••*ü
m
Tilburgs Hogeschoolblad - 4 maart 1983 - jaargang 20 - nummer 23
Geen uitbreiding College van Bestuur De uitbreiding van het College van Bestuur van de KHT van drie naar vijf leden lijkt definitief van de baan te zijn. Het Stichtingsbestuur van de hogeschool heeft het verzoek van de Hogeschoolraad om tot uitbreiding te besluiten van de hand gewezen. Dat blijkt uit een brief die onlangs aan de voorzitter van de Hogeschoolraad is gestuurd. Waar nodig moet versterking van de slagkracht van het bestuur worden gevonden door versterking van de ambtelijke ondersteuning en niet door uitbreiding van het College, zo schrijft het Stichtingsbestuur. In een vergadering van 4 november had de Hogeschoolraad met 19 stemmen vóór en 4 tegen een motie aanvaard, waain men zich uitspral< voor een uitbreiding van het College van Bestuur naar vijf personen. Het College stelde daar zelf tegenover dat uitbreiding wat haar betreft onnodig en ongewenst was. Het laatste woord was echter aan het Stichtingsbestuur dat in diverse benoemingsaangelegenheden en de vaststelling van het Bestuursreglement de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid heeft.
STICHTINGSBESTUUR Voordat het Stichtingsbestuur zich over de kwestie uitliet werd op 28 januari j . l . een overleg georganiseerd, waar College van Bestuur, Stichtingsbestuur en Presidium van de Hogeschoolraad aan deelnamen. Tijdens dit overleg werd al duidelijk dat de vertegenwoordigers van de HR er niet in konden slagen het Stichtingsbestuur van de wenselijkheid van uitbreiding van het College te overtuigen. In een brief van 28 februari j.l. schrijft het Stichtingsbestuur dan ook dat er onvoldoende concrete argumenten zijn om tot uitbreiding van de omvang van het College over te gaan. De bestuurskracht wordt daardoor niet versterkt, waar nodig moet die versterking worden gevonden in uitbreiding van het ambtelijk apparaat en het middenniveau, aldus het Stichtingsbestuur. Op verzoek van THB licht mr. Th. E. van Schalk, voorzitter van het Stichtingsbestuur, de beslissing toe: "Degene die het in eerste instantie aangaat is niet de Hogeschoolraad maar het College van Bestuur. Als die zeggen: 't is wel een zware kegel, maar we redden 't wel, nou dan is dat prachtig. Dan l<unnen we het geld dat met de uitbreiding van het College gemoeid zou zijn beter voor andere zaken gebruiken. Daar komt nog bij dat we géén zakelijke argumenten gehoord hebben tijdens het overleg met het Presidium. " Om de extra kosten van de uitbreiding van het College zoveel mogelijk te beperken had het Presidium voorgesteld het aantal secretarissen in te krimpen van drie naar één. Op deze wijze zou de uitbreidingsoperatie vrijwel budgettair neutraal gefinancierd kunnen worden, zo meende het Presidium. "Het is niet budgettair neutraal, natuurlijk niet," reageert mr. van Schalk, "maar dat kan overigens nooit hét doorslaggevend argument zijn. Als het echt noodzakelijk is, komen de financiën, er éltijd.
Wij zien meer heil in de versterking van het tweede echelon, het ambtelijke apparaat, dan in uitbreiding van het College. De bestuurders zijn wel belangrijk en aanspreekbaar, maar de bestuurskracht komt in feite van het tweede echelon vandaan. Een bestuurder moet kunnen terugvallen op z'n ambtenaren." Ook het door HR-voorzitter Theunissen op de valreep ontwikkelde compromisvoorstel om te komen tot uitbreiding van het College met twee parttime bestuurder kon het Stichtingsbestuur niet bekoren. Mr. van Schalk: "Het voorstel van Theunissen klonk mij aanvankelijk goed in de oren, maar uiteindelijk ben ik gezwicht voor de argumentatie in het Stichtingsbestuur dat je nauwelijks verantwoordelijkheid kunt leggen bij een College van vijf leden, waarvan er twee parttime werken. Dat is de moeilijkheid. Daar komt bij, datje tóch onwillekeurig gaat zeggen: het is een parttime baan, laten we er maar een fulltime baan van maken". Met de beslissing van het Stichtingsbestuur is de kous weliswaar voorlopig af, toch menen ook deze bestuurders dat het nodig kan zijn de materie opnieuw
met elkaar te overwegen wanneer er zich nieuwe ontwikkelingen voordoen. "Wij hebben juist uit en te na betoogd dat die nieuwe ontwikkelingen momenteel spelen," reageert HR-voorzitter Frans Theunissen op deze poging van het Stichtingsbestuur de boot nog niet helemaal af te houden, "denk maar aan de taakverdelingsoperatie, de uitgroei van de hogeschool en de uitbreiding van het externe circuit. Het vorige College van Bestuur heeft zelfs gezegd: uitbreiding van drie naar vijf is enkel gewenst op grond van die argumenten. En zelfs nü zijn de bestuurders met geen stok tot uitbreiding te bewegen, 't Is een mooie uitspraak van het Stichtingsbestuur, maar hij heeft mijns inziens géén inhoud." Mr. van Schalk stelt daar tegenover dat minister Deetman weliswaar een aantal grote lijnen voor de toekomstige ontwikkeling van het Wetenschappelijk Onderwijs heeft uitgezet, maar dat een beslissing over de WWO '81 node wordt gemist: "Het wachten is nog steeds op een inspirerende beleidsvisie over een méér effectieve bestuursvorm die in een nieuwe wet op het Wetenschappelijk Onderwijs z'n grondslag krijgt", "ilet Presidium zal de brief donderdag behandelen, we zullen ons dan beraden over de wijze waarop we uiting aan onze teleurstelling over deze beslissing van het Stichtingsbestuur kunnen geven," aldus Frans Theunissen. "Het is nog de vraag hoe de reakties van het Presidium gaat uitpakken, maar in feite is met deze brief een tien jaar oude diskussie voorgoed afgesloten. We zullen het in deze tijd waarin zóveel zaken op ons afkomen helaas met drie mensen moeten doen."
8/9
Nietzsche en zijn invloed op de Franse filosofie staan centraal in een cyclus van Studium Generale. Een portret en een recensie op de middenpagina.
(Glombowski)
Normen en waarden lijken uit de tijd. Het wetenschappelijk onderwijs is bezig zich te ontdoen van het Rotterdamse INW Taakverdelen blijft ons eindeloos vervelen. Een bespreking in de Tweede Kamer.
LK.
Herverdeling arbeid is nodig Binnen een aantal randvoorwaarden moet arbeidstijdverkorting in het wetenschappelijk onderwijs mogelijk zijn. Plannen daartoe moeten verder ' ontwikkeld worden door een overleg bestaande uit leden van universiteits- en hogeschoolraden en de vakbonden. Dit overleg zal zich ook bezig moeten houden met het voorbespreken van de taakverdelingsoperatie die in de diverse raden behandeld zal worden. Dit zijn de belangrijkste conclusies van de forumdiscussie 'Herverdeling van arbeid in verband met tvc-operatie' die af-
gelopen dinsdag 1 maart op de VU werd gehouden. De discussie was georganiseerd door de fracties van het democratisch akkoord (dak) uit de universiteitsraad van de VU. Aanleiding was het onlangs door de dak-fractie gelanceerde plan voor arbeidstijdverkorting. Het is onwikkeld door de vu-hoogleraren Boeker en Goudzwaard. De kern van het plan is dat het personeel in het wetenschappelijk onderwijs vier in plaats van vijf dagen gaat werken onder gelijktijdige inlevering van een dag salaris. Mensen die nu al minder dan 32 uur werken hoeven niets in te leveren, terwijl de sociale minima beschermd moet worden. Financiering geschiedt door gebruik te maken van de wachtgelden die worden uitgespaard door het voorkomen van gedwongen ontslag van 3.000 mensen als gevolg van de tvc-operatie. Tenslotte wordt voorgesteld het personeel de garantie te geven dat het de komende tien jaar gevrijwaard blijft van een volgende arbeidstijdverkorting. vervolg op pag. 11
Terwindt slaat wederom toe. Een monografie over de Tilburgse studentenbevolking.
Hoefnagels pleit in zijn laatst verschenen boek voor een sociale sociologie. Een nieuwe Marx? Een nieuwe Weber? Of een nieuwe Hoefnagels?
^ ^
MATSERTJES
feaKtionai. "Reaktionair" is een rubriek waarin reakties van lezers worden geplaatst. Naam en volledig adres van de schrijver(s) dient bij de redaktie bekend te zijn. Anonieme brieven verdwijnen in de prullemand.
COLOFON volg van veranderingen die niet in het belang van de gebruikers zijn. Joop te Kort Ringbaan Noord 246 (Tel. 365736)
Nogmaals "nuloptie" Diefstal of Verzet? Terwijl het universitaire onderwijs in den lande druk bezig is met een taakverdeling, het bezuinigen van miljoenen guldens, het wegsaneren van zo'n 3000 arbeidsplaatsen en ettelijke studierichtingen houdt het Tilburg's college zich bezig met het innemen van koffiezetapparaten en het bedenken van maatregelen om 'diefstal' te voorkomen. Waar gaat het o m . Het college heeft gekonstateerd dat mensen er toe over zijn gegaan zelf hun koffie en thee te gaan zetten i.p.v. deze uit de automaten te tappen die overal geïnstalleerd zijn. Soms worden deze apparaten 's avonds ingeschakeld aangetroffen en dan ingenomen en mensen gebruiken, zonder betaling de suiker en theezakjes van de KHT. Dat is zonder aarzeling diefstal. Aldus het college. Of het vragen van 35 et. voor een kopje warm water, een theezakje en twee suikerklontjes geen diefstal is komt kennelijk niet bij de heren op. Daar komt nog bij dat veel mensen koffie en thee drinken zonder suiker of met maar 1 klontje. Die pikt de KH dan toch maar mooi in. Ik denk dat een hoop mensen zo nog een navordering kunnen doen op de KHT. Iemand die hier 50 weken dagelijks 2 kopjes koffie zonder suiker drinkt heeft per jaar 1000 klontjes gespaard. Dat kan wel eens gaan oplopen. Of neem de theedrinkers. Jarenlang dachten ze dat ze voor 1 bon een kopje versgezette thee kregen. Maar per zakje worden dan wel 5 kopjes gezet, terwijl je recht heb op 1 zakje per bon. Is bovengenoemd iemand een theedrinker/ster dan levert dat 400 zakjes per jaar op, die gespaard zijn. Dat dit soort rekensommen gemaakt zouden gaan worden moet het college voorzien hebben want ze zijn druk bezig thee te schrappen uit het voorzieningenpakket. Wat uit de automaten komt waar groot " t h e e " op staat mag namelijk de naam niet hebben en een met warm water uitgetrokken 4 grs. zakje is ook verre van een lekker kopje thee. Geen wonder dat de thee dan zelf gezet gaat worden. Met zo'n zakje waar theedrinkers jarenlang voor gespaard hebben. Dat is geen kwestie van diefstal, maar een gevolg van uithollende voorzieningen. Het college zal dat echter wel anders blijven zien en dus maatregelen gaan nemen. Ik ben benieuwd. Zoektochten door de kamers naar uitgetrokken theezakjes die in het vervolg voorzien zullen zijn van een KHT stempeltje. Nieuwe stopcontacten waar de stekkers van koffiezetapparatuur niet op passen. Het confisceren (stelen) van de apparatuur die je dan als een lagere scholier bij de bovenmeester mag komen ophalen. Een keer, daarna ben je het kwijt. Muntsloten op de toiletten, want als je veel drinkt moet je ook veel plassen. Of toch maar het aanhouden van personeel om een goede voorziening te verzorgen zodat mensen niet hoeven te zoeken naar wegen om verslechterde voorzieningen te ontlopen of te saboteren want dit is het onvermijdelijke ge-
Tilburgs Hogeschoolblad
In het THB van 25-2-1983 stond een "Tribune" van ondergetekende. Uit de kop van dit artikel (die de redaktie heeft bedacht) zou men kunnen opmaken dat het stuk de mening van Breed Front weergeeft. Ik wil echter benadrukken dat de fractie Breed Front niet betrokken is geweest bij mijn artikel. Wellicht is deze fractie het in grote lijnen ermee eens, maar dat hoeft niet voor alle onderdelen te gelden. Een slordigheid van mijn kant wil ik meteen ook verbeteren. Breed Front, 20 staat in mijn stuk, zou accoord gegaan zijn met de "nul-optie". Dit is niet juist; onze fractie heeft een eigen motie ingediend, waarin staat dat handhaving van de middelen voor de bestaande activiteiten belangrijker is dan het lospeuteren van enkele miljoenen voor nieuwe studierichtingen. Wij zijn niet tegen extra geld voor nieuwe studierichtingen, maar willen beslist voorkómen dat dit geld van de bestaande faculteiten en diensten wordt weggehaald. Daarom pleit Breed Front voor een apart fonds voor de groei van de kleinste instellingen, buiten de TVC o m . Een andere reden om deze twee zaken te scheiden is, dat gelden voor de aanloop van nieuwe studierichtingen eenmalig zijn, terwijl het inleveren binnen de TVC tot in lengte van jaren doorwerkt. THB schreef dat onze motie minder ver ging dan die van PLM, PSF en Constructief. De eerste spontane reactie van raadsvoorzitter Frans Teunissen was: "Jullie motie gaat verder". De lezer oordele zelf welke van deze beide uitspraken juist is. Kees Mijderwijk
Over folk-muziek en cacao-fantasie Helaas behoor ik niet tot de edele stand der "spaarzame kritische luisteraars" waartoe Joop Teunissen zichzelf kennelijk verheven heeft gezien de inhoud van zijn artikel "Folkliefhebbers moeten mannen met baarden zijn" (zie achterklap THB 18 feb. '83). Integendel: ik heb me (en ik schaam me diep, Joop) afgelopen zondag samen met zo'n 200 "mannen met baarden" waarvan pakweg de helft vrouwen buitengewoon geamuseerd in de Studiozaal van de Stadsschouwburg tijdens het concert van de Ierse folk-muzikant Andy Irvine, die nooit deelgenomen
heeft aan "gelegenheidsformaties als The Silly Sisters en De Dannan" (aangezien dit nl. geen gelegenheidsformaties waren, resp. zijn), die niet "sinds 1979 lid is van Pantxty" (maar al veel langer), die niet "zijn loopbaan als soloartiest kan voortzetten" (aangezien hij nooit als soloartiest optreedt, maar met minstens 1 begeleider) en die " o p zijn minst naar andere volksmuzieksoorten zou moeten luisteren", Irvine heeft geruime tijd in diverse Balkanlanden rondgezworven om zich met zijn bouzouki in de Balkanmuziek te bekwamen en dat is tijdens zijn concert te horen ook! Met andere woorden: Ik ben conservatief", "draag de muzikanten op handen", ben vertegenwoordiger uit " d e halfzachte sektor" (?), houd van een "toffe-jongens-krentenbrood-sfeertje" (?), van "écht roggebrood met boerenkaas", behoor tot de kategorie " m a n nen met baarden" en heb me niet af zitten vragen "hoe de muziek van zijn saaiheid ontdaan kan w o r d e n " . Kortom: Ik ben vertegenwoordiger van de domme massa binnen de folk-beweging. Welnu, mijn vraag aan Joop is de volgende: Bestaat er misschien een klubje van "spaarzame kritische luisteraars", waar ik kan leren om een "oplettende luisteraar" te worden waardoor ik de verschillen binnen de folk-muziek in het vervolg misschien ook kan gaan toeschrijven aan het feit dat " d e een op een panfluit blaast en de ander aan een harmonika trekt"? Een klubje dat me tevens kan uitleggen dat " d e elektrische versterking van instrumenten hetzelfde als de duivel in huis halen" is voor folk-muzikanten, terwijl ik praktisch iedere keer weer in toenemende mate tijdens folk-concerten en folkfestivals electrisch versterkte instrumenten tegenkom? Een clubje dat mij kan leren om niet meer naar "uitgekauwde en archaïsche muziek te gaan luisteren en de "traditionals" niet meer "fantasieloos" uit de bundels "Zoals de ouden zongen en als je kunt zingen, zing dan m e e " te halen? (synoniemen voor het Antwerps Liedboek 'de Fryske Tjalk en het vele veldwerk dat o.a. in Brabant werd verricht door Harry Franken? Mocht er zo'n edel clubje bestaan (richt er desnoods eentje op. Joop!) zou ik dan alsjeblieft lid mogen worden? Ik ben gaarne bereid om mijn baard af te scheren, mezelf uit de halfzachte sector terug te trekken, mijn krenten - pardon - roggebrood en boerenkaas te laten staan en over te schakelen op melkwit met cacao-fantasie. Desnoods hang ik mijn geitesokken aan de wilgen. Moet ik misschien ook nog mijn lelijke eend inruilen tegen een Amerikaan? Joop, sorry: Mijnheer Teunissen, U zegt het maar en ik doe het. Mag ik dan alsjeblieft lid worden ja? Ik
Nouwens verhuizingen Erkend Rijksverhuizers
Internationale Verhuisonderneming en opslag van inboedels verpakkingen overzee Lage Witsiebaan 102-112-136, Tilburg Telefoon 013-670526-674796
begrijp natuurlijk dat niet zomaar iedereen lid kan worden, omdat we ons anders straks geen spaarzame critische "luisteraars" meer kunnen noemen. Mijnheer Teunissen, ik maak jou tot voorzitter en om een clubnaam hoeft U niet verlegen te zitten; die krijg je van me kado: De FC EDE (Folk-Club van Edele Dissonante Elitairen). Een domme folk-liefhebber.
s e r t j e SI 'Matsertjes' kunnen worden opgegeven bij de redaktie. Tot 30 woorden kosten z e / 5,-; onder nummer / 2,50 extra. Reakties op advertenties onder nummer naar de redaktie sturen. GEZOCHT: Gezellig koor zoekt dringend een tenor. Bel voor meer informatie: Ton Meijer: 680779 ('s avonds). REPETITOR RECHTEN: Pas afgestudeerde juriste heeft tijd beschikbaar om rechten studenten te begeleiden bij de studie. Tel. inl.: 076-651908. GEZOCHT: In Parijs voor de periode van 27 maart tot 4 juni appartement, etage, flat, kamer etc. i.v.m. stage aldaar. Bellen na 17.30 uur: 013-635189. tilburgs hogeschoolblad weekblad voor de katholieke hogeschool tilburg redaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, ellen nooyen, angela lodder (assisiente) medewerkers paul emonts, wouter van gils, peter pennartz, henk zomer, wilma okkerse, sjef stoop, klaudie biemans, john versieyen samenstelling redaktieraad prof mr p van seters (voorzitter), dr j koning, dr h van erp, drs j van de net, f hummelman, m ackermans (adviseur), t nilsen, r geurtsen, a de laaf, drs th schouw officiële mededelingen buro pers en voorlichting cartoonist ad van haandel, henk van de berg advertenties angela lodder kopij alle kopij moet uiterlijk op donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn redaktie-adres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor thb) 662277 en 662506 intern 2277 en 2506 kamer 207 en 208 (gebouw b) foto rien siers landelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten ad valvas (vu amsterdam), , wagenings hogeschoolblad, utrecht universiteitsblad, delta (delft), thberichten (eindhoven), tht-nieuws (twente), observant (maastricht), uk (groningen) en ku-nieuws (nijmegen) druk drukkerij em de jong bv, baarle-nassau abonnementen voor niet-hogeschoolleden f 15,— per jaargang vrijdag 4 maart
1 ^ ^
Het INW op de helling
Normen en Waarden uit de tijd? Als de minister én de Taal<verdelingscommissie tiun zin l<rijgen zullen de achttien medewerkers van het Interuniversitair Instituut Normen en Waarden (INW) per 1 januari 1984 hun baan verliezen. Dit instituut begeleidt aan de KHT een onderzoeksprojekt over de problematiek van gastarbeid. De direct betrokken studenten en vakgroepen zijn best tevreden met die begeleiding en tóch stelde het College van Bestuur zich achter het TVC-voorstel tot opheffing. Als we de plannen van de TVC moeten geloven mag het Instituut Normen en Waarden in de Samenleving (INW) verdwijnen. "Dit instituut vervult onvoldoende een inter-universitaire functie. Opbrengst 1,80 miljoen." Kassa. Deze 1,8 miljoen is een deel van de 19,5 miljoen die de TVC voorstelt te bezuinigen op de interuniversitaire instituten, door opheffing of overheveling van een vijftal en door reorganisatie of beperkte bezuinigingen bij een aantal andere instituten. De KHT participeert in een achttal Interuniversitaire Instituten en drie daarvan, het Limperg Instituut, het NIAS en het //VW worden bedreigd met opheffing. Samen met nog negen andere instellingen participeert de hogeschool in het in Rotterdam gevestigde INW en dat resulteerde in een project "Gastarbeid" dat nu al voor het derde achtereenvolgende jaar loopt. Het initiatief voor het project kwam van een aantal studenten. Het INW werd erbij gehaald en vijf vakgroepen werden warm gemaakt voor deelname aan het project. Het zijn: Pemo, Ontwikkelingspsychologie, Sociaal Recht, Arbeidsverhoudingen en Economie van de Juridische Faculteit. Een zestal studenten uit deze vakgroepen houdt zich bezig met de arbeid en de niet-arbeidstijd van de gastarbeider. Speciale aandacht gaat daarbij naar de verhouding tussen gastarbeider en Nederlandse arbeider, tussen gastarbeider en arbeidsplaatsen, gastarbeider en arbeidsmarkt, gastarbeider en vakbond. Andere speerpunten zijn de communale structuur en het culturele leven van de gastarbeiders in het Tilburgse en in Den Bosch. Rienk Feddema van het INW begeleidt deze werkgroep gastarbeid die het voornamelijk moet hebben van "actieonderzoek". Feddema: "Actieonderzoek is een poging om tot gelijkwaardige verhoudingen te komen. Dat wil zeggen dat de onderzoeker zich niet stelt boven de groep die hij onderzoekt stelt, de inbreng van de onderzoeker en de basisgroep is even groot. De verworven kennis blijft eerst in de groep. Als de groep het goed vindt komt de verworven wetenschap naar buiten". Verder houdt de werkgroep zich ook bezig met literatuuronderzoek. Feddema: "We denken dat we vaak aan de beleidsorganen en aan de basisgroepen betere adviezen kunnen geven dan de gangbare wetenschappen, omdat die gewoon nog vastzitten aan de oude instituties". Bijna gelijktijdig met het voorstel van de taakverdelingscommissie om het INW op te heffen kreeg het instituut ook een brief van minister Deetman met het principe-besluit om het instituut op te heffen. Het INW interpreteerde dit op haar persconferentie vorige week als volgt: "Precies op de dag van de laatste vergadering van de TVC, 18 februari, ondertekende Deetman een brief aan de universiteiten, waarin hij zijn principe-besluiten meedeelt om voor het INW met ingang van 1984 geen geld meer beschikbaar te stelTilburgs H o g e s c h o o l b l a d
zien om de bekostiging van uw instituut met ingang van 1984 over te nemen. Deze conclusie hebben wij mede getrokken naar aanleiding van de besluitvorming binnen de taakverdelingscommissie". Feddema: "Die tien instellingen zijn onze werkgever. Als de minister geen gelden geeft wil dit niet zeggen dat de universiteiten ons zouden moeten opheffen, en het is ook een misverstand te denken dat
^
van de Hogeschoolraad van 4 november 1982 heet het "dat een definitieve beslissing van terzake participatie in het INW, op grond van daarbij te maken afwegingen en te stellen prioriteiten, zal worden genomen op of omstreeks het moment dat deze participatie niet alleen nominaal, doch ook in feite ten laste zou komen van de KHT-begroting". De betrokken vakgroepen zullen afzonderlijk reageren en Pemo, de vakgroep van Glombowski, zal een brief schrijven aan het INW om duidelijk te maken hoe de werkgroep de gang van zaken beoordeelt. Glombowski: "Persoonlijk zal ik me in mijn fractie Breed Front inzetten voor een Hogeschoolraadsmotie om 'geen toestemming te geven aan dat deel van de TVC-operatie en ook de handelwijze van het CvB in deze zaak af te keuren, want het CvB heeft tegen de afspraken in zijn beslissing al genomen vóór de HSR de gelegenheid kreeg zich over de zaak te buigen".
Aarzelend Glombowski: Je laat mensen achter met wat je aangezwengeld hebt. Dat is negatief. len. M.a.w. de indruk die in universitaire kringen al langere tijd bestond namelijk dat het Ministerie van O&W bezig is om achter de plannen van de universiteiten om een eigen, nog ingrijpender schaduwplan op te stellen, wordt in elk geval voor het INW alvast bewaarheid". In het bestuur van het INW zit namens de KHT Dr. G. van den Heuvel, 2e secretaris van het CvB. Hij had geen tijd voor een reactie, maar verwees door naar Hoens van O&O. Hoens werkt namens het CvB aan een brief als reactie op deze stap van de minister. Ook vanuit Leiden is een brief onderweg naar de minister waarin het heet dat deze universiteit verbaasd is over de brief van de minister aan het INW. De minister heeft een taakverdelingsoperatie in gang gezet, en Leiden zou het eleganter gevonden hebben dat de minister het werk door de TVC zou laten opknappen. De minister moet zich aan zijn eigen procedures houden, dus was het beter geweest dat hij het TVCrapport van 4 maart even had afgewacht, alvorens tot deze abrupte ingreep te komen, temeer omdat er ook sociale aspecten aan deze ingreep verbonden zijn. Het Tilburgse CvB zal eveneens protesteren tegen de procedure die de minister in deze zaak volgt. In feite spelen hier dus procedurekwesties want Leiden en Tilburg zeggen niet dat het INW moet blijven. Dat blijkt uit een brief van het CvB aan de penvoerende instellingen van de universitaire instituten. Over het INW schrijft het College: "Met overname van de voorgestelde modaliteit (opheffing met gedeeltelijke overbrenging naar de EUR) kunnen wij instemmen". In de TVC is er dus nog sprake geweest van gedeeltelijke overbrenging naar de Erasmus Universiteit, maar het INW heeft van de EUR al een brief liggen waaruit blijkt dat de Rotterdamse Universiteit het Instituut Normen en Waarden niet wil hebben. In deze brief schrijft het EUR-bestuur "geen mogelijkheden te
de instellingen de gelden dan moeten opbrengen. Er bestaat namelijk de juridische afspraak dat zolang er minimaal twee deelnemers zijn het INW kan voorbestaan en dat de overheid dan met geld over de brug komt". Jörg Glombowski zit namens de KHT in de Wetenschappelijke Raad van het INW. Volgens hem spelen er ook politieke motieven mee om het instituut te doen verdwijnen. "Actieonderzoek ter ondersteuning van minderheden is nooit erg populair geweest, maar als de middelen schaarser worden kiest men kennelijk voor onderzoek, dat binnen de voorwaardelijke financiering een kans maakt. Onderzoek dat niet in aanmerking komt voor publicatie in Amerikaanse tijdschriften maakt in deze tijd minder kans." Tilburgse vakgroepen die betrokken zijn bij het project gastarbeid oordelen dat ze de samenwerking met het INW moeten voortzetten, aldus Glombowski. Die samenwerking wordt als waardevol begrepen. "Het nut voor de betrokken Tilburgse studenten is in ieder geval duidelijk. De studenten zijn enthousiast omdat ze de gelegenheid krijgen zich heel actief theoretisch en practisch met dit soort vraagstukken van enige politieke relevantie te kunnen bezig houden." Glombowski: "Ik kan geen oordeel vellen over de samenwerking van het INW met andere instellingen, ik kan alleen zeggen dat de samenwerking waarbij ikzelf betrokken ben, efficiënt en plezierig was. Ik vind dat ze een heel specifieke inbreng hebben door hun ervaring op gebied van actieonderzoek, zeg maar door hun detailkennis van de arbeidsverhoudingen in bepaalde bedrijven in Nederland en de situatie van de gastarbeiders in die infrastructuur ". Glombowski betreurt het dat het College amper vier maanden geleden besloot de samenwerking met het INW voorlopig te continueren en dat nu die samenwerking op de helling wordt gezet. In het besluit
De KHT leeft de laatste jaren slechts aarzelend geparticipeerd in het INW. Vorig jaar kwam de vraag over de verlenging van de Tilburgse deelname in de HSR aan de orde en in feite was die vraag een herhaling van een eerder in 1979 gestelde vraag van het INW aan de KHT of men wel of niet wilde blijven deelnemen aan de activiteiten van het instituut. Na conflicten binnen het INW zelf, waarbij het bestuur - tegen de wetenschappelijke raad in - overwoog om het instituut dan maar op te heffen (zie THB 28-3-801, kwam er een oplossing van de conflicten. In juni 1981 werd de vraag opnieuw gesteld welke universiteiten en hogescholen willen blijven meedoen. Het CvB toonde echter geen haast en herinnerde bij monde van haar secretaris aan een eerder "aangekondigd voornemen om binnen enkele jaren een voorstel met betrekking tot onze deelname te formuleren". In maart 1982 komt er opnieuw een brief van het INW om van de KHT een beslissing te vragen over mogelijke deelname. Het CvB delegeert het antwoord op deze vraag aan de faculteiten samen met een bijkomende vraag van het College "of zij (de faculteiten) voortgezette participatie in het INW gewenst achten vanuit het belang van onderwijs en onderzoek van hun faculteit en van de KHT, ook indien te zijner tijd de participatie niet alleen nominaal maar ook metterdaad gaat rusten op de KHT-begroting". De zaak haalde in november '82 de Hogeschoolraad en daar werd besloten de samenwerking voorlopig te continueren, en pas een definitieve beslissing te nemen als deze participatie niet alleen nominaal, doch ook in feite ten laste zou komen van de KHT-begroting. Van den Heuvel was ook geen echt lid van het INW-bestuur maar slechts plaatsvervanger voor een bestuurslid dat nooit benoemd werd. Vorig jaar trad prof. Heyde uit de wetenschappelijke raad van het Instituut en de vacature werd pas nu weer opgevuld door de benoeming van Jörg Glombowski.
vrijdag 4 nnaart
PERS
KORT
Uit de universiteitsbladen De operatie Taakverdeling en Concentratie (TVC) is ten einde. De Landelijke commissie TVC, samengesteld uit leden van de Colleges van Bestuur, heeft de te bezuinigen 258 miljoen verdeeld over de instellingen. Het woord is nu aan de minister. Deze heeft ondertussen niet stilgezeten. Terwijl de commissie aan het bekvechten was hebben zijn ambtenaren een nieuwe nota voorbereid inhoudende een vierde ingrijpende beleidswijziging in het Nederlands Universitair Onderwijs; de concept-nota Beiaard. Deze nota schetst de samenhang tussen de vier operaties die thans in het W. O. worden uitgevoerd of in uitvoering zullen komen; de voorwaardelijke financiering van onderzoek, de invoering van de Wet Tweefasenstructuur, de herstructurering van de opbouw van de wetenschappelijke staf en de operatie TVC. In de nota-Beiaard, het ros dat de vier heemskinderen (= de vier operaties) veilig vervoerde, worden enige koerscorrecties aangebracht. Zo wil de minister jonge assistenten gaan aanstellen, oplopend tot 8000 tijdelijke arbeidsplaatsen in het jaar 1990; de lerarenopleiding dient uit het WO te worden gelicht en het student-assistentschap zal geleidelijk moeten verdwijnen. Gedeeltes uit deze nota waren overigens al eerder uitgelekt en veroorzaakten toen grote beroering binnen het W.O. (FOLIA CIVITATIS). De publicatie van de nota, zo kort na afloop van het TVCoverleg, heeft tot de nodige ergernis geleid. Het commentaar van de voorzitter van het Utrechts College van Bestuur, de oud-minister. Ginjaar; "Zitten we midden in de ellende, komt hij weer met volstrekt andere beleidsideeën in die nota-Beiaard. Van de dolle. Had-ie daar nou geen veertien dagen mee kunnen wachten?. (UTRECHTS UNIVERSITEITSBLAD) Kortom: er is een nieuwe
operatie op komst, terwijl als gevolg van een eerdere operatie de wonden nog gelikt moeten worden. Nu de resultaten van het TVC-overleg bekend zijn geworden, zijn de slachtoffers op zoek naar een zondebok of naar mogelijke alternatieven. De Utrechtse Universiteitsraad bleek in haar vergadering niet tevreden te zijn met het door haar TVConderhandelaar Rosenberg behaalde resultaat (Utrechts Universiteitsblad). De zwaargetroffen afdeling Bouwkunde aan de TH te Delft was zo geschokt dat zij besloot haar vertrouwen in CvBvoorzitter De Hart op te zeggen. "Wij beschouwen je niet langer als medevertegenwoordiger van de afdeling Bouwkunde in TVC-kwesties, noch als het om overleg in TVC-verband gaat, noch als het overleg ten departemente betreft" (DELTA). Aan de Groningse Universiteit verzet niet alleen de Raad of de directe slachtoffers zich tegen de TVC-resultaten, ook het CVB is het niet eens met de gang van zaken. Het CVB wenst alleen mee te werken aan de opheffing van geologie, Egyptisch, Roemeens, Italiaans en Indologie. Een aantal andere studierichtingen, waaronder enkele technische wenst zij te behouden. (UNIVERSITEITSKRANT). Twente spint garen bij de uitkomsten van het TVC-overleg. Naast de kortingen van 2.83 miljoen ontvangt de instelling namelijk eenzelfde bedrag voor nieuwe activiteiten. Daar de Hogeschool uit hetzelfde verzorgingsgebied haar studenten recruteert als de Groninger Universiteit is opheffing van de technische studierichtingen aan de RUG in haar voordeel. De TH heeft zich in de onderhandelingen al bereid verklaard deze studierichtingen "zonder budgettaire gevolgen" te willen verzorgen (THTNIEUWS)
Relikwieën
Een Katholieke Hogeschool behoort relikwieën te hebben. Maar waar zijn ze? Ik kan ze nergens vinden. Jaren geleden was ik op een congres in Boekarest. Tussen twee lezingen door volgde ik een pijl. Die pijl wees naar de schatkamer van de plaatselijke universiteit. Een suppoost in keurig maatkostuum nam me mee naar de vitrine. Vol eerbied, in fraai gepolijst Frans, vertelde hij wie er te zien was op een foto die in de vitrage lag; "Dit was de vriend van madame Curie, toen zij nog geen Madame Curie heette. Monsieur Curie kon hem niet uitstaan". Wat die vriend verder met Boekarest te maken heeft, kan me niet schelen. Waarschijnlijk studeerde die jongen gewoon in Parijs. Toch geeft één zo'n vergeelde foto van een Roemeense jongen je het gevoel dat het wetenschapsbedrijf in de hoofdstad van dat land een glorieuze aangelegenheid is. Wie aan deze universiteit studeert of doceert, is heel in de verte nog verwant aan de vriend van Madame Curie. Als ik door de gebouwen van de Tilburgse hogeschool loop, heb ik het gevoel dat de wetenschap pas gisteren is uitgevonden. Geen vergeelde foto's van de vijanden van één of andere Monsieur. Alleen twee brave, opgepoetste borstbeelden en een rijtje onpersoonlijke portretten van heren in toga. In 1966 (een provocerend jaarj mocht ik als Amsterdamse student mee op studiereis naar Rusland. Een eind buiten Leningrad vonden we het laboratorium waar de fysioloog Pavlov ooit zijn experimenten deed. De grote meester werd er in ere gehouden. In een glazen kast stond de fiets van Pavlov te kijk. Wist u dat Pavlov kon fietsen? Hij kan het.' Op een zwaar model, met onder het zadel een reparatietasje.
Tilt)urgs Hogeschoolblad
Ook aan de Universiteit van Amsterdam is verzet gerezen. Daar zal naar alle waarschijnlijkheid de sub-faculteit geologie worden opgeheven. De geologen zijn van plan zich met alle wettelijke middelen te verzetten tegen dit besluit. "Tegen opheffing, tegen overheveling naar de VU en tegen gedwongen ontslagen. En niet meer praten, alleen nog met de rechter. Als het moet halen we de directie van Shell erbij, want die heeft belang bij onze mariene geologie" (FOLIA CIVITATIS). In Nijmegen zijn de TVC-resultaten zo zwaar op het dak gevallen dat men daar al spreekt van een nieuw soort universiteit dat dreigt te ontstaan; de 'overlevingsuniversiteit'. In het KUNIEUWS een eerste aflevering van een serie over de werkeloosheid in de gemeente: "op weg naar de 40%". De 16 miljoen en zes studierichtingen die de Nijmeegse Universiteit moet inleveren zal aan dit percentage ook een bijdrage leveren. Jacques Wallage, onderwijsspecialist van de PVDA, is van mening dat het W.O. bijzonder weinig verwachten kan van de politiek. Rechts getuigt van een "kassadenken". "Die vinden dat er aan de universiteiten geen geld verdiend wordt. De progressieven binnen de coalitie lijden aan een misplaatst arbeiderisme en intellectuelenhaat". Wallage vergeleek onlangs de TVC-operatie met de catastrofe bij de ADM en RSV. In de Groningse UK deelt hij mee hierop aangesproken te zijn door fractiegenoten. "Dat moet je niet vergelijken", zeiden een paar collega's. Ik zei: 'waarom niet?'. 'Nou', zeiden ze, "die zijn productief, dat zijn die wetenschappers niet'. Dat hebben we uitgepraat, maar zo wordt er wel gedacht." (AD VALVAS) L.v.W.
Aanmeldingen voor komend studiejaar Op 14 februari hadden 1460 aankomende eerstejaars zich bij het Centraal Buro Aanmelding en Plaatsing opgegeven voor een studie aan de KHT. De verdeling over de faculteiten is als volgt: economie 523, econometrie 56, sociologie 94, psychologie 152, rechten 483, letteren 145, filosofie 7. Alle studierichtingen kregen meer aanmeldingen dan vorig jaar.
Limburg wijst bezuinigingen af Het College van Bestuur van de Rijksuniversiteit Limburg is niet bereid om twee miljoen te bezuinigen op de medische faculteit en 0,6 miljoen op de Algemene Dienst. De Taakverdelingscommissie heeft voorgesteld deze 2,6 miljoen in te leveren in ruil voor 5,2 miljoen dj^ de RL dan ontvangt voor het opstarten van nieuwe aktiviteiten. Het CvB vindt dat de medische faculteit al met een minimale begroting werkt. Door te bezuinigen zou men niet meer kunnen voldoen aan het vereiste aantal verschillende vakgebieden. Bovendien zijn aan de faculteit al extra taken toegewezen die met een gelijkblijvend budget moeten worden uitgevoerd. Ook de Algemene Dienst, die de komende jaren de uitgroei van de universiteiten moet verwerken, kan volgens het College niet financieel inkrimpen. Het CvB staat positief tegenover de reservering van 5,2 miljoen voor de uitbouw van de universiteit, maar vindt het niet terecht dat dit gekoppeld wordt aan een bezuiniging op andere taken.
Pavlov heeft naam gemaakt door zijn experimenten met honden. Het originele experimenteerhok stond er nog. We mochten er in. Een heerlijk gevoel. Toen ik in het hondehok van Pavlov zat, begon ik meteen van genot te kwijlen. Zo'n hondehok prikkelt de fantasie. Wetenschap wordt werkelijkheid. Je kunt je voorstellen dat Pavlov kwispelend door zijn proefdieren werd ontvangen. Wie zo'n hok binnentreedt, krijgt zin om zelf aan de slag te gaan. Over de geschiedenis van de Tilburgse Hogeschool zijn twee boeken geschreven. Kennelijk heeft de KHT een verleden. Maar waarom is daar in onze gebouwen zo weinig van te zien? Allerlei relikwieën - uit heden en verleden - moeten permanent getoond worden. Het moet gemakkelijk zijn om een glazen kast in elkaar te schroeven waar de fiets van Jan de Quay in past. Of gebruikte De Quay andere middelen van vervoer bij zijn reis door het maatschappelijk leven? Dan nemen we dié. Een kasboek van professor Th. J.A.J. Goossens kan in een speciale vitrine komen te liggen. Tenslotte was die man virtuoos in het dichtknopen van de Tilburgse geldbuidel. Het kasboek kan daar van getuigen. Inspirerend lijkt me ook een scriptie van Wim Boerboom uit de tijd vóór hij tot het marxisme bekeerd raakte. Mensen kunnen zich van hun verleden losmaken; die scriptie kan daar van getuigen. Hup, in de vitrine.' Van grotere historische waarde is het pak waarin Glombowski - tot veler ergernis - zijn openbare rede als hoogleraar heeft afgestoken. Misschien wil hij dat pak nu nog niet afstaan. Maar zodra hij er niet meer in past, stellen we het permanent ten toon. Er is veel meer te bedenken. De piano van Zijderveld: die hoort in de hogeschool. Een salarisstrookje vanGoldschmidt: dat mag niet gemist worden. En slingert het model van Dalmulder nog ergens rond? Laten we het afstoffen en aan de muur hangen. Want landelijk heeft indertijd de commissie Dalmulder grote faam geoogst met een totaal verkeerde voorspelling van de studenten-aantallen. Het gebruikte model lijkt me daarom heel leerzaam. Met welke instrumenten deden Tilburgse psychologen onderzoek voordat er hier een echte subfaculteit psychologie kwam? De apparatuur uit de psychologische oertijd moet in een mooi kastje komen. Hoe zagen de eerste rekenmachines van de eerste Tilburgse economefristen er uit? Heel anders dan de tegenwoordige. Daarom: tonen.' Al was het maar om te laten zien, dat nieuwe generaties niet te lang bij het werk van hun voorgangers moeten blijven stilstaan.
vrijdag 4 nnaart
B
LANDELIJK
''Blufpoker"
en
"vrijworstelen"
Tweede Kamer bespreekt taakverdeling Een meerderheid van de Tweede Kamer wil dat Minister Deetman zélf het initiatief neemt om te komen tot een goede afwikkeling van de werkgelegenheidsgevolgen van de taakverdelingsoperatie. Verder eist de Kamer een grote rol voor zichzelf op als het gaat om de beoordeling van taakverdelingsbeslissingen. Dat blijkt uit een mondeling overleg tussen de vaste kamercommissie voor onderwijs en minister Deetman over diens beleidsnota taakverdeling en concentratie, die al in oktober werd gepubliceerd en waarin de aanzet werd gegeven tot de vorming van de bekende Taakverdelingscommissie. Twijfel bestond er over de vraag of de gevolgde procedure de juiste is geweest. Willems (PSP) sprak over een taakverdelingscommissie die "blufpokerend en kwartettend" tot een resultaat was gekomen en Wallage (PvdA) noemde dit "een partijtje vrij worstelen voor de instellingen". Dees (VVD) vroeg in dit verband of de gevolgde procedure er wellicht niet toe had geleid dat eerder sprake was van een aanpak per instelling (verdeling van de pijn) dan van een disciplinegewijze benadering. Daardoor ontstond bij hem de zorg over de vraag of de kwaliteit van onderwijs en onderzoek wel voldoende hadden meegewogen. Deetman vond de procedure echter zorgvuldig. Hij zette deze af tegen de weg die vóór het totstandkomen van de TVC was gevolgd, die van incidentele, centrale beslissingen. "Vergeleken hiermee doet het bestuurlijk minder fraaie zich niet voor", aldus Deetman. De tweede kamer wil tijdig betrokken worden bij de verdere procedure, die moet leiden tot definitieve taakverdelingsbeslissingen. Eerder dan dat de minister met een definitief voorstel komt (in juni) wil zij invloed uitoefenen op de gang van zaken. Deetman zegde toe in mei aan de Kamer een conceptstandpunt toe te zenden, waarover de Kamercommissie desgewenst kan debatteren. Het overleg met de instellingen moet dan nog plaatsvinden. Mevrouw Groenman (D'66) bepleitte om aan de instellingen meer tijd te geven om hun standpunt over het rapport van de TVC vast te stellen. De universiteiten moeten voor 15 april met een standpunt komen, wat betekent dat in een periode van krap 6 weken faculteitsraden, subfaculteitsraden en universiteitsraden hun standpunt moeten vaststellen. Groenman achtte deze termijn onredelijk kort. Beinema (CDA) viel haar daarin bij, maar Deetman antwoordde dat het niet zijn zorg is hóe de instellingen tot de bepaling van hun standpunt komen, en was niet bereid om de tijd ruimer te maken, alhoewel dat volgens Groenman niet ten koste hoefde te gaan van de voortgang Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d
van de taakverdeling, "maar wel in het belang van een goede besluitvorming". Veel kritiek hadden de kamerleden van alle fracties op de wijze waarop Deetman zich voorstelt om de sociale gevolgen van taakverdeling op te vangen. De Minister wil éérst beslissingen nemen over taakverdeling en pas dan over het sociaal beleid. Alhoewel de meeste sprekers met hem eens waren dat werkgelegenheid geen criterium op zichzelf is waar taakverdelingsbeslissingen aan getoetst dienen te worden, achtten zij zijn houding toch te afwachtend. Dees vroeg om een beleidskader, waarin de mogelijkheden voor het sociaal beleid staan aangegeven. Groenman wilde "vermijdbare vernietiging" van werkgelegenheid voorkomen, en Beinema vond de volgens hem "positief terughoudende" houd'mg \/an Deetman ontoereikend. Deetman bleef echter bij zijn eerdere opvatting dat de verantwoordelijkheid voor het sociaal beleid in belangrijke mate bij de instellingen ligt, alhoewel hij een zeker "nationale optiek" niet ontkende. Verschillende kamerleden besteedden opnieuw aandacht aan de ideeën van de VU-hoogleraren Goudzwaard en Boeker, om te komen tot een 4-daagse werkweek voor het wetenschappelijk personeel. Beinema vroeg naar de ideeën van de minister over een "clearing house", een bestand van personeel uit opgeheven functies, vanwaaruit eventuele herplaatsingen bij andere instellingen zouden dienen te worden gecoördineerd. Deetman zei dat voor vrijwillige arbeidstijdverkorting de deur bij hem openstaat, en dat hij over gedwongen arbeidstijdverkorting bereid was te overleggen met de vakbonden. Arbeidstijdverkorting kon volgens hem echter geen middel zijn om onder concentratie (beperking van het aantal vestigingsplaatsen van een studierichting door opheffing) uit te komen. Willems (PSP) vroeg Deetman of hij in zijn volgende rapportage aan de Kamer
nadrukkelijk aandacht wilde besteden aan de positie van de student. Met name zouden volgens hem de wettelijke bepalingen ontbreken over het omzwaaien van de ene instelling naar de andere. Verder pleitte hij voor een soepele hantering van de maximale termijn van inschrijving voor studenten die als gevolg van taakverdeling zouden moeten verhuizen. Deetman's antwoord verzonk echter in de bel voor de stemmingen, die aan het mondeling overleg een eind maakte.
INTERRUPTIE I Een aardig interruptiedebatje ontspon zich tussen Lankhorst (PPR) en Beinema (CDA). De eerste stelde dat bij de beoordeling van de vraag waar en hoe taakverdeling plaats kon vinden, het verschil uitmaakt voor de positie van bijzondere (christelijke) instellingen om welke studierichtingen het gaat. Bij tandheelkunde zou het bijzonder karakter duidelijk minder in het geding kunnen zijn dan bijvoorbeeld sociologie. Beinema reageerde daar bijzonder fel op: "Het is een zaak van de besturen van bijzondere instellingen zelf hoe zij die vraag beoordelen", zo interrumpeerde hij, daarmee onverwachts weer herinnerend aan de oude schoolstrijd. Deetman beaamde de opvatting van Beinema, maar stelde wel vast dat daar waar de bijzondere instellingen voluit in de groei gedeeld hebben in tijden van groei, die ook bij de terugval in gelijke mate het geval moest zijn. Vrijwel alle woordvoerders vroegen naar het gewicht van de verschillende criteria die Deetman aanlegt bij de toetsing van voorstellen tot taakverdeling. Deetman wilde die vraag niet beanwoorden, doch deelde mee dat dit gewicht pas bepaald kan worden in de concrete beslissingen. Beinema merkte daarover op dat kennelijk "het plan niet alleen aan de criteria.
Polen in de vergeethoek Hogeschoolstudent Rik Hendriks was rond de jaarwisseling in Polen. Hij wilde onder andere onderzoeken of het mogelijk is dat hij daar een half jaar gaat studeren. Hendriks had een gesprek met professor J . Symonides, de directeur van het Institute of International Affairs in Warschau. Toen Hendriks te kennen gaf dat hij van de KHT afkomstig is onstak de Poolse professor in woede. Symonides' instituut onderhield namelijk tot 13 december 1981, de afkondiging van de staat van oorlog, een regelmatig contact met de Tilburgse Hogeschool. Op facultair niveau, maar vooral met het John F. Kennedy-instituut. In Warschau, zo liet Symonides aan Hendriks weten, bestaat de wens om deze contacten met Tilburg voor te zetten. Maar blijkbaar is er in deze relatie geen sprake van wederkerige genegenheid. Want ondanks alle berichten die vanuit Polen naar Tilburg zijn gestuurd zit men in Warschau nog steeds op een levenste-
ken te wachten. Symonides vond, aldus een schriftelijke vraag die Hendriks later over deze kwestie in de Hogeschoolraad heeft gesteld "deze houding nog verwonderlijker, omdat na 13 december een medewerker van zijn instituut in Tilburg was gebleven en niet naar Polen is terug-
maar de criteria ook aan het plan worden getoetst". PvdA-woordvoerder Wallage vroeg, als oud-wethouder van Groningen, naar het gewicht van het regionaal belang van een instelling. Hij zei er geen voorstander van te zijn dat taakverdeling afstuit op het regio-argument, maar betoogde dat het gebruik van wetenschappelijk onderwijs-voorzieningen medebepaald wordt door de (geografische) bereikbaarheid daarvan. Wetenschappelijk onderzoek heeft dat uitgewezen. De minister was van oordeel dat de schaal van Nederland zo klein was dat dit gegeven niet overtrokken mocht worden. Het regionale argument was voor hem van minder belang bij het maken van keuzes. Hij maakte echter een voorbehoud toen hij wees op de doelstellingen van regionaal economisch beleid, die door taakverdeling onverlet bleven. Tot slot zei Deetman dat hij van plan was om de plannen van de TVC aan een gedegen toetsing te onderwerpen. "Mijn opstelling zal er niet een zijn van: de uitkomst is 258 miljoen, laat het gehakketak tussen de instellingen maar zitten, ik neem het plan van A tot Z over. Dat zou onzorgvuldig zijn. Als mij bij toetsing zou blijken dat in de onderhandelingen sterkere posities hebben gedomineerd boven zwakkere en dat dit niet tot optimale beslissingen vanuit kwaliteitsoogpunt heeft geleid, dan zal ik mijn verantwoordelijkheid nemen en het plan bijstellen ". Enkele kamerleden lieten zich verleiden te praten over inkomenspolitieke maatregelen, wanneer nieuwe bezuinigingen op het onderwijs zouden moeten worden doorgevoerd, omdat zij nóg een taakverdelingsbeslissing voorlopig onhaalbaar en ongewenst vonden. Deetman constateerde dit vergenoegd. Hij zei niet per sé afwijzend te staan tegenover die gedachte, maar kon de Kamer haar eigen standpunt van december voorhouden, die toen in het debat over de 1,85% korting op de onderwijssalarissen daarmee in meerderheid tandenknarsend accoord ging, onder de voorwaarde dat dit de laatste specifieke korting zou zijn. Het kan verkeren. UP/Bert Bakker
gekeerd". Volgens de Poolse wetenschapper zou het dus meer voor de hand hebben gelegen als Warschau de contacten had verbroken. Symonides beticht de hogeschool van onbeleefdheid. Als men geen samenwerking wenst, waarom dat niet even laten weten? " D e man was echt boos", licht Hendriks toe. " H e t is mijn geluk geweest dat ik een introductie bij me had van de Groningse hoogleraar Hylke Tromp. A n ders had ik zeker geen toezegging gekregen om te studeren aan het Institute of International Affairs in Warschau." Het College van Bestuur van de Tilburgse Hogeschool heeft intussen geantwoord op de vragen die Rik Hendriks in de hogeschoolraad heeft gesteld. Het John F. Kennedy Institute, zo schrijft het College, heeft na 13 december 1981 geen enkele brief of bericht ontvangen van het Poolse Instituut. Het Kennedy Instituut heeft het niet wijs geacht om nog contact met Polen te zoeken omdat men "vooralsnog de omstandigheden in Polen als niet geschikt voor normale wetenschappelijke uitwisseling beoordeelde".
Rik Hendriks
vrijdag 4 maart
Jan Terwindt slaat wederom toe
Het afgelopen lustrum 1982 mag wel In het teken staan van de opmars van de vrouw in nagenoeg alle Tilburgse studie richtingen. H aar aandeel in de totale stu dentenpopulatie is in vijf jaar tijds met ongeveer tien procent toegenomen. In dezelfde periode is het verschijnsel ver grijsde studenten afgenomen. Minder positief is dat de overlevingskansen van de eerste jaarsstudenten aan de lage kant zijn, hetgeen in tegenspraak is met het voorgenomen groeibeleid van de hogeschool. Wil de hogeschool met enig resultaat groeien dan zal zij de bestaande en nieuw op te richten studierichtingen voor de vrouw aantrekkelijk dienen te maken. Daarnaast zal zij aan de komende stu denten meer waarborgen dienen te ge ven opdat de studie met goed gevolg kan worden beëindigd. Binnen de totale populatie traden ook enige veranderingen in de aandelen van de studierichtingen op. Het aandeel van de rechtenstudenten nam met 3 % toe. De aandelen van de filosofen en taal en letterkundigen presenteerden zich voor de eerste maal met 4 % . H iertegenover staat een daling waarin de richtingen econometrie met 2 % en de sociaal cultu rele wetenschappen met 3 % de grootste aandelen hebben. De belangrijkste aan deelhouders blijven echter de studenten in de economische faculteit die 4 2 % voor hun rekening nemen.
PARTTIMERSi In de onderzoekperiode steeg het aan deel van de parttime studenten in de to tale populatie van 8,4% naar 12,5%. In het jaar 1981 (CBS) hadden Tilburg (12%) en Rotterdam (10%) de hoogste aandelen parttime studenten. De aande len in de overige instellingen van weten schappelijk onderwijs bleven daar ver on der. Binnen de populatie parttime stu denten steeg het totale aandeel van de vrouwen van 17,4% naar 2 8 , 1 % . De j u risten zagen hun aandeel toenemen en de economen en sociologen hun aandeel dalen. Op 1 oktober 1977 bedroeg volgens het Buro Inschrijving het aantal geregistreer de studenten 4.244 en op 1 oktober 1982 5.272, zodat in deze periode een groei van 2 4 % is te constateren. De aandelen van de extraneï en toehoorders tesamen en de postdoctoralen bedroegen in 1977 hierin respectievelijk 2 , 1 % en 5,9% en in 1982 respectievelijk 1,6% en 4,7%. Deze groeperingen zijn in het nader onderzoek buiten beschouwing gelaten omdat zij sociaal structureel gezien niet geheel ver gelijkbaar zijn met de overige dag en parttime studenten. In de interlustrale periode heeft zich een verschuiving voorgedaan van de aande len van de mannen verdeeld over de di verse studierichtingen in de totale popu latie naar de vrouwen. In het bijzonder is dit in de studierichting rechten het geval. In de totale populatie steeg het aandeel van de vrouw van 16,8% naar 25,7%. Het lustrumjaar 1982 behoort derhalve in het teken te staan van de opmars van de vrouw. Ofschoon de sociologen minder grote aandeelhouders in de parttime populatie zijn, kennen zij wat betreft de noodzake lijke onderwijsvoorzieningen meer pro blemen. In de onderzoekperiode steeg het percentage parttimers bij het totaal aantal sociologen van 2 4 % naar 4 0 % , bij de juristen daarentegen van 12% naar 22%.
De overlevingskansen van eerstejaarsstudenten zijn afgenomen
Jan Terwindt publiceerde in deze l<olommen reeds vier bijdra gen namelijk: 'De Studentenpopulatie in de knel' (THB 318'79K 'De uitleningen in de Bibliotheek' (THB 6679801 'Studententypen in beeld' (THB 155'81) en 'Een op de vijf studenten komt nooit in de bibliotheek' (THB 265'82). In zijn reeks hij noemt het zelf 'Monografieën der Hoge schooltelling' maakte hij nu een vijfde studie. Hij beschrijft in de periode tussen twee lustra enige demosociale veranderingen in de studentenpopulaties binnen onze hogeschool.
Aandeel vrouwelijke studenten in vijf jaar fors gestegen Naar jaar van inschrijving bezien, is de verschuiving naar de vrouw aan de basis gezien opmerkelijk. Het verschijnsel vergrijsde student is bij de parttimers niet toegenomen. In de ja ren 1978 en 1982 bleef het aandeel van de 7jarigen en ouder op 14,4% staan. Bij de economen steeg in de onderzoek periode het totale aandeel van de vrouw van 6,2% naar 9,5% en bij de econome tristen van 4,5% naar 1 0 , 1 % met aan de basis een toenemende belangstelling. Bij de economen daalde het totale aan deel van de 7jarigen en ouder van 2 3 , 1 % naar 16,8% en bij de nog jonge econometristen steeg dit aandeel van 8,2% naar 12,6%. De jaargangopbouw bij de econome tristen is echter niet geheel vergelijkbaar met die van de economen omdat deze in het jaar 1977 waarschijnlijk is samen gesteld uit voorheen reeds ingeschreven economen en jonge econometristen die hun studie in deze richting voor de eerste maal begonnen. Toch blijft de vrouwelijke belangstelling voor de economische studierichting in het algemeen gering waarbij dient te worden opgemerkt dat steeds meer vrouwen verantwoordelijke posities in het bedrijfsleven gaan innemen.
DE JURISTEN I Bij de juristen is het totale aandeel van de vrouw van 20,0% naar 31,3% gestegen. In het totale aandeel van de 7jarigen en ouder is er een daling te constateren en wel van 19,6% naar 15,7%
De opwaartse jaargangverschuiving van de vrouw zou kunnen betekenen dat zij in meerdere mate dan voorheen het voornemen heeft haar studie af te maken. Bij de sociologen steeg het totale aan deel van de vrouwen van 25,5% naar 31,9% en bij de psychologen was deze stijging van 37,3% naar 47,9% nog groter. Naar jaren van inschrijving bezien, daal de bij de sociologen het totale aandeel van de 7jarigen en ouder van 24,9% naar 18,6% en steeg het bij de psycholo gen van 4 , 5 % naar 15,7%. Zij blijven echter in deze jongere studierichting minder vergrijsd dan de sociologen. Na vier jaren blijkt dat de basis bij de in terfacultaire filosofen in de groei is ach tergebleven. De levensvatbaarheid voor deze studierichting blijkt naast de gerin ge aantrekkelijkheid voor de vrouw vol gens ingewijden onder meer afhankelijk te zijn van de opheffing van dubbel in schrijfgeld. Daarnaast zou de twee fa senstructuur een beperking en een onze kerheid met betrekking van de inschrij vingsduur voor deze bovenbouwstudie met zich meebrengen. De studierichting letteren vertoont in de eerste twee jaren van haar bestaan een groei die mede werd bereikt door de om vangrijke deelname van de vrouw wier aandeel in de totale populatie 7 4 % be draagt. Deze studierichting kan model staan voor de aanhef van deze bijdrage geponeerde stelling betreffende groei en aantrekkelijkheid.
Een interfacultaire vergelijking van de aandelen van de 7jarigen en ouder laat zien dat in het bijzonder bij de sociologen en economen de vergrijzing is terugge drongen. Dat dit in mindere mate bij de juristen nodig was, is een aparte studie waard. In de subfaculteit sociaal culturele we tenschappen heeft volgens een bestuur lijke zegsman de normale studievoort gang in de doctoraalfase sedert drie jaren de bijzondere aandacht van de doctoraal examencommissie. De studenten wor den er van weerhouden om langer over hun studie te doen. Aangetekend dient te worden dat bij de sociologen gezien hun kleine populatie het te begeleiden aantal doctoraal stu denten is te overzien. De student kan met medeinschakeling van de docent persoonlijk worden benaderd. Anders ligt dit bij de economen waar twee collegezalen van 150 plaatsen ieder met 7jarigen en ouder kunnen worden gevuld. De studenten worden door de studie adviseur, die een directe behandelings bevoegdheid bezit, groepsgewijze bena derd waarbij een globale planning op ba sis van een gentleman's agreement wordt doorgesproken. Zonodig volgt een individuele benadering waarbij volgens de studieadviseur het contract volledig wordt nagekomen.
OVERLEVINGSKANSENi Nagegaan werd het aantal eerste jaarsstudenten aangekomen in twee opeenvolgende studiejaren, dat drie jaar nadien alsnog is ingeschreven. Van de eerste jaarsstudenten aangeko men in de studiejaren 1978/79 en 1979/'80 bleef na drie jaar respectievelijk 58% en 62% over. Geconstateerd kan worden dat circa één derde van de eerstejaarsstudenten na drie jaar hun studie niet hebben overleefd.
AANTAL EERSTEJAARSSTUDENTEN AANGEKOMEN IN DE STU D I E J ARE N 1976/79 EN 1979/'a0 DAT DRIE JAAR N A D I E N ALSNOG IS INGESCH REVEN
Y////////////////y//^///////y^^^^^ i 1 ECONOMIE . ECONOMETRIE
V/////////////////////////////////////////A L, 1
v///////////////////////y/////y/////m SOCIAAL CULTUREEL PSYCHOLOGIE
MANNEN
1 V////////////////////////////A 1
1
1
V///////////////////////////////////////M 1 1 W///////////////y'/////////////////////A 1 1 W//////////y'//////////M/////y'//////////A 1
DAGSTUDENT PARTTIME STU PENT
1
W//////////////////////////////////////////A 1 1 1
1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
O
10
□
1978/79
20
30
40 ^
50
GO 70 V.
1973/'80
PEILDATA OP DE JAARWISSELING VAN DE BETREFFEN DE STÜD I E JAREN EN D R I E J A A R N A D I E N
De economen en psychologen, die el kaar weinig toegeven, hebben meer overlevingskansen dan de juristen en so ciologen die achteraan komen. vervolg op pag. 10
T|ll:;)yrgs H ogeschoolblad
O
vrijdag 4 maart
Een Nieuwe Hoefnagels
"Er moet een omwentelig plaatsvinden in de orde van de overgang van de feodale naar de burgerlijke samenleving." Niet mis te verstane woorden, die uit de mond vloeiden van de vriendelijke, doch gedreven professor Harry Hoefnagels, hoogleraar Sociologie aan de universiteiten van Nijmegen en Antwerpen. Hij sprak deze en nog vele andere woorden op een persconferentie te Roosendaal, belegd voor zijn nieuwe boek "Wat heet sociaal, sociologie kan ook anders", dat dinsdag 22 februari j.l. het daglicht zag.
De scherpe analyses van een vage idealist
Hoefnagels doelde met de geciteerde uitspraak op de noodzakelijke verandering van deze kapitalistische samenleving en vooral op het gangbare burgerlijkindividualistische denken over die samenleving, wat gemeengoed is geworden in onze wetenschappelijke wereld. Met name de sociologie moest het hierbij ontgelden, want "die is toe aan de fundamentele revisie!". De sociologie moet worden tot de 'leer van het sociale'. We lazen het nieuwe boek van hem om te zien, of we te maken hadden met een nieuwe Marx, Weber of Durkheim, nog steeds de oorspronkelijke drieëenheid van de bestaande sociologie. Ze worden alle drie regelmatig aangehaald in het boek, maar het lijkt -om maar vast vooruit te lopen op het antwoord op deze vraag- beter te spreken van een nieuwe Hoefnagels.
UITDAGING I Het boek is samengesteld uit een zevental al dan niet eerder gepubliceerde artikelen en één college-stencil. Al deze papers zijn zonodig bewerkt en dat laatste met name op basis van diskussies met studenten, collega's en anderen naar aanleiding van de vele lezingen, die hij in Nederland en in het buitenland heeft gehouden de laatste jaren. "Het boel( is meer een uitdaging tot discussie dan een afgeronde theorie", aldus een strijdbare Hoefnagels. Een uitdaging, omdat Hoefnagels ervan uitgaat, dat de grote problemen, zoals werkloosheid, milieuaantasting en wapenwedloop binnen de huidige burgerlijke samenleving niet op te lossen zijn. Hij pikt de discussie van enkele jaren geleden weer op over de crisis van de verzorgingsstaat (Uoo^ósXuk 1). Hij beweert, dat de roep naar economiese groei, de welvaart, tegelijkertijd betekent, dat die groei de kwaliteit van ons bestaan, het welzijn, aantasten. De welvaartdenkers gaan er van uit, dat het individuele welzijn het best gediend is met meer goederen, maar daartegenover staat, dat de Tilburgs Hogeschoolblad
bronnen uitgeput raken (Club van Rome). De welzijnsdenkers willen een afstemming van dat welvaartsstreven op de door de overheid veilig te stellen objectieve voorwaarden voor menselijk welzijn, maar gaan dan voorbij aan een wezenlijk element van menselijk welzijn, nl. de zelfbepaling. De oplossing ligt voor Hoefnagels in "een samenleving, waarin de mensen zich samen een voorstelling maken over wat hun welzijn vraagt en waarin ze tot gezamenlijk handelen in staat zijn. Dit vraagt een samenleving, die niet 'samenloos' is." Hij refereert hierbij aan de anonimiteit, de grote eenzaamheid en de hoeveelheid psychische problemen, die in onze maatschappij aan de orde zijn. "De mens als sociaal wezen moet tot zijn recht komen." In het tweede hoofdstuk behandelt Hoefnagels 'vragen rond arbeid'. Ook hierin bepleit hij het sociale karakter van de arbeid. Om niet gedane arbeid -zoals huishoudelijke arbeid en vrijwilligerswerk- is even belangrijk als betaalde arbeid. Inkomensverschillen moeten gerechtvaardigd gaan worden door het sociale belang van de in het arbeidsproces geleverde bijdrage, vandaar dat de bestaande automatische koppeling tussen recht op onderwijs en recht op arbeid moet worden losgelaten: in onze samenleving betekent dat onder andere dat 'vuil' en 'dom' werk hoger gewaardeerd moeten worden dan 'schoon' en 'geleerd' werk, waarvoor drommen mensen staat te dringen. Het in sommige linkse kringen bestaande idee van gegarandeerd arbeidsloos inkomen ziet Hoefnagels niet zitten. Hij is het met Marx eens, dat arbeid het fundament van ons bestaan is en dat de arbeider recht heeft op het produkt van zijn arbeid. Daarom moet de beschikbare arbeid verdeeld worden en moet arbeid, die de mens een ondienst bewijst (bijv. fabriceren van wapentuig), verboden worden en bestaan er volgens hem nog voldoende klussen, die nu om rendementsoverwegingen niet gedaan worden.
MENSELIJK SAMENLEVEN H M Na deze twee hoofdstukken volgen drie hoofdstukken over 'De problemen van het menselijk samenleven', waarin hij de thema's 'vrijheid, gelijkheid en macht' behandelt als zijnde problemen, die in elke samenleving oprijzen, zij het in telkens andere gedaanten. Zich beroepend op de sociale geschiedenis, constateert Hoefnagels, dat de bur-
gerlijke revolutie een soort vrijheid bracht, die onvrijheid betekende voor de arbeidersmassa. Hij schetst de sociale strijd van eind vorige eeuw, begin deze eeuw -uitmondend in een sociaal verzekeringsstelsel- als een streven naar de oplossing van het probleem van de vrijheid in de samenleving. Dat leidde uiteindelijk niet tot het gewenste resultaat, zegt Hoefnagels en dat komt "omdat die verworven vrijheid niet door maatschappelijke verantwoordelijkheid is gebonden." En daarom zijn we nu nóg niet in staat de instandhouding van de natuurlijke voorwaarden van menselijk leven veilig te stellen. Deze individualistiesch opgevatte vrijheid moet vervangen worden door een binding van de vrijheid aan het algemeen belang, waarbij de samenlevende mensen in staat zijn samen het gezamenlijke belang -de verzekering van de menselijke toekomst- te realiseren. Vervolgens komt in hoofdstuk vier de problematiek van het gelijkheidsstreven aan de orde. Hoefnagels vraagt zich hierin af, hoe een gelijkheid tussen mensen, die in feite altijd ongelijk zullen blijven, valt te realiseren. Zolang de mensen van elkaar gescheiden zijn door zeer ongelijke levensomstandigheden, is een solidaire zorg voor de natuur, waarin en waarvan de mensen leven, ondenkbaar. Mensen moeten als gelijkwaardig erkend worden voor de gemeenschap en moeten als hunsgelijken met elkaar gaan verkeren; een gelijkheid die tussen ongelijken kan worden bereikt. In hoofdstuk vijf wordt uitvoerig ingegaan op het verschijnsel macht. In feite houdt Hoefnagels één pleidooi voor een recht, dat het gemeenschappelijke belang van de verzekering van de menselijke toekomst doet prevaleren boven het individuele belang. Onze huidige rechtsorde is gebaseerd op een individualistische leest, waarbij eigendom een centrale plaats inneemt. Op dit fundament is een rechtsorde ontstaan, die enerzijds grote ongelijkheid op vele terreinen heeft bewerkstelligd en anderzijds aanleiding geeft tot machtsmisbruik. Er worden vele besluiten genomen die nauwelijks nog gelegitimeerd worden, omdat voor de machthebbers de bestaande orde de enig mogelijke en niet nodig te rechtvaardigen orde is, terwijl de andere mensen via ideologie, kanalisatie van informatie en ontpolitisering deze orde nauwelijks nog openlijk in twijfel durven trekken. De legitimiteitsvraag is in onze samenleving verdrongen en
dat heeft ertoe geleid, dat het op individualistische basis onbeperkt uitoefenen van macht geworden is tot een maatschappelijke onmacht. We kunnen de grote problemen gewoon niet meer aan. De machtsstrijd die momenteel zelfs leidt tot een mondiale interpedentie heeft geleid, moet ontdaan worden van zijn 'burgerlijke' basis en daarvoor in de plaats moet komen de basis van het door iedereen ook als zodanig ervaren gemeenschappelijke belang, namelijk de instandhouding van de natuurlijke voorwaarden van menselijke leven op deze planeet.
BEDREIGDE T O E K O M S T ^ ^ Centraal in de hoofdstukken 6, 7 en 8 stelt Hoefnagels de vraag, of grote problemen nog wel binnen het kader van de huidige samenleving op te lossen zijn. De sociologie moet in ieder geval de sociologische thema's bestuderen in het perspectief van een 'bedreigde toekomst'. De sociologie moet maatschappij-kritisch zijn, zich bewust zijn van het feit, dat de maatschappij niet statisch is en van het feit, dat de mensen behoefte hebben aan een bevredigende samenleving. In hoofdstuk zes zegt Hoefnagels, dat er nog wel eer te behalen valt aan de sociologie. Pijnlijk hard geeft hij aan, hoe het grootste deel van de bestaande sociologie-beoefening maatschappijbevestigend werkt. "Er zouden vraagtekens gezet moeten worden bij het nog altijd verbreide geloof, dat onze grote problemen binnen het kader van onze maatschappij op te lossen zijn." De sociologen zouden volgens hem aan betekenis winnen, als ze al vast zouden beginnen de verhouding individusamenleving niet te zien als een verhouding, waarin het individuele welvaren van de mens centraal moet staan. Individueel welvaren is pas mogelijk in een welvarende samenleving en deze komt er niet, als niemand rekening hoeft te houden met het algemeen belang. De betekenis van de samenleving voor de mensen wordt nu verminkt door de gedachte, dat de samenleving slechts een middel is. Samenleving moet het doel worden, willen mensen niet nog verder vervreemden en willen vervlakkende menselijke verhoudingen en verschalende communicatie niet nog meer de specifieke kenmerken van onze huidige samenleving worden. Vervolg op pag. 10
vrijdag 4 maart
X a X
o o
w
m c=Q
finJl nnJi
Vanaf 10 maart start geduren de een viertal donderdagmid dagen in tiet programma van Studium Generale een cyclus van lezingen waarin opnieuw een thema centraal staat dat samenhangt met het terrein' van de wijsbegeerte. Ditmaal is gekozen voor het werk van de Duitse filosoof Friedrich Wilhelm Nietzsche (* 1844, Rocken (Lützen) + 1900, Je na) en de grote invloed die van zijn denken uitgaat op de in Nederland steeds meer aan bekendheid winnende "Franse filosofie" van na 1970. Bij die term "Franse filosofie" moet in eerste instantie gedacht worden aan de gescliriften van Michel Foucault en liet duo Gilles Deleuze/Felix Guattari. De sa menhang tussen Nietzsche's filosofie en deze moderne Parijse denkers vormt in een tweetal van de vier Studium Genera le lezingen ook het onderwerp waarover gesproken zal worden (nl. op 24 en op 31 maart). Uiteraard zijn nog meer namen te noemen van moderne filosofen en soci aal wetenschappers die invloeden onder gaan van Nietzsche's denken of aan dacht besteden aan zijn werk. Onder hen vinden we Jacques Derrida, Jacques Donzelot, Guy H ocquenghem. In Nederland kreeg de relatie tussen Nietzsche en het moderne denken in Pa rijs ondermeer bekendheid via de publi caties "Denken in Parijs" (1979) van Egi de Berns, Samuel Ijsseling en Paul Moy aert, en de dissertatie "Macht en verlan gen" (1981) van Eric Bolle. Een stroom van literatuur is de afgelopen jaren ge produceerd, waarin op één of andere wij ze wordt gerefereerd aan het denken van Nietzsche. H et op deze pagina's door Ronald Jeurissen besproken boek "Friedrich Nietzsche" van de Tilburgse filosofie hoogleraar H erman Berger, vormt er daarvan een. Bij dit boek is het evenwel opmerkelijk hoe zeer door de auteur getracht is de filosoof Nietzsche zélf zoveel mogelijk aan het woord te la ten. Nietzsche's werk is namelijk allesbe halve eenvoudig uit te leggen, en leidt, ondanks de grote mate van leesbaarheid die het bezit (iets wat lang niet altijd van filosofische werken gezegd kan worden) nogal gemakkelijk tot vertekende beel den. H et is daarom ook verheugend te noemen dat Studium Generale de twee andere lezingen in de serie (die van 10 en van 17 maart) wijdt aan het denken van Nietzsche zélf, en dan met name aan twee belangrijke capita uit zijn geschrif ten: de kritiek op de westerse moraal en de kritiek op de metafysika. Vanwege de grote aandacht die door veel moderne filosofen besteedt wordt aan het werk van Nietzsche, zou het mis verstand kunnen ontstaan dat deze cul tuurfilosoof pas recentelijk "ontdekt" is. (Vlaar dat is beslist niet waar. In Neder land bijvoorbeeld werd in 1930 door Menno ter Braak een werk gepubliceerd dat aan Nietzsche gewijd was, terwijl van Nietzsche's "Also sprach Zarathustra", "Der Antichrist" en "Götzendamme rung" in respektievelijk 1906, 1910 en 1912 nederlandse vertalingen bestonden. In Frankrijk verschenen vóór 1970 ook veel boeken over Nietzsche, waaronder dat van H. Lichtenberg, "La Philosophie de Nietzsche", dat in 1898, dus nog tij dens het leven van de filosoof, werd uit gegeven. Een ander bekend werk in Frankrijk was dat van Georges Bataille, "Sur Nietzsche" dat in 1945 verscheen. Verder kan ook Gilles Deleuze's "Nietz sche et la philosophie" (1962) genoemd worden. In andere landen verschenen
Tilburgs H ogeschoolblad
ook talrijke publikaties over Nietzsche in de loop van deze eeuw, waaronder het werk van Martin H eidegger in twee de len, getiteld "Nietzsche", bestaande uit een verzameling van colleges, lezingen en artikelen uit de periode 19361946, en gepubliceerd in 1961. Ook het werk van Karl Jaspers, "Nietzsche" (1947) heeft grote bekendheid gegeven aan het den ken van de nog juist negentiende eeuwse cultuurfilosoof.
Channel
ANTI S EMITIS ME Het is niet overdreven om te stellen dat Nietzsche in veel van zijn boeken met een groot pathos schrijft. H ij bedient zich van een zeer krachtige taal, gebruikt veel metaforen (die vaak een essentieel on derdeel van zijn denken worden, zoals in "Also sprach Zarathustra") en schrijft zeer beeldend. In sommige passages, zo als bijvoorbeeld in het werk "Zur Genea logie der Moral" is de schrijftrant van Nietzsche uiterst fel, en bedient hij zich van een terminologie die wel eens ver warrend kan werken en tot een tragisch' misbruik van zijn oeuvre kan leiden. Overduidelijk is dit gebeurd in de periode van het nationaalsocialisme in Duits land, toen H itler zich o.a. liet fotografe ren bij het borstbeeld van Nietzsche in Weimar en toen Nietzsche's inmiddels hoogbejaarde zus een wandelstok aan de Führer kado gaf, die de filosoof tijdens zijn leven gebruikt had. Het valt niet te ontkennen dat Nietzsche in bijvoorbeeld zijn boek "Der Anti christ" (1888), in het eerste deel van "Der Wille zur Macht" en in "Zur Genea logie der Moral" zeer agressief tekeer gaat tegen de joden en het Christendom. Ook schrijft Nietzsche herhaaldelijk over de opbouw van een vereend Europa in voortzetting van de Renaissance, met daarbij de notie van "de goede Europe aan" die een "Übermensch" zou zijn. Maar toch mag Nietzsche niet verweten worden met deze passages rechtsstreeks inspirator geweest te zijn voor het groot scheepse antisemitisme dat in de derti ger en veertiger jaren tot zulke fatale en
afschuwelijke gebeurtenissen geleid heeft. Veel meer is het zo dat o.a. Hitler op zeer willekeurige wijze misbruik gemaakt heeft van Nietzsche's geschriften, om aan zijn megalomanische ideeën een the oretisch aanvaardbaar cachet te geven. Dit blijkt wel uit het feit dat op tal van plaatsen in Nietzsche's werk uitlatingen te vinden zijn, die absoluut niet in over eenstemming zijn met de ideologie van het nationaalsocialisme. Nietzsche schrijft o.a.: "De strijd tegen de joden is steeds een teken geweest van minder waardigheid, van jaloerse en laffe natu ren. Wie daaraan deelneemt moet een flinke plebejische gezindheid in zich heb ben". (Musarion Ausgabe, deel 11). Be kend is ook dat het antisemitisme van Richard Wagner een van de redenen ge worden is tot een breuk van Nietzsche met de componist. In een artikel, getiteld "Nietzsche, de joden en de Duitsers" (1975) zet Anton Constandse deze kwesties haarfijn uiteen. Afrekenend met de smet die door deze historische gebeurtenissen op het werk van Nietzsche geworpen is, spreekt H er man Berger in zijn nieuwste boek "Fried
Het lijden en de macht }Nat moet je doen als je tot de ontdekking komt dat alle waarden en opvattingen die tot nog toe vanzelfsprekend leken gaan wankelen? Nietz sches filosofie mag men be schouwen aJ s een poging om deze vraag te ontraadselen. Zijn antwoord is in principe vrij eenvouding; je moet nieu we waarden gaan zoeken. Dat heeft Nietzsche dan ook gedaan, met opzienbarende resultaten. Herman Berger laat in zijn nieuwe boek, getiteld Friedrich Nietzsche, een filosoo/van het lijden en van de macht, op een zeer leesbare manier zien hoe Nietzsche afrekent met de oude waar den en welke nieuwe waarden hij daarvoor in de plaats wil stellen. Ber ger heeft een mooi boek geschreven. Verfrissend is vooral de soepele pen die hij, mede onder invloed van de gro te stilist Nietzsche zelf, in dit boek hanteert. Berger is bijzonder scheutig met citaten en je kunt de bloemrijke teksten van Nietzsche natuurlijk niet in een gortdroog wijsgerig jargon aan elkaar knopen. Op sommige plaatsen in het boek vloeien de teksten van Nietzsche en Berger zelfs tot één ge
ook maar mens". Wat betreft het misbruik van Nietzsche's werk is het ook aardig om te weten dat bij een integrale, kritische her uitgave van zijn werk in 1980, onder re daktie van de beroemde Giorgio .Colli (overieden in 1979) en Mazzino Montina is komen vast te staan dat het ver meende hoofdwerk "Der Wille zur Macht" afgeschreven "moet worden. Nauwkeurige tekst en schriftanalyses hebben aangetoond dat dit werk niet he lemaal door Nietzsche zélf verzorgd is. Nietzsche's zus Elisabeth Föster Nietzsche en de kunstenaar Köselitt zou den op nogal krachtdadige wijze zijn om gesprongen met nagelaten materiaal van de denker, in een poging zoiets als een laatste hoofdwerk "Der Wille zur Macht" op Nietzsche's naam in elkaar te zetten, daarbij niet terugdeinzend voor eigen handige wijzigingen in de oorspronkelijke teksten, en het verknippen en herverde len van bepaalde passages over het nooit door Nietzsche voltooide boek!
heel samen, de schrijver trekt zich dan achter Nietzsche terug. Hij lijkt zich met hem te willen identificeren, vol gens een beproefd, maar ook gevaar lijk, hermeneutisch procédé. Dat Ber ger zich in zijn boek zoveel mogelijk op de achtergrond heeft willen houden blijkt ook uit het zeer bescheiden voor woord (ik heb nog nooit zo'n kort voor woord gelezen!), waarin staat: Ik zou nu graag zeggen dat ik zo min mogelijk heb geïnterpreteerd, maar ik iveet dat mij dat niet mogelijk is. Ik hoop deson danks dat ik aan Nietzsche recht heb gedaan.
SPOKENJACHT De teksten van Nietzsche worden zo veel mogelijk in chronologische vol gorde behandeld, dat wil zeggen Ber ger begint met Die Geburt der Tragödie aus der Geist der Musik, waarmee de jonge professor Nietzsche in een klap zijn wetenschappelijke reputatie ver speelde, en hij eindigt met de teksten uit Nietzsche's nalatenschap. Op deze manier krijg je een beeld van de ont wikkeling van Nietzsche's filosofie. Die ontwikkeling kun je verdelen in twee perioden. De eerste helft van zijn filosofie is vooral destructief, het is de periode van kritiek op de westerse wijsbegeerte, op de westerse ethiek, de christelijke religie, eigenlijk op de hele westerse cultuur. In deze periode heeft Nietzsche nog maar een zwak besef van wat zijn eigen tegenpositie zou kunnen zijn. Dat besef breekt door in
MACHT Waar Friedrich Nietzsche bij uitstek de fi de tweede periode, ongeveer vanaf 1881. De kritiek van Nietzsche vat Berger in één regel samen: Het hogere heeft geen enkele eigenstandigheid. Dat er zoiets zou bestaan als 'het hogere' heeft de hoofdstroom van de westerse wijsbe geerte altijd vol vertrouwen gemeend. Er was steeds iets hogers dat tegeno ver iets lagers stond: tegenover de mens stond de volmaakte God, tegeno ver het kwade stond het goede en Plato stelde de onvolmaakte aardse werke lijkheid tegenover de hogere wereld van de perfecte ideeën. Het gevolg van deze tegenstellingen was dat aan het aardse leven alle waarde werd ontno men. De vermeende hogere wereld had de waarde van déze wereld onder ver denking gesteld, besmeurd en bezoe deld, en Nietzsche houdt niet op zich te keren tegen deze "Verleumdung des Le bens". Nietzsche keert zich tegen de hogere wereld en Berger laat zien wel ke verstrekkende consequenties dat heeft.
Allereerst geldt: "God is dood", Nietz sche's bekende conclusie in "Die fröh liche Wissenscha/t". Daarmee is als het ware het deksel van het vat,<lat alle fi losofische spoken gevangen hield. Heb eerste ontsnapt de normativiteit: "ein Sollen gibt es nicht mehr", want er is H geen plaats voor hogere normen. Ook de waarheid het troetelkind van de fi ■ losofie gaat in rook op, er is geen wa j re werkelijkheid meer waaraan je de ' waarheid zou kunnen meten. Wat blijft er dan nog over? Nietzsche zegt: ■ "het allesoverheersende kenmerk van j de wereld is van alle eeuwigheid cha i(^ os". Hij kan dat zeggen omdat er ook geen subject, geen stabiel ik meer is i dat de wereld kan ordenen; het subjekt 1 is ook een filosofisch spookje. Het re sultaat van dit alles is ontzetting: Is er nog een boven, en een beneden? Dolen we niet bis door een eindeloos niets? Ni hilisme: je aan niets meer kunnen vast houden, te bestaan zonder dat het er gens door gerechtvaardigd wordt, alle oriëntatie te hebben verloren. Na de dood van God komt de "hoge mens" Bergers vertaling van het wat besmette "Übermensch". Hier begint de tweede periode van Nietzsche en hier begint ook het tweede deel van Bergers boek. Nietzsche is laaiend ent housiast over de hoge mens, die hij in Also sprach Zarathustra voor het eerst ten tonele voert. De hoge mens is de geweldenaar die de chaos aan kan; hij is sterk en vitaal, in tegenstelling tot de zwakke mens, die het aardse leven ver achtte omwille van de hogere werke lijkheid. Hij is natuurlijk immoreel, heeft ook geen behoefte aan waarheid,
maar vooral .. hij is bestand tegen het lijden, dat wil zeggen hij kan de ogen schijnlijke zinloosheid van de chaos verdragen en er zelfs een nieuwe zin aan geven. Dat kon de zwakke mens niet. Maar het lijden is onontkoom baar en daarom construeerde de zwak ke mens een ideale wereld waarin het lijden wordt opgeheven. Zo geeft Nietzsche een genealogische verkla ring van het ontstaan van de moraal, de metafysiek en de religie, als voort brengsels van zwakheid. Berger laat aan het eind van zijn boek zien dat je in Nietzsche's beschrijving van de hoge mens vier gestalten kunt onderscheiden, die echter niet met el kaar te verenigen zijn. Dit is de oor spronkelijke bijdrage van Bergers boek aan het Nietzsche onderzoek, waar door zijn tekst meer wordt dan alleen maar een zo getrouw mogelijk verslag van Nietzsche's filosofische levens wandel. Bij deze verschillende gestalten stoot Berger op een onoplosbare tegen spraak: de sterke mens heeft twee ge zichten. Hij is sterk in kracht én sterk in wijsheid, maar dat gaat niet samen. Beide vormen van sterkte zijn resul taat van de "wil tot macht" een cen traal begrip in Nietzsche's filosofie. Wanneer de wil tot macht zich uit in pure kracht is het resultaat de "dom mekracht", die in blinde willekeur zijn machtswil doorzet, zonder met wie of wat dan ook rekening te houden. Dat is echter meteen zijn zwakte, want de wereld verandert voortdurend en daarmee houdt deze mens geen reke ning. Uiteindelijk is hij dus niet levensvatbaar.
Herman Berger trekt zich terug achter Friedrich Nietzsche
losoof van de macht is geweest, en zich geen moeite gespaard heeft om af te re kenen met het idee van een eeuwige en onveranderlijke "waarheid", is hij een groot inspirator voor het denken van de nog steeds aktieve Parijse filosoof Michel Foucault. Foucault wil met zijn geschrif ten een instrumentarium kunnen aanbie den waarmee de strategieën en het me chanisme van de macht geanalyseerd kunnen worden. Daarbij hanteert hij een Nietzscheaanse opvatting over macht als een kracht die altijd en overal, bij ieder een aanwezig is. Macht is dus niet ver deeld over een blok van "machthebbers" en "machtelozen", maar juist een dyna miek die steeds aan het werk is, onder meer in de taal die door mensen wordt ontwikkeld en gebezigd, in het "dis cours" dus. De marxistische analyse van macht wordt volgens Foucault teveel be heerst door een contradictorisch begrip daarvan, en door het dialectisch perspektief. Foucault stelt dat voor de ware strategie van de macht tot nu toe weinig aandacht bestaan heeft. Die ware strategie is zijns inziens door Nietzsche wel juist gezien, waar deze filosoof dui delijk maakt dat zij zich voltrekt op alle niveaus van het leven. De analyse van het marxisme heeft echter het machtsbe grip dermate sterk gekoppeld aan opvat tingen over het bezit en de verdeling van de productiemiddelen dat binnen een groot aantal sociale theorieën de macht alleen nog maar besproken kon worden in termen van invloedsmogelijkheden van bepaalde personen of instituties die duidelijk lokaliseerbaar zouden zijn ("de klassenstrijd"). Dit nu, zegt Foucault, is niet meer dan een manier om een bepaal de metafysiek van macht te ontwikkelen, die NIET in overeenstemming is met de juist zeer verfijnde, alomtegenwoordige "microfysiek" van de macht. In zijn inau gurele rede "L'ordre du discours" (1970) tracht Foucault reeds op deze vernieu wende visie nadruk te leggen, en voert hij een synthese op van de strategie van de macht en de orde van het vertoog (het "talige denken"), als een mogelijk wapen om effectief deel te kunnen ne men aan de strategie van de macht (en De wil tot macht kan zich ook uiten in wijsheid, in de wil om te beheersen door middel van kennis. Maar de ken nis is een levensvijandig beginsel, het tast de instinctzekerheden aan waar door het leven alleen sterk wordt. Ook de sterkte in wijsheid blijkt uiteindelijk .een zwakheid. Dus kan de hoge mens, zoals Nietzsche die schildert, niet bestaan. Nietzsche weet ten overstaan van de centrale spanning in zijn filosofie niets beters te doen dan uit te wijken naar de toekomst. ( J "De wijze en het dier zullen tot elkaar naderen en zo zal een nieuw type ontstaan". Berger heeft Nietzsche's tekst zo wei nig mogelijk willen interpreteren. Het voordeel daarvan is dat er een bijzon der goede en toegankelijke Nederland se inleiding op de filosofie van Nietz sche is verschenen. Het nadeel is dat Berger alleen maar af en toe melding maakt van zijn stelling dat Nietzsche's filosofie de consequenties trekt uit de verwetenschappelijking van het westerse wereldbeeld. Dat is inder daad al een interpretatie, maar wel een heel belangrijke. Als de "dood van God", en alles wat daarmee samen hangt, aan de ontwikkeling van het wetenschappelijke wereldbeeld moet worden toegeschreven, dan is Nietz sche's filosofie een spiegel waarin wij, verwetenschappelijkte mensen, ons moeten herkennen. Daarmee zou de actualiteit van Nietzsche's filosofie volledig zijn aangetoond. Ronald J eurissen H . H . Berger, Frredrich Nietzsche, een filo sofie van het lijden en van de macht, Gottmer Nijmegen 1982, 150 biz., f 18,90.
STUDIUM GENERALE Programma: Nietzsche en hedendaagse Franse filosofie Donderdag 10 maart 13.30 uur AZ 8
Gerard Visser: "Voorbij goed liwaad"
en
n
Nietzsche's kritiek op de westerse moraal Deze lezing wil een inleiding zijn op het denken van Friedrich Nietzsche. De uiteenzetting zal toegespitst worden op Nietzsche's kritiek op de westerse mo raal. Het onderwerp dat hem dreef om te filosoferen De tweedeling in heren en slavenmoraal stamt van Nietzsche. De moderne westerse kuituur staat in het teken van de slavenmoraal. Dit geldt iet alleen voor het christendom, maar in even sterke mate voor zo wel het meest gematigde liberalisme als voor radikale vormen voor sociale en anarchisme. In de slavenmoraal wordt al het sterke, het voortref felijke en grootse in het menselijk leven gediskwalifi ceerd ten opzichte van het medelijden met de zwak ken, de naastenliefde. H et genot en het verlangen worden onderdrukt en het lijden en de pijn verdron gen. Er wordt een aanslag gepleegd op alle karakte ristieke eigenschappen van het leven.
g
DONDERDAG 17 MAART Prof. dr. H . Berger (Katholieke H ogeschool Tilburg) "Wiltotwaarheid en Wiltotmacht" Nietzsches kri tiek op de metafysica. DONDERDAG 24 MAART Prof. dr. 8. Ijsseling (Katholieke Universiteit Leuven) "Genealogie, macht en waartreid" Nietzsche en Foucault DONDERDAG 31 MAART Drs. T. Flesseman (Universiteit van Amsterdam) "De indentiteit van produktie en verlangen" Nietzsche en Deleuze/Guattari
dus niet een strijd tegen de macht!). In het moderne wijsgerige denken zijn wij sterk geneigd ons in de evolutie van de mensheid een bepaald doel voor te stel len. H et leven heeft een "waarde" een bepaalde "zin". Met dit finalisme rekent Nietzsche radikaal af, o.a. in zijn boek "Jenseits von Gut und Böse". Met deze radikale afrekening gaat ook een inzicht gepaard dat een zekere mate van "sub jektieve autonomie" van de mens geheel ontkent. Daarmee kan men Nietzsche ook een van de eerste grote anti humanistische denkers noemen. Het be tekent dat in dit denken niet langer er kend wordt dat de mens zich naar belie ven zou kunnen "losweken" van de om standigheden waarin hij verkeert om ver volgens een nieuwe geschiedenis te gaan schrijven, een nieuw leven te be ginnen dat "beter" is. Hij is en blijft deel van de wereld die de wil tot macht en het veelvormige veriangen als haar "intelligi bele karakter" heeft. In hun belangrijke boek "L'anti Oedipe" (1972) werken de filosoof Gilles Deleuze en de psycho analist Felix Guattari dit Nietzscheaanse gegeven op een magistrale wijze uit, daarbij een kritiek leverend op het kapita lisme die meer vertrekt vanuit opvattin gen over de staat dan over de ekonomie. Het werk van Sigmund Fraud wordt daarbij veelvuldig gehanteerd als invals hoek om deze kritiek te verwoorden. Het boek rekent af met het primaat van het gereguleerde veriangen als basis voor een harmonisch bestaan. In zijn boek "Le désir homosexuel" (1972) wordt door Guy Hocquenghem de rijke ideeën wereld van Deleuze en Guattari op een voortreffelijke manier gehanteerd in een geschrift dat tot vele akties aanleiding gegeven heeft. Met deze lezingencyclus is door Studium Generale ongetwijfeld een zeer veel ge vraagd onderwerp in de belangstelling gebracht. Vier lezingen is daarbij misschien wel wat weinig, zeker wanneer ook nog gekozen wordt voor de optie van een relatie tus sen het denken van Nietzsche en de mo derne Franse filosofie. H et risico dat veel toehoorders het spoor bijster zullen gera ken is niet denkbeeldig. Immers, het denken van Friedrich Nietzsche is op zich al een dermate gecompliceerd gegeven dat een serie van lezingen die uitsluitend over zijn werken zou handelen, niet misstaan zou hebben. Wouter van Gils
'm. IMJ
^
^
ÜUIJ
vrijdag 4 nnaart
vervolg van pag. 7
Donateursaktie Midden-Amerika Comitee
Hoefnagels De behoefte van veel mensen aan een goed samenzijn moet als wezenlijke behoefte erkend worden en het begrip 'sociaal' moet dit als inhoudelijke achtergrond krijgen en niet nog verder geneutraliseerd worden. In hoofdstuk zeven staat de vraag centraal, of de sociologie maatschappelijkritisch moet zijn. Voor Hoefnagels is dat een retorische vraag. Sociologie heeft invloed op de samenleving; het door de socioloog geschapen beeld van de realiteit kan de maatschappelijke orde bevestigen, maar ook aandringen op maatschappelijke hervormingen. De wetenschappelijke waarheid is, dat de realiteit gevormd wordt door mensen, die zich gedachten over haar inrichting vormen en haar in overeenstemmng met hun ideeën willen zien. En een samenlevingsrealiteit, waarvan steeds meer mensen zich vervreemd voelen, moet de socioloog aanleiding geven ook deze standpunten op hun waarheidsgehalte te toetsen. De sociale wetenschappen moeten af van hun sterke koppeling aan natuurwetenschappelijke uitgangspunten en methoden. "Een studie over het gedrag van bijen zegt nog weinig over liet gedrag van mensen", aldus Hoefnagels. De samenleving is het resultaat van menselijke aktiviteit en daarom moeten de ideeën, emoties en gevoelens van die mensen -het sociale- veel meer aandacht krijgen in de sociologie dan tot nu toe. In hoofdstuk acht tenslotte wordt nader geconcretiseerd, wat de 'leer van het sociale' betekent. De op individualistische uitgangspunten gebaseerde verhouding in de samenleving leidt tot een 'samenloze' samenleving van 'ieder voor zich en God voor ons allen'. De samenleving is middel in plaats van doel. Mensen hebben behoefte aan samenleven en die sociale dimensie wordt in de sociale wetenschap over het hoofd gezien. Er moeten verhoudingen worden gecreëerd, die voor alle betrokkenen voldoende aanvaardbaar zijn om een zekere bestendigheid te waarborgen. En deze dimensie moet veel meer aandacht gaan krijgen in de sociologie, zodat deze wetenschappelijke discipline inzicht kan verschaffen in de tot nu toe bestaande verhoudingen en stenen kan aandragen tot discussies over de gewenste samenlevingsverbanden.
De heilige drie-eenheid van de sociologie, Marx, Weber (I) en Durkheim (r), duikt met gepaste regelmaat op in Hoefnagels' boek. raard is dat zeer legitiem, maar hij wekt daarmee wel de indruk dat hij vóór die tijd minder kritisch stond ten aanzien van de maatschappelijke ontwikkelingen. Het is misschien daaraan te wijten, dat in het hele boek niets staat over de strukturele mechanismen, die ook al vóór '68 werkzaam waren en die er mede debet aan zijn, dat het optimisme van de jaren -60 over veranderingen in de maatschappij nu nog slechts spaarzaam overeind zijn gebleven. Over de beheersingsmechanismen van bijvoorbeeld het ideologische netwerk, de werking van ons parlementaire systeem worden slechts sporadisch opmerkingen gemaakt. Daardoor doet zijn boek nogal idealistisch aan, alsof er een ander samenleving zou ontstaan, als zijn idealen maar zouden worden opgevolgd door de mensen. Het hele structurele kader, dat is opgebouwd rond de heersende ideologie van het individualistische denken wordt door hem over het hoofd gezien. Dat brengt onvermijdelijk met zich mee, dat zijn 'ideale' vorm van samenleven, het algemeen belang en dergelijke toch wat in de lucht blijven hangen; nergens
wordt concreet gemaakt, hoe of waar dat proces van verandering zou kunnen beginnen. Zijn roep om een samenleving doet zodoende ietwat religieus aan; er moet een nieuw 'geloof' komen, waardoor de mensen weer gebonden worden, weer solidair kunnen zijn. Dit vage toekomstbeeld van Hoefnagels doet afbreuk aan de soms scherpe en juiste analyses van de huidige samenleving. Het hele boek is overigens in zeer leesbare taal geschreven, sociologisch jargon is zo veel mogelijk vermeden, maar of het nou zo revolutionair is, als hij zelf op de persconferentie beweerde, is zeer de vraag. Niettemin is te hopen, dat vele collega's na hem de moed zullen hebben dezelfde stap te zetten om bezig te gaan met de sociale problemen van onze tijd en daarbij de kwaliteit van het bestaan voor veel mensen tot wetenschappelijke problemen verheffen en dus mee op zoek gaan naar menswaardiger oplossingen dan wapenwedlopen en ekonomische krisis.
vervolg van pag. 6
De vrouw heeft meer overlevingskansen dan de man en de dagstudent aanmerkelijk meer dan de part-time student. Na drie jaar is respectievelijk twee derde van de dag- en één derde van de part-time studenten overgebleven. Mogelijk kunnen de overlevingskansen van de parttimers iets gunstiger liggen omdat in de waarneming geen rekening kon gehouden worden met een tussentijdse overgang van dag- naar parttime onderwijs.
Jan Terwindt P
A
R
T
-
T
I
M
E
S
AANOELCN
T
U
D
E
N
T
E
N
P
O
P
U
L
A
T
I
E
( 7 . ) STU D IE R IC H TL N CE N 'CL'
STRUCTURELE MECHANISMEN Het is de verdienste van Hoefnagels, dat hij zijn reputatie opnieuw in het strijdgewoel gooit en zijn collega's uitdaagt mee te denken over de sociale problemen, waarmee we in onze maatschappij worden geconfronteerd. Dat hij daarbij duidelijk stelt, dat de sociologie nou eindelijk eens wat meer aandacht gaat schenken aan de kwalitatieve aspekten van de samenleving en met name de opvattingen van de gewone mensen daarin wenst te betrekken, doet warm en sympathiek aan tussen de vele detaillistische en kwantitatief gerichte humbug, die nogal eens door sociologen wordt geproduceerd. Terecht wijst Hoefnagels erop, dat algemeen de sociologen geen hoge maatschappelijke waardering toevalt. Zijn boek is nogal persoonsgebonden. Het zijn zijn eigen ontwikkelingen van de afgelopen 15 jaren, die de achtergrond vormen van deze artikelenbundel. UiteTilburgs Hogeschoolblad
Vy////////////////////////A
_1
7.50
I
1
*0
30
I
I
20
„ V////////A t
L_
10
o
o
10
20 7 .
AANDELEN (7.) JAREN VAN INSCHRIJVINC
V///////////M7777/m ^ _ ^ VSZZ^Sm -1_J 7.5 0 ^ I—I
W 1982 1977
30
20
IC
(N = G26 ) ( N= 328 )
10
20 7.
Paul Emonts
Het achterblijven van de sociologen kan waarschijnlijk worden toegeschreven aan het bijzonder grote aandeel dat de meer kwetsbare - part-timers in deze geleding innemen. In de jaren 1978-'79 en 1979-'80 bedroeg het aandeel part-timers bij de sociologen respectievelijk 47% en 51 % terwijl de juristen met respectievelijk 22% en 24% daar ver onder blijven. De overige studierichtingen hebben daarentegen een gering aantal parttimers aangetrokken. De hogeschool bevindt zich momenteel midden in een landelijk turbulente bezuinigingsoperatie. Is de informatie hierover in deze kolommen nauwelijks verschenen of er duiken alweer nieuwe gewijzigde berichten op. In de onzekerheid over de te nemen maatregelen dient echter één ding vast te staan; dat de sociologen ruimte krijgen om aan hun sociaal engagement ten behoeve van de part-timers verder gestalte te geven. Jan Terwindt
Het Midden-Amerika Comitee is gestart met een donateurscampagne voor hulp aan de bevrijdingsbewegingen in El Salvador en Guatemala. In het verleden heeft het MAK incidenteel collectes gehouden, nu wil ze de bevrijdingsbewegingen meer financiële continuïteit garanderen. Het geld dat via periodieke overschrijvingen bij het MAK binnenkomt gaat naar de landelijke El Salvadoren Guatemala commitees, die het op hun beurt weer overmaken naar fondsen in de twee landen. Meer informatie: MAK, de Schans 43, 5011 EM Tilburg. Tel. 013-555370. Je kan een machtiging tot periodieke overschrijving van een bepaald bedrag invullen voor giro 5404505, MAK, t.n.v. J.P.N. Robbesom, Tilburg.
Open Universiteit wil taakverdeling bij deeltijdstudies Het College van Bestuur van de Open Universiteit is bang dat er een wildgroei ontstaat in deeltijdstudies binnen het Wetenschappelijk Onderwijs. Dit concludeert het College uit het grote aantal aanvragen van universiteiten en hogescholen voor nieuwe avond- en weekendopleidingen. In een brief aan minister Deetman wijst het CvB erop, dat de Open Universiteit speciaal is opgericht om het toenemend aantal volwassenen dat een studie met een baan wil combineren, van deeltijdonderwijs te voorzien. "In een tijd, waarin gepoogd wordt om met behoud van kwaliteit via taakverdeling en concentratie van aktiviteiten de uitgaven voor het wetenschappelijk onderwijs te beperken", schrijft het College, "kan het onmogelijk de bedoeling zijn om op het terrein van deeltijdstudies af te zien van kostenbeheersing door middel van coördinatie en taakafbakening". Deetman wordt gevraagd bij de toetsing van de nieuwe aanvragen voor deeltijdopleidingen niet uit het oog te verliezen dat de Open Universiteit in '84 start met vijftien cursussen op zeer uiteenlopende wetenschapsgebieden. Bovendien zou het onderwijs aan de Open Universiteit vergeleken met andere universitaire opleidingen weinig kosten. Half april legt de Open Universiteit een meerjarenplanning van haar onderwijsaanbod ter goedkeuring aan de minister voor. Daarin zijn uitgewerkte voorstellen opgenomen voor diplomastudies en losse cursussen op zeven gebieden. Dat zijn technische wetenschappen, natuurwetenschappen, sociale wetenschappen, culturele wetenschappen, bedrijfswetenschappen, economische wetenschappen en rechtswetenschappen. Het College van Bestuur vindt dat "per studierichting beoordeeld moet worden welke instellingen op grond van onderwijskundige en infrastructurele voorzieningen en uit overwegingen van doelmatigheid het best uitgerust zijn om een deeltijdstudie te kunnen aanbieden". Ook op het gebied van deeltijdstudies is volgens hen taakverdeling en concentratie van aktiviteiten geboden. j, „ vrijdag 4 maart
Prof. Bob Goudzwaard, een van de ontwerpers van het DAK-plan. Vervolg van pag. 1
Arbeidstijdverkorting Het forum bestond uit leden van politiek partijen, vakbonden, de emancipatieraad en de voorstellers van het plan. Ook werden vertegenwoordigers van een groot aantal universiteits- en hogeschoolraden aan het woord gelaten. Opvallend was de eensgezindheid bij het forum over de noodzaak tot arbeidstijdverkorting. Om de stijging van de werkloosheid die we nu meemaken niet te laten ontaarden in een verdeling van de samenleving in mensen met en mensen zonder werk, is het nodig dat de arbeid herverdeeld wordt, zo zei prof. dr. E. Boeker. Uiteraard werden er ook kanttekeningen bij het plan geplaatst. De vertegenwoordiger van het CNV, Kroon, gaf arbeidstijdverkorting de hoogste prioriteit omdat de positie van werklozen in deze samenleving steeds zwakker wordt. Hij zag het als belangenbehartiging deze positie te beschermen. Hij vroeg zich echter af of de vrijgekomen plaatsen wel herbezet zullen worden. Dat vroeg Abvakabo medewerker Ahlers zich ook af. Bovendien meende hij dat het middel arbeidstijdverkorting hier 'verkeerd' gebruikt wordt namelijk om de pijn als gevolg van de tvc-operatie zoyeel mogelijk te spreiden. Dat gaat voorbij aan het eigenlijke doel van arbeidstijdverkorting: herverdeling van bestaand werk. Toch vindt hij arbeidstijdverkorting nodig, maar dan ingebed in een algeheel regeringsbeleid. Het gevaar van een voortrekkersrol van het WO in dezen, vindt hij dat de deur naar ongelijke behandeling van personeel wagewijd openstaat. Het tweedekamerlid voor de PvdA, Wallage, wees op het gevaar dat het het WO een eiland op het gebied van arbeidstijd-
verkorting (atv) wordt omdat het hier om hoge inkomens gaat die gemakkelijk wat in kunnen leveren. Hij vond ook dat je dit plan niet los mag maken van de politieke en maatschappelijke werkelijkheid en de bezuinigingen nief zomaar als een gegeven mag aanvaarden. En passant leverde hij hierbij forse kritiek op het bezuinigingsbeleid van de regering. Zijn collega van het CDA, Beinema, was terughoudend op het gebied van de atv. Hij zag het als 'onontkoombaar' en bepleitte een gespreide verantwoordelijkheid waar de overheid bij voorkeur niet in zou moeten grijpen. Een geheel ander geluid kwam van de plaatsvervangend voorzitter van de Emancipatieraad, Anneke Krijnen. Zij bepleitte herverdeling van arbeid wegens de ongelijke positie die mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt innemen. Door herverdeling van arbeid en dus een kortere werkweek, kunnen meer vrouwen een betaalde baan krijgen, en kan ook het huishoudelijk werk eerlijker verdeeld worden. Bij een dergelijke operatie bepleitte zij ook een 'flankerend beleid', zoals de herziening van het stelsel van sociale zekerheid, kinderopvang en ouderschapsverlof. Cynisch merkte zij op dat als de economische recessie er niet was geweest, men atv niet zo nodig had gevonden. Ondanks alle kritiekpunten waren de forumleden allemaal van mening dat de sociale minima beschermd dienden te worden. Niemand zou onder het minimumloon mogen zakken. Een aantal forumleden stelden voor dit te koppelen aan een inkomensnivellering waarbij de hoge salarissen meer dan evenredig inleveren.
HUGO DE GROOT IN TILBURG (lil)
voor dè generaties van nu leidt een nadere bestudering van dit volkenrechtelijk monument soms tot verrassende ontdekkingen, ook buiten het eigenlijke terrein van oorlog en vrede. Eén daarvan is de mogelijke herkomst van Eduard Douwes Dekker's pseudoniem: Multatuli.
In de dertiger jaren kocht ik bij de boekhandel Marinus Nijhoff in Den Haag voor een bedrag van twintig gulden Oe Jure Belli ac Pacis - over het recht van oorlog en vrede - van Hugo de Groot. Het was een exemplaar van de in 1712 bij Janssonius Van Waesbergen te Amsterdam verkregen editie. Afgaande op enkele exlibris op schut- en titel- bladen had dit boek, alvorens in Tilburg zijn voorlopig laatste rustplaats te vinden, toen al een lange reis achter de rug. Bij de naam van één der vroege eigenaars, G. Fischer b.v., staat aangetekend. Marienwerder 1810. Maar ook dichter bij huis moet het al veel eerder zijn goede diensten hebben bewezen. In 1741 bevond het werk zich in Leiden en het is niet onmogelijk, dat de talrijke met de hand geschreven marginaliën door een student tijdens de colleges zijn vervaardigd. Zeker is in ieder geval, dat in die dagen aan sommige instellingen voor hoger onderwijs voorlezingen werden gehouden, die gebaseerd waren op het oeuvre en meer speciaal het hoofdwerk van Hugo de Groot, getuige o.a. de Praelectiones Academicae in Hugeonem Grotium de Jure Belli ac Pacis van de vroegere Franeker' hoogleraar Johann Gottlieb Heineccius. Verklaart dit wellicht mede de ruime verspreiding die het werk reeds in de eerste eeuwen bestaan - is ten deel gevallen. Tilburgs Hppeschoolblad
TE BERDE
Op de vraag, hoe Dekker aan zijn pseudoniem is gekomen, kon tot heden nog geen eensluidend antwoord worden gegeven. Waren sommigen van mening, dat hier sprake was van een "antiek citaat", hetzij uit de Ars Poëtica van Horatius of uit de Tristia van Ovidius, anderen daarentegen wezen erop, dat Dekker slechts enkele jaren gymnasiaal onderricht heeft genoten, zodat zijn vertrouwdheid met de klassieken niet moet worden overschat. Hun gedachten gingen dan ook veeleer uit naar een schuilnaam van eigen makelij. Bij zo veel gebrek aan eenstemmigheid lijkt het zinvol een derde oplossing aan de hand te doen. In de eenentwintigste titel van het tweede boek van De Jure Belli ac Pacis maakt de Groot een onderscheid tussen hen die willens en wetens goddelijke of menselijke wetten overtreden en anderen, die daartoe als het ware door het noodlot
De bescherming van de sociale minima stond bovenaan het prioriteitenlijstje dat prof. dr. B. Goudzwaard met betrekking tot atv had opgesteld. Op de tweede plaats stond de arbeidsplaatsenovereenkomst. Hierin kwam hij tegemoet aan diegenen die kritiek hadden op de garantie van tien jaar die gegeven zou moeten worden. Volgens die critici zou de garantie nooit te geven zijn al was het alleen maar omdat het regeringsbeleid ook niet verder dan de regeringsperiode van vier jaar kijkt. De arbeidsplaatsenovereenkomst moet zo worden opgevat dat een bepaald kwantum aan arbeidsplaatsen blijft bestaan. Dat betekent dus niet dat mensen een persoonlijk recht op hun baan kunnen laten gelden. De reacties van de universiteiten en hogescholen waren niet altijd even positief. Zo werd er gewezen op het feit dat er geen nieuwe arbeidsplaatsen worden geschapen terwijl er werk genoeg is in het WO, zeker voor wat betreft het onderwijs. Een aantal vertegenwoordigers was bang dat het hier in feite gaat om een korting van 20 procent terwijl van atv niet veel terecht zou komen. Ook de van worden gedwongen. Hebben laatstgenoemden aanspraak op ons mededogen, als treffend voorbeeld van iemand uit deze kategorie wijst hij op de tragische figuur van koning Oedipus, die, wijl hij zich niet uit vrije wil aan de natuur had vergrepen, van het Delphisch Orakel te horen kreeg, dat de Eumeniden hem na lange omzwervingen een toevluchtsoord zouden verschaffen. Wanneer nu Sophocles in zijn Oedipus te Kolonos bij deze episode uit het leven van zijn held is aan-
bovenaf opgelegde atv riep vraagtekens op. Delft noemde dit: 'Christelijk aandoende intolerantie'. Ondanks alle minder positieve opmerkingen - het was tenslotte een oriënterend gesprek - bestond bij de aanwezigen toch de bereidheid over dit plan door te praten. Want dat atv noodzakelijk is, daar kon eigenlijk niemand omheen. Wel zal er nog gepraat moeten worden over de voorwaarden waaronder atv zal moeten plaatsvinden. Dit zal gebeuren binnen het hiervoor opgerichte overleg dat op 31 maart bijeen zal komen. Daar zal een bewerkte en aangepaste versie van het dak-plan besproken worden. Het overleg is ook opgezet om de taakverdelingsoperatie voor te bespreken, en wel voordat deze in de diverse raden behandeld wordt. CNV-vertegenwoordiger Kroon vond tenslotte dat het WO-personeel niet moet doen of ze martelaren zijn. Er zijn genoeg mensen die 20 procent inleveren, namelijk die mensen die werkloos worden. Het WO-personeel heeft daarbij dan nog het geluk dat ze werk hebben. En daar kon men het mee doen. UP-ADVALVAS geland, legt hij de ongelukkige vorst woorden in de mond, die in de nederlandse vertaling van Emiel de Waele aldus luiden: het ergste verdroeg ik. De latijnse versie, die Grotius van deze regel uit het griekse drama heeft gemaakt, ziet er als volgt uit: "mala multa tuli". Hier dus geen "multa tulit", zoals in de Ars Poëtica van Horatius, maar zelfs letterlijk: "multa tuli". De vraag dringt zich aan ons op, of Dekker zijn pseudoniem wellicht via Hugo de Groot als het ware aan Sophocles kan hebben ontleend? Ondenkbaar is het allerminst. In het Indië van zijn tijd, waar de kodifikatie van het voor europeanen geldende recht op een later tijdstip is tot stand gekomen dan in het nederlandse moederland, terwijl het franse napoleontische recht daar nimmer van kracht is geweest, zal bij de rechtsbedeling langer een beroep zijn gedaan op de geschriften van de oud-hollandse juristen en in hun kielzog op het daaraan ten grondslag liggende romeinse recht dan bij ons. Dekker geeft dit trouwens in één van zijn ideeën en met name voor wat Hugo de Groot betreft niet onduidelijk te kennen. Het is dus geenszins uitgesloten, dat in de bibliotheek van zo menige Indische bestuurspost van die dagen exemplaren van de Groot's juridisch oeuvre werden aangetroffen. En dat de koloniale bestuursambtenaar Douwes Dekker gedurende zijn tropenjaren in Grotius meesterwerk heeft zitten bladeren om zo op het idee van zijn pseudoniem te komen.
i^mt^^ s^^^^
"J.CUf
Autoverzekeringen voor hogeschoolpersoneel Onze lage basis premies zijn voor: Casco Verzeken ngen Eigen risico f 200,-oorspr.cat.prijs Bruto premie inkl. b.t.w. tot: (exkl. no claim) f 10.000,/ 364,48 / 14.000,f 546,72 / 16.000,f 637,84 f 18.000,f 728,96 / 20.000,f 820,08 f 25.000,f 997,63
W.A. Verzel<eringen gewicht t/m:
Bruto premie (exkl. no ciaim) / 398,65 f 455,60 f 512,55 / 569,50 f 626,45 / 683,40
750 kg 850 kg 950 kg 1050 kg 1150 Kg 1250 kg
'Casco schade afwikkeling binnen 3 dagen. ' H u l p bij ongeval n binnen- en buitenland door de Verzekeraarshulpdienst.
'Overname No 0 aim tot 70%. *lnklusief groene kaart.
nvav
Nienhuis&Luiten verzekeringen b.v.
If
ci/o<iQ<iOA cullurol loliAoomericofici
VLUCHTEN NAAR LATIJNS AMERIKA Asuncion Bogota Buenos Aires Caracas Guayaquil Havana Kingston Lima iVlanagua IVIontevideo Quito Rio de Janeiro San Juan San JosĂŠ Santiago Santo Domingo Sao Paulo Mexico
Geldropseweg 161,Postbus 10.000,5600 LA Eindhoven.Tel.040-116415 Waarin opgenomen: Eindhovens Assurantiekantoor B.V.
BULGARIJE
NICARAGUA
VAKANTIE/18 dagen
2.925. 1.890. 2.925. 1.795. 2.195. 1.395. 1.395. 1.745. 1.745. 2.925. 2.135. 2.565. 1.595. 1.925. 2.925. 1.585. 2.360. 1.535.
Voor verdere informatie over bestemmingen naar Afril<a en AziĂŤ bel ons.
Festival van het Nieuwe Latijns Amerikaanse Lied
JULI/AUGUSTUS Druschba/Zwarte Zee
16 tot 27 april 1983.
Vleigreizen, volpension
- 80 Folkloristische groepen. - Excursies naar Masaya, Matagalpa Granada en Pochomil .
Alles incl. f 1.195.-
- Alles incl. f 2.585.-
U.S.S.R. 10 dagen / Moskou-Leningrad Ie Mei op het Rode Plein!
CUBA 8, 12 en 18 daags
Vliegreizen, volpension in Ie klas hotels, 2 excursies per dag, circus en ballet.
Groeps- en individuele reizen Havana, Pinar del Rio, Cienfuegos, Trinidad, Varadero.
Alles incl. f 1.275.-
Volpension in 1e klas hotels, incl. alle excursies vanaf f 2.250.-
Verder organiseren wij alierfei soorten Sociale en Culturele excursies naar Latijns Amerika
Corneiis van Sandelaan 21 - 3984 KV Odijk - Telefoonno. (03405) 7213 - Telex 47744 ACLAT NL
Kollektief Autoverzekeringskontrakt voor de K.H.T. W . A Verzekering Gewicht t / m
Bruto premie (excl. no-claim)
750 kg 850 kg 950 kg 1050 kg 1150 kg 1250 kg
f266,56 f 304,64 f 342,72 f380,80 f 418,45 f 456,96
Overname no -cialmkoring tot 7 0 % . Groene kaart gratis. Maandelijkse betaling zonder kostentoeslag mogelijk.
Kasko Verzekering Eigen risiko f 200,Oorspr. Cat. prijs inkl. b.t.w. tot: f f f f f f
10.000,14.000,16.000,18.000,20.000,25.000,-
Bruto premie (excl. no-claim) / 243,71 f364,85 f 426,50 f 487,42 / 548,35 f mj,Qi
* Vraag naar onze circulaire i.v.m. andere kollektieve kontrakten t.b.v. K.H.T -personeel.
ASSURANTIEBEDRIJF STRICK Postbus 63 - 5000 AB Tilburg - Telefoon: 013-423620*
INTERNATIONAAL ARBEIDSRECHT In het kader van het college Internationaal arbeidsrecht houdt de heer J. van Blankensteyn voor het Ministerie van Sociale Zaken dinsdag 8 maart a.s. om 15.30 uur een inleiding over de werkwijze van het Comité voor Regeringsvertegenwoordigers van het Europees Sociaal Handvest. De heer Van Blankensteyn, is de Nederlandse vertegenwoordiger in dat regeringscomité. Zijn inleiding zal vooral gericht zijn op de praktische moeilijkheden die zich voordoen bij de naleving van het Handvest, dat door Nederland in 1980 werd geratificeerd. Alle belangstellenden zijn van harte welkom. De bijeenkomst heeft plaats in collegezaal SZ 22. Voor nadere informatie mr. L. Betten, tel.: (66)2719, kamer B 834. TENTAMEN PERSONENFAMILIERECHT
EN
De studenten die in september 1982 de colleges Personen- en Familierecht gevolgd hebben als onderdeel van Privaatrecht III, dienen er rekening mee te houden dat zij tot september 1983 tentamen kunnen doen over de behandelde stof. Na september 1983 zullen andere onderwerpen met nieuwe literatuur op de colleges behandeld worden en deel uitmaken van de tentamenstof in december 1983, mei/juni 1984 en augustus 1984. CORRECTIE ADRESLIJST STUDIEGIDS In de studiegids 1982-1983 staat het telefoonnummer van mr. J.H.M. Willems (Engels recht) onjuist vermeld. Het goede nummer is: 02159-45796. BEROEPENVOORLiCHTING Op donderdag 17 maart a.s. zal voor alle belangstellende studenten van de
faculteit der rechtsgeleerdheid een beroepenvoorlichting worden gegeven. Hiervoor is een aantal juristen uitgenodigd, dat verdeeld over zes sectoren van juridische beroepen de voorlichting zal verzorgen. Deze zes sectoren zijn: 1. Juristen in de rechtspraak 2. Juristen in de advocatuur 3. Bestuursjuristen 4. Bedrijfs- en fiscaaljuristen 5. Juristen in het onderwijs en onderzoek 6. Gevangenis / Reclassering / Kinderbescherming. Van deze zes sectoren zal men er twee kunnen bezoeken, omdat twee voorlichtingsrondes gegeven worden, nl. van 14.00 - 15.15 uur en van 16.00 - 17.15 uur (beide in gebouw O. Voor eerstejaarsstudenten zal 's avonds door het mentoraat een feest worden georganiseerd. Nadere mededelingen over het bovenstaande zullen worden gedaan in het THB van 11 maart a.s.
CAMBRIDGE - LEIDEN - TILBURGLAW-LECTURES 1983 AANKONDIGING Van 14 tot en met 25 maart zullen voor de zesde maal de CambridgeLeiden-Tilburg-Law Lectures georganiseerd worden. Deze Lectures worden gegeven door twee visiting Professors van de Faculty of Law of the University of Cambridge (Engeland), tevens zal een aantal colleges verzorgd worden door een Amerikaans hoogleraar. Dit jaar zullen Lectures verzorgd worden aan de Katholieke Hogeschool Tilburg en aan de Rijksuniversiteit van Leiden. Van 14 tot en met 18 maart vinden de Lectures plaats in Tilburg, van 21 tot en met 25 maart in Leiden. Mr. D.G.T. Williams, M.A., LLB, President of Wolfson College, Reader in the University of Cambridge, Chasman of the Faculty of Law en member of the Royal Commission on Environmental Pollution zal een tiental colleges per week geven over di-
verse onderwerpen uit het Engelse staats- en administratieve recht, o.a "de rechter en politiek", "het Engel se constitutionele bestel", "grondrechten" en "EEG recht". Mr. John Tiley, M.A., Fellow of Queens College, Lecturer in the University of Cambridge zal een tiental colleges geven over Engels belastingrecht, onroerend goed recht, huwelijksgoederen recht en erfrecht, met name de fiscale aspecten hiervan. Professor L. Gabinet is hoogleraar aan de Franklin Thomas Backus School of Law, Case Western Reserve University, Cleveland, Ohio, zal een tiental colleges per week verzorgen over het Amerikaanse constitutionele recht en het belastingrecht. De Cambridge-Leiden-Tilburg-Law Lectures zijn voor iedereen toegankelijk. Belangstellenden kunnen inlichtingen over deze Law Lectures verkrijgen bij het Secretariaat van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Katholieke Hogeschool Tilburg, Hogeschoollaan 225, 5037 GC Tilburg, (tel. 013-662290), daar is een brochure verkrijgbaar met vermelding van tijd en plaats waarop de lectures in Tilburg en Leiden zullen plaatsvinden.
Bij het secretariaat van de Dienst Personeelszaken een assistentsecretaresse, bij de afdeling Formatie- en Bemanningszaken van de Dienst Personeelszaken een medewerker Formatiezaken, Bij de bibliotheek een adjunctbibliothecaris. Informatie over deze funkties bij de Dienst Personeelszaken, kamer B 1028, tel. 2464.
Boeken: - sociale vergelijkingsprocessen - bedrijfseconomie - Sociale psychologie in Nederland - International Investment and multinational enterprises - Van de naamloze en besloten vennootschap aanteken cahiers; ringbanden; portemonnees; bewijs van inschrijving; penétuis met o.a. parker ball-points; huissleutels; autosleutels; fietssleutels; handschoenen - wanten; sjaals; broodtrommels; div. sieraden.
RECTIFICATIE In het Tilburgs Hogeschoolblad van 25 februari 1983 is ten onrechte een vacature geplaatst voor de commissie van advies inzake openbaarheid van bestuur. Die vacature moet gelden de klachten adviescommissie inzake geautomatiseerde persoonsgegevens. Hieronder volgt de correcte vacaturemelding.
VACATURE
Zoals U inmiddels begrepen zult hebben, worden in de loop van de maanden februari maart en april de verkiezingen gehouden voor Hogeschoolraad en studentleden van de Faculteitsraden. In het Tilburgs Hogeschoolblad van 11 februari j . l . is uitvoerig bericht over de verschillende onderdelen van deze verkiezingsprocedure. Op 14 en 15 maart a.s. kan de kandidaatsstelling plaats hebben op kamer B 1117. In het voorlichtingscentrum in gebouw B ligt volledige informatie over de verkiezingen ter inzage.
GEVONDEN VOORWERPEN
Het college van bestuur roept studenten op die in de commissie, als bedoeld in artikel 14 van het Reglement privacy persoonsgegevens geautomatiseerde systemen zitting willen nemen. Het college is voornemens één studentlid in de commissie te benoemen. De leden worden benoemd voor een termijn van twee jaar. De commissie heeft tot taak toe te zien op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Daartoe adviseert zij het college, terwijl zij tevens als klachteninstantie functioneert. Gegadigden dienen zich vóór 11 maart 1983 17.00 uur te melden bij mr. J.J.M.E. Backbier.
KORT VERSLAG VAN DE VERGADERING VAN HET CURATORIUM VAN DE STICHTING THEOLOGISCHE FACULTEIT VAN 28 JANUARI 1983 1. THEOLOGIE EN MAATSCHAPPELIJK HANDELEN Curatoren tonen zich bereid om goedkeuring te hechten aan het voorstel van de faculteitsraad om TMH te bestemmen als afstudeerrichting, echter nadat zekerheid bestaat dat een positief besluit met waarborgen zal zijn omgeven en derhalve eerst aan een aantal voorwaarden is voldaan. Terzake zal een brief gezonden worden aan de faculteitsraad.
2. WETENSCHAPPELIJKE DIENSTVERLENING KHT/STF Curatoren besluiten het onderwerp naar een volgende vergadering te verdagen omdat op korte termijn overleg met de KHT zal worden gevoerd. Tilburg, 8 februari 1983
emiel de jong b.v. de drukkers uit baarle-nassau gespecialiseerd in: — — — —
brochures boeken kranten dissertaties
voor inlichtingen: telefoon 04257-8922, toestel 26, j . de jong
m
n/IEMO
Sporti INTERNATIONAAL STUDENTEN SPORT TOERNOOI TILBURG Voor de derde maal in successie wordt het Internationale Studenten Sport Toernooi gehouden. Dit succesvolle evenement, dat door de STSSO Pendragon in samenwerking met de verschillende sportverenigingen georganiseerd wordt, vindt plaats van 29 maart tot en met 1 april. Het internationale karakter van het Toernooi komt tot uitdrukking in de deelname van studenten uit acht verschillende, zowel west- als oostEuropese landen: België, Frankrijk, Nederland, Verenigd Koninkrijk (teams uit Schotland, Engeland en Wales), Duitsland, Zweden, Polen en Tsjechoslowakije. Dit jaar is het Internationaal Studenten Sport Toernooi voor het eerst over vier dagen verspreid, zodat het hele gebeuren in de studentensporthal en in de omgeving daarvan kan plaatsvinden, hetgeen de betrokkenheid van iedereen bij het Toernooi ten goede zal komen, met name voor supporters en andere belangstellenden. Tijdens het Internationaal Studenten Sport Toernooi zullen er zes takken van sport beoefend worden, te weten: basketbal, volleybal, rugby, zaalvoetbal, tafeltennis en teamzeilen. Alle sporten worden in teamverband gespeeld. Bij basketbal en volleybal zijn er zowel dames- als herenteams. Tafeltennis doet dit jaar voor het eerst mee met het Internationaal Toernooi. Het teamzeilen vindt net als de beide vorige keren plaats in het rekreatiepark Beekse Bergen. De opening van het derde Internationaal Studenten Sport Toernooi zal op dinsdag 29 maart om 12.15 uur in de sporthal verricht worden door de Rector Magnificus Van Veldhoven. De sporten beginnen daarna om 12.45 uur, alle andere dagen beginnen de sporten om 10.00 uur. Het einde van de wedstrijden is elke dag om 22.00 uur, op vrijdag 1 april echter om 17.00 uur met aansluitend de prijsuitreiking. Gedurende het Internationaal Toernooi zal het niet alleen om het sporten gaan. Ontspanning en gezelligheid mogen zeker niet ontbreken bij een dergelijk evenement. Het aprèssport programma is als volgt. Dinsdagvond is er een groot feest in La Cabane vanaf 22.00 uur. Woensdagavond is er de traditionele Fakkel Estafette. Hiervoor kunnen de deelnemers aan het Toernooi ter plaatse inschrijven. Het ludieke element zal hierbij zeker niet ontbreken. De start van de Fakkel Estafette is om 23.00 uur. Feest zal er die avond zijn in de kantine van de sporthal. Donderdagavond is er de "Swinging Town Visit", een uitermate gezellige aangelegenheid. Er zullen dan in diverse cafés bandjes optreden. Het welslagen van het Internationaal Studenten Sport Toernooi zal mede afhangen van de medewerking van vrijwilligers. Veel studenten zullen als groepsleider voor de gastteams, als chauffeur, nachtwaker of voor andere werkzaamheden hun medewerking verlenen. Iedereen die belangstelling heeft voor het Toernooi is welkom die dagen op de sporthal. Hopelijk zal het derde Internationale Studenten Sport Toernooi net zo'n succes worden als de twee voorgaande jaren.
Tilburgs Hogeschoolblad
T.S.R. "Cave Ne Cadas" Er bestaat in Tilburg voor studenten de mogelijkheid ó m , tegen gereduceerd tarief, paard te rijden. De Tilburgse Studenten Rijvereniging "Cave ne Cadas" (betekent: val er niet af) is ongeveer 2 VÏ jaar geleden opgericht. Het doel van deze vereniging is de hippische sport op zoveel mogelijk fronten te bevorderen, dat wil zeggen van beginners tot internationaal ervaren ruiters. Aktief paardrijden kan gebeuren op de maandagavond op manege 't Laar, Rielseweg 801 te Tilburg. De lessen vinden plaats in kleinere groepen en wel in klassen van beginners, half-gevorderden en gevorderden. De lesprijs bedraagt f 12,50 per uur. Via onderlinge dressuurwedstrijden kan het geleerde in alle categorieën getest worden. Cave ne Cadas is aangesloten bij de Stichting Nederlandse Studentenruiters. Deze heeft o.a. tot taak de samenwerking tussen verschillende rijverenigingen zowel nationaal als internationaal te bevorderen. Zo zijn er stedenontmoetingen waarbij op gezellige manier met medestudenten gestreden wordt om de te behalen prijzen. Voor de gevorderde ruiters staat de mogelijkheid open om aan nationale en internationale concoursen deel te nemen. Natuurlijk staat bij dit alles de onderlinge band en de gezelligheid voorop. Zo worden er bijvoorbeeld bowlingavonden en barbeques georganiseerd. Heb je interesse of wil je meer informatie, dan kun je bellen of op maandagavond komen kijken. Telefoon: (013) 358118 of 367204.
PENDRAGON Sportkaarten: reeds betaalde sportkaarten kunnen worden afgehaald op de sporthal. Heb je nog geen sportkaart dan kun je die nog kopen S f 52,50 + twee pasfoto's op vertoon van je collegekaart. Atletiek: op 17 maart is er in Parijs de veertiende Relais Pédestre ParisOrsay, een estafetteloop over 25 etappes van één kilometer. Heb je hier belangstelling voor dan kun je nog inschrijven op de lijst in de sporthal. Intematranaal studenten sport toernooi: medewerkers gevraagd voor allerlei klusjes! Op de lijst in de sporthal kun je je voorkeur voor bepaalde werkzaamheden aangeven. Doe een keer mee, het is een leuke ervaring.
Buro Buitenlandt STUDIEREIZEN N A A R ONTWIKKELINGSLANDEN De Stichting Werkgroep Studiereizen Ontwikkelingslanden biedt doctoraalstudenten middels een bijdrage in de reiskosten de mogelijkheid om in het kader van hun studie een leeronderzoek te doen in een ontwikkelingsland. Dit onderzoek dient dan ten goede te komen aan de sociaal en economisch zwakkere groepen in het betreffende ontwikkelingsland. Selectiecriteria: A . Het onderzoeksonderwerp dient aan de volgende eisen te voldoen: - het onderzoek moet een onderwerp betreffen, dat in direct verband staat
met de studierichting waarin de kandidaat wenst af te studeren. - het onderzoek moet wetenschappelijk begeleid worden (referentiebrieven; verklaringen van wetenschappelijke begeleiders in het land van onderzoek dat zij het onderzoek in aktieve zin begeleiden overleggen etc.) B. De beoordeling van de kandidaat geschiedt aan de hand van het inschrijfformulier, ingezonden materiaal en een gesprek met de selectiecommissie. De selectiebijeenkomsten vinden vier maal per jaar plaats en wel in de eerste helft van de maanden maart, juni, september en december. Het onderzoeksontwerp dient uiterlijk 1 maand voor de selectiedatum ingeleverd te zijn bij de W . S . O . De duur van de uitzending bedraagt ongeveer een periode van een half jaar. Nadere informatie bij Buro Buitenland, 8-1013, tel. 662236.
De Commissie van Aanbeveling, waarin zitting hebben - Drs. G.M.V. van Aardenne, Minister van Economische Zaken - Mr. C. van Veen, Voorzitter Verbond van Nederlandse Ondernemingen. - Mr. G.A. Wagner, Voorzitter Raad van Commissarissen N.V. Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappijheeft zich lovend uitgesproken over dit unieke initiatief. De competitie zal tot 15 mei 1983 voor inzending openstaan. Voor de brochure en nadere informatie l(unt U contact opnemen met: De heer H. van der Linde, Pierson, Heldring & Pierson, Korte Vijverberg 2, 2513 AB 's Gravenhage. Telefoon nr. 070-614631.
Talencentrum \ SCHRIJFVAARDIGHEID ENGELS
Variai COMPETITIE Studenten of wetenschappers die een bedrijf willen starten, kunnen in aanmerking komen voor een grote f i nanciële tegemoetkoming. Onder het motto "Stimulansen voor nieuwe bedrijfsaktiviteiten" is door de bank Pierson, Heldring & Pierson en Job Creation B.V., in samenwerking met Philips Data Systems een competitie voor ondernemers uitgeschreven. Het betreft hier een competitie waaraan ondernemers kunnen deelnemen die een nieuw bedrijf willen starten of een bestaande onderneming willen uitbreiden. Aan dit alles is de "Pierson Prijs" verbonden; een bedrag van f 75.000, — Verder wordt een bedrag van f 90.000,— over de twee volgende winnaars van deze competitie verdeeld, terwijl ook twee aanmoedigingsprijzen van elk f 10.000,— beschikbaar worden gesteld. Pierson, Heldring & Pierson en J o b Creation B.V. willen in samenwerking met Philips Data Systems met deze competitie inspelen op het enorme potentieel aan ambitie, ideeën en energie bij studenten en wetenschappers, om nieuwe ondernemingen te starten of bestaande bedrijven uit te breiden met een nieuwe aktiviteit. In de plannen van de deelnemers moet het duidelijk zijn of er sprake is van een nieuwe, dan wel aangepaste behoefte aan een bepaald produkt of aan een commerciële dienstverlening. De deelnemers aan de competitie zal worden gevraagd hieromtrent concrete plannen in te dienen. Iedereen die een vastomlijnd idee heeft en dat ook in de regio Den Haag wil uitvoeren, kan aan deze competitie deelnemen. De detailhandel, horeca en adviserende organisaties op commerciële basis zijn van deelname uitgesloten. Zij die niet in de prijzen vallen, maar wel uitvoerbare plannen hebben ingediend, worden aktief ondersteund bij het uitvoeren van ideeën. Jury De jury beoordeeld de haalbaarheid van iedere inzender onder meer op grond van de volgende criteria: - het idee - het marketingplan - het financieel plan - de ondernemers(-ings) kwaliteit
Op donderdag 10 februari 1983 is de cursus schrijfvaardigheid Engels gestart. Belangstellenden kunnen zich nog inschrijven voor de cursus. De cursus is bestemd voor studenten en medewerkers van de KHT. Inhoud: Het voorbereiden tot het schrijven van wetenschappelijke artikelen. De cursus is verdeeld in drie blokken: 1) het schrijven van brieven, 2) samenvattingen en 3) artikelen. De nadruk zal liggen op de formele geschreven taal, de communicatieve functie van het schrijven en de goede logische samenhang van de teksten. Verder worden die grammaticale problemen belicht en beoefend waar de gevorderde Nederlandse gebruiker van het Engels voortdurend mee te kampen heeft en die van belang zijn voor het schrijven van academische teksten. Tijd: donderdag van 14.00-16.00 uur Plaats: AZ 9 Docent: E. Shanwood Smith Inschrijving voor de cursus: maandag t / m donderdag van 10.30 -12.30 in A 114
Vrouwenx 8 M A A R T INTERNATIONALE VROUWENDAG Dit jaar zal in verschillende delen van de wereld voor de 72e keer de Internationale Vrouwendag worden gevierd. Het was tijdens de Tweede Internationale Socialistische Vrouwenconferentie in Kopenhagen in 1910, dat tot deze dag werd opgeroepen. Clara Zetkin, een van de belangrijkste leidende vrouwen van de socialistische vrouwenbeweging in die tijd, stelde op deze conferentie voor om ieder jaar de achtste maart als internationale dag voor de bevrijding van de vrouw te vieren. Nu, in 1983, is het landelijke thema: ekonomiese zelfstandigheid. Naarmate het slechter gaat, komen weer geluiden naar boven als: "getrouwde vrouwen met goedverdienende echtgenoten moesten geen recht hebben op een eigen inkomen c.q. uitker i n g " . En " t w e e inkomens in een gezin is oneerlijk". Vrouwen zijn gevoelig voor dit soort argumenten en raken in verwarring: " m a g ik eigenlijk wel werken als mijn zoon, man en al die jonge mensen zonder werk zitten"? Er wordt ingespeeld op de gevoelens van mensen dat buitenshuis betaald werkende vrouwen en getrouwde
vrijdag 4 maart
vrouwen die een uitkering krijgen, wel heel a-sociaal zijn. Waar het om gaat is te kijken naar de hoogte van inkomens en niet naar het óóntal inkomens dat binnenkomt. In Tilburg hebben we ons aangesloten bij het landelijk thema. We zijn gestart met een voorbereidingsgroep van 15 vrouwen - met verschillende achtergronden - zoals: werkende vrouwen, getrouwde vrouwen, buitenlandse vrouwen, vrouwen met een uitkering en alleenstaande vrouwen. Vanuit deze achtergronden en met informatie uit o.m. het boekje 'houden van niet onderhouden', zijn we gekomen tot de opzet van 8 maart. Globaal ziet het programma er als volgt uit: - 's morgens gaan we met een aantal vrouwen de straat op om interviews te maken en stencils uit te delen. - Om 13.30 uur beginnen we in het vrouwencentrum met het inhoudelijke gedeelte van de dag. Dan wordt het thema - ekonomische zelfstandigheid - behandeld. Het Vrouwencentrum is dinsdag 8 maart de hele dag open. + de toegang is gratis + er is een l^resj aanwezig + er zijn broodjes en soep te Icoop 's Avonds is er feest!/ inlichtingen / kontaktadres Vrouwencentrum, v. Sasse v. Ijsselstraat 16, Tilburg, tel. 421896.
Menu M A A N D A G 7-3-1983 heldere champignonsoep - erwtensoep - slavink - ananasburger - vleessaus - bloemkool met peterselie - bietensla - gekookte aardappelen - div. nagerechten DINSDAG 8-3-1983 uiensoep - aspergesoep - gehakt met uien - kippeschnitsel - kerrysaus - gemengde sla - appelmoes - patates frites - of gekookte aardappelen - div. nagerechten WOENSDAG 9-3-1983 tomatenpaprikasoep kippecrèmesoep kotelet - roomschnitsel mosterdsaus - spinazie met gekookt ei - witte kool - gekookte aardappelen - div. nagerechten DONDERDAG 10-3-1983 groentesoep - Servische bonensoep babi pang gang - atjar ananas - koud vlees - madeira saus - gemengde sla - gekookte aardappelen of rijst - div. nagerechten VRIJDAG 11-3-1983 gebonden tomatensoep - chili con carne met tomatensaus rauwkost salade - stamppot wortel en uien - hachee - div. nagerechten
Q
ISP Beeldende Kunst Manifestatie Tilburg 1983 3 maart t/m 3 april Beeldende kunst in Tilburg: talrijke kunstenaars wonen in en om de stad, maar relatief zelden krijgt het publiek de kans om een representatief overzicht te krijgen van de vruchten van de arbeid van al die schilders, tekenaars, grafici, fotografen, beeldhouwers, textiele vormgevers en performers. In 1982 werd de stad eigenlijk voor het eerst opgeschrikt door een massale uitbarsting van expositiedrang. Meer dan zestig kunstenaars kregen toen gelijkertijd de kans hun werk te tonen. De organisatie van dit gebeuren was in handen van de Vereniging van Middenbrabantse Kunstenaars, de M.B.K., die van de gelegenheid gebruik maakte om de gemeentelijke overheid een nota 'Kunst Retour' te doen toekomen waarin deze op haar nogal verwaarloosde verantwoordelijkheden wordt gewezen. De situatie is er niet echt veel beter op geworden. In het kader van de alom gesignaleerde depressie wordt het kulturele klimaat, zoals dat zo fraai heet, er bepaald niet zonniger op. Het wintert ook in de kunsten. Misschien ligt daarin een extra motief
STADSSCHOUWBURG Vrijdag 4 en zaterdag 5 maart, 20.30 uur
"Adèle's Keus" Soloprogramma van Adèle Bloemendaal. Een programma van lachen en huilen, paniek en ellende. In dit programma geen typetjes, maar puur en alleen Adèle. Zij zal menig toeschouwer verrassen met de scherpte en grote zeggingskracht van de door haar zelf geschreven monologen, alsook door de schitterende liederen van Hans Dorrestijn, Jan Boerstoel, Boudewijn Spitzen, Willem Wilmink, Drs. P. en Bertold Brecht welke Adèle heeft geselecteerd teneinde tot 'Adèles Keus' te komen. 'Adèles Keus' toont een nieuwe kant van een toch al zo veelzijdige artieste, een kant die niet alleen past in deze tijd, maar ook de (on)menselijke trekjes laat zien die ons allemaal in mindere of meerdere mate parten spelen. Onderwerpen van vandaag en van alle tijden worden aangesneden en zonodig weggesneden. Frans Ehihart schreef het merendeel der composities en begeleidt Adèle op piano en synthesizers. Adèle Bloemendaal
voor een groot aantal kulturele instellingen om dit jaar gezamenlijk op te treden en opnieuw, en grootser, aandacht te schenken aan de aktiviteiten van regionale kunstenaars. Acht instellingen tekenen voor de organisatie van deze Beeldende Kunst Manifestatie Tilburg 1983: de galerieën Kokon, Resy Muijsers en Zero, de Stichting Vorming Tilburg, de Schouwburggalerie, het Kultureel Sentrum en natuurlijk de Vereniging van Middenbrabantse Kunstenaars. Het aantal kunstenaars dat dit jaar deelneemt is al even imposant: honderdtien. Zij grijpen de gelegenheid om hun werken te tonen met beide handen aan, een gelegenheid tenslotte die zich niet vaak voordoet, gezien een bepaald niet overvloedige ruimte die daarvoor normaal gesproken in Tilburg beschikbaar is. Deze manifestatie zal naast een aantal kortstondige beeldende kunstaktiviteiten als performances en installaties bestaan uit een aantal tentoonstellingen, verspreid over verschillende lokaties in de stad. De manifestatie zal zaterdag 5 maart officieel worden geopend met een reeks van aktiviteiten op de verschillende lokaties.
Programma 5 maart 12.00 uur: Heuvelpoort Performance Herman Brand Poort' van Niko de Wit
'De
"Les Valseuses" Filmliga Dinsdag 8 maart regie: Bertrand Blier met: Gérard Depardieu; Miou-Miou, Patrick Dewaere, Jeanne Moreau, Isabelle Hupert. Frankrijk 1974 118 min. kleur LES VALSEUSES maakte in 1974 nogal wat los. De regisseur werd van een fascistische mentaliteit beschuldigd, omdat hij in zijn film het kwaad van zijn hoofdpersonen niet laat straffen, maar juist voor hun meedogenloze daden sympathie opwekte bij het publiek. Ondanks (of misschien wel dankzij) die diskussie werd LES VALSEUSES een groot publiek sukses en betekende het vooral voor Gérard Depardieu de doorbraak naar een grotere karrière. Jean-Claude en Pierrot zijn twee jongens die in de moderne en saaie voorsteden van Parijs wonen. Daar beroven ze uit verveling bejaarden, vallen vrouwen lastig en proberen zelfs iemand te vermoorden. Ze worden bijna zonder onderbreking ach-
Filmdag Hogeschool 17 maart Om ook eens wat anders - en toch zinnigs - te doen buiten het studeren, geven we jullie nu de mogelijkheid op de Hogeschool films te gaan kijken. De mentoraats aktiviteitenkommissie heeft namelijk besloten een filmfestival te organiseren. Dit is een uitstekende gelegenheid met name voor de eerstejaars, om eens kennis te maken met goede films, die niet zo snel in de gewone bioskopen draaien. Voor de echte filmliefhebber is dit natuurlijk verplichte kost, want we hebben een grandioos filmmenu samengesteld.
Tilburgs Hogeschoolblad
12.00 - 18.00 uur Studio 38, Wilhelminapark 38 'Actions' 13.00 uur Kultureel Sentrum, Koningsplein 1 14.00 uur Schouwburggalerie, schouwburgring 'Opening' 15.00 uur Galerie Zero, Willem II straat 18, Trio Steve Clover. 15.00 uur Stichting Musische Vorming Willem II straat 29A Installatie 'De strop' Jan Doms 16.00 uur Galerie Resy Muijsers, Nieuwlandstraat 22 Bewegingsinstallatie 'Tillen' Toine Horvers (tevens 12/3, 19/3, 26/3, 2/4 15.00 uur 17.00 uur Stichting voor KUNST ENNU, Wilhelminapark 53, Installatie Lydeke Kruk, Performance Sybille Gielen 17.30 uur A & N Mutsaers, Ph. Vingboonstr / Gasthuisring' 'Naar en', performance Hans Stevens 20.30 uur Café du Commerce, stadhuisplein 368, Ton Lebbink, Sammy America, Kees van Kalmthout. 21.30 uur Café Verkocht, Magazijnstraat 2B, Performance Mc. Kinsey & Van Gunnik, Supermarkt & Welzijn m.m.v. ceremoniemeester en nadenkbureau meneer de direkteur Jan Nelemans en Maria de la Playa. 23.00 uur Studiozaal Stadsschouwburg 'Voeten van de Vloer' m.m.v. Paul van Kemenade, Niko Langenhuyzen, Jan Wirken, Willem Kühne, Big Bamboozeeen Zuid-Amerikaanse muziek tervolgd door de politie, wat weer tot nieuwe diefstallen leidt. En daarnaast proberen ze iedere vrouw in hun omgeving te pakken te krijgen, totdat ze erachter komen dat ze daar geen van beiden lol in hebben als de vrouw in kwestie dat ook niet heeft. Dan maar naar een plaats waar vrouwen om mannen zitten te hunkeren: de vrouwengevangenis, waar ze Jeanne Moreau oppikken. Even lijken de drie gelukkig, maar Jeanne is het niet vvant ze pleegt zelfmoord. Dan vinden ze opnieuw geluk bij de mooie Miou-Miou, idyllies wonen ze in een boerderijtje en laten een vrijgelaten gevangene delen in hun geluk. Maar ze moeten voor de jongen vluchten, weten onderweg nog een auto te stelen van een picknikkend echtpaar en krijgen gezelschap van hun dochter. Volkomen vrij gaan ze er vandoor. In al zijn films berijdt Blier een nieuw soort vrijheid als stokpaardje. Over zijn hoofdpersonen in LES VALSEUSES zegt Blier: "Ik ben hun tijdgenoot en ik heb net als zij gebrek aan lucht". Blier wil shockeren en overdrijven, maar de lach moet blijven. Blier filmt in de trant van: blaas alles maar op en je lacht je te barsten.
Het voorgerecht dat wordt opgediend om 16.00 uur bestaat uit de Frans/Spaanse film "La femme aux bottes rouges" van Juan Bunuel uit 1974. Daarna, om ongeveer half zes is er tijd om letterlijk de honger te stillen, b.v. in de mensa. Vervolgens, om 18.45 uur, een hoofdgerecht om van te smullen, de Franse film: "Themroc". Deze is uit 1973 en is gemaakt door Claude Faraldo. Om ongeveer 20.30 uur lassen we even een koffiepauze in, waarna we het geheel beëindigen met een mysterieus toetje uit het Verre
BEELDENDE
KUNST MANIFESTATIE
TILBURG
Stadsschouwburg, 15.00 uur, studio: Mini Big Band Festival t.g.v. het 25-jarig bestaan Tilburg Big Band. Vier band op twee podia tot 18.00
MAANDAG 7 MAART Katholieke Hogeschool, 19.30 uur, S-17: Lezing door Prof. A.J. Extra (KHT) over "Onderwijs en anderstaligen". Org. Buro Buitenland. Stadsschouwburg, 20.15 uur: Het Brabants Orkest met als dirigent Andre Vandernoot en solist Ulf Hoelscher (viool) Werken van Van Delden, Paganini en Beethoven. Olof, 20.00-21.00 uur: Dansles voor beginners Stadsschouwburg, 19.30-22.00 uur: Nachtconsert. Moderne muziek gespeeld door diverse ensembles en solisten. Toegang gratis.
3 MAART I O Q "3 lOAPRIL I 7 O J
MAART VRIJDAG 4 MAART Kultureel Sentrum, 20.30 uur: "Het dansers collectief" Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis "Aquirre, der Zorn Gottes" Regie: Werner Herzog Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis "La soufrière" en "Fata Morgana". Regie: Werner Herzog. Stadsschouwburg, 20.15 uur: Blijspel Sukses. Komedie met Willem Nijholt en Linda van Dijck. Stadsschouwburg, 20.30 uur, studio: Soloprogramma door Adèle Bloemendaal. ZATERDAG 5 MAART Olof, 21.00 uur: Vertrek bussen voor Carebian Night bij Virgil in Delft. Feest voor alle zusterverenigingen. Kuhureel Sentrum, 20.30 uur: "Het dansers collectief" Stadsschouwburg 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 4 maart) Stadsschouwburg, 20.15 uur: Rita Reys en Pim Jacobs Stadsschouwburg, 20.30 uur: Adèle Bloemendaal. ZONDAG 6 MAART Maranatha, 11.15 uur: Viering liturgie onder verantwoordelijkheid van de Groep Zondagmorgen liturgie. Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 4 maart) Oosten, nl. de Japanse film "Het rijk van de passie" van Nagishi Oshima uit 1978. Dit dessert begint om ongeveer 21.00 uur. Ben je naar aanleiding van dit overzicht nieuwsgierig geworden, kom dan op 17 maart 1983 tussen ongeveer 16.00 uur en 22.30 uur naar gebouw 8, zaal 17 (SZ 17). Voor het geld hoef je het niet te laten. De toegangskaartjes kosten f Z,— per film, terwijl een passe-partout voor het hele programma slechts f 7,50 kost. De kaartverkoop start op maandag 7 maart. We zitten dan tussen 12.15 uur en 13.30 uur naast de balie in gebouw B.
DINSDAG 8 MAART Ambassade bioscoop, 22.30 uur: "Les Valseuses". Regie: Bertrand Blier met Gerard Depardieu, Patrick Dewaere e.a. Ok>f, 19.00 uur: Pauzekonsert door de SMET Otof, 19.30-20.30 en 20.45-21.45 uur: Jazzballet voor beginners 21.00 uur: Lezing door Xaviera Hollander, auteur van de Happy Hooker. Stadsschouwburg: 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 4 maart). WOENSDAG 9 MAART Stadsschouwburg, 19.30 en 22.00 uur: Filmhuis (zie 4 maart) DONDERDAG 10 MAART Katholieke Hogeschool: 13.30 uur, AZ 8: Lezing door G. Visser over "Voorbij Goed en Kwaad". Stud. Gen. Cyclus Nietzsche en Hedendaagse Franse filosofie. Maranatha, 20.00 uur: Open themaavond vanwege het gezinspastoraat. Otof, 20.30 uur: Edel bierestafette. Katholieke Hogeschool: 15.30-17.15 uur, AZ-20: R. Boeschoten over "De Turkse literatuur". Kultureel Sentrum, 20.30 uur: Caick Hook Dance Theater met 'Six at the top'. Stadsschouwburg, 19.30 uur: Filmhuis: "Die fliegende Artze von Ostafrika" en Lebenszeichen". Regie: Werner Herzog. Stadsschouwburg, 20.15 uur: Ton van Duinhoven speelt de hoofdrollen in de eenakters 'Leugens' en 'Alziend oog' van de bekende Engelse auteur Peter Shaffer. Stadsschouwburg, 22.00 uur: Filmhuis. "Jeder für sich und Gott gegen alle."Regie: Werner Herzog. Paradox, Willem II straat, 22.00 uur: "Sessie" m.m.v. Debbie Poryes. VRIJDAG 11 MAART Katholieke Hogeschool, 16.15 uur, aula: Promotie Mr. M.J.C. Koens. Promotoren: Prof. Mr. M. Rood de Boer en Prof. Mr. A.H.J. Swart. Titel proefschrift: "jeugdige vreemdelingen in Nederland. Stadsschouwburg. 19.30 uur: Filmhuis. Stadsschouwburg, 20.15 uur: "Als er liefde bestaat". Gerrie van der Klei, Thijs van Leer en Henk van Ulsen brengen dit programma dat in eerste instantie als eerbetoon aan Jacques Brei werd opgedragen. Samenstelling Ernst van Altena.
vrijdag 4 maart
Blanc de blanc Welke jurist lust er nou een fles blanc de blanc? Zelfs voor whisky lopen aanstaande rechters en advokaten niet warm. In het nieuwste nummer van Nondejure staat een open winterprijsvraag, uitgeschreven door zes bewoners van studentenflat Wagnerplein 206. Hoofdprijs: een fles wijn van zeer twijfelachtige kwaliteit. Degene die de geestelijke vader van 26 afgedrukte uitspraken raadt kan zich daarover ontfermen. Redakteur Rob Dielemans van Nondejure vertelt dat er nog geen reakties binnen zijn. En eigenlijk verwacht hij ook niet dat die er nog komen. Met de vorige prijsvraag over atoomschuilkelders was een fles whisky te winnen, toen kwamen er twee reakties. Een van 'n student en een
van de gemeente I ilburg. Maar of een fles blanc de blanc genoeg motivatie biedt om deze keer naar de pen te grijpen is een twijfelachtige zaak. Misschien dat een beginnend alcoholist er nog intrapt. Gilbert Kooiman, een van de organisatoren, drinkt hem in ieder geval niet zelf op als er geen reakties komen: " H e t is een hele slechte wijn. We hadden geen sponsor nodig om hem te kopen. We konden voor heel erg weinig geld aan een hele grote partij komen. Als hij nu niet gewonnen wordt bewaren we hem misschien voor een volgende prijsvraag". Nondejure kan er dan wel even bij vertellen dat "blanc de blanc" goed is voor het bereiden van visgerechten, maar als drank ongenietbaar is. De uitspraken van de grote onbekende zetten overigens wel aan
tot denken. Ze komen van een "bekende Nederlander", die beroemd is om zijn rake uitlatingen. Wie het is blijft voor mij een groot vraagteken, maar uit de aangehaalde spreuken kon ik wel enkele karaktereigenschappen destilleren. Misschien helpt het u bij uw gissen. De Nederlander heeft een sterk
Aantekeningen van een kamerbewoner
Atleet door Jasperina Kimkers Timothy was slungelachtig en nerveus en had twee linkse handen. Wat hii aanraakte, brak spontaan in tweeën. Kameraden bezat hij niet. Daarvoor wekte zijn onhandigheid teveel wrevel en zelfs agressie. Hij riep bij voorkeur de raad en hulp in van meisjes. Van hun zelden lukkende pogingen zijn scheerapparaat of fiets te repareren, ging een zekere solidariteit uit. Anderzijds had zijn stunteligheid iets bekoorlijks voor ons (we bewoonden met zes meisjes een villa aan de Bredase Weg). Het gaf hem charme. Misschien zou Timothy het in zijn eentje op deze wereld nog wel gerooid hebben, als hij niet met een van de meest onbruikbare eigenschappen was begiftigd: het verlangen nooit iemand te kwetsen. Op een ochtend - Timothy zat onder college óf alleen óf temidden van de meisjesstudenten - zag ik dat hij zo van streek was dat hij er niet in slaagde diktaat van het college te maken. "Kop op, atleet" zei ik. Om de een of andere reden noemde ik hem altijd "Atleet". "ik wil weg" zei hij. "Ik wil een andere kamer." Op de kamer waar Teddy woonde, kon hij niet studeren. De televisie van mevrouw Puimsteen, zijn hospita, stond precies onder zijn stoel. Van zeven tot half twaalf - in de weekeinden tot één uur - trilde het huis als een drilboor. Om haar niet te kwetsen had hij als reden voor de opzegging van de huur opgegeven dat hij ging trouwen. Timothy's hospita die bijzonder met de levenswandel van haar huurder begaan was, had daarop als laatste gunst gevraagd zijn aanstaande te ontmoeten. "Hindert niet," zei ik. "Ik loop wel een keer met je mee naar binnen." "Zou je dat willen doen?" "Natuurlijk." "Kun je vanavond? Het moet per se vanavond." "Dat komt rot uit," zei ik. "Vanavond is de enige avond dat ik niet kan. Maar ik vraag Beatrijs wel." 's Avonds stelde Timothy Beatrijs aan zijn hospita voor. Ze dronken een glas boerenjongens - rozijnen op likeur - en Timothy kreeg, toen Beatrijs naar het toilet was, te horen dat hij een goede keuze had gemaakt. Een maand later vertrouwde mevrouw Puimsteen haar huurder toe dat ze met ongeduld zijn trouwdag afwachtte. Elke dag die er moest verstrijken voordat ze het jonge paar haar cadeau kon overhandigen, was er een teveel. Op een regenachtige ochtend viel Timothy bij me binnen. Hij was radeloos. "Over een week komt ze hier voor het huis uit de taxi, met een macramé tapijt onder haar arm ." "Hier voor het huis?" "Ik moest haar een adres geven." "Met een macramé tapijt?" "Dat heeft ze gemaakt. Een huwelijksgeschenk. Voor mij en Beatrijs." Het regenwater verzamelde zich in de plooien van Timothy's jas en vormde een natte plek op de kale Pers die op de vloer lag. "Waarom verzin je ook altijd van die beroerde smoesjes? Waarom zeg je verdomme niet tegen dat wijf hoe het zit?" Tilburgs Hogeschoolblad
religieuze achtergrond: "2 nonnen maken nog geen pater, ben je van God los" en " n o n d e j u " wijzen daar duidelijk op. De onbekende is goed in vreemde talen: "nothing doing, rip roaring mad, what can the chappi do?" en " b u t it bloody well pays" komen uit de Engelse taal, "au f o n d " en " b o n " is Frans, en Duits kent hij ook: "jetzt wirdsbrenzlich". Nederlands spreekt de onbekende slechts gebrekkig: "kamognost" en "klapkaffer" zijn niet terug te vinden in de dikke Van Dale. De gezochte voelt zich geïnspireerd door voedingsmiddelen, hij spreekt over "ingedikte karnemelk, aangelengde erwtensoep, doorgelopen koffie" en het "suiker en melk in je neus synd r o o m " . Hij heeft een bescheiden anale fantasie als hij het heeft over "rijden als de scheten, L.U.L.Iig, met innemende be-
schapen schroom", en "toppen van brandende witte waanzin". Het zal wel een Tilburgse hoogleraar in de Rechten zijn (zijn daar bekende Nederlanders bij?) gezien de spreuken: "Examen = het grote bak- en braadwerk, gekleun op de cm2, curatele klanten en voogdij jongens". Verder is hij bijziende maar draagt geen bril, vandaar waarschijnlijk zijn "hoef opsteken". De laatste uitspraak "mankement aan je ben u l " getuigt van een diep filosofische instelling. Misschien is het een goed idee om bij gebrek aan hoofdprijswinnaars de fles blanc de blanc te schenken aan de grote onbekende Nederlander. Monteer dan een microfoontje in de kurk; dat kan als de grote geest in nog hogere sferen verkeert waarschijnlijk nog fraaiere uitspraken opleveren. K.B.
Ik wist heel goed waarom hij de dingen deed die hij deed. En waarom hij me geen antwoord op zo'n vraag zou geven. "Dat heb je weer geweldig geregeld." Timothy keek op van de grond. Er gleed een zenuwachtig lachje over zijn lippen. Hij zat in een van mijn smalle clubfauteuiltjes geklemd en raapte schouderophalend een doorweekte pinda op. "Gelukkig weet ik er iets op," zei ik. Timothy leek niet verrast. Hij had erop gerekend. "Morgenavond kom ik naar je kamer. Afgesproken?" 's Avonds om negen uur was ik bij Timothy. Mevrouw Puimsteen scheen elke dag dover te worden. De asbak wandelde op de trillingen van het geluid Timothy's bureau af. "Snap je het nu?" "Ik snap waarom je weg wilt." "Let op," zei hij. "Dadelijk komt ze koffie met een snee peperkoek brengen." "Mooi! Trek je broek maar vast uit." "Mijn broek uit...?" "Hoor je haar lang van tevoren aankomen?" "Ze doet er wel even over vóór ze boven is." Timothy maakte zijn broek los. "Uit die broek!" zei ik. "Het moet lukken. Het hele huis bij mij staat op stelten omdat die hospita van jou op bezoek komt." We spraken over het college statistiek en er ging een kwartier voorbij. Toen sloeg er beneden een deur. "Daar komt ze," zei hij. Pas toen zag ik dat er een klapbed stond, tegen de muur die zich het verst van de deur bevond. "Klap dat bed neer!" gilde ik. "Ondertussen kleed ik me ook uit." Timothy leek voor de eerste keer in zijn leven een klapbed te zien. Terwijl men mocht aannemen dat hij er elke nacht in sliep. "Laat verdomme maar," siste ik. Ik bedacht opeens dat mevrouw Puimsteen misschien ook nog slecht zag. "En kom nu als de weerlicht boven op me liggen." "Boven op je...?" "Wil je alstublieft opschieten!" Ik stond op, trok hem tegen me aan en liet me met hem op de vloer vallen, vlak voor de deur. Een week of zo nadien viel Timothy weer bij me binnen. Hij had een fles port bij zich. "Zet maar op de vensterbank," zei ik. "Ik dacht dat ze een hartverlamming kreeg. Ze had dit niet verwacht. Niet van iemand als ik." Zijn schouders bewogen ongemakkelijk in zijn te grote jas. Het zat hem dwars dat hij het vertrouwen van een eenvoudige vrouw in hem en met hem in een hele generatie zo diep geschokt had. "En waar wou je nu op kamer, gaan wonen, atleet?"?" Hij schuurde met zijn kin over de kraag van zijn jas en keek me opeens op zijn dodelijk trouwhartige manier aan: "Bij jou misschien, als de anderen het niet vervelend vinden? Of bij Beatrijs?" Met zijn knie wreef hij langs de oude, geribbelde Tadiator onder het raam en zijn blik waaide als een donsveertje op en zweefde door het raam naar buiten. Op hetzelfde ogenblik deed hij verschrikt een stap naar achter en kroop in paniek weg tot bijna achter het overgordijn. "Daar heb je haar. Ze stapt uit de taxi, recht voor het huis. "We zagen haar het tegelpad opkomen, naar de deur. Maar er werd niet gebeld. Er klonk alleen een kort geklep van de brievenbus. Op de mat vonden we een isabelkleurig lapje stof waarop de tekst "Proficiat" geborduurd was. Timothy heeft nog anderhalf jaar bij ons ingewoond. Alle meisjes waren het erover eens dat het niet verantwoord was hem in zijn eentje de wijde wereld in te sturen, en zeker niet zonder hem geleerd te hebben hoe anderen te kwetsen. vrijdag 4 nnaart