte is om deze taken, die waarachtig veeleisend zijn, te volvoeren". Zo heeft hij de indruk dat de provincies nog niet de deskundigheid en de vaardigheden in huis hebben om zich van die nieuwe taken te kwijten. Bovendien zijn de provinciale besturen en hun ambtelijke apparaten gepreoccupeerd als ze nu zijn met toezicht houden, voorwaarden scheppen. Tilburgs Hogeschoolblad
stimuleren en coördineren - nog nauwelijks ingesteld op het volvoeren van doetaken, zo stelde de commissaris vast. "De provincie als het nieuwe middenbestuur? U merkt het: ik stuif er niet op af als de hond op zijn kluif", aldus Van Agt na een serie kritische kanttekeningen. Toch eindigde hij, een beetje tot z'n eigen verwondering, in majeur. Mogelijkheden ziet hij met name in experimenten, die een vorm van getrapte decentralisatie in praktijk brengen, waarmee in Brabant al enige ervaringen zijn opgedaan.
DRINGEN GEBLAZEN Op de majeursbehandeling van het thema van de dag door Van Agt volgt een doorwerking in mineur, verzorgd door de van 'kruin tot kuit gekwalificeerde' inleiders Berg en Tjeenk Willink. Prof. drs. E.L. Berg, hoofddirecteur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), kwam zelfs tot de ontnuchterende slotsom dat er voor een volwaardige derde bestuurslaag, de provincie dus, géén wezenlijke beleidsruimte voorhanden is. Berg: "Die beleidsruimte moet worden prijsgegeven door het Rijk. Regering, departementen en parlement zouden zich meer met algemene lijnen van beleid moeten bezighouden en bijvoorbeeld alles wat nu in gedeconcentreerde rijksdiensten plaatsvindt, moeten afstaan aan de provincie." Er is echter geen enkele reden te veronderstellen dat het Rijk daartoe bereid is, meent de VNG-directeur. Het zou voor het Rijk slechts leiden tot het verlies van macht, geld en arbeidsplaatsen. Het afstaan van macht en middelen zal ook zeker niet op basis van vrijwilligheid gebeuren. Bovendien is de onwil aan de ene en de onmacht aan de andere kant te groot. "Neen" constateerde Berg, "het is dringen geblazen in het binnenlands bestuur." De VNG-directeur stelde verder vast dat het openbaar bestuur met een verkeerde motivatiestructuur te kampen heeft. Bestuurlijk gedrag dat nu wordt beloond, zou beter afgestraft kunnen worden en
omgekeerd, aldus Berg, die een en ander illustreerde in de vorm van een paar prinkelende vragen: "Wanneer een maatschappij meent dat verdere groei van allerlei gemeenten uit den boze is, waarom verdient dan elke burgemeester, gemeente-ambenaar, meer wanneer een nieuwe groeigrens is overschreden?" En: "Indien zuinig met overheidsgeld moet worden omgesprongen, waarom blijft de
Dries van Agt Comptabiliteitswet dan het snel opmaken van nog niet uitgegeven gelden stimuleren?" Later op de dag sprak prof. dr. Th. Stevers deze opvatting tegen. In zijn nabeschouwing brak Stevers een lans voor het introduceren van het profijtbeginsel bij de overheid. In zijn optiek is het juist verstandig om gesubsidieerde instellingen hun overschotten te laten behouden. In combinatie met bestedingsvrijheid voor de betrokkenen werkt het profijtbeginsel als een premie op doelmatigheid. Dit in tegenstelling tot de premie op verspilling die in het huidige overheidsbestuur is ingebouwd, aldus Stevers. Prof. mr. Tjeenk Willink, regerginscommissaris voor de reorganisatie van de rijksdienst, zal al evenmin brood in het met meer taken en bevoegdheden bekleden van de provincie. In zijn ogen is de huidige provincie niet op te vatten als de goed geoliede tussendeur tussen rijk en gemeenten, maar is er eerder sprake van een 'roestig scharnier'. De regeringscommissaris vroeg zich zelfs af of de provincie ooit wel zo'n intermediaire functie heeft gehad: "In het verleden had zij een beperkt eigen beleidsterrein. Daarnaast werkte zij mee aan de uitvoering van rijksbeleid. De verhouding met de gemeenten was vooral van toezichthoudende aard. In die verhouding is de laatste jaren niet zoveel verandering gekomen. In zekere zin is er zelfs sprake van een verzwakking van de positie van de provincie." Bovendien zijn de directe contacten tussen rijk en (grote) gemeenten alleen maar toegenomen. Vanuit de gemeenten gezien kan dan ook moeilijk van een intermediaire rol van de provincie worden gesproken, concludeerde Tjeenk Willink: "Voor de toekomst zit daar weinig muziek in." Nadat vooral Berg en Tjeenk Willink wat meer op het rempedaal dan op het gaspedaal hadden geduwd, zoals prof. van Dijck het uitdrukte, vielen tijdens de nabeschouwing toch weer enkele posi-
tieve geluiden te noteren. Die vielen vooral te beluisteren in de bijdragen van mr. Staatsen en prof. Hirsch Ballin. Prof. Stevers daarentegen stak het inmiddels van hem bekende pleidooi voor het profijtbeginsel af. Daarmee wordt, zo luidt zijn redenering, in het binnenlands bestuur een 'automatische piloot' ingebouwd die er voor zorgt dat de overheid op alle fronten, de provincie incluis, met minder regelgeving toe kan. Anders dan Tjeenk Willink wees mr. A.A.M.F. Staatsen, Directeur-Generaal Binnenlands Bestuur van het ministerie van Binnenlandse Zaken, op de belangrijkste intermediaire functie die de provincie vervult. Zo noemde hij het toezicht op de gemeenten, de provinciale rol ten aanzien van de waterschappen, het vaststellen van streekplannen en het goedkeuren van bestemmingsplannen en de planning op het gebied van het milieubeheer en de gezondheidszorg. De provincie verricht echter ook enkele belangrijke uitvoerende taken, denk maar aan de produktie en distributie van elektriciteit door de provincie nutsbedrijven. Ook ten opzichte van de recent in de aandacht gekomen intergemeentelijke samenwerking kan de provincie een stimulerende en coördinerende rol vervullen, aldus de directeur-generaal. Om te komen tot een positieverbetering in de nabije toekomst wil Staatsen zoveel mogelijk aansluiten bij de sterke punten van de provincie. Zo is de provincie bij uitstek geschikt om taken te vervullen die vragen om een grotere territoriale schaal. Ook het feit dat de provincie een eigen democratische legitimatie kent werkt in haar voordeel. Daar staan wel een aantal zwakke punten tegenover. Die moeten verbeterd worden, meent de directeur-generaal. Met name de afstand tot de burgers ziet hij als een belemmering: 'de provincie spreekt de mensen nog steeds niet zo aan'. 'De provincie is het smalle middenrif of de wespetaille van ons binnenlandsbestuur. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het aantal personen dat bij de provincie werkzaam is in vergelijking met het aantal rijks- en gemeente-ambtenaren. De provincie is in de bestuurlijke organisatie wel een noodzakelijk middenrif,' aldus Staatsen die hiermee reageerde op prof. Berg die zich eerder afvroeg of er in een klein landje als Nederland wel ruimte was voor, de provincie als volwaardige derde bestuurslaag. Met Tjeenk Willink wil Staatsen waken voor verstarring en conservatisme: 'gestreefd moet worden naar de provincie als een praktisch ingesteld, flexibel bestuur: een schakelstation dat alert inspeelt op maatschappelijke en politieke ontwikkelingen. Waarom zou dat niet kunnen?' Lennart Kik
Eerste afstudeerders Wijsbegeerte Frans Mathieu (25) en Jac Vromen (25) zullen op 3 februari afstuderen aan de Tilburgse centrale Interfaculteit Wijsbegeerte. Zij zijn daarmee de eersten aan wie de Interfaculteit einddiploma's uitreikt. Mathieu en Vromen studeren af in de specialisatie Wijsbegeerte van het Economische Wetenschapsgebied. Hun afstudeerhoogleraar is prof. dr. M. Plattel. Beide studenten zijn hun studie wijsbegeerte begonnen in aansluiting op de kandidaatsstudie economie. 3 februari 1984
Watljdoen als straks de noodlaari de man komt? Beleidsinstrumenten en rechtspositionele achtergronden De Dienst Personeelszaken heeft in opdractit van liet College van Bestuur een nota gevuld met instrumenten en Juridische achtergronden te hanteren als de TVC-operatie aanleiding geeft tot herstructurering van de faculteiten. Als straks de faculteit het met minder geld en dus met minder mensen zal moeten doen kan het personeel gebruik maken van die beleidsinstrumenten. Deze "beleidsinstrumenten en rechtspositionele achtergronden" leggen de nadruk op reorganisatieontslagen maar het CvB stelt voorop dat het beleid er op gericht blijft om de werkgelegenheid in stand te houden en gedwongen ontslagen te vermijden. In het sociaal beleidskader dat de minister naar aanleiding van de TVCoperatie ontwikkelde, pakte hij uit met een aantal nieuwe beleidsinstrumenten ook al om zoveel mogelijk gedwongen ontslagen te voorkomen. Naast het natuurlijk verloop en de VUT kan het personeelsbestand van een bedreigde faculteit Inkrimpen door gebruik te maken van een 55-plus regeling, het volledig ontslag op vrijwillige basis, deeltijdontslag (met deeltijdwachtgeld) aan meerderen in plaats van volledig ontslag aan enkelen. Faculteiten kunnen onder bepaalde voorwaarden medewerkers tijdelijk handhaven boven de formatie en de pil kan nog worden verguld door binnen zekere grenzen toestemming te geven voor het verrichten van werk met behoud van wachtgeld.
N O.
a c
« >• 3
Z
O O
Dit sociaal beleidskader TVC is formeel nog geen wet. De minister wil die wetgeving vóór 1 april regelen nu de inhoudelijke overeenstemming tussen de minister en de vakcentrales rond is. De precieze uitvoering en berekening van de verschillende mogelijkheden kunnen dus nog even op zich laten wachten. Of en hoeveel personeelsleden de eer zullen hebben van deze beleidsinstrumenten gebruik te mogen maken blijft nog een open vraag. Veel zal afhangen van de invulling van de formatieplannen. De nota formatieontwikkeling 84-88 die zopas verscheen geeft al een aantal hardere randvoorwaarden voor de volgende vijf jaar en TVC-ontwikkelingen, voorzover de minister ze al heeft meegenomen in zijn Algemeen Financieel
Schema, zijn daar in verwerkt. Daarnaast zijn ook al gedeeltelijk de ontwikkelingen van het nieuwe rangenstelsel van BUWP verdisconteerd in de nota formatieontwikkeling.. Maar de definitieve BUWP zal pas in juli operationeel worden en het nieuwe bezoldigingsbesluit voor het Wetenschappelijk Onderwijs is pas in april te verwachten. De wetgeving ijlt dus achter de feitelijke ontwikkelingen aan en dat vergroot de onduidelijkheid en de verwarring terwijl minister Deetman een aantal zaken modelmatig toch al doorrekent in geld en formatie. De nota van DPZ "beleidsinstrumenten en rechtspositionele achtergronden bij de procedure te hanteren bij ingrijpende wijzigingen van de faculteitsstructuur" moet dan ook worden gezien als een informatieve nota los van wat straks de uitkomst zal zijn van al deze plannen, wetten en besluiten voor de KHT. Voor de Taakverdeling en Concentratie zijn immers enkele disciplineplannen nog niet afgewerkt of zitten nog in de molen van het overleg. De nota die nu voorligt meldt in de inleiding dat de publicatie van het TVC-rapport en het daarbij horende sociale beleidskader de verwarring nog heeft vergroot en de behoefte aan duidelijkheid alleen maar heeft doen toenemen. De nota is dus alvast één element om in de doolhof van de reorganisatie van het Wetenschappelijk Onderwijs het spoor niet bijster te raken. Als beleidsinstrumenten om een voorgenomen reorganisatie te realiseren komen in de nota achtereenvolgens aan de orde: het creëren van nieuwe formatieruimte; het winnen van tijd; her- en omscholing; extra faciliteiten; natuurlijk verloop; taakwijziging; overplaatsing; tijdelijke tewerkstelling; detachering; arbeidstijdverkorting of deeltijdarbeid; gedwongen afvloeiing op vrijwillige basis en tenslotte - maar dat wenst niemand - gedwongen afvloeiing op onvrijwillige basis. Voor een toelichting op deze nota had de redactie een gesprek met Nico Huyben, hoofd van de dienst administratieve rechtspositie DPZ en CvB-lid Martin Rijk, tevens portefeuillehouder personeelszaken.
WACHTGELDGARANTIE Alvorens in te gaan op de beleidsinstrumenten is het nodig te weten dat deze instrumenten ongebruikt kunnen blijven als de KHT er in zou slagen voldoende nieuwe formatieruimte te creëren en als er de nodige belangstelling zou bestaan om gebruik te maken van het wachtgeldbesluit. In het sociaal beleidskader voorziet de overheid een wachtgeldgarantie. De huidige wachtgeldregeling komt bijna Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
zeker op de helling te staan in het kader van de bezuinigingen die de overheid wil doorgeven in de sociale zekerheid. Afhankelijk van het aantal jaren dienst en de ouderdom kan een ambtenaar bij vrijwillig of gedwongen ontslag genieten van die wachtgeldregeling. In de huidige regelig kan bijvoorbeeld iemand van vijftig jaar met twintig dienstjaren, twaalf jaar en tien maanden lang genieten van wachtgeld. Die persoon krijgt de eerste maanden 100%, de negen volgende maanden 9 0 % , verderop vier jaar lang 80% en nog later 70% van zijn laatst genoten salaris. Met de te verwachten herziening van het sociale zekerheidsstelsel in Nederland zal de hoogte en de duur van dit wachtgeld worden beperkt. Te verwachten valt dat de ambtenaren ongeveer vanaf begin 1986 - dat is de streefdatum - in een ongunstige regeling terecht zullen komen. De wachtgeldgarantie van het sociaal beleidskader TVC bepaalt dat ambtenaren, die in de TVCperiode (dus vóór 1 januari 1988) 55 jaar worden en die vrijwillig keizen voor gedwongen ontslag in kader van de TVC, een beroep kunnen doen op een lichtjes gewijzigde wachtgeldregeling ook als die later in ongunstige zin gewijzigd zou worden. Zij krijgen gegarandeerd het eerste jaar 80% en over de volgende jaren dezelfde percentages als in de nu bestaande regeling. Mensen kunnen dus te kennen geven dat ze best voor gedwongen ontslag in aanmerking willen komen. Wanneer dat in 't kader van de uitvoering van de TVC geregeld kan worden dan krijgt betrokkene gedwongen ontslag op verzoek en (toch) wordt die situatie dan niet aangemerkt als onvrijwillige werkloosheid maar als werkloosheid waar de aanspraak op de wachtgeldregeling zonder meer aanwezig is. DPZ-man Nico Huyben is voor wat betreft de belangstelling voor deze wachtgeldregeling optimistisch. "Misschien is er wel een grotere bereidheid dan we denken om via deze toch gunstige wachtgeldgarantie de noodzakelijke TVC-inkrimpingen te bereiken", aldus Huyben. Martin Rijk is evenmin bang voor gedwongen ontslagen. "Ik denk, na lezing van de pas verschenen nota formatieontwikkeling, dat het krap zal zijn, maar dat het toch te redden valt als we maximaal gebruik maken van wat er in het TVCsociaal beleidskader zit zoals die garantie voor de huidige wachtgeldregeling. Dat, samen met eventuele belangstelling, voor de VUT en met andere maatregelen zoals het kunnen handhaven boven de formatie voor een bepaalde periode van iemand die nu geen baan heeft maar waarvan te voorzien valt dat hij er over . twee jaar wel een heeft, ja als je dat allemaal in mekaar past denk ik dat er heel wat te realiseren valt." In vakbondskringen is die wachtgeldgarantie met gemengde gevoelens ontvangen. De centrales hadden in hun overleg met de minister de keuze tussen de huidige regeling met het risico van een gevoelige aanpassing in de volgende jaren en de garantieregeling met een vermindering over het eerste jaar van 100% en 90% naar 8 0 % . De minister wilde eerst slechts een garantie voor mensen die vóór zijn aanpassing de deur uitgingen, maar de centrales hebben bedongen dat alle slachtoffers van de TVC-operatie tot in de eindfase (1 januari 1988) zich kunnen beroepen op die garantie. Zij stonden dus voor de keuze tussen slecht en minder slecht. Jan Rietveld (ABVA/KABO) stelde dan ook in een re-
^
Het Interuniversitair Herplaatsingsbureau in Utrecht Sinds het begin van dit jaar bestaat er een nieuwe vorm van samenwerking tussen de universiteiten en hogescholen in Nederland. Op 1 januari ging in Utrecht namelijk het Interuniversitaire Herplaatsingsbureau (IHB) van start, de vrucht van driekwart jaar overleg tussen de colleges van de verschillende instellingen. Het bureau is een van de middelen die men wil aanwenden om het aantal gedwongen ontslagen dat als gevolg van het taakverdelingsproces in het wetenschappelijk onderwijs wordt verwacht, op een minimum te houden.
Nieuwe studierichtingen, nieuwe formalU aal beleidskader TVC is de "handhaving boven de formatie gedurende een overbruggingsperiode ". De nota stelt het duidelijk: "Handhaving boven de formatie gedurende een overbruggingsperiode. Wanneer door het beHERSCHIKKING voegd gezag kan worden vastgesteld en Als eerste beleidsinstrument vermeldt dt wordt vastgelegd dat met ontslag benota 'het creëren van nieuwe formatie- dreigde personeelsleden op het moment ruimte". Dit punt blijkt voorrang te lieb- dat zij met ontslag zouden moeten gaan ben op andere initiatieven die meer van binnen 2 Yi jaar bij de eigen of andere indefensieve aard zijn. Nieuwe formatie- stelling een vacante functie zullen gaan ruimte kan door het aantrekken van nieu- vervullen, kunnen zij gedurende het we studierichtingen. Medewerkers kuii overbruggingstijdvak boven de reguliere nen via her- en omscholing in aanmer- formatie in dienst blijven c.q. reeds bij de king komen voor een interne herschik- andere instelling in dienst treden. king. Een andere belangrijke mogelijkheid die Die interne herschikking is ook mogelijk in de nota als beleidsinstrument wordt als er straks door contractresearch en opgevoerd is de "Arbeidstijdverkorbetaalde maatschappelijke dienstverle- ting/deeltijdarbeid". De vermindering ning extra formatieruimte bijkomt en van de personele bezetting van een werkvoor een aantal plaatsen in het kader van eenheid zou ook gerealiseerd kunnen de voorwaardelijke financiering. worden door een vrijwillige collectieve Rijk: "Die plaatsen kan je krijgen imii arbeidstijdverkorting voor medewerkers daar moet je goed onderzoek voor heb- van onderdelen van een werkeenheid of ben. Als je dat onderzoek weet te pre- de gehele werkeenheid, aldus de nota. senteren zodat het goedgekeurd en gefi- Maar dan moeten de betrokken werknenancierd wordt dan kan je nog heel wal mers (en de commissie personeelsoverplaatsen binnenhalen. We hebben opM leg) wel accoord zijn. Gedwongen cologenblik eigenlijk een post over vooi lectieve arbeidstijdverkorting is niet zonzo'n 22 plaatsen in de nabije toekomt der meer mogelijk omwille van de Misschien wordt dat iets minder oméij rechtspositie van de ambtenaar en waarer nog wat afgaat. Zeg maar, er zijn zo" schijnlijk ook niet wenselijk omwille de 20 plaatsen waar de faculteiten om km- concurrentie op de arbeidsmacht. Aan nen dingen. Faculteiten die in de groot- de TH-Delft pleiten de vier centrales van ste krimpsituatie komen zoals de sociolo- overheidspersoneel voor een tijdelijke gen, zullen het zo moeten aan boord tel- collectieve arbeidstijdverkorting wanneer gen dat ze voor de zittende mensen * mocht blijken dat de beschikbare soort projecten binnenhalen. Gedwon- beleidsinstrumenten niet voldoende zijn gen ontslagen voorkomen zal veelal el- om gedwongen ontslagen te voorkohangen van het feit of we die B-ruinttt men. weten te vullen." Delta, het blad van de TH schrijft: " W a n Een herziene en voor iedereen geldende neer na een jaar arbeidstijdverkorting de nevenwerkzaamhedenregeling kan ook TH nog niet uit de problemen is, dan vineen positieve bijdrage leveren aan het den de centrales een verlenging, van creëren van meer formatieruimte, aldus maximaal een jaar aanvaardbaar. Omdat arbeidstijdverkorting gepaard gaat met de nota. Nico Huyben: "Voor hoogleraren geto< een evenredige inlevering van het salaris, nu nog en afwijkende regeling, l^^"' willen de centrales de financiële achterneer er een eenduidiger regeling korw 'Jitgang van vooral laagst betaalden verwaarin meer dan in de huidige regeli^t zachten. Voorgesteld wordt om die tedenk ik - inkomsten terugvloeien iij * ^ijggang voor de laagste salarisschalen kas van de hogeschool dan creëer je of voor 100% te compenseren. Naarmate die manier ook financiën die je weer kunt de salarisschalen hoger worden neemt de compensatie af, om nul te worden bij benutten voor het aantrekken van tl) de hoogste". ke medewerkers." Een ander belangrijk element in hetsoci^ Eddie Vaes cente vergadering van de Commissi! Personeelsoverleg dat deze garantie "gtdeeltelijk wel een verbetering betekent, doch feitelijk een voorschot is op eei verslechtering ".
Bedoeling is dat de universiteiten en hogescholen in principe al hun vacatures bij dit bureau gaan aanmelden, alvorens die worden vrijgegeven voor externe werving. Gedurende een periode van een maand kijken de twee medewerkers van het IHB dan of er in het land 'met ontslag bedreigde' universitaire medewerkers zijn die aan de eisen van de vacante functie voldoen. Zo ja, dan krijgen die het recht om vooraf te solliciteren. Ze hebben dan het voordeel dat ze zich niet in een moordende concurrentie-slag hoeven te storten met tientallen of honderden mededingers van buiten het universitaire circuit. Het Interuniversitair Herplaatsingsbureau is gevestigd in het geografisch centrum van Nederland, hartje Utrecht in de Korte Jansstraat. Op het eerste gezicht zou men in deze typische winkelstraat geen universitaire burelen verwachten, maar dan blijkt een opgang naast een reisbureau via een steile trap toegang te verschaffen tot een ruimte die is vertimmerd tot kantoor. Hier huist naast het IHB ook een deel van de juridische afdeling van de Rijksuniversiteit Utrecht. Als ergens blijkt dat er bij de universiteiten echt niet meer af kan, is het hier wel. De argeloze bezoeker krijgt de indruk alsof de verbouwing het product is van een beunhaas, die zijn ervaring voornamelijk heeft opgedaan in dienst van twee malafide kamerverhuurders. Marijke Batteljee en Lex Bordes, de twee medewerkers van het IHB storen zich echter niet aan deze sobere omgeving. Juist prettig, zo midden in de stad, vinden beiden. Het bureau loopt al, kunnen ze met enige tevredenheid melden, al zijn er nog geen concrete resultaten. De eerste maanden brachten de gezamenlijke instellingen reeds een veertigtal vacatures in. Daar zitten zowel wetenschappelijke als technisch-administratieve functies tussen en de bijbehorende salarisschalen van 32 tot 148. In een tweede kaartenbak staan al vier 'met ontslag bedreigden' (in het jargon van de personeelsdiensten reeds kortweg aangeduid als mob's) geregistreerd: potentiële slachtoffers van een voorop lopende reorganisatie van de Utrechtse afdeling sociologie. In principe doen alle universiteiten en hogescholen mee aan het landelijke herplaatsingsbeleid, zij het dat de meesten een uitzondering maken voor openvallende doorstroomplaatsen en voor bepaalde hogere functies: onbezette leerstoelen en vacante plaatsen voor directeuren of 'zware' afdelingshoofden worden weliswaar aangemeld bij het IHB, maar de externe werving gaat gelijktijdig van start. Voor doorstromers heeft de IHBprodedure geen zin, voor de andere posten geldt dat de instellingen volledig
de vrije hand willen houden om 'the best and the brightest' te selecteren uit het hele potentiële aanbod. De meest vergaande uitzondering maakt de Rijksuniversiteit Limburg, die onverkort prioriteit wil blijven geven aan het interne 'promotiebeleid'. Wat wil zeggen dat de vacatures in Maastricht in de eerste plaats openstaan voor al het eigen personeel: niet alleen de met ontslag bedreigden (die heeft de RL als groeiuniversiteit trouwens niet), maar ook degenen die voor promotie in aanmerking (willen) komen. Het lokale carrièrebeleid gaat dus voor de landelijke solidariteit. 'De andere instellingen hebben veel bezwaar gemaakt tegen die houding, maar het argument van Maastricht was dat de open plaats in zo'n geval gewoon opschuift, zodat er uiteindelijk toch een vacature in Utrecht aan te melden valt', vertelt de heer Akkerman, personeelsfunctionaris in Utrecht en lid van de commissie van toezicht van het IHB. De Open Universiteit heeft het gezamenlijk herplaatsingsbesluit nog niet ondertekend, maar is in december van het vorig jaar wel daarvoor benaderd. Akkerman verwacht dat ook die instelling binnenkort mee zal doen. De Open Universiteit is uiteraard een aantrekkelijke partner, omdat daar nog ruimte is voor nieuwe medewerkers. 'In elk geval verwachten we van die kant geen lijst van met ontslag bedreigden'. De herplaatsingsprocedure is bij de meeste instellingen als volgt: bij het openvallen van een plaats wordt eerst gedurende een periode van twee weken gekeken of de betreffende vacature intern door een mob kan worden vervuld. Is dat niet het geval, dan gaat de vacature naar Utrecht, waar per computer naar geschikte landelijke kandidaten wordt gezocht. Als dat succes heeft, volgt een normale sollicitatieprocedure, waarbij de sollicitant wel het voordeel heeft dat er nog geen kapers op de kust zijn. Het voorrangsrecht van de mob's is alleen een voorrang in de tijd. Men kan formeel geen extra rechten claimen. Iemand die aan alle functievereisten voldoet kan eventueel toch afgewezen worden. Wel kan men in zo'n geval bij het eigen bestuurscollege aankloppen, dat op zijn beurt naar de geschillencommissie van het IHB kan stappen om de zaak van zijn werknemer te bepleiten. Die geschillencommissie, waarin naast afgevaardigden van de bestuurscolleges ook vakbondsvertegenwoordigers zitting zouden moeten krijgen, bestaat echter op het ogenblik nog niet. Een brief naar de vakbonden met de vraag vertegenwoordigers te benoemen voor de geschillencommissies is onlangs uitgegaan. De bonden zullen echter ze-
ker niet meteen positief reageren. AbvaKabo-woordvoerder Arie Verhagen: " D a t we er zondermeer in gaan zitten is uitgesloten. Wij vinden dat die geschillenregeling geen enkele zekerheid biedt, zolang je niet als individu in beroep kan gaan. Er is nu geen mogelijkheid om je college te overrulen, en dat zou toch zeker moeten kunnen wil er sprake zijn van enige rechtszekerheid. Bovendien, zelfs als je gelijk krijgt van die commissie blijft het in de praktijk een wassen neus. Als er bijvoorbeeld plotseling nieuwe functieeisen worden gesteld, is er niemand die kan zeggen: je doet het er o m , want je wilt juist die persoon niet hebben. Wij vinden dat de geschillen wettelijk via het ministerie moeten worden geregeld. Daarover willen we eerst nog eens met de gezamenlijke colleges gaan praten. W e zijn in elk geval niet van plan om nu medeverantwoordelijk te worden'. De vakbonden vinden bovendien die hele voorrangsregeling te zwak en verwachten eigenlijk weinig van het herplaatsingsbureau. De medewerkers van het IHB denken daar uiteraard,anders over. 'Ik denk dat het goed gaat lopen', zegt Lex Bordes, 'zakelijk gezien zal het zoden aan de dijk zetten, de resultaten die je tot stand brengt werken kostenbesparend. Uit de contacten die wij met de instellingen hebben blijkt dat er overal een positief intentie is om er iets van te maken. Maar er zijn natuurlijk factoren die in ons nadeel kunnen werken. Veel hangt bijvoorbeeld af van de bereidheid van de mensen om te verhuizen en ook zal het image dat we krijgen een rol spelen. Er is een kans dat we op een gegeven moment, als het niet goed loopt, worden gezien als een kneuzen-bureau, waar je alleen mensen aanmeldt die je niet op een andere manier kan helpen. Door snel en effectief te werken, door goede banen en goede sollicitanten in huis te hebben, moeten w e dat voorkomen'. Jos Spekman/UP
CvB-lid Martin Rijk
3 februari 1984
TER BERDE
Macht en wanorde in de Sinds de invoering van de WUB zijn studenten vertegenwoordigd in de verschillende raden en kommissies van de Hogeschool. Dit artikel poogt van binnenuit een beeld te schetsen van de manier van werken in zo'n raad. Het is geschreven door de Progressieve Ekonomen Fractie van de Fakulteit der Ekonomische wetenschappen. Ieder student{e) die naast zijn/haar studie zich weleens heeft beziggehouden met bestuurlijke aktiviteiten binnen de Hogeschool, zal wel hebben gemerkt dat het niet altijd even eenvoudig is om met wetenschappelijk personeel samen te werken. Hier geldt voornamelijk: hoe groter het aanzien van de wetenschapper is, des te minder kun je spreken van samenwerking. Nu is het zo dat, in tegenstelling tot studenten, het wetenschappelijk personeel verplicht is om naast zijn/haar wetenschappelijke carrière enkele bestuurlijke taken op zich te nemen. De wetenschapper echter wil in 9 van de 10 gevallen alleen wetenschap bedrijven, en ziet de bestuurlijke taak als een noodzakelijk kwaad. Ze willen hun werkzaamheden op dat gebied tot een minimum beperkt zien. Ook speelt in de ogen van het wetenschappelijk personeel het volgende mee: het minder ervaren zijn van de studenten in bestuurlijke functies, belemmert volgens hen de soepele voortgang van vele onderwerpen. Bovendien wordt de mythe in stand gehouden, dat het tijdelijk verblijf van de studenten op de Hogeschool zou leiden tot onverantwoordelijk gedrag, waardoor ze niet in staat zouden zijn mee te beslissen over belangrijke zaken, die trouwens toch beter in de wandelgangen dan in de vergaderzaal kunnen worden besproken. Dit heeft dus tot logisch gevolg een naar arrogantie neigende houding die gepaard gaat met een gebrek aan respect jegens studenten. Hoe uiten deze zaken zich op fakulteitsnivo? Wij willen onze ervaring als studentenfraktie binnen de ekonomische fakulteit nader toelichten. Allereerst een overzicht van de samenstelling van de fakulteitsraad. Deze raad wordt voorgezeten door de dekaan de Hr. van de Klundert, geassisteerd door de secretaris Janssen, die zich als beroepsbestuurder full time met bestuurlijke zaken bezighoudt en zodoende van alles op de hoogte is. Hij is wat betreft zijn kennis van de ekonomische fakulteit de belangrijkste man, hetgeen hij met perfecte mime-kunst tijdens de vergaderingen laat merken. De raad is verdeeld in verschillende fracties en individuen. De studentenfracties zijn wij en de VES, resp. een progressieve en gematigde fractie. Er is een fractie van het wetenschappelijk personeel: PS'80. De andere leden van het wetenschappelijk personeel in de raad spreken 'a titre personel', of uit hoofde van het bestuur. Begin oktober kwam het bestuur met een notitie waarin het een schets gaf van het beleid dat het onder aanvoering van de kersverse dekaan zou gaan voeren. Hierin werd o.a. het volgende uitgangspunt beleden: de leefbaarheid in de fakulteit moest worden bevorderd door respect, loyale medewerking aan procedures, flexibiliteit, mobiliteit en het dragen van gezamenlijke verantwoordelijkheid. Voorwaar een uiterst Tilburgs Hogeschoolblad
nobel streven. Hoe valt dit nobel streven nu te vertalen naar de raad toe? De argeloze lezer zal denken aan zaken als: respect voor eikaars standpunten, soepelheid in het omgaan met raadsleden, en een omgang met regels en procedures, die in zoverre van flexibiliteit en mobiliteit blijk geeft, dat de ideeën achter die regels recht wordt gedaan.
Het zal duidelijk zijn dat wij als studentraadsleden verenigd in de PEF, niet vinden dat het bestuur van de FEW in de praktijk hieraan voldoet. Wij zullen U eens een schets geven: Stel, een studentenfractie heeft een drietal moties, die ze aan bod wil brengen in een vergadering, te weten, een motie die het slecht uitvoeren van een eerdere motie betreft, een motie die de invulling van studie-belasting-eenheden betreft (na 3 jaar met sb's te hebben gewerkt wilden de studenten toch eens weten wat een sb inhoudt) en ten slotte één over een zaak die toen net aktueel was (een motie van afkeuring over de gevolgde procedure bij de Farla-soUicitatie op de Theologische fakulteit). Stel nu, dat deze moties pas ter vergadering worden ingebracht (hetgeen mag volgens artikel 3, 4 van het fakulteitsreglement). Hoe zullen nu de voornoemde nobele strevens van het bestuur zich uiten?
De strevens bleken niet zó nobel te zijn, want wat gebeurde er: op de eerste plaats weigerde het bestuur deze punten te behandelen, met als argument dat de overige leden van de raad zich niet in de problemen hadden kunnen verdiepen (hierop komen we later nog terug). Deze nieuwe strategie in de strijd tegen de studenten miste haar uitwerking niet. De studenten stelden de behandeling van de moties uit, doch slechts nadat het bestuur had gezegd ze de volgende vergadering te agenderen. Die volgende vergadering werd een verhaal apart. Oorspronkelijk was deze gepland op 10 november. Nog in oktober kregen alle leden bericht dat de vergadering verschoven was naar 17 november. Dit is belangrijk omdat agendapunten (volgens het bestuur) 8 dagen voor de vergadering ingediend behoren te worden. De studenten voelden de bui al hangen en besloten om op 7 november de agendapunten zélf
konomische fakulteitsraad TE BERDE
te gaan indienen. Wie schetst hun verbazing als op zaterdag 5 november het bericht komt dat de vergadering toch op 10 november zal worden gehouden. Op 7 november dienen de studenten vervolgens toch maar hun punten in, omdat ze door het bestuur niet op de agenda waren geplaatst, met het verzoek ze toch te behandelen, met als clausule om desnoods op 17 november een extra vergadering in te lassen (hetgeen kan volgens artikel 2.3 van het reglement). Uiteindelijk bleek door de halsstarrige houding van het bestuur deze extra vergadering nodig. Toen zijn alle voorstellen als vanzelfsprekend met ruime meerderheid aangenomen. Op deze vergadering diende zich het volgende punt aan: de reis van prof. Van Veen naar ZuidAfrika. Voor de volgende vergadering dienden de studenten een motie hierover in, en wel 8 dagen voor die vergadering, ruim op tijd om de motie mee te kunnen sturen met de andere raadsstukken. Enkele dagen voor de vergadering moesten de studenten echter nog gaan aandringen om deze motie onder de leden te laten verspreiden. Zo zeer is het bestuur dus bezorgd over de voorbereiding van de
Gezond leven In het kader van het Post-Akademisch Onderwijs (PAO) verzorgt de KHT de cursus "Programma's voor gezonde leefwijze". Deze wordt georganiseerd door de vakgroep Welzijnssociologie van de KHT in samenwerking met de Projektgroep Zelfhulp Tilburg en de afdeling Huisartsgeneeskunde van de Universitaire Instelling Antwerpen. De cursus heeft twee doelstellingen. Op de eerste plaats een overzicht geven van alle in de moderne samenleving opererende programma's voor gezonde leefwijze. En het aanreiken van theoretische kaders waarmee dit soort programma's kunnen worden bestudeerd. Uit onderzoek blijkt dat alle nu bestaande programma's eenzijdig en veelal fragmentarisch zijn. Om de gezondheid fundamenteel te kunnen beïnvloeden is een meer omvattende, integrale aanpak vereist. Cursuscoördinator drs. R. Lafaille: "hulpverleners vergalopperen zich vaak in specifieke technieken. Het aanleren van een bepaalde techniek, bijvoorbeeld een ontspanningsoefening, kan een noodzakelijke voorwaarde zijn voor vooruitgang maar is vaak geen voldoende voorwaarden. In deze cursus wordt bekeken hoe bestaande programma's geïntegreerd kunnen worden om een gezonde leefwijze te verwezenlijken. " Lafaille duldt op leefwijze als belangrijkste determinant van gezondheid: "de literatuur wijst steeds vaker op het belang van deze factor terwijl er in de praktijk nauwelijks aan gewerkt wordt." Op de tweede plaats zullen een aantal thema's op het vlak van de gezonde leefwijze besproken en ingeoefend worden. Zo wordt aandacht besteed aan lichaamshouding en -bewustzijn, gezonde
overige raadsleden. Overigens is ook deze motie met ruime meerderheid aangenomen, wat inhoudt dat de ekonomische fakulteit geen financiële of andere medewerking meer verleent aan reizen naar Zuid-Afrika. Uit het bovenstaande blijkt een eerste vereiste voor studentleden in de raad, naast een olifantenhuid: het goed thuis zijn in de reglementen, zoals het bestuur die, flexibel naar één kant, hanteert. Waarom zijn wij studentleden nu nog niet opgenomen in een inrichting? Het antwoord is simpel: we vormen een machtsblok met de enige fractie van wetenschappelijk personeel, PS '80, waarmee wel flexibel en met respect voor elkaars standpunt om valt te gaan en wiens ideeën bovendien niet ver van de onze liggen. Zo hebben we toch verschillende belangrijke punten kunnen bereiken in de raad, door tijdens de vergaderingen als één blok met PS '80 op te treden tegenover het bestuur. Dit is volgens ons de enige manier om iets te bereiken. Met argumenten bereik je niets, omdat het bestuur de raad ziet als een hindernis die genomen moet worden om als bekokstoofde ideeën er door de drukken... Een bijkomende frustratie voor studentleden is het gebrek aan belangstelling van de achterban. Als U als student echter zover bent gekomen met dit artikel, dan weten wij nog wel een kommissie voor U, voor wat vingeroefeningen, waarna U het volgend jaar uw kunsten in de fakulteitsraad kunt gaan vertonen. voeding, adembewustwording, ontspannen, omgaan met emoties, het opbouwen van open en constructieve relaties, zingeving en de relatie tussen programma's voor gezonde leefwijze en de gezondheidszorg. Lafaille over het laatste thema: "de gezondheidszorg propageert gezonde leefwijze maar werkt dit geheel niet uit. De mensen worden niet geleerd hoe je op een gezonde manier kunt leven. Wij gaan uit van de concrete utopie: samenleving zonder ziekte. Om dit te kunnen bereiken moet je de nadruk leggen op preventie." Preventie is optimaal als een gezonde leefwijze basis is. Aan elk thema wordt drie uur besteed. Anderhalf uur theoretische Inleiding, anderhalf uur met de cursisten de materie bespreken en inoefenen. De cursus is vooral bedoeld voor degenen die werkzaam zijn in de hulpverlening en een hogere opleiding gevolgd hebben (universiteit en h.b.o.). Zij richt zich met name op de beroepsgroepen: preventiewerkers, artsen, maatschappelijk werkers, psychotherapeuten, sociaal verpleegkundigen, fysiotherapeuten e.d. Tot de cursus kunnen maximaal dertig personen toegelaten worden. Bij grote belangstelling zal de stuurgroep bezien of op latere datum een herhalingscursus kan worden georganiseerd. De cursus zal gegeven worden aan de KHT. Op dinsdagavond 7 februari 1984, 19.3021.00 uur is er 'n eerste kennismakingsbijeenkomst. Op vijf achtereenvolgende vrijdagen, van 24 februari tot en met 23 maart 1984, telkens van 14.00-22.00 uur, vindt de eigenlijke cursus plaats. Nadere Informatie wordt verstrekt door drs. Robert Lafaille van de vakgroep Welzijnssociologie, tel. 013-662554 of via de afdeling Pers en Voorlichting, Maurice Ackermans, tel. 662004. E. v.d. O. , 3 februari 1984
i
TE BERDE
Teveel werk moet blijven liggen
Wetenschapswinkel zoekt nieuwe vrijwilligers Mensen die in het verleden onderzoek verricht hebben voor de Wetenschapswinkel, kunnen binnenkort een oproep verwachten om vrijwilliger te worden. Ook andere Hogeschoolstudenten zullen in de komende tijd meer horen van de WeWi. De Wetenschapswinkel is namelijk met een publiciteitscampagne gestart, die moet leiden tot een aanwas van nieuwe vrijwilligers. Bart Linders en Wim Koevoets, beiden al geruime tijd actief bij de WeWi, praten over vrijwilligerswerk bij dit instituut. "Het is niet alleen heel nuttig werk, maar het kan tevens een extra stimulans vormen voor je eigen studie". Wetenschapswinkels zijn een uitvloeisel van de studentenbeweging in de zestiger en zeventiger jaren. Zij zijn ontstaan op initiatief van studenten en docenten, die hun studie en werk zinvoller wilden laten aansluiten bij belangrijke maatschappelijke problemen. Mensen en groepen uit de samenleving, die zelf niet over de middelen en kennis beschikken kunnen bij de WeWi onderzoek laten verrichten. De Wetenschapswinkel Tilburg werd opgericht in 1980. Sinds één jaar is de WeWi officieel erkend als instituut van de Katholieke Hogeschool Tilburg. De Tilburgse WeWi heeft drie vaste krachten in dienst, maar een aanzienlijk deel van het werk wordt verricht door vrijwilligers. En juist daaraan heeft het instituut nu een groot gebrek. Op dit moment telt de WeWi slechts enkele actieve vrijwilligers. Bart Linders, economiestudent, en Wim Koevoets, psychologiestudent, zijn er twee van. Volgens hen blijft er nu veel werk liggen, omdat er te weinig menskracht is. Hoe komt het dat er op de Hogeschool, waar toch zo'n zesduizend mensen een studie volgen, zo weinig animo is voor vrijwilligerswerk? Wim Koevoets: "Dat ligt aan een aantal factoren. Bijvoorbeeld aan de tweefasenstructuur. Die heeft gezorgd voor een aanzienlijke studieverzwaring. Studenten richten zich nu meer op hun studie, met als gevolg dat ze minder aan nevenactiviteiten doen. De twee-fasenstructuur heeft ook invloed op mensen die er net voor zitten. Die zijn bang studieachterstand op te lopen en zodoende straks toch binnen de nieuwe opzet te vallen. Daarnaast zie ik een tendens dat veel mensen niet meer geloven in het alternatief en maatschappij kritisch bezig zijn. Ze zien er de zin niet meer van in". Bart Linders: "Wat natuurlijk ook belangrijk is, is dat de meeste studenten weinig bekend zijn met het werk van de WeWi. Het is hen niet helemaal duidelijk wat de WeWi nu eigenlijk doet". Grijp dan nu je kans. Wat doet de WeWi precies? W.K.: "De WeWi probeert onderzoek te laten verrichten voor kansarmen in de samenleving. Onder kansarmen versta ik mensen, die geen geld hebben om onderzoek te laten verrichten en die geen mogelijkheden hebben om via de gangbare wegen kennis op te doen op de Hogeschool. De WeWi brengt vragen van deze groepen over naar wetenschappers, die er dan mee aan de slag gaan. De vrijwilligers vervullen daarbij een belangrijke rol. Zij zijn bemiddelaars. Ze moeten de vraag van zo'n groepering wetenschappelijk vertalen en proberen er vakgroepen of andere onderzoeksinstituten van de Hogeschool voor te interesseren. Tilburgs Hogeschoolblad
De vrijwilliger functioneert dus eigenlijk als een soort intermediair tussen de klant en de onderzoeker. Is het onderzoek uiteindelijk verricht, dan moet de vrijwilliger erop toezien dat het rapport op een goede manier gepubliceerd wordt en dat eventuele aanbevelingen en suggesties ook daadwerkelijk uitgevoerd worden."
Wetenschapswinkel vraagt onderzoekers Naast het feit dat de WeWi op zoek is naar vrijwilligers voor het draaiend houden van de winkel als zodanig, is zij tevens op zoek naar onderzoekers voor diverse onderzoeken en projecten. Voor studenten een ideale gelegenheid om practisch en nuttig onderzoek te verrichten in combinatie met de studie. Natuurlijk zijn ook wetenschappelijk medewerkers van harte welkom om op deze oproep te reageren. Vragen Onderzoek: Vestigingswet Aanvrager: Buro Kleinschalig Werk Onderwerp: Enkele van de problemen die kunnen opdoemen bij het realiseren van een nieuw intitiatief van enthousiaste mensen om hun eigen werkgelegenheid te creëren worden gevormd door de eisen die gesteld worden in de vestigingswet. Hoe zit deze in elkaar, wat zijn de formele rechtsgangen, wat zijn de ontheffingsmogelijkheden en hoe moeten deze aangekaart worden etc. Wie: Wellicht een mooi stukje werk voor afstudeerders in het vak Handelsrecht. Onderzoek: Gescheiden afvalinzameling Aanvrager: Brabantse Milieu Federatie Onderwerp: Via de Wetenschapswinkel is reeds onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van papier-inzameling, maar onderzoek ontbreekt nog naar andere afvalstoffen in de regio Tilburg. Wie: Interessant wellicht voor studenten die zich bezig houden met regionale economie. Project: De crisis op buurtnivo Aanvrager: de Nachtegaal, Mensen zonder Werk, Wijkkrant Wandelbos, Ombudswinkel Helmond. Onderwerp: Er zijn genoeg mensen die op buurtnivo iets tegen de crisis en haar gevolgen willen doen. Waar blijven de wetenschappers om hen hierin te ondersteunen. Wie: De Wetenschapswinkel wil met buurtgroepen en wetenschappers studenten overleggen op welke wijze deze buurtinitiatieven vanuit de Hogeschool ondersteund kunnen worden. Onderzoek: Drugspreventie Aanvrager: Voorlichtingsproject drugspreventie Tilburg Onderwerp: Wat zijn de subculturele verschillen onder jongeren in hun houding ten aanzien van drugs (waar onder alcohol) en welke plaats hebben verschillende vormen van drugsgebruik binnen verschillende jongerengroepen. Vervolgens is dan de vraag welke voorlichtingsstrategieën zijn wel en welke zijn niet te gebruiken bij de benadering van deze verschillende jongerengroepen. Onze gedachten gaan met name uit naar Psychologie en Sociologie studenten/medeWie: werkers. Project: Zorg voor Ouderen Aanvrager: o.a. Stichting Bejaardenzorg Tilburg, Eerste Lijnhulpdiensten Bejaardenraad Terheijden, Emancipatieraad Bejaarden Oisterwijk Onderwerp: Relatief veel vragen zijn binnengekomen op het gebied van de leefsituatie van ouderen en de ouderenzorg. De vragen bestrijken een breed terrein, dit vereist een projectmatige aanpak. Wie: Wij zoeken mensen die mee willen werken in deze projectgroep en interesse tonen voor verrichten van onderzoek op dit gebied. Onderzoek: Transportwereld Aanvrager: Bureau Kleinschalig Werk Onderwerp: De vraag is om een beeld te schetsen van de transportwereld vanuit het gezichtspunt van de nieuwkomer op die markt. Voor welke drempels komt hij te staan en hoe kunnen die het beste overwonnen worden. Wie: De Wetenschapswinkel is op zoek naar met name economiestudenten die deze vraag willen oppikken in het kader van hun afstuderen. Heb je interesse in bovenstaande vragen, aarzel dan niet te lang en stap binnen of bel op (B209, tel: 013-662645), dan kan gezamenlijk bekeken worden op welke wijze het onderzoek valt in te passen in je lesprogramma of je ondersteuning verlenen bij het opzetten van het onderzoek.
TE BERDE
Dat vrijwilligerswerk lijkt me nu niet bepaald een makkelijke klus. Waarom doen jullie het? Wat is het aantrekkelijke ervan? Bart Linders: "Het is heel nuttig werk. Het vormt een inhoudelijke aanvulling op je studie. Ik doe dit werk nu zo'n anderhalf jaar, omdat ik praktisch bezig wil zijn. Door directe hulp te bieden aan mensen, beteken je meer voor ze, dan wanneer je ergens op een kamertje alleen maar een brok abstracte kennis opdoet. Het mes snijdt bovendien aan twee kanten, want je kunt ook studenten helpen een studie-opdracht uit te voeren, die aansluit op de theorie". W.K.: "Het is ontzettend leerzaam. Je moet in staat zijn om vaak vage vragen uit de praktijk zo te formuleren dat ze onderzoekbaar worden voor wetenschappers. Je bent nauw betrokken bij de opzet van het onderzoek, de evaluatie ervan en bij het richting geven aan de uitwerking van de wetenschappelijke resultaten. Je kunt zeggen dat je door dit werk in het algemeen een beter inzicht krijgt op de mogelijke verbanden tussen wetenschapsbeoefening, maatschappelijke problemen en oplossingen daarvoor. Bovendien kan dit werk een extra stimulans zijn voor je studie. Je krijgt een beter zicht op de zin van je studie en het vergaren van kennis." Rob Cobben Mensen die geïnteresseerd zijn of die zich willen aanmelden als vrijwilliger kunnen terecht bij: Wetenschapswinkelgroep Tilburg, p / a Hogeschoollaan 225, B 209, Tilburg, tel. 013-662645.
WeWi onderzoekt Baanlozencentrum De wetenschapswinkel van de KHT onderzocht bij een veertigtal bezoekers van het Baanlozencentrum Tilburg hun beleving van werken en niet werken en hun ervaringen met het Baanlozencentrum. Uit het onderzoek blijkt nogmaals hoe diep werkloosheid Ingrijpt in het leven van werklozen en hun directe omgeving. De geïnterviewde bezoekers van het Baanlozencentrum klagen over de houding van de leiding van het Centrum. In de interactie tussen hen en de leiding van het Centrum herkennen ze de autoritaire verhoudingen die ook vaak In werksituaties bestaan. De weinige Initiatieven die bij de bezoekers ontstaan vinden nauwelijks weerklank bij de leiding. Het onderzoeksverslag stelt dat de bezoekers weinig kans wordt geboden het leven opnieuw te struktureren, waardoor de door 't Centrum nagestreefde veranderingen mislukken. De wetenschapswinkel geeft dan ook suggesties voor een andere organisatie van het Centrum. De autoritaire, leidinggevende houding van de leiding moet veranderen in een stimulerende, begeleidende houding, waarbij het bieden van materiële en Immateriële faciliteiten voorop staat. Het Centrum mag de Initiatieven van baanloze bezoekers niet opvatten als een bedreiging voor het eigen beleid, maar als een uiting van gewenste veranderingen. ^ ^ 3 februari 1984
b P boekhandel pillot
Visfestival 1984 een keur van zeeverse visgerechten die wij bijzonder aanbevelen.
Heuvel 32-5038 CP Tilburg-tel. 013-426252/425218.
Uit voorraad leverbaar:
Dagelijks een speciaal
VISMENU prijs/55,-
RECHTEN Brahn
Zwaartepunten van het Nieuwe Huwelijksvermogensrecht Bregstein Verzameld werk Zeben Arresten Burgerlijk Recht Schie Hoofdlijnen Belastingrecht Kluwerpocket Belastingwetten 15e druk verschijnt feb./mrt. 1984 Breedveld Grondwet in kort Bestek Andriessen Economie in Theorie en Praktijk Hartkamp Aard en Opzet van het Nieuwe Vermogensrecht Mohr Van Maatschap VOF en CV Schilfgaarde Van NV en BV 5e druk, verschijnt jan. '84 Asser Rechtspersoon 2-11 V. Wijk Hoofdstukken Administratief Recht Burg Rechtsbescherming tegen de Overheid Pot/Donner Handboek Ned. Staatsrecht Algra Inleiding tot het Nieuw Burg. Recht Kluwer Pocket Rechtspersonen BW/Nieuw BW Vermande
15,65 30,80 22,95 48,95 67,15 49,95 21,20 70,15 76,50 26,32,80
ECONOMIE Schieman Schieman Oldendorff
Beheersing van Bedrijfsprocessen 20 cases bij beheersing Organisatie van Samenwerking in het Bedrijf
36,35 28,75 26,50
Wijsgerige sociale verkenningen Filosofie en intersubjectiviteit
54,25 35,10
FILOSOFIE Beerling Korthals
Voor nadere inlichtingen en/of reservering restaurant
65,90 34,00 65,10 39,90
Oranjestraat 4, Tilburg-Centrum (tussen Paleisring en Emmastraat) Tel. 013-434512-674394 Donderdag rustdag.
Kollektief Autoverzekeringskontrakt voor de K.H.T. W.A. Verzekering geen eigen risiico Gewicht t / m
Kaslto Verzei<ering eigen risiico f 200,—
Bruto premie
750 kg 850 kg 950 kg 1050 kg 1150 kg 1250 kg
279,06 318,92 358,79 398,65 438,52 478,38
Overname no-claimkorting tot 70%. Groene kaart gratis. Maandelijkse betaling zonder kostentoeslag mogelijk.
Oorspr. Cat. prijs incl. BTW tot: f 10.000,/ 14.000,f 16.000,f 18.000,f20.000,f25.000,-
Bruto premie
Vraag naar onze circulaire i.v.m. andere kollektleve kontrakten t.b.v. K.H.T.-personeel
ASSURANTIEBEDRIJF STRICK Postbus 63 - 5000 AB Tilburg - telefoon: 013-423620Âť
EEN FANTASTISCHE AANBIEDING!! Wij hebben een grote partij boeken van het SPECTRUM tegen spotprijzen kunnen kopen. En met groot genoegen bieden we ze ook U aan. Haast U, op is op!!
Brinkgreve Buytendijk Doel Erikson Erikson Groot Heertje Hutt Huusen Janse Nuchelmans Parker Parreren Rademaker Rademaker Rosenstiel Seyle Wijmen
Sociologie van de psychotherapie, 2 din Algemene theorie der menselijke houding en beweging Het biefstuksocialisme en de economie Het kind en de samenleving Spel en visie Documentaire dienstverlening De magische vijfhoek Mannen en vrouwen Historici van de twintigste eeuw Middeleeuwse geschiedenis der Nederlanden Overzicht van de analytische wijsbegeerte De Nederlandse opstand Effectief studeren Sociologische encyclopedie, 4 dIn Sociale Problemen, 2 dIn Inleiding tot de organisatiepsychologie Stress De ondernemingsraad Hoofdfiguren uit de sociologie, deel 3 Hoofdstukken uit de sociologie
nieuwe prijs 9,00 6,50 1,50 2,50 2,50 1,00 3,00 2,50 12,50 4,50 3,75 8,50 1,50 12,50 10,00 2,50 1,50 1,50 2,00 2,50
f255,14 f382,70 f446,49 f 510,27 f 574,06 f698,34
oude prijs 20,80 14,90 19,90 9,90 11,60 14,90 12,55 11,50 39,90 9,90 9,90 19,90 7,90 59,60 39,80 14,90 21,10 14,90 14,25 14,90
boekhandel gianotten b.v. studentenboekhandel Prof. Verbernelaan 20. (Onder de 5e studentenflat)/Heuvelpoort 359
MEDEDELINGEN
VERKIEZINGEN 1984 Het Stembureau brengt ter openbare kennis: De zittingstermijn van de student-leden van de Hogeschoolraad eindigt op 1 juni 1984. De zittingstermijn van alle leden van de (sub) faculteitsraden eindigt per 1 september 1984. Met het oog op de vervanging van bedoelde raadsleden zullen in de periode van 10 februari tot en met 2 mei 1984 algemene verkiezingen worden gehouden. Onderstaand volgt een overzicht van de procedure voorzover voor de kiezers van belang. Als alles verloopt zoals het hoort, hoeft de keizer ten hoogste drie keer in actie te komen: voor de verificatie van het kiezersregister, voor de kandidaatsstelling en voor de stemming. Op 10 februari 1984 wordt het kiezersregister vastgesteld; vanaf deze dag ligt het ter inzage van 09.00 uur tot 17.00 uur in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. Voor avondstudenten is er de gelegenheid om na 17.00 uur het register bij de balie van gebouw B in te zien. ledere kiezer is bevoegd t/m 17 februari schriftelijk aan het Stembureau kamer B 1115, Postbus 90153, 5000 LE Tilburg, verbeteringen van het register aan te vragen, indien hij/zij van mening is dat hij/zij zelf of een andere persoon niet, of nietbehoorlijk, dan wel ten onrechte in het register is opgenomen. Verzoeken om verbetering en ambtshalve verbetering van het register liggen t/m 24 februari ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw 8. T/m 24 februari, 17.00 uur, is er gelegenheid tot schriftelijke tegenspraak op verzoeken om verbetering en ambtshalve verbeteringen bij het stembureau. Op 24 februari te 17.15 uur beslist het stembureau op de verzoeken om verbetering. Het genomen besluit wordt ter inzage gelegd in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan t/m 2 maart in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. Op 12 en 13 maart is er van 09.00 tot 17.00 uur in kamer B 1115 gelegenheid tot kandidaatstelling. Formulieren voor de kandidaatstelling zijn vanaf 27 februari verkrijgbaar in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. Voor avondstudenten is er nog een
N i e u w in T i l b u r g :
CAFÉ ONBEKEND Wij serveren biologische wijn. Regelmatig live-muziek. Wilhelminapark 24 Tel. 013-366503 Tilburgs Hogeschoolblad
gelegenheid om op 12 en 13 maart na 17.00 uur bij de balie deze formulieren in te leveren. Op 13 maart te 17.00 uur onderzoekt het stembureau de kandidatenlijsten en geeft van eventuele verzuimen kennis aan degene die de kandidatenlijst heeft ingeleverd. T/m 21 maart, 17.00 uur is er gelegenheid tot herstel van de verzuimen op de in het kiesreglement voorgeschreven wijze, waarvan aan de betrokkenen door het stembureau mededeling zal worden gedaan. Op 22 maart om 14.00 uur beslist het stembureau in een openbare zitting in CZ 103 van gebouw C over de geldigheid van de kandidatenlijsten en over de handhaving van de daarop voorkomende kandidaten. Onmiddellijk na de zitting op 22 maart legt het stembureau zijn besluit over de geldigheid der kandidatenlijsten en over de handhaving- der daarop voorkomende kandidaten ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan t/m 29 maart tegen het besluit van het stembureau schriftelijk in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. De aan de kiezers toegezonden stembiljetten moeten op 13 april om 17.00 uur in het bezit van het stembureau zijn. Op 16 april vindt in de Portrettenzaal het openen van de eveloppen plaats in een openbare zitting, en wel van 09.00 tot 17.00 uur. Op 17 en 18 april (voorzover nodig) vindt in B 602 het opmaken van de uitslag plaats in een openbare zitting en wel van 09.00 uur tot 17.00 uur. Op 19 april des middags om 14.00 uur stelt het stembureau in een openbare zitting in CZ 103 het procesverbaal van de uitslag vast en legt het afschrift van het procesverbaal ter inzage in het Voorlichtingscentrum in gebouw B. ledere kiezer kan binnen 5 dagen nadien schriftelijk in beroep komen bij de Universitaire Kiesraad. Attentie Voor de verkiezingen van de Hogeschoolraad vermeldt het register studenten die meer dan bij een (sub)faculteit zijn ingeschreven, alleen bij de grootste van de betrokken (sub)faculteiten, tenzij zij vóór de peildatum 10 februari aan het stembureau te kennen hebben gegeven, in welke van de betrokken kieseenheid zij het kiesrecht wensen uit te oefenen. Personeelsleden die tevens zijn ingeschreven als student worden ingedeeld als personeelslid. Zij kunnen aan het stehmbureau, kamer B 1115, Postbus 90153, 5000 LE Tilburg vóór
10 februari schriftelijk mededelen dat zij als student het kiesrecht willen uitoefenen. Wetenschappelijke ambtenaren zullen door het stembureau slechts voor het kiezersregister worden aangemerkt als wetenschappelijk personeel, indien zij wetenschappelijk onderzoek verrichten of wetenschappelijk onderwijs geven, dat deel uitmaakt van een facultair onderzoek/ onderwijs programma. Voor informatie kunt U terecht op het mededelingenbord in het Voorlichtingscentrum. In het Voorlichtingscentrum ligt een exemplaar van het Kiesreglement. Het Stembureau, secretariaat Mr. J. Backbier, tel. 662248. POSTACADEMISCH ONDERWIJS SOCIALE WETENSCHAPPEN (PAOS) Het programma 1984 van het postacademisch onderwijs sociale wetenschappen is onlangs verschenen. Het bevat korte aankondigingen van enkele tientallen cursusactiviteiten, en is verkrijgbaar bij het Centraal Bureau PAOS, Stationsweg 46, 2312 AV LEIDEN. Tel.: 071-148333, tst. 2442.
BESTUURUJKE INFORMATIEKUNDE, WISKUNDE, 2e JAARS Het college Wiskunde A zal gegeven worden aan de hand van het boek: Notes on Introductory Combinatorics, G. Po'lya, R. Tarjan en D. Woods. (Indien toegestaan) Dit boek ligt bij Boekhandel Gianotten op voorraad.
De casuscolleges (door mevr. mr. J. de Vries) lopen vanaf 21 maart a.s. in AZ 115 van 8.30-9.30 uur. RECHTSFILOSOFIE Voor hen die in november niet in de gelegenheid waren: gedurende de maand februari is bij het dictatenmagazijn het boek van A. Rieter "Het Beginsel van de Moderne Staten" nog voor de gereduceerde prijs van ^ 40,— te koop.
Eg
T^'d^-
DOCTORAALCOLLEGES MATERIAAL STRAFRECHT (STRAFRECHT II) De hoorcolleges vangen aan op dinsdag 31 januari (13.30-15.30 uur) in Az 115. De werkcolleges vangen eveneens aan op dinsdag 31 januari a.s. De nieuwe groepsindeling luidt als volgt: groep 1: 10.30-12.30 u. inzaai AZ 111 groep 2: 10.30-12.30 u. in zaal AZ 113 groep3: 8.30-10.30u. inzaai AZ215 groep 4: 15.30-17.30 u. in zaal CZ 214 groep 5: 8.30-10.30 u. in zaal CZ214 groep 6: komt te vervallen.
DOCTORAAL WIJSBEGEERTE VAN HET ECONOMISCH WETENSCHAPSBELEID De werkgroep maatschappijfilosofie van dr. F. van Doorne vindt plaats op donderdag van 9.30-12.30 uur in CZ 216 en niet in AZ 02. (Zie voor verdere informatie THB nr. 19 van 27 januari 1984.)
VACATURE Bij de vakgroep Privaatrecht, sectie Burgerlijk Recht en Handelsrecht, bestaat per 1 februari 1984 een vacature voor een STUDENT-ASSISTENT(E) BURGERLIJK RECHT voor twee dagen per week (= 4 eenheden), vooralsnog gedurende de periode tot 1 januari 1985. Inlichtingen: prof. mr. H.C.F. Schoordijk, tel. 013-662305.
OOI enüel de jong b.y. de drukkers uit baarle-nassau
gespecialiseerd in: DOCTORAAL TFS, VARIANT BEDRIJFSECONOMIE DOCTORAAL TFS, STUDIERICHTING BESTUURLIJKE INFORMATIEKUNDE DOCTORAAL ECONOMIE OUDE STIJL Het werkcollege Typologie van Informatiesystemen op vrijdag van 16.30-17.30 uur wordt het hele 2e semestser gegeven in de zalen AZ 8, AZ 111 en AZ 113.
Restaurant DE ROODE H A A N Voor een gezellig avondje uit en waar sfeer nog steeds heerst KEUKEN OPEN 12-14/17-22 uur zat. en zondag 17-22 uur maandag gesloten
Wilhelminapark 42 Tilburg 013-426982
brochures boeken kranten
voor inlichtingen: toestel 25, j . de jong
Antiquariaat iZülco
Psychologie, Sociologie, Ekonomie, Filosofie, Theologie, Kunst, Geschiedenis, Literatuur, enz. Nieuwlandstraat 25 5038 SL Tilburg Tel. 013-431229 Open: vanaf 12.00 uur 3 februari 1984
MEMO
Var/a ^ I ^ M ^ ^ H H Stud en ten DISCUSSIE OVER DE ROL VAN UNIVERSITEITS- EN BEDRUFSBLADEN. In februari 1984 bestaat het blad THBerichten, weekblad voor personeelsleden en studenten van de Technische Hogeschool Eindhoven, 25 jaar. Ter gelegenheid daarvan organiseert de redactieraad van dat blad op donderdag 9 februari 1984 een discussiemiddag over de rol van de universiteits- en bedrijfsbladen onder de titel 'Platform of Spreekbuis'. De discussiemiddag wordt gehouden in collegezaal 6 van het auditorium van de TH Eindhoven, hij begint om 13.30 uur en is toegankelijk voor iedereen. De redactieraad nodigt U graag uit de discussiemiddag bij te wonen. U kunt zich aanmelden: 040-472441 vóór 1 februari. Programma: 13.30 uur: Welkom, drs H.J. ter Heege, voorzitter van het college van bestuur van de TH Eindhoven. 13.35 uur: Thema belicht door hoofdredacteur u/h-blad, Hein Meijers, hoofdredacteur Quod Novum, Erasmus Universiteit Rotterdam. 14.00 uur: thema belicht door u/h-bestuurder mr K.J. Cath., voorzitter van het college van bestuur van de RU Leiden. 14.30 uur: thema belicht vanuit het bedrijfsleven H. Gabriels, hoofd interne Voorlichting en Publicaties Shell Nederland BV. 15.30 uur: discussie: o.l.v. Aat Vervoorn, voorzitter van de redactieraad van THBerichten. 16.30 uur: aperitief in de senaatszaal.
Vrouwen M M ^ ^ FEMINISME EN FILOSOFIE Vrouwen en Natuur 19 en 20 mei 1984 Leusden De wetenschappen die zich over de natuur uitlaten en haar bewerken: wat doen ze met ons, wat moeten we ermee? Poneren ze onze natuur, beknellen ze onze natuur, doden ze de natuur, kunnen ze natuurlijk anders? Moeten 'we' de natuurwetenschappen veroveren, ze studeren, ze beoefenen, ze kritiseren, ze veranderen? In een weekend 'feminisme en filosofie', willen we daar nader op ingaan. Filosofiese, chemiese, historiese, antropologiese, fysiese, biologiese, psychologiese en literaire inbreng is welkom. Ervaringen ook. De bedoeling van dit weekend is een diskussie op gang te brengen over vragen op het grensgebied van sociale en natuurwetenschappen waar je in feministies onderzoek en feministiese theorievorming op stuit. We willen van tevoren een reader opstellen met bijdragen van Nederlandse vrouwen, die de basis van de diskussies zal vormen. Zowel vragen opgekomen vanuit eigen onderzoekservaring, studie of werkkring, als meer theoretische reflekties zijn welkom, tot half maart '84. Het adres: Conferentie Feminisme en Filosofie, Internationale School voor Wijsbegeerte, Dodenweg 8, 3832 RD Leusden.
Tilburgs Hogeschoolblad
^m^
INTERUNIVERSITAIRE STUDIEGROEPEN PLANOLOGIE-DELFT Reeds enkele jaren worden door planologische, stedebouwkundige en vergelijkbare instituten van verschillende universiteiten en hogescholen studiegroepen georganiseerd, voor studenten die zich in de laatste fase van hun studie willen bekwamen in interdisciplinaire samenwerking. Omdat de problemen op het gebied van de ruimtelijke ordening kompleks en aan snelle verandering onderhevig zijn, is geen enkele studierichting in staat om alleen op bevredigende wijze deze problemen op te lossen. Daarom is samenwerking in interdisciplinair teamverband tussen maatschappij- technische- en natuurwetenschappen noodzakelijk. Een dergelijke samenwerking dient evenwel reeds tijdens de studie te worden aangeleerd. Training in interdisciplinair groepswerk en integratie van de bijdragen vanuit de verschillende studierichtingen maakt dan ook deel uit van een aantal voor de ruimtelijke planning relevante studierichtingen: deelname kan vaak gelden als skriptie, stage of praktijkverslag. Voorbereiding & start In september '84 zullen 4 è 5 nieuwe Interuniversitaire Studiegroepen Planologie in Delft van start gaan. Voorbereidingen voor deze studiegroepen zullen plaats vinden op een aantal in Delft te houden oprichtingsbijeenkomsten. De eerste oprichtingsbijeenkomst zal op donderdag 10 mei te Delft gehouden worden (Bouwkunde). Op deze bijeenkomst zal een toelichting gegeven worden op de doelen, organisatie e.d. van de I.S.P.groepen en zal er een bijeenkomst gehouden worden. Voorstelten voor onderwerpen Tot 9 maart '84 kunnen door een ieder (dus ook studenten) voorstellen voor onderwerpen worden ingediend. Deze onderwerpen dienen aan een aantal richtlijnen te voldoen. De richtlijnen betreffen bijvoorbeeld het studieveld (de inhoud van het onderwerp), de omvang en opzet van het voorstel en dergelijke. Vooral op basis van deze richtlijnen wordt beoordeeld of het onderwerp op de markt (tijdens de Ie oprichtingsbijeenkomst donderdag 10 mei aangeboden zal worden. Deze richtlijnen zijn te verkrijgen bij het sekretariaat van de Werkgroep ISP-Delft. De staf van de w.g. ondersteunt studenten die een onderwerp voor een studiegroep willen indienen. Deelname Aan de I.S.P.-groepen kan worden deelgenomen door studenten van verschillende planologiese-opleidingen en van op de planologie betrokken disciplines, (planologie, stedebouwkunde, volkshuisvesting, architektuur, civiele techniek, verkeerskunde, gezondheidstechniek, geodesie, geografie, ekonomie, sociologie, psychologie, bestuurskunde, rechten, landschapsarchitektuur, kuituurtechniek, milieubeheer). Voorwaarden voor deelname zijn, dat in september '84 het kandidaatsexamen is afgelegd en dat men in principe 6 maanden in de studiegroep kan meedraaien. Onderwerpen en aanmelding Voorstellen van onderwerpen met toelichting, vereiste disciplines en begeleiding, kunnen door een ieder tot 9 maart 1984 ingediend worden bij onderstaand sekretariaat. Op dit se-
kretariaat zijn beschikbaar de richtlijnen voor het indienen, een voorbeeld-voorstel en verdere informatie. Studenten kunnen zich voor deelname aanmelden door middel van een aanmeldingsformulier, dat verkrijgbaar is bij ondervermeld sekretariaat of bij de I.S.P.-kontaktpersoon van het eigen instituut, waar tevens nadere inlichtingen verkregen kunnen worden. De aanmelding dient zo mogelijk vóór 27 april '84 bij onderstaand sekretariaat plaats te vinden. Adres Sekretariaat Werkgroep, Interuniversitaire Studiegroepen Planologie-Delft T.H.-Delft, afd. Bouwkunde, Berlageweg 1, kamer 13.50 2628 CR Delft telefoon: 015-78 4408.
Buro Buitenlandm The Council of Europe has instituted fellowships, which may be awarded for: - legal studies on the protection of human rights on the national and international scales - interdisciplinary studies on one of several questions related to human rights. Candidates must normally have completed a course of studies at university level or have a similar professional qualification. Fellowships shall be either individual or awarded to members of a team of researchers. The choice of the persons to whom the fellowships shall be awarded shall be made by a selection committee, appointed by the steering committee for human rights. Duration fellowship: they shall normally not exceed 12 months; depends on the candidate's proposal. Amount fellowship: the selection committee shalle decide in each case on the exact amount of the award. Requests must reach the following address before 1 March: The Secretary General (Human Rights Grants), Council of Europe, B.P. 431 R6, 67006 STRASBOURG Cedex, France. Inlichtingen: Buro Buitenland, tel. 662236, kamer B-1013. Ter inzage op Buro Buitenland, B-1013: informatie betreffende 'the European School of Management Studies, een Europees managementopleiding op doctoraal/licentiaatniveau.
Talen een
trum^
CURSUSAANBOD Dit is het cursusaanbod van het werkverband Taalvaardigheid voor het tweede semester: D.84.1 Leescursus Duits F.84.3 Leescursus Frans II (wetenschappelijke teksten) E.84.1 Schrijfcursus Academisch Engels E.84.2 Mondelinge vaardigheid Engels E.84.3 Leescursus Engels N.84.1 Schrijfvaardigheid Nederlands N.84.2 Leesvaardigheid Nederlands N.84.3 Spreekvaardigheid Nederlands N.84.4 Scriptieworkshop Econometrie N.84.5 Scriptieworkshop Rechten N.84.6 Cursus Solliciteren N.84.7 Cursus Nederlands voor Buitenlanders in relatie tot de studie
N.84.8 Nederlands voor Buitenlanders, Taal en Cultuur van het Nederlands. Nadere mededelingen over deze cursussen kunt u vinden in het THB van 20 januari 1984 jl., op de posters van het Talencentrum en in de folders van het 2e semester, die in alle bibliotheken en bij de (sub-)faculteiten liggen. Inschrijving voor de cursussen: maandag t/m donderdag van 9.4511.45 bij Gonnie Jansen, kamer A 116, tel. 013-662508. CURSUS FRANS VOOR INTERNATIONAAL ECONOMEN Op dinsdag 7 februari 1984 is er om 9.00 uur een bijeenkomst in het Talenpraktikum van gebouw C voor studenten die het eerste semester de cursus Frans voor economen hebben gevolgd, om een ander tijdstip voor de cursus vast te stellen.
speelperiode geldt een maximum van 30 spelers, die het opnemen tegen Hans Moors en Max Merbis. Verzocht wordt aan de deelnemers van de schaaksimultaan om een eigen schaakbord + stukken mee te nemen. Als derde onderdeel is er een dropping vanaf 22.00 uur. Inschrijving hiervoor is zowel individueel als per team mogelijk. Na afloop van de dropping is er voor de "gedropten" een heerlijke snertmaaltijd, die in de studentensporthal genuttigd wordt. Kosten voor deze dropping bedragen f5,— per persoon, hetgeen voldaan dient te worden bij inlevering van het inschrijfformulier bij de conciërge van de studentensporthal. Vanaf 22.00 uur is er een groot feest in de sporthal, dat tot de vroege uurtjes duren zal. De inschrijfformulieren moeten uiterlijk 20 februari ingeleverd zijn bij de conciërge van de sporthal. KORFBAL Voor alle korballiefhebbers en liefhebsters is er goed nieuws! Voortaan is er iedere maandagavond van 21.00 tot 22.00 uur een korfbaltraining onder leiding van een gediplomeerde trainer. De training vindt plaats in de sportzaal van de HTS. Zowel beginners als gevorderden zijn van harte welkom. Wil je meer weten, bel dan Leo Robben, tel. 04998-71572. Tot ziens op de maandagavond!
Sport
In het kader van het lustrum van Pendragon worden er allerlei activiteiten georganiseerd. Het eerste grote evenement is een "alternatieve sportdag". Deze zal plaatsvinden op donderdag 23 februari in de studentensporthal. De alternatieve sportdag bestaat uit drie onderdelen, waaraan afzonderlijk kan worden deelgenomen, namelijk een competitie in een aantal teamspelletjes, een schaaksimultaan en een dropping. Voor de teamspelletjes, waaraan met een team van maximaal 6 mensen wordt deelgenomen, is er een eindklassement, waarvan de eerste drie een prijs krijgen. De spelonderdelen zijn tafelvoetbal, koersbal (een soort jeu de boule), gardirol (een soort kegelspel), unicuri en goalbal. Unicuri is een indoorvorm van het Schotse ijscurling. Er wordt met grote schijven op een speciale mat "geschoven". Doel is de schijf in de circel met het hoogste puntenaantal terecht te laten komen. Bij goalbal zijn er twee teams, elk bestaande uit drie personen, die geblinddoekt zijn. De deelnemers zitten op hun knieën voor een bank tegenover elkaar. Door het rollen van een bal, waarin zich belletjes bevinden, tegen de bank van de tegenpartij, probeert het team dat in het bezit is van de bal een punt te socren, hetgeen het andere team natuurlijk zal proberen te voorkomen. De spelletjescompetitie is van 14.00-22.00 uur. In die tijd is er naast de teamspelletjes waarvoor ingeschreven moet worden, ook de mogelijkheid tot individuele activiteiten, waarvoor geen voorafgaande inschrijving vereist is. Je kunt namelijk de hele dag, vanaf 14.00 uur, proberen records te breken met darts, flipperen, basketdoelen, doelschieten, sjoelen en parapluhangen. Ook hier is voor de recordmaker een prijs per onderdeel. De prijsuitreiking is om 22.00 uur. Het tweede onderdeel van deze dag is een schaaksimultaan in twee speelperiodes, namelijk van 14.00-18.00 uur en van 18.00-22.00 uur. Voor elke
3 februari 1984
Menu PERIODE 6 T/M 10 FEBRUARI 1984 MAANDAG 6 FEBRUARI 1984 heldere champignonsoep - erwtensoep - slavink - uienburger - espagnolesaus - spruitjes met spekblokjes - witte koolsalade DINSDAG 7 FEBRUARI 1984 groentesoep - gebonden uiensoep kipfilet - deense schnitzel kerrysaus - gemengde groente appelmoes WOENSDAG 8 FEBRUARI 1984 bouillonsoep - kerrysoep met asperges - runderlapje - leverburger met appel - vleesjus - rode kool met gember - witlofsalade DONDERDAG 9 FEBRUARI 1984 heldere selderysoep ossestaartsoep - cheeseburger - gehakt met bladerdeeg - champignonsaus sperciebonen met wortel schorseneren VRIJDAG 10 FEBRUARI 1984 gebakken kabeljauw - ravigottesaus duitse braadworst - worteltjes met peterselie - gemengde worteltjes met peterselie - gemengde sla
K] ^
Hü^pQ^ De Appel speelt 'De Huisbewaarder'
m
1
in39jes
Agenda
STADSSCHOUWBURG
dinsdag 7 februari 20.30 uur, studio-zaal. 'Dit stulc gaat over twee broers en een zwerver in een l<amer'. Als het aan Pinter gelegen had, zou dat alles zijn wat er over 'De Huisbewaarder' gezegd zou kunnen worden. Hij wil daarmee natuurlijk te kennen geven dat hij zich distantieert van allerlei diepzinnige en/of metafysische opvattingen die men in zijn werk heeft willen ontdekken: dat hij niet verantwoordelijk is voor wat het publiek ondergaat wanneer het naar 'De Huisbewaarder' zit te kijken, en ook niet voor het individueel en kollektief heil of onheil dat het stuk zal stichten. Het gaat gewoon over twee broers en een zwerver in een kamer. 'De Huisbewaarder' wordt door toneelgroep 'De Appel' op dinsdag 7 februari om 20.30 uur gespeeld in de studio-zaal in een regie van Lodewijk de Boer. Pinter heeft zich vanaf het begin van zijn loopbaan de vraag gesteld: wat gebeurt er, wanneer ik op het toneel mensen laat optreden, met elkaar konverseren, van alles doen wat ze normaal gesproken in de werkelijkheid ook doen, maar zonder meer informatie aan het publiek te geven, dan in woord en handeling van die mensen ligt opgesloten? Nu, wat gebeurde bleek al gauw: men deelde hem in bij de absurdisten, men zag in hem een navolger van lonesco, Beckett, Adamov. Toch was dit onterecht, want de absurdisten gebruiken het ongerijmde, Pinter doet dat niet. Het blijkt alleen dat bij zorgvuldig en konsekwent hanteren van de techniek van 'achtergehouden informatie', bijna ales wat wij mensen doen ongerijmd lijkt, en misschien veel meer dan we denken dat ook inderdaad is. STUDIUM GENERALE
"Een historie van de sociale utopieën" Tentoonstelling, van dinsdag 7 februari tot en met donderdag 1 maart in de ruimte bij de Aula. In samenwerking met het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis heeft het Studium Generale een fototentoonstelling samengesteld over het leven en werken van de belangrijkste sociaal utopisten. Er zal zowel aandacht zijn voor de utopische staatsromans van de Renaissance, als voor de utopische socialisten van de 19e eeuw en de door hen geïnspireerde gemeenschappen, zoals de falanstères van Fourrier, Robert Owen's "New Harmony' en "New Lanark", en hier is in Nederland Frederik van Eeden's "Walden". STUDIUM GENERALE
"Feeling Orwell Muziek: Leo Cuypers. Dinsdag 7 februari, 12.30 uur. Aula. "Feeling Onwell" wordt door Leo Cuypers als journalistieke muziek gezien en al is hij de allerlaatste die zich overgeeft aan doem componeren, in zijn voorgaande werk waren danseuse passages en lichtvoetigheid de belangrijkste ingrediënten, in dit project zal er een groter beroep gedaan worden op de luisteraar om zich in de muzikale boodschap in te leven. "Feeling Orwell", ook te interpreteren als "Feeling AwfuH", zal ongetwijfeld grimmiger en abstracter zijn dan men van zijn voorgaande composities gewend is.
Tilburgs Hogeschoolblad
FEBRUARI VRIJDAG 3 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Globe met "Oroonoko", van Thomas Southerne over noodlottige gebeurtenissen in het Suriname van vier eeuwen terug. Regie: Antoine Uitdehaag. Meto.a. Liesbeth Coops, Theo de Groot, Guus Hoes, Wim van der Grijn, Guusje van Tilborgh en Adriaan OIree.
STADSSCHOUWBURG
Gat in kop: uitermate grappig Wie in Nederland uitgekeken is op de grollen van Urbanus en het absurdistisch gestuntel van Kamagurka kan nog altijd overschakelen op de Vlaamse theaterimport met het label "zwarte humor". Drie groepen die ook regelmatig in Nederland optreden zijn erg bedreven in dit genre alhoewel ze ook andere theaterstijlen aankunnen. Dat zijn "de Zwarte Komedie", onlangs werd hun stuk "Avonturen van God" van de affiche gehaald in het protenstantse Kampen; het "Gezelschap van de Witte Kraai", en "De Mannen van den Dam", een vroege afsplitsing van de Internationale Nieuwe Scène. Met deze vertolking van "Loch im Kopp" van Wolfgang Deichsel is dit gezelschap op haar best, net zoals enkele jaren geleden met Deichsels "Frankenstein" en met de cabaretstukken van Karl Valentin. Deichsel kan je het best typeren als een hedendaagse Valentin. In zijn stukken tref je dezelfde verdichting, dezelfde absurde situatiehumor, hetzelfde bijtende sarcasme aan als bij Valentin die met zijn gezelschap de "Kneipen" van München en Berlijn onveilig maakte tijdens de Weimarrepubliek. Deichsel ging voor zijn "Gat in kop" te rade bij zijn Franse voorgangers Feydeau en Labiche, meesters in de burgerlijke comedie. Deichsel zet de hypocriete moraal en de burgerlijke waarden uit die comedies net iets duidelijker in de verf zodat de maskers van de schone schijn samen met de waardige kledij de spelers letterlijk en figuurlijk van het lijf vallen. Van de waardigheid van de personages blijft nauwelijks iets overeind. De ironie van Deichsel voltrekt haar verwoestende werking zeer zorgvuldig. Een imperium wankelt en wat er aanvankelijk uitzag als een drama wordt staande de voorstelling pure comedie. Inhoud is er nauwelijks: Industrieel Albert Neuherdt heeft buiten weten van zijn
STUDIUM GENERALE
"De zin en betekenis van het utopisch denken Lezing door Prof. l\/lartin Plattel. Donderdag 9 februari, 13.30 uur, A27. Centraal staat de vraag: wat is een utopie? In een historisch en wijsgerig betoog zal worden aangegeven, dat een utopie zich beweegt binnen het trefpunt van droom en leven. Droom zonder leven leidt tot abstracte utopieën. Het leven zonder droom vervlakt tot abstracte trivaliteit. Het utopisch denken overstijgt zo het fetis-
vrouw een stapje in de wereld gezet. Zijn neef komt op bezoek en de vrouw wil hem in bed maar neefje getuigt van scherp zakelijk inzicht en talent. Hij ruikt geld en wil de mentaal gehandicapte dochter trouwen, maar die heeft het te druk met het uitvinden van gevaarlijke springstofcombinaties. Albert wordt wakker met zijn schoolvriend Aimé De Vos in bed maar beiden zijn te daas om zich de afloop van hun avondje uit nog te herinneren, alhoewel mevrouw in de krant leest over een moord op een prostituee... De situatie wordt dan knotsgek zoals in de stukken van Feydeau en Labiche. Maar in plaats van eindeloze scènes, waarin de deelnemers in een drie- of vierhoeksverhouding achter mekaar aanhollen, bed-in, bed-uit, kamer-in, kamer-uit en de confrontatie opsparen tot aan de finale, breekt Deichsel de spanning door de misverstanden en bijgaande paniek op de scène te ontluisteren door broeken te laten zakken, compromitterende houdingen en andere geintjes. De opeenstapeling van clichés maakt de figuranten in dit blijspel-drama stekeblind voor de grillige relaties van de anderen. Daardoor wordt de situatiehumor scherper, soms pijnlijker dan in oppervlakkige comedies. Er wordt in dit stuk behoorlijk geacteerd en regisseur Sam Bogaerts niet toevallig huisregisseur van de Witte Kraai - heeft er de nodige vaart ingebracht. Hij parodieert zijn eigen regie door een bepaalde scène nog eens in dialect over te doen alsof de lok niet op kan. "Gat in kop" is intelligent gemaakt en deze versie van de Mannen van den Dam toont aan dat er ook spitse komedies bestaan en dat het laten zakken van broeken niet noodzakelijk onderbroekenlol oplevert. E.V.
jisme van naakte feiten en starre wetmatigheden. De utopie neemt afstand van de bestaande werkelijkheid en lost deze op in nieuwe mogelijkheden. Zij kan daardoor bijdragen aan maatschappelijke veranderingen. Echter realiseert de utopie zich, dan houdt ze op utopie te zijn. Prof. Martin Plattel is verbonden aan de Katholieke Hogeschool Tilburg en is onder meer auteur van "Utopie en kritisch denken" en van "De rode en gouden toekomst", een studie van de filosofie van Ernst Bloch. Bij het programma "Vierentwintig Utopieën", is een bundel met achtergrond-artikelen verschenen. Deze is verkrijgbaar aan de zaal tijdens de lezingen, op het buro Studium Genera-
Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Pauline Daniels met "Profiel", voorstelling van de stichting dansproductie. La Cabane, 15.30-17.30 uur: Juristencafé. Stadsschouwburg, 19.00 uur: Filmhuis met "Greed" van de Amerikaanse regisseur Erich von Stroheim uit 1923. Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis met "Lianna" van de Amerikaanse regisseur John Sayles uit 1981. Olof, 20.30 uur: Bridge-avond. ZATERDAG 4 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Globe met "Oroonoko" (zie 3 februari). Stadsschouwburg, 22.00 uur: Paradise Regained Orchestra. Hedendaags jazzkonsert door het Paradise Regained Orchestra van Nedly Elstak, winnaar van de Boy Edgarprijs 1983. Stadsschouwburg, 19.00 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 3 februari). ZONDAG 5 FEBRUARI Stadsschouwburg, 12.30 uur: Koffiekonsert Accordeondag '84 door Apollo '77 o.l.v. Pieter van Gomperen en 'het Driemanschap'. Werken van Würther, Götz, Verschuuren, Dubois en Trojan. Stadsschouwburg, 14.30 uur: Na afloop van het koffiekonsert wordt de accordeondag voortgezet met een non-stop-programma op twee podia. Stadsschouwburg, 19.00 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 3 februari). MAANDAG 6 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Tilburgse Toneelgroep "De Torenspelers" met "De Hypochonders" van Botho Strauss in een regie van Henk Wouters. Stadsschouwburg, 19.00 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 3 februari). Olof, 18.00 uur: Maaltijd Vrouwelijke Gastronomen. Ie (kamer B2; tel. (66)2166) of op het KRIS. Het Kris zal met een boekenstand rond dit thema aanwezig zijn. STADSSCHOUWBURG
Torenspelers spelen 'De Hypochonders' van Strauss 20.30 uur, studio-zaal. Theatergroep Torenspelers uit Tilburg speelt op maandag 6 februari in de studio-zaal nog een keer de kleine zaalproduktie 'De Hypochonders' van Botho Strauss in een regie van Henk Wouters. Dit geraffineerd geschreven stuk uit 1971 lijkt op het eerste oog een thriller, een gekompliceerd spel van liefde en moord. Wie dieper boort, raakt aan lagen van psychologische en maatschappelijke gefrustreerdheid.
DINSDAG 7 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: Het Brabants Orkest o.l.v. dirigent Ernest Bour m.m.v. de violiste Mayumi Fujikawa. Uitgevoerd worden het 'vioolconcert in E', de tiende symfonie voor strijkorkest en de derde symfonie van Mendelssohn. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Toneelgroep "De Appel" met "De Huisbewaarder" van Pinter in een regie van Lodewijk de Boer. Met o.a. Robert Prager, Peter van der Linden en Rein Edzard. Katholieke Hogeschool, 12.30 uur: Muziek: "Feeling Orwell" van Leo Cuypers. Org.: Stud. Gen. Stadsschouwburg, 19.00 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 3 februari). Olof, 20.15 uur: V.V.O. het Brabants Orkest met Mayumi Fujikawa. WOENSDAG 8 FEBRUARI Stadsschouwburg, 12.30 uur: Lunchconsert van de SMET verzorgd door het Fiatikwintet. Stadsschouwburg, 20.15 uur: Musical "De dader heeft het gedaan", van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink. Met o.a. Conny Stuart, Piet Romer, balletgroep en orkest. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Workshop o.l.v. Maarten Altene. Stadsschouwburg, 19.00 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 3 februari). DONDERDAG 9 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: "De dader heeft het gedaan" (zie 8 februari). Stadsschouwburg, 20.30 uur: Mannen van den Dam met "Een gat in de kop". Regie: Sam Bogaerts. De man des huizes zakt een nachtje door. Een vreselijke moord op een jonge vrouw, vergissingen, komische situaties en nog veel meer in deze komedie van Wolfgang Deichsel. Katholieke Hogeschool, 13.30 uur, Az-7: Stud. Gen. cyclys "84 Utopieën". Lezing door Prof. Martin Plattel over "De zin en betekenis van het utopische denken". Katholieke Hogeschool, 14.00-16.00 uur, Az-9: VITE-lezing door Dhr. Post, lid van de Nederlandse delegatie naar de NAVO met als onderwerp: "De rol van Nederland binnen de NAVO." Katholieke Hogeschool, 13.30 uur: Vergadering Hogeschoolraad. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: "Citizen Kane" van de Amerikaanse regisseur Orson Welles uit 1941. Olof, 21.30 uur: BelgisCh feest. VRIJDAG 10 FEBRUARI Stadsschouwburg, 20.15 uur: "De dader heeft het gedaan" (zie 8 februari). Stadsschouwburg, 20.30 uur: "Een gat in de kop" (zie 9 februari). TENTOONSTELLINGEN Katholieke Hogeschool Van 7 februari t/m 1 maart: "Een historie van de sociale utopieën", fototentoonstelling over sociaal utopisten uit de geschiedenis. Stadsschouwburg Tot en met 6 maart: Fototentoonstelling van vijf fotografen. Volkenkundig Museum Van 6 februari t/m 31 mei: "Overleven in de Sahel". Noordbrabants Natuurmuseum Tot en met 3 maart: "Het leven van Charles Darwin". Nederlands Textielmuseum Van 4 februari t/m 18 maart: Textiel Nu 13", moderne textielkunst rond het thema 'Landschap'.
3 februari 1984
ACHTERKLAP Nicaragua: Universiteiten in de Mobilisatie
Engelen
Ze zijn nauwelijks te tellen, de bataljons die in de maanden november en december gevormd zijn uit de burgerbevolking; als reserve-legertroepen aan de Noordelijke grens met Honduras, grens die door anti-Sandinisten, vanuit het buurland opererend, voortdurend geschonden wordt; als productiebataljons die ervoor zorgen dat in de bedreigde zone's de koffie, de katoen en de bonen geplukt worden; als speciale brigades, bijvoorbeeld van de vrouwenorganisaties AMNLAE, die zaterdag na zaterdag naar een plantage in de buurt van de hoofdstad Managua rijden om te helpen met het binnenhalen van de oogst. De Sandinistische revolutie drijft op een nieuw elan, zoveel is zeker. Hoe manifesteert zich dit in de Nicaraguaanse universiteiten? Wij namen poolshoogte aan de Universidad Centroamericana (UCA), de Centraalamerikaanse Universiteit. De UCA behoort samen met de Nationale Autonome Universiteit van Nicaragua tot de grootste van het land. Het is maandag, 19 december, 18 uur. Zo'n tweehonderdvijftig studenten hebben plaats genomen in een van universiteiten aula's van de faculteit der Ingenieurs. Tegen een zijwand hangt, naast een poster van Che Guevara, een spandoek met in dikke letters de leuze: "En estos momentos la juvented hace suyo el lema glorioso de Sandino. Libertad o Muerte." (\T\ deze ogenblikken maakt de jeugd zich het glorieuze ordewoord van Sandino "Vrijheid of de Dood" eigen.)
Ook gelezen dat kardinaal Simonis streng wilgaan optreden tegen de afkalvende geloofskennis onder de katholieken? Van Agt zal zich dus toch eerst aan de grote proef moeten onderwerpen: gelooft hij echt In het bestaan van engelen en hoe ongerept acht hij de maagdelijkheid van de moeder gods, Maria? Want de Tilburgse hogeschool is een ópen katholieke instelling, maar er zijn natuurlijk grenzen. Zoals de engelen en de maagdelijkheid. Wie daaraan twijfelt heeft onmiskenbaar te weinig kaas gegeten van de roomse geloofsleer. Kijk, dat een katholiek zich soms laat kwellen door zijn sociale geweten, dat is nog tot daar aan toe. Dat verbiedt de leer der vaderen immers niet. En is sociaal tenslotte eigenlijk niet toch een beetjehetzelfde als liefdadig?
Vooraan in het lokaal begint een vrouw: "Vandaag behandelen we het tweede deel van de kursus Eerste Hulp bij Ongevallen". Eerst aan de beurt komt het probleem van de "verstikking", en wat je in zo'n geval moet doen, bij een drenkeling bijvoorbeeld. Het feit dat een mens na vier minuten zonder ademen niet meer tot leven kan worden gewekt, noopt dus tot een bliksemsnel optre-
THB
den, via mond-aan-mond-ademhaling bijvoorbeeld. Vervolgens komt het hoofdstuk "zware kwetsuren" aan de beurt, en dat je het onderscheid moet kennen tussen een kwetsuur waar de slagader geraakt is - in dat geval is het bloed helkleurig en het komt er met gutsen uit, dan wel wanneer alleen vlees is geraakt dan stroomt het bloed gelijkmatig en is het donderrood; en dat je bij een zware wonde een eerste verband er nooit mag afnemen voor een vers verband, maar dat je het nieuwe verband bovenop het oude moet leggen. Er is nogal wat geroezemoes in de aula en de vrouw vraagt om stilte: "Deze dingen zijn echt niet alleen bedoeld voor wanneer er een invasie komt, jullie kunnen ze ook in het dagelijks leven broodnodig hebben", zegt ze. Het geroezemoes wordt er niet minder van. Terwijl de vrouw haar uitleg verder doet, word ik apart genomen voor een briefing over het hoe en het waarom. Als ik zeg dat het mij opvalt, dat de studenten niet zo heel veel aandacht opbrengen, tientallen zijn buiten blijven staan en hebben het onder elkaar over andere dingen, antwoordt de directrice van de sectie Chemisch Ingenieur, Irma de la Torre: "U moet weten, de studenten die u hier ziet zijn de minst gemotiveerden, de anderen zitten op dit ogenblik het vaderland te verdedigen ergens aan de grens, of werken in de oogst." Waarom de studenten zich uiteindelijk toch komen presenteren laat zich eenvoudig verklaren: deze kursus Eerste Hulp is voor ze verplicht, na iedere les wordt het aanwezigheidsregister ingevuld, alwie verzuimt zal in februari, als het Academiejaar begint, niet meer kunnen inschrijven. Weken geleden, toen Managua bevangen werd door een waarachtige psychose van interventie, werd op de Generale Staf van de Burgerbescher-
Gratis matseren Naar aanleiding van 20 jaar THB krijgt de lezer als verjaardagsgeschenk de gelegenheid om gedurende een korte periode gratis matsertjes te plaatsen. De matsertjes mogen geen commercieel karakter hebben en kunnen enkel met deze leesbaar ingevulde bon (één letter, leesteken of spatie per blokje) bij de redactie worden ingediend. Voor matsertjes die onder een andere vorm worden aangeboden geldt het gebruikelijke tarief. Vergeet niet ook naam en adres in te vullen.
X
ming (behorend tot het leger) geoordeeld dat alle Nicaraguanen de basisbeginselen van civiele bescherming dienden te kennen. Bijgevolg werd contact opgenomen met de productiecentra, de fabrieken en landbouwbedrijven en ook met de Raad voor Hoger Onderwijs. Irma de la Torre hierover: "Vier professoren van onze universiteit volgden eerst zo'n cursus civiele bescherming, op onze beurt gaven wij vervolgens de cursus voor de rest van de professoren die op hun beurt een lessencyclus aan de studentenbevolking doceerden. Wij vinden dat wij op een buitenlandse agressie moeten voorbereid zijn. - Men mag geredelijk aannemen dat niet iedereen zonder slag of stoot accoord gaat met het feit dat hij - bovendien gedurende de vacantieperiode • dit soort cursussen voorgescho- Maar over de engelen is geen discussie mogelijk. Daar geloof je als open teld krijgt. katholiek eenvoudig in. En zeker wie Irma de la Torre: "Wij zijn ons daareen representatieve functie nastreeft van bewust. De studenten van het als het lidmaatschap van een kathotweede jaar ingenieur werden opgeliek stichtingsbestuur mag In deze roepen om gedurende twee maanden fundamentele geloofskwestie niet in de koffieoogst - die nu bezig is - te wankelen. helpen. Van de 240 tweedejaars zijn "Meneer Van Agt, gelooft U in de ener ongeveer 170 gegaan. De rest zijn gelen? Nee? Nou, dan kunt U het mensen die het met de revolutie abverder wel vergeten. U heeft de kasoluut niet zien zitten, enkele overtholieke zaak tot hiertoe altijd goed wegen zelfs in het buitenland verder geholpen, vooral dat ethisch reveil te gaan studeren. Ook voor die jonvan O staat ons nog dankbaar voor geren geldt dat als ze niet meedoen de Geest. Maar als U niet in de engeaan de pluk, ze in februari niet kunlen gelooft, dan kunnen wij als bisnen verder studeren. Maar zover is schoppenconferentie uw benoeming het nog lang niet. Weet je, wat in dit in het Tilburgse stichtingsbestuur heland speelt is een machtsstrijd. Als in februari zou blijken dat het protest tegen die maatregel ons overrompelt, dan zal de overheid misschien besluiten de dissidente studenten toch toe te laten. Zeker is echter dat de menDe tijden zijn slecht. Ondanks de taliteit in Nicaragua op korte tijd aan bezuinigingen. Is er toch nog het het veranderen is. In 1981 riep de een en ander te halen aan de Neoverheid de studenten bijvoorbeeld ook op om in de oogst te gaan werderlandse Universiteiten en Hoken, en het waren er maar heel enkegescholen. Nog geen half jaar len die daar zijn op ingegaan. Ook geleden werd. een postkantoor stel je vast de studenten uit het vierbinnen de Nijmeegse Universide en het vijfde jaar een heel andere teitsgebouwen beroofd. Kort mentaliteit aankleven dan de daarvoor was het stelen van fietnieuwste lichtingen; eerstgenoemsen op de Twentse Campus een den komen in meerderheid uit de begoede klassen, begonnen hun sturage. Onvergetelijk is een foto in dies in Somoza's tijd en een goed het THT-nieuws uit die tijd. Een deel ervan draagt het stempel van het angstige medewerker die zijn verleden. Bij de nieuwelingen zijn er karretje vastklonk aan een koeen heleboel die onder het Somopieerapparaat. Het Twentse zisme nooit hadden kunnen studeWeekblad meldt inmiddels een ren, gezien hun nederige afkomst: nieuw issue: sleutelen. "Technidie zijn over het algemeen dit regime genegen." sche studenten sleutelen graag," schrijft het THT-nieuws. Nogal Dirk Vandersypen wat sleutels van sloten van de
Inventief
LEKKENDE KRANEN
laas niet goedkeuren. Dag. De Heer zij met U". Zo zal 't straks gaan. Van Agt haalt dat stichtingsbestuur niet, zelfs al zou zijn horoscoop het tegendeel voorspellen. Naar verluidt heeft het presidium van de hogeschoolraad hem nog voor deze afgang proberen te behoeden. Ze hadden al een busje gehuurd om met z'n allen naar het Bossche provinciehuis te rijden en de commissaris van zijn heilloze kandidatuur te doen afzien. Maar Van Agt Is een eigenwijs man: de hogeschoolraad hoefde niet met hem te komen praten. Alleen door een wonder kan Van Agt nu voor de hogeschool behouden blijven. Maar wie gelooft er anno domini 1984 nog in wonderen? TG campushuisvesting bleken niet "studentbestendig". Twentse studenten brachten lopers in omloop, maken sleutels na en knoeien met sleutelcylinders. Sleutelfabrikant NAMEF bracht bovendien op iedere sleutel een nummer aan. Resultaat: het ontvreemden van eigendommen welke niet door de verzekering werd vergoed omdat er geen tekenen van braak waren. NAMEF werd opnieuw in de arm genomen en een nieuw sleutelsysteem werd ontworpen. De nummering van de nieuwe sleutels zijn niet meer te herleiden. "Strikt geheim dat de huismeesters bewaren". Wèl gaat het gerucht dat de eerste lopers al weer in omloop zijn. De Twentse student is en blijft Inventief. L. v. W .
Uit 20 jaargangen THB
Een Tilburgs „ sportcomplex*'? Vanaf half mei zal de Tilburgse sportwereld een vaak verguisde maar saillante schakering uit haar diverse sportholletjés zien wegtrekken om in plaats daarvan een riante sporthal te gaan betrekken. Door deze verhuizing is dan de lang verwachte verbetering van de sportaccomodatie voor studenten een feit geworden. Het is een prettig idee om te weten dat, nu er zich alom verschuivingen voordoen in het leefpatroon van de student, de attractiviteit van de sportbeoefening in hoge mate vergroot is, terwijl we anderzijds mogen verwachten dat juist het bestaan van een dergelijke accomodatie het zijne zal bijdragen tot een gezondere tijdsindeling. We mogen hierbij aantekenen, dat tot voor enkele jaren de sportbeoefening door studenten in Tilburg
Naam: Adres: (Tel:
)
hoofdzakelijk bestond in de deelname aan enkele tournooien, die evenwel gepaard gingen met een dermate hoog drankverbruik, dat de lichaamsconditie er per saldo eerder op achter- dan op vooruitging, terwijl daarnaast een kern van oudere jaars, vermoedelijk op doktersadvies de indoor beoefende. Het was beslist niet alleen de vaak ongelukkige accomodatie, die aan deze situatie debet was, maar veeleer de mentaliteit van de student ten aanzien van de sportbeoefening, een mentaliteit die tot op heden actueel is en met name nog merkbaar in.de bescheiden trots die we voelen als wetenschappelijk is vastgesteld dai wij, na de ouden van dagen, het volksdeel uitmaken met de slechtste gezondheidstoestand.
'(Uit THB 1 juni 1964)'