© N
VA IN
tele
1
IN
Chris Van Broeck Ruben Foubert
Matthias Herreman Bert Rondeaux
N
Tim Slootmans
©
VA
Annemie Van Cleemput
Inhoud Starten met TeleScoop 5 diddit het onlineleerplatform bij TeleScoop 7 Voorbeeld uit de actualiteit 8 Actualiteitssjabloon 9
IN
ZORGEN VOOR LATER 9 13 LAAT IN JE KAARTEN KIJKEN 9 15
VA
N
Wow! 1 Even het noorden kwijt? 2 Timmer zelf aan de juiste weg 3 Geen vuiltje aan de lucht? Aha! Test jezelf Woordenlijst
16 17 21 30 32 34 36
37
Wow! 1 Het is maar hoe de kaarten vallen 2 Bewolkt of zonnig? Zie jij ze vliegen? 3 Ben jij helemaal weg van de gps? 4 Bergen kunnen verzetten Aha! Test jezelf Woordenlijst
38 39 51 61 70 74 79 82
©
EEN BALLONNETJE OPLATEN
VEEL WATERJES DOORZWOMMEN
Wow! 1 Veel beekjes maken een groot water 2 Achter de wolken schijnt de zon 3 De kruik gaat zo lang te water tot ze barst Aha! Test jezelf Woordenlijst
85 86 87 101 111 114 119 122
INHOUD
3
125
Wow! 1 Heb jij er kaas van gegeten? 2 Veel voeten in de aarde hebben 3 Hoe zit de vork aan de steel? Aha! Test jezelf Woordenlijst
126 127 132 150 155 160 163
IN
ETEN WAT DE POT SCHAFT
167
Wow! 1 Wie een put graaft voor een ander 2 Het laat zijn sporen na 3 Geboren met een baksteen in de maag 4 Het tij keren Aha! Test jezelf Woordenlijst
168 169 179 184 195 200 204 208
©
VA
N
MET TWEE VOETEN OP DE GROND
4
INHOUD
STARTEN MET TELESCOOP Welkom bij TeleScoop. We leggen graag even uit hoe je met dit leerwerkboek aan de slag gaat. Op weg met TeleScoop Het leerwerkboek bestaat uit vijf thema’s. Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd. Elk thema start met enkele foto’s die te maken hebben met dat thema.Je vindt er ook een handig overzicht van de hoofdstukken.
tele
Laat in je kaarten kijken
50 km
De Blue Marble (de blauwe knikker) is een beroemde foto van de aarde. De foto werd genomen op 7 december 1972 door de bemanning van de Apollo 17 op ongeveer 450 000 km afstand van de aarde. Dit is onze thuis.
Impressie: reis doorheen het zonnestel naar de aarde
In het heelal komt heel wat water voor, maar de aarde is de enige planeet in het zonnestelsel met zeeën en oceanen.
Levende organismen bestaan voor een groot deel uit water. Bij de mens bijvoorbeeld is dat 60 %.
1 EVEN HET NOORDEN KWIJT?
3 GEEN VUILTJE AAN DE LUCHT?
IN
We starten elk thema met een WOW. Op deze Wow!-pagina is er de keuze tussen verschillende interessante items. Je maakt hier kennis met het onderwerp van het thema.
! a h A vegetatiekaart
klimaatkaart
reliëfkaart
bodemkaart
kaart van de ondergrond
landschap
In de thema’s vind je verschillende manieren om een synthese te maken: mindmap, schema, samenvatting en Cornell. In het boek staat steeds één manier. Op diddit vind je nog andere manieren.
VeeL watertjes doorzwommen
Checklist helemaal begrepen
hier kan ik nog groeien
Ik kan op een kaart de waterscheidingskam tekenen en het stroomgebied van een rivier inkleuren. Ik kan uitleggen wat reliëf is.
p.
87-91 91 93-98
Ik kan de horizonlijn, de helling en het hoogteverschil onderscheiden op een landschapsfoto.
93
Ik heb oog voor verschillende reliëfvormen in het landschap en ik kan ze benoemen.
94
Ik kan de reliëfvorm bepalen in een landschap door gebruik te maken van de determineertabel.
94, 96-97
Ik kan de hoogteligging aflezen op een topografische kaart.
96-97
Ik kan enkele reliëfvormen op een hoogtelijnenkaart herkennen.
96-97
Ik kan een traject uitstippelen op een topografische kaart. Ik kan de kringloop van het water uitleggen met behulp van een tekening.
99100
bruikbaar drinkwater figuur: water op aarde bron: WaterFootprint.org en WWF
Ontdek deze en nog andere opties via het onlinelesmateriaal.
88
Veel watertjes doorzwommen wow!
Synthese continenten
werelddelen noordpoolcirkel
noordpoolcirkel
E U RAZ I Ë
EUR OPA
N OORDAME RI KA
AME RI KA
A ZIË
kreeftskeerkring
kreeftskeerkring
AFR IKA
AFRI KA
evenaar
evenaar
Z U I DAME RI KA AUSTRALIË
0
OCEANIË
steenbokskeerkring
3000 km
0
op de evenaar
76
De checklist is een opsomming van de doelen waaraan je in het thema hebt gewerkt. Je gaat bij jezelf na welke doelen je denkt bereikt te hebben, of waaraan je nog moet werken. Als je twijfelt, dan blader je terug in het thema.
102104
Ik kan temperatuur- en neerslaggegevens opzoeken op het internet.
103104
Ik kan temperatuur- en neerslaggegevens correct weergeven in een grafiek.
104
Ik kan een klimatogram lezen.
105
steenbokskeerkring
3000 km op de evenaar
zuidpoolcirkel
zuidpoolcirkel
ANTAR CTICA
ANTARC TI C A
administratieve kaart
natuurkundige kaart
vlakte
heuvelland
plateau
gebergte
EEn ballonnEtjE oplatEn
TEST JEZELF 1
Julan is in de zoo op zoek naar de zebra’s. Hij beschikt over een plattegrond. Leg in je eigen woorden uit hoe hij zijn plattegrond kan oriënteren.
2
Bekijk de referentiekaart van België.
101
Ik kan uitleggen hoe de neerslag gemeten wordt.
Ik kan uit verschillende neerslagkaarten conclusies trekken.
water opgeslagen in ijskappen
VA
kaart van het landgebruik
Ik kan het traject van een rivier situeren en aanduiden op verschillende kaarten.
Wat wil ik te weten komen over dit thema?
zout water
N
Bekijk de figuur met landschapslagen en vul vervolgens de tabel aan.
Wat kan ik?
71 % uit water. Het aardoppervlak bestaat voor ruim 1,3 miljard kubieke kilometer.
Het volume water bedraagt
Voor je verder oefent, bekijk je eerst de AHA. Hier vind je de tekening van de landschapsvormende lagen, de synthese van het thema en een checklist.
Aha!
Landschapsvormende lagen
114
Het water vormt een kringloo p waarin het constan t wisselt tussen rivieren , zeeën en oceanen meren, , de atmosfe er, gletsjers en grondwater.
Plastic afval vervuilt de oceanen Naar schattin steeds meer. g zouden de oceanen tegen meer plastic 2050 bevatten dan vis.
2 TIMMER ZELF AAN DE JUISTE WEG
© Gratsias Adhi Hermawan / Shutterstock.com
0
©
1
108
Ik kan uitleggen hoeveel en waarvoor we water verbruiken.
111
Ik kan manieren vinden om duurzaam om te gaan met water.
112113
Denk je dat je alles begrepen hebt in dit thema? Ga dan naar het onlinelesmateriaal en oefen verder.
118
Veel watertjes doorzwommen
Je kunt in het onderdeel Test jezelf verder oefenen. Je leerkracht beslist of je de oefeningen op het einde van het thema maakt of doorheen de lessen. Op diddit vind je bovendien nog meer oefeningen.
0
Kleur de provincie Oost-Vlaanderen geel.
b
Overtrek de twee rivieren die hier samenvloeien met blauw. Noteer hun namen op de kaart.
c
d
34
50 km
a
Overtrek de drie belangrijkste autowegen die door Oost-Vlaanderen lopen met rood. Noteer hun namen op de kaart. Situeer met een windrichting: -
De provincie Henegouwen ligt ten
van de provincie Oost-Vlaanderen.
-
De provincie Luik ligt ten
van de provincie Limburg.
LaaT in JE kaarTEn kiJkEn
STARTEN MET TELESCOOP
5
c
Situeer de volgende plaatsen aan de hand van een windrichting. Gebruik de plattegrond van Bobbejaanland en je oplossingen uit de vorige oefening. Let op de oriëntatie van de plattegrond. van Bobbejaanland.
- Je bevindt je in het fig. 2.3: weerstation
- Vriend 1 bevindt zich ten
van jouw standplaats.
van jouw standplaats. 1 Om een kaart of plattegrond zo goed mogelijk te oriënteren, bepaal je eerst waar het noorden Situeer je vrienden ten opzichte van elkaar. Gebruik nu deligt. tussenwindrichtingen. - Vriend 4 bevindt zich ten
2 Handig voor Zie jij hoe hoogonderweg de temperaturen klimmen? 1
d Hiernaast zie je een weerkaartzowel van Europa Schrijf de tussenwindrichting voluit als met de Engelstalige afkorting. VAARDIGHEID 1: HOE BEPAAL JE HET NOORDEN MET EEN KOMPAS? die iets vertelt over de temperatuur. - Vriend 2 bevindt zich ten / van jouw standplaats. 1 Leg je kompas horizontaal. Blijf uit de buurt van metaal / vanenjouw standplaats. Vriend 3 bevindt zich ten a Hoe wordt de temperatuur voorgesteld? magneten. 2 De kompasnaald (rode pijlpunt) wijst het noorden aan. 3 Draai jetekompas zo dat letter N (noorden op het kompas) Een kaart is een belangrijk hulpmiddel om je te oriënteren en je standplaats lokaliseren inde een met de rode pijlpunt van de kompasnaald. landschap. Je kunt een kaart oriënteren met behulp van een windroossamenvalt en een kompas.
In de loop van elk thema word je ondersteund door een aantal hulpmiddelen.
We zetten doorheen het thema de belangrijkste zaken op een rijtje in deze rode kaders.
Waar in Europa vinden we deje hoogste Deb(tussen)windrichtingen gebruik om jezelf of een plaats te situeren ten opzichte van een andere plaats. temperaturen? Door gebruik te maken van verschillende herkenningspunten slaag je erin om jezelf op de kaart en in het landschap te lokaliseren. Test jezelf: oefening 1
fig. 1.2: kompas
a
Vervolledig de windroos op de plattegrond van Bobbejaanland. Gebruik de Engelse symbolen N, E, S, W.
b
Noteer ook de afkortingen van de tussenwindrichtingen op de windroos.
fig. 2.4: temperatuurkaart Europa - © Meteoserver.nl
c Waar in om Europa vinden we de laagste temperaturen? Interessant weten
Hier daar er een ‘Tip’ Wisten je dat je op dewordt meeste smartphones ook een kompas kunt vinden of als app kunt installeren? Tip ingeschakeld. Dat zijn kleine Als er geen windroos op een kaart staat, is de bovenkant van de kaart het noorden. Kijk naar de tekst op de kaart om te bepalen wat de bovenkant is. d die Hoe worden de kleuren gescheiden? items je helpen om een opdracht goed uit te voeren VAARDIGHEID 2: HOE BEPAAL JE HET NOORDEN MET DE STAND VAN DE ZON? of die je extra uitleg geven. Kijk in deverbinden, richting van de zon.we De lijnen op een weerkaart die plaatsen met dezelfde temperatuur1 met elkaar noemen 2 ’s Morgens staat de zon in het oosten, ’s middags in het isothermen. Iso betekent gelijk en therm wijst op de temperatuur. zuiden en ’s avonds in westen. 3 Kijk hoe laat het is, bepaal de windrichting waar de zon Interessant om weten nu staat. Nu kan je het noorden bepalen. Als we gegevens van de temperatuur op lange termijn in kaart willen brengen, moeten we de gemiddelde temperatuur berekenen. Dat doe je door eerst de gemiddelde temperatuur van een dag te berekenen. Vervolgens doe je dat voor alle dagen van de maand. Van al die waarden bereken je het gemiddelde.
IN
Een ‘Interessant om weten’ is een klein blokje informatie dat je verder op weg helpt om de opdrachten fig. 1.3: standgoed van de zon te begrijpen.
c
20
Kijk naar buiten. Gebruik de info uit het kader om het noorden te bepalen aan de hand van de stand
van de 2zon op ditOF moment. Wanneer je een onderzoek uitvoert, volg je telkens zeven stappen die worden aangeduid BEWOLKT ZONNIG? ZIE JIJ ZE VLIEGEN? 55 LAAT IN JE kAARTEN kIJkEN met volgende iconen: 2 Je kunt een plattegrond of kaart ook oriënteren zonder kompas of stand van de zon.
Onderzoeksvraag
VAARDIGHEID 3: HOE ORIËNTEER JE EEN KAART ZONDER KOMPAS OF STAND VAN DE ZON?
N
1 Zoek minstens twee herkenningspunten in het landschap. 2 Zoek die herkenningspunten op de kaart. 3 Draai nu de kaart zodat de herkenningspunten in dezelfde richting liggen als jij ze ziet.
Hypothese
Reflectie
VA
Waarneming
Benodigdheden
S
WOORDENLIJST
Thema Laat in je kaarten kijken
hoofdstuk
3
term
definitie
alternatief
andere mogelijkheid
18
©
Vaktaal en moeilijke woorden vallen extra op door de stippellijn. Achteraan het thema vind je die woorden terug in de woordenlijst.
Besluit
Werkwijze
kaart
verkleinde, getekende weergave van het landschap
2
kaartwijzer
overzichtskaart in je atlas met een verwijzing naar deelkaarten
2
legende
overzicht van de gebruikte symbolen op een kaart en hun betekenis
1
lokaliseren
jezelf of een plaats bepalen op een kaart
3
mobiliteit
manier waarop personen zich verplaatsen
1
oriënteren
jezelf of een kaart juist richten ten opzichte van de windrichtingen
2
referentiekaart
kaart met de belangrijkste herkenningspunten van een bepaald gebied
2
register
alfabetische lijst achteraan in je atlas
2
schaal
breuk of lijn die aangeeft hoeveel keer de werkelijkheid verkleind wordt op een kaart
1
situeren
met een windrichting de ligging van een plaats ten opzichte van een andere plaats aanduiden
2
topografische detailkaart waarop alle kaart belangrijke landschapselementen aangeduid worden
niet georiënteerd De bodemsoort die ik heb aangetroffen in mijn tuin is
d
Controleer jouw antwoord in de atlas.
georiënteerd
S = standplaats .
fig. 1.4: een kaart oriënteren
Veel bodemsoorten zijn een tussenvorm tussen zand, leem en klei.
in je eigen woorden 4
LAAT IN JE KAARTEN KIJKEN
1
c
Om te weten wat de beste bodemsoort is om aan landbouw te doen, onderzoek je de eigenschappen van enkele gesteenten. Elke grondsoort heeft andere eigenschappen en kwaliteiten. Je doet een proefje om te onderzoeken hoe snel water doorsijpelt bij klei, leem, grof zand en fijn zand. Dat noemen we de doorlatendheid van de gesteenten. Je meet ook hoeveel water er nadien in de grond achterblijft.
Onderzoek 1
Onderzoeksvraag In welke bodemsoort dringt het water het snelst door?
2 Hypothese Het water sijpelt het snelst door bij: leem klei fijn zand
grof zand
3 Benodigdheden - verschillende grondsoorten: grof zand, fijn zand, leem, klei - lege plastic flessen, koffiefilters, maatbekers - chronometer 4 Werkwijze 1 Snijd een lege plastic fles middendoor. Plaats het bovenste deel omgekeerd in het onderste deel. Plaats in het bovenste deel een koffiefilter. 2 Neem dezelfde hoeveelheid (bv. twee of drie koffielepels) van elke grondsoort en druk die goed aan in de filter. 3 Giet dezelfde hoeveelheid water door elke filter. 4 Meet de tijd vooraleer het water doorgesijpeld is. 5 Waarneming a Maak de opstelling klaar zoals op het schema. b Kleur de bekers blauw volgens de hoeveelheid water die doorgesijpeld is. Doe dat op verschillende tijdstippen. c Noteer de tijd die het water nodig heeft om volledig door te sijpelen in de tabel op de volgende pagina. d Breng je waarnemingen over in de tabel.
1 dl
1 dl
1 dl
1 dl
doorlatendheid
grof zand fijn zand
leem
klei
sterk
matig
zwak
fig. 2.4: proefopstelling doorlatendheid
36
LaaT IN JE kaaRTEN kIJkEN
134
EtEn Wat dE pOt scHaft
De volgende iconen helpen je ook nog een eind op weg:
6
Het beeldfragment dat hierbij hoort, vind je ook online terug.
Als je dit icoon ziet, dan vind je op diddit een ontdekplaat terug.
Als je dit icoon ziet, vind je extra materiaal terug op diddit.
STARTEN MET TELESCOOP
het onlineleerplatform bij Telescoop
Leerstof kun je inoefenen op jouw niveau. Je kunt vrij oefenen en de leerkracht kan ook voor jou oefeningen klaarzetten.
Hier vind je de opdrachten terug die de leerkracht voor jou heeft klaargezet.
IN
Hier kan de leerkracht toetsen en taken voor jou klaarzetten.
N
Benieuwd hoe ver je al staat met oefenen en opdrachten? Hier vind je een helder overzicht van je resultaten.
Š
VA
Hier vind je het lesmateriaal per hoofdstuk (o.a. videobestanden, instructiefilmpjes .... Ga hier ook aan de slag met de ontdekplaten!
DIDDIT
7