Tilburgs Hogeschoolblad - 3 december 1982 - jaargang 20 - nummer 14
Geen verdere bezuiniging op het budget
Open Universiteit gespaard Het zwaard van Damocles dat de Open Universiteit boven het hoofd hing, is door minister Deetman weer ingetrol<l<en. Was er eerst spral<e van plannen dat de Open Universiteit kostendekkend moest zijn, waardoor de cursusgelden tot acht mille per jaar zouden moeten oplopen, nu heeft Deetman mee laten delen dat een dergelijke nekslag toch geen uitvoering zal krijgen. Minister Deetman van Onderwijs en Wetenschappen heeft het bestuur van de Open Universiteit meegedeeld, dat hij
niet verder op het budget van deze instelling zal bezuinigen. Het plan van de Werkgroep van Aardenne om de Open Universiteit 100% kostendekkend te maken gaat dus niet door. Dit zei vorige week de voorzitter van het CvB van de Open Universiteit dr. mr. G.J. Leibbrandt in een toespraak. Leibbrandt zei ook dat de O.U. volgens plan in het najaar van 1984 voor het eerst met een niet onbelangrijk cursusaanbod zal komen. Hij verwacht aan het eind van de tachtiger jaren ongeveer 30.000 studenten bij de Open Universiteit. De tweede kans-educatie waarmee de Open Universiteiten in 1984 van start gaat zal dus zoals oorspronkelijk steeds de bedoeling was, waarschijnlijk net zo duur zijn als de reguliere inschrijvings- en collegegelden. In het gedrang om de erkenning als studentencentrum voor de O.U. zijn 18 na-
Presidium wenst openbare voordracht rector magnificus Het presidium van de Hogeschoolraad wil dat het College van Decanen de voordracht voor de opvolging van de huidige rector magnificus openbaar maakt. De afgevaardigden van de raadsfrakties, vertegenwoordigd in het presidium zijn van mening dat van vertrouwelijkheid rond de voordracht geen sprake is, na alle verhalen in de wandelgangen rond een eerste en tweede voorlopige voordracht van het College van Decanen. De structuurregeling van de KHT bepaalt
dat telkens twee kandidaten voor een volgende rectoraatsperiode worden voorgedragen door het College van Dekanen. De Hogeschoolraad kan dan een voorkeur voor een van beide kandidaten uitspreken zodat het Stichtingsbestuur van de KHT (de instantie die een rector benoemt) deze voorkeur kent. Eind augustus kwam het College echter met de enkelvoudige voordracht van Prof. de Moor, en met de melding dat een voordracht van twee kandidaten onmogelijk was. Dit viel niet in goede aarde bij het presidium dat daarop aandrong om toch nog een tweede kandidaat te zoeken, temeer daar het presidium reeds in de lente van dit jaar een aantal poten-
men van vestigingsplaatsen te voorschijn gekomen. In de Zuidelijke provincies willen Breda, Den Bosch, Nijmegen, Eindhoven, Venio en Sittard als studiecentrum fungeren, aldus een advies van de O.U. aan de minister. Indien uitbreiding tot 24 centra nodig is, komt ook Tilburg in aanmerking voor de vestiging van een studiecentrum. Deze centra kunnen dienst doen voor studievoorlichting en advisering en begeleiding bij studieproblemen, scripties en stages. Tevens zullen de studiecentra als ontmoetingsplaats voor medestudenten fungeren en zullen er per cursus seminars georganiseerd worden, aldus de nota 'De studiecentra van de Open Universiteit'. De studiecentra worden gehuisvest in bestaande gebouwen, die reeds voor educatieve doeleinden gebruikt worden. Er komt dus geen nieuwbouw. THT/THB
tiële kandidaten had gepolst. In oktober kwam er dan toch een tweede voorlopige voordracht met naast prof. de Moor, prof. Zijderveld als tweede kandidaat. Over deze merkwaardige gang van zaken deden nogal wat geruchten de ronde, en telkens was nauwelijks te achterhalen waar de waarheid ophield en de fantasie begon. De kandidaten zijn in de Hogeschool bijna algemeen bekend zodat het presidium besloot om een openbare voordracht te vragen. De huidige rector magnificus Van Veldhoven zal per 1 juli 1983 plaats ruimen voor een opvolger. De Moor heeft de voorkeur van het College van Decanen, terwijl Zijderveld in de Hogeschoolraad wat meer fracties achter zich heeft dan de Moor. Wellicht zal het Stichtingsbestuur de voordracht van het College van Decanen volgen. E.V.
Maatschappelijk Handelen vindt instem na ing De faculteitsraad van de theologische faculteit Tilburg heeft in zijn vergadering van 30 november unaniem besloten om aan curatoren en College van Toezicht te vragen Theologie en Maatschappelijk Handelen definitief goed te keuren als afstudeerrichting waarbinnen studenten worden opgeleid voor het pastoraat. Deze nog zeer jonge afstudeerrichting heeft
ó. 8 / 9 De doctoraalbul Veel studenten hikken tegen de laatste fase van hun studie aan. Henk Zomer belicht in een uitgebreid verslag oorzaken en achtergronden van 'de operatie afstuderen'.
4 / 7 Een eredoctoraat is weggelegd voor degenen die ere toekomt. In dit nummer van THB aandacht voor de erepromoties van Klompé, Lambers en Ricoeur. Verder een verslag van de diesrede van prof. van Veldhoven. Wordt de Hogeschool Katholieke Universiteit Brabant? tot nu toe gefunctioneerd met slechts een voorlopige goedkeuring van deze twee instanties. In januari 1983 wordt door het College van Toezicht en het curatorium beslist of Theologie en Maatschappelijk Handelen definitief een afstudeerrichting wordt of niet. De Raad constateerde wel enkele problemen, die zouden kunnen ontstaan als Theologie en Maatschappelijk Handelen officieel studierichting wordt. Men voegt hier echter aan toe dat dit voor alle bestaande studierichtingen geldt (bijvoorbeeld het aantal formatieplaatsen in de toekomst). J.B.
Lustrumslotfeest M e t een zeer druk bezocht feest in de Stadsschouwburg eindigde afgelopen vrijdag het elfde lustrum van de Tilburgse Hogeschool. De Tilburgse groep 'De grootste luxe na de kleurenteevee' bracht er haar jongste theaterproduktie getiteld 'Sterker nog: vlees!' Er w a s veel muziek: Donna Lynton, Willy Latino, Daniël Sahuleka (op de foto links) en disco Locomotion lieten de feestgangers swingen. Voor meer lustrumnieuws zie pagina's 4 t / m 7.
BRIEVEN
MATSERTJES
PERS KOLOFON
Uit de Universiteits bladen THTNIEUWS De redactie van het Twentse Hogeschool blad is het zó eens met de eisen van de onderwijsstaking dat zij besloten heeft 1,65% van haar kolommen wit te laten. Op de voorpagina een halve kolom wit waarbinnen eenzaam de 1,65% zweeft. In de Twentse mensa werd deze week de driemiljoenste maaltijd geserveerd. Re den tot feest, meende het personeel, én voor de nodige culinaire capriolen. Men besloot tot een Caraibisch buffet dat haar voortzetting vond tot in de late uurtjes met een optreden van Rosa King. Een onderzoek heeft eens uitgewezen dat de Twentse mensa gerekend moet wor den tot een der besten in het land. Tonnie Buitink, de organisator van het feest en barkeeper van de Twentse mensa, konstateert waarschijnlijk daarom dat nergens anders zo weinig studenten zo veel eten als in Twente. Hij besloot dan ook alle studenten een placemat toe te zenden a raison van f 1,10 het stuk. Als beloning? AD VALVAS We wisten al dat het aan de Vrije Univer siteit goed toeven was. Wat we nog niet wisten is dat deze Amsterdamse Univeri siteit haar personeel in de gelegenheid stelt om vakanties op te nemen voor maar liefst een week of negen. Aan deze regeling zijn wel een aantal randvoor
T^KtiOmi, "Reaktionair" is een rubriek waarin reakties van lezers worden geplaatst. Naam en volledig adres van de schrlj ver(s) dient bij de redaktie bekend te zijn. Anonieme brieven verdwijnen in de prullemand.
Deeltijders De Volkskrant van woensdag 17 november maakte melding van een uiterst merkwaardige manier van 'herverdeling' van de overheid. Het betreft de inhouding op het salaris van ambtenaren vanwege stijging van de premiedruk voor werknemers in het bedrijfsleven. Zoals het artikel reeds meldde is de inhouding gebaseerd op een fulltimesalaris ongeacht het aantal uren dat men werkt. Nu zou dat niets geven als het percentage voor iedereen gelijk was. Maar dat is niet het geval. Het inhoudingspercentage is het laagst (0,57%) voor de laagstbetaalden, omdat voor hen de stijging van de premiedruk in het bedrijfsleven ook het laagste is. D an loopt het bij stijging van het inkomen op tot 8,16% bij f 4.893, per maand, om dan weer te dalen tot 3,9 % voor hen met een inkomen van f 14.313,— en hoger. D it is gedaan omdat de relatieve verandering van de premiedruk voor de hoogste inkomens in het bedrijfsleven blijkbaar lager is. Tilburgs Hogeschoolblad
waarden verbonden. De afwezigheid moet werktechnisch mogelijk zijn. Het werk moet beheersbaar blijven. De kwa liteit van het werk mag er niet onder lij den en je collega 's mogen niet al te zwaar worden belast door je afwezigheid. De mogelijkheden zijn als volgt: Als VU personeelslid kun je een deeltijdaanstel ling aanvragen maar wèl gewoon vol blij ven werken. Als je bijvoorbeeld je werk factor (maximaal) terugbrengt tot 0,9 blijf je de hele dag werken maar spaar je op weekbasis een halve dag. Op zo 'n ma nier kun je naast de gebruikelijke vakan tie van ongeveeer 24 dagen nog eens 24 dagen opbouwen aan extra verlof. Moet je natuurlijk wel op tijd beginnen te spa ren. "Zo kunnen langgekoesterde dro men eindelijk eens gerealiseerd worden ". Leuk voor een wereldreis! QUOD N OVUM De Rotterdamse studentenvereniging Sanctius Laurentius groeit zo snel dat zij haar leden niet meer kan herbergen in de oude behuizing. Vandaar dat zij besloot over te huizen naar de Rotterdamse wijk Kralingen. Dat vroeg echter wel om een beslissing van de Kralingse deelgemeente raad. De PVDA verklaarde zich fel tegen de komst van de studentenvereniging. De argumenten: geluidsoverlast, het bestem mingsplan zou gewijzigd moeten worden en er zou opnieuw een horecavergunning afgegeven moeten worden terwijl beslo ten was dat dat in de buurt niet meer zou voorkomen. CDA, VVD en D'66 waren voor. D'66 woordvoerdster en medi cijnenstudente Arlincke Boekhorst met
Dit alles wordt berekend op basis van het salaris bij een volledige werkweek. En daar zit nu juist de kneep. De deeltijders met een inkomen beneden het genoemd bedrag (sekretaresse, medewerkers van de huishoudelijke dienst, kommiezen, etc.) worden daardoor gekonfronteerd met een veel hoger inhoudingspercentage dan hetgeen behoort bij hun werkelijk genoten salaris. D e regeling heeft ook een leuke kant. Maar die is wel voor de hoge inkomens. Voor hen geldt een lager inhoudingspercentage, dan bij hun eigenlijke salaris past. Een merkwaardige manier van herverdelen, die door de woordvoerder van Binnenjandse Zaken wordt beargumenteerd met een verwijzing naar het onderwijs. D aar zitten leerkrachten met deeltijdse aanstellingen op meerdere scholen, die samen een volletijdsbaan vormen. Volgens het Ministerie is het onmogelijk bij dergelijke gevallen een regeling toe te passen als bij de loonbelasting waar gewerkt wordt met naheffingen. Maar dat is ook helemaal niet nodig, aangezien alle gegevens van hen die onder het ABP vallen, bij dit pensioenfonds bekend zijn. Het is dus wel degelijk mogelijk om na te gaan, wie meerdere aanstellingen hebben. Slechts zij die één baan hebben bij een werkgever die is aangesloten bij het ABP en één bij een werkgever die dat niet is, vallen hier buiten. Het betreft dan echter zo'n kleine groep, dat deze nooit model kan staan voor een regeling voor alle deeltijders. Uit verscheidene onderzoeken blijkt, dat de meeste deeltijdarbeid te vinden is onder
als argument dat zij studenten ook als mensen beschouwt. De buurtbewoners deden op een inspraakronde ook nog hun zegje over de positieve beslissing van de deelgemeenteraad: "het is een praat hoekje van de fractieleden en als bewo ner hebben we hier niets meer te vertel len. " UKGRONINGEN Hans Kuné praat met Prof. dr. Delf gaauw. Deze m de jaren zestig omstreden filosoof, gaat deze week met emiraat. Ooit noemde deze hoogleraar de Ameri kaanse president Johnson volgens de tri bunalen van N eurenberg en Tokio een oorlogsmisdadiger. Deze uitspraak bracht nogal wat beroering met zich mee omdat er in de Nederlandse grondwet een artikel staat dat het beledigen van be vriende staatshoofden verbiedt. Tegen studenten was voor minder al een proces verbaal opgemaakt. Moest Delfgaauw nou ook verbaliseerd worden? De mi nister meende van niet omdat hij niet precies kon vaststellen wat de hoogleraar gezegd had. Studenten zijn toen gaan protesteren met spandoeken waarop de preciese tekst van de hoogleraar stond. En opnieuw werden zij geverbaliseerd. De landelijke pers heeft wekenlang bol gestaan van polemieken waaruit deze te genstrijdigheid sprak. Kuné weet Delf gaauw een paar uitspraken te ontlokken. Over de relatie Christendomcommunis me. "In de tijd dat de Christenen nog niets van sociale kwesties begrepen, was Marx daar volledig door gegrepen. In die zin was hij de Christenen ver vooruit." LUCAS VAN WEES. werknemers met een opleiding die lager is dan HBOnivo. Ook het zogenaamde ED Oonderzoek (van datzelfde Ministerie van Binnenlandse Zaken) liet deze relatie zien. In 1978 viel 90% van de deeltijdwerkers op de departementen onder salarisschaal 71 of lager. Het betreft medewerkers die geen hogere opleiding genoten hebben. Onder de werknemers van de Katholieke Hogeschool Tilburg is een onderzoek gehouden door de vakgroep Organisatie van de Ekonomische Fakulteit. Het is gebleken, dat de deeltijdwerkers met nog een aanstelling elders, gezocht moeten worden onder de medewerkers met de hoogste inkomen! De groep die model staat voor een regeling, waar de lage inkomens de dupe van worden, profiteert er zelf van! Wij zijn ons ervan bewust, dat de KHT niet maatstafgevend is voor 'de Nederlandse ambtenaren', maar dat zijn de leerkrachten met meerdere aanstellingen evenmin! Het is dus onzin te stellen dat hier gekozen is voor een gelijke behandeling in rechtspositie, zoals de woordvoerder van het Ministerie ons wijs probeert te maken. "Dat kost hier en daar een offertje", wordt doodleuk gekonkludeerd. Nogmaals: een vreemde manier van herverdelen, waarbij de laagstbetaalden de offers brengen, die in de zakken van de hoogstbetaalden verdwijnen! ABVA/KABOgroep 2 december 1982
■iHim a t s e r t j e S H ^ 'Matsertjes' kunnen worden opgegeven bij de redaktie. Tot 30 woorden kosten ze / 5,; on der nummer / 2,50 extra. Reakties op adver tenties onder nummer naar de redaktie sturen. PIANO STEMMEN? Arie A. Keijzer "Vakmanstemmer op het gehoor". Ook voor: onderhoud, revisie, taxatie en ad vies. Tel. 0186017998. TYPEWERK: Voor het verzorgen van uw typewerk 016125019. TYPEWERK: Wilt u netjes elektrisch getyped werk. Bel dan 672466.
tilburgs hogeschoolblad weekblad voor de katholieke hogeschool tilburg redaktie eddie vaes (hoofdredakteur) twan geurts, lennart kik, ellen nooyen, angela lodder (assistente) medewerkers paul emonts, v\/outer van gils, peter pennartz, henk zomer, wilma okkerse, sjef stoop, klaudie biemans, john versieyen samenstelling redaktieraad prof mr p van seters (voorzitter), drs j koning, dr h van erp, drs j van de net, f hummelman, m ackermans (adviseur), t nilsen, r geurtsen, a de laaf, drs th schouw/ officiële mededelingen buro pers en voorlichting cartoonist ad van haandel henk van de berg advertenties angela lodder kopij alle kopij moet uiterlijk op donderdag de week vóór het verschijnen in het bezit van de redaktie zijn redaktieadres/advertenties hogeschoollaan 225, tilburg, telefoon (alleen voor thb) 662277 en 662506 intern 2277 en 2506 kamer 207 en 208 (gebouw b) foto rien siers landelijk samenwerkingsverband universitaire pers (up) waarbij verder aangesloten ad valvas (vu amsterdam), wagenings hogeschoolblad, utrecht universiteitsblad, thdnieuws (delft) thberichten (eindhoven) thtnieuws (twente) en observant (maastricht) uk (groningen) kunieuws (nijmegen) druk drukken) em de jong bv baarie nassau vormgeving Willem van zoetendaal abonnementen voor met hogeschoolleden / 15, — per jaargang
K
O
R
T
Ii f f ? " lil
F"
De kosten voor deelname bedragen f 75,— per persoon inclusief lunch, kon gresboek en verslag. Nadere inlichtingen en inschrijfformulieren zijn verkrijgbaar bij het sekretariaat van het studiecen trum, tel. 070824321. U P / A d Valvas
il 'iiüi't"jinWf'ii^i'g'W"ijym;"ii!P"r'<ji;'ywg
n
II Li_. 12:
lil M
%i >«■ ,,f.^
K .., f
\ |:S.fc
1
fi_l.
ass Duiven in het oude dierenverblijf
Nieuw dierenverblijf Terwijl menigeen aan de Katholieke Ho geschool benauwd wacht op de vergun ning voor de bouw van de tweede tran che van het sociaal cluster (de eerste tranche is in de vorm van gebouw S al in gebruik genomen) is de bouw van het nieuwe dierenverblijf van de subfakulteit psychologie reeds gestart. D it dierenver blijf maakte oorspronkelijk deel uit van de tweede tranche, maar aangezien de toestand in het 'oude' dagverblijf nogal wat problemen opleverde (ventilatie, quarantainemogelijkheden) werd aan dit gedeelte van de betreffende tranche tóch voorrang gegeven. Het nieuwe gebouw, waarvan de kosten vooralsnog op 2,1 miljoen gulden ge raamd zijn, is gesitueerd ten oosten van gebouw P, tussen de ruimte waar zich vroeger de psychologiebibliotheek be vond en het huidige dierenverblijf. Het gevaarte meet 550 m2. Hiervan worden 20'n 230 m2 in beslag genomen door het eigenlijke dierenverblijf. Hierin kunnen de duiven, ratten en apen het grootste ge deelte van hun tragische leven doorbren gen. D e overige 320 m2 bestaan uit expe rimenteerruimten, ten behoeve van de vakgroep fysiologie en fysiologische psy chologie. Tegen augustus 1983 moet het nieuwe gebouw in gebruik genomen worden. L.G.
Congres over autonomie hoger onderwijs Het studiecentrum OTO, opgericht door de Akademische Raad en de HBOraad organiseert op 8 december een kongres over de autonomie van de instellingen van hoger onderwijs ten opzichte van de overheid. Op het kongres dat om 10 uur in het Jaarbeursgebouw in Utrecht be gint, komt onder andere de vraag aan de orde of de instellingen, gelet op hun bestuurskracht, zijn opgewassen tegen meer autonomie in de huidige tijd, waar in de rol van de overheid lijkt te worden teruggedrongen. Op het programma staan onder meer in leidingen van leden van kolleges van bestuur en van beleidsverantwoordelijke ambtenaren van het ministerie van O en W. Het kongres is bedoeld voor personen die werkzaam zijn in de sfeer van beleid, I beheer of organisatie van instellingen.
Effectiviteit en bestuur van organisaties Er worden in veel organisaties nogal wat mogeijkheden onbenut gelaten om de doelmatigheid te vergroten. D e afstand die in deze organisaties bestaat tussen bestuurstaken en uitvoerende taken heeft er toe geleid dat werknemers in een bedrijf zich niet meer verantwoordelijk voelen voor het produkt en/of de organi satie waarvoor zij werken. Het gevolg is dat men zich niet meer herkent in de or ganisatie, waardoor de effectiviteit terug kan lopen. D at valt te lezen in het recent verschenen boek "Effectiviteit en bestuur van organisaties; naar een poli tiek organisatiemodel'. D e auteurs, Joan Baayens en Jo Rieken zijn beiden ver bonden aan het IVA. Ze schreven het boek op persoonlijke titel. Rieken en Baayens doen in hun boek voorstellen om het bestuursvraagstuk, waar zowel commerciële als nonprofit organisaties mee kampen, vanuit een 'politiek' organisatiemodel op te lossen. Zij vatten een organisatie op als een sa menstel van interne én externe belang hebbenden die in de organisatie investe ren en daarvoor een opbrengst verwach ten. D e auteurs spreken van 'n politiek organisatiemodel, omdat macht, belan gen en het vaststellen van prioriteiten be palend zijn voor het tot stand komen én ontwikkelen van organisaties en daarmee voor het effektief handelen van het bestuur van die organisaties. Hoe meer mensen daarin op een gecoördineerde en bestuurbare wijze zijn betrokken en ver antwoordelijk zijn, des te beter zal een bedrijf of organisatie haar plaats weten te bemachtigen of uit te breiden. Om te komen tot een optimale benutting van de aanwezige vermogens, waardoor op de duur de overlevingskansen en de continuïteit van de organisatie vergroot zah worden, moet de organisatieleiding een deel van haar macht overdragen aan andere belanghebbenden. D ie over dracht van macht zal zeker niet vanzelf en zonder inzet van belangen kunnen ge beuren, zo menen de auteurs. Rieken en Baayens pleiten in dit verband voor het invoeren van zogenaamde 'produktie groepen', waarmee de stuur en regelta ken bij kleinere eenheden gelegd kunnen worden. Zo wordt de schaal kleiner en wordt het vermogen tot zelfregulatie en zelforganisatie maximaal benut. Op deze wijze neemt volgens de auteurs de identi ficatie met het gemaakte product en de organisatie toe en treedt een positieve sociale controle binnen de groep aan de dag. De Ondernemingsraad zal omgevormd moeten worden tot een 'Raad van het bedrijf', aldus Baayens en Rieken. D eze raad zal als hoogste orgaan strategische beslissingen kunnen nemen over zaken als technologische vernieuwing, groei en afslanking, sociaal beleid en investe ringsbeleid. Zo zullen degenen die de consequenties van beslissingen direct ondervinden ook verantwoordelijk zijn voor die beslissingen. En dat is in de hui
Gescheiden onderwijs en onderzoek in Utrecht? De Universiteit zou l<unnen besta a n uit schiolen en instituten. Ilet onderwijs ontwikkelt zich da n in de breedte, in de richting van het Hoger Beroepsonderwijs. Het onderzoek in de diepte, over de grenzen va n de va kgroepen heen, en wordt onderge bracht in werkgroepen. Het Utrechts College va n Bestuur heeft haar voorlopige denkbeelden hierover neergelegd in een notitie en deze toegezonden a a n de ra a dscommissie voor onderwijs en wetenschapsbeleid. Aanleiding hiertoe vormt de Interimrap portage Taakverdeling en concentratie. Het Utrechtse CvB meent dat de 258 mil joen bezuinigingen die hierin gevraagd wordt bekeken moet worden samen met de tweefasenstructuur voor het onder wijs en de invoering van de voorwaarde lijke financiering voor het onderzoek. Met name de voorwaardelijke financie ring dwingt tot bundeling van onder zoeksaktiviteiten, waarbij het Ministerie toekijkt of het allemaal wel goed gebeurt. De Financiering van het onderzoek heeft konsekwenties voor het onderwijs. Er moet gezocht worden naar een konstruc tie waarin onderwijs zonder (voorwaar delijke gefinancierd) onderwijs mogelijk blijft. Onderwijs en onderzoek zitten nu nog samen in één eenheid, de vakgroep. D at wordt soms als een belemmering ge voeld. Een argument temeer om over ge scheiden onderwijs en onderzoek na te denken, meent het Utrechtse CvB. Zo zouden de voorgestelde werkgroepen een tijdelijk karakter kunnen dragen. We tenschappelijk personeel kan solliciteren op programma's die een beëindigingsda tum kennen. Werkgroepen kunnen ook intekenen, bijvoorbeeld op het gebruik van bepaalde voorzieningen. Als belangrijk bezwaar tegen de voor waardelijke financiering wordt genoemd dat het een conserverende werking kan hebben op het onderzoek. D e ruimte voor nieuwe ontwikkelingen kan daar dige zeggenschapsverhoudingen niet of slechts tendele het geval. Baayens en Rieken menen dat de over heid meer dan tot nu toe het geval is voorwaarden moet scheppen om tot een evenwichtige machtsverdeling te komen. Door vooral te werken met kaderwetge ving kan de speelruimte van de individue le bedrijven groter worden en beter af gestemd op de specifieke regionale en sectorale situatie. Een belangrijke rol spelen de vak en werkgeverscentrales. CAO's zullen dan gemakkelijker op bedrijfs of op bedrijfstaknivo afgesloten kunnen worden.
Nationaal proefdierenbedrijf De ZuidLimburgse gemeente Onderban ken wordt het thuis van een nationaal proefdierenbedrijf. D e totale capaciteit van het thans in Zeist gevestigde Cen traal Proefdierenbedrijf TNO wordt daar heen overgeheveld. Hiermee is tussen 1982 en 1984 rond 26 miljoen gulden aan investeringskosten gemoeid, waaraan een aantal departementen en TNO zullen bijdragen. Voor uitbreiding van het aan tal arbeidsplaatsen met maximaal 55, is
|
mee verloren gaan. Het CVB onderkent dit gevaar en is daarom van mening dat er voor dit doel misschien meer bezui nigd moet worden dan de gevraagde 258 miljoen waarbij ze overigens het stand punt inneemt dat de Utrechtse Universi teit de grootste van het land moet blijven. In haar notitie noemt het Utrechtse colle ge ook de tweefasenstructuur en de mo gelijkheid tot het behalen van een dos sierdiploma waarin deze structuur voor ziet. D at geeft een opening naar het Ho ger Beroepsonderwijs. Een andere suggestie is om de universi taire kennis en voorzieningen via, extern gefinancierd, contractonderwijs aan de man te brengen. Op sommige plaatsen wordt gedacht aan een gezamenlijke propadeuse voor ver wante studierichtingen. Het CVB oppert de mogelijkheid dit door te trekken naar alle, niet typisch op een beroep gerichte studierichtingen (eventueel naast de bestaande propadeuse) en misschien ook wel naar HBOinstellingen. Een andere opmerking behelst het even tueel stimuleren van deeltijdse studie, als afspiegeling van de maatschappelijke ontwikkeling naar parttime werk. Tenslotte lanceert het Utrechtse CVB de gedachte dat de lerarenopleiding gebun deld zou kunnen worden in een instituut, daar de lerarenopleiding in de tweede fa se sterk beperkt zal worden.; Het wach ten is op de antwoorden. U P / U U ingekort. in aanvullende financiering door de rijks overheid voorzien. De uiteindelijke omvang van het proef dierenbedrijf is nog een vraag. Enerzijds is het overheidsbeleid erop gericht om het gebruik van proefdieren zoveel mo gelijk terug te dringen, anderzijds geldt voor het fokken van proefdieren die wel nodig zijn, een zo goed mogelijke kwaliteitsbewaking. Ook kan een con centratie van het fokken van proefdieren een aanzienlijke besparing opleveren. Of de 55 nieuwe arbeidsplaatsen allemaal worden gerealiseerd, is afhankelijk van de ontwikkelingen in het proefdierenge bruik. Hierin speelt bijvoorbeeld mee, dat door verandering van de milieuwetge ving er misschien meer proefdieren no dig zullen zijn, terwijl aan de andere kant beperkingen te verwachten zijn doordat alternatieven voor het proefdierenge bruik worden ontwikkeld. Beslissingen over de uiteindelijke capaci teit van het proefdierenbedrijf zijn pas te verwachten wanneer er meer inzicht bestaat in de langetermijnontwikkelin gen, waarover de ministers van O & W en Volksgezondheid deskundigen raadple gen. Bij een maximale uitgroei zal het proefdierenbedrijf werk kunnen bieden aan 123 mensen. U P / A d Valvas
Tilburgs H o g e s c h o o l b l a d 2 d e c e m b e r 1982
Diesrede 1982 tg
Brabant krijgt de instelling die het verdient''
De kans dat deze Hogeschool nog voor het volgende lustrum (1987) van naam verandert in bijvoorbeeld Katholieke Universiteit Brabant is niet gering. Rector van Veldhoven liet zich tijdens zijn diesrede niet verleiden tot het uitspreken van een naam maar gaf met zoveel woorden een naamsomschrijving. In Nederland is in toenemende mate sprake van een regionale functie van universiteiten en hogescholen. Wil deze hogeschool aan de pluriforme vraag naar wetenschappelijk onderwijs uit een wijde omgeving kunnen voldoen dan zal een kwantitatieve en kwalitatieve uitbouw nodig zijn en dit zal niet kunnen zonder de extra steun van een brede regionale aandacht en politieke druk voor dit specifiek regionaal belang, aldus rector van Veldhoven die er nog aan toevoegde dat in de toekomstige naam de verbondenheid met en oriĂŤntatie op Brabant tot uitdrukking zal worden gebracht. Terecht klonk de titel van de rede bij de vijf-en-vijftigste Dies Natalis: KHT 7982: Teer Punt of Keerpunt? De Rector Magnificus begon zijn rede voor dit elfde lustrum met een historische verkenning aan de hand van een vijftal jaartallen, ieder op elf jaar van elkaar gelegen: 1938, 1949, 1960, 1971 en 1982. Geen lustrumjaren maar jaren waarin de spreker 'ecietisch en selectief' kenmerken ontdekte die te maken hebben met de strekking die hij zijn verhaal wilde geven. In deze elfjarentocht vond hij de aanzetten tot overheidsbemoeienis (het lustrumthema anno 1982) en de langzame groei naar de eigenheid. 1938 is het jaar van de "verworven eigenheid', 1949 wordt gekenmerkt door de integratie binnen het wetenschappeliil< onderwijs. Het jaar 1960 vertoont nogal wat overeenkomsten met 1982, "de jaren der spreidingsbeslissingen rond 1960", aldus geschiedschrijver De Vries. Wanneer er in plaats van het woord 'jaren', 'maanden' of 'weken' had gestaan zou men zich in 1982 kunnen wanen, aldus de rector. In 1971 krijgt Tilburg het stigma "erl<ende groeiinstelling".
Lustrum Sporttoernooi Van 23 tot en met 25 november werd de traditionele Hogeschool Sport Manifestatie gehouden. Dit jaar heette het Hogeschoollustrumtoernooi, een toernooi met een hoge prioriteit voor gezelligheid. Diverse sporten konden op verschillend niveau, en zowel individueel als in teamverband beoefend worden. De bedoeling was prestatie ondergeschikt te houden aan sportiviteit. De HBOinstellingen konden ieder een team aan de diverse sporten laten deelnemen. Bij basketball had dit bij het toernooi voor gevorderden een redelijk hoog niveau tot gevolg. Hierdoor trad de prestatie meer op de voorgrond; zoals ook bij de snertcross de beste wilden winnen. Als sport een redelijk niveau haalt, hoeft prestatie de sportiviteit niet nadelig te beĂŻnvloeden. Bij onervaren sportbeoefening kan prestatiedwang tot onbedoeld lomp gedrag leiden. Dat dit ten nadele van de sportiviteit gaat is deze drie dagen wel eens gebleken. De gezelligheid op de velden was soms ver te zoeken. Bij volleybal en tafeltennis zal dit niet zo'n vaart hebben gelopen, maar bij een "schone" sport als basketbal maakt fanatisme een wedstrijd tot een ordinaire worstelpartij.
Tilburgs Hogeschoolblad
Wat zal het lustrumjaar 1982 toevoegen aan die geschiedenis vroeg de rector zich af. Het draait nu vooral rond "taal<verdeling" en "concentratie", maar die woorden wil hij vermijden om nader in te gaan op de toenemende overheidsbemoeienis ten aanzien van het wetenschappelijk onderwijs en op de toenemende bureaucratisering waarmee deze overheidsbemoeienis gepaard gaat. Er is naast de toename van het ambtelijk apparaat "een verfijning en beper/dng van de afzonderlijl<e terreinen waarop deze overheidszorg zich richt en een toenemende gedetailleerdheid van de categorieĂŤn waarop wederzijdse beleids- en verantwoordingsverplichtingen gelden". Er is het toenemend belang en de toenemende gedetailleerdheid van de voorschriften, registratie en verantwoordingsprocedures op steeds beperkter afgebakende deelgebieden van het beleid. Dit is volgens de rector de uitwendige kant van het verschijnsel bureaukratie, maar in de schaduw ervan woekeren processen en functies zoals: het risico van de registratie omwille van de registratie, de afwijzing of bemoeilijking van wat niet binnen
het voorgeschrevene valt, de toenemende zelf-legitimatie van iedere vorm van overheidsbemoeienis, de toenemende en onvermijdelijke complexiteit in de wijze waarop in wezen eenvoudige of betrekkelijk eenvoudige zaken zich voordoen". Van Veldhoven: "Mag ik, vanuiteen ver verleden als psycholoog pratend, hieraan toevoegen dat het ook niet prettig is voor de mensen die ermee te maken hebben, en dat het demotiverend werkt". De bureaucratie heeft nu de universiteiten bereikt, in de vorm van begrotingen en ontwikkelingsplannen, voorstellen tot voorwaardelijke financiering, bekostigingsaanvragen tweede fase, "een nietophoudende rij ambtelijke stukken en voorschriften passeert het bureau van mensen die zich voorgesteld hadden of minstens aangesteld werden om onderwijs en onderzoek te plegen. En dit alles gaat gepaard met een merkwaardig kwasi-jargon waarin doelstellingen worden verdrongen door criteria, waar het
Lustrumfeest Nog een kijkje in de drukbezochte Stadsschouwburg vol lustrumfeestgangers. De Studiozaal w a s toebedeeld aan Disco Locomotion, die met felle zwaailichten en ritmisch opzwepende muziek de bezoekers zich in het zweet liet swingen. De mensen op deze foto lijken stil te staan. Maar ook hier geldt: schijn bedriegt.
begrip 'kwaliteit' wordt vervangen door 'rendement' en 'rendement' op zijn beurt door 'output' en waar 'richtlijnen' en 'voorschriften'staan voor 'beleid'." Het spanningsveld tussen autonomiteit van de instelling, doelstellingen van het W . O . en de overheidstaak dreigt uit zijn voegen te barsten, wanneer niet voldoende ruimte gelaten wordt aan de eigen opgaven van het wetenschappelijk onderwijs. Tegen de achtergrond van deze bureaucratisering ziet de toekomst van de Hogeschool er niet echt rooskleurig uit, meent Van Veldhoven, maar waar een politieke wil is, is een weg om naar de benauwenis te ontkomen. Het woord is aan de politici en beleidsmakers die in het verleden altijd zo'n gulle belangstelling hadden voor deze groei-instelling. "Uiteindelijk geldt ook hier: dit gewest krijgt de instelling die het verdient", aldus rector Van Veldhoven in zijn diesrede 1982. E.V.
uwman, voorganger In de eucharistieviering Zo was er iemand bij het rugby die de tackle niet goed kende en dat met een hersenschudding moest bekopen. In al dit geweld kwamen de dames niet zo uit de verf. De mentaliteitsverandering die sommige mensen ondergaan als zij zich in de sport storten geeft toch wel te denken. Ongecontroleerde agressie is voor sommigen dan ineens heel normaal, alsof een berg aan opgekropte energie er in een paar minuten sport uit moet. Dan wordt wel eens vergeten dat sportiviteit niet alleen "willen winnen" is, maar ook "kunnen verliezen". Niet iedere wedstrijd ging gepaard met geweld, vaak genoeg kon men prettig sporten. Buiten de velden was het in ieder geval gezellig, de bar was de hele dag geopend. Op twee tafelvoetbalspelen en een flipperkast kon je je in de pauzes vermaken. Woensdagavond waren er finales van de diverse toernooien en demonstratiewedstrijden. In het verleden dachten we dat het team van Pendragon wel kon basketballen, maar na de demonstratiewedstrijd tegen Paulus I weten we wel beter. Bij de prijsuitreiking bleek goed wie het eremetaal fel begeerde, en wie niet. Zo bracht Vidar zelfs een strijdlied ten gehore.. H.V.
2 december 1982
^ H pHl
f#
De filosofie is werkelijic in gevaar
##
door R. Jeurissen en T. Mertens Het eerste wat ons opvalt, wanneer Ricoeur het vertrek binnen stapt waar wij uit voorzorg al een klein half uur op hem wachten, is zijn bescheidenheid. "Waar wilt U dat ik ga zitten", vraagt hij. "Gaat u maar daar op die stoel zitten", zeggen we tegen de auteur wiens boeken ons menig hoofdbreken hebben gekost. Na uitwisseling van enkele vriendelijkheden lanceren we de eerste vraag. Behalve het eredoktoraat dat u straks in ontvangst gaat nemen heeft u al eens eerder in Nederland een erepromotie gehad. In 1968 gaf de universiteit van Nijmegen u een eredoktoraat in de theologie. Uw manier van denken wordt door Nederlandse filosofen en theologen blijkbaar zeer gewaardeerd. Heeft u een verklaring voor de grote Nederlandse belangstelling voor uw filosofie? Ricoeur: "Het is inderdaad een belangrijk deel van de hermeneutische taak om te weten tot wie je spreekt en schrijft. Wat de belangstelling^ voor mijn filosofie betreft, ik denk dat die samenhangt met het feit dat in Nederland gedurende lange tijd de fenomenologie van grote invloed is geweest, vooral de fenomenologie in verbinding met de diverse menswetenschappen. Ikzelf heb een dergelijke verbinding ook altijd nagestreefd, ledere filosoof zou naar mijn mening competent moeten zijn in minstens een van de menswetenschappen en daarvan ook moeten leren. In mijn eigen werk heb ik bijzonder veel geleerd van Freud, van de linguïstiek en de structurele tekstwetenschap. Ik heb geprobeerd om de filosofie zo te bedrijven dat ze interessant is voor de beoefenaren van de menswetenschappen, die willen reflecteren over hun eigen praktijk. Ik denk wel dat deze overeenkomst een groot deel van de Nederlandse belangstelling voor mijn werk begrijpelijk maakt". Overmorgen wordt u weer in Parijs terugverwacht voor de promotie van een van uw studenten. Er gaan geruchten over een astronomisch aantal proefschriften dat bij u wordt geschreven, het zouden er meer dan veertig zijn. Ricoeur: "Dat is toch wat overdreven. Gemiddeld één-derde van de theses die zijn aangenomen wordt nooit voltooid, we verliezen dus erg veel promovendi. Bovendien zijn er in Frankrijk twee nivo's waarop je een these kunt schrijven: de troisième cycle, die ongeveer twee jaar in beslag neemt, en de these d'état die wel meer dan tien jaar kan vergen. Ik begeleid nu zo'n vijftien tot twintig proefschriften, nog steeds veel natuurlijk. Er zijn ook veel marxistische studenten die bij mij hun these willen schrijven, hoewel ik geen marxist ben. iVlaar men beschouwt mij als een zeer liberale en ondogmatische begeleider, dit zal ook wel een van de redenen zijn waarom ik zo veel voor dissertaties wordt gevraagd". Houdt u dan nog wel tijd over voor uw eigen filosofische onderzoek? Ricoeur: "Soms heb ik inderdaad een beetje het gevoel dat ik aan stukken wordt getrokken, maar ik probeer er iets aan te doen door zoveel mogelijk de ochtenden vrij te houden voor eigen studie. Ik werk dan van 's morgens 8 tot 12, de rest van de dag ben ik tot ieders beschikking. Gelukkig heb ik de laatste jaren ook veel college kunnen geven over de topics waar ik zelf op studeerde, bijv. over de metafoor waaraan ik ook een boek heb gewijd. Momenteel schrijf ik een werk over de narrativiteit, over de betekenis van het vertellen in de geschiedschrijving en in de fiktie. Tegelijk geef ik daar dan college's over. In mijn werk vind je deze
Tilburgs Hogeschoolblad
over de metafoor, er is aus sprake van een verband. in la Métaphore vive heb ik gewezen op het belang van de metafoor voor de verbeelding. Met metaforen kun je nieuwe betekenissen kreëren, dat wil zeggen door de metafoor kan de wereld zich op een nieuwe wijze aan je voordoen, dat zie je in de poëzie. De metafoor heeft een eigen waarheid, minder scherp omlijnd dan die van het wetenschappelijke spreken, maar minstens even waardevol. Het verhaal kun je ook op deze manier bekijken, het narratieve heeft een eigen verbeeldingskracht en ook een eigen waarheid, die ik dan vooral in verband wil brengen met de menselijke ervaring van de tijd. Het boek waar ik nu over spreek zal overigens ongeveer in februari volgend jaar moeten verschijnen, ik korrigeer er al de drukproeven van. Temps et Récit moet het gaan heten."
De Centrale Interfakulteit wijsbegeerte van de hogeschool mag tevreden zijn. Immers, het eredoktoraat in de filosofie dat op donderdag 25 november aan de franse filosoof Paul Ricoeur werd verleend, zal voor de Tilburgse filosofen minstens een even grote eer zijn als voor Ricoeur zelf. Ricoeur geldt als een van de meest prominente filosofen van deze tijd. Deze faam heeft hij vooral gevestigd door de uitgebreide discussies, die hij vanuit de filosofie met de andere wetenschappen is aangegaan, vooral met de psychoanalyse en de tekstwetenschap. Ricoeur meent dat de filosofie naïef blijft wanneer ze voorbij gaat aan de resultaten van de niet-filosofische wetenschappen. In verschillende boeken heeft hij vorm gegeven aan een interdisciplinaire manier van filosoferen en heeft hij laten zien dat deze werkwijze zeer vruchtbaar is. Vanaf 1969 geeft Ricoeur afwisselend colleges in Frankrijk en in de Verenigde Staten. Voordat Ricoeur met zijn eredoctoraat in de Paris-Express kon stappen, moest hij wel flink met de handen uit de mouwen. "Voor wat hoort wat", dachten de filosofen en zij organiseerden een groot Ricoeur-feest, dat drie dagen duurde. Er waren meerdere gelegenheden om de meester te horen spreken en iedereen mocht hem belagen met eigen opmerkingen, vragen, hypothesen en interpretaties. TH8 begaf zich ook onder de vierende filosofen. Ronald Jeurissen en Tom Mertens waren enigszins vertrouwd met het werk van Ricoeur. Op de ochtend van de erepromotie hadden ze een interview met hem. Over zijn werk, de stand van zaken in de filosofie en over 'de toestand in de wereld'. Een boeiend gesprek met een man die veel weet te vertellen.
nterview met Paul Ricoeur combinatie van doceren en schrijven ook weerspiegeld, wat ik schrijf is meestal vrij didactisch opgezet". U zegt dat u een boek over de narrativiteit voorbereidt, maar in uw vorige boek, la Métaphore vive, wordt een studie over de hermeneutiek aangekondigd. Is dat plan vervallen, doorkruist door nieuwe prioriteiten zoals dat al vaker in de ontwikkeling van uw gedachten is gebeurd? Ricoeur: "De zaak is inderdaad wat anders gelopen dan ik dacht. Het boek over de narritiviteit heeft zich uitgebreid in een richting die ik niet had voorzien. Het gaat niet alleen over de structuur van de narritiviteit, voor een belangrijk deel is het een theorie van de tijd geworden. Mijn aandacht is in zekere zin helemaal opgeslokt door het probleem van de tijd. Het is ook een bijzonder gecompliceerd onderwerp. Je moet een weg vinden in
de theorieën over de tijd uit de fysika en andere wetenschappen, en het is mijn bedoeling om dit wetenschappelijk tijdstip te vergelijken met wat ik " d e menselijke t i j d " noem. Tijd is enerzijds de chronologische objectieve tijd, zoals die wordt geregeerd door de loop van de planeten, maar daarnaast is het ook de verwachting van de toekomst, de herinnering aan het verleden en het bestaan in het heden. Hier manifesteert zich onze persoonlijke, menselijke ervaring van de tijd. Een van de belangrijkste hypothesen van het nieuwe boek is nu dat de narratieve aktiviteit een aantal benaderingen van de tijd verzamelt, die in het wetenschappelijke tijdsbegrip zijn losgelaten. Anders gezegd: het narratieve is een exploratie van de menselijke tijd. De ontdekkende funktie die ik hier aan het verhaal toeschrijf komt trouwens overeen met wat ik in mijn vorige boek beweer
"Ik zie dat er een breuk is tussen de politieke praxis in onze politieke democratische systemen en de nieuwe utopieën, zoals de vredesbeweging". Wat u zegt over de tijd doet sterk denken aan het tweede deel van Heideggers Sein undZeit. Heeft u deze analyse van de tijd in uw studie opgenomen? Ricoeur: " O , ja, Heidegger speelt een heel grote rol. Ik put in Temps et Récit vooral uit drie filosofische teksten: het elfde boek van Augustinus' Confessiones, dat over de tijd gaat; Husserls lezingen over de innerlijke ervaring van de tijd en tenslotte Sein und Zeit". In zekere zin heeft u misschien ook al in eerdere werken over de tijd geschreven, ik denk aan de archeologie en de teleologie van het subjekt, zoals dat in uw boek over Freud en in de bundel Ie Conflit des Interpretations is uitgewerkt. Het subject heeft een verleden en is daardoor op allerlei manieren gebonden, bijv. aan zijn kinderjaren wat Freud sterk heeft benadrukt. Maar het heeft ook een toekomst en daardoor een moment van onbepaaldheid en vrijheid. Heeft de "menselijke tijd", waar het in uw nieuwe boek over gaat, hier nog iets mee te maken of is er sprake van een heel andere benadering? Ricoeur: "Er zijn inderdaad een paar belangrijke verschillen. Bij wat ik destijds schreef over de archeologie en teleologie van het subject ging ik sterk uit van het geïsoleerde individu met zijn persoonlijke ontwikkeling. Maar een van de funkties van het verhaal is nu juist het handelen van het individu te plaatsen binnen de interaktie met anderen. Daarom laat ik de termen archeologie en teleologie voortaan maar liever achterwege. Hier komt nog bij dat het begrip teleologie de suggestie wekt dat er een vooruitgang zou zijn van de geschiedenis en van de cultuur in de richting van een welomschreven doel. Dit is precies de positie van Hegel, waarvan ik mij in het nieuwste boek probeer los te maken. Hegels filosofie van de geschiedenis is nauw verbonden met het individu, maar ik betwijfel sterk of er ook sprake is van vooruitgang in de geschiedenis; heel onze cultuur wijst tegenwoordig eerder op het tegendeel". Dat klinkt wel wat minder optimistisch dan wat u 25 jaar geleden in Histoire et
vervolg op pagina 6 2 december 1982
FILOSOFIE
vervolg van pagina 5
Paul Ricoeur Vérité heeft geschreven. U bekende toen dat uw filosoferen werd geleid door een intuïtie van eenheid, in de filosofie en in de geschiedenis. Deze intuïtie werd gevoed door de christelijke eschatologie, de hoop op een uiteindelijke voltooiing en eenwording van de geschiedenis. Is dit 'pessimisme' misschien ook de reden waarom u tegenwoordig zo weinig over politiek schrijft, wat u vroeger toch veel heeft gedaan? Ricoeur: "Zeker, ik ben minder optimistisch. Maar vergeet niet dat ook de politiek heel anders is geworden. De aard van de politieke problemen is voor filosofen sterk veranderd. Een van de centrale politieke en sociale vraagstukken van dit moment is het tanende geloof in de instituties en de plaats van instituties in het sociale leven. Maar het belangrijkste politieke thema lijkt me steeds meer dat van de macht te zijn. Ik weet niet of ik daar nog wel een antwoord op heb. Toch heb ik de laatste tien jaren wel een aantal artikelen geschreven die gedeeltelijk over politieke en sociale problemen gaan. Het zijn vooral teksten over het thema ideologie en utopie, verspreid uitgegeven en niet erg bekend, maar ze zullen worden verzameld in een bundel die het vervolg op Ie Conflit des Interpretations moet worden Texte et Action zal die bundel gaan heten, hij komt volgend jaar uit. Ik moet echter toegeven dat ik me steeds minder in staat voel om de theologie van de hoop, om het zo maar te noemen, te verbinden met een reflektie over de feitelijke gang van de geschiedenis. De link zal hier vooral bij de utopie moeten liggen, deze speelt een steeds groterere rol in mijn filosofie. Het is het gewicht van de utopie op onze politieke activiteit, dat nu de hoop vertegenwoordigt. Maar ik zie ook dat er een breuk is tussen de politieke praxis in onze democratische systemen en de nieuwe utopieën. Daarom zijn ze ook marginaal, vooral vertegenwoordigd door jongeren, zoals in de vredesbewegingen en in de ecologische groeperingen.
" H e t is verbijsterend o m te zien dat zoveel mensen in Oost-Europa g e b u k t gaan onder de onvrijheid, t e r w i j l w i j In het w e s t e n helemaal niets doen met onze vrijheid en in zekere zin zelfs de vrijheid verspillen". Dezelfde ontwikkelingen zie je in de Verenigde Staten waar de jeugd is gedepolitiseerd tot een nivo dat men zich in Europa helemaal niet kan voorstellen. De Amerikaanse jeugd staat compleet wantrouwend tegenover het politieke systeem. Wanneer je kijkt naar de ontgoocheling van het communisme, het verloren vertrouwen in de geavanceerde industriële samenleving, het onvermogen van de industrie-landen om de derde wereld te helpen en het dreigende bankroet van de derde wereld, dan zie ik geen teken van vooruitgang meer. Ik denk dat de gehele wereldeconomie gevaar loopt. De communistische wereld, de kapitalistische wereld en de derde wereld staan
Tilburgs Hogeschoolblad
alle drie op verlies. Dit hele triangulaire systeem bevindt zich in een neergaande spiraal en er zijn geen plannen voorhanden om het te redden. Ik ben ook bang dat het ekonomische programma van de Franse socialistische regering wel eens zou kunnen falen. In termen van wereldpolitiek en wereldeconomie loop ik dus eigenlijk vast. Het is ook verbijsterend om te zien dat zoveel mensen in OostEuropa gebukt gaan onder de onvrijheid, terwijl wij in het Westen met onze vrijheid niets doen en in zekere zin de vrijheid zelfs verspillen. Om kort te zijn ben ik inderdaad zeer pessimistisch. Een zinvolle politieke praktijk kan volgens mij alleen nog bestaan in een krachtig reformisme, uitgevoerd door competente mensen en bezield door een utopie. Maar hervormingen vereisen grote moed. Je merkt dat ik het woord revolutie liever vermijd; ik denk dat we al te veel over de revolutie hebben gesproken. Hervormingen zijn veel moeilijker dan revoluties. Vaak is de revolutie een straf voor het verzuimen van tijdige hervormingen, die veel meer moed vergen.
" I n A m e r i k a blijf ik spreken over de politieke vera n t w o o r d e l i j k h e i d van de intellectuelen, maar hier in Europa ben ik meer t e r u g houdend o m d a t ik denk dat w e te ver zijn gegaan". Volgens mij hebben de Franse intellectuelen een fout gemaakt door veel te veel over politiek te schrijven. Na de tweede wereldoorlog had iedereen het daarover en hoe vaak hebben ze zich niet vergist, toen ze schreven over de ontwikkelingen van het communisme, de revolutie in de derde wereld, China? Ik denk dat we sober moeten zijn, " n ü c h t e r n " zoals de Duitsers zeggen. In Amerika blijf ik wel spreken over de politieke verantwoordelijkheid van de intellectuelen, ik geld daar dan ook als zeer politiek, maar hier in Europa ben ik meer terughoudend omdat ik denk dat we te ver zijn gegaan". Is het pessimisme t.a. v. de eenheiden de vooruitgang niet ook van toepassing op
Prof. Dr. Paul Ricoeur Paul Ricoeur werd in 1913 geboren. Op twintigjarige leeftijd behaalde hij zijn licentie In de filosofie. Tijdens de tweede wereldoorlog was hij militaire krijgsgevangene. In 1950 verkrijgt hIJ de doctorsgraad. HIJ was achtereenvolgens hoogleraar in de geschiedenis van de filosofie te Strassbourg, te Parijs aan de Sorbonne en te Nanterre. In de zeventiger Jaren doceerde Ricoeur de ene helft van het Jaar in Chicago en de andere helft aan de Sorbonne en de Leuvense universiteit. Ricoeur heeft reeds lang zijn pensioengerechtigde leeftijd bereikt, maar Is nog steeds actief. Het Is niet doenlijk een literatuurlijst te geven van de vele boeken en de honderden artikelen die van zijn hand verschenen zijn. De boeken van Ricoeur zijn In vele talen vertaald. De wijsgerige traditie waarin hij zich
Ricoeur: Het gaat erom de bronnen in de menselijke ervaring te ontdel<ken die roepen om taal. Op deze manier begin je niet bij de taal, maar je gaat naar de taal toe. de recente ontwikkelingen van de filosofie in Europa; die vertoont immers steeds meer kenmerken van desintegratie? Ricoeur: "Zeker, vooral wanneer je de Europese filosofie vergelijkt met de Amerikaanse is het verschil heel markant. De analytische filosofie in de engelstalige wereld lijkt in zekere zin op de filosofiebeoefening in de middeleeuwen: iedereen werkt min of meer aan dezelfde projekten. Men korrespondeert met elkaar over welomschreven problemen, bijv. de referentie van de taal of de ontwikkeling van de modale logica. Die samenwerking geeft een gevoel van eenheid; dezelfde voor wordt met vereende kracht steeds dieper uitgespit. In Europa daarentegen heeft iedere filosoof zijn eigen afgezonderde werkterrein, en in Frankrijk wordt het isolement van de filosofen groter en groter. Het gevolg is dat de filosofische begrippen in allerlei verschillende kontexten worden gebruikt, waardoor de lezer de draad kwijt raakt. Filosofische teksten worden steeds minder leesbaar. De desintegratie onder filosofen neemt toe en ik denk dat de filosofie hierdoor werkelijk in gevaar is. Je ziet wel dat er momenteel een doorbraak is van de angloamerikaanse filosofie in Europa, wij staan onder de druk van die filosofie." uitdrukkelijk plaatst Is die van de reflexieve filosofie. Het gaat In deze traditie om de bezinning van het Ik, het subject, dat zich langs vele w e gen, zijpaden en vooral ook dwaalw e g e n , ontwikkelt en ontplooit. Ook als is de mens volgens Ricoeur oorspronkelijk goed, hij Is toch vooral door het kwaad van zijn authentieke bestaansverlangen vervreemd. Ais christelijk filosoof meent hij ook, dat de filosofie niet zonder meer aan het christelijk kerygma voorbij kan gaan. Ricoeur is een maatschappelijk geëngageerd filosoof. Het probleem van het kwaad dat hem boeit, betreft ook de economische, sociale eri politieke structuren. HIJ heeft dan ook stelling genomen in actuele politieke vraagstukken als de koude oorlog, foltering, militarisering, de Hongaarse opstanden enz. Hij is niet slechts een kamergeleerde, maar zet zich ook actief in voor zijn studenten, getuige zijn optreden bij de studentenonrusten in de zestiger Jaren te Parijs en Nanterre. (Uit het lustrumprogramma)
Uw eigen streven is altijd geweest om de filosofie tot eenheid te brengen, om verscfiillende tiermeneutieken te integreren tot één projekt. Zijn er andere filosofen die zich ook met deze taak bezig houden? Ricoeur: "Ik heb wat dit betreft grote bewondering voor Karl - Otto Ape! en voor Habermas, die beiden proberen om de sociale wetenschappen te verenigen met de taak van de hermeneutiek. Maar laten we even terugkeren naar de oorsprong van de hermeneutiek. Die is ontstaan uit de bijbel-exegese en heeft zich gaandeweg uitgebreid tot een algemene tekstinterpretatie en tenslotte tot een hermeneutiek van heel het menselijk handelen en van de interaktie; mijn boek over de narrativiteit hoort ook thuis in deze uitgebreide hermeneutiek. Maar door de expansie van de hermeneutiek hebben we in de laatste twintig jaar misschien een te grote nadruk gelegd op het probleem van de taal. Natuurlijk is het handelen en samen-handelen van mensen niet denkbaar zonder taal, taal is overal, maar niet alles is taal! Een van de taken van de hermeneutiek is volgens mij om uit de gevangenis van de taal te ontsnappen; de wereld van de taal moet worden verbonden met die van het handelen en van de totale menselijke ervaring. Er moet meer ruimte worden gegeven aan wat geen taal is, maar wel taal nodig heeft. We moeten beginnen bij mensen die iets doen - die lijden, die pijn ondervinden van anderen; hier is iets wat gezegd moet worden. Het gaat er om de bronnen in de menselijke ervaring te ontdekken die roepen om taal. Op deze manier begin je niet bij de taal zoals in de strukturalistische periode, toen men startte bij de hegemonie van de taal en zich afvroeg of er nog wel iets buitentaligs bestond - maar je gaat naar de taal toe. Dit lijkt me de juiste probleemstelling op dit moment. Wat ik dus zou willen zien is een verbinding van de filosofie die begint bij de taal, met de filosofie die begint bij de praxis, in de bundel Texte et Action probeer ik in die richting te werken. Bij de laatste teksten van Habermas zie ik wel iets terug van dit streven. Ik ben zojuist begonnen aan zijn laatste werk, Theorie des kommunikatieven Handelns, een enorm dik boek, kent u het? Ik moet het lezen omdat ik ben uitgenodigd voor een dis-
vervolg op pagina 11 2 december 1982
LUSTRUM
door Twan Geurts fïï
Man, ik was de eerste vrouwelijke minister in dit land
Misschien tiad de Fanfare van de Eeuwigdurende Bijstand tiaar moeten binnenhaien. Dr. Marga Klompé, oo/< wei bijgenaamd de Onzeiievevrouw van Altijddurende Bijstand, ontving vorige weel< een eredoctoraat van de Tilburgse Hogeschool. Zij vond dat 'enig'. Het THB zocht haar thuis op. Een riante Haagse bovenwoning op een steenworp van het Binnenhof. Marga Klompé woont hier samen met haar zus die vandaag de rol van gastvrouw op zich heeft genomen. Klompé maakt op het eerste oog een vriendelijke maar toch ook strenge indruk. (De nieuwe eredoctor, zo schreef haar promotor prof. Stalpers in het lustrumprogram, is een lastige, talentvolle, ideeënrijke, werkdriftige, drijvende, geduldige en liev vrouw). Mijn zelfvertrouwen tegenover deze autoriteit wordt er niet groter op als zij welwillend informeert naar de verschijningsfrequentie van 'dat studentenblaadje van u', waarop prompt de cassetterecorder zijn verdere medewerking weigert. De zus brengt thee en koffie binnen. Het is een grauwe dag. Ondanks de grote vensters zijn de schemerlampen zo vroeg op de middag al ontstoken. Mevrouw Klompé zit klaar voor de ondervraging. Als het aan haar ligt zal dit gesprek niet langer duren dan strikt noodzakelijk. Ze heeft nog wel meer te doen vandaag. "Ik heb de indruk dat mijn eredoctoraat
vooral te maken heeft met mijn politieke werk. En dan met name mijn ministeriële verleden. Al is mijn beleid als minister natuurlijk mede bepaald door mijn religieuze opvattingen. Mijn erepromotor Stalpers heeft een aantal punten voorgelegd aan de commissie van de hogeschoolraad die moest beslissen of ik dat eredoctoraat zou krijgen. En dat zijn allemaal zaken van ministerieel beleid. En helemaal aan het eind heet het dat ik me in de kerk ook nog wel heb beziggehouden. Ik krijg professor Stalpers trouwens vanavond te eten. Ik ken hem nog vanuit de tijd dat ik minister was. We werkten toen vaak samen. Hij is een tijdlang voorzitter geweest van de raad van het jeugdbeleid." Wat betekent het voor U om juist van de Katholieke Hogeschool te Tilburg zo'n eredoctoraat te ontvangen? "Ik heb dat geweldig gewaardeerd. Maar waarom legt u zo de nadruk op dat katholieke? Ik heb ook een eredoctoraat van de universiteit van Leeds in Engeland.. Maar ik vind het fijn hoor. Ik kan ook wel begrijpen dat de hogeschool zoekt naar mensen van hun eigen geloof waar ze iets mee kunnen doen". Hoé hebben uw religieuze opvattingen doorgespeeld in uw ministeriele beleid, zoals U zelf zegt? "Heel in het algemeen kan ik wel zeggen dat ik vanuit mijn religieuze denken een beleid heb proberen te voeren waarin de mens alle gelegenheid krijgt zich te ontplooien. De mens is het kind Gods. God liet zijn zoon mens worden. Daarin ligt voor mij de betekenis van het menszijn. De mens moet zich ontplooien naar zijn talenten".
Marga Klompé is een natuurwetenschapper van huis uit. Haar vader had haar graag in Nijmegen laten studeren, maar daar werd geen scheikunde gedoceerd en zo kwam zij in 1929 in Utrecht terecht, zeker niet tot haar spijt, want zij was erop gebrand om met andersdenkenden in kontakt te komen en ze ervoer dat als een verrijking. U twijfelde aan het nut van het confessionele onderwijs? " N o u , nee, dat niet. Er zijn genoeg ethische vragen waarbij het katholieke geloof en de katholieke sociale leer een belangrijke toetssteen kunnen vormen.. Het is, denk ik, van betekenis dat een land als het onze een of twee centra kent waar vanuit een katholieke achtergrond wetenschap wordt bedreven. Als ik kinderen had gehad, had ik ze zeker naar een rijksuniversiteit gestuurd. Maar ik zou ze wel twee of vier semesters in Tilburg of Nijmegen hebben laten rondneuzen. De discussie over de identiteit van het katholieke onderwijs is erg moeilijk. Maar ik hoop dat men niet tot de conclusie zal komen dat die discussie zinloos is". In 1948 werd Marga Klompé lid van de Tweede Kamer, voor de fractie van de Katholieke Volkspartij. "Ik was nooit een echter partijpoliticus. Ik heb me nooit zo sterk als KVP-er geprofileerd. Ik heb me altijd vooral opgesteld ten dienste van het hele volk".
ïït
aktieve politiek verlaten. Daarvoor had ik twee keer per jaar deelgenomen aan allerlei vertrouwelijke gesprekken. Ik heb toen wel steeds de vraag gesteld: wat haal je met die fusie overhoop? Betekent het geen verlies van identiteit? Maar goed, ik heb die kritiek altijd binnenskamers gehouden. Pas vijf jaar geleden, bij mijn vijfenzestigste verjaardag, heeft expremier de Jong in een artikel over mij in de Tijd onthuld dat ik niets van het CDA wilde w e t e n . " " M a n , ik was de eerste vrouwelijke minister van dit land". Mevrouw Klompé reageert vinnig op de vraag of ze zich in-
vervolg op pagina 11 Marga Klompé
U bent nooit zo 'n warme voorstander geweest van de fusie van uw partij met de ARP en CHU. "Ik heb me zoals gezegd nooit zo met de partijpolitiek bemoeid. In 1971 heb ik de
Prof. Lambers ere-doctor
Het gesprek tussen theorie en praktijk als 'levensvoorwaarde' Een grootmeester van de korte notitie heeft men u genoemd. Dat is juist, maar tevens restrictief. In het besef dat tradities tot het cultuurgoed behoren, geef ik de voorkeur aan een kwalificatie, die Cobbenhagen 29 jaar geleden bij de verlening van het eredoctoraat aan uw leermeester F. de Vries bezigde. Deze kwalificatie is 'mastereconomist'. Zo eindigde professor Van de Klundert zijn rede voor professor H. W. Lambers, die vorige week donderdag het eredoctoraat ontving. Van 1947 tot vorig jaar was Lambers hoogleraar in de staatshuishoudkunde aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Van 1960 tot 1971 bekleedde hij daar zeven keer het ambt van rector magnificus. Ook buiten de universiteitswereld was hij erg aktief. Van de Klundert herinnerde hieraan: "Naast de vele informele contacten hebt u als commissaris van een aantal ondernemingen het onmisbare veldwerk kunnen bedrijven. Het gesprek tussen theorie en praktijk hebt u eens een levensvoorwaarde geTilburgs H o g e s c h o o l b l a d
noemd." Voor Lambers lag daarin de voldoening van zijn economiebeoefening. Hij was onder andere lid van de commissie goede diensten Akzo, commissaris bij Internatio-Müller, Gekro en Hoogovens, en van 1958 tot 1970 voorzitter van de Ministeriële Adviescommissie inzake de wet op de Economische Mededinging. Hiernaast was hij bezig met onderwijs en wetenschapsbeleid. Hij was nauw betrokken bij de herstructurering van het onderwijs, die resulteerde in de Twee-
Fasenstructuur. Lambers hierover: "Ik ben voorzitter geweest van de commissie over de vijf-jaren-studie. Maar ik ben parlementair-democratisch opgevoed: toen eenmaal door het parlement besloten werd dat de studie teruggebracht moest worden tot vier jaar, toen heb ik gezegd: dan zal ik nóg een commissie nemen om voor die vier jaar een opbouw te maken die haalbaar is en tijd overlaat voor andere dingen dan de studie". Lambers' grote voorbeeld was de Amerikaanse econoom John Maynard Clark.
Zijn leermeester in Nederland was professor F. de Vries. Van de Klundert: " U w denken reflecteert op welhaast onnavolgbare wijze de werkelijkheid". En: "door een scherpe waarneming van feiten te combineren met een eenvoudige maar doeltreffende schematiek, bent u erin geslaagd op verschillende gebieden belangrijke bijdragen te leveren, waarvan de moderne wetenschap nog steeds de vruchten plukt". Lambers is ook niet onbekend met de Tilburgse economen: "Ik ken natuurlijk in Tilburg de generaties: ik heb zowel Cobbenhagen, Van Berkum als Van de Ven zien werken, ik heb meneer Bosman, De Vries en Plattel in aktie gezien. En daarin passen dan, als echte analytici, mensen als Van de Klundert, Schouten en Stevers. Maar zij zijn niet alleen voortreffelijke analytici, ook een man als Schouten houdt zich geweldig bezig met wat er met onze economie moet gebeuren om haar werkbaar te maken. Alleen heb ik er altijd een sterkere historische component in zitten". Het leukste werk vond Lambers de doctorale werkcolleges, de scripties en de promoties. "De rest was werk dat je deed, omdat je nu eenmaal bepaalde plichten voor het land voelde. Het contact met de mensen staat dus voorop: je krijgt studenten van 25-26 jaar, dus mannen, die ideeën hadden en vrouwen die ideeën hadden, en die zeiden: ik wil déar een skriptie over schrijven, want ik geloof dat niet. Dét is kostelijk". PP/KB prof. Lambers
2 d e c e m b e r 1982
De m
Het schrijven van een scriptie, stage of onderzoeksverslag vormen verplichte on derdelen van het afstudeerprogramma. Die onderdelen blijicen studenten nogal eens hoofdbrekens te bezorgen. Terwijl er over de problematiek van het schrijven van scripties en verslagen al veel is gepu bliceerd (boeken zoals 'Hoe zet ik mijn gedachten op papier' en 'Hoe schrijf ik een wetenschappelijke tekst voorzien in een ware behoefte' krijgen de voetangels en klemmen bij het literatuuronderzoek minder aandacht. 'Maar wie een sciptie wil schrijven moet eerst beschikken over relevante litera tuur. Tekortschietende bibliografische vaardigheden kunnen leiden tot vertra ging bij het schrijven van een werkstuk, al is in veel gevallen niet bekend hoe groot die vertraging is.' Aan het woord is Mevr. Smeets, bibliothecaris van de So ciale faculteit. 'De doelmatigheid van het zoekproces naar relevante literatuur is sterk afhankelijk van een duidelijke pro bleemstelling. Zonder de leidraad van een probleemstelling loopt het litera tuuronderzoek snel vast in het massa aanbod van boeken en tijdschrijften. Van groot belang zijn bibliografische vaardig heden', zegt Mevr. Smeets. Volgens Mevr. Smeets stelt het onder de knie krij gen van die vaardigheden naar twee kan ten eisen. 'In de eerste plaats moet de student bibliotheekbewust worden. D at betekent, dat hij zich op de hoogte stelt van de aard en omvang van het beschik bare bronnenmateriaal en het ondersc heid weet tussen een auteurs en onder werpencatalogus. Wie bekend is met het bestaan van referaatstijdschrijften, vakbi bliografieën en de Social Sciences Citati on Index heeft minder tijd nodig voor zoekakties en verkrijgt sneller toegang tot toonaangevende literatuur. In de tweede plaats moeten ook docenten bij dragen tot verdieping van bibliografische vaardigheden. Naast aansporingen tot bibliotheekbezoek kunnen zij gerichte bi bliografische oefertingen inlassen in het studieprogram. Binnen de subfaculteit psychologie is men met deze aanpak ver trouwd.' Het tekortschieten van bibliografische vaardigheden verwijst niet naar een spe cifieke afstudeerproblematiek alleen. Een algemener probleem is hier in het geding namelijk: hoe moeten wij omgaan met een uitdijende informatiestroom. Er zijn databanken die in hun geheugen miljoe nen titels van boeken en tijdschriften her bergen. Prikkelend is de vraag of het menselijk denken niet machteloos staat tegenover dit reusachtige aanbod van li teratuur. Mevr. Smeets geeft het volgen de antwoord: "Het aftasten van litera tuur met behulp van gedrukte bronnen zoals kaarten en fiches zal tot het verle den gaan behoren. Naarstig werken bibli otheken aan de verhoging van het ge bruiksvriendelijke karakter van hun infor matiesystemen. In de nabije toekomst wordt het mogelijk om met behulp van computers zoekakties naar literatuur aan zienlijk te versnellen. Op dit moment zijn de kosten van automatische zoekopera ties nogal aan de hoge kant. D e kosten bedragen ongeveer ^150,— per operatie met een opbrengst van om en nabij de 50 titels. Ik ven/vacht, dat de opmars van de informatietechnologie het kostenniveau zal doen dalen. Door het sneller en goed koper beschikbaar komen van informatie kunnen studenten vlotter en tegen lagere kosten aan hun scriptie werken. Tot slot nog dit. Als je geen probleemstelling voor een werkstuk hebt kun je via de lite ratuur wellicht op een idee of een con
Tilburgs Hogeschoolblad
creet onderwerp worden gebracht. Het grasduinen in de bibliotheek kan zeer nuttig zijn'. Pas na het verzamelen van boeken en tijdschriften kan het lezen beginnen. Vooral het schiften, het afzonderen van bruikbare literatuur, trekt een zware wis sel op het inzicht in de stof. Het simpel weg reproduceren van leerstof is ontoe reikend. Men moet de leerstof juist be grijpen om er problemen mee te kunnen oplossen. Onderwijspsychologen spre ken in dit verband van hogere cognitieve vaardigheden. D e verwachting luidt, dat studievertraging optreedt als die vaardig heden te zwak zijn ontwikkeld. D e ge schetste moeilijkheden bij het maken van een werkstuk zijn niet vanzelfsprekend. Er is op preventieve wijze wat aan te doen. D e a fstudeernota van de Sociale faculteit vermeldt suggesties om de pro blemen de baas te worden. D ocenten kunnen hun studenten wat vaker werkstukken laten maken om op die ma nier op concrete wijze aanwijzingen voor verbetering te geven. Verder moeten be geleiders kijk krijgen op de verschillende kenmerken van een goed wetenschappe lijk verhaal en de daarvoor vereiste vaar digheden. Oefeningen in schrijfvaardig heid zouden volgens de nota onderdeel moeten zijn van een semestercursus of seminar. Als studenten in de afstudeerfa se die tekortschietende vaardigheden moeten bijspijkeren vergroot dat het risi co van studievertraging. STAGESBHB^HHMMBI^ Ook tijdens een stage kunnen problemen de kop opsteken die tot studievertraging leiden. 'D e oorzaken van die problemen kunnen uiteenlopen', constateert Fred ürauenkamp, stagecoördinator van de vakgroep klinische psychologie. 'Het komt bijv. voor, dat een stageair er niet in slaagt wetenschappelijke probleemstel lingen en beleidsvraagstukken ineen te vlechten omdat theorie en praktijk niet nauw in elkaar grijpen. Het gevaar bestaat dat stagiaires tijdens hun prak tijkperiode tegen problemen oplopen waarvoor ze geen oplossing hebben. De harde praktijk van de psychotherapie zorgt zo nu en dan voor ontgoocheling. De cliënt met een neurose uit de leerboe ken is niet de cliënt uit de harde praktijk', aldus Grauenkamp, die er verder op wijst, dat er ook wel wrijvingen kunnen ontstaan tussen begeleidende docent en de funktionaris die de student in de prak tijk superviseert. Grauenkamp geeft daarvan een voorbeeld. 'Er kunnen bot sende visies op de stage bestaan. De do cent gaat er bijvoorbeeld vanuit dat de stage net zoals een cursus deel uitmaakt van het leerproces, terwijl de praktijksu pervisor graag ziet dat de stageair zijn handen uit de mouwen steekt en niet te veel theoriseert. Onder die omstandighe den komt van een consequente begelei ding dan bar weinig terecht en de stagea ir betaalt daarvoor het gelag. In pogingen om deze moeilijkheden het hoofd te kunnen bieden kunnen facultei ten voor hun stagelopende studenten te rugkomdagen organiseren. Tijdens die dagen kan een uitwisseling plaatsvinden van ervaringen en komen suggesties ter verbetering van het functioneren ter sprake. Zo nodig kunnen aanvullende vaardigheidstrainingen ervoor zorgen, dat stageaires werkproblemen beter kun nen hanteren. Er vindt ook voorlichting plaats over de 'cultuur' van het werkveld en de eisen die de beroepsuitoefening in dat veld stelt.
•
Grauenkamp vindt het een goede zaak, dat in sta gecontra cten student, docent en stagebiedende organisatie de rand voorwaarden van hun samenwerking vastleggen. 'D e afspraken staan dan zwart op wit. Als de samenwerking spaak loopt en de afspraken niet uit de verf komen kunnen we precies nagaan welke partij zijn verplichtingen niet na komt. D ie informatie heb je nodig om tot een rechtvaardige beoordeling te komen van de aktiviteiten van de student tijdens zijn stage. Met zo'n stagecontract voor kom je, dat een vakgroep eisen stelt die de student in de praktijk niet kan nako men'. Grauenkamp waardeert dat gunstig: "Voorkomen is beter dan gene zen, zeker als het gaat om studievertra ging'.
ISOLEMENTi De eerste jaren van de academische stu die dragen een 'sociaal' ja zelfs massaal karakter. Drommen studenten volgen de zelfde hoor en werkkolleges. Ze zijn on derworpen aan eensluidende tenta menstof. D e onderwijssituatie is nogal homogeen en vormt de voedingsbodem van het wij gevoel onder studenten. Naarmate de studie vordert krijgt het on derwijs een specifieker en persoonlijker karakter. Elke studierichting kent haar ei gen nuancering van leerstof, terwijl te vens sprake is van een differentiatie naar vakken. Dat brengt het voordeel, dat stu denten kunnen werken aan een vakken pakket dat nauw aansluit bij hun per soonlijke belangstelling. Anderzijds werkt de individualisering van de studie een verschraling van contacten met me destudenten in de hand. Studentendecaan Ca rel van Nahuys zegt hierover: "D e enige specialisatie brengt de student op een smal studiepad. D e mogelijkheden tot sociale vergelijking, het zich meten met de ander, neemt af. Het gebrek aan gemeenschappelijke er varingen draagt bij tot het isolement. Er zijn ook minder colleges zodat de klem toon steeds meer op zelfstudie komt te liggen. Onder die omstandigheden kom je er als student niet meer zo snel achter dat je studie stagneert en dat je steeds verder bij de hoofdmacht wegdrijft." Van Nahuys beschrijft nauwgezet wat er dan gebeurt: "Soms kom je er pas na maanden achter, dat je behoorlijk in je studie bent verdwaald. Je probeert nieu we contacten met medestudenten aan te knopen. Maar je specialisme is een te smalle basis voor intensiever sociaal ver keer. Verder ontdek je dat het mes van het isolement aan twee kanten snijdt. Je medestudenten hebben zich verschanst achter de muren van hun specialisme. Een gemeenschappelijk doel ontbreekt". Deze problematiek die het stempel draagt van isolement en vereenzaming is oplosbaar. 'Studenten kunnen zich aan eensluiten in studie of debatingclubs. Docenten kunnen het proces van samen werking bevorderen door gezamenlijke werkstukken te laten vervaardigen. D oor het werken in koppels en teams ontstaat een kader waarbinnen studerenden de meerwaarde van de coöperatieve aanpak leren ontdekken. D e sociale leerervaring komt ook later in een werkkring goed van pas. Contacten met studiegenoten, de uitwisseling van ervaringen en studietips beïnvloeden de studiemotivatie gunstig. Die motivatie is hard nodig om uit het dal van een inzinking te komen en de draad opnieuw op te pakken als je het spoor naar het afstuderen bijster bent', meent Van Nahuys.
•
eratld afstuderen
B l o e m e n , z w e e t e n tranei\| en afscheidsspeech w a a r i n e e n afstudeerhoogleraari| t wisselend t a l e n t rethori sche registers opentreict. EJi verlegen k a n d i d a a t . D e o n d e r t e k e n i n g v a n i )ul. G e l u k w e n s e n . D a t v o r m t d e omlijsting vji het tafereel d a t iedere s t u d e n t h o o p t m e e t e maken ii ir hij d e H o g e s c h o o l v a a r w e l z e g t . M a a r er zijn studentji die na vele j a r e n s t u d i e d a t " h a p p y e n d " niet meemaM i, Het zijn d e a f h a k e r s die in h e t z i c h t v a n d e haven stii den en w a a r v a n v e l e n m e t stille t r o m uit d e opleiding i rdwijnen. W a t zijn d e l o t g e v a l l e n v a n d e z w o e g e n d e s| lent die het uiteindelijk niet haalt? O p w e l k e klippen loi{| zijn studie n u precies vast? V o o r o p g e s t e l d : d e afstude||roblematiek is w e e r b a r s t i g , v o o r a l o m d a t d e afstudeeiw zoveel u i t e e n l o p e n d e indi v i d u e l e a c c e n t e n k e n t . De ■ schrijft e e n scriptie. D e a n der l o o p t s t a g e of neemt ilii aan een o n d e r z o e k . W e e r e e n a n d e r torst d e loodzwi m e t e e n studie Zijn er m a a t r e g e l e n t e bedi deerpri K a n e e n b e t e r e regeling vi ren u i t k o m s t brengen? Hoei e e n s t e v i g e basis leggen i v a n s t u d i e a k t i v i t e i t e n ? Wal afstudeerovereenkomst? s e u r s , f a c u l t e i t e n e n stui laatste loodjes m i n d e r z m i d d e n p a g i n a zal nader op t e r w i j l v o o r t s e n k e l e stemi g
last van e e n w e r k k r i n g die mbineerd w o r d t , jen die inspelen o p d e a f s t u matiek? ifspraken o v e r h e t a f s t u d e met w e l k e personen k u n j e een d o e l m a t i g e p l a n n i n g het praktische n u t v a n e e n Ike rol k u n n e n s t u d i e a d v i tendecaan s p e l e n o m d e te laten w e g e n ? O p d e z e e vragen w o r d e n i n g e g a a n , uit de p r a k t i j k w o r d e n af
HET DILEM M A a i M H ^ M H ^ Het gevaar van studievertraging doemt ook op als de studie met een werkkring gecombineerd moet worden, vooal als een helder besef ontbreekt van de knel punten die daarbij kunnen optreden. Ver wikkelingen ziet men dan gemakkelijk over het hoofd. Wa lter Aarssen, studie adviseur bij de theologen put uit erva ring: "Theologiestudenten met een kan didaatsdiploma bezitten een tweede graads onderwijsbevoegdheid. Het vin den van een baan in het catechese on derwijs vormt nog geen enkel probleem, daar er juist sprake is van een nijpend te kort aan leerkrachten voor dat vak. Heeft men het docentschap eenmaal aanvaard dan oefent de schoolleiding druk uit om het aantal lesuren uit te breiden. De sala risvooruitzichten zijn in vergelijking met een studiebeurs aantrekkelijk maar .. je bent slechts in het bezit van een kandi daatsdiploma. D at kan je opbreken want als het even tegenzit meldt een leerkracht met een eerstegraads bevoegdheid zich aan. Je moet je onderwijsbaan dan aan die leerkracht prijsgeven en je staat op straat. Terugkeer naar de collegebanken na maanden of jaren maakt snel duide lijk dat er inmiddels een grote studieach terstand is gegroeid. Het gevoel weer van voren af aan te moeten beginnen voegt een extra dimensie toe aan de ont moediging. Baan en inkomen ben je kwijt en je studie zit in een slop'. Studieadviseurs erkennen, dat de positie van werkstudenten kwetsbaar is. Het is verre van gemakkelijk om een werkkring te hebben naast een studie. Er is sprake van een situatie waarbij conflicting claims' beslag leggen op beperkte tijd. Marius va n Boxmeer, studieadviseur bij de sociologen beschrijft de spanningen die daaruit voorvloeien als volgt: 'Legt de werkstudent het zwaartepunt bij zijn werk dan kan de studie in de knel komen. In het omgekeerde geval knaagt de stu die aan de inzet op het werk. Onder druk van dat dilemma moeten werkstudenten hun leven organiseren naar een Spar taanse tijdsindeling. Als ze zich willen handhaven is er weinig tijd voor ontspan ning. Om aan marginale eisen van de stu die te voldoen moeten werkstudenten re kenen op ongeveer 25 uur. Een studie werkweek van 70 tot 80 uur is geen uit zondering bij een fulltime baan. Werkt men in deeltijd dan wegen de loodjes uit eraard minder zwaar'. Naarmate het aantal werkstudenten stijgt groeit bij faculteiten en vakgroepen meer begrip voor de preca ire positie va n v\/erkstudenten in het universitaire onder wijsbestel. Ervaring met en kennis van de problemen van werkstudenten verdiepen de know how in de studieadvisering. Van Boxmeer is bepaald niet pessi mistisch: 'in overleg met student, docent en examencommissie hebben we veel werkstudenten veilig naar het afstuderen kunnen loodsen. Uiteraard willen we ook dagstudenten behulpzaam zijn'.
UITSTELLEN i ^ ^ ^ H H i Mi Mi Het aanvaarden van een werkkring voor het afstuderen is niet zonder gevaren. Omgekeerd zien we, dat studenten het afstuderen uitstellen in verband met slechtere kansen op een vlotte beroep sinvoeging. Bij die beslissing speelt de overweging een rol, dat het taktischer is om te solliciteren als bijna afgestudeerd student dan als werkloze academicus. Het klinkt beter als je in het sollicitatie gesprek kunt zeggen dat je studie op een haar na is vervild dan te moeten melden
dat je al maanden vergeefs op zoek bent naar een baan. Uitstel van afstuderen is een kunstma tige vorm va n studievertra ging uitgelokt door een stagnerende ar beidsmarkt. Vrijwilligerswerk en onbe taalde arbeid ziet men wel als pogingen om uit het gedwongen nietsdoen te ont snappen. Er zijn redenen om deze uit nood geboren suggesties niet op voor hand af te wijzen. Er ontstaat om te be ginnen een breuk met een onregelmatig studentenbestaan terwijl men tevens kansen schept om alvast enige werkerva ring op te doen. Op de keper beschouwd is dit uitproberen van schaarse mogelijk heden geen oplossing voor de verkapte werkloosheid onder academici maar wel een alternatief voor het bij de pakken neerzitten. Zo komt het voor, dat de af gestudeerde zijn eerste beta a lde baan pas verwerft na een bonte rij arbeidserva ringen in stage, vrijwilligerswerk of tijde lijke werkkring met een zwakke rechtspo sitie. Helaas sluit de dagelijkse praktijk van de personeelswerving niet aan bij de ze nieuwe vormen van arbeidsmarktge drag. De eisen die in personeelsadverten ties aan kandidaten worden gesteld zijn vaak buitengewoon pittig. Selectiecom missies laten in de vacaturestelling duide lijk merken dat ze op zoek zijn naar kandi daten mét ervaring. Sollicitanten die slechts kunnen bogen op een brokkelig arbeidsverleden lijken er niet meer aan te pas te komen. Maar voor veel jonge academici is het vinden van een werkkring juist een kwestie van vallen en opstaan. Een (nog) niet afgestudeerde student verwoordt het als volgt: "Ze zijn op zoek naar het schaap met de vijf poten. Ik wil de kat nog even uit de boom kijken want als je eenmaal hier uitgeschreven bent moet je pakken wat je krijgen kunt. D at vergroot het gevaar van een foute be roepskeuze".
STUDIESANERING 7SiM»!s»^ig«^ii^^w^3 Studievertraging kan samenhangen met het niet kunnen voldoen aan de eisen van een tentamen of onderdelen van het stu dieprogramma. Ook het ontbreken van een studieplan kan remmend werken op het studietempo. Drs. J. Pijnenborg, stu dieadviseur van de economische faculteit zegt hierover: "Het komt voor, dat stu denten eerst alle tijd en zorg besteden aan het schrijven van een scriptie en het afleggen van tentames op het tweede plan plaatsen. In dat geval begint de stu dent als het ware met een kennistekort aan zijn scriptie. Als maanden later het tentamen moet worden afgelegd dienen de problemen zich aan. Het zicht op ac tuele tentameneisen is verloren. D at ver kleint de kans op een voldoende en ver groot het gevaar van gedwongen herkan sing. D it in omgekeerde volgorde afwer ken van studieverplichtingen kan juist daardoor een aanzienlijke vertraging opleveren. Verder komt het voor, dat doctoraalstudenten voorrang geven aan het wegwerken van een studieach terstand uit de kandidaatsfase. Maar als je op die manier schoon schip maakt met je studieachterstand moetje de studielast voortdurend voor je uitschuiven". Studenten die vastlopen in hun studie kunnen zich wenden tot de studieadvi seur. D eze zal in nauw overleg met stu dent, afstudeerbegeleider en faculteit een sa neringspla n voor de vastgelopen studie opstellen. Drs. Pijnenborg: "Doel is het voorkomen van een opeenhoping van studieverplich tingen door het afleggen van 'oude' ten tamens volgens een overeengekomen
werkschema met termijnregeling. Zono dig vinden in het kader van de aange paste regeing nieuwe bijstellingen plaats. Dat biedt de mogelijkheid om een soepel antwoord te geven op een dynamische problematiek. Als de student er na her haalde pogingen niet in slaagt om 'de trein op de rails te zetten' dan moet hij vaststellen dat de achterstand definitief is. Dat is met het oog op de maximale in schrijvingsduur van 6 jaar geen prettig vooruitzicht". Drs. Pijnenborg werkt cliëntgericht. Wat betekent dat nu in de praktijk? Pij nenborg: "In studieadviezen wegen indi vTduele moeilijkheden èn mogelijkheden mee. Een werkstudent die verstrikt raakt in zijn literatuurscriptie kan de raad krij gen om de probleemstelling van zijn werkstuk af te stemmen op de werkin houd van zijn functie. In dat geval kan de werkkring als lanceerbrug fungeren voor een probleemstelling voor het werkstuk. Het komt echter ook voor, dat de student het besluit neemt om de studie te staken. Zo'n beslissing biedt uitkomst als met de beste wil van de wereld geen studie resultaat meer te verwachten is". Naast persoonlijke op maat gesneden ad viezen geven studieadviseurs ook wel al gemene adviezen. Het gaat dan om raad gevende informatie die voor bepaalde studentenlichtingen van belang is of die is afgestemd op een bepaalde problema tiek zoals bijvoorbeeld de combinatie studiewerk, de samenstelling van een vakkenpakket binnen een studierichting en het onderzoek naar de oorzaken van studievertraging. Verder bestaat de mo gelijkheid studenten op de hoogte te stel len van doelmatige methoden van studie planning etc. Toch komt het nogal eens voor, dat studenten met stille trom uit de opleiding verdwijnen. In die gevallen van koude sa nering krijgen studieadviseurs geen zicht op de motieven die met stu dievertraging en staking samenhangen. Hooguit bestaat de mogelijkheid om door navraag of via de weg van horen zeggen alsnog te achterhalen waarom de studie strandde.
H
Privacy overwegingen kunnen echter lei den tot een terughoudende opstelling op dit punt. Ton va n den Bra a k, onder wijsmedewerker bij de psychologen is van mening, dat je je niet indringend moet mengen in beslissingen van stu denten waaraan vaak strikt persoonlijke overwegingen ten grondslag liggen. Van den Braak: "D e studieproblemen van studenten verdienen aandacht, maar ik wil er wel op wijzen, dat studievertraging en uitval nooit helemaal zullen verdwij nen. Welke maatregelen je ook neemt er zullen altijd studenten zijn die afhaken. Dat is een hard gegeven."
GBJECTIVITEITaHiiMHMiHH^ Het onderwijsleerproces tijdens de afstu deerfase bevat talrijke subjectieve mo menten. Karakters drukken hun stempel op aard, kwaliteit en vruchtbaarheid van de samenwerking tussen docent en stu dent. Daarnaast spelen taak en rolopvat tingen van beiden een rol. Welke begelei ding kan en wil de docent geven? Welke inspanningen moet de student zich ge troosten? Past de werkstijl van de docent bij de aanpak van de student? Lopen we tenschapsopvattingen gelijk of nemen beiden botsende standpunten in? In het ongunstigste geval kunnen irritaties uit lopen op openlijke conflicten. Marius van Boxmeer hierover: 'Docenten en studen
vervolg op pagina 10 2 decennber 1982
vervolg van pagina 9
De laatste loodjes ten doen er goed aan hun intenties, zienswijzen en verwachtingen in afspraken vast te leggen. Er ontstaat een basis waarop praktisch l<an worden verder gebouwd. De volgende stap bestaat uit het ontwerpen van een werkplan dat niet alleen een logische ordening van studieverplichtingen bevat maar ook een raming geeft van de beschikbare tijd. Beide factoren bepalen de inspanningen die de student moet leveren om aan de gestelde eisen te voldoen. Een werkplan kan globaal de verhoudingen tussen docent en student regelen al komt het ook voor, dat het werkplan meer uitgewerkte bepalingen bevat die de inbreng van en de communicatie tussen beiden aan strakke regels bindt. Kortom: er vindt een objectivering van de onderwijssituatie plaats'. Tijdens de uitvoering van het werkplan kunnen onvoorziene veranderingen optreden die minder goed passen binnen eerder gemaakte afspraken. Een plotselinge tegensJag of het verschijnen van nieuwe literatuur kunnen dwingen tot bijstelling van het werkplan. Bestaat zo niet het gevaar dat er teveel geregeld wordt? Carel van Nahuys denkt daar nuchter over: 'Kijk 'ns, die afspraken en werkplannen schetsen de contouren van een gedragscode voor docent en student die korte metten kan maken met vaagheid en onduidelijkheid. De objectivering van de afstudeerfase dient echter meer te bieden dan een nieuw organisatorisch kader naast de vele reeds bestaande kaders. Het gaat ook om het tot standbrengen van een nieuwe stijl van samenwerking waarvan de planmatige sturing van het afstuderen op basis van de actieve inbreng van de student een opvallend kenmerk is.'
De geschetste ontwikkeling schept gaandeweg meer beleidsruimte voor experimenten met afstudeerovereenkomsten. De afstudeerovereenkomst is een tweezijdige overeenkomst waarbij de ene partij, de student vooraf overeengekomen studieprestaties moet leveren terwijl de andere partij, de docent de begeleiding op zich moet nemen. Marius van Boxmeer W\\sX op een belangrijk voordeel van de afstudeerovereenkomst: 'Student en docent leggen hun rechten en plichten schriftelijk vast. Dat geeft naar beide kanten toe meer zekerheid. Als de student de bepalingen van de overeenkomst niet nakomt, hij levert bijvoorbeeld geen tekst of onderzoeksmateriaal in of verschijnt niet op werkbesprekingen, dan heeft de docent de bevoegdheid om verdere begeleiding te weigeren. Blijft de docent in gebreke dan kan de student hem daarop aanspreken. Qarel van Nahuys signaleert een tweede voordeel: 'Het afstudeercontract geeft een aanzet tot regeling van de rechtspositie van de student. Dat betekent een afstand nemen van de huidige situatie die zo nu en dan een feodaal stempel draagt de student wikt, maar de docent beschikt'; Van Boxmeer en Van Nahuys waarschuwen echter voor een overtrokken regelgeving van de afstudeerfase. Dat kan leiden tot een vlucht in bureaucratische procedures. Als je alle afstudeerperikelen probeert te vangen in regels om ze op te lossen, roep je het gevaar op van verstarring. Daarnaast bestaat het risico, dat er een verschuiving optreedt van de onderwijskundige naar de juridische aspecten van het afstuderen. Verder garandeert een afstudeerovereenkomst nog geen prettige samenwerking tussen student
en begeleider. Naar de mening van Carel van Nahuys zit de meeste winst van de afstudeerovereenkomst in een verduidelijking van relaties tussen student en docent. Er vindt een verduidelijking van de leersituatie plaats en de partijen die daarbij betrokken zijn geven zich rekenschap van de factoren die daarbij van belang zijn.
AFSTUDEEROVEREENKOMST
^^m
De drieslag: heldere afspraken, werkplannen en afstudeerovereenkomst markeert de weg van een nieuwe beleidsontwikkeling. Ook faculteiten en vakgroepen zullen hun inzichten met betrekking tot de afstudeerproblematiek moeten verduidelijken. Van Boxmeer zegt hierover: 'Die verduidelijking kan plaatsvinden in afstudeernota's waarin faculteiten de randvoorwaarden vastleggen voor de organisatie van de slotfase van de academische studie. Binnen die randvoorwaarden kunnen vakgroepen en studenten hun afspraken regelen. Daarmee leg je in de organisatie een basis voor afstudeerovereenkomsten. Welke onderwerpen
Hogeschool tapt uit ander vaatje "Na het bier beginnen ook de hersenen te gisten" Er bestaat in Nederland maar één echt trappistenbier: La Trappe. En, zegt brouwmeester Vermeer, dit unieke abdijbier wordt alleen gebrouwen door "De Schaapskooi" in het Trappistenklooster bij Moergestel. Glunderend van trots staat hij te praten voor ongeveer tachtig personeelsleden van de hogeschool. Vermeer is uitgenodigd door de personeelsvereniging om de Trappistenbieravond onder leiding van bier-hobbyist Rob van Rookhuyzen op te luisteren met zijn kennis van het brouwen van La Trappe. Omdat de opkomst onverwacht groot is, vindt de ontmoeting plaats vóór kollegezaal C-40. Onwennig onder het bleke licht dat op de stenen muren valt, zitten de genodigden in spanning aan tafeltjes met opengeklapte parasols. In het midden brandt een kaarsje en op de tafel staat 'n originele Trappistenbokaal met daarnaast het flesje Trappe. Vanaf het projectiescherm duikelen de eerste verstilde plaatjes van kloostermuren, lachende broedergezichten en veelkleurige biermerken de hal binnen. Een videofilmpje toont ons een bruine broeder in de tuinen van het trappistenklooster "Onze Lieve Vrouw van Koningshoev e n " . Daarbinnen, in de bierbrouwerij de Schaapskooi wordt sinds 1884 trapTilburgs H o g e s c h o o l b l a d
pistenbier gebrouwen. Niet dat de broeders van 's morgens zes tot 's avonds negen met het bierschuim in de baard door de kloostertuin strompelen: Bier brouwen is een serieus ambacht. Reeds in 3400 vóór Christus werd het eerste bier gebrouwen in Egypte, langs de Nijl. Dat werk werd door vrouwen gedaan. Dankzij het ruige en heidense volk van de Kelten is het bierbrouwen in het oude Europa bekend geworden. Aan het eind van de negentiende eeuw betrokken de trappisten in Brabant de Koningshoeve ten zuidoosten van de dorpjes die later de stad Tilburg zouden vormen. Alvorens met het brouwen van het echte abdijbier te beginnen, stuurde de abt 'n monnik naar München om 't vak te leren. Na 'n jaar keerde hij, boordevol kennis terug. Weer geheel nuchter nam hij de leiding van de brouwerij op zich. Tot aan de Tweede Wereldoorlog groeide de bierproduktie gestaag. Daarna liep in geheel Nederland de bierafzet sterk terug. Om de bevolking in de naoorlogse jaren weer enthousiast te maken voor het bier, startten de Nederlandse brouwerijen 'n campagne met de leus 'Het bier is weer best'. De bierverliefde personeelsleden luisteren aandachtig naar de uiteenzettingen van Vermeer en van Rookhuyzen. Hier en daar schuimt het bier al in de glazen. We vragen ons af of in deze kale omgeving ooit de vereiste rokerige sfeer van de donkerbruine
.OESHAAPM"
ÏRAPPISTEnBlER
-A TRAPPE bierlokalen kan worden opgeroepen. Brouwmeester Vermeer is daar blijkbaar niet bang voor. Deze rappe prater - en drinker - afgestudeerd aan de Hogere Agrarische School en gespecialiseerd in de drankentechnologie, lardeert zijn technische uiteenzettingen met smeuïge bijzonderheden. La Trappe doet wonderen. Iedereen heeft z'n glas al half leeg. Men wordt loslippiger. Grote stapels abdijbrood, belegd met twee soorten
kunnen in zo'n afstudeernota aan de orde komen?', vraagt Van Boxmeer zich af en hij geeft zelf het antwoord: 'In de eerste plaats de doelstellingen van het afstudeerjaar. Verder is van belang een precieze beschrijving van de eindtermen al naar gelang sprake is van deelneming aan een onderzoeksprojekt, stage of literatuurscriptie. Als vakgroepen hun onderzoeksterreinen nauwgezet afbakenen dan kunnen studenten beter aangeven welk aandeel zij in het kader van hun afstuderen voor hun rekening willen nemen. Ze weten dan ook bij welke docent ze moeten zijn voor begeleiding. In de derde plaats kan een visieontwikkeling op het beoordelen van werkstukken een beter begrip tot standbrengen van de netelige problemen die daarbij komen kijken. Om niet te vervallen in een pennestrijd als partijen het met elkaar oneens zijn is een regeling van geschillen over begeleiding en beoordeling wenselijk. Overigens heeft de afstudeerovereenkomst nog maar een schuchter debuut gemaakt in het hoger onderwijs. Een verdere ontwikkeling vergt nog veel tijd en ^°''9'-
Henk Zomer
kloosterkazen, doen de ronde. Na deze stevige boterham komt er een triple uit Westmalle-.op tafel. Iemand vraagt of Vermeer, gestoken in een vrijetijdskolbert, misschien óók 'n trappist is. Algemeen geschater. Nee, Vermeer prutst aan z'n baard, hij is géén trappist. Brouwmeester zijn .is een ambacht dat van vader op zoon overgaat. "En dat ligt bij Trappisten wat moeilijk!" Behalve het bier beginnen nu ook de hersenen te gisten. De sfeer kan niet meer stuk. Rob van Rookhuyzen kondigt het voortzetten van de bierproeverij aan. Er wordt nu 'n Rochefort Tien uit de Belgische Ardennen geschonken. Aan sommige tafels heerst 'n geanimeerde stemming, aan andere staart men naar de lege bokaal, weggezonken in diep gepeins. Niet iedereen is 'n trappist van zo'n 7 a 8% alcohol gewend. Verdwaalde studenten en overwerkende wetenschappers - bestaan die nog? - die opduiken uit de gangen rondon C-40 en plotseling oog in oog staan met dit Breugheliaanse groepje bierdrinkers, blijven als door de bliksem getroffen staan. Het bovengistend trappist heeft z'n werking niet gemist. Rob van Rookhuyzen sluit de avond af. De meest plichtsgetrouwe bierliefhebbers zetten het bierproeven voort in het personeelcafé. Een goede analyse van de kwaliteiten van "La Trappe" rechtvaardigt immers het gebruik van meer vergelijkingsmateriaal. P.P. 2 december 1982
LUSTRUM
Enig "Ik vind dit een énig besluit". M e vrouw Klompé bleek tijdens het dankwoord bij haar eredoctoraat erg ingenomen met de Tilburgse onderscheiding. Tijdens haar vijf minuten speech stelde zij zichzelf ook de vraag in hoeverre zij door haar beleid heeft bijgedragen aan de vervreemding en eenzaamheid in onze materialistische consumptiemaatschappij. "Ik meen dat mijn beleid er niet toe heeft bijgedragen dat het Ik-tijdperk ( .... ) er is g e k o m e n " . Klompé meent overigens dat het einde van dat Iktijdperk alweer in zicht komt:
vervolg van pagina 7
Klompé dertijd, toen men haar vroeg om minister van IVIaatschappelijk Werl< te worden, niet een beetje lieeft laten gebruil<en als vrouwelijke randversiering in een overigens uitsluitend door mannen bevolkt kabinet. Zoals Smit-Kroes en Schoo nu ook niet in de eerste plaats om hun vakdeskundigheid in de regering Lubbers lijken te zitten. Klompé neemt een duikje in haar persoonlijke geschiedenis om aan te tonen dat zij wel degelijk op grond van haar bestuurlijke kwaliteiten tot het ambt van minister werd geroepen. Vanaf '43 heeft ze zitting gehad als bestuurslid in drie nationale vrouwenorganisaties, in 1948 kwam ze zoals vermeld in de Kamer, in '49 nam ze zitting in de raadgevende vergadering van de Raad van Europa, in '52 werd ze als enige vrouw lid van het Europese Kolen- en Staalparlement. Over haar loopbaan als minister schreef erepromotor prof. dr. J.A. Stalpers in het lustrumprogram van de KHT: "Het is daarom ten tweede van belang te wijzen op de uitzonderlijke invloed die zij als linkse KVP-minister heeft uitgeoefend en die, kort aangeduid, neerkomt op een keuze voor een plannende, zorgende en herverdelende regering, die een beleid ging voeren waarin armoede werd uitgebannen (zie de Bijstandswet van 1965 die de Armenwet verving), waarin sociale zekerheid en bijzondere steun werd gegeven aan kansarme groepen, waarin de welvaart nadrukkelijk tot basis werd gemaakt van een welzijnsbeleid, dat voorzieningen ten dienste van cultuur, sport, recreatie en zorg voor iedereen tot stand bracht. Tegelijk met deze ontwikkeling heeft Marga Klompé begrepen dat een werkelijke samenleving niet door de
Staat kan worden georganiseerd, maar steeds zal moeten berusten op initiatief en uitvoering in de samenleving zelf. Haar ministerie voerde een stijl van beleidvoeren die gekenmerkt werd door overleg, inspraak, bevordering van samenlevingsopbouw". Heeft Marga Klompé in al die aktieve jaren bewust een emancipatie van de vrouw nagestreefd? "Nee, niet echt bewust. Mijn beleid was altijd gericht op de emancipatie van mensen. Van mannen én vrouwen. Ik heb wel vaker geprobeerd om aan de vrouwen meer verantwoordelijke posten toe te schuiven. Dat viel niet altijd mee". "Maar een systematische vrouwenemancipatie, nee, dat was er toen nog niet bij. Ik vind overigens dat er op dat gebied nog veel moet gebeuren. Maar daar zijn veel generaties voor nodig. En ik begin zo hier en daar ook uitwassen waar te nemen van de emancipatie. Het is bijvoorbeeld niet zo dat je alleen maar geëmancipeerd kunt zijn als je voor geld buitenshuis werkt. Je kunt thuis ook geëmancipeerd zijn. De taak van de vrouw in het gezin blijft van grote betekenis. Maar ik geef toe, er moet nog veel gebeuren, ook in de wetgeving".
vervolg van pagina 6
Interview met Paul kussie met Habermas in de States, ik ontmoet hem altijd in Amerika, dat is wel grappig. Je merkt dat Habermas steeds meer wordt aangetrokken door een richting binnen de Amerikaanse linguïstiek die men pragmatiek noemt. Daar gaat het over de taal in het gebruik, de taal wordt opgevat als een onderdeel van het handelen: spreken is doen. Dat lijkt me een goed vertrekpunt." Uw instemming met Habermas is toch een beetje verwonderlijk. Toen u schreef over de diskussie tussen Habermas en Gadamer, in het artikel Hermeneutique en Critique des Ideologies, had u nogal wat kritiek op Habermas, vooral met betrekking tot zijn onderscheid van de drie kennisleidende interessen. U leek toen veel meer geporteerd voor de hermeneutiek van Gadamer. Ricoeur: "Het kan zijn dat die suggestie gewekt is. Maar je moet weten dat dit artikel met opzet zo eenzijdig was. Het is geschreven vanuit een primaire belangstelling voor de hermeneutiek; het ging me om de vraag hoe de hermeneutiek kon overleven na de aanval van de ideologie-kritiek. In andere artikelen heb ik de zaak ook van de andere kant bekeken. De artikelen hierover worden overigens bij elkaar gezet in de bundel Texte et Action.
Tilburgs Hogeschoolblad
Mijn breekpunten met Gadamer zijn heel duidelijk. Gadamer legt te grote nadruk op de traditie, op het voortduren van het verleden, het klassieke. Bij hem ontbreekt de utopische tegenpool, de oriëntatie op de toekomst; het is tezeer het tegenovergestelde van Ernst Bloch. Bij Bloch heb je het principe van de hoop, maar zonder verleden; bij Gadamer zie je het verleden zonder de hoop. Ik begrijp dat ook wel, Gadamer begint immers bij de tekst en teksten zijn erfenissen van het verleden. Maar de waarde van het begrip traditie zie ik heel goed. Het gebrek aan herinnering is een soort ziekte van de moderne tijd, Gadamer heeft dat heel goed gezien. Wij komen in een tijd dat er helemaal niets meer te vertellen valt. De informatie die wij uitwisselen is zo sterk gebonden aan het nu, heeft zo'n korte duur, dat de sporen van het verleden langzaam worden uitgewist. Misschien is dit ook wel een nieuw gevolg van de technologie, de vernieuwing van de technische middelen gaat razend snel en wat verouderd is gooit men weg. Deze ontwikkeling leidt tot een soort verachting van het verleden". Laten we nog eens terugkeren naar de problematiek van de tekst. U heeft zich in het verleden opgeworpen als een verdediger van de subjectsfilosofie en de re-
Na de afsluiting van haar politieke loopbaan heeft Marga Klompé zich met voortvarendheid gestort op het werk in vooral kerkelijke organisaties. Van de vele funkties, nationaal en internationaal, die zij in de loop van de tijd heeft verzameld, begint ze er nu enkele af te stoten. Ze blijft in elk geval voorlopig voorzitter van de Nederlandse Commissie Justitia et Pax. "Gerechtigheid en Vrede. Je kunt wel mooi praten over de ongerechtigheid in Zuid-Amerikaanse landen, maar je moet ook ontvankelijk zijn voor de noodkreten van buitenlanders in je eigen land. Daar hebben wij destijds een zeer kritische nota over geschreven en die is opgepikt door de vrouwenbeweging, de vakbeweging en ook de kerkleiding. Ook hebben wij de houding tegenover ex-gevangenen in onze maatschappij aan de orde gesteld." En u houdt zich nog steeds verre van partijpolitiek^ "Ik heb altijd meer belangstelling gehad voor de beleidsmatige pool van de politiek. En in de functies die ik nu heb, kan ik mijn bestuurlijke ervaring goed te gelde maken". Onze tijd is o m . Dr. Marga
Klompé
flexieve filosofie. In de meeste van uw boeken gaat het over het probleem van de vrijheid versus de gebondenheid van de mens. In het slothoofdstuk van uw laatste boek la Métaphore vive verdedigt u de vrijheid van het filosofische spreken zelf; u heeft het dan over de autonomie van het speculatieve filosofische discours. Daarbij moet u zich echter teweer stellen tegen de tekstfilosofen, zoals men die wel eens noemt, met name Jacques Derrida. Tegenover de autonomie van het filosofisch spreken stelt hij de hegemonie van de metafoor in de filosofie. De filosofie is een geheel van metaforen, betekenisverschuivingen. De filosofische betekenissen en begrippen zijn helemaal niet autonoom en onafhankelijk. Ze hebben een afkomst, zijn op metaforische wijze ontstaan en omdat ze hun afkomst niet ongedaan kunnen maken zijn ze niet zelfstandig. Hoe kunt u desondanks spreken over de autonomie van het speculatieve discours? Ricoeur: " M e t het speculatieve discours bedoel ik het volgende. Het is de taak van iedere filosoof om zich bewust te worden van zijn eigen vooronderstellingen en om de concepten waarmee hij werkt te expliciteren en te systematiseren. Aristoteles deed dat toen hij zijn kathegorieëntafel opstelde. Kant en Hegel hebben die taak op zich genomen en Derrida doet volgens mij niets anders. Als hij spreekt over identiteit en differentiatie beweegt hij zich ook op dit speculatieve nivo, lijkt me. Want stel dat alles in de f i losofie metaforisch is, zoals Derrida zegt, en dat er geen mogelijkheid is om aan de
"Mijns inziens keert de w a l alweer het schip en zijn er ontwikkelingen, die weer tenderen naar groeps- en gemeenschapsvormen. Ik denk daarbij aan geweldloze actiegroepen voor ecologische en vele andere problemen, zoals het opkomen voor meer gerechtigheid voor mensen en groepen, die in onze samenleving in de knel raken. Ik denk ook aan een toenemende tendens om in een grotere gemeenschap samen te w o n e n en te leven. Hele wijken verrijzen met huizen, die architectonisch berekend zijn op gemeenschapsvorming van meerdere gezinnen en/of alleenstaanden". Klompé pleitte voor een verdere stimulering van het vrijwilligerswerk en vond dat de overheid "door overreding en wettelijke maatregelen kan bevorderen dat mensen inspraak hebben als het om hun eigen zaak gaat. Ik denk aan bejaardenbeleid, ik denk aan de overlegsfeer in het bedrijfsleven". brengt ons naar de voordeur. Ze is moeilijk ter been, binnenkort moet ze een ingrijpende heupoperatie ondergaan. Maar dat schijnt haar werklust geenszins te temperen. Noch haar actieradius. De volgende dag moet ze naar het buitenland. En later die week naar weer een andere conferentie in weer een ander buitenland. T W A N GEURTS metafoor te ontsnappen, dan vraag ik: is Derrida's gebruik van de term differentie ook metaforisch? Als dat zo is, dan zou hij aan dit begrip net zulk een fundamentele, transcendentale betekenis kunnen toekennen als hij in feite doet. Maar ik spreek eigenlijk liever niet in globale termen over Derrida, ik ben bang dat ik hem dan geen recht doe. Men zegt wel eens dat ik tegen iedereen veel te vriendelijk ben in mijn boeken, met één uitzondering en dat is Derrida. Maar ik ben helemaal niet van plan om met hem te polemiseren, ik respecteer hem bijzonder en je moet weten dat studenten bij mij theses schrijven over Derrida. Achteraf ben ik ook helemaal niet zo gelukkig met de passage over Derrida in la Métaphore vive. Ik spreek echter over het speculatieve discours omdat ik vind dat je een grens moet trekken: niet alles is poëtisch, niet alles is metaforisch. Wanneer je de grenzen van een begrip niet aangeeft wordt het betekenisloos. Maar wat is dan de plaats van waaruit je die grenzen bepaalt? Dat is het denken, denken is het vaststellen van de grenzen van begrippen en hun aanspraken, dit is precies de positie van Kant. Ik beschouw het niet als een taak van de filosoof om zich te ontdoen van wat de speculatieve denkers hebben ingesteld. Wanneer er geen intrinsieke belangstelling is voor hun poging, dan begrijp ik niet waarom je je nog met Kant zou bezighouden of met Hegel, als ze niet iets hebben gedaan wat van betekenis i s " . Ronald Jeurissen Tom Mertens
2 decennber 1982
D
50.000 studieboeken
'NPAARSmUNGiN
VANDEmmr
op nog geen 5 minuten lopen van de Hogeschool. Dat was de ongelofelijke augustus-voorraad van onze
GEPROMOVEERDE DRUKKER
studentenboekhandel Gelukkig is er het nodige van af
Krips Repro - drukker van de meeste proefschriften in Nederland - stelde een aardig stellingenboekje samen U ontvangt het als u uw dissertatie in produktie geeft by Krips Repro Bel voor informatie Grety Schoelink
gegaan in de afgelopen weken Maar we blijven natuurlijk proberen al uw studieboeken het hele jaar door in voorraad te houden (En niet alleen de titels voor het propedeuse') En erg dichtbij onder de 5e studentenflat
tweedehands-boeken Gianotten start nü met de in- en verkoop van 2e hands-studieboeken. Laat de studieboeken die u met meer nodig heeft door ons beoordelen Meestal geven wij u eenderde van de nieuwwaarde terug N.B. "Start nu" betekent uiteraard dat we nu bezig zijn een voorraad op te bouwen!
boekhandel gianotten b.v.
krips rSPrO IT
studentenboekhandel
Kaapweg 6 7944 HV Meppel
I Postbus 106 7940 AC Meppel
nicPPci telefoon 05220 53731
Prof. Verbernelaan 20. (Onder de 5e studentenflat).
Hoe help je een reizende student? Alleen met een reisverzekering'^ Nee, doe het beter. Neem het complete SSGZ Zekerheidspakket. Dan ben je het hele jaar geen dag onverzekerd. Ga je plotseling naar Antwerpen of Tibet"^ Hoef je niet hals over kop een reisverzekering af te sluiten Duurt je vakantie langer dan gepland? Je bent zo al dne maanden aaneensluitend in het buitenland verzekerd. En dat voor maar 45 piek. 't Betreft dan ook een verzekering zonder winstoogmerk. De SSGZ is speciaal opgericht voor alle studerenden en hun gezinsleden Het SSGZ Zekerheidspakket biedt onder meer: • een reisverzekenng, met alleen bagage maar ook de medische kosten en de extra kosten mdien je naar Nederland terug moet • dekkmg tegen medische kosten ten gevolge van een ongeval • mvahditeitsiutkenng na een ongeval • een brandveiyekenng en een aansprakehjkheidsverzekenng • dekkmg van kosten van studieomschakehng na een ongeval
De premie is slechts f 45,- voor een vol jaar Maak er nu werk van. Bel voor de folder 020 - 718144 of 01719-19219 of stap even binnen bij de plaatselijke Instantie vanUit^e.
Stichting 'SSGZ-1970' De verzekering voor studerenden. V d Mortelstraat 4, 2 2 0 3 P Noordwijk (zh)
MEDEDELINGEN
COMMUNIQUE COLLEGE V A N BESTUUR V A N 30 NOVEMBER 1982
1 Het College van Bestuur heeft desgevraagd aan het Tilburgse Onderwijs Overlegorgaan (TOO) laten weten te willen participeren in een eventueel op te richten samenwerkingsorgaan HBO/WO Het TOO heeft alle instellingen voor hoger beroepsonderwijs en wetenschap pelijk onderwijs in Tilburg die vraag voorgelegd Het nieuwe samenwerkingsorgaan zou tot taak moeten krijgen "Het behartigen van gezamenlijke belangen van de in Tilburg gevestigde instituten voor HBO en WO en het initiëren, stimuleren en coördineren van samenwerking op het ge bied van onderwijsondersteunende voorzieningen Concrete voorbeelden waarop samenwerking zich zou kunnen richten zijn bibliotheek- en mediavoorziemngen, studentendecanen, informatica en automatisering, audiovisuele hulpmiddelen, huisvestingsvoorzieningen van de instituten, stageplaatsen, aantrekken nieuwe opleidingen en/of uitbouw van bestaande oplei dingen, studentenhuisvesting, psycho-sociale en sociaal-medische begeleiding van studenten, onderwijskundige samenwerking (programmavergelijking, vergroting studiemogelijkheden enz ) " Wanneer de resultaten van een voorstudie naar de haalbaarheid van een dergelijk samenwerkingsverband bekend zijn zal de KHT concreet besluiten of ZIJ eraan zal deelnemen 2 Het College van Bestuur heeft een concept-nota Formatie-ontwikkeling 1983-1987 besproken In die nota wordt ingegaan op de formatieomvang van faculteiten en diensten voor de periode 1983-1987 op basis van de verwachte herbeschikba re middelen in die periode Voor 1983 wijst het formatie plan een totaal personeelsbestand (w p en n w p ) uit van 726,4 plaatsen en in 1987 een aantal van 756,7 Faculteiten en raadscommissies zullen het concept plan de komende maand bespreken De Hogeschoolraad zal het op 13 januari moeten vaststellen
REDE RECTOR M A G N I F I C U S Bi| gelegenheid van de vijf en vijftigste Dies Natalis van de Katho lieke Hogeschool Tilburg op donder dag 25 november 1982 heeft de Rector Magnificus prof dr G M van Veldhoven een rede uitgesproken getiteld KHT 1982 TEER PUNT OF KEERPUNT' De tekst van deze rede is voor be langstellenden verkrijgbaar bij de se cretaresse van de Rector Magnificus, Mejuffrouw N M F Th Boers ge bouvi^ A kamer 121 STICHTING WERKGROEP STUDIEREIZEN ONTWIKKELINGSLANDEN zoekt voor haar Dagelijks 1983
Bestuur
DOCTORAAL STUDENTEN Het WSO stelt zich ten doel financie Ie steun te geven aan studenten die in het kader van hun doctoraalstudie in een ontwikkelingsland onderzoek willen verrichten dat direct of indirect ten goede kan komen aan de sociaal en economisch zwakkere groepen Het jaarlijks wisselend Dagelijks Bestuur (bestaande uit een voorzit ter studentenbegeleiders een pen ningmeester en public relations men sen) wordt ondersteund door een vaste secretariaatsmedewerkster Afhankelijk van de functie moet op een tijdsbesteding van ongeveer drie dagen per maand gerekend worden Op verzoek kunnen belangstellenden een jaarverslag toegezonden krijgen Geïnteresseerden kunnen ook telefo nisch informatie inwinnen Op dinsdagen en donderdagen tus sen 9 en 3 uur op het WSO kantoor, Badhuisweg 251 2509 LS Den Haag, 070-574201 tst 236 Overige dagen (en avonden) kan contact worden opgenomen met Marjan van Olden tel 01751 14265 STUDIE- EN INFORMATIEBIJEENK O M S T INTERNATIONALE UITWISSELING Op 9 december a s wordt op alle ho gescholen en universiteiten herdacht
Tilburgs Hogeschoolblad
dat 30 jaar geleden door deze instel lingen de NUFFIC (Netherlands Uni versity Foundation for International Cooperation) is opgericht Buro Buitenland wil deze dag gebrui ken voor de organisatie van een Studie en Informatiemiddag over In ternationale Uitwisseling Op dit mo ment ligt de nota Buitenlandbeleid bij Uw Faculteit en de Hogeschoolraad ter discussie Een van de belang rijkste beleidsaanbevelingen betreft stimulering van uitwisseling vanuit de Tilburgse vakgroepen en faculteiten met buitenlandse instellingen i h b binnen Europa De Studie en Informatie middag is bedoeld om concrete informatie te geven over de mogelijkheden tot der gelijke uitwisselingsprogramma s onder meer op financieel gebied Naast de bijdragen in de vorm van Ie zingen en discussie zal er ook schrif telijk informatie materiaal op de mid dag aanwezig zijn Het programma is als volgt 14 00 uur Welkomswoord en inleiding van Drs H de Wit Secretaris Buitenland en de Katholieke Hogeschool Tilburg Mogelijkheden voor uitwisseling met de Verenigde Staten, door Mevr J A C Wind directrice van de Ne therlands America Commission for Educational Exchange (Fulbright Programma) Mogelijkheden tot uitwisseling bin nen de Culturele Accoorden, door Drs J A Brosse Ministerie van O & W Landelijk Mobiliteitscentrum EEG beurzen en studiemogelijkheden via de Raad van Europa, door J Ha gen Afdeling Studievergelijking NUFFIC ' Na de lezingen is er gelegenheid tot het stellen van vragen Plaats AZ 19 WIJ menen dat deze bijeenkomst een belangrijke bijdrage kan leveren aan de informatie over internationale uit wisseling vanuit de KHT en richten ons vooral op leden van bestuurlijke organen binnen de Hogeschool, om deze informatie in het beleid mee te nemen Maar ook voor individuele Ie den van de Hogeschoolgemeenschap kan deze bijeenkomst nuttig zijn ter stimulering van de internationale contacten
VACATURES FACULTEIT RECHTSGELEERDHEID
DER
Met ingang van september 1983 wordt voor de duur van twee cursus jaren, een juridisch funktioneel keu zevak ingesteld onder de naam 'Pro jectontwikkelingsovereenkomsten' Dit keuzevak zal worden verzorgd door de vakgroepen staats en admi nistratief recht en privaatrecht geza menlijk Als docenten zullen optre den Mr M van den Berg en Mr C de Jongh Als onderwijsvorm wordt gekozen voor projectonderwijs Ter ondersteuning van dit project wordt met ingang van 16 januari 1983 gevraagd een
14 30 uur Voor dit tentamen dient voor wat betreft personen en fami lierecht de volgende literatuur te wor den bestudeerd Pitio, Het personen en familierecht, 1979, 6e druk. Bestuderen Titel 2 (p 24-36) Titel 5 (p 64 107) ' Richtlijnen voor naamsverandering, opgenomen in Personen en familie recht red J M Polak Kluwer, De venter, losbladig, titel 2 artikel 7 Kroniek van het familie en jeugd recht over 1980 en 1981, Themis 1982 nr 1, p 87 89 Burgerlijk wetboek Boek 1, Titel 2, art 4 t/m 9 en Titel 5 ' Stencil " h e t Leidse Model 2 " van V Mourik (uitgedeeld op hoorcollege) Een literatuurlijst voor wat betreft het huwelijksgoederen en erfrecht is te verkrijgen bij het secretariaat, kamer B 826
STUDENT ASSISTENT ( M / V ) Het dienstverband wordt in principe aangegaan voor de duur van een jaar verlenging met ten hoogste een jaar behoort tot de mogelijkheden De omvang van het dienstverband be draagt ten minste drie eenheden ( = 1 72 dag per week) uitbreiding tot vier eenheden ( = 2 dagen per week) IS niet uitgesloten BIJ de vakgroep strafrechtsweten schappen, sectie strafrecht ontstaan per 1 januari 1983 drie vacatures voor een STUDENT ASSISTENT ( M / V ) Te weten twee vacatures voor dne eenheden ( = '\V2 dag per week) als mede een vacature voor twee eenheden (1 dag per week) gedurende de periode van 1 januari 1983 tot voor alsnog 1 januan 1984 Als funktie eis wordt gesteld bezit van het kandidaatsdiploma Neder lands Recht BIJ het mentoraat van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid wordt op korte termijn gevraagd STUDENT ASSISTENTIE / M / V ) Gedurende de periode 1 januari 1983 tot 1 januari 1984 voor 4 eenheden (2 dagen per week) BIJ de vakgroep Rechtsgeschiedenis IS een vacature ontstaan voor een STUDENT ASSISTENT ( M / V ) Voor 5 eenheden [IVz dag per week) gedurende de periode van 1 januan 1983 tot vooralsnog 1 januari 1984 Zijn/haar taak zal bestaan uit het bij houden van het kaartsysteem en uit het assisteren bij onderwijs en onder zoek van de leden van de vakgroep Inlichtingen over deze vacatures tel 2636, B 1028 OPENBARE FINANCIEN Ter afsluiting van het afstudeersemi nar Overheid en Besluitvorming geeft dhr Berg, projectleider bezuinigings en ombuigingsbeleid Gemeente Rot terdam een gastcollege over de praktijk van het heroverwegen bij de gemeente Rotterdam geplaatst tegen de achtergrond van de heroverwe gingsoperaties zoals die thans bij de Rijksoverheid aan de gang zijn Dit gastcollege zal plaatsvinden op maandag 6 december vanaf 14 00 uur in CZ 26 Geïnteresseerden zijn van harte welkom STUDIERICHTING RECHT
NEDERLANDS
Tentamen privaatrecht III (Huwelijksgoederen en erfrecht personen en familierecht) Het tentamen wordt gehouden op maandag 13 december a s vanaf
FISCAAL-JURIDISCHE STUDIERICHTING Tentamen huwelijksgoederen en erf recht (onderdeel van privaatrecht III) Het vak huwelijksgoederen en erf recht vormt een verplicht onderdeel van het onderwijsprogramma van de fiscaal juridische studierichting Het tentamen zal inaar keuze van de student) plaatsvinden op maandag 13 december a s of op vrijdag 4 februari 1983 Een literatuurlijst voor wat betreft huwelijksgoederen en erfrecht is te verkrijgen bij het secretariaat, kamer B 826 Aanmelding voor het tentamen van 4 februari dient plaats te vinden bij het bureau examens (kamer B 108) door invulling van een blauwe en een gele kaart (voor 1 januari 1983)
CASUSCOLLEGE RECHT (propedeuse)
Studiemateriaal Men dient te beschikken over een tekst van de "Grundlinien der Philo sophie des Rechts" (b v de editie in de reeks Theorie Werkausgabe van Suhrkamp Verslag) Wie problemen heeft met de Duitse tekst verwijzen we naar de Engelse vertaling van genoemd werk "He gel's Philosophy of Right Translated with notes bij T M Knox" (Oxford University Press paperback, 1967, 1973, of naar de Franse vertaling er van door R Derathe Principes de la Philosophie du droit", Parijs Vrin, 1975 Voor een eerste oriëntatie in het on derwerp kan men o a te rade gaan bij S Avineri, Hegel's theory of the modern state
LITERATUUR VOOR HET TWEEDE SEMESTER Boeken en diktaten voor het tweede semester propedeuse en kandidaats kunnen weer bij het C I S besteld worden Bestelformulieren kun je ha len in S 156 en dienen daar ook weer ingeleverd te worden tot en met uit erlijk 17 december a s
PRIVAAT-
Tijdens het casuscollege privaat recht, dat op 3 januari 1983 om half tien wordt gegeven in CZ 40 worden aan de orde gesteld uit de Leidraad voor het eerste jaar de casus nos 5 6 7 8 9, 17 19 Voor een hoog rendement verdient het aanbeveling dat degenen die het college bijwonen tevoren een casus schriftelijk beantwoorden De opga ven betreffen de stof van het eerste semester zijn representatief voor de toets die op 10 januari wordt afgenomen
GESCHIEDENIS V A N DE MODERNE WIJSBEGEERTE Onderwerp van de college ' Geschie denis van de moderne wijsbegeerte' van Prof Dr L Heyde dn het docto raalprogramma van de CIF 2e se mester van dit academiejaar, op dins dag 10 30 12 30 uur in zaal CZ 27) zal zijn HEGELS DENKEN OVER RECHT, M O R A A L EN POLITIEK Opbouw
heid van en de samenhang tussen recht, moraal en politiek uitwerkt, alsook aan de verhouding met andere filosofische posities op dit gebied uit de moderne tijd, m n van Rousseau, Kant en Fichte Tevens zal aan de orde gesteld wor den wat de betekenis kan zijn van He gels ' praktische filosofie ten aan zien van de hedendaagse ' crisis' in de 'politieke filosofie"
van de colleges
1 Situering van Hegels filosofie in het geheel van de moderne wijsbegeerte 2 Hegels opvatting over de methode en het object van de filosofie 3 Hegels filosofie van recht, moraal en politiek Dit onderdeel wordt voor namelijk uitgewerkt aan de hand van een presentatie van de grondgedach ten van het werk Grundlinien der Philosophie des Rechts oder Natur recht und Staatswissenschaf im Grundrisse" Bijzondere aandacht zal besteed wor den aan de vraag hoe Hegel de eigen
CURSUS I M P E R I A L I S M E EN O N DERONTWIKKELING Met ingang van januari 1983 zal de nieuwe doctoraalcursus Imperialisme en Onderontwikkeling weer van start gaan Voor alle duidelijkheid wijzen we er op dat de cursus I -l- O ook toegankelijk is voor economiestuden ten Met deze cursus kan dan voldaan worden aan de verplichting tot het volgen van het vak (economische) sociologie m de economisch sociologesche afstudeerrichting De cursus heeft de bedoeling samen (meer) inzicht te krijgen in de verhouding tussen imperialisme en onderontwikkeling en met dit inzicht te Ie ren werken De cursus duurt 2 semesters, omdat er gezamenlijk een onderwerp aange pakt wordt, in de vorm van een pro jekt Het uitgangspunt is hierbij dat vragen en probleemstellingen die bij de deelnemers leven centraal moeten staan In de aanpak zal zelfwerkzaamheid een hoofdrol krijgen De afgelopen jaren zijn er zeer verschillende onderwerpen aan de orde geweest zoals 'Surinaamse mensen in Nederland , De vrouw en het pa radijs van het minimale inkomen' maar ook thema s als 'kernenergie', 'kleinschaligheid en 'gastarbeiders' Natuudijk zijn ook heel andere onderwerpen mogelijk, als bepaalde landen, regio's, bedrijven, bevolkings groepen etc In verband met de voorbereiding van het cursusjaar is op donderdag 20 ja nuari om 16 00 uur in S 29 een bijeen komst gepland Nadere informatie over de cursus kan je inwinnen bij Marei Zwinkels of Maarten de Rooij op kamer S 189, tel 2458, op woensdag, donderdag en vrijdag
2 december 1982
Q
MEMO
Studenten \ TALENCENTRUM Scriptiebegeleiding Medewerl<ers van het Talencentrum organiseren op vrijdag 10 december a.s. van 10.00 tot 12.00 uur een workshop over het schrijven van scripties voor studenten econometrie. Aan de orde komen: algemene problemen van opbouw; typografische vormgeving; inventarisatie van bijzondere problemen; oefensituaties ter oplossing van ge opperde problemen Als de belangstelling erg groot is, zul len verschillende bijeenkomsten ge houden worden. Plaats van hande ling B 703. Opgeven vóór 8 december 1982 bij Gonnie Jansen, gebouw A kamer 114, maandag tot en met donderdag tussen 10.30 en 12.30 of telefonisch tel. 2508. FRANS De intensieve week Frans (spreek en luistervaardigheid) voor algemeen belangstellenden zal niet plaatsvin den in januari 1983, maar wél van 2 t/m 6 mei. De kursus is bedoeld voor degenen die minimaal vier jaar vooropleiding hebben in de franse taal. Er zal in overleg met de deelne mers een programma worden samen gesteld. U kunt zich daarom het beste snel aanmelden bij het sekreta riaat van het Talencentrum. Ope ningstijden van het secretariaat: maandag t/m donderdag van 10.30 12.30 in A 114. Docent: D rs. M.L. van den Heuvel.
Sporti UITSLAGEN VAN HET LUSTRUM TOERNOOI VAN 22, 23 EN 24 NO VEMBER 1982. HANDBAL: 1. Humbelbee 2. Limbabwe. ZAALHOCKEY: 1. Cinque Victorie 2. Bully RUGBY heren: 1. KALOI 2. Kra kers; mixed: 1. Gemengd Tarantula 2. Cave ne Cadas I.
VOLLEYBAL: heren: 1. Job '88 2. Onbevredigbaar; mixed: Roze Koe ken 2. Balie Piep; heren gevorder den: 1. Limbabwe, 2. V.C. Janssen. BASKETBALL: mixed: D erin D at Telt 2. Nashua II; heren half gevor derden: 1. Vidar 2. D iscretie verze kerd; heren gevorderd: El Americano 2. Verkeersacademie. SCHERMEN: floret beginners 1. Freek Candel 2. Frans D erks; heren gevorderd: 1. Ric Koopmans 2. Eric Mathieu; degen gevorderden 1. Jac co v.d. Boogaard 2. Ric Koopmans. BADMINTON: D E half gevorderd: 1. Conny Senden 2. Rian van Looij; DE gevorderd: 1. Lonny Ravaletta 2. Els Vogels; GD halfgevorderd: 1; Ronny Dekker / Rian van Looij 2. Lous van Haarst / Clemens Wennekens; HD halfgevorderd: 1. A. Bong/Ooster wel 2. Ronny D ekker/Lemmens; HD gevorderd: 1. Igo Jonge / Coen Ber tens; HE halfgevorderd 1. A. Bong 2. D. Platje; HE gevorderd: 1. Igo Jon ge 2. Piet Mol. ATLETIEKVIJFKAMP: 4700 punten Peter Konings 4700 punten Michel Leinders (KALO) 2. 4475 punten: Ger Hesbeen Moller SNERTCROSS: dames 2750 mtr: 1. Ans Welman 10.25; 2. Ans Schapen donk 10.58; heren 5500 mtr. 1. Ro bert Maas 18.25 2. Peter Moelker 18.30; heren 11.000 mtr. 1. Mare Borghans 37.06 2. Anton van Hofslot 38.00. TAFELTENNIS: halfgevorderden: 1. Lodewijk de Beukelaar 2. Eric Rut ten; dubbel: 1. Henri Banach / Ilse Theunissen 2. Eric v. Veenendaal / Rene v Bree; gevorderden 1. Henri Banach 2. Roland Severens ZWEMMEN: 1. KALO 6700 mtr. 2. Zwemlust 6250 mtr.
Varia% SYMPOSIUM: SOCIALE WETENSCHAP WETENSCHAP OVER AUTONO ME M ENSEN? Programma: Maandag 13 december 1982: 11.00 uur: Opening door S.J. D oor man, voorzitter van de Vereniging voor Wetenschapsfilosofie. 11.15 uur: J. van Heerden: Psychoa nalyse, psychologie en autonomie. 14.00 uur: R.J. Jorna: "Autonomie" in de psychologie.
14.30 uur: G. Huizinga: Situatiebe paaldheid vs zelfbepaling: een schijn tegenstelling. 15.30 uur: L. van der Laan: Het mensbeeld in de sociale geografie. 16.00 uur: P.P. Kirschenmann: zelf bepaling enkele principiële overwe gingen. 16.30 uur: S. Kasanmoentalib: Auto noom gedrag zonder subject. 20.00 uur: L.W. Nauta: Autonomie, een politiek begrip. Dinsdag 14 december 1982: 9.00 uur: R.E. Bosman: Objectiviteit i.v.m. handelingstheoretisch onderzoek. 9.30 uur: D. Draaisma: over het voor spellen van handelingen. 10.00 uur: T. D ehue: Criteria voor verklaringstypen. 11.00 uur: Z. Swijtink: Statistisch de terminisme in de 19e eeuw. 11.30 uur: J.F. Glastra van Loon: Aapjes van hoger orde. 14.00 uur: J. Wiersma: Naar een responsieve autonomie een ethi sche verkenning. H. van Erp. Sociale keuze als rationeel proces. 14.30 uur: A.L.T. Notten: Andrago logie en zelfbepaling. R. Nauta: Moti vatie en verklaring van gedrag. 15.30>)ur: H.A.P. Swart: D e weten schappelijke studie van vrij gedrag. 17.00 uur: Afsluiting.
^ ■ ^ ^
^
^
'
•ÉJf^'J^-^'.ü-tr^^^Z.'^'- ^ ;
Programma: 9 maart 1983: Algemene rechtsbegin selen van de internationale economi sche ordening, docent: Prof. D r. P.J.I.M. de Waart.
MAANDAG 6/12 schotse boeresoepfloridasoep blinde vink paprikaburger champignonsaus spercieboontjes met ham + uien witte kool gekookte aardappelen div. nagerechten
23 maart 1983: Investeringsbescher ming: bilaterale investeringsverdra gen. docent: Mr. Paul Peters, Shell. 30 maart 1983: Geschillenbeslech ting, docent: Prof. Mr. P. Sanders, emeritus hoogleraar Erasmus Univer siteit Rotterdam.
WOENSDAG 8/12 erwtensoep kippesoep biefstuk tartaar met ananas kip peschnitzel rode bietjes met ui groene kool gekookte aardappelen div nagerechten
Inschrijving: Telefonisch: 033 15020 Schriftelijk: Internationale School voor Wijsbegeerte, D odeweg 8, 3832 RD Leusden. (U). De inschrijving is definitief als het verschuldigde bedrag is overgemaakt op postgiro 22 91 65 t.n.v. Intern. School voor Wijsbegeerte, Leusden, onder vermelding van: Symp. Soc. Wet.
Plaats: Alle bijeenkomsten vinden plaats in het Jaarbeurscongrescen trum (Beatrixgebouw) te Utrecht van 14.00 17.00 uur.
DONDERDAG 9/12 chinese kippesoep kalfbouillonsoep babi panggang atjar met vruchten gelderse schijf witte bonen in tomatensaus rijst of gek aardappelen div nagerechten
Het symposium vindt plaats in de In ternationale School voor wijsbegeer te te Leusden. D eze is te bereiken vanaf station Amersfoort met de stadsbus (lijn 3 of 4, uitstappen halte Balistraat).
Inschrijfformulieren zijn verkrijgbaar bij de koórdinator van het juridisch pao te Utrecht: Mw. Mr. B.M. D icouVerdegem, Drift 8, 3512 BS Utrecht. Tel. 030315884.
Dit symposium is bestemd voor leden van de Vereniging van Wetenschaps filosofie en voor belangstellenden die in deze materie zijn ingevoerd. Kosten: f 150, all In f 75, — , all in voor studenten bene= den de 30 jaar en werklozen.
In de eerste bijdrage over de 'Verlenging van de inschrijvingsduur' (THB '82 nr. ) ben ik begon nen met te stellen dat 'm.n. zij die in 1982 voor het eerst zijn ingeschreven als 'student' worden gekonfronteerd met de beperking van de inschrijvingsduur. Studenten aan de KHT welke reeds eerder waren ingeschreven vallen echter ook onder die rege ling: de wet Tweefasenstruktuur bepaalt immers dat de inschrijvingsduur voor hen die voor 19821983 als studenten waren ingeschreven en reeds met de studie waren begonnen, zes jaren bedraagt, dan wel voor zover de kursusduur van hun studie meer dan vijfjaren bedroeg één jaar meer dan die kursusduur. Of, m.a.w. ook 'ouderejaars' vallen onder de beperking van de inschrijvingsduur. D at houdt dan ook in dat de bepalingen ter zake van de verlenging van de inschrijvingsduur op hen van toepassing zijn. Dat heeft zo zijn konsekwenties, die vooral voor de 'jongere' generaties ouderejaars van belang kunnen zijn. De konsekwenties houden hoofdzakelijk in dat al hetgeen in de drie voorafgaande bijdragen is uit eengezet, m.m. van toepassing is. Enige voorbeelden. Een student, voor het eerst als student ingeschreven in het jaar '81'82 voor de studierichting eko nomie besluit op het einde van het jaar '82'83 om te zwaaien naar de studierichting psychologie. Zijn of haar inschrijvingsduur is vanaf 1 september 1982 zes jaren. Welnu, omdat deze student in het tweede jaar omzwaait zal het C.v.B. in dat geval de inschrijvingsduur moeten verlengen met
Multinationals en gedragscode cursusleider: Prof. D r. P.J.I.M. de Waart, hoogleraar Volkenrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Menu
PERIODE 6 DECEMBER T/M 10 DECEMBER
DINSDAG 7/12 kerrysoep heldere selderijsoep stoofvlees leverragout maceduine legumes appelmoes patates frites gekookte aardappelen div nagerechten
VERLENGING VAN DE INSCHRIJVINGSDUUR: DE STUDENTEN INGESCHREVEN VOÓR 1982 (IV).
^,a^ii&^aS&.
POSTACADEMISCH ONDERWIJS FACULTEIT DER RECHTSGELEERDHEID RIJKSUNIVERSITEIT UTRECHT
18 maart 1983: Toezichtmecha nismen in internationale economi sche organisaties, docent: Prof. Mr. P. van D ijk, hoogleraar in het recht der internationale organisaties aan de Rijksuniversiteit Utrecht.
STUDENTENZAKEN
Tilburgs Hogeschoolblad
11.30 uur: J.F. Glastra van Loon: Aapjes van hoger orde. 14.00: J. Wiersma: Naar een respon sieve autonomie een ethische ver kenning; H. van Erp. Sociale keuze als rationeel proces. 14.30: A.LT. Notten: Andragologie en zelfbepaling. R. Nauta: Motivatie en verklaring van gedrag. 15.30: H.A.P. Swart: D e weten schappelijke studie van vrij gedrag. 17.00 uur: Afsluiting.
Cursusgeld: Het cursusgeld bedraagt f 225, —, inclusief cursusmateriaal en koffie /thee. Maximum aantal deelnemers: 50. Sluitingsdatum inschrijving: 11 fe bruari 1983.
VRIJDAG 10/12 gebonden tomatensoep gebakken kabeljauw kalkoen Cordon Bleu roombotersaus worteltjes met doperwten gemengde sla gebakken of gek aardappelen div nagerechten
maximaal 1 jaar. Zodoende behoudt deze student voor de nieuw gekozen studierichting psycholo gie de volgende inschrijvingsduur: m.i.v. 1 september '82 was de inschrijvingsduur 6 jaren; t.b.v. de studie ekonomie is daarvan 1 jaar verbruikt (8283) omdat er van ommezwaai sprake is wordt aan dat saldo, maximaal 1 jaar toegevoegd. derhalve: deze student zal maximaal over 6 jaren inschrijvingsduur t.b.v. de studie psychologie beschikken vanaf 8384. Nadat deze student in de loop van het studiejaar 8485 getroffen door omstandigheden welke als overmacht zijn aan te merken, dan kan in zulk geval zijn of haar inschrijvingsduur bovendien met een nader te bepalen termijn worden verlengd. Een ander voorbeeld: een juridisch student, voor het eerst ingeschreven in het studiejaar 8182 wordt in het studiejaar 8283 het slachtoffer van een ernstig ongeval, waardoor hij of zij 1 jaar niet aan de ondenwijsvoorzieningen kan deelnemen; betrokkene had het Cl examen niet behaald aan het einde van het jaar 8182. Welnu, ook deze student moet een verzoek om verlenging van de in schrijvingsduur indienen. Immers, per 1982 resteerden weliswaar nog 6 jaren inschrijvingsduur, maar, daarvan kunnen er vanaf die datum slechts twee worden besteed aan het behalen van de propedeuse; deze student verliest door overmacht daarvan 1, zodat het aangegeven is in dit geval de inschrijvingsduur te verlengen, althans een daartoe strekkend verzoek in te dienen. Heel in het bijzonder wijs ik nog op de positie van de ouderejaars student van de subfaculteit lette ren in oprichting. Voor hen gelden de bepalingen m.b.t. de inschrijvingsduur (beperking én verlen ging) nml. vanaf het studiejaar 8182. D at wil zeggen dat in beginsel alle letteren studenten v.d. KHT onder het nieuwe stelsel ter zake vallen. Het is uiteraard niet mogelijk op alle denkbare situaties van ouderejaars in te gaan, wel is het moge lijk in één zin een advies te formuleren. Ook studenten, voor het eerst alsdusdanig ingeschreven vóór 8283, hebben te maken met de beperking van de inschrijvingsduur; op hen zijn derhalve ook de bepalingen m.b.t. de verlenging van de inschrijvingsduur van toepassing: menen wij in een situ atie te verkeren waann die bepalingen effekten hebben, dan kunnen zij zich het beste wenden tot een van de studentendekanen (tel nrs. 662135/662211 of middels een afspraak te maken in gebouw N kamer 6).
2 december 1982
^^m twee jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege een gedicht met een vermeende kommunistische inslag.
YOL Dinsdag 7 december Filmliga Ambassadebioskoop 22.30 uur. Donderdag 2 december t/m 15 december (behalve 5/12 en 12/12) Filmhuis Tilburg 20.30 uur. Regie: Serif Goren, scenario Yilmaz Guney Turkije 1982, 111 min./kleur.
Op het filmfestival van Cannes 1982 werden twee film bekroond die beide tot de zogenaamde politiek georiënteerde cinema kunnen worden gerekend. De Gouden Palm ging ex-
Ontwikkelingskrant Samen met een aantal organisaties heeft de NlO-vereniging het initiatief genomen tot een Ontwikkelingsweek van 10 t / m 18 december a.s. Het idee van een Ontwikkelingsweek is ontstaan door de konstatering dat in de afgelopen paar jaar 'De Derde Wereld' uit ons blikveld dreigde te verdwijnen. De spaarzame momenten dat ontwikkelingssamenwerking in het nieuws komt, hebben vaak een negatief karakter: hoeveel kan er beknot worden op de ontwikkelingshulp, en hoe valt er voor de nederlandse ekonomie het meest profijt te trekken uit ontwikkelingssamenwerking. De verminderde aandacht voor de perikelen van landen en bevolkingen in de Derde Wereld is begrijpelijk, gezien de huidige ekonomische teruggang. Toch worden juist die groepen nog één extra hard getroffen door de gevolgen van de internationale recessie. Vandaar ook het thema van de ontwikkelingsweek: "Krisis in Ontwikkeling". In deze week zullen verschillende organisaties aktiviteiten ondernemen die in meer of mindere mate betrekking hebben op dit thema. Ter ondersteuning van de Ontwikkelingsweek en ter toelichting van het thema "Krisis in Ontwikkeling" heeft NIO een Ontwikkelingskrant uitgebracht. Daarin - naast een beschrijving van een aantal aktiviteiten in de Ontwikkelingsweek - enkele achtergrondartikelen die betrekking hebben op verschillende aspekten van krisis en ontwikkeling. Een exemplaar van de krant treft U hierbij aan, evenals een affiche over de Ontwikkelingsweek. Losse exemplaren van de krant zijn te verkrijgen door overmaking van f 2,10 (inkl. porto) op giro 5453 van NIO, Amsterdam o.v.v. bestelling Ontwikkelingskrant.
Tilburgs Hogeschoolblad
aequo naar MISSING van CostaGavras, de regisseur die veertien jaar geleden beroemd werd met de film Z en Yol (DE WEG) van Yilmaz Güney. De bekroning van de film YOL zal er hopelijk toe bijdragen dat Yilmaz Güney ook meer bekendheid gaat krijgen buiten zijn geboorteland Turkije waar hij nu al bijna twintig jaar een fenomeen is. Niet zozeer vanwege zijn filmregie alswel om zijn akteertalent. Voordat Güney in 1968 zijn eerste eigen film maakte, was hij al beroemd als akteur in tientallen films. In 1961 werd Güney voor de eerste maal tot KULTUREEL SENTRUM
Cinemathema / melodrama Van 1 december tot en met 15 december in Filmhuis Kultureel Sentrum Tilburg. Deze maand nemen de Brabantse filmhuizen deel aan het landelijke Cinemathemafestival 1982. Dit jaar staat het festival in het teken van het MELODRAMA. Naast films van grootmeesters Douglas Sirk, Vincente Minnelli en Richard Brooks, zijn er in het filmhuis Kultureel Sentrum nog twee films te zien van Rainer Werner Fassbinder, die op zijn eigen manier het genre melodrama voortzette. Voor deze speciale melodramavoorstellingen geldt ook een speciale gereduceerde prijs. Wie twee voorstellingen op één avond gaat zien, kan de tweede film voor half geld bekijken. Toegangsprijzen: f 6,— / C J P , kortingskaart en pas 65-i- f 4,50. Melodrama's als 'Dallas' en 'Dynasty', recente speelfilms als Endless Love en Ordinary People zijn moderne uitingen van een genre dat - in meerdere kunstvormen - al heel lang bestaat en in de film zijn artistiek hoogtepunt kende in de jaren vijftig. Melodrama is in het algemeen het verhaal van een liefdesgeschiedenis met tragische verwikkelingen, dat uiteindelijk toch tot een soort happy end leidt. Emoties spelen een belangrijke rol en worden in het melodrama breed uitgesponnen. Inhoudelijk gaat het steeds om de tegenstelling tussen sociale eisen en individuele verlangens, waarbij de hoofdfiguren speelbal zijn van deze krachten. Het einde van het verhaal betekent altijd een aanpassing van het individu, een verzoening met de bestaande situatie. Niettemin formuleert het melodrama een emotionele aanklacht tegen deze status quo, temeer daar vormgeving en vertelwijze erop gericht zijn de
Na zijn vrijlating besloot hij meer politieke inhoud aan zijn filmrollen te gaan geven. Maar in maart 1971 werd hij weer opgepakt op beschuldiging van steun aan anarchisten. Door de algemene amnestie onder premier Ecevit kwam hij begin 1974 op vrije voeten. Helaas niet voor lang want nog hetzelfde jaar werd hij tot negentien jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege een moord die hij zou hebben begaan op een rechter in de stad Ada na tijdens de opnames van zijn film ENDISE. Deze gebeurtenis werd door de autoriteiten aangegrepen om de populaire tegenstander van de gevestigde machthebbers in diskrediet te brengen en uit te schakelen. Dat laatste lukte slechts ten dele omdat Güney ook in de onverdroten door bleef gaan met het schrijven van boeken en scenario's. Door een nauwe samenwerking met jonge cineasten buiten de gevangenis slaagde hij er zelfs in drie films te produceren. Twee films, SURU IDE KUDDE, 19781 en DUSMANN IDE VIJAND, 19791 werden door Zeri Okten opgenomen; de derde, YOL (DE W£G, 19821 door Serif Goren. Omdat zowel Güney als zijn vrienden er steeds meer van overtuigd raakten dat de autoriteiten er geen moment aan dachten hem ooit nog op vrije voeten te stellen, ontwikkelden ze plan om hem uit de gevangenis te laten ontsnappen. Vorig jaar november werd de ontsnapping met succes volbracht en kwam Güney in Zwitserland terecht waar hij zelf de door Serif Götoeschouwer bij het gebeuren te betrekken. Emoties worden door allerlei kunstgrepen opgeroepen, met name door de muziek, maar ook door afbeeldingen en voorwerpen. De vrouw is in het melodrama de centrale figuur. Een passieve heldinnenrol die goed past bij de melodramatische verhaalstruktuur, waarin zij immers de speelbal van konflikterende krachten is. De ikonografie speelt een belangrijke rol in het melodrama. De films spelen zich af in het middleclass milieu, waarbij het huis - waarvan de grenzen de rigoreuze scheiding tussen de privé-sfeer en het openbare leven vertegenwoordigen een centrale plaats inneemt. De sterke symboliek van de dekors is typerend, waarbij het symbool 'natuur' een aparte aandacht verdient. De natuur staat aan de kant van het verlangen, van de vrouw en de kuituur staat voor de weerstand tegen deze verlangens, vaak in de vorm van materiële zaken als geld, karriére en standing. Woensdag 8 december, filmzaal Kultureel Sentrum Cinemathema/Melodrama 20.30 uur: Magnificent Obsession, Douglas Sirk, USA, 1953, 108 min. 22.30 uur. A time to love and a time to die, Douglas Sirk, USA, 133 min. Donderdag 9 dec. Filmzaal Kultureel Sentrum Cinemathema/Melodrama 20.30 uur. The tarnished angels, Douglas Sirk, USA, 91 min. 22.30 uur La Habanera: Douglas Sirk, Duitsland, 1937, 95 min. Vrijdag 10 december filmzaal Kultureel Sentrum Cinemathema/Melodram 20.30 uur The bad and the beautiful, Vincente Minnelli, USA, 1952, 118 min. 22.30 uur Schiussakltord, Douglas Sirk, Duitsland, 1936, 100 mm. Woensdag 15 dec. filmzaal Kultureel Sentrum Cinemathema / Melodrama 20.30 uur There's always tomorrow, Douglas Sirk, USA 1956, 84 min. 22.30 uur. Imitation of life, Douglas Sirk, USA, 1959, 124 min.
ren opgenomen filmbeelden YOL afmonteerde.
voor
Kort samengevat vertelt YOL ons het verhaal van vijf gedetineerden die op grond van het feit dat ze in een zogenaamde semi-open gevangenis zitten, enkele dagen met verlof mogen. Geen van de vijf mannen zal echter naar de gevangenis terugkeren. De ene wordt tijdens zijn reis vermoord, de andere verliest zijn papieren en een derde trekt aan het einde van de film met zijn paard de bergen in om zich aan te sluiten bij het verzet. Voor het echter zo ver is, heeft Güney ons een dwarsdoorsnede gegeven van de Turkse samenleving waarin als centrale elementen naar voren komen: de feodale man-vrouw verhouding, het geloof in een beter bestaan, de strijd om te overleven, de volkstradities, het onrecht en de repressie van het systeem, de komplexiteit van de hedendaagse Turkse klasseverhoudingen, de onderdrukking van etnische minderheden (Koerden, Armeniërs) etc. Zeker in het begin is YOL soms moeilijk te volgen omdat de verhalen van de vijf gevangenen door elkaar gemonteerd zijn waardoor het geheel een ietwat (te) komplex karakter krijgt. Meer naar het einde toe krijgen de vijf losse verhalen echter meer diepte en vallen ze als stukken van een legpuzzel in elkaar. Ondanks de gekompliceerde montage slaagt Güney erin ons een uiterst kritisch en tevens wrang beeld te geven van de Turkse samenleving. Een samenleving waarin het leven buiten de gevangenis voor sommigen gevaarlijker is dan erin. B.G. Vrijdag 17 dec. filmzaal Kultureel Sentrum 20.30 uur Der Hëndler der Vierjahreszeiten, R W . Fassbinder, BRD, 1971, 89 min. Woensdag 22 dec. filmzaal Kultureel Sentrum 20.30 uur Die bittere Tranen der Petra von Kant, R.W. Fassbinder, BRD, 1972, 124 min.
Schilderijen van Marieke Hutschemaekers THEOLOGISCHE FAKULTEIT Vanaf 23 november in het gebouw van de Theologische Fakulteit. Als je op de Hogeschool terecht komt, wordt er alleen nog maar aan je verstandelijke ontwikkeling "aandacht besteed. Je lijf, en je ekspressiviteit ervan, spelen geen rol. Toen ik tijdens mijn studie stage ging lopen in de fabriek, en daarna op de Open School, werd er een beroep gedaan op niet (ver)(af)standelijk reageren. Ook in de begeleidingsgroep op de fakulteit, de leergroep Theologie en maatschappelijk handelen, kregen taal en lijf weer aandacht. Ik begon weer te tekenen en te schilderen en met taal te spelen. De taal en de tekeningen kan ik kwijt in de skriptie, die gaat over vrouwen die een eigen weg leren zoeken, op eigen benen gaan staan en zich laten horen en zien." TENTOONSTELLINGEN Katholieke Hogeschool (restaurant) Tot 10 december: Fototentoonstelling Nicaragua. Schouwburggalerie: Tot en met 19 december: Jan de Wolf met landschap-aquarellen. Kultureel Sentrum Tot en met 12 december: Peer van Meer met foto's, houtsneden en tekeningen. Volkenkundig M u s é u m Tot 10 januari 1983: "Tussen Traditie en Toekomst", het huidige bestaan van de oorspronkelijke bevolking van Arhemland. Noord Australië.
Agenda DECEMBER VRIJDAG 3 DECEMBER Kultureel Sentrum, 20.30 uur: Gezelschap de Witte Kraai speelt Shakespeare's Romeo en Juliette. Regie: Sam Bogaerts. Stadsschouwburg: 20.15 uur: " D e Jantjes" door Nooy's Volkstheater. Stadsschouwburg: 20.30 uur: Filmhuis " Y o l " .
1
Stadsschouwburg: 22.30 uur: Filmhuis Marx Brothers in "Cocoanuts". Stadsschouwburg: 21.00 uur: Folkgroep "Maluzerne" ZATERDAG 4 DECEMBER: Kultureel Sentrum: 20.30 uur: Romeo en Juliette (zie 3-12) Stadsschouwburg: 20.15 uur: " D e Jantjes" Stadsschouwburg: 20.30, 22.30 uur: Filmhuis (zie 3-12) ZONDAG 5 DECEMBER: Maranatha, 11.00 uur: Liturgieviering M A A N D A G 6 DECEMBER: Maranatha: 20.00 - 22.00 uur: Thema-avond " H o e Kerstfeest vieren?, op zoek naar romantiek in een tijd van toenemende krisis? Stadsschouwburg: 20.30 uur: Filmhuis " Y o l " DINSDAG 7 DECEMBER Stadsschouwburg: 20.30 uur: Filmhuis " Y o l " . Ambassadebioskoop, 22.30 uur: Filmliga met " Y o l " . Regie: Yilmaz Güney. WOENSDAG 8 DECEMBER: Stadsschouwburg: 20.15 uur: Theaterunie met " W o l k b r e u k " , muziekspektakel. Stadsschouwburg: 20.30 uur: "Yol". Kultureel Sentrum: 20.30 uur: Film "Magnificent Obsession", Douglas Sirk, USA. KuKureel Sentrum, 22.30 uur: Film " A time to love and an time to d i e " , Douglas Sirk. DONDERDAG 9 DECEMBER: Stadsschouwburg: 20.30 uur: Filmhuis " Y o l " . Katholieke Hogeschool, 14.00 uur, AZ-19: Studie- en informatiebijeenkomst Internationale Uitwisseling. Org. Buro Buitenland. Katholieke Hogeschool, 15.30-17.15 uur, AZ-20: J . Koster over "De literatuur van Nederland". Kultureel Sentrum, 20.30 uur: Film "The tarnished angels", Douglas Sirk, USA. KuKureel Sentrum, 22.30 uur: Film: "La Habanera", Douglas Sirk, Duitsland. VRIJDAG 10 DECEMBER: Stadsschouwburg, 20.15 uur: Nederlands Danstheater met het Nederlands Balletorkest. Stadsschouwburg: 22.30 uur: Filmhuis: Marx Brothers in "Animal crackers'. Katholieke Hogeschool, 16.15 uur, aula: Promotie Drs. J . H . Koning Promotoren: Prof. Dr. H . W . J . Bosman en Prof. Dr. P.H.M. Ruys. Titel proefschrift: "Kredietrantsoenering en Onevenwichtigheid". Olof: Tentamenborrel Kultureel Sentrum, 20.30 uur: Film "The bad and the beautiful", Vincente Minnelli, USA. Kultureel Sentrum, 22.30 uur: Film "Schlussakkord", Douglas Sirk.
2 december 1982
ACHTERKLAP
.JNLEVERer Protest aan ballonnen op 25 november
Viering volgens het scenario Het was al van tevoren aangekondigd. Op donderdag 25 novennber, de dag dat Lambers, Ricoeur en Klompé de eredoctoraten op lamsvel ontvingen om boven hun bed te hangen, zouden er akties gevoerd worden. Er waren scherpe veiligheismaatregelen getroffen. Die middag was gebouw A hermetisch afgesloten. Alleen houders van een vooraf aangevraagde uitnodigingskaart, werden toe-
Dieudonné De regering is geïnstalleerd. De regeringsverklaring afgelegd. De schandalen voorbij. Voorlopig althans. Wat hebben we gehad: De affaire-Schwietert die zich nu, naast ex-docturandus, exluitenant, ook ex-staatssecretaris mag noemen. Over twintig jaar als niemand het meer weet laat hij zich boekstaven als oudminister of, wie weet, oudpremier. Door God gegeven zeker. Volgens zijn vrouw, Dieudonné, wèl. Schwietert heeft overigens nog een leugentje verzwegen. Laatst zijn ouders aan de telefoon en die zeiden dat zoonlief gewoon Karet heet. Niks te Charellen dus. Tja, we zouden ze zo langzamerhand de Kareltjes kunnen noemen: de "Stichting Lubbers", de Aardenne Offshore activiteiten, de bouwfraudeur Metz. "De Waarheid", het CPN-
gelaten tot de aula. De journalist van het Nieuwsblad van het Zuiden moest voor het eerst sinds jaren zijn perskaart laten zien op de hogeschool. Zelfs Twan Geurts, redacteur van het THB, werd pas na veel vijven en zessen binnengelaten. Vanwaar die achterdocht? We vroegen de secretaris van het CvB, Hopman, waarom gebouw A zo streng afgegrendeld was en verslaggevers die op de hogeschool bekend zijn, zich moesten legitimeren. Hopman: "Dat wist ik ook niet, maar ik vind dat prachtig en eigenlijk ook juist". Erg consequent in zijn antwoord is hij niet, want even later geeft hij toe dat die strenge controle van journalisten overdreven was. Hopman benadrukt: " W a t wij wilden was een viering volgens het scenario".
niet had moeten doen. Maar zeg dan niet dat de hogeschool er tegen was en dat de rector of het college dat besluit er door drukte. Dat is een. Ik denk dat je zit met keuzes bij de beslissing wat er op bepaalde momenten wel of niet moet gebeuren. Dan is het College van Bestuur toch de instantie om een keuze te maken. Een van de keuzes was, dat wij donderdagmiddag als enige dag op de 365 dagen nu eens niets anders wilden dan een rustige zitting. Ik snap best dat die 25 man buiten, die iets anders in de zin hadden dat niet leuk vinden. Ik weet niet wie dat waren. Ik heb ze niet gezien want ik zat binnen".
Je kunt je dan afvragen van wie de hogeschool is: Wie zijn " w i j " ? Hopman: "De opmerking 'van wie is de hogeschool is een bijna onoplosbare vraag. Je hebt er hulpconstructies voor nodig. Neem bijvoorbeeld de hogeschoolraad. Zij heeft f 7 0 . 0 0 0 , voor het lustrum uitgetrokken. Iedereen mag zeggen dat ze dat
Het uitdelen van ere-doctoraten in de hal van gebouw B door het Komité Ere Wie Ere Toekomt, vond Hopman "prachtig". Het spandoek van de ABVA, waarmee zij proteerde tegen de inleveringsmaatregel voor ambtenaren, werd uit de aula geweerd. Hopman: "Achteraf heb ik nog meer gelijk gekregen dan ik dacht, want toen we uit de aula kwamen waren de ballonnen in de gang helemaal tot op de grond gezakt. Anders waren ze
lijblad, onderzocht in haar nummer van 28 januari enkele nevenactiviteiten van politici. "Van de 48 CDA-kamerleden hebben er 10 stevige bindingen met het ondernemerskamp of dat althans gehad. Van de 26 VVD-ers geldt dat voor 7 kamerleden". De PvdA komt op 2 commissariaten. — Wat ook opvalt bij de Heren politici is de kliekvorming. Zij presenteren zich aan het Nederlandse volk in groepen. Van Agt en van der Stee behoorden tot de Nijmeegse maffia. Hun (verre) voorgangers Lardinois en Vredeling tot de Wageningse maffia. Ad Valvas, het blad van de Amsterdamse Vrije Universiteit, heeft de gangen nagegaan van de veertien nieuwe ministers; drie hebben een VU-verleden. De Ruiter was rector-magnificus. Deelman heeft politicologie gestudeerd. Ook de Koning en de Vries, de nieuwe fractieleider van het CDA, hebben te Buitenveldert een opleiding genoten.
Quod Novum, het blad van de Rotterdamse Universiteit, eist in haar nummer van 17 november j.l. ook haar rechten op. Met eveneens drie ministers. Te weten Lubbers, Ruding en Smit-Kroes. Alle drie zijn inmiddels onderscheiden door het Corps waaruit zij afkomstig zijn. Lubber is tot avucatus benoemd, Neelie tot lid van verdienste. Quod Novum merkt op dat onder de kamerleden de ex-presidenten van verenigingen in ruime mate voorradig zijn. Overigens heeft ook Tilburg zijn maffia gekend. De "Tilburgse economen" werden ze genoemd. Maar toen heette de KHT nog NEKH. Als we de kranten doornemen dan lijkt zich een nieuwe invloedrijke groep te ontwikkelen. Wie weet. Het jaar is 1986. De regering geïnstalleerd. De schandalen voorbij. Nederlands nieuwe premier de Heer Schouten leest de regeringsverklaring voor. LUCAS VAN WEES
Aantekeningen van een kamerbewoner
Rood haar door Eric "Ik vind wel een slaapplaatsje vannacht, zo breed ben ik niet. Niet dan?" " J a toch zeker", was mijn antwoord. De hele verdere avond ben ik angstvallig uit haar buurt gebleven. Waarom ben ik nog steeds zo bang? "Geil en gaarschool...", beantwoordt iemand met een bezopen hoofd de telefoon. Hoeveel waarheid! Het is na twaalven, en het slotfeest begint uit de hand te lopen. Zoals zoveel het afgelopen seizoen.
Tilburgs Hogeschoolblad
tijdens de zitting naar beneden gekomen. Ik denk dat wij in dit huis veel mogelijkheden hebben om iets te zeggen, te roepen of te laten gebeuren. Maar sommige dingen moet je hun eigen gang laten gaan". Een reactie op de vergrendeling van gebouw A op 25 november komt van de werkgroep POLEK. In een brief aan het CvB typeren zij de ere-promotie als "een gebeuren dat op geen enkele wijze verbonden mocht worden met de hogeschoolgemeenschap: niet met de studenten, maar ook niet met de werknemers van de KHT'. Zij leveren felle kritiek op het besluit om gebouw A tot verboden gebied voor studentengroeperingen te verklaren. Deze afsluitingsmaatregel laat zien 'hoezeer de clan van feestvierende bestuurders ervan overtuigd is dat hun feest een maatschappelijke relevantie kent die beperkt is tot de kring van de eigen elite.' Volgens POLEK staat de afsluiting in geen enkele verhouding tot de uitingen van onvrede die hebben plaatsgevonden. PSF heeft voor de hogeschoolraadsvergadering van 2 december een interpellatieverzoek ingediend. Door de strenge veilig-
Public Relations De uitreiking van een drietal eredoctoraten op de hogeschool vorige week donderdag was voor de ambtelijke top en de bewakingsdienst weer eens aanleiding om een behoorlijke dosis paranoïde gedrag uit de kast te halen. Omdat er fal of niet terecht) met studentenakties rekening gehouden moest worden waren de veiligheidsmaatregelen tot een maximum opgevoerd. In de glazen gang tussen gebouw A en B was door middel van tafels een sluis gebouwd die moest voorkomen dat ongenode gasten gebouw A binnendrongen. Slechts genodigden in het bezit van een speciale kaart en journalisten in het bezit van een politieperskaart mochten het heiligdom betreden. Voor laatst genoemde categorie was het overigens een van de weinige keren dat ze gebruik moesten maken van de kaart.
heidsmaatregelen is er inbreuk gepleegd op de rechten en plichten van de mensen op de hogeschool. De Fraktie van Progressieve Studenten vraagt zich af waarom de ere-promotie een uiterst gesloten karakter droeg in tegenstelling tot andere academische zittingen. Zij zet vervolgens kanttekeningen bij de veiligheidsmaatregelen in gebouw A. Blijkbaar is er een onderscheid gemaakt bij de ontruiming tussen personeel dat in A werkt en de rest. Door de sluiting van A heeft het daar werkzame personeel een halve dag vrijgekregen. Wat betreft de omvang van de bewaking vraagt PSF zich onder meer af of de bewakingsdienst opdracht had om sommige mensen extra in de gaten te houden, met name in de kelder van gebouw A waar de studentenverenigingen gehuisvest zijn. Tevens wil zij van het CvB antwoord op de vraag wat de taak van de bewakingsdienst was ten tijde van de zitting en of zij ook niet vindt dat de bewakingsdienst te veel gehanteerd wordt om politionele taken uit te oefenen. P.P.
Maar daarmee was de pret nog niet over. Op het balkon van de aula waren persplaatsen opengehouden. Maar daar wisten de knaapjes van Olof, die zoals gebruikelijk bij dit soort gelegenheden door hun bestuur als joker worden ingezet, niets van. Zo maakte de verslaggever van een Brabantse krant mee dat hij enkele malen op aanwijzingen van jokers een andere plaats moest opzoeken. Tenslotte zeeg hij neer op de zoveelste gereserveerde plaats. "Zie me hier nog maar vanaf te krijgen, het lijkt wel alsof je hier als een stuk vuil behandeld wordt", zo voegde hij de Oloffer toe. Na afloop verhinderde weer een ander dat dat "rare journalistenvolkje" liep waarheen het wilde. Kortom weer een goede beurt voor de KHT. Over public relations gesproken!!! T.A.
De eerste keer dat ik haar zag heeft ze mij in m'n zeiloverall geholpen. Ik, overdreven hulpeloos door mijn éne arm, was verblind door haar rode haar. Zeilend door de kou brandde er een warm vuur in mij, zo rood, zo rood. Er was iets en dat is gebleven Al die dagen daar aan de dijk, stoeide ik met mijn verliefdheid en met haar, niet wetend wat er mee aan te moeten, wat tegen mijn vriendin te zeggen? Loosdrecht, Dick, Ik, en Zij; trio Dick dus, voor jaren nog. Het is donker buiten, de afwas staat er nog. het valt niet mee alleen te leven na het anderhalf jaar samen te hebben gedaan. Mijn vriendin en ik leven dus apart en niet meer "together". Samen verder? Lang heb ik het voelen aankomen: Gelukkig moet je samen zijn, en niet alleen. Ik. Al heeft mijn verliefdheid er niets mee te maken, samen werden we ziek van, zoals je wilt, onze relatieproblematiek. "How to live (together?) in a world full of changing norms and institutions?" Zo staat het zo mooi in mijn boeken. Het antwoord heb ik, helaas nog niet gevonden. Na een nacht waarvoor ze zo smal niet had hoeven zijn, vraagt ze mijn adres. Warm schijnt een rode zon door haar haar. Het is stralend weer. Een dikke kus, "kom gauw", en ik ga terug naar Tilburg. Een half jaar op het water sluit ik af met haar wuivende rode haren in de zon op de dijk: Het water neemt, en het water geeft. Vaar wel m'n liefste vaar wel.
2 december 1982